Bulex TN 400-44 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Bulex TN 400-44 (17 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 161 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Bulex TN 400-44 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/17
NOTICE D’EMPLOIE ET D’INSTALLATION
INSTALLATIEVOORSCHRIFT EN HANDLEIDING
0694
T
T
T
TTN
N
N
NN
2
2
2
222
2
2
22 0
0
0
00 -
-
-
--3
3
3
334
4
4
44
T
T
T
TTN
N
N
NN
3
3
3
330
0
0
00 0
0
0
00 -
-
-
--4
4
4
444
4
4
44
T
T
T
TTN
N
N
NN
4
4
4
440
0
0
00 0
0
0
00 -
-
-
--4
4
4
444
4
4
44
01/2005
1

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Bulex
Categorie: Ketel & boiler
Model: TN 400-44

Foutcodes Bulex TN 400-44

Foutcodes uit de officiële handleiding, met betekenis en oplossing.

Code Betekenis Oplossing
E Rookgasthermostaat (TTB) heeft ingegrepen vanwege slechte afvoer van verbrande gassen 1. Controleer of de gasafvoerbuis vervuild is en reinig deze indien nodig. 2. Druk op de knop die zich onder de stop (3) bevindt om het toestel opnieuw op te starten. 3. Als het probleem zich herhaalt, sluit de gaskraan en raadpleeg een erkende servicedienst.

Handleiding Bulex TN 400-44 – volledige tekst

Dit instructieboekje maakt een integraal en onmisbaar deel uit van het product en moet in de buurt van het toestel worden bewaard om het zo nodig snel te kunnen inkijken. • Het toestel werd gefabriceerd voor de productie van sanitair warm water. Elk ander afwijkend gebruik moet beschouwd worden als oneigenlijk en gevaarlijk. • Het toestel mag niet geïnstalleerd worden op vochtige plaatsen. Bescherm het toestel ook tegen waterspatten of andere vloeistoffen om schade aan elektrische en thermische onderdelen te vermijden. • De installatie moet gebeuren door een gekwalificeerd technicus en conform met de van kracht zijnde veiligheidsnormen. Een installatie die niet conform is met de instructies van de producent kan letsels veroorzaken aan personen of dieren of schade aan voorwerpen waarvoor de producent elke verantwoordelijkheid afwijst.

• De garantie is 2 geldig vanaf de datum van de installatie op alle onderdelen jaar. • De verschillende elementen waaruit de verpakking bestaat (plastic zakjes, hout, kramen enz. ) moeten buiten bereik van kinderen gehouden worden doordat ze gevaarlijk zijn. • U moet de waarschuwingen lezen die in dit boekje staan, want ze verschaffen belangrijke informatie in verband met een veilig gebruik, een veilige installatie en een veilig onderhoud. • Dit boekje moet bij het materiaal blijven ingeval het toestel verkocht zou worden of naar een andere gebruiker zou overgaan zodat de nieuwe eigenaar en/of installateur het kan raadplegen. • Laat geen enkel voorwerp contact maken met het toestel. • Als de boiler in de winter lang ongebruikt zal blijven in een onverwarmd lokaal, raden we aan – om elk gevaar van bevriezen te vermijden – het toestel volledig leeg te laten lopen.

• We raden aan de opgegeven instructies aandachtig te lezen en enkel vervangstukken en toebehoren te gebruiken die geleverd zijn door de constructeur om de beste dienstprestaties te verkrijgen en om de garantie op het toestel niet in het gedrang te brengen. inhoudstafel________________________________________________________________________________ pagina 1. Algemene inlichtingen en kenmerken 2 Instructies voor de installatie 3. Instructies voor de gebruiker 1. 1 Beschrijving en classificatie van het toestel. 171. 2 Inhoud van de verpakking. 17 1. 3 Gegevens over de werking en de opbouw. 17 1. 4 Controle – en veiligheidsorganen. 18 1. 5 Bedieningspaneel. 20 1. 6 Afmetingen en aansluitingen. 21 1. 7 Technische gegevens. 22 1. 8 Elektrische schema’s. 23 1. 9 Explosietekening. 241. 10. 24. 1Voorschriften 2. 1 Aanbevelingen voor de installatie. 252. 2 Plaatsing van het toestel. 25 2.

1 – ALGEMENE INLICHTINGEN EN KENMERKEN 1. 1 Algemene inlichtingen en kenmerken DEFINITIE Deze toestellen zijn geklasseerd als: “Waterboilers op gas met luchtpijp”. CATEGORIE Het toestel maakt deel uit van de catogorie: II2H3+ Italië, Spanje, Portugal, Groot-Brittannië, Ierland, Griekenland II2L3B/P Nederland II2E+3+ Frankrijk I2E+ I3+ België II2E3B/P Duitsland II2H3B/P Oostenrijk, Denemarken, Finland, Zwitserland BE: I2E+: d. w. z. dat de verwarmingsketel werkt op aardgas (G20/G25) I3E+: d. w. z. dat de verwarmingsketel werkt op butaan (G30) of op propaan (G31) LU: I2E: d. w. z. dat de verwarmingsketel werkt op aardgas (G20). Dit betekent dat het toestel zowel op aardgas (G20/25) als vloeibaar gas (G30/31) kan werken. TYPE Volgens de Europese norm EN 483 is de boiler van het type B11BS , d. w. z.

een toestel dat aangesloten wordt op een rookgasafvoerbuis; verse lucht voor de verbranding wordt direct in de ruimte genomen waar het toestel staat opgesteld. De waterboiler: • Is voorzien van een trekonderbreker op het cicruit van de verbrande gassen. • Is uitgerust met een inrichting voor afvoerbeveiliging die de verbrandingsgassen controleert (TTB). 1. 2 Inhoud van de verpakking De boiler wordt geleverd verpakt in een houten palletkist (1). In een tweede kartonnen colli (2) zitten de trekonderbreker en de schroeven voor het plaatsen van het toestel. In deze doos vindt u ook de schroeven voor het toestel te bevestigen. Op de voorkant van het toestel is een enveloppe (3) geplakt met dit boekje en het garantiecertificaat. 132 fig. 1. 2 / 1 1. 3 Gegevens over de werking en de opbouw Het toestel is goedgekeurd volgens de uropese norm E90/396/CEE omtrent de toestellen op gas.

De verbrandingskamer bevindt zich in het onderste gedeelte van het toestel, onder het voorraadvat. Leidingen in het voorraadvat maken het mogelijk lucht in te brengen en de rookgassen af te voeren en zorgen voor de warmtewisseling. Om de thermische wisseling te verbeteren zijn er schoepen in de rookgasafvoer geplaatst. Trekonderbreker De trekonderbreker bevindt zich bovenaan en moet de kwaliteit van de verbranding tussen beperkte grenzen houden in bepaalde condities bij min. en max. Atmosferische brander Hij bestaat uit 2 delen: een hoofdbrander, die de thermische werking van het toestel garandeert en de waakvlam (of elektronische ontsteking), die de functie heeft om de hoofdbrander te doen ontsteken. EDCAB fig. 1.

3 / 1 LEGENDE A- trekonderbreker B- Atmosferische brander C- Bedieningsbord D- Kuip E- Verbrandingskamer Bedieningspaneel Op het bedieningspaneel zitten alle noodzakelijke onderdelen voor de werking van de boiler: Aan/uit schakelaar, regelthermostaat voor warm water en thermometer. Er is ook een veiligheidsthe mostaat die ringrijpt wanneer er schouwterugslag optreedt (manuele herinschakeling): een rood lichtje brandt wanneer deze veiligheid in werking is. Voorraadvat Het voorraadvat is gemaakt van zeer dik staal (4mm) met een zeer hoge goede drukweerstand. Het binnenoppervlak is bekleed met geëmailleerd glas op een temperatuur van 850°C.

Dit garandeert een optimale chemische weerstand (tegen organische oplosmiddelen en veel andere chemische stoffen), een goede weerstand tegen afschuring (lage wrijvingscoëfficiënt) en een perfecte thermische stabiliteit (het glas dat op het staal is aangebracht, is bestand tot een temperatuur van 500°C). Dit alles 17.

1 – ALGEMENE INLICHTINGEN EN KENMERKEN garandeert een langere levensduur van het reservoir en een perfecte hygiëne van het water. Een inspectieluik maakt een makkelijke inspectie en verwijdering van het ketelsteen uit de kuip mogelijk. Verbrandingskamer De verbrandingskamer bevindt zich onderaan de boiler en bevat de atmosferische brander, het thermokoppel en de waakvlam met elektrode-ontsteking. 1. 4 Controle –en veiligheidsorganen Magnesiumanode De magnesiumanode beschermt het voorraadvat tegen corrosie door galvanische stromen. Deze anode moet elk jaar worden vervangen om de levensduur van het vat te maximaliseren. Deze anode bevindt zich onder het inspectieluik van het vat, in het voorste deel van het voorraadvat. fig. 1. 4/1 magnesium- anode Gasklep De gasklep is CE gehomologeerd volgens de norm EN 126.

Het gasblok bestaat uit een multifunctionele mono-bediening On/Off van het gasdebiet, voorzien van een dubbele veiligheidsklep met zeer stille werking. Er kunnen 3 posities ingesteld worden voor de werking van het gasblok (ontsteking – werking – doven). fig. 1. 4 / 2 Gasblok Alle regelbewerkingen van de gasklep mogen enkel uitgevoerd worden door een gekwalificeerde vakman. Bij vervanging van een klep moet u er zich van vergewissen dat de gascirculatie gebeurt in de richting van de pijl die zich op de klep bevindt en dat er geen enkel vreemd lichaam in terecht kan komen. ONDERHOUD: De vervanging van het magneetblok is de enige te voorziene reparatiebewerking op de klep en mag enkel worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel. TECHNISCHE GEGEVENS GASKLEP Max.

gasvoedingsdruk 60 mbar Druklimieten aan de 3 - 30 mbar uitgang Voedingspanning 220/240 V 50 Hz Drukregeling klasse B Beveiliging ontsteking ontstekingstijd < 10 sec dovingstijd < 60 sec Veiligheidsklep Deze klep zorgt voor de afvoer van water omwille van een druktoename die teweeggebracht wordt door het opwarmen van het water in het vat. De klep is goedgekeurd CE ( 97/23/EEC).

TECHNISCHE GEGEVENS Veiligheidsklep MOD. 220 - 300 - 400 Lichaam In messing Ot 58 UNI 5705/65 Hoofd In roestvrij staal Membraan In rubber gewaarborgt tot 140°C Vaste ijking 7 bar ± 0,5 bar fig. 1. 4/3 veiligheidsklep Thermostaat voor het regelen van de watertemperatuur Deze thermostaat dient voor het constant houden van de ingestelde temperatuur van de boiler en stuurt een signaal voor het ontsteken of doven van de brander naargelang de gewenste watertemperatuur in het reservoir. Het gaat om een thermostaat die is uitgerust met een capillaire buis met meetsonde met vloeistofuitzetting, van het eenpolige type met omkeercontacten. fig. 1. 4/4 Regelthermostaat Watertemperatuur 18.

1 – ALGEMENE INLICHTINGEN EN KENMERKEN TECHNISCHE GEGEVENS REGELTHERMOSTAAT Schakelvermogen van de contacten 250 V ~ / 16 A Temperatuurverschil 8°C ± 2°C K Maximum toegestane temperatuur van de meetkop 100 °C Regelbereik 41 – 80 °C VEILIGHEIDSTHERMOSTAAT (MAX. WATER TEMPERATUUR) fig. 1.4 / 5 Veiligheidsthermostaat Deze onderbreekt de werking van de brander bij een abnormale overhitting van het reservoir, veroozaakt bijvoorbeeld door een slechte werking van de regelthermostaat. De herinschakeling gebeurt automatisch van het ogenblik dat de temperatuur zijn normale waarden krijgt. Het gaat om een thermostaat met cappillaire buis met meetsonde met vloeistofuitzetting, eenpolig, met 2 contacten (schakelaar), veiligheidsbegrenzer met automatische herinschakeling, met positieve beveiliging in geval van onderbreking van het cappilair. De thermostaat is goedgekeurd volgens IMQ (EN 60730).

TECHNISCHE GEGENENS Tussenkomst temperatuur 87° +/-3° Verschil 12° Schakelvermogen v/d contacten 250 V ~ / 2,5 A Max.toegelaten temp. v/d meetkop 125 °C Weerstand contact < 8 mOhm Veiligheidsthermostaat (Thermische terugslagbeveiliging TTB) Deze thermostaat onderbreekt de werking van de brander ingeval een slechte rookgasafvoer optreedt, door de elektrische voeding op de gasblok te onderbreken. De herinschakeling is manueel mits de blokkagetijd beëïndigd is. Het is ten strengste verboden deze beveiliging te verwijderen of aan te tasten. Het gaat om een thermostaat met cappilaire buis met meetsonde met vloeistofuitzetting, eenpolig met 3 contacten, temperatuurbeperker met manuele herinschakeling, met positieve beveiliging in geval van onderbreking van het cappilair. Hij is goedgekeurd volgens SEMKO (EN 60730) en DIN (DIN 3440) en VDE.

1.10 VOORSCHRIFTEN De installatie van die toestellen Moet gebeuren door een vakman en moet Conform zijn met de officiële teksten en de Regels van de kunst,met name - De normen NBN D 51003 voor binneninstallaties voor aardgas - Alle bestaande voorschriften van de plaatselijke watermaatschapij en van BELGAQUA - De ARAB voorschriften

2 – INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE 2. 1 Aanbevelingen voor de installatie • De installatie moet gebeuren door een bevoegd vakman volgens de vigerende normen: dit wil zeggen dat hij kan instaan voor een correcte inbedrijfstelling van het toestel en alle controles kan uitvoeren voor de ontsteking. • Volg voor de installatie aandachtig de regels die gegeven zijn in paragraaf 2. 1. • Bij de uitvoering van installatie– en reparatiewerkzaamheden moeten de instructies die beschreven zijn in dit boekje strikt gevolgd worden. Eender welke wijziging van de koppelingen en het niet-naleven van de bepalingen die beschreven zijn in dit boekje doen de garantie vervallen. • Voor elke onderhoudsbeurt, elke interventie en reparatie op het toestel, dient u de elektrische voeding te onderbreken. 2.

2 Plaatsing van het toestel Aangezien het toestel van categorie B is, moet het aangesloten worden op een evacuatiesysteem van rookgassen naar buiten toe; de verbrandingslucht wordt direct genomen in de plaats waar de brander staat opgesteld. OPGELET: dit toestel mag enkel werken en geplaatst worden in constant verluchte lokalen. Men moet het plaatsen van brandbare producten dichtbij het toestel vermijden en in het bijzonder voor het toestel (minstens 50 cm van de opening van de brander) en dichtbij de trekonderbreker. 2. 3 Plaatsing van de trekonderbreker en aansluiting van de rookgasafvoer De trekonderbreker A (fig. 2. 4/1) is geleverd in een colli in karton. Deze moet geplaatst worden op het bovenste gedeelte van het voorraadvat en moet met schroeven, die zich in de envelop bevinden, bevestigd worden. Sluit de trekonderbreker aan op de rookgasafvoerbuis.

De diameter van deze buis mag niet kleiner zijn dan deze van de trekonderbreker (Ø 180mm). AB fig. 2. 4/1 A. Trekonderbreker B. Veiligheid verbrandings-gassen Het gedeelte van de rookgasafvoerbuis verbonden met de trekonderbreker moet minstens een verticaal stuk hebben van 50 cm.

Hierna, mag je er een horizontaal stuk op aansluiten (zo kort mogelijk) rekening houdend dat er altijd een minimale helling naar het toestel toe moet voorzien worden om de weg van de rookgassen niet te hinderen. Vergewis zich ervan dat tijdens het transport of de installatie, de voeler B van de veiligheidsthermostaat van de rookgassen niet beschadigd of verplaatst werd. Het is ten strengste verboden deze beveiliging te verwijderen of aan te tasten. Positie Veiligheidsthermostaat (TTB) fig. 2. 4/2 De correcte positie van de voeler moet minstens op 282 mm van het centrum van het toestel liggen (73 mm van de buitenzijde), in evenwijdige positie ten opzichte van de straal. fig. 2. 4/3. en goed haaks plaatsen. Het veranderen van de rookgasbeveiliging moet door bevoegd personeel gebeuren en mag enkel vervangen worden door wisselstukken van de fabrikant. 2.

4 Hydraulische aansluitingen Hydraulische aansluitingen MOD INGANG KOUD WATER OMLOOP LEDIGEN WARMWATER UITGANG AANSLUITING VEILIGHEIDS-KLEP ONTLUCHTING VEILIGHEIDS-KLEP TN 220 1"1/4 1" 1" 1"1/4 1" 1/2” TN 300 1"1/4 1" 1" 1"1/4 1" 1/2” TN 400 1"1/4 1" 1" 1"1/4 1" 1/2” OPGELET : indien er een zuiveringstoestel aanwezig is moet de hardheid van het water gelegen zijn tussen 15 en 50°F(volgens DPR N° 236 van 24/5/88). 25.

2 – INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE A (Koudwateraansluiting) breng aan in de volgende volgorde: 1. Terugslagklep (aanbevolen) 2. Waterverzachter of –zuiveraar bij zeer vuil water (aan te raden bij waarden groter dan 50°F). 3. Filter voor het elimineren van eventuele onzuiverheden zoals zand, grind, slib, enz. (aan te raden). 4. Drukreduceerklep, als de voedingswaterdruk te hoog is (aan te raden). 5. Stopkraan (aan te raden) B (Warmwateraansluiting) : Aansluiten aan de waterleiding (sanitair circuit) via een stopkraantje. C (Recyclage) breng de volgende elementen in de opgegeven volgorde aan: 6. Een T-stuk waaraan u het expansievat aansluit waarvan de capaciteit niet lager mag zijn dan 5% van het watervolume in het reservoir (verplicht). 7. Een terugslagklep (facultatief). De recyclage is verplicht voor de modellen 300 en 400. D (Lediging) :Sluit op deze aansluiting een leegloopkraan aan.

E (Aansluiting veiligheidsgroep): Sluit de ledigingskraan van 1/2” aan op de sifon 8. Veiligheidsklep (direct geplaatst) 9. Sifon (aan te raden) AD53142AFBC76E89 fig. 2. 5/1 : Hydraulische aansluitingen BELANGRIJK: Niet de meegeleverde veiligheidsklep vervangen door een terugslagklep. 2. 6 Gastoevoer en -regeling Sluit het toestel aan op een aardgasvoeding door een schroefdraadaansluiting die zich op de generator bevindt d. m. v. een stijve demonteerbare koppeling. Voorzie een handbediende stopkraan in de buurt van het toestel op een makkelijk toegangkelijke plaats. Controleer de dichtheid van de gasaansluitingen en hun conformiteit met regels van de kunst inzake gasinstallatie (zie punt 21.

) MODEL: TN 220, TN 300,TN 400 AANSLUITING GASTOEVOER 1/2” NOOT : in geval van een voeding op vloeibaar gas moet u dichtbij de tank een drukregelaar voorzien met een gepast debiet, die de druk vermindert tot 1,5 bar (drukregelaar met gemiddelde druk na de tank).

2 – INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE 2. 8 Elektrische voeding Het toestel moet aangesloten worden op een voedingspanning van 220/240 V, enkelfasig en met een goede aarding. DE CONSTRUCTEUR IS NIET AANSPRAKELIJK VOOR ALLE SCHADE VEROORZAAKT DOOR HET NIET AANSLUITEN VAN HET TOESTEL AAN EEN PASSENDE AARDING. Plaats, in de nabijheid van het toestel, een bipolaire schakelaar om het toestel buiten werking te zetten. Sluit de voedingskabel van het toestel aan overeenkomstig volgens de wetten van het land waar het toestel geplaatst werd. In het geval dat de elektrische kabel moet vervangen worden, gebruik dan enkel een kabel met dezelfde eigenschappen (kabel H05 VV-F-3x1). 2. 9 Ontsteking Voer de volgende controles uit alvorens de boiler in te schakelen: • Het toegevoerde gas moet overeenkomen met het gas waarvoor het toestel is voorzien.

• De geldende installatienormen voor deze toestellen moeten worden gerespecteerd, vooral voor wat een juiste aansluiting betreft aan de rookgasafvoer en aan de gasleiding. • Controleer of het elektrisch net werd aangesloten op een aarding overeenkomstig met de huidige normen. • De gaskranen op de gasmeter en in de buurt van de boiler moeten open staan. • Het voorraadvat moet gevuld zijn met water (tijdens het vullen moet u alle kranen van warm water openen om de lucht in de boiler te laten verwijderen). 2. 10 Aansluiting van meerdere toestellen Wanneer het nodig is meerdere toestellen aan te sluiten, voorzie dan dat ze goed kunnen werken, zowel elk afzonderlijk, als allemaal tegelijk en in alle mogelijke combinaties. Dit is mogelijk door de plaatsing van stopkranen in het hydraulisch circuit.

Door ze te openen of te sluiten is het mogelijk te beslissen hoeveel toestellen gebruikt zullen worden volgens de werkelijke behoefte van het ogenblik (bijvoorbeeld: tussen laag- en hooseizoen, periodes van piekverbruik, herstelling van een toestel enz. ). fig. 2. 9/1 Twee toestellen in parralel fig. 2.

9/2 Toestel in serie met een voorraadvat 2. 11 Het opsporen van storingen De waakvlam brandt niet: • De gaskraan staat dicht of er is geen gas in het aardgasnet • De waakvlaminspuiter is vervuild • De ontstekingskabel is beschadigd of is niet goed aangesloten aan de ontstekingselektrode De waakvlam blijft niet branden: • De gasdruk van de waakvlam iets verhogen a. d. h. v. een schroef die zich op het gasblok bevindt • Het thermokoppel is beschadigd of slecht geplaatst • Het gasblok is beschadigd (te vervangen) • De veiligheidsthermostaat (max watertemperatuur) onderbreekt het thermokoppel De hoofdbrander ontsteekt met geluid: • De waakvlaminspuiter is vervuild • De waakvlam is slecht geregeld (regel het debiet – paragraaf 2. 6) • De waakvlam is slecht geplaatst De waakvlam brandt, maar de hoofdbrander ontsteekt niet.

• De bedieningsknop van het gasblok is niet in de stand “branden" • Er is geen elektrische voeding • De spoel van het gasblok is onderbroken (te vervangen) • Het gasblok is beschadigd (te vervangen) • De veiligheidsthermostaat van de rookgassen onderbreekt het toestel en het rode lampje licht op E (fig. 1. 5/1). Draai de knop los C (fig. 1. 5/1) en schakel de thermostaat manueel terug in. OPGELET: Als dit probleem zich nog eens voordoet schakel dan het toestel uit. (door de gaskraan te sluiten) en raadpleeg de dienst na verkoop. Terwille van de veiligheid en de garantie van het toestel raden we aan enkel wisselstukken te gebruiken die geleverd worden door de constructeur en zich tot de erkende servicediensten te wenden. 27.

3 - INSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKER 3. 1 Aanbevelingen voor de gebruiker • Houd dit boekje altijd bij om het zo nodig te kunnen raadplegen. Het moet in de buurt van het toestel bewaard blijven. • Voor een goede werking en om van garanties te kunnen genieten, moet het toestel in dienst worden gesteld door een erkende « naverkoopdienst ». • Alle bewerkingen die beschreven zijn in hoofdstuk 2 “Instructies voor de installatie” moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd en bevoegd personeel, conform de geldende normen. Een installatiefout wegens het niet in acht nemen van de instructies van de constructeur kan ernstige letsels veroorzaken aan personen of dieren, of schade aan voorwerpen waarvoor de producent elke verantwoordelijkheid afwijst. • Het toestel werd gefabriceerd voor de productie van sanitair warm water.

Elk ander afwijkend gebruik moet beschouwd worden als oneigenlijk en gevaarlijk. • Het toestel mag niet geïnstalleerd worden op een vochtige plaats en moet beschermd worden tegen eventuele waterspatten of andere vloeistoffen. Deze criteria zijn belangrijk om alle schade aan elektrische en thermische onderdelen te vermijden. • De installatie mag enkel worden uitgevoerd door een gekwalificeerd vakman en volgens de geldende veiligheidsnormen. • De verschillende elementen waaruit de verpakking bestaat (plastik zakjes, hout, krammen, enz. ) moeten buiten bereik van kinderen gehouden worden doordat ze gevaarlijk zijn. • Lees aandachtig de waarschuwingen en de instructies die in dit boekje staan over de veiligheid, de installatie, het gebruik en het onderhoud.

• Dit boekje moet bij het materiaal blijven ingeval het toestel verkocht zou worden of naar een andere gebruiker zou overgaan zodat de nieuwe eigenaar en/of installateur het kan raadplegen. • Laat geen enkel voorwerp tegen het toestel drukken.

• Om elk risico van vries te vermijden, ingeval het toestel buiten gebruik is voor een lange periode in de winter, raden wij aan om het toestel volledig te ontledigen. De fabrikant wijst elke vorm van verantwoordelijkheid af ingeval er schade optreedt die te wijten is aan vries of waterlekken aan de installatie • Volg zorgvuldig de onderstaande instructies en gebruik enkel vervangstukken en toebehoren die geleverd zijn door de constructeur om de beste dienstprestaties te verkrijgen en om de garantie op het toestel niet in het gedrang te brengen. 3. 2 Ontsteking van de boiler 1. Ontsteking waakvlambrander: druk op de bedieningsknop van het gasblok en draai hem tot de positie ‘ waakvlam’ ( ). Druk op de knop en ontsteek de waakvlam m. b. v. de piëzo-ontsteker die zich op de klep bevindt.

Blijf de knop indrukken gedurende enkele seconden en los vervolgens de knop op voorwaarde dat de waakvlam blijft branden. Als de waakvlam niet blijft branden moet u deze operatie nog eens uitvoeren. Positie waakvlam aan off fig. 3. 2/1 Bedienings-knop voor de bediening van het gasblok 2. Ontsteking hoofdbrander: druk op de bedieningskop van het gasblok en draai op de positie « branden » ( ). 3. Druk op de knop 1 (de positie "I") 4. Draai de hendel van de veiligheidsthermostaat 2 op de gewenste watertemperatuur (tussen minimum 40° tot maximum 70°). 321 fig. 3. 2 / 2 bedieningsbord 1. schakelaar 2. regelthermostaat 3. thermostaat verbrandingsgassen 4. Verklikkerlichtje verbrandingsgassen Vanaf dit ogenblik begint het water in het voorraadvat op te warmen. Als de vooraf ingestelde waarde op de thermostaat bereikt is dooft de hoofdbrander (de waakvlam blijft wel branden).

Rookgasbeveiliging : het toestel heeft een rookgasthermostaat (TTB) die ingrijpt als er een slechte afvoer van de verbrande gassen is (bijvoorbeeld als de gasafvoerbuis vervuild is. In dit geval zal het toestel ingrijpen waardoor er een rood verklikkerlichtje brand (4) en de gastoevoer naar het gasblok zal onderbroken worden. Om het toestel terug op te starten moet u op de knop drukken die zich onder de stop (3) bevindt. Ingeval van andere onderbrekingen, draai de afsluitkraan dicht en doe beroep op een erkende vakman. Het is ten strengste verboden de rookgasbeveiliging te verwijderen of aan te tasten. Als dit gebeurt is het toestel heel gevaarlijk. 28.

3 - INSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKER 3. 3 Doven Om de boiler kortstondig uit te schakelen: • Druk op de schakelaar 1 (positie "0" – de waakvlam blijft branden). Om de boiler voor een langere periode te doven: • Druk op de bedieningsknop van het gasblok en draai deze tot op de positie OFF ( ) • Draai de knop van de thermostaat op een lagere waarde. • Druk op de schakelaar 1 (positie "0") • Zet de elektrische voeding van de boiler af. • Sluit de gaskraan • Als het lokaal waarin de boiler geïnstalleerd is niet verwarmd is en er vorstgevaar is, is het aan te raden het reservoir volledig leeg te laten lopen. 3. 4 Onderhoud Voor een veilig gebruik van het toestel en om de nuttige levensduur te verlengen, moet u het toestel elk jaar laten controleren door een erkende naverkoopdienst, die zo nodig de volgende bewerkingen zal uitvoeren Vervanging van de magnesiumanode: 1.

Inwendige inspectie van het voorraadvat door het inspectieluik en eventuele reiniging van het kalksteen dat op de bodem van het voorraadvat is neergeslagen. 2. Controle van de dichtheid van de gasleiding. 3. Enkel voor Italië : analyse van de verbranding (elke twee jaar) 3. 5 Geldigheid van de garantie De garantie is geldig op voorwaarde dat de geldende installatienormen en de installatiecriteria die beschreven zijn in dit boekje gerespecteerd werden. De garantietermijn bedraagt 3 jaar op de kuip en 2 jaar op de andere onderdelen. Voor alle toepasselijke garantiebepalingen verwijzen we naar het certificaat dat samen met de boiler wordt geleverd. 3. 6 INSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKER MODEL TN 220 TN 300 TN 400 INHOUD (liters) L 220 300 400 VERWARMINGSVERMOGEN (kW) kW 34. 0 44. 0 44. 0 NUTTIG VERMOGEN (kW) kW 30. 3 39. 2 39. 2 VERBRANDINGSRENDEMENT % 89. 1 89. 1 89. 1 WATERRENDEMENT % 85.

GAZ G30/31 (GPL) kg/h 2,68 3,46 3,46 OPWARMTIJD VERWARMING (T 25 °C) min 12 12 15 PRODUCTIE PER UUR CONTINUE WERKING (T 25 °C) L/hr 990 1280 1280 De fabrikant is niet aansprakelijk voor eventuele fouten of onnauwkeurigheden in deze technische handleiding, en behoudt zich het recht voor de producten op eender welk moment en zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen om de aanpassingen te doen die hij nodig acht wegens technische verbeteringen of om commerciële redenen en ter verbetering van de kwaliteit van het product. 29.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Bulex TN 400-44 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden