Grizzly BRM 46-144 A-OHV Q-360° Handleiding

Grizzly Grasmaaier BRM 46-144 A-OHV Q-360°

Bekijk gratis de handleiding van Grizzly BRM 46-144 A-OHV Q-360° (138 pagina’s), behorend tot de categorie Grasmaaier. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 23 mensen. Heb je een vraag over Grizzly BRM 46-144 A-OHV Q-360° of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/138
BRM 46-144 A-OHV Q-360°
Benzin-Rasenmäher
Tondeuse à essence
Tosaerba a benzina
Benzine-gazonmaaier
Petrol Lawn Mower
Benzynowa kosiarka do trawy
Benzínová sekacka na trávu
Benzínová kosačka
Benzininė vejapjo
Cortacésped de gasolina
DE
FR
IT
NL
GB
PL
CZ
SK
LT
ES
Originalbetriebsanleitung
Traduction de la notice d’utilisation originale
Traduzione delle istruzioni per l’uso in originale
Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing
Translation of the original instructions for use
Tłumaczenie oryginalnej instrukcji obsługi
Překlad originálního návodu k obsluze
Preklad originálneho návodu na obsluhu
Originalios eksploatavimo instrukcijos vertimas
Traducción del manual de instrucciones original

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Grizzly
Categorie: Grasmaaier
Model: BRM 46-144 A-OHV Q-360°

Handleiding Grizzly BRM 46-144 A-OHV Q-360° – volledige tekst

60NLGebruiksdoeleindeHet apparaat is uitsluitend voor het maaien van gazon- en grasvlakten bestemd. Dit apparaat is niet geschikt voor commerci-eel gebruik. Bij commercieel gebruik vervalt de garantie. Iedere andere toepassing, die in deze hand-leiding niet uitdrukkelijk toegestaan wordt, kan tot beschadigingen aan het apparaat lei-den en een ernstig gevaar voor de gebruiker InhoudGebruiksdoeleinde. 60Algemene beschrijving. 61Omvang van de levering. 61Beschrijving van de werking. 61Overzicht. 61Beschermingsinrichtingen. 62Technische gegevens. 62Pictogrammen/Symbolen. 63Symbolen op het apparaat. 63Symbolen in de gebruiksaanwijzing. 64Veiligheidsinstructies. 64Ingebruikname. 67Hoofdligger van de handgreep monteren. 67Grasvangmand monteren/ledigen. 68Niveau-indicator. 68Mulchkit. 68Zijdelingse grasuitworp. 68Starterkabel monteren. 69Motorolie ingieten en oliepeil controleren.

69Benzine ingieten. 69Snoeihoogte instellen. 70Voorwielen instellen. 70Bediening. 70Motor starten en stoppen. 70Maaien. 71Werkinstructies. 71Reiniging en onderhoud. 71Reiniging en algemene onderhoudswerkzaamheden. 71Luchtlter uitwisselen. 72Bougie wisselen / instellen. 72Motorolie verversen. 73Bowdenkabel instellen. 73Mes slijpen/uitwisselen. 73Carburateur instellen. 73Opslag. 73Algemene opslaginstructies. 73Opslag tijdens langere bedrijfsonderbrekingen. 74Afvalverwijdering/ milieubescherming. 74Garantie. 75Onderhoudsintervallen. 76Tabel Onderhoudsintervallen. 76Vervangstukken/Accessoires. 76Foutopsporing. 77 Lees voor de inbedrijfstelling deze bedieningshandleiding aandachtig door. Bewaar de handleiding goed en geef deze door aan de volgende gebruiker van deze sol-deerbout, zodat iedere gebruiker te allen tijde kan beschikken over de informatie.

Vertaling van de originele CE-conformiteitsverklaring. 188Explosietekening. 197Service-Center. 199vormen. Het apparaat is voor het gebruik door vol-wassenen bestemd.

61NLDe fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die door onreglementair gebruik of verkeerde bediening werd veroorzaakt.Algemene beschrijving De afbeelding van de voornaamste functionele onderdelen vindt u op de pagina 2 - 4.Omvang van de leveringPak het apparaat uit en controleer, of de inhoud volledig is:- Benzinegrasmaaier - ingeklapte hoofdligger van de handgreep- Grasvangmand- Mulchkit- Zijdelings uitwerpkanaal- Kabelklem- Montagetoebehoren voor de bevestiging van de hoofdliggers- Bougiesleutel- GebruiksaanwijzingBeschrijving van de werkingHet apparaat wordt met een 4-takt motor (RATO RV145-S) met een zeer groot prestatievermogen aangedreven. Het apparaat is met een hoogwaardige plaatstalen behuizing en een opvouwbare handgreephendel uitgerust.

62NL 32 Vastzetmoer bowdenkabel 33 Instelmoer bowdenkabelBeschermingsinrichtingen 3 Veiligheidsbeugel Bij het loslaten van de veilig-heidsbeugel stopt het apparaat. 6 Stootbescherming bescherm de bedieningsper-soon tegen weggeslingerde onderdelen en tegen een on-opzettelijke aanraking van de messen wanneer er zonder grasvangmand gemaaid wordt. 13 Uitlaatbescherming verhindert dat handen of ont-vlambare materialen met een hete uitlaat in aanraking komen. 14 Zijdelingse uitworp met stoot-bescherming verhindert het zijdelingse weg-slingeren van gemaaid gras en vaste delen en rijgt het gemaai-de gras zijdelings aanee. Technische gegevensBenzine-gazonmaaier. BRM 46-144 A-OHV Q-360°Vermogen. 2,2 KW (3 PS) Motor. RATO RV145-SMotorslagvolume. 144,3 cm3Toerental van de messen n0. 2900 min-1Aanzetmoment messen. max. 45 NmVolume benzinetank. 800 mlOctaangetal. 95-98Volume motorolietank.

500 mlMotorolie. HD SAE 30 of 10W-30Bougie. TORCH F5RTCSnoeicirkel. 460 mmSnoeihoogte. 6-stug, 25-75 mmVolume grasvangmand. 50 lGewicht. 23,5 kgGeluidsdrukniveau (LpA). 83,8 dB (A), KpA=3 dB Akoestisch niveau (LWA)gemeten. 94,4dB (A); KWA=1,17 dBgegarandeerd. 96 dB(A)Vibratie (ah) op de handgreep. 7,629 m/s2; K=1,5 m/s2De aangegeven trillingemissiewaarde werd volgens een genormaliseerd test-methode gemeten en kan ter vergelijking van een stuk gereedschap met een ander gebruikt worden. De aangegeven trillingemissiewaarde kan ook voor een inleidende inschatting van de blootstelling benut worden. Waarschuwing: Afhankelijk van de manier, waarop het gereed-schap gebruikt wordt, kan de trilingemissiewaarde tijdens het e?ectieve gebruik van het gereed-schap van de aangegeven waarde verschillen. Probeer de belasting door trillin-gen zo gering mogelijk te houden.

Voorbeeldmaatregelen voor de reductie van trillingsbelasting zijn het dragen van handschoenen bij het gebruik van het gereedschap en de beperking van de werktijd.

Daarbij moeten alle delen van de bedrijfscyclus in acht worden genomen (bij voorbeeld tijden, waarop het elektrische werktuig is uitgeschakeld en tijden waarin het weliswaar is ingeschakeld, maar zonder belasting draait). Geluids- en trilwaarden worden in over-eenstemming met de in de conformiteit-verklaring vermelde normen en bepalin-gen vastgesteld.

63NLTechnische en optische wijzigingen kun-nen in het kader van de verdere ontwik-keling zonder aankondiging doorgevoerd worden. Alle in deze gebruiksaanwijzing vermelde afmetingen, aanwijzingen en gegevens zijn daarom niet bindend. Wet-tige aanspraken, die op basis van deze gebruiksaanwijzing gemaakt worden, kan men daarom niet doen gelden. Pictogrammen/SymbolenSymbolen op het apparaat Opgelet. Gebruiksaanwijzing lezen. Gevaar voor verwondingen door weggeslingerde onderdelen. Om-ringende Personen op een veilige afstand tot het apparaat houden. Opgepast - Giftige dampen. Apparaat niet in gesloten lokalen bedienen. Opgepast – Benzine is brandbaar. Niet roken en warmtebronnen op een veilige afstand houden. Gevaar voor verwondingen door scherpe messen. Voeten en han-den op een veilige afstand houden. Vóór onderhoudswerkzaamheden motor uitschakelen en bougiedop afrekken.

Apparaat niet blootstellen aan re-gen. Naloop van het mes van de gras-maaier. Gevaar door verwondin-gen. Opgepast - Hete oppervlakke Gevaar voor brandwonden. Opgepast: gevaar voor verwon-dingen. Draag oog- en gehoorbe-scherming. Zet de motor uit wanneer u het ap-paraat verlaat. Maai nooit terwijl er personen, in het bijzonder kinde-ren, of dieren zich in de nabijheid bevinden. dBLWA Aanduiding van het geluidsvolume LWA in dB. 460 mm Snoeicirkel Gevaar. Handen en voeten op een veilige afstand hou-den. Bj /LotBenzin-RasenmäherTondeuse à gazon à essenceBenzinegrasmaaierTagliaerba a benzinaArt. -Nr. 89410089V-Nr. 01A01P: 2,2 kWn0: 2. 900 min-1m: 22,2 kgGrizzly Tools GmbH & Co.

64NLSymbolen aan de hoofdligger van de handgreep:0IONOFF Apparaat inschakelen (ON): Veiligheidsbeugel aantrekken. Apparaat uitschakelen (OFF): Veiligheidsbeugel loslaten. Wielaandrijving aan: Aandrijfbeugel aantrekken Wielaandrijving uit: Aandrijfbeugel loslatenSymbool aan het grasvangmand:STOPGONiveau-indicatorSymbolen in de gebruiksaan-wijzing Gevaarsymbool met informatie over de preventie van personen- of zaakschade. Gebodsteken (in plaats van het uitroepingsteken wordt het gebod toegelicht) met informatie over de preventie van schade. Aanduidingsteken met informatie over hoe u het apparaat beter kunt gebruiken. VeiligheidsinstructiesDeze paragraaf behandelt de essentiële veiligheidsvoorschriften bij het werk met het apparaat. WAARSCHUWING. Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzin-gen.

Verzuim bij de naleving van de veiligheidsinstructies en aanwij-zingen kan een elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken. Aanwijzingen:• Dit apparaat dient niet om door per-sonen (kinderen inbegrepen) met beperkte fysieke, motorieke of psychi-sche capaciteiten of met een tekort aan ervaring en/of kennis gebruikt te worden; tenzij zij van een voor de veiligheid instaande persoon onder toezicht staan of tenzij zij van deze laatste instructies krijgen, hoe het ap-paraat te gebruiken is. • Kinderen dienen onder toezicht te staan om te vrijwaren dat ze niet met het apparaat spelen. • Lees de gebruiksaanwijzing zorgvul-dig. Maak u met de instelbare onder-delen en met het correcte gebruik van het apparaat vertrouwd. • Laat nooit toe, kinderen of andere per-sonen, die de gebruiksaanwijzing niet kennen, het apparaat te gebruiken.

Lokale bepalingen kunnen de mini-mumleeftijd van de gebruiker vastleg-gen. • Maai nooit terwijl er personen, in het bijzonder kinderen, of dieren zich in de nabijheid bevinden. Bij verstrooiing kunt u de controle over het apparaat verliezen.

65NLVoorbereidende maatregelen:• Tijdens het maaien dient er altijd vast schoeisel en dienen er altijd lange broeken gedragen te worden. Maai niet op blote voeten of in lichte san-dalen. Loszittende kledij, sieraden of lang haar kunnen door bewegende onderdelen vastgegrepen worden. Het dragen van geschikte kledij doet het risico voor verwondingen afnemen. • Controleer het terrein, waarop het apparaat gebruikt wordt, en verwijder alle voorwerpen (bijvoorbeeld stenen, stokken, draden), die vastgegrepen en weggeslingerd kunnen worden. • Waarschuwing: benzine is in hoge mate ontbrandbaar. Vuur of ontplo?n-gen kunnen tot ernstige brandwonden leiden:- Bewaar benzine uitsluitend in de daarvoor voorziene reservoirs. - Tank uitsluitend in de open lucht en rook niet terwijl u benzine ingiet. - Benzine dient vóór de start van de motor ingegoten te worden.

Terwijl de motor draait of bij een heet ap-paraat mag de tankdop niet ge-opend of benzine bijgevuld worden. - Indien er benzine overgelopen is, mag er geen poging ondernomen worden, de motor te starten. In plaats daarvan dient het apparaat van het door benzine bevuilde op-pervlak gereinigd te worden. Iedere ontstekingspoging dient vermeden te worden totdat benzinedampen verdampt zijn. - Omwille van de veiligheid dienen ben-zinetank- en andere tankdoppen bij beschadiging uitgewisseld te worden. • vervang defecte geluiddempers. • Vóór het gebruik dient er altijd een visuele controle doorgevoerd te wor-den, of het snoeigereedschap, de bevestigingsbouten en de complete snoei-eenheid versleten of bescha-digd is/zijn. Om een onbalans te vermijden, mag/mogen versleten of beschadigd gereedschap en bouten slechts per paar uitgewisseld worden.

Het gebruik van vreemde onderdelen kan tot verwon-dingen leiden en heeft een onmiddel-lijk verlies van de garantieclaim tot gevolg. Hantering:• Laat de verbrandingsmotor niet draai-en in gesloten lokalen, waar er zich gevaarlijk koolmonoxide kan ophopen. • Maai uitsluitend bij daglicht of bij een goede kunstmatige verlichting. Een onverlicht werkterrein kan tot ongeval-len leiden. • Vermijd zo mogelijk het gebruik van het apparaat bij nat gras. • Let altijd op een veilige stand, in het bijzonder op hellingen. Daardoor kunt u het apparaat in onverwachte situa-ties beter controleren. - Werk altijd dwars op de helling, nooit op- of neerwaarts. - Wees uiterst voorzichtig als u de rijdrichting op de helling wijzigt. - Maai niet op overdreven steile hel-lingen (max. 10°). • Beweeg het apparaat slechts stap-voets voort.

66NL• Houd het snoeigereedschap stil wan-neer het apparaat gekanteld moet worden, voor het transport op andere vlakten dan gras en wanneer het ap-paraat van de te maaien vlakte weg of in de richting van de te maaien opper-vlakte voortbewogen wordt. • Gebruik nooit het apparaat met be-schadigde beschermingsinrichtingen of beschermroosters of zonder aan-gebouwde beschermingsinrichtingen, bijvoorbeeld stootbescherming en/of grasvanginrichtingen. Daardoor wordt ervoor gezorgd dat de veiligheid van het apparaat gehandhaafd blijft. • Wijzig de regelaarinstelling van de motor niet of draai deze niet dol. U zou het apparaat kunnen beschadi-gen. • Voordat u de motor start, ontkoppelt u al het snoeigereedschap en alle aan-drijvingen. • Start of activeer de startschakelaar met voorzichtigheid en dit in overeen-stemming met de door de fabrikant verstrekte instructies.

Let op vol-doende afstand van de voeten tot het snoeigereedschap. Er bestaat gevaar voor verwondingen. • Bij het starten of aanzetten van de motor mag het apparaat niet gekan-teld worden tenzij het apparaat bij het procédé opgetild moet worden. In dit geval kantelt u het apparaat slechts in die mate als absoluut noodzakelijk is en tilt u enkel de van de gebruiker afgewende zijde op. • Start de motor niet wanneer u vóór het uitwerpkanaal staat. • Schakel de motor op instructie in en enkel wanneer uw voeten zich op een veilige afstand tot het snoeigereed-schap bevinden. • Breng nooit handen of voeten tegen of onder draaiende onderdelen. Neem altijd een veilige afstand tot de uitwer-popening in acht. Eén moment van onoplettendheid bij het gebruik van het apparaat kan tot ernstige verwon-dingen leiden. • Het apparaat nooit met een draaiende motor optillen of dragen.

• Zet de motor uit, trek de bougiedop af en vergewis u dat alle beweegbare onderdelen stilstaan:- voordat u blokkeringen lost of ver-stoppingen in het uitwerpkanaal verhelpt;- voordat u het apparaat controleert, reinigt of eraan werkt;- wanneer een vreemd voorwerp geraakt werd. Zoek naar beschadi-gingen aan het apparaat en voer de noodzakelijke reparaties door voor-dat u herstart en met het apparaat werkt;- indien het apparaat ongewoon sterk begint te trillen, is een onmiddellijke controle noodzakelijk. • Zet de motor uit- wanneer u het apparaat verlaat;- voordat u bijtankt;. • Laat het apparaat nooit zonder toe-zicht op de werkplaats achter. • Werk niet met een beschadigd, onvol-ledig of zonder de toestemming van de fabrikant omgebouwd apparaat. Het gebruik van machines voor an-dere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.

67NL• Bewaar het apparaat nooit met ben-zine in de tank in een gebouw, waar benzinedampen mogelijkerwijs met open vuur of met vonken in aanraking kunnen komen. • Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat in gesloten lokalen wegzet. Er bestaat brandgevaar. • Om brandgevaar te vermijden, houdt u motor, uitlaat en de zone rond de brandstoftank vrij van gras, bladeren of vrijkomend vet (olie). • Controleer regelmatig de grasvang-inrichting op slijtage of verlies van de functionaliteit. • Vervang versleten of beschadigde onderdelen omwille van de veiligheid. Vervang defecte geluiddempers. • Indien de brandstoftank geledigd dient te worden, dient dit in de open lucht te gebeuren. • Behandel uw apparaat met zorgzaam-heid. Houd het gereedschap scherp en netjes om beter en veiliger te kun-nen werken. Leef de onderhoudsvoor-schriften na.

• Tracht niet, het apparaat zelf te repa-reren, tenzij u hiervoor een opleiding genoten heeft. Al de werkzaamheden, die niet in deze handleiding vermeld worden, mogen uitsluitend door klan-tenserviceafdelingen, die door ons ge-machtigd werden, uitgevoerd worden. • Bewaar het apparaat op een droge plaats en buiten het bereik van kin-deren. Machines zijn gevaarlijk als ze door onervaren personen gebruikt worden. Ingebruikname Opgepast. Gevaar voor verwon-dingen door roeterend mes. Voer werkzaamheden aan het apparaat uitsluitend bij een uit-geschakeld en stilstaand mes door. Voordat u het apparaat start, moet u- Beschermdoppen afnemen- de hoofdligger van de handgreep monteren- eventueel de grasvangmand/de mul-chkit/het zijdelingse uitwerpkanaal monteren.

68NL 5. Bevestig de bowdenkabels (5a) met behulp van de kabelklem (5) aan de hoofdligger. Grasvangmand monteren/ledigen Opgelet: apparaat niet zonder volledig aangebrachte gras-vangmand of zonder stootbe-scherming bedienen. Gevaar voor verwondingen. Vangmand (19) monteren: 1. Draai de kruisgleufschroef (27a) aan het transporthandvat (27) los. 2. Plaats het transporthandvat (27) op de bovenzijde van de gras-vangkorf (19) en schroef het langs onder met de kruisgleuf-schroef (27a) vast. 3. Stang het stangenmechanisme (25) van de vangmand in het net van de vangmand. 4. Stulp de kunststofstrips (26) over het stangenmechanisme (25) van de vangmand. Grasvangmand aan het appa-raat aanbrengen: Vóór het gebruik van de vangmand moeten de mulchkit en het zijde-lingse uitwerpkanaal verwijderd zijn (zie , ). 5. Til de stootbescherming (6) op. 6.

Haak de grasvangmand (19) in de daarvoor voorziene ophan-ging (28) aan de achterzijde van het apparaat vast. 7. Til de stootbescherming (6) op en neem de grasvangmand uit. Vangmand afnemen/ledigen: 8. Til de stootbescherming (6) op en neem de vangmand (19) uit. 9. Ledig de vangmand (zie hoofd-stuk „Afvalverwijdering/milieu-bescherming“) en monteer ze weer. Niveau-indicatorZijdelings aan de grasvangmand ( 19) is een niveau-indicator ( 19a) aange-bracht. De aërodynamische luchtgeleiding van de klep zorgt aanvullend voor de opti-male vulling. GO Klep geopend: Grasvangmand leegSTOP Klep gesloten: Grasvangmand volMulchkit Vóór het gebruik van de mulchkit moet het zijdelingse uitwerpkanaal verwijderd zijn (zie ). Mulchkit aanbrengen 1. Verwijder de vangzak ( 19), indien deze aangebracht is. 2. Til de stootbescherming (6) op. 3. Druk de mulchset (23) in. De beugel (23a) klikt vast.

69NL Zijdelings uitwerpkanaal aan-brengen 1. Ontgrendel de zijdelingse bots-bescherming (14), door het vergrendelingselement (14a) naar links te trekken en de zij-delingse botsbescherming (14) te openen. 2. Haak het zijdelingse uitwerpka-naal (24) vast en leg de zijde-lingse stootbescherming (14) neer. Deze houdt het zijdelingse uitwerpkanaal in positie. Starterkabel monteren 1. Trek de veiligheidsbeugel (3) in de richting van de hoofdligger (1) van de handgreep en houd deze tegen. 2. Trek langzaam de starterkabel aan de startergreep (22a) in de richting van de hoofdligger en haak de starterkabel in de star-terkabelgeleiding (22b) vast. 3. Laat de veiligheidsbeugel (3) los. Motorolie ingieten en oliepeil controleren Zet het apparaat op een e?en vloer1. Draai de olietankdop met meetstaaf ( 15) los en giet olie in de tank. De olietank bevat 0,5 l olie.

Gebruik olie van een bekend merk (bijvoorbeeld SAE 30). 2. Om het oliepeil te controleren, veegt u de meetstaaf met een schoon vodje af en brengt u de meetstaaf weer tot aan de aanslag in de tank aan. 3. Lees na het uittrekken het oliepeil aan de meetstaaf af. Het oliepeil moet zich in het gemar-keerde veld tussen merkteken “Minimum” en merkteken “Maxi-mum” bevinden. 4. Veeg eventueel gemorste olie af en sluit de olietankdop ( 15) terug. Telkens vóór het maaien contro-leert u het oliepeil en vult u bij het bereiken van het onderste punt van de markering olie bij. Benzine ingieten Waarschuwing. Benzine is ont-vlambaar en schadelijk voor de gezondheid: - Benzine in daarvoor voorziene reservoirs bewaren. - Tanken uitsluitend in de open lucht en nooit bij een draaiende motor of hete machine. - Tankdeksel voorzichtig openen opdat de overdruk kan afnemen. - Bij het tanken niet roken.

- Huidcontact en het inademen van de dampen vermijden. - Gemorste benzine verwijderen. - Benzine op een veilige afstand tot vonken, open vlammen en andere ontstekingsbronnen houden. - Gebruik geen mengsels van benzine met olie.

70NL1. Schroef het tankdeksel ( 7) los en giet benzine tot aan de onderkant van de vulpijp in. Giet de tank niet helemaal vol opdat de benzine plaats heeft om uit te zet-ten.2. Veeg rond het tankdeksel benzineres-ten af en sluit het tankdeksel terug. Snoeihoogte instellenHet apparaat bezit 6 posities voor de instelling van de snoeihoogte (van 25 - 75 mm): 1. Trek de hefboom (18) naar bui-ten en verschuif deze tot in de gewenste positie. 2. Duw de hefboom weer naar binnen.De correcte snoeihoogte bedraagt bij een siergazon ongeveer 25 - 45 mm, bij een nuttig gazon ongeveer 40 - 65 mm. Om voor de eerste keer in het sei-zoen te snoeien, dient een hoge snoeihoogte gekozen te worden.Voorwielen instellenDe grasmaaier is vanwege de speciale constructie van de voorwielen extreem exibel en wendbaar. Afhankelijk van de situatie als volgt instellen: 1.

Slot de klemmen beugel (29) is de uitlijning van het wielvastge-steld. Indien gewenst het wiel in de andere richting, klemmen beugel opgelost door op te hef-fen. Wiel in de nieuwe positie en klem betrekken. 2. Mochten de voorwielen vrij be-weegbaar blijven, spanbeugel (29) optillen en niet in de uitspa-ring vergrendelen, maar ernaast op de plaat neerlaten.Bediening Neem de geluidswering en lokale voorschriften in acht. Motor starten en stoppen Waarschuwing! Benzine is ont-vlambaar. Start de motor op een afstand van minstens 3 m van de plaats, waar ze ingegoten wordt. Start het apparaat op een vaste, e?en vloer, zo mogelijk niet in hoog gras. Vergewis u dat het snoeige-reedschap noch voorwerpen, noch de grond raakt. Controleer regelmatig benzine en oliepeil (zie „Ingebruikname“) en vul tijdig bij. Koude start: 1. Druk 3 keer op de brandstof-pomp ( 30). 2.

71NL Motor stoppen: 5. Laat de veiligheidsbeugel (3) los. De motor schakelt uit en het mes wordt afgeremd. Bij een warme start is het niet nodig de primer ( 30) in te druk-ken. Controleer regelmatig het messen-stopsysteem. Laat de veiligheids-beugel (3) los. De motor wordt uitgeschakeld en het mes wordt geremd. Het mes moet binnen 7 seconden stoppen. Maaien 1. Start de motor. 2. Wielaandrijving : Aan: trek de aandrijfbeugel (2) n de richting van de hoofdligger van de handgreep, de maaier beweegt voorwaarts. Uit: laat de aandrijfbeugel (2) los. Het apparaat blijft stilstaan. Werkinstructies• Maai zo droog mogelijk gras om de grasnerf te ontzien. • Stel de snoeihoogte zodanig in, dat het apparaat niet overbelast wordt. • Breng het apparaat stapvoets in zo recht mogelijke stroken. Om compleet te maaien, moeten de banen elkaar altijd enkele centimeters overlappen. • Beweeg niet achterwaarts.

• Werk op hellingen altijd dwars op de helling. • Indien de messen met een vreemd voorwerp in aanraking komen, zet u de motor onmiddellijk uit. Wacht de stilstand van het mes af en controleer het apparaat op beschadigingen. Her-vat het werk uitsluitend bij een onbe-schadigd apparaat. • Schakel bij langere werkonderbrekin-gen en voor het transport het appa-raat uit en wacht de stilstand van het mes af. • Reinig het apparaat telkens na ge-bruik zoals in het hoofdstuk „Reiniging en onderhoud“ beschreven. Reiniging en onderhoud Laat reparatiewerkzaamheden en onderhoudswerkzaamheden, die niet in deze handleiding beschreven zijn, op een service-werkplaats doorvoeren. Maak uitsluitend gebruik van originele Grizzly Tools-wisselstukken. Er bestaat gevaar voor ongevallen. Voer onderhouds- en reinigings-werkzaamheden in principe bij een uitgeschakelde motor en een afgetrokken bougiedop door.

72NLGebruik om te reinigen een borstel of een doek, maar geen bijtende reini-gings- of oplosmiddelen. Gebruik om te reinigen van de motor geen water, het zou de brandston-stallatie kunnen verontreinigen. • De blade-behuizing schoon te maken kan op de top van huisvesting (34) een worden verbonden met slang (zie g. ). • Verwijder na het maaien vastklevende plantenresten met een stuk hout of plastic. Reinig in het bijzonder de ven-tilatieopeningen, de uitwerpopening en het bereik van de messen. Gebruik geen harde of puntige voorwerpen, u zou het apparaat kunnen beschadi-gen. • Smeer de wielen van tijd tot tijd met olie in. • Controleer de grasmaaier telkens vóór gebruik op zichtbare gebreken zoals losse, versleten of beschadigde on-derdelen. Ga de vaste zitting van alle moeren, bouten en schroeven na.

• Controleer afdekkingen en bescher-mingsinrichtingen op beschadigingen en correcte zitting. Wissel deze even-tueel uit. Luchtlter uitwisselen Bedien het apparaat nooit zonder luchtlter. Stof en vuil geraken anders in de motor en leiden tot beschadigingen aan de machine. 1. Verwijder de cover aan de lucht lter (10) en open het klepje. 2. Neem de luchtlter (9) uit. 3. Vervang een defecte luchtlter door een nieuwe lter (zie „reserveonderdelen“). 4. Voor de montage brengt u de nieuwe luchtlter (9) in de lucht-lterafdekking (10) aan. 5. Sluit de klep van de lter van de lucht en snap het stevig. Bougie wisselen / instellen Versleten bougies of een te grote ontstekingsafstand leiden tot een vermindering van het vermogen van de motor 1. Trek de bougiedop ( 11) af door gelijktijdig aan de bougie (31) te trekken en te draaien. 2.

Schroef de bougie (31) te gen de richting van de wijzers van de klok in met een bougiesleutel uit. 3. Kijk de ontstekingsafstand met behulp van een (in de gespeci-aliseerde handel verkrijgbaar) voelkaliber na. De ontstekings-afstand moet 0,75 mm bedra-gen. 4.

Stel de afstand eventueel in doordat u de aardelektrode van de bougie voorzichtig buigt. 5. Reinig de bougie met een draadborstel. 6. Breng de gereinigde en inge-stelde bougie aan of vervang een beschadigde bougie door een nieuwe (aanbevolen aan-zetmoment 20 Nm, met draai-momentsleutel vastgesteld).

73NLMotorolie verversen Vervang de motorolie als de ben-zinetank leeg is en de motor warm heeft. • Ververs de motorolie voor de eerste keer na ongeveer 5 be-drijfsuren, daarna telkens na 50 bedrijfsuren of jaarlijks. • Voer de oude olie op milieu-vriendelijke wijze af (zie „Af-valverwijdering/milieubescher-ming“)1. Trek de bougiestekker af ( 11) ab. 2. Open de dop van de olietank ( 15) en pomp de motorolie af met een olie-pomp. 3. Giet motorolie bij (zie „Ingebruikne-ming“). Bowdenkabel instellenAls de bowdenkabel voor de aandrijving versteld werd en teveel speling heeft, kunt u hem afstellen. 1. Draai de kleine borgmoer (32) losser. 2. - Draai de instelmoer (33) te-gen de richting van de wijzers van de klok in: Bowdenkabel wordt korter. - Draai de instelmoer (33) in de richting van de wijzers van de klok: Bowdenkabel wordt langer.

Mes slijpen/uitwisselen• Trek de bougiestekker af en contro-leer het mes op slijtage en beschadi-gingen. • Laat een stop mes altijd op een ser-vicewerkplaats bijslijpen omdat men daar een controle van de onbalans kan doorvoeren. • Laat een beschadigd mes of een mes met onbalans altijd op een service-werkplaats uitwisselen. Een verkeerde montage kan lei-den tot ernstige verwondingen. Kantel een met benzine of olie gevulde grasmaaier nooit op zijn kant of naar voren. Dit leidt tot schade aan de motor en doet de garantie vervallen. Carburateur instellenDe carburateur werd in de fabriek vooraf op een optimaal vermogen ingesteld. Indien instellingen achteraf noodzakelijk zijn, laat u de instellingen op een service-werkplaats doorvoeren. OpslagAlgemene opslaginstructies Bewaar het apparaat niet met een gevulde vangmand. Bij heet weer begint het gras onder in-vloed van warmte te broeien.

Er bestaat brandgevaar. • Reinig en onderhoud het apparaat vóór de opslag. • Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat in gesloten lokalen wegzet. • Gebruik voor de bewaring van de brandstof geschikte en toegestane reservoirs.

74NLbuiten het bereik van kinderen. • Voor een plaatsbesparende bewaring kunt u de bovenste hoofdligger van de handgreep naar beneden klappen (zie kleine afbeelding). Los de snel-spanhefboom en klap de hoofdligger van de handgreep in opdat het ap-paraat minder plaats in beslag neemt. De bowdenkabels mogen daarbij niet gekneld worden. • Omhul het apparaat niet met nylon-zakken omdat vochtigheid en schim-mel tot ontwikkeling zouden kunnen komen. Opslag tijdens langere be-drijfsonderbrekingen Veronachtzaming van de opslagin-structies kan door brandstofresten in de carburateur tot startproble-men of permanente beschadigin-gen leiden. • Ledig de benzinetank op een goed geventileerde plaats. • Ledig de carburateur: Start daarvoor de motor en laat hem draaien totdat de motor stopt. Laat de motor afkoelen. • Ververs de olie (zie „Motorolie verver-sen“).

• Conserveer de motor:- Draai de bougie uit (zie „Reiniging en onderhoud” (Bougie wisselen / instellen);- Giet een eetlepel motorolie door de bougieopening in de motorruimte;- Trek meermaals langzaam aan de starterkabel bij een afgetrokken veiligheidsbeugel en dit om de olie in het binnenste gedeelte van de motor te verdelen. - Schroef de bougie weer vast. • Voer oude olie en benzineresten op milieuvriendelijke wijze af (zie „Afval-verwijdering/milieubescherming“). De benzinetank moet niet geledigd worden wanneer u aan de benzine een brandstofstabilisator toevoegt. Afvalverwijdering/milieu-bescherming• Breng het apparaat, de toebehoren en de verpakking naar een geschikt recy-clagepunt. - Ledig de benzine- en olietank zorgvuldig en geef uw apparaat in een recyclingpark af.

De gebruikte kunststof- en metalen onderdelen kunnen per soort gescheiden wor-den en zodoende aan een recycling onderworpen worden. - Oude olie en benzineresten in een recyclingpark afgeven en niet in de riolering of in de afvoer gieten. - Raadpleeg hiervoor uw Grizzly Tools-dealer.

75NLGarantie• De garantieperiode voor dit apparaat bedraagt 2 jaar vanaf aankoopdatum en geldt uitsluitend voor de eerste ko-per. Dit apparaat is niet geschikt voor commercieel gebruik. Bij commercieel gebruik vervalt de garantie.• Van de garantie uitgesloten zijn:- Schade, die aan natuurlijke slijtage, overbelasting of onoordeelkundige bediening te wijten is.- Apparaten, die voor een commerci-ele toepassing gebruikt worden.

- Beschadigingen, die ten gevolge van veronachtzaming van de bedie-ningshandleiding ontstaan zijn of als de reinigingsintervallen niet nage-leefd werden.- Apparaten, waarbij reeds techni-sche ingrepen doorgevoerd werden.• Ook buiten de garantie valt motor-schade die zijn ontstaan door ver-keerde brandstof of een verkeerde mengverhouding en iedere schade aan de machine die te wijten zijn aan onvoldoende smering.• Volgende onderdelen zijn aan nor-male slijtage onderhevig en vallen daarom niet onder de garantie: snoei-inrichting, bougies, luchtlter, brand-sto?lter, startkabel.• Gelieve geen apparaten zonder voor-afgaande telefonische coördinatie naar onze servicewerkplaatsen te zenden. In het andere geval kunnen u ten gevolge van weigering van accep-tatie kosten ten deel vallen.• Opgelet: Stuur ons in geen geval een defecte machine met een volle brandstof- of olietank toe.

Maak de tanks in ieder geval leeg. Alle mate-riële schade die hier het gevolg van is (uitlopende olie/benzine als het ap-paraat op zijn kant of op de kop wordt gelegd) c.q. brandschade tijdens het transport valt ten laste van de afzen-der. • De reparatie of de uitwisseling van het apparaat leidt noch tot een ver-lenging van de garantieperiode, noch wordt door deze voor het apparaat te leveren prestatie of voor eventueel ingebouwde onderdelen een nieuwe garantieperiode ingeleid. Dit geldt ook bij gebruikmaking van een service ter plaatse.• De afvalverwijdering van uw defecte ingezonden apparaten voeren wij gra-tis door.

76NLOnderhoudsintervallenVoer de in de tabel vermelde onderhoudswerkzaamheden regelmatig door. Door een regelmatig onderhoud wordt de levensduur van het apparaat verlengd.

77NLFoutopsporingProbleem Mogelijke oorzaak Oplossing van de foutMotor start nietTe weinig benzine in de tank Benzine ingietenVerkeerde startvolgordeAanwijzingen om de motor te star-ten in acht nemen (zie „Bediening“)Bougiedop ( 11) niet correct opgestoken Vol roet gekomen bougie ( 31)Bougiedop opsteken Bougie reinigen, instellen of vervan-gen (zie „Reiniging en onderhoud“)Foutief ingesteld carburateur-mengselCarburateur op een servicewerk-plaats laten instellenMotor start, maar apparaat draait niet met maxi-male capaciteitVervuilde luchtlter ( 13)Luchtlter vervangen (zie „Reini-ging en onderhoud“)Foutief ingesteld carburateur-mengselCarburateur op een servicewerk-plaats laten instellenMotor hapert, loopt vastFoutief ingesteld carburateur-mengselCarburateur op een servicewerk-plaats laten instellenVol roet gekomen bougie ( 31) Bougies reinigen, instellen of ver-vangen (zie „Reiniging en onder-houd“)Motor wordt oververhitVentilatiesleuven verstopt Ventilatiesleuven reinigenVerkeerde bougie ( 31)Bougie wisselenTe weinig motorolie in de motorMotorolie ingieten (zie „Ingebruik-name“)Aandrijving scha-kelt niet inBowdenkabels ( 33) ver-steldBowdenkabels instellen of door een servicewerkplaats laten instellenResultaat van het werk niet bevre-digend of motor werkt moeilijkGras te kort of te hoogSnoeihoogte wijzigen (zie „Snoeihoogte instellen“)Mes stompMes op servicewerkplaats laten scherpen of uitwisselenMes door gras geblokkeerd, grasvangmand vol, uitwerpkanaal verstoptGras verwijderen (zie „Reiniging en onderhoud“)Mes roteert nietMes door gras geblokkeerd Gras verwijderenMes niet correct gemonteerdMes op servicewerkplaats laten monterenAbnormale gelui-den, gerammel of trillingenMes niet correct gemonteerdMes op servicewerkplaats laten monterenMes beschadigd

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Grizzly BRM 46-144 A-OHV Q-360° stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden