Beghelli 3330 Handleiding


Pagina's 140 Nederlands Waterfilter

Bekijk de handleiding van Beghelli 3330 gratis online of download de PDF. Deze handleiding is 28 keer bekeken. Vraag over dit model? Stel een vraag

Elektronische handleiding als uitgave bij "Nokia Handleidingen - Voorwaarden en bepalingen, 7 juni 1998" (“Nokia
User’s Guides Terms and Conditions, 7th June, 1998”.)
Gebruikershandleiding
9353146
Uitgave 2

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Beghelli
Categorie: Waterfilter
Model: 3330
Kleur van het product: Wit
Gewicht: 4700 g
Type waterfilter: Directe stroming
Waterstroom 9min): 1 l/min
Maximum input water druk: 8 bar
Productafmetingen (B x H x D): 360 x 450 x 185 mm
AC-ingangsspanning: 230 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz
Stroomverbruik (typisch): 12 W
Bedrijfstemperatuur (T-T): 10 - 35 °C

Handleiding Beghelli 3330 – volledige tekst

Navi en Nokia Xpress-on zijn handelsmerken van Nokia Mobile Phones. Nokia tune is een handelsmerk van Nokia Corporation. Nokia voert een beleid dat gericht is op continue ontwikkeling. Nokia behoudt zich het recht voor zonder voorafgaande kennisgeving wijzigingen en verbeteringen aan te brengen in de producten die in dit document worden beschreven. In geen geval is Nokia aansprakelijk voor enig verlies van gegevens of inkomsten of voor enige bijzondere, incidentele, onrechtstreekse of indirecte schade. De inhoud van dit document wordt zonder enige vorm van garantie verstrekt.

Tenzij vereist krachtens het toepasselijke recht, wordt geen enkele garantie gegeven betreffende de nauwkeurigheid, betrouwbaarheid of inhoud van dit document, hetzij uitdrukkelijk hetzij impliciet, daaronder mede begrepen maar niet beperkt tot impliciete garanties betreffende de verkoopbaarheid en de geschiktheid voor een bepaald doel. Nokia behoudt zich te allen tijde het recht voor zonder voorafgaande kennisgeving dit document te wijzigen of te herroepen. De beschikbaarheid van bepaalde accessoires kan per regio verschillen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.NaslaggidsNaslaggids✁NaslaggidsHartelijk dank dat u voor deze Nokia-telefoon hebt gekozen! In dit gedeelte worden een aantal tips voor het gebruik van de telefoon gegeven. Uitvoeriger informatie vindt u op de overige pagina’s van deze gebruikershandleiding.■ Voordat u de telefoon gebruikt1. Plaats een SIM-kaart in de telefoon. Zie Een SIM-kaart plaatsen op pagina 24.2. Installeer de batterij en laad deze op. Zie Een SIM-kaart plaatsen op pagina 24 en De batterij opladen op pagina 27.3. Schakel de telefoon in door ingedrukt te houden (zie pagina 28). Zie ook Schermindicatoren op pagina 21.■ Algemene functiesOpbellenToets het netnummer en telefoonnummer in en druk op (Bellen).Een gesprek beëindigenDruk op (Ophangen).Gebeld wordenDruk op (Antwoorden).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Naslaggids✁Een telefoonnummer opnieuw kiezenDruk vanuit de standby-modus op , ga naar het gewenste nummer met of en druk op (Bellen).Het luidsprekervolume instellenDruk tijdens een gesprek op of .Uw voicemail bellenHoud ingedrukt in de standby-modus. Zie ook Voicemailboxnummer (menu 2-9) op pagina 66.Bellen met de functie voor spraaknummersVoeg een spraaknummer aan het gewenste telefoonnummer toe (zie pagina 54). Houd vervolgens ingedrukt in de standby-modus en spreek het nummer uit om het te bellen. ■ TelefoonlijstfunctiesSnel opslaanToets het telefoonnummer in en druk op of om de tekst boven te wijzigen in Opslaan. Druk op (Opslaan).Toets de naam in en druk op (OK).Snel zoekenDruk vanuit de standby-modus op , toets de eerste letter van de naam in en ga met of naar de gewenste naam.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.NaslaggidsNaslaggids✁■ Een menufunctie activeren of afsluitenActiverenDruk op (Menu). Ga met of naar de gewenste menufunctie en druk op (Kiezen). Herhaal deze procedure voor submenu’s en instellingen.AfsluitenDruk op om terug te keren naar het vorige menuniveau. Houd ingedrukt om terug te keren naar de standby-modus.■ Overige basisfunctiesHet toetsenbord vergrendelen en vrijgevenDruk vanuit de standby-modus op en vervolgens kort op . Beltonen instellen voor verschillende omgevingenDruk kort op , ga met of naar de gewenste optie en druk op (OK).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved. Inhoudsopgave7InhoudsopgaveDe telefoon in- en uitschakelen. 28Inschakelen. 28Als de PIN-code of beveiligingscode wordt gevraagd:. 28Uitschakelen. 29De Nokia Xpress-on™-covers verwisselen. 293. Basisfuncties. 31Opbellen. 31Overschakelen op de handsfree-modus. 31Internationale gesprekken. 31Het luidsprekervolume instellen. 32De microfoon uitschakelen. 32Laatst gekozen nummer opnieuw kiezen. 32Bellen met behulp van de telefoonlijst. 33Een nummer bellen via snelkeuzetoetsen. 34Nieuwe oproep tijdens een gesprek. 34Voicedialling. 35Een oproep beantwoorden. 35Een oproep doorschakelen of weigeren. 35Oproep beantwoorden tijdens een gesprek. 36Voicemailberichten opvragen. 36Het toetsenbord vergrendelen. 37Een beltoon selecteren (menu 5-1). 38Alle beltonen met één instelling aanpassen. 38Een telefoonnummer met een naam opslaan. 39Tekst intoetsen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved. Inhoudsopgave8Een of meerdere malen op een toets drukken voor elke letter (normale tekstinvoer). 434. De menu’s gebruiken. 45Een menufunctie activeren. 45Door te bladeren. 45Via het indexnummer. 46Een menufunctie afsluiten. 46Overzicht van de menufuncties. 475. Telefoonlijst (menu 01). 50Een naam en telefoonnummer ophalen (menu 01-1). 50Servicenummers bellen (menu 01-2). 50Een naam en telefoonnummer opslaan (menu 01-3). 51Een naam en telefoonnummer wissen (menu 01-4). 51Een naam en telefoonnummer wijzigen (menu 01-5). 51Een naam en telefoonnummer kopiëren of verplaatsen (menu 01-6). 51Een beltoon toekennen aan een telefoonnummer (menu 01-7). 52Namen en telefoonnummers zenden en ontvangen (menu 01-8). 52Naam en telefoonnummer ontvangen. 52Opties (menu 01-9): Actief geheugen, Type weergave kiezen en Geheugenstatus.

53Het geheugen voor namen en telefoonnummers selecteren (Actief geheugen). 53Selecteren op welke manier de opgeslagen telefoonnummers en namen moeten worden weergegeven (Typeweergave kiezen). 53Hoeveelheid vrije ruimte in de telefoonlijst controleren (Geheugenstatus). 53Een telefoonnummer toekennen aan een snelkeuzetoets (menu 01-10). 54De snelkeuzetoetsen gebruiken. 54Voicedialling (menu 01-11). 54Een spraaknummer aan een telefoonnummer toevoegen. 55Bellen met behulp van een spraaknummer. 56.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved. Inhoudsopgave12Valuta’s omrekenen in de standby-modus. 9414. Herinneringen (menu 10). 95Een herinnering toevoegen. 95Herinneringen weergeven. 96Een herinnering wissen. 96Als het ingestelde tijdstip is bereikt. 9615. Klok (menu 11). 97Alarmklok (menu 11-1). 97Klokinstellingen (menu 11-2). 98Datum instellen (menu 11-3). 98Stopwatch (menu 11-4). 98Timerfunctie (menu 11-5). 99Datum en tijd automatisch (menu 11-6). 10016. Profielen (menu 12). 101Een profiel selecteren. 101De instellingen van een profiel wijzigen. 102Beschikbare instellingen in een profiel. 102Soort beltoon. 102Beltoonvolume. 103Oproepsignaal. 103Type beltoon voor berichten. 103Toetsenbordvolume. 103Alarmgeluiden. 103Trilalarm. 103Schermbeveiliging. 104Naam wijz. 104Een profiel ontvangen (profielnaam, beltoon en schermbeveiliging). 105.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved. Inhoudsopgave13Inhoudsopgave17. WAP-diensten (Diensten - menu 13). 106Basisstappen voor het verbinden met en gebruiken van WAP-diensten. 106De telefoon instellen voor een WAP-dienst. 107De instellingen ontvangen als tekstbericht. 107De verbindingsinstellingen handmatig intoetsen. 108Verbinding maken met een WAP-dienst. 110Bladeren door de pagina’s van een WAP-dienst. 111Algemene richtlijnen voor het gebruik van de toetsen. 111Een WAP-verbinding verbreken. 113De weergaveinstellingen van WAP-pagina's wijzigen. 113Bookmarks opslaan en beheren. 114Als geen WAP-verbinding actief is. 114Als een WAP-verbinding actief is. 114Het cachegeheugen leegmaken. 115Gelijktijdig een WAP-verbinding en een spraakoproep actief hebben (als USSD de drager is). 115Beveiligingscertificaten. 11618. SIM-diensten (menu 14). 11819. Naslaginformatie.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Voor uw veiligheid15Voor uw veiligheidVoor uw veiligheidLees deze eenvoudige richtlijnen. Het overtreden van de regels kan gevaarlijk of onwettig zijn. Meer informatie vindt u in deze handleiding.VERKEERSVEILIGHEID HEEFT VOORRANGGebruik geen telefoon terwijl u een auto bestuurt. Parkeer eerst de auto.INTERFERENTIEAlle draadloze telefoons zijn gevoelig voor interferentie, waardoor de werking van de telefoon kan worden beïnvloed.SCHAKEL DE TELEFOON UIT IN ZIEKENHUIZENVolg alle regels en aanwijzingen op. Schakel de telefoon uit in nabijheid van medische apparatuur.SCHAKEL DE TELEFOON UIT IN VLIEGTUIGENDraadloze telefoons kunnen interferentie veroorzaken.

Het gebruik ervan in een vliegtuig is illegaal.SCHAKEL DE TELEFOON UIT TIJDENS HET TANKENGebruik de telefoon niet in tankstations of in de buurt van brandstoffen of chemische stoffen.SCHAKEL DE TELEFOON UIT IN DE BUURT VAN EXPLOSIEVENGebruik de telefoon niet waar explosieven worden gebruikt. Houd u aan beperkende maatregelen en volg eventuele voorschriften of regels op.GEBRUIK DE TELEFOON VERSTANDIGMaak alleen normaal gebruik van de telefoon (tegen het oor). Raak de antenne niet onnodig aan.DESKUNDIG ONDERHOUDLaat alleen bevoegd servicepersoneel het apparaat installeren of repareren.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Voor uw veiligheid16ACCESSOIRES EN BATTERIJENGebruik alleen goedgekeurde accessoires en batterijen. Sluit geen ongeschikte producten aan.AANSLUITEN OP ANDERE APPARATENWanneer u het apparaat op een ander apparaat aansluit, moet u de gebruikershandleiding van dat apparaat lezen voor gedetailleerde veiligheidsinstructies. Sluit geen ongeschikte producten aan.OPBELLENControleer of de telefoon is ingeschakeld. Toets het net- en abonneenummer in en druk op (Bellen). Als u een gesprek wilt beëindigen, drukt u op (Ophangen). Als u een oproep wilt beantwoorden, drukt u op (Antwoorden).ALARMNUMMER KIEZENControleer of de telefoon is ingeschakeld. Houd enkele seconden ingedrukt om het scherm leeg te maken. Toets het alarmnummer in en druk op (Bellen). Geef op waar u zich bevindt. Beëindig het gesprek niet voordat u daarvoor toestemming hebt gekregen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Algemene informatie17Algemene informatieAlgemene informatie■ Stickers in het pakketDe stickers bevatten belangrijke informatie voor service en klantenondersteuning. Bewaar deze stickers op een veilige plaats.■ BeveiligingscodeDe beveiligingscode beveiligt de telefoon tegen onbevoegd gebruik. Deze code wordt bij de telefoon geleverd. De standaardcode is 12345. Wijzig deze code (zie Toegangscodes wijzigen op pagina 85) en stel de telefoon in op het vragen van de code (zie Beveiligingsniveau op pagina 85). Houd de nieuwe code geheim en bewaar deze op een veilige plaats uit de buurt van de telefoon.■ NetwerkdienstenDe draadloze telefoon zoals beschreven in deze handleiding is goedgekeurd voor gebruik op de netwerken GSM 900 en GSM 1800. De dualbandfunctie is een netwerkfunctie.

Vraag uw leverancier of u zich op deze functie kunt abonneren.Sommige functies die in deze handleiding worden beschreven zijn netwerkdiensten. Dit zijn speciale diensten die worden aangeboden door exploitanten van draadloze netwerken. U kunt pas van deze diensten gebruik maken wanneer u zich via de exploitant van uw thuisnet abonneert op de gewenste dienst(en) en de gebruiksinstructies hebt ontvangen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Algemene informatie18■ Accessoires en batterijenDeze apparatuur is bedoeld voor gebruik met de volgende voedingsbronnen: ACP-7, ACP-8, LCH-9 en DCV-10. Gebruik op andere manieren maakt eventuele garanties op deze apparatuur ongeldig en kan gevaarlijk zijn.Waarschuwing! Gebruik alleen batterijen, laders en accessoires die zijn goedgekeurd door de fabrikant van de telefoon voor gebruik met dit type telefoon. Het gebruik van andere types doet de goedkeuring en garantie vervallen en kan bovendien gevaarlijk zijn.Vraag uw leverancier naar de beschikbare goedgekeurde accessoires.Als u het snoer van een accessoire losmaakt, moet u aan de stekker trekken, niet aan het snoer.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De telefoon19De telefoon1. De telefoonIn dit hoofdstuk worden de toetsen en schermindicatoren van de telefoon besproken. Uitvoeriger informatie vindt u op de overige pagina’s van deze gebruikershandleiding.■ De toetsen gebruikenAan/uit-toetsDoor de toets ingedrukt te houden, schakelt u de telefoon in of uit.Als u kort op deze toets drukt in de standby-modus, verschijnt de lijst met profielen waarmee u de beltonen voor verschillende omgevingen kunt instellen.Als u kort op deze toets drukt vanuit een menufunctie, wordt de verlichting gedurende 15 seconden ingeschakeld.CijfertoetsenMet tot en met kunt u cijfers en letters intoetsen. en worden voor verschillende bewerkingen in verschillende functies gebruikt.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De telefoon20Navi-toetsHet gebruik van de telefoon is grotendeels gebaseerd op de Nokia Navi™-toets ( ) onder het scherm (2).De functie van deze toets verschilt al naar gelang de functietekst (1) die boven de toets wordt weergegeven.In deze gebruikershandleiding wordt het symbool gevolgd door de bijbehorende functietekst, bijvoorbeeld (Menu) of (Kiezen).BladertoetsenIn de standby-modus: toont de namen en telefoonnummers die in de telefoonlijst zijn opgeslagen.

toont de lijst met laatstgekozen nummers.In het menu: met deze toetsen bladert u door menu’s en instellingen.Tijdens het intoetsen van een naam of nummer of het intoetsen van een tekstbericht: verplaatst de cursor naar links en verplaatst de cursor naar rechts.Tijdens een gesprek: met deze toetsen past u het volume van het luidsprekergedeelte aan.C-toetsTijdens het intoetsen van een naam of nummer: deze toets verwijdert het teken links van de cursor. Als u deze toets ingedrukt houdt, worden alle tekens van het scherm verwijderd.In een menufunctie: met deze toets keert u terug naar het vorige menuniveau. Houd deze toets ingedrukt om het menu af te sluiten.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De telefoon21De telefoonWanneer u een oproep ontvangt: door op deze toets te drukken, wordt de oproep geweigerd.■ SchermindicatorenDe schermindicatoren geven de huidige werking van de telefoon aan.Standby-modusDe indicatoren die hieronder worden beschreven, worden weergegeven als de telefoon klaar is voor gebruik en geen tekens door de gebruiker zijn ingevoerd. Als dit scherm wordt weergegeven, bevindt de telefoon zich in de ‘standby-modus’.1. Geeft aan welk cellulair netwerk op dit moment wordt gebruikt.2. Toont de signaalsterkte van het cellulaire netwerk op uw huidige positie. Hoe hoger de balk, des te sterker het signaal.3. Toont de capaciteit van de batterij. Hoe hoger de balk, des te groter de capaciteit van de batterij.4. Toont de huidige functie van de Nokia Navi™-toets ( ).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De telefoon22Belangrijke indicatoren voor menufunctiesEen of meer van de volgende indicatoren kunnen worden weergegeven wanneer de telefoon zich in de standby-modus bevindt:Geeft aan dat u bezig bent met bellen. Zie Opbellen op pagina 31 en Verbinding maken met een WAP-dienst op pagina 110.Geeft aan dat u een tekst- of afbeeldingbericht hebt ontvangen. Zie Een tekstbericht lezen (Inbox - menu 2-2) op pagina 60 en Afbeeldingen (menu 2-4) op pagina 61.Geeft aan dat geen belsignaal klinkt wanneer u een oproep ontvangt, omdat de instelling ‘Oproepsignaal’ is ingesteld op Stil.Zie Geluid (menu 5) op pagina 74 en Profielen (menu 12) op pagina 101.Geeft aan dat het toetsenbord van de telefoon is vergrendeld. Zie Het toetsenbord vergrendelen op pagina 37. Geeft aan dat de alarmklok is geactiveerd.

Zie Alarmklok (menu 11-1) op pagina 97.Geeft aan dat alle oproepen worden doorgeschakeld. Zie Doorschakelen (menu 7) op pagina 87.Geeft aan dat uw gesprekken beperkt zijn tot een besloten gebruikersgroep (netwerkdienst). Zie Closed User Group (CUG) op pagina 84.2 Geeft aan dat u alleen kunt bellen via telefoonlijn 2 (netwerkdienst). Zie Gebruikte telefoonlijn op pagina 80.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De telefoon23De telefoonGeeft aan dat de stopwatchfunctie in de achtergrond actief is. Zie Stopwatch (menu 11-4) op pagina 98.Geeft aan dat de timerfunctie in de achtergrond actief is. Zie Timerfunctie (menu 11-5) op pagina 98.Geeft aan dat de naam die of het telefoonnummer dat u hebt geselecteerd in de telefoonlijst, wordt opgeslagen op de SIM-kaart. Zie Een naam en telefoonnummer ophalen (menu 01-1) op pagina 50.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Aan de slag242. Aan de slagVoordat u de telefoon kunt gebruiken, moet u een SIM-kaart plaatsen en de batterij installeren en laden.■ Een SIM-kaart plaatsenDe telefoon kan alleen worden gebruikt met een geldige kleine SIM-kaart. U kunt deze kaart aanschaffen bij uw netwerkexploitant.De SIM-kaart gebruiken• Houd alle kleine SIM-kaarten buiten bereik van kleine kinderen.• De SIM-kaart en de contactpunten kunnen gemakkelijk door krassen of buigen worden beschadigd. Wees daarom voorzichtig wanneer u de kaart vastpakt, plaatst of verwijdert.De SIM-kaart in de telefoon plaatsen• Voordat u de SIM-kaart plaatst, moet u de telefoon altijd uitschakelen en de batterij verwijderen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Aan de slag263. Plaats de SIM-kaart: schuif de SIM-kaart voorzichtig in de SIM-kaartsleuf (6). Zorg ervoor dat de goudkleurige connectors op de kaart omlaag zijn gericht en dat de afgeronde hoek zich links bevindt.4. Installeer de batterij: lijn de goudkleurige contactpunten op de batterij uit met de overeenkomstige connectors op de telefoon en druk op het tegenovergestelde uiteinde van de batterij totdat deze vastklikt (7).5. Plaats de cover aan de achterzijde terug:plaats de twee klemmetjes van de cover in de overeenkomstige sleuven op de telefoon (8) en schuif de cover omlaag totdat deze vastklikt (9).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Aan de slag27Aan de slag■ De batterij opladen• Laad de batterij niet op als een van de covers van de telefoon is verwijderd. Zie ook Informatie over de batterij op pagina 121.1. Steek de stekker van de lader in de aansluiting op de onderkant van de telefoon.2. Sluit de lader aan op een gewone wandcontactdoos. De indicatiebalk voor de batterij begint te schuiven.• De telefoon kan tijdens het laden gewoon worden gebruikt als deze is ingeschakeld.• Als de batterij geheel leeg is, kan het een aantal minuten duren voordat de laadindicator wordt weergegeven.• De laadtijd is afhankelijk van de gebruikte lader en batterij en van de hoeveelheid resterende energie in de batterij.

Bij gebruik van de lader ACP-7 bijvoorbeeld, kan het opladen van de batterij die bij de telefoon wordt geleverd, maximaal zes uur duren.• Als de tekst Laadt niet op wordt weergegeven, is het opladen onderbroken. Wacht enige tijd, koppel de lader los en sluit deze opnieuw aan. Probeer het nogmaals. Als de batterij nu nog niet wordt opgeladen, neemt u contact op met uw leverancier.3. Als de batterij volledig is opgeladen, stopt de indicatiebalk. Haal de stekker van de lader uit de wandcontactdoos en maak de lader los van de telefoon.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Aan de slag28■ De telefoon in- en uitschakelenInschakelenHoud een seconde lang ingedrukt.Als de PIN-code of beveiligingscode wordt gevraagd:toets de code in en druk op (OK).Zie ook PIN-code vragen op pagina 83, Beveiligingsniveau op pagina 85 en Toegangscodes op pagina 119.Waarschuwing! Schakel de telefoon niet in als het gebruik van mobiele telefoons verboden is of als dit storing of gevaar zou kunnen opleveren.Opmerking:• Gebruik de telefoon alleen als beide covers zijn bevestigd.• Normale positie: houd de telefoon net zo vast als elke andere telefoon.• De telefoon heeft een ingebouwde antenne (grijs gebied in afbeelding). Zoals voor alle radiozendapparatuur geldt, dient onnodig contact met de antenne te worden vermeden als de telefoon is ingeschakeld.

Het aanraken van de antenne is van invloed op de gesprekskwaliteit en de telefoon kan erdoor meer stroom verbruiken dan noodzakelijk. Door de antenne tijdens een gesprek niet aan te raken, verbetert u de prestaties van de antenne en optimaliseert u de gesprekstijd van de telefoon.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Aan de slag29Aan de slagUitschakelenHoud een seconde lang ingedrukt.Tip: U kunt ook kort op drukken in de standby-modus, met of naar Uitschakelen! gaan en drukken op (OK).De Nokia Xpress-on™-covers verwisselen• Schakel de telefoon altijd uit voordat u de Nokia Xpress-on™-covers verwijdert en maak de telefoon los van de lader en andere apparatuur.• Bewaar de telefoon altijd met beide covers aangebracht. Lees Onderhoud op pagina 124 aandachtig door.1. Verwijder de cover aan de achterzijde: druk de vergrendeling in (1), schuif de cover omhoog (2) en verwijder deze (3).2. Verwijder de cover aan de voorzijde: verwijder de cover voorzichtig van de telefoon, beginnend aan de onderzijde (4).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Aan de slag303. Installeer het toetsenbordelement: plaats het toetsenbordelement in de cover voor de voorzijde (5).4. Plaats de cover aan de voorzijde terug: lijn de bovenzijde van de telefoon uit met de cover voor de voorzijde en druk de telefoon tegen de cover totdat deze vastklikt (6).5. Plaats de cover aan de achterzijde terug: plaats de twee klemmetjes van de cover in de overeenkomstige sleuven op de telefoon (7) en schuif de cover omlaag totdat deze vastklikt (8).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties31Basisfuncties3. Basisfuncties■ Opbellen1. Toets vanuit de standby-modus het netnummer en telefoonnummer in met de toetsen tot en met . De tekst Menu verandert in Bellen.Als u een vergissing maakt, drukt u op om het teken links van de cursor te verwijderen.2. Druk op (Bellen) en wacht op het antwoord. De tekst Bellen verandert in Ophangen.3. Druk op (Ophangen) om het gesprek te beëindigen of het kiezen te onderbreken.Overschakelen op de handsfree-modusWanneer u de telefoon gebruikt met de handsfree autoset PPH-1, kunt u van de handsfree-modus overschakelen op de normale modus door de PPH-1 los te maken van de telefoon.Als u weer wilt overschakelen op de handsfree-modus, sluit u de PPH-1 weer aan op de telefoon.Internationale gesprekken1. Druk in de standby-modus tweemaal kort op voor het plusteken (+).

Dit vervangt de internationale toegangscode.2. Toets de landcode, het netnummer (laat zo nodig de eerste 0 weg) en het telefoonnummer in.3. Druk op (Bellen) om het nummer te bellen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties32Het luidsprekervolume instellenU kunt het volume van het luidsprekergedeelte instellen tijdens een gesprek. Druk op om het luidsprekervolume te verhogen, of druk op om het volume te verlagen. De microfoon uitschakelenDe microfoon uitschakelen tijdens een gesprek: druk op en vervolgens op (Opties), ga naar Microfoon uit en druk op (Kiezen).De microfoon inschakelen: druk op en vervolgens op (Opties), ga naar Microfoon aan en druk op (Kiezen).Laatst gekozen nummer opnieuw kiezenU kunt de laatste 20 telefoonnummers die u hebt gekozen, opnieuw kiezen. Zie ook Laatst gekozen nummers (menu 4-3) op pagina 70.Een van de laatst gekozen nummers herhalen:1. Druk vanuit de standby-modus eenmaal op om de lijst met gekozen nummers weer te geven.2. Ga met of naar het gewenste telefoonnummer of de gewenste naam.3.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties33BasisfunctiesBellen met behulp van de telefoonlijstAls u een telefoonnummer in de telefoonlijst hebt opgeslagen, kunt u dit nummer bellen via de daaraan gekoppelde naam.Zie pagina 51 voor informatie over het opslaan van een telefoonnummer met een naam.1. Druk op (Menu) in de standby-modus.2. Druk op (Kiezen) als Telefoonlijst wordt weergegeven.3. Druk op (Kiezen) als Zoeken is geselecteerd.4. Toets de eerste letter van de naam in (met de toetsen tot en met ) en druk op (OK). Als u bijvoorbeeld de eerste naam wilt weergeven die begint met de letter “S”, drukt u viermaal kort op .U kunt deze stap desgewenst overslaan.5. Ga met of naar de gewenste naam. U kunt het bijbehorende telefoonnummer controleren door ingedrukt te houden.6. Druk op (Bellen).Snel zoeken: druk op in de standby-modus.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties34Een nummer bellen via snelkeuzetoetsenAls u een telefoonnummer hebt geprogrammeerd onder een van de snelkeuzetoetsen ( tot en met ), kunt u dat nummer op een van de volgende manieren bellen (vanuit de standby-modus): • Druk op de gewenste snelkeuzetoets en druk op (Bellen).• Als de functie Snelkeuze is ingeschakeld (zie pagina 79): houd de betreffende snelkeuzetoets ingedrukt totdat het bellen wordt gestart.Als u ingedrukt houdt, wordt het nummer van uw voicemail gebeld.Zie ook Een telefoonnummer toekennen aan een snelkeuzetoets (menu 01-10) op pagina 54 en Snelkeuze op pagina 79.Nieuwe oproep tijdens een gesprekU kunt twee gesprekken tegelijkertijd voeren (netwerkdienst).1. Druk tijdens een gesprek op om de tekst boven te wijzigen van Ophangen in Opties. 2. Druk op (Opties) en ga naar Nieuwe opr..

Druk op (Kiezen), toets het telefoonnummer in of haal het op uit de telefoonlijst en druk op (Bellen).Het eerste gesprek wordt in de wachtstand geplaatst. Het actieve gesprek wordt aangegeven met en het gesprek in de wachtstand met .3. Schakelen tussen de twee gesprekken: druk op (Opties), ga naar Wisselen en druk op (Kiezen).4. Het actieve gesprek beëindigen: druk op (Opties), ga naar Beëindigen en druk op (Kiezen). Het gesprek in de wachtstand wordt nu geactiveerd.Beide gesprekken beëindigen: druk op (Opties), ga naar Alles afsluiten en druk op (Kiezen).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties35BasisfunctiesVoicediallingU kunt een telefoonnummer bellen door een of meer aan het nummer gekoppelde woorden uit te spreken. Zie Voicedialling (menu 01-11) op pagina 54.■ Een oproep beantwoordenWanneer u gebeld wordt, gaat de telefoon over (tenzij de optie Oproepsignaal is ingesteld op Stil), knippert de verlichting en wordt een bijbehorende tekst weergegeven.Als het netwerk de beller niet kon identificeren, wordt Oproep weergegeven.Als de beller wel kon worden geïdentificeerd, wordt het telefoonnummer van de beller (of diens naam, als deze in de telefoonlijst is opgeslagen) en de tekst belt weergegeven.1. Als u de oproep wilt beantwoorden, drukt u op (Antwoorden).Als de oproep werd doorgeschakeld via een ander telefoonnummer, wordt mogelijk het teken > weergegeven achter Oproep of belt (netwerkdienst).2.

Druk op (Ophangen) om het gesprek te beëindigen.Een oproep doorschakelen of weigerenAls u de oproep niet wilt beantwoorden, drukt u op . De beller hoort een “in-gesprek”-toon. Als de functie Doorschakelen indien in gesprek is geactiveerd (zie pagina 87), wordt de oproep doorgeschakeld, bijvoorbeeld naar uw voicemail.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties36Oproep beantwoorden tijdens een gesprekWanneer de optie Wachtfunctieopties is ingeschakeld (zie pagina 80), hoort u een geluidssignaal en wordt de bijbehorende tekst weergegeven wanneer u een nieuwe oproep ontvangt. In een gesprekkenlijst wordt een gesprek in de wachtstand aangegeven met .1. Druk op om de tekst boven te wijzigen van Ophangen in Opties. 2. Druk op (Opties), ga naar Opnemen en druk op (Kiezen). Het andere gesprek wordt in de wachtstand geplaatst.Als u de oproep niet wilt beantwoorden, selecteert u Weigeren.3. Schakelen tussen de twee gesprekken: druk op (Opties), ga naar Wisselen en druk op (Kiezen).4. Het actieve gesprek beëindigen: druk op (Opties), ga naar Beëindigen en druk op (Kiezen).

Het gesprek in de wachtstand wordt nu geactiveerd.Beide gesprekken beëindigen: druk op (Opties), ga naar Alles afsluiten en druk op (Kiezen).■ Voicemailberichten opvragen 1. Houd kort ingedrukt in de standby-modus om uw voicemailbox te bellen. Het nummer van uw voicemailbox krijgt u van de netwerkexploitant.2. Als het nummer van uw voicemail wordt gevraagd, toetst u dit in en drukt u op (OK). Zie ook Voicemailboxnummer (menu 2-9) op pagina 66 en Doorschakelen (menu 7) op pagina 87.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties37Basisfuncties3. Beluister de berichten die u hebt ontvangen.4. Beëindig de oproep door te drukken op (Ophangen).Tip: Als de tekst Beluisteren wordt weergegeven boven de toets , kunt u uw voicemailbox bellen door op deze toets te drukken.■ Het toetsenbord vergrendelenDe toetsenbordvergrendeling voorkomt dat u per ongeluk toetsen indrukt, bijvoorbeeld wanneer de telefoon zich in uw zak of handtas bevindt.De vergrendeling inschakelen: Druk vanuit de standby-modus op (Menu) en vervolgens kort op .De vergrendeling uitschakelen: Druk op (Vrijgeven) en vervolgens kort op .Als het toetsenbord vergrendeld is:• De indicator wordt weergegeven.• U kunt een oproep op de gebruikelijke wijze beantwoorden, beëindigen of weigeren.

Tijdens een gesprek kunt u de telefoon op de gebruikelijke wijze bedienen.• De hoofdtelefoon HDC-5 kan op normale wijze worden gebruikt. Opmerking: Wanneer het toetsenbord is vergrendeld, kunt u mogelijk nog wel het alarmnummer kiezen dat is geprogrammeerd in het geheugen van uw telefoon (bijvoorbeeld 112 of een ander officieel alarmnummer).Het nummer wordt uitsluitend weergegeven als alle cijfers zijn ingetoetst.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties38■ Een beltoon selecteren (menu 5-1)1. Druk vanuit de standby-modus op (Menu).2. Ga met of naar Geluid en druk op (Kiezen).3. Ga naar Soort beltoon en druk op (Kiezen).4. Ga naar de gewenste beltoon (u hoort een voorbeeld) en druk op (OK) om de naam of het nummer te selecteren.5. Houd ingedrukt om terug te keren naar de standby-modus.Zie ook Soort beltoon (menu 5-1) op pagina 74.■ Alle beltonen met één instelling aanpassenU kunt de beltonen (bijvoorbeeld het oproepsignaal) en schermbeveiliging op de gewenste wijze instellen door een instellingengroep (‘profiel’) te selecteren.Hierdoor kunt u de tonen gemakkelijk instellen op verschillende omgevingen en gebeurtenissen (bijvoorbeeld gebruik buitenshuis).Zie Geluid (menu 5) op pagina 74 en Profielen (menu 12) op pagina 101 voor meer informatie.1.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties39Basisfuncties■ Een telefoonnummer met een naam opslaanEen nieuwe naam en telefoonnummer in de telefoonlijst opslaan:1. Druk vanuit de standby-modus op (Menu) (Telefoonlijst wordt weergegeven) en druk vervolgens op (Kiezen).2. Ga met naar Naam toevoeg. en druk op (Kiezen).3. Als Naam: in het scherm wordt weergegeven, toetst u de gewenste naam in (zie Tekst intoetsen op pagina 40). 4. Druk daarna op (OK). 5. Als Telefoonnummer: wordt weergegeven, toetst u het netnummer en telefoonnummer in dat u bij de naam wilt opslaan. Als u een vergissing maakt, drukt u op om het teken links van de cursor te verwijderen. Tip: Als u het telefoonnummer wilt gebruiken wanneer u in het buitenland bent, drukt u tweemaal kort op voor het plusteken (+) en toetst u de landcode, het netnummer (laat zo nodig de eerste 0 weg) en het telefoonnummer in. 6.

Druk op (OK). De naam en het telefoonnummer worden opgeslagen in de telefoonlijst.7. Zie Voicedialling (menu 01-11) op pagina 54 als u een spraaknummer aan de naam en het telefoonnummer wilt toevoegen.Snel opslaan: toets vanuit de standby-modus het telefoonnummer in. Druk op of om de tekst boven te wijzigen in Opslaan. Druk op (Opslaan). Toets de naam in en druk op (OK).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties40■ Tekst intoetsenU kunt op twee manieren tekens intoetsen: door een lettertoets eenmaal in te drukken voor elke letter (tekstinvoer met woordenlijst) of door een lettertoets een of meerdere malen in te drukken voor elke letter (normale tekstinvoer).Als u van tekstinvoer naar de standby-modus wilt gaan, houdt u tweemaal kort ingedrukt. Alternatieve methode: druk op (Opties), ga naar Afsluiten en druk op (OK).Eenmaal op een toets drukken voor elke letter (tekstinvoer met woordenlijst)Tekstinvoer met woordenlijst is een eenvoudige methode voor het intoetsen van bijvoorbeeld tekstberichten (zie pagina 58) en memoberichten (zie pagina 95). Bij deze invoermethode hoeft u voor elke letter slechts eenmaal op een toets te drukken. Op basis van de toetsen die u indrukt, wordt het juiste woord in de geselecteerde woordenlijst opgezocht.

(Zie pagina 42 voor informatie over het selecteren van een woordenlijst.)Als u tekstinvoer met woordenlijst wilt gebruiken, controleert u eerst of boven in het scherm wordt weergegeven.U kunt schakelen tussen tekstinvoer met woordenlijst en normale tekstinvoer door tweemaal op te drukken.1. Toets het gewenste woord in door eenmaal op elke toets te drukken voor de gewenste letters. Als u bijvoorbeeld ‘Nokia’ wilt intoetsen, drukt u op:

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties41BasisfunctiesZoals u in het bovenstaande voorbeeld kunt zien, verandert het woord na elke toets die u indrukt. Let tijdens het intoetsen dus niet te veel op het woord in het scherm. Hoe het woord uiteindelijk in het scherm wordt weergegeven, ziet u pas als u het hele woord hebt ingetoetst.• Als u een teken links van de cursor wilt verwijderen, drukt u op . Als u het scherm wilt wissen, houdt u deze toets ingedrukt.• Als u wilt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters, drukt u op totdat de juiste indicator boven in het scherm wordt weergegeven.

Zo wordt abc bijvoorbeeld weergegeven als de modus voor kleine letters is geactiveerd.• Als u een leesteken wilt intoetsen, drukt u op en vervolgens op totdat het gewenste teken wordt weergegeven.• Als u een speciaal teken wilt intoetsen, houdt u even ingedrukt, gaat u naar het gewenste teken en drukt u op (Gebruiken).• Als u een cijfer wilt toevoegen, houdt u de gewenste cijfertoets ingedrukt.Als u meerdere cijfers wilt toevoegen, houdt u ingedrukt en toetst u de cijfers in. Zie stap 3 voor een alternatieve methode.2. Nadat u het hele woord hebt ingetoetst, controleert u of het woord juist is.Als het woord juist is: druk op of en toets het volgende woord in.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties42Als het woord niet juist is: druk op totdat het gewenste woord verschijnt. Zie stap 3 voor een alternatieve methode.Als een vraagteken (?) achter het woord wordt weergegeven: de woordenlijst bevat geen andere woorden die overeenkomen met de toetsen die u indrukt. Als u een woord aan de woordenlijst wilt toevoegen: druk op (Spellen), toets het woord in via de modus voor normale tekstinvoer en druk op (OK).Als u het vorige woord wilt wijzigen: druk op om het woord te selecteren en wijzig het woord.3. Als de tekst Opties wordt weergegeven boven , kunt u de volgende opties activeren door op deze toets te drukken:Suggesties: toont een lijst met woorden die overeenkomen met de toetsen die u hebt ingedrukt. Ga naar het gewenste woord en druk op (Gebruiken).Woord invgn: hiermee kunt u handmatig een woord aan de woordenlijst toevoegen.

Toets het woord in via normale tekstinvoer en druk op (OK).Nummer invgn: hiermee kunt u cijfers intoetsen door elke cijfertoets eenmaal in te drukken.Symbool invgn: hiermee kunt u een speciaal teken selecteren in een lijst. Ga naar het gewenste teken (bijvoorbeeld %) en druk op (Gebruiken).Samengestelde woorden intoetsenToets het eerste deel van het woord in, druk op en toets het tweede deel in.Een woordenlijst voor tekstinvoer met woordenlijst selecteren 1. Open het menu Berichten intoetsen (menu 2-1) en druk op (Opties). 2. Ga naar Woordenboek en druk op (OK). 3. Ga naar de gewenste taal en druk op (OK).

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties43BasisfunctiesTekstinvoer met woordenlijst uitschakelen 1. Open het menu Berichten intoetsen (menu 2-1) en druk op (Opties). 2. Ga naar Woordenboek en druk op (OK). 3. Ga naar W-boek uit en druk op (OK).Een of meerdere malen op een toets drukken voor elke letter (normale tekstinvoer)Normale tekstinvoer is een veelgebruikte methode voor mobiele telefoons. Bij deze invoermethode drukt u net zo vaak op een toets totdat het gewenste teken verschijnt.Als u normale tekstinvoer wilt gebruiken, controleert u eerst of boven in het scherm wordt weergegeven.1.

Voor het invoeren van tekst drukt u op de toets met het gewenste teken ( tot en met ) totdat het teken verschijnt.Welke tekens beschikbaar zijn, is afhankelijk van de taal die voor de schermtekst is geselecteerd (zie Taal op pagina 81).Niet alle beschikbare tekens worden op de toetsen weergegeven.2. U kunt de volgende functies gebruiken om de tekst te wijzigen:• Als u een spatie wilt toevoegen, drukt u op . • Als u een leesteken of speciaal teken wilt intoetsen, drukt u op totdat het teken verschijnt. Alternatieve methode: druk op , ga naar het gewenste teken en druk op (Kiezen).• Als u de cursor naar links of rechts wilt verplaatsen, drukt u respectievelijk op of .

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.Basisfuncties44• Als u het teken links van de cursor wilt verwijderen, drukt u op . Als u het scherm wilt wissen, houdt u deze toets ingedrukt.• Als u wilt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters, drukt u kort op .• Als u een cijfer wilt invoegen, houdt u de toets met het gewenste cijfer ingedrukt. Als u wilt schakelen tussen letters en cijfers, houdt u ingedrukt. De aanduiding 123 wordt weergegeven als u cijfers kunt intoetsen.• Als u een letter wilt intoetsen die zich onder dezelfde toets bevindt als de vorige letter, drukt u op of (of wacht u een ogenblik) en toetst u vervolgens de nieuwe letter in.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De menu’s gebruiken45De menu’s gebruiken4. De menu’s gebruikenDe telefoon biedt een groot aantal functies waarmee u het toestel aan uw wensen kunt aanpassen. Deze functies zijn ingedeeld in menu’s en submenu’s, die u kunt activeren door te bladeren of door het juiste indexnummer te gebruiken.■ Een menufunctie activerenDoor te bladeren1. Druk op (Menu) in de standby-modus.2. Druk op of om naar het gewenste hoofdmenu te gaan, bijvoorbeeld Instellingen en druk op (Kiezen) om het menu te openen.3. Als het hoofdmenu submenu’s bevat, gaat u naar het gewenste submenu (bijvoorbeeld Oproepinstellingen) en drukt u op (Kiezen) om het menu te openen.4. Ga naar de gewenste functie (bijvoorbeeld Snelkeuze) en druk op (Kiezen) om de functie te selecteren.5. Ga naar de gewenste instelling (bijvoorbeeld Uit) en druk op (OK) om de instelling te bevestigen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De menu’s gebruiken46Via het indexnummerDe menu’s, submenu’s en instellingen zijn genummerd en kunnen worden geopend via het bijbehorende indexnummer. Dit nummer wordt rechtsboven in het scherm weergegeven.1. Druk op (Menu).2. Toets binnen drie seconden het indexnummer in van het menu dat u wilt openen.Herhaal deze stap voor een submenu.3. Toets binnen drie seconden het indexnummer in van de gewenste functie en instelling.■ Een menufunctie afsluitenU kunt terugkeren naar het vorige menuniveau door op te drukken. U sluit het menu af door ingedrukt te houden.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De menu’s gebruiken47De menu’s gebruiken■ Overzicht van de menufuncties1. Telefoonlijst1. Zoeken2. Servicenrs.13. Naam toevoeg.4. Wissen5. Bewerken6. Kopiëren7. Toewijzen8. V'krtje zenden9. Opties1. Actief geheugen2. Type weergave kiezen3. Geheugenstatus10.Snelkeuze11.Spraaknrs.2. Berichten1. Berichten intoetsen2. Inbox3. Outbox4. Afbeeldingen5. Sjablonen6. Smiley's7. Berichtenopties1. Set 12 1. Nummer van berichtencentrale2. Berichten verzenden als3. Geldigheid van berichten2. Algemeen31. Afleverrapporten2. Antwoord via zelfde centrale3. Tekenondersteuning8. Infodienst9. Voicemailboxnummer410.Netwerkopdrachteneditor 3. Chatten4. Oproep-info1. Gemiste oproepen2. Ontvangen oproepen3. Laatst gekozen nummers1. Wordt alleen getoond als dit door de SIM-kaart wordt ondersteund.2. Het aantal sets en de namen daarvan kunnen variëren.

Elke set verschijnt in een eigen submenu.3. Het indexnummer van dit menu is afhankelijk van het aantal beschikbare sets.4. Wordt mogelijk niet weergegeven als het voicemailnummer door de netwerkexploitant op de SIM-kaart is opgeslagen.

©2001 Nokia Mobile Phones. All rights reserved.De menu’s gebruiken49De menu’s gebruiken4. Terug naar fabrieksinstellingen7. Doorschak.11. Alle spraakoproepen stil doorschakelen2. Doorschakelen indien in gesprek3. Doorschakelen indien niet opgenomen4. Doorschakelen indien uit of buiten bereik5. Bij uit, in gesprek of buiten bereik6. Alle doorschakelingen annuleren8. Spelletjes9. Calculator10.Herinneringn11. Klok1. Alarmklok2. Klokinstellingen3. Datum instellen4. Stopwatch5. Timerfunctie6. Datum en tijd automatisch12.Profielen13. Diensten14.SIM-diensten21. Mogelijk worden de niet-ondersteunde doorschakelopties niet weergegeven.2. De beschikbaarheid, naam en inhoud zijn afhankelijk van de gebruikte SIM-kaart.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Beghelli 3330 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden