Hansa WA 100A Handleiding
Pagina's 27 Nederlands Wasmachine
Bekijk de handleiding van Hansa WA 100A gratis online of download de PDF. 16 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Hansa |
| Categorie: | Wasmachine |
| Model: | WA 100A |
Handleiding Hansa WA 100A – volledige tekst
2Enkele paragrafen in deze gebruiksaanwijzing zijn voorzien van symbolen die de volgende betekenis hebben:Met de waarschuwingsdriehoek geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor hetfunctioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen.Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en praktisch gebruik van het toestel.Dit symbool staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en milieuvriendelijk gebruik van hettoestel.Onze bijdrage aan het beschermen van het milieu: wij maken gebruik van kringlooppapier.Geachte Klant,Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door.Lees vooral de aanwijzingen m.b.t. de veiligheid op de eerste pagina’s van deze gebruiksaanwijzing!
Bewaarde gebruiksaanwijzing goed, zodat u nog eens iets kunt nalezen en geef hem door aan een eventuele volgendeeigenaar van het toestel.TransportschadenIndien u tijdens de aflevering schade aan het apparaat vastgesteld hebt, meldt u dit dan, vóór u het toestelinstalleert en/of in gebruik neemt, direct aan uw leverancier.
NEDERLANDSInhoud3 Waarschuwingen 4-5 Afvalverwerking 5 Milieutips 5 Technische gegevens 6 Installatie 7l Transportbeveiliging 7l Plaatsen 7l Watertoevoer 8l Waterafvoer 8l Elektrische aansluiting 8 Uw nieuwe wasautomaat 9 Beschrijving van de machine 9l Controlelampje “deurvergrendeling” 9l Wasmiddellade 9 Gebruik 10lBedieningspaneel 10l Beschrijving van de bedieningselementen 10-13l Het einde van het programma 14l Het wijzigen van het programma 14l Het onderbreken van het programma 14l Het annuleren van het programma 14lHet openen van de deur tijdens een lopend programma 14l Informatie over de programma’s 14-15l Adviezen en tips voor het wassen 16 Was niet te lang opsparen 16 Sorteren 16 Temperaturen 16 Hoeveel wasgoed in de trommel? 16 Vóór u het wasgoed in de trommel doet 17 Welke wasmiddelen gebruiken?
4Aanwijzingen m. b. t. de veiligheidInstallatielAlle delen die tot de transportbeveiliging behorenmoeten beslist zijn verwijderd, alvorens hetapparaat in gebruik te nemen. Ernstige schadeaan het apparaat of andere zaken kan het gevolgzijn van het niet of niet geheel verwijderen van detransportbeveiliging. lEen eventueel noodzakelijke wijziging aan deelektrische huisinstallatie ten behoeve van deinstallatie van dit apparaat, mag uitsluitend dooreen daartoe bevoegd persoon uitgevoerdworden. lEen eventueel noodzakelijke wijziging van dewatertoe- en/of afvoervoorzieningen ten behoevevan de installatie van dit apparaat mag uitsluitenddoor een daartoe bevoegd persoon uitgevoerdworden. lOvertuig u ervan dat het apparaat na deinstallatie of het verplaatsen niet op hetaansluitsnoer staat. GebruiklWas geen artikelen in de wasautomaat die hierniet voor geschikt zijn.
Raadpleeg hettextielonderhoudsetiket. lOverlaad het apparaat niet. Raadpleeg debetreffende adviezen in de gebruiksaanwijzing. lMet vluchtige stoffen, zoals spiritus, benzine,terpentine en dergelijke, gereinigde artikelenmogen niet in de wasautomaat. Indien zulkereinigingsmiddelen gebruikt werden om voortijdsvlekken te verwijderen, dan moet met het wassenin de wasautomaat gewacht worden tot hetartikel volledig uitgedampt is. lWas kleine artikelen, zoals babysokjes, ceintuursen dergelijke in een sloop. Zulke kleine artikelenkunnen tussen de trommel en de kuip slippen. lOvertuig u ervan dat, vóór u een kledingstuk in dewasautomaat doet, de borst- en broekzakkenleeg zijn, ritssluitingen zijn gesloten en eventueelloshangende knopen verwijderd of eerstaangenaaid zijn. Was geen rafelig of gescheurdgoed; herstel het voortijds. Verwijder voortijdsverf-, inkt-, roest- en grasvlekken.
lObjecten zoals flippo’s, munten, veiligheids-spelden, naalden, spijkers, schroeven en andereharde of scherpe materialen behoren niet in dewasautomaat; zij kunnen aanzienlijke schadeveroorzaken. lWees voorzichtig met wasverzachter. Een tegrote dosering kan schade aan het wasgoedtoebrengen. Raadpleeg de instructies van defabrikant van de wasverzachter. lKijk, vóór u de vuldeur (voorlader) opent, altijdeerst of het water weggepompt is. Indien dat niethet geval is, laat de machine dan eerst het waterafpompen. Raadpleeg in twijfelgeval degebruiksaanwijzing. lLaat de vuldeur (voorlader) op een kier staanindien het apparaat niet gebruikt wordt. Dat isbeter voor de rubbermanchet en u voorkomt hetontstaan van een muffe lucht.
lSchakel na het gebruik altijd de stroomtoevoer afdoor, afhankelijk van de wijze van installatie, destekker uit het stopcontact te nemen of debadkamertrekschakelaar op de UlT-stand teschakelen. Draai na het gebruik altijd dewatertoevoerkraan dicht. Algemene veiligheidlTracht, in geval van een storing of defect, ditapparaat niet zelf te repareren. Reparaties welkedoor niet-deskundige personen uitgevoerdworden, kunnen tot schade of letsel leiden. Raadpleeg ELGROEP FABRIEKSSERVICE. lNetsnoer nooit aan het snoer uit het stopcontacttrekken, maar aan de stekker. Deze aanwijzingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben,alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.
NEDERLANDS5MilieutipslNormaal verontreinigd wasgoed hoeft u niet voorte wassen. Zo bespaart u wasmiddel, water entijd (en u ontziet het milieu).lDe wasautomaat werkt het zuinigst met een volletrommel.lDoor een geschikte voorbehandeling kunnenvlekken en lichte verontreinigingen verwijderdworden.
Dan kunt u op een lagere temperatuurwassen.lDoseer het wasmiddel altijd volgens deaanwijzingen van de wasmiddelenfabrikant.lWas normaal verontreinigde witte was op de E-stand.lKies voor licht vuile was een kortprogramma.Veiligheid van kinderenlKinderen zien de gevaren niet die ontstaan doorondeskundige omgang met elektrische toestellen.Zorg daarom voor het nodige toezicht als demachine aanstaat en laat kinderen niet met demachine spelen - ze zouden zichzelf of anderekinderen in de machine kunnen opsluiten.lHoud de verpakking uit de buurt van kinderen;vooral folie en styropor kunnen gevarenopleveren. Verstikkingsgevaar!lZorg ervoor dat kinderen of kleine huisdieren nietin de trommel van de wasautomaat kunnenklimmen.lAls u het toestel afdankt, maak het dan dadelijkonbruikbaar: stekker uit het stopcontact trekken,aansluitsnoer afsnijden en weggooien. Maakbovendien het deurslot onbruikbaar.
Zo kunnenkinderen zichzelf of andere kinderen niet in demachine opsluiten.VerpakkingsmateriaalAlle gebruikte verpakkingsmaterialen zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen zonder gevaar bij het afvalworden gezet.De kunststoffen kunnen hergebruikt worden enhebben de volgende aanduidingen:>PEPSPP
NEDERLANDS7InstallatieTransportbeveiligingWij adviseren u de verwijderde delen te bewaren; ingeval van verhuizing moeten ze wederomaangebracht worden. U gaat als volgt te werk: 1. Schroef met de sleutel de rechter schroef aan deachterkant van de machine los. 2. Leg de machine voorzichtig op z’n achterkant;zodanig dat de slangen niet kunnen beschadigen. 3. Verwijder het polystyrene vulblok uit de onderkantvan de machine en het plakband waarmee de 2plastic zakken aan de voorkant van het apparaatbevestigd zijn. 4. Trek voorzichtig de plastic zak (1) uit derechter machine, terwijl hij naar het midden van demachine getrokken wordt. Trek nu ook de linker plastic zak (2) uit demachine. 5. Zet de machine rechtop en verwijder de 2 overigeschroeven uit de achterwand. 6. Verwijder de drie plastic afstandshulzen uit degaten waar de schroeven in zaten.
P023321P0234P0255Het is beslist noodzakelijk dat u detransportbeveiligingen verwijdert voor u demachine in gebruik neemt. 7. Dicht de vrijgekomen gaten af met demeegeleverde stopsels. U vindt deze stopsels opde achterkant van de machine. PlaatsenPlaats de machine op een vlakke, harde vloer. Laateen houten vloer met een 5 cm dikkehardhoutenplaat versterken, over tenminste tweedraagbalken. De verstevigingsplaat moet aan allekanten enkele centimeters buiten de machinesteken. Indien de machine op een bovenverdieping geplaatstwordt, neem dan zodanige maatregelen dat bij eeneventuele lekkage het water niet naar de verdiepingeronder kan lekken. Raadpleeg uw leverancier/installateur. Zorg ervoor dat de machine niet tegen de muur ofandere keukenmeubels kan leunen.
Wij gaan er van uit dat de waterkraan, deafvoermogelijkheid en de elektriciteitsvoorzieningzich binnen het bereik van de machineslangen enhet aansluitsnoer bevinden. Als dat niet zo is, danadviseren wij u uw installateur de kraan en/of deafvoer en/of het stopcontact te laten verplaatsen. Stel de machine waterpas op.
8WatertoevoerDraai, nadat u eerst het filter (A) in de wartel hebtgelegd, de wartel van de toevoerslang stevig op de3/4" schroefdraad van de kraan. Het andere eind van de toevoerslang, aan demachinekant, kan naar alle richtingen wordenverdraaid. Wartel iets losdraaien, haakse bochtverdraaien en wartel weer stevig vastdraaien. De toevoerslang mag niet verlengd worden. Mochtde slang te kort zijn en wilt u de kraan niet latenverplaatsen, koop dan een langere, complete,hogedrukslang welke speciaal voor dit doel gemaaktis. WaterafvoerDe bocht, aan het eind van de afvoerslang, kunt u opdrie manieren plaatsen:Over de rand van een wasbak. U moet er dan voorzorgen dat de bocht niet, door het snel uitstromende water, van de rand kan schieten. Bijvoorbeeld door de bocht met een touwtje aan dekraan of aan een haak in de muur op te hangen. In een aftakking van de wasbakafvoer.
Dieaftakking moet boven de sifon (stankafsluiter) zittenen zodanig dat de bocht van de slang zich optenminste 60 cm van de vloer bevindt. In een afvoerpijp. Wij adviseren een standpijp van65 cm hoogte; in ieder geval niet lager dan 60 cm enniet hoger dan 90 cm. P0022P0021AP0003Het eind van de afvoerslang moet altijd zijn,belucht dat wil zeggen dat de binnendiameter van de pijpgroter moet zijn dan de buitendiameter van hetslangeind. De afvoerslang legt u vanaf de machinekant over devloer en laat u pas bij de afvoermogelijkheid omhooglopen. Elektrische aansluitingDe machine is voor 220-230V / 50Hz gemaakt. De machine is voorzien van een drie-aderigaansluitsnoer en stekker met randaarde. De stekker mag u uitsluitend plaatsen in eenstopcontact met randaarde; de machine dientdeugdelijk geaard te zijn. Het aansluitsnoer mag u niet verlengen.
Indien hetsnoer te kort blijkt te zijn, laat uw installateur dan ofeen langer snoer aan de machine monteren of hetstopcontact verplaatsen. Het gebruik van een verlengsnoer of kabelhaspel isniet toegestaan.
In bad- of doucheruimten moet doorgaans eenzogeheten «vaste aansluiting» gemaakt worden;raadpleeg uw installateur. De fabrikant is niet aansprakelijk voorschade of letsel, ontstaan door het nietvoldoen aan bovenstaande veiligheids-voorschriften. Het aansluitsnoer mag uitsluitend door deELGROEP FABRIEKSSERVICE vervangen worden. P0023.
NEDERLANDS9Uw nieuwe wasautomaatDeze nieuwe wasmachine is voorzien van een nieuwwassysteem en voldoet aan alle eisen voor eenmoderne behandeling van uw wasgoed, metbesparing van water, stroom en wasmiddel.Ook kleine hoeveelheden worden goedkoopgewassen want de verbruikswaarden wordenautomatisch aan de hoeveelheid en het typewasgoed aangepast.Doordat de wasmachines de laatste jaren steedszuiniger zijn geworden met energie, is de wastijdlanger geworden. U zult echter merken dat hetwasresultaat optimaal is. l De programmakeuzeknop zorgt voor eeneenvoudig gebruik van de wasmachine; hiermeeworden zowel het programma als de temperatuurgekozen. l De indicatie van het programmaverloop geeftinformatie over het programma dat afgewerktwordt. l Starttijdkeuze: u kunt de start van hetprogramma 1 tot max. 24 uur uitstellen (bijv. totde voordeeluren).
l Het behandelt wollenspeciale wolprogramma goed uiterst voorzichtig. l Stabilisatie-controlesysteem: stabiliteit enrustige loop. Beschrijving van de machine 1 Wasmiddellade 2 Bedieningspaneel 3 Controlelampje “deurvergrendeling” 4 Deurhandgreep 5 Afvoerfilter 6 Verstelbare voetjesControlelampje “deurvergrendeling”Het lampje brandt zolang de deur vergrendeld is. U kunt de deur pas openen nadat het lampje is uitgegaan.WasmiddelladeVoorwasmiddelHoofdwasmiddelWasverzachter62153CMF 906Witte wasE-Witte wasBonte wasE-Bonte wasSyntheticaE-Syntheti caFijne w asWolInwekenSpoelenWasverzachtenPompenCentrifugerenSnelwasAnnulerenABCDFGO40· 60· 95°°°60 E° · 30· 40· 60°°°40 E°· 30· 40 · 60°°°40 E° 30· 40° °· 30· 40° °41000850650450C0026
10GebruikBedieningspaneel 1 Programmakaart 2 BedrijfscontrolelampjeGaat branden als de machine wordt ingeschakeld engaat uit als toets AAN/UIT opnieuw wordt ingedrukt. 3 Toets AAN/UIT Met deze toets schakelt u de machine in resp. uit. 4 ProgrammakiezerDeze knop is in 5 sectoren verdeeld:lWitte en bonte was lSynthetica lFijne was lWol lExtra programma's A…GDe programmakiezer kan zowel naar rechts als naarlinks gedraaid worden.Symbolen op de keuzeknoplE = Energie besparenl= De machine wast met koud water.KOUD. E40°E60°E40°O30°30°60°40°95°60°40°40°30°40°30°ABCDFGKeuzetoetsenAfhankelijk van het programma kunnen verschillendefuncties met elkaar gecombineerd worden.Deze moeten worden gekozen nadat het programmais ingesteld en voordat toets START/PAUZE wordtingedrukt.Als een toets wordt ingedrukt, gaat het betreffendelampje branden.
Als de toets nogmaals wordtingedrukt, gaat het lampje uit.Als het lampje ca. 3 seconden knippert, betekent datdat een onjuiste keuze is gemaakt: in hetmultidisplay verschijnt code .Err 5 CENTRIFUGEREN Door indrukken van deze toets kunt u het maximalecentrifugetoerental voor het ingestelde programma reduceren of functie (niet centrifugeren) kiezen.Het lampje dat overeenkomt met de gekozen stand,gaat branden.
NEDERLANDS11Niet centrifugeren Als u stand kiest, centrifugeert de wasmachineniet. Deze functie kan niet gekozen worden voor witte enbonte was. U kunt deze functie kiezen voor heel fijnwasgoed. 6 VOORWAS Voorwassen op max. 40°C vóór de automatischvolgende hoofdwas (kan niet bij instelling WOLgekozen worden). De voorwas eindigt met een korte centrifugegangmet 650 tpm bij de programma’s witte/bonte was ensynthetica en met alleen pompen bij fijne was. 7 KORT Als u deze toets indrukt, worden de wastijden alsvolgt verminderd: l35 minuten voor witte was op 95°Cl 52 minuten voor bonte was op 60°C … (koud)l24 minuten voor synthetical14 minuten voor fijne wasDit programma is geschikt voor wasgoed dat lichtverontreinigd is. Deze functie kan bij instellingniet WOL, bij de energie-spaarprogramma’s en samenE met INTENSIEF gekozen worden. 8 INTENSIEF Voor erg vuil wasgoed.
De wastijd wordt met ongeveer 10 minuten verlengdals u deze functie kiest. De functie kan alleen voor witte/bonte was ensynthetica gebruikt worden. De functie kan gekozen worden bij de KORTEniet programma’s en de energie-spaarprogramma’s. E 9 SPOELSTOP Als u deze toets indrukt blijft het wasgoed in hetlaatste spoelwater liggen; het wordt nietgecentrifugeerd. Na beëindiging van het programma knippert hetlampje van de START/PAUZE-toets. Hiermee wordtaangegeven dat het water nog moet wordenweggepompt, voordat de deur kan worden geopend. U hebt 3 mogelijkheden:ltoets START/PAUZE indrukken; de machinepompt het water weg en centrifugeert daarnaovereenkomstig het type wasgoed;leen centrifugesnelheid instellen en toetsSTART/PAUZE indrukken;lprogramma POMPEN kiezen om het water wegD te pompen. Er wordt dan niet gecentrifugeerd. Attentie.
Voordat u programma POMPEN kuntinstellen, moet u eerst de programmakiezer op stand“O” draaien. 10 EXTRA SPOELEN Met deze toets kunt u het aantal spoelgangenverhogen van 3 naar 4. Aan te raden voor mensen met eenwasmiddelallergie of in gebieden met erg zachtwater.
Deze functie kan voor alle programma’s behalve hetwolwasprogramma gekozen worden. 11 Toets STARTUITSTEL Met deze toets kan de programmastart 1 tot 24 uurworden uitgesteld. Zo kunt u bijv. in de voordeelurenwassen. lWasautomaat inschakelenlHet programma kiezen. lUitgestelde start instellen. lSTART/PAUZE toets indrukken. De starttijd telt terug in stappen van 1 uur. U kunt de deur tijdens de uitstelperiode dus nogopenen om bijvoorbeeld wasgoed toe te voegen. Het programma start wanneer de ingesteldetijdsperiode verstreken is. Instellen van “Uitgestelde start”.
12lSTART/PAUZE toets indrukken.lOp de toets “STARTUITSTEL” drukken totdat ophet display de gewenste tijd verschijnt. lOp de toets éénmal drukken als u de ingestelde periode wilt annuleren: het display toont “0h” (0 uur)lOpnieuw op de START/PAUZE toets drukken. 12 MultidisplayDit display geeft de volgende informatie:Annulering van een programma - duur van hetingestelde programma - uitgestelde starttijd -foutieve keuze - fout code.Voor het uitwissen (annuleren) van een programmazet u de programmakiezer op stand “O”, het displaytoont 3 streepjes. U kunt een nieuw programma kiezen nadat u hetvoorgaande programma geannuleerd heeft. Nadat u het programma gekozen heeft, toont hetdisplay de duur van het programma in uren enminuten (bijvoorbeeld ).
2.05De duur is berekend op de maximum belading voorelk type wasgoed.2.05Duur van het gekozen programma---Annulering van een programmaWijzigen of annuleren van de starttijd Na de start wordt de overige tijd per 10 minutenaangegeven en de laatste 20 minuten van hetprogramma elke 5 minuten.De duur van het programma is afhankelijk vanverschillende factoren zoals de hoeveelheidwasgoed, de watertemperatuur en deschuimvorming. Deze gegevens worden elektronischgeregistreerd en de overblijvende tijd wordt hieraanaangepast.
Wanneer het programma beëindigd is en de deurontgrendeld, knippert op het display het cijfer nul.De uitgestelde starttijd (maximaal 24 uur) wordt doormiddel van de betreffende toets ingesteld en 4 secondenlang op het display aangegeven, hierna verschijntopnieuw de duur van het gekozen programma.De starttijd telt terug in stappen van 1 uur.Als u een functie kiest die niet met het gekozenprogramma gecombineerd kan worden, verschijnt inhet display .ErrFoutieve keuzeStartuitstel
NEDERLANDS13Sommige storingen worden in de vorm vanfoutcodes op het display aangegeven.Dit is nuttig voor de klant en voor deservicemonteurs, zoals bijvoorbeeld “E20” (ziehoofdstuk “Eenvoudige storingen”). 13 Toets “Start/Pauze” Deze toets heeft 3 functies: Start - Pauze - Wegpompen van het waterDoor op de toets te drukken, wordt het gekozenprogramma gestart en het lampje van deSTART/PAUZE toets knippert niet meer maar brandtcontinu tijdens de duur van het programma. Als de functie STARTUITSTEL gekozen is, begint nuhet terugtellen. Het display toont de duur van het gekozenprogramma of de uitgestelde starttijd.Bij het drukken op deze toets, wordt het lopendeprogramma onderbroken; druk opnieuw op de toetsen het programma wordt vervolgd. Tijdens de pauzeknippert het lampje van de START/PAUZE toets.
PauzeStartE20FoutcodeAls u op deze toets drukt:lwordt het water van het programma “INWEKEN”“ ” weggepompt,Alwordt het water weggepompt bij de programma’smet de functie SPOELSTOP en wordt hetwasgoed gecentrifugeerd. 14 Indicatie van het programma-verloop Bij het kiezen van een programma geeft de indicatievan het programmaverloop aan, uit welkeonderdelen het programma bestaat.Na begin van het programma geeft de indicatie vanhet programmaverloop aan, met welk deel van hetprogramma de machine bezig is.Het einde van het programma wordt optischaangegeven: de deur kan geopend worden. Het controlelampje ALARM knippert om eenstoring in de functionering van de machine aan tegeven.
Tegelijkertijd knippert een van de volgendelampjes en een alarmcode om het type storing aante duiden: lE10 + SPOELSTOP = storing bij dewatertoevoer; lE20 + SPOELEN = storing bij de waterafvoer; lE40 + HOOFDWAS = deur open. Raadpleeg het hoofdstuk “Eenvoudige storingen”om het defect op te heffen.VoorwasHoofdwasSpoelenSpoelstopPompenCentrifug.AlarmEindeWegpompen van het water
14Het einde van het programmaWanneer het lampje van de deur uitgaat, kunt u dedeur openen. Op het display knippert het cijfer nul. Het lampje EINDE gaat branden. Dewasautomaat uitschakelen en het wasgoed eruithalen. De programmakiezer op stand “O” zetten. Het wijzigen van het programmaHet programma kan gewijzigd worden zolang u nogniet op de START/PAUZE toets gedrukt heeft. Alshet programma al gestart is, kunt u het alleenveranderen door eerst de machine in de PAUZE-stand te zetten. Draai vervolgens de programmakiezer op stand “0”,kies het nieuwe programma en druk opnieuw opSTART/PAUZE-toets. Het onderbreken van hetprogrammaDruk op de START/PAUZE toets; de indicaties ophet display knipperen tijdens de pauze. Het annuleren van het programmaDraai de programmakiezer op stand “O” voor hetannuleren van een ingesteld programma. Op het display knipperen drie streepjes.
U kunt nu een ander programma kiezen. Het openen van de deur tijdens eenlopend programmaDe wasautomaat dient eerst in PAUZE gezet teworden (druk op de START/PAUZE toets)U kunt de deur openen wanneer het lampje naast dehandgreep van de deur gedoofd is. Als u de deur niet kunt openen, betekent dit dat demachine met de opwarmfase bezig is of dat hetwaterniveau boven de onderrand van de deuruitkomt. Deze veiligheidsfunctie verhindert het uitstromen vangrote hoeveelheden water uit de machine. Informatie over de programma’sMet dit programma kunt u niet alleen wollen goedwassen dat geschikt is voor machinewas envoorzien is van het etiket “Zuiver scheerwol” maarook wol en alle andere textiel met het symbool“Handwas”. Ook heel fijne was hoeft u niet meer metde hand te wassen. Het inweekprogramma is een datapart programma u met de START/PAUZE toets inschakelt nadat u hetgeselecteerd heeft.
U kunt het water op 2 manieren afvoeren:lAlleen wegpompenDruk op de START/PAUZE toets. Het water wordtweggepompt. lWegpompen en centrifugerenZet de programmakiezer op stand “O”, kies hetprogramma “ ” CENTRIFUGEREN en eventueelFde centrifugeersnelheid en druk op deSTART/PAUZE toets. Pas op. lAls het water niet binnen 18 uur weggepomptwordt, voert de wasmachine het waterautomatisch af. lAan het einde van de inweektijd en na hetwegpompen kunt u een wasprogramma kiezen. Draai de programmakiezer op stand “O”, kies eennieuw programma en druk op de START/PAUZEtoets. Dit is een apart programma dat het spoelen encentrifugeren van handwas mogelijk maakt. De machine voert 3 spoelgangen uit en centrifugeerthet wasgoed op een snelheid van 1000 toeren/min. U kunt de centrifugeersnelheid bepalen met behulp van de toets “CENTRIFUGEREN”. B=SpoelenA=Inweken op 40°CWol.
NEDERLANDS15Met de hand gewassen textiel kan metwasverzachter behandeld worden.Het apparaat voert 1 spoelgang uit en centrifugeerthet wasgoed met de maximale snelheid. U kunt decentrifugeersnelheid verminderen met behulp van de toets “CENTRIFUGEREN” .U kunt het aparte afvoerprogramma gebruiken aanhet einde van een programma met spoelstop voorhet wegpompen van het laatste spoelwater. Draai eerst de programmakiezer op stand “O” enkies vervolgens het programma “D” (pompen). Drukop de START/PAUZE toets. Dit programma centrifugeert het wasgoed op demaximum snelheid. Afhankelijk van het type wasgoed kunt u een lagerecentrifugeersnelheid uitkiezen met behulp van detoets “Centrifugeren”.
Dit is een dat met de volgendevolledig programma functies gecombineerd kan worden:Vermindering centrifugeersnelheid, niet centrifugeren , SPOELSTOP en START UITSTEL .Dit programma kan gebruikt worden voor wasgoeddat niet erg vuil is of om textiel op te frissen. Maximum belading 2 kg. De wastemperatuur is 30°C.Het programma duurt 30 minuten. De centrifugeersnelheid is 650 toeren/min. Als u een reeds ingesteld programma wilt annuleren,draait u de programmakiezer op stand “O” en kiestvervolgens een ander programma.O=AnnulerenG=Snelwas op 30°CF=CentrifugerenD=PompenC=Wasverzachten
1630°C: alhoewel machine-wasbare wol als regelzondermeer op 40°C gewassen mag worden, zult uop het etiket, voorzichtigheidshalve, toch vaak 30°Ctegenkomen. Ook bij teer wasgoed, de fijne was, isdat vaak het geval. Wij adviseren u zich altijd aan de etiket-temperatuurte houden. Hoeveel wasgoed in de trommel. Wilt u optimale resultaten bereiken, dan adviserenwij u, naast het kiezen van het juiste programma,ook de maximaal toegestane belading van detrommel niet te overschrijden. Wasgoed droog wegen voor u het in de trommeldoet, is erg omslachtig, dus helpen wij u op eenandere manier op weg:lVolle belading (maar niet proppen) voor katoen enlinnen. lHalfvolle of iets meer dan halfvolle belading voorsterke synthetica en mengsels. Ook zogeheten“kreukherstellende stoffen” vallen ondersynthetica. lEenderde van de trommel voor fijne was enmachine-wasbare wol.
In onderstaande tabel geven wij u een indruk watwasgoed, bestaande uit katoen en linnen, ongeveerweegt. Voor synthetica, mengsels en fijne was is hetonmogelijk om gewichten op te geven, daar dezestoffen zeer verschillend van aard zijn. Voor machine-wasbare wol geven wij doorgaans eenmaximum van 1 kilogram op, maar feitelijk bedoelenwe dat u wol in “ruim sop” moet wassen. Tweepersoons laken 700 - 1000 g Kussensloop 125 - 200 g0 Tafellaken 350 - 500 g0 Servet 70 - 120 g0 Theedoek 75 - 100 g0 Badhanddoek 150 - 200 g0 Badlaken 700 - 1000 g Overhemd 200 - 300 g0 Schort 150 - 200 g0Adviezen en tips voor hetwassenWas niet te lang opsparenIn de eerste plaats adviseren wij u wasgoed niet al telang op te sparen, in ieder geval niet als het vochtigis want het gaat dan schimmelen en veroorzaakt eenmuffe geur. Men zegt ook wel dat «het weer er in gekomen is»;weervlekken krijgt u er niet meer uit.
Een streep onder de tobbe betekent dat u hetartikel met de krachtige katoenprogramma’sniet mag wassen. Was gekleurd goed, met name donker gekleurd,eerst een keer apart. De kans is groot dat hetafgeeft. Sterke kreukherstellende stoffen, zoalspolyester/katoen, vallen onder «synthetica». Tere stoffen, zoals acryl en meestal ook vitrages,vallen onder «fijne was». Het wolwasprogramma is een speciaal programmavoor «zuivere scheerwol». Bij alle andere wolsoortenen mengsels kan niet worden uitgesloten dat dezekrimpen en/of vervilten in de wasmachine. TemperaturenIn principe kiest u voor een bepaalde wasbeurt desoptemperatuur niet hoger dan het gevoeligste stukwasgoed nog kan verdragen. 95°C: voor witte- of kookecht-gekleurd katoen enlinnen, zoals beddegoed, tafellakens, theedoeken,handdoeken, zakdoeken en ondergoed. Gemakshalve wordt deze groep vaak “witte was”genoemd.
60°C: voor normaal vuile witte was, voorlichtgekleurde bontwas en voor witte- enlichtgekleurde synthetica. 40°C: vrijwel alle textielsoorten kunnen op 40°Cgewassen worden. U kiest deze temperatuur ten eerste als dit door hetwasetiket aangegeven wordt, bijvoorbeeld voordonkergekleurde textiel en fijne was. Daarnaast kiest u 40°C als het wasgoed zo weinigvuil is dat het met een lage temperatuur ook nogschoon wordt.
NEDERLANDS17Vóór u het wasgoed in de trommeldoetHerstel scheuren, gaten en halen voortijds. Naai loshangende knopen eerst aan of knip ze af. Sluit drukknopen en ritssluitingen. Was geen rafelig goed; herstel eerst de zomen. Haal de haken uit vitrage en doe de vitrage in eensloop of linnen zak. Verwijder voortijds achtergebleven kleinevoorwerpen uit borst- en broekzakken. Behandel voortijds vlekken die er in de wasautomaatmoeilijk of in het geheel niet uit zullen gaan:Was- en kaarsvet. Zoveel mogelijk met een bot mesvoorzichtig afschrapen. Tussen twee papierenzakdoekjes de overgebleven was met de warmestrijkbout er uit strijken. Niet te heet bij synthetischestoffen. Inkt en ballpoint: Deppen met spiritus. De kleur vande stof kan aangetast worden door zowel de inkt alsde spiritus. Weer- en schroeivlekken. Bleken met eenverdunde oplossing van bleekwater ofchloorbleekmiddel. Roest.
Verwijderen met citroenzuur of een speciaalbehandelingsmiddel. Eerst koud spoelen en daarnawassen. Geen wasmiddel met bleekmiddelgebruiken. Kauwgom. Wegwrijven met ijsblokjes. Restantverwijderen met nagellak-remover. Pas op metremover bij synthetische stoffen. Verf. Geef de vlek geen kans om op te drogen. Metwitte schone katoenen doek en een oplosmiddel(terpentine, wasbenzine of thinner) behandelen. Lippenstift. Deppen met spiritus. Met fijnwasmiddelnawassen. Nagellak. Verwijderen met nagellak-remover. Dit isniet mogelijk bij stoffen als acetaat, triacetaat enchloorvezel. Olie en teer. Met boter insmeren en laten intrekken. Daarna met terpentine deppen. Gras. Met spiritus vochtig maken en met eenzeepoplossing deppen. Als de kleur of de stof ertegen kan, nableken met bleekwater. Chocolade, thee, wijn, koffie en vruchtensap. Voorweken in warm water met een biologischvoorweekmiddel.
Verse vlekken met lauw water uitspoelen. Oude vlekken voorweken met een biologischvoorweekmiddel. Transpiratie- en deodorantvlekken. Verse vlekkenmet sodawater deppen. Oude vlekken met azijn ofspiritus deppen. Hars. Met een speciale vlekkenoplosser behandelen. Sterke stoffen, zoals katoen en linnen, metterpentine, wasbenzine of spiritus behandelen. Het gebruik van verdampende middelen, zoalsterpentine, wasbenzine, spiritus, thinner, aceton endergelijke is gevaarlijk; niet roken en geen open vuurgebruiken. Doe het karweitje buiten en laat het kledingstuk eerstuitdampen voor u het in de wasautomaat of dedroogautomaat doet. De fabrikant van uw was- of droogautomaat is nietaansprakelijk voor schade of letsel ontstaan door hetgebruik van gevaarlijke stoffen. Welke wasmiddelen gebruiken. Een gouden regel is: gebruik altijd machine-wasmiddelen, dus nooit handwasmiddel of zeep inde machine.
Een nauwelijks minder belangrijke regel is: probeergewoon uit welk wasmiddel u het beste bevalt. Houdt u aanvankelijk aan de doseringen die defabrikant van het wasmiddel op z'n verpakkingaangeeft en let daarbij op de waterhardheid (kunt uopvragen bij het waterleidingbedrijf). Het is demoeite waard om daarna uit te proberen of bijminder doseren uw wasgoed ook nog voldoendeschoon wordt. In ieder geval kunt u bij een kleinwasje aanzienlijk minder doseren. Er zijn totaal-wasmiddelen voor witte of bonte was,bleekvrije wasmiddelen voor bonte was, specialefijnwasmiddelen, machine-wolwasmiddelen enbiologische voorwas- of voorweekmiddelen. LET OPObjecten zoals flippo’s, munten,veiligheidsspelden, schroeven en andereharde materialen behoren niet in dewasautomaat; zij kunnen aanzienlijke schadeveroorzaken. Was bh’s met beugels niet in dewasautomaat.
18Eigenschap FranseschaalKalk slaat uit het water neer op zowel het wasgoed als op machinedelen Bekend is onder andere het. stug worden van wasgoed en het verkalken van hetverwarmingselement. Om dat te voorkomen doet de wasmiddelfabrikant een «kalkbindende» stof in het wasmiddel Voorheen. was dat fosfaat Tegenwoordig, om redenen van. milieutechnische aard, een fosfaatvervanger. Het wasmiddel bestaat echter uit vele ingrediënten. Gaat u meer doseren, dan doet u dat feitelijk slechts om mee kalkbindende stoffen aan het water toe tervoegen. Automatisch doseert u dan eigenlijk teveel van al dieandere actieve stoffen. U kunt dat verhelpen doorminder wasmiddel te doseren en het verschil op tevangen door een onthardingsmiddel, zoals Calgon,mee te doseren. Houdt u zich aan de aanwijzingenvan de fabrikant van het onthardingsmiddel.
Bereik1234zachtgemiddeldhardzeer hard0 00- 708-1415-21meer dan 210,0-15 16-25 26-37meer dan 37DuitseschaalWaterha dheir dTraditionele poede -wasmiddelenr Deze wasmiddelen doet u in de vakje voor des voorwas e voor de hoofdwas. n Vloeiba e wasmiddelenrGebruikt u een vloeibaar wasmiddel, dan mag u dat,mits u geen voorwas doet, direct in het vakje voor het hoof dwasmiddel gieten. Wel meteen daarnade machine starten. Vloeibare wasmiddelen zijn zeer geschikt voor lage wastemperaturen, dus 30°C en 40°C Voor hogere. temperaturen, 60°C tot 95°C, adviseren wij u eenpoedervormig wasmiddel te gebruiken. Geconcent ee de poede -wasmiddelenr r r(U TR s, MICRO s en dergelijke). L A’ ’Geconcentreerde wasmiddelen kunt u op dezelfdemanier als vloeibare wasmiddelen doseren. Uiteraard past u de hoeveelheid aan, omdat u vandeze wasmiddelen minder nodig hebt.
Uw nieuwe machine is van een sopcirculatie-systeem voorzien, waardoor het wasmiddeluitstekend en zonder verspilling verdeeld wordt. WasverzachterTijdens de laatste spoelgang doseert de machineautomatisch een hoeveelheid vloeibarewasverzachter.
U hoeft geen wasverzachter tegebruiken maar dit kan soms toch wenselijk zijn. Bijvoorbeeld als u katoen binnenshuis droogt: hetwasgoed voelt dan minder stug aan. Of als usynthetisch wasgoed in de machine droogt: hetwordt dan niet statisch (knetteren, kleven). Houdt u aan de aanwijzingen van de fabrikant vande wasverzachter, maar de hoeveelheidwasverzachter mag nooit hoger dan het filternet inhet doseervakje of de maximum aanduiding komen. Erg dikke vloeistof voortijds met wat waterverdunnen. Wate ontha derr rWater is «harder» naarmate er meer calcium enmagnesium in voorkomt. In Nederland wordt dehardheid aangegeven in «DH» (Duitse graden). Op deverpakking van het wasmiddel vindt u, in drie globalezones verdeeld, hoeveel wasmiddel u moet doseren. U ziet dat dat meer is naarmate de hardheid hoger is.
NEDERLANDS19Volgorde van handelenVoer een wasgang zonder wasgoed uit, opdatvetresten (die bij de fabricage zijn ontstaan) uit dewastrommel en de kuip worden verwijderd.Programma: bonte was 60°C, met een halvemaatbeker wasmiddel.1. Wasgoed in de machine doenOpen de vuldeur. Doe de stukken wasgoed één vooréén in de trommel. Haal opgevouwen wasgoed eerstuit elkaar. Sluit de vuldeur; druk hem goed in hetslot.2. Wasmiddel doserenTrek de wasmiddellade uit het bedieningspaneel tothij stuit.Meet de gewenste hoeveelheid wasmiddel in eenmaatbekertje af en giet het in het vakje voor hethoofdwasmiddel .Gaat u ook voorwassen, doe dan een biologisch voorwasmiddel in het vakje .3. Wasverzachter doserenGiet, indien gewenst, wasverzachter in het daarvoor bestemde vakje .Overschrijd het niveau MAX niet.C0026C0025P00044.
Machine inschakelen Toets AAN/UIT indrukken om de machine in teschakelen; het bedrijfscontrolelampje gaat branden.5. Het gewenste programma kiezenDraai de programmakiezer op het gewensteprogramma. De indicatie van het programmaverloopgeeft aan, uit welke onderdelen het programmabestaat. 6. Centrifugetoerental instellen Toets CENTRIFUGEREN indrukken tot het gewenste toerental of de functie ingesteld is; hetbetreffende controlelampje gaat branden. 1000850650450VoorwasHoofdwasSpoelenSpoelstopPompenCentrifug.AlarmEindeE40°E60°E40°O30°30°60°40°95°60°40°40°30°40°30°ABCDFG
207. Afhankelijk van het typewasgoed en de verontreiniginghiervan eventueel de functie VOORWAS , KORT ofINTENSIEF kiezenHet betreffende controlelampje gaat branden.8. Eventueel de functie SPOELSTOPen/of EXTRA SPOELEN kiezenHet betreffende controlelampje gaat branden. 9. De functie STARTUITSTEL kiezenVoordat u het programma start, als u de machineop een ander tijdstip wilt laten beginnen, drukt u opde “STARTUITSTEL” toets totdat u de gewenstestarttijd bereikt; op het display ziet u de ingesteldetijd 4 seconden lang. Na het inschakelen van de START/PAUZE-toetsbegint de machine af te tellen. 10.
Het programma starten Op de START/PAUZE-toets drukken om hetingestelde programma te starten; het betreffendelampje knippert niet meer en het controlelampje vande programmafase, die de machine op dat momentuitvoert, blijft ingeschakeld.Het controlelampje van de deur gaat branden omaan te geven dat de deurbeveiliging werkt. Hetprogramma start.11. Einde van het programmaDe machine stopt automatisch. Als u voor de functie SPOELSTOP gekozenheeft, dan knippert het lampje van deSTART/PAUZE-toets. U moet het water afpompenvoordat u de deur kunt openen. De machine is uitgerust met een veiligheids-voorziening die ervoor zorgt dat de deur pas 2 à 3minuten na het beëindigen van het programmageopend kan worden. Wanneer het betreffendecontrolelampje op de deur uitgegaan is, kunt u dezeopendoen. Het openen van de deur wordt ook optisch aangegeven (het lampje EINDE licht op).
Draai de programmakiezer op stand “O”. Op hetdisplay verschijnen drie knipperende streepjes. Schakel de machine uit door de AAN/UIT-toets inte drukken. Het bedrijfscontrolelampje gaat uit.Open de vuldeur en neem het wasgoed uit detrommel.Controleert u of de trommel helemaal leeg is, anderszou wasgoed bij de volgende wasbeurt kunnenbeschadigen (bijv. doorlopen) of op ander wasgoedkunnen afgeven.Laat de vuldeur enige tijd op een kier staan, zodatde machine kan drogen.
21TEXTIELBEHANDELINGSSYMBi404060609595GewoonprogrammaAnti-kreuk-programma De getallen in de tobben geven de hoogst toelaatbare temperaturen aan: deze niet overschrijden.Tot de gewone wasprogramma's behoren ook E-, spaar- en halve wasprogramma's.Anti-kreukprogramma's: voor artikelen die synthetische vezels bevatten en/of kreukherstellend zijn beladen met de helft van het maximale gewicht. Handwas lauw of koud. Wolwas in de machine: uitsluitend Superwash en alleen met door het internationaal Wol Secretari programma's. Belading:1/3tot 1/4van het maximale gewicht.Artikelen met P of F in de cirkel kunnen meestal niet worden met tetra of tri.ontvlekt De zijn vooral bestemd voor de chemisch reiniger. Zij geven het te gebruiken oplosmiddel aan.
licht vuile syntheticaoverhemden, blouses,ondergoedVoor alle fijne textiel,bijvoorbeeld gordijnenWol en bijzonder teerwasgoedFijne wasVOORWAS KORT SPOELSTOP EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN SPOELSTOP CENTRIFUGEREN Wol Witte was40°-60°-95°donker–groenWitgoed, bijvoorbeeldwerkkleding die normaalverontreinigd is, bedde-,tafel- en ondergoed,handdoekenVOORWAS KORT INTENSIEF SPOELSTOP EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN VOORWAS KORT INTENSIEF SPOELSTOP EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN VOORWAS KORT INTENSIEF SPOELSTOP EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN VOORWAS KORT INTENSIEF SPOELSTOP EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN ENERGIE BESPARENIn plaats van het programma witte was 95°C, bonte was 60° en synthetica 60°, kan bij licht tot normaal verontreinigd wasgoed stand E gekozen worden. De temperatuur wordt verlaagd tot 60° resp. 40°C en daardoor wordt energie bespaard. De wastijd blijft gelijk.
Het programma Bonte was 60°C is het referentie programma voor de gegevens op het verbruiksetiket, volgens EEGnorm 92/75. * De verbruikswaarden zijn indicatieve waarden en hangen af van het type en de hoeveelheid wasgoed, van de temperatuurvan het leidingwater en van de omgevingstemperatuur. Deze waarden hebben betrekking op de hoogste soptemperatuurwelke voor het programma voorzien is.
Onderhoud241. De buitenkantDe buitenkant van de machine kunt u, naar behoefte,reinigen met een vochtige doek en een neutraalhuishoudschoonmaakmiddel. Moderneschoonmaakmiddelen drogen doorgaans streeploosop.Nalappen met schoon water en daarna droogzemen.Belangrijk: Gebruik nooit spiritus, terpentine endergelijke oplosmiddelen.2. De wasmiddelladeWasmiddelen en wasverzachter koeken na verloopvan tijd aan.Maak de wasmiddellade af en toe schoon onder destromende kraan. U kunt daartoe de lade geheel uitde machine nemen door op de pal, links achterin, inte drukken.De bovenkant van het vakje voor de wasverzachterkunt u, ten behoeve van het schoonmaken,verwijderen.Ook in de behuizing van de wasmiddellade kan zichop den duur wasmiddel verzamelen.
Maak debinnenkant met een oude tandenborstel schoon.Plaats de lade terug in z'n behuizing en laat demachine, zonder wasgoed, een spoelgang doen.P0038C0027C00233. Het toevoerfilter Wanneer u merkt dat de machine langer over hetwateropnemen gaat doen, verdient het aanbevelingom het toevoerfilter te controleren op verstopping.Daartoe draait u eerst de kraan dicht en vervolgensdraait u de slangwartel van de kraan af.Trek nu het filter uit z’n behuizing.Reinig het met een borsteltje en plaats het weerterug.Draai de wartel weer stevig op de kraan.4. Het afvoerfilterHet afvoerfilter is bedoeld voor het opvangen vangrove pluis en rafels.
Raakt het filter verstopt, danzal onherroepelijk programmastoring optreden.Controleer regelmatig of het filter schoon is.Open het klepje.Plaats een schaaltje onder het filter en schroef hetfilter linksom los.Trek het filter uit het filterhuis.Reinig het filter onder de stromende kraan.P0040P0133P0132P0011P0041
NEDERLANDS255. Waterafvoer in noodgevallenAls de machine niet leegpompt (afvoerpompgeblokkeerd of afvoerleiding verstopt) moet u alsvolgt te werk gaan om het water uit de machine telozen:lhaal de stekker uit het stopcontactldraai de waterkraan dichtlwacht (indien nodig) totdat het zeepsopafgekoeld islplaats een bakje onder het filter om het water opte vangenldraai het filter voorzichtig los zodat het waterrustig uit de machine kan stromen.6. Voorzorgsmaatregelen bijvorstIndien de wasautomaat wordt blootgesteld aantemperaturen onder 0°C moeten enkelevoorzorgsmaatregelen worden getroffen. l Draai de waterkraan dicht en schroef detoevoerslang los. l Leg het uiteinde van de toe- en afvoerslang ineen bak. l Stel het programma “POMPEN” in en laat deD machine tot aan het einde draaien. l Draai de programmakiezer op “O” (ANNULEREN). l Schakel de machine uit.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Hansa WA 100A stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Wasmachine Hansa
Alle Hansa Wasmachine handleidingen