Grizzly ERV 1201 31 ZV Handleiding

Grizzly Grasmaaier ERV 1201 31 ZV

Bekijk gratis de handleiding van Grizzly ERV 1201 31 ZV (36 pagina’s), behorend tot de categorie Grasmaaier. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 9 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Grizzly ERV 1201 31 ZV of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/36
Rasenlüfter und Vertikutierer
Verticuteermachine en grasmatverluchter
Originalbetriebsanleitung
Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing
ERV 1201 31 ZV
DE
NL

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Grizzly
Categorie: Grasmaaier
Model: ERV 1201 31 ZV

Handleiding Grizzly ERV 1201 31 ZV – volledige tekst

35GebruiksdoeleindeHet apparaat is bedoeld om in huishoude-lijke kring gebruikt te worden:- Als grasmatverluchter voor het uit-kammen van vilt (uit bladeren, mos of onkruid) tussen de grassprietjes en het voor het inzamelen van bladeren en plantenresten. - Als verticuteermachine voor het be-werken van de grasnerf en het rege-nereren van grasperken en grasvlak-ten. Dit apparaat is niet geschikt voor indus-trieel gebruik. Bij een industrieel gebruik komt de garantie te vervallen. Iedere andere toepassing, die in deze handleiding niet uitdrukkelijk toegestaan wordt, tot beschadigingen aan het appa-raat leiden en een ernstig gevaar voor de gebruiker betekenen. Het apparaat is voor het gebruik door volwassenen bestemd. Kinderen alsook personen, die met deze handleiding niet vertrouwd zijn, mogen het apparaat niet gebruiken.

Het gebruik van het apparaat bij regen of in geval van een vochtige om-geving is verboden. De operator of gebruiker is voor ongeval-len of schade aan andere mensen of aan hun eigendom verantwoordelijk. De fabrikant is niet aansprakelijk voor beschadigingen, die door een in strijd met de bepalingen zijnde toepassing of door een foutieve bediening veroorzaakt werden.

19NLVeiligheidsinstructiesDeze paragraaf behandelt de fundamen-tele veiligheidsvoorschriften bij het werk met het apparaat.Symbolen op het apparaat Opgelet! Bedieningshandleiding lezen. Gevaar voor verwondingen door weggeslingerde onderdelen. Om-staande personen op een veilige afstand van het apparaat houden. Gevaar door elektrische schok bij beschadiging van de voedingskabel! Kabel op een veilige afstand van de maaiwerktuigen en van het apparaat houden! Opgepast – scherp werktuig. Handen en voeten op een veilige afstand houden. De draaiing van de walsen blijft na het uitschake-len van de motor nog even duren. Vóór onderhoudswerkzaamheden of indien de voedingskabel bescha-digd is, de stekker ui de contact-doos trekken. Wees voorzichtig bij trappen! Schakel het apparaat uit en til het op wanneer u het over trappen transporteert.dBLWA Vermelding van het geluidsvermo-genniveau LWA in dB(A).

Beschermingsniveau II Elektrische apparaten horen niet thuis bij huishoudelijk afval.310 Werkbreedte Vóór instelling van de werkstanden gebruiksaan-wijzing lezen.Symbolen in de gebruiksaanwijzing Gevaarsymbool met informatie over de preventie van personen- of zaakschade. Gebodsteken (in plaats van het uitroepingsteken wordt het gebod toegelicht) met informatie over de preventie van schade. Aanduidingsteken met informatie over hoe u het apparaat beter kunt gebruiken.Algemene veiligheidsinstructies Dit apparaat kan bij een ondeskun-dig gebruik ernstige verwondingen veroorzaken. Voordat u met het apparaat werkt, leest u zorgvul-dig de bedieningshandleiding en maakt u zich met alle aspecten van de bediening goed vertrouwd. Bewaar deze handleiding goed, opdat de informatie te allen tijde te uwer beschikking staat.

20NLWerken met het apparaat: Opgepast. Het apparaat kan ern-stige verwondingen veroorzaken. Zo vermijdt u ongevallen en verwondin-gen:Voorbereiding:• Laat nooit kinderen of andere perso-nen, die de bedieningshandleiding niet kennen, het apparaat niet gebrui-ken. Lokale bepalingen kunnen de mi-nimumleeftijd van de bedieningsper-soon vastleggen. • Dit apparaat is er niet voor bestemd, door personen (kinderen inbegrepen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke capaciteiten of bij ontsten-tenis van ervaring en/of bij gebrek aan kennis gebruikt te worden, tenzij ze onder het toezicht van een voor hun veiligheid instaande persoon staan of van deze persoon aanwijzingen krij-gen, hoe het apparaat te gebruiken is. • Personen met een motorische handi-cap mogen het apparaat enkel onder toezicht gebruiken.

• Maak nooit gebruik van het apparaat terwijl er personen, in het bijzonder kinderen, en huisdieren in de buurt zijn. • Controleer het terrein, waar het ap-paraat gebruikt wordt, en verwijder stenen, stokken, draden of andere vreemde voorwerpen, die vastgegre-pen en weggeslingerd kunnen wor-den. Gebruik het apparaat niet om oneffen-heden van de grond vlak te maken. • Draag steeds gepaste werkkledij, zoals vast schoeisel met een slijpvrije zool, een robuuste, lange broek, oor-bescherming en een beschermbril. Gebruik het apparaat niet als u bloots-voets stapt of open sandalen draagt. • Werk niet met een beschadigd, onvol-ledig of zonder de toestemming van de fabrikant omgebouwd apparaat. Werk niet met beschadigde of ontbre-kende beschermingsinrichtingen (bij-voorbeeld starthefboom, ontgrendel-knop, beschermingsinrichting tegen stoten).

• Stel nooit beschermingsinrichtingen buiten werking (bijvoorbeeld door de starthefboom vast te binden). • Op kinderen moet er toezicht uitge-oefend worden om te vrijwaren dat ze niet met het apparaat spelen.

• Vergewis u vóór de start van uw appa-raat dat er geen voorwerp of tak in de mesopening binnengeschoven is, dat het apparaat stabiel staat en dat het werkterrein opgeruimd en niet geblok-keerd is. Controleer de toestand van uw ver-lengsnoer en ook net netsnoer van uw apparaat. Maak gebruik van de nood-zakelijke beschermingsinrichtingen. • Als uw apparaat bij het inschakelen ongewone trillingen of geluiden ver-toont, trekt u de netstekker uit het stopcontact en controleert u de mes-senwals. Vergewis u dat er geen hak-selresten de messenwals blokkeren of tussen de messen ingeklemd zijn. Als u geen problemen vaststelt, zendt u het apparaat terug naar de klanten-serviceafdeling. • Als de messen niet meer correct snoeien of wanneer de motor overbe-last is, controleert u alle onderdelen van uw apparaat en vervangt u de versleten onderdelen.

21NLToepassing:• Opgepast – scherp werktuig. Snij niet in vingers of tenen. Houd voeten en vingers bij het werken altijd op een veilige afstand van de wals en van de uitwerpopening. Er bestaat gevaar voor verwondingen. • Gebruik het apparaat niet bij regen, bij een slechte weersgesteldheid, in een vochtige omgeving of op een nat gras-perk. Werk uitsluitend bij daglicht of bij een goede verlichting. • Werk niet met het apparaat als u moe of ongeconcentreerd bent of na con-sumptie van alcohol of na inname van tabletten. Las altijd tijdig een werk-pauze in. Ga verstandig te werk. • Maak u met uw omgeving vertrouwd en let op mogelijke gevaren, die u we-gens het geluid van de motor niet kunt horen. • Let bij het werken en in het bijzonder op hellingen op stabiliteit. Werk altijd haaks op de helling, nooit op- of neer-waarts.

Wees uiterst voorzichtig wan-neer u op een helling van rijdrichting verandert. Werk niet aan overdreven steile hellingen. • Bedien het apparaat slechts op stap-tempo en met beide handen aan het handvat. Wees uiterst voorzichtig wanneer u het apparaat omkeert of naar u toe trekt. Struikelgevaar. • Starten of bedien de starthefboom voorzichtig in overeenstemming met de in deze handleiding vermelde in-structies. • Kantal het apparaat bij het starten niet, tenzij het moet opgetild worden. In dit geval kantelt u het apparaat slechts zoals beslist noodzakelijk is en tilt u enkel de van de bedieningsper-soon afgewende zijde op. • Apparaat niet zonder volledig aan-gebrachte vangkooi of zonder be-schermingsinrichting tegen stoten bedienen. Gevaar voor verwondingen. Houd u steeds op een veilige afstand van de uitwerpopening.

• Gebruik het apparaat niet in de nabij-heid van ontvlambare vloeistoffen of gassen. In geval van veronachtza-ming bestaat er brand- of ontplofngs-gevaar. Werkonderbreking:• Na het uitschakelen van het apparaat draait de wals nog enkele seconden lang. Handen en voeten op een vei-lige afstand houden.

• Verwijder stukjes plant enkel bij stil-stand van het apparaat. Houd de graswerpopening steeds netjes en vrij. • Schakel het apparaat uit wanneer u het wenst te transporteren, op te tillen of te kantelen en wanneer er andere oppervlakten dan gras overgestoken worden. • Laat het apparaat nooit zonder toe-zicht op de werkplaats achter. • Schakel het apparaat uit en trek de netstekker uit: - Altijd wanneer u de machine verlaat - Voordat u de uitwerpopening reinigt of blokkeringen of verstoppingen ver-helpt - Wanneer het apparaat niet gebruikt wordt - Bij alle onderhouds- en reinigings-werkzaamheden - Wanneer de voedingskabel bescha-digd of vastgeraakt is- Wanneer het apparaat bij werkzaam-heden op een hindernis botst of wanneer er zich ongewone trillingen voordoen. Onderzoek in dit geval het.

22NLapparaat op beschadigingen en laat het eventueel repareren. • Bewaar het apparaat op een droge plaats en buiten de reikwijdte van kin-deren. Opgepast. Zo vermijdt u bescha-digingen aan het apparaat en eventueel daaruit voortvloeiende, lichamelijke letsels:Onderhoud uw apparaat• Schakel het apparaat uit en til het op als u het over trappen transporteert. • Voer telkens vóór gebruik een visu-ele controle van het apparaat door. Gebruik het apparaat niet wanneer er veiligheidsmechanismen (bijvoorbeeld beschermingsinrichting tegen stoten), onderdelen van de snoei-inrichting of bouten ontbreken, versleten of beschadigd zijn. Controleer in het bijzonder de voedingskabel en de starthefboom op beschadiging. Ter preventie van een balanceerfout mo-gen beschadigde werktuigen en bou-ten enkel per set uitgewisseld worden.

• Maak uitsluitend gebruik van reserve-onderdelen en accessoires, die door de fabrikant geleverd en aanbevolen worden. Het gebruik van vreemde onderdelen leidt tot het onmiddellijke verlies van de garantieclaim. • Zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven vast aangedraaid zijn en dat het apparaat zich in een veilige operationele toestand bevindt. • Tracht niet, het apparaat zelf te repa-reren, tenzij u hiervoor een opleiding genoten hebt. Al de werkzaamheden, die niet in deze handleiding aangege-ven worden, mogen uitsluitend door klantenserviceafdelingen, die door ons gemachtigd werden, uitgevoerd worden. • Behandel uw apparaat met zorg. Houd de werktuigen netjes om beter en veilig te kunnen werken. Volg de onderhoudsvoorschriften op. • Overbelast uw apparaat niet. Werk uitsluitend binnen het vermelde ver-mogensbereik.

Gebruik voor zware werkzaamheden geen machines met een zwak vermogen. Gebruik uw ap-paraat niet door doeleinden, waarvoor het niet bestemd is. Elektrische veiligheid: Opgepast.

Zo vermijdt u ongevallen en verwondingen door een elektri-sche schok:• Voer telkens vóór ingebruikname een visuele controle van de net- en verlengsnoeren op symptomen van beschadigingen of veroudering door. • Houd de voedingskabel op een vei-lige afstand van de maaiwerktuigen. Indien het snoer tijdens het gebruik beschadigd wordt, verbreekt u het on-middellijk van het stroomnet. Het snoer niet aanraken voordat het van het stroomnet verbroken is. • De verlengsnoeren op een veilige afstand tot de tanden houden. De tan-den kunnen de snoeren beschadigen en tot een contact met actieve onder-delen leiden. • Let erop dat de netspanning met de op het typeaanduidingplaatje vermel-de gegevens overeenstemt. • Sluit het apparaat zo mogelijk uit-sluitend op een contactdoos met lekstroom-beschermingsinrichting (FI-schakelaar) met een toegekende stroom van niet meer dan 30 mA aan.

23NLzijn (bijvoorbeeld metalen omheinin-gen, metalen palen). • Gebruik uitsluitend toegestane ver-lengsnoeren van het constructietype H05VV-F of H05RN-F, die maximaal 75 m lang en voor het gebruik in de open lucht bestemd zijn. De draad-diameter van het verlengsnoer moet minstens 2,5 mm2 bedragen. Rol een kabeltrommel vóór gebruik altijd vol-ledig af. Controleer het snoer op be-schadigingen. • Gebruik voor het aanbrengen van het verlengsnoer de daarvoor bestemde snoerophanging. • Gebruik de kabel niet om de stekker uit de contactdoos te trekken. Be-scherm het snoer tegen hitte, olie en scherpe kanten. • Als het netsnoer beschadigd is, trekt u allereerst het verlengsnoer uit het stopcontact. Daarna kunt u het nets-noer van het apparaat verwijderen.

• Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd wordt, moet het door de fabrikant of door zijn klantenservice-afdeling of door een gelijkwaardig gekwaliceerde persoon vervangen worden om gevaren te vermijden. Functionele onderdelen De afbeelding van de voornaamste functionele onderdelen vindt u op de omslagpagina.

A 1 Bovenste handvatdrager 2 Middelste dragers 3 Vangkooi 4 Beschermingsinrichting tegen stoten 5 Onderste drager 6 2 kruisgleufschroeven voor montage van de draagbalk 7 2 achterwielen 8 2 wielen 9 Behuizing van het apparaat 10 Instelknop 11a/b 2 kabelklemmen 12a/b 4 schroeven en 4 vleugelmoe-ren voor de bevestiging van de draagbalk 13 Apparaatcontactdoos 14 Ontgrendelknop 15 Kabel-trekontlasting 16 Starthefboom 17 Verticuteerwals met mes (reeds-gemonteerd) 18 Ventilatorwals met verende tan-den 19 As 20 Bevestigingsschroef wals 21 LagerafdekkingC 22 Stangenmechanisme voor de vangzak 23 Kunststofstrips 24 PennenBeschrijving van de werkingDe verticuteermachine en grasmatver-luchter bezit twee gemakkelijk uitwissel-bare werkwalsen: een ventilatorwals in harde kunststof met verticaal roterende verende tanden en een verticuteerwals met loodrecht aangebrach-te, roestvrij stalen messen.

24NLMontage-instructies Trek vóór alle werkzaamheden aan het apparaat de netstekker uit.Omvang van de leveringNeem het apparaat voorzichtig uit de ver-pakking en kijk na, of de hierna volgende onderdelen compleet zijn:• Behuizing van het apparaat met verti-cuteerwals en beschermingsinrichting tegen stoten• Bovenste handgreephendel compleet met starthefboom, netstekker, ont-grendelknop en vast gemonteerd ap-paraatsnoer • Ventilatorwals• 2 middelste drager• Onderste drager • Vangzak, ingeklapt• Stangenmechanisme voor vangzak, 2-delig• 2 kabelklemmen• Montageaccessoires: Let er bij de montage op dat de voedingskabel niet gekneld wordt en voldoende speling heeft.Handvatdrager monterenB 1. Steek de onderste drager (5) in de behuizing (9) van het ap-paraat en schroef de drager met de beide kruiskopschroeven (6) vast. 2.

Schroef de beide middelste dragers (2) met de schroeven en vleugelmoeren (12a) aan de onderste drager (5) vast. 3. Schroef de bovenste hand-greephendel (1) met de schroe-ven en vleugelmoeren (12b) aan de beide middelste draag-balken (2) vast. 4. Beestig het apparaatsnoer met de beide kabelklemmen (11a+b) aan de draagbalk.Vangkooi monteren/ledigen Opgelet: apparaat niet zonder beschermingsinrichting tegen stoten bedienen. Gevaar voor verwondingen!De vangkooi wordt in dichtgeklapte toe-stand geleverd en moet vóór gebruik in het apparaat gemonteerd worden.C Vangkooi ineenzetten: 1. Stecken Sie das Fangsack-Gestänge (22) zusammen. 2. Stülpen Sie die Kunststoff-La-schen (23) über das Fangsack-Gestänge (22). Vangkooi aan het apparaat aanbrengen: 3. Til de beschermingsinrichting tegen stoten (4) op. 4.

Schuif de pennen (24) aan het stangenmechanisme (22) van de vangkooi in de opname aan de behuizing (9) van het appa-raat. 5. Laat de beschermingsinrichting tegen stoten los, deze houdt de vangkooi (3) in positie. Vangkooi afnemen/ledigen: 6. Til de beschermingsinrichting tegen stoten (4) op en neem de vangkooi (3) eruit.

25NLBediening Neem de geluidsreductie en lokale voorschriften in acht. Arbeidsposities instellen Het apparaat bezit 4 hoofd-instelposities:TransportpositieIn deze stand bestaat de maximale vei-ligheidsafstand van het werktuig tot de grond.WerkstandKies bij werkzaamheden met het nieuwe apparaat deze instelling.VerstelpositiesBij toenemende slijtage van de messen of van de verende tanden kan de werkstand neergelaten worden.Slijtage herkent u aan een almaar slechter wordend werkresultaat. Het apparaat bevindt zich bij leve-ring in de transportpositie.1. Om de werkstand in te stellen, moet het apparaat uitgeschakeld zijn. 2. Trek de instelknop (zie A nr. 10) naar boven. Draai aan de instelknop en duw hem tot in de gewenste ver-grendelde stand. Houd daarbij met de tweede hand het apparaat vast. De instelknop dient niet om de hoogte in te stellen, maar om de slijtage te compenseren.

De keuze van een verstelpositie zonder overeenkomstige slijtage kan tot overbelasting van de motor en tot beschadiging van de wals leiden. In- en uitschakelen Let er vóór het inschakelen op dat het apparaat geen voor-werpen raakt. Houd voeten en handen op een veilige afstand van de wals en van de uitwerp-opening. Er bestaat gevaar voor verwondingen!E 1. Plaats het apparaat op een ef-fen grasveld. 2. Steek de stekker van het ver-lengsnoer in de apparaatcon-tactdoos (13) aan het handvat. 3. Voor de trekontlasting vormt u uit het uiteinde van het verleng-snoer een lus en haakt u deze in de trekontlasting (15) vast. 4. Sluit het apparaat op de net-spanning aan. 5. Om in te schakelen, drukt u de ontgrendelknop (14) aan het handvat in en houdt u tegelijker-tijd de starthefboom (16) inge-drukt. Laat de ontgrendelknop (14) los. 6. Om uit te schakelen, laat u de starthefboom (16) los.

Bescherming tegen overbelas-ting: in geval van overbelasting van het apparaat schakelt de mo-tor automatisch uit. Laat de start-hefboom los en start het apparaat na een afkoeltijd van ongeveer 1 minuut opnieuw.

26NL Opgelet. Wals loopt na het uit-schakelen na. Kantel of draag het apparaat niet bij een draaiende motor en raak de draaiende wals niet aan. Er bestaat gevaar voor verwon-dingen. Werken met het apparaatOm een onderhouden gazon te verkrijgen, bevelen wij u aan, telkens na 4 tot 6 we-ken te verluchten. Het verticuteren is een meer intensieve ingreep dan het verluch-ten en hoeft daarom slechts één keer per jaar te gebeuren. Het beste tijdstip is het voorjaar na het eerste maaien. Werk op hellingen altijd haaks op de helling. Wees uiterst voor-zichtig bij het achteruitstappen en het trekken aan het apparaat. Er bestaat struikelgevaar. Hoe korter het gazon gemaaid is, hoe beter het behandeld kan wor-den. Daardoor wordt het apparaat minder belast en wordt de levens-duur van de wals verlengd. • U kunt het apparaat met of zonder vangkooi gebruiken.

Om te verluch-ten, is het aanbevelenswaardig, met vangkooi te werken en om te verticu-teren zonder vangkooi. • Verwijder eventueel aardresten aan de veren van de beschermingsinrichting tegen stoten en/of van de behuizing van het apparaat om de sluitfunctie van de beschermingsinrichting tegen stoten te garanderen. Bij de werking zonder vangzak moet de bescher-mingsinrichting tegen stoten volledig gesloten zijn. • Verwijder eventueel aardresten aan de veren van de beschermingsinrichting tegen stoten en/of van de behuizing van het apparaat om de sluitfunctie van de beschermingsinrichting tegen stoten te garanderen. Bij de werking zonder vangzak moet de bescher-mingsinrichting tegen stoten volledig gesloten zijn. Schakel na het werk en voor het transport het apparaat uit, trek de netstekker uit en wacht de stilstand van de wals af.

• Gebruik voor het transport van het ap-paraat de transportstand 0 (zie „Werk-stand instellen“). • Til het apparaat voor het transport over trappen en gevoelige oppervlak-ten (bijvoorbeeld tegels) op. • Reinig het apparaat telkens na ge-bruik (zie „Reiniging, onderhoud, op-slag“).

27NLUitwisselen van de wals Schakel het apparaat uit, trek de netstekker uit en wacht de stilstand van de wals af. Draag bij de omgang met de wals handschoenen.F 1. Draai het apparaat om. 2. Draai de bevestigingsschroef (20) los en klap de lagerafdek-king (21) weg. 3. Til de wals schuin op en trek de as (19) uit de opname. 4. Breng de nieuwe wals in omge-keerde volgorde aan. Reiniging, onderhoud, opslag Laat werkzaamheden, die niet in deze handleiding beschreven zijn, door een door ons gemach-tigde klantenserviceafdeling doorvoeren. Gebruik uitsluitend originele onderdelen. Draag bij de omgang met de wals handschoenen. Schakel vóór alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden het ap-paraat uit, trek de netstekker uit en wacht de stilstand van de wals af.Algemene reinigings- en on-derhoudswerkzaamheden Spuit het apparaat niet met wa-ter af en reinig het niet onder stromend water.

Er bestaat ge-vaar voor een elektrische schok en het apparaat zou beschadigd kunnen worden.• Verwijder na de werkzaamheden vast-klevende resten van planten van de wielen, de verluchtingsopeningen, de grasuitwerpopening en de wals. Ge-bruik daarvoor geen harde of puntige voorwerpen, ze zouden het apparaat kunnen beschadigen.• Verwijder eventueel aardresten van de beschermingsinrichting tegen sto-ten en/of van de behuizing van het apparaat om de sluitfunctie van de beschermingsinrichting tegen stoten te garanderen. • Ledig de vangkooi volledig.• Houd het apparaat steeds netjes. Ge-bruik geen reinigings- c.q. oplosmid-delen. Wij zijn niet aansprakelijk voor door onze apparaten veroorzaakte beschadigingen, voor zover deze door een ondeskundig uitgevoerde reparatie of door het gebruik van niet-originele onderdelen c.q. door een in strijd met de bepalingen zijnde toe-passing veroorzaakt worden.

28NLOpslag• Bewaar het apparaat droog en buiten de reikwijdte van kinderen. • Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat in gesloten lokalen neerzet. • Omhul het apparaat niet met nylonzak-ken, omdat er daarin vochtigheid tot ontwikkeling zou kunnen komen. G Voor een plaatsbesparende opslag kan de draagbalk na het losser draaien van de vleugelmoeren (12a/b) ingeklapt worden De snoeren mogen daarbij niet gekneld raken. Afvalverwerking en mili-eubeschermingOnderwerp apparaat, accessoires en verpakking aan een milieuvriendelijke recyclage. Elektrische apparaten horen niet thuis bij huishoudelijk afval. Geef het apparaat in een recyclagepark af. De gebruikte onderdelen in kunststof en metaal kunnen gescheiden per type worden en zodanig op een inzamelpunt afgegeven worden. In geval van vragen staat ons servicecenter u ter beschikkingUw apparaten worden gratis door ons ge-evacueerd.

Garantie• Voor dit apparaat verlenen wij 24 maan-den garantie. Deze garantie geldt uit-sluitend tegenover de eerste koper en kan niet overgedragen worden. • Dit apparaat is niet geschikt voor indus-trieel gebruik. Bij een industrieel gebruik komt de garantie te vervallen. • Schade, die aan natuurlijke slijtage, overbelasting of een ondeskundige be-diening te wijten is, blijft van de garan-tie uitgesloten. Bepaalde componenten zijn onderhevig aan normale slijtage en zijn van de garantie uitgesloten. In het bijzonder daartoe behoren: ventilator-wals, verticuteerwals. • De vereiste voorwaarde voor de ga-rantievergoedingen is bovendien dat de in de gebruiksaanwijzing vermelde onderhoudsintervallen in acht geno-men werden en dat aan de aanwij-zingen met het oog op de reiniging, het onderhoud en de instandhouding gevolg gegeven werd.

• Der vereiste voorwaarde is dat het apparaat in een niet-gedemonteerde toestand en met aankoopbon en garan-tiebewijs aan de dealer teruggegeven wordt. Reparatieservice• U kunt reparaties, die niet onder de ga-rantie vallen, mits berekening door ons servicecenter laten doorvoeren. Ons servicecenter werkt voor u graag een bestek uit. Wij kunnen enkel apparaten behande-len, die voldoende verpakt en gefran-keerd toegezonden werden. • Non-franco – volumineus goed, per expresse of met andere speciale vracht – ingezonden apparaten wor-den niet in ontvangst genomen. • Uw apparaten worden gratis door ons geëvacueerd.

30NLFoutopsporingProbleem Mogelijke oorzaak Oplossing van de foutAbnormale gelui-den, gerammel of tril-lingenVreemd voorwerp op de walsVreemd voorwerp verwijderenVerende tanden of walsmes beschadigdWals uitwisselenWals niet correct gemon-teerdWals correct inbouwen (zie hoofd-stuk “Uitwisselen van de wals”)Slippende tandriemReparatie door klantenserviceafde-lingApparaat start nietNetspanning ontbreektContactdoos, snoer, leiding, stekker nakijken, eventueel reparatie door vakkundig elektrotechnicusSchakelaar “Aan/uit” defectReparatie door klantenserviceafde-lingKoolborstels versletenMotor defectMotor hapertBlokkering door vreemd voorwerpVreemd voorwerp verwijderenGazon te hoogVooraf maaien, zie hoofdstuk “Be-diening”Uitlaat verstopt Uitlaat reinigenBeschermingsinrichting te-gen overbelasting treedt in werkingApparaat ongeveer 1 minuut lang laten afkoelenResultaat van het werk niet bevre-digendVerende tanden van de ventilatorwals versleten Wals uitwisselenMes van de verticuteerwals stomp of beschadigdWals uitwisselenTandriem defectReparatie door klantenserviceafde-lingTransportpositie of verkeer-de werkstand gekozenWerkstand 1 of verstelpositie 2-4 kiezen (zie hoofdstuk “Werkstanden instellen”)Gazon te hoogVooraf maaien, zie hoofdstuk “Be-diening”

KG Stockstädter Str. 20 63762 Großostheim 10.01.2016NLVolker Lappas, (Documentatiegelastigde)* Het hierboven beschreven voorwerp van de verklaring voldoet aan de voorschriften van de richtlijn 2011/65/EU van het Europese Parlement en van de Raad van 8 juni 2011 inzake beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparaten.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Grizzly ERV 1201 31 ZV stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden