Falmec Quantum Easy 90 Handleiding
Pagina's 88 Fornuis
Bekijk de handleiding van Falmec Quantum Easy 90 gratis online of download de PDF. 32 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Falmec |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | Quantum Easy 90 |
Handleiding Falmec Quantum Easy 90 – volledige tekst
71NEDERLANDS VEILIGHEIDSINSTRUCTIES EN WAARSCHUWINGENDeze waarschuwingen zijn opgesteld voor uw veiligheid en die van anderen. Gelieve deze handleiding dan ook aandachtig en volledig door te nemen voordat u het toe-stel gebruikt of reinigt. De fabrikant wijst alle verantwoordelijkheid af voor eventuele schade die rechtstreeks of on-rechtstreeks kan worden veroorzaakt aan perso-nen, voorwerpen en huisdieren ten gevolge van het niet naleven van de veiligheidsaanwijzingen in deze handleiding. Het is zeer belangrijk dat deze handleiding sa-men bij het toestel wordt bewaard voor toekom-stige raadpleging. Indien het toestel wordt verkocht of aan iemand an-ders wordt doorgegeven, moet u ervoor zorgen dat u ook de handleiding overhandigt, zodat de nieuwe gebruiker op de hoogte kan worden gesteld van de werking van de afzuigkap en van de bijhorende wa-arschuwingen.
Vraag naar originele reserveonderdelen. Gebruiksbestemming• Deze kookplaat is bestemd voor huishoudelijk gebruik om gerechten klaar te maken en warm te houden. • De kookplaat niet buitenshuis installeren of op plaatsen waar deze aan weersinvloeden (regen, wind, enz. ) is blootgesteld. • Elk ander gebruik is niet toegestaan. • Het toestel mag niet worden gebruikt door kinde-ren jonger dan 8 jaar en door mensen met beper-kte lichamelijke, zintuiglijke of mentale capacitei-ten, of zonder ervaring of de nodige kennis, tenzij ze onder toezicht staan of nadat ze instructies hebben gekregen over een veilig gebruik van het toestel en de inherente gevaren ervan hebben begrepen. • Kinderen mogen niet met het toestel spelen. • De reiniging en het onderhoud mag niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd. • De kookplaat nooit onbewaakt achterlaten wan-neer die in werking is.
Het toestel is alleen bestemd voor het afzuigen van dampen die tijdens het bereiden van gerechten on-tstaan in een huishoudelijke, niet-professionele om-geving: ieder ander gebruik is oneigenlijk gebruik dat schade aan personen, voorwerpen en huisdieren kan veroorzaken, waardoor de fabrikant van elke veran-twoordelijkheid wordt ontheven. Gevaar voor brandwonden• Gebruik de blokkering van de bedieningselemen-ten om te verhinderen dat onbevoegden zelf het toestel kunnen aan zetten. • plaats de stelen en handgrepen van potten en pan-nen zodanig dat kinderen er niet bij kunnen. • Schakel de kookzones uit na gebruik. • Geen metalen voorwerpen op de ingeschakelde kookzones plaatsen. Technische veiligheid• De installatie moet door bekwame en gekwalifice-erde installateurs worden uitgevoerd volgens de aanwijzingen in deze handleiding en in naleving van de geldende normen.
Breng geen wijzigingen aan op de elektrische, me-chanische en functionele structuur van het toestel. Probeer niet om zelf reparaties of vervangingen uit te voeren: interventies uitgevoerd door personen die niet bekwaam of niet gekwalificeerd zijn, kun-nen ernstige schade toebrengen aan voorwerpen en/of personen wat niet onder de garantie van de fabrikant valt. • Controleer of de kookplaat intact is en alle delen ervan werken voordat u gaat installeren. Indien u afwijkingen opmerkt, mag u de installatie niet uit-voeren: in dit geval moet u contact opnemen met de verkoper. De elektrische installatie waarop het toestel wordt aangesloten, moet van een aardaanslui-ting zijn voorzien, in overeenstemming met de veiligheidsnormen van het land van gebruik. Boven-dien moet deze installatie conform zijn met de Euro-pese normen inzake radiostoringen.
Vergelijk deze gegevens voordat u gaat aansluitenWendt u tot een elektricien in geval van twijfel. • De kookplaat niet gebruiken voordat die is geïns-talleerd. • Het is verboden om de inductiekookplaat te ge-bruiken op bewegende apparaten. • De behuizing van het toestel nooit openen. • Falmec garandeert de naleving van de veiligheid-snormen alleen bij gebruik van originele reserve-onderdelen. • Het apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe timer of met een afstandsbediening. Vóór het installeren van de afzuigkap moet u contro-leren of de netspanning overeenkomt met de span-ning vermeld op het plaatje dat binnen in de afzui-gkap is aangebracht. Het stopcontact, gebruikt voor de elektrische aanslu-iting, moet gemakkelijk bereikbaar zijn wanneer het toestel geïnstalleerd is. Als dit niet mogelijk is, moet.
72u zorgen voor een hoofdschakelaar om de afzuigkap indien nodig uit te zetten. Een eventuele wijziging van de elektrische installatie mag enkel door een bevoegde elektricien worden ui-tgevoerd. Indien het toestel niet naar behoren werkt, mag u niet zelf proberen om het probleem op te lossen. Neem contact op met de verkoper of met een erkend servi-cebedrijf om de reparatie te laten uitvoeren. Tijdens het installeren moet u het toe-stel uitschakelen door de stekker uit het stopcontact te halen of via de hoofdschakelaar. AWAARSCHUWINGEN BETREFFENDE HET GEBRUIK EN DE REINIGING• Voordat u het toestel voor de eerste keer inschakelt, moet u eventuele beschermfolie en stickers verwijderen. • Tijdens het gebruik kunnen potten en pannen lawaai veroorzaken, dat te wijten kan zijn aan:– een hoog vermogensniveau. – andere materialen van de bodem van de potten.
• Nooit water gebruiken om brand te blussen. Schakel de kookzone uit. Doof de vlammen met een deksel, een brandvertragend deken of iets gelijkaardigs. • Bewaar geen brandbare voorwerpen in de lades onder de kookplaat. De bestekhouder moet vervaardigd zijn uit hittebestendig materiaal. • Geen lege potten of pannen verwarmen, controleer altijd of er een mi-nimale hoeveelheid vloeistof in de potten aanwezig is. • Schakel de kookplaat na gebruik altijd uit. • Controleer de bereiding voortdurend indien u vet of olie gebruikt, om-dat die snel kunnen ontbranden. • Verwarm vet en olie maximaal gedurende een minuut, gebruik nooit de Booster-functie hiervoor. • Let op dat u zich niet verbrandt tijdens het gebruik van het toestel. • Zorg ervoor dat er geen vaste of beweegbare kabel van het toestel met het glas of met een hete pan in contact komt.
• De kookplaat niet gebruiken om bokalen te verwarmen. • De inductiekookplaat mag op geen enkele wijze worden afgedekt. • De elektrische kabels mogen niet met de kookplaat in contact komen.
• • Het is aanbevolen om uw handen te beschermen tegen de warmte met behulp van speciale pannenlappen. Gebruik uitsluitend droge handschoenen of pannenlappen. • Gebruik alleen potten en pannen met een gladde, magnetische bodem, die geschikt zijn voor inductiekookplaten. • Vermijd dat suiker, synthetische materialen of aluminiumfolie met de hete zones in contact komen. Tijdens het afkoelen kunnen deze sub-stanties barsten of andere veranderingen op het oppervlak in glaskera-miek veroorzaken: schakel het toestel uit en verwijder ze onmiddellijk uit de nog warme kookzone. • Verplaats de potten door ze op te tillen, om geen krassen te maken op het oppervlak van de kookplaat. • De potten en de kookplaat moeten perfect schoon zijn voordat ze met elkaar in contact komen. • Geen voorwerpen op de kookplaat laten vallen. Gebruik alleen potten met een magnetische bodem.
Andere materialen zijn niet toegestaan. De pannen hebben verschillende bodems. De bodems kunnen volledig ijzerhoudend, gemengde ijzerhoudend en niet-ij-zerhoudend zijn. • De bodems van niet-ijzerhoudend materiaal (aluminium, koper, …) kun-nen niet met inductieplaten worden gebruikt. • De bodems met gemengd materiaal worden niet gelijkmatig warm en kunnen geen hoge temperaturen bereiken. In de gevallen waarin de bo-dem voornamelijk uit niet-ijzerhoudend materiaal bestaat, herkent de ko-okplaat mogelijk de pan niet en wordt de kookzone niet geactiveerd. Da-arnaast neigen sommige van deze materialen ertoe materiaal af te geven dat zich bindt met de zeefdruk van het glas, dat daardoor onherstelbaar wordt beschadigd. • Volledig ijzerhoudende platte bodems zijn het meest geschikt en de war-mte wordt gelijkmatig verdeeld.
Gebruik potten waarvan de afmetingen geschikt zijn voor de gewenste ko-okzone. Gebruik altijd een pot of pan per kookzone, ook in BRIDGE-functie. • Plaats geen warm keukengerei op de sensortoetsen en op de controle-lampjes, omdat dit de elektronica eronder kan beschadigen.
• Houd de bedieningselementen en de controlelampjes altijd schoon. • Bewaar geen metalen voorwerpen rechtstreeks onder de kookplaat. • Gebruik indien mogelijk altijd deksels, om warmteverspreiding te ver-mijden. • Kook met weinig water. • Breng nadat u begonnen bent met het bakken of koken van de ge-rechten het vermogensniveau op een lager niveau. Aanwijzingen voor de veiligheid en waarschuwingenWaarschuwingen voor personen met een pacemaker:denk eraan dat er een elektromagnetisch veld ontstaat in de onmiddellijke buurt van het toestel wanneer die in werking is. De mogelijkheid dat de wer-king van de pacemaker hierdoor wordt beïnvloed, is zeer beperkt. Wend u in geval van twijfel tot de fabrikant van de pacemaker of tot uw arts. Het elektromagnetische veld van de ingeschakelde kookplaat kan de wer-king van magnetiseerbare voorwerpen beïnvloeden.
Kredietkaarten, geheu-genopslagsystemen, zakrekenmachines, enz. mogen zich niet in de onmid-dellijke nabijheid van een ingeschakelde kookplaat bevinden. Metalen voorwerpen die bewaard worden in een lade onder het toestel kun-nen gloeiend heet worden als het toestel gedurende lange tijd wordt ge-bruikt. Bewaar geen metalen voorwerpen in een lade rechtstreeks onder de kookplaat. Het toestel is voorzien van koelventilatoren. Als er zich onder het ingebouw-de toestel een lade bevindt, dan moet men een tussenschot aanbrengen tussen deze lade en het onderste deel van het toestel, om de noodzakelijke ventilatie van de kookplaat in acht te nemen en ervoor te zorgen dat deze ventilatoren niet kunnen worden geblokkeerd. Gebruik nooit twee potten of pannen tegelijk op één enkele kookzone, op een rechthoekige kookzone of een PowerFlex-kookzone.
Voordat u de reiniging of het onderhoud gaat uitvoeren, dient u het toestel uit te schakelen door de stekker uit het stopcontact te halen of de hoofdschakelaar te bedienen. De afzuigkap niet gebruiken als uw handen vochtig zijn of als u op blote voeten loopt.
73NEDERLANDSkan deze vlam vatten. Gebruik de afzuigkap nooit zonder de metalen vetfilters. In dat geval kunnen vet en vuil zich in het toestel vastzetten, waardoor de werking van de afzuigkap wordt aangetast. Toegankelijke delen van de afzuigkap kunnen heet zijn wanneer de afzuigkap samen met kookapparaten wordt gebruikt. Voer geen reiniging uit wanneer delen van de afzuigkap nog heet zijn. Indien de reiniging niet wordt uitgevoerd volgens de aangegeven werkwijzen en met de producten die in deze handleiding staan vermeld, bestaat er brand-gevaar. Schakel de hoofdschakelaar uit wanneer het toestel gedurende een lange perio-de niet wordt gebruikt. Indien tegelijk andere toestellen (ketels, kachels, haarden, enz.
) worden gebruikt die met gas of met andere brandstof worden gevoed, moet voor u voldoende ventilatie zorgen in de ruimte waar de dampen worden afgezogen, volgens de geldende nor-men. INSTALLATIE dit deel is uitsluitend voorbehouden aan gekwaliceerd personeelVoordat u de afzuigkap gaat installeren moet u aandachtig het hoofdstuk ”VEILIGHEIDSINSTRUCTIES EN WAARSCHUWINGEN” lezenTECHNISCHE KENMERKENDe technische kenmerken van de afzuigkap vindt u op de stickers aan de bin-nenkant van de kap. PLAATSINGDe kap niet buitenshuis installeren of op plaatsen waar deze aan weersinvloe-den (regen, wind, enz. ) is blootgesteld. KOOKPLAATELEKTRISCHE AANSLUITING(Uitsluitend voorbehouden aan personeel, gekwaliceerd voor de aanslu-iting)Ontkoppel het toestel van het elektriciteitsnet voordat u handelin-gen op de kookplaat gaat uitvoeren.
Zorg ervoor dat de elektrische draden in de kookplaat niet worden losgekoppeld of doorgesneden:neem anders contact op met het dichtstbijzijnde assistentiecentrum. Wendt u tot gekwaliceerd personeel om de elektrische aansluiting te la-ten uitvoeren. De aansluiting moet in overeenstemming zijn met de wettelijke voorschri-ften die van kracht zijn.
Voordat u de kookplaat op het elektriciteitsnet aansluit, moet u controleren of:• de netspanning overeenstemt met de spanning vermeld op het gegeven-splaatje dat zich aan de binnenzijde van de kookplaat bevindt;• de elektrische installatie voldoet aan de normen en de belasting aan kan (raadpleeg het plaatje met technische kenmerken in de kookplaat);• de voedingsstekker en -kabel niet in contact komen met temperaturen die hoger zijn dan 70 °C;• de voedingsinstallatie uitgerust is met een efficiënte, correcte aardaanslui-ting volgens de geldende normen;• het stopcontact gebruikt voor de aansluiting gemakkelijk bereikbaar is wanneer de kookplaat eenmaal is geïnstalleerd. In geval van:• toestellen met kabel zonder stekker: een "genormaliseerde" stekker gebruiken. De draden moeten als volgt worden aangesloten: ge-el-groen voor de aarde, blauw voor neutraal en bruin voor de fase.
De stekker dient op een geschikt veiligheidsstopcontact aangeslo-ten te worden. • vaste toestellen niet voorzien van een voedingskabel en stekker waarmee ze van het stroomnet afgesloten kunnen worden, met een openingsafstand tussen de contacten die in de omstandigheden van overspanningscategorie III een volledige uitschakeling mogelijk ma-akt. • Deze afsluitingsapparatuur moet voorzien worden op het voeding-snet, in overeenstemming met de installatienormen. De geel/groene aardkabel mag niet door de schakelaar worden onder-broken. De fabrikant wijst alle verantwoordelijkheid af indien de veiligheidsnor-men niet worden nageleefd. BEVEILIGINGEN VAN DE KOOKPLAATVeiligheidsuitschakelingAls een kookzone langer dan de maximale inschakeltijd aan staat op een zelfde vermogen, dan wordt die automatisch uitgeschakeld en wordt de re-stwarmte aangegeven.
Om de correcte werking te hervatten:- verwijder de voorwerpen van het bedieningspaneel. - reinig het bedieningspaneel. - schakel de kookplaat en de betreende zone opnieuw in. Beveiliging tegen oververhittingVoordat de elementen van de kookplaat kunnen oververhitten, vermindert de controle het gebruikte vermogen volgens onderstaande beveiligingspro-cedure:– Uitschakeling van de booster en power booster indien aan. – Vermindering van het ingestelde vermogensniveau. – Uitschakeling van de betreende kookzone. Op het display van de kookzones verschijnt het bericht "E2". U kunt de kookzone opnieuw in werking stellen, wanneer de storingssigna-lering uitgaat. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR DE MONTAGEInstalleer de kookplaat alleen nadat de onderstellen en hangmeubels van de keuken zijn geïnstalleerd.
Zorg ervoor dat de werkbladen goed zijn vastgemaakt met hittebestendige lijm, zodat ze niet kunnen vervormen en niet loskomen. Het is verboden om het toestel boven een koelkast, diepvriezer, vaatwasser, wasmachine of droogtrommel te installeren. Aansluiting van de kookplaatNet Aansluiting Doorsnede van de kabelVoedin-gskabelKaliber van de scheidin-gsscha-kelaar220V - 240V~ 50/60Hz1P+N / 2P 3 x 2. 5 mm²H 05 VV - FH 05 RR - F25 A *380V - 415V~ 50/60Hz2P+N 4 x 1. 5 mm²H 05 VV - FH 05 RR - F16 A *380V - 415V~ 50/60Hz3P+N 5 x 1. 5 mm²H 05 VV - FH 05 RR - F16 A ** berekend met de gelijktijdigheidsfactor in overeenstemming met de norm EN 60 335-2-6.
744321VERMOGENS:KenmerkTotaal vermogen 2800-7400WPositie 1Nominaal vermogen 1600WBooster-vermogen 1850WPositie 2Nominaal vermogen 2100WBooster-vermogen (1/2) 3000WPositie 3Nominaal vermogen 2100WBooster-vermogen (1/2) 3000WPositie 4Nominaal vermogen 1600WBooster-vermogen 1850WBedieningse-lementBeschrijvingKookplaat AAN/UIT. In geval er geen ander bedienin-gselement wordt geactiveerd, gaat de kookplaat na enkele seconden automatisch uitSelectie kookzone vooraan. Indien samen ingedrukt, wordt de BRIDGE-functie geactiveerd. Selectie kookzone achteraan. Indien samen inge-drukt, wordt de BRIDGE-functie geactiveerd. Blokkering bedieningselementen: indien langer dan 2 seconden ingedrukt, worden alle bedieningsele-menten geblokkeerd. Herhaal de handeling om de bedieningselementen te deblokkeren.
Verhoging vermogensniveau voor de bereiding en selectie booster, of verhoging van de kooktijd van de TIMER-functie. Verlaging vermogensniveau voor de bereiding, of verlaging van de kooktijd van de TIMER-functieWeergave display beschrijvingKookzone in stand-byVermogensniveaus van laag naar hoog, te selecteren met de toetsen + en -. Power boost: maximaal kookvermogenAanduiding van de restwarmteVermogensniveau tussen 0 en 1, geschikt om ge-rechten warm te houdenBridge-functie geactiveerd. (minimale diameter van de pot: Ø230 mm)Pot niet aanwezig op de kookplaat of niet geschikt wegens materiaal en afmeting. (minimale diameter van de pot: Ø120 mm)(sudisplaycentrale)+Functie blokkering bedieningselementen geactive-erd. WERKING EN GEBRUIK VAN DE INDUCTIEKOOKPLAATGEBRUIK ALLEEN POTTEN VOOR INDUCTIEKOOKPLATEN. Wanneer een kookzone wordt ingeschakeld, wordt de bodem van de pot verwarmd.
Het verwarmingsvermogen moet worden gekozen op basis van wat men wil bereidenHierna volgt een beknopte tabel:AFSTELLINGSZONES1 - 2SmeltenVerwarmenSauzen, boter, chocolade, gelatineVoorgekookte gerechten2 - 3Laten opkokenOntdooienRijst, pudding en gekookte gerechtenGroenten, vis, diepgevroren producten3 - 4 Stomen Groenten, vis, vlees4 - 5 KokenGekookte aardappelen, soe-pen, pastaVerse groenten6 - 7Op zacht vuur garen Vlees, lever, eieren, worstjesGoulash, roulade, pens7 - 8GarenFriturenAardappelen, beignets, taartjes9Frituren, op het kookpunt brengenSteaks, omelettenKokenPFrituren, op het kookpunt brengen Grote hoeveelheden water op het kookpunt brengenOpmerking: de tijd voor het verwarmen van de inductiekookplaten is korter dan voor gaskookplaten. BASISFUNCTIESZie tabel van het betreende model op de vorige pagina.
BRIDGE-FUNCTIEVia deze functie kan men de kookzones 1-2 en/of 3-4 samen laten werkenOm te activeren:- Activeer de kookplaat;druk tegelijk op de symbolen +:- het volgende symbool verschijnt display van de kookzone vooraan;- Regel het vermogen met de toetsen + en –. Opmerking: de functie kan alleen geactiveerd worden tussen de 2 kookpla-ten rechts of links. (op display midden).
75NEDERLANDSBRIDGE-functie UITSCHAKELEN:druk tegelijk op de symbolen +. BOOSTER-FUNCTIE De Booster versterkt het vermogen, zodat men grote hoeveelheden kan verwarmen (bijvoorbeeld veel water om pasta te koken). Deze versterking van het vermogen is gedurende max. 10 minuten actief. - Schakel de kookplaat in;- selecteer de kookzone;- raak (+) aan tot het op de kookzone op het display wordt weergegeven. Opmerking: men kan slechts één plaat rechts en één links tegelijk in-stellen (in totaal niet meer dan 2). Als de plaat 1(4) is ingesteld op , dan kan de naburige plaat 2(3) niet hoger worden ingesteld dan het niveau. Als de 2(3) wordt ingesteld op , dan gaat 1(4) uit. KEEP WARM-FUNCTIE 42°C - Temperatuur van bereide gerechten behouden:Schakel de kookplaat in;Selecteer de kookzone;Raak de toets (+) en daarna de toets (-) aan: het symbool verschijnt.
Kookplaat uitschakelenOm de kookzone uit te schakelen:Raak de toets ( - ) aan tot op het display van de kookzone 0 verschijnt. Als de kookzone nog erg warm is, dan wordt de restwarmte aangegeve. De kookplaat uitschakelenRaak de toets aan: alle kookzones worden uitgeschakeld. Op de displays van kookzones die nog erg warm zijn, verschijnt het symbool. De kookzones niet aanraken zolang de controlelampjes aan zijn. TIMER-FUNCTIE EN AUTOMATISCHE UITSCHAKELING VAN DE KOOKPLAATDe timer heeft twee functies:1 – TIMER;2 – AUTOMATISCHE UITSCHAKELING van één of meerdere kookzones. U kunt een duur tot 99 minuten instellen. Aan het einde van de ingestelde tijd verschijnt 00 op het display met be-trekking tot de tijd, en er wordt een geluidssignaal geactiveerd dat u met de toetsen ( + ) of ( - ) uitschakelt. TIMEROm in te stellen:1.
Schakel de kookplaat in (als die uit staat) en raak tegelijk de toetsen ( + ) en ( - ) aan. 2. Druk op de toets ( - ) om de tijd op 00 te zetten. AUTOMATISCHE UITSCHAKELINGVoor de functie automatische uitschakeling:1 - schakel de kookplaat in;2 - selecteer de kookzone;3 - selecteer het vermogensniveau;4 - stel de timer in zoals hiervoor beschreven. Om de automatische uitschakeling voor een andere kookzone in te stellen, herhaalt u de procedure vanaf punt 2. TIMER en AUTOMATISCHE UITSCHAKELING kunnen tegelijkertijd worden gebruikt. WAT MOET U DOEN ALS ER PROBLEMEN ZIJNDe kookplaat of de kookzones worden niet ingeschakeld:· De kookplaat is niet op het elektriciteitsnet aangesloten. · De zekering is doorgeslagen. · Controleer of de blokkering actief is. · De toetsen zijn bedekt met water of vet. · Er ligt een voorwerp op de toetsen. Het symbool verschijnt. · Er staat geen pot op de kookzone.
· De gebruikte recipiënt is niet compatibel met de inductie. · De diameter van de bodem van de pot is te klein ten opzichte van de ko-okzone. Het symbool [ E ] verschijnt:· Koppel de kookplaat los en sluit daarna opnieuw aan. · Neem contact op met het aftersalesteam. Eén van de kookzones of de hele kookplaat wordt uitgeschakeld:· Het beveiligingssysteem tegen oververhitting is actief;· De kookplaat of een kookzone is te lang ingeschakeld gebleven;· één of meerdere toetsen zijn bedekt;· één van de potten is leeg en de bodem is oververhit. De ventilator blijft verder werken na de uitschakeling van de kookplaat:· Dit is geen storing: de ventilator blijft de elektronische centrale van het toe-stel verder beschermen. · De ventilator stopt automatisch. 10 FOUTCODESIn geval van een fout geeft de gebruikersinterface de foutcodes weer, die voor de technische dienst van nut zijn.
Samen met het meegeleverde document "Foutcodes Basic 2", die gedetail-leerde informatie bevat, is er een volledige beschrijving van de foutmatrixen beschikbaar. Hierna worden de standaard E. G.
O. -foutcodes opgesomd. De gepersonalise-erde gebruikersinterface kan hiervan afwijken. De algemene standaardfou-ten van de gebruikersinterface (Er xx) en de fouten van de kookzone (E/x) verschillen. In geval van fouten van de kookzone knippert het display van de kookzone met een fout, waarbij "E" wordt afgewisseld met een hexadecimale code "X". Foutcode Beschrijving Mogelijke oorzakenOplossing. Indien een vaste "C" wordt weergegeven, is het mogelijk om de kookzone te congurerenGeen fout, de gebruiker is in het menu van de instellingen. Plaats een geschikte pot op de betreen-de kookzone. Wanneer een knipperende "C" wordt weerge-geven, wordt de conguratie van de bereiding uitgevoerd. Na een correcte conguratie geeft het betreende display "-" weer.
Als "-" niet wordt weergegeven, moet u de mo-gelijke oorzaken controleren met betrekking tot E/5Geen fout, de gebruiker is in het menu van de instellingenWacht op de weerga-ve van het symbool "-" of onderbreek de conguratieacti-viteit door op de keuzeschakelaar te drukken; "C" stopt met knipperen.
76. Een knipperen-de "E" op elke kookzone geeft aan dat alle con-guraties worden gewistDe temperatuur van het glas of Pt is te hoog NTC -> tempe-ratuur van de elektronica is te hoogHandmatige con-guratie. De tempera-tuurlimieten zijn overschredenDe temperatuur van het glas of Pt is te hoog NTC -> tempe-ratuur van de elektronica is te hoogKoel het systeem af. Pot niet geschikt, bijvoorbeeld verlies van de ma-gnetische eigen-schappen wegens temperatuur van de bodemOp de module creëert een pot een niet-correct werkingspunt, waardoor de toestellen beschadigd kunnen raken, bijvoorbeeld IGBT. 1. De fout wordt na 8 seconden automa-tisch geannuleerd en men kan de kookzone opnieuw gebruiken. Wanneer zich daarna nog meer fouten voor-doen, moet u de pot vervangen. 2. De module moet gewijzigd worden wanneer een fout wordt weergegeven zonder dat er een pot op de kookzone staat.
Inductiemodule niet gecon-gureerd (alle inductiemodules beantwoorden aan de gebruiker-sinterface maar elk element is verbonden met de specieke kookzone). Inductiemodule niet gecongu-reerdAnnuleer de conguratie van de kookplaat en acti-veer de handmatige conguratie. Start het menu van de instellingen van de gebruikersinterfa-ce om de inductie-module te con-gureren. Vervang de module als de opgesomde punten niet werken. Geen commu-nicatie tussen gebruikersinter-face en inductie-module Inductiemodule niet van stroom voorzien. Bekabeling defect of be-schadigdControleer de voeding en de LIN-a-ansluitingen. Vervang de module als de aansluiting correct is. Fout netvoeding 1. Storing tijdens de detectie van de netvoedingsfre-quentie2. Overspanning Controleer de spanning en de frequentie van de netvoeding. Vervang de module als die correct zijn.
Vaste waarde sensor(testfunctie voor T-sensor op inductor)Geen relevante thermische verandering (10 K) binnen 5 mi-nuten na de in-schakeling van de kookplaatKoel het systeem afGeen werking en geen weergaveOverspanning op de voeding van de omschakeling (geen werking)Aansluiting op 400 VKoppel de aanslui-ting van de voeding-slijn los en corrigeer dezeOpmerking:het systeem kan niet alle defecten automatisch detecteren, bijvoor-beeld in het geval van een stroomstoring in de gebruikersinterface. AFZUIGKAPAFZUIGKAP MET FILTERENDE INTERNE CIRCULATIEBij deze versie stroomt de lucht door de Koolstof. Zeo-filter om gezuiverd en gerecycled te worden in het milieu. Controleer of de Koolstof. Zeo-filters in de afzuigkap of motor geplaatst zijn. Als dit niet het geval is, moet u ze aanbrengen zoals aangegeven in de montage-instructies.
MONTAGE-INSTRUCTIESdit deel is uitsluitend voorbehouden aan gekwaliceerd personeelDe afzuigkap kan in verschillende conguraties worden gebruikt. De algemene punten gelden voor elke installatie. Volg echter de punten die overeenstemmen met de gewenste installatie. WERKING VAN DE AFZUIGKAPWANNEER DIENT DE AFZUIGKAP INGESCHAKELD TE WORDEN. Zet de afzuigkap minstens een minuut aan voordat u gaat koken. Dit bevordert de luchtstroom om de dampen naar het aanzuigoppervlak te leiden. Na het koken dient u de afzuigkap in werking te laten tot alle dampen en geuren volle-dig zijn weggezogen: via de Timer-functie kunt u eventueel de uitschakeling van de afzuigkap instellen zodat deze na 15 minuten automatisch uitgaat.
WELKE SNELHEID MOET U KIEZEN. snelheid (1-3): houdt met laag energieverbruik de lucht zuiver. snelheid (4-5): normale gebruiksomstandigheden. snelheid (6-7): bij aanwezigheid van een sterke geur en veel damp. snelheid (8-P): voor een snelle verwijdering van geuren en dampen. WANNEER DIENT U DE FILTERS TE WASSEN OF TE VERVANGEN. De metalen filters dienen om de 30 uren gereinigd worden. De "Koolstof. Zeo"-filters moeten elke 9 maanden opnieuw geactiveerd worden en elke 18 maanden vervangen. Raadpleeg het hoofdstuk “ONDERHOUD” voor meer details.
77NEDERLANDSTOUCH-TOETSENPANEELON/OFFKort drukken: Inschakeling/uitschakeling afzuigkapLang drukken: Activering automatische cyclus (A) van de afzuigkap in functie van het vermogen van de kookplaten. Verhoging snelheid van 1 tot…9 (tot "P"). Snelheid "P": slechts enkele minuten actief, daarna snelheid 9. Vermindering snelheid van P naar 1. Met afzuigkap actief (kort drukken): TIMER (knipperende rode led)Automatische uitschakeling na 15 min. - De functie wordt gedeactiveerd (rode led uit) als:- de motor uitgaat (toets ). - nogmaals op de toets TIMER wordt gedrukt. Met afzuigkap uit (4 sec. lang drukken): opening kleppen voor onderhoud van de afzuigkap en de metalen filters ALARM METALEN VETFILTEROnderhoud na ongeveer 30 bedrijfsurenDruk 5 seconden op de toets om de teller te resetten. ALARM KOOLSTOF. ZEO-FILTEROnderhoud na ongeveer 2000 bedrijfsuren.
Druk 5 seconden op de toets om de teller te resetten. Om het alarm te activeren:Met afzuigkap uit, drukt u de toetsen en 3 secon-den lang inDe led gaat aan Bevestig met de toets Als het toetsenbord volledig inactief is, moet u, voordat u contact opneemt met de Technische Assistentiedienst, voor korte tijd (ongeveer 5 seconden) de elektrische stroom van het toestel halen, indien mogelijk door de hoofdschakelaar uit te zetten, om de normale werking te herstellen. Als dit niet werkt, neem dan contact op met de Technische Assistentie-dienst. REINIGING EN ONDERHOUDLET OP. Gebruik nooit een stoomapparaat om te reinigen. Controleer voordat u de kookplaat gaat reinigen, of deze op kamertempe-ratuur is. Reinig de kookplaat altijd na elk gebruik met een speciek schoonmaakpro-duct voor glaskeramiek. Gebruik geen producten die volgende stoen bevatten:- corrosieve producten (soda, zuren, ammoniak).
- schurende producten (poeder of pasta’s). De kleppen niet in de vaatwasser wassen. Geen puntige of schurende voorwerpen gebruiken. Na de reiniging moet u het toestel met een zachte doek afdrogen.
NUTTIGE TIPS VOOR HET ONDERHOUDWij adviseren u om uw kookplaat regelmatig te reinigen, zo mogelijk na elk ge-bruik. Gebruik geen schuursponsjes of schuurmiddelen. Vermijd ook agressieve chemische producten, zoals bijvoorbeeld ovenreinigingssprays, vlekafstotende producten, maar ook badkamer- of universele reinigingsmiddelen. Een moment van aeiding is voldoendeLaat de warme kookplaat niet in contact komen met plastic, aluminiumfolie, suiker of levensmiddelen die suiker bevatten. Deze materialen moeten onmiddellijk van de hete kookzone worden verwijderd met een metalen reinigingsspatel uit de warme kookzone worden verwijderd. Als ze smelten, kunnen ze het oppervlak beschadigen. Alvorens levensmiddelen met een hoog suikergehalte te koken, adviseren wij dan ook om de kookplaat met een geschikt product te behandelen.
Een briljant resultaat in drie eenvoudige handelingen:Voor een grondige reiniging eerst grof vuil en etensresten verwijderen met een metalen reinigingsspatel. Daarna een paar druppels speciaal reinigingsmiddel op de koude kookplaat gie-ten en met keukenpapier of een schoon doekje inwrijven. Tenslotte de kookplaat met een natte doek afnemen en afdrogen met een droge doek. Klaar. Hoe herken ik een schraper die geschikt is voor keramisch glas.
• Een schraper gemaakt van metaal ( smelt niet en vat geen vlam)• Een schraper die gemakkelijk te vergrendelen en te ontgrendelen is• Het mes is goed vastgemaakt en verschuift niet• Het mes is robuust, schoon en roestvrij• Een schraper zo mogelijk goedgekeurd door een certificeringsinstantie (bij-voorbeeld TÜV-GS seal )• Gebruikshandleiding en veiligheidsinstructies beschikbaarREINIGING INTERNE OPPERVLAKKENHet is verboden om elektrische delen of delen van de motor in de afzuigkap met vloeistoen of oplosmiddelen te reinigen. Raadpleeg de vorige paragraaf voor de interne metalen delen.
METALEN VETFILTERSGeadviseerd wordt om de metalen filters frequent te wassen (F) (minstens een keer per maand), door ze circa 1 uur in kokend water met afwasmiddel te laten weken zonder ze om te buigen. Gebruik geen corrosieve, zure of alkalische schoonmaakmiddelen. Spoel ze zorgvuldig en wacht tot ze goed droog zijn voordat u ze weer teru-gplaatst. U mag de filters ook in de vaatwasser wassen. Raadpleeg de montage-instructies voor het plaatsen en verwijderen van de me-talen vetfilters. HOUTSKOOL EN ZEOLIETFILTERS (optie) KACL. 963Bij normaal gebruik wordt aanbevolen om het zeoliet-koolstoffilter elke 9 maan-den te regenereren en elke 18 maanden te vervangen. Stop het filter voor de re-generatie circa 1 uur lang in een normale oven bij een temperatuur van 200°C. Laat het filter afkoelen, alvorens het weer te monteren. OLIEOPVANGBAKJEGeadviseerd wordt om het bakje elke maand te reinigen.
Gebruik geen corrosieve, zure of alkalische schoonmaakmiddelen. Voor een grondige reiniging verwijder het olieopvangbakje (zie afbeelding) en was het met water en een afwasmiddel. Spoel het zorgvuldig en wacht tot het goed droog is voordat u het terugplaatst.
78WEGGOOIEN AAN HET EINDE VAN DE GEBRUIKSDUURHet symbool van de doorkruiste vuilnisbak, dat op uw toestel is aange-bracht, geeft aan dat het product een AEEA is, dit betekent een “Afval-stof afkomstig van Elektrische en Elektronische Apparatuur” en bijge-volg niet met ongescheiden afval mag worden gedumpt (dit betekent niet samen met “gemengde huishoudelijke afval”), maar afzonderlijk moet worden verwijderd, zodat het kan worden onderworpen aan speciale bewerkingen voor hergebruik, of aan een specifieke verwerking om eventuele stoffen die schadeli-jk zijn voor het milieu te verwijderen en grondstoffen eruit te halen die ge-recycleerd kunnen worden.
Door dit product correct te verwijderen, draagt u bij tot het vrijwaren van kostbare grondstoffen en helpt u om potentieel negatieve effecten voor de menselijke gezondheid en voor het milieu te vermijden, die kunnen ontstaan door een onjuiste afvalverwijdering. Neem contact op met de plaatselijke instanties voor meer details over het dicht-stbijzijnde punt voor verwijdering. Er kunnen boetes worden opgelegd wanneer deze afvalstoffen niet in overeenstemming met de nationale wetgeving op ver-keerde wijze worden verwijderd.
In dat geval: 1) moet de apparatuur die AEEA is “zeer kleine afmetingen” hebben (hoogte, diepte en breedte kleiner dan 25 cm); 2) de winkel aan wie de apparatuur die AEEA is afgeleverd wordt, moet een verkoopoppervlak hebben van meer dan 400 m². INFORMATIE BETREFFENDE DE VERWIJDERING IN LANDEN VAN DE EU-ROPESE UNIEDe communautaire richtlijn betreffende AEEA-apparaten word door elk land op een andere wijze in uitvoering gebracht. Indien u dit toestel wilt verwijderen, raden wij u daarom aan om contact op te nemen met de plaatselijke instanties of de verkoper om naar de correcte verwijderingsmethode te vragen.
INFORMATIE BETREFFENDE DE VERWIJDERING IN LANDEN DIE NIET TOT DE EUROPESE UNIE BEHORENHet symbool van de doorkruiste vuilnisbak is enkel in de Europese Unie geldig: indien u dit toestel in andere landen wilt verwijderen, raden wij u aan om met de plaatselijke instanties of met de verkoper contact op te nemen om naar de correcte verwijderingsmethode te vragen. LET OP. De fabrikant behoudt zich het recht voor om op welk ogenblik dan ook wijzi-gingen aan de afzuigkappen aan te brengen zonder kennisgeving vooraf. Het volledig of gedeeltelijk drukken, vertalen en reproduceren van deze handleiding mag alleen met toestemming van de fabrikant. De technische informatie, de grafische afbeeldingen, foto's en de specificaties opgenomen in deze handleiding, zijn indicatief en mogen niet worden ver-spreid.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Falmec Quantum Easy 90 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Falmec
Alle Falmec Fornuis handleidingen