HP Color LaserJet 4610n Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van HP Color LaserJet 4610n (37 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 23 mensen. Heb je een vraag over HP Color LaserJet 4610n of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | HP |
| Categorie: | Printer |
| Model: | Color LaserJet 4610n |
Handleiding HP Color LaserJet 4610n – volledige tekst
© Copyright 2014 Hewlett-PackardDevelopment Company, L. P. Microsoft en Windows zijn in de VerenigdeStaten gedeponeerde handelsmerken van debedrijvengroep van Microsoft. De bijgevoegde informatie kan zonderaankondiging worden veranderd. De enigegaranties die gelden voor HP-producten en -diensten zijn de garanties die wordenbeschreven in de garantievoorwaardenbehorende bij deze producten en diensten. Aande informatie in deze publicatie kunnen geenaanvullende rechten worden ontleend. HP isniet aansprakelijk voor technische fouten,drukfouten of weglatingen in deze publicatie. Vierde editie: december 2014Derde editie: november 2014Tweede editie: mei 2014Eerste editie: maart 2014Artikelnummer van document: 756961-334Kennisgeving van productIn deze handleiding worden de voorzieningenbeschreven die op de meeste modellenbeschikbaar zijn.
Sommige functies zijnmogelijk niet beschikbaar op uw computer. Niet alle functies zijn beschikbaar in alle editiesvan Windows 8. Het kan zijn dat dezecomputer een hardware-upgrade en/of apartaangeschafte hardware, stuurprogramma'sen/of software nodig heeft om volledig teprofiteren van Windows 8-functionaliteit. Ziehttp://www. microsoft. com voor meerinformatie. Het kan zijn dat deze computer een hardware-upgrade, apart aangeschafte hardware en/ofeen dvd-station nodig heeft om de Windows 7-software te installeren en de functionaliteitvan Windows 7 volledig te benutten. Ziehttp://windows. microsoft. com/en-us/windows7/get-know-windows-7 voor meerinformatie.
Indien u nietakkoord gaat met deze licentievoorwaarden,kunt u uitsluitend aanspraak maken op demogelijkheid het gehele, ongebruikte product(hardware en software) binnen 14 dagen teretourneren, voor een restitutie op basis vanhet op de plaats van aankoop geldigerestitutiebeleid. Voor verdere informatie of voor het aanvragenvan een volledige terugbetaling van decomputer neemt u contact op met uw lokaleverkooppunt (de verkoper).
Over deze handleidingDeze handleiding bevat algemene informatie voor het upgraden van de HP Desktop Mini Business-pc.WAARSCHUWING! Als u de aanwijzingen na dit kopje niet opvolgt, kan dit leiden tot persoonlijk letsel oflevensgevaar.VOORZICHTIG: Als u de aanwijzingen na dit kopje niet opvolgt, kan dit leiden tot beschadiging van deapparatuur of verlies van gegevens.OPMERKING: De tekst na dit kopje biedt belangrijke aanvullende informatie.iii
Inhoudsopgave1 Voorzieningen van het product. 1Voorzieningen van de standaardconfiguratie. 1Onderdelen van het voorpaneel (EliteDesk 800, EliteDesk 705, ProDesk 600). 2Onderdelen van het voorpaneel (ProDesk 400). 3Onderdelen aan de achterkant (EliteDesk 800). 4Onderdelen aan de achterkant (EliteDesk 705). 5Onderdelen aan de achterkant (ProDesk 600). 6Onderdelen aan de achterkant (ProDesk 400). 7Plaats van het serienummer. 82 Hardware-upgrades. 9Voorzieningen voor onderhoud. 9Waarschuwingen. 9Het netsnoer aansluiten. 10Het toegangspaneel van de computer verwijderen. 11Het toegangspaneel van de computer terugplaatsen. 12Van bureau- naar tower-configuratie overgaan. 13Een vaste schijf verwijderen en vervangen. 14Extra geheugen installeren. 18SODIMM's. 18DDR3-SDRAM SODIMMs. 18SODIMM-voetjes vullen. 19SODIMMs installeren. 20Batterij vervangen. 23Een veiligheidsslot installeren. 27Kabelslot.
1 Voorzieningen van het productVoorzieningen van de standaardconfiguratieDe voorzieningen kunnen per model verschillen. Voer het diagnostische hulpprogramma (alleen meegeleverdbij bepaalde computermodellen) uit voor een compleet overzicht van de hardware en software die op decomputer is geïnstalleerd.OPMERKING: Dit model computer kan rechtopstaand en liggend worden gebruikt. De torenstandaard wordtafzonderlijk verkocht.Voorzieningen van de standaardconfiguratie 1
Onderdelen van het voorpaneel (EliteDesk 800, EliteDesk 705,ProDesk 600)1 Aan/uit-knop met twee standen 4 USB 3.0-poort, opladend2 Lampje van de vaste schijf 5 Microfoon-/hoofdtelefoonconnector3 USB 3.0-poort 6 HoofdtelefoonconnectorOPMERKING: De USB 3.0 poort - opladen levert ook stroom om een apparaat zoals een Smart Phone te laden. Deoplaadstroom is beschikbaar wanneer het netsnoer is aangesloten op het systeem, zelfs wanneer het systeemuitgeschakeld is.OPMERKING: Wanneer een apparaat is aangesloten op de microfoon-/hoofdteleoonconnector, wordt een dialoogvensterweergegeven waarin wordt gevraagd of u de connector wilt gebruiken voor een microfooningangsapparaat of voor eenhoofdtelefoon.
U kunt de configuratie van de connector op elk moment wijzigen door te dubbelklikken op het pictogramAudio Manager in de taakbalk van Windows.OPMERKING: Als de stroom is ingeschakeld, brandt het aan/uit-lampje normaal gesproken wit. Als het rood knippert, iser een probleem met de computer en geeft het lampje een diagnostische code weer. Raadpleeg de onderhoudshandleidingvoor uitleg over de codes.2 Hoofdstuk 1 Voorzieningen van het product
Onderdelen van het voorpaneel (ProDesk 400)1 Aan/uit-knop met twee standen 4 Microfoonconnector2 Lampje van de vaste schijf 5 Hoofdtelefoonconnector3 USB 3.0-poorten OPMERKING: Als de stroom is ingeschakeld, brandt het aan/uit-lampje normaal gesproken wit. Als het rood knippert, iser een probleem met de computer en geeft het lampje een diagnostische code weer. Raadpleeg de onderhoudshandleidingvoor uitleg over de codes.Onderdelen van het voorpaneel (ProDesk 400) 3
2 Hardware-upgradesVoorzieningen voor onderhoudDe computer beschikt over speciale voorzieningen die het uitvoeren van upgrades en onderhoud aan decomputer vergemakkelijken. Voor de meeste installatieprocedures die in dit hoofdstuk worden beschreven,heeft u geen gereedschap nodig. WaarschuwingenLees zorgvuldig alle instructies en waarschuwingen in deze handleiding voordat u een upgrade uitvoert. WAARSCHUWING. U beperkt als volgt het risico van persoonlijk letsel door elektrische schokken, warmeoppervlakken of brand:Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact en laat de interne systeemonderdelen afkoelen voordatu ze aanraakt. Sluit geen telecommunicatie- of telefoonconnectoren aan op de aansluitpunten van de netwerkadapter (NIC). Schakel de geaarde stekker van het netsnoer niet uit. De geaarde stekker is een belangrijkeveiligheidsvoorziening.
Sluit het netsnoer aan op een geaard stopcontact dat altijd goed bereikbaar is. Lees de Handleiding voor veiligheid & comfort om het risico van ernstig letsel te verminderen. In dehandleiding vindt u een beschrijving van de juiste instelling van het werkstation, de correcte houding engoede en gezonde gewoonten bij het werken met de computer. Ook bevat de handleiding belangrijkeinformatie over het veilig werken met elektrische en mechanische onderdelen. U vindt deze handleiding ophet web op http://www. hp. com/ergo. WAARSCHUWING. Bevat elektrische en bewegende onderdelen. Schakel de stroomtoevoer tot het apparaat uit voordat u de behuizing verwijdert. Plaats de behuizing terug voordat u de stroomtoevoer weer aansluit. VOORZICHTIG: Een ontlading van statische elektriciteit kan elektrische onderdelen of uitbreidingskaartenin de computer beschadigen.
Zorg ervoor dat u niet statisch geladen bent. Raak een geaard metalenvoorwerp aan voordat u deze handelingen uitvoert. Zie Elektrostatische ontlading op pagina 28 voor meerinformatie.
Het netsnoer aansluitenLet op dat u de onderstaande stappen uitvoert wanneer u de voeding aansluit, om ervoor te zorgen dat devoedingskabel niet loskomt van de computer.1. Sluit het vrouwelijke uiteinde van de voedingskabel aan op het voedingsblok (1).2. Sluit het andere uiteinde van de voedingskabel aan op een stopcontact (2).3. Sluit het ronde uiteinde van de voedingskabel aan op de voedingsconnector aan de achterkant van decomputer (3).4. Steek de voedingskabel door de borgklem om te voorkomen dat de kabel loskomt van de computer (4).5. Maak van eventueel overtollige kabel een bundel met behulp van het riempje (5).VOORZICHTIG: Als u de voedingskabel niet vastzet met de borgklem, kan dat ertoe leiden dat devoedingskabel loskomt van de computer en er gegevens verloren gaan.10 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades
Het toegangspaneel van de computer verwijderenAls u toegang wilt krijgen tot de interne onderdelen, verwijdert u het toegangspaneel:1. Zorg dat alle beveiligingsapparaten die het openen van de computer verhinderen, zijn verwijderd ofontkoppeld.2. Verwijder alle verwisselbare media zoals USB-flashdrives uit de computer.3. Sluit de computer via het besturingssysteem af en zet vervolgens alle externe apparatuur uit.4. Neem de stekker uit het stopcontact en ontkoppel eventuele externe apparaten.VOORZICHTIG: Er staat altijd spanning op de systeemkaart wanneer het systeem is aangesloten opeen actief stopcontact, ongeacht of het systeem is in- of uitgeschakeld. Haal de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact om schade aan de interne onderdelen van de computer te voorkomen.5.
Als de computer op een standaard is geplaatst, verwijdert u de computer van deze standaard en legt ude computer neer.6. Draai de duimschroef aan de achterkant van de computer los (1), schuif het paneel naar voren en til hetuit de computer (2).Het toegangspaneel van de computer verwijderen 11
Van bureau- naar tower-configuratie overgaanDe computer kan worden gebruikt in een torenconfiguratie met een optionele torenstandaard die kan wordenaangeschaft bij HP.1. Zorg dat alle beveiligingsapparaten die het openen van de computer verhinderen, zijn verwijderd ofontkoppeld.2. Verwijder alle verwisselbare media zoals USB-flashdrives uit de computer.3. Sluit de computer via het besturingssysteem af en zet vervolgens alle externe apparatuur uit.4. Neem de stekker uit het stopcontact en ontkoppel eventuele externe apparaten.VOORZICHTIG: Er staat altijd spanning op de systeemkaart wanneer het systeem is aangesloten opeen actief stopcontact, ongeacht of het systeem is in- of uitgeschakeld. Haal de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact om schade aan de interne onderdelen van de computer te voorkomen.5.
Leg de computer met de rechterkant omhoog en plaats de computer in de optionele standaard.OPMERKING: HP beveelt het gebruik van een torenstandaard aan om de computer te stabiliserenwanneer deze in een torenconfiguratie wordt gebruikt.6. Sluit het netsnoer en eventuele externe apparatuur opnieuw aan en zet vervolgens de computer aan.OPMERKING: Zorg dat aan alle zijden van de computer een ruimte van ten minste 10,2 cm vrij blijft.7. Vergrendel eventuele beveiligingsapparaten die u heeft ontgrendeld bij het verwijderen van hettoegangspaneel.Van bureau- naar tower-configuratie overgaan 13
Een vaste schijf verwijderen en vervangenOPMERKING: Zorg ervoor dat u van tevoren een back-up maakt van de gegevens op de oude vaste schijf,zodat u deze gegevens later op de nieuwe vaste schijf kunt terugplaatsen.1. Zorg dat alle beveiligingsapparaten die het openen van de computer verhinderen, zijn verwijderd ofontkoppeld.2. Verwijder alle verwisselbare media zoals USB-flashdrives uit de computer.3. Sluit de computer via het besturingssysteem af en zet vervolgens alle externe apparatuur uit.4. Neem de stekker uit het stopcontact en ontkoppel eventuele externe apparaten.VOORZICHTIG: Er staat altijd spanning op de systeemkaart wanneer het systeem is aangesloten opeen actief stopcontact, ongeacht of het systeem is in- of uitgeschakeld. Haal de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact om schade aan de interne onderdelen van de computer te voorkomen.5.
Als de computer op een standaard is geplaatst, verwijdert u de computer van deze standaard.6. Verwijder het toegangspaneel van de computer.7. Ontkoppel de voedingskabel van de vaste schijf (1) en de gegevenskabel (2) van de systeemkaart.14 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades
8. Trek de ontgrendelhendel naast de achterkant van de vaste schijf naar buiten (1). Terwijl u deontgrendelhendel naar buiten trekt, schuift u de schijfeenheid terug tot deze niet meer verder kan entilt u de eenheid uit de schijfpositie (2).9. Als u een vaste schijf installeert, verwijdert u de zilverkleurige en blauwe 6-32 geleideschroeven metisolatie van de oude vaste schijf en gebruikt u deze voor de nieuwe vaste schijf.Een vaste schijf verwijderen en vervangen 15
10. Zet de kabels van het station van de oude schijfeenheid naar de nieuwe schijf over.11. Lijn de geleideschroeven uit met de sleuven op de schijfhouder in het chassis, druk de vaste schijfomlaag in de schijfpositie en schuif deze zo ver mogelijk naar voren tot hij vastklikt.16 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades
12. Sluit de voedingskabel van de vaste schijf (1) en de gegevenskabel (2) aan op de systeemkaart.13. Plaats het toegangspaneel van de computer terug.14. Monteer de eventuele standaard.15. Sluit het netsnoer weer aan en zet de computer aan.16. Vergrendel eventuele beveiligingsapparaten die u heeft ontgrendeld bij het verwijderen van hettoegangspaneel.Een vaste schijf verwijderen en vervangen 17
Voor een optimale geheugencapaciteitkunt u maximaal 16 GB geheugen op de systeemkaart installeren.DDR3-SDRAM SODIMMsVoor een correcte werking van het systeem moeten de SODIMM's aan de volgende eisen voldoen:●204-pins modules die voldoen aan industrienormen;●voldoet aan niet-gebufferde non-ECC PC3-12800 DDR3-1600 MHz●1,5-volt DDR3-SDRAM SODIMMsDe DDR3-SDRAM SODIMM's moeten tevens:●ondersteunt CAS latentie 11 DDR3 1600 MHz (11-11-11 timing)●de verplichte specificatie van de JEDEC (Joint Electronic Device Engineering Council) bevatten.Daarnaast ondersteunt de computer:●512-Mbit, 1-Gbit en 2-Gbit niet-ECC-geheugentechnologieën;●enkelzijdige en dubbelzijdige SODIMMS's;●SODIMM's met x8 en x16 DDR-elementen. SODIMM's met p24-x4 SDRAM worden niet ondersteund.OPMERKING: Het systeem functioneert niet goed wanneer er niet-ondersteunde SODIMM's zijngeïnstalleerd.18 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades
SODIMM-voetjes vullenDe systeemkaart bevat twee SODIMM-voetjes: een voetje per kanaal. De voetjes worden aangeduid metDIMM1 en DIMM3. Het DIMM1-voetje werkt in geheugenkanaal B.
In de flexmodus bepaalt hetkanaal met de kleinste hoeveelheid geheugen hoeveel geheugen wordt toegewezen aan detweekanaalmodus. De rest wordt toegewezen aan de enkelkanaalmodus. Als één kanaal meergeheugen bevat dan het andere kanaal, moet de grootste hoeveelheid worden toegewezen aan kanaalA.●In elke modus wordt de maximale snelheid bepaald door de traagste SODIMM in het systeem.Extra geheugen installeren 19
SODIMMs installerenVOORZICHTIG: Koppel het netsnoer los en wacht ongeveer 30 seconden om de spanning uit het systeem telaten wegvloeien, voordat u geheugenmodules toevoegt of verwijdert. Er staat altijd spanning op degeheugenmodules zolang de computer is aangesloten op een actief stopcontact, ongeacht of het systeem isin- of uitgeschakeld. Het toevoegen of verwijderen van geheugenmodules terwijl er spanning op het systeemstaat, kan leiden tot onherstelbare beschadiging van de geheugenmodules of de systeemkaart. De voetjes voor geheugenmodules hebben vergulde contactpunten. Als u het geheugen uitbreidt, is hetbelangrijk dat u geheugenmodules met vergulde contactpunten gebruikt om corrosie en/of oxidatie tengevolge van contact tussen onverenigbare metalen te voorkomen. Een ontlading van statische elektriciteit kan elektronische onderdelen of uitbreidingskaarten in de computerbeschadigen.
Zorg ervoor dat u niet statisch geladen bent. Raak een geaard metalen voorwerp aan voordat udeze handelingen uitvoert. Raadpleeg Elektrostatische ontlading op pagina 28 voor meer informatie. Voorkom dat u de contactpunten van een geheugenmodule aanraakt. Als de contactpunten wordenaangeraakt, kan de module beschadigd raken. 1. Zorg dat alle beveiligingsapparaten die het openen van de computer verhinderen, zijn verwijderd ofontkoppeld. 2. Verwijder alle verwisselbare media zoals USB-flashdrives uit de computer. 3. Sluit de computer via het besturingssysteem af en zet vervolgens alle externe apparatuur uit. 4. Neem de stekker uit het stopcontact en ontkoppel eventuele externe apparaten. VOORZICHTIG: Koppel het netsnoer los en wacht ongeveer 30 seconden om de spanning uit hetsysteem te laten wegvloeien, voordat u geheugenmodules toevoegt of verwijdert.
Er staat altijdspanning op de geheugenmodules zolang de computer is aangesloten op een actief stopcontact,ongeacht of het systeem is in- of uitgeschakeld Het toevoegen of verwijderen van geheugenmodulesterwijl er spanning op het systeem staat, kan leiden tot onherstelbare beschadiging van degeheugenmodules of de systeemkaart. 5. Als de computer op een standaard is geplaatst, verwijdert u de computer van deze standaard en legt ude computer neer. 6. Verwijder het toegangspaneel van de computer. 20 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades.
7. Ontkoppel de voedingskabel van de vaste schijf (1) en de gegevenskabel (2) van de systeemkaart.WAARSCHUWING! Laat de interne systeemonderdelen afkoelen voordat u ze aanraakt, omdat uanders het risico van brandwonden loopt.8. Trek de ontgrendelhendel naast de achterkant van de vaste schijf naar buiten (1). Terwijl u deontgrendelhendel naar buiten trekt, schuift u de schijfeenheid terug tot deze niet meer verder kan entilt u de eenheid uit de schijfpositie (2).Extra geheugen installeren 21
9. Druk de twee vergrendelingen aan de uiteinden van de SODIMM opzij (1) en trek de SODIMM uit hetvoetje (2).10. Schuif de nieuwe SODIMM in het voetje onder een hoek van ca. 30° (1) en druk de SODIMM omlaag (2)zodat de vergrendelingen vastklikken.OPMERKING: Een geheugenmodule kan slechts in één stand worden geïnstalleerd. Houd de modulezodanig vast dat de uitsparing in de module zich boven het lipje op het geheugenvoetje bevindt.11. Plaats de vaste schijf terug en sluit de voedings- en gegevenskabels aan op de systeemkaart.12. Plaats het toegangspaneel van de computer terug.13. Monteer de standaard, als de computer op een standaard was geplaatst.14. Sluit het netsnoer weer aan en zet de computer aan.15.
Vergrendel eventuele beveiligingsapparaten die u heeft ontgrendeld bij het verwijderen van decomputerkap of het toegangspaneel.Het extra geheugen wordt automatisch herkend wanneer u de computer inschakelt.22 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades
Batterij vervangenDe met de computer meegeleverde batterij voorziet de real-timeklok van elektriciteit. Gebruik bij vervangingeen batterij die gelijkwaardig is aan de oorspronkelijke batterij. De computer wordt geleverd met een 3-volt lithium-knoopcelbatterij. WAARSCHUWING. De computer bevat een lithium-mangaandioxidebatterij. Als u niet op de juiste manieromgaat met de batterij, kan er brand ontstaan en kunt u brandwonden oplopen. Ga als volgt te werk om hetrisico van lichamelijk letsel te beperken:Probeer nooit de batterij op te laden. Stel de batterij niet bloot aan temperaturen boven 60 °C. Probeer niet de batterij uit elkaar te halen, te pletten of te doorboren. Zorg dat u geen kortsluitingveroorzaakt tussen de externe contactpunten en laat de batterij niet in aanraking komen met water of vuur.
Vervang de batterij uitsluitend door een HP batterij die voor dit product wordt aanbevolen. VOORZICHTIG: Het is belangrijk dat u vóór het vervangen van de batterij een back-up maakt van de CMOS-instellingen van de computer. Wanneer u de batterij verwijdert of vervangt, worden de CMOS-instellingengewist. Een ontlading van statische elektriciteit kan elektronische onderdelen of uitbreidingskaarten in de computerbeschadigen. Zorg ervoor dat u niet statisch bent geladen. Raak een geaard metalen voorwerp aan voordat udeze handelingen uitvoert. OPMERKING: U verlengt de levensduur van de lithiumbatterij door de computer aan te sluiten op eenstopcontact. De lithiumbatterij wordt alleen gebruikt wanneer de computer NIET is aangesloten op eenstopcontact. HP adviseert klanten gebruikte elektronische apparatuur, originele HP printcartridges en oplaadbarebatterijen te recyclen.
Sluit de computer via het besturingssysteem af en zet vervolgens alle externe apparatuur uit. 4. Haal de stekker uit het stopcontact en ontkoppel eventuele externe apparaten. VOORZICHTIG: Er staat altijd spanning op de systeemkaart wanneer het systeem is aangesloten opeen actief stopcontact, ongeacht of het systeem is in- of uitgeschakeld. Haal de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact om schade aan de interne onderdelen van de computer te voorkomen. 5. Verwijder het toegangspaneel van de computer. Batterij vervangen 23.
6. Bepaal de plaats van de batterij en de batterijhouder op de systeemkaart.7. Het type batterijhouder op de systeemkaart bepaalt welke van de volgende sets instructies vantoepassing is voor het vervangen van de batterij.OPMERKING: U moet mogelijk een klein hulpmiddel gebruiken, zoals een pincet of een puntbektang,om de accu te verwijderen en vervangen.Type 1a. Trek de batterijklem naar achteren (1) en til de batterij uit de houder (2).24 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades
b. Laat de accu zakken zodat deze zich naast de houder bevindt en duw hem in de houderOPMERKING: Voer na vervanging van de batterij de volgende stappen uit om de procedure tevoltooien.8. Plaats het toegangspaneel terug.9. Steek de stekker in het stopcontact en zet de computer aan.10. Stel de datum en de tijd, de wachtwoorden en eventuele andere speciale systeeminstellingen opnieuwin met behulp van Computer Setup (Computerinstellingen).11. Vergrendel eventuele beveiligingsapparaten die u heeft ontgrendeld bij het verwijderen van hettoegangspaneel.26 Hoofdstuk 2 Hardware-upgrades
Ditsoort schade kan de levensduur van het apparaat bekorten.Schade door elektrostatische ontlading voorkomenHoud u aan de volgende richtlijnen om schade door ontlading van statische elektriciteit te voorkomen:●Zorg dat u de onderdelen zo weinig mogelijk met de hand aanraakt door ze in een antistatischeverpakking te vervoeren en te bewaren.●Bewaar onderdelen die gevoelig zijn voor elektrostatische ontlading in de verpakking totdat u deonderdelen installeert.●Leg onderdelen op een geaard oppervlak wanneer u ze uit de verpakking haalt.●Raak nooit pinnen, voedingsdraden of circuits aan.●Zorg ervoor dat u goed geaard bent als u een onderdeel aanraakt.AardingsmethodenU kunt op verschillende manieren voor een juiste aarding zorgen.
Pas één of meer van de volgendemaatregelen toe wanneer u onderdelen hanteert of installeert die gevoelig zijn voor elektrostatischeelektriciteit:●Gebruik een polsbandje dat via een aardedraad is verbonden met een geaard werkstation of het chassisvan de computer. Polsbanden zijn flexibele bandjes met een minimumweerstand van 1 MOhm +/- 10procent in de aardedraden. Draag voor een goede aarding de bandjes strak tegen de huid.●Gebruik hiel-, teen- of voetbandjes wanneer u staande werkt.
Draag de bandjes om beide voetenwanneer u op geleidende vloeren of dissiperende vloermatten staat.●Gebruik geleidend gereedschap.●Gebruik een draagbare gereedschapskist met een opvouwbare dissiperende werkmat.Als u niet beschikt over de genoemde hulpmiddelen voor een juiste aarding, neemt u contact op met eengeautoriseerde HP Business Partner.OPMERKING: Raadpleeg een HP Business Partner voor meer informatie over het omgaan met statischeelektriciteit.28 Bijlage A Elektrostatische ontlading
B Richtlijnen voor gebruik, regelmatigonderhoud en voorbereiding voor transportRichtlijnen voor gebruik en regelmatig onderhoudVolg deze richtlijnen om de computer en de monitor op de juiste manier te installeren en te onderhouden:●Plaats de computer niet in zeer vochtige ruimtes en stel de computer niet bloot aan direct zonlicht ofzeer hoge of lage temperaturen. ●Plaats de computer op een stevig, vlak oppervlak. Laat voor de benodigde ventilatie aan allegeventileerde zijden van de computer en boven de monitor ruim 10,2 cm ruimte vrij. ●Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen en de luchtgaten nooit geblokkeerd worden, om te voorkomendat de luchtstroom in de computer wordt belemmerd. Plaats het toetsenbord niet met de voetjes naarbeneden direct tegen de voorkant van de computer, aangezien dit de luchtstroom belemmert.
●Gebruik de computer nooit als het toegangspaneel of de afdekplaatjes van uitbreidingskaartenverwijderd zijn. ●Plaats nooit twee computers boven op elkaar. Plaats computers niet zo dicht opeen dat de warmeuitgaande luchtstroom van de ene computer door het ventilatiesysteem van de andere computer wordtaangezogen. ●Als de computer binnen een afzonderlijke behuizing wordt gebruikt, moet deze behuizing beschikkenover adequate voorzieningen voor luchtaanvoer en -afvoer. Bovendien zijn de bovenvermelderichtlijnen voor het gebruik onverminderd van toepassing. ●Zorg dat de computer en het toetsenbord niet in aanraking komen met vloeistoffen. ●Dek de ventilatieopeningen van de monitor nooit af (met wat dan ook). ●Installeer of gebruik de functies voor energiebeheer van het besturingssysteem of andere software,inclusief de voorzieningen voor slaap- en standbystanden.
Transport voorbereidenGa als volgt te werk wanneer u de computer wilt voorbereiden op transport:1. Maak een back-up van de harde schijf bestanden naar een extern opslagapparaat. Zorg dat het back-upmedium tijdens opslag of transport niet wordt blootgesteld aan elektrische of magnetischeschokken.OPMERKING: De vaste schijf wordt automatisch vergrendeld wanneer u het systeem uitschakelt.2. Verwijder alle verwisselbare media en sla deze op.3. Zet de computer en externe apparatuur uit.4. Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact en ontkoppel het snoer van de computer.5. Koppel de systeemonderdelen en externe apparatuur los van hun voedingsbron en vervolgens van decomputer.OPMERKING: Zorg dat alle uitbreidingskaarten goed en veilig vastzitten in de uitbreidingsslotsvoordat u de computer vervoert.6.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met HP Color LaserJet 4610n stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer HP
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer