BMW C 400 X (2025) Handleiding
Pagina's 242 Motor
Bekijk de handleiding van BMW C 400 X (2025) gratis online of download de PDF. Deze handleiding is 33 keer bekeken. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | BMW |
| Categorie: | Motor |
| Model: | C 400 X (2025) |
Handleiding BMW C 400 X (2025) – volledige tekst
4 ALGEMENE AANWIJZINGENOVERZICHTIn hoofdstuk 2 van deze hand-leiding vindt u een eerste over-zicht van uw Scooter. In hoofd-stuk 14 worden alle uitge-voerde onderhouds- en repa-ratiewerkzaamheden gedocu-menteerd. Voor coulancere-gelingen is het absoluut nood-zakelijk dat kan worden aan-getoond dat de vereiste on-derhoudswerkzaamheden zijnuitgevoerd.Als u uw Scooter op een dagwilt verkopen, denk er dan aanom ook de handleiding meete geven aan de nieuwe eige-naar; deze vormt namelijk eenbelangrijk onderdeel van uwvoertuig.AFKORTINGEN EN SYMBO-LENVOORZICHTIG Gevaarmet laag risico. Niet ver-mijden kan leiden tot gering ofmatig letsel.WAARSCHUWING Ge-vaar met gemiddeld risico.Niet vermijden kan leiden totde dood of ernstig letsel.GEVAAR Gevaar methoog risico. Niet vermij-den leidt tot de dood of ernstigletsel.LET OP Bijzondereaanwijzingen en vei-ligheidsmaatregelen.
Nietopvolgen kan de motorfiets ofaccessoires beschadigen endaarmee tot uitsluiting van degarantie leiden.Speciale aanwijzingenvoor een betere hante-ring bij bedienings-, controle-en afstelprocedures alsmedeverzorgingswerkzaamheden.Werkinstructie.Resultaat van een re-paratieactiviteit.Verwijst naar een pa-gina met extra infor-matie.Geeft het einde vanaccessoire- of uitrus-tingsafhankelijke infor-matie aan.Aanhaalmoment.Technische gegevens.LU Landuitvoering.
Wijvragen uw begrip voor het feitdat er ook uitrustingsvariantenworden beschreven die u mo-gelijk niet hebt geselecteerd.Tevens zijn landspecifieke af-wijkingen van de afgebeeldeScooter mogelijk.Mocht uw Scooter uitrustin-gen bevatten die niet in dezehandleiding zijn beschreven,dan worden deze in een afzon-derlijke handleiding beschreven.TECHNISCHE GEGEVENSAlle gegevens t.a.v. maten, ge-wichten en prestaties in dehandleiding hebben betrekkingop het Deutsches Institut fürNormung e. V. (DIN) en zijn in-clusief de hierdoor gehanteerdetoleranties.Technische gegevens en spe-cificatie in deze handleidingdienen ter indicatie. De voer-tuigspecifieke gegevens kun-nen daarvan afwijken, bijv. opgrond van geselecteerde speci-ale opties, de landuitvoeringenof landspecifieke meetproce-dures.
Gedetailleerde waardenkunnen worden ontleend aande kentekenbewijsdocumen-ten of bij uw BMW MotorradPartner of een andere gekwa-lificeerde servicepartner ofvakwerkplaats worden op-
6 ALGEMENE AANWIJZINGENgevraagd. De specificaties inde voertuigpapieren hebbensteeds prioriteit boven de spe-cificaties in deze handleiding.ACTUALITEITHet hoge veiligheids- en kwa-liteitsniveau van BMW Scoo-tern wordt door een continuedoorontwikkeling van de con-structie, uitvoering en acces-soires gegarandeerd. Hierdoorkunnen eventuele afwijkingentussen deze handleiding en deScooter ontstaan. Ook vergis-singen kan BMW Motorrad niethelemaal uitsluiten.
Daaromverzoeken wij u er begrip voorte hebben dat eventuele aan-spraken op grond van de indeze handleiding voorkomendegegevens, afbeeldingen en be-schrijvingen niet kunnen wor-den aanvaard.MEERINFORMATIEBRONNENBMW Motorrad PartnerBij eventuele vragen is uwBMW Motorrad Partner u graagvan dienst.InternetU vindt de handleiding vooruw voertuig, bedienings-en inbouwhandleidingenvoor mogelijke accessoiresen algemene informatieover BMW Motorrad bijv.over de techniek, opbmw-motorrad.com/manuals.CERTIFICATEN EN TYPE-GOEDKEURINGENDe certificaten voor het voer-tuig en de officiële typegoed-keuring voor mogelijke acces-soires zijn te vinden opbmw-motorrad.com/certifica-tion.GEGEVENSGEHEUGENAlgemeenIn het voertuig zijn regeleenhe-den gemonteerd. Regeleenhe-den verwerken gegevens dieze bijv. ontvangen van voer-tuigsensoren, zelf genererenof onderling uitwisselen.
7krijgbaar bij de fabrikant vanhet voertuig, bijv. via een af-zonderlijke brochure.PersoonsgebondenheidElk voertuig is voorzien vaneen eenduidig voertuigidenti-ficatienummer. Landspecifiekkan met behulp van het voer-tuigidentificatienummer, hetkenteken en de verantwoorde-lijke autoriteiten de houder vanhet voertuig worden bepaald.Bovendien zijn er andere mo-gelijkheden om uit de in hetvoertuig vergaarde gegevensde berijder of voertuigbezitteraf te leiden, bijv.
Voor het verkrij-gen van deze informatie moeteen bewijs van houderschap ofgebruik worden overlegd.Het recht op informatie om-vat tevens informatie met be-trekking tot gegevens die aanandere ondernemingen of in-stanties zijn doorgegeven.Op de webpagina van de fa-brikant van het voertuig vindtu de telkens toepasselijke pri-vacyverklaringen. Deze priva-cyverklaringen bevatten infor-matie over het recht op wissenof corrigeren van gegevens.De fabrikant van het voertuigvermeldt op internet ook zijncontactgegevens en die van detoezichthouder voor gegevens-bescherming.
8 ALGEMENE AANWIJZINGENDe voertuigbezitter kan bij eenBMW Motorrad Partner, eenandere gekwalificeerde serv-icepartner of een vakwerk-plaats eventueel tegen betalingde in het voertuig opgeslagengegevens laten uitlezen.Voor het uitlezen wordt dewettelijk voorgeschreven 12V-stekker voor diagnosecontact-doos (OBD) in het voertuig ge-bruikt.Wettelijke vereisten inzakede openbaarmaking vangegevensDe fabrikant van het voertuig isin het kader van het geldenderecht verplicht om bij hem op-geslagen gegevens aan de au-toriteiten beschikbaar te stel-len. Dit beschikbaar stellen vangegevens in de vereiste mategebeurt in specifieke gevallen,bijv.
voor het ophelderen vaneen misdrijf.Overheidsinstanties zijn in hetkader van het geldende rechtbevoegd om in specifieke ge-vallen zelf gegevens uit hetvoertuig uit te lezen.Bedrijfsgegevens in hetvoertuigVoor het bedrijf van het voer-tuig verwerken regeleenhedengegevens.Hiertoe behoren bijv.:Statusmeldingen van het voer-tuig en de afzonderlijke com-ponenten ervan, bijv. wieltoe-rental, wielomtreksnelheid,bewegingsvertragingOmgevingsomstandigheden,bijv. temperatuurDe verwerkte gegevens wordenalleen in het voertuig zelf ver-werkt en zijn doorgaans vluch-tig. De gegevens worden nietlanger dan de bedrijfstijd opge-slagen.Elektronische componenten,bijv. regeleenheden, bevattencomponenten voor het op-slaan van technische informa-tie.
Deze kunnen informatieover voertuigtoestand, com-ponentbelasting, voorvallen ofstoringen tijdelijk of permanentopslaan.Deze informatie documenteertin het algemeen de toestandvan een component, een mo-dule, een systeem of de omge-ving, bijv.:
9bedrijfstoestanden van sys-teemcomponenten, bijv. vul-peilen, bandenspanningswaar-denstoringen en functiestoringenin belangrijke systeemcompo-nenten, bijv. licht en remmenreacties van het voertuig inspeciale rijsituatie, bijv. active-ren van de rijdynamieksyste-meninformatie over voorvallen metschade aan het voertuigDe gegevens zijn noodzakelijkvoor het uitvoeren van de re-geleenheidfuncties. Bovendiendienen deze voor het herken-nen en het verhelpen van sto-ringen en het optimaliseren vanvoertuigfuncties door de fabri-kant van het voertuig.Deze gegevens zijn grotendeelsvluchtig en worden in het voer-tuig zelf verwerkt. Slechts eenklein deel van de gegevenswordt afhankelijk van de aan-leiding opgeslagen in voorval-of storingsgeheugens.Bij een beroep op onderhouds-activiteiten, bijv.
reparaties, on-derhoudsprocessen, garantie-claims en kwaliteitsborgings-maatregelen, kan deze techni-sche informatie samen met hetvoertuigidentificatienummer uithet voertuig worden uitgelezen.Het uitlezen van de informatiekan door een BMW MotorradPartner of een vakwerkplaatsgebeuren. Voor het uitlezenwordt de wettelijk voorge-schreven 12V-stekker voor On-Board-Diagnose (OBD) in hetvoertuig gebruikt.De gegevens worden door debetreffende functionarissenvan het dealernetwerk ver-gaard, verwerkt en gebruikt.De gegevens documenterentechnische toestanden van hetvoertuig, helpen bij het storing-zoeken, het nakomen van ga-rantieverplichtingen en bij dekwaliteitsverbetering.Daarenboven heeft de fabri-kant productobservatieplichtenkrachtens het productaanspra-kelijkheidsrecht. Voor het na-komen van deze plichten heeftde fabrikant van het voertuigtechnische gegevens uit hetvoertuig nodig.
De gegevensuit het voertuig kunnen ookworden gebruikt om garantie-claims van de klant te controle-ren.Storings- en eventdatarecor-ders in het voertuig kunnen inhet kader van reparatie- of ser-vicewerkzaamheden bij eenBMW Motorrad Partner of een
10 ALGEMENE AANWIJZINGENvakwerkplaats worden terugge-zet.Gegevensinvoer engegevensoverdracht in hetvoertuigAlgemeenAfhankelijk van de uitvoeringkunnen comfortinstellingen enpersoonlijke instellingen in hetvoertuig worden opgeslagen ente allen tijde worden gewijzigdof gereset.Gegevens kunnen evt. in hetentertainment- en communi-catiesysteem van het voertuigworden ingevoerd, bijv. via eensmartphone.Daartoe behoren afhankelijkvan de betreffende uitvoering:Multimediagegevens, zoalsmuziek voor afspelenAdresboekgegevens voor ge-bruik in combinatie met eencommunicatiesysteem of eengeïntegreerd navigatiesys-teemIngevoerde navigatiebestem-mingenGegevens m.b.t. het gebruikvan internetservices. Dezegegevens kunnen lokaal inhet voertuig worden opgesla-gen, of ze staan op een ap-paraat dat met het voertuig isverbonden, bijv. smartphone,USB-stick, MP3-speler.
Alsdeze gegevens in het voertuigworden opgeslagen, kunnendeze te allen tijde worden ge-wist.Deze gegevens worden uitslui-tend op persoonlijke wens inhet kader van het gebruik vanonlinediensten doorgegevenaan derden. Dit is afhankelijkvan de geselecteerde instel-lingen bij het gebruik van dediensten.Integratie van mobieleeindapparatenAfhankelijk van de uitvoeringkunnen met het voertuig ver-bonden mobiele eindappara-ten, bijv. smartphones, via debedieningselementen van hetvoertuig worden aangestuurd.Daarbij kunnen beeld en ge-luid van het mobiele eindappa-raat via het multimediasysteemworden uitgevoerd. Tegelijker-tijd wordt er bepaalde infor-matie aan het mobiele eindap-paraat overgedragen. Afhan-kelijk van het soort integratiebehoren daartoe bijv. positie-gegevens en andere algemenevoertuiginformatie.
11Het soort verdere gegevensver-werking wordt bepaald door deprovider van de desbetreffendegebruikte app. De omvang vande mogelijke instellingen hangtaf van de betreffende app enhet besturingssysteem van hetmobiele eindapparaat.DienstenAlgemeenAls het voertuig een draadlozeverbinding heeft, maakt dezehet uitwisselen van gegevenstussen het voertuig en anderesystemen mogelijk. De draad-loze verbinding wordt mogelijkgemaakt door een zend- enontvangstmodule in het voer-tuig zelf of via persoonlijk in-gebrachte mobiele eindappa-raten, bijv. smartphones. Viadeze draadloze verbinding kun-nen zogenaamde onlinefunctiesworden gebruikt. Dit zijn ondermeer onlinediensten en appsvan de fabrikant van het voer-tuig of van andere providers.Diensten van devoertuigfabrikantBij online-diensten van de fa-brikant van het voertuig wor-den de betreffende functiesbeschreven in de betreffendebron, bijv.
handleiding, webpa-gina van de fabrikant. Deze be-vat ook de relevante informatieover rechten m.b.t. gegevens-beveiliging. Voor het verlenenvan onlinediensten kunne per-soonsgebonden gegevens wor-den gebruikt. Gegevens wor-den uitgewisseld via een veiligeverbinding, bijv. met de daar-voor bedoelde IT-systemen vande fabrikant van het voertuig.Het vergaren, verwerken en ge-bruiken van persoonsgebon-den gegevens tot verder danhet verlenen van diensten ge-beurt uitsluitend op basis vaneen wettelijk toestemming,een contractuele afspraak of opgrond van een inwilliging. Hetis ook mogelijk om de gehelegegevensverbinding te latenactiveren of deactiveren.
Dewettelijk voorgeschreven func-ties zijn hiervan uitgesloten.Diensten van andere providersBij het gebruik van onlinedien-sten van andere providers val-len deze diensten onder de ver-antwoordelijkheid en de gege-vensbeveiligings- en gebruiks-voorwaarden van de betref-fende provider. De fabrikantvan het voertuig heeft geeninvloed op de daarbij uitge-wisselde content. Informatieover het soort, de omvang en
29ActieradiusDe actieradius 1 geeft aanwelke afstand nog met de res-terende brandstof kan wor-den afgelegd. De berekeninggeschiedt aan de hand vanhet gemiddeld verbruik en debrandstofhoeveelheid.Als het voertuig op de zijstan-daard staat, kan de brandstof-hoeveelheid in verband metde schuine stand niet cor-rect worden bepaald. Daaromwordt de actieradius alleenopnieuw berekend als de zij-standaard is ingeklapt.De actieradius wordt samenmet een waarschuwing weer-gegeven zodra de brandstof-reserve wordt aangesproken.Na het tanken wordt de ac-tieradius opnieuw berekendals de brandstofhoeveelheidgroter is dan de brandstofre-serve.De berekende actieradiusbetreft slechts een globalewaarde.
31Boordcomputer entripboordcomputerDe schermmenu's BOORDCOM-PUTER en REISBOORDCOMP.geven voertuig- en ritgegevenszoals bijv. gemiddelde waardenweer.Bandenspanningmet bandenspanningscontrole(RDC)OAVoor de weergave van de ban-denspanningen is er naast hetmenuvenster MIJN VOERTUIGen de Check-Control-meldin-gen ook het beeldvenster BAN-DENSPANNING:De waarden links hebben be-trekking op het voorwiel, dewaarden rechts op het achter-wiel.Boven de werkelijke en voor-geschreven bandenspanningenwordt het drukverschil weerge-geven.Meteen na het inschakelen vanhet contact worden er alleenstreepjes weergegeven. Deoverdracht van de bandenspan-ningswaarden begint pas nadatde volgende minimumsnelheidvoor het eerst is overschreden:RDC-sensor is niet actiefmin. 30 km/h (Pas na over-schrijding van de minimum-snelheid verzendt de RDC-sensor zijn signaal aan demotorfiets.)
Het druk-verschil wordt gemarkeerd meteen uitroepteken in dezelfdekleur.Als de betreffende waardebinnen het grensgebiedvan de toelaatbare tolerantieligt, brandt bovendien het al-gemene waarschuwingslampjegeel.Als de gemeten banden-spanning buiten de toe-gestane tolerantie ligt, knipperthet algemene waarschuwings-lampje rood.Uitgebreide informatie over deBMW Motorrad RDC vindt uin het hoofdstuk "Techniek indetail" vanaf pagina ( 126).OnderhoudsbehoefteAls de resterende tijd tot aanhet volgende onderhoud min-der dan een maand is of als hetvolgende onderhoud binnen1000 km noodzakelijk is, danverschijnt er een witte Check-Control-melding.
33CONTROLELAMPJESWeergaveWaarschuwingen worden doorhet betreffende waarschu-wingslampje weergegeven.Waarschuwingen worden doormiddel van het algemene waar-schuwingslampje in combina-tie met een dialoogveld in hetinstrumentenpaneel weergege-ven. Afhankelijk van de ernstvan de waarschuwing gaathet algemene waarschuwings-lampje rood of geel branden.Het algemene waarschu-wingslampje wordt samenmet de waarschuwing met dehoogste prioriteit weergegeven.Een overzicht van de mogelijkewaarschuwingen vindt u op devolgende pagina's.Check-Control-displayDe meldingen op het displayzien er verschillend uit.
34 AANDUIDINGENWeergave van waardenDe symbolen 4 zien er ver-schillend uit. Afhankelijk vande beoordeling worden er ver-schillende kleuren gebruikt. Inplaats van numerieke waar-den 7 met eenheden 8 wordener ook teksten 6 weergegeven:Kleur van het symboolGroen: (OK) Huidige waardeis optimaal.Blauw: (Cold!) Huidige tem-peratuur is te laag.Geel: (Low!/High!) Huidigewaarde is te laag of te hoog.Rood: (Hot!/High!) Huidigetemperatuur of waarde is tehoog.Wit: (---) Er is geen geldigewaarde aanwezig. In plaatsvan de waarde worden erstreepjes 5 weergegeven.De beoordeling van deafzonderlijke waarden isdeels pas vanaf een bepaalderitduur of snelheid mogelijk.Als een meetwaarde nog nietweergegeven kan worden, om-dat niet aan de voorwaardenvoor de meting is voldaan, wor-den in plaats daarvan streepjesweergegeven.
Zolang er geengeldige meetwaarde beschik-baar is, volgt er ook geen be-oordeling in de vorm van eengekleurd symbool.Check-Control-dialoogvensterMeldingen worden als Check-Control-dialoogvenster 1 weer-gegeven.Als het symbool 2 actiefwordt weergegeven, kan demelding worden bevestigddoor de Multi-Controller naarlinks te drukken.Check-Control-meldingenworden dynamisch als extratabblad aan de pagina's inhet menu Mijn Motor toe-gevoegd. Zo lang de storingbestaat, kan de melding op-nieuw worden opgeroepen.
40 AANDUIDINGENBuitentemperatuurDe buitentemperatuur wordt inde statusregel van het instru-mentenpaneel weergegeven.Als het voertuig stilstaat kande warmte van de motor demeting van de omgevingstem-peratuur beïnvloeden.
Als deinvloed van de motorwarmte tegroot wordt, verschijnen er tij-delijk streepjes in plaats van dewaarde.Als de buitentemperatuurtot onder de grenswaardevan circa 3 °C zakt, is er gevaarvoor ijzelvorming.Als deze temperatuur voor deeerste keer wordt onderschre-den, knippert het ijskristalsym-bool in de statusregel van hetinstrumentenpaneel.Waarschuwingbuitentemperatuurwordt weergegeven.Mogelijke oorzaak:De bij de motorfiets ge-meten buitentempera-tuur is lager dan:circa 3 °CWAARSCHUWINGGevaar van gladheid ook viacirca 3 °CGevaar voor een ongevalBij lage buitentemperaturenmoet op bruggen en scha-duwrijke wegen rekeningworden gehouden met glad-heid.Vooruitziend rijden.Radiografische sleutel buitenhet ontvangstbereikmet Keyless RideSUbrandt geel.Radiog. sleutel nietin bereik.
41met Keyless RideSUBatterij van radiografischesleutel is leeg of verlies vanradiografische sleutel. ( 80)Blijf rustig als tijdens de rithet Check-Control-dialoog-venster verschijnt. U kuntdoorrijden, de motor wordtniet uitgeschakeld.Een defecte radiogra-fische sleutel door eenBMW Motorrad Partner latenvervangen.Keyless Ride uitgevallenmet Keyless RideSUbrandt geel.Keyless Ride uit-gevallen! Motorniet afzetten. Evt.geen nieuwe motorstartmogelijk.Mogelijke oorzaak:De Keyless Ride-regeleenheidheeft een communicatiestoringgeregistreerd.De motor niet afzetten. Zosnel mogelijk een vakwerk-plaats opzoeken, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Starten van de motor metKeyless Ride is niet meer mo-gelijk.DWA niet meer activeerbaar.Batterij van de radiografischesleutel vervangenmet Keyless RideSUbrandt geel.Batt. radiogr. sl.bij 50%. Geen func-tiebeperking.Batt. radiogr. sl.bijna leeg.
42 AANDUIDINGENMogelijke oorzaak:Verbruikers met hoog stroom-verbruik, bijv. verwarmingsves-ten in gebruik, te veel verbrui-kers tegelijkertijd in gebruik, ofaccu defect.Niet benodigde verbruikersuitschakelen of losnemen vanboordnet.Wanneer de storing nogsteeds aanwezig is, ofoptreedt zonder dat ver-bruikers zijn aangesloten,de storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Boordnetspanning kritischbrandt rood.wordt rood weergegeven.Boordnetspanningkritiek! Verbrui-kers zijn uitgeschakeld.Accutoestand controle-ren.WAARSCHUWINGUitval van de voertuigsyste-menGevaar voor ongevallenNiet verder rijden.De accu wordt niet opgeladen.Bij doorrijden ontlaadt de voer-tuigelektronica de accu.Als de 12 V-accu verkeerdwordt ingebouwd of deklemmen worden omgewisseld(bijv.
43De accu wordt niet opgeladen.Bij doorrijden ontlaadt de voer-tuigelektronica de accu.Mogelijke oorzaak:Dynamo of aandrijving van dedynamo defect.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Lampstoringbrandt geel.De defecte lamp wordtweergegeven:Grootlicht defect!Richtingaanwijzerlinksvoor defect!of. Richtingaanwijzerrechtsvoor defect!Dimlicht defect!Stadslicht voor de-fect!Dagrijlicht defect!Achterlicht defect!Remlicht defect!met LED-verstralerOAVerstraler links de-fect! of. Verstralerrechts defect!Kentekenverlichtingdefect!Richtingaanwijzerlinksachter defect!of.
Richtingaanwijzerrechtsachter defect!Door specialist latencontroleren.WAARSCHUWINGDe motorfiets wordt niet ge-zien in het wegverkeer dooruitvallen van de verlichtingvan de motorfietsVeiligheidsrisicoDefecte lampen zo snel mo-gelijk vervangen; bij voor-keur altijd een set geschiktereservelampen meenemen.Mogelijke oorzaak:Meerdere lampen voor en ach-ter defect.Lees de eerder vermelde sto-ringsbeschrijvingen.
44 AANDUIDINGENDWA-accu zwakmet alarmsysteem (DWA)SUDWA-accucapaciteitzwak. Geen beperkin-gen. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-accu heeft niet meerzijn volledige capaciteit. Dewerking van de DWA is bij eenlosgekoppelde motorfietsaccunog slechts beperkt gewaar-borgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.DWA-accu leegmet alarmsysteem (DWA)SUDWA-accu ontladen.Autoalarm niet ac-tief. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-accu heeft geen capa-citeit meer.
De werking van deDWA is bij een losgekoppeldevoertuigaccu niet meer gewaar-borgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.DWA uitgevallenmet alarmsysteem (DWA)SUDWA uitgevallen.Door specialist la-ten controleren.Mogelijke oorzaak:De DWA-regeleenheid heefteen communicatiestoring gere-gistreerd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.De DWA kan niet meer wor-den geactiveerd of gedeacti-veerd.Vals alarm mogelijk.Elektronische oliepeilcontroleDe elektronische oliepeil-controle analyseert hetolieniveau in de motor met OKof Low!
45Voor de elektronische oliepeil-controle moet aan de volgendevoorwaarden zijn voldaan eneventueel zijn meerdere metin-gen nodig:De berijder zit op het voer-tuig en er is van tevoren tenminste min. 10 km/h met hetvoertuig gereden.Motor draait minstens 20 se-conden stationair.De motor is op bedrijfstempe-ratuur.Voertuig staat verticaal en opeen vlakke ondergrond.De zijstandaard is ingeklapten het voertuig staat niet opde middenbok.De veerpoot is correct aan deladingstoestand aangepast ofD-ESA staat in de beladings-modus Auto.Als de meting onvolledig is ofer niet aan de genoemde voor-waarden is voldaan, kan hetoliepeil niet worden gemeten.Er verschijnen streepjes (---)in plaats van de aanwijzing.Motoroliepeil te laagMotoroliepeil. Mo-toroliepeil nagaan.Mogelijke oorzaak:De elektronische oliepeilsensorheeft een te laag motoroliepeilgeconstateerd.
Bij de volgendetankstop het motoroliepeil metde oliepeilstaaf controleren:Motoroliepeil controleren( 132).Bij een te laag oliepeil:Motorolie bijvullen.Koelvloeistoftemperatuur tehoogbrandt rood.Koelvloeistoftemp.te hoog! Koelvloei-stofpeil contr. Voorafkoeling met deellastverder rijden.LET OPRijden met oververhitte mo-torMotorschadeBeslist de hieronder ver-melde punten in acht ne-men.Mogelijke oorzaak:Het koelvloeistofpeil is te laag.Koelvloeistofpeil controleren.( 138)Als het koelvloeistofpeil te laagis:
46 AANDUIDINGENKoelsysteem door een specia-list laten controleren, bij voor-keur door een BMW MotorradPartner.Mogelijke oorzaak:De koelmiddel- of motorolie-temperatuur is te hoog.Zo mogelijk de motor in deel-last laten draaien om hem afte koelen.Als de koelvloeistof- of motor-olietemperatuur vaker te hoogis, de storing zo snel moge-lijk laten verhelpen door eenspecialist, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Storing aandrijfsysteemwordt weergegeven ofknippert.Aandrijving! Doorspecialist latencontroleren.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen storing geregistreerd.Zodra het mogelijk is, sto-ring door een specialist latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Verder rijden mogelijk, de uit-stoot van schadelijke stoffenligt boven de voorgeschrevenwaarden.Ernstige storingaandrijfsysteemknippert rood.knippert.Ernstige storing inde motorregeling!Rustig verder rijdenmog.
Schade mogelijk.Door specialist latencontrol.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen storing vastgesteld die totde beschadiging van het uit-laatsysteem kan leiden.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Het is mogelijk verder te rij-den, maar dit is niet aan teraden.Motorregeling uitgevallenbrandt geel.Geen communicatiemet motorregeling.Meerdere syst. betrok-ken. Rij voorzichtignaar de dichtstbijz.specialist.
Anders draait demotor in de noodfunctie.Verder rijden mogelijk, hetmotorvermogen staat ech-ter niet zoals gewend ter be-schikking.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Ernstige storing in demotorregelingknippert geel.Ernstige storing inde motorregeling!Rustig verder rijdenmog. Schade mogelijk.Door specialist latencontrol.WAARSCHUWINGBeschadiging van de motorin de noodloopfunctieGevaar voor een ongevalRijd langzaam, vermijd ab-rupt accelereren en inhaal-manoeuvres.Laat het voertuig indien mo-gelijk ophalen en laat destoring repareren door eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.
Ban-denspanning controle-ren.Mogelijke oorzaak:De gemeten bandenspanningligt in het grensgebied van detoegestane tolerantie.Bandenspanning corrigeren.Vóór het aanpassen van debandenspanning de informatieover de temperatuurcompen-satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in hethoofdstuk Techniek in detailter harte nemen:Temperatuurcompensatie( 126)Aanpassing van de banden-spanning ( 127)De voorgeschreven banden-spanningswaarden zijn op devolgende plaatsen te vinden:Achterkant omslag van dehandleidingInstrumentenpaneel in hetaanzicht BANDENSPANNINGBandenspanningstabelBandenspanning buiten detoelaatbare tolerantiemet bandenspanningscontrole(RDC)OAknippert rood.wordt rood weergegeven.Bandenspanning nietop voorgeschr. Met-een stoppen! Banden-spanning controleren.Bandensp.controle.Drukverlies. Meteenstoppen! Bandenspanningcontroleren.
49WAARSCHUWINGBandenspanning buiten detoelaatbare tolerantie.Gevaar voor ongevallen, ver-slechtering van de rijeigen-schappen van het voertuig.Rijstijl aanpassen.Mogelijke oorzaak:De gemeten bandenspanningligt buiten de toegestane tole-rantie.Banden op beschadigingen enbruikbaarheid controleren.Is de band nog bruikbaar:Bij de volgende gelegenheidde bandenspanning corrige-ren.Vóór het aanpassen van debandenspanning de informatieover de temperatuurcompen-satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in hethoofdstuk Techniek in detailter harte nemen:Temperatuurcompensatie( 126)Aanpassing van de banden-spanning ( 127)De voorgeschreven banden-spanningswaarden zijn op devolgende plaatsen te vinden:Achterkant omslag van dehandleidingInstrumentenpaneel in hetaanzicht BANDENSPANNINGBandenspanningstabelDe band bij een vakwerk-plaats op beschadigingen la-ten controleren, bij voorkeurbij een BMW Motorrad Part-ner.Bij eventuele twijfel over debruikbaarheid van de band:Niet verder rijden.Pechdienst informeren.Overdrachtsstoringmet bandenspanningscontrole(RDC)OA"---"Mogelijke oorzaak:Het voertuig heeft de mini-mumsnelheid niet bereikt( 126).RDC-sensor is niet actiefmin.
30 km/h (Pas na over-schrijding van de minimum-snelheid verzendt de RDC-sensor zijn signaal aan demotorfiets.)RDC-weergave in het ooghouden bij hogere snelheid.Pas als daarnaast het alge-mene waarschuwingslampjegaat branden, gaat het om
50 AANDUIDINGENeen permanente storing. In ditgeval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Mogelijke oorzaak:De radioverbinding met deRDC-sensoren is verstoord.Mogelijke oorzaak is radiogra-fische apparatuur in de omge-ving die de verbinding tussende RDC-regeleenheid en desensoren stoort.RDC-weergave in een andereomgeving observeren. Pas alsdaarnaast het algemene waar-schuwingslampje gaat bran-den, gaat het om een perma-nente storing.
In dit geval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Sensor defect ofsysteemstoringmet bandenspanningscontrole(RDC)OAbrandt geel."---"Mogelijke oorzaak:Er zijn wielen zonder RDC-sen-soren gemonteerd.Wielen met RDC-sensorenachteraf aanbrengen.Mogelijke oorzaak:Een of twee RDC-sensoren zijnuitgevallen of er is een sys-teemstoring aanwezig.De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Batterij van debandenspanningssensor zwakmet bandenspanningscontrole(RDC)OAbrandt geel.Batterij RDC-sensoren bijna leeg.Functie beperkt. Dooreen specialist latencontroleren.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De batterij van de bandenspan-ningssensor heeft niet meerzijn volledige capaciteit. Dewerking van de bandenspan-
51ningscontrole is nog voor eenbeperkte tijd gewaarborgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Bandenspanningscontrole(RDC) uitgevallenmet bandenspanningscontrole(RDC)OAbrandt geel.Bandenspann.controleuitgevallen! Func-tie beperkt. Dooreen specialist latencontroleren.Mogelijke oorzaak:De RDC-regeleenheid heeft eencommunicatiestoring geregi-streerd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Bandenspanningswaarschu-wingen niet beschikbaar.Zijstandaardbewaking defectBewaking zijstan-daard defect. Ver-der rijden mogelijk. Instand motorstop! Doorspecialist laten contro-leren.Mogelijke oorzaak:De zijstandaardschakelaar ofde bedrading daarvan is be-schadigd. De motor wordt uit-geschakeld als langzamer dan5 km/h wordt gereden.
In datgeval is rijden niet meer moge-lijk.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.ABS-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert.Mogelijke oorzaak:De zelfdiagnose is niet beëin-digd, de ABS-functie is nietbeschikbaar. Om de ABS-zelf-diagnose te kunnen afsluiten,moet de Scooter ten minste5 km/h rijden.Langzaam wegrijden. Er reke-ning mee houden dat tot hetafsluiten van de zelfdiagnosede ABS-functie niet beschik-baar is.ABS-storingbrandt geel.brandt.
De ABS-functie is niet beschikbaar.Verder rijden mogelijk.Nadere informatie overbijzondere situaties die toteen ABS-storingsmeldingkunnen leiden in acht nemen( 121).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.ABS Pro uitgevallenbrandt geel.brandt.ABS Pro uitgevallen!Rustig verder rij-den mog. Rij voorzich-tig naar de dichtstbijz.specialist.Mogelijke oorzaak:De bewaking van de ABS Pro-functie heeft een storing op-gemerkt. De ABS Pro-functieis niet beschikbaar. De ABS-functie blijft beschikbaar. ABSondersteunt alleen bij het rem-men bij rechtuitrijden.Verder rijden mogelijk.Nadere informatie overbijzondere situaties die een
53ABS Pro-storingsmeldingkunnen veroorzaken in achtnemen ( 121).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.DTC-ingreepknippert snel.Mogelijke oorzaak:De DTC heeft een instabiliteitvan het achterwiel herkend envermindert het koppel.Het controle- en waarschu-wingslampje knippert langerdan dat de DTC-ingreep duurt.Daarmee heeft de berijder ookna de kritieke rijsituatie nogeen optische bevestiging vande uitgevoerde regeling.Verder rijden mogelijk. Voor-uitziend rijden.DTC-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert langzaam.Mogelijke oorzaak:DTC-zelfdiagnose nietvoltooidDe DTC-functie is niet be-schikbaar, omdat de zelf-diagnose niet is afgesloten.(Voor de controle van dewieltoerentalsensoren moetde motorfiets een minimum-snelheid met draaiende mo-tor bereiken: min. 5 km/h)Langzaam wegrijden.
54 AANDUIDINGENLET OPBeschadiging van onderde-lenBeschadiging van bijv. senso-ren met daaruit resulterendestoringenGeen voorwerpen onder hetbestuurderszadel of de duo-buddyseat meenemen.Boordgereedschap vastzet-ten.Giermomentsensor niet be-schadigen.Er rekening mee houden datde DTC-functie en andere rij-dynamieksystemen niet be-schikbaar zijn.Verder rijden mogelijk. Uitge-breide informatie over situa-ties die tot een DTC-storingkunnen leiden in acht nemen( 123).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.BMW flexcase geopendMotorst. niet mogel.BMW flexcase open.BMW flexcase sluiten.Mogelijke oorzaak:De BMW flexcase is geopend.BMW flexcase afsluiten.Achterste opbergvak(BMW flexcase) sluiten.( 93)Brandstofreserve bereiktTankreserve be-reikt.
55Alarmknipperlichteningeschakeldknippert groen.knippert groen.Mogelijke oorzaak:De alarmknipperlichten zijndoor de bestuurder ingescha-keld.Alarmlichtinstallatie bedienen.( 84)OnderhoudsmeldingAls de servicetermijn isoverschreden, gaat naastde datum- resp. kilometer-weergave ook het algemenewaarschuwingslampje geelbranden.Als de servicetermijn is over-schreden, verschijnt er een geleCheck-Control-melding. Bo-vendien worden de weergavenvoor onderhoud, onderhoudsaf-spraak en resterende afstand inde menuvensters MIJN VOER-TUIG en BENODIGD ONDER-HOUD gemarkeerd met uitroep-tekens.Als de onderhoudsmel-ding al meer dan éénmaand voor de onderhouds-datum wordt weergegeven,dan moet de actuele datum op-nieuw worden ingesteld. Dezesituatie kan zich voordoen wan-neer de accu losgekoppeld isgeweest.Onderhoud nodigwordt wit weergegeven.Onderhoud nodig!
Onder-houd bij een specialistlaten uitvoeren.Mogelijke oorzaak:Op grond van de afgelegdeafstand of de datum is het tijdvoor een onderhoudsbeurt.Onderhoud regelmatig dooreen vakwerkplaats laten uit-voeren, bij voorkeur door eenBMW Motorrad Partner.De bedrijfs- en verkeersveilig-heid van het voertuig blijvenbehouden.Het best mogelijke waardebe-houd van het voertuig wordtverzekerd.Onderhoudsafspraakoverschredenbrandt geel.wordt geel weergegeven.Onderhoud te laat! On-derhoud bij een specia-list laten uitvoeren.
Uitge-zonderd zijn toepassingenzonder bediening, zoals te-lefonie via een handsfree-systeem.WAARSCHUWINGAfleiding van de verkeers-situatie en verlies van decontroleGevaar voor ongevallen doorde bediening van geïnte-greerde informatiesystemenen communicatieapparatentijdens het rijdenBedien deze systemen ofapparaten alleen als de ver-keerssituatie het toelaat.Stop indien nodig en bediende systemen of apparatenterwijl u stilstaat.BEDIENINGSELEMENTENMulti-Controller1 Multi-ControllerA Cursor in lijsten omhoogbewegenVolume hoger zettenB Cursor in lijsten omlaagbewegenVolume verlagenC Functie overeenkomstigterugmelding activerenSelectie/instelling bevesti-genDoor menuvensters blade-renD Functie overeenkomstigterugmelding activeren ofopnieuw activerenNa de instellingen terug-keren naar het menu-schermEen niveau in de hiërar-chie omhoog gaanDoor menuvensters blade-ren
61Tuimeltoets MENUMENU 1 kort aan debovenzijde indrukken:In de menu weergave: Een ni-veau in de hiërarchie omhooggaan.In de weergave Pure Ride:Weergave voor statusregelberijdersinformatie wijzigen.MENU 1 lang aan debovenzijde indrukken:In de menu weergave: Weer-gave Pure Ride openen.In de weergave Pure Ride:Waarde van boordcomputerresetten.De bedieningsfocus naar deNavigator wisselen.MENU 1 kort aan deonderzijde indrukken:Een niveau in de hiërarchieomlaag gaan.Selectie/instelling bevestigen.MENU 1 lang aan deonderzijde indrukken:Teruggaan naar het laatst ge-opende menu, nadat eerst vanmenu is gewisseld door langop de bovenzijde te drukken.Navigatieaanwijzingenworden weergegevenals dialoog wanneer het menuNavigatie niet is geopend.De bediening van de tuimel-toets MENU is tijdelijk beperkt.Scherm Pure weergevenDe tuimeltoets MENU langaan de bovenzijde indrukken.Aanzicht UrbanAls extra informatie wordt inhet scherm Urban ook het mo-tortoerental met een getallen-weergave 1 en een balken-weergave 2 getoond.Deze kan via het hoofdmenuworden opgeroepen.
selecteren en be-vestigen.Alternatief: Naar het aanzichtPure Ride wisselen.De tuimeltoets MENU telkenskort aan de bovenzijde indruk-ken, om de waarde in de bo-venste statusregel te selecte-ren.De tuimeltoets MENU langaan de bovenzijde indrukken,om de geselecteerde waardeterug te zetten.De volgende waarden kunnenafzonderlijk worden teruggezet:PauzeRitActueel (TRIP 1)SnelheidVerbr.Tripboordcomputer oproepenBoordcomputer oproepen.( 62)Naar rechts bladeren tot-dat het schermmenu REIS-BOORDCOMP. verschijnt.
63Tripboordcomputer resettenMenu Mijn Motor oproepen.Schermmenu REISBOORD-COMP. oproepen.De tuimeltoets MENU omlaag-drukken.Autom. terugzetten ofAlle waardes terugzet-ten selecteren en bevestigen.Als Autom. terugzettenis geselecteerd, wordt de trip-boordcomputer automatischteruggezet, als er na het uit-schakelen van het contactminstens 6 uur zijn verstre-ken en de datum is veranderd.INSTELLINGENInhoud van de statusregelbestuurdersinformatieselecterenNaar het aanzicht Pure Ridewisselen.In het instrumentenpaneel ver-schijnt alle voor het rijdenop de openbare weg nood-zakelijke informatie van deboordcomputer (bijv. TRIP 1)en tripboordcomputer (bijv.TRIP 2).
De informatie kan inde bovenste statusregel wor-den weergegeven.Het menu Instellingen,Weergave, Inhoud sta-tusregel oproepen.De gewenste meldingen in-schakelen.Tussen de geselecteerde mel-dingen kan naar de bovenstestatusregel worden gewisseld.Als geen meldingen zijn ge-selecteerd, wordt alleen deactieradius weergegeven.Weergave van de bovenstestatusregel wisselenInhoud van de statusregel be-stuurdersinformatie selecte-ren. ( 63)Naar het aanzicht Pure Ridewisselen.Toets 1 telkens kort indruk-ken om de waarde in de bo-venste statusregel 2 te selec-teren.De volgende waarden kunnenworden weergegeven:KilometertellerDagteller 1
65Helderheid instellenHet menu Instellingen,Weergave, Helderheid op-roepen.Helderheid instellen.De helderheid van het displaywordt gedimd naar de inge-stelde waarde als de omge-vingshelderheid onder eengedefinieerde drempelwaardekomt.Alle instellingen terugzettenMenu Instellingen oproe-pen.Alles terugzetten selec-teren en bevestigen.De instellingen van de volgendemenu's worden op de fabrieks-instelling teruggezet:VoertuiginstellingenSysteeminstellingenVerbindingenWeergaveInformatieDe koppeling van hetvoertuig met het actueleBMW Motorrad Connected-Ride account wordtteruggezet.BLUETOOTH PAIRINGBluetooth-koppelingVoordat twee Bluetooth-ap-paraten verbinding met elkaarkunnen maken, moeten ze el-kaar herkend hebben. Dezeprocedure van wederzijdse her-kenning noemt men "Koppe-ling".
Eenmaal herkende ap-paraten worden opgeslagen,zodat de Bluetooth-koppelingalleen bij het eerste contactmoet worden uitgevoerd.Bij sommige mobieleeindapparaten, bijv. methet besturingssysteem iOS,moet voorafgaand aan het ge-bruik de BMW Motorrad Con-nected app worden geopend.Bij de Bluetooth-koppelingzoekt het instrumentenpaneelbinnen zijn ontvangstbereiknaar andere apparaten ge-schikt voor Bluetooth. Opdateen tweede apparaat herkendkan worden, moet aan de vol-gende voorwaarden wordenvoldaan:de Bluetooth-functie van hetapparaat moet geactiveerdzijnhet apparaat moet voor an-dere "zichtbaar" zijn
66 INSTRUMENTENPANEELhet apparaat moet als ontvan-ger het A2DP-profiel onder-steunenandere voor Bluetooth ge-schikte apparaten moeten uit-geschakeld zijn (bijv. mobieletelefoons en navigatiesyste-men).Raadpleeg de handleiding vanuw communicatiesysteem voorde benodigde stappen.Bluetooth-koppeling uitvoerenHet menu Instellingen,Verbindingen oproepen.In het menu VERBINDINGENkunnen Bluetooth-verbindin-gen worden geconfigureerd,beheerd en gewist. De vol-gende Bluetooth-verbindingenworden weergegeven:Mobiel apparaatBest. helmPass. helmDe verbindingsstatus voormobiele eindapparaten wordtweergegeven.Mobiel eindapparaatverbindenBluetooth-koppeling uitvoe-ren. ( 66)Bluetooth-functie van het mo-biele eindapparaat activeren(zie handleiding van het mo-biele eindapparaat).Mobiel apparaat selecte-ren en bevestigen.NIEUW MOB. APP.
KOPP.selecteren en bevestigen.Er wordt naar mobiele eindap-paraten gezocht.Het Bluetooth-symboolknippert tijdens de Blue-tooth-koppeling in de onderstestatusregel.Zichtbare mobiele eindappara-ten worden weergegeven.Mobiel eindapparaat selecte-ren en bevestigen.Aanwijzingen op het mobieleeindapparaat in acht nemen.Bevestigen dat de codes over-eenkomen.De verbinding wordt tot standgebracht en de verbindings-status wordt bijgewerkt.Als de verbinding niet totstand wordt gebracht, kan destoringstabel in het hoofdstuk"Technische gegevens" u ver-der helpen. ( 191)Afhankelijk van het mobieleeindapparaat worden tele-foongegevens automatischovergedragen aan het voer-tuig.Telefoongegevens ( 72)Als het telefoonboek nietwordt weergegeven, kan destoringstabel in het hoofdstuk
67"Technische gegevens" uverder helpen. ( 192)Als de Bluetooth-verbindingniet naar behoren werkt, kande storingstabel in het hoofd-stuk "Technische gegevens" uverder helpen. ( 191)Helmen van berijder enduopassagier verbindenBluetooth-koppeling uitvoe-ren. ( 66)Best. helm of Pass. helmselecteren en bevestigen.Communicatiesysteem van dehelm zichtbaar maken.NIEUWE BEST.HELM KOPP.of NIEUWE PASS.HELMKOPP. selecteren en bevesti-gen.Er wordt naar helmen gezocht.Het Bluetooth-symboolknippert tijdens de Blue-tooth-koppeling in de onderstestatusregel.Zichtbare helmen wordenweergegeven.Helm selecteren en bevesti-gen.De verbinding wordt tot standgebracht en de verbindings-status wordt bijgewerkt.Als de verbinding niet totstand wordt gebracht, kan destoringstabel in het hoofdstuk"Technische gegevens" u ver-der helpen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met BMW C 400 X (2025) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden