Gorenje WT62122 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Gorenje WT62122 (26 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Gorenje WT62122 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Gorenje |
| Categorie: | Wasmachine |
| Model: | WT62122 |
| Apparaatplaatsing: | Vrijstaand |
| Kleur van het product: | Wit |
| Deurscharnieren: | Boven |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 62000 g |
| Breedte: | 400 mm |
| Diepte: | 600 mm |
| Hoogte: | 900 mm |
| Type lader: | Bovenbelading |
| Trommelinhoud: | 42 l |
| Uitgestelde start timer: | Ja |
| Startvertraging: | 24 uur |
| Gewicht verpakking: | 64000 g |
| Energie-efficiëntieklasse (oud): | A+++ |
| Jaarlijkse energieverbruik wassen: | 173 kWu |
| Centrifuge-droger klasse: | B |
| Geluidsniveau (wassen): | 59 dB |
| Maximale centrifugesnelheid: | 1200 RPM |
| Geluidsniveau bij centrifugeren: | 78 dB |
| Jaarlijks waterverbruik wassen: | 8926 l |
| Aantal wasprogramma's: | 18 |
| AquaStop-functie: | Ja |
| Nominale capaciteit (wassen): | 6 kg |
| Nominale capaciteit: | 6 kg |
| Wasprogramma's: | Hygiene/anti-allergy,Black |
Handleiding Gorenje WT62122 – volledige tekst
GEBRUIKSOMSCHRIJVING Deze wasmachine is bestemd alleen voor het wassen en centrifugeren van het wasgoed in een hoeveelheid die gebruikelijk in een huishouden is. • Houd u aan de instructies in deze gebruiksaanwijzing en in de programmatabel wanneer u de wasmachine gebruikt. • Bewaar deze gebruiksaanwijzing en de programmatabel; als u de wasmachine aan iemand anders doorverkoopt, geef hem of haar dan ook de gebruiksaanwijzing en de programmatabel. ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN EN ADVIEZEN1. Veiligheidsvoorschriften• De wasmachine is alleen geschikt voor gebruik binnenshuis. • Bewaar geen brandbare vloeistoffen in de buurt van het apparaat. • Plaats geen elektrische apparaten op de afsluitklep van uw wasmachine. • Kinderen moeten onder toezicht staan om er zeker van te zijn dat ze niet met het apparaat spelen.
• Wasmachine kan door kinderen vanaf 8 jaar, personen met beperkte fysieke, zintuiglijke of psychische mogelijkheden en de personen met onvoldoende ervaringen of kennis, bediend worden op voorwaarde, dat ze onder toezicht zijn of waren onderricht door een verantwoordelijke persoon over een veilig gebruik van een wasmachine en dat ze begrijpen, dat er mogelijke gevaren uit het gebruik kunnen voortvloeien. Kinderen mogen niet met de wasmachine spelen. Zorg en onderhoud van de machine mag niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd. • Forceer de afsluitklep niet bij het openen. • nodig kan het netsnoer vervangen worden door een identiek snoer dat verkrijgbaar is via de klanten-service. Het netsnoer mag uitsluitend worden vervangen door een gekwalifi- ceerde elektricien. être remplacé que par un technicien qualifié.
• Zet de wasmachine altijd uit en haal altijd de stekker uit het stopcontact of koppel het apparaat van het elektriciteitsnet voordat u onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uitvoert. 2. Verpakking• Het verpakkingsmateriaal is 100% recyclebaar en draagt het recyclingsymbool.
Voor de verwerking dienen de plaatselijke voorschriften te worden nageleefd. 3. De verpakking en oude apparaten als afval verwerken• Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese Richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte elektrische en elektronische apparaten (AEEA). • Door ervoor te zorgen dat dit product naar behoren wordt afgevoerd, helpt u te voorkomen dat het mogelijke negatieve consequenties heeft voor het milieu en de menselijke gezondheid, die zouden kunnen worden veroorzaakt door onjuiste afvoer als afval van dit product. • Het symbool op het product, of op de documenten die bij het product geleverd worden, geeft aan dat dit apparaat niet mag worden behandeld als huishoudelijk afval. In plaats daarvan moet het worden afgegeven bij het desbetreffende verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparaten.
De afvoer moet geschieden in overeenstemming met de plaatselijke milieuvoorschriften inzake afvalver-werking. Voor nadere informatie over de behandeling, herwinning en recycling van dit product, wordt u verzocht contact op te nemen met het plaatselijke stadskantoor, uw afvalophaaldienst of de winkel waar u het product heeft aangeschaft. • De wasmachine is gemaakt met herbruikbare materialen. De wasmachine moet worden verwerkt als afval in overeenstemming met de plaatselijke voorschriften. • Verwijder voordat u het apparaat afdankt alle wasmiddelresten en snijd de elektriciteitskabel door zodat het apparaat onbruikbaar wordt. 4. Algemene adviezen• Laat de wasmachine niet aangesloten op het elektriciteitsnet wanneer u deze niet gebruikt. Draai de kraan dicht. 5.
VOORDAT U DE WASMACHINE IN GEBRUIK NEEMT1. Verpakking verwijderen en controlerena. Snijd de krimpfolie open en verwijder deze. b. Verwijder het bovenste beschermdeel en de beschermende hoeken. c. Verwijder het beschermdeel aan de onderkant door de wasmachine schuin te zetten op een van de achterste hoeken. Zorg ervoor dat het kunststof deel van de bescherming aan de onderkant (indien aanwezig op het model) in de verpakking achterblijft en niet in de onderkant van de machine. Dit is belangrijk, omdat het kunststof deel de wasmachine kan beschadigen tijdens gebruik. d. Open de afsluitklep door deze licht neer te drukken terwijl u de handgreep omhoog beweegt. Verwijder het polystyreen kussen (afhankelijk van het model). e. Verwijder de blauwe beschermfolie van het bedieningspaneel (afhankelijk van het model). • Controleer na het uitpakken of de wasmachine niet beschadigd is.
Gebruik de wasmachine in geval van twijfel niet. Neem in dat geval contact op met de klantenservice of uw plaatselijke leverancier. • Bewaar het verpakkingsmateriaal (plastic zakken, polystyreen enz. ) buiten bereik van kinderen; dit kan gevaarlijk zijn. • Indien het apparaat voor aflevering is blootgesteld aan lage temperaturen, laat het apparaat dan eerst even op kamertemperatuur komen voordat u het in gebruik neemt. 2. Verwijderen van de transportsteun• De wasmachine is uitgerust met transportschroeven en een transportsteun om schade tijdens het vervoer te voorkomen. Voordat u de wasmachine gebruikt moet u de transportsteun verwijderen (zie “Installatie”/“Verwijderen van de transportsteun”). 3. Installeren van de wasmachine• Plaats de wasmachine op een vlak en stabiel vloeroppervlak.
• In geval van houten of zogenaamde zwevende vloeren (bijvoorbeeld parket- of laminaatvloeren) dient het apparaat op een blad van multiplex met afmetingen van tenminste 40 x 60 cm en een dikte van tenminste 3 cm geschroefd te worden. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen in de onderkant van de wasmachine (indien aanwezig op uw model) niet worden geblokkeerd door tapijt of ander materiaal. 4. Watertoevoer• Sluit de watertoevoerslang aan volgens de voorschriften van het Waterleidingbedrijf (zie “Installatie”/“Aansluiten van de watertoevoerslang”). • Watertoevoer: Uitsluitend koud water• Waterkraan: 3/4” schroefdraadaansluiting voor slang• Druk: 100-1000 kPa (1-1bar). 5. Afvoerslang• Verbind de uitlaatbuis vast aan de stankafsluiter of aan een andere uitlaat van de riolering (zie “Installatie”/ “Aansluiten van de watertoevoerslang”).
• Als de wasmachine op een ingebouwd afpompsysteem is aangesloten, dient u zich ervan te verzekeren dat dit systeem is uitgerust met een ventiel, zodat er niet tegelijkertijd water aan- en afgevoerd kan worden (sifoneffect). 6. Elektrische aansluiting• Elektrische aansluitingen moeten tot stand worden gebracht door een bevoegd technicus en in overeenstemming met de instructies van de fabrikant en actuele standaardveiligheidsvoorschriften. • De technische gegevens (voltage, netvoeding en zekeringen) zijn vermeld op het typeplaatje aan de achterkant van de wasmachine. • Gebruik geen verlengkabels of meervoudige stopcontacten. • Na de installatie moeten de stekker of de afkoppeling van het elektriciteitsnet via een tweepolige schakelaar altijd toegankelijk zijn. • Gebruik de wasmachine niet als deze tijdens transport is beschadigd. Stel in dat geval de klantenservice op de hoogte.
• Het netsnoer mag alleen door de een medewerker van de klantenservice worden vervangen. • De wasmachine moet aangesloten worden op een effectief aardstation, in overeenstemming met de geldende voorschriften.
Wasmachines die geïnstalleerd zijn in ruimtes waar tevens een douche of bad is, moeten in het bijzonder beschermd worden door een differentiaal reststroomapparaat van ten minste 30 mA. De wasmachine moet volgens de wet geaard zijn. De fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade aan voorwerpen of voor letsel aan personen of dieren die/dat direct of indirect veroor- zaakt is door het niet in acht nemen van deze gebruiksaanwijzing. • Bij het gebruik van een aardelkschakelaar (RCCB) alleen gebruik maken van een model gemerkt met. Geschatte afmetingen:Breedte: 400 mmHoogte: 900 mmDiepte: 600 mm.
BESCHRIJVING VAN DE WASMACHINE 1(afbeelding )a. Afsluitklepb. Doseerbakje wasmiddel c. Trommel d. Toegang tot de pomp achter het filter e. Klantenservice-sticker (achter het deurtje van het filter) f. Hendel (afhankelijk van het model). De wasma-chine verplaatsen: trek de hendel met de hand een beetje naar buiten en duw hem met de voet verder, tot hij niet verder kan. g. Verstelbare pootjesINSTALLATIEVerwijderen van de transportsteunDe wasmachine is uitgerust met een transportsteun om schade tijdens het vervoer te voorkomen. BELANGRIJK: Voordat u de wasmachine in gebruik neemt, MOET de transportsteun verwijderd worden. 1. Draai de twee schroeven “ ” en de vier schroeven A“ ” los met een platte schroevendraaier of een Bmoersleutel nr. 8 (afbeelding ). 22. Verwijder de transportsteun (afbeelding ). 33.
Plaats de vier buitenste schroeven “ ” opnieuw in Bde machine en draai ze vast (afbeelding ). 24. Klem de twee bijgeleverde afdichtingen “ ” in de Copeningen “ ” van de wasmachine (afbeelding ). D 4Opmerking: vergeet niet de vier buitenste schroeven terug te plaatsen en vast te draaien. Afstellen van de pootjes 5 6 (afbeelding , )Installeer de wasmachine op een vlakke ondergrond, dichtbij de aansluitingen van elektriciteit, water en afvoer. Als de vloer oneffen is, moeten de pootjes worden bijgesteld (leg geen stukken hout, karton enz. onder de pootjes):1. Draai de voeten van de wasmachine los met de hand, door 2 tot 3 keer met de klok in, daarna doe de bevestigingsmoer los met behulp van de sleutel. 2. Stel de hoogte van de pootjes met de hand in. 3. Draai de borgmoer tegen de klok in de richting tegen de onderkant van de wasmachine.
Controleer of de pootjes stevig op de vloer rusten en controleer of de wasmachine exact horizontaal staat (gebruik hiervoor een waterpas). De wasmachine kan geïnstalleerd worden in een ruimte van 40 cm breed en 63 cm diep.
Opmerking: als u de machine op een dik tapijt instal-leert, stel de pootjes dan zodanig bij dat er voldoende ruimte onder de machine is voor luchtcirculatie. Aansluiten van de watertoevoerslang (afbeelding )71. Draai de toevoerslang voorzichtig op het ventiel aan dat op de achterkant van de wasmachine geplaatst is (“ ”); draai het andere einde van de Aslang met uw hand op het watertoevoerventiel aan. 2. Let erop dat er geen knikken in de slang zitten. 3. Controleer de waterdichtheid van de aansluitingen van de kraan en de wasmachine door de kraan helemaal open te draaien. • Als de slang te kort is, vervang deze dan door een drukslang van voldoende lengte (min. 1000 kPa min, volgens de norm EN 61770). Wanneer u een langere slang voor de beperking van de waterto evoer nodig heeft, neemt u contact op met onze afdeling Klantenservice of met uw handelaar.
• Controleer de watertoevoerslang geregeld op barsten of scheuren en vervang hem indien nodig. • De wasmachine kan aangesloten worden zonder een terugstroom klep. Waterstopsysteem tegen overstroming (afbeelding 8) (if available)• Schroef de slang aan de watertoevoerkraan. Open de waterkraan volledig en controleer of het aanslu-itpunt waterdicht is. • De wasmachine mag niet aangesloten worden op een mengkraan of een niet onder druk gezette boiler. • De waterstop van de slang niet onderdompelen in water, anders kan het zijn beschermende functie verliezen. • Koppel bij beschadiging van de slang de wasma-chine onmiddellijk los van het elektriciteitsnet, draai de kraan dicht en vervang de slang. Aansluiten van de watertoevoerslang (afbeelding 9)Haak de afvoerslang los van de linkerklem, zie pijl “A” op de foto.
Belangrijk:Maak de aansluiting van de afvoerslang NIET los van de rechterkant, zie pijl “B” op de foto. Anders ontstaat er een risico op lekkage en verbranding door heet water. Verbind de uitlaatbuis vast aan de stankafsluiter of aan een andere uitlaat van de riolering.
Als het nodig is een verlengstuk te gebruiken, gebruik dan een slang van dezelfde maat en zet de aansluit-pennen vast met klemmen. Maximale lengte van de afvoerslang: 2,50 m. Maximale afvoerhoogte: 100 cm. Minimale afvoerhoogte: 55 cm. Belangrijk:Zorg ervoor dat er geen knikken in de afvoerslang zitten en neem maatregelen om te voorkomen dat de slang valt terwijl het apparaat werkt.
VOOR HET EERSTE WASPROGRAMMAOm eventueel restwater te verwijderen dat door de fabri-kant is gebruikt om de machine te testen, raden wij u aan een kort wasprogramma zonder wasgoed uit te voeren. 1. Draai de kraan open. 2. Sluit de kleppen van de trommel. 3. Vul het vakje voor hoofdwas in de schuifbak voor wasmiddelen met kleine hoeveelheid van het wasmiddel (max. 1/3 van de door de producent aanbevolen hoeveelheid voor licht vervuild wasgoed). 4. Sluit de klep. 5. Stel het programma in en zet het aan op “synthetische stof 60°C (zie afzonderlijke geleverde “programmatabel). VOORBEREIDING VAN HET WASGOED VOOR HET WASSENHet wasgoed sorteren1. Het wasgoed sorteren op…• Textielsoort / symbool op het etiket Katoen, gemengde weefsels, easy care/synthetische weefsels, wol, textiel dat met de hand gewassen moet worden. • Kleur Scheid bonte en witte was. Gekleurd wasgoed de eerste keer apart wassen.
• La dimension Was stukken van verschillende afmetingen samen voor betere wasresultaten en een optimale verdeling van de belading in de trommel. • Tere weefsels Teer wasgoed apart wassen: gebruik een speciaal programma voor zuivere scheerwol , gordijnen en andere tere weefsels. Haal de ringen van de gordijnen of doe de gordijnen met ringen in een katoenen zak. Gebruik het speciale program ma voor de handwas. Was kleine stukken zoals kousen, riemen of stukken met haakjes (bijvoorbeeld bh’s) in speciale katoenen waszakken of in kussenslopen met ritssluiting. 2. Maak zakken leeg Muntstukken, veiligheidsspelden en dergelijke kunnen het wasgoed, de trommel en de kuip beschadigen. 3. Sluitingen Doe ritssluitingen, knopen of haken dicht; knoop de uiteinden van ceintuurs bijeen.
Behandeling van vlekken• Vlekken van bloed, melk, eieren en andere organische stoffen worden normaal gesproken tijdens de enzymenfase van het wasprogramma verwijderd. • Voeg voor wijn-, koffie-, thee-, gras-, fruitvlekken enz. een vlekkenmiddel toe aan het wasmiddelbakje van de wasmiddellade.
• Bij hardnekkige vlekken het wasgoed vooraf behandelen. Verven en bleken• Gebruik alleen verf en bleekmiddelen die geschikt zijn voor wasmachines. • Volg de aanwijzingen van de fabrikant op. • Na het verven en bleken kunnen de plastic en rubberen onderdelen van de wasmachine gekleurd en gevlekt zijn. Wasgoed in de machine doen1. Open de klep van de machine door hem omhoog te trekken. 2. Open de trommel door het drukken op de stop van de trom- meldeur (afbeelding , 10 11); modellen volgens afbeelding 10 hebben een vaste stop van de trommeldeur die niet reageert indien u daarop drukt. door het houder van de achterdeur van de trommel, het schuiven van de deurstop naar achter, in de pijlrichting en door het drukken van de voordeur naar binnen, totdat het sluitmechanisme niet loskomt (afbeelding ). 123. Doe de stukken wasgoed één voor één in de trommel.
Overschrijd de maximale belading van de programma’s, zoals aangegeven op de aparte programmatabel, niet. Als de wasmachine te vol wordt gestopt, wordt het wasgoed minder goed gewassen en kreukt het meer. Let erop dat het wasgoed niet uit de trommel hangt; als dit het geval is, duw het wasgoed dan omlaag in de trommel zodat er genoeg vrije ruimte is om de kleppen van de trommel goed te sluiten. Gebruik niet de kleppen om het wasgoed in de trommel te duwen. 4. Om de trammel te sluiten, moet u beide delen van de trommeldeur in het midden vasthouden (afbeelding ), de achterdeur over de voordeur. 13LET OP: zorg ervoor dat de kleppen van de trommel goed vergrendeld zijn - afhankelijk van het model: alle metalen haken moeten goed in de achterste klep gehaakt zijn - zie afbeelding.
14 alle metalen haken moeten goed in de achterste klep gehaakt zijn, en de knop moet over de rand van de achterste klep vallen - zie afbeelding. 15 de stop van de voordeur moet een beetje over de rand van de achterdeur vooruit steken – zie afbeelding.
WASMIDDEL EN NABEHANDELINGSPRODUCTEN Bewaar wasmiddelen en nabehandelings- producten op een droge plaats, buiten het bereik van kinderen. Gebruik geen oplosmiddelen (b. v. terpen- tine, benzine). Was geen stoffen in de was- machine die behandeld zijn met oplosmid- delen of ontvlambare vloeistoffen. Gebruik alleen wasmiddelen en nabehandelings- producten die bedoeld zijn voor apparaten voor huishoudelijk gebruik. Volg de wassymbolen op het etiket op het wasgoed. De keuze van het wasmiddel is afhankelijk van:• de textielsoort • de kleur;• de wastemperatuur;• de hoeveelheid en het soort vuil.
Gebruik geen vloeibaar wasmiddel voor de hoofdwas wanneer u de functie “Voorwas” heeft geactiveerdGebruik geen vloeibaar wasmiddel bij het selecteren van de functie “Uitgestelde start einde” (afhankelijk van het model). DoseringVolg de aanwijzingen op de verpakking van het wasmiddel. De dosering is afhankelijk van:• de hoeveelheid en het soort vuil• de grootte van de was volledige belading: volg de aanwijzingen van de fabrikant op halve belading: 3/4 van de hoeveelheid voor een volledige belading kleine belading (ca.
1 kg): 1/2 van de hoeveelheid voor een volledige beladingAls er geen instructies op de verpakking van het wasmiddel staan met betrekking tot de belading: fabrikanten van wasmiddelen houden meestal als aanbeveling 4,5 kg wasgoed voor normaal wasmiddel en 2,5 kg wasgoed voor een fijnwasmiddel aan. • de waterhardheid bij u in de buurt (vraag hieromtrent informatie bij het waterleidingbedrijf). Bij zacht water heeft u minder wasmiddel nodig dan bij hard water. Opmerking:Een te hoge dosering wasmiddel kan tot sterke schuimvorming leiden. Het wasgoed wordt hierdoor minder goed gewassen. Als de wasmachine te veel schuim detecteert, centrifugeert het apparaat mogelijk niet, of duurt het programma langer en wordt er meer water gebruikt (zie ook de opmerkingen over schuimvorming in het hoofdstuk “Het oplossen van problemen”).
Bij te weinig wasmiddel wordt het wasgoed op den duur grauw, en ontstaan er afzettingen op het verwarmingselement, de trommel en de slangen. Dosering van wasmiddelen en extra middelen 17(afbeelding ) Voorwascompartiment• Wasmiddel voor het voorwassen (alleen bij activatie van de keuze “Voorwas”) Compartiment voor hoofdwas• Wasmiddel voor hoofdwas (dient voor alle programma’s toegevoegd worden)• Vlekkenverwijderaars (optioneel)• Waterverzachters (optioneel, aangeraden voor klasse van hardheid 4 of hoger) Compartiment voor een wasverzachter• Wasverzachter (optioneel)• Zetmeel opgelost in water (optioneel)Bij de dosering van wasmiddelen en aanvullende middelen kunt u het niveau “MAX” nooit overschrijden. Voor meer informaties betreffende het gebruik van wasmiddelen en wasverzachters in individuele programma’s zie toegevoegde tabel van programma’s.
Chloorbleekmiddel gebruiken• Was uw wasgoed op het gewenste programma (Katoen, Synthetisch, enz. ) met de juiste hoeveelheid chloorbleekmiddel in het vakje WASVERZACHTER (doe het klepje goed dicht).
• Start onmiddellijk na het einde van het programma het programma “Spoelen en centrifugeren” om een eventuele chloorlucht te verwijderen; u kunt desgewenst wasverzachter toevoegen. • Doe nooit chloorbleekmiddel en wasverzachter tegelijk in het bakje. Stijfsel gebruikenAls u stijfselpoeder wilt gebruiken, gaat u als volgt te werk:• Was uw wasgoed met het gewenste wasprogramma. • Prepareer de stijfseloplossing volgens de gebruiksaanwijzing op de verpakking. • Giet de stijfseloplossing (maximaal 100 ml) in het wasverzachterbakje van de wasmiddellade. • Sluit vervolgens de wasmachine, kies het programma “Spoelen & Centrifugeren” en start de machine.
REINIGEN VAN HET FILTER/AFVOEREN VAN RESTWATERDe wasmachine is uitgerust met een zelfreinigende pomp. Het filter houdt voorwerpen als knopen, munten, veiligheids-spelden etc. die in het wasgoed zijn achtergebleven vast. Controleer en reinig het filter regelmatig, ten minste twee of drie keer per jaar. Met name:• Als het apparaat niet goed afpompt of als het niet centrifugeert. • Als het indicatielampje “Reinig pomp” brandt. BELANGRIJK: laat het water afkoelen voordat u het afvoert uit het apparaat. Het restwater moet ook afgevoerd worden voordat u de machine transporteert. 1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Open het deurtje van het filter met een muntstuk (afbeelding ). 183. Zet een bak onder het filter. 4. De filter langzaam draaien tegen de klok in totdat het water start te vloeien, neem hem nog niet volledig weg. 5. Wacht tot al het water in de bak gestroomd is. 6.
Schroef het filter nu helemaal los en haal het weg (afbeelding ). 197. Reinig het filter en de filterkamer. 8. Verzeker u ervan dat de pomprotor (in de behuizing achter het filter) niet verstopt is. 9. Plaats de filter terug en draai hem vast door het draaien met de klok mee. Zorg ervoor, dat hij juist en volledig vastgeschroefd wordt. 10. Giet ongeveer één liter water in de wasmachine via de trommel en controleer of het water niet uit het filter lekt. 11. Sluit het deurtje van het filter. 12. Sluit de wasmachine opnieuw aan op het elektriciteitsnet. ONDERHOUD EN REINIGINGAltijd de stekker van de wasmachine voordat enig onderhoud. Doseerbakje wasmiddelReinig het doseerbakje voor wasmiddel regelmatig, ten minste drie tot vier keer per jaar, om te voorkomen dat er wasmiddel aankoekt:1. Druk de knoop om de vultrechter en neem hem weg (afbeelding 20).
In de vultrechter kan een kleine hoeveelheid water blijven, daarom werk ermee alleen wanneer het rechtop staat. 2. Was het doseerbakje onder stromend water.
U kunt ook hevel van het achterdeel van vultrechter wegnemen en reinigen (afbeelding 21). 3. Hevel van de vultrechter dient terug te worden gemonteerd (indien u hem weg hebt genomen). 4. Monteer de vultrechter terug op die wijze, dat u het onderste stopstuk van de vultrechter in de betreffende openingen in het deksel van de wasmachine plaatst en daarna druk de vultrechter bij het deksel totdat het op de plaats klikt. Opmerking: zorg ervoor dat het doseerbakje op de juiste manier wordt teruggeplaatst. Filter van de watertoevoerslangControleer en reinig het filter regelmatig (ten minste twee of drie keer per jaar). 1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Draai de kraan dicht. 3. Schroef de watertoevoerslang van de kraan. 4. Reinig het filter aan het eind van de slang zorgvuldig, zonder het uit elkaar te halen, bijvoorbeeld met behulp van een tandenborstel.
Opmerkingen: dompel de slang niet onder in water. 5. Schroef de flexibele slang met de hand terug op de kraan. Gebruik geen combinatietang (risico van pletten van het verbindingsstuk). 6. Open de waterkraan en controleer of de verbindingen niet lekken. 7. Steek de stekker weer in het stopcontact. Toevoerslang (slangen) 22, 23(afbeelding of , 24 afhankelijk van het model)Controleer de slang regelmatig op kreuken en scheuren. Indien de toevoerslang zichtbaar beschadigd is, vervang deze door een nieuwe slang van hetzelfde type. Dit kunt u bij de servicedienst of in een gespecialiseerde winkel kopen. Als de watertoevoerslang van uw wasmachine overeenkomt met het model op afb. , controleer dan 22regelmatig het inspectievenster van de veiligheidsklep: (A) als dit rood is, dan is de waterstopfunctie van de slang ingeschakeld en moet de slang vervangen worden door een nieuw exemplaar.
Indien uw toevoerslang een doorzichtig oppervlak heeft (afb. ), controleer regelmatig de kleur ervan. Indien de 23kleur van het doorzichtige oppervlak donker wordt, betekent het dat in de slang een scheur is en dat deze zou moeten worden vervangen. Neem contact op met een servicedienst of een deskundige technicus om uw slang te vervangen. Behuizing en bedieningspaneel• Reinig deze met een zachte vochtige doek. • Indien nodig, gebruik wat water en zeep of een mild neutraal schoonmaakmiddel (gebruik geen schoonmaakmiddelen die oplosmiddelen bevatten, agressieve schoonmaakmiddelen, glas- of allesrei- nigers. Deze kunnen het oppervlak beschadigen). Binnenste van het apparaat• Laat het deksel telkens na het wassen enige tijd open, zodat het binnenste van het apparaat kan drogen.
• Als u zelden of nooit op 95°C wast, adviseren wij om zo nu en dan een 95°C programma te laten draaien zonder wasgoed, met een klein beetje wasmiddel, om het apparaat van binnen schoon te houden.
Klepafdichting• Controleer de conditie van de klepafdichting regelmatig en reinig deze van tijd tot tijd met een vochtige doek. Watertoevoerslang(en)• Controleer de watertoevoerslang regelmatig op barsten of scheuren. Vervang deze zondig. Filter• Controleer en reinig het filter regelmatig, minimaal drie- of viermaal per jaar (zie “Reinigen van het filter/ Afvoeren van restwater”). Gebruik geen brandbare vloeistoffen voor het reinigen van het apparaat. Voorwerpen terughalen die tussen de trommel en de kuip gevallen zijnAls er per ongeluk een voorwerp tussen de trommel en de kuip valt, kunt u dit eruithalen dankzij de verwi-jderbare trommelbladen:1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Haal het wasgoed uit de trommel. 3. Sluit de trommelkleppen en draai de trommel een halve slag (afbeelding ). 254.
Druk op het plastic uiteinde met behulp van een schroevendraaier, terwijl u het blad van links naar rechts schuift (afbeelding , ). 26 275. Het blad valt in de trommel. 6. Open de trommel: u kunt het voorwerp door de opening in de trommel eruithalen. 7. Plaats het blad terug in de trommel: plaats het plastic uiteinde boven de opening aan de rechter-kant van de trommel (afbeelding ). 288. Schuif vervolgens het plastic blad van rechts naar links tot het klemt. 9. Sluit de trommelkleppen opnieuw, draai de trom-mel een halve slag en controleer de plaatsing van het blad bij alle ankerpunten. 10. Steek de stekker weer in het stopcontact. RESTVOCHT VAN HET WASGOED NA HET CENTRIFUGERENHet vochtgehalte van het wasgoed na het centrifugeren is vooral afhankelijk van het type weefsel, het geselecteerde programma en de snelheid van centrifugeren.
Het laagste niveau van vochtigheid kan worden bereikt door het selecteren van het wasprogramma volgens het energielabel bij de maximale snelheid van centrifugeren. Dit programma wordt in de afzonderlijke tabel van programma’s vermeld als “Referentieprogramma voor het energielabel”.
Hieronder kunt u een overzicht vinden van restvochtigheid (%) in verband met verschillende draaiefficiëntieklassen:Draaiefficiëntieklasse Restvochtigheid in %A (= het meest effectief) minder dan 45B45 of meer, maar minder dan 54C54 of meer, maar minder dan 63D63 of meer, maar minder dan 72E72 of meer, maar minder dan 81TRANSPORT EN BEHANDELING 29(afbeelding )1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Draai de kraan dicht. 3. Maak de toevoer- en afvoerslangen los. 4. Laat het restwater uit de wasmachine en de slangen wegstromen (zie “Reinigen van het filter/Afvoeren van restwater”). Wacht tot het water afgekoeld is om ongelukken te voorkomen. 5. Om het verplaatsen van de wasmachine te vergemakkelijken trekt u de hendel onderaan op de voorkant van de machine (indien aanwezig op uw model) met de hand een beetje naar buiten, en duwt u deze verder met uw voet tot hij niet verder kan.
Duw de hendel na het verplaatsen terug in de oorspronkelijke positie. 6. Bevestig de transportsteun opnieuw voor het vervoeren. 7. Vervoer de wasmachine in rechtopstaande positie. BELANGRIJK: gebruik de wasmachine niet wanneer de hendel uitgetrokken is. KLANTENSERVICEVoordat u contact opneemt met de klantenservice:1. Probeer of u de storing zelf kunt verhelpen (zie “Het oplossen van problemen”). 2. Start het programma opnieuw om te controleren of de storing verholpen is. 3. Als de machine nog steeds niet goed werkt, bel dan de klantenservice. Vermeld het volgende:• De aard van de storing. • Het exacte model van de wasmachine. • Het servicenummer (achter het woord SERVICE). De servicesticker bevindt zich achter het deurtje van het filter of aan de achterkant van de machine• Uw volledige adres. • Uw telefoonnummer.
HET OPLOSSEN VAN PROBLEMENDeze wasmachine is uitgerust met automatische veiligheidssystemen die storingen in het beginstadium herk-ennen en signaleren, zodat u daar op een geschikte manier op kunt reageren. Deze storingen zijn doorgaans zo klein dat ze binnen enkele minuten verholpen kunnen worden. Probleem Oorzaken - Oplossingen - TipsDe wasmachine start niet, er branden geen controlelampjes• De stekker zit niet goed in het stopcontact. • Het stopcontact of de zekering werken niet goed (sluit een tafellamp of iets dergelijks aan om dit te testen). De wasmachine start niet, hoewel “Start(Pauze)” is ingedrukt• De klep zit niet goed dicht. • De functie “Kinderslot” is geactiveerd (indien aanwezig op uw model). Om de toetsen te ontgrendelen moeten de temperatuur- en de centrifugeer-snelheidknop tegelijkertijd minstens 3 seconden ingedrukt worden gehouden.
Het sleutelsymbool op het display verdwijnt en hetprogramma kan gestart worden. De wasmachine stopt tijdens het programma, en het “Start(Pauze)” - lampje knippert• De “Spoelstop”-optie is geactiveerd (indien aanwezig op uw model) - beëindig “Spoelstop” door op “Start(Pauze)” te drukken of door het programma “Afpompen” te selecteren en te starten. • Het programma is veranderd - selecteer het gewenste programma opnieuw en druk op “ ”. Start(Pauze)• Het programma is onderbroken en de klep is eventueel geopend - doe de klep dicht en start het programma opnieuw door op “ ” te drukken. Start(Pauze)• Het veiligheidssysteem van de wasmachine is geactiveerd (zie “Beschrijving van de controlelampjes die een storing aanduiden”). • De waterkraan is niet open of er zit een knik in de watertoevoerslang (de melding “Waterkraan dicht” licht op).
Het wasmiddelbakje bevat resten wasmiddel en/of nabehandelingsproducten op het eind van de wasbeurt• Het wasmiddelbakje is niet goed geïnstalleerd, of is verstopt (zie “Onderhoud en reiniging”).
• Het filter in de watertoevoerslang is verstopt (zie “Onderhoud en reiniging”). De wasmachine trilt tijdens het centrifugeren• De wasmachine staat niet waterpas; de pootjes zijn niet goed afgesteld (zie “Installatie”). • De transportsteun is niet verwijderd; voordat u de wasmachine gebruikt moet de transportsteun verwijderd worden. Na afloop van het wasprogramma is het wasgoed niet of onvoldoende gecentrifugeerd• Onbalans tijdens het centrifugeren stopt het centrifugeren om de wasmachine tegen de beschadiging te beschermen (zie “Onbalans bij het centrifugeren”). • Sterke schuimvorming kan het centrifugeren blokkeren; selecteer en start het “Spoelen en centrifugeren”-programma. Doe niet te veel wasmiddel in de wasmachine (zie “Wasmiddel en nabehandelingsproducten”). • De knop “Centrifugeersnelheid” is ingesteld op een lage centrifugeersnelheid.
“Onbalans bij het centrifugeren” Controlelampje “Centrifugeren/Leegmaken” of snelheid/toerental of het controlelampje van de snelheid van het centrifugeren knippert op de display, wanneer het wasprogramma klaar is (afhankelijk van het model). Het wasgoed blijft nat. Onbalans van de lading van de wasmachine tijdens het centrifugeren stopt het centrifugeren om de wasmachine tegen de beschadiging te beschermen. Om deze reden is het wasgoed nat. Mogelijke oorzaken van onbalans: kleine hoeveelheid wasgoed (slechts een paar vrij grote of sterk zuigende stukken wasgoed, bijvoorbeeld handdoeken) of grote/zware stukken wasgoed. • Indien mogelijk, kleine hoeveelheden wasgoed niet wassen. • Bij het wassen van grote of zware stukken wasgoed raden wij aan om de stukken van verschillende afmetingen toe te voegen.
Als het natte wasgoed centrifugeert dient te worden, eerst het wasgoed van verschillende afmetingen toevoegen en daarna het programma “Spoelen en centrifugeren” kiezen en starten.
De programmaduur is aanzienlijk langer of korter dan aangegeven in de “programmatabel” of op het display (indien aanwezig)Dit is een normale eigenschap van de wasmachine om zich aan factoren aan te passen waar de tijdsduur van het wasprogramma invloed op kan hebben, b. v. sterke schuimvorming, belading uit balans vanwege enkele zware stukken wasgoed, langere verwarmingstijd vanwege een lagere temperatuur van het toevoerwater etc. Bovendien past het detectiesysteem van de wasmachine de programmaduur aan de grootte van de belading aan. Door deze factoren wordt de programmatijd opnieuw berekend en, indien nodig, aangepast; tijdens een dergelijke update-periode verschijnt er een animatie op het tijdsdisplay (indien aanwezig). Bij kleine beladingen kan de programmatijd die aangegeven staat in de “programmatabel” 50% korter worden.
Storing indicatie gaat brandenIndicatie op display (indien aanwezig)Beschrijving - Oorzaken - Oplossingen“Assistentie ”“bdd”(als uw wasmachine geen display heeft: alle lampjes van de programmafasewijzer branden)De wasmachine stopt tijdens het programma. “Trommelkleppen open” (de trommelkleppen zijn niet goed gesloten). Houd de “Reset”-knop minstens 3 seconden ingedrukt en wacht tot “Deur open” gaat branden. Open de klep en sluit de kleppen van de trommel, en selecteer en start het gewenste programma opnieuw. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de Klantenservice. van “ ” tot en metF02“ ” (behalve “ ”)F35 F09“Storing elektrische module”Selecteer en start het programma “Afpompen” of druk minstens 3 seconden lang op de “Reset”-knop. “F09”“Waterpeil te hoog”(na het annuleren van een programma of foutieve werking).
Schakel het apparaat uit en zet het weer aan, selecteer het programma “Afpompen” en start binnen 15 sec. “FA”“Storing waterstop” Zet het apparaat uit, trek de stekker uit het stopcontact en draai de kraan dicht. Kantel het apparaat voorzichtig voorover om het verzamelde water uit de onderkant weg te laten stromen. Vervolgens:• Steek de stekker weer in het stopcontact. • Draai de waterkraan open (als het water onmid dellijk in de wasmachine stroomt, zonder dat deze aangezet is, is er sprake van een storing; draai de kraan dicht en neem contact op met de Klantenservice). • Selecteer en start het gewenste programma opnieuw. “Fod”“Te veel schuim”Te sterke schuimvorming heeft het wasprogramma onderbroken. • Selecteer en start het programma “Spoelen & Centrifugeren”. • Selecteer daarna het gewenste programma opnieuw en start het, en gebruik minder wasmiddel.
Het “ ”-lampje knippert. Start(Pauze)• De waterkraan helemaal open is en de watertoevoerdruk hoog genoeg is. • Er knikken in de watertoevoerslang zitten. • Het filter in de watertoevoerslang verstopt is (zie “Onderhoud en reiniging”). • De waterslang bevroren is. • Het inspectievenster van de veiligheidsklep van uw watertoevoerslang is rood (als uw machine tenminste een watertoevoerslang heeft zoals weergegeven op foto 22 - zie het vorige hoofdstuk “Onderhoud en reiniging”); vervang de slang door een nieuw exemplaar via de klantenservice of uw speciaalzaak. Nadat het probleem verholpen is, start u het programma opnieuw door op “Start(Pauze)” te drukken. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de klantenservice. “Reinig pomp” ―Het afvalwater wordt niet afgepompt.
De wasmachine stopt in de correspon-derende programmastap; haal de stekker uit het stopcontact en controleer of:• Er knikken in de afvoerslang zitten. • Het filter of de pomp verstopt is (zie hoofdstuk “Reinigen van het filter/ Afvoeren van restwater”; laat het water afkoelen voordat u het afvoert uit het apparaat. • De afvoerslang bevroren is. Nadat het probleem verholpen is, selecteert en start u het programma “Afpompen” of drukt u minstens 3 seconden op de “Reset”-knop; start daarna het gewenste programma opnieuw. Als de storing aanhoudt, neem dan contact op met de klantenservice. Beschrijving van storingsindicatiesAls uw wasmachine geen tijdsdisplay heeft, controleer dan welke van de eerder beschreven situaties de oorzaak van de storing zou kunnen zijn, en volg de bijbehorende instructies. E-07/2013.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Gorenje WT62122 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Wasmachine Gorenje
Handleiding Wasmachine
Nieuwste handleidingen voor Wasmachine