Grundfos MTBE 65-200 Handleiding

Grundfos Pomp MTBE 65-200

Bekijk gratis de handleiding van Grundfos MTBE 65-200 (98 pagina’s), behorend tot de categorie Pomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 13 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Grundfos MTBE 65-200 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/98
TPE, TPED Series 1000; NBE, NBGE, MTBE,
NKE, NKGE; TPE, TPED, NBE, NKE Series 2000
Installatie- en bedieningsinstructies
TPE, TPED Series 1000; NBE,
NBGE, MTBE, NKE, NKGE; TPE,
TPED, NBE, NKE Series 2000
Installation and operating instructions
http://net.grundfos.com/qr/i/98476024
GRUNDFOS INSTRUCTIONS

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Grundfos
Categorie: Pomp
Model: MTBE 65-200

Handleiding Grundfos MTBE 65-200 – volledige tekst

Het product afvoeren. 14021. Symbolen die in dit documentgebruikt wordenGEVAARGeeft een gevaarlijke situatie aan die,als deze niet wordt vermeden, zalresulteren in de dood of in ernstigpersoonlijk letsel. ‐WAARSCHUWINGGeeft een gevaarlijke situatie aan die,als deze niet wordt vermeden, zoukunnen resulteren in de dood of inernstig persoonlijk letsel. ‐VOORZICHTIGGeeft een gevaarlijke situatie aan die,als deze niet wordt vermeden, zoukunnen resulteren in licht ofmiddelzwaar persoonlijk letsel. ‐Tips en advies om het werk gemakkelijkerte maken. Als deze instructies niet in acht wordengenomen, kan dit resulteren in technischefouten en schade aan de installatie. Een blauwe of grijze cirkel met een witgrafisch symbool geeft aan dat een actiemoet worden uitgevoerd.

Een rode of grijze cirkel met een diagonalebalk, mogelijk met een zwart grafischsymbool, geeft aan dat een actie niet moetworden uitgevoerd of moet wordengestopt. 1315Nederlands (NL).

Algemene beschrijvingDe pompen zijn voorzien van frequentiegeregeldemotoren met permanente magneet voor eenfase ofdriefasen aansluiting op de netvoeding.4.1 Draadloze communicatieDit product bevat een draadloze module van klasse 1voor bediening op afstand en kan overal in de EU-lidstaten zonder beperkingen worden gebruikt.Voor gebruik in de VS en Canada, zie paragraafInstallatie in de VS en Canada.Sommige uitvoeringen van dit product en productendie verkocht worden in China en Korea hebben geenradiomodule.Dit product kan communiceren met de Grundfos GOen andere producten van hetzelfde type via deingebouwde draadloze module.In sommige gevallen kan een externe antenne nodigzijn. Alleen een door Grundfos goedgekeurde externeantenne mag op dit product worden aangesloten, enalleen door een installateur die daarvoor doorGrundfos is geautoriseerd.Gerelateerde informatieA.1.

Installation in the USA and Canada4.2BatterijPompen die zijn uitgerust met de geavanceerdefunctionele module, FM 300, bevatten een Li-ionbatterij. De Li-ionbatterij voldoet aan debatterijrichtlijn (2006/66/EC). De batterij bevat geenkwik, lood en cadmium.GEVAARBedwelming of risico op chemischebrandwondenDood of ernstig persoonlijk letsel‐ De batterij kan binnen 2 uur of minderzwaar of dodelijk letsel veroorzaken alsdeze wordt ingeslikt of in een anderdeel van het lichaam wordt geplaatst.Roep in dat geval onmiddellijkmedische hulp in.• De vervanging of het onderhoud vanbatterijen moet worden uitgevoerd dooreen gekwalificeerd persoon.• De batterij in dit product, of deze nunieuw of gebruikt is, is gevaarlijk enmoet buiten het bereik van kinderenworden gehouden.1317Nederlands (NL)

5. Het product ontvangen5. 1 Het product transporterenWAARSCHUWINGVallende voorwerpenDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Zet het product goed vast tijdens hettransport om te voorkomen dat hetkantelt of omvalt. VOORZICHTIGVerplettering van de voetenLicht of middelzwaar persoonlijk letsel‐ Draag veiligheidsschoenen bij hetverplaatsen van het product. 5. 2 Het product inspecterenDoe het volgende voordat u het product installeert:1. Controleer of het product overeenkomt met debestelling. 2. Controleer of er geen zichtbare onderdelenbeschadigd zijn. Als onderdelen beschadigd zijn of ontbreken, neemt ucontact op met uw lokale Grundfos vestiging. 6. Mechanische installatie6. 1 Het product hanterenNeem de lokale regelgeving in acht met betrekking totbeperkingen voor handmatig optillen of hanteren. Hetgewicht van de motor staat vermeld op hettypeplaatje.

VOORZICHTIGRugletselLicht of middelzwaar persoonlijk letsel‐ Gebruik hijsapparatuur. VOORZICHTIGVerplettering van de voetenLicht of middelzwaar persoonlijk letsel‐ Draag veiligheidsschoenen en bevestighijsapparatuur aan de hijsogen van demotor bij het hanteren van het product. Hijs het product niet op aan deklemmenkast. 6. 2 Het product monterenVOORZICHTIGVerplettering van de voetenLicht of middelzwaar persoonlijk letsel‐ Monteer het product op een solideondergrond met bouten door de gatenin de flens of de voetplaat. Om het UL-keurmerk te behouden, volgt ude aanvullende procedures voor deapparatuur. Zie pagina Installatie in de VSen Canada. Monteer de pomp op een solide ondergrond metbouten door de gaten in de flens of de voetplaat. Gerelateerde informatieA. 1. Installation in the USA and Canada6.

3 KabeldoorvoerenZie de grootte van de kabeldoorvoeren in paragraafOverige technische gegevens. Gerelateerde informatie29. Overige technische gegevens6. 4 MotorkoelingLaat ten minste 50 mm vrije ruimte tussen het eindevan het ventilatordeksel en een muur of ander vastvoorwerp.

6. 5 BuitenopstellingAls u de motor buiten opstelt, rust u de motor uit meteen beschermkap en opent u de aftapopeningen tervoorkoming van condensatie op de elektronischecomponenten. Houd u bij het aanbrengen van eenafdekkap op de motor aan de richtlijnen inde paragraaf Motorkoeling waarborgen. De beschermkap moet voldoende groot zijn om demotor niet direct bloot te stellen aan direct zonlicht,regen of sneeuw. Grundfos levert geenbeschermkappen. We adviseren daarom dat u eenbeschermkap laat maken voor de specifieketoepassing. In gebieden met hoge luchtvochtigheidadviseren we u om de motor permanent op denetvoeding aan te sluiten en de ingebouwdestilstandverwarmingsfunctie in te schakelen. Zieparagraaf "Stilstandsverwarming". TM053496Voorbeelden van beschermkappen, niet geleverddoor GrundfosOm het UL-keurmerk te behouden, volgt ude aanvullende procedures voor deapparatuur.

Zie pagina Installatie in de VSen Canada. Gerelateerde informatieA. 1. Installation in the USA and Canada6. 4 Motorkoeling6. 6 Aftapopeningen13. 20 "Stilstandsverwarming"6. 6AftapopeningenWanneer de motor staat opgesteld in een vochtigeomgeving of in een gebied met hoge vochtigheid,dient de onderste aftapopening open te zijn. Debeschermingsklasse van de motor zal dan lager zijn. Dit helpt om condensatie in de motor te voorkomenomdat hierdoor de motor zichzelf ventileert en wateren vochtige lucht kunnen ontsnappen. De motor heeft een aftapopening met plug aan deaandrijfzijde. U kunt de flens 90° naar beide zijden of180° draaien. B3 B14 B5TM029037Aftapopeningen7. Elektrische installatieGEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Schakel de voedingsspanning naar demotor en de signaalrelais uit.

GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Controleer of de voedingsspanning en-frequentie overeenkomen met dewaarden die op het typeplaatjevermeld staan. ‐ Als de voedingskabel beschadigd is,dient deze door de fabrikant, haarservicepartner of door anderegekwalificeerde persoon vervangen teworden. De gebruiker of de installateur is verantwoordelijkvoor het installeren van een correcte aarding enbescherming in overeenstemming met de lokalerichtlijnen. Alle handelingen moeten wordenuitgevoerd door een bevoegd elektricien. Voer de elektrische aansluiting uit inovereenstemming met de lokale voorschriften. Controleer of de voedingspanning en -frequentieovereenkomen met de waarden die op het typeplaatjevermeld staan. 1319Nederlands (NL).

7. 1 Bescherming tegen elektrische schok,indirect contactWAARSCHUWINGElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Verbind de motor met een aardleidingen bescherm deze tegen indirectcontact in overeenstemming met delokale regelgeving. Aarddraden dienen altijd een geel en groene, PE, ofgeel, groen en blauwe, PEN, kleur te hebben. 7. 1. 1 OverspanningsbeveiligingDe motor is beveiligd tegen netspanningspieken inovereenstemming met EN 61800-3. 7. 1. 2 MotorbeveiligingDe motor heeft geen externe motorbeveiliging nodig. De motor beschikt over thermische beveiliging tegenlangzame overbelasting en blokkering. 7. 2 Kabelvereisten7. 2. 1 Dwarsdoorsnede kabelGEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Houd u altijd aan de lokalevoorschriften met betrekking tot dedwarsdoorsneden van kabels.

1Eénfase voedingsspanning• 1 x 200-240 V - 10%/+ 10%, 50/60 Hz, PE. Controleer of de voedingsspanning en -frequentieovereenkomen met de waarden die op het typeplaatjevermeld staan. Als u de motor via een IT-netwerk vanvoeding wilt voorzien, moet u ervoorzorgen dat u over een geschiktemotoruitvoering beschikt.

Uitzondering hierop isde afzonderlijke beschermende aarddraad, die zolang dient te zijn dat deze als laatste de verbindingverbreekt als de kabel onopzettelijk uit dekabeldoorvoer wordt getrokken.Om losse verbindingen te vermijden dient u ervoor tezorgen dat het klemmenblok voor L1, L2 en L3 indiens connector wordt gedrukt wanneer devoedingskabel is aangesloten.Voor maximale reservezekering, zie paragraafVoedingsspanning.Als u de motor via een IT-netwerk vanvoeding wilt voorzien, moet u ervoorzorgen dat u over een geschiktemotoruitvoering beschikt.

Neem bij twijfelcontact op met Grundfos.Alleen de volgende motoren kunnen via een IT-netwerk van voeding worden voorzien:• Motoren met toerental van 1450-2000 / 2200 tpmen tot 1,5 kW• Motoren met toerental van 2900-4000 tpm of4000-5900 tpm en tot 2,2 kW.Aarden aan een driehoek is niettoegestaan voor voedingsspanningen vanmeer dan 3 x 240 V en 3 x 480 V, 50/60Hz.L1L2L3L2L1L3PE1TM053942Voorbeeld van een motor op netvoeding metnetschakelaar, reservezekeringen en aanvullendebeveiligingPos. Beschrijving1 RCD, type BPEL2L1L3TM053495Netaansluiting, driefasen motorenGerelateerde informatie27.1 Voedingsspanning1321Nederlands (NL)

7. 4 Aanvullende beschermingGEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Gebruik alleen aardlekschakelaars(ELCB, GFCI, RCD) van het type B. De aardlekschakelaar moet gemarkeerd zijn met hetvolgende symbool:Er moet rekening gehouden worden met de totalelekstroom van alle elektrische apparatuur in deinstallatie. U kunt de lekstroom van de motor vindenin paragrafen Lekstroom en Lekstroom, AC. Dit product kan een directe stroom in de aarddraadveroorzaken. Over- en onderspanningsbeveiligingOver- en onderspanning kunnen optreden bij eeninstabiele (net)voedingsspanning of een onjuisteinstallatie. De motor wordt uitgeschakeld als despanning buiten het toelaatbare spanningsbereik valt. De motor wordt automatisch opnieuw ingeschakeldwanneer de spanning wederom binnen hettoelaatbare spanningsbereik ligt. Daarom is er geenextra beveiligingsrelais nodig.

De motor is beveiligd tegen pieken in devoedingsspanning conform EN 61800-3. Ingebieden met grote kans op onweeradviseren we om een extrabliksembeveiliging aan te brengen. Beveiliging tegen overbelastingAls de bovenste belastingslimiet is overschreden,compenseert de motor hier automatisch voor door hettoerental te verlagen. Bovendien wordt de motoruitgeschakeld als de overbelasting voortduurt. De motor blijft gedurende een vooraf ingesteldeperiode uitgeschakeld. Hierna zal de motorautomatisch proberen om in te schakelen. Debeveiliging tegen overbelasting voorkomt schade aande motor. Daarom is er geen extra motorbeveiligingnodig. Beveiliging tegen te hoge temperatuurDe elektronische unit heeft een ingebouwdetemperatuursensor als extra beveiliging.

Wanneer detemperatuur boven een bepaalde waarde stijgt, danzal de motor hier automatisch voor compenserendoor het toerental te verlagen, en zal de motoruitschakelen als de temperatuur blijft stijgen. Demotor blijft gedurende een vooraf ingestelde periodeuitgeschakeld. Hierna zal de motor automatischproberen om in te schakelen.

Beveiliging tegen fase-onbalansDriefasen motoren moeten worden aangesloten opeen voedingsspanning met een kwaliteit conform IEC60146-1-1, klasse C, om correct motorbedrijf bij fase-onbalans te garanderen. Dit garandeert ook eenlange levensduur van de componenten. Gerelateerde informatie26. 2 Lekstroom27. 2 Lekstroom, AC7. 5 AansluitklemmenDe beschrijvingen van de klemmen in deze paragraafgelden voor zowel eenfase als driefasen motoren. Voor maximale aandraaimomenten, zie paragraafAandraaimomenten. Gerelateerde informatie29. 1 Aanhaalmomenten7. 5.

1 Aansluitklemmen, geavanceerde functionelemodule, FM 300De geavanceerde module heeft de volgendeaansluitingen:• drie analoge ingangen• één analoge uitgang• twee geavanceerde digitale ingangen• twee configureerbare digitale ingangen of open-collector uitgangen• Ingang en uitgang voor Grundfos Digital SensorNiet van toepassing voor TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE en NKGE-pompen. De fabrieksafaangebrachte drukverschilsensor voor TPE,TPED, NBE, NKE-serie 2000 is op deze ingangaangesloten. • twee Pt100/1000 ingangen• twee LiqTec sensoringangen• twee signaalrelaisuitgangen• GENIbus verbinding. Digitale ingang 1 is af fabriek ingesteld alsstart/stop-ingang waarbij een openkringloop uitschakeling (stop) tot gevolgheeft. Af fabriek is een doorverbindingaangebracht tussen klemmen 2 en 6.

Verwijder de doorverbinding als digitaleingang 1 moet worden gebruikt als externestart/stop of een andere externe functie. GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Zorg ervoor dat de aders van deonderstaande groepen aansluitingenover hun gehele lengte door middelvan dubbele isolatie van elkaar wordengescheiden. 1322Nederlands (NL).

• Ingangen en uitgangenAlle ingangen en uitgangen zijn intern gescheidenvan de delen die de netspanning geleiden d.m.v.dubbele isolatie, en elektrisch gescheiden vanoverige circuits.Alle regelklemmen worden gevoed door eenveilige lage spannning (PELV), waardoor erbescherming tegen elektrische schokken is.• Signaalrelaisuitgangen- Signaalrelais 1:LIVE: U kunt voedingsspanningen tot 250 VACaansluiten.PELV: De uitgang is elektrisch gescheiden vande overige circuits. Daardoor kunt u devoedingsspanning of de extra lageveiligheidsspanning naar wens op de uitgangaansluiten.- Signaalrelais 2:PELV: De uitgang is elektrisch gescheiden vande overige circuits.

TM021325Gestripte kabel met afscherming endraadaansluiting• De schroeven voor het bevestigen van deafscherming op de behuizing dienen altijd teworden vastgedraaid ongeacht of er wel of geenkabel aangesloten is.• De aansluitdraden in de klemmenkast van demotor moeten zo kort mogelijk zijn.7.7 Busverbindingskabel7.7.1 Nieuwe installatiesGebruik voor de busverbinding een afgeschermde 3-aderige kabel met een aderdoorsnede van min. 0,5mm2 en max. 1,5 mm2.Als de motor is aangesloten op een unit met eenkabelklem die identiek is aan degene die op de motoris gebruikt, sluit dan de afscherming aan op dezekabelklem.Als de eenheid geen kabelklem heeft, sluit dan hetuiteinde van de afscherming niet aan.AYBAYB123123MTM078986Aansluiting met een 3-aderige afgeschermde kabelPos.

BeschrijvingM Motor7.7.2 Een motor vervangen• Als u een afgeschermde 2-aderige kabel hebtgebruikt in de bestaande installatie sluit u dekabel aan zoals hieronder wordt weergegeven.AYBAYB1212MTM078987Aansluiting met een 2-aderige afgeschermde kabelPos. BeschrijvingM Motor• Als u een afgeschermde 3-aderige kabel hebtgebruikt in de bestaande installatie volgt u deinstructies in de sectie Nieuwe installatie.Gerelateerde informatie7.7.1 Nieuwe installaties1325Nederlands (NL)

8. Bedrijfscondities8. 1 Maximaal aantal in- en uitschakelingenHet aantal in- en uitschakelingen via de voeding magniet meer dan vier per uur bedragen. Wanneer de pomp via de voeding wordtingeschakeld, zal deze na ca. 5 seconden starten. Als een hoger aantal in- en uitschakelingen gewenstis, gebruikt u de externe start/stop-ingang bij het in-/uitschakelen van de pomp. Wanneer de pomp via een externe aan/uit-schakelaarwordt ingeschakeld, zal deze meteen starten. 8. 2 Afwisselend bedrijf van dubbelpompenBij dubbelpompen dienen de bedrijfs- enreservepomp regelmatig te worden afgewisseld,bijvoorbeeld eenmaal per week, voor een gelijkmatigeverdeling van het aantal bedrijfsuren over beidepompen. De pompen wisselen automatisch. Zieparagraaf "Multipomp instelling" (Setup of multi-pumpsystem).

Als de motor moet werken bij eenomgevingstemperatuur tussen 50 en 60°C, moet eengrotere motor worden gekozen. Neem contact op metGrundfos voor meer informatie. 8. 4InstallatiehoogteDe installatiehoogte is de hoogte boven zeeniveauvan de plek waar de opstelling staat. Motoren die tot 1000 meter boven zeeniveauopgesteld staan, kunnen 100% belast worden.

0200220230210250500 1500 2500 3500B240ATM069867Voedingsspanning voor eenfasen motor in relatietot hoogtePos. BeschrijvingA Voedingsspanning [V]B Hoogte [m]8.5 LuchtvochtigheidMaximale luchtvochtigheid: 95%.Als de luchtvochtigheid voortdurend hoog is en boven85% ligt, dienen de aftaptules in de flens aan deaandrijfzijde open te zijn. Zie paragraaf Afvoergaten.Gerelateerde informatie6.6 Aftapopeningen8.6 MotorkoelingNeem het volgende in acht om een goede koelingvan de motor en de elektronica te garanderen:• Installeer de motor op een zodanige wijze datvoldoende koeling wordt gegarandeerd. Zieparagraaf Zorgen voor motorkoeling.• De temperatuur van de koellucht mag niet hogerzijn dan 50°C.• Houd de koelribben en de ventilatorbladenschoon.Gerelateerde informatie6.4 Motorkoeling9.

GebruikersinterfacesWAARSCHUWINGHeet oppervlakDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Raak alleen de knoppen op het displayaan, aangezien het product erg heetkan worden.WAARSCHUWINGElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Als het bedieningspaneel gebarsten ofdoorboord is, vervangt u hetonmiddellijk. Neem contact op met dedichtstbijzijnde verkoopvestiging vanGrundfos.U kunt de pompinstellingen uitvoeren door middel vande volgende gebruikersinterfaces:Bedieningspanelen• Standaard bedieningspaneel. Zie paragraafStandaard bedieningspaneel.• Geavanceerd bedieningspaneel. Zie paragraafGeavanceerd bedieningspaneel.Afstandbedieningen• Grundfos GO. Zie paragraaf Grundfos GO.Als de voedingsspanning naar de pomp wordtuitgeschakeld, worden de instellingen opgeslagen.1327Nederlands (NL)

Pos. Symbool Beschrijving1Grundfos EyeToont de bedrijfsstatus van depomp.Zie paragraaf Grundfos Eyevoor meer informatie.2 -Lichtbalken voor weergave vanhet setpoint.3Omhoog en omlaag. Wijzigt hetsetpoint.4Maakt radiocommunicatie metGrundfos GO en andereproducten van hetzelfde typemogelijk.Wanneer u probeertradiocommunicatie tot stand tebrengen tussen de pomp enGrundfos GO of een anderepomp, knippert het groenelampje in het Grundfos Eyevoortdurend. Druk op op hetbedieningspaneel van de pompom draadloze communicatiemet Grundfos GO en andereproducten van hetzelfde typemogelijk te maken.5Maakt de pomp bedrijfsklaar enschakelt de pomp in en uit.StartAls u op de toets druktwanneer de pomp isuitgeschakeld, schakelt depomp alleen in als geenfuncties met een hogereprioriteit zijn geactiveerd.

Zieparagraaf Prioriteit vaninstellingen.StopAls u op de toets druktwanneer de pomp draait, wordtde pomp altijd uitgeschakeld.De tekst "Stop" licht op naastde toets.Gerelateerde informatie16. Prioriteit van instellingen17. Grundfos Eye10.1Setpoint instellenStel het gewenste setpoint van de pomp in door op of te drukken. De lichtbalken op hetbedieningspaneel geven het ingestelde setpoint aan.10.1.1Pomp in regelmodus voor drukverschilHet volgende voorbeeld geldt voor een pomp in eentoepassing waarbij een druksensor eenterugkoppeling naar de pomp geeft. Als u een nieuwesensor op de pomp aanbrengt, moet deze handmatigworden ingesteld aangezien de pomp nietautomatisch een aangesloten sensor registreert.De onderstaande afbeelding laat zien dat delichtvelden 5 en 6 geactiveerd zijn, wat een gewenstsetpoint van 3 m aangeeft met een meetbereik vande sensor van 0 tot 6 m.

Als de onderste lichtbalk brandt,druk dan 3 seconden lang op totdat de lichtbalkbegint te knipperen. • Om terug te gaan, drukt u continu op totdat hetgewenste setpoint wordt aangegeven. VoorbeeldPomp ingesteld op minimale curve. De onderstaande afbeelding laat zien dat hetonderste lichtveld knippert, wat een minimale curveaangeeft. HQTM054897Minimale curve bedrijf10. 1. 3 Pomp in-/uitschakelenAls u de pomp hebt uitgeschakeld door op te drukken en de tekst "Stop" op hetbedieningspaneel brandt, kunt u dezealleen vrijgeven door op te drukken. Als u de pomp hebt uitgeschakeld door op te drukken, kunt u deze opnieuwinschakelen door op te drukken of doorGrundfos GO te gebruiken. Start de pomp door op te drukken of door continuop te drukken totdat de gewenste waarde wordtaangegeven. Schakel de pomp uit door op te drukken.

Wanneerde pomp wordt uitgeschakeld, licht de tekst "Stop"naast de toets op. U kunt de pomp ook uitschakelendoor continu te drukken tot geen enkele lichtbalkmeer brandt. U kunt de pomp ook uitschakelen met de GrundfosGO of via een digitale ingang die is ingesteld opExterne stop. Zie paragraaf Prioriteit vaninstellingen.

• Via de digitale ingang als deze is ingesteld opAlarm resetten.• Druk kort op of op de pomp. Hierdoor wordtde instelling van de pomp niet gewijzigd. U kunteen storingsmelding niet resetten door op of te drukken als de toetsen zijn vergrendeld.• Schakel de voedingsspanning uit tot designaallampjes uit zijn.• Schakel de externe start/stop-ingang uit en weerin.• Met Grundfos GO.1331Nederlands (NL)

11. Geavanceerd bedieningspaneelPompuitvoeringStandaardgemonteerdOptieTPE, TPED - ●NBE, NBGE, NKE,NKGE & TPE, TPED,NBE, NKE Serie 2000● -123456TM054849Geavanceerd bedieningspaneelPos. Symbool Beschrijving1Grundfos EyeToont de bedrijfsstatus van depomp.Voor meer informatie, zieparagraaf Grundfos Eye.2 - Grafisch kleurendisplay.3 Gaat één stap terug.4Navigeert tussen hoofdmenu's,displays en cijfers.Wanneer u het menu wijzigt,toont het display altijd hetbovenste display van het nieuwemenu.Navigeert tussen submenu's.Wijzigt instellingen voor waarden.Opmerking: Als u demogelijkheid hebt uitgeschakeldom instellingen uit te voeren metde functie Instellingen in-/uitschakelen , kunt u dezemogelijkheid tijdelijk weerinschakelen door deze toetsentegelijkertijd gedurende tenminste 5 seconden ingedrukt tehouden.

Zie paragraaf Toetsenvan het product (Instellingen in- /uitschakelen).4Slaat gewijzigde waarden op,reset storingen en vergroot hetbetreffende veld.Maakt radiocommunicatie metGrundfos GO en andereproducten van hetzelfde typemogelijk.Wanneer u probeertradiocommunicatie tot stand tebrengen tussen de pomp enGrundfos GO of een anderepomp, knippert het groene lampjein het Grundfos Eye. Tevenswordt een melding weergegevenin het pompdisplay om aan tegeven dat een draadloosapparaat verbinding met depomp wil maken. Druk op ophet bedieningspaneel van depomp om draadlozecommunicatie met Grundfos GOen andere producten vanhetzelfde type mogelijk te maken.1332Nederlands (NL)

Pos. Symbool Beschrijving5Maakt de pomp bedrijfsklaar enschakelt de pomp in en uit.Inschakelen:Als u op de toets drukt wanneerde pomp is uitgeschakeld,schakelt de pomp alleen in alsgeen functies met een hogereprioriteit zijn geactiveerd. Zieparagraaf Prioriteit vaninstellingen.Stop:Als u op de toets drukt wanneerde pomp draait, wordt de pompaltijd uitgeschakeld. Als u depomp uitschakelt via deze toets,verschijnt het pictogram onderin het display.6 Gaat naar het menu Home.Gerelateerde informatie13.28 "Toetsen op product" (Instellingen in-/uitschakelen)16. Prioriteit van instellingen17. Grundfos Eye1333Nederlands (NL)

11. 1 Home displaySetpoint5. 00 barOperating modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings AssistHome1 2 3 456789TM064516Voorbeeld van display HomePos. Symbool Beschrijving1Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 356789HomeDit menu toont maximaal vierdoor de gebruiker gedefinieerdeparameters. U kunt parametersselecteren die getoond wordenals snelkoppeling icoon , endoor op te drukken gaat udirect naar het "Instellingen"display voor de geselecteerdeparameter. 2 -StatusDit menu toont de status van depomp en het systeem, en ookwaarschuwingen enalarmmeldingen. 3 -InstellingenDit menu geeft toegang tot alleinstellingsparameters. U kuntgedetailleerde instellingen voorde pomp uitvoeren in dit menu. Zie paragraaf Beschrijving vanfuncties.

12. Grundfos GODe pomp is ontworpen voor draadloze ofinfraroodcommunicatie met Grundfos GO. Grundfos GO maakt instelling van functies mogelijken geeft toegang tot statusoverzichten, technischeproductinformatie en actuele bedrijfsparameters. Grundfos GO biedt de volgende mobiele interfaces(MI). +1TM066256Grundfos GO communiceert draadloos of viainfraroodverbinding (IR) met de pompPos. Beschrijving1Grundfos MI 204:Uitbreidingsmodule maakt radio- ofinfraroodcommunicatie mogelijk. U kunt deMI 204 gebruiken in combinatie met eenApple iPhone of iPod met Lightning-aansluiting, bijv. een iPhone of iPod van devijfde generatie of later. De MI 204 is tevens beschikbaar samen meteen Apple iPod touch en een afdekklep. 2Grundfos MI 301:Afzonderlijke module maakt draadloze ofinfraroodcommunicatie mogelijk.

U kunt demodule gebruiken samen met een opAndroid of iOS gebaseerd smart-apparaatmet Bluetooth-verbinding. 12. 1 CommunicatieWanneer Grundfos GO met de pomp communiceert,knippert het signaallampje in het midden van hetGrundfos Eye groen. Zie paragraaf Grundfos Eye. Bovendien wordt op pompen die zijn uitgerust meteen geavanceerd bedieningspaneel een tekstweergegeven in het display om aan te geven dat eendraadloos apparaat probeert verbinding te maken. Druk op op de pomp om verbinding met GrundfosGO tot stand te brengen of druk op Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 356789 om deverbinding te weigeren. Breng op één van de volgende manierencommunicatie tot stand:• draadloze communicatie• infraroodcommunicatie. Gerelateerde informatie17. Grundfos Eye12. 1.

13. Beschrijving van functies13. 1 Gewenste waardePompuitvoering Gewenste waardeTPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●U kunt het setpoint voor alle regelmodi in dit submenuinstellen wanneer u de gewenste regelmodus hebtgeselecteerd. Zie paragraaf Regelmodus. FabrieksinstellingZie paragraaf Fabrieksinstelling. Gerelateerde informatie13. 5 "Besturingsmodus"30. Fabrieksinstellingen13. 2 BedrijfswijzePompuitvoering BedrijfswijzeTPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Mogelijke bedrijfsmodi:• Normaal De pomp werkt volgens degeselecteerde regelmodus. • Stop De pomp wordt uitgeschakeld. • Min. Gebruik de minimale pompcurve in periodenwaarbij een minimaal debiet nodig is. • Max. Gebruik de maximale pompcurve inperioden waarbij een maximaal debiet nodig is. Deze bedrijfsmodus is bijvoorbeeld geschikt voorsystemen met prioriteit voor warm water.

• Handmatig De pomp werkt met een handmatigingesteld toerental. In Handmatig wordt hetsetpoint via bus genegeerd. Zie paragraafHandmatig toerental instellen. • "Door gebruiker gedefinieerd toerental" De motorwerkt met een door de gebruiker ingesteldtoerental. Zie paragraaf Door gebruiker ingesteldtoerental instellen. Alle bedrijfsmodi worden geïllustreerd in deonderstaande afbeelding. QHMax. 312Min. StopTM064024BedrijfsmodiPos. Beschrijving1 Normaal2 Normaal3 HandmatigGerelateerde informatie13. 3 Instellen handmatige snelheid13. 4 "Door gebruiker gedefinieerd toerentalinstellen"13. 3 Instellen handmatige snelheidPompuitvoeringInstellen handmatigesnelheidTPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Dit menu is alleen beschikbaar op het geavanceerdebedieningspaneel. Met Grundfos GO stelt u hettoerental in via het menu Gewenste waarde.

13. 4 "Door gebruiker gedefinieerd toerentalinstellen"U kunt het toerental van de motor instellen in % vanhet maximale toerental. Wanneer u de bedrijfsmodusop "Door gebruiker gedefinieerd toerental" hebtingesteld, gaat de motor met het ingestelde toerentaldraaien. 13. 5 "Besturingsmodus"Pompuitvoering "Besturingsmodus"TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Mogelijke regelmodi:• Prop. druk (proportionele druk)• Constante druk (constante druk)• Const. temp. (constante temperatuur)• Const. vrsch. drk (constant drukverschil)• Const. vsch. tmp. (constant temperatuurverschil)• Const. debiet (constant debiet)• Const. niveau (constant niveau)• Const. andr. wrd (constante andere waarde)• Constante curve (constante curve)De bedrijfsmodus moet worden ingesteldop Normaal voordat een regelmodus kanworden geactiveerd. FabrieksinstellingZie paragraaf Fabrieksinstellingen.

Gerelateerde informatie30. Fabrieksinstellingen13. 5. 1"Proportionele druk"Pompuitvoering "Proportionele druk"TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE-TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●De opvoerhoogte van de pomp wordt verlaagd bijafnemende waterbehoefte en verhoogd bij eentoenemende waterbehoefte. Deze regelmodus is met name geschikt voorsystemen met relatief grote drukverliezen in dedistributieleidingen. De opvoerhoogte van de pompneemt proportioneel met het debiet in het systeemtoe ter compensatie voor de grote drukverliezen in dedistributieleidingen. Het setpoint kan worden ingesteld met eennauwkeurigheid van 0,1 meter. De opvoerhoogtetegen een gesloten klep bedraagt de helft van hetsetpoint. Voor meer informatie over instellingen, zie paragraaf"Proportionele druk". HQHsetHset2TM057909"Proportionele druk"Voorbeeld• Af fabriek aangebrachte drukverschilsensor.

13.5.2 "Constante druk"Pompuitvoering "Constante druk"TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Wij adviseren deze regelmodus als de pomp eenconstante druk moet leveren, onafhankelijk van hetdebiet in het systeem. De pomp handhaaft eenconstante druk, onafhankelijk van het debiet.HQTM057901"Constante druk"Deze regelmodus vereist een externedrukverschilsensor zoals weergegeven in deonderstaande voorbeelden. U kunt de druksensorinstellen in het menu Assist. Zie paragraaf"Geassisteerde pompinstelling".Voorbeelden• Eén externe druksensor.pTM057881pTM057882"Constante druk"Instellingen regelaarVoor aanbevolen instellingen voor de regelaar, zieparagraaf "Regelaar" ("Instellingen regelaar").Gerelateerde informatie13.14 "Regelaar" ("Instellingen regelaar")13.41 Ondersteund pomp instellen1347Nederlands (NL)

13.5.3 "Constante temperatuur"Pompuitvoering"Constantetemperatuur"TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Deze regelmodus zorgt voor een constantetemperatuur. Constante temperatuur is eenregelmodus voor comfort die u kunt gebruiken inhuishoudelijke warmwatersystemen om het debiet teregelen teneinde een constante temperatuur in hetsysteem te houden. Zie afb. "Constante temperatuur".HQtTM057900"Constante temperatuur"Deze regelmodus vereist een externetemperatuursensor. Zie de onderstaandevoorbeelden.Voorbeelden• Eén externe temperatuursensor.tTM057884tTM057885"Constante temperatuur"Instellingen regelaarVoor aanbevolen instellingen voor de regelaar, zieparagraaf "Regelaar" ("Instellingen regelaar").Gerelateerde informatie13.14 "Regelaar" ("Instellingen regelaar")1348Nederlands (NL)

13.5.4 "Constant drukverschil"Pompuitvoering"Constantdrukverschil"TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●De pomp handhaaft een constant drukverschil,onafhankelijk van het debiet in het systeem. Dezeregelmodus is hoofdzakelijk geschikt voor systemenmet relatief gering drukverlies.HQTM057901"Constant drukverschil"Deze regelmodus vereist een interne of externedrukverschilsensor of twee externe druksensoren. Ziede onderstaande voorbeelden.Voorbeelden• In de fabriek aangebrachte drukverschilsensor,alleen TPE, TPED, NBE, NKE serie 2000.pTM057880Eén externe drukverschilsensor.De pomp gebruikt de input vanuit de sensor om hetdrukverschil te regelen. U kunt de sensor handmatiginstellen of via het menu Assist. Zie paragraaf"Geassisteerde pompinstelling".pTM057886pTM057887Twee externe druksensoren.Constante regeling van het drukverschil is mogelijkmet twee druksensoren.

13.5.5 "Constant temperatuurverschil"Pompuitvoering"Constanttemperatuurverschil"TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●De pomp handhaaft een constant temperatuurverschilin het systeem en de pompcapaciteit wordt hieropafgestemd.HQ△tTM057954"Constant temperatuurverschil"Deze regelmodus vereist twee externetemperatuursensoren of één externetemperatuurverschilsensor. Zie de onderstaandevoorbeelden.Voorbeelden• Twee externe temperatuursensoren.tttTM057894• Eén externe temperatuurverschilsensor.tTM057931"Constant temperatuurverschil"Instellingen regelaarVoor aanbevolen instellingen voor de regelaar, zieparagraaf "Regelaar" ("Instellingen regelaar").Gerelateerde informatie13.14 "Regelaar" ("Instellingen regelaar")1350Nederlands (NL)

13.5.7 "Constant niveau"Pompuitvoering "Constant niveau"TPE, TPED, NBE, NBGE,NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●De pomp handhaaft een constant niveau,onafhankelijk van het debiet.HQTM057941"Constant niveau"Deze regelmodus vereist een externe niveausensor.De pomp kan op twee manieren het niveau in eentank regelen:• als leegmaakfunctie waarbij de pomp de vloeistofuit de tank verwijdert.• als vulfunctie waarbij de pomp de vloeistof in detank pompt.Het type functie voor niveauregeling is afhankelijk vande instelling van de ingebouwde regelaar.

Zieparagraaf "Regelaar" ("Instellingen regelaar").Voorbeelden• Eén externe niveausensor.leegmaakfunctie.LTM057896• Eén externe niveausensor.vulfunctie.LTM057965"Constant niveau"Instellingen regelaarVoor aanbevolen instellingen voor de regelaar, zieparagraaf "Regelaar" ("Instellingen regelaar").Gerelateerde informatie13.14 "Regelaar" ("Instellingen regelaar")13.5.8 "Constante andere waarde"Pompuitvoering"Constante anderewaarde"TPE, TPED, NBE, NBGE,NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Elke andere waarde wordt constant gehouden.13.5.9 "Constante curve"Pompuitvoering "Constante curve"TPE, TPED, NBE, NBGE,NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●U kunt de pomp instellen op bedrijf op basis van eenconstante curve, zoals bij een ongeregelde pomp.U kunt het gewenste toerental instellen in % vanmaximaal toerental in het bereik van 25 t/m 100%(110%).1352Nederlands (NL)

HQTM057957"Constante curve"Instellingen regelaarVoor aanbevolen instellingen voor de regelaar, zieparagraaf "Regelaar" ("Instellingen regelaar").Gerelateerde informatie13.14 "Regelaar" ("Instellingen regelaar")13.6 "Instelling proportionele druk"Pompuitvoering"Instelling proportioneledruk"TPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE-TPE, TPED, NBE,NKE serie 2000●"Functie regelcurve"U kunt de curve instellen op kwadratisch of lineair."Opvoerhoogte nuldebiet"U kunt deze waarde instellen in % van het setpoint.Met een instelling van 100 % is de regelmodus gelijkaan constant drukverschil.13.7 Analoge ingangenPompuitvoering Analoge ingangenTPE, TPED, NBE, NBGE,NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Functie Klem*Analoge ingang 1, instelling 4Analoge ingang 2, instelling 7Analoge ingang 3, instelling 14* Zie paragraaf Aansluitklemmen, geavanceerdefunctionele module, FM 300.Stel de analoge ingang voor een terugkoppelsensorin via het menu Ondersteund pomp instellen.

Zieparagraaf "Geassisteerde pompinstelling".Als u voor andere doeleinden een analoge ingang wiltinstellen, kunt u dit handmatig doen.U kunt de analoge ingangen instellen via het menuSetup, analoge ingang. Zie paragraaf "Instellingen,analoge ingang".Als u de handmatige instelling uitvoert via GrundfosGO, moet u het menu voor de analoge ingangopenen onder het menu Instellingen.FunctieU kunt de analoge ingangen instellen op de volgendefuncties:• Niet actief.• Feedback sensor.• Ext. setp.-beïnvl.. Zie paragraaf "Setpoint-beïnvloeding".• Andere functie.1353Nederlands (NL)

Gemeten parameterSelecteer een van de parameters, zoals deparameter die moet worden gemeten in het systeemdoor de sensor die is verbonden met de actueleanaloge ingang.PTPT PTPTTTTTTTQQDPTDPT DPTLT LTDPT DTT152 49 107128 16 153 13 6 1411TM062328Overzicht van sensorlocatiesSensorfunctie, gemetenparameterPos.Inlaatdruk 1Versch.drk, zuig 2Vloeistoftemp. 3Versch.drk, pers 4Versch.drk, pomp 5Bedrijfswijze 6Druk 2, extern 7Verschildruk, ext. 8Opslagtankniveau 9Toevoer tankniv. 10Pompflow 11Flow, extern 12Vloeistoftemp. 13Temperatuur 1 14Temperatuur 2 15Verschiltemp, ext. 16Omgevingstemp. Niet getoondAndere param. Niet getoondEenheidBeschikbare meeteenheden:ParameterMogelijke meeteenhedenDruk bar, m, kPa, psi, ftNiveau m, ft, inDebietm3/uur, l/s, yd3/uur, gpmVloeistoftemp. °C, °FAndere param.

Fabrieksinstellingen13.7.1Twee sensoren instellen voorverschilmetingAls u het verschil van een parameter wilt metentussen twee punten, stelt u als volgt deovereenkomstige sensoren in:ParameterAnaloge ingangvoor sensor 1Analoge ingangvoor sensor 2Druk, optie 1Drukverschil,zuigzijdeDrukverschil,perszijdeDruk, optie 2 Druk 1, extern Druk 2, externDebiet Pompdebiet Debiet, externTemperatuur Temperatuur 1 Temperatuur 2Als u de regelmodus "constantdrukverschil" wilt gebruiken, moet u defunctie Feedback sensor kiezen voor deanaloge ingang van beide sensoren.1354Nederlands (NL)

13. 8 Ingebouwde Grundfos sensorPompuitvoeringIngebouwde GrundfossensorTPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE-TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●U kunt de functie van de ingebouwde sensorselecteren in het menu Ingebouwde Grundfossensor. Stel de Ingebouwde Grundfos sensor via het menuOndersteund pomp instellen. Zie paragraaf"Geassisteerde pompinstelling". Als u de instelling handmatig uitvoert in hetgeavanceerde bedieningspaneel, moet u het menuAnaloge ingangen openen onder het menuInstellingen om toegang te krijgen tot het menuIngebouwde Grundfos sensor. Als u de instelling handmatig uitvoert via GrundfosGO, moet u het menu voor de IngebouwdeGrundfos sensor openen onder het menuInstellingen. FunctieU kunt de ingebouwde sensor instellen op dezefuncties:• Grundfos verschildruk sensor - Niet actief -Feedback sensor - Setpoint-beïnvloeding -Andere functie.

FabrieksinstellingZie paragraaf Fabrieksinstellingen. Gerelateerde informatie13. 41 Ondersteund pomp instellen30. Fabrieksinstellingen13. 9Pt100/1000 ingangenPompuitvoering Pt100/1000 ingangenTPE, TPED, NBE,NBGE, NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Functie Klem*Pt100/1000 input 1, instelling 17 en 18Pt100/1000 input 2, instelling 18 en 19* Zie paragraaf Aansluitklemmen, geavanceerdefunctionele module, FM 300. Stel de Pt100 / 1000 ingang voor eenterugkoppelsensor in via het menu Ondersteundpomp instellen. Zie paragraaf "Geassisteerdepompinstelling". Als u een Pt100/1000 ingang wilt instellen voorandere doeleinden, kunt u dit handmatig doen. U kunt de analoge ingangen instellen via het menuSetup, analoge ingang. Zie paragraaf "Instellingen,analoge ingang".

Als u de handmatige instelling uitvoert via GrundfosGO, moet u het menu voor de Pt100 / 1000 ingangopenen onder het menu Instellingen. FunctieU kunt de Pt100/1000 ingangen instellen op devolgende functies:• Niet actief• Feedback sensor• Ext. setp. -beïnvl. Zie paragraaf "Setpoint-beïnvloeding". • Andere functie.

Gemeten parameterSelecteer een van de parameters, zoals deparameter die moet worden gemeten in het systeemdoor de Pt100/1000 sensor die is verbonden met deactuele Pt100/1000 ingang. TTTTTTDTT4 31 2TM064012Overzicht van locaties van Pt100/1000 sensorenParameter Pos. Vloeistoftemp. 1Temperatuur 1 2Temperatuur 2 3Omgevingstemp. Niet getoondMeetbereik-50 tot 204 °C. FabrieksinstellingZie paragraaf Fabrieksinstellingen. Gerelateerde informatie7. 5. 1 Aansluitklemmen, geavanceerde functionelemodule, FM 30013. 16. 1 Setpoint-beïnvloeding13. 41 Ondersteund pomp instellen13. 42 Setup, analoge ingang30. Fabrieksinstellingen1355Nederlands (NL).

13. 10 Digitale ingangenPompuitvoering Digitale ingangenTPE, TPED, NBE, NBGE,NKE, NKGE●TPE, TPED, NBE, NKEserie 2000●Functie Klem*Digitale ingang 1, instelling 2 en 6Digitale ingang 2, instelling 1 en 9* Zie paragraaf Aansluitklemmen, geavanceerdefunctionele module, FM 300. Als u een digitale ingang wilt instellen, voert u deonderstaande instellingen uit. FunctieKies één van de volgende functies:• Niet actiefWanneer ingesteld op Niet actief, heeft de inganggeen functie. • Externe stopWanneer de ingang is gedeactiveerd, openkringloop, schakelt de pomp uit. • Min. (minimaal toerental) Wanneer de ingang isgeactiveerd, draait de pomp met het ingesteldeminimale toerental. • Max. (maximaal toerental) Wanneer de ingang isgeactiveerd, draait de pomp met het ingesteldemaximale toerental.

• "Door gebruiker gedefinieerd toerental"Wanneer de ingang is geactiveerd, draait demotor met het door de gebruiker ingesteldetoerental. • Externe foutWanneer de ingang is geactiveerd, wordt eentimer gestart. Als de ingang langer dan 5seconden wordt geactiveerd, wordt de pompuitgeschakeld en wordt er een storingsmeldinggegeven. Deze functie is afhankelijk van invoervanuit externe apparatuur. • Alarm resettenWanneer de ingang is geactiveerd, wordt eeneventuele storingsmelding gereset. • DroogloopWanneer deze functie wordt geselecteerd, dankan te lage voordruk of watertekort wordengedetecteerd. Wanneer te lage voordruk ofwatertekort, drooglopen, wordt gedetecteerd,wordt de pomp uitgeschakeld. De pomp kan nietherstarten zolang de ingang geactiveerd is.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Grundfos MTBE 65-200 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden