Castor CDW 41 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Castor CDW 41 (17 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 14 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Castor CDW 41 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/17
MODE D’EMPLOI GEBRUIKSAANWIJZING
LAVE-VAISELLE
AFWASMASCHINE
CDW 41

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Castor
Categorie: Vaatwasser
Model: CDW 41

Handleiding Castor CDW 41 – volledige tekst

PID03NL17INHOUDTECHNISCHE GEGEVENSWaarschuwingen en belangrijke adviezen. Blz. 18Installatie. Blz. 19Opstelling, waterpas stellen, instellen van het werkblad, onderbouwen-bevestiging onder het aanrecht. Blz. 19Waterafvoer, watertoevoer, elektrische aansluiting. Blz. 20Het gebruik. Blz. 21Het bedieningspaneel. Blz. 21Waterontharder, vullen van het zoutvat. Blz. 22Gebruik van het glansmiddel en van het afwasmiddel. Blz. 23Beladen van de korven, gebruik van de korven. Blz. 24Regeling hoogte bovenste korf. Blz. 25Praktische tips voor het afwassen. Blz. 25Programma-overzicht. Blz. 26Volgorde van handelingen bij het afwassen. Blz. 27Onderhoud. Blz. 28Het reinigen van de afvoerzeven en van de bodemzeef, het reinigen van de binnen- en buitenkantvan de machine. Blz. 28Langere tijd buiten gebruik, tegen vriesgevaar, transport. Blz. 28Herstel van eenvoudige storingen. Blz.

Het is uiterst belangrijk dat het bij het apparaatbehorende instructieboekje bewaard blijft. Zou hetapparaat door u aan iemand anders gegeven ofverkocht worden, of zou het apparaat in het huisvan waaruit u verhuist achterblijven, dan dient denieuwe gebruik(st)er over het instructieboekje ende daarin opgenomen waarschuwingen te kunnenbeschikken. Deze waarschuwingen zijn bedoeld voor uw enandermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezente hebben, alvorens u het apparaat installeerten/of in gebruik neemt. ■Indien u tijdens de aflevering een schade aan hetapparaat vastgesteld hebt, meldt u dit dan, vóór uhet apparaat installeert en/of in gebruik neemt, di-rect aan uw leverancier. ■Dit apparaat is bedoeld en gemaakt voor het ge-bruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om kinde-ren het apparaat te laten bedienen of als speelgoedte laten gebruiken.

■Het is gevaarlijk om, in welke vorm dan ook, dit ap-paraat of de eigenschappen daarvan te verande-ren. ■Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de elek-trische huisinstallatie ten behoeve van de installatievan dit apparaat, mag uitsluitend door een daartoebevoegd persoon uitgevoerd worden. ■Een eventueel noodzakelijke wijziging van de water-toe- en/of afvoervoorzieningen ten behoeve van deinstallatie van dit apparaat, mag uitsluitend dooreen daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden. ■Overtuig u ervan dat na de installatie of het ver-plaatsen het apparaat niet op het aansluitsnoerstaat. ■Schakel, tenzij de gebruiksaanwijzing anders aan-geeft, het apparaat na gebruik volledig uit en draaide watertoevoerkraan dicht. Het verdient aanbeve-ling om het apparaat door middel van een tegenbarsten beveiligde toevoerslang op de waterkraanaan te sluiten.

■Tenzij de gebruiksaanwijzing anders vermeldt, magtijdens het in werking zijn de vuldeur niet geopendworden; mocht dat onverhoopt toch gebeuren,schakel het apparaat dan voortijds geheel uit, even-tueel door de steker uit de wandcontactdoos te ne-men. ■Raak het verwarmingselement niet aan tijdens of direct na het afwerken van het programma. ■Indien het installatievoorschrift aangeeft dat het ap-paraat aan het keukenmeubel vastgeschroefd moetworden, dan moet u zich daaraan houden om tevoorkomen dat het voorover kiept als de beladenonderkorf op de deur staat. ■Sluit na gebruik altijd direkt de vuldeur, teneinde tevoorkomen dat iemand over de openstaande deurstruikelt. ■De afwasautomaat is bedoeld en gemaakt voor hetafwassen van huishoudelijk kook-, eet- en drinkge-rei. Attributen welke bevuild zijn met verf, chemica-lien, agressieve zuren en dergelijke, mogen niet inde afwasautomaat.

■Tenzij de fabrikant van het betreffende artikel uit-drukkelijk aangeeft dat het afwasmachine-besten-dig is, mogen niet in de afwasautomaat: hout, arti-kelen met houten grepen, artikelen met gelijmdedelen, brons, aluminium, kristalglas, gelood glas,gedecoreerd porcelein en plastics. ■Door chemische reactie kan zilver reageren met be-stek wat uit ijzer bestaat; u doet er verstandig aanzilverbestek niet samen met ijzerbestek in de ma-chine af te wassen, teneinde te voorkomen dat hetzilver lelijk wordt of gaat pitten. ■Tracht in geval van een storing of defect, dit appa-raat niet zelf te repareren. Reparaties welke doorniet deskundige personen uitgevoerd worden, kun-nen tot schade of letsel leiden. Afdanken■Maak het oude apparaat dat u, in afwachting vanhet weghalen of wegbrengen, zolang terzijde zet,onbruikbaar. Knip het netsnoer eraf en verwijder dedeursluiting.

■Informeer bij de gemeente wie het oude apparaatophaalt of waar u het moet bezorgen, teneinde erzeker van te zijn dat het apparaat zorgvuldig ver-schrot wordt. WAARSCHUWINGEN EN BELANGRIJKE ADVIEZENPAV01NL18.

OpstellingPlaats de machine, indien mogelijk, zo dicht mogelijkbij de aansluitingen voor de watertoe- en afvoer.De machine mag met zowel een zijwand als de ach-terkant tegen een muur staan.Waterpas stellenTeneinde het goed en lekvrij sluiten van de deur tegaranderen, is het noodzakellijk dat u de machine wa-terpas opstelt.Daartoe draait u één ofmeerdere van de verstel-bare voeten in of uit, tot demachine in de richtingenvoor-achter en linksrechtswaterpas staat.Instellen van het werkbladOm de voorkant van het werkblad van de machinemet andere apparaten of keukenmeubels in lijn tebrengen, kunt u het werkblad 25 mm naar voren ofnaar achteren schuiven.Daartoe draait u de beidebevestigingsschroevenaan de voorkant los.

Danverschuift u het werkbladen draait u de schroevenweer vast.Onderbouwen-bevestiging onder het aan-rechtAfhankelijk van de beschikbare hoogte onder het aan-recht kunt u het werkblad van de machine al dan nietverwijderen. Daartoe verwijdert u de beide bevesti-gingsschroeven aan de voorkant, dan tilt u het bladiets op en schuift u het uit de achterste vergrendelin-gen.Van te voren draait u de vier stelvoeten op de ge-wenste hoogte en zodanig dat de machine waterpasstaat nadat hij ondergebouwd is.Nu schuift u de machine inde nis, zodanig dat deslangen niet kunnen knik-ken en het aansluitsnoerniet beklemd raakt.Belangrijk. Ten behoevevan eventuele servicemoet de machine zonderhak of breekwerk uit denis geschoven kunnenworden.INSTALLATIEPIN01NL19IN01IN03820570÷600600IN05

PIN02NL20WaterafvoerDe waterafvoerslang kan op de volgende manierengemonteerd worden:In de afvoer van een spoelbak door middel van eenaangesloten slang. In een standpijp uit de vloer of uit de muur. De slang moet belucht zijn. Dat wil zeggen dat de bin-nendiameter van de pijp groter moet zijn dan de bui-tendiameter van de slang. Wij adviseren een binnen-diameter van 4 cm. In elk geval moet het uitstroomeind van de slang zichniet lager dan 30 cm en niet hoger dan 100 cm van devloer waarop de machine staat bevinden. De slang kan vanuit de machine zowel naar links alsnaar rechts gelegd worden. De slag mag nimmer geknikt kunnen raken, want datzou de waterstroom kunnen belemmeren. De slangmag verlengd worden tot een totale lengte van 2 me-ter. Het verlengstuk moet dezelfde diameter hebbenen de koppeling moet passen.

De verlengde slang legt u vanuit de machine over devloer en pas bij de afvoermogelijkheid omhoog. WatertoevoerDe machine mag op warm water, tot maximaal 60°C,aangesloten worden. Wij adviseren u echter dat niette doen omdat dan de afwasresultaten niet altijd goedzullen zijn en daarnaast ook de koude spoelgangenmet warm water gebeuren, zodat van besparing nau-welijks sprake is. Wel is de programmaduur aanzienlijk korter, omdat denoodzakelijke opwarmtijd ontbreek. Dat is echter te-vens één van de redenen waarom, met name bij sterkbevuilde afwas, de resultaten niet altijd goed zullen zijn. Draai, nadat u eerst het fil-tertje (A) in de wartel hebtgelegd, de wartel van detoevoerslang stevig op de3/4” schroefdraad van dekraan.

Wat ons betreft hoeft de kraan niet belucht te zijn (demachine is voorzien van een eigen terugstroombevei-liging), maar het kan zijn dat de gemeente waar uwoont dat toch eist. De slang kan vanuit de machine zowel naar links alsnaar rechts gelegd worden. Wartel losdraaien, slan-gichtig veranderen en wartel weer stevig vastdraaien.

Belangrijk:De slang mag nimmer geknikt kunnen raken, ook niettijdens het op z’n plaats schuiven van de machine. De slang mag niet ver-lengd worden. U kunt ech-ter wel een langere, kom-plete en voor dit doel ge-maakte slang kopen. De wateleidingdruk moet zich tussen 5 N/cm2en 80N/cm2bevinden. Indien de waterleiding nieuw is of lange tijd niet ge-bruikt werd, adviseren wij u eerst enige tijd water telaten stromen alvorens u de slang op de kraan aan-sluit. Elektrische aansluitingDe machine is gemaakt voor 220-230V met een fre-guentie van 50Hz. Het gebruik op 60Hz (verhuizingnaar dienovereenkomstig land) is uitgesloten, daar demachine met synchroonmotoren uitgerust is. De aansluitwaarde is circa 3,00kW, hetgeen eengroepzekering van minimaal 16A vereist. De machine is voorzien van een 3-aderig aansluit-snoer en een steker met aardcontacten.

De steker mag u alleen plaatsen in een stopcontactmet (aangesloten en functionerende) aardcontacten. De aardverbinding dient deugdelijk te zijn. Het stopcontact dient altijd bereikbaar te zijn, ook na-dat de machine onder- of ingebouwd is. Indien het aansluitsnoer te kort blijkt te zijn, laat dande installateur het betreffende stopcontact verplaat-sen of een langer, op de aansluitwaarde van de machine aangepast, aansluitsnoer aan de machine monte-ren. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade ofletsel, ontstaan door het niet voldoen aan dezeveiligheidsvoorschriften. min 30 cmmax 100 cmmax 100 cm+ 2 m maxmin 4 cmØ 21Ø 18Ø 18Ø 21CS01ACA02CA06.

1 «in bedrijf» ControlelampjeDit lampje brandt zodra u de machine inschakelt engaat uit als u de machine uitschakelt.2 «AAN/UIT» toets InschakelenNa het drukken op deze toets schakelt de machine inen licht het controlelampje op. UitschakelenZodra de machine klaar is, stopt hij automatisch. Hetcontrolelampje gaat uit. Door opnieuw op deze toets te drukken schakelt u demachine geheel uit. Voor het instellen van een programma of het verande-ren van een reeds lopend programma dient u de ma-chine uit te schakelen door op de AAN/UlT-toets tedrukken. 3 Programma-overzichtEen tabel met afwasprogramma's die u bij uw dagelijkseprogrammakeus helpen kan. 4 HandgreepOm de deur te sluiten drukt u hem eenvoudig goed inhet slot.5 Start-markering 6 ProgrammaknopDoor middel van deze draaiknop kiest u het gewensteprogramma.

PAA01NL22WaterontharderHet leidingwater bevat kalk. Hoe meer kalk, hoe har-der het water. Kalk zet zich in de vorm van vlekken ophet vaat-en glaswerk af. Uw nieuwe machine is uitgerust met een automatischwerkende waterontharder, die gevuld wordt met spe-ciaal-zout voor afwasmachines. De ontharder kan leidingwater tot 50°dH (gradenhardheid op de Duitse schaal) zodanig ontharden dathet voor de machine geschikt is. Voor het gemak worden de hardheid-bereiken in vijfstappen opgedeeld. Wij adviseren u om bij het waterleidingbedrijf te infor-meren hoe hard het aan u geleverde water is. In de hierna volgende tabel leest u hoe u, éénmalig,de instellingen moet doen:*De fabrieksinstelling is stand 2. **Bij gebruik van laag-alkalische afwasmiddelen welke enzymenbevatten, adviseren wij u regenereerzout vanaf een waterhardheidvan 4° dH in de zouthouder te doen. Stand 1.

Is de hardheid van het leidingwater binnen het bereikvan stand 1, dan hoeft u geen zout te gebruiken. Standen 3 en 5. (Instellen zoutvat)Is de hardheid van het leidingwater binnen het bereikvan stand 3 of stand 5, dan:trekt u de onderste korf uitde machine en draait u deschroefdop van het zout-vat, in de bodem van hetmachine-interieur, en zet ude waterontharder (meteen schroevendraaier ofeen mes) 180° linksomvan stand — op stand +. Standen 4 en 5. (Instellen machine)Is de hardheid van het leidingwater binnen het bereikvan stap 4 of stap 5, dan boort u de membraan (A)die zich linksboven aan de voorkant van uw machinebevindt door. Noot. Vanaf stand 2 moet zout gebruikt worden. Noot. Bij een hardheid volgens stand 5 moet u dusbeide handelingen verrichten. Vullen van het zoutvatHet zoutvat mag u uitsluitend met speciaal-zout voorde afwasmachine vullen.

Vul, door middel van de meegeleverde trechter, hetzoutvat met circa 1,5 - 1,8 kg speciaal-zout. Verwijder gemorst zoutvan de schroefdraad endraai de dop weer op hetzoutvat. Bij zout navullen vult u hetzoutvat eenvoudig metspeciaal-zout op tot hetvol is. Hiertoe is de afwasmachine voorzien van een groeneindicator op de dop van het zouthouder. Als die indicatorniet meer zichtbaar wordt, is het nodig zout bijtevullen. Het zoutvat bevat altijd water. Het is normaal dat tij-jens het zout bijvullen het water overloopt. Noot. Vullen of navullen doet u direct vóór het startenvan een volledig afwasprogramma (met uitzonderingan het voorspoelprogramma). Daarmee voorkomt u dat op de bodem gemorst zouten overgelopen zoutwater het materiaal van de ma-chine aantast.

PBR01NL23Gebruik van het glansmiddelHet glansmiddel is een «waterontspanner». Het wordt, automatisch, vóór het drogen aan hetspoelwater toegevoegd. De glansmiddelhouder, in de binnendeur, heeft eeninhoud van circa 110 ml. Dat is, al naar gelang de do-seer-instelling, voldoende voor 16 tot 40 afwasbeur-ten. Vullen van de glansmiddelhouderDraai de dop (A), linksom, van de houder. Giet het glansmiddel in de houder tot de indikator (B)geheel donker (vol) is. Draai de dop weer op de houder. Verwijder eventueel gemorst glansmiddel van de hou-der of de binnendeur. Glansmiddel veroorzaaktschuimvorming als het in het afwasproces terecht-komt. Wanneer de indicator lichter wordt, dient u glansmid-del bij te vullen (ca. 70-80 ml). DoseringDe instelling van de dosering is afhankelijk van de be-reikte glans en van het droogresultaat.

In de vulope-ning van de glansmiddelhouder vindt u een zes-stan-den regelschijfje en de markeringen 1 tot 6 (stand 1 islaagste, stand 6 hoogste dosering). Het beste is met stand 3 te beginnen. Het schijfje (C) kunt u met een schroevendraaier ofeen mes verdraaien. Verhoog de dosering alsop het serviesgoed drup-pels of druppelvlekkenachterblijven. Verlaag dedosering als het servies-goed witte, kleverige stre-pen vertoont. Gebruik van de afwasmiddelhouderGebruik uitsluitend poeder-, tablet- of gelvormigeafwasmiddelen welke voor het afwassen in de ma-chine gemaakt zijn. Met uitzondering van het voorspoelprogramma doetu, vóór u de machine start, afwasmiddel in het vakjevan de afwasmiddelhouder, dat zich in de vuldeur be-vindt. Zou het klepje gesloten zijn, dan opent u dit door aanhet palletje (D) te trekken.

Aan de binnenkant van dehouder staan twee dose-ringen aangegeven:- MIN = 15 ml- MAX = 30mlDe hoeveelheid is afhan-kelijk van de aard en debevuiling van het serviesgoed. In het programma-overzlcht geven wij u enkele adviezen voor de hoevel-heid in grammen. Nadat u de afwasmiddelhouder gevuld heeft, doetu het klepje weer dicht.

Voor een programma metvoorspoelen dient u naasthet afwasmiddel in dehouder ook een kleinehoeveelheid afwasmiddelop het klepje te strooien(ca 5 g = 1/2 eetlepel). Het klepje zal, tijdens het in werking zijn, automatischen op het juiste moment openen. Na de afwas staathet klepje dus open, klaar voor een volgende keervullen. Daar was- en afwasmiddelen regelmatig veranderen,adviseren wij u ook te lezen wat de fabrikant van hetafwasmiddel op z’n verpakking schrijft. Te weinig doseren veroorzaakt een slecht afwasresul-taat. Fosfaatvrije, geconcentreerde afwasmiddelenDe concentratie en de werkingswijze van de verkrijg-bare afwasmiddelen zijn verschillend. Lees daaromaandachtig wat de fabrikant van het afwasmiddel overde dosering op z’n verpakking schrijft.

Bij het gebruik van fosfaatvrije, geconcentreerde af-wasmiddelen is het van groot belang dat de automati-sche waterontharder in uw afwasmachine goed werkt. AIs de ontharder niet goed werkt ontstaan kalkvlek-ken op het serviesgoed. Daarom moet u bij gebruik van deze afwasmiddelenook bij zacht water (water van minder dan 4° dH) re-genereerzout in de zouthouder doen. 654321BABR05DMINMAXDE07DE02Teveel doseren brengt geen beter resultaat, isslechts een onnodige verspilling en een extra belas-ting voor het milieu.

PCE03NL24Beladen van de korvenTrek de korven naar buiten om ze te beladen.Vóór het plaatsen in de korven moet het serviesgoedontdaan worden van grove resten, zoals botjes, gra-ten, tandenstokers, groente- en vleesresten en fruit-schillen.Daarmee voorkomt u verstoppen van de zeven en be-vordert u een optimale reiniging.Gebruik van de onderste korfIn de onderste korf kunt u pannen, deksels, borden(tot 27 cm diameter), schalen en bestek kwijt. Plaatsze naar het voorbeeld in de volgende figuren.Dienschalen en grote deksels zo veel mogelijk aan derand van de korf en er op toezien dat de bovenstesproeiarm niet belemmerd kan worden.Bestek in het speciale bestekmandje, met de grepennaar beneden.

Is een greep zo dun dat hij door hetmandje heen steekt, dan dat bestek met de greepnaar boven.Lepels zoveel mogelijk tussen ander bestek in plaat-sen, om te voorkomen dat ze aan elkaar kleven.Was zilver bestek niet tegelijkertijd met andere meta-len.Gebruik van de bovenste korfDe bovenste korf is hoofdzakelijk bedoeld voor kop-jes, schoteltjes, dessertbordjes, kleine borden (max.20 cm diameter) en glazen. Glazen met lange steelkunnen in net hoge gedeelte opgehangen worden.Erg kleine voorwerpen welke gemakkeljk door de korfkunnen vallen, kunt u beter niet in de machine afwas-sen.Belangrijk.Let u er vooral op dat detrechter, in het midden vande korf, niet afgedektwordt.IEC 436 / DIN 44990UI02UI19IEC 436/DIN 44990US01US02US16US16Probeer, vóór u de machine inschakelt, of beidesproeiarmen vrij kunnen ronddraaien.

PCL01NL25Voor een goed resultaatPotten, pannen, kopjes, glazen en dergelijke altijd metde opening naar beneden. In principe plaatst u alles scheef in de korven opdathet afwaswater niet langs maar op en in het servies-goed gesproeid wordt. Aangekoekte en aangebrande pannen moeten eerstafgespoeld worden. Lange messen en lepels horizontaal, bij voorkeur inde bovenste korf. Hoe minder het serviesgoed tegen elkaar staat, hoebeter het afwasresultaat. Staat er echter heel licht, bijvoorbeeld kunststof, ser-viesgoed tussen, probeer dan een zodanige opstellingdat de lichte stukken niet van hun plaats gesproeidkunnen worden. Water-, tijd- en energiebesparingHet is niet nodig om normaal vuil serviesgoed en be-stek eerst onder de stromende kraan voor te spoelen. Plaats, na de maaltijd alles meteen in de machine enkies eventueel het voorspoelen - programma (zie hetprogrammaoverzicht).

Dat maar zorgt ervoor dat deresten alvast wat weggespoeld worden. Zet alleeneen goed gevulde machine in werking. Niet alles is geschikt voor machinaalafwassenTenzij de fabrikant van het artikel anders aangeeft,zijn de volgende artikelen in de regel niet voor machi-naal afwassen geschikt:●Bestek met houten of hoornen aangelijmde grepen. ●Houten borden en schalen, ongeglazuurd aardewerk en handbeschilderd porcelein. Decoraties op porcelein kunnen vervagen of verdwijnen. ●Kristal en kunststof. Indien niet uitdrukkelijk door de fabrikant aangegevenis dat het artikel afwasmachinebestendig is, kunt u hetbeter met de hand afwassen. Mocht u ze toch in demachine willen wassen, plaats ze dan in de bovenstekorf en kies een snel programma. Na vele keren in de machine afwassen kunnen som-mige glassoorten mat worden.

Koper, tin en messing kunnen vlekken gaan vertonen. Bij aankoop van nieuw serviesgoedOnder glazuur gebakken motiefjes op serviesgoedvan porselein of aardewerk kunnen in de machine ge-wassen worden, terwijl op glazuur gebakken motiefjesop jen duur verbleken. Ook goudversieringen kunnen tegenwoordig in demachine. Zij moeten wel van een garantiemerk vande fabrikant voorzien zijn. Kies altijd serviesgoed met een vlakke bodem, zodater geen water in kan blijven staan (glazen, kopjes,kommen. ). Regeling hoogte bovenste korfMocht u erg grote borden willen afwassen (diametertussen 27-31 cm. ), dan kunt u deze in de onderstekorf plaatsen, nadat u de bovenste korf hoger ge-plaatst heeft. Ga als volgt te werk:Open de knippen (A) aande voorkant van de bo-venste korf en haal de korferuit. Schuif de korf opgrotere hoogte in de ma-chine en doe de knippen(A) dicht.

U kunt in de bo-venste korf nu geen bor-den meer plaatsen dieeen diameter van meerdan 20 cm. hebben. Het kopjesrekje is tevens on-bruikbaar. ARC01PRAKTISCHE TIPS VOOR HET AFWASSEN.

PTP03NL26ProgrammaGeschikt voor:ProgrammaknopToetsenindrukkenProgramma-beschrijving1 x koud spoelen ( om te voor-komen dat de voedselrestenopdrogen).Koud voorspoelen65°C afwassen2 x koud spoelen1 x 65°C spoelen65°C afwassen2 x koud spoelen1 x 65°C spoelen65°C afwassen2 x koud spoelenSterk vervuild serviesgoed enkookgerei met opgedroogde etens-resten, vooral eiwit en zetmeel.Normaal vervuild serviesgoed enkookgerei met opgedroogde etens-resten.Licht vervuild koffie- en dessert-serviesgoed alsmede teer glas-werk.Gebruikt serviesgoed, dat in demachine wordt verzameld en opeen later tijdstip moet worden afgewassen.VOORSPOELEN*NORMAALMETVOORSPOELENNORMAALZONDERVOORSPOELEN**SNELPROGRAMMAABCD*Dit is het norm-programma: - Programma IEC 436/DIN 44990- Aanbevolen hoeveelheid afwasmiddel: 20 g in houder- 5 g op houder- Beladingsvermoegen: standaard serviesgoed van 12 bestekken.Programma-overzicht**Het is een bijzonder programma bedoeld om binnen korte tijd (ongeveer 36 min.)een volle lading, bestaande uit borden, glazen en nauwelijks bevuild serviesgoed(met uitzondering van pannen) te spoelen wat hun onmiddelijk gebruik bevordert.Aangezien het om een snel-programma gaat, wordt er niet heet gedroogd.

PSO03NL27Volgorde van handelingen bij het afwassen 1 Controleer of de zeven schoon zijn (zie hethoofdstuk «Onderhoud»)2 Controleer of zout en glansmiddel aan-wezig zijn (zie het betreffende hoofdstuk)3 Vullen van de korvenVerwijder grove resten uit schalen en borden.Trek de onderste korf naar voren en plaats daarinpannen, schalen, grote borden en bestek.Trek de bovenste korf naar voren en plaats daarinkleine borden, schoteltjes, kopjes en glazen. Schuif de korven terug in de machine en controleer ofbeide sproeiarmen vrij kunnen draaien.4 Vullen van de afwasmiddelhouderStrooi of giet afwasmiddel het vakje van de afwasmid-delhouder. Sluit de machinedeur. 5 Programma kiezenDraai de programmaknop rechtsom tot het gewensteprogrammaletter tegenover de start-markering ( )staat. 6 StartenSteek de steker in het stopcontact. Draai de kraan open. Druk op de AAN/UIT-toets .

De machine (aange-nomen dat de kraan open is) begint. Het programma tussentijds onderbreken is niet aan teraden. Moet dat door omstandigheden toch, dan druktu op de AAN/UIT-toets om de machine te stoppen.Door wederom drukken start u de machine weer; hijgaat dan verder met waar hij gebleven was. 7 Machine is klaarDe machine stopt automatisch.Schakel de machine uit door op de AAN/UIT toets te drukken. Sluit de kraan. Open de deur. Wacht een paar minuten met het uit-nemen, want het serviesgoed is zeer heet.Bovendien, is het droogresultaat beter als u de deurniet direct opent. Om te voorkomen dat, door het bewegen, druppels uitde bovenste korf op serviesgoed in de onderste korfvallen, adviseren wij om eerst de onderste korf naarbuiten te trekken en te legen. BelangrijkHet is af te raden om de deur te openen als de machine in werking is.

Het reinigen van de afvoerzeven(Na iedere afwasbeurt)De zeven (B) en (C) controleren en onder de stro-mende kraan reinigen. Eventuele voedselresten meteen borsteltje verwijderen. Dit zeven-setje tilt u daartoe aan het trechtertje om-hoog (het zit licht geklikt vast). Dan drukt u de twee vleugeltjes (D) naar elkaar toeom zo het grove filter uit het fijne filter te trekken. Na het reinigen klikt u het setje weer in de machi-nebodem terug. Het reinigen van de bodemzeef(Elke maand)De bodemzeef (A) onder stromend water afborstelen. Deze zeef verwijdert u door eerst de onderstesproeiarm te verwijderen; daartoe de vleugeltjes (E)indrukken. Dan draait u de bevestiging (F) linksom en tilt u dezeef uit de bodem. Na het reinigen in omgekeerde volgorde weer terug-plaatsen. Belangrijk:Gebruik de machine nooit zonder de zeven. Zorger bovendien voor dat de zeven correct op hunplaats zitten.

Het is belangrijk de zeven te reinigen om een goe-de werking van de machine te garanderen. Het reinigen van binnen en buitenkantvan de machine(Naar behoefte)Reinig af en toe de rubberen dichtingen van de deuren de klepjes van de afwas- en glansmiddelhoudermet een vochtige doek (gebruik geen schoonmaak-middelen). Overtuig u er af en toe van dat de gaatjes in desproeiarmen niet verstopt zijn. Verwijder de onderste sproeiarm door de twee vleu-geltjes, die zich aan de zijkanten bevinden, in te druk-ken. Om de gaatjes van de bovenste sproeiarm te rei-nigen, trektude bovenste korf naar buiten; op die ma-nier kunt u de sproeiarm makkelijk bereiken. Wilt uhem verwijderen, neem dan de middentrechter uitdoor de twee vleugeltjes in te drukken en schroef debevestiging los. Reinig de sproeiarm en plaats hemterug. De machine nooit zonder sproeiarmen laten func-tioneren.

Doe één of twee keer per jaar een volledige afwas-beurt zonder afwas in de machine, maar metwel eenbeetje afwasmiddel. Er zijn voor het reinigen van demachine ook speciale reinigingsmiddelen te koop.

De buitenkant van de machine, voor zover bereikbaar,kunt u naar behoefte reinigen met lauwwarm water eneen neutraal huishoudschoonmaakmiddel dat nietkrast. Geen oplosmiddelen gebruiken. Langere tijd buiten gebruikNordt de machine voor langere tijd niet gebruikt, dan:Kraan dichtdraaien. Steker uit het stopcontact nemen. Deur op een kier laten staan om het ontstaan van eenonaangename geur te vermijden. Binnenkant en accessoires reinigen. Tegen vriesgevaarPlaats de afwasmachine nooit in een ruimte waar detemperatuur onder het vriespunt kan zakken. Mochtzat toch het geval zijn, maak de machine dan leeg,draai de kraan dicht, verwijder de waterafvoerslangen laat deze leeg lopen. TransportGaat u de machine verhuizen, zorgt u er dan voor datze machine rechtop vervoerd wordt. ONDERHOUDPMA01NL28MA13BCDMA08MA01FAE.

Een storing ligt vaak aan een kleinigheid welke u zelfkunt opsporen en verhelpen. Wij adviseren u, vóór ude servicedienst belt, eerst de onderstaande tabel teraadplegen. De machine start nietDe machinedeur is niet goed dicht. De steker zit niet in het stopcontact. Er staat geen spanning op het stopcontactDe groepzekering is defect. De machine neemt geen water aanDe kraan is dichtgedraaid. Er is geen druk op de kraan. De toevoerslang is geknikt. Het zeefje in de toevoer is verstopt. De machine pompt niet afDe afvoerslang is geknikt. De afvoermogelijkheid is verstopt. De verlenging van de afvoerslang ligt niet goed. De afvoer is niet belucht. Het afwasresultaat is niet goedDe korven zijn te vol beladen. Het serviesgoed is onjuist geplaatst. Eén of beide sproeiarmen kan (kunnen) niet draaien. Eén of enkele gaatjes in één of beide sproeiarmen isof zijn verstopt.

Trechter van bovenste sproeiarm was ergens mee af-gedekt. Uiteinde van de afvoerslang steekt onder water (inspoelbak). Eén of meerdere zeven verstopt. Een zeef zit niet goed op z’n plaats. Verkeerd of te weinig afwasmiddel gebruikt, het is teoud en/of te klonterig en/of van slechte kwaliteit. De draaidop van het zoutvat zit los. Het gekozen programma was niet geschikt voor deaard en/of hoeveelheid van de bevuiling. Kalkvlekken, strepen, waas op hetserviesgoedKijk in alle gevallen naar zowel het zoutvat als degiansmiddelhouder. In beide moet voldoende aan-wezlg zijn. Teveel geluidEr slaan serviesdelen tegen elkaar. Een sproeiarm stoot tegen serviesgoed. De afwas is niet droogHet serviesgoed is na het beëindigen van het pro-gramma te lang in de machine gebleven. De vuldeur is moeilijk te sluitenDe afwasmachine is niet deugdelijk waterpas opge-steld of niet goed ingebouwd.

Kunt u de oorzaak van een storing niet zelf opsporenen verhelpen, belt u dan de servicedienst. Houd merken modelnummer van uw machine bij de hand; deservicedienst zal u erom vragen.

PGA01NL30GARANTIEBEPALINGEN EN SERVICE VOOR DE BENELUX(B-NL en L)Bij aanspraak op kosteloos herstel dient het origineel van de betreffende aankoopnota of kwitan-tie te worden getoond of meegezonden. Algemene garantiebepalingen1 De fabrikant verleent één jaar garantie op het op de bijbehorende koopnota vermelde apparaat, gere-kend vanaf de koopdatum. Indien zich binnen deze periode een storing voordoet, welke het gevolg is vaneen materiaal- en/of constructiefout, heeft de koper het recht op kosteloos herstel. 1a Voor stofzuigers, bedoeld voor huishoudelijk gebruik, geldt een algemene garantieperiode van tweejaar. Accessoires zijn aan directe slijtage onderhevig; deze verbruiksartikelen zijn derhalve van garantieuitgesloten.

2 De fabrikant verleent één jaar garantie op door haar servicedienst uitgevoerde herstelwerkzaamhedenen het daarbij nieuw aangebrachte materiaal, gerekend vanaf de hersteldatum. Indien zich binnen dezeperiode een storing voordoet, welke het direkte gevolg is van de uitgevoerde herstelwerkzaamheden ofhet daarbij nieuw aangebrachte materiaal, heeft de koper het recht op kosteloos herstel. Door de uitvoering van herstelwerkzaamheden wordt de algemene garantieperiode, welke het gehele ap-paraat omvat, niet verlengd. 3 Servicebezoeken aan huis worden alleen gebracht voor grote, moeilijk transporteerbare apparaten, perdefinitie: wasautomaten, droogtrommelautomaten, afwasautomaten, koelkasten, diepvrieskasten/-kisten,ovens, fornuizen en inbouwapparaten.

3a De regeling als bedoeld onder punt 3 geldt ook voor caravankoelkasten, mits de plaats waar zich hetapparaat bevindt binnen de landsgrenzen ligt en over normale, voor het autoverkeer opengestelde we-gen bereikbaar is. Voorts dient ten tijde van het bezoek het apparaat en de eigenaar, of diens gemachtig-de plaatsvervanger, op de afgesproken bezoekplaats aanwezig te zijn.

4 Indien, naar het oordeel van de fabrikant, het apparaat zoals bedoeld onder punt 3 naar haar service-werkplaats getransporteerd moet worden, dan geschiedt dit transport op de door de fabrikant vastgestel-de wijze en voor rekening en risico van de fabrikant. 5 Alle niet onder punt 3 en 3a genoemde apparaten, alsmede apparaten welke wel de betreffende func-tionele eigenschappen hebben maar daarnaast juist bedoeld zijn voor gemakkelijk transport, dienen fran-co aan het adres van de servicedienst verzonden of aangeboden te worden. Binnen de algemene garan-tieperiode vindt terugzending voor rekening van de fabrikant plaats. 6 Indien een onder garantie en binnen de algemene garantieperiode vallend defect aan een apparaatniet hersteld kan worden, vindt kosteloze vervanging van het apparaat plaats.

Garantie uitbreidingen7 Voor koel/vries-motorcompressoren (exclusief startrelais en motorbeveiliging) geldt een aflopende ga-rantieperiode, in gelijke percentages van twintig procent per jaar, van vijf jaar na koopdatum van het opde bijbehorende koopnota vermelde apparaat, met inachtname van volledig kosteloos herstel binnen dealgemene garantieperiode. Na de algemene garantieperiode worden bezoek-. arbeldsloon- en bijkomende materiaalkosten in reke-ning gebracht.

PGA02NL31Garantie uitsluitingen8 Het kosteloos uitvoeren van herstel- en/of vervangingswerkzaamheden, zoals bedoeld in de betreffen-de hieraan voorafgaande punten, is niet van toepassing indien:- de aankoopnota of kwitantie, waaruit tenminste de aankoopdatum en de identificatie van het apparaatblijkt, niet getoond kan worden of meegezonden werd:- het apparaat voor andere, of óók voor andere dan de huishoudelijke doeleinden, waarvoor het apparaatbestemd is, gebruikt wordt;- het apparaat niet volgens de aanwijzingen in het installatievoorschrift of de gebruiksaanwijzing geïnstal-leerd, bediend, behandeld of gebruikt wordt;- het apparaat op ondeskundige wijze door daartoe niet bevoegde personen hersteld of gewijzigd werd.

8a Indien het apparaat zodanig ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst is dat de benodig-de tijd voor het uit- en inbouwen samen meer dan dertig minuten bedraagt, dan worden de hierdoor ont-stane extra kosten aan de eigenaar in rekening gebracht. 8b Schade welke ontstaat door het, met toestemming van de eigenaar, op abnormale wijze uit- of inbou-wen van een apparaat, kan niet op de fabrikant of haar servicedienst verhaald worden. 8c Beschadigingen, zoals krassen en deuken of zoals breuk van uit- of afneembare delen, welke niet tentijde van de aflevering ter kennis van de fabrikant gebracht worden, vallen niet onder garantie. Belangrijk adviesDe constructie van dit apparaat is zodanig, dat de veiligheid daarvan gewaarborgd is. Ondeskundige re-paraties kunnen echter de veiligheid in gevaar brengen.

Terwille van een blijvende veiligheid, en ook ommogelijke schade te voorkomen, is het raadzaam dat reparaties uitsluitend verricht worden door perso-nen die daarvoor de vereiste vakbekwaamheid bezitten. Wij adviseren u herstel- en/of controlewerk-zaamheden door uw vakhandelaar of door ELGROEP SERVICE te laten uitvoeren en uitsluitend origine-le DISTRIPARTS onderdelen te laten plaatsen.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Castor CDW 41 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden