Gaggenau AC270101 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Gaggenau AC270101 (112 pagina’s), behorend tot de categorie Afzuigkap. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 53 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Gaggenau AC270101 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/112
deGebrauchs- und Montageanleitung2
enUser manual and installation instructions24
nlGebruikershandleiding en installatie-instructies45
frManuel d'utilisation et notice d'installation67
itManuale utente e istruzioni d'installazione89
AC270101
Deckenlüftung
Ceiling-mounted ventilation system
Plafondventilatie
Ventilation de plafond
Sistema di aspirazione a soffitto
Gaggenau

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (5 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Gaggenau
Categorie: Afzuigkap
Model: AC270101

Handleiding Gaggenau AC270101 – volledige tekst

Veiligheid nl45InhoudsopgaveGEBRUIKERSHANDLEIDING1 Veiligheid. 452 Materiële schade vermijden. 473 Milieubescherming en besparing. 474 Functies. 485 Uw apparaat leren kennen. 496 Accessoires. 497 Voor het eerste gebruik. 508 De Bediening in essentie. 509 HomeConnect. 5210 Afzuigregeling van het kookveld. 5411 Reiniging en onderhoud. 5512 Storingen verhelpen. 5713 Servicedienst. 5814 Afvoeren. 5815 MONTAGEHANDLEIDING. 5815. 4 Veilige montage. 591 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingenHier vindt u algemene informatie over dezegebruiksaanwijzing. ¡Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. Alleen dan kunt u het apparaat veiligen efficiënt gebruiken. ¡Neem de veiligheidsvoorschriften en waar-schuwingen in acht. ¡Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voorvolgende eigenaren.

¡Controleer het apparaat na het uitpakken. Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij eendeskundige montage volgens de montage-handleiding. De installateur is verantwoordelijkvoor een goede werking op de plaats van op-stelling. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡om kookdamp af te zuigen. ¡voor huishoudelijk gebruik en in geslotenruimtes binnen de huiselijke omgeving. ¡tot een hoogte van 2000m boven zeeni-veau. Gebruik het apparaat niet:¡met een externe kookwekker. 1.

3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen.

Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len. Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veilig gebruikWAARSCHUWING‒Kans opverstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. ▶Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin-deren houden. ▶Laat kinderen niet met verpakkingsmateri-aal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. ▶Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen.

nl Veiligheid46WAARSCHUWING‒Kans op brand. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ont-branden. ▶Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken. ▶De vetfilters regelmatig reinigen. ▶Nooit in de omgeving van het apparaat metopen vuur werken (bijv. flamberen). ▶Het apparaat alleen in de buurt van eenvuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. houtof kolen) installeren wanneer de vuurbroneen afgesloten, niet verwijderbare afscher-ming heeft. Er mogen geen vonken weg-springen. Hete olie en vet ontvlammen erg snel. ▶Hete olie en vet permanent in het oog hou-den. ▶Nooit brandende olie of vet met water blus-sen. Schakel de kookzone uit. Vlammenvoorzichtig met een deksel, smoordeksel ofiets dergelijks verstikken. Gaskookplaten waar geen pan op staat, ont-wikkelen tijdens het gebruik grote hitte. Eenventilatieapparaat dat daarop is aangebrachtkan beschadigd of in brand raken.

▶Gaskookplaten alleen met erop geplaatstepan gebruiken. Bij gelijktijdig gebruik van meerdere gaskook-zones ontwikkelt zich grote hitte. Een ventila-tieapparaat dat daarop is aangebracht kanbeschadigd of in brand raken. ▶Gaskookplaten alleen met erop geplaatstepan gebruiken. ▶De hoogste ventilatorstand instellen. ▶Twee gaskookplaten nooit langer dan 15minuten gelijktijdig op de hoogste vlam ge-bruiken. Twee gaskookzones komen over-een met één grote brander. ▶Nooit grote branders met meer dan 5kWmet grootste vlam langer dan 15 minutengebruiken, bijv. wok. ▶Het apparaat mag alleen met gaskookpla-ten met een totaalvermogen tot 18kW wor-den gecombineerd. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. ▶De hete onderdelen nooit aanraken. ▶Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

▶Binnenkant van het apparaat voorzichtigreinigen. Voorwerpen die op het apparaat geplaatst zijnkunnen vallen. ▶Plaats geen voorwerpen op het apparaat. Wijzigingen aan de elektrische of mechani-sche opbouw zijn gevaarlijk en kunnen leidentot functiestoringen. ▶Geen wijzigingen aan de elektrische of me-chanische opbouw aanbrengen. De filterafdekking kan trillen. ▶De filterafdekking langzaam openen. ▶De filterafdekking na het openen vasthou-den tot deze niet meer natrilt. ▶De filterafdekking langzaam sluiten. Verwondingsgevaar bij het openen en sluitenvan de scharnieren. ▶Niet in het bewegende gedeelte van descharnieren grijpen. Het licht van LED-lampen is zeer fel en kan deogen beschadigen (risicogroep 1). ▶Niet langer dan 100 seconden direct in deingeschakelde LED-lampen kijken. Kinderen kunnen batterijen inslikken. ▶Batterijen buiten het bereik van kinderenbewaren.

▶Kinderen bij het vervangen van batterijen inhet oog houden. Batterijen kunnen exploderen. ▶De batterijen niet opladen. ▶De batterijen niet kortsluiten. ▶De batterijen niet in het vuur gooien. Wanneer het apparaat tijdens de reinigingdoor een ander persoon via de HomeCon-nect app wordt bediend, bestaat er een ver-hoogde kans op letsel. ▶Het apparaat vóór het reinigen van de Ho-meConnect app scheiden. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. ▶Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. ▶Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden.

Materiële schade vermijden nl47Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact halen of de ze-kering in de meterkast uitschakelen. ▶Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina58Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat. ▶Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-schadigd, moet het door geschoold vakper-soneel worden vervangen. Binnendringend vocht kan een schok veroor-zaken. ▶Vóór het reinigen de netstekker uit hetstopcontact halen of de zekering in de me-terkast uitschakelen. ▶Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen. WAARSCHUWING‒Kans op explosie.

Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhouden-de reinigingsmiddelen in combinatie met alu-miniumdelen in de spoelruimte van vaatwas-machine kunnen tot explosies leiden. ▶Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuur-houdende reinigingsmiddelen gebruiken. Vooral geen professionele of industriële rei-nigingsmiddelen gebruiken in combinatiemet aluminiumdelen, zoals bijv. vetfiltersvan afzuigkappen. 2 Materiële schade vermijden2. 1 AlgemeenBij gebruik van het apparaat dient u deze aanwijzingenin acht te nemen. LET OP. Condenswater kan leiden tot corrosie. ▶Om de condensvorming te vermijden, het apparaatbij het koken inschakelen. Als er vocht in de bedieningselementen dringt, kan erschade ontstaan. ▶Nooit bedieningselementen met een natte doek rei-nigen. Verkeerde reiniging beschadigt de oppervlakken. ▶Reinigingsinstructies in acht nemen.

Teruglopend condenswater kan het apparaat beschadi-gen. ▶Het afvoerluchtknaal moet vanaf het apparaat metminstens 1° helling zijn geïnstalleerd. Als u de designelementen verkeerd belast, kunnen de-ze afbreken. ▶Niet aan designelementen trekken. ▶Geen voorwerpen op designelementen plaatsen oferaan ophangen. Lekkende batterijen beschadigen de afstandsbedie-ning. ▶De batterijen gebruiken als u de afstandsbedieningniet gebruikt. ▶De lege of defecte batterijen op een milieuvriendelij-ke manier en veilig afvoeren. Beschadiging van het oppervlak doordat de bescherm-folie niet verwijderd is. ▶De beschermfolie voor het eerste gebruik verwijde-ren van alle apparaatonderdelen. 3 Milieubescherming en besparingBescherm het milieu door het apparaat op een hulp-bronnenbesparende manier te gebruiken en herbruik-bare materialen op de juiste manier af te voeren. 3.

1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. ▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoorkunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoer-methoden. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaatminder stroom. Bij het koken voldoende ventileren. ¡Het apparaat werkt efficiënter en met minder be-drijfsgeluiden. Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kook-damp aan. ¡Een lagere ventilatiestand betekent minder energie-verbruik. Gebruik de intensiefstand alleen wanneer dit nodigis.

nl Functies48Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogereventilatiestand.¡De geuren verdelen zich minder in de ruimte.Schakel het apparaat uit wanneer dit niet langer nodigis.¡Het apparaat verbruikt geen energie.Schakel de verlichting uit wanneer deze niet langernodig is.¡De verlichting verbruikt geen energie.De filter met de opgegeven intervallen reinigen of ver-vangen.¡Het rendement van het apparaat verhoogt.Het kookdeksel erop plaatsen.¡De kookdampen en de condens verminderen.4 Functies4.1 Gebruik met circulatieluchtDe aangezogen lucht wordt door de vetfilters en eengeurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte.Om geurtjes te voorkomen bij het ge-bruik van circulatielucht, dient u eengeurfilter te monteren. De verschillendemanieren om het apparaat met circula-tielucht te gebruiken, vindt u in onze ca-talogus of kunt u navragen bij uw speci-aalzaak.

Gebruik alleen originele ac-cessoires, omdat deze precies op uw apparaat zijn af-gestemd.Voor de verschillende apparaten zijn specifieke acces-soires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de pre-cieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.→Pagina58Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat,kunt u zien in onze catalogus, in de online-shop of kuntu navragen bij de klantenservice.www.gaggenau.comAccessoires BestelnummerGeurfilter niet regenereer-baar AA200121Geurfilter regenereerbaar AA200122

nl Voor het eerste gebruik507 Voor het eerste gebruikStel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het ap-paraat en de accessoires. 8 De Bediening in essentie8. 1 Apparaat inschakelenVereiste:De afstandsbediening zo precies mogelijk opde infrardoodontvanger van de led-indicatie richten. ▶Het apparaat met inschakelen. aHet apparaat start in ventilatorstand2. aIn de ledindicatie brandt de led voor ventilatorstand2. aHet apparaat beweegt zich naar de laatst opgesla-gen positie. 8. 2 Machine uitschakelenAls u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan uit. ▶Schakel het apparaat uit met ⁠. aDe ventilatornaloop wordt ingeschakeld, in de ledin-dicatie knippert de led 6 voor de ventilatornaloop. aHet apparaat beweegt zich in de ventilatornalooppo-sitie. aNa ca. 10 minuten schakelt de ventilatie automa-tisch uit. aHet apparaat beweegt volledig omhoog. 8.

3 LiftfunctieHet apparaat herkent de laatst gekozen functie en slaatdeze automatisch op. Bij het volgende inschakelenloopt het apparaat in deze positie voor zover geen an-dere positie wordt ingesteld. Opmerking:Overige instellingen over de positie vanhet apparaat zijn in de HomeConnectapp beschik-baar. Apparaat omlaag bewegen▶indrukken. aHet apparaat beweegt omlaag. Opmerking:¡ kort indrukken om het apparaat omlaag tot aande laatst opgeslagen positie te bewegen. ¡gedurende ca. 3 seconden ingedrukt houden omhet apparaat volledig omlaag te bewegen. Apparaat omhoog bewegen▶indrukken. aHet apparaat beweegt omhoog. Opmerking:¡ kort indrukken om het apparaat omhoog tot aande laatst opgeslagen positie te bewegen. ¡gedurende ca. 3 seconden ingedrukt houden omhet apparaat volledig omhoog te bewegen. 8. 4 Ventilatorstand instellen▶of indrukken.

Opmerking:De intensiefstand 1 kan in de HomeCon-nectapp worden ingesteld. ▶zo vaak indrukken tot in de led-indicatie de led5voor de intensiefstand 2 brandt. aHet apparaat schakelt na ca. 6 minuten automatischin de ventilatorstand 3. 8. 6 Intensiefstand uitschakelen▶Om een willekeurige ventilatorstand in te stellen, indrukken. 8. 7 Ventilatornaloop inschakelenIn de ventilatornaloop loopt het apparaat nog een tijdjelang verder en het schakelt dan automatisch uit. Deventilatornaloop verwijdert resterende geurtjes en dientom de geurfilter na het koken te drogen. aIn de led-indicatie brandt de led 1 voor de ventilator-stand. De led 6 knippert voor de ventilatornaloop. aHet apparaat wordt na ca. 10 minuten automatischuitgeschakeld. 8. 8 Ventilatornaloop uitschakelen▶indrukken. aDe ventilatornaloop wordt vroegtijdig beëindigd. 8.

De Bediening in essentie nl518. 10 Automatische modus1 inschakelenDe optimale ventilatorstand wordt met behulp van eensensor automatisch ingesteld. ▶indrukken. aIn de led-indicatie brandt de led 6 voor de automati-sche stand. 8. 11 Automatische stand1 uitschakelen▶indrukken. aHet apparaat schakelt terug naar de eerder ingestel-de ventilatiestand. aDe ventilatie wordt automatisch beëindigd als desensor geen verandering van de luchtkwaliteit in deruimte vaststelt. aDe automatische stand loopt maximaal 4 uur. Opmerking:Als de automatische stand met de toetswordt beëindigd, beweegt het apparaat in de nalooppo-sitie. Het apparaat schakelt na ca. 10 minuten automa-tisch uit en beweegt volledig omhoog. 8. 12 Sensorbesturing1In de automatische stand herkent een sensor in het ap-paraat de intensiteit van de kook- en bakluchtjes.

Af-hankelijk van de sensorgevoeligheid wordt de optimaleventilatorstand automatisch ingeschakeld. Reageert de sensorbesturing te zwak of te sterk, kunt ude instelling van de sensorgevoeligheid wijzigen. ¡Fabrieksinstelling: ventilatorstand 3¡Laagste instelling: ventilatorstand 1¡Hoogste instelling: ventilatorstand 58. 13 Sensorbesturing instellenVereiste:Het apparaat is uitgeschakeld. 1. en ca. 3seconden ingedrukt houden. 2. Om de instelling te wijzigen, of indrukken. Om de instelling af te breken, indrukken. 3. Om de instelling op te slaan en ca. 3 secondeningedrukt houden. Of ca. 10 seconden wachten tot de instelling auto-matisch wordt opgeslagen. aEr weerklinkt een geluidssignaal zodra de gekozeninstelling opgeslagen is. 8. 14 Verzadigingsindicatie instellenDe verzadigingsindicatie moet afhankelijk van de ge-bruikte filter worden ingesteld.

‒Om de circulatiefunctie (regenereerbare filter) inte stellen, / indrukken tot op de led-indicatiede led 3 brandt. ‒Om de elektronische besturing opnieuw op be-drijf zonder circulatiefilter om te stellen, / in-drukken tot in de led-indicatie de led 1 brandt. 2. Om de instelling op te slaan en ca. 3 secon-den ingedrukt houden. Of ca. 10 seconden wachten tot de instelling auto-matisch wordt opgeslagen. Om de instelling af te breken, indrukken. aEr weerklinkt een geluidssignaal zodra de gekozeninstelling opgeslagen is. 8. 15 Verzadigingsindicatie terugzettenNa het reinigen van de vetfilters of na het vervangenvan de geurfilters kan de verzadigingsindicatie wordenteruggezet. Vereisten¡Na het uitschakelen van het apparaat knippert in deled-indicatie de led 1 voor de verzadigingsindicatievan de vetfilters en/of de led 2 voor de verzadigings-indicatie van de geurfilters.

¡Er weerklinkt meermaals een geluidssignaal. ▶ indrukken. aDe verzadigingsindicatie wordt teruggezet. 8. 16 Verlichting inschakelenDe ventilatie kan onafhankelijk van de ventilatie wordenin- of uitgeschakeld. ▶indrukken. Opmerking:Instellingen voor de kleurtemperatuur zijnin de HomeConnect app beschikbaar, voor zover hetapparaat over deze functie beschikt. 8. 17 Verlichting uitschakelen▶De verlichting met uitschakelen. 8. 18 Helderheid instellen▶ingedrukt houden. Opmerking:Instellingen voor de kleurtemperatuur zijnin de HomeConnect app beschikbaar, voor zover hetapparaat over deze functie beschikt. 8. 19 Toetssignaal inschakelenDe toetssignalen kunnen worden ingeschakeld. Vereiste:Het apparaat is uitgeschakeld. 1. en ca. 3 seconden ingedrukt houden. aIn de led-indicatie brandt de led van de actueel ge-kozen instelling. 2. of indrukken tot in de led-indicatie de led 1brandt.

nl HomeConnect 528. 20 Toetssignaal uitschakelenDe toetssignalen kunnen worden uitgeschakeld. Opmerking:Geluidssignalen van het apparaat wordenaltijd ingeschakeld en kunnen niet worden uitgescha-keld. Vereiste:Het apparaat is uitgeschakeld. 1. en ca. 3 seconden ingedrukt houden. aIn de led-indicatie brandt de led van de actueel ge-kozen instelling. 2. of indrukken tot in de led-indicatie de led 2brandt. Om de instelling af te breken, indrukken. 3. Om de instelling op te slaan en ca. 3 secon-den ingedrukt houden. Of ca. 10 seconden wachten tot de instelling auto-matisch wordt opgeslagen. aEr weerklinkt een geluidssignaal zodra de gekozeninstelling opgeslagen is. 8. 21 Toestel naar de fabrieksinstellingterugzettenVereiste:Als u het apparaat na de demontage op-nieuw monteert, zet u het apparaat naar de fabrieksin-stelling terug zodat de referentieloop correct wordt uit-gevoerd.

▶en en ingedrukt houden. aDe referentieloop wordt gestart en bepaalt de cor-recte werkelijke positie van het apparaat aan dehand van een referentieschakelaar. 9 HomeConnectDit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uwapparaat met een mobiel eindapparaat om functies tekunnen bedienen via de HomeConnect app, basisin-stellingen aan te passen of de actuele gebruikstoe-stand te bewaken. De HomeConnect diensten zijn niet in elk land be-schikbaar. De beschikbaarheid van de functie Ho-meConnect is afhankelijk van de beschikbaarheid vande HomeConnect diensten in uw land. Informatie hier-over vindt u op: www. home-connect. com. Om HomeConnect te kunnen gebruiken, dient u eerstde verbinding met het WLAN-thuisnetwerk (Wi-Fi1) enmet de HomeConnect app te configureren.

Volg de aanwijzingen in de HomeCon-nect app om de instellingen aan te brengen. Wordt het apparaat niet verbonden met het thuisnet-werk, dan functioneert het apparaat als een apparaatzonder netwerkaansluiting dat nog steeds via de af-standsbediening kan worden bediend. Tips¡Neem de meegeleverde documenten vanHo-meConnect in acht. ¡Neem ook de aanwijzingen in deHomeCon-nectapp in acht. Opmerkingen¡Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze ge-bruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook wor-den nageleefd wanneer u het apparaat via de Ho-meConnect app bedient. →"Veiligheid", Pagina45¡De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Ho-meConnectapp niet mogelijk. ¡In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het ap-paraat max. 2W nodig.

¡Als u voor de verbinding met het thuisnetwerk hetMAC-adres van uw toestel apparaat nodig hebt, danvindt u deze naast het typeplaatje →Pagina58 inde binnenruimte van het apparaat. Hiervoor de filterdemonteren. 9. 1 Apparaat automatisch met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) verbindenAls uw router een WPS-functie heeft, kunt u het appa-raat automatisch met uw WLAN-thuisnetwerk (WiFi) ver-binden. Opmerking:Tijdens het verbinden kan het apparaatniet worden ingeschakeld. Om de bewerking af te bre-ken, op drukken. Vereisten¡Wifi aan de router is geactiveerd. ¡Het apparaat heeft op de opstellocatie ontvangst vanhet WLAN-thuisnetwerk (wifi). ¡De HomeConnect app is op het mobiele eindappa-raat geïnstalleerd. ¡Het apparaat en het licht zijn uitgeschakeld. 1. Toets ingedrukt houden tot in de led-indicatie deled 7 knippert. 2. indrukken. aIn de led-indicatie knipperen led1 en led7. 3.

Als er geen verbinding tot stand kan worden ge-bracht, wisselt het apparaat automatisch naar dehandmatige verbinding aan het thuisnetwerk, in deled-indicatie knipperen de led 2 en de led 7. Het ap-paraat handmatig aan het thuisnetwerk aanmeldenof op drukken om de automatische aanmeldingopnieuw te starten. 1Wi-Fi is een geregistreerd handelsmerk van de Wi-Fi Alliance.

HomeConnect nl535. De aanwijzingen op het mobiele eindapparaat voorde automatische netwerkaanmelding opvolgen. aDe aanmeldingspoging is afgesloten als in de led-indicatie de led 7 niet meer knippert, maar perma-nent brandt. 9. 2 Apparaat handmatig met WLAN-thuisnetwerk (WiFi) verbindenOpmerking:Tijdens het verbinden kan het apparaatniet worden ingeschakeld. Om de bewerking af te bre-ken, op drukken. Vereiste:Het apparaat en het licht zijn uitgeschakeld. 1. Toets ingedrukt houden tot in de led-indicatie deled 7 knippert. 2. Twee keer op drukken om de handmatige aan-melding in het thuisnetwerk te starten. aIn de led-indicatie knipperen led2 en led7. 3. De aanwijzingen in de app opvolgen. aAls de verbinding tot stand werd gebracht, verbindthet apparaat zich automatisch met de HomeCon-nect app. In de led-indicatie branden de led 3 en deled7. 4.

De aanwijzingen op het mobiele eindapparaat voorde handmatige netwerkaanmelding opvolgen. aDe aanmeldingspoging is afgesloten als in de led-indicatie de led 7 niet meer knippert, maar perma-nent brandt. 9. 3 Apparaat verbinden met de HomeConnect appVereisten¡De HomeConnect app is op het mobiele eindappa-raat geïnstalleerd. ¡De HomeConnectapp is geopend. 1. Toets ingedrukt houden tot in de led-indicatie deled 3 en de led 7 knipperen. 2. Op het mobiele eindapparaat de aanwijzingen vande HomeConnectapp volgen. aDe aanmeldingspoging is afgesloten als in de led-indicatie de led 7 niet meer knippert, maar perma-nent brandt. 9. 4 Software-updateMet de functie Software-update wordt de software vanuw apparaat bijgewerkt, bijv. optimalisatie, verhelpenvan fouten, veiligheidsrelevante updates.

Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt uhierover via de HomeConnectapp geïnformeerd enkunt u de software-update via de app starten. Na down-loaden kunt u de installatie via de HomeConnectappstarten als u in uw lokale netwerk bent. Over een suc-cesvol uitgevoerde installatie wordt u via de Ho-meConnectapp geïnformeerd. Opmerkingen¡Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoonblijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke in-stellingen in de app kan een software-update ookautomatisch worden gedownload. ¡In geval van een veiligheidsrelevante update is hetraadzaam deze zo snel mogelijk te installeren. 9. 5 Verbinding terugzettenOpgeslagen verbindingen met het thuisnetwerk en metHomeConnect kunnen worden teruggezet. ▶en zo lang ingedrukt houden tot in de led-indi-catie de led 7 uitgaat. aEr klinkt een signaal. 9.

6 AfstandsdiagnoseDe klantenservice kan via de diagnose op afstand toe-gang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de des-betreffende wens tot de klantenservice richt, uw appa-raat met de HomeConnect server verbonden is en dediagnose op afstand in het land waarin u het apparaatgebruikt, beschikbaar is. Tip:Meer informatie alsook aanwijzingen over de be-schikbaarheid van de diagnose op afstand in uw landvindt u in het gedeelte service/support van de lokalewebsite: www. home-connect. com9. 7 Bescherming persoonsgegevensNeem de aanwijzingen m. b. t. de bescherming van depersoonsgegevens in acht.

Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordtverbonden met een thuisnetwerk dat op het internet isaangesloten, geeft het de volgendegegevenscategorieën door aan de HomeConnectserver(eerste registratie):¡Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaan-de uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de in-gebouwde Wi-Ficommunicatiemodule). ¡Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemo-dule (voor de informatietechnische beveiliging vande verbinding).

¡De actuele software- en hardwareversie van uwhuishoudapparaat. ¡Status van een eventuele eerdere reset naar de fa-brieksinstellingen. Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Ho-meConnect functionaliteiten voorbereid. Deze registra-tie dient pas te worden uitgevoerd op het moment datu voor het eerst van de HomeConnect functionaliteitengebruik wilt maken. Opmerking:Let erop dat de HomeConnect functionali-teiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie metde HomeConnect app. Informatie over gegevensbe-scherming kan worden opgeroepen in de HomeCon-nect app.

nl Afzuigregeling van het kookveld549. 8 ConformiteitsverklaringHierbij verklaart Gaggenau Hausgeräte GmbH dat hetapparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aande fundamentele vereisten en de overige toepasselijkebepalingen van de richtlijn 2014/53/EU. Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u ophet internet onder www. gaggenau. com op de product-pagina van uw apparaat bij de aanvullende documen-ten. 2,4 GHz band: 100 mW max. 5 GHz band: 100 mW max. BE BG CZ DK DE EE IE elES FR HR IT CY LV LT LUHU MT NL AT PL PT RO SISK FI SE UK NO CH TR5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. 10 Afzuigregeling van het kookveldU kunt uw apparaat met een passende kookplaat ver-binden en zo de functies van uw apparaat via de kook-plaat regelen. U hebt de volgende mogelijkheden om de apparatenmet elkaar te verbinden:¡Apparaat via de HomeConnectapp verbinden.

Alsbeide apparaten HomeConnect-compatibel zijn, iseen verbinding via de HomeConnectapp mogelijk. Volg de aanwijzingen in de app. ¡Apparaten direct met elkaar verbinden. ¡Apparaten via het WiFi-thuisnetwerk verbinden. Opmerking:Neem de veiligheidsvoorschriften van degebruiksaanwijzing van uw apparaat in acht en zorg er-voor dat deze ook in acht worden genomen als u hetapparaat via de afzuigregeling van het kookveld be-dient. Tip:De bediening van uw apparaat heeft altijd voor-rang. Gedurende deze tijd is een bediening via de af-zuigregeling van het kookveld niet mogelijk. 10. 1 Directe verbindingVereisten¡Uw apparaat is uitgeschakeld. ¡Alle verbindingen met het thuisnetwerk of andere ap-paraten terugzetten. Wanneer u uw apparaat directmet de kookplaat verbindt, is de verbinding met hetthuisnetwerk niet meer mogelijk en kunt u HomeConnect niet meer gebruiken. 1.

Toets ingedrukt houden tot in de led-indicatie deled voor HomeConnectknippert. aHet apparaat is met de kookplaat verbonden als deled voor HomeConnect niet meer knippert, maarpermanent brandt. 10. 2 Verbinding via thuisnetwerk1. De aanwijzingen in →"Apparaat automatisch met WLAN-thuisnetwerk(WiFi) verbinden", Pagina52 of →"Apparaat handmatig met WLAN-thuisnetwerk (Wi-Fi) verbinden", Pagina53volgen. 2. Zodra het apparaat met het thuisnetwerk is verbon-den, de verbinding via de HomeConnectapp metde kookplaat tot stand brengen. 3. De aanwijzingen op het mobiele eindapparaat vol-gen.

Reiniging en onderhoud nl5511 Reiniging en onderhoudReinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om ervoor te zorgen dat het lang goed blijft werken. 11. 1 ReinigingsmiddelenGeschikte reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij deklantenservice of in de online-shop. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. ▶Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontacthalen of de zekering in de meterkast uitschakelen. ▶Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruikenom het apparaat te reinigen. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. ▶Laat het voor de reiniging afkoelen. LET OP. Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlak-ken van het apparaat beschadigen. ▶Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen ge-bruiken. ▶Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen ge-bruiken.

▶Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken. ▶Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voorde warmtereiniging. ▶Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelenvoor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer dezein de gebruiksaanwijzing voor het betreffende on-derdeel worden aanbevolen. ▶Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen. 11. 2 Roestvrijstalen oppervlakken reinigen1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. →"Reinigingsmiddelen", Pagina552. Met een vaatdoekje en warm zeepsop in slijprichtingreinigen. 3. Met een zachte doek nadrogen. 4. Het schoonmaakmiddel voor roestvrij staal heel dunopbrengen met een zachte doek. Tip:Het schoonmaakmiddel voor roestvrij staal is ver-krijgbaar bij de klantenservice of in de online-shop. 11. 3 Gelakte oppervlakken reinigen1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. →"Reinigingsmiddelen", Pagina552.

→"Reinigingsmiddelen", Pagina552. Met een zachte doek en glasreiniger reinigen. 11. 5 Kunststof reinigen1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. →"Reinigingsmiddelen", Pagina552. Met een zachte doek en glasreiniger reinigen. 11. 6 Glas reinigen1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. →"Reinigingsmiddelen", Pagina552. Met een zachte doek en glasreiniger reinigen. 11. 7 Bedieningselementen reinigenWAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. ▶Geen natte vaatdoekjes gebruiken. 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. →"Reinigingsmiddelen", Pagina552. Met een vochtig vaatdoekje en warm zeepsop reini-gen. 3. Met een zachte doek nadrogen. 11. 8 Vetfilters in de vaatwasmachinereinigenDe vetfilters reinigen het vet uit de kookdampen.

Regel-matig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetaf-scheidingsgraad. WAARSCHUWING‒Kans op brand. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden. LET OP. De vetfilters kunnen door inklemmen worden bescha-digd. ▶De vetfilters niet inklemmen. Opmerking:Bij de reiniging van de vetfilter in de vaat-wasmachine kunnen lichte verkleuringen optreden. Deverkleuringen hebben geen invloed op de werking vande vetfilters. Vereiste:De vetfilters zijn gedemonteerd. 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. →"Reinigingsmiddelen", Pagina552. De vetfilters los in de vaatwasmachine plaatsen. Sterk verontreinigde vetfilters niet samen met ser-viesgoed reinigen. Bij hardnekkig vuil een vetoplosmiddel gebruiken. Vetoplosmiddel is verkrijgbaar bij de klantenserviceof in de online-shop. 3. De vaatwasmachine starten. Bij de temperatuurinstelling maximaal 70 °C kiezen. 4.

nl Reiniging en onderhoud5611. 9 Vetfilter met de hand reinigenDe vetfilters reinigen het vet uit de kookdampen. Regel-matig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetaf-scheidingsgraad. WAARSCHUWING‒Kans op brand. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden. Vereiste:De vetfilters zijn gedemonteerd. 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. →"Reinigingsmiddelen", Pagina552. De vetfilters in een warm zeepsop weken. Bij hardnekkig vuil een vetoplosmiddel gebruiken. Vetoplosmiddel is verkrijgbaar bij de klantenserviceof in de online-shop. 3. De vetfilters met een borstel reinigen. 4. De vetfilters grondig uitspoelen. 5. De vetfilters laten afdruppelen. 11. 10 Vetfilters inbouwenLET OP. Eraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggendekookplaat beschadigen. ▶Met een hand onder de vetfilter grijpen. 1. De vetfilters inbrengen. 2.

De vetfilters naar boven klappen en de vergrendelin-gen vastklikken. 3. Zorg ervoor dat de vergrendelingen vastklikken. 4. De filterafdekking sluiten. 5. Ervoor zorgen dat de vergrendelingen van de filter-afdekking vastklikken. 11. 11 Geurfilter voor circulatiefunctieGeurfilters zijn verkrijgbaar bij de klanteservice of in deonline-shop. Gebruik alleen originele geurfilters. →"Accessoires", Pagina49Geurfilter vervangenVereiste:De vetfilters zijn gedemonteerd. 1. De geurfilter verwijderen. 2. De nieuwe geurfilter uit de verpakking nemen. 3. De geurfilter plaatsen. De geurfilter in correcte richting plaatsen. 4. →"Vetfilters inbouwen", Pagina56. 11. 12 Batterijen van de afstandsbedieningvervangenWAARSCHUWING‒Kans op letsel. Kinderen kunnen batterijen inslikken. ▶Batterijen buiten het bereik van kinderen bewaren. ▶Kinderen bij het vervangen van batterijen in het ooghouden.

Batterijen kunnen exploderen. ▶De batterijen niet opladen. ▶De batterijen niet kortsluiten. ▶De batterijen niet in het vuur gooien. LET OP. Ondeskundige omgang met batterijen.

▶De aansluitklemmen niet kortsluiten. ▶Alleen batterijen van het opgegeven type gebruiken. ▶Geen verschillende batterijtypes samen gebruiken. ▶Geen nieuwe en gebruikte batterijen samen gebrui-ken. ▶Geen heroplaadbare batterijen gebruiken. Lekkende batterijen beschadigen de afstandsbedie-ning. ▶De batterijen gebruiken als u de afstandsbedieningniet gebruikt. ▶De lege of defecte batterijen op een milieuvriendelij-ke manier en veilig afvoeren. 1. De afdekking eraf halen. 2. De lege batterijen verwijderen. 3. De nieuwe batterijen plaatsen (type3VCR2032). 4. De afdekking sluiten. 5. De lege batterijen op een milieuvriendelijke manierafvoeren.

Storingen verhelpen nl5712 Storingen verhelpenKleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenser-vice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aanhet apparaat uitvoeren. ▶Bel de servicedienst als het apparaat defect is. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag repa-raties aan het apparaat uitvoeren. ▶Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelenworden gebruikt voor reparatie van het apparaat. ▶Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd,moet het door geschoold vakpersoneel worden ver-vangen. 12. 1 FunctiestoringenStoring Oorzaak en probleemoplossingApparaat werkt niet.

Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▶Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. Verlichting functio-neert niet. Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶Neem contact op met de klantenservice. →"Servicedienst", Pagina58▶Defecte LED-lampen mogen alleen worden vervangen door de fabrikant, zijn klantenser-vice of een erkend vakman (elektromonteur). De afstandsbedieningwerkt niet. Batterijen zijn leeg. ▶→"Batterijen van de afstandsbediening vervangen", Pagina56In de led-indicatieknipperen na het uit-schakelen van hetapparaat de leds 1tot 5 drie keer. Batterijen zijn bijna leeg. ▶→"Batterijen van de afstandsbediening vervangen", Pagina56De verlichting scha-kelt automatisch inzodra het apparaatop het stroomnetwordt aangesloten. De demonstratiemodus is ingeschakeld. ▶en ca. 3 seconden ingedrukt houden. In de led-indicatieknippert de led 1. De vetfilters zijn verzadigd.

▶→"Vetfilters in de vaatwasmachine reinigen", Pagina55▶→"Vetfilter met de hand reinigen", Pagina56In de led-indicatieknippert de led 2. De geurfilters zijn verzadigd. ▶Het geurfilter vervangen. →Pagina56De verlichting scha-kelt automatisch innadat het apparaatop het stroomnetwerd aangesloten. Demomodus is geactiveerd. ▶Deactiveer de demomodus: en gedurende ca. 3 seconden ingedrukt houden. Ongebruikelijke gelui-den bij de opwaartsebeweging of bij deneerwaartse bewe-ging van het appa-raat. De kabels zijn mogelijk beschadigd. ▶Neem contact op met de klantenservice. →"Servicedienst", Pagina58Geluidssignaal weer-klinkt 3 keer. De referentieloop werd niet uitgevoerd. ▶Start de referentieloop met en ⁠. Het apparaat functio-neert na de referen-tieloop niet. De afstand van het plafond tot de bovenkant van het apparaat is groter dan 120 cm.

nl Servicedienst5813 ServicedienstAls u vragen hebt over het gebruik, een storing aan hetapparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaatmoet worden gerepareerd, neem dan contact op metonze servicedienst. Originele vervangende onderdelen die relevant zijnvoor de werking in overeenstemming met de desbetref-fende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur vanten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handelbrengen van het apparaat binnen de Europese Econo-mische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen. Opmerking:Het inschakelen van de servicedienst inhet kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis. Gedetailleerde informatie over de garantieperiode engarantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bijonze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u hetproductnummer (E-Nr. ) en het productienummer (FD)van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de servicedienst vindt u in demeegeleverde servicedienstlijst of op onze website. 13. 1 Productnummer (E-nr. ) enproductienummer (FD)Het productnummer (E-Nr. ) en het productienummer(FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje bevindt zich afhankelijk van het model:¡aan de binnenkant van het apparaat (daarvoor devetfilter demonteren). ¡op de bovenkant van het apparaat. Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-tele-foonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u degegevens noteren. 14 AfvoerenWij leggen u hier uit hoe u afgedankte apparaten op dejuiste manier afvoert. 14. 1 Afvoeren van uw oude apparaatDoor een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevollegrondstoffen opnieuw worden gebruikt. 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trek-ken. 2. Het netsnoer doorknippen. 3. Het apparaat milieuvriendelijk afvoeren.

Dit apparaat is gekenmerkt in over-eenstemming met de Europese richt-lijn 2012/19/EU betreffende afge-dankte elektrische en elektronischeapparatuur (waste electrical and elec-tronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voorde in de EU geldige terugneming enverwerking van oude apparaten. 14. 2 Accu's afvoerenAccu's/batterijen dienen op milieuvriendelijke wijze teworden afgevoerd. Accu's/batterijen niet meegevenmet het huisvuil. ▶Accu's/batterijen op een milieuvriendelijke manierafvoeren. Alleen voor EU-landen:Conform Europese Richtlijn2006/66/EG moeten defecte of ver-sleten accu's/batterijen gescheidenworden ingezameld en voor een mili-eubewuste recycling worden afge-voerd. 15 MontagehandleidingHoud rekening met deze informatie bij de montage vanhet apparaat.

Montagehandleiding nl5915.1 Inhoud van de verpakkingControleer na het uitpakken alle onderdelen op trans-portschade en de volledigheid van de levering.15.2 VeiligheidsafstandenNeem de veiligheidsafstanden van het apparaat inacht.min700 mmmin2000 mmVlak geïntegreerde inbouwOpmerking:Afhankelijk van het kookgedrag kan ookna het gebruik nog restvocht uit het apparaat komen.We raden aan om de uitsparing in het plafond tijdelijkmet een verf te behandelen die schimmelvorming voor-komt.253 mmmin1100 mm min650 mmmin25mm253mmmin2000mmmin700mm15.3 Afmetingen van het apparaatHier vindt u de afmetingen van het apparaat.

15.4 Veilige montageNeem bij het monteren van het apparaat deveiligheidsaanwijzingen in acht.WAARSCHUWING‒Kans opverstikking!Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken.▶Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin-deren houden.▶Laat kinderen niet met verpakkingsmateri-aal spelen.WAARSCHUWING‒Kans op brand!De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ont-branden.▶Om warmteophoping te voorkomen dienende voorgeschreven veiligheidsafstanden teworden aangehouden.▶Houd de informatie van uw kookapparatenaan. Wanneer er in de installatie-instructiesvan de kookapparaten een afwijkende af-stand staat, altijd de grootste afstand inacht nemen. Wanneer gaskooktoestellenen elektrische kooktoestellen samen wor-

nl Montagehandleiding60den gebruikt, dan geldt de grootste aange-geven afstand. De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ont-branden. ▶In de buurt van het apparaat nooit werkenmet een open vlam (bijv. flamberen). ▶Het apparaat alleen in de buurt van eenvuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. houtof kolen) installeren wanneer er een afge-sloten, niet verwijderbare afscherming aan-wezig is. Er mogen geen vonken wegsprin-gen. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Bepaalde onderdelen in het toestel kunnenscherpe randen hebben. ▶Draag veiligheidshandschoenen. Is het toestel niet naar behoren bevestigd,dan kan het naar beneden vallen. ▶Alle bevestigingsschroeven moeten vastworden gemonteerd. Het toestel is zwaar. ▶Om het apparaat te bewegen, zijn 2 perso-nen vereist. ▶Alleen geschikte hulpmiddelen gebruiken. Het toestel is zwaar.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Gaggenau AC270101 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden