Bosch PVQ795HGA6 Handleiding

Bosch Fornuis PVQ795HGA6

Bekijk gratis de handleiding van Bosch PVQ795HGA6 (28 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Bosch PVQ795HGA6 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/28
Register your
new device on
MyBosch now and
get free benefits:
bosch-home.com/
welcome
Inductiekookplaat met
geïntegreerd ventilatiesysteem
PVQ…H26E
[nl]Gebruikershandleiding

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Bosch
Categorie: Fornuis
Model: PVQ795HGA6

Handleiding Bosch PVQ795HGA6 – volledige tekst

⁠ ⁠2328 Informatie over vrije software en opensource-software⁠ ⁠. ⁠ ⁠2329 Conformiteitsverklaring⁠ ⁠. ⁠ ⁠2430 Testgerechten⁠ ⁠. ⁠ ⁠24Veiligheid 1 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de appa-raatpas en de productinformatie voor latergebruik of voor volgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatApparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij eendeskundige montage volgens de montage-handleiding. De installateur is verantwoordelijkvoor een goede werking op de plaats van op-stelling.

Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro-cessen ononderbroken in het oog. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in geslotenruimtes binnen de huiselijke omgeving. ¡ tot een hoogte van 2000m boven zeeni-veau. Gebruik het apparaat niet:¡ op boten of in voertuigen. ¡ met een externe timer of een separate af-standsbediening. Dit geldt niet voor het ge-val dat de werking middels de doorEN50615 genoemde apparaten wordt uitge-schakeld. ¡ om gevaarlijke of explosieve stoffen en dam-pen af te zuigen. ¡ om kleine onderdelen of vloeistoffen af tezuigen. Als u een actief, geïmplanteerd medisch appa-raat (zoals een pacemaker of defibrillator)draagt, ga dan bij uw arts na of dit voldoet aande Richtlijn 90/385/EEG van de Raad van de2.

Veiligheid nlEuropese Gemeenschappen van 20 juni 1990alsmede EN 45502-2-1 en EN 45502-2-2, enconform VDE-AR-E 2750-10 is geselecteerd,geïmplanteerd en geprogrammeerd. Als aandeze voorwaarden wordt voldaan en er boven-dien non-ferro pannen met non-ferro handgre-pen worden gebruikt, kan deze inductiekook-plaat zonder bezwaar worden gebruikt, mits ditnatuurlijk op de juiste wijze gebeurt. 1. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysieke,sensorische of geestelijke beperkingen of metgebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij on-der toezicht staan of zijn geïnstrueerd in hetveilige gebruik van het apparaat en de daaruitresulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen nietworden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veilig gebruikWAARSCHUWING‒Kans op verstikking. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. Kleine onderdelen uit de buurt van kinderenhouden. Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-ren houden. Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaalspelen. WAARSCHUWING‒Kans op vergiftiging. Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen lei-den tot vergiftiging. Vuurbronnen die de luchtin de ruimte verbruiken (bijv.

apparaten die opgas, olie, hout of kolen worden gestookt, gei-sers, warmwatertoestellen) betrekken de ver-brandingslucht uit de opstellingsruimte en voe-ren de gassen via een afvoer (bijv. schoor-steen) af naar buiten. In combinatie met eeningeschakelde afzuigkap wordt aan de keukenen aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrok-ken.

Zonder voldoende luchttoevoer ontstaater een onderdruk. Giftige gassen uit deschoorsteen of het afvoerkanaal worden terug-gezogen in de woonruimte. Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen,wanneer het apparaat in luchtafvoermoduswerkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die ge-bruik maakt van de aanwezige lucht. U kunt het apparaat alleen dan zonder risicogebruiken wanneer de onderdruk in de ruim-te waarin de vuurbron zich bevindt niet gro-ter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan wordenbereikt wanneer de voor de verbranding be-nodigde lucht door niet afsluitbare openin-gen, bijv. in deuren, ramen, in combinatiemet een ventilatiekast in de muur of door an-dere technische voorzieningen, kan wordentoegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheidin de muur alleen is niet voldoende om aande minimale eisen te voldoen. Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat inuw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging.

Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesys-teem van uw huis te beoordelen en kan eenvoorstel doen voor passende maatregelenop het gebied van de luchttoevoer. Indien het apparaat alleen met recirculatiewordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mo-gelijk. WAARSCHUWING‒Brandgevaar. Zonder toezicht koken op kookplaten met vetof olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorza-ken. Verlies hete oliën en vetten daarom nooit uithet oog. Nooit proberen om een vuur met water teblussen, maar het apparaat uitschakelen endan de vlammen bijv. met een deksel of eenblusdeken afdekken. Het kookvlak wordt erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op het kook-vlak of in de directe omgeving leggen. Nooit voorwerpen op het kookvlak bewaren. Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussenbewaren in laden direct onder de kookplaat. 3.

nl VeiligheidAls de kookplaat wordt afgedekt, kan dat on-gelukken veroorzaken, bijvoorbeeld door over-verhitting, in brand vliegen of ontploffende ma-terialen. Dek de kookplaat niet af. Na gebruik de kookplaat altijd met de hoofd-schakelaar uitschakelen. Niet wachten tot de kookplaat automatischuitschakelt omdat er zich geen potten enpannen meer op bevinden. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ont-branden. Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken. De vetfilters regelmatig reinigen. Nooit in de omgeving van het apparaat metopen vuur werken (bijv. flamberen). Het apparaat alleen in de buurt van eenvuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. houtof kolen) installeren wanneer de vuurbroneen afgesloten, niet verwijderbare afscher-ming heeft. Er mogen geen vonken weg-springen. WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-den.

Tijdens het gebruik worden het apparaat enzijn aanraakbare onderdelen heet, vooral eeneventueel aanwezig kookplaatframe. Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Kookplaatbeschermroosters kunnen tot onge-vallen leiden. Nooit kookplaatbeschermroosters gebruiken. Voorwerpen van metaal worden zeer snel heetop de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoalsmessen, vorken, lepels of deksels, op dekookplaat. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. Het apparaat voor het schoonmaken latenafkoelen. Wanneer er hete vloeistoffen in het apparaatkomen, het vetfilter of het overloopreservoirpas verwijderen nadat het apparaat is afge-koeld. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren.

Wanneer de netaansluitkabel of de apparaat-aansluitkabel van dit apparaat beschadigdraakt, moet deze worden vervangen dooreen speciale netaansluitkabel of speciale ap-paraataansluitkabel die verkrijgbaar is bij defabrikant of de klantenservice. Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-schadigd, moet het door geschoold vakper-soneel worden vervangen. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. Nooit een apparaat met gescheurd of gebro-ken oppervlak gebruiken. Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. Wanneer het apparaat of het netsnoer is be-schadigd, dan direct de zekering in de me-terkast uitschakelen. Neem contact op met de klantenservice. Pagina23Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken.

Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge-bruiken om het apparaat te reinigen. Bij hete apparaatonderdelen kan de kabeliso-latie van elektrische apparaten smelten. Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elektri-sche apparaten nooit in contact komt methete onderdelen van het apparaat. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem vande pan en de kookzone, kunnen kookpannenplotseling omhoog springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodemvan de pan altijd droog zijn. Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Bij de bereiding au-bain-marie kunnen dekookplaat en kookvorm barsten door overver-hitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in di-rect contact komen met de bodem van depan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen. Een apparaat met een gebarsten of gebrokenoppervlak kan tot snijwonden leiden.

Materiële schade voorkomen nlMateriële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomenHier vindt u de meest voorkomende oorzaken van schade en tips om deze te voorkomen. Schade Oorzaak MaatregelVlekken Bereiden zonder toezicht. Het bereidingsproces in de gaten houden. Vlekken, defecten Gemorste levensmiddelen, vooral diegenemet hoog suikergehalte. Onmiddellijk met een schraper voor vitrokera-mische kookplaat verwijderen. Vlekken, defecten ofbreuken in het glasDefect kookgerei, kookgerei met gesmoltenemaille of kookgerei met koperen- of alumini-umbodem. Gebruik geschikt kookgerei dat in een goedeconditie is. Vlekken, verkleurin-genOngeschikte reinigingsmethoden. Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die ge-schikt zijn voor glaskeramiek en reinig dekookplaat alleen wanneer deze koud is.

Defecten of breukenin het glasStoten of vallend kookgerei, kookaccessoiresof andere harde of scherpe voorwerpen. Bij het koken niet tegen het glas stoten ofvoorwerpen op de kookplaat laten vallen. Krassen, verkleurin-genRuwe pannenbodems of het verplaatsen vande pan op de kookplaat. Kookgerei controleren. Kookgerei bij het ver-plaatsen optillen. Krassen Zout, suiker of zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om ietsop te zetten of als werkvlak. Schade aan het appa-raat. Koken met diepgevroren kookgerei. Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Schade aan de panof aan het apparaatKoken zonder inhoud. Nooit een pan zonder inhoud op een hetekookzone plaatsen of verhitten. Glasbeschadigingen Gesmolten materiaal op de hete kookzone ofhete deksels van pannen op het glas. Geen bakpapier of aluminiumfolie en geenkunststof containers of pandeksels op dekookplaat leggen.

Oververhitting Heet kookgerei op het bedieningspaneel ofop het kader. Plaats heet kookgerei nooit op deze gebie-den. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt.

De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaatminder energie. Een kookzone kiezen die bij de grootte van de pan past. Het kookgerei gecentreerd plaatsen. Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over-eenkomt met de diameter van de kookzone. Tip: Fabrikanten van kookgerei geven vaak de bovendi-ameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bo-demdiameter. Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedektekookzones verbruiken veel energie. Pannen afsluiten met een passend deksel. Wanneer u zonder deksel kookt, heeft het apparaataanzienlijk meer energie nodig. Deksel zo min mogelijk oplichten. Wanneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veel ener-gie. Glazen deksel gebruiken. Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zon-der het deksel op te lichten. Pannen met vlakke bodem gebruiken.

Als de bodem niet vlak is, wordt het energieverbruikhoger. Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levens-middel. Groot kookgerei met weinig product heeft meer ener-gie nodig om op te warmen. Met weinig water koken. Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meerenergie is er nodig om op te warmen. Tijdig terugschakelen naar een lagere kookstand. Eenpassende doorkookstand gebruiken. Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie. Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kook-damp aan. Een lagere ventilatiestand betekent minder energie-verbruik. 5.

nl Geschikt kookgereiKies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ven-tilatiestand. De geuren verdelen zich minder in de ruimte. Schakel het apparaat uit wanneer dit niet langer nodigis. Bij het koken voldoende ventileren. Het apparaat werkt efficiënter en met minder bedrijfs-geluiden. De filter met de opgegeven intervallen reinigen of ver-vangen. De effectiviteit van het filter blijft behouden. Geschikt kookgerei4 Geschikt kookgereiEen voor inductiekoken geschikt kookgerei moet eenferromagnetische bodem hebben, dus door een mag-neet worden aangetrokken, en verder moet de bodemeven groot zijn als de kookzone. Wanneer het kookgereiop een kookplaat niet herkend kan worden, plaats danhet kookgerei op een kookplaat met de eerstvolgendekleinere diameter. 4.

1 Grootte en kenmerken van het kookgereiOm het kookgerei correct te herkennen, moet u met de grootte en het materiaal van het kookgerei rekening houden. Alle panbodems moeten volledig vlak en glad zijn. Met Kookgerei-test controleert u of het kookgerei geschikt is. "Kookgerei-test", Pagina16Kookgerei Materialen EigenschappenAanbevolen kookge-reiRoestvaststalen kookgerei met sandwich-bo-dem welke de warmte goed verdeelt. Dit kookgerei verdeelt de warmte gelijkmatig,warmt snel op en waarborgt zijn herkenning. Ferromagnetisch kookgerei van geëmailleerdstaal, gietijzer, of speciale pannen voor induc-tie van edelstaal. Dit kookgerei warmt snel op en wordt veiligherkend. Geschikt De bodem is niet volledig ferromagnetisch. Als de diameter van het ferromagnetische op-pervlak kleiner is dan de bodem van het kook-gerei, warmt alleen het ferromagnetische op-pervlak op.

Daardoor verdeelt de warmte nietgelijkmatig. Kookgereibodems met aluminiumaandeel. Deze bodems van het kookgerei verkleinenhet ferromagnetische oppervlak, waardoorminder vermogen aan het kookgerei wordt af-gegeven. Het kan zijn dat deze pannen onvol-doende of helemaal niet worden herkend endaarom ook onvoldoende worden verwarmd.

Uw apparaat leren kennen nl21345VetfilterGeurfilter bij circulatiefunctie of akoestische filterbij afvoerluchtfunctie 1KookplaatBedieningspaneelOverloopreservoir5.2 Speciale accessoiresAl naar gelang de inbouwvariant van het apparaat zijn erverschillende accessoires verkrijgbaar, welke u in devakhandel, bij de klantenservice of via onze officiëlewebsite kunt kopen.LuchtafvoersetLuchtcirculatiesetGeurfilter voor circulatiefunctieAkoestisch filter voor luchtafvoer5.3 BedieningspaneelIndividuele details, zoals kleur en vorm, kunnen afwijken van de illustratie.ADCBCLetter AanduidingHoofdschakelaarInstelbereikKookzoneVentilatiesensorOpmerking: Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijdschoon en droog is.Tip: Plaats geen kookgerei in de buurt van de displaysen knoppen.

nl Software-updateSensor FunctieKinderslotPauzeFavorietenknopConnectiviteitDisplaysDisplay FunctieUitschakeltimerPerfectFry Sensor- VermogensstandenDisplay FunctieKinderslotKnoppen in combinatie met Home ConnectZodra de verbinding met Home Connect is gerealiseerd,dan zijn de volgende knoppen en displays beschikbaar:Sensor FunctieInstellingen van een ander apparaat overne-menWanneer brandt, zoek dan in de HomeConnect appnaar meer informatie. 5. 4 Verdeling van de kookzonesHet aangegeven vermogen wordt gemeten met de genormeerde pannen, die in IEC/EN 60335-2-6 zijn beschreven. Het vermogen kan al naar gelang de grootte of materiaal van het kookgerei variëren.

A AAAGebied Hoogste stand Ø 21 cm Vermogensstand 9PowerBoost2500W3700W 21 x 38 cm Vermogensstand 9 3600WIn de vermogensstand 9 bereikt de kookplaat het in detabel aangegeven vermogen, om de voorverwarmingstij-den te verkorten, en houd dit gedurende een zekere tijdaan, zolang er geen andere kookzone aan dezelfde kanin bedrijf is. 5. 5 KookzoneControleer voordat u met het koken begint of het for-maat van de pan bij de kookzone past waarmee ukookt:Gebied Type kookzone Kookzone met enkele kringCombi-kookzone Pagina115. 6 Restwarmte-indicatieDe kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt, mag ude kookzone niet aanraken. Indicatie BetekenisDe kookzone is heet. De kookzone is warm. 5. 7 VerzadigingsindicatieDe plaat is met een verzadigingsindicatie uitgerust.

Wanneer de geurfilters zijn verzadigd, dan gaat bran-den en moet u de filters vervangen. "Geurfilter of akoestisch filter", Pagina20Software-update6 Software-updateWanneer het apparaat met HomeConnect is verbonden,dan kunnen enkele functies via een software-update be-schikbaar zijn. Verdere informatie over de beschikbaarheid van derge-lijke functies vindt u op de website www. bosch-home.

comFuncties7 FunctiesU kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodusof in de luchtcirculatiemodus. 7. 1 Gebruik met afvoerluchtDe aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigden via een buizensysteem naar de buitenlucht afge-voerd. De lucht mag niet worden afgevoerd ineen schoorsteen die wordt gebruikt voorafvoergassen van apparaten bestemdvoor het verbranden van gas of anderebrandstoffen (dit geldt niet voor ventilatie-apparatuur). 8.

Voor het eerste gebruik nlKomt de afvoerlucht terecht in eenrook- of afvoergasschoorsteen die nietin gebruik is, dan dient hiervoor toe-stemming van een vakbekwameschoorsteenveger te worden verkre-gen. Wordt de afvoerlucht door de buiten-muur geleid, dan raden wij u aan eentelescoop-muurkast te gebruiken. 7. 2 Gebruik met circulatieluchtDe aangezogen lucht wordt door de vetfilters en eengeurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte. Monteer een geurfilter om geurtjes tevoorkomen bij het gebruik van de circula-tiefunctie. De verschillende manieren omhet apparaat met circulatielucht te gebrui-ken, vindt u in onze catalogus of kunt unavragen bij uw speciaalzaak. Het daar-toe benodigde toebehoren is verkrijgbaarbij de speciaalzaak, de klantenservice ofin de online-shop. Opmerking: Bij intensief en langdurig koken wordtvocht in de lucht van de ruimte afgegeven.

Wanneer uhet apparaat in de circulatiefunctie gebruikt, dan radenwij aan de keuken afdoende te ventileren, bijvoorbeelddoor het kortstondig openen van een raam, om de over-tollige vochtigheid af te voeren. Voor het eerste gebruik8 Voor het eerste gebruikHoud de volgende adviezen aan. 8. 1 Eerste reinigingVerpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwijde-ren en het oppervlak met een vochtige doek afvegen. Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelen vindt uop de officiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over onderhoud en reiniging. Pagina188. 2 Apparaat voorbereidenVoor een correcte werking moet u de componenten indeze volgorde plaatsen:1. De filters plaatsen. 2. Het metalen vetfilter plaatsen. Opmerking: Het apparaat nooit zonder metalen vetfilteren overloopreservoir gebruiken. 8.

Het biedt ook een betere warm-teregeling, omdat de warmte direct in het kookgereiwordt opgewekt. 8. 4 KookgereiEen lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op de of-ficiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over het passende kookgerei. Pagina68. 5 Functie instellenHet apparaat wordt geleverd met vooringestelde circula-tiefunctie. Wanneer uw kookplaat met luchtafvoer naar buiten isgeïnstalleerd, moet u de instelling op deze modusconfigureren. Meer informatie kunt u vinden in hoofdstuk"Basisinstellingen", Pagina158. 6 Home Connect instellenAls u het apparaat voor de eerste keer inschakelt, wordtde instelling van het thuisnetwerk opgevraagd. Op hetdisplay licht gedurende enkele seconden op. Tik om het verbinden met Home Connect te starten op en houd de aanwijzingen in hoofdstuk aan. Om de instelling te beëindigen, de kookplaat uitschake-len.

U kunt de instelling HomeConnect ook op een andertijdstip uitvoeren. De Bediening in essentie9 De Bediening in essentie9. 1 Kookplaat inschakelenRaak aan. Er klinkt een signaal. De symbolen van de kookzonesen de momenteel beschikbare functies branden. Inde kookzone-indicaties brandt. De kookplaat is gebruiksklaar. ReStartWanneer u het apparaat binnen 4seconden na hetuitschakelen weer inschakelt, treedt de kookplaat inwerking met de vorige instellingen. 9. 2 De kookplaat uitschakelen aanraken tot de indicaties doven. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. 9.

nl De Bediening in essentieOpmerking: Wanneer alle kookzones langer dan 59se-conden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kookplaatuit. 9. 3 De vermogensstand in de kookzonesinstellenDe kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot met tussenwaarden worden weergegeven. Er moeteen vermogensstand worden gekozen die het best voorhet product en het geplande bereidingsproces geschiktis. 1. Tik op het gewenste kookzonedisplay. en branden. 2. Selecteer de gewenste vermogensstand in het instel-gebied. De vermogensstand is ingesteld. Opmerking: Wanneer er geen kookgerei op de kook-plaat staat, of de pan niet geschikt is, dan knippert degekozen vermogensstand. Na een bepaalde tijd wordtde kookzone uitgeschakeld.

QuickStartAls u vóór het inschakelen van het apparaat een ofmeerdere pannen op een kookzone plaatst, herkentde kookplaat deze en kiest de kookplaat automatischde kookzone voor één van de pannen. Vervolgens inde volgende 59 seconden de vermogensstand kie-zen, anders schakelt de kookplaat zelf uit. Kookstand wijzigen en kookzone uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. De gewenste vermogensstand kiezen of op instel-len. De vermogensstand van de kookzone wordt gewij-zigd of de kookzone wordt uitgeschakeld. 9. 4 KookadviezenDe tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voor welk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd ( )kan va-riëren afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de levensmiddelen. Om voor te verwarmen,vermogensstand 8 - 9 instellen.

Kapregeling nlKapregeling10 KapregelingDe kookzone beschikt over een in het kookvlak geïnte-greerd luchtafvoersysteem. De functies voor het aansturen van het luchtafvoersys-teem worden hierna beschreven. U kunt de fabrieksinstellingen te allen tijde wijzigen. "Basisinstellingen", Pagina15Opmerking: Om de prestaties te verbeteren, laag kook-gerei gebruiken. Bij hoog kookgerei het deksel schuinplaatsen. 10. 1 Automatische start voor de ventilatieWanneer u de aan de eerste kookzone een vermogens-stand toewijst, dan begint het afvoerluchtsysteem auto-matisch te werken. De ventilatiestand gaat branden opde ventilatiesensor. Na deze automatische start kunt u de ventilatiestand wij-zigen. Ventilatiestand wijzigen of deactiveren. Pagina1110. 2 KapregelingDe printplaat beschikt over 9 ventilatiestanden. Ventilatie inschakelen1. Druk op de ventilatiesensor.

De ventilatie schakelt met de vooringestelde vermo-gensstand in. 2. Selecteer de gewenste vermogensstand in het instel-gebied. De vermogensstand van de ventilatie brandt. Ventilatie wijzigen of uitschakelen1. Druk op de ventilatiesensor. 2. De gewenste ventilatiestand kiezen of deze op aan-passen. 10. 3 Intensief ventilatiestandenEr zijn twee intensieve ventilatiestanden, waarbij de ven-tilatie gedurende een korte tijd met een hoger vermogendraait. Intensiefstanden inschakelen1. Druk op de ventilatiesensor. 2. De gewenste intensiefstand kiezen:Intensiefstand I: indrukken. brandt. Intensiefstand II: twee keer indrukken. brandt. Opmerking: Nach ca. 8minuten schakelt het apparaatzelfstandig terug naar ventilatiestand. Intensiefstanden wijzigen of uitschakelen1. Druk op de ventilatiesensor. 2. De gewenste ventilatiestand kiezen of deze op aan-passen. 10.

De ventilatie schakelt zich na het verstrijken van de be-treffende tijdsduur automatisch uit. Deze tijdsduur hangtaf van de functie, waarin het apparaat is geïnstalleerd. Bij ingeschakelde ventilatie is de ventilatiestand verlicht. U kunt de ventilatie te allen tijde uitschakelen, door opde ventilatiesensor te drukken. Favorietenknop11 FavorietenknopMet de functie kunt u twee functies of kookinstellingenkiezen, welke dan op snel toegankelijk zijn. 11. 1 Favorietenknop functies toekennenVereiste: Het apparaat met Home Connect verbinden. Meer informatie vindt u onder Home Connect1. Om functies toe te kennen, de Home Connect appopenen en de aanwijzingen opvolgen. 2. Zodra u de functies heeft toegekend, kunt u deze ge-bruiken:Functie 1: kort drukken. Functie 2: lang drukken. Opmerking: Wanneer u geen functie heeft toegekend,dan schakelt zich uit na het inschakelen van de kook-plaat.

CombiZone12 CombiZoneDeze maakt de combinatie mogelijk van twee kookzo-nes van dezelfde grootte, waarbij dezelfde vermogens-stand wordt ingeschakeld. De functie is vooral bestemdvoor het koken met langwerpig kookgerei. De functie maakt het koken mogelijk met een kookgereidat één kookzone beslaat en dat u voor meer comfortvan de ene naar de andere kookzone kunt schuiven. Indit geval behouden de beide zones dezelfde kookstanden dezelfde instellingen. 11.

nl Tijdfuncties12. 1 Plaatsen van het kookgereiGebruik kookgerei dat passend is voor de kookzones. 12. 2 Schakel CombiZone in1. Een van de twee kookzones kiezen en de vermogens-stand instellen. 2. Druk op. De functie is geactiveerd. 12. 3 Schakel CombiZone uitRaak aan. De functie is uitgeschakeld. De beide kookzones functioneren weer als twee onaf-hankelijke kookzones. Tijdfuncties13 TijdfunctiesUw kookplaat beschikt over verschillende functies voorhet instellen van de bereidingstijd:UitschakeltimerTimerAan de knop is standaard de functie Uitschakeltimertoegekend. U kunt de sensor echter ook aan één vande hierboven genoemde functies toekennen. Deze instel-lingen kunt u via de Home Connect app of onder Basis-instellingen wijzigen Pagina15. 13.

1 UitschakeltimerMaakt de programmering mogelijk van een bereidings-tijd voor één of meerdere kookzones en hun automati-sche uitschakeling na het verstrijken van de ingesteldetijd. Uitschakeltimer inschakelen1. Kies de kookzone en de gewenste vermogensstand. 2. Op tippen. en branden. 3. Stel binnen de volgende 10 seconden in het instelge-bied de gewenste bereidingstijd in. U kunt de tussenwaarden tussen 1 minuut en 9 mi-nuten in stappen van 30 seconden instellen. Kieshiervoor de tussenliggende waarden met. Om een tijd in seconden te kiezen, bijv. 1h 30min,de getallenreeks 1 - 3 - 0 in het instelgebied kie-zen. Wanneer u een tijd van meer dan 60 minutenkiest, dan wordt de tijd automatisch in uren weer-gegeven. 4. Raak aan om te bevestigen. De bereidingstijd begint af te lopen. 1 minuut voorhet verstrijken van de geselecteerde tijd klinkt eensignaal.

U kunt de toestand van het levensmiddelcontroleren en indien nodig de bereidingstijd verlen-gen. Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt dekookzone uit en er klinkt een signaal.

OpmerkingenWanneer in een kookzone, waarin PerfectFry Sensoris geactiveerd, een bereidingstijd is geprogrammeerd,begint de geprogrammeerde bereidingstijd af te tel-len, zodra het gekozen temperatuurniveau is bereikt. Druk, om de aanwijzing tussen de functietemperatuurPerfectFry Sensor en de geprogrammeerde berei-dingstijd te wisselen, op de gekozen temperatuur. Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen1. Kies de kookzone en raak vervolgens het symboolaan. 2. Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-tijd, of zet deze op. 13. 2 TimerMaakt de activering van een timer mogelijk. Deze func-tie is onafhankelijk van de kookzones en andere instel-lingen. Deze schakelt de kookzones niet automatischuit. Timer inschakelenVereiste: de functie toewijzen. 1. Druk op. 2. Kies de gewenste tijd. De tijd begint af te lopen.

Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal en knip-peren de displays. Timer wijzigen of uitschakelen1. Druk op. 2. Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-tijd, of zet deze op. PowerBoost14 PowerBoostMet de Powerboost-functie verhit u grote hoeveelhedenwater sneller dan met. Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in ge-bruik is. Anders knipperen en in het display van de12.

PanBoost nlgekozen kookzone. Dan wordt automatisch ingesteldzonder de functie te activeren. 14. 1 PowerBoost inschakelen1. Kies de kookzone. 2. Raak aanDe indicatie licht op. De functie is geactiveerd. 14. 2 PowerBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Raak aan. De indicatie verdwijnt en de kookzone schakelt te-rug naar de vermogensstand. De functie is uitgeschakeld. Opmerking: Om de elektronica-elementen binnenin dekookplaat te beschermen, schakelt deze functie onderbepaalde omstandigheden automatisch uit. PanBoost15 PanBoostMet deze functie verhit u pannen sneller dan met. DePowerBoost functie niet met braadpannen gebruiken, decoating kan daarbij beschadigd raken. U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknopactiveren. Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone aan dezelfde kant niet in ge-bruik is.

Anders knipperen in de indicatie van de geko-zen kookzone en. Vervolgens wordt automatischingesteld. 15. 1 GebruiksadviezenLeg geen deksel op de pan. Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten. Alleen koude pannen gebruiken. Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geenpannen met dunne bodem gebruiken. 15. 2 Schakel PanBoost inVereiste: de functie toewijzen. "Favorietenknop", Pagina111. Kies de kookzone. 2. Raak aan. brandt. De functie is geactiveerd. 15. 3 PanBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Vermogensstand kiezen. dooftDe functie is uitgeschakeld. Opmerking: Om hoge temperaturen te vermijden scha-kelt deze functie na 30 seconden automatisch uit. Warmhoudfunctie16 WarmhoudfunctieDeze functie kunt u gebruiken om chocolade of boter tesmelten en gerechten warm te houden. U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknopactiveren. 16.

De functie is uitgeschakeld. PerfectFry Sensor17 PerfectFry SensorMet deze functie kunt u smelten, sauzen bereiden, sau-teren, frituren of braden, waarbij de temperatuur ondercontrole wordt gehouden. In de plaats van tijdens het koken telkens weer de ver-mogensstand aan te passen, eenmaal de gewenstetemperatuur kiezen. De sensoren onder de keramischeglasplaat meten dan de temperatuur van het kookgereien houden deze tijdens het volledige kookproces con-stant. Deze functie is beschikbaar op de kookzones die met zijn gemarkeerd. 13.

nl KinderslotFuncties TemperatuurSmelten 70-80ºCSauzen bereiden 110 - 120ºCBraden 140ºCBraden 160ºCBraden 180-200ºCBraden 220ºC17. 1 Aanbevolen kookgereiVoor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld,dat optimale resultaten levert. Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de servi-cedienst, de vakhandel of onze onlineshop www. bosch-home. com. Opmerking: U kunt ook ander kookgerei gebruiken. Af-hankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de be-reikte temperatuur echter van de gekozen temperatuur-stand afwijken. 17. 2 PerfectFry Sensor inschakelen1. Plaats het lege kookgerei op een kookzone. 2. Kies de kookzone. 3. Druk op. , en de vooringestelde temperatuur gaan brandenop het display van de geselecteerde kookzone. 4. De temperatuur kiezen, door met de vinger over hetinstelbereik te vegen. knippert, tot de ingestelde temperatuur is bereikt.

De gekozen temperatuur en de ontwikkeling van dein de pannen bereikte temperatuur knipperen afwisse-lend, tot de gekozen temperatuur is bereikt. De op de displays weergegeven temperatuur is eenbenaderingswaarde en kan afwijken van de daadwer-kelijke temperatuur in de braadpan. Wanneer de temperatuur is bereikt, dan klinkt eensignaal en alsmede het temperatuursymbool hou-den op te knipperen. 5. Het braadvet en dan het product in de braadpandoen. Opmerking: Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt omte koken, dan de olie toevoegen en een paar secondenwachten voordat u het te bereiden product toevoegt. 17. 3 Schakel PerfectFry Sensor uitKies de kookzone en tik op. 17. 4 Adviezen voor het koken met PerfectFrySensorIn de bijgevoegde documentatie vindt u een tabel metadviezen voor het koken met PerfectFry Sensor. Kinderslot18 KinderslotDe kookplaat is voorzien van een kinderslot.

De kookplaat is geblokkeerd. 18. 2 Kinderslot deactiveren1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen. 2. Raak gedurende 4 seconden aan. De blokkering is opgeheven. 18. 3 Automatisch kinderslotU kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na hetuitschakelen van de kookplaat activeren. Hoe u de functie activeert en deactiveert kunt u lezen inhet hoofdstuk basisinstellingen Pagina15. Pauze19 PauzeMet de functie kunt u actieve bereidingsprocessen tot10 minuten onderbreken en hervatten zonder de geko-zen instellingen te wijzigen. De functie kunt u bijvoorbeeld voor het reinigen van hetbedieningspaneel inschakelen. 19. 1 Pauze-functie activerenDruk op. In de kookzone-indicaties brandt. Alle actieve bereidingsprocessen worden gestopt. Deinstellingen blijven bewaard. De functie is geactiveerd. 19. 2 Pauze-functie deactiverenRaak aan. De functie is uitgeschakeld.

Individuele veiligheidsuitschakeling nlIndividuele veiligheidsuitschakeling20 Individuele veiligheidsuitschakelingWanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en ugeen instelling wijzigt, dan activeert u de veiligheidsfunc-tie. De kookzone geeft weer en schakelt uit. De tijd is afhankelijk van het geselecteerde vermogens-niveau. Vermogensstand Tijd1,0 - 1,5 10 uurVermogensstand Tijd2,0 - 3,5 5 uur4,0 - 5,0 4 uur5,5 - 6,5 3 uur7,0 - 7,5 2 uur8,0 - 9,0 1uurDruk op een willekeurige button. Basisinstellingen21 BasisinstellingenU kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uwwensen instellen. 21. 1 Overzicht van de basisinstellingenIndicatie Instelling Waarde Kinderslot"Kinderslot", Pagina14 - Handmatig. 1 - Automatisch. - Functie uitgeschakeld.  Akoestische signalen - Het bevestigingssignaal, het foutsignaal en het signaalvoor verkeerd gebruik zijn gedeactiveerd.

- Het foutsignaal is geactiveerd. - Het bevestigingssignaal en het signaal voor verkeerdgebruik zijn geactiveerd. - Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld 1.  Geluidsvolume van de akoestische signalen - Stil. - Gemiddeld. 1 – Luid.  op het bedieningspaneel één van de tijd-programmeerfuncties toekennen. "Tijdfuncties", Pagina12 - Uitschakeltimer. 1 - Timer.  VermogensbegrenzingDaarmee kunt u indien nodig het totale ver-mogen van de kookplaat vanwege de specifi-caties van uw elektrische installatie begren-zen. Houd de bepalingen van uw lokale elek-triciteitsbedrijf aan. De beschikbare instellin-gen zijn afhankelijk van het maximale vermo-gen van de kookplaat. Overige informatievindt u op het typeplaatje.

Wanneer de func-tie is ingeschakeld en de kookplaat de inge-stelde vermogensgrens bereikt, dan knippertde gewenste en toegestane vermogensstanden kunt u geen hogere vermogensstand kie-zen. Het vermogen wordt met elke stap met 500 W verhoogd. – Uitgeschakeld. Maximale vermogen van de kookplaat1. - 1000 W. Laagste vermogen. - 1500 W. - 3000 W.

nl Kookgerei-testIndicatie Instelling Waarde Kookgerei-testMet deze functie kunt u de kwaliteit van hetkookgerei testen. "Kookgerei-test", Pagina16 - Ongeschikt. - Niet optimaal. - Geschikt.  Luchtcirculatie of luchtafvoer instellen. - Luchtcirculatie configureren. 1 - Luchtafvoer configureren.  Automatisch starten van de ventilatie instel-len. De ventilatie start met de vooringestelde ver-mogensstand. - Uitgeschakeld. - Ingeschakeld. 1 Naventilatie voor ventilatie instellen. Wanneer uw kookplaat werkt met afvoerlucht-functie, dan schakelt de ventilatie gedurendeca. 6 minuten met de vermogensstand in. Wanneer uw kookplaat met de circulatielucht-functie werkt, dan schakelt de ventilatie gedu-rende ca. 30 minuten met de vermogens-stand in. - Uitgeschakeld. - Ingeschakeld. 1: Terugzetten naar de fabrieksinstellingen - Individuele instellingen 1. - Fabrieksinstellingen. 21.

2 Naar de basisinstellingenVereiste: De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. 1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen. 2. Binnen de volgende 10 seconden gedurende 4 se-conden aanraken. Productinformatie IndicatieKlantenserviceoverzicht FabricagenummerFabricagenummer 1Fabricagenummer 2De eerste vier indicaties geven productinformatieweer. Raak aan om de afzonderlijke indicaties weerte geven. 3. Raak aan om naar de basisinstellingen te gaan.  en lichten op als voorinstelling. 4. Raak net zo lang herhaald aan totdat de gewensteinstelling verschijnt. 5. De gewenste instelling in het instelbereik kiezen. 6. Raak gedurende 4 seconden aan. De instellingen worden opgeslagen. 21. 3 Wijzigen van de basisinstellingenannulerenRaak aan. Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgesla-gen.

Kookgerei-test22 Kookgerei-testDe kwaliteit van het kookgerei heeft een grote invloedop de snelheid en het resultaat van het kookproces. Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgereitesten.

Ga vóór de test na of de diameter van de bodem vande pan met de diameter van de gebruikte kookzoneovereenstemt. De toegang vindt plaats via de basisinstellingen. Pagina1522. 1 Kookgerei-test uitvoeren1. Plaats het kookgerei bij kamertemperatuur met ca. 200ml water midden op die kookzone, waarvan dediameter het best overeenkomt met de diameter vande bodem van het kookgerei. 2. Roep de basisinstellingen op en kies  . 3. Het instelgebied aanraken. In de kookzones knippert. De functie is ingeschakeld. Na 10 seconden verschijnt het resultaat op het kook-zonedisplay. 22. 2 Resultaat controlerenIn de volgende tabel wordt weergegeven wat het resul-taat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces bete-kent. ResultaatHet kookgerei is voor de kookzone niet geschikt enwordt daarom niet opgewarmd. Het kookgerei warmt langzamer op dan verwacht enhet kookproces verloopt niet optimaal.

HomeConnect nlResultaatHet kookgerei wordt goed warm en het kookprocesis in orde. Raak om de functie opnieuw te activeren het instelbe-reik aan. HomeConnect 23 HomeConnectDit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw ap-paraat met een mobiel eindapparaat om functies te kun-nen bedienen via de HomeConnect app, basisinstellin-gen aan te passen of de actuele gebruikstoestand tebewaken. De HomeConnect diensten zijn niet in elk land beschik-baar. De beschikbaarheid van de functie HomeConnectis afhankelijk van de beschikbaarheid van de Ho-meConnect diensten in uw land. Informatie hierovervindt u op: www. home-connect. com. De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmel-dingsproces. Volg de aanwijzingen in de HomeConnectapp om de instellingen aan te brengen. Tip: Neem ook de aanwijzingen in deHomeCon-nectapp in acht.

OpmerkingenHoud u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiks-aanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nage-leefd wanneer u het apparaat via de HomeConnectapp bedient. "Veiligheid", Pagina2De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Ho-meConnectapp niet mogelijk. In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het ap-paraat max. 2W nodig. 23. 1 HomeConnect instellenVereistenHet apparaat is verbonden met het stroomnet en in-geschakeld. U beschikt over een mobiel eindapparaat met een ac-tuele versie van het iOS- of Android-besturingssys-teem, bijvoorbeeld een smartphone. Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ont-vangst van het thuisnetwerk (wifi). Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevindenzich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uwthuisnetwerk. 1. Scan de volgende QR-code.

2 WiFi-symbool De WiFi-indicatie op het bedieningspaneel wijzigt afhan-kelijk van de status en de kwaliteit van de verbinding ende beschikbaarheid van de HomeConnect server. Status BeschrijvingBrandt statisch met halvehelderheid. Geen netwerkverbindingopgeslagen. Knippert met volledige hel-derheid. Netwerkverbinding wordttot stand gebracht. Brandt statisch met volledi-ge helderheid. Netwerkverbinding opgesla-gen en WiFi actief. Knippert. De netwerkinstellingen wor-den gereset. Uitgeschakeld. Netwerk niet actief. 23. 3 Wifi-thuisnetwerk toevoegen ofverwijderenIn het volgende overzicht ziet u hoe u een wifi-thuisnet-werk kunt toevoegen of verwijderen. Wifi-thuisnetwerkstatus HandelingGeen wifi-thuisnetwerk op-geslagen. Om het wifi-thuisnetwerktoe te voegen, kort op drukken. Het wifi-thuisnetwerk is op-geslagen. Om een ander apparaat tekoppelen, lang op druk-ken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Bosch PVQ795HGA6 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden