ATAG KD6140F Handleiding

ATAG Koelkast KD6140F

Bekijk gratis de handleiding van ATAG KD6140F (13 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 20 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over ATAG KD6140F of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/13
Gebruiksaanwijzing en inbouwhandleiding
voor integreerbare koelkasten met Climat-Box-gedeelteNL
KD6140F
88019133

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: ATAG
Categorie: Koelkast
Model: KD6140F

Handleiding ATAG KD6140F – volledige tekst

3NLWij feliciteren u met uw nieuwe apparaat. Door uw aankoop heeft u gekozen voor alle voordelen van de modernste koudetechniek, die u een hoogwaardige kwaliteit, een lange levensduur en een hoge bedrijfsze-kerheid garandeert. De uitvoering van uw apparaat biedt u elke dag opnieuw optimaal bedieningscomfort. Met dit apparaat, gefabriceerd met milieuvriendelijke technieken en recyclebare materialen, leveren u en wij gezamenlijk een actieve bijdrage aan het behoud van ons milieu. Lees, om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, a. u. b. de informatie in deze ge-bruiksaanwijzing aandachtig door. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe apparaat. Inhoud Gebruiksaanwijzing pag. Het apparaat in vogelvlucht. 2 Algemene bepalingen. 31 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 4 Aansluiten. 42 Ingebruikneming en controlepaneel. 5 Apparaat in- en uitschakelen. 5 Temperatuur instellen.

5 Temperatuurdisplay. 5 Koelen bij normaal gebruik. 5 Fast-Cool. 53 Koelen, indeling. 6 Aanwijzingen m. b. t. het koelen. 6 Verdelen van de levensmiddelen. 6 Indeling aanpassen. 6 Binnenverlichting. 64 Climat-Box-gedeelte. 75 Ontdooien, reinigen. 8 6 Energiebesparing. 87 Storingen. 9 Technische dienst en typeplaatje. 9Inbouwhandleiding Draairichting deur veranderen. 10-11 Inbouwaanwijzingen. 10-11 Bevestiging en montage. 12-13Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef hem indien nodig aan de volgende eigenaar door. Deze gebruiksaanwijzing is voor verscheidene modellen geldig, afwijkingen zijn daarom mogelijk. §Algemene bepalingen- Het apparaat is voor het koelen en vriezen van levensmiddelen bestemd. Het is voor huishoude-lijk gebruik ontworpen. - Het apparaat is afhankelijk van de klimaatklasse voor gebruik bij begrensde omgevingstempe-raturen ontworpen.

41 Veiligheidsinstructies en waarschuwingenAanwijzing m. b. t. afdankenDe verpakking als transportbescherming van het apparaat en afzonderlijke onderdelen is van recy-clebare materialen gefabriceerd. - Golfkarton/karton- Voorgevormde delen van PS (geschuimd, cfk-vrij polystyreen)- Folies en plastic zakken van PE (polyetheen)- Spanbanden van PP (polypropeen)W Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen - verstikkingsgevaar door folies. W Breng a. u. b. het verpakkingsmateriaal naar het dichtstbijzijnde officiële inzamelpunt zodat de ver-schillende materialen hergebruikt resp. verwerkt kunnen worden. Het afgedankte apparaat bevat nog waardevolle materialen; en moet geschei-den van het ongesorteerde afval worden afgevoerd. W Afgedankte apparaten onmiddellijk onbruikbaar maken, stekker uit het stopcontact trekken en aansluitkabel doorsnijden. Verwijder een evt.

snap- of grendelslot, zodat spelende kinderen zich niet zelf kunnen op-sluiten - ze stikken. W Let erop dat het koelmiddelcircuit van het afge-dankte apparaat voor afhaling of afgifte bij de door de gemeenten ingerichte depots niet beschadigt wordt. Op deze wijze is gewaarborgd dat het koel-middel in het circuit of olie niet ongecontroleerd ontsnapt. - Nadere informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het typeplaatje. De warmte-isolatiestof is PU met pentaan. - Informatie over ophaaldata of inzamelpunten is de plaatselijke stadsreiniging of bij de gemeente verkrijgbaar. Technische veiligheidW Om persoonlijk letsel en materiële schade te voor-komen, het apparaat alleen verpakt transporteren en met twee personen neerzetten. W Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriende-lijk, maar brandbaar. W Leidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen.

W Bij schade aan het apparaat onmiddellijk - voor het aansluiten - bij de leverancier reclameren. W Om een veilig gebruik te waarborgen het appa-raat alleen volgens de informatie in de gebruiks-aanwijzing monteren en aansluiten. W In geval van een storing het apparaat van het net loskoppelen: stekker uit het stopcontact trekken (hierbij niet aan de aansluitkabel trekken) of zeke-ring laten aanspringen resp. eruit draaien. W Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door de technische dienst laten uitvoe-ren, daar anders aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer. Veiligheid bij gebruikW Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals butaan, propaan, pentaan enz. , in het apparaat. Eventueel vrijko-mende gassen zouden door elektrische compo-nenten kunnen ontbranden.

U herkent dergelijke spuitbussen aan de erop gedrukte inhoudsver-melding of aan een vlamsymbool. W Producten met een hoog percentage alcohol al-leen goed afgesloten en staande bewaren. W In het inwendige van het apparaat geen open vuur of ontstekingsbronnen gebruiken. W Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebruiken (bijv. stoomreinigingsapparatuur, ver-warmingsapparatuur, ijsmakers enz. ). W Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteun of om te leunen misbruiken. W Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinderen) met fysieke, sensorische of mentale gebreken of personen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken, tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid verantwoordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden on-derwezen of die aanvankelijk toezicht uitoefent.

Kinderen mogen niet zonder toezicht achterblijven om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen. W Voorkom voortdurend huidcontact met koude oppervlakken of te koelen/te bevriezen levensmid-delen want dat kan een pijnlijk of dof gevoel en bevriezing veroorzaken.

Bij langdurig huidcontact veiligheidsmaatregelen treffen, bijv. handschoe-nen dragen. W Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn, ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken. Inbouw- en ventilatie-aanwijzingW Vermijd de inbouw direct in het zonlicht, naast een fornuis, radiator en dergelijke. W De ventilatieopeningen mogen niet afgedekt worden. Altijd op een goede be- en ontluch-ting letten. Neem de aanwijzingen uit de appendix van de inbouwhandleiding in acht. W De plaatsingsruimte van uw apparaat moet vol-gens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 kubieke m bezitten zodat er in geval van een lekkage in het koelmiddelcircuit geen ontvlam-bare gas-lucht-mengeling in de plaatsingsruimte van het apparaat kan ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.

AansluitenStroomsoort (wisselstroom) en spanningop de opstellingsplaats moeten met de informatie op het typeplaatje overeenstemmen. Het typeplaatje bevindt zich aan de linker binnenkant, naast de groenteladen. W Het apparaat alleen via een correct geïn-stalleerd randaardestopcontact aansluiten. W Het stopcontact moet d. m. v. een zekering van 10 A of zwaarder beveiligd zijn, buiten de achterzijde van het apparaat liggen en goed toegankelijk zijn. W Het apparaat niet- op stand-alone omvormers aansluiten,- in combinatie met zgn. energiebesparingsstek-kers gebruiken - de elektronica kan beschadigd worden,- samen met andere apparaten aansluiten via een verlengkabel - gevaar voor oververhitting. W Bij het loshalen van het netsnoer van de achter-zijde van het apparaat de verwijde- kabelhouderren, om rammelen te voorkomen.

5NLHet verdient aanbeveling, het apparaat voor inge-bruikneming te reinigen, meer hierover in de para-graaf "Reinigen". Schakel het apparaat met het vriesvak ongeveer 2 uur voordat u de eerste levensmiddelen erin plaatst in. Apparaat in- en uitschakelenW Inschakelen: Druk op de Aan/Uit-tiptoets ; het 1temperatuurdisplay licht op/knippert. - De binnenverlichting brandt wanneer de deur geopend is. W Druk op de Aan/Uit-tiptoets; het Uitschakelen:verlichte temperatuurdisplay en de binnenverlich-ting gaan uit. Temperatuur instellenHet apparaat is standaard ingesteld voor normaal bedrijf. Voor het koelgedeelte adviseren wij +5 °C. W Temperatuur verlagen/kouder: Druk op de onderste tiptoets 2. W Temperatuur verhogen/warmer: Druk op de bovenste tiptoets 2. - Tijdens het instellen knippert de ingestelde temperatuur op het temperatuurdisplay.

- De eerste keer dat u op een temperatuur-tiptoets drukt toont het temperatuurdisplay de laatst inge-stelde temperatuur van het koelgedeelte. - Door meermaals kort op een tiptoets te drukken, laat u de ingestelde temperatuur in stapjes van 1 °C verspringen. Houdt u de tiptoets langer inge-drukt dan verandert de temperatuur doorlopend. - Ca. 5 s na de laatste druk op een toets schakelt de elektronica automatisch om en wordt de ge-middelde koeltemperatuur (= actuele waarde) weergegeven. - De temperatuur is instelbaar in het koelgedeelte tussen 9 °C en 4 °C. W In het Climat-Box-gedeelte wordt de tempera-tuur automatisch geregeld en blijft ze constant net boven 0 °C. Als u een hogere of lagere temperatuur wenst, bijv. voor het bewaren van vis, kunt u deze zelf instellen.

Temperatuur in het Climat-Box-gedeelte in-stellen:W Schakel het apparaat uit: Druk op de Aan/Uit-toets 1, het temperatuurdisplay gaat uit. W Druk op de beide tiptoetsen 2, houd ze ingedrukt en druk bovendien op de Aan/Uit-toets 1 (alle 3 toetsen moeten even kort ingedrukt worden).

❄°C- Op het temperatuurdisplay verschijnt er afwis-3selend een " " en een getalswaarde ( = voorge-5 programmeerd). U kunt een getalswaarde van 0 tot 9 instellen. W Als u een hogere temperatuur wenst, kiest u een grotere getalswaarde door op de bovenste programmeertoets 2 te drukken. Als u een lagere temperatuur verkiest, drukt u op de onderste pro-grammeertoets 2. W Door het apparaat uit en in te schakelen beëindigt u de instelmodus onmiddellijk. Na ca. 2 min. wordt de modus automatisch uitgeschakeld. De Climat-Box-temperatuur wordt op de nieuwe waarde ingesteld. Temperatuurdisplay In de normale stand wordt de gemiddelde tempera-tuur in de koelruimte 3 weergegeven. Direct nadat het apparaat in bedrijf werd gesteld en wanneer het apparaat warm is, staat er een streepje op het temperatuurdisplay totdat de temperatuur ver genoeg gedaald is (tussen 9 °C - 0 °C).

- Het temperatuurdisplay knippert wanneer u de ingestelde temperatuur verandert. W Verschijnt op het temperatuurdisplay een foutmel-ding "F0 F 5" tot " " dan is sprake van een storing. Neem in dit geval contact op met de technische dienst van de leverancier van het apparaat. Wan-neer u het nummer van de foutmelding (bijv. "F2") noemt, kan men u snel van dienst zijn. Koelen bij normaal gebruikDoor de natuurlijke luchtcirculatie bij normaal gebruik ontstaan verschillende temperatuurzones, die voor het bewaren van de verschillende levensmiddelen gunstig zijn. - Direct boven de groenteladen en tegen de achter-wand is het het koudste. - In het bovenste voorste bereik en vanboven in de deur is het het warmste - gunstig voor bijv. smeer-bare boter en kaas. Bewaar daarom de levensmid-delen volgens het "indelingsvoorbeeld", afb.

De koeltemperatuur daalt hierbij tot de waarde van de koudste instelling van de temperatuurregelaar. W In-/uitschakelen: Druk de Fast-Cool-toets 4 kort in zodat het bijbehorende lampje oplicht (donker = uit). Opmerking: Fast-Cool heeft een hoger energiever-bruik. Na ca. 6 uur echter schakelt de elektronica automatisch naar de energiebesparende normale stand terug. Direct nadat het apparaat in bedrijf werd gesteld en wanneer het apparaat warm is, staan er streepjes op het temperatuurdisplay tot-dat de temperatuur ver genoeg gedaald is (tussen 9 °C - 0 °C). °C2 Ingebruikneming en controlepaneelA1.

6123121122CEDF1F21123 Koelen, indelingAanwijzingen m. b. t. het koelenW Plaats levensmiddelen zodanig dat de lucht goed kan circuleren, dus niet te dicht bij elkaar. Ventilatorluchtgaten aan de achterkant niet bedekken – belangrijk voor het koelvermogen. W Bewaar ze altijd in gesloten verpakkingen; bewaar pro-ducten met een hoog percentage alcohol alleen goed afgesloten en staande. W Als verpakkingsmateriaal zijn recyclebare kunststof, me-talen, aluminium, glazen verpakkingen en vershoudfolie geschikt. W Ethyleengasproducerende en -gevoelige levensmiddelen zoals fruit, groente en sla, altijd gescheiden bewaren of verpakken, om de houdbaarheid niet te reduceren; bijv. tomaten niet met kiwi's of kool bewaren. Indeling aanpassenW Het conservenblikkenvak kunt u verplaatsen en alle opbergvakken zijn voor het reinigen uitneembaar, afb.

: schuif het opbergvak omhoog en neem het er naar Cvoren uit. W Door het verschuiven van de flessen- en conserven-houder kunt u flessen beveiligen tegen omvallen bij het openen en sluiten van de deur. Neem de houder altijd bij het fixeerdeeltje van kunststoff, afb. C- Voor het reinigen kan de houder worden weggenomen: de onderste rand van de houder naar voren trekken en losmaken. W kunt u afhankelijk van de hoogte van De draagplateausde producten verplaatsen. Draagplateaus er volgens afb. D uitnemen. - Schuif de draagplateaus altijd met de aanslagrand achter naar boven wijzend terug, daar de levensmiddelen an-ders aan de achterwand vast kunnen vriezen. - De glasplaten zijn door uittrekstops beveiligd tegen on-gewild uittrekken.

W Hebt u ruimte voor grote flessen nodig, dan kunt u de voorste halve glasplaat zacht omhoog heffen en voor-zichtig onder de achterste plaat schuiven tot de uittrek-stops in de openingen klikken, afb. EW De groente-/fruitlade 7, fig. B, kunnen weggenommen worden om meer ruimte in het koelgedeelte te hebben. De binnenverlichtingwordt automatisch uitgeschakeld wanneer het apparaat langer dan ca. 15 minuten open staat.

Gaat de binnenver-lichting niet automatisch aan wanneer u het apparaat opent maar is het temperatuurdisplay wel verlicht, dan is het gloei-lampje misschien defect. Vervangen van de gloeilamp:W Type gloeilamp: max. 25 W, de stroom en spanning moeten overeenkomen met de gegevens op het type-plaatje, E14-fitting. W Schakel het apparaat uit. Trek de stekker uit het stop-contact of schakel de zekering in de meterkast uit. W Druk de boven- en onderkant van het afdekkapje, afb. , in 1 en wip het kapje aan de achterkant los 2. F1W Vervang de gloeilamp, afb. , gebruik bij het draaien iets F2meer kracht - i. v. m. wrijving van afdichting. Let er bij het indraaien op dat de afdichting correct in de lampfitting zit. W Zet het afdekkapje achter terug en druk de boven- en onderkant vast. Afb.

7NLIn het Climat-Box-gedeelte kunt u diverse verse levens-middelen tot drie keer zo lang bewaren met een constante kwaliteit als bij traditionele koeling. Zo kunt u een grotere voorraad verse levensmiddelen bewaren. Smaak, versheid, genot- en voedingswaarde (gehalte aan vitamine C en B) blijven in hoge mate behouden. Er ontstaat minder afval en gewichtsverlies bij het panklaar maken van groente en fruit. De voeding kan verser en natuurlijker zijn. De automatisch geregelde bewaartemperatuur constant net boven 0 °C en de zich instellende luchtvochtigheid bieden optimale bewaaromstandigheden voor de verschillende levensmiddelen. De bovenste lade 8 ,afb. , is geschikt voor het bewaren van droge of verpakte Blevensmiddelen (vb. zuivelproducten, vlees, vis, worst). Hier ontstaat een relatief droog bewaarklimaat. De regelbare lade 9 ,afb.

, is in de stand "vochtig" geschikt voor het bewaren Bvan sla, groente, fruit. Bij een goed gevulde lade ontstaat een heerlijk fris klimaat met een luchtvochtigheid tot max. 90%. Indien nodig kunt u deze lade naar keuze gebruiken met een droog of vochtig klimaat. Vochtigheid regelen:W " " droog : klein vochtigheidssymbool - schuif naar links duwen. Voor levens-middelen die geschikt zijn voor droge bewaring. W " " hoge relatieve luchtvoch-vochtig :tigheid van ca. 90%, groot vochtig-heidssymbool - schuif helemaal naar rechts duwen. Geschikt voor onverpakt bewaarde levensmiddelen met een hoge vochtigheidsgraad, vb. verse blad-salades. OpmerkingenW De luchtvochtigheid in het vak is afhankelijk van het voch-tigheidsgehalte van de opgeslagen levensmiddelen en van hoe vaak de deur wordt geopend. W Let erop dat u uitsluitend verse etenswaar koopt.

W Niet in het Climat-Box-gedeelte horen harde kaas, aardappels, kougevoelige groente zoals komkommers, paprika, aubergines, avocado's, halfrijpe tomaten, bonen, courgettes en kougevoelige zuidvruchten zoals ananas, bananen, grapefruits, meloenen, manga's, papaya's, enz4 Climat-Box-gedeelteWenken voor het bewaren van bepaalde levensmiddelen in het Climat-Box-gedeelte:Bij drooge instelling:Boter tot 30 dagenKaas, zacht tot 30 dagenMelk, vers tot 7 dagenWorst, beleg tot 7 dagenVis tot 4 dagenSchaaldieren tot 3 dagenGevogelte tot 5 dagenVarkensvlees in grote porties tot 7 dagen klein gesneden tot 5 dagenRundvlees, wild tot 7 dagenBij vochtige instelling:Groente en slaArtisjokken tot 21 dagenAsperges tot 14 dagenBieslook tot 7 dagenBleekselderij tot 30 dagenBloemkool tot 21 dagenBoerenkool tot 14 dagenBroccoli tot 14 dagenChinese kool tot 14 dagenErwten tot 10 dagenlJsbergsla, andijvie, veldsla tot 21 dagenKeukenkruiden tot 30 dagenKnoflook tot 180 dagenKool (krop) tot 180 dagenKoolraap tot 14 dagenPaddestoelen tot 7 dagenPrei tot 60 dagenRadicchio tot 21 dagenRadijsjes tot 14 dagenSavooiekool tot 60 dagenSla (krop) tot 10 dagenSpinazie tot 7 dagenSpruitjes tot 30 dagenVenkel tot 21 dagenWitlof tot 30 dagenWortels tot 150 dagenFruitAardbeien tot 5 dagenAppels tot 180 dagenAbrikozen tot 14 dagenRode bessen tot 21 dagenBosbessen tot 14 dagenBramen tot 8 dagenDadels (vers) tot 60 dagenDruiven tot 90 dagenFrambozen tot 5 dagenKersen tot 14 dagenKiwi tot 120 dagenKruisbessen tot 21 dagenKweeperen tot 90 dagenPeren tot 120 dagenPerziken tot 30 dagenPruimen tot 21 dagenRabarber tot 21 dagenVijgen (vers) tot 7 dagen.

8OntdooienHet koelgedeelte en het Climat-Box-gedeelteontdooien automatisch. Het vrijkomende vocht op de achterwand van de koelruimte wordt via de dooi-waterafvoer naar een verdampingsschaal buiten de koelruimte afgevoerd. Het dooiwater verdampt door de warmte van de compressor - waterdruppels tegen de achterwand zijn een gevolg van het ontdooipro-ces en heel normaal. W U hoeft er slechts voor te zorgen dat het dooi-water door de afvoeropening in de achterwand achter de bovenste Climat-Box-lade ongehinderd weg kan stromen (pijl in afb. ). AReinigenW Voor het reinigen altijd het apparaat uitscha-kelen. Stekker uit het stopcontact trekken of de voorgeschakelde zekeringen eruit schroe-ven resp. laten aanspringen. W Binnenruimte en delen van het interieur met lauw-warm water en een beetje schoonmaakmiddel met de hand reinigen.

Niet met stoomreinigings-apparatuur werken - gevaar voor verwonding en beschadiging. - Gebruik reinigingsmiddelen niet geconcen-treerd en in geen geval zand- of zuurhoudende schoonmaak- resp. chemische oplosmiddelen. Wij adviseren een allesreiniger met een neutrale pH-waarde. - Het typeplaatje op de binnenkant van het ap-paraat niet beschadigen of verwijderen - het is belangrijk voor de technische dienst. W De boterdoos kan in de vaatwasser worden ge-reinigd; de plateaus, glasplaten en overige delen van het interieur met de hand reinigen, ze zijn niet geschikt voor de vaatwasser. W Als u het bovenste deurvak (boter- en kaasvak) wilt verwijderen, dan het vak altijd samen met het deksel verwijderen. Daarna een zijstuk van het vak voorzichtig naar buiten duwen totdat de dekselpen vrij komt en het deksel zijwaarts weg-gehaald kan worden; daarbij op eventuele lager-bussen letten.

L M- Erin zetten: Alle laden dicht naar de greepzijde toe op de geheel eruit getrokken geleiders zetten - geleiders moeten tot aan de voorkant van de lade komen - en schuif de laden erin (afb. ). M- Trek het deksel van de lade er eenvoudig naar voren uit. Bij het erin zetten dicht naar de greep-zijde toe alle 4 lagertappen in de geleidegroeven laten vastklikken. 6 Energiebesparing Laden en deksel moeten boven elkaar in één lijn staan. W Reinig de dooiwater-afvoeropening in de ach-terwand achter de bovenste Climat-Box-lade re-gelmatig, afb. , pijl. A Gebruik indien nodig een spits hulpmiddel, bijv. een wattenstaafje. W Steek vervolgens de stekker weer in het stopcon-tact (of schakel de zekering in de meterkast weer in) en schakel het apparaat in. Leg de levensmid-delen weer terug in het apparaat zodra de tempe-ratuur begint te dalen.

Moet het apparaat voor langere tijd uitgeschakeld worden, maak het dan leeg, trek de stekker uit het stopcontact, maak het op de hierboven beschreven manier schoon en laat de deur van het apparaat open staan om geurvorming te voorkomen. Tips voor energiebesparing W Houd de ventilatieopeningen vrij. W Laat de deur nooit onnodig lang open staan. W Plaats de levensmiddelen soort bij soort in het apparaat; houdt u aan de maximale bewaartijd. W Bewaar alle levensmiddelen goed verpakt of afge-dekt; rijpvorming wordt zo voorkomen. W Laat warme gerechten eerst tot kamertempera-tuur afkoelen voordat u ze in het apparaat plaatst. W Laat diepvriesproducten in het koelgedeelte ont-dooien. W Ontdooi het vriesvak bij een dikkere laag rijp. Hierdoor wordt de koudeovergang verbeterd en blijft het energieverbruik laag. 5 Ontdooien, reinigen.

9NL7 StoringenHet apparaat is zodanig geconstrueerd en gefabriceerd dat bedrijfszekerheid en een lange levensduur gegarandeerd zijn. Doet zich desondanks een storing voor controleer dan of deze tot een bedieningsfout te herleiden is. In dat geval moet u namelijk ook gedurende de garantieperiode de kosten die ont-staan vergoeden. De volgende storingen kunt u door controle van de mogelijke oorzaken zelf verhelpen:Apparaat werkt niet:- Is het apparaat correct ingeschakeld. - Zit de stekker goed in het stopcontact. - Is de zekering voor het stopcontact in orde. Binnenverlichting brandt niet:- Is het apparaat ingeschakeld. - De gloeilamp is defect. Volgens paragraaf "Binnenverlichting" de lamp vervangen. Geluiden zijn te hard:- Staat het apparaat op een stevige ondergrond. Worden meubels/voorwerpen naast het apparaat door het draaiende aggregaat aan het trillen gebracht.

Schuif het apparaat eventueel iets weg, stel het met de stelpoten waterpas, zet de flessen en verpakkingen van elkaar af. - Normaal zijn: stromingsgeluiden (borrelen of ruisen) ver-oorzaakt door het koelmiddel dat in het koelmiddelcircuit stroomt. Een kort klikken. Dit ontstaat altijd als de compressor (de motor) automatisch in- of uitgeschakeld wordt. Brommen van de motor. De motor bromt even iets harder als het aggregaat wordt ingeschakeld. De temperatuur is niet voldoende laag:- Sluit de apparaatdeur goed. - Is er voldoende be- en ontluchting. Ventilatierooster eventueel vrijmaken. - Is de omgevingstemperatuur te hoog. (zie passage "Alge-mene bepalingen")- Werd het apparaat te vaak of te lang geopend. - Eventueel afwachten of de gewenste temperatuur vanzelf weer wordt bereikt.

Technische dienst en typeplaatjeKunt u geen van de hierboven beschreven oorzaken vast-stellen en de storing niet zelf verhelpen of verschijnt op het temperatuurdisplay een foutmelding "F 0" tot " F 5" dan is er sprake van een storing.

Neem in dit geval contact op met de dichtstbijzijnde technische dienst (zie bijgevoegd overzicht). Geef het nummer van de foutmel-ding (F1 enz. ) door evenals de volgende gegevens op het typeplaatje: de typeaanduiding 1, het servicenummer 2, het apparaatnummer 3. Hierdoor wordt een snelle en efficiënte service mogelijk. Het typeplaatje vindt u op de linker binnenkant van het appa-raat. Laat het apparaat dicht tot de klantendienst komt om een nog groter koudeverlies te vermijden.

10InbouwhandleidingDraairichting deur veranderenAfb. A1Indien nodig kunt u de draairichting veranderen, zie anders de rest van deze handleiding, vanaf inbouwaanwijzingen en afb. BW Wip het afdekdeel 1 2 er met de hand en met behulp van een schroevendraaier naar voren af. W Detailafb. : Draai de bevestigingsschroeven A1. 1 3 in de behuizing boven en onder alleen los. - Schuif de deur naar buiten en til hem eruit. W Climat-Box-laden verplaatsen, afb. :A3, 4, 5- Afb. : Trek elke lade er helemaal uit, pak hem achter A3vast en til hem naar boven weg. - Afb. : Trek het deksel van de lade A4 5 er naar voren uit en schuif hem aan de andere greepzijde in de geleide-groeven terug totdat de lagertappen vastklikken. - Afb. : Zet de laden weer terug, plaats elke lade op de A5geheel eruit getrokken geleiders - geleiders moeten tot aan de voorkant van de lade komen - en schuif de lade erin.

Lade en deksel moeten boven elkaar in één lijn staan. W Zet de bevestigingsschroeven 3 naar de andere kant over, draai ze handvast. W Afb. : Draai de schroeven voor de bevestiging van de A1 deur 4 eruit en verzet de scharnieren diagonaal. Let op, scharnieren niet dichtklappen - gevaar voor ver-wonding. W Sluit met de stopjes bl de vrijgekomen bevestigings-gaten af. W Hang de deur in de voorgemonteerde schroeven 3 en draai de schroeven vast. W Zet de afdekdelen 1 2 en elk aan de andere kant er weer op. A3A4A55InbouwaanwijzingenW Het apparaat is ook geschikt voor vervanging van een inbouwapparaat. Demonteer in dit geval het hang- en sluitwerk van de deur van het keukenmeubel en de nis. Dat is niet meer nodig, omdat het keukendeurtje op de deur van het apparaat wordt gemonteerd. Alle benodigde bevestigingselemen-ten zijn bij het apparaat gevoegd. W Afb.

: Lijn het keukenkastje met een waterpas en win-Bkelhaak uit. Leg er indien nodig opvulblokjes onder. Het draagplateau en de zijwand van het keukenkastje moeten haaks op elkaar staan.

W Het koel-/vriesapparaat enkel in stabiele meubelstukken inbouwen. W Houd de ventilatieopeningen beslist aan:- De diepte van het ventilatiekanaal aan de achterwand van het keukenkastje moet min. 38 mm bedragen. - Voor de be- en ontluchtingsopeningen in de plint van het keukenkastje en het ombouwmeubel boven is min. 200 cm2 nodig. Hoe groter de doorsnede van de ventilatieruimte, des te energiezuiniger werkt het apparaat. W Controleer de inbouwmaten aan de hand van afb. en B de volgende tabel:Hoogte apparaat [mm Hoogte nis [mm] a b 1393 1397 - 1413.

12Bevestiging en montageAfb. : Alle bevestigingselementen zijn bij het apparaat C1-3gevoegd. W Afb. : Schuif de opvulstrook D bm in de opname, schroef hem met borstbouten bn op het apparaat. W Let er bij het leggen van de kabel van de elektrische leiding op dat het apparaat na de inbouw gemakkelijk kan worden aangesloten. - Schuif het apparaat voor 3/4 in de nis. W Let op de dikte van de meubelwand: Bij 16 mm dikke meubelwanden = 568 mm brede nis:- Afb. : Lijm afdekprofiel Dbp aan de kant van de deurgreep vast, in één lijn met de zijwand van het apparaat: trek de beschermfolie eraf en druk het profiel vast; snij het profiel indien nodig overeenkomstig de hoogte van de nis af. - Druk de afstandsdelen bo bq en op de scharnieren. - Afb. : Schuif het apparaat zo ver in de nis dat de af- Estandsdelen tegen de zijwand van het keukenkastje rusten, afb.

E1 Bij 19 mm dikke meubelwanden = 562 mm brede nis:- Afb. : Schuif het apparaat in de nis, totdat de voorkan- E2ten van de scharnieren in één lijn met de zijwand van het keukenkastje staan; houd bij keukenkastjes met deuraan-slagdelen (noppen, afdichtlippen enz. ) rekening met de opbouwmaat. Laat de scharnieren met de opbouwmaat naar voren staan. Schuif het apparaat aan de scharnier-kant tegen de wand van het keukenkastje aan. W Afb. : Lijn het apparaat via de stelpoten met de bijge-E3voegde steeksleutel cn recht staande uit. Lijn de behui-zing parallel met de voorkanten van de meubelzijwanden uit. W Schroef de kunststof hoek br met M5-schroeven aan bs de kant van de deurgreep aan het apparaat vast. - Lijn in de diepte de kunststof hoek br in één lijn met de voorkant van de bodem van het keukenkastje uit. Houd bij deuraanslagdelen (noppen, afdichtlippen enz.

: Monteer met een lange schroef F3 bu door het mid-den van het sleufgat van de kunststof hoek br voor. Klap de afdekking van de kunststof hoek dicht en sluit de deur van het apparaat. Keukendeurtje monterenW Afb. : Controleer de voorinstelling van 8 mm (afstand G1 tussen de deur van het apparaat en de onderkant van de strip). W Afb. : Schuif de montagehulpmiddelen G dl tot aan de hoogte van het keukendeurtje omhoog. Onderste aan-slagkant van het montagehulpmiddel = bovenkant van ▲het te monteren keukendeurtje. W Hang de strip dm op het keukendeurtje: - Schroef hiervoor de borgmoeren dn eraf. - Afb. : Hang de strip met de montagehulpmiddelen op de H binnenkant van het keukendeurtje en centreer hem. (Op de meubeldeur een korte middellijn aftekenen. Pijlpunt van de verbindingsstrip gelijk zetten met de middellijn. De afstanden tot de buitenrand moeten links en rechts gelijk zijn.

)- Heeft het keukendeurtje gaten voor inbouwscharnieren, sluit deze dan met de ronde zelfplakkende afdekkingen cp af (de gaten zijn bij deze deur op deur-bevestiging niet nodig). - Vallen de schroeven in het gat voor inbouwscharnieren, dan moet dit gat met het bevestigingsstopje cq (zakje met toebehoren, afb. C2) worden afgesloten. Draai de bevestigingsas verticaal en draai hem met de schroeven bt vast, afb. H1 W Schroef strip dm gecentreerd vast:- Afb. : bij deuren van spaanplaat met minimaal H6 schroeven,- bij deuren met panelen met 4 schroeven aan de rand. - Trek de montagehulpmiddelen dl naar boven eruit en schuif ze gedraaid in de ernaast gelegen opnameopenin-gen. W Afb. : Hang het keukendeurtje op de deur van het appa-Jraat/de stelschroeven do. Draai de borgmoeren losjes dnop de stelschroeven. Sluit de deur. W Afb. : Controleer de afstand van de deur t. o. v.

: Breng het keukendeurtje in de horizontale en J2ver-ticale richting in één lijn met de voorkanten van de aan-grenzende keukenkastjes: zijdelingse verstelling Xdoor verschuiven, hoogteverstelling en zijdelingse hoek Ym. b. v. de stelschroeven do - met een schroevendraaier. - Draai de borgmoeren dn vast. W Afb. : Bevestigingshoek (K cr met behulp van de zeskant-schroef cs op de voorgeboorde gaten van de deur van het apparaat schroeven. - Schroef de deur van het apparaat door de bevestigings-hoeken cr aan het keukendeurtje vast: - Let erop dat de beide metalen kanten uitgelijnd zijn, sym-bool. Boor vervolgens de bevestigingsgaten voor (evt. //met een kraspen markeren) en schroef de deur vast. W Lijn het keukendeurtje in de diepte uit:Z- Afb. : boven: Draai de kruiskopschroeven J2 dp los. - Afb.

: onder: Draai de zeskantschroeven Kcs met de bijgevoegde ringsleutel co los en verschuif de deur. - Afb. : Stel tussen het keukendeurtje en de ombouwkast J1een luchtspleet van ca. 2 mm in. Houd de noppen en afdichtlippen vrij - belangrijk voor een correcte werking. W Afb. : Monteer bij grote of meerdelige keukendeurtjes Leen 2e paar bevestigingshoeken (zakje met toebe-cr horen, afb. C3). Gebruik hiervoor in de buurt van de handgreep de voorgeboorde gaten in de deur van het apparaat. W Controleer de uitlijning van de deur, corrigeer indien nodig. Draai alle schroeven vast. - Afb. : Draai de borgmoeren L1 dn co met de ringsleutel vast, houd hierbij de stelschroeven do met een schroe-vendraaier tegen. W Afb. : Lijn indien nodig de opvulstrook L2 bm door ver-schuiven parallel met de bodem van het keukenkastje uit. De strook mag niet naar voren uitsteken. W Afb.

: Zet het apparaat onder met een tweede schroef L3bu door de kunststof hoek in het ronde gat vast. W Afb. : Zet de bovenste afdekking M cl er op en druk hem vast. Schuif de zijdelingse afdekkingen cm ct en erop en druk ze vast. W Afb. : De eindaanslagvering van de deur kan worden N bijgesteld.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met ATAG KD6140F stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden