BeamZ NereId500 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van BeamZ NereId500 (36 pagina’s), behorend tot de categorie Lamp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 13 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over BeamZ NereId500 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | BeamZ |
| Categorie: | Lamp |
| Model: | NereId500 |
Handleiding BeamZ NereId500 – volledige tekst
Door middel van de bevestigingsmogelijkheden van de grondplaat kan het apparaat ook ondersteboven aan een truss gemonteerd worden, zie onderstaande afbeelding. Voor de bevestiging zijn gecertificeerde klemmen met de juiste werklast vereist. Volgens de afbeelding, worden de quick-lock bouten van de omega beugels in de openingen in de bodemplaat geplaatst en rechtsom gedraaid tot ze vergrendelen (tot aan de aanslag). De montageplaats moet voldoende stabiel zijn en een gewicht van 10 keer het gewicht van het apparaat kunnen dragen. Borg het apparaat met een veiligheidskabel, zodat deze niet naar beneden kan vallen. Volg bij het uitvoeren van een installatie altijd de Europese en nationale richtlijnen met betrekking tot rigging, truss en alle andere veiligheidskwesties. Laat de installatie altijd controleren door een geautoriseerde dealer.
Als u gebruik maakt van een standaard DMX-lichtstuurtafel, kunt u de DMX uitgang van de lichtstuurtafel rechtstreeks aansluiten op de DMX ingang van het eerste apparaat. Sluit altijd de DMX uitgang aan op de eerst volgende DMX ingang van het volgende apparaat totdat alle apparaten zijn aangesloten. Bij het laatste apparaat, dient u de DMX-lijn af te sluiten met een eindweerstand. Neem een XLR connector en soldeer een 120 Ohm weerstand tussen signaal (-) en signaal (+)en steek deze in de DMX uitgang van het laatste apparaat in de lijn. Dit apparaat kan communiceren met behulp van RDM (Remote Device Management) via DMX512. RDM is een bi-directioneel communicatieprotocol voor gebruik in DMX512-besturingssystemen, het is de open standaard voor DMX512 configuratie en statusbewaking.
Het RDM-protocol maakt het mogelijk datapakketten in een DMX512-lijn in te voegen zonder dat de bestaande niet-RDM-apparatuur te beïnvloeden. Het systeem is in staat, met behulp van een lichtstuurtafel of speciale RDM-controller, om commando's te verzenden en te ontvangen van specifieke armaturen. Met de RDM-functie kunt u onder andere het DMX-startadres van uw armaturen op afstand instellen. Dit is vooral handig wanneer het apparaat in een onbereikbaar plek is geïnstalleerd. Elke apparaat heeft een RDM UID (uniek identificatienummer). De opeenhoping van stof, vuil en andere zwevende deeltjes verminderen de lichtopbrengst van het apparaat. Het zal ook voorkomen dat het apparaat correct koelt, en dit zal de levensduur van het apparaat verkorten.
Om de beste prestaties en levensduur van het apparaat te krijgen, inspecteer het apparaat regelmatig en maak deze schoon zodra u tekenen van vuilophoping ziet. Beoordeel de gebruiksomgeving elke keer dat u het apparaat begint te gebruiken. In stoffige of rokerige omstandigheden, inspecteer het apparaat na enkele uren en controleer het regelmatig of het apparaat mogelijk sneller vuil aantrekt dan u verwacht. Stel een reinigingsschema op dat ervoor zorgt dat het vuil wordt verwijderd voordat het zich kan ophopen. Gebruik de volgende richtlijnen: • Ontkoppel het apparaat van het stroomnet en laat hem volledig afkoelen voordat u hem schoonmaakt. • Gebruik geen oplosmiddelen, schuurmiddelen of andere agressieve producten om het apparaat te reinigen. • Stofzuig of gebruik lage druk perslucht om stof en losse deeltjes van oppervlakken en luchtopeningen te verwijderen.
Voorkom dat de bladen van de koelventilatoren draaien voordat u een vacuüm of luchtstraal op de ventilator richt, anders kunt u de ventilator te snel laten draaien en deze beschadigen. • Reinig glazen onderdelen door ze voorzichtig af te vegen met een zachte, schone, pluisvrije doek, bevochtigd met een zwakke reinigingsoplossing. Leg de oplossing op de doek en niet op het te reinigen oppervlak. Vermijd het wrijven van glazen oppervlakken. • Droog het apparaat met een zachte, schone, pluisvrije doek of perslucht onder lage druk voordat u het apparaat opnieuw van stroom voorziet. Apparaten met beschermingsklasse IP65 zijn stofdicht en volledig beschermd tegen contact (eerste codenummer). Ze zijn ook beschermd tegen spatwater vanuit elke hoek (tweede codecijfer). Daarom kan dit apparaat ook buiten worden gebruikt.
Evenementapparatuur zijn over het algemeen echter alleen ontworpen voor tijdelijk gebruik (evenementenverlichting) en niet voor permanent buiten gebruik.
De aangegeven beschermings-klasse geeft geen uitspraak over de weerbestendigheid van de armaturen (weerstand tegen veranderende omgevingscondities en tegen de effecten van zonlicht en UV-straling). De afdichtingen en schroefverbindingen van het apparaat moeten regelmatig worden gecontroleerd om een storingsvrije werking te garanderen. Dit apparaat is vrijwel onderhoudsvrij, echter u dient het apparaat regelmatig te controleren op mechanische en elektrische aspecten. Beoordeel de gebruiksomgeving en stel een inspectie- en reinigingsschema waarbij de onderstaande richtlijnen in acht worden genomen: • Ontkoppel het apparaat van het stroomnet en laat hem volledig afkoelen voordat u gaat beginnen met inspecteren en reinigen. • Controleerde de schroeven en bouten die gebruikt worden voor het installeren van het apparaat, deze moeten stevig vast gedraaid zijn en mogen geen corrosie vertonen.
• Controleer de behuizing, bevestigingspunten en installatiepunten, deze mogen geen sporen van vervorming, slijtage of materiaalmoeheid vertonen. • Controleer de mechanisch bewegende delen, deze andere mogen geen sporen van slijtage of materiaalmoeheid vertonen. • Controleer de elektrische voedings- en signaalkabels, deze mogen geen beschadigingen of materiaalmoeheid vertonen. • Gebruik geen oplosmiddelen, schuurmiddelen of andere agressieve producten om het apparaat te reinigen.
• Veeg het apparaat af en reinig het glasplaat met een zachte, schone, pluisvrije doek, bevochtigd met een zwakke reinigingsoplossing. Leg de oplossing op de doek en niet op het te reinigen oppervlak. Vermijd het wrijven van glazen oppervlakken. • Droog het apparaat, connectoren en contacten met een zachte, schone, pluisvrije doek of perslucht onder lage druk voordat u het apparaat opnieuw van stroom voorziet. De onderstaande checklist kan u hulp bieden in het onwaarschijnlijke geval dat zich een probleem voordoet tijdens het gebruik van het product: Geen reactie van het apparaat. Geen stroomvoorziening. Controleer of de voeding is ingeschakeld. Controleer de kabels en aansluitingen. Zekering doorgebrand of interne fout. Vervang de hoofdzekering of neem contact op met de Beamz Support of de door Beamz geautoriseerde servicepartner. Demonteer geen onderdelen van de behuizing.
Probeer geen zekering te vervangen of reparaties of onderhoud uit te voeren die niet in deze gebruikershandleiding worden beschreven, tenzij u hiervoor toestemming hebt van de Beamz Support of een door Beamz geautoriseerde servicepartner. Het apparaat wordt correct gereset, maar reageert niet (of niet correct) op de lichtstuurtafel. De lichtstuurtafel is niet aangesloten. Verbind de lichtstuurtafel. Slechte DMX-lijn. Controleer de aansluitingen en kabels. Corrigeer slechte verbindingen. Repareer of vervang beschadigde kabels. DMX-lijn heeft geen eindweerstand. Steek de DMX terminatorstekker in de DMX-uitgang van de laatste apparaat op de DMX-lijn. Onjuiste adressering van het apparaat. Controleer het apparaat adres en de instellingen van de DMX-modus. Een apparaat is defect en verstoort de gegevensoverdracht op de DMX-lijn.
Haal de DMX IN en OUT connectoren uit het apparaat en verbind ze direct met elkaar om één apparaat per keer te omzeilen totdat de normale werking is hersteld. Laat een defecte apparaat onderhouden door een geautoriseerde technicus.
Pin 2 en 3 zijn omgekeerd in XLR-aansluiting. Controleer de aansluitingen en kabels. Installeer een fase verschuivende kabel tussen de armaturen of wissel pin 2 en 3 in het apparaat, die zich afwijkend gedraagt. Fout na reset van het apparaat. Effect vereist mechanische aanpassing. Controleer de softwareversie en foutmeldingen van het apparaat voor meer informatie. Neem contact op met Beamz Support of Beamz geautoriseerde servicepartner. Geen lichtopbrengst of licht valt met tussenpozen uit. Apparaat te warm. Laat het apparaat afkoelen. Verlaag de omgevingstemperatuur. Zorg voor een vrije luchtstroom rond het apparaat. Reinig het apparaat indien nodig. LED's defect Ontkoppel het apparaat en neem contact op met de Beamz Support of met een door Beamz geautoriseerde servicepartner. Instellingen van de voedingsspanning komen niet overeenkomen met de lokale wisselspanning en frequentie.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met BeamZ NereId500 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Lamp BeamZ
Handleiding Lamp
Nieuwste handleidingen voor Lamp