ATAG i-Serie Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van ATAG i-Serie (56 pagina’s), behorend tot de categorie Verwarmingsketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 44 mensen. Heb je een vraag over ATAG i-Serie of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | ATAG |
| Categorie: | Verwarmingsketel |
| Model: | i-Serie |
Handleiding ATAG i-Serie – volledige tekst
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 41 InleidingDit installatievoorschrift beschrijft de werking, installatie, bediening en het primaire onderhoud van de ATAG i-Serie cv-ketels. Dit installatievoorschrift is bedoeld voor erkende installateurs die de ATAG ketels installeren en in gebruik stellen. Lees ruim voor aanvang van installatie van de ketel dit installatievoorschrift goed door. Voor gebruikers van de ATAG i-Serie is een aparte gebruikshandleiding opgenomen. ATAG Verwarming is niet aansprakelijk voor gevolgen die voortvloeien uit ingeslopen fouten of onvolkomenheden in het installatievoorschrift en de gebruikshandleiding. Tevens behoudt ATAG Verwarming zich het recht voor om haar producten te wijzigen zonder voorafgaande mededeling.
Geef de klant bij oplevering van de installatie duidelijke instructies over het gebruik van de ketel en overhandig daarbij de gebruikshandleiding en garantiekaart aan de klant. Elkeketelisvoorzienvaneentypeplaat. Verieeraandehandvandegegevensopdezetypeplaat of de ketel voldoet aan de situatie waarin het geplaatst moet worden, zoals gassoort, netvoeding en afvoerklasse. 2 RegelgevingVoor installatie van de ATAG i-Serie gelden de volgende regels:- Wetgeving: Bouwbesluit Het bouwbesluit bevat prestatie-eisen over opstelling, afvoer en uitmonding. - NEN 2757; bepalingsmethode voor afvoer- NEN 1087; bepalingsmethode voor ventilatie en prestatie-eisen voor leidingwerk- NPR 3378 of NTR- NEN 3028; veiligheidsvoorschriften- AVWI - NEN 1006;- ARBO-wet;- Plaatselijk geldende voorschriften.
De ketel moet aangesloten worden volgens dit installatievoorschrift en alle installatietechnische normen en voorschriften die betrekking hebben op de aan te sluiten installatie. De installateur is verantwoordelijk voor het in acht nemen van de ARBO-wet. Het apparaat mag alleen door bevoegde personen bediend worden, die geïnstrueerd zijn over de werking en het gebruik van het apparaat. Ondeskundig gebruik kan leiden tot schade aan het apparaat en/of de aangesloten installatie.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 5Het apparaat mag niet worden gebruikt door kinderen of personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens, of gebrek aan ervaring en kennis, tenzij onder toezicht of indien zij instructies daarvoor hebben gekregen. Er moet op toegezien worden dat kinderen niet met het apparaat spelen. Houd rekening met de volgende veiligheidsvoorschriften:- Alle werkzaamheden aan de ketel dienen in een droge omgeving plaats te vinden. - Laat de ATAG ketel niet functioneren zonder mantel, tenzij er controle- en afstelwerkzaamheden moeten plaatsvinden (zie hoofdstuk 13). - Laat nooit elektrische en elektronische componenten in contact komen met water.
Voer de volgende handelingen uit bij (onderhouds-) werkzaamheden aan een reeds aangesloten ketel:- Schakel alle functies uit;- Sluit de gaskraan;- Trek de stekker uit de wandcontactdoos;- Sluit de stopkraan van de inlaatcombinatie bij de ketel. Indien er controle- en afstelwerkzaamheden uitgevoerd moeten worden let dan op het volgende;- De ketel moet tijdens deze werkzaamheden kunnen functioneren, dus moeten zowel de voedingsspanning, de gasdruk alsook de waterdruk op de ketel blijven staan. Zorg ervoor dat deze tijdens de werkzaamheden geen gevaar kunnen opleveren. Controleer na (onderhouds-)werkzaamheden aan de ketel altijd alle gasvoerende delen op dichtheid (d. m. v. lekzoekspray). Plaats na (onderhouds-)werkzaamheden altijd de mantel terug en borg de mantel met de schroeven.
De volgende (veiligheids-) symbolen kunnen in dit installatievoorschrift, op de verpakking en op de ketel voorkomen:Dit symbool geeft aan dat de ketel vorstvrij opgeslagen moet worden. Dit symbool geeft aan dat de verpakking en/of inhoud beschadigd kan raken door onzorgvuldig transport. Dit symbool geeft aan dat de verpakte ketel beschermd moet worden tegen weersinvloeden tijdens transport en opslag. SLEUTEL-symbool. Dit symbool geeft aan dat hier een (de-)montage uitgevoerd moet worden.
Het leveringspakket is als volgt samengesteld:• Ketel met mantel;• Overstortventiel 3 bar (in ketel);• Automatische ontluchter (in ketel);• Bypass (in ketel);• Driewegklep (in combiketel);• Doseerventiel (in combiketel);• Terugslagklep tegen rookgassen (alleen in EC-combiketel);• Doos met toebehoren, met: • Sifon met afvoerslang; • Toebehoren voor ketelaansluitingen; • Ophangbeugel; • Bevestigingsmateriaal bestaande uit pluggen en schroeven; • Aftekenmal; • Gebruikshandleiding en Service & Installatie manual; • Garantiekaart.De ATAG i-Serie cv-ketel is hoofdzakelijk voorzien van 230V elektrische componenten.De volgende onderdelen zijn niet standaard aanwezig in de ketel en moeten volgens voorschrift in de installatie opgenomen worden (levering door derden):• Inlaatcombinatie 8 bar in koudwaterleiding; zie 6.7;• Expansievat (inhoud en druk is installatieafhankelijk); zie 6.2;• Gaskraan; zie 6.6;• Vul- en aftapkraan cv-installatie;• Rookgasafvoersysteem;• Kamerthermostaat/Regeling.6 KetelbeschrijvingDe ATAG i-Serie cv-ketel is een gesloten, condenserende en modulerende cv-ketel al of niet voorzien van een geïntegreerde warmwatervoorziening.De ketel is voorzien van een compacte RoestVastStalen iCon warmtewisselaar met gladde buizen.
Een doordacht principe met duurzame materialen. De cv-ketel verbrandt (aard)gas voor het leveren van warmte. Deze warmte wordt in de warmtewisselaar overgedragen aan het water in de cv-installatie. Door het sterk afkoelen van de rookgassen ontstaat condens. Hierdoor wordt juist een zeer hoog rendement gehaald. Het gevormde condenswater, dat geen negatieve invloed op de wisselaar en de werking heeft, wordt door de interne sifon afgevoerd.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 111 Warmtewisselaar type iCon2 Ontsteekunit3 Ventilator4 Luchtinlaatdemper5 Gasklep6 Automatische ontluchter7 Platenwisselaar (WW)8 Besturingsunit 9 Bedieningspaneel10 Driewegklep11 Circulatiepomp12 Rookgasafvoer13 Luchttoevoer14 Typeplaat15 Overstortventiel16 Economiser (WW)17 Sifon18 Terugslagklep RGA (alleen in EC-combiketel)ATAG i35EC Figuur 7.aT1 AanvoersensorT2 RetoursensorT3 WarmwatersensorF1 Flowsensor (WW)P1 WaterdruksensorT2 42151081171431213691516T1P1T3F11718De ketel is voorzien van een intelligent besturingssysteem. De ketel anticipeert op de warmtebehoefte van de cv-installatie of de warmwatervoorziening. Hierdoor zal de ketel zijn vermogen afstemmen op de installatie. Dit betekent dat de ketel langer en op een laag niveau in bedrijf zal zijn. Indien er een buitenvoeler wordt aangesloten kan de regeling weersafhankelijk functioneren.
Dit houdt in dat de regeling de buitentemperatuur en de aanvoerwatertemperatuur meet. Aan de hand van deze gegevens berekent het besturingssysteem de optimale aanvoerwatertemperatuur in de installatie.De ATAG EC-versies onderscheiden zich door de Tapwater Technologie. Een extra warmtewisselaar (gepatenteerde economizer) onder de primaire warmtewisselaar warmt bij warmwatergebruik het inkomende koud water eerst op voordat het door de platenwisselaar naar de uiteindelijke 60°C wordt gebracht. Dit zorgt voor het uitzonderlijk hoge tapwaterrendement van dit type.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 12Service afmetingen (in mm) Figuur 7.a*Economiser*Economiser100135*2.5 2.5400AB7 Ophangen van de ketelKetel installeren conform geldende richtlijnen in daarvoor bestemde en goed geventileerde opstellingsruimte. De opstellingsruimte voor de cv-ketel moet vorstvrij zijn. De mantel van de ATAG i-Serie is spatwaterdicht (IPX4D) en is dus ook geschikt voor montage in een badkamer.De ketel kan met de ophangbeugel en het meegeleverde bevestigingsmateriaal aan praktisch elke wand worden bevestigd. De wand moet vlak en voldoende stevig zijn dat deze het ketelgewicht met waterinhoud kan dragen.
Let op de minimale afstanden tussen ketel, wanden en plafond ten behoeve van het plaatsen enverwijderenvandemantel(zieguur7.a).Met behulp van de bijgeleverde aftekenmal kan de plaats van de ketel bepaald worden.Verwijder vóór het ophangen van de ketel allereerst de mantel van de ketel. De mantel is tevensdeluchtkastenismet2sluitingen(AenB)aandeachterwandbevestigd(zieguur8.a). Let op: verwijder bij het losnemen van de mantel de aardkabel tussen mantel en ketel. Hiervoor is een vrije ruimte van 400mm. Vergeet niet de aardkabel weer terug te plaatsen bij het terugplaatsen van de mantel en dat de kabel niet klem raakt tussen mantel en ketel. Borg de sluitingen met de schroeven (A en B) bij het terugplaatsen van de mantel.
Het expansievat moet met een verloop van 3/8" wartelaansluiting met afdichtring naar 15 mmknelttinghieropaangeslotenworden. Het is aan te bevelen alle ketelaansluitleidingen en/of de installatie schoon te spoelen en/of schoon te blazen alvorens deze aan te sluiten op de ketel. Draai knelkoppelingen niet onnodig hard aan. 8. 1 CV-systeemMonteer het cv-systeem volgens de huidige regelgeving. Deketelleidingenmoetendoormiddelvanknelttingenaangeslotenwordenopdeinstallatie. Voorhetaansluitenopdikwandigepijp(gelastofget),moetenverloopstukkenwordengebruikt. Bij het verwijderen van de kunststof afdichtdoppen op de leidingen kan vuil testwater vrijkomen. De ketel beschikt over een zelfregelend en zelfbeschermend besturingssysteem voor de belasting. Hierbij wordt het temperatuurverschil tussen het aanvoer- en retourwater gecontroleerd. Tabel 8. 1.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 14Indien de installatieweerstand hoger is dan de vermelde waarde zal de besturing de belasting aanpassen totdat een, voor de regeling acceptabel, temperatuurverschil tussen aanvoer- en retourwater is bereikt. Er komt minder warmte in de installatie en de bypass treedt in werking.Wanneer het temperatuurverschil hierna te groot blijft zal de ketel zichzelf uitschakelen en wachten tot het te grote temperatuurverschil tussen aanvoer en retour weer afgenomen is. De regeling zal, indien een onacceptabel temperatuurverschil wordt geconstateerd, herhaaldelijk proberen waterstroming tot stand te brengen. Lukt dit niet, dan zal de ketel blokkeren (code 154).De ketel is niet voorzien van een ingebouwde lter.
Advies: plaats in de retourleiding een lter om inwendige vervuiling van de ketel te voorkomen.De ketel is niet geschikt voor installaties die zijn uitgevoerd met “open” expansievaten.Toevoegmiddelen aan het water in de installatie zijn slechts toegestaan na schriftelijke toestemming van ATAG Verwarming. (zie hoofdstuk 8.3 Waterkwaliteit).De ketelaansluitdiameter is niet maatgevend voor de installatiediameter.0123456780 0,1 0,2 0,3 0,4 0,5 0,6 0,7 0,8 0, 1,1 1,2 1,3 1,4 1,5 1,6 1,7 1,8 1,9 29 1i28C/i28EC max.i36C/i36EC max.i35S max.i28C/i28ECi36C/i36ECi35SH [m]Q [m3/h]Pompkarakteristiek Graek6.1.a
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 158. 2 ExpansievatDe cv-installatie moet voorzien worden van een expansievat. Het expansievat dat wordt toegepast moet afgestemd zijn op de waterinhoud van de installatie. De voordruk is afhankelijk van de installatiehoogte boven het gemonteerde expansievat. Zie tabel 8. 2. a. Monteer het verloopstuk3/8"x15mmknelmetafdichtringonderopdeketelopdepositiezoalsinguur8. 2. a is aangegeven. Sluit hierop de expansievatleiding aan. Installatiehoogte boven het expansievatVoordruk van het expansievat5 m 0. 5 bar10 m 1,0 bar15 m 1,5 barkeuze expansievat tabel 8. 2. aSluit het expansievat aan op de ketel op de daarvoor bestemde aansluiting. Plaats in de leiding tussen ketel en expansievat de vul-/aftapkraan (niet meegeleverd). 8. 3 WaterkwaliteitInstallatie vullen met drinkwater.
In veruit de meeste gevallen kan een cv-installatie worden gevuld met water volgens landelijk geldend waterbesluit en is behandeling van dit water niet noodzakelijk. Om problemen met cv-installaties te vermijden moet de kwaliteit van het vulwater aan de specicatiesvoldoendievermeldstaanintabel8. 3. a:Alshetvulwaterbuitendegesteldespecicatiesvalt,radenwijuaanomhetwaterzodanigtebehandelendathetvoldoetaandegesteldespecicaties. Aanspraak op garantie vervalt indien de installatie niet wordt gespoeld en/of de kwaliteit van het vulwater niet voldoet aan de door ATAG gestelde specicaties. Neem altijd vooraf contact op met ATAG indien er onduidelijkheden en/of afwijkingen te bespreken zijn. Zonder akkoord vooraf vervalt de garantie. Installatie:- Het gebruik van grondwater, demi-water en gedestilleerd water is niet toegestaan.
a,kan worden begonnen met het spoelen van de installatie alvorens het toestel te installeren. - Gedurendedezespoelingmoetenrestantenvancorrosieproducten(magnetiet),tproducten, snij-olie en andere ongewenste producten worden verwijderd. - Eenanderemogelijkheidomvuilteverwijderenishetplaatsenvaneenlter. Hettypeltermoetpassenbijhetsoortenkorrelgroottevandevervuiling. ATAGadviseerthetgebruikvaneenlter. Hierbijmoeteropwordengeletdathetgeheleleidingsysteemwordtmeegenomen. Expansievataanlsuiting 8. 2. aFiguur.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 16- De cv-installatie moet goed worden ontlucht alvorens het systeem in gebruik te nemen. Zie daarvoor hoofdstuk Inbedrijfname. - Wanneer het met regelmaat noodzakelijk is (>5% op jaarbasis) dat er water dient te worden bijgevuld is er sprake van een structureel probleem en dient een installateur dit probleem te verhelpen. Door het regelmatig toevoegen van vers water aan het systeem wordt ook zuurstof en kalk bijgedoseerd waardoor magnetiet en kalk afzetting zich kunnen continueren. Dit kan resulteren in verstoppingsproblemen en/of lekkages. - Wanneer gebruik wordt gemaakt van een antivries of andere toevoegmiddelen, dient de kwaliteit van het vulwater periodiek te worden gecontroleerd overeenkomstig met de tijdsperiode zoals die is aangegeven door de leverancier van dit middel.
- Chemische toevoegingen moet worden vermeden en mogen enkel worden gebruikt na doorATAGVerwarmingvoordebetreendetoepassingtezijnvrijgegeven. - Wanneer men de waterkwaliteit wil behalen door middel van het gebruik van chemische middelen is dit zijn/haar verantwoordelijkheid. Wanneer het water niet voldoet aan de door ATAGgesteldespecicatiesofchemischemiddelennietdoorATAGzijnvrijgegevenvervaltde garantie op het door ATAG geleverde product. - ATAG adviseert om bij installatie en latere bijvullingen of wijzigingen in een logboek te vermelden welk type water is gebruikt, welke kwaliteit dit was en, indien van toepassing, welke additieven en in welke hoeveelheden zijn toegevoegd. Parameter WaardeType water DrinkwaterOnthard waterpH 6. 0-8. 5Geleidbaarheid (bij 20°C in µS/cm) Max. 2500IJzer (ppm) Max.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 17Waterkwaliteit in warmwatervoorzieningParameter WaardeType water DrinkwaterpH 7. 0-9. 5Geleidbaarheid (bij 20°C in µS/cm) Max. 2500Chloride (ppm) Max. 150IJzer (ppm) Max. 2Hardheid (°dH) 1-12Aantal bacterie kolonies bij 22°C (aantal/ml). pr EN ISO 6222Max. 100 Tabel 8. 3b- Wanneerhetchloorgehaltebovende,intabel8. 3. b,gesteldespecicatiesligtishetbijeen boiler toepassing noodzakelijk om gebruik te maken van een actieve anode. Wanneer hier niet aan wordt voldaan vervalt het recht op garantie voor het tapwaterzijdige deel van de installatie. - Wanneerhetchloorgehaltebovendegesteldespecicatiesligtbijhetgebruikvaneendoorstroom combi ketel vervalt het recht op garantie voor het tapwater gedeelte.
Denitie van type water:Drinkwater: Leidingwater dat in overeenstemming is met de Europese drinkwaterrichtlijn: 98/83/EG van 3 november 1998. Onthard water: Water waar calcium en magnesium ionen gedeeltelijk uit zijn verwijderdDemi-water: Water waar nagenoeg alle zouten uit zijn verwijderd (erg lage geleidbaarheid)Gedestilleerd water: Water waar geen zouten meer in aanwezig zijn. Neem contact op ATAG Verwarming voor meer informatie over analysemethoden. 8. 4 Verwarmingssystemen met kunststof leidingenBij het aansluiten of het toepassen van kunststof leidingen (vloer- en/of wandverwarming) of leidingdelen (radiatoraansluitingen, verdeeleenheden), moet men er rekening mee houden dat de toegepaste kunststof leidingen voldoen aan:- DIN 4726 t/m 4729 (geen hogere zuurstofdoorlatendheid dan 0,1 g/m3. d bij 40°C)of- Nationale BRL 5606 van KIWA (geen hogere zuurstofdoorlatendheid dan 0,18 g/m2.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 188.5 GasleidingBepaal de diameter en monteer de gasleiding volgens de huidige regelgeving.De ketelleiding is voorzien van een binnendraad, waarin het staartstuk van de gaskraan kan worden gedraaid.Voor een goede werking van de ketel is het noodzakelijk dat de dynamische voordruk van het gas hoger is dan 20 mbar.Zorg ervoor dat, met name bij nieuwe leidingen, de gasleiding geen vuilresten bevat.PROPAAN Indien de ketel omgebouwd moet worden van aardgas naar propaan, neem dan contact op met ATAG Verwarming Nederland BV. ATAG Verwarming Nederland B.V. verzorgt de ombouw.Controleer na (onderhouds-)werkzaamheden aan de ketel altijd alle gasvoerende delen op dichtheid (d.m.v.
lekzoekspray).8.6 WarmwatervoorzieningMonteer de drinkwaterinstallatie volgens de huidige regelgeving.De ATAG i-Serie combiketel is voorzien van een roestvaststalen platenwisselaar voor bereiding van warmwater. De ketel heeft geen warmwatervoorraad en zal bij warmwatervraag het doorstromende water direct verwarmen. In gebieden met een waterhardheidswaarde hoger dan 15°D dient de platenwisselaar frequenter van kalkaanslag ontdaan te worden. Een verkalkte platenwisselaar valt niet onder garantie.Indien er zich problemen voordoen bij toepassing van sanitair water met een hoger chloridegehalte dan 150 mg/l kan er geen aanspraak gemaakt worden op de garantievoorwaarden (zie hoofdstuk 9.3 Waterkwaliteit).
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 19Om verkalking te voorkomen adviseert ATAG het toepassen van een ATAG Descale waterontharder. ATAG adviseert voor het reinigen van platenwisselaars het gebruik van bv. AlphaPhos.De hardheid van het water loopt in Nederland uiteen. De waterleidingmaatschappij kan hieromtrentexacteinformatieverschaen.Deleidingenvandewarmwatervoorzieningmoetendoormiddelvaneenknelttingaangesloten worden op de installatie. De ketel moet voorzien worden van een inlaatcombinatie met een veiligheidsventiel van 8 bar. De overstort van het veiligheidsventiel moet aangesloten worden op de rioolleiding.In de koudwaterleiding in de ketel is een doseerventiel gemonteerd. Het doseerventiel zorgt ervoor dat er een hoeveelheid water geleverd wordt die een gegarandeerde temperatuur van 60°C heeft (uitgaande van een koudwatertemperatuur van 10°C).
De hoeveelheid water wordt nagenoeg niet beïnvloed door de waterdruk. Controleer na installatie het warmwaterdebiet bij volledig geopende warmwaterkraan, Indien het debiet te laag blijkt kan deze verhoogd worden door het uitnemen van het doseerventiel:- Sluit de (hoofd)kraan van de koudwatertoevoer;- Open een warmwaterkraan om de waterleiding drukloos te maken;- Verwijder de mantel en draai de besturingskast naar beneden;- Verwijder de borgclip (1) naar links;- Trek de afdichtstop (2) er uit;- Verwijder de doorstroombegrenzer (3) met behulp van een punttang;- Monteer de afdichtstop (2) weer terug en borg deze met de borgclip (1)- Op de (hoofd)kraan van de koudwatertoevoer en ontlucht de waterleiding op alle tappunten- Controleer op lekkage en plaats de mantel van de ketel weer terug.132Figuur 18.6.a
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 208.6.1 Zonneboiler (voorverwarmer) NZ (alleen combiketel)De ATAG i-Serie combiketel is geschikt voor het aansluiten op een standaard zonneboiler (voorverwarmer). ATAG levert hiervoor de ATAG EcoNormII en CBSolarII. De cv-ketel dient dan als Naverwarmer Zonneboiler (NZ). Sluit de zonneboiler aan volgens VEWIN werkblad 4.4 C. - Een thermostatisch mengventiel moet in de installatie opgenomen worden. Het thermostatisch mengventiel beschermt de cv-ketel voor te hoge temperaturen. Deze wordt bij de EcoNormII en CBSolarII meegeleverd. Bij 'vreemde' standaard zonneboilers moet een thermostatisch mengventiel geïnstalleerd worden. Levering door derden.- Voor aansluiting van een standaard zonneboiler op een ATAG i-Serie combiketel wordt een extra aansluitset geadviseerd om onnodig inschakelen van de ketel bij een warme boiler te voorkomen.
- De zonneboiler en de cv-ketel moeten elk apart voorzien zijn van een inlaatcombinatie. Levering door derden. Figuur 8.6.a geeft een voorbeeldaansluitschema weer van de ATAG i-Serie combiketel met een standaard zonneboiler.ATAG i-Serie combiketel met zonneboiler Figuur 8.6.aThermostatisch mengventiel afstel-len op max. 70°C ter bescherming van de cv-ketel. Schade aan de cv-ketel door te hoog inge-stelde temperatuur valt niet onder de garantie.Toevoegen bij 'vreemde'zonneboiler:Thermostatisch mengventielInstelling: Max. 70°C!Levering door derden
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 21ABB AB AABABBAAB: SoloketelA: WarmwaterboilerB: VerwarmingssysteemBAABHydraulisch schema met externe boiler guur 8.6.b8.6.2 Externe (zonne-)boiler (alleen soloketel)ATAG levert indirect gestookte (cv-zonne)boilers die toegepast kunnen worden als externe boiler bij een Solo-ketel. De ATAG CBS boilers (leverbaar in 150, 200 en 300 liter) en CBHotTop cv-zonneboilers (leverbaar in 200, 300 en 400 liter) worden staand naast de solo-ketel geplaatst. De soloketel is standaard voorzien van een interne boilerregeling. Voor het aansluiten van de boiler op de soloketel moeten de volgende accessoires besteld en geïnstalleerd worden:- Driewegklep 230V met 22 mm klemkoppelingenof- Driewegklep 230V met 1" buitendraad-aansluitingenen- BoilersensorUitsluitend deze artikelen mogen voor deze toepassing gebruikt worden.
Neem contact op met ATAG Verwarming.De bedrading van de ATAG boilersensor en de driewegklep moeten aangesloten worden in de ketel. Voor nadere informatie verwijzen we naar het installatievoorschrift van de boiler en de bijsluiter bij de optionele driewegklep en boilersensor. Zie ook pagina 42 en 43.Zie hieronder het schema van de hydraulische aansluiting.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 228.7 CondensafvoerleidingDe ATAG cv-ketels produceren condenswater. Dit condenswater moet afgevoerd worden, anders zal de ketel niet meer functioneren.Monteer de sifondelen volgens bijgaande tekening.De condensafvoerleiding moet door middel van een open verbinding aangesloten worden op de riolering. Hiermee wordt voorkomen dat eventuele rioolgassen in de ketel terecht komen.
De rioolaansluiting moet een minimale diameter van 32 mm hebben.Monteer de condensafvoerleiding volgens de huidige regelgeving.Het afvoeren van het condenswater op de hemelwaterafvoer is, met het oog op bevriezingsgevaar, niet toegestaan.Vul vóór het in bedrijf nemen van de ketel de sifon met water.8.8 Rookgasafvoer- en luchttoevoersysteemMet het rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem wordt bedoeld:- De rookgasafvoerleiding;- De luchttoevoerleiding;- Dak- of geveldoorvoer.De rookgasafvoer- en luchttoevoerinstallatie moet voldoen aan:- De regelgeving genoemd in hoofdstuk 2, - De voorschriften uit dit installatievoorschrift en het installatievoorschrift van het toe te passen rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem. De ketelaansluitdiameter is ø 80 mm. Hierop kan het rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem gemonteerd worden al dan niet voorzien van bochten.
Zie tabel 8.8.2.a voor de maximaal toepasbare leidinglengte. Wij adviseren een eenvoudig rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem samen te stellen uit de Duopass rookgasafvoercomponenten. Voor nadere informatie omtrent het leveringsprogramma van het afvoer- en toevoersysteem verwijzen wij u naar de Productcatalogus.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 23Duopass is uitsluitend bedoeld en geschikt voor toepassing op ATAG cv-ketels op aardgas of propaan. De maximale rookgastemperaturen van de ATAG cv-ketels liggen beneden 70°C (vollast bij 80/60°C).De goede werking kan nadelig beïnvloed worden door veranderingen of aanpassingen van het bedoelde gebruik.Eventuele garantieaanspraken vervallen als gevolg van dergelijke wijzigingen of het onjuist opvolgen van de regelgeving en de installatievoorschriften.De afvoersystemen die in dit document zijn beschreven zijn uitsluitend geschikt in combinatie metATAGcv-ketelsmetGaskeurlabelHR,Gastectoestelkeuringscerticaatnr:0063BQ3021,0063BT3195, 0063CM3648 en 0063CQ3634.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 24Stel het afvoersysteem samen met uitsluitend de onderdelen uit het Duopass programma. Combinaties met andere merken of systemen zijn, zonder schriftelijke goedkeuring van ATAG Verwarming, niet toegestaan. Indien voor ander rookgasafvoer- en luchttoevoermateriaal gekozen wordt, moet het materiaal voorzien zijn van het Gastec QA en/of KOMO® label. AfschotHet afvoersysteem dient bij horizontale delen altijd onder afschot (50 mm/m) naar de ketel aangebracht te worden, zodat zich geen condenswater in het afvoersysteem kan verzamelen. Door het teruglopen van het condenswater naar de ketel is de kans op ijspegelvorming aan de dakdoorvoer minimaal. Bij horizontale uitmondingen dient het toevoersysteem onder afschot naar buiten geplaatst te worden om inregenen te voorkomen. Het plaatsen van een extra condensopvanginrichting in het afvoersysteem is overbodig.
De ketel kan, wanneer het in bedrijf is, een witte condenspluim produceren. Deze condenspluim is onschadelijk maar kan, met name bij uitmondingen in de gevel, als hinderlijk ervaren worden. Daarom verdient een bovendakse uitmonding de voorkeur. Bij toepassing van afvoercategorie B23 en B33 moet een luchtlter (als accessoire leverbaar met art. nr. DFL080KU) op de luchtinlaat geplaatst worden. De beschermingsgraad van de ketel is dan IPX0D in plaats van IPX4D. Aansluiten en beugelenEen rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem moet altijd voorzien zijn van voldoende afsteuning tegen de wand of dak door middel van beugels. - Fixeer altijd iedere bocht om of nabij de mof met een montagebeugel. Enige uitzondering: de eerste mof vanaf de ketel indien beide pijpen korter zijn dan 25 cm. Plaats de eerste beugel op maximaal 50 cm vanaf de ketel.
- Maximale beugelafstand horizontale en 45° hellende leidingen: 1 meter Maximale beugelafstand verticale leidingen: 2 meterBij schachtenaansluiting:- Controleer of de leidingen behorende bij de schacht niet geblokkeerd en niet beschadigd zijn. - Controleer of de leiding onder het juiste afschot is geïnstalleerd. - Markeer wat de rookgasafvoer en de luchttoevoer is. - Controleer of de stompen minimaal 50 mm uit de schacht steken. Beugel het laatste element van de verbindingsleiding voor de doorvoer/schacht. Als dit laatste element een bocht is, kan ook het voorliggende element gebeugeld worden. Uitzetten- Monteer het rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem altijd spanningsvrij. - Schuif kunststof rookgasafvoerdelen altijd eerst geheel in elkaar en trek de verbinding 10 mm terug. Zo ontstaat er voldoende ruimte tot uitzetten bij temperatuurverhogingen.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 25Parallel (2-pijps)ConcentrischBeugelafstanden bij parallel aangesloten rookgasafvoer en luchttoevoer Figuur 8.8.bBeugelafstanden bij concentrisch aangesloten rookgasafvoer en luchttoevoer Figuur 8.8.cAfdichtingen en verbindingen- Voorkom het beschadigen van afdichtringen door haaks afkorten en ontbramen- Beschadigde afdichtringen vervangen- Verbindingen niet schroeven, blindklinken, kitten, schuimen of plakken- Gebruik, indien nodig, het door de fabrikant voorgeschreven smeermiddel voor de afdichtringen. .Geen vet, (zuurvrije) vaseline of olieZiedevolledigeinstallatievoorschriftenvanhetdesbetreenderookgasafvoer-enluchttoevoermateriaal voor de montageinstructies en het Rogafa advies: www.hetnieuwebeugelen.nl. Voorexibelrookgasafvoermateriaalgeldendeinstallatieinstructiesvandedesbetreendefabrikant.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 26Dimensionering van de rookgasafvoer- en luchttoevoerleidingType i32S i28C i36C i28EC i36ECDiameter concentrisch 60/100*Rechte lengte (B) m 8 23 10 21 8Weerstand 45° m -1,3Weerstand 87° m -1,9Diameter concentrisch 80/125**Rechte lengte (B) m 40 50 50 50 45Weerstand 45° m -1,9Weerstand 87° m -3Diameter parallel 80/80 (standaard uitvoering)Rechte lengte (A) m 45 50 50 50 45Weerstand 45° m -0,9Weerstand 87° m -1,4* mogelijk met concentrische adapter 60/100 (Neem contact op met ATAG Verwarming)** mogelijk met concentrische adapter 80/125 (Neem contact op met ATAG Verwarming) Tabel 8.8.2.aVoorbeeld:Een i36C met een concentrisch afvoersysteem ø80/125mm heeft volgens de tabel een maximale rechte afvoerlengte van 50 m. In het toe te passen systeem moeten 2x een 45° bocht opgenomen worden.
De maximale afvoerlengte wordt dan: 50 - 2x1,9 = 46.2m.Figuur 8.8.2.a8.8.2 Dimensionering rookgasafvoer- en luchttoevoersysteem De diameter wordt bepaald door de totale lengte, inclusief aansluitpijp, en het verloop van het rookkanaal (zoals bij inmeten is vastgesteld) en het type ketel. Een te kleine diameter kan leiden tot storing. Zie tabel 8.8.2.a voor keuze van het systeem met de juiste diameter. De tabel toont de maximale afvoerlengte bij verschillende ketelvermogens. Toelichting op tabel 8.8.2.a:Tweepijps afvoersysteem: maximale opgegeven lengte = afstand tussen ketel en dakdoorvoer A.Concentrisch afvoersysteem: maximale opgegeven lengte = afstand tussen ketel en dakdoorvoer B.Bij toepassing van bochten moet de opgegeven waarde achter elke bocht van de maximale rechte lengte afgetrokken worden (zie voorbeeld).Stromingsrichting concentrisch LuchtLuchtRookgassen
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 279 Elektrische aansluitingDe ketel voldoet aan de actuele richtlijnen. De installatie moet (blijven) voldoen aan:- Voorschriften voor elektrische apparaten NEN 1010;- De plaatselijk geldende voorschriften;Een afwijking op het net van 230V (+10% of -15%) en 50Hz is toegestaan.De ketel moet worden aangesloten op een geaarde wandcontactdoos. Deze moet zichtbaar en binnen handbereik zijn.Verder gelden de volgende algemene voorschriften:- Aan de bedrading van de ketel mogen geen wijzigingen worden aangebracht;- Alle aansluitingen moeten op het aansluitblok gemaakt worden.- Het netsnoer moet, bij eventuele vervanging, door een ATAG netsnoer vervangen worden.De elektrische aansluitingen zijn bereikbaar op de achterzijde van de besturingskast:- DruklipCeenbeetjenaarlinks(zieguur);- Draai de besturingskast naar beneden.C
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 299.1 KamerthermostatenOp de ATAG i-Serie kunnen de volgende (klok-)thermostaten aangesloten worden: Bus: Sluit de ATAG One direct aan op positie BUS. Bus+OT-LPA1): Sluit een Round Modulation, WiZe of een OpenTherm thermostaat/ regelaar aan op OT-LPA (1) en vervolgens de OT-LPA op positie BUS(2).Zieguur9.1.a. 1) OT-LPA staat voor OpenTherm Low Power Adapter. Deze adapter moet tussen de stuurautomaat en thermostaat/regelaar aangesloten worden, indien er een ATAG WiZe, Round Modulation of andere OpenTherm regelaar toegepast wordt.Figuur 9.1.a Als alternatief kan gekozen worden voor: On/O: Uitsluitendbatterij-gevoedeaan/uitkamerthermostaat.De thermostaat moet over een 2-draads aansluiting beschikken. De kamerthermostaat moet op het aansluitblok aangesloten worden.
Gebruik hiervoor de schroefconnector die op het aansluitblok gestoken is.Voor meer gedetailleerde vragen over componenten, die niet door ATAG zijn geleverd, neem contactopmetdebetreendeleverancier.9.2 BuitenvoelerVoor een weersafhankelijke regeling is de buitenvoeler ARZ0055U optioneel leverbaar.Monteer de buitenvoeler op de buitengevel van het gebouw die naar noord - noord/oost gericht is. Voorkom invloeden als regen, sneeuw, ventilatielucht-stromen of warmte van schoorstenen.12OT-LPA
Gebruikshandleiding ATAG i-Serie 3210 Vullen en ontluchten van ketel en cv-installatieDe cv-installatie dient gevuld te worden met drinkwater. Voor het vullen van de cv-installatie gebruikt u de vul- en aftapkraan. Het vullen gaat als volgt:1 Steek de stekker in de wandcontactdoos;2 Het display toont na opstartprocedure '118' (te lage waterdruk);3 Sluit de vulslang aan op de koudwaterkraan;4 Vul de slang geheel met drinkwater;5 Sluit de gevulde vulslang aan op de vul- en aftapkraan van de cv-installatie;6 Open de vul- en aftapkraan;7 Open de koudwaterkraan;8 Vul langzaam de installatie tot 1,5-1,7 bar; (druk op de eco-toets tot A6 = waterdruk: waarde op het display loopt op);9 Sluit koudwaterkraan;10 '105' verschijnt op het display op het moment dat de druk boven 1,3 bar komt: ontluchtingsprogramma van ca.
7 minuten actief;11 Ontlucht de gehele cv-installatie: begin op het laagste punt;12 Controleer waterdruk en vul eventueel bij tot 1,5 tot 1,7 bar;13 Zorg dat de koudwaterkraan en de vul- en aftapkraan gesloten zijn;14 Koppel de vulslang los;15 Na beëindigen van het ontluchtingsprogramma ('105') schakelt de ketel in voor het ingeschakelde programma waar de eerste warmtevraag voor is.Het kan enige tijd duren voordat alle lucht uit een gevulde installatie is verdwenen. Zeker de eerste week kunnen geluiden hoorbaar zijn die wijzen op lucht.
De automatische ontluchter in de ketel zal deze lucht laten verdwijnen, waardoor de waterdruk gedurende deze periode kan dalen en er water bijgevuld zal moeten worden.10.1 WarmwatervoorzieningBreng waterdruk op de warmwatervoorziening door de hoofdkraan en/of de stopkraan van de inlaatcombinatie te openen.Ontlucht de warmwaterinstallatie door het openen van een warmwaterkraan. Laat de kraan zolang open staan totdat alle lucht uit de warmwaterinstallatie en leidingen is verdwenen en er alleen nog water uit de kraan komt. Tap minimaal 10 liter om eventueel resterende verontreinigingen uit de warmwaterleiding te spoelen.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 3311 KetelregelingDe volgende pagina beschrijft de toetsfuncties en symbolen op het display. De ketel is voorzien van een zelfsturende regeling. Deze regeling neemt een groot deel van de handmatige instellingen over, waardoor het in bedrijf nemen sterk is vereenvoudigd. Na het vullen van de installatie en het inschakelen van de voedingsspanning wordt het automatisch ontluchtingsprogramma geactiveerd. Het automatisch ontluchtingsprogramma duurt ca. 7 minuten en stopt automatisch. De ketel start om de warmwatervoorziening op de comforttemperatuur te brengen. Hierna zal de ketel voor het ingeschakelde programma (cv of ww) in werking treden. Warmwaterregeling (combiketel)Indienwarmwatergetaptwordt,meetdeowsensor(F1)detaphoeveelheid. Afhankelijkvande gewenste tapwatertemperatuur en taphoeveelheid zal de regeling een aanvoertemperatuur berekenen.
Hierdoorwordtopeeneciëntemanierdegewenstetapwatertemperatuurgerealiseerd. De warmwatersensor (T3) zal eventuele kleine afwijkingen bijstellen, zodat onder alle omstandigheden de gewenste temperatuur bereikt wordt. CV-regelingBij vragende kamerthermostaat, na het tappen van warm water, start een wachttijd van 2 minuten. Dit voorkomt bij frequent en kortstondige warmwatervraag dat de warmtewisselaar de aanwezige warmte snel verliest. Vervolgens start de pomp en na 30 seconden wordt de gradiënt regeling actief. Het beginpunt van de gradiënt regeling is de op dat moment aanwezige aanvoertemperatuur. Een Delta-T regeling (25K) zorgt voor een stabiele regeling naar warmtebehoefte. Indien de aanvoertemperatuur onder de T-set waarde van 20°C ligt, zal de ketel direct starten.
Display toont --.Inschakelen werkt in omgekeerde volgorde.KetelinformatieOpvragen van actuele gegevens:Druk de ECO-toets 6 seconden in om de volgende waarde te verkrijgen (gebruik verder de ECO-toets of scroll-toetsen):A0 AanvoerwatertemperatuurA1 RetourwatertemperatuurA2 WarmwatertemperatuurA3 T-set temperatuur (berekend)A4 Rookgastemperatuur (alleen indien rookgassensor is aangesloten)A5 Buitentemperatuur (alleen indien buitenvoeler is aangesloten)A6 WaterdrukA7 Warmwaterdebiet in l/min.A8 Ionisatiestroom in A.A9 Toerental van de ventilator (x100)Om terug te keren naar de standaard weergave druk op ESC.Reset-toetsDe reset-toets laat de ketel opnieuw opstarten indien er zich een storing voordoet. Bij een eventuele storing wordt het symbool getoond met een code X XX. In andere gevallen heeft de Reset-toets geen functie en zal ook niet reageren bij bediening.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 35+--+reseteco (OK)(ESC)Nevenfuncties:Enkele toetsen kennen nevenfuncties. Deze nevenfuncties zijn alleen actief indien er volgens de procedure, beschreven in hoofdstuk 10.4, instellingen gewijzigd moeten worden of gegevens opgevraagd worden. Nevenfuncties: Beide + toetsen = Rookgasanalysefunctie O2 CV + toets = OK (bevestigen)WW-toetsen: Scroll functie (‘scrollen’ door parameters) CV – toets = ESC functie (terug naar standaard display) Beide – toetsen: Pomp continu aan/uit12 In werking stellen van de ketelZorg ervoor, alvorens de ketel in bedrijf te stellen, dat de ketel en de installatie goed ontlucht zijn. Ontlucht de gasleiding en open de gaskraan van de ketel. De ketel behoeft geen afstelling van branderdruk en luchthoeveelheid, omdat deze zelfregelend is en fabrieksmatig is afgesteld en worden nagesteld. mag niet 1.
Steek de stekker in de wandcontactdoos;2. Als de ketel opstart wordt het volgende getoond: - - (netspanning ingeschakeld) Alle segmenten (segmenttest) 0 (parameter 9: af fabriek 0) 1 (keteltype: parameter 8) 03 gevolgd door 03 (software versie deel 1 en software versie deel 2) 3. Code 105 verschijnt op het display; Ontluchtingsprogramma van 7 minuten start;4. Ontlucht de gehele verwarmingsinstallatie, beginnend van het laagste punt;5. Controleer de waterdruk en vul zonodig bij tot 1.2 – 1.5 bar;6. Zorg dat de koudwaterkraan en de vul- en aftapkraan gesloten zijn;%bar°C
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 36barWaterdrukDe i-Serie is voorzien van een waterdruksensor. Deze sensor kent de volgende instellingen: 0. 7 bar: beneden deze druk is de brander geblokkeerd 0. 7 tot 1. 0 bar: ketelvermogen gereduceerd tot 80% 1. 0 tot 3. 0 bar: ketel volledig functioneel 3. 0 bar: boven deze druk is de ketel geblokkeerd. Naast deze functie wordt de waterdruksensor ook gebruikt om de ketel vrij te geven voor elke start. Voordat de brander ontsteekt wordt een pompcontrole uitgevoerd. De sensor controleert of er een drukverhoging plaatsvindt op het moment dat de pomp gaat draaien. Als er een pompdrukverhoging wordt geconstateerd zal de brander worden vrijgegeven en ontsteken. Indien er geen pompdrukverhoging wordt geconstateerd wordt de brander geblokkeerd. Als de waterdruk daalt tot onder 1.
0 bar zal de code 118 op het display verschijnen;Deze code verdwijnt indien de waterdruk hoger is dan 1. 3 bar. Indien de waterdruk onder 0. 7 bar is geweest zal het automatisch ontluchtingsprogramma starten (code 105). Ditduurtongeveer7minutenennaaoopzalhetstandaarddisplayverschijnen (actuele waterdruk). De combiketel zal direct inschakelen om de gewenste warmhoudtemperatuur van de warmwatervoorziening te bereiken (Comfort instelling). a WarmwatervoorzieningHet ww-programma is na opstart altijd actief. Dit wordt aangegeven door. Indien er warmtevraag is, wordt dit aangegeven door een knipperende en, zal de warmwatervoorziening in werking gesteld worden. De circulatiepomp zal gaan circuleren en de ketel zal inschakelen. Comfort en ECOStandaard staat de warmwatervoorziening van een combiketel ingesteld op Comfort.
Omschakelen naar ECO is mogelijk door middel van het indrukken van de eco-toets. Op het display verschijnt 'ECO'. De instelling ECO resulteert in een mogelijk iets langere wachttijd voor warm water, omdat de ketel niet zal branden om de warmwatervoorziening op voorverwarmingstemperatuur te brengen.
Installatievoorschrift ATAG i-Serie 37barb VerwarmingssysteemHet verwarmingsprogramma is na opstart altijd actief. Dit wordt aangegeven door . Indien er warmtevraag is, wordt dit aangegeven door een knipperende en, zal de verwarming in werking gesteld worden. De circulatiepomp zal inschakelen en de ketel zal na 1 à 2 minuten inschakelen . Indien er geen warmtevraag meer is zal het symbool constant zichtbaar blijven of knipperen, maar het symbool verdwijnt. De pomp blijft lopen volgens de nadraaitijd (zie technischespecicatiesoppaginaXX).c PompfunctieStandaard staat de ketel ingesteld, dat de pomp bij warmtevraag voor cv of ww inschakelt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met ATAG i-Serie stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Verwarmingsketel ATAG
Handleiding Verwarmingsketel
Nieuwste handleidingen voor Verwarmingsketel