Dovre Vintage 50 Handleiding

Dovre Heater Vintage 50

Bekijk gratis de handleiding van Dovre Vintage 50 (54 pagina’s), behorend tot de categorie Heater. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 30 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Dovre Vintage 50 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/54
INSTALLATIEVOORSCHRIFTEN ENGEBRUIKSAANWIJZINGHOUTKACHEL
INSTALLATION INSTRUCTIONS AND OPERATINGMANUALWOOD STOVE
INSTALLATION ET MODEDEMPLOIPOELE A BOIS
EINBAUANLEITUNG UNDGEBRAUCHSANWEISUNGHOLZ-FEUERSTTE
INSTRUCCIONES DE INSTALACIÓNY USO ESTUFA DELA
ISTRUZIONIPER L'INSTALLAZIONE E L'USO STUFAA LEGNA
0 .327681.200- 02/2012
Vintage50-35-30

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Dovre
Categorie: Heater
Model: Vintage 50

Handleiding Dovre Vintage 50 – volledige tekst

2 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehoudenInhoudsopgave Inleiding 3 Conformiteitsverklaring 3 Veiligheid 4 Installatiecondities 4 Algemeen 4 Schoorsteen 4 Ventilatie van de ruimte 5 Vloer en wanden 6 Productbeschrijving 6 Installatie 6 Algemene voorbereiding 6 Deursluiting 8 Schoorsteenaansluiting voorbereiden 8 Buitenluchtaansluiting voorbereiden 9 Plaatsen en aansluiten 10 Gebruik 10 Eerste gebruik 10 Brandstof 11 Aanmaken 11 Stoken met hout 12 Regeling van de verbrandingslucht 12 Doven van het vuur 13 Ontassen 13 Nevel en mist 14 Eventuele problemen 14 Onderhoud 14 Schoorsteen 14 Schoonmaken en ander regelmatig onderhoud 14 Bijlage 1: Technische gegevens 18 Bijlage 2: Afmetingen 19 Bijlage 3: Afstand tot brandbaar materiaal 22 Bijlage 4: Diagnoseschema 25 Index 26

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 3Inleiding Geachte gebruiker, Met de aankoop van dit verwarmingstoestel van DOVRE heeft u gekozen voor een kwaliteitsproduct. Dit product maakt deel uit van een nieuwe generatie energiezuinige en milieuvriendelijke verwarmingstoestellen. Deze toestellen maken optimaal gebruik van zowel convectiewarmte alsstralingswarmte. Uw DOVRE toestel is geproduceerd met de modernste productiemiddelen. Mocht er onverhoopt toch iets mankeren aan uw toestel, dan kunt u altijd een beroep doen op de DOVREservice. Het toestel mag niet gewijzigd worden; gebruik steeds originele onderdelen. Het toestel is bedoeld voor plaatsing in een woonruimte. Het moet hermetisch worden aangesloten op een goedwerkende schoorsteen. Wij adviseren u het toestel te laten installeren door een bevoegd installateur.

DOVRE kan niet aansprakelijk worden gesteld worden voor problemen of schade door een onjuiste installatie. Bij installatie en gebruik moeten de hierna beschreven veiligheidsvoorschriften in acht worden genomen. In deze handleiding leest u hoe u het DOVRE verwarmingstoestel op een veilige manier installeert, gebruikt en onderhoudt. Als u aanvullende informatie of technische gegevens wilt of een installatie- probleem heeft, neemt u dan eerst contact op met uwleverancier. © 2012 DOVRE NVConformiteitsverklaring Notified body: 1625 Hierbij verklaart Dovre nv, Nijverheidsstraat 18 B-2381 Weelde, dat houtkachel Vintage 50, Vintage 35 en Vintage 30 conform EN 13240 geproduceerd zijn. Weelde 19-01-2011 In het kader van een continue productverbetering, kunnen specificaties van het geleverde toestel afwijken van de beschrijving in deze brochure, zonder voorafgaande kennisgeving. DOVRE N.V.

4 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehoudenVeiligheid Let op. Alle veiligheidsvoorschriften moeten strikt worden nageleefd. Lees aandachtig de instructies voor installatie, gebruik en onderhoud voordat u het toestel in gebruik neemt. Het toestel moet worden geïnstalleerd overeenkomstig de wetgeving en voorschriften van uw land. Alle lokale bepalingen en de bepalingen die betrekking hebben op nationale en Europese normen moeten worden nageleefd bij het installeren van het toestel. Lees de instructies voor installatie, gebruik en onderhoud die met het toestel zijnmeegeleverd. Laat het toestel bij voorkeur installeren door een bevoegd installateur. Deze is op de hoogte van de geldende bepalingen en voorschriften. Het toestel is ontworpen voor verwarmingsdoeleinden. Alle oppervlaktes, inclusief het glas en de aansluitbuis kunnen zeer heet worden (meer dan 100°C).

Gebruik voor de bediening een koude hand of een hittebestendige handschoen. Plaats geen gordijnen, kleren, wasgoed of andere brandbare materialen bovenop of in de nabijheid van het toestel. Gebruik tijdens het gebruik van uw toestel geen licht ontvlambare of explosieve stoffen in de nabijheid van het toestel. Voorkom schoorsteenbrand door regelmatig de betreffende schoorsteen te laten reinigen. Stook het toestel nooit met open deur. Bij schoorsteenbrand: sluit de luchtinlaten van het toestel en waarschuw de brandweer. Als het glas van het toestel is gebroken of gebarsten, moet dit glas worden vervangen voordat u het toestel opnieuw in gebruik neemt. Zorg voor voldoende ventilatie van de ruimte waar het toestel wordt geplaatst. Bij onvoldoende ventilatie vindt onvolledige verbranding plaats, waardoor zich giftige gassen in de ruimte kunnen verspreiden.

Zie het hoofdstuk "Installatiecondities" voor meer informatie over ventilatie. InstallatieconditiesAlgemeen Het toestel moet worden aangesloten op een goed werkende schoorsteen. Voor de aansluitmaten: zie de bijlage "Technischegegevens".

Informeer bij de brandweer en/of verzekeringsmaatschappij naar eventuele specifieke vereisten en voorschriften. Schoorsteen De schoorsteen is nodig voor: Het afvoeren van de verbrandingsgassen door natuurlijke trek. De warme lucht in de schoorsteen is lichter dan de buitenlucht en stijgt daarom omhoog. Het aanzuigen van lucht, nodig voor de verbranding van de brandstof in het toestel. Een niet goed werkende schoorsteen kan tijdens het openen van de deur rookterugslag geven. Schade ontstaan door rookterugslag is uitgesloten vangarantie. Sluit niet meerdere toestellen (bijvoorbeeld ook nog een centraleverwarmingsketel) op dezelfde schoorsteen aan, tenzij lokale of nationale regelgeving hierin voorziet. Vraag uw installateur om advies over de schoorsteen. Raadpleeg de Europese norm EN13384 voor een juiste berekening van de schoorsteen.

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 5 De schoorsteen moet luchtdicht en goed gereinigd zijn en voldoende trek garanderen. Een trek/onderdruk van 15-20Pa tijdens normale belasting is ideaal. De schoorsteen moet - vertrekkend van de uitgang van het toestel - zo verticaal mogelijk lopen. Richtingsveranderingen en horizontale stukken verstoren de afvoer van verbrandingsgassen en veroorzaken mogelijk roetophoping. De binnenmaten mogen niet te groot zijn, om te voorkomen dat de verbrandingsgassen te sterk afkoelen waardoor de trek minder wordt. De schoorsteen moet bij voorkeur dezelfde diameter hebben als de aansluitkraag. Voor de nominale diameter: zie de bijlage "Technische gegevens". Als het rookkanaal goed is geïsoleerd, kan de diameter eventueel wat groter zijn (maximaal tweemaal de sectie van de aansluitkraag).

De sectie (oppervlakte) van het rookkanaal moet constant zijn. Verwijdingen en (vooral) vernauwingen verstoren de afvoer vanverbrandingsgassen. Bij toepassing van een regenkap/afvoerkap op de schoorsteen: let erop dat de kap niet de uitmonding van de schoorsteen vernauwt en dat de kap niet de afvoer van verbrandingsgassen belemmert. De schoorsteen moet uitmonden in een zone die niet wordt verstoord door omliggende gebouwen, vlakbijstaande bomen of andere hindernissen. Het schoorsteengedeelte buiten de woning moet geïsoleerd zijn. De schoorsteen moet minimaal 4meter hoog zijn. Als vuistregel geldt: 60cm boven de nok van hetdak. Als de nok van het dak meer dan 3meter is verwijderd van de schoorsteen: houd de maten aan die in de volgende figuur zijn aangegeven. A = het hoogste punt van het dak binnen een afstand van3meter.

Ventilatie van de ruimte Voor een goede verbranding heeft het toestel lucht (zuurstof) nodig. Die lucht wordt via regelbare luchtinlaten aangevoerd vanuit de ruimte waar het toestel is geplaatst.

Bij onvoldoende ventilatie vindt onvolledige verbranding plaats, waardoor zich giftige gassen in de ruimte kunnen verspreiden. Een vuistregel is dat de luchttoevoer 5,5cm²/kW moet zijn. Extra ventilatie is nodig: Als het toestel in een ruimte staat die goed isgeïsoleerd. Als er mechanische ventilatie is, bv een centraal afzuigsysteem of een afzuigkap in een openkeuken. U kunt voor extra ventilatie zorgen door een ventilatierooster in de buitenmuur te laten plaatsen. Zorg dat andere luchtverbruikende apparaten (zoals een wasdroger, ander verwarmingstoestel of badkamerventilator) een eigen buitenluchtaanvoer hebben, of zijn uitgeschakeld wanneer u het toestelstookt. U kunt het toestel ook aansluiten op buitenluchtaanvoer. Hiervoor is een aansluitset meegeleverd. Extra ventilatie is dan niet nodig.

6 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden Vloer en wanden De vloer waarop het toestel wordt geplaatst, moet voldoende draagvermogen hebben. Voor het gewicht van het toestel: zie de bijlage "Technische gegevens". Bescherm een brandbare vloer door middel van een onbrandbare vloerplaat tegen warmte- uitstraling. Zie de bijlage "Afstand tot brandbaar materiaal". Verwijder brandbaar materiaal zoals linoleum, tapijt, enzovoorts onder de onbrandbarevloerplaat. Zorg voor voldoende afstand tussen het toestel en brandbare materialen zoals houten wanden en meubels. Ook de aansluitbuis straalt warmte uit. Zorg voor voldoende afstand of afscherming tussen de aansluitbuis en brandbare materialen. De vuistregel voor een enkelwandige buis is een afstand van driemaal de diameter. Als een bekledingsschelp rond de buis is aangebracht, is een afstand van eenmaal de diametertoelaatbaar.

Een vloerkleed moet minimaal 80cm van het vuur verwijderd zijn. Bescherm een brandbare vloer voor de kachel met behulp van een onbrandbare vloerplaat tegen eventueel uitvallende assen. De vloerplaat moet voldoen aan nationale normen. Voor de afmetingen van de onbrandbare vloerplaat: zie de bijlage "Afstand tot brandbaarmateriaal". Voor verdere eisen in verband met brandveiligheid: zie de bijlage "Afstand tot brandbaar materiaal". Productbeschrijving 1. Topplaat 2. Grendelknop 3. Stookbodem 4. Deur 5. Secundaire luchtschuif 6. Poot 7. Primaire luchtschuifInstallatie Algemene voorbereiding Controleer het toestel onmiddellijk bij ontvangst op (transport)schade en eventuele andere gebreken. Het toestel is aan de onderkant met schroeven op de pallet gemonteerd. Als u (transport)schade of gebreken hebt geconstateerd, neem het toestel dan niet in gebruik en stel de leverancier op de hoogte.

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 7 ze later weer op de juiste plaats te kunnenaanbrengen. 1. Open de deur; zie volgende figuur. 2. Verwijder de vuurvaste binnenplaten; zie volgendefiguur. Gebruik de volgende tips voor het verwijderen van de binnenplaten: a. Til vlamplaat 3 aan de voorzijde op en trek deze 2 cm naar voren. b. Til nu de vlamplaat op aan de linkerzijde en verwijder linker binnenplaat 1 als eerste. c. Verwijder dan de vlamplaat 3, vervolgens binnenplaat 7, 8, 9, 2 enz. Vermiculite binnenplaten zijn licht van gewicht en bij levering meestal okerkleurig. Zij isoleren de verbrandingskamer zodat de verbranding beter is. Gietijzeren binnenplaten beschermen de verbrandingskamer en geven warmte door aan de omgeving.

Uitneembare binnendelen 1 binnenplaat zijkant links 2 binnenplaat zijkant rechts 3 vlamplaat 4 stookbodem midden 5 vuurkorf onder niet voor Vintage 30 6 vuurkorf boven 7 binnenplaat achter links niet voor Vintage 30 8 binnenplaat achter midden niet voor Vintage 30 9 binnenplaat achter rechts niet voor Vintage 30 10 stookbodem links niet voor Vintage 30 11 stookbodem achter niet voor Vintage 30 12 stookbodem rechts niet voor Vintage 30 13 ontassingsluik niet voor Vintage 30 3. Verwijder de aslade. Opmerking:de Vintage 30 heeft geen aslade. 4. Monteer de stelvoetjes onder de poten, zie figuur. Bij een glad vloeroppervlak wordt aangeraden een rubber onderlegger onder de pootjes te gebruiken.

8 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehoudenDeursluiting Het toestel wordt geleverd met de grendelknop gemonteerd. U kunt er voor kiezen om de grendelknop als “koude hand” te gebruiken. 1. Draai moer (2) iets los en draai stelschroef (3) los tot de grendelknop vrijkomt. 2. Draai vervolgens moer (2) weer vast. 3. Monteer de grendelhouder op de bodem, zie figuur. 4. Plaats de grendelknop in de grendelhouder, ziefiguur.Schoorsteenaansluitingvoorbereiden Bij het aansluiten van het toestel op een schoorsteen hebt u de keuze uit aansluiting aan de bovenzijde of aan de achterzijde van het toestel. Bij levering van het toestel is de aansluiting op de achterzijde open gelaten. De uitgang die u niet wilt gebruiken, sluit u af met het bijbehorende meegeleverde afsluitdeksel.

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 9 Op de uitgang die u wel wilt gebruiken, monteert u de bijbehorende meegeleverde aansluitkraag. Afdichtings- en bevestigingsmaterialen zijnmeegeleverd. Aansluiten op de achterzijde 1. Breng meegeleverd glasvezelafdichtband van 10x3mm aan op het contactvlak van deaansluitkraag. 2. Monteer de aansluitkraag met de bevestigingsmaterialen op de achterwand. Aansluiten op de bovenzijde 1. Verwijder de topplaat. De topplaat kan gewoon van het toestel worden afgenomen. 2. Verwijder het sierdeksel (12) uit de topplaat. 3. Verwijder het afsluitdeksel (10) uit debinnentopplaat. 4. Breng afdichtband van 10 x 3 mm aan op het contactvlak van de aansluitkraag. 5. Monteer de aansluitkraag met de bevestigingsmaterialen op de binnentopplaat. 6.

Monteer het afsluitdeksel met de bevestigingsmaterialen op de achterwand.Buitenluchtaansluitingvoorbereiden Als het toestel wordt geplaatst in een ruimte die onvoldoende is geventileerd, kunt u de meegeleverde aansluitset voor het aanvoeren van buitenlucht op het toestel monteren. Sommige van de bestaande luchtinlaten op het toestel moet u dan afsluiten met meegeleverd afdekmateriaal. De luchtaanvoerbuis heeft een diameter van 100mm. Bij toepassing van een gladde buis mag deze buis maximaal 12 meter lang zijn. Bij gebruik van hulpstukken zoals bochten moet u per hulpstuk de maximale lengte (12 meter) met 1 meter verminderen. Buitenluchtaansluiting via de vloer 1. Maak een aansluitgat in de vloer (raadpleeg Bijlage 2, Afmetingen, voor de juiste positie van het aansluitgat).

10 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 2. Sluit de luchtaanvoerbuis hermetisch af op devloer. 3. Monteer de aansluitkraag op de bodemplaat en sluit de achterwand af met het afdekplaatje. Het afdekplaatje is nr. 3 in de tekening. Buitenluchtaansluiting via de achterkant van het toestel 1. Maak een aansluitgat in de wand (raadpleeg Bijlage 2, Afmetingen, voor de juiste positie van het aansluitgat). 2. Sluit de luchtaansluitbuis hermetischaf op demuur. 3. Monteer de aansluitkraag op de achterwand en sluit de opening in de bodemplaat af met hetafdekplaatje. Het afdekplaatje is nr. 4 in de tekening. Plaatsen en aansluiten 1. Zet het toestel op de juiste plaats, vlak enwaterpas. 2. Sluit het toestel hermetisch aan op deschoorsteen. 3. Bij buitenluchtaansluiting: sluit de aanvoer van buitenlucht aan op de aansluitset die u op het toestel hebt gemonteerd. 4.

Plaats alle gedemonteerde onderdelen op de juiste plaats terug in het toestel. Laat het toestel nooit branden zonder de vuurvaste binnenplaten. Het toestel is nu klaar voor gebruik.Gebruik Eerste gebruik Wanneer u het toestel voor het eerst gebruikt, stook het dan enkele uren flink door. Hierdoor zal de hittebestendige lak uitharden. Hierbij kan wel wat rook en geurhinder ontstaan. Zet eventueel in de ruimte waar het toestel staat de ramen en deuren even open.

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 11Brandstof Dit toestel is alleen geschikt voor het stoken van natuurlijk hout; gezaagd en gekloofd en voldoendedroog. Gebruik geen andere brandstoffen, want die kunnen leiden tot ernstige schade aan het toestel. De volgende brandstoffen mag u niet gebruiken omdat zij het milieu vervuilen, en omdat zij het toestel en de schoorsteen sterk vervuilen waardoor schoorsteenbrand kan ontstaan: Behandeld hout, zoals sloophout, geverfd hout, geïmpregneerd hout, verduurzaamd hout, multiplex en spaanplaat. Kunststof, oud papier en huishoudelijk afval. Hout Gebruik bij voorkeur hard loofhout zoals eik, beuk, berk en fruitbomenhout. Dit hout brandt langzaam met rustige vlammen. Naaldhout bevat meer hars, brandt sneller en geeft meer vonken. Gebruik gedroogd hout met een vochtpercentage van maximaal 20%.

Hiervoor moet het hout minstens 2 jaar zijn gedroogd. Zaag het hout op maat en klief het als het nog vers is. Vers hout klieft gemakkelijker en gekloven hout droogt beter. Bewaar het hout onder een afdek waar de wind vrij spel heeft. Gebruik geen nat hout. Nat hout geeft geen warmte omdat alle energie gaat zitten in het verdampen van vocht. Dit geeft veel rook en roetaanslag op de deur van het toestel en in de schoorsteen. De waterdamp condenseert in het toestel en kan langs naden uit het toestel lekken en zwarte vlekken op de vloer geven. De waterdamp kan ook in de schoorsteen condenseren en creosoot vormen. Creosoot is zeer brandbaar en kan schoorsteenbrand veroorzaken. Aanmaken U kunt controleren of de schoorsteen voldoende trek heeft door boven de vlamplaat een prop krantenpapier aan te steken.

Stapel bovenop de houtblokken twee lagen aanmaakhoutjes kruislings op elkaar. 3. Leg een aanmaakblokje tussen de onderste laag aanmaakhoutjes en steek het aanmaakblokje aan volgens de instructies op de verpakking. 4. Sluit de deur van het toestel en zet de primaire luchtinlaat en de secundaire luchtinlaat van het toestel open; zie volgende figuur. 5. Laat het aanmaakvuur flink doorbranden totdat het een gloeiend houtskoolbed is geworden. Hierna kunt u een volgende vulling doen en het toestel gaan regelen; zie de paragraaf "Stoken met hout".

12 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden Primaire luchtschuif Secundaire luchtschuif Stoken met hout Nadat u de instructies voor het aanmaken hebtgevolgd: 1. Open langzaam de deur van het toestel. 2. Verdeel het houtskoolbed gelijkmatig over destookvloer. 3. Stapel enkele houtblokken op het houtskoolbed. Losse stapeling Bij een losse stapeling verbrandt het hout vlug omdat de zuurstof elk stuk hout gemakkelijk kan bereiken. Gebruik een losse stapeling als u kort wilt stoken. Compacte stapeling Bij een compacte stapeling verbrandt het hout langzamer omdat de zuurstof maar enkele stukken hout kan bereiken. Gebruik een compacte stapeling als u langer wilt stoken. 4. Sluit de deur van het toestel. 5. Sluit de primaire luchtinlaat en laat de secundaire luchtinlaat open staan. Vul het toestel voor maximaal een derde.

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 13 De primaire luchtschuif regelt de lucht onder het rooster (1). De secundaire luchtschuif regelt de lucht voor het glas en de luchtgaatjes in de achterwand (2). De vlamplaat heeft permanente luchtopeningen (3) die zorgen voor de naverbranding. Adviezen Stook nooit met open deur. Stook het toestel regelmatig flink door. Als u langdurig op lage stand stookt, kan zich in de schoorsteen een afzetting vormen van teer en creosoot. Teer en creosoot zijn zeer brandbaar. Als de afzetting van deze stoffen te groot wordt, kan bij een plotselinge hoge temperatuur een schoorsteenbrand ontstaan. Door regelmatig flink doorstoken, verdwijnen eventuele afzettingen van teer en creosoot. Daarnaast kan zich bij te laag stoken teer afzetten op de ruit en deur van het toestel.

Bij een milde buitentemperatuur is het dus beter om het toestel een paar uur intens te laten branden, dan lange tijd laag te stoken. Regel de luchttoevoer met de secundaireluchtinlaat. De secundaire luchtinlaat belucht niet alleen het vuur maar ook het glas, zodat het glas niet snel vervuilt. Zet de primaire luchtinlaat tijdelijk open als de luchttoevoer via de secundaire luchtinlaat onvoldoende is of als u het vuur wilt aanwakkeren. Regelmatig een kleine hoeveelheid houtblokken bijvullen is beter dan veel houtblokken tegelijk. Doven van het vuur Vul geen brandstof bij en laat de kachel gewoon uitgaan. Als een vuur wordt getemperd door de luchttoevoer te verminderen, komen schadelijke stoffen vrij. Laat daarom het vuur vanzelf uitbranden. Houd toezicht op het vuur totdat het goed is gedoofd. Als het vuur volledig is gedoofd kunnen alle luchtschuiven worden gesloten.

Ontassen Na het stoken van hout blijft een relatief kleine hoeveelheid as over. Dit asbed is een goede isolator voor de stookbodem en geeft een betere verbranding. Laat daarom gerust een dun laagje as op de stookbodem liggen.

14 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 1. Open de deur van het toestel. 2. Gebruik het trekschepje om het ontassingsluik in de stookbodem te openen (1). 3. Schuif de overtollige as met het trekschepje (2) door het ontassingsluik in de aslade eronder. 4. Sluit het ontassingsluikje. 5. Verwijder de aslade (3) met behulp van de bijgeleverde handschoen en leeg de aslade. 6. Plaats de aslade terug en sluit de deur van hettoestel. Opmerking: De Vintage 30 heeft geen aslade. Verwijder de assen met behulp van een schepje of gebruik een “ash-cleansysteem” op de stofzuiger. Nevel en mist Nevel en mist belemmeren de afvoer van rookgassen door de schoorsteen. Rook kan neerslaan en stankoverlast geven. Als het niet echt nodig is, kunt u bij nevel en mist beter niet stoken.

Eventuele problemen Raadpleeg de bijlage "Diagnoseschema" om eventuele problemen bij het gebruik van het toestel op te lossen. Onderhoud Volg de onderhoudsinstructies in dit hoofdstuk om het toestel in goede staat te houden. Schoorsteen In veel landen bent u wettelijk verplicht de schoorsteen te laten controleren en onderhouden. Aan het begin van het stookseizoen: laat de schoorsteen vegen door een erkendschoorsteenveger. Tijdens het stookseizoen en nadat de schoorsteen lange tijd niet is gebruikt: laat de schoorsteen controleren op roet. Na afloop van het stookseizoen: sluit de schoorsteen af met een prop krantenpapier. Schoonmaken en ander regelmatig onderhoud Maak het toestel niet schoon wanneer het nog warm is. Maak de buitenkant van het toestel schoon met een droge niet pluizende doek.

Na afloop van het stookseizoen kunt u de binnenkant van het toestel goed schoonmaken: Verwijder eventueel eerst de vuurvaste binnenplaten. Zie het hoofdstuk "Installatie" voor instructies voor het verwijderen en aanbrengen vanbinnenplaten. Maak eventueel de luchtaanvoerkanalen schoon. Verwijder hiervoor de topplaat. De topplaat ligt los op het toestel.

Verwijder eventueel de vlamplaat boven in het toestel en maak deze schoon. Vuurvaste binnenplaten controleren De vuurvaste binnenplaten zijn verbruiksonderdelen die aan slijtage onderhevig zijn. Controleer de binnenplaten regelmatig en vervang ze indien nodig. Zie het hoofdstuk "Installatie" voor instructies voor het verwijderen en aanbrengen van binnenplaten. De isolerende vermiculite binnenplaten kunnen haarscheuren gaan vertonen, maar dat heeft geen nadelig effect op hun werking. Gietijzeren binnenplaten gaan lang mee als u regelmatig as verwijdert die zich mogelijk erachter ophoopt. Als opgehoopte as achter een gietijzeren plaat niet wordt verwijderd, kan de plaat de warmte niet meer afgeven aan de omgeving en kan de plaat vervormen ofscheuren. Laat het toestel nooit branden zonder de vuurvaste binnenplaten. Glas schoonmaken Goed schoongemaakt glas neemt minder snel vuil op.

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 15 2. Maak het glas schoon met kachelruitenreiniger: a. Breng kachelruitenreiniger aan op een keukenspons, wrijf het gehele glasoppervlak in en laat even inwerken. b. Verwijder het vuil met een vochtige doek ofkeukenpapier. 3. Maak het glas nogmaals schoon met een gewoonglasreinigingsproduct. 4. Wrijf het glas schoon met een droge doek ofkeukenpapier. Gebruik geen schurende of bijtende producten om het glas schoon te maken. Gebruik schoonmaakhandschoenen om uw handen te beschermen. Als het glas van het toestel is gebroken of gebarsten, moet dit glas worden vervangen voordat u het toestel opnieuw in gebruik neemt. Voorkom dat kachelruitreiniger tussen het glas en de gietijzeren deur loopt. Onderhoud geëmailleerde kachel Reinig het toestel nooit als het nog warm is.

Het reinigen van het geëmailleerde oppervlak van de kachel kunt u het beste doen met zachte groene zeep en lauw water. Gebruik zo min mogelijk water, wrijf het oppervlak goed droog en voorkom roestvorming. Gebruik nooit staalwol of een ander schuurmiddel. Zet nooit een waterketel direct op een geëmailleerde kachel; gebruik een onderzetter en voorkombeschadigingen.Smeren Hoewel gietijzer enigszins zelfsmerend is, moet u bewegende delen toch regelmatig smeren. Smeer de bewegende delen (zoals scharnierpennen, grendels en luchtschuiven) met hittevast vet dat verkrijgbaar is bij de vakhandel. Nastellen van de deursluiting 1. Draai de zeskantige moer (1) iets los. 2. Draai sluitnok (2) met behulp van een schroevendraaier in of uit. 3. Draai de borgmoer weer aan. Nastellen van het scharnier 1. Draai de schroeven (2) en (3) iets los. 2.

16 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden Demonteren van de glasruit 1. Draai alleen aan de bovenzijde de 2xM5-moertjeslos. 2. Kantel de ruit naar voren en til de ruit uit de onderste bevestigingslippen. Voor het terugplaatsen: 1. Plaats de glasruit samen met de tweeglasbevestigingen. 2. Draai de 2xM5-moertjes vast. Afwerklaag bijwerken Kleine lakbeschadigingen kunt u bijwerken met een spuitbus speciaal hittebestendige lak die verkrijgbaar is bij uw leverancier. Emaillebeschadigingen kunt u bijwerken met een speciale hittebestendige lak die verkrijgbaar is bij uwleverancier. Afdichting controleren Controleer of het afdichtingskoord van de deur nog goed afsluit. Afdichtkoord verslijt en moet tijdig worden vervangen. Controleer het toestel op luchtlekken. Kit eventuele kieren dicht met kachelkit.

Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden 25 Bijlage 4: DiagnoseschemaProbleem Hout wil niet doorbranden Geeft onvoldoende warmte Rookterugslag tijdens het bijvullen Toestel brandt te hevig, niet goed regelbaar Aanslag op het glas mogelijke oorzaak mogelijke oplossing Onvoldoende trek Een koude schoorsteen creëert vaak onvoldoende trek. Volg de instructies voor het aanmaken in het hoofdstuk "Gebruik"; open eenraam. Hout te vochtig Gebruik hout met maximaal 20% vocht. Afmetingen hout te groot Gebruik kleine stukjes aanmaakhout. Gebruik gekloven houtblokken met een omtrek van maximaal 30 cm. Stapeling hout niet correct Stapel het hout zodanig dat er voldoende lucht tussen de houtblokken kan stromen (losse stapeling, zie "Stoken met hout").

Werking van de schoorsteenonvoldoende Controleer of de schoorsteen aan de voorwaarden voldoet: minimaal 4 meter hoog, juiste diameter, goed geïsoleerd, gladde binnenzijde, niet te veel bochten, geen obstructies in de schoorsteen (vogelnest, te veel roetafzetting), hermetisch dicht (geen kieren). Uitmonding van de schoorsteen nietcorrect Voldoende hoog boven het dakvlak, geen obstructies in denabijheid. Instelling van de luchtinlaten niet correct Open de luchtinlaten volledig. Aansluiting van het toestel met de schoorsteen niet correct Aansluiting moet hermetisch dicht zijn. Onderdruk in de ruimte waar het toestel is geplaatst Zet afzuigsystemen uit. Onvoldoende toevoer van verse lucht Zorg voor voldoende luchttoevoer, maak desnoods gebruik van debuitenluchtaansluiting. Ongunstige weersomstandig- heden.

Inversie (omgekeerde luchtstroom in de schoorsteen door hoge buitentemperatuur), extremewindsnelheden Bij inversie is gebruik van het toestel af te raden. Plaats desnoods een trekkende kap op de schoorsteen. Tocht in de woonkamer Voorkom tocht in de woonkamer; plaats het toestel niet in de nabijheid van een deur of verwarmingsluchtkanalen.

IndexA Aanmaakhout 25 Aanmaakvuur 11Aansluiten afmetingen 19 Aansluiten op buitenluchtaanvoer 9 Aansluiten op schoorsteen 8 aan bovenzijde 9 Aansluitkraag schoorsteenaansluiting 9 Aansteken 11 Afdichtingskoord van deur 16 Afmetingen 19 As verwijderen 13Aslade openen 14B Beluchting van het vuur 13 Bijvullen van brandstof 13 rookterugslag 25 Binnenplaten, vuurvaste verwijderen 7 Brandbaar materiaal afstand tot 22Brandstof benodigde hoeveelheid 14 bijvullen 12-13 geschikte 11 ongeschikte 11Brandveiligheid afstand tot brandbaar materiaal 22 meubels 6 vloer 6 wanden 6 Buitenluchtaanvoer 5, 9 aansluiting op 10C Creosoot 13D Demontabele onderdelen 6Deur afdichtingskoord 16 openen 7 Draagvermogen van vloer 6 Drogen van hout 11G Geschikte brandstof 11 Gewicht 18 Gietijzeren binnenplaten 7Glas aanslag 25 schoonmaken 14H Hout 11 bewaren 11 drogen 11 geschikte soort 11 nat 11 wil niet doorbranden 25 Houtblokken stapelen 12K Kachelruitenreiniger 14 Kap op de schoorsteen 5 Kieren in toestel 16L Lak 10 Luchtinlaten 11 Luchtlek 16 Luchtregeling 12 Luchttoevoer regelen 13M Mist, niet stoken 14Muren brandveiligheid 6N Naaldhout 11 Nat hout 11 Nevel, niet stoken 14 Nominaal vermogen 14, 18O Onderdelen, demontabele 6Onderhoud afdichting 16 glas schoonmaken 14 schoorsteen 1426 Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Dovre Vintage 50 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden