Bulex Thermomax F 35 E Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Bulex Thermomax F 35 E (42 pagina’s), behorend tot de categorie CV Ketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 17 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Bulex Thermomax F 35 E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Bulex |
| Categorie: | CV Ketel |
| Model: | Thermomax F 35 E |
Handleiding Bulex Thermomax F 35 E – volledige tekst
1 Algemeenheden. 22 Bewaren van de documenten. 23 Veiligheid. 23. 1 Wat doen als u gas ruikt. 23. 2 Veiligheidsinstructies en voorschriften. 24 Fabrieksgarantie / Aansprakelijkheid. 35 Conform gebruik van het toestel. 56 Gewoon onderhoud. 57 Recycling en afvoer. 58 Gebruik van het toestel. 68. 1 Bedieningspaneel. 68. 2 Display. 68. 3 Inbedrijfstelling. 88. 4 Keuze van de werkwijze. 88. 5 Regeling van de temperatuur. 88. 6 Buitendienststelling. 99 Opsporen en verhelpen van storingen. 910 Bescherming van de ketel tegen bevriezing. 1010. 1 Bescherming van de ketel tegen bevriezing. 1010. 2 Bescherming van de installatie tegen bevriezing. 1011 Onderhoud / dienst na verkoop. 101GebruiksaanwijzingInhoudstafelGebruiksaanwijzingInstallatievoorschriften voorbehouden voor installateurs.
1 AlgemeenhedenDe toestellen van de reeks Thermomax zijn ketels die werken volgens de zogenaamde condensatietechnologie die het mogelijk maakt bijna alle warmte uit de verbrandingsproducten te recupereren. Met dit werkingsprincipe verbruikt de ketel minder energie en wordt de uitstoot van NOx en CO2 in de atmosfeer aanzienlijk verminderd. De THERMOMAX-ketel heeft een dubbele functie (verwarming + dynamische warmwateraccumulatie). Dit ketelmodel is van het hermetische type en is uitgerust met een voorziening om lucht aan te voeren en de verbrandingsproducten af te voeren, «luchtpijp» genoemd. Deze voorziening maakt het mogelijk het toestel in eender welke kamer te installeren. In geval van slechte werking of verstopping van de luchtpijp valt het toestel in veiligheid. De installatie en de eerste ingebruiknamevan het toestel moeten door een erkendvakman gebeuren.
Deze is ervoorverantwoordelijk dat de installatie en deingebruikname in overeenstemming zijnmet de in voege zijnde reglementeringen. Het spreekt voor zich dat u voor eenherstelling of onderhoud van het toestelberoep doet op een erkend vakman. Meerdere toebehoren zijn speciaal vooruw toestel ontwikkeld door Bulex in functievan de karakteristieken van uw installatie. Aarzel niet om aan uw gebruikelijke detailhandelaar de gedetailleerde lijst van de accessoires te vragen of surf naar www. bulex. be. 2 Bewaren van de documentenBewaar deze handleiding alsook alle documenten die meegeleverd zijn binnen handbereik, zodat u deze kunt raadplegen indien nodig. Wij wijzen alle verantwoordelijkheid afingeval van schade veroorzaakt door deniet naleving van de instructies in dezehandleiding. 3 Veiligheid3. 1 Wat doen als u gas ruikt. Het licht niet aansteken of uitdoen.
De gasmaatschappij of uw gekwalificeerde vakman op de hoogte brengen. 3. 2 Veiligheidsinstructies en voorschriftenVolg strikt de volgende veiligheidsinstructies en voorschriften :Gebruik geen sprays, oplosmiddelen, chloorhoudende reinigingsmiddelen, verf, lijm enz. in de omgeving van het toestel. Deze stoffen kunnen onder ongunstige omstandigheden tot corrosie – ook in het rookgassysteem – leiden. •••••••••••20020024989_03 - 08/09 - Bulex.
Explosieve of licht ontvlambare stoffen (b. v. benzine, verf etc. ) niet in de opstellingsruimte van het toestel gebruiken of opslaan. Zet de veiligheidsvoorzieningen in geen geval buiten werking of probeer ze niet te omzeilen om de goede werking van het toestel niet in het gedrang te brengen. Daarom geen veranderingen uitvoeren:aan het toestelin de omgeving van het toestelaan de toevoerleidingen voor gas, toevoerlucht, water en stroomalsook aan de afvoerleidingen voor rookgas Voer nooit zelf onderhoud of reparaties uit op het toestel. Als u een waterlek ontdekt, draai dan onmiddellijk de koudwatertoevoer van het toestel dicht en laat het lek herstellen door een gekwalificeerde vakman. Beschadig of verwijder de zegels die op bepaalde onderdelen zijn aangebracht niet.
Alleen de monteurs van de Onderhoudsdienst ("Dienst na verkoop") van Bulex zijn gemachtigd om wijzigingen aan te brengen aan verzegelde onderdelen. Wijzig de technische en architectonische voorwaarden in de buurt van het toestel niet, aangezien deze een invloed kunnen uitoefenen op de bedrijfszekerheid van het toestel. Voorbeelden hiervoor zijn:Openingen voor toevoerlucht en rookgas moet u vrijhouden. Let erop dat b. v. afdekkingen van de openingen bij werkzaamheden aan de buitenfacade opnieuw verwijderd worden. •••----•••••Attentie. We raden aan om waakzaam te zijn bij de regeling van de warmwatertemperatuur: het water dat uit de tapkranen komt kan heel warm zijn. 4 Fabrieksgarantie / AansprakelijkheidWij danken u omdat u voor Bulex gekozen hebt, de Europese leidinggevende fabrikant van gaswandketels.
De installatie moet gebeuren door een erkende vakman, conform de bijgevoegde installatiehandleiding, volgens de regels van de kunst en met naleving van de officiële normen en toepasselijke reglementen. De garantie dekt de reparatie en/of de vervanging van stukken waarvan Bulex erkent dat ze defect zijn, en de nodige werkuren voor de reparatie. Ze is van toepassing als de gebruiker het toestel gebruikt als een goede huisvader en in de normale voorwaarden die voorzien zijn in de gebruiksaanwijzing. Behoudens een naar behoren schriftelijk vastgelegde bijzondere overeenkomst, is enkel onze dienst na verkoop gemachtigd om service te verlenen onder garantie en dit uitsluitend op het grondgebied van België en het Groot-Hertogdom Luxemburg. Zo niet zullen de prestaties van derden in geen enkel geval door ten laste Bulexworden genomen.
De garantie is beperkt tot de voorziene prestaties. Elke andere vraag, ongeacht van welke aard (voorbeeld: schadeloosstelling voor eender welke kosten of schade veroorzaakt aan de koper of aan derden enz. ) is uitdrukkelijk uitgesloten. De garantie is enkel van toepassing als aan de volgende voorwaarden is voldaan:Deze handleiding en de streepjescode moeten voorgelegd worden samen met het toestel dat door de garantie wordt gedekt; het verlies ervan doet de garantie vervallen. De garantiebon, te vinden op het laatste luik van deze handleiding, moet volledig ingevuld, ondertekend, afgestempeld en gedateerd zijn door de erkende installateur. Hij moet binnen de veertien dagen na de installatie naar Bulex teruggestuurd worden. Zo niet begint de garantie pas te lopen vanaf de fabricagedatum van het toestel en niet op de installatiedatum.
Het fabricagenummer van het toestel mag niet gewijzigd noch op een andere manier veranderd worden, Het toestel mag geen enkele wijziging of aanpassing ondergaan hebben, buiten die welke eventueel uitgevoerd worden door personeel dat erkend wordt door Bulex, met de originele onderdelen van Bulex, conform de goedkeuringsnormen van het toestel in België,Het toestel mag niet geplaatst worden in een corrosieve omgeving (chemische producten, kapperszaken, stomerijen enz. ), noch gevoed worden met agressief water (toevoeging van fosfaten, silicaten, hardheid lager dan 6°F). ------Een interventie onder garantie brengt geen enkele verlenging van de garantieperiode met zich mee.
De garantie geldt niet wanneer de slechte werking van het toestel wordt veroorzaakt door :een niet-conforme installatie,een oorzaak buiten het toestel zoals : - vervuilde water- of gasslangen, te lage druk, niet aangepaste fluïda of wijziging van de aard en/of de karakteristieken van de fluïda (water, gas, elektriciteit), - kunststof verwarmingsslangen en zonder toevoeging van een roestweerder, - abnormaal of verkeerdelijk gebruik, manipulatiefout door de gebruiker, tekort aan onderhoud, kalkneerslag, veronachtzaming, stoten, val, tekort aan bescherming tijdens het transport, overbelasting enz. , - vorst, overmacht enz. , - interventie door een onbevoegde monteur, - elektrolyse, - gebruik van niet-originele onderdelen. Het bezoek van de dienst na verkoop zal enkel gebeuren op verzoek.
Tijdens de eerste twee maanden van de garantieperiode zijn de verplaatsingskosten gratis indien gerechtvaardigd. Tijdens de tweeëntwintig volgende maanden zal een vast bedrag gelijk aan 50% van de verplaatsingskosten voor pechverhelping gefactureerd worden door de dienst na verkoop van Bulex. Wordt geacht de eventuele factuur te betalen: de persoon die de interventie gevraagd heeft, behoudens schriftelijke, voorafgaande toestemming van een derde aan wie de factuur gericht moet worden. --40020024989_03 - 08/09 - Bulex.
Bij een geschil zijn enkel het Vredegerecht van het 2e Kanton van Brussel, de Rechtbank van Eerste Aanleg of van Koophandel en desgevallend, het Hof van Beroep van Brussel bevoegd.Noot voor de EU-landen :Dit toestel werd ontworpen, erkend en goedgekeurd om te beantwoorden aan de eisen van de Belgische markt.Het kenplaatje aangebracht binnen in het toestel garandeert de oorsprong en het land waarvoor dit product bestemd is.Als u een afwijking op deze regel vaststelt, dan vragen we u contact op te nemen met het dichtstbijzijnde agentschap van Bulex. Wij danken u bij voorbaat voor uw medewerking.5 Conform gebruik van het toestelDe Thermomax-ketels zijn vervaardigdconform de recentste technischeontwikkelingen en de toepasselijketechnische veiligheidsvoorschriften.De Thermomax-ketels zijn speciaal bestemd voor de productie van warm water met behulp van gasenergie.
Alle andere gebruik wordt als niet-conform beschouwd. De fabrikant/leverancier zal in geen geval aansprakelijk zijn voor schade ten gevolge van niet-conform gebruik. Elk risico wordt volledig gedragen door de gebruiker.Het conforme gebruik omvat ookhet naleven van de instructies enaanduidingen uit de gebruikshandleidingen de installatiehandleiding en van alletoepasselijke bijkomende documenten,net als het naleven van de inspectie- enonderhoudsvoorwaarden.6 Gewoon onderhoudReinig de bekleding van uw toestel met een vochtige doek en een beetje zeep.Gebruik geen schurende of reinigingsproducten aangezien deze de bekleding of de kunststof onderdelen kunnen beschadigen.7 Recycling en afvoerHet toestel bestaat grotendeels uit recycleerbare materialen.
De verpakking, het toestel en de inhoud van het colli mogen niet bij het huishoudelijk afval terecht komen, maar moeten conform de vigerende reglementering worden verwerkt.••50020024989_03 - 08/09 - BulexGebruiksaanwijzingInstallatievoorschriften voorbehouden voor installateurs
8 Gebruik van het toestel8.1 Bedieningspaneel1243576Legenda1 Werkingsverklikker2 Display3 Keuze van de werkwijze4 Regeling van de temperatuur van het water in de sanitaire kring5 Deurtje met de gebruiksinstructies6 Regeling van de temperatuur van het water in de verwarmingskring7 Aan/Uit-schakelaar8.2 Display1234 65789Legenda1 Indicatie van de gekozen werkwijze2 Indicatie van de actuele warmtevraag3 Multifunctionele indicatie zone 14 Indicatie van de actuele temperatuurregeling5 Storingssymbolen6 Indicatie van de werking van de brander7 Multifunctionele indicatie zone 28 Symbool menu installateur/DNV9 Indicatie van de aanwezigheid van een buitensonde60020024989_03 - 08/09 - Bulex
8.2.1 Indicatie van de gekozen werkwijze◄komt tegenover de gekozen werkwijze te staan8.2.2 Indicatie van de actuele warmtevraagwordt weergegeven wanneer het toestel zich in de werkwijze "bescherming tegen bevriezing" bevindtwordt weergegeven wanneer aan het toestel sanitair warm water wordt gevraagdwordt weergegeven wanneer aan het toestel warm water voor de verwarming wordt gevraagd 8.2.3 Multifunctionele indicatie zone 1weergave van de druk in de verwarmingskringwordt weergegeven wanneer er een afwijking wordt gedetecteerd op het toestel (nummer van de storingscode) wordt weergegeven bij regelingen bestemd voor de installateurs/DNV8.2.4 Indicatie van de actuele temperatuurregelingwordt weergegeven bij de regeling van de temperatuur in de sanitaire kringwordt weergegeven bij de regeling van de temperatuur in de verwarmingskring8.2.5 Storingssymbolenwordt weergegeven wanneer er een afwijking wordt gedetecteerd op het toestel (zie hoofdstuk "Opsporen en verhelpen van storingen")8.2.6 Indicatie van de werking van de branderwordt weergegeven wanneer aan het toestel warmte wordt gevraagd voor verwarming of sanitair warm water(het aantal opgelichte strepen neemt toe met het gevraagde vermogen)8.2.7 Multifunctionele indicatie zone 2geeft de temperatuur weer van het water in de verwarmingskring wanneer warmte wordt gevraagd voor de verwarmingwordt weergegeven bij de regeling van de temperatuur van het water in de sanitaire kring en de verwarmingskringwordt weergegeven wanneer er een afwijking wordt gedetecteerd op het toestel wordt weergegeven bij regelingen bestemd voor de installateurs/DNV8.2.8 Symbool menu installateur/DNVwordt weergegeven bij regelingen bestemd voor de installateurs/DNV8.2.9 Indicatie van de aanwezigheid van een buitensondewordt weergegeven wanneer een buitensonde met het toestel is verbonden70020024989_03 - 08/09 - BulexGebruiksaanwijzingInstallatievoorschriften voorbehouden voor installateurs
8.3 InbedrijfstellingVergewis u ervan dat:het toestel elektrisch gevoed wordt,de gaskraan open staat,de koudwaterkraan open staat.Druk op de start/stop-schakelaar zodat het symbool "I" verschijnt : .Het display en de werkingsverklikker op het bedieningspaneel gaan branden. Het toestel is klaar om te werken.Constant groen brandend: Toestel in werkingRood knipperend: storingssignaal (zie hoofdstuk "Opsporen en verhelpen van storingen")8.4 Keuze van de werkwijzeDruk op de toets om de werkwijze van het toestel te wijzigen.
Het symbool ◄ komt tegenover de gekozen werkwijze te staan: Verwarming + warm waterAlleen verwarmenAlleen warm waterBescherming van het toestel tegen bevriezing8.5 Regeling van de temperatuurOpmerking:Door kort te drukken op een van de toetsen of in de stand of verschijnt de waarde van de eerder gekozen temperatuur.•---•--•8.5.1 Regeling van de temperatuur van het water in de sanitaire kringDruk op de toetsen of naast om de temperatuur van het water in de sanitaire kring te regelen.Temperatuur van het water (°C)min. 38 T° ≤ 49max. 63Opmerkingen:De tekst wordt weergegeven tot op de temperatuur die is opgegeven in de onderstaande tabel.
komt overeen met de maximumtemperatuur die voorzien is voor een normaal gebruik.8.5.2 Regeling van de temperatuur van het water in de verwarmingskringDruk op de toetsen of naast om de temperatuur van het water in de verwarmingskring te regelen.Temperatuur van het water (°C)min. 22max. 80Opmerkingen : als er een buitensonde met het toestel is verbonden:De regeling van de temperatuur van het water in de verwarmingskring is niet meer mogelijk.Door kort te drukken op een van de toetsen of naast ,verschijnt de temperatuur in de verwarmingskring die berekend werd door het toestel.•--•--80020024989_03 - 08/09 - Bulex
8. 6 BuitendienststellingVerschuif op de start/stop-schakelaar zodat het symbool "O" verschijnt:. Het display en de werkingsverklikker doven. Het toestel wordt niet meer elektrisch gevoed. We raden u aan om in geval van langdurige afwezigheid de gastoevoer naar de installatie te sluiten. •9 Opsporen en verhelpen van storingenIn geval van een storing:Verschijnen een symbool en een storingscode op het display van het bedieningspaneel. Knippert de werkingsverklikker van het bedieningspaneel rood. Attentie. Probeer nooit zelf onderhoud of reparaties te doen aan uw toestel en neem het toestel pas opnieuw in gebruik als de storing werd opgelost door een vakman. --Symbool en storingscode Mogelijke oorzaak OplossingHet toestel werkt niet meer. Onderbreking van de elektrische stroomControleer of de elektrische netspanning niet is uitgevallen en of het toestel juist is aangesloten.
Zodra de elektrische voeding hersteld is, begint het toestel automatisch weer te werken. Als de storing blijft bestaan, dient u contact op te nemen met een vakman. code F 01, F 04Ontstekingsfout Neem het toestel uit dienst. Wacht 5 seconden en schakel het toestel weer in. Als de storing blijft bestaan, dient u contact op te nemen met een vakman. code F 02, F 03Slechte afzuiging of aanzuiging van de luchtHet veiligheidssysteem onderbreekt de werking van het toestel. Neem het toestel uit dienst. Wacht 5 seconden en schakel het toestel weer in. Als de storing blijft bestaan, dient u contact op te nemen met een vakman. code F 05 Oververhittingsfout Neem contact op met een vakman. De drukindicator knippert en geeft een druk aan van ≤ 0,5 bar. Watertekort in de installatie Draai de blauwe kraan onder het toestel open tot de druk op de indicator tussen 1 en 2 bar komt te liggen.
Als u dit te vaak moet doen, dan kan uw installatie lek zijn. In dit geval moet u contact opnemen met een vakman om een controle van het toestel uit te voeren. De drukindicator knippert en geeft een druk van ≥ 2,7 bar weer.
10 Bescherming van de ketel tegen bevriezing10.1 Bescherming van de ketel tegen bevriezingIn geval van vorstrisico:Vergewis u ervan dat de ketel elektrisch gevoed wordt en dat het gas wel degelijk de ketel bereikt.Als u enkele dagen afwezig bent, kies dan de werkwijze op het bedieningspaneel.Het systeem dat de ketel beschermt tegen bevriezing zal de ketel inschakelen zodra de temperatuur in de verwarmingskring onder 4°C daalt. De ketel stopt met verwarmen zodra de temperatuur van het water in de verwarmingskring 16°C warm is geworden.10.2 Bescherming van de installatie tegen bevriezingDe bescherming van de installatie tegen bevriezing kan niet door de ketel alleen worden gegarandeerd.
Er is een kamerthermostaat nodig voor de regeling van de temperatuur van de installatie.In geval van langdurige afwezigheid, neemt u contact op met een vakman om het water uit de installatie af te laten of om de verwarmingskring te beschermen tegen bevriezing door een speciaal additief voor verwarmingsinstallaties toe te voegen. Attentie ! Uw sanitaire warmwaterkring (koud of warm) wordt niet beschermd door de ketel.•••11 Onderhoud / dienst na verkoopEen gereinigde en goed afgeregelde ketel zal minder verbruiken en langer meegaan. Een geregeld onderhoud van het toestel en de leidingen door een vakman is onontbeerlijk voor de goede werking van de installatie.
Zo kunt u ook de levensduur verlengen, het energieverbruik verminderen en de uitstoot van vervuilende stoffen beperken.We raden u aan om een onderhoudscontract af te sluiten met een vakman.Weet dat onvoldoende onderhoud de veiligheid van het toestel in het gedrang kan brengen en materiële en lichamelijke schade kan veroorzaken.100020024989_03 - 08/09 - Bulex
1 Opmerkingen met betrekking tot de documentatie. 132 Beschrijving van het toestel. 132. 1 Kenplaatje. 132. 2 CE-label. 132. 3 Schematische voorstelling. 143 Keuze van de installatieplaats. 154 Veiligheidsinstructies en voorschriften. 154. 1 Veiligheidsinstructies. 154. 2 Decreten, normen, richtlijnen. 165 Installatie van het toestel. 165. 1 Aanbevelingen vóór de installatie. 165. 2 Afmetingen. 175. 3 Lijst van het geleverde materiaal. 175. 4 Bevestiging aan de wand. 175. 5 Gas- en wateraansluiting. 205. 6 Aansluiting van de condensaatopvangbak. 215. 7 Rookgasaansluiting. 225. 8 Elektrische aansluiting. 255. 9 Aansluiting van de toebehoren. 265. 10 Elektrisch schema. 276 Indienststelling. 287 Regeling. 287. 1 Regeling van het debiet in de verwarmingskring. 287. 2 Toegang tot de technische gegevens van de ketel (enkel voor installateurs en onze "dienst na verkoop").
1 Opmerkingen met betrekking tot de documentatieWe vragen u om alle documenten samen aan de gebruiker van het toestel te overhandigen. De gebruiker moet die documenten bewaren om ze zo nodig te kunnen raadplegen.Wij wijzen alle verantwoordelijkheid af in geval van schade die veroorzaakt is door het niet in acht nemen van de instructies in deze handleiding.De garantiebon, te vinden op het laatste luik van deze handleiding, moet volledig ingevuld, ondertekend, afgestempeld en gedateerd zijn door de erkende installateur. Hij moet binnen de 14 dagen na de installatie naar Bulex teruggestuurd worden.2 Beschrijving van het toestel2.1 KenplaatjeHet kenplaatje vermeldt de plaats waar het toestel geproduceerd werd en het land waarvoor het bestemd is.Attentie !
Het toestel mag slechts gebruikt worden met de types gas die op het kenplaatje zijn vermeld.De aanduidingen betreffende de regeltoestand die vermeld zijn op het kenplaatje en in dit document moeten overeenkomen met de plaatselijke voedingsvoorwaarden.2.2 CE-labelHet CE-label geeft aan dat de toestellen die beschreven zijn in deze handleiding conform zijn met de volgende richtlijnen:Richtlijn gastoestellen (richtlijn 90/396/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschap)••-Richtlijn met betrekking tot de elektromagnetische compatibiliteit (richtlijn 89/336/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschap)Laagspanningsrichtlijn (richtlijn 73/23/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschap)Richtlijn met betrekking tot het rendement van ketels (richtlijn 92/42/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschap).---130020024989_03 - 08/09 - BulexGebruiksaanwijzingInstallatievoorschriften voorbehouden voor installateurs
Legenda1 Afvoer van de verbrandingsgassen2 Warmtewisselaar verwarming3 Brander4 Ontstekingselektrode en vlamcontrole5 Ventilator6 Gasmechanisme7 Voorraadvat8 Condensaatopvangbak9 Oververhittingsbeveiliging10 Temperatuuropnemer van het voorraadvat11 Verwarming expansievat12 Temperatuuropnemer retourleiding verwarming13 Temperatuuropnemer uitgaande leiding verwarming14 Elektronische ontsteking15 Circulatiepomp verwarming16 Drukopnemer verwarmingswater17 Warmtewisselaar sanitair warm water18 Driewegklep19 Expansievat sanitair20 Aflaatkraan verwarming21 Debietdetector22 Ventiel verwarming23 Temperatuuropnemer sanitair warm water24 Sanitair ventiel25 Stopkraan in de verwarmingskring26 Filter in koudwatertoevoerleiding27 Vulaggregaat28 Filter in verwarmingskring29 Stopkraan in de verwarmingskring30 Stopkraan in de koudwaterleiding voor het sanitair water31 Stopkraan in de verwarmingskring32 Gaskraan33 Circulatiepomp sanitaire kring34 Beschermingsanode voorraadvat35 Terugslagklep36 Aftakking (aansluiting met stop) voor de recirculatielus37 Aflaatkraan sanitair38 FilterA Retourleiding verwarmingB KoudwatertoevoerC Uitgaande leiding verwarmingD Uitgaande leiding warm waterE Gastoevoer3 Keuze van de installatieplaatsVergewis u ervan dat de muur waarop het toestel wordt aangebracht voldoende stevig is om het gewicht van het te installeren toestel te dragen.
Vergewis u ervan dat de beschikbare ruimte voldoende is voor het plaatsen van de water- en gasleidingen, en voor een afvoerleiding naar de riolering. Installeer het toestel niet boven een ander toestel waardoor het bescha-digd zou kunnen worden (bijvoorbeeld boven een keukenfornuis waaruit dat damp en vetten kunnen ontsnappen) of in een kamer waar veel stof aanwezig is, of met een corrosieve atmosfeer. Om een periodiek onderhoud mogelijk te maken, dient u aan elke kant van het toestel een minimale afstand te bewaren (zie hoofdstuk "Bevestiging aan de wand").
••••Het toestel moet op een vorstvrije plaats worden aangebracht. Neem de nodige voorzorgsmaatregelen in acht. 4 Veiligheidsinstructies en voorschriften4. 1 VeiligheidsinstructiesAlle interventies in het toestel moeten verwezenlijkt worden door een vakman of de servicedienst (dienst-na-verkoop) van Bulex. Als de gasdruk aan de ingang van het toestel buiten het opgegeven bereik ligt, mag het toestel niet in werking worden gezet. Als de oorzaak van het probleem niet geïdentificeerd of opgelost kan worden, breng dan de gasmaatschappij op de hoogte. •150020024989_03 - 08/09 - BulexGebruiksaanwijzingInstallatievoorschriften voorbehouden voor installateurs.
Attentie. Bij een verkeerde installatie is er gevaar voor elektrische schokken en beschadiging van het toestel. Bij het monteren van de aansluitingen moet u de afdichtingen juist aanbrengen om elk gas- of waterlek te vermijden. 4. 2 Decreten, normen, richtlijnenBij de installatie en de inbedrijfstelling van het toestel moeten de verordeningen, richtlijnen, technische regels en normen in hun huidige versie, alsook de onderstaande bepalingen in acht worden genomen:De normen NBN D 51003, D 30003, D 61001Het Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties (AREI) en in het bijzonder de verplichte aansluiting op een aarding. 5 Installatie van het toestelAlle afmetingen in dit hoofdstuk zijn uitgedrukt in mm. Voor installatie van het toestel, Voor de installatie moet de installateur nazien of de instelling van de ketel op de typeplaat voldoet aan de plaatselijke distributievoorwaarden. 5.
1 Aanbevelingen vóór de installatie5. 1. 1 Ontwerp van de sanitaire kringDe sanitaire verdeelkring moet zo verwezenlijkt worden dat de drukverliezen minimaal zijn: beperk het aantal bochten, gebruik kraanwerk met grote doorlaatsectie om een voldoende debiet te garanderen. De ketel kan werken met een minimale voedingsdruk, maar dan zal het debiet wel klein zijn. Een beter gebruikscomfort zal •--verkregen worden vanaf een voedingsdruk van 1 bar. 5. 1. 2 Ontwerp van de verwarmingskring De Thermomax-verwarmingsketels kunnen in alle soorten installaties worden ingebouwd: tweepijps, enkelpijps, in serie of afgetakt, vloerverwarming. Als verwarmingsoppervlakken kunnen radiatoren, convectoren, luchtverhitters of vloerverwarming worden gebruikt. Opgelet : er kunnen zich corrosiefenomenen voordoen als verschillende materialen worden gebruikt.
In dat geval wordt aanbevolen om aan het water van de verwarmingskring een inhibitor (roestweerder) toe te voegen, in de verhoudingen die opgegeven zijn door zijn fabrikant, om de productie van gas en de vorming van oxides te vermijden.
De secties van de leidingen moeten bepaald worden met behulp van de debiet/druk-kromme op (Zie hoofdstuk "Regeling van het debiet van de verwarmingskring"). De berekening van het verdeelnet moet gebaseerd zijn op het debiet dat overeenkomt met het werkelijk benodigde vermogen, zonder rekening te houden met het maximumvermogen dat de ketel kan leveren. We bevelen echter aan een voldoende debiet te voorzien om maximaal een temperatuurverschil van 20°C te krijgen tussen de uitgaande leiding en de retourleiding. Het minimale debiet is opgegeven in het hoofdstuk "Technische parameters" aan het einde van de handleiding. Bij de bepaling van het tracé van de leidingen moeten alle nodige voorzieningen worden genomen om luchtzakken te vermijden en om het 160020024989_03 - 08/09 - Bulex.
permanent ontgassen van de installatie te vergemakkelijken. Op elk hoog punt van de leidingen of op alle radiatoren moeten er aftapkranen voorzien zijn.Het totaal toegestane watervolume in de verwarmingskring hangt onder andere af van de statische belasting in koude toestand. Het in de ketel ingebouwde expansievat wordt geleverd in de toestand zoals die in de fabriek is afgeregeld (zie hoofdstuk "Technische parameters" aan het einde van de handleiding). Deze vuldruk kan bij de inbedrijfstelling aangepast worden voor het geval de statische belasting hoger is. Het is aan te bevelen in het onderste punt van de installatie een aftapkraan aan te brengen.Als er thermostatische kranen worden gebruikt, dan mogen niet alle radiatoren ermee worden uitgerust.
Ze mogen alleen in lokalen geplaatst worden waaraan veel warmte wordt toegevoerd en nooit in het lokaal waar de kamerthermostaat zich bevindt.Bij een oude installatie moeten de radiatorkringen in elk geval gespoeld worden vooraleer de nieuwe ketel te installeren.Als de verwarmingsketel niet onmiddellijk geplaatst wordt, bescherm dan de verschillende aansluitingen om te vermijden dat gips en verf de dichtheid van de latere aansluiting in het gedrang brengen.••5.2 Afmetingen700890301480245,55.3 Lijst van het geleverde materiaalDe verwarmingsketel wordt geleverd in twee afzonderlijke colli:De ketel.De aansluitplaat, het bevestigingsprofiel (ophanglip), de afvoerslangen en de boorsjabloon.De verschillende colli luchtpijpen worden besteld volgens de configuratie van de installatie.5.4 Bevestiging aan de wandVergewis u ervan dat de materialen die u gebruikt voor de verwezenlijking van de installatie verenigbaar zijn met die van het toestel.Bepaal de plaats van de montage.
De bevestiging van de beugel moet aangepast worden aan de karakteristieken van de muur en moet het gewicht van het toestel kunnen dragen.Boor de gaten voor de bevestigingsschroeven volgens de •boorsjabloon die met het toestel is meegeleverd.De mechanische karakteristieken van de pluggen moeten overeenkomen met de gegeven waarden op de tekening hieronder.7045 250 165 85 45Ø105104.5 893 934= 380 == 308 =661157010250min.180020024989_03 - 08/09 - Bulex
10111211106587192 34Legenda1 Retourleiding verwarming met stopkranen2 Aanvoerleiding koud water met stopkraan3 Uitgaande verwarmingsleiding met stopkraan4 uitgaande leiding sanitair warm water5 Gasleiding6 Drukaansluiting7 Filter in de retourleiding van de verwarmingskring8 Manometeraansluiting (niet meegeleverd)9 Debietbegrenzer koud water10 Buisjes voor de verwarming: moeren 20 x 27 (3/4" gas) met gebogen aansluitleiding11 Buisjes voor het sanitair warm water: moeren 15 x 21 (1/2" gas) met gebogen aansluitleiding12 "Gas"-aansluitbuisje: moeren 20 x 27 (3/4" gas) met gebogen aansluitleiding5.5 Gas- en wateraansluitingVooraleer enige bewerking uit te voeren moeten de leidingen gereinigd worden met behulp van een passend product om de eventuele onzuiverheden te verwijderen, zoals vijlsel, soldeersel, oliën en diverse vetten.
Deze vreemde lichamen zouden meegesleurd kunnen •worden in de ketel, en de goede werking ervan in het gedrang brengen.Gebruik geen oplosmiddel om niet het risico te lopen de kring te beschadigen.Soldeer niet aan de aangebrachte buisstukken om de pakkingen en de afdichtingen van de kranen niet te beschadigen.••200020024989_03 - 08/09 - Bulex
De retourleiding voor de verwarming (1) bevat een filter (7) die toegankelijk is door de moer op het uiteinde los te draaien. Deze bewerking moet uitgevoerd worden na het sluiten van de stopkranen in de retourleiding van de verwarming.De proefdruk kan afgelezen worden op een manometer (niet meegeleverd) die in de plaats van de eerste moer op de aansluiting van de retourleiding voor de verwarming (8) wordt geschroefd.Gebruik enkel de originele dichtingen die met het toestel zijn meegeleverd.Controleer of er geen lekken zijn. Herstel ze indien nodig.Verbind de veiligheidsventielen, en de ontkoppelinginrichting met een afvoerleiding die met de riolering is verbonden met behulp van de meegeleverde slangen.
In het afvoertoestel moet het wegstromen van het water zichtbaar zijn.132654Legenda1 Afvoerventiel verwarming2 Ventiel verwarming3 Afvoer ontkoppelingsinrichting4 Sanitair ventiel•••5 Afvoerventiel sanitaire kring6 Afvoer naar de rioling (sifon niet meegeleverd)5.6 Aansluiting van de condensaatopvangbak123Legenda1 Toegangsstop voor reiniging2 Slang voor afvoer van de condensaten 3 Condensaatopvangbak Sluit de afvoerleiding aan op een circuit dat met de riolering is verbonden en houd daarbij rekening met de volgende aanbevelingen:Gebruik de meegeleverde soepele afvoerslang (2).Vorm geen elleboog met de afvoerslang.Zorg ervoor dat het uiteinde van de slang niet in de sifon is ondergedompeld.Gebruik geen koperen leidingen.Belangrijk :De vlotter van de condensaatopvangbak zorgt ook voor de dichtheid t.o.v. de rookgassen.
OKOK5.7 RookgasaansluitingVerschillende configuraties van luchtpijpuitgang zijn mogelijk.Aarzel niet uw detailhandelaar extra informatie te vragen over de andere mogelijkheden en de bijbehorende toebehoren.Attentie ! Alleen de luchtpijptoebehoren die geschikt zijn voor de THERMOMAX-reeks mogen worden gebruikt.•3 %De horizontale Bulex-luchtpijp zorgt automatisch voor een hellingshoek van 3° waardoor de condensaten naar het toestel kunnen worden teruggevoerd. De maximumlengte van de luchtpijp is bepaald volgens zijn type (bijvoorbeeld C13).Ongeacht het gekozen type luchtpijp dienen de in de onderstaande tabel opgegeven minimumafstanden voor de plaats van de uiteinden van de luchtpijp te worden nageleefd.•220020024989_03 - 08/09 - Bulex
Ø 80/125 mmL2101Legenda1 PakkingMaximaal drukverlies: 150 PaDeze waarde wordt bereikt met een leiding met maximale lengte (L) + 1 bocht van 90°.Type THERMOMAX F 24 Max. lengteTHERMOMAX F 35 E Max. lengteØ 60/100 10 m 5 mØ 80/125 16 m 11 mTelkens een extra elleboog van 90° nodig is (of 2 van 45°), moet de lengte L met 1 m worden verminderd.5.7.2 Verticaal luchtpijpsysteem Ø60/100 mm of Ø 80/125 mm (installatietype C33)LMaximaal drukverlies: 150 PaDeze waarde wordt bereikt met een leiding met maximale lengte (L) + 1 bocht van 90°.Type THERMOMAX F 24 Max. lengteTHERMOMAX F 35 E Max.
lengteØ 60/100 10.5 m 5.5 mØ 80/125 16.5 m 11.5 mTelkens een extra elleboog van 90° nodig is (of 2 van 45°), moet de lengte L met 1 m worden verminderd.5.7.3 luchtpijpsysteem Ø 60 mm of Ø 80 mm (installatietype B23)WAARSCHUWING : In geen geval mogen de bovenste en onderste ventilatieopeningen afgedicht worden.LMaximaal drukverlies: 150 PaDeze waarde wordt bereikt met 2 bochten, het scheidingselement en een leiding met maximale lengte (L1+L2) van 20 m.Telkens een extra elleboog van 90° nodig is (of 2 van 45°), moet de lengte L met 1 m worden verminderd.240020024989_03 - 08/09 - Bulex
Opmerking: het is niet nodig om een code voor de luchtleidingen te parametriseren met dit luchtpijpsysteem.5.7.4 Luchtpijpsysteem met dubbele flux 2x Ø 80 mm (installatietype C53 of C83)WAARSCHUWING !Elke leiding die dwars door een wand loopt en waarvan de temperatuur meer dan 60°C boven de omgevingstemperatuur ligt, moet ter plaatse van deze doorgang thermisch geïsoleerd worden. De isolatie kan gebeuren met isolatiemateriaal met de passende dikte van minstens 10 mm en een thermische geleidbaarheid λ ≤ 0,04 W/m.K.De eindstukken van de toevoerleidingen van de verbrandingslucht en de afvoer van de verbrandingsproducten mogen niet in tegenover elkaar gelegen wanden van een gebouw worden aangebracht.Type C53L2 L1 --Type C83L2L1AA Collectief kanaalDe rookgasaansluiting in C83 configuratie wordt gerealiseerd door aansluiting op een collectief kanaal(1).
De diameter van het collectief kanaal (1) moet berekend worden in functie van het totaal vermogen van de aangesloten toestellen.Maximaal drukverlies: 150 PaDeze waarde wordt bereikt met 2 bochten, het scheidingselement en een leiding met maximale lengte (L1+L2) van 40 m.Telkens een extra elleboog van 90° nodig is (of 2 van 45°), moet de lengte L met 1 m worden verminderd5.7.5 Parametisering van de code voor de luchtleidingenDe Parametisering van de code voor de luchtleidingen gebeurt volgens de instructies uit hoofdstuk "Toegang tot de technische parameters van de ketel".Hierdoor is het mogelijk de snelheid van de afzuigventilator aan te passen aan de lengte van de verlengstukken van de installatie en volgens het gekozen luchtpijpsysteem.5.8 Elektrische aansluitingGevaar! Bij een verkeerde installatie is er gevaar voor elektrische schokken en beschadiging van het toestel.
Verbind de voedingskabel van de ketel met het 230V-net (enkelfasig + aarding).Belangrijk: de elektrische aansluiting van het toestel moet door een vakman worden uitgevoerd. Alle interventies binnen in het toestel moeten verwezenlijkt worden door de Dienst-na-verkoop (de Service) of een vakman.Volgens de van kracht zijnde normen moet deze aansluiting gebeuren via een tweepolige schakelaar met een scheidingsopening van minstens 3 mm tussen elk contact.De smeltzekering van de elektronische kaart is in de nulleiding aangebracht.Het in de ketel ingebouwde voedingssnoer is specifiek. Als u het wenst te vervangen, bestel dan enkel bij een erkende dienst na verkoop van Bulex.5.9 Aansluiting van de toebehorenWAARSCHUWING !
Neem de stekkeruit het stopcontact voordat debranderautomaat wordt geopend.°C°COpentherm®BuitenvoelerNTCOranjeGeelBlauwRoodWitBlauw•5.9.1 BuitensondeSluit de 2 draden van de Buitensonde aan op de klemmen zoals geïllustreerd.5.9.2 Kamerthermostaat : openthermSluit de 2 draden van de kamerthermostaat aan op de klemmen zoals geïllustreerd.Opent de valdeur van de doos van de hoofdkaart.Schaft shunt van bornier af.5.9.3 Kamerthermostaat (exclusief opentherm protocol)Opent de valdeur van de doos van de hoofdkaart.Schaft shunt van bornier af.TA241 32Sluit de 2 draden van de kamerthermostaat aan op de klemmen zoals geïllustreerd.De connector is bestemd voor aansluiting op een programmeerbare kamerthermostaat. Hij mag in geen geval worden aangesloten op het 230V-net.•••••••260020024989_03 - 08/09 - Bulex
De werkingsverklikker op het bedieningspaneel gaat branden: de ketel is klaar om te werken.Open de stopkranen op de aansluitplaat: ze moeten in de stromingsrichting staan.Open de stop van de ontluchter op de pomp en de automatische ontluchters van de installatie.Open de blauwe watertoevoerkraan onder de ketel tot u 2 bar afleest op de drukindicator.Ontlucht elke radiator tot het water er normaal uit stroomt en draai vervolgens de ontluchters dicht.Laat de stop van de ontluchter op de pomp open staan.Open de verschillende warmwaterkranen om de installatie te ontluchten.Vergewis u ervan dat de drukindicator een waarde weergeeft tussen 1 en 2 bar; indien niet moet u water bijvullen.7 Regeling7.1 Regeling van het debiet in de verwarmingskringDit debiet moet aangepast worden volgens de berekening van de installatie.Bij de levering staat de schroef (1) van de ingebouwde omloopleiding [bypass] ½ toer open.••••••••1Legenda1 Schroef van de omloopleiding [bypass]De ketel wordt geleverd met de schroef a van de ingebouwde omloopleiding (bypass) half opengedraaid.
Verdraai deze schroef naargelang van de behoeften (bv. : dichtschroeven om het debiet erdoor te verkleinen) om de beschikbare manometrische opvoerhoogte aan het drukverlies in de installatie aan te passen (volgens van onderstaande debiet/druk-kromme).1234Legenda1 Snelheid III2 Snelheid II3 Snelheid I4 Keuzeschakelaar voor de instelling van de pompsnelheidDraai de keuzeschakelaar (1) in de stand I, II of III van de pompsnelheid naargelang van de onderstaande debiet/druk-kromme.••280020024989_03 - 08/09 - Bulex
7. 2 Toegang tot de technische gegevens van de ketel (enkel voor installateurs en onze "dienst na verkoop")Met behulp van de technische parameters van de ketel is het mogelijk bepaalde regelingen uit te voeren en eventuele storingen te analyseren. Het is bijvoorbeeld mogelijk om het maximumvermogen van de ketel voor de verwarming te regelen op elke waarde tussen de vermogens die zijn opgegeven in de tabel aan het einde van deze handleiding. Zodoende kan het geleverde vermogen aan de werkelijke behoeften van de installatie worden aangepast en wordt een overdreven hoog vermogen vermeden, met behoud van een hoog rendement. Noot: het verminderen van het verwarmingsvermogen heeft geen enkele invloed op het vermogen dat gebruikt wordt voor het sanitair warm water. Druk gedurende meer dan 10 seconden op de knop , om naar het parametermenu over te gaan.
•Wanneer "0" en verschijnen, gebruikt u de toetsen en totdat "96" op het display verschijnt. Druk nog eens op de toets om het eerste Parametiseerbare menu weer te geven, met name het maximale verwarmingsvermogen (menu COD. 1). Wanneer het menu "COD. 1" op het display verschijnt, drukt u op de toets om de gewenste waarde in te stellen. Selecteer de gewenste waarde door de toetsen of naast te gebruiken. Bevestig door op de toets te drukken. Druk op de toetsen of naast om naar het volgende menu over te gaan. Noot: het display keert terug naar zijn normale stand als het bedieningspaneel gedurende 10 minuten niet wordt aangeraakt of na nog eens meer dan 10 seconden op de -knop te hebben gedrukt. ••••••Menu nr. Functie ActieCOD. 1maximaal verwarmingsvermogendruk dan op de toetsen + - om de gewenste waarde in te stellen. COD.
2 Configuratie van de luchtleidingenKies een code voor de luchtleidingen tussen de 11, van 0 tot 10 genummerde codes in het onderstaande schema. De totale lengte van de verlengstukken L is uitgedrukt in ml. Attentie: deze regeling moet alleen gebeuren voor het toestel Thermomax F 24. COD.
COD. 5 Werking van de pompKies een werkwijze:1 - onderbroken (niet-continu) met kamerthermostaat (TA). (Regelingen in fabriek) 2 - onderbroken (niet-continu) met brander 3 - continu (permanent)De twee volgende menu’s vereisen de installaties van een buitensonde COD. 6 Buitensonde : regelkrommeKies een regelkromme uit de 16, van 0 tot 15 genummerde krommen (zie onderstaande grafiek). Voorbeeld: als u kromme nr. 10 kiest (fabieksregeling) zal de temperatuur van het verwarmingswater maximaal zijn voor een buitentemperatuur van -7°C.COD. 7Buitensonde : beginpunt van de regelkrommeDe oorsprong van de regelkrommen kan verplaatst worden door de parameter te laten variëren van -9 tot +10.COD. 8 gedwongen werking van de branderKies een werkwijze:0 - normale werking 1 - forceren op min. vermogen Pmin (fabrieksinstelling)2 - forceren op max. vermogen Pmax.3 - forceren op PontstekingCOD.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Bulex Thermomax F 35 E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding CV Ketel Bulex
Handleiding CV Ketel
Nieuwste handleidingen voor CV Ketel