Etna AKI883ZT Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Etna AKI883ZT (60 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 24 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Etna AKI883ZT of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Etna |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | AKI883ZT |
Handleiding Etna AKI883ZT – volledige tekst
Geachte klant!Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u het toestel in gebruik neemt.U vindt hierin handige tips, uitleg over de instellingen en aanpassingen, en advies overhet onderhoud van uw toestel.Daarnaast dient de gebruiksaanwijzing als referentie voor de servicedienst. Plak daaromhet gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in degebruiksaanwijzing. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienstnodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.Op onze website kunt u de meest recente versie van de gebruiksaanwijzing vinden.www.etna.nl / www.etna.beVeel kookplezier!INFORMATIE!Informatie, advies, tip of aanbevelingWAARSCHUWING!Waarschuwing – algemeen gevaar
1. VeiligheidswaarschuwingenBELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENLEES DEZE VOORSCHRIFTEN ZORGVULDIG EN BEWAARZE VOOR TOEKOMSTIG GEBRUIK!Kinderen, ouder dan acht jaar en personen met verminderdelichamelijke, zintuigelijke en geestelijke vermogens of metgebrekkige kennis en ervaring mogen het apparaat slechtsgebruiken onder toezicht en als ze de juiste aanwijzingenhebben gekregen voor een veilig gebruik van het apparaat ende gevaren hebben begrepen, verbonden aan het gebruik.Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogenhet apparaat niet reinigen of onderhoudswerkzaamhedenuitvoeren zonder adequaat toezicht.WAARSCHUWING: Dit apparaat en bereikbare delen ervanworden zeer heet tijdens gebruik.
Zorg ervoor de hete delenniet aan te raken.Kinderen jonger dan 8 jaar moeten weggehouden worden vanhet apparaat of steeds onder toezicht staan.Gebruik geen stoom- of hogedrukreinigers om het apparaat tereinigen, aangezien dit elektrische schokken kan veroorzaken.Het apparaat is niet bestemd voor bediening met uitwendigeprogrammaklok of andersoortige special controlesystemen.WAARSCHUWING: Als het glazen oppervlak van de kookplaatgebarsten is moet u het apparaat meteen uitschakelen om eenelektrische schok te voorkomen. Zet alle kookplaten uit en draaiof schakel de hoofdzekering uit, zodat het apparaat volledig islosgekoppeld van het net.4
WAARSCHUWING: Koken met vet of olie op de kookplaatzonder toezicht kan gevaarlijk zijn en brand veroorzaken.Probeer NOOIT vuur te doven met water. Zet het apparaat uiten bedek de vlam met een deksel of een vochtige doek.WAARSCHUWING: Brandgevaar: bewaar geen voorwerpenop het kookoppervlak.WAARSCHUWING: Het kookproces moet steeds ondercontrole staan. Een kort kookproces moet steeds gecontroleerdworden.WAARSCHUWING: Het apparaat is uitsluitend bestemd ommee te koken. Gebruik het niet voor andere doeleinden, zoalsverwarming van de ruimte. Zet op het apparaat geen legepannen.WAARSCHUWING: Gebruik alleen beveiliging van de kookplaatdie ontworpen is door de ontwerper van de kookplaat of diewordt aanbevolen door de fabrikant als geschikte beveiligingvan het apparaat.
Het gebruik van ongeschikte beveiliging kanongelukken veroorzaken.Metalen voorwerpen of voorwerpen die metaal bevatten, zoalsmessen, vorken, lepels en deksels, mogen niet op de kookplaatworden gelegd, omdat deze heet kunnen worden.BRANDGEVAAR!Plaats nooit apparaten (bijvoorbeeld een Airfryer) op dekookplaat. Het apparaat kan in brand vliegen als dekookplaat per ongeluk aangezet wordt.5
Zet na gebruik de kookzone uit met de bedieningseenheid -vertrouw niet alleen op de pan detector.Het apparaat mag alleen door de servicedienst of gemachtigdedeskundige worden aangesloten.
Bij ondeskundig ingrijpen ofreparaties aan het apparaat bestaat het gevaar van ernstigletsel en beschadiging van het apparaat.1.1 Gebruik afzuigingLokale voorschriften inzake de afvoer van lucht moeten wordennageleefd.ELEKTRISCHE SCHOK!Vermijd de kans op een elektrische schok; zorg ervoor dathet toestel is uitgeschakeld voordat u deze reinigt.Gebruik de afzuigunit niet als het vetfilter niet of niet goedgemonteerd is!Frituren moet geschieden onder voortdurend toezicht om tevoorkomen dat verhit vet in brand raakt.Volg de instructies van de handleiding voor het reinigen ofvervangen van de vetfilters en/of koolstoffilters op!BRANDGEVAAR!Er kan brand ontstaan als de instructies voor reiniging envervanging van vetfilters en/of koolstoffilters niet wordenuitgevoerd.Door vetafzettingen in de metalen vetfilters kan er brandontstaan. Flambeer nooit op een kookzone met de afzuigingingeschakeld.
2. Andere belangrijkeveiligheidswaarschuwingenHet apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. Gebruik het niet voor ander doeleinden,zoals het verwarmen van de ruimte, het drogen van huisdieren, weefsels of kruiden, aangezien in dezegevallen gevaar bestaat voor letsel of brand.Het gebruik van de glaskeramische kookplaat als opbergruimte kan leiden tot krassen of anderebeschadigingen. Verhit nooit voedsel in aluminiumfolie of in plastic bakjes op de kookplaat.Dergelijke folie of verpakkingen kunnen smelten, wat kan leiden tot brand of beschadiging van dekookplaat.Bewaar geen temperatuurgevoelige producten onder het apparaat, zoals reinigings- of afwasmiddelen,spuitbussen, enz.2.1 KookduurbegrenzingWAARSCHUWING!De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat.
Deze wordt geactiveerd alsu vergeet de kookplaat uit te schakelen.Afhankelijk van het gekozen kookvermogen wordt de kookduur als volgt begrensd:De kookzone wordt automatisch uitgeschakeld na (uur):Instelling8Kookassistentie81 - 263 - 445 - 627 - 81,59LET OP!De kooktijdbegrenzer voor een bepaalde kookzone wordt gereset nadat de gebruiker de kookstandvan de betreffende kookzone heeft gewijzigd.LET OP!Kookzone-gerelateerde timers hebben voorrang op de kooktijdbegrenzer.2.2 'Open raam' functieAls het wordt voorgeschreven dat een afzuigunit, die zich in een ruimte bevindt waar een open haardaanwezig is, alleen mag worden gebruikt als er een (keuken) raam open staat dan moet er een raamsensor worden geplaatst. De 'Open raam' functie wordt automatisch geactiveerd zodra er een 'openraam' sensor op het toestel wordt aangesloten. Zie hoofdstuk 'Aansluiten van een ‘open raam’ sensor'.8
3. Installatie3. 1 VeiligheidDefecte onderdelen mogen alleen vervangen worden doororiginele onderdelen. Alleen van die onderdelen kan de fabrikantgaranderen dat zij aan de veiligheidseisen voldoen. Als het netsnoer beschadigd is, moet het door de fabrikant ofeen gekwalificeerde elektricien worden vervangen om gevaarte voorkomen. Maak het toestel spanningsloos voordat met de reparatie wordt gestart. Indien de veiligheidsinstructies en waarschuwingen niet worden opgevolgd, kan de fabrikant nietaansprakelijk worden gesteld voor de schade die daarvan het gevolg is. Het apparaat mag alleen door de servicedienst of gemachtigde deskundige worden aangesloten. Bij ondeskundig ingrijpen of reparaties aan het apparaat bestaat het gevaar van ernstig letsel enbeschadiging van het apparaat.
Als er in de buurt van het apparaat nog een ander elektrisch apparaat is aangesloten op eenstopcontact, zorg er dan voor dat het netsnoer daarvan niet in contact komt met hete kookzones. Voor aansluiting van het apparaatWAARSCHUWING. Lees voor de aansluiting van het apparaat de gebruiksaanwijzing aandachtig door. Het verhelpen van defecten of reclamaties, voortkomend uit een verkeerde aansluitingof gebruik van het apparaat vallen niet onder de garantie. WAARSCHUWING. Levensgevaar, gevaar voor vergiftiging door teruggezogen verbrandingsgassen. Controleer het toestel op transportschade. Sluit het toestel niet aan als het beschadigd is. De lucht mag niet worden afgevoerd naar een rookkanaal dat wordt gebruikt voor afvoergassen uittoestellen die gas of andere brandstoffen verbranden (niet van toepassing op toestellen die alleen delucht terug de ruimte in afvoeren).
RecirculatieRecirculatieRecirculatiePlasma set*Verzonken montage• De wanden en het werkblad rondom het toestel moeten minimaal tot 105 °C hittebestendig zijn.• Het werkblad waarin de kookplaat wordt ingebouwd moet vlak zijn.INFORMATIE!Voor een normale werking van de elektronische componenten van de inductiekookplaat isvoldoende luchtcirculatie vereist.12
Verzonken montageHet toestel mag alleen worden geïnstalleerd in een temperatuur- en waterbestendig aanrecht, zoalseen aanrecht van (natuur)steen (marmer, graniet) of massief hout (de randen langs de uitsparing moetenworden afgedicht). Bij installatie in een aanrechtblad van keramiek, hout of glas moet een houtenonderstel worden gebruikt. Het onderstel wordt niet meegeleverd met het toestel. Het toestel magalleen in een aanrechtblad van andere materialen worden geïnstalleerd na raadpleging en uitdrukkelijkegoedkeuring van de fabrikant van het aanrechtblad. De binnenmaat van de basiseenheid moet minimaalgelijk zijn aan de interne uitsparing voor het toestel, zodat het toestel eenvoudig uit het aanrecht kanworden verwijderd. Installeer het toestel (zie 'Inbouwen') en sluit het toestel aan op de netvoeding (zie 'Elektrischeaansluiting').
Test de werking van het toestel voordat u de afdichting aanbrengt. Dicht de gleuf tussenhet toestel en het aanrechtblad af met siliconenkit. De siliconenkit die wordt gebruikt om het toestelaf te dichten, moet temperatuurbestendig zijn (tot minimaal 160 °C). Maak de siliconenkit glad metbehulp van geschikt gereedschap. Neem de gebruiksaanwijzing van de gekozen siliconenkit in acht. Schakel het toestel pas in als de siliconenkit volledig is gedroogd. 1. Siliconenkit, 2. AfdichtbandINFORMATIE. Neem altijd de inbouwmaten in acht maar vooral bij (natuur)stenen aanrechtbladen. Let bij hetkiezen van de siliconenkit op het materiaal van het aanrecht en raadpleeg de fabrikant van hetaanrecht. Het gebruik van ongeschikte siliconenkit kan leiden tot blijvende verkleuring vansommige onderdelen. Stenen aanrechtblad1. Aanrechtblad2. Apparaat3. SleufKeramisch, houten of glazen aanrechtblad1.
Elektrische aansluiting• Dit toestel moet worden geaard. • De elektrische aansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften. • Wandcontactdoos en stekker moeten altijd bereikbaar blijven. • Als een vast opgesteld toestel niet is voorzien van een netsnoer en een stekker, of van een anderemanier om de verbinding met het elektriciteitsnet te verbreken, waarbij er sprake is van eencontactverbreking in alle polen die volledige contactverbreking biedt in situaties die onderoverspanningscategorie III vallen, moet er in het vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar hettoestel een schakelaar worden aangebracht volgens de geldende richtlijnen. Dit is ook vantoepassing op toestellen met een netsnoer en stekker waarbij de stekker niet toegankelijk is nainstallatie van het toestel.
Door het toepassen van een meerpolige schakelaar met eencontactafstand van tenminste 3 mm in de vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar het toestelwordt aan deze eis voldaan. • Zorg er voorafgaand aan de installatie voor dat de lokale distributievoorwaarden (spanning enfrequentie) en de aansluitingen van het toestel compatibel zijn. • De spanning, frequentie, vermogen, en het land waarvoor het toestel is ingericht staan vermeldop het gegevensplaatje. • Controleer voor toestellen van klasse I of het elektriciteitsnet in uw huis een goede aardinggarandeert.
• Als een vast opgesteld toestel niet is voorzien van een netsnoer en een stekker, of van een anderemanier om de verbinding met het elektriciteitsnet te verbreken, waarbij er sprake is van eencontactverbreking in alle polen die volledige contactverbreking biedt in situaties die onderoverspanningscategorie III vallen, moet er in het vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar hettoestel een schakelaar worden aangebracht volgens de geldende richtlijnen. Dit is ook vantoepassing op toestellen met een netsnoer en stekker waarbij de stekker niet toegankelijk is nainstallatie van het toestel.
Door het toepassen van een meerpolige schakelaar met eencontactafstand van tenminste 3 mm in de vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar het toestelwordt aan deze eis voldaan. • Het netsnoer moet vrij hangen en niet door een lade worden aangestoten. • Gebruik voor het aansluiten een goedgekeurde kabel met de juiste kabel diameters behorend bijde aansluiting. De kabel ommanteling moet minimaal 65 °C kunnen weerstaan en is daarom bijvoorkeur van het type H05VV-F. • Voordat u het toestel aansluit, dient u te controleren of het voltage dat wordt aangegeven op hettoestel overeenkomt met het voltage in uw huis. • De aansluiting moet worden aangepast aan de stroom en de zekeringen. • Het toestel mag niet via een stekkerdoos of verlengsnoer op netspanning worden aangesloten,aangezien veilig gebruik van het toestel dan niet langer kan worden gegarandeerd.
• Na de installatie moeten de elektrische stroomvoerende en geïsoleerde onderdelen tegen aanrakingworden beschermd. WAARSCHUWING. Test de correcte werking van het toestel niet wanneer het op de onderkant op een oppervlak isgeplaatst. Het toestel moet volledig zijn geïnstalleerd voordat testen kan beginnen. Bepalen van de aanwezige elektrische aansluiting in huisINFORMATIE. Controleer de spanning. Voordat u het toestel aansluit, dient u te controleren of het voltageop het typeplaatje overeenkomt met het voltage in uw huis. De netspanning bij u thuis(220-240 V tussen L en N) moet worden gecontroleerd door een deskundige met behulp vaneen geschikt meettoestel. Controleer de aanwezige spanningen zoals aangegeven in de onderstaande schema's. 15.
1 fase - 1 nul2 fase - 1 nul3 fase - 1 nul1 fase (alleen voor BE)3 fase (alleen voor BE)2 fase - 2 nullen (alleen voor NL)*INFORMATIE!* De 2 fasen (L1 en L2) dienen te worden beveiligd door slechts één en dezelfdeaardlekschakelaar. Het is niet toegestaan om L1/N1 via een andere aardlekschakelaar danL2/N2 te laten lopen.Netsnoer bevestigen aan het toestelINFORMATIE!Raadpleeg de aansluitschema's die zich op de onderzijde van het toestel bevinden.1. Open het deksel van de aansluitbox.2. Geleid het netsnoer door een trekontlastingsklem die de kabelbeschermt tegen uittrekken.3. Sluit de draden aan volgens de instructies voor uw type toestel.4. Maak de nodig doorverbindingen tussen de aansluitklemmen metde geleverde verbindingsbruggen. De bruggen bevinden zich in deaansluitbox.16
Aansluiten van een ‘open raam’ sensorHet gebruik van een sensor van het type ‘FDS 100’ wordt aanbevolen als een raamsensor moet wordengeïnstalleerd. De sensor moet van het potentiaalvrije NO (normaal open) contacttype zijn. Het moetworden aangesloten op de motorbesturingseenheid (MCU) in de behuizing aan de voorzijde van hettoestel. Voor het aansluiten van een raamsensor wordt een snoer van het type H05VV-F 2x0,5 mm2(of vergelijkbaar) aanbevolen. Zonder raamsensor sluit een jumper het elektrische circuit.'open raam'sensoraansluitingWAARSCHUWING!Maak het toestel spanningsloos voordat er werkzaamheden aan het toestel worden verricht!1. Schroef het deksel van de MCU-behuizing los en klap deze open.2. Verwijder de jumper van de sensoraansluiting.3. Sluit de draden van het snoer aan op de sensoraansluiting.4. Zet het snoer bij de kabeluitgang van de MCU-behuizing vast met een kabelbinder.5.
Sluit de draden zodanig aan op de raamsensor dat het contact open is wanneer het raam geslotenis (raadpleeg de instructies die bij de raamsensor zitten).6. Sluit de deksel en schroef deze vast.Installatie-instellingenWAARSCHUWING!Zodra het toestel langer dan 2 minuten op het elektriciteitsnet is aangesloten, kunnen deinstellingen niet meer worden gewijzigd.StroombegrenzerWAARSCHUWING!De instelling van de stroombegrenzer moet door een erkend en gekwalificeerd installateurworden ingesteld op basis van de aansluiting en stroomonderbrekers bij u thuis. Lees deveiligheidsvoorschriften en de installatie-instructies zorgvuldig door.17
LET OP!Het instellen van een lagere waarde van de stroombegrenzingsparameter kan leiden totverminderde prestaties van het toestel.1.Raak, direct nadat het toestel op het elektriciteitsnet is aangesloten, toets aan om het toestelin te schakelen. Raak vervolgens toets 3 seconden aan.•Menu wordt weergegeven en direct daarna menu .2.Raak de toets aan om Menu te openen.3.
Gebruik recirculatie/plasmafilterDe kookplaat is standaard ingesteld op uitblaas naar buiten. Stel (indien nodig) de kookplaat in opgebruik met een recirculatie- of plasmafilter.1.Raak, direct nadat het toestel op het elektriciteitsnet is aangesloten, toets aan om het toestelin te schakelen. Raak vervolgens toets 3 seconden aan.•Menu wordt weergegeven en direct daarna menu .2. Blader door het menu met en en kies instelling .3. Selecteer een andere instelling met de slider.• 0 - Uitblaas naar buiten (standaard)• 1 - Recirculatie filter geplaatst• 2 - Plasmafilter geplaatst4.Raak toets 3 seconde aan om de instellingen op te slaan, of toets als de wijzigingen nietmoeten worden opgeslagen.19
Raadpleeg 'Installatie-instellingen'1. Zaag de uitsparing in het aanrechtblad (zie 'Installatieafmetingen').2. Monteer de kanalen aan het toestel naar gelang de afzuigkeuze (zie 'Inbouwmogelijkheden').Tape daar waar nodig de kanalen luchtdicht af.3. Plaats de inductiekookplaat in de uitsparing.4. Installeer de afvoerkanalen naar gelang de gekozen afvoer (zie 'Inbouwmogelijkheden'). Maak bijrecirculatie met uitblaas door de achterwand gebruik van de meegeleverde aftekenmal.5. Sluit de kookplaat aan op de netvoeding (zie 'Elektrische aansluiting').6. Stel, indien nodig het toestel in op het juiste aansluitvermogen en de gekozen afvoer(zie 'Installatie-instellingen').7.
Bij gebruik van recirculatie of een plasmafilter: zorg voor een terugstroomopening in de plint meteen minimale oppervlakte van 400 cm².INFORMATIE!• Fineer of andere afwerkingen van het keukenmeubel waarin de kookplaat wordt ingebouwd,moet worden behandeld met hittebestendige lijm (100 °C). Als dat niet wordt gedaan, kande afwerking van het aanrechtblad verkleuren of vervormen.• Het gebruik van massief houten hoeklijsten op werkbladen achter de inductiekookplaat isalleen toegestaan als de afstand tussen de lijst en de kookplaat niet kleiner is danaangegeven op de installatietekeningen.26
4. De kookplaat gebruiken4.1 BedieningspaneelBeschrijvingToets/displayDe kookplaat in-/uitschakelenHet apparaat kan worden in- en uitgeschakeld met de toets .Vergrendeling/kinderslotHet toestel kan worden vergrendeld en ontgrendeld om te voorkomen dat hetonbedoeld wordt ingeschakeld. Schakel het toestel uit en raak dantoets 3 seconden aan.TijdfunctiesKookwekker; voor de hele kookplaat; schakelt de kookzone niet uit.Kookzone-timers voor elke kookzone; wanneer de tijd is verstreken, wordt dekookzone uitgeschakeld.Timer gerelateerd aan de kookzoneOm de tijd in te stellen, raakt u het gedeeltelijk verlichte klokpictogram aan.Het pictogram zal volledig oplichten, zodat u de tijd kunt selecteren. Na5 seconden begint de tijd automatisch af te tellen.
De pijl boven of onder deklok licht op bij de huidige of laatst geselecteerde kookzone.Tijdinstellingen verhogenRaak de toets aan om de timer-instellingen te verhogen met 1 minuut.Raak de toets langer aan om de timer-instellingen snel te verhogen naar degewenste waarde.Tijdinstellingen verlagenRaak de toets aan om de timer-instellingen te verlagen met 1 minuut.Raak de toets langer aan om de timer-instellingen snel te verlagen naar degewenste waarde.SnelRaak de toets aan om de timer of programmatimer met 10 minuten te verlengen.Instellingen annuleren of resettenRaak de toets aan om de werking van de timer te stoppen en de huidigeinstellingen te beëindigen.GebruikersinstellingenU kunt op het apparaat eenvoudig bepaalde parameters instellen, zoals hetvolume van de geluidssignalen, de helderheid van de indicatoren, deautomatische detectie van een pan, de automatische vergrendeling, de duurvan het alarm en diverse afzuiginstellingen.
Vervolg tabel vorige paginaBeschrijvingToets/displayPauzeMet deze functie kunt u de werking van de hele kookplaat tot 10 minutenonderbreken. In die tijd kunt u de kookplaat veilig schoonmaken zonder uwinstellingen te verliezen. Raak de toets aan om de kookpauze in en weer uit teschakelen. Extra functies met automatische programma’sRaak de toets aan om extra kookplaatinstellingen te activeren: Smelten,Opwarmen, Sudderen, Grillen, Frituren en Koken. Met de toets die zich naast de slider van de afzuiging bevindt, kunt uoverschakelen van handmatige naar automatische afzuiging, ongeacht deinstelling in het gebruikersmenu. De afzuiging wordt automatisch aangepastwanneer u een kookzone bedient (hoe hoger het vermogen van de kookzone,hoe hoger de afzuiging).
Verbindingsinstellingen (wifi) (functie aanwezig afhankelijk van het model)Wanneer de gebruikersinterface is ingeschakeld en de kookzones zijnuitgeschakeld, raakt u de toets aan en laat u deze los wanneer u het menu wiltopenen dat op de timer wordt weergegeven. SmeltenVoor het smelten van chocolade, het smelten van boter of het langzaamontdooien van bevroren voedsel. Opwarmen/warm houdenMet deze functie kunt u automatisch voedsel op waterbasis verwarmen ofkant-en-klare maaltijden warm houden, zonder dat u hoeft te roeren. Opwarmen tot net onder het kookpunt/koken met waterMet deze functie kan de vloeistof net onder het kookpunt worden verwarmd,waarbij er geen snelle verdamping van water plaatsvindt. Aanbevolen voor hetkoken van gerechten met een grote hoeveelheid water, bijv. soep, stoofschotels.
1 = 120 °CGrillenDe grillfunctie zorgt voor een knapperig oppervlak, terwijlhet voedsel van binnen sappig blijft. Aanbevolen voor hetgrillen van vlees, groenten en vis. 2 = 160 °C3 = 180 °C4 = 220 °C1 = 160 °CFriturenDeze functie is bedoeld voor het koken of bakken vanvoedsel in een grote hoeveelheid olie. Het zorgt voor eenknapperige, gouden korst. Aanbevolen voor aardappelen,vlees, vis, deeg.
2 = 180 °C3 = 200 °CWater aan de kook brengen/koken met waterMet deze functie kunt u water aan de kook brengen en/of het water aan dekook houden. Bridge (functie aanwezig afhankelijk van het model)Met deze toets kunt u kookzones met elkaar combineren. Display van de timerinstellingenHiermee geeft u de tijdinstellingen weer. SliderRaak de slider aan of veeg erover om het kookvermogen in te stellen of om dekookzone uit te schakelen. 28.
Vervolg tabel vorige paginaBeschrijvingToets/displayWanneer de 'Automatische pan detectie' ingeschakeld is, licht '0' op debijbehorende slider volledig op wanneer er een pan op de kookzone wordtgeplaatst.Indicatie hete kookzoneDe kookplaat heeft een indicatielampje voor elke kookzone, dat aangeeft ofde kookzone nog heet is na het uitschakelen. Het lampje blijft ook na hetuitschakelen van de kookplaat branden zolang deze nog heet is.
Raak dekookzone niet aan zolang het lampje brandt.DrogenComponenten en gebieden waar lucht doorstroomt, worden automatisch doorhet toestel gedroogd.ReinigingWaarschuwing om het interne vetfilter te reinigen.VervangenWaarschuwing om het interne recirculatiefilter te vervangen.Clean Air functieMet de Clean Air-functie wordt na uitschakelen van de inductiekookplaat deafzuiging ieder uur gedurende 10 minuten ingeschakeld om de lucht in dekeuken te verversen.4.2 De kookplaat in-/uitschakelen1. Raak toets 1 seconde aan om de kookplaat in te schakelen.2. Op de slider van de bijbehorende kookzones, is '0' gedeeltelijk verlicht. Als een pan al op dekookplaat staat, is '0' volledig verlicht en is de rest van de slider gedeeltelijk verlicht.3. Plaats het kookgerei op de geselecteerde kookzone en op de bijbehorende slider licht '0' volledigop.4.
Stel het kookvermogen in door het gewenste vermogen aan te raken. Er klinkt een korte pieptoon.Het geselecteerde niveau is volledig verlicht.5. Schakel de kookplaat uit door toets aan te raken.INFORMATIE!Als er niet binnen 20 seconden op een toets wordt gedrukt, wordt de kookplaat automatischuitgeschakeld.29
4.3 Automatische pandetectieDe kookplaat heeft een vooraf ingestelde automatische detectie van de aanwezigheid van kookgereiop de kookzone.1. Raak toets aan om de kookplaat in te schakelen.2. Plaats het kookgerei op de geselecteerde kookzone en de kookplaat detecteert automatisch deaanwezigheid van kookgerei. De bijbehorende slider is gedeeltelijk verlicht. Wanneer de waarde isgeselecteerd, licht deze volledig op.3. Stel het gewenste kookniveau in.INFORMATIE!Automatische pandetectie kan worden uitgeschakeld in het menu 'Gebruikersinstellingen'.2 min.Het toestel detecteert automatisch een ontbrekende pan op een actieve kookzone. Bij een ontbrekendepan knippert de gehele slider met het ingestelde vermogen.
Gedurende deze tijd worden debijbehorende timers op de kookzone waar geen pan aanwezig is tijdelijk gestopt.INFORMATIE!Als er niet binnen 2 minuten een pan op de kookplaat wordt geplaatst, klinkt er eengeluidssignaal en wordt de kookplaat uitgeschakeld.4.4 Detectie van panverplaatsingenAls deze functie is ingeschakeld, detecteert de kookplaat het automatisch als pannen naar een anderekookzone worden verplaatst of van de kookplaat worden verwijderd.INFORMATIE!Detectie van panverplaatsing is alleen mogelijk als automatische pandetectie is ingeschakeldin het menu 'Gebruikersinstellingen'.30
Als de instellingenoverdracht niet binnen deze tijd wordt bevestigd of wanneer er niveau 0 vaneen nieuwe kookzone wordt aangeraakt, worden de instellingen niet overgezet.INFORMATIE!Panverplaatsing wordt niet gedetecteerd op kookzones wanneer automatische programma’szoals WARM, MELT of andere extra functies actief zijn.INFORMATIE!Het is ook mogelijk een grote pan die op gekoppelde Bridge induction kookzones staat teverplaatsen naar andere Bridge induction kookzones.INFORMATIE!Wanneer een extra functie (zie hoofdstuk 'Extra functies') actief is wordt deze niet mee verplaatstals een pan wordt overgezet naar een andere zone.4.5 Kookzones in-/uitschakelen1. Raak de geselecteerde slider aan of veeg eroverheen om het gewenste vermogensniveau teselecteren.2. Er klinkt een korte pieptoon en de verlichting van het geselecteerde vermogen gaat op vollesterkte branden.3.
4.6 Hoge verwarmingsstand - 'Power boost'Voor snel koken kan de boost kookstand op de kookzones worden ingeschakeld. Zo wordt met hetextra vermogen van de kookzones ook grotere hoeveelheden water snel verwarmd. Het extrawerkingsvermogen wordt geactiveerd en daalt vervolgens automatisch naar niveau 9. Als de kookplaatniet te heet is, kan deze na de automatische uitschakeling weer worden geactiveerd.1. Plaats de pan op de geselecteerde kookzone.2. Selecteer met de slider boost level P.3. Om 'Power boost' uit te schakelen, verlaagt u het vermogen van de kookzone.INFORMATIE!Na 10 minuten wordt de powerboost stand automatisch verlaagd naar stand 9.4.7 Automatisch verwarmenGebruik Automatisch verwarmen om snel een pan te verwarmen. Wanneer Automatisch verwarmenwordt gebruikt gaat het vermogen tijdelijk naar stand 9.
Afhankelijk van het vooraf gekozenvermogensniveau zal de pan in de gerelateerde opwarmtijd de pan verwarmen (zie tabel). Daarna gaatde vermogen automatisch terug naar het ingestelde vermogensniveau.87654321Vermogensniveau1951204302601801207040Opwarmtijd (inseconden)Tijdens de werking van Automatisch verwarmen wordt deze gedeactiveerd wanneer hetvermogensniveau wordt verlaagd. Als het vermogensniveau wordt verhoogd terwijl Automatischverwarmen actief is, telt de nieuw ingestelde timer ook de reeds verstreken tijd op het eerder gekozenniveau mee. Als de verstreken tijd langer is dan de gewenste reset-tijd, wordt Automatisch verwarmenbeëindigd.3s120s1. Plaats de pan op de geselecteerde kookzone.2. Raak 3 sec. een vermogensstand aan op de slider. Het ingestelde vermogensniveau licht op enstand 9 begint te knipperen.3.
De pan wordt snel opgewarmt op stand 9 en gaat na het verstrijken van de opwarmtijd terug naarde gekozen stand. Er klinkt een akoestisch signaal wanneer de opwarmtijd is verstreken.32
INFORMATIE!Gebruik Automatische verwarming niet met een voorverwarmde pan.INFORMATIE!Automatisch verwarmen is geschikt voor gerechten die eerst op vol vermogen moeten wordenverhit en vervolgens langzaam gegaard worden op een lager vermogensniveau — zonder datvoortdurend toezicht nodig is. Automatisch verwarmen is echter niet geschikt voor het stoven,bakken of sauteren van voedsel; voor bereidingen waarbij regelmatig keren, bedruipen ofroeren nodig is; of voor het langdurig koken van voedsel in een snelkookpan.4.8 Bridge Induction zone(functie aanwezig afhankelijk van het model)De 'Bridge Induction' kookzones aan de linker- of rechterkant van de kookplaat kunnen wordengecombineerd tot één grote aaneengesloten zone.
Daarop kan een ovale bak- of grillplaat wordengeplaatst.INFORMATIE!De pan moet zo groot zijn dat deze tegelijkertijd het midden van de bovenste en het middenvan de onderste kookzone bedekt.• De bak- of grillplaat mag maximaal 40 x 25 cm groot zijn.• Voor een gelijkmatige warmteverdeling is het raadzaam om een bakplaat met een dikkere bodemte gebruiken.• De bakplaat wordt tijdens het gebruik erg heet, dus zorg ervoor dat u zich niet verbrandt.• Let er, wanneer u de bakplaat op de kookplaat plaatst, op dat de bakplaat niet op debedieningsmodule rust.Kookzones kunnen worden gecombineerd onder de volgende voorwaarden:• Beide zones zijn inactief.• Eén van de gecombineerde zones is actief — het ingestelde vermogen wordt overgenomen doorde gecombineerde zone.• Beide zones zijn actief — de gecombineerde zone neemt het vermogen over van de zone die opde laagste stand staat.
Als beide zones vóór het combineren op hetzelfde vermogen zijn ingesteld,wordt deze stand behouden.1s1. Raak toets aan om de functie te activeren. Er klinkt een korte pieptoon.2. Stel het kookniveau in met de bovenste of onderste schuifregelaar.33
Vervolg tabel vorige pagina3. Raak toets of de slider op de 0-stand aan als u de functie wilt deactiveren. Er klinkt een kortepieptoon.4. De timer wordt uitgeschakeld als u 'Bridge Induction' inschakelt. De tijd moet dan opnieuw wordeningesteld.4.9 Pauze - ‘Stop&Go’Met deze functie kunt u tijdens het koken de werking van de hele kookplaat pauzeren.10 min.1. Raak 1 seconde toets aan om de functie te activeren. Er klinkt een korte pieptoon, de pauzetoetsknippert en alle kookzones en de automatische pandetectie zijn tijdelijk uitgeschakeld. Dekookzone-timers zijn gepauzeerd maar de kookwekker blijft doorlopen.2. Alle toetsen worden gedeactiveerd, behalve en .3. Raak binnen 10 minuten toets 1 seconde aan om de functie te deactiveren.
De kookplaat blijftwerken met dezelfde instellingen als voordat de functie werd geactiveerd.INFORMATIE!Als er niet binnen 10 minuten op een toets wordt gedrukt, wordt de kookplaat automatischuitgeschakeld.INFORMATIE!Als de kookwekker is ingesteld, blijft deze actief, zelfs als de kookplaat is gepauzeerd met dePauze - 'Stop&Go' functie.4.10 Geheugenfunctie - 'Recall-functie'Als de kookplaat (per ongeluk) wordt uitgeschakeld, kunnen met deze functie de kookzone-instellingenworden herstelt wanneer de kookplaat weer wordt ingeschakeld.9s 7s1. Schakel binnen 9 seconden na het uitschakelen de kookplaat weer in.2. Na het opstarten knippert de indicator gedurende 7 seconden.34
Vervolg tabel vorige pagina3. Raak binnen 7 seconden toets aan om de instellingen te herstellen die zijn ingesteld voordatde kookplaat werd uitgeschakeld. Er klinkt een akoestisch signaal wanneer de instellingen zijnhersteld.4. Als niet binnen 7 seconden toets wordt aangeraakt of er wordt een andere toets bedient, danzullen de instellingen niet worden hersteld.4.11 KinderslotHiermee kan de kookplaat worden vergrendeld tegen ongewenst inschakelen.INFORMATIE!Het kinderslot kan alleen worden geactiveerd wanneer de kookplaat uitgeschakeld is.3 s3 s1. Houd 3 seconden ingedrukt.2. Op het display van de timerfunctie wordt ‘Loc’ weergegeven. Er klinkt een pieptoon. De kookplaatis nu vergrendeld.3. Wanneer de kookplaat vergrendeld is, raakt u gedurende 3 seconden aan.
U hoort eenpieptoon en de kookplaat is nu ontgrendeld.INFORMATIE!Als 'Loc' is geactiveerd in 'Gebruikersinstellingen', dan moet de bediening altijd wordenontgrendeld voordat de kookplaat kan worden gebruikt.4.12 Indicator voor hete kookzoneDe kookplaat is voorzien van een weergave van een kookzone die nog heet is.De kookzone wordt verwarmd door de retourwarmte die de pan afgeeft. Wanneer u het kookgerei vande kookplaat haalt, gaat het symbool branden. Zolang dit symbool brandt, kan de restwarmteworden gebruikt om voedsel warm te houden of te smelten.WAARSCHUWING!Als niet meer brandt dan kan de kookzone nog steeds heet zijn!Gevaar! Risico op brandwonden.35
4.13 TijdfunctiesKookwekkerDe kookwekker werkt onafhankelijk van en is niet verbonden met de kookzone.9:59INFORMATIE!De kookwekker kan alleen worden ingesteld als het toestel ingeschakeld is. Als de kookwekkeris ingesteld, blijft de tijd aftellen, zelfs nadat de kookplaat is uitgeschakeld of tijdens de actieveStop&Go-functie.1. Raak toets aan om de kookwekker te activeren. Op het display knippert en toont hetbijbehorende pictogram van de kookwekker.2. Raak toets of aan om een tijd in te stellen tussen 1 minuut en 9 uur en 59 minuten.Raak toets aan om de gewenste tijd met 10 minuten te verhogen.3. De instelling kan handmatig worden bevestigd door toets aan te raken of wordt automatischbevestigd na 7 seconden vanaf de laatste wijziging van de gewenste tijd.4.
Nadat de instelling met succes is bevestigd, klinkt er een geluidssignaal en is het bijbehorendepictogram voor de timerfunctie volledig verlicht.5. Tijdens de laatste minuut van het aftellen wordt de resterende tijd weergegeven in seconden.INFORMATIE!Nadat de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal dat kan worden uitgeschakeld dooreen willekeurige toets aan te raken.Kookzone-timerMet de kookzone timer kan een geselecteerde kookzone automatisch worden uitgeschakeld nadateen ingestelde tijd is verstreken. Er klinkt dan een geluidssignaal die kan worden uitgeschakeld dooreen willekeurige toets aan te raken. De kookzone-timer kan alleen worden ingesteld als de kookzoneactief is.1. Raak toets aan om een kookzone-timer te activeren. Op het display knippert en toonthet bijbehorende pictogram van de geselecteerde kookzone-timer.2.
Vervolg tabel vorige paginaRaak toets aan om de gewenste tijd met 10 minuten te verhogen. 3. De instelling kan handmatig worden bevestigd door toets aan te raken of wordt automatischbevestigd na 7 seconden vanaf de laatste wijziging van de gewenste tijd. 4. Nadat de instelling met succes is bevestigd, klinkt er een geluidssignaal en is het bijbehorendepictogram voor de timerfunctie volledig verlicht. 5. Tijdens de laatste minuut van het aftellen wordt de resterende tijd weergegeven in seconden. INFORMATIE. Wanneer twee of meer timerfuncties worden gebruikt, is het pictogram van de momenteelactieve timer volledig verlicht en voorzien van een pijl. Andere pictogrammen van ingesteldetimerfuncties blijven volledig verlicht, maar tonen geen pijl. Om een andere ingesteldetimerfunctie weer te geven, druk je op de bijbehorende toets. Wijzigen van de tijdfunctie1.
Controleer of de in te stellen tijdfunctie wordt weergegeven op het display. Als dit niet het gevalis, druk dan op de toets die bij de tijdfunctie hoort. Bij de geselecteerde functie licht het driehoekjeop. 2. Raak nogmaals toets of aan, zodat het timerdisplay begint te knipperen. 3. Wijzig de tijd door toets , of aan te raken. 4. De instelling kan handmatig worden bevestigd door toets of aan te raken of automatischna 7 seconden vanaf de laatste wijziging van de gewenste tijd. Tijdfunctie uitschakelenDe tijdfunctie kan worden beëindigd door tegelijkertijd toets en aan te raken wanneer dit wordtweergegeven op het display. De tijdfunctie kan ook beëindigd worden door toets aan te raken alsde tijdfunctie die moet worden beëindigd, is ingesteld op 0:00 en vervolgens is bevestigd, of wanneerdit wordt weergegeven op het display. 4.
14 GebruikersinstellingenU kunt op het apparaat eenvoudig bepaalde parameters instellen, zoals het volume van degeluidssignalen, de helderheid van de indicatoren, de automatische detectie van een pan, deautomatische vergrendeling, de duur van het alarm en diverse afzuiginstellingen.
INFORMATIE. De procedure om het menu voor gebruikersinstellingen te openen vereist dat het toestel vanuituitgeschakelde toestand wordt ingeschakeld. Vervolgens moet de procedure binnen 7 secondenna het inschakelen worden gestart. 1. Raak binnen 7 seconden nadat het toestel is ingeschakeld, toets gedurende 3 seconden aanom het menu voor gebruikersinstellingen te openen. 2. Op het display wordt eerst weergegeven en na 2 seconden. 3. Gebruik en om door de verschillende instellingen van het menu te bladeren. 4. De beschikbare instellingen voor de geselecteerde parameter worden als cijfers weergegevenop de slider rechtsvoor, en kunnen daar direct worden geselecteerd. De momenteel actieve instellingis volledig verlicht. 5.
Verlaat de gebruiksinstellingenmenu door 3 seconden toets aan te raken (gewijzigde instellingenworden opgeslagen) of toets aan te raken (gewijzigde instellingen worden niet opgeslagen). INFORMATIE. De gebruikersinstellingen kunnen niet worden geopend als de kookwekker actief is. BeschrijvingToets/displayHet volume aanpassenGebruik de slider om het gewenste volumeniveau in te stellen tussen 0 en 3. De helderheid instellenGebruik de slider om het gewenste verlichtingsniveau in te stellen tussen1 en 3. Automatische pandetectieGebruik de slider om de functie op 1 (aan) of uit 0 (uit) te zetten. Het kinderslot instellenGebruik de instelling 1 (aan) of 0 (uit) om de automatische vergrendeling vanhet apparaat in of uit te schakelen. De alarmduur instellenGebruik de slider om de alarmduur in te stellen tussen 0 en 2.
Vervolg tabel vorige paginaBeschrijvingToets/displayVetfilters reinigen indicatieKies in deze instelling de mate van gebruik van de inductiekookplaat (metafzuiging) voor het bepalen wanneer het vetfilter gereinigd moet worden. Het reinigen van het vetfilter wordt met een indicatie weergegeven. Er zijn3 opties instelbaar:1 - Geen tot beperkt gebruik van kookoliën (P1) [elke 40 uur reinigen]2 - Matig gebruik van kookoliën (P2) (standaard) [elke 20 uur reinigen]3 - Veel gebruik van kookoliën (P3) [elke 10 uur reinigen]4 - Indicatie uit (OFF)Gevoeligheidsniveau afzuigingStel een gevoeligheidsniveau voor automatische afzuiging in (Hod functieingeschakeld) afhankelijk van de vermogenstand van de cookzones.
Er zijn3 gevoeligheidsniveaus instelbaar:1 - Afzuigstand (L1) instelbaar tot maximaal stand 52 - Afzuigstand (L2) instelbaar tot maximaal stand 7 (standaard)3 - Afzuigstand (L3) instelbaar tot maximaal stand 9Fabrieksinstellingen herstellenRaak 3 seconden stand 1 van de slider (van kookzone rechtsvoor) aan omde instellingen terug te zetten naar de fabrieksinstellingen. 4. 15 Bediening van de afzuigmoduleDe afzuiging staat standaard ingesteld op 'Auto Start afzuiging' (symbool 'A' brandt). De afzuigingstart automatisch als een kookzone wordt gebruikt. De mate van afzuiging wordt aangepast aan hetgekozen vermogen van de kookzone afhankelijk van het ingestelde gevoeligheidsniveau afzuiging (ziehoofdstuk 'Gebruikersinstellingen'). De afzuiging kan ook handmatig ingesteld worden. Het afzuiging handmatig instellen:1. Raak de slider aan om de afzuiging te starten.
Een geluidssignaal bevestigd de juiste bedieningvan de slider. 2. Raak de slider aan of veeg over de slider om een hogere of lagere afzuiging in te stellen. • Er zijn 9 afzuigstanden en een boost stand (stand P) beschikbaar. • De boost stand schakelt na 10 minuten automatisch terug naar stand 9. 3. Schakel de afzuiging uit door met de slider de afzuiging op 0 (nul) te zetten. INFORMATIE.
Clean Air functieMet de Clean Air functie wordt na uitschakelen van de inductiekookplaat de afzuiging ieder uurgedurende 10 minuten ingeschakeld om de lucht in de keuken te verversen.1.De Clean Air functie kan ingeschakeld worden door de toets aan te raken.• De Clean Air functie werkt maximaal 24 uur.•Symbool geeft aan dat Clean Air ingeschakeld is.INFORMATIE!Het afzuigniveau, de ventilatieduur en de totale duur van Clean Air zijn instelbaar, maar dezekunnen alleen in de app worden gewijzigd.Indicatie 'reinigen vetfilter'De afzuigmodule heeft een vetfilterindicatie 'CLEAN FILTER A'. Deze indicatie knippert wanneer devetfilters gereinigd moeten worden. Er zijn 3 gebruiksintensiteiten in te stellen waarmee dereinigingslooptijd van de vetfilters wordt bepaald.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Etna AKI883ZT stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Etna
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis