Franke SWING Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Franke SWING (44 pagina’s), behorend tot de categorie Afzuigkap. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 84 mensen. Heb je een vraag over Franke SWING of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

SIMPLY CLEVER
INSTRUCTIEBOEKJE
INSTRUCTIEBOEKJE
Infotainment Swing

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Franke
Categorie: Afzuigkap
Model: SWING
Soort bediening: Sensor
Kleur van het product: Stainless steel,White
Breedte: 898 mm
Diepte: 463.5 mm
Hoogte: 1625.6 mm
Geluidsniveau: 66 dB
Soort: Muurmontage
Motor vermogen: 270 W
Uitlaat aansluiting diameter: 150 mm
Aantal motors: 1
Maximale afzuigcapaciteit: 700 m³/uur
Afzuigmethode: Luchtafvoer
Minimale afstand van electrische hob: 250 mm
Minimale afstand van gas hob: 350 mm
Aantal lampen: 2 gloeilamp(en)
Type lamp: Halogeen
Soort vetfilter: Aluminium
Hoogte (min): 1145.6 mm
Hoogte (max): 1625.6 mm
Vermogen lamp: 20 W
Aantal snelheden: 8
Intensieve stand: Ja
Ingebouwde functie: Ja
Afstandsbediening inbegrepen: Ja
Indicator filterreiniging: Ja

Handleiding Franke SWING – volledige tekst

Belangrijke informatie bij dit instructieboekjeDit instructieboekje is voor de verschillende varianten van het infotainmentSwing (hierna apparaat) bedoeld. Het apparaat kan, afhankelijk van het modelwaarin het is gemonteerd, afwijken wat betreft uiterlijk en plaatsing van debedieningselementen. In dit instructieboekje staan alle mogelijke beschreven, zon-apparaatfunctiesder dat deze als meeruitvoering, modelvariant of landafhankelijke uitrustingworden aangegeven. Hierdoor kan het voorkomen dat in uw wagen niet allefuncties aanwezig zijn die in dit instructieboekje worden beschreven. Als de wagen bijvoorbeeld af fabriek niet met het soundsysteem is uitgerust,worden in het menu van de klankinstellingen de menupunten ŠKODA Surrounden Virtual Subwoofer niet weergegeven. De , resp.

Uit de technische gegevens, afbeeldingen en informatie in dit instructieboekjekunnen geen juridische aanspraken worden afgeleid. Wij adviseren, de , waarnaar in dit instructieboekje wordt ver-internetpagina'swezen, in de klassieke weergave weer te geven. Bij de mobiele weergave vande internetpagina's wordt mogelijk niet alle benodigde informatie weergege-ven.

Toelichtingen en verdere informatieOpbouw van het instructieboekjeHet instructieboekje is hiërarchisch in de volgende delen onderverdeeld.■Hoofdstuk (bijvoorbeeld Inleidende informatie) - de titel van het hoofdstukstaat altijd onderaan de rechterbladzijde vermeld■Subhoofdstuk (bijvoorbeeld Apparaatoverzicht)■Module (bijvoorbeeld Apparaat in-/uitschakelen)InformatiezoekenBij het informatiezoeken in het instructieboekje adviseren we om de Tref-woordenlijst aan het einde van het instructieboekje te gebruiken.Tekstaanwijzingen- kort indrukken (bv. een toets), minder dan 1 s- lang indrukken (bv.

een toets), meer dan 1 sTekstsymbolen ® Geregistreerd handelsmerk ™ Geregistreerd handelsmerk →Verwijzing naar de volgende bedieningsstap Het voor de rechterdraaiknop gebruikte tekstsymboolATTENTIETeksten met dit symbool informeren over ernstig ongeval-, verwonding- oflevensgevaar.VOORZICHTIGTeksten met dit symbool informeren over het gevaar voor beschadiging van dewagen of een mogelijke functiestoring van systemen.Let opIn teksten met dit symbool staat extra informatie."Indrukken""Ingedrukt houden"4Toelichtingen en verdere informatie

Gebruikte afkortingen Afkorting BetekenisA2DP Een Bluetooth®-profiel voor de eenzijdige audiogegevens-verzending ACC Adaptieve afstandsregeling MPV Alternatieve frequenties van actuele radiozender AM Omschrijving van het radiofrequentiebereik ASR Aandrijfslipregeling van de aangedreven wielenAVRCP Een Bluetooth®-profiel voor de bediening van de met de ver-zending van audiogegevens verbonden multimediafunctiesBT Bluetooth® - Draadloze communicatie voor het ontvangenen versturen van spraakgegevens en data CNG Gecomprimeerd aardgas DAB Digitale radio-ontvangstDRM Een systeem voor de bewaking resp. beperking van het ge-bruik van inhoud van digitale media ESC Stabiliteitscontrole FM Omschrijving van het radiofrequentiebereikID3 tagEen aanvullende eigenschap van een muziekbestand waar-mee o.a.

artiest, titel en albumnaam kan worden weergege-ven mp3 Gecomprimeerd audioformaat PIN Persoonlijk identificatienummer PTY Soort radioprogrammaRDS Een systeem voor de overdracht van extra informatie bij deradio-ontvangst in het FM-frequentiebereikSimkaart Een kaart voor de identificatie van deelnemers in het mobie-le netwerk TP Identificatie van een verkeersinformatiezenderUSB MSC Een softwareprofiel voor de overdracht van bestanden tus-sen twee apparaten (soms ook als UMS aangeduid) VBR Variabele bitrate bij bestanden met datacompressie VIN Chassisnummer Afkorting Betekenis wma Gecomprimeerd audioformaat5Gebruikte afkortingen

Inleidende informatieBelangrijke aanwijzingenInleidingATTENTIE■Houd uw aandacht altijd bij het verkeer. Als bestuurder draagt u de volle-dige verantwoordelijkheid voor de besturing van de wagen. ■Gebruik het apparaat alleen zodanig dat u in iedere verkeerssituatie dewagen volledig onder controle hebt. De telefoon bijvoorbeeld niet koppelenof verbinden, niet met de contactlijst werken enz. - gevaar voor ongevallen. ATTENTIE■Het volume zodanig instellen dat u akoestische signalen van buiten, (bv. de sirene van de politie, de ambulance en de brandweer) altijd goed kunthoren. ■Een te hoog ingesteld volume kan het gehoor beschadigen. ATTENTIE■Externe apparaten (bv.

mobiele telefoons, audiobronnen) nooit in hetwerkingsgebied van een airbag, op een stoel, op het dashboard of op eenandere plek laten liggen van waaruit dit bij een plotselinge remmanoeuvre,een wisseling van rijrichting, een ongeval of een aanrijding kan wordenweggeslingerd - gevaar voor verwondingen. ■Een extern apparaat nooit tijdens het rijden aansluiten of losmaken - ge-vaar voor ongevallen. ■De aansluitkabel van het externe apparaat altijd zo plaatsen, dat deze bijhet rijden geen belemmering vormt. VOORZICHTIGIn enkele landen kunnen sommige apparaatfuncties vanaf een bepaalde snel-heid niet meer worden geselecteerd. Dit is geen onjuiste werking, maar eengevolg van de wettelijke voorschriften.

Externe apparaten en applicatiesDe beschikbaarheid van enkele in dit instructieboekje beschreven functies isafhankelijk van het type aan te sluiten apparaat en van de hierop geïnstal-leerde applicaties. Mobiele telefoonsOp de volgende internetpagina's kan worden gecontroleerd of het apparaatcompatibel is met de gekozen mobiele telefoons. http://go. skoda. eu/infotainmentVanwege het grote aantal mobiele telefoons en de continue doorontwikkelingvan deze apparaten kan ŠKODA AUTO de compatibiliteit met het apparaat nietaltijd zonder voorbehoud garanderen.

Er wordt geadviseerd de correcte werk-ing bij de betreffende wagen, samen met de ŠKODA Partner, vooraf fysiek tecontroleren. Er worden alleen die versies van de geselecteerde telefoons getest en onder-steund die uit het officiële distributienetwerk afkomstig zijn. Hetzelfde geldtook voor de firmware en software. De functies van de te testen mobiele telefoon kunnen afwijken van een ande-re eenzelfde mobiele telefoon afhankelijk van de specificatie van het betref-fende land of de provider. Voor het testen worden mobiele telefoons gebruikt met het besturingssys-teem en in de versie die op het moment van deze tests beschikbaar warenHierdoor kan niet worden uitgesloten dat de mogelijkheden van een mobieletelefoon met een ander besturingssysteem kunnen afwijken van de getestemobiele telefoon.

ŠKODA AUTO is niet aansprakelijk voor wijzigingen door de fabrikant van demobiele telefoon en de leverancier van de applicaties. De werking van enkele mobiele applicaties kan door de kwaliteit van de inter-netverbinding ter plaatse worden beïnvloed. ŠKODA AUTO is eveneens niet aansprakelijk voor eventuele schade aan hetapparaat of aan de wagen ontstaan door het gebruik van foutieve of onwetti-ge applicaties en door het ondeskundig of ongeoorloofd gebruik van mobieletelefoons. 6Inleidende informatie.

Overzicht apparaatApparaatbeschrijvingHet apparaat kan, afhankelijk van het model waarin het is gemonteerd, afwij-ken wat betreft uiterlijk en plaatsing van de bedieningselementen. Afb. 1 Illustratief overzicht van het apparaatDraaiknop voor het in- en uitschakelen van het apparaat, instellen van hetvolumeDraaiknop voor oproepen en bevestigingen - Menu Radio » pag. 13 - Menu Media » pag. 16Afhankelijk van de uitrusting:▶ - Geluidsonderdrukking▶ - Menu Telefoon » pag. 21 - Apparaatinstellingen » pag. 10 - Klankinstellingen » pag. 1012345Afhankelijk van de uitrusting:▶ - Instelling van de wagensystemen (geldt niet voor Yeti)» pag. 27▶ - In-/uitschakelen van de verkeersinformatie (geldt voor» pag. 15Yeti)Touchscreen » pag. 8SD-kaartopening » pag.

18TouchscreenHet apparaat is met een touchscreen uitgerust dat kan worden bediend doorhet beeldschermoppervlak met een lichte vingerdruk aan te raken. De helderheid van het beeldscherm kan worden ingesteld  → Beeldscherm →Helderh. stappen:. VOORZICHTIG■Het beeldscherm kan alleen door middel van een lichte vingerdruk wordenbediend. Bij te hard drukken bestaat gevaar voor beschadiging van het beeld-scherm. ■Ter bescherming van het beeldscherm kan een geschikte beschermfolie voortouchscreens worden gebruikt die de werking van het touchscreen niet beïn-vloedt. ■Met een zachte doek en eventueel schone spiritus kan vuil van het beeld-scherm worden verwijderd. Software-updateActuele informatie over de beschikbare softwareversies van het apparaatstaat op de volgende ŠKODA-internetpagina's. http://go. skoda.

Automatisch inschakelen van het apparaatIndien het apparaat voor het uitschakelen van het contact niet met de draai-knop is  uitgeschakeld, schakelt het na het inschakelen van het contact auto-matisch in. Automatisch uitschakelen van het apparaatAls de sleutel bij ingeschakeld apparaat uit het contactslot wordt verwijderd,wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld. Wanneer de wagen is voorzien van een startknop, wordt het apparaat na hetafzetten van de motor en het openen van het bestuurdersportier automatischuitgeschakeld. Bij uitgeschakeld contact schakelt het apparaat na ca. 30 minuten automatischuit. Het apparaat kan eventueel automatisch uitschakelen. Het apparaat infor-meert hierover middels een tekstmelding op het apparaatbeeldscherm. Volume instellenElke volumeverandering wordt op het beeldscherm weergegeven. ›Om het , de draaiknop volume te verhogen  rechtsom draaien.

›Om het , de draaiknop volume te verlagen  linksom draaien. ›Om het de draaiknop geluid te onderdrukken  naar links op 0 zetten. ›of: De toets  indrukken. Bij een geluidsonderdrukking verschijnt op het beeldscherm het symbool . Was er op het moment van de geluidsonderdrukking een geluidsweergave uiteen bron in het menu , dan volgt er een weergaveonderbreking (pauze)Media 1). VOORZICHTIG■Een te hoog ingesteld volume kan leiden tot geluidsresonanties in de wagen. ■Bij het wisselen of aansluiten van een audiobron kunnen er plotseling volu-mewijzigingen ontstaan. Vóór het wisselen of aansluiten van een audiobronhet volume verlagen. Apparaatbediening en -instellingenApparaatbedieningBedieningsprincipes Afb. 2 Beeldschermgedeelten / beeldschermweergaveBeschrijving van de beeldschermweergave » afb.

2Statusregel met tijd- en buitentemperatuurinformatie en verdere informa-tieInformatie en bediening van het actuele menuFunctietoetsen van het actuele menuOmschrijving van het actuele menuTerugkeren naar het bovenliggende menu Openen van een submenu van het menupunt met "pop-up-venster"Menupunt met "checkbox"▶ - Functie is ingeschakeld▶ - Functie is uitgeschakeldScrollbalk - Positie en beweging in het menu is mogelijk met een vingerbe-weging naar beneden/naar boven op de scrollbalk▶Aanraken met de vinger boven de scrollbalk - Wisselen naar de volgen-de beeldschermweergave naar boven▶Aanraken met de vinger onder de scrollbalk - Wisselen naar de volgendebeeldschermweergave naar beneden ABCDEFGH1) Geldt niet voor AUX. 8Apparaatbediening en -instellingen.

FunctietoetsenDe beeldschermgedeelten die een functie of een menu bevestigen, worden" " genoemd. functietoetsen▶Witte tekst - De toets is actief en daardoor bruikbaar▶Grijze tekst - De toets is inactief en daardoor niet bruikbaar▶Groene omranding - Actueel gekozen toetsMenu/menupunt/functie selecteren▶Door de functietoets aan te tippen  of . ▶Door draaien aan de draaiknop . Menu/menupunt/functie bevestigen▶Door de functietoets aan te tippen. ▶Door indrukken van de draaiknop . Terugkeren naar het bovenliggende menu▶Door de functietoets aan te tippen . ▶Door aantippen van het beeldscherm buiten het "pop-up-venster". ▶Door het indrukken van de betreffende toets naast het beeldscherm (bv. inhet menu door het indrukken van de toets Media  ).

Menupunt/functiewaarde selecteren▶ - Gekozen menupunt/functiewaarde▶ - Niet gekozen menupunt/functiewaardeWaarde instellen▶Door het aantippen van de functietoets met een van de volgende symbolen, , , , , . ▶Door aanraking of vingerbeweging over de schaal. ▶Door draaien aan de draaiknop . Let opAfhankelijk van de uitrusting kan het apparaat ook met de bedieningshendelof via de toetsen in het multifunctiestuurwiel worden bediend. Meer informa-tie. » Instructieboekje van de wagenAlfanumeriek toetsenbordAfb. 3Voorbeeld van toetsenbordweer-gaveMet het alfanumerieke toetsenbord kan er worden getypt. Beschrijving van het alfanumerieke toetsenbord » afb.

3InvoerregelContextafhankelijk:▶ - Wisselen naar grote letters▶ - Wisselen naar speciale tekens▶ - Wisselen naar cijfersContextafhankelijk:▶ - Wisselen naar cijfers▶ - Wisselen naar Latijnse letters▶  - Wisselen naar Cyrillische lettersContextafhankelijk:▶ - Bevestiging van het ingegeven teken▶ - Weergave van gekozen vermelding (in de functietoets wordt hetaantal gekozen vermeldingen getoond)Terugkeren naar het bovenliggende menuWissen van het ingegeven tekenDoor ingedrukt houden worden de varianten van de betreffende letterweergegeven. Wisselen tussen de extra toetsenbordtalenInvoeren van een spatieNaar links verschuiven van de cursor binnen de invoerregelNaar rechts verschuiven van de cursor binnen de invoerregelZoekenTijdens het typen wordt er gezocht naar relevante vermeldingen. ABCD9Apparaatbediening en -instellingen.

Het te zoeken resultaat (bijvoorbeeld een telefooncontact) moet inclusief despeciale tekens (diakritische tekens) worden ingevoerd. Door de functietoets aan te tippen  wordt er een lijst met de betreffendevermeldingen geopend. Bij 4 en minder gevonden resultaten wordt automa-tisch een lijst met gevonden resultaten geopend. ApparaatinstellingenConfiguratiehulpAfb. 4ConfiguratiehulpDe configuratiehulp wordt , indien er na het inscha-automatisch weergegevenkelen van het apparaat minimaal twee niet ingestelde menupunten zijn of alseen nieuw gebruiksaccount voor de personalisering is gekozen. Het deactiveren van de automatisch weergave van de configuratiehulp is mo-gelijk door het aantippen van de functietoets Niet meer tonen. ›Voor de op de toets handmatige weergave  drukken en vervolgens defunctietoets Configuratiehulp aantippen.

Met de configuratiehulp is het mogelijk de volgende menupunten na elkaar inte stellen. Wijziging van het gebruikersaccount voor de personalisering » Instruc-tieboekje van de wagenInstellen van de tijd (geldt niet voor Yeti)Instellen van de datum (geldt niet voor Yeti)Opslaan van de radiozenders met het momenteel sterkste ontvangstsig-naal in de eerste geheugengroep van ieder afzonderlijk frequentiebereikKoppeling en verbinding van een telefoon met het apparaatHet ingestelde menupunt is voorzien van het symbool . Niet-ingestelde menupunten kunnen door het aantippen van de betreffendefunctietoets in het gedeelte A worden ingesteld. » afb. 4Geluidsinstellingen›De toets  indrukken. ■Volume - Volume-instelling■Max.

inschakelvolume - Instelling van het maximumvolume bij het inschakelenvan het apparaat■Berichten - Volume-instelling voor verkeersmeldingen (TP)■Volumeregeling -Volumeverhoging bij snelheidsverhoging■Entertainm.

lager - Verlaging van het audiovolume (bijvoorbeeld radiovolume)bij geactiveerde parkeerhulp■AUX-volume: - Volume-instelling van het op de AUX-aansluiting aangeslotenapparaat■BT-audio: - Volume-instelling van het via het Bluetooth®-audioprofiel aange-sloten apparaat■Balans - Fader - Instelling van het geluidszwaartepunt tussen links en rechts,voor en achter■Bassen-Midden-Hoog - Instelling van de equalizer■ŠKODA Surround - In-/uitschakelen van de ruimteklank■Virtual Subwoofer - In-/uitschakelen van de virtuele bastonen■Bevestigingstoon - In-/uitschakelen van het akoestische signaal bij het aanra-ken van het beeldschermBeeldscherminstellingen›Op de toets  drukken en vervolgens de functietoets Beeldscherm aantip-pen. ■Beeldscherm uit (in 10 s) - Activering/deactivering van automatische beeldscher-muitschakeling1)■Helderh.

stappen: - Instelling van de helderheid van het beeldscherm 1) Het apparaat schakelt de beeldschermweergave uit als het beeldscherm gedurende meer dan 10 secon-den niet wordt aangeraakt of geen van de toetsen wordt bediend. 10 Apparaatbediening en -instellingen.

■Bevestigingstoon - In-/uitschakelen van het akoestische signaal bij het aanra-ken van het beeldscherm■Tijd tonen in stand-bymodus - Tijd- en datumweergave op het beeldscherm bij in-geschakeld contact en uitgeschakeld apparaatTijd- en datuminstellingenGeldt niet voor Yeti. ›Op de toets  drukken en vervolgens de functietoets Tijd en datum aantip-pen. ■Tijd: - Tijdinstellingen■Tijdweergave: - Instelling van het tijdformaat■Zomertijd - In-/uitschakelen van de zomertijd■Zomertijd automatisch - In-/uitschakelen van de automatische wisseling naar zo-mertijd■Datum: - Datuminstellingen■Datumweerg. : - Instelling van het datumformaatInstelling van apparaattaal›Op de toets  drukken en vervolgens de functietoets Taal/Language aantip-pen. ›De apparaattaal kiezen de functietoets ofAutomatisch aantippen om de methet MAXI DOT-display overeenkomende taal in te stellen (geldt voor Yeti).

Instelling van de extra toetsenbordtalen›Op de toets  drukken en vervolgens de functietoets Extra toetsenbordtalenaantippen. In dit menu kan een toetsenbordtaalset worden toegevoegd, om hiermee hetingeven van tekens van een andere dan de actueel ingestelde taal mogelijk temaken (functietoets ). Instellingen van de eenhedenGeldt niet voor Yeti. ›Op de toets  drukken en vervolgens de functietoets Eenheden aantippen. ■Afstand: - Afstandseenheden■Snelheid: - Snelheidseenheden■Temperatuur: - Temperatuureenheden■Volume: - Volume-eenheden■Verbruik: - Brandstofverbruikseenheden■Verbruik CNG: - CNG-verbruikseenheden■Spanning: - Spanningseenheden voor de bandenspanningVeilig verwijderen van de externe gegevensbron›Op de toets  drukken en vervolgens de functietoets SD-kaart veilig uithalen /USB-apparaat veilig verw. aantippen. Op het beeldscherm wordt de betreffende melding m. b. t.

RadioBedieningInleidingHet apparaat biedt de mogelijkheid tot een analoge radio-ontvangst van zen-ders in het FM- en AM-frequentiebereik evenals een digitale DAB radio-ont-vangst. VOORZICHTIG■Bij wagens met ruitantennes de ruiten niet met folie of met stickers die me-taal bevatten beplakken, omdat hierdoor de ontvangst kan worden gestoord. ■Parkeergarages, tunnels, hoge gebouwen en bergen kunnen het radiosignaalstoren. In het ergste geval wordt geen enkel radiosignaal ontvangen. HoofdmenuAfb. 5Hoofdmenu›Voor de van het hoofdmenu op de toets weergave  drukken. Hoofdmenu » afb. 5De gekozen zender (zendernaam of frequentie)Radiotekst (AM, FM) / benaming van groep (DAB)Voorkeuzetoetsen voor voorkeuzezendersKeuze van frequentiebereik (FM / AM / DAB)Selecteren van de geheugengroepen van de voorkeuzezenders in het ge-kozen frequentiebereik (bv.

FM1, FM2, FM3)Andere zender kiezenHandmatig/halfautomatisch zenderzoekenABCD  RadiotekstweergaveInstellingen van het hoofdmenu RadioInformatiesymbolen in de statusregel Symbool Betekenis  Zender met verkeersinformatie  Verkeersinformatiesignaal is niet beschikbaar of de gekozenzender is geen verkeersinformatiezender Signaal is niet beschikbaar (DAB)   RDS-functie is uitgeschakeld (FM)   Alternatieve frequentie AF is uitgeschakeld (FM)Als een weergegeven zendernaam continu verandert, dan is het mogelijk deactuele tekst te fixeren, door met een vinger langer op het beeldscherm bij dezendernaam te drukken. De zendernaam wordt compleet weergegeven, dooreen vinger op de zendernaam te houden (FM). Zender zoeken en frequentie selecterenZenderzoeksysteem›In het hoofdmenu de functietoets Radio  of  aantippen.

Afhankelijk van de instelling  → Pijltoetsen: wordt een beschikbare zender uitde of een onder de opgeslagen zender van hetzenderlijst voorkeuzetoetsenmomenteel gekozen frequentiebereik ingesteld.

Frequentie selecteren›In het hoofdmenu de functietoets Radio  aantippen. De schaal van het ac-tuele frequentiebereik wordt weergegeven. ›Voor het de functietoets instellen van de gewenste frequentiewaarde  of in het onderste beeldschermgedeelte aantippen de draaiknop of  draaienof door het aanraken met de vinger de schuifknop over de schaal bewegen. De frequentiekeuze wordt beëindigd door de draaiknop  in te drukken. Zender na elkaar kort afspelen (Scan)De functie laat na elkaar alle te ontvangen zenders van het momenteel geko-zen frequentiebereik gedurende enkele seconden horen. ›Om de scanfunctie van alle te ontvangen zenders ,te starten/te beëindigenin het hoofdmenu de draaiknop Radio  indrukken. 13Radio.

Lijst met beschikbare zenders Afb. 6 Voorbeeld van lijst met beschikbare FM/DAB-zenders (hiërarchischgesorteerd)›Voor de van de lijst met beschikbare zenders van het momenteelweergavegekozen frequentiebereik in het hoofdmenu de draaiknop Radio  draaien. ›Voor de de functietoets van de gewenste zender aantippen. weergave›Voor de van de zenders op programmatype (bv. cultuur, muziek,filteringsport enz. ) in de FM1)- en DAB2)-zenderlijst de functietoets  - » afb. 6 aantippen. Informatiesymbolen Zender is onder een van de voorkeuzetoetsen opgeslagen Actueel opgeslagen zender  Zender met verkeersinformatie  (bv. ) Type van uitgezonden programma (FM, DAB)  (bv. ) Type van regionale zending (FM) De zenderontvangst is niet beschikbaar (DAB) De zenderontvangst is niet goed (DAB)Actualisering van de zenderlijstOp de -band wordt de zenderlijst voortdurend geactualiseerd.

FM automatischOp de -band moet het actualiseren door aantippen vanAM- en DAB handmatigde functietoets  - » afb. 6  worden uitgevoerd. Zender in de zenderlijst sorterenDe -zenderlijst kan afhankelijk van de instelling van het menupunt FM →Uitgebreide instellingen → Zenderlt. sort. : worden gesorteerd. De -zenderlijst wordt aan de hand van de frequentie van de ontvangenAMzenders gesorteerd. De -zenderlijst kan afhankelijk van de instelling van het menupunt DAB  →Soort stat. -lijst: worden gesorteerd. VoorkeuzetoetsenIn elk frequentiebereik zijn 12 voorkeuzetoetsen beschikbaar voor het opslaanvan voorkeurszenders, die in drie groepen zijn onderverdeeld. Een zender kan in het apparaatgeheugen op een van de volgende manierenworden opgeslagen. ›Voor het opslaan van een zender in het hoofdmenu de gewensteRadiofunctietoets C zo lang indrukken tot een geluidssignaal» afb. 5 op pag.

›Voor het de functietoets van deopslaan van een zender in de zenderlijstgewenste zender vasthouden, de geheugengroep selecteren en de gewen-ste voorkeuzetoets aantippen. Wordt een zender onder een reeds bezette voorkeuzetoets opgeslagen, danwordt deze voorkeuzetoets overschreven. Zenderlogo'sDe voorkeuzetoets van een voorkeuzezender kan naast de omschrijving ookhet zenderlogo bevatten. Zenderlogo toekennen›In het hoofdmenu de functietoets Radio  → Zenderlogo's aantippen. ›Een bezette voorkeuzetoets aantippen en het opslagmedium (SD-kaart,USB) selecteren. ›Het gewenste zenderlogo op het betreffende opslagmedium opzoeken enselecteren. Zenderlogo verwijderen›In het hoofdmenu de functietoets Radio  → Zenderlogo's aantippen. 1) Geldt bij ingeschakelde RDS-functie. 2) Geldt bij gekozen globale sortering van de zenderlijst. 14 Radio.

›De voorkeuzetoets aantippen waarvan men een logo wil verwijderen. ›of: De functietoets Alles aantippen om de logo's van alle voorkeuzezenderstegelijkertijd te wissen. ›Het verwijderen bevestigen/afbreken. Let op■De volgende beeldformaten worden ondersteund: jpg, gif, png, bmp (wij advi-seren het png-formaat te gebruiken). ■Maximale resolutie 400x240 pixels. TP-verkeersinformatie›Voor het van de verkeersinformatie in het hoofdmenu in-/uitschakelen Ra-dio de functietoets  → Verkeersinformatie (TP) aantippen. Tijdens een verkeersmelding is het mogelijk, de actuele melding af te brekenresp. de verkeersinformatie te deactiveren. Let op■Als de momenteel ingestelde zender geen verkeersinformatie uitzendt ofhet signaal is niet beschikbaar, dan zoekt het apparaat op de achtergrond au-tomatisch naar een andere verkeersinformatiezender.

■Tijdens de weergave in het hoofdmenu of een zender in het AM-fre-Mediaquentiebereik wordt de verkeersinformatie van de laatst gekozen zender inhet FM-frequentiebereik ontvangen. InstellingenInstellingen›In het hoofdmenu de functietoets Radio  aantippen. ■Scan - Weergeven van alle beschikbare zenders in het actuele frequentiebe-reik gedurende ongeveer 5 seconden■Pijltoetsen: - Instelling van de werking van de zenderomschakeling (functie-toetsen  )■Geheugens - Wisselen tussen de onder de voorkeuzetoetsen opgeslagenzenders■Zenderlijst - Wisselen tussen alle beschikbare zenders in het gekozen fre-quentiebereik■Verkeersinformatie (TP) - In-/uitschakelen van de verkeersinformatie-ontvangst■Radiotekst - In-/uitschakelen van de radiotekstweergave (FM en DAB)■Soort stat.

-lijst: - Sorteringsmogelijkheden van radiozenders in de zenderlijst(DAB)■Globaal - Alfanumerieke sortering van zenders met filtermogelijkheid op ba-sis van het uitgezonden programmatype■Hiërarchisch - Sortering van zenders die tot een bovenliggende zendergroep(ensemble) behoren - boomstructuur van de lijst■Zenderlogo's - Handmatige toewijzing van zenderlogo■Geheugen wissen - Wissen van de onder voorkeuzetoetsen opgeslagen zenders■Uitgebreide instellingen - Aanvullende instellingen, die afhankelijk van het geko-zen frequentiebereik verschillend zijn (FM en DAB)Uitgebreide instellingen (FM)›In het menu de FM-frequentieband selecteren en de functietoets Radio → Uitgebreide instellingen aantippen. ■RDS regionaal: - In-/uitschakelen van het automatische zoeksysteem naar re-gionaal verwante zenders■Automatisch - Automatisch kiezen van de zender met de momenteel besteontvangst.

Bij het wegvallen van de ontvangst in de betreffende regiowordt automatisch een andere beschikbare regio ingesteld. ■Vast - De gekozen regionale zender wordt continu vastgehouden. Bij hetwegvallen van het signaal dient een andere regionale zender handmatig in-gesteld te worden. ■Alternat. frequentie (AF) - In-/uitschakelen van het zoeken naar alternatieve fre-quenties voor de momenteel beluisterde zender■Radio Data Systeem (RDS) - In-/uitschakelen van de RDS-functie (ontvangst vanaanvullende informatie van de zender)1)■Zenderlt. sort. : - Sorteringsmogelijkheden van radiozenders in de zenderlijst■Groep - Groepensortering aan de hand van het uitgezonden programma■ABC - Alfabetische sortering aan de hand van de zendernaamUitgebreide instellingen (DAB)›In het hoofdmenu de DAB-band selecteren en de functietoets Radio  →Uitgebreide instellingen aantippen.

DAB - FM - In-/uitschakelen van de automatische omschakelingvan DAB naar het FM-frequentiebereik bij DAB-signaalverliesDAB-programmavolgsysteemIs een DAB-zender onderdeel van meerdere zendergroepen en is de actuelezendergroep op een andere frequentie beschikbaar, dan wordt bij een slechtontvangstsignaal automatisch dezelfde zender in een andere zendergroep ge-zocht.Automatisch wisselen van DAB naar FMBij slechte DAB-ontvangst probeert het apparaat een FM-zender te vinden.Als de zender via het FM-bereik wordt ontvangen, wordt () achter de zender-naam weergegeven. Als de corresponderende DAB-zender weer kan wordenontvangen, verdwijnt de weergave ().Als een DAB-zender bij slechte ontvangst ook in het FM-bereik niet kan wor-den teruggevonden, wordt het geluid van het apparaat onderdrukt.MediaBedieningHoofdmenuAfb.

7Hoofdmenu›Voor de van het hoofdmenu op de toets weergave  drukken.Hoofdmenu » afb. 7Informatie over weergegeven titelWeergave-tijdbalk met een schuifknopSelecteren van de audiobronAfhankelijk van audiobronsoort:▶Map-/titellijst▶Multimedia-databaseInstellingen van het hoofdmenu MediaLet op■De informatie over de weergegeven titel wordt op het beeldscherm getoond,als deze als zogenaamde ID3-tag op de audiobron is opgeslagen. Indien geenID3-tag beschikbaar is, wordt alleen de titelnaam weergegeven.■Bij titels met variabele bitrate (VBR) hoeft de weergegeven resterende weer-gavetijd niet overeen te komen met de daadwerkelijk resterende weergave-tijd.ABC16 Media

Audiobron selecteren Afb. 8 Selecteren van de audiobron›In het hoofdmenu de functietoets Media A aantippen en de gewen-» afb. 8ste audiobron selecteren.›of: In de map-/titellijst resp. in de multimedia-database de functietoets  Bindrukt houden en de gewenste audiobron selecteren.Door het kiezen van audiobron start de weergave van de beschikbare titels(geldt niet voor AUX).Weergave bedienenHet apparaat speelt de inhoud van de aangesloten audiobron af in alfabeti-sche volgorde van map- en titelnamen.

9Map-/titellijst›Voor de van de map-/titellijst in het hoofdmenu de functie-weergave Mediatoets  aantippen.De inhoud van een audiobron wordt in de map-/titellijst in alfabetische volgor-de weergegeven.Map-/titellijst » afb. 9Gekozen audiobron / map van audiobron (de beweging binnen de map ge-beurt door het aantippen van de functietoets voor de map)Selecteren van de audiobronMapWeergavelijstActueel weergegeven titel / gestopte titelweergaveDe titel kan niet worden afgespeeld (door aantippen van de functietoetswordt de oorzaak getoond). A 17Media

Let op■Bij meer dan 1000 titels in de map worden alleen de eerste 1000 titels metde oudste aanmaakdatum getoond. ■De inleessnelheid van de map-/titellijst is van de verbindingssnelheid alsme-de van het datavolume afhankelijk. Multimedia-database Afb. 10 Multimedia-databaseBij sommige via USB aangesloten Apple-apparaten wordt in plaats van de ord-ner-/titellijst de multimedia-database weergegeven. In de multimedia-database zijn de titels in afzonderlijke categorieën gesor-teerd B. » afb. 10›Voor de van de multimedia-database in het hoofdmenu deweergave Mediafunctietoets  aantippen. ›Voor de moet de categorie en vervolgens de titel worden gekozen. weergaveMultimedia-database » afb.

10Gekozen audiobron / gekozen categorie / map van de audiobronAantippen - selecteren van de bovenliggende map / Ingedrukt houden -selecteren van de audiobronSorteringscategorieënMedia-instellingen›In het hoofdmenu de functietoets Media  aantippen. ■Mix/repeat incl. submapp - In-/uitschakelen van de titelweergave inclusief sub-map■Bluetooth - Instellingen van de Bluetooth®-functieAB■Verkeersinformatie (TP) - In-/uitschakelen van de verkeersinformatie-ontvangst■Activeer AUX - Activering/deactivering van de AUX-ingang■SD-kaart veilig uithalen - Veilig verwijderen van de aangebrachte SD-geheugen-kaart■USB-apparaat veilig verw. - Veilig verwijderen van het op de USB-ingang aange-sloten externe apparaatAudiobronnenInleiding›Voor de eerste de gewenste audiobron aansluiten of in het appa-weergaveraat schuiven en vervolgens de audiobron in de lijst selecteren. De» pag.

17weergave start automatisch (geldt niet voor AUX). Indien AUX als audiobron wordt gekozen, moet de weergave op het aangeslo-ten apparaat worden gestart. VOORZICHTIG■Geen belangrijke en onbeveiligde gegevens op aangesloten audiobronnenopslaan. ŠKODA draagt geen verantwoordelijkheid voor verloren geraakte ofbeschadigde bestanden resp. aangesloten audiobronnen.

■Bij het wisselen of aansluiten van een audiobron kunnen er plotseling volu-mewijzigingen ontstaan. Vóór het wisselen of aansluiten van een audiobronhet volume verlagen. SD-kaartAfb. 11SD-kaart erin steken›De SD-kaart in pijlrichting (met de afgesneden hoek naar rechts gericht) in desleuf , tot deze "vergrendelt". schuiven » afb. 11 18 Media.

›Voor het van de SD-kaart in het hoofdmenu de functie-verwijderen Mediatoets → SD-kaart veilig uithalen aantippen. Op het beeldscherm verschijntWachten, alstublieft… → SD-kaart nu verwijderen. ›Op de ingestoken SD-kaart drukken. De SD-kaart "springt" in de verwijderpo-sitie. VOORZICHTIG■Geen SD-kaarten met afgebroken schuif voor de schrijfbeveiliging gebruiken- gevaar voor beschadiging van de SD-kaartlezer. ■Bij gebruik van SD-kaarten in een adapter kan de SD-kaart tijdens het rijdendoor het bewegen van de wagen uit de adapter vallen. USB-ingangDe USB-ingang met het symbool  gemarkeerd) zit in de middenconsolevoorin. De exacte inbouwplaats van de ingang » Instructieboekje van de wa-gen. Op de USB-ingang kan een audiobron rechtstreeks of via een verbindingskabelworden aangesloten. ›Voor het de USB-audiobron in de betreffende ingang steken.

aansluiten›Voor het van de USB-audiobron in het hoofdmenu deverwijderen Mediafunctietoets  → USB-apparaat veilig verw. aantippen. Op het beeldscherm ver-schijnt Wachten, alstublieft… → USB-apparaat kan worden verw. ›De audiobron uit de betreffende USB-ingang trekken. USB-audiobron ladenBij ingeschakeld contact wordt na het aansluiten van de USB-audiobron hetopladen automatisch gestart (geldt voor audiobronnen waarbij opladen via deUSB-stekker mogelijk is). De oplaadsnelheid kan in vergelijking met het opladen via het stroomnet ver-schillen. Sommige aangesloten audiobronnen kunnen mogelijk niet herkennen dat zeworden opgeladen. VOORZICHTIGUSB-verlengkabels of adapters kunnen de werking van de aangesloten audio-bron negatief beïnvloeden. Let opWij adviseren u verbindingskabels uit het originele ŠKODA accessoireprogram-ma te gebruiken.

›Voor het van de Bluetoothaansluiten ®-speler de speler op het apparaat aan-sluiten - dezelfde aanwijzingen voor het koppelen van het apparaat met eentelefoon opvolgen. » pag. 22›Voor het van de Bluetoothverwijderen ®-speler de verbinding in de lijst metgekoppelde apparaten beëindigen. » pag. 23Apple-apparaatIs een Apple-apparaat als Bluetooth®-speler verbonden en wordt deze op deUSB-ingang aangesloten, dan wordt de Bluetooth ®-verbinding niet verbroken. Indien de weergave wordt afgebroken, moet de weergave opnieuw wordengestart. Pas als USB als audiobron wordt geselecteerd, wordt het Apple-appa-raat als Bluetooth®-speler verwijderd. Hierover verschijnt een betreffendemelding op het beeldscherm. Als een Apple-apparaat op de USB-ingang is aangesloten en de weergave isingeschakeld, kan dit apparaat niet als Bluetooth®-speler worden verbonden.

Hierover verschijnt een betreffende melding op het beeldscherm. AUX-ingangDe AUX-ingang (met tekst  gemarkeerd) bevindt zich in de middenconsolevoorin. De exacte inbouwplaats van de ingang » Instructieboekje van de wa-gen. ›Voor het de stekker van de AUX-audiobron in de betreffende busaansluitensteken. ›Voor het verwijderen de stekker van de AUX-audiobron lostrekken. VOORZICHTIG■De AUX-ingang mag alleen voor externe audioapparaten worden gebruikt. ■Als de op de AUX-ingang aangesloten audiobron is voorzien van een adaptervoor externe voeding, kan het voorkomen dat het geluid wordt gestoord. Let op■Voor de AUX-ingang wordt een jackplugstekker 3,5 mm (Stereo Jack) ge-bruikt. ■Wij adviseren u verbindingskabels uit het originele ŠKODA accessoirepro-gramma te gebruiken. 19Media.

sam-plingfrequen-tieWeergave-lijstenWindows MediaAudio 9 en 10 wma 384 kbit/s 96 kHz m3uplswplasxMPEG-1; 2 en 2,5(Layer-3) mp3 320 kbit/s 48 kHzLet op■Door middel van de GPT-standaard (GUID Partition Table) in partities inge-deelde audiobronnen worden niet door het apparaat ondersteund.■Bestanden die via de -techniek zijn beschermd, worden door het appa-DRMraat niet afgespeeld.20 Media

TelefoonInleidende informatieInleidingDit hoofdstuk behandelt de bediening van een met het apparaat via Blue-tooth® verbonden telefoon. Is met het apparaat een telefoon met meerdere simkaarten verbonden, dankunnen oproepen via alle simkaarten van de verbonden telefoon worden aan-genomen. Voor uitgaande oproepen bestaat afhankelijk van het telefoontype de moge-lijkheid om alleen de primaire simkaart te gebruiken of een van de simkaartenin de telefoon te kiezen. PhoneboxHet opbergvak in de middenconsole voorin kan met de Phonebox-functie zijnuitgerust. » Instructieboekje van de wagenWordt een telefoon, met de achterzijde naar beneden gericht, op het vlak inhet opbergvak gelegd, wordt het telefoonsignaal door de dakantenne ver-sterkt. Telefoons die de Qi-standaard voor het draadloos opladen ondersteunen, kun-nen in het opbergvak tevens draadloos worden opgeladen.

Bij het starten vanhet draadloos opladen, wordt op het apparaatbeeldscherm de betreffendemelding weergegeven. ATTENTIEAltijd de algemeen geldende landspecifieke wettelijke bepalingen voor hetbedienen van mobiele telefoons in de wagen in acht nemen. HoofdmenuAfb. 12Hoofdmenu›Voor de op de toets weergave  drukken. Het hoofdmenu wordt weergegeven als een telefoon met het appa-Telefoonraat is verbonden. Hoofdmenu - Informatie en functietoetsen » afb. 12Naam van de telefoonprovider (bij actieve roaming verschijnt vóór de naamhet symbool )Weergave van de lijst van gekoppelde telefoons (in de functietoets ver-schijnt de naam van de verbonden telefoon)Functietoetsen van favoriete contactenKiezen van het noodoproepnummer resp. functietoets van het favorietecontact , » pag.

25 Favoriete contacten (favorieten)Keuze van een groep van functietoetsen voor favoriete contactenIngeven van het telefoonnummerWeergave van de telefooncontactenlijstWeergave van de oproeplijst (bij oproepen bij afwezigheid wordt naast defunctietoets het aantal oproepen bij afwezigheid getoond)Instellingen van het menu TelefoonSymbolen in de statusregelSignaalsterkte van telefoonnetwerkLadingstoestand van de telefoonaccuGemiste oproepActief gesprekInstellingen›In het hoofdmenu de functietoets Telefoon  aantippen. ABCD21Telefoon.

■Handsfree tel. - Omschakeling van een gesprek naar de telefoon / terug naarhet apparaat (het menupunt wordt tijdens een telefoongesprek getoond)■Telefoon kiezen - Zoeken naar beschikbare telefoons/Lijst met gekoppelde te-lefoons/Selecteren van de telefoon■Zoeken - Naar beschikbare telefoons zoeken■Bluetooth - Bluetooth®-instellingen » pag. 11■Gebruikersprofiel - Instellingen van het gebruikersprofiel■Favorieten beheren - Instelling van functietoetsen van favoriete contacten■Sorteren op: - Indeling van de telefooncontactenlijst■Naam - Indeling op contactachternaam■Naam - Indeling op contactvoornaam■Cont. import.

- Importeren van de telefooncontacten■Beltoon kiezen - Kiezen van beltoon■Onthoud mobiele telefoon - In-/uitschakelen van waarschuwing voor het verge-ten van de telefoon in de wagen (voor zover de telefoon met het apparaatwas verbonden)■Parallel gesprek - In-/uitschakelen van de optie om twee gelijktijdig actieve te-lefoongesprekken te bedienenKoppeling en verbindingInleidingHet bereik van de verbinding tussen de telefoon en het apparaat is beperkt tothet interieur van de wagen. Om een telefoon via Bluetooth® met het apparaat te kunnen verbinden, moe-ten de beide apparaten met elkaar worden gekoppeld. De koppelingsprocedure is afhankelijk van het feit of tijdens de koppeling eenandere telefoon met het apparaat is verbonden of niet. Met het apparaat kan een telefoon en een Bluetooth ®-speler worden verbon-den. De telefoon kan gelijktijdig ook als speler worden gebruikt.

Met het apparaat kunnen maximaal 20 externe apparaten worden gekoppeld. Na het bereiken van het maximale aantal wordt door de koppeling van het vol-gende externe apparaat het langst niet-gebruikte apparaat vervangen. Voor het verbinden met een al gekoppelde telefoon hoeft er niet te wordengekoppeld. Het is voldoende om de telefoon in de lijst met gekoppelde tele-foons op te zoeken en de verbinding te maken.

ATTENTIEDe koppeling en verbinding van een telefoon met het apparaat alleen bijstilstaande wagen uitvoeren - gevaar voor ongevallen. Voorwaarden voor de koppelingDe telefoon kan onder de volgende voorwaarden met het apparaat wordengekoppeld. Het contact is ingeschakeld. De Bluetooth®-functie van het apparaat en van de telefoon is ingescha-keld. De zichtbaarheid van het apparaat en de telefoon is ingeschakeld. De telefoon bevindt zich binnen het bereik van het Bluetooth ®-signaal vanhet apparaat. De telefoon is compatibel met het apparaat. Met de telefoon is geen extern Bluetooth®-apparaat (bv. "headset") ver-bonden. De koppeling kan zowel vanaf het apparaat als vanaf de mobiele telefoon wor-den uitgevoerd. Tijdens de koppelings- en verbindingsprocedure worden op het apparaat-beeldscherm en op het telefoondisplay aanwijzingen weergegeven.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Franke SWING stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden