Honda NT1100 (2025) Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Honda NT1100 (2025) (342 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 48 mensen. Heb je een vraag over Honda NT1100 (2025) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/342
XXX.XXXX.XX.S
NT1100A/D/DE
NT1100A/D/DE
https://www.hondamotopub.com/
NL
INSTRUCTIEBOEKJE
39MLF610
00X39-MLF-6100
Online instructieboekje
GEDRUKT IN XXXXX

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Honda
Categorie: Motor
Model: NT1100 (2025)

Handleiding Honda NT1100 (2025) – volledige tekst

Dit instructieboekje dient als een permanent onderdeel van hetvoertuig te worden beschouwd en moet bij doorverkoop van hetvoertuig aan de nieuwe eigenaar worden verstrekt.Deze publicatie bevat de meest recente productinformatie diebeschikbaar was voor het ter perse gaan. Honda Motor Co., Ltd.behoudt zich het recht voor om te allen tijde wijzigingen aan tebrengen zonder voorafgaande kennisgeving en zonder het aangaanvan enige verplichting.Niets uit deze publicatie mag zonder schriftelijke toestemmingworden gereproduceerd.Het kan zijn dat het afgebeelde voertuig in dit instructieboekjeverschilt van uw voertuig.© 2024 Honda Motor Co., Ltd.

WelkomVan harte gefeliciteerd met de aanschaf vanuw nieuwe Honda-voertuig. Door te kiezenvoor een Honda maakt u deel uit van eenwereldwijde familie van tevreden klanten dieHonda's reputatie voor het leveren vanhoogwaardige producten waarderen.Met het oog op uw veiligheid en rijplezier:●Lees dit instructieboekje aandachtig door.●Volg alle aanbevelingen op en voer alleprocedures uit die in dit instructieboekjezijn vermeld.●Besteed extra aandacht aan veiligheidsin-formatie in dit instructieboekje en op hetvoertuig.● De volgende codes in dit instructieboekjeduiden elke bestemming aan.● De afbeeldingen hierin zijn gebaseerd ophet type NT1100D ED.LandcodesCode LandNT1100AEDDirecte verkoop Europa,Servië, Israël, Turkije,Verenigd Koninkrijk,Nieuw-Zeeland,Argentinië, Peru,Colombia, Bolivia,Ecuador, Singapore,Paraguay, Marokko,Guatemala, Costa Rica,Oekraïne, Mexico

Enkele opmerkingen over veiligheidUw veiligheid en de veiligheid van anderen zijnzeer belangrijk. Het veilig rijden op dit voertuig iseen belangrijke verantwoordelijkheid.Om u te helpen goed geïnformeerdeveiligheidsbeslissingen te nemen, hebben wijbedieningsprocedures en andere informatie in ditinstructieboekje en op veiligheidslabels verstrekt.Deze informatie maakt u attent op potentiëlegevaren waardoor u of anderen letsel kunnenoplopen.Het is vanzelfsprekend niet praktisch of nietmogelijk om u te waarschuwen voor alle gevarendie kunnen optreden bij het rijden op enonderhouden van een voertuig.

U moet dan ookuw eigen gezonde verstand gebruiken.U zult belangrijke veiligheidsinformatie inverschillende vormen tegenkomen, waaronder:●Veiligheidslabels op het voertuig● Veiligheidsinformatie voorafgegaan dooreen waarschuwingssymbool en eenvan de drie waarschuwingswoorden:GEVAAR, WAARSCHUWING of LET OP.Deze signaalwoorden betekenen:3GEVAARU ZULT DODELIJK of ERNSTIG LETSELOPLOPEN als u de instructies nietopvolgt.3WAARSCHUWINGU KUNT DODELIJK of ERNSTIG LETSELOPLOPEN als u de instructies nietopvolgt.3LET OPU KUNT LETSEL OPLOPEN als u deinstructies niet opvolgt.Andere belangrijke informatie vindt uonder de volgende koppen:LET OPInformatie om beschadiging vanuw voertuig, andereeigendommen of het milieu tevoorkomen.

VeiligheidsrichtlijnenVolg deze richtlijnen met het oog op uw veiligheid:● Voer alle routine- en periodieke inspecties uitdie in dit instructieboekje zijn beschreven.● Zet de motor uit en houd vonken en vuur uitde buurt als u tankt.● Laat de motor niet draaien in afgesloten ofgedeeltelijk afgesloten ruimten. Koolmonoxidein uitlaatgassen is giftig en kan uw doodveroorzaken.Draag altijd een helmHet is bewezen dat helmen en beschermende kledinghet aantal en de ernst van hoofdletsel en ander letselaanzienlijk kunnen verminderen. Draag dus altijd eengoedgekeurde helm en beschermende kleding.2 BLZ. 12Voordat u gaat rijdenZorg ervoor dat u in goede lichamelijke conditie bent,geconcentreerd bent en niet onder de invloed vanalcohol of drugs verkeert. Zorg ervoor dat u en uwduopassagier allebei een goedgekeurde helm enbeschermende kleding dragen.

Draag duopassagiersop om zich aan de handgreep of aan uw middel vastte houden, met u mee te leunen tijdens hetschuinleggen van het voertuig in bochten en hunvoeten altijd op de voetsteunen te houden, zelfswanneer het voertuig stilstaat.Neem de tijd om te leren en te oefenenZelfs als u al op andere voertuigen hebt gereden,kunt u het beste in een veilige omgeving oefenen omvertrouwd te raken met de werking en hetstuurgedrag van dit voertuig en om gewend te rakenaan de afmetingen en het gewicht van het voertuig.Rijd defensiefBesteed altijd aandacht aan ander verkeer om uheen en veronderstel niet dat andere bestuurdersu zien. Zorg dat u snel kunt stoppen of eenuitwijkmanoeuvre kunt maken.VeiligheidsrichtlijnenVeiligheid van het voertuig3Vervolg

Zorg dat u goed zichtbaar bentZorg ervoor dat u beter zichtbaar bent, vooral 's avonds,door heldere reflecterende kleding te dragen, te rijdenop plaatsen waar andere bestuurders u kunnen zien, uwrichting aan te geven voordat u afslaat of van rijstrookverandert en uw claxon te gebruiken indien nodig.Rijd binnen uw grenzenRijd nooit harder dan u aankunt of sneller dan desituatie toestaat. Vermoeidheid en onoplettendheidkunnen afbreuk doen aan uw beoordelingsvermogenen het veilig rijden.Rijd niet onder de invloed van alcoholof drugsAlcohol of drugs en motorrijden gaan niet samen.Zelfs één alcoholisch drankje kan uw vermogen omop wisselende omstandigheden te reagerenverminderen en uw reactiesnelheid wordt minderna elk aanvullend drankje. Hetzelfde geldt voor hetgebruik van drugs.

Rijd niet onder de invloed vanalcohol of drugs en laat uw vrienden dit ook nietdoen.Houd uw Honda in veilige staatHet is belangrijk voor uw veiligheid en uw rijplezierdat u het voertuig goed onderhoudt.Inspecteer uw voertuig voor elke rit en voer al hetaanbevolen onderhoud uit. Houd u aan debeladingslimieten (2 BLZ. 19), bouw uw voertuigniet om en installeer geen accessoires die uwvoertuig onveilig maken (2 BLZ. 18).VeiligheidsrichtlijnenVeiligheid van het voertuig4

Betrokken zijn bij ongevallenPersoonlijke veiligheid is uw eerste prioriteit. Als uof iemand anders letsel heeft opgelopen, neemdan de tijd om de ernst van het letsel tebeoordelen en te bepalen of het veilig is om doorte rijden. Schakel indien nodig de hulpdiensten in.Volg tevens de geldende wet- en regelgevingindien een andere persoon of een ander voertuigbij het ongeval is betrokken.Als u besluit verder te rijden, zet dan eerst decontactschakelaar in de stand (Off) encontroleer de staat van uw voertuig. Inspecteer opvloeistoflekkage, controleer of cruciale moeren enbouten goed vastzitten en controleer het stuur, debedieningshendels, remmen en wielen. Rijdlangzaam en voorzichtig.Het kan zijn dat uw voertuig schade heeftopgelopen die niet onmiddellijk zichtbaar is.

Het inademen van kool-monoxide kan bewusteloosheid veroorzaken en totuw dood leiden.Als u de motor in een besloten of zelfs gedeeltelijkafgesloten ruimte laat draaien, kan de lucht die uinademt een gevaarlijke hoeveelheid koolmonoxidebevatten.Laat uw voertuig nooit in een garage of anderebesloten ruimte draaien.3WAARSCHUWINGHet laten draaien van de motor van uwvoertuig in een afgesloten of zelfs ineen gedeeltelijk afgesloten ruimte, kanleiden tot een snelle opbouw van hetgiftige gas koolmonoxide.Het inademen van dit kleur- en geurlozegas kan leiden tot bewusteloosheid enzelfs tot de dood.Laat de motor van uw voertuig alleendraaien in een goed geventileerderuimte buiten.VeiligheidsrichtlijnenVeiligheid van het voertuig6

WaarschuwingslabelsOp de volgende pagina's wordt de betekenisvan de labels beschreven. Sommige labelswaarschuwen u voor potentiële gevaren dieernstig letsel kunnen veroorzaken. Anderebieden belangrijke veiligheidsinformatie. Leesdeze informatie aandachtig en verwijder delabels niet.Als een label eraf valt of moeilijk te lezen is,neem dan contact op met uw dealer voor eenvervangend label.Elk label is voorzien van een specifiek symbool.De betekenis van elk symbool en label is alsvolgt.Lees de instructies in het instructieboekjeaandachtig door.Lees de instructies in de werkplaatshandleidingaandachtig door.

Laat om veiligheidsredenenhet onderhoud aan uw voertuig alleenuitvoeren door uw dealer.GEVAAR (met RODE achtergrond)U ZULT ERNSTIG of zelfs DODELIJK LETSELoplopen als u deze aanwijzingen niet opvolgt.WAARSCHUWING (met ORANJEachtergrond)U KUNT ERNSTIG of zelfs DODELIJK LETSELoplopen als u deze aanwijzingen niet opvolgt.LET OP (met GELE achtergrond)U KUNT GEWOND RAKEN als u dezeaanwijzingen niet opvolgt.WaarschuwingslabelsVeiligheid van het voertuig7Vervolg

ACCULABELGEVAAR•Lees dit instructieboekje aandachtig.Als dit product onjuist wordt gehanteerd, kan dit leiden tot schade aan hetvoertuig, warmte-opwekking, explosie, brand, verlies van gezichtsvermogen ofbrandwonden.•Houd dit product uit de buurt van brandhaarden en warmtebronnen met hogetemperaturen.Breng en veroorzaak geen brand (lucifers, aanstekers, sigaretten, vonken bijaansluitingen of van lasapparaten of slijpmachines) bij de accu.Dit kan leiden tot warmte-opwekking, explosie of brand.•Laat kinderen en andere personen geen accu aanraken tenzij ze op dehoogte zijn van de voorschriften voor het hanteren van accu's en de hieraanverbonden gevaren.•Demonteer, wijzig of soldeer de hoofdeenheid en de accupolen niet.Dit kan leiden tot lekkage, warmte-opwekking, explosie, brand of het verliesvan gezichtsvermogen als gevolg van gelekte elektrolyt.Als er elektrolyt in uw ogen komt, spoelt u direct de ogen met overvloedigwater en laat u zich zo spoedig mogelijk behandelen door een oogarts(oftalmoloog).WaarschuwingslabelsVeiligheid van het voertuig8

WAARSCHUWINGSLABEL ACCESSOIRES EN BELADINGWAARSCHUWINGACCESSOIRES EN BELADING• De veiligheid, stabiliteit en het weggedrag van dit voertuig kunnen nadeligworden beïnvloed door de toevoeging van accessoires en bagage.• Lees de instructies in het instructieboekje en de montagehandleidingaandachtig door voordat u een accessoire monteert.• Het totale gewicht van accessoires en bagage en het gewicht van debestuurder en de passagier mag niet meer zijn dan 194 kg, oftewel demaximale gewichtscapaciteit.• Het gewicht van de bagage mag niet meer zijn dan 21 kg onder alleomstandigheden.• Het monteren van grote kuipdelen op de voorvork of het stuur wordt nietaanbevolen.LABEL ACHTERSCHOKDEMPERGEVULD MET GASNiet openen. Niet verwarmen.WaarschuwingslabelsVeiligheid van het voertuig10

LABEL BANDENINFORMATIE & AANDRIJFKETTINGBandenspanning in koude toestand:[Alleen bestuurder]Voor 250 kPa (2,50 kgf/cm2)Achter 290 kPa (2,90 kgf/cm2)[Bestuurder en passagier]Voor 250 kPa (2,50 kgf/cm2)Achter 290 kPa (2,90 kgf/cm2)Zorg ervoor dat de aandrijfketting juist is afgesteld en gesmeerd.Speling 65 - 70 mmVEILIGHEIDSLABELDraag altijd een helm en beschermende kleding met het oog op uwveiligheid.BRANDSTOFLABELUitsluitend loodvrije benzineETHANOL tot 10 volumeprocentLABEL ACHTERDRAGERMaximaal 10 kg.WaarschuwingslabelsVeiligheid van het voertuig11

Rijd defensief enhoud altijd rekening met de weers- enwegomstandigheden.#HelmMoet voldoen aan de veiligheidsnorm, duidelijkzichtbaar zijn en de juiste afmetingen voor uwhoofd hebben● De motorhelm moet comfortabel passen enveilig met de kinriem zijn vastgemaakt● Vizier met een onbelemmerd gezichtsveld ofandere goedgekeurde oogbescherming3WAARSCHUWINGHet niet dragen van een helm verhoogthet risico op ernstig of dodelijk letsel ingeval van een botsing.Zorg ervoor dat u en uw duopassagieraltijd een goedgekeurde helm enbeschermende kleding dragen.VeiligheidsmaatregelenVeiligheid van het voertuig12

#HandschoenenLeren handschoenen met volledige vingers en eenhoge slijtweerstand#Motorlaarzen of -schoenenStevige motorlaarzen met antislipzolen enenkelbeschermers#Motorjas en -broekBeschermende, duidelijk zichtbare motorjas metlange mouwen en duurzame broek voor het rijden(of een beschermend motorpak)Voorzorgsmaatregelenvoor het rijdenInrijperiodeVolg deze richtlijnen tijdens de eerste 500 km omde toekomstige betrouwbaarheid en prestaties vanuw voertuig te waarborgen.● Vermijd het vol gas starten en snel accelereren.●Vermijd sterk afremmen en snel terugschakelen.● Rijd behoedzaam.Voorzorgsmaatregelen voor het rijdenVeiligheid van het voertuig13Vervolg

Vermindersnelheid door afwisselend te remmen opde motor en de remmen te gebruiken.●Bedien de voor- en achterrem tegelijkertijdvoor de meest efficiënte remwerking.#Antiblokkeersysteem (ABS)Dit model is uitgerust met een antiblokkeersysteem(ABS) dat is ontwikkeld om te voorkomen dat deremmen blokkeren tijdens abrupt remmen.Het ABS werkt op basis van de informatie diewordt geleverd door de IMU (inertiemeetunit).● De remweg is niet korter met het ABS. Inbepaalde gevallen kan het gebruik van het ABSeen langere remweg tot gevolg hebben.● ABS werkt niet bij snelheden lager dan 10 km/h.● Het kan zijn dat de remhendel en hetrempedaal lichtjes terugspringen wanneer u derem bedient. Dit is normaal.●Gebruik altijd de aanbevolen voor-/achterbanden en tandwielen om de werkingvan ABS te waarborgen.Voorzorgsmaatregelen voor het rijdenVeiligheid van het voertuig14

Rem op demotor en gebruik met tussenpozen de rem omsnelheid te minderen wanneer u lange, steilehellingen afrijdt.#Natte of regenachtige omstandighedenWegoppervlakken zijn glad wanneer ze nat zijn, ennatte remmen zorgen voor een verminderderemwerking.Wees bijzonder voorzichtig bij het remmen ondernatte omstandigheden.Als de remmen nat worden, rem dan tijdens hetrijden op lage snelheid om ze te laten drogen.Parkeren●Parkeer op een stevige, horizontale ondergrond.●Als u op een helling of onverhard terrein moetparkeren, parkeer het voertuig dan zodanig datdit niet kan wegrollen of omvallen.● Zorg ervoor dat hete onderdelen niet incontact kunnen komen met ontvlambarematerialen.● Raak de motor, geluiddemper, remmen enandere hete onderdelen niet aan voordat zezijn afgekoeld.● Zet het stuur altijd op slot en verwijder desleutel als u het voertuig onbewaakt achterlaatom de kans op diefstal te verminderen.Het gebruik van een antidiefstalvoorzieningwordt ook aanbevolen.Voorzorgsmaatregelen voor het rijdenVeiligheid van het voertuig15Vervolg

#Parkeren op de zijstandaard of demiddenbok1.Zet de motor uit.2.Zijstandaard gebruikenKlap de zijstandaard omlaag.Laat het voertuig langzaam naar links leunentotdat het volle gewicht op de zijstandaardsteunt.De middenbok gebruikenGa voor het neerklappen van de middenbokaan de linkerkant van het voertuig staan.Duw met uw rechtervoet op het uiteinde vande middenbok en trek tegelijkertijd omhoog ennaar achteren.3.Draai het stuur volledig naar links.u Het draaien van het stuur naar rechtsreduceert de stabiliteit en kan tot gevolghebben dat het voertuig omvalt.4.Zet de contactschakelaar in de stand (Lock)en verwijder de sleutel. 2 BLZ. 120Richtlijnen voor tanken en brandstofVolg deze richtlijnen om de motor, hetbrandstofsysteem en de katalysator tebeschermen:● Gebruik uitsluitend loodvrije benzine.● Gebruik het aanbevolen octaangetal.

Hetgebruik van benzine met een lager octaangetalheeft een verminderde motorprestatie totgevolg.● Gebruik geen brandstof met een hoogalcoholgehalte. 2 BLZ. 326● Gebruik geen oude of verontreinigde benzineof een olie-benzinemengsel.●Laat geen vuil of water in de brandstoftankbinnendringen.Voorzorgsmaatregelen voor het rijdenVeiligheid van het voertuig16

Honda Selectable Torque ControlAls de Honda Selectable Torque Control (TorqueControl) wielspin van het achterwiel detecteerttijdens acceleratie, wordt het koppel naar hetachterwiel verlaagd volgens het geselecteerdeTorque Control-niveau.Bovendien vermindert het systeem de snellebeweging tijdens een wheelie op basis van hetgeselecteerde Torque Control-niveau.Torque Control laat enige wielspin tijdensacceleratie toe bij lage instellingsniveaus vanTorque Control. Selecteer een niveau dat geschiktis voor uw vaardigheid en de rijomstandigheden.Torque Control werkt niet tijdens het vertragen envoorkomt niet dat het achterwiel wegglijdt tijdenshet remmen op de motor. Sluit de gashendel nietabrupt, zeker niet wanneer u op gladdeoppervlakken rijdt.Torque Control biedt mogelijk geen compensatievoor een ruw wegdek of snelle bediening van degashendel.

Houd altijd rekening met de weg- enweersomstandigheden en uw vaardigheden enconditie als u de gashendel bedient.Als uw voertuig is vastgelopen in modder, sneeuwof zand kunt u het mogelijk gemakkelijker losrijdendoor Torque Control tijdelijk uit te schakelen.Het tijdelijk uitschakelen van Torque Control kanook helpen om de controle en het evenwicht tebewaren wanneer u op terrein rijdt.Gebruik altijd de aanbevolen banden enkettingwielen om de juiste werking van TorqueControl te waarborgen.Voorzorgsmaatregelen voor het rijdenVeiligheid van het voertuig17

Accessoires &aanpassingenWij raden u ten sterkste aan om geen accessoireste installeren die niet specifiek door Honda vooruw voertuig zijn ontworpen en geen modificatiesaan het oorspronkelijke ontwerp van uw voertuigaan te brengen. Hierdoor kan uw voertuig onveiligworden.Het ombouwen van uw voertuig kan tevens uwgarantie doen vervallen en het gebruik van uwvoertuig op de openbare weg illegaal maken.Voordat u besluit om accessoires op uw voertuig teinstalleren, moet u nagaan of dit veilig en legaal is.3WAARSCHUWINGOndeugdelijke accessoires ofaanpassingen kunnen leiden tot eenongeval waarbij u ernstig of dodelijkletsel kunt oplopen.Volg alle aanwijzingen in dit instructieboekjebetreffende accessoires en aanpassingen.Trek geen aanhangwagen met uw voertuig enkoppel geen zijspan aan uw voertuig.

Uw voertuigis niet ontworpen voor dit toebehoren en hetgebruik hiervan kan het stuurgedrag van uwvoertuig nadelig beïnvloeden.Accessoires & aanpassingenVeiligheid van het voertuig18

Beladen● Het vervoeren van extra gewicht heeft invloedop het rijgedrag, het remgedrag en destabiliteit van uw voertuig.Rijd altijd met een veilige snelheid en nooitsneller dan 130 km/h voor de lading die uvervoert.● Vermijd overbeladen en houd u aan devoorgeschreven beladingslimieten.Maximale gewichtscapaciteit/Maximaalbagagegewicht/Maximaal gewicht opachterdrager 2 BLZ. 333●Maak alle bagage stevig vast, verdeel hetgewicht van de bagage gelijkmatig en plaatsde bagage dicht bij het midden van hetvoertuig.●Plaats geen bagage dicht bij de lampen of degeluiddemper.3WAARSCHUWINGOverbelasting of verkeerd beladen kaneen ongeval veroorzaken waarbij uernstig of dodelijk letsel kunt oplopen.Volg alle limieten en richtlijnen voorbelading in dit instructieboekje.BeladenVeiligheid van het voertuig19

InstrumentenBedieningshandleiding24DisplaycontroleWanneer de contactschakelaar in de stand (On) wordt gezet, worden alle modus- en digitalesegmenten weergegeven. Als een deel van deze displays niet wordt weergegeven zoals hethoort, laat dan uw dealer controleren op problemen.SnelheidsmeterKilometerteller [TOTAL]Totale afgelegde afstand. Als"" wordt weergegeven,laat dan uw dealer controleren opproblemen.NT1100D/DEAT-indicatorGaat branden in de AT MODE. (BLZ.212)

Bedieningshandleiding25VervolgAls de "-"-indicator knippert in het versnellingsstandvenster tijdens het rijden: (BLZ.286)NT1100ADe schakelstand wordt weergegeven door de versnellingsstandindicator.Versnellingsstandindicatoru "-" verschijnt wanneer niet goed in een versnelling is geschakeld.Dit is normaal.

Zet de contactschakelaar in de stand (Off) en weer in de stand (On) om hetsysteem opnieuw in te schakelen.u Het voorwiel van de grond komt.u U aan het wiel draait terwijl het voertuig rechtop staat op de middenbok.NT1100D/DEDe schakelstand wordt weergegeven in de schakelstandindicator wanneer MT MODE is geselecteerd.De indicator kan knipperen als:NT1100D/DEIndicator niveau S-modus (BLZ.212)D wordt weergegeven in de versnellingsstandindicator wanneer de D-modus is geselecteerd in de AT MODE.S wordt weergegeven in de versnellingsstandindicator wanneer de S-modus is geselecteerd in de AT MODE.

Multi-informatiedisplayUw voertuig is uitgerust met een multi-informatiedisplay waarop diverse functies eninstellingen worden aangegeven.Het multi-informatiedisplay is een touchscreen.U kunt het scherm bedienen door het aan teraken.●Bepaalde handmatige functies eninstellingen worden uitgeschakeld of zijnniet beschikbaar terwijl het voertuig inbeweging is. U kunt een grijs weergegevenmenu pas selecteren als het voertuig totstilstand is gekomen.Als de contactschakelaar naar (On) wordtgedraaid, verschijnt de melding Notice een paarseconden op het scherm.Lees de melding en druk vervolgens op deENT-schakelaar of raak [OK] op het scherm aan.Bedieningshandleiding26Instrumenten (Vervolg)

#BeginschermVanuit dit scherm kunt u naar verschillendefuncties en opties gaan.Om terug te keren naar het beginscherm:(BLZ.38)#Riding InformationU kunt teruggaan naar ritinformatie.De ritinformatie heeft 3 weergaven, Goud,Zilver, Brons.Deze weergaven worden afhankelijk van derijmodus geschakeld.Weergave Goud (BLZ.28)Weergave Zilver (BLZ.32)Weergave Brons (BLZ.35)De weergave-instelling voor elke rijmoduswijzigen (BLZ.79)#PhoneU kunt bellen met Bluetooth®-audio-apparatendie met Bluetooth® zijn verbonden.#MediaU kunt muziek van Bluetooth®-apparatenafspelen.#SettingsU kunt verschillende instellingen selecteren.Bedieningshandleiding27Vervolg

Bedieningshandleiding29VervolgToerentellerLET OPLaat de motor niet draaien met de toerenteller in de rode zone. Een te hoogmotortoerental kan de levensduur van de motor nadelig beïnvloeden.Rode zone toerenteller(te hoog motortoerentalbereik) KoelvloeistoftemperatuurmeterWanneer de koelvloeistof warmer is dan de gespecificeerde temperatuurworden alle segmenten rood en gaat segment H (6e) knipperen en deindicator hoge koelvloeistoftemperatuur branden. (BLZ.281)Als de indicator van de koelvloeistoftemperatuurmeter knippert: (BLZ.288) BrandstofniveaumeterResterende brandstof wanneer alleen segment E (1e) gaat knipperen:Circa 3,0 LAls de indicator van de brandstofmeter knippert: (BLZ.287)LET OPU moet tanken wanneer de waarde segment E (1e) nadert. Als debrandstof opraakt, kan de motor overslaan en de katalysator beschadigdraken.

Bedieningshandleiding31VervolgAls de "-"-indicator knippert in het versnellingsstandvenster tijdens het rijden:(BLZ.286)NT1100ADe schakelstand wordt weergegeven door de versnellingsstandindicator.Versnellingsstandindicatoru "-" verschijnt wanneer niet goed in een versnelling is geschakeld.Dit is normaal.

Zet de contactschakelaar in de stand (Off) en weer in de stand (On) om hetsysteem opnieuw in te schakelen.u Het voorwiel van de grond komt.u U aan het wiel draait terwijl het voertuig rechtop staat op de middenbok.NT1100D/DEDe schakelstand wordt weergegeven door de versnellingsstandindicator.De indicator kan knipperen als:D wordt weergegeven in de versnellingsstandindicator wanneer de D-modus is geselecteerd in de AT MODE.S wordt weergegeven in de versnellingsstandindicator wanneer de S-modus is geselecteerd in de AT MODE.Indicator niveau S-modus (BLZ.212) Statuspictogram stuurgreepverwarmingHet statuspictogram van de stuurgreepverwarming wordt getoond wanneer destuurgreepverwarming aan staat. (BLZ.124)Als het statuspictogram van de stuurgreepverwarming knippert: (BLZ.288)

Bedieningshandleiding33VervolgToerentellerLET OPLaat de motor niet draaien met de toerenteller in de rode zone. Een te hoogmotortoerental kan de levensduur van de motor nadelig beïnvloeden.Rode zone toerenteller(te hoog motortoerentalbereik)Luchttemperatuurmeter (BLZ.64)SnelheidsmeterIngestelde snelheid cruise controlDe ingestelde snelheid voor de cruise control wordt weergegeven.Cruise control: (BLZ.216) Statuspictogram stuurgreepverwarmingHet statuspictogram van de stuurgreepverwarming wordt getoond wanneer destuurgreepverwarming aan staat. (BLZ.124)Als het statuspictogram van de stuurgreepverwarming knippert: (BLZ.288)

Bedieningshandleiding37VervolgToerentellerLET OPLaat de motor niet draaien met de toerenteller in de rode zone. Een te hoogmotortoerental kan de levensduur van de motor nadelig beïnvloeden.Rode zone toerenteller(te hoog motortoerentalbereik)Luchttemperatuurmeter (BLZ.64) BrandstofniveaumeterResterende brandstof wanneer alleen segment E (1e) gaat knipperen:Circa 3,0 LAls de indicator van de brandstofmeter knippert: (BLZ.287)LET OPU moet tanken wanneer de waarde segment E (1e) nadert. Als debrandstof opraakt, kan de motor overslaan en de katalysator beschadigdraken.

#BasishandelingenU kunt de verschillende functies van uw voertuigbedienen en instellen met de schakelaars linksop het stuur en de functieselectieschakelaar rechts op het stuur of het touchscreen.U kunt sommige functies echter niet bedienenterwijl het voertuig rijdt.Terugkeren naar het beginschermTrek de paginaschakelaar links op het stuurnaar achteren en houd deze vast of raak hetklokgebied op het multi-informatiedisplay aanterwijl het voertuig stilstaat.Bedieningshandleiding38Instrumenten (Vervolg) Functieselectieschakelaar Paginaschakelaar

Een gewenste menu-instelling selecterenBedienen met de linker stuurhelft:Druk op of om een beschikbare optie teselecteren.Bedienen met de linker stuurhelft:Druk op of om een beschikbare optie teselecteren.Bedienen met het touchscreen:Raak het menu aan dat u wilt selecteren.Uw selectie instellenBedienen met de linker stuurhelft:Druk op de ENT-schakelaar links op het stuurom uw selectie in te stellen.Bedienen met het touchscreen:Raak het menu aan dat u wilt selecteren.Bedieningshandleiding39Vervolg Sel links/rechts-schakelaar Sel omlaag-schakelaar Sel omhoog-schakelaarENT-schakelaar

Het instellingenmenu afsluitenTerugkeren naar ritinformatie:Trek de paginaschakelaar links op het stuurnaar achteren.Terugkeren naar het beginscherm:Trek de paginaschakelaar links op het stuurnaar achteren en houd deze vast.Terugkeren naar het vorige scherm:Druk op de schakelaar Terug links op hetstuur.Bedienen met het touchscreen:Raak op het touchscreen aan om teselecteren.De instelling wordt eveneens beëindigd als uwvoertuig een snelheid bereikt van ongeveer6 km/h.Bedieningshandleiding40Instrumenten (Vervolg) Paginaschakelaar Schakelaar Terug

#Bladeren naar andere pagina op hetschermaSelecteer de weergave Goud. (BLZ.79)bDruk op of op de schakelaar Sel Links/Rechts tot de gewenste pagina wordtweergegeven.U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.#Bladeren naar pagina 1 ofbrandstofmeteraSelecteer de weergave Zilver. (BLZ.79)bDruk op of op de schakelaar Sel Links/Rechts om de pagina ofbrandstofmeter te wisselen.#Ritteller A [TRIP A]Afstand gereden na het terugstellen van ritteller A.Als "----.-" knippert, laat dan uw dealercontroleren op problemen.Ritteller A [TRIP A] terugstellen:(BLZ.66)Bedieningshandleiding45Vervolg

#Gemiddeld brandstofverbruik ritteller A [AVG. CONS.]Toont het gemiddelde brandstofverbruik sindshet terugstellen van ritteller A.Het gemiddelde brandstofverbruik wordtberekend op basis van de waarde weergegevenop de geselecteerde ritteller A.Weergavebereik: 0.0 tot 299.9 l/100 km (km/l, mpg of mijl/l)● Beginweergave: "---.-" wordt weergegeven.●Meer dan 299,9 km/l (mpg of mijl/l): "299.9" wordt weergegeven.●Meer dan 299,9 l/100 km: "---.-" wordtweergegeven.●Wanneer ritteller A wordt teruggesteld:"---.-" wordt weergegeven.Als "---.-" knippert, laat dan uw dealercontroleren op problemen.Ritteller A en het gemiddeldebrandstofverbruik [AVG. CONS.]terugstellen: (BLZ.66)Bedieningshandleiding46Instrumenten (Vervolg)

#Gemiddeld brandstofverbruik ritteller B [AVG. CONS.]Toont het gemiddelde brandstofverbruik sindshet terugstellen van ritteller B.Het gemiddelde brandstofverbruik wordtberekend op basis van de waarde weergegevenop de geselecteerde ritteller B.Weergavebereik: 0.0 tot 299.9 l/100 km (km/l, mpg of mijl/l)● Beginweergave: "---.-" wordt weergegeven.●Meer dan 299,9 km/l (mpg of mijl/l): "299.9" wordt weergegeven.●Meer dan 299,9 l/100 km: "---.-" wordtweergegeven.●Wanneer ritteller B wordt teruggesteld:"---.-" wordt weergegeven.Als "---.-" knippert, laat dan uw dealercontroleren op problemen.Ritteller B en het gemiddeldebrandstofverbruik [AVG. CONS.]terugstellen: (BLZ.67)Bedieningshandleiding51Vervolg

#Huidig brandstofverbruik [INST. CONS.]Toont het huidige brandstofverbruikWeergavebereik:0.0 tot 299.9 l/100 km (km/l, mpg of mijl/l)●Wanneer uw snelheid lager is dan 3 km/h (1 mph): "---.-" wordt weergegeven.● Meer dan 299.9 l/100 km (km/l, mpg ormijl/l): “299.9" wordt weergegeven.Als "---.-" knippert, laat dan uw dealercontroleren op problemen.Bedieningshandleiding55Vervolg

#Beschikbare rijafstand [RANGE]Geeft de geschatte afstand aan die u kuntafleggen met de resterende brandstof.Weergavebereik: 999 tot 0 km (999 tot 0 mijl)● Meer dan 999 km (mijl): "999" wordtweergegeven.●Beginweergave: "0" wordt weergegeven.● Wanneer de beschikbare rijafstand minder isdan 5 km (3 mijl) of de hoeveelheidresterende brandstof minder dan 1,0 L (0,2 gal) is, wordt "---" weergegeven.De aangegeven beschikbare rijafstand wordtberekend op basis van de rijomstandigheden.Het aangegeven cijfer is mogelijk niet altijd dewerkelijke toegestane afstand.Bedieningshandleiding56Instrumenten (Vervolg)

#Gemiddeld brandstofverbruik [AVG. CONS.]Toont het gemiddelde brandstofverbruik sindshet terugstellen van het gemiddeldebrandstofverbruik.Weergavebereik: 0.0 tot 299.9 l/100 km (km/l, mpg of mijl/l)● Beginweergave: "---.-" wordt weergegeven.● Meer dan 299,9 km/l (mpg of mijl/l): "299.9" wordt weergegeven.●Meer dan 299,9 l/100 km: "---.-" wordtweergegeven.●Als het gemiddelde brandstofverbruik [AVG. CONS.] is teruggesteld: "---.-" wordtweergegeven.Als "---.-" knippert, laat dan uw dealercontroleren op problemen.Het gemiddelde brandstofverbruik [AVG.CONS.] terugstellen: (BLZ.68)Bedieningshandleiding58Instrumenten (Vervolg)

#Brandstofverbruik [CONS.]Toont het brandstofverbruik sinds het startenvan de motor.Weergavebereik: 0.0 tot 300.0 l of 0.0 tot 300.0 gal●Boven 300.0 l (gal): "300.0" wordtweergegeven.● Wanneer de motor wordt gestart: "---.-"wordt weergegeven.#Verstreken tijd [ELAPSED]Toont de bedrijfstijd sinds het starten van demotor.Weergavebereik: 00:00 tot 99:59 (uren:minuten)● Het display blokkeert op 99:59 wanneer deaflezing hoger is dan 99:59.Als "00:00" knippert, laat dan uw dealercontroleren op problemen.Bedieningshandleiding59Vervolg

De hitte die wordt afgegeven door het wegdeken de uitlaatgassen van overig verkeer kunnende temperatuurmeting beïnvloeden wanneeruw voertuig langzamer rijdt dan 30 km/h. Hetkan enkele minuten duren voordat het display isbijgewerkt nadat de temperatuurwaarde isgestabiliseerd.#Ingestelde snelheid cruise controlDe ingestelde snelheid voor de cruise controlwordt weergegeven.De ingestelde snelheid van de cruisecontrol instellen: (BLZ.218)Bedieningshandleiding65VervolgIngestelde snelheid cruise control

Instelmodus#Bladeren naar het menu van het multi-informatiedisplayBedieningshandleiding69VervolgTrek de paginaschakelaar naarachteren en houd deze vast of raakhet klokgebied op het multi-informatiedisplay aan.Druk op de Sel Omhoog-schakelaar .Druk op de Sel Omlaag-schakelaar .Selecteer [Riding Information] en drukvervolgens op de ENT-schakelaar ofraak [Riding Information] aan op hetmulti-informatiedisplay.Trek de paginaschakelaar naarachteren.Riding InformationMedia (BLZ.144)Phone (BLZ.167)SettingsHome screenRiding information

aSelecteer [User Modes] en druk vervolgens opde ENT-schakelaar.bSelecteer [User 1] of [User 2] met de SelOmhoog-schakelaar of Sel Omlaag-schakelaar en druk vervolgens op de ENT-schakelaar.cDruk op de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar om eeninstellingenmenu te selecteren.dDruk op of op de schakelaar Sel Links/Rechts tot de gewenste waarde wordtweergegeven.u Houd de of van de schakelaar SelLinks/Rechts ingedrukt om het getalversneld in te stellen.eGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Beschikbare instellingen: (BLZ.133)Standaard: (BLZ.131)Bedieningshandleiding75Vervolg

-TripU kunt ook de waarde aanpassen van deaftrekking ritafstand [-TRIP].aSelecteer [-Trip] en druk vervolgens op deENT-schakelaar.bSelecteer de cijfers met de of van deschakelaar Sel Links/Rechts .cOm de waarde te verhogen: Druk op de SelOmhoog-schakelaar totdat de gewenstewaarde wordt weergegeven.Om de waarde te verlagen: Druk op de SelOmlaag-schakelaar totdat de gewenstewaarde wordt weergegeven.u Houd de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar ingedrukt omde waarde versneld in te stellen.dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Instelbereik: 000 tot 999Standaard: 000Bedieningshandleiding76Instrumenten (Vervolg)

Auto Cancel Turn SignalU kunt automatisch annuleren van derichtingaanwijzer inschakelen/uitschakelen.aSelecteer [Auto Cancel Turn Signal] en drukvervolgens op de ENT-schakelaar om defunctie in te stellen op [ON] (inschakelen) of[OFF] (uitschakelen).bGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Beschikbare instellingen: [ON]/[OFF]Standaard: [ON]Bedieningshandleiding77Vervolg

HISS IndicatorU kunt de knipperfunctie van de HISS-indicatoraan- of uitzetten.aSelecteer [HISS Indicator] en druk vervolgensop de ENT-schakelaar om de functie in testellen op [ON] (knipperen) of [OFF](uitschakelen).bGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Beschikbare instellingen: [ON]/[OFF]Standaard: [ON]Bedieningshandleiding78Instrumenten (Vervolg)

aSelecteer [Display Mode] en druk vervolgensop de ENT-schakelaar.bDruk op de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar om eeninstellingenmenu te selecteren.cDruk op of op de schakelaar Sel Links/Rechts om de gewenste weergave teselecteren.dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Beschikbare instellingen: Weergave Goud/Zilver/BronsStandaard:• [TOUR MODE]: weergave Goud•[URBAN MODE]: weergave Zilver• [RAIN MODE]: weergave Brons• [USER 1 MODE]: weergave Zilver• [USER 2 MODE]: weergave BronsBedieningshandleiding80Instrumenten (Vervolg)

BrightnessU kunt de helderheid voor deachtergrondverlichting selecteren.Het display kan donker worden wanneer het ergheet is. Raadpleeg uw dealer als deoorspronkelijke helderheid niet terugkeert.Automatische helderheidsregeling:(BLZ.317)aSelecteer [Brightness] en druk vervolgens opde ENT-schakelaar.bSelecteer [Auto] en druk vervolgens op deENT-schakelaar om de functie in te stellen op[ON] (automatisch) of [OFF] (handmatig).Bedieningshandleiding81Vervolg

cAls u [OFF] (handmatig) selecteert, druk dan op of op de schakelaar Sel Links/Rechts om het gewenste niveau te selecteren.u Houd de of van de schakelaar SelLinks/Rechts ingedrukt om het getalversneld in te stellen.dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Instelbereik: niveau 1 t/m 8 of [Auto]Standaard: [Auto]BackgroundU kunt de achtergrond selecteren.Automatische achtergrondinstelling:(BLZ.317)Bedieningshandleiding82Instrumenten (Vervolg)

aSelecteer [Background] en druk vervolgens opde ENT-schakelaar.bSelecteer [Auto] en druk vervolgens op deENT-schakelaar om de functie in te stellen op[ON] (automatisch) of [OFF] (handmatig).cAls u [ON] (automatisch) selecteert, druk danop of op de schakelaar Sel Links/Rechts om het gewenste niveau te selecteren.u Houd de of van de schakelaar SelLinks/Rechts ingedrukt om het getalversneld in te stellen.Als u [OFF] (handmatig) selecteert, druk danop de Sel Omhoog-schakelaar of de SelOmlaag-schakelaar om [White] of [Black]te selecteren.dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Instelbereik: Auto niveau 1 t/m 7, White of BlackStandaard: Auto 1Bedieningshandleiding83Vervolg

aSelecteer [Favourite Information] en drukvervolgens op de ENT-schakelaar.bDruk op of op de schakelaar Sel Links/Rechts tot de gewenste pagina wordtweergegeven.cDruk op / om de beschikbare opties teselecteren en druk vervolgens op de ENT-schakelaar.dDruk op / om de beschikbare opties teselecteren en druk vervolgens op de ENT-schakelaar.eGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Bedieningshandleiding85Vervolg

Favourite SwitchaSelecteer [Favourite Switch] en druk vervolgensop de ENT-schakelaar.bDruk op de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar om de gewenstemodus te selecteren.cGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Beschikbare instellingen: [HSTC]/[RidingMode]Standaard: [HSTC]Bedieningshandleiding87Vervolg

De functie automatisch instellen van de tijd op[ON] (automatisch):aSelecteer [Date and Time] en druk vervolgensop de ENT-schakelaar.bSelecteer [Adjust Time Automatically] en drukvervolgens op de ENT-schakelaar om defunctie in te stellen op [ON] (automatisch).Als GPS niet kan worden gevonden. Lees demelding en druk vervolgens op de ENT-schakelaar.cGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Bedieningshandleiding89Vervolg

De klok handmatig instellen:aSelecteer [Date and Time] en druk vervolgensop de ENT-schakelaar.bSelecteer [Adjust Time Automatically] en drukvervolgens op de ENT-schakelaar om defunctie in te stellen op [OFF] (handmatig).cDruk op / op de schakelaar Sel Links/Rechts om het veld voor dag, maand,jaar, uren, minuten of tijdnotatie te selecteren.● Dag, maand, jaar, uren of minutenvooruit zetten: druk op de Sel Omhoog-schakelaar totdat de gewenstewaarde wordt weergegeven.Dag, maand, jaar, uren of minutenterugzetten: druk op de Sel Omlaag-schakelaar totdat de gewenstewaarde wordt weergegeven.u Houd de Sel Omhoog-schakelaar ofde Sel Omlaag-schakelaar ingedruktom de waarde versneld in te stellen.●Druk op de Sel Omhoog-schakelaar ofde Sel Omlaag-schakelaar totdat degewenste tijdnotatie wordt weergegeven.dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm.

aSelecteer [Units] en druk vervolgens op deENT-schakelaar.bDruk op de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar om eeninstellingenmenu te selecteren.u "TEMP" wordt weergegeven, maar kan nietworden gebruikt.cDruk op of op de schakelaar Sel Links/Rechts om de gewenste eenheid teselecteren.dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Beschikbare instellingen:●[Speed]: [km/h]/[mph]● [Fuel Consumption]: [l/100 km]/[km/l]/[mpg]/[mile/L]Standaard:●[Speed]: [km/h]●[Fuel Consumption]: [l/100 km]Bedieningshandleiding92Instrumenten (Vervolg)

cDruk op de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar om naar degewenste selectie te gaan.dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Beschikbare instellingen: [Off](uitschakelen)/[Low]/[High]Standaard: [Off] (uitschakelen)Het volume afstellen:aSelecteer [Volume] en druk vervolgens op deENT-schakelaar.bDruk op de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar om eeninstellingenmenu te selecteren.cDruk op of op de schakelaar Sel Links/Rechts om het gewenste niveau teselecteren.u Houd de of van de schakelaar SelLinks/Rechts ingedrukt om het getalversneld in te stellen.Bedieningshandleiding94Instrumenten (Vervolg)

dGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Bereik voor volumeniveau:Anders dan Microphone: niveau 0 t/m 30Microphone: niveau 0 t/m 14Standaard:●Music (Rider): 7●Music (Passenger): 7●Phone: 7●System: 7●Ringtone: 7●Voice: 7●CarPlay: 7●Android Auto™: 7● Microphone: 7LanguageVerandert de systeemtaal.aSelecteer [Language] en druk vervolgens op deENT-schakelaar.Bedieningshandleiding95Vervolg

bDruk op de Sel Omhoog-schakelaar of deSel Omlaag-schakelaar om de displaytaal teselecteren die u wilt gebruiken op het scherm.cGa terug naar de ritinformatie, het vorigescherm of het beginscherm. (BLZ.40)U kunt de bovenstaande instellingen ookuitvoeren via het touchscreen.Standaard: [UK English]Restore Default SettingsDe ingestelde waarden kunnen wordenteruggezet naar de standaardinstellingen.aSelecteer [Restore Default Settings] en drukvervolgens op de ENT-schakelaar.Bedieningshandleiding96Instrumenten (Vervolg)

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Honda NT1100 (2025) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden