Amica KMI 13297 F Handleiding

Amica Fornuis KMI 13297 F

Bekijk gratis de handleiding van Amica KMI 13297 F (72 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 43 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Amica KMI 13297 F of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/72
IOAA-692 / 9450805
(10.2024 / v7)
(EN) INSTRUCTION MANUAL........................................2
(NL) GEBRUIKERSHANDLEIDING.............................35
PB*5VI502FTB5PB*5VI502FTB5
PI 8600 TFPI 8600 TF

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Amica
Categorie: Fornuis
Model: KMI 13297 F
Apparaatplaatsing: Ingebouwd
Soort bediening: Touch
Kleur van het product: Zwart
Ingebouwd display: Ja
Timer: Ja
Breedte: 870 mm
Diepte: 518 mm
Hoogte: - mm
Kinderslot: Ja
Soort materiaal (bovenkant): Glaskeramiek
Aantal branders/kookzones: 5 zone(s)
Type kookplaat: Inductiekookplaat zones
Aantal gaspitten: 0 zone(s)
Aantal elektronische kook zones: 5 zone(s)
Sudderbrander/kookzone diameter: 210 mm
Reguliere brander/kookzone diameter: 260 mm
Sudder brander/kookzone: 2100 W
Normale brander/kookzone: 2600 W
Controle positie: Boven voorzijde
Aangesloten lading (elektrisch): 11100 W
Installatie compartiment breedte: 750 mm
Installatie compartiment diepte: 490 mm
Grote brander/kookzone: 2700 W
Stroom: 16 A
Restwarmte-indicator: Ja
Frame type: Frameloos
AC-ingangsspanning: 400 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz

Handleiding Amica KMI 13297 F – volledige tekst

36GEACHTE KLANT,Deze kookplaat van biedt een combinatie van gemakkelijke bediening en doeltreende we-rking. Als u deze gebruikershandleiding doorgelezen heeft, dan mag de bediening van de plaat geen probleem meer vormen.Voor de kookplaat ingepakt werd en de fabriek verliet, werd ze bij de controleposten zorgvuldig gecontroleerd op het vlak van veiligheid en functionaliteit.Voordat u het toestel aanschakelt, dient u deze gebruikershandleiding grondig door te le-zen.De instructies in de handleiding helpen u om verkeerd gebruik te voorkomen.Bewaar deze gebruikershandleiding en zorg dat ze altijd binnen handbereik is.Om ongelukken te vermijden moeten de instructies uit deze handleiding zorgvuldig nageleefd worden.Opgelet!Het toestel mag pas gebruikt worden nadat u deze gebruikershandleiding volledig doorgelezen en begrepen heeft.Het toestel is uitsluitend ontworpen voor kookdoeleinden.

Het gebruik van het toestel voor andere doeleinden (bv. de verwarming van ruimtes) is in tegenstrijd met zijn bestemming en kan gevaar veroorzaken.De producent behoudt zich het recht voor om wijzigingen aan te brengen die geen invloed hebben op de werking van het toestel.Verklaring van de producentDe producent verklaart hierbij, dat dit product voldoet aan de basisvereisten van de hieronder vernoemdeEuropese richtlijnen:l Laagspanningsrichtlijn 2014/35/EC,l Richtlijn voor elektromagnetische compatibiliteit 2014/30/EC, l Richtlijn voor ErP 2009/125/EC,en dat het product daarom gemerkt is met en dat er een conformiteitsverklaring voor afgeleverd werd, die ter beschikking gesteld wordt aan de organen die toezicht houden over de markt.Informatie over het product met betrekking tot Verordening (EU) Nr.

38AANWIJZINGEN VOOR VEILIG GEBRUIKAttentie. Dit apparaat en de bereikbare onderdelen ervan worden tijdens het gebruik heet. Wees bijzon-der voorzichtig bij het aanraken van de verwarming-selementen. Zorg dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat kunnen komen, tenzij ze onder permanent toezicht staan.Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met lichamelijke of geestelijke beperkingen of personen zonder ervaring met of kennis van het apparaat, als dit gebruik plaat-svindt onder toezicht of in overeenstemming met de gebruiksaanwijzing van het apparaat, door personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid. Zorg ervoor dat kinderen niet met het apparaat kunnen spelen. Kinderen mogen de kookplaat niet zonder toezicht schoonmaken of onderhoudswerkzaamhe-den verrichten.Attentie.

Het koken van vetten of olie op de kookplaat zonder toezicht kan erg gevaarlijk zijn en leiden tot brand.Probeer het vuur NOOIT met water te blussen, maar schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met een deksel of een niet-brandbare deken.

39AANWIJZINGEN VOOR VEILIG GEBRUIKAttentie. Brandgevaar: geen voorwerpen verzame-len op de kookoppervlakte.Attentie. Schakel de stroom uit als de oppervlakte is gebarsten, om elektrische schokken te voorkomen.Leg geen metalen voorwerpen als messen, vorken, lepels, deksels en aluminiumfolie op de oppervlakte van de kookplaat, zij kunnen heet worden.Schakel de kookplaat na aoop van het gebruik uit met de regelaar, vertrouw niet op de pandetectie.Het apparaat is niet bedoeld voor aansturing met een externe tijdschakelaar of een apart systeem voor afstandsbesturing.Gebruik geen stoomreinigers voor het schoonmaken van het apparaat.

40VEILIGHEIDSINSTRUCTIES• Voordat u de keramische kookplaat voor de eerste maal aanschakelt, moet u de gebrui-kershandleiding grondig doorlezen. Op die manier bent u zeker dat u het toestel veilig gebruikt en vermijdt u beschadiging van de plaat. • Als de keramische plaat gebruikt wordt in de onmiddellijke nabijheid van een radio, te-levisie of andere zendapparatuur, moet u controleren of het bedieningspaneel van de keramische plaat correct werkt. • De plaat moet aangesloten worden door een erkend installateur-elektricien. • De plaat mag niet in de nabijheid van koelinstallaties geïnstalleerd worden. • De meubels, waarin de plaat ingebouwd wordt moeten bestand zijn tegen een temperatuur tot 100ºC. Dit geldt voor de bekleding, randen, oppervlakken in kunststof, lijmen en lakken. • De plaat mag enkel gebruikt worden nadat ze ingebouwd is.

Op die manier voorkomt u dat u in aanraking komt met de onderdelen die onder stroom staan. • Herstellingen aan elektrische toestellen mogen enkel uitgevoerd worden door specialis-ten. Onvakkundige herstellingen kunnen een risico vormen voor de gebruiker. • Het toestel is pas ontkoppeld van het stroomnet als de zekering uitgeschakeld is of als de stekker uit het stopcontact getrokken is. • Men moet ervoor zorgen dat kinderen niet met het toestel spelen. Tijdens het gebruik van de plaat kunnen de kookvelden heet zijn. Laat kinderen niet in de buurt van de plaat komen tijdens het gebruik ervan.

41• Bij een keramische plaat mogen enkel potten en pannen gebruikt worden met een platte bodem, zonder randen of uitstulpingen, want anders kunnen er blijvende krassen ont-staan op de plaat.• Het verwarmingsoppervlak van de keramische plaat is bestand tegen thermische schok-ken. Het is niet gevoelig voor koude of hitte.• Zorg ervoor dat er geen voorwerpen op de plaat vallen. Een inslag van een scherp voor-werp, bv. een potje met kruiden, kan onder een slechte hoek barsten of splintering van de keramische plaat veroorzaken.• Via beschadigde plaatsen kunnen kokende spijzen terechtkomen in de onderdelen van de plaat die onder stroom staan.• Als het oppervlak gebarsten is, moet u de stroom uitschakelen om elektrocutie te vermijden.• De instructies voor het onderhoud en de reiniging van de keramische plaat moeten altijd opgevolgd worden.

Bij verkeerd onderhoud of reiniging neemt de producent geen verant-woordelijkheid op zich op basis van de garantie.• Het oppervlak van de plaat mag niet gebruikt worden als snijplank of werkblad.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels worden best niet op het oppervlak van de kookplaat gelegd, want ze kunnen hierdoor heet worden.• De kookplaat mag niet ingebouwd worden boven een oven zonder ventilator, boven een vaatwasmachine, koelkast, diepvriezer of wasmachine.VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

44 Installatie van de kookplaat KMI*INSTALLATIEAfb. AAfb. A● De dikte van het werkblad van het meubel dient 28 tot 40 mm te bedragen, de diepte van het werkblad minimaal 600 mm. Het werkblad moet vlak en waterpas zijn. Aan de kant van de muur moet het werkblad worden afgedicht en beveiligd tegen vocht en overlopen.● De afstand tussen de rand van de opening en de rand van het werkblad moet aan de voor- en achterkant minimaal 50 mm bedragen.● Maak de opening in het werkblad volgens de afmetingen die staan weergegeven op de montagetekening (Afb.

A).● Zorg voor minimaal 50 mm afstand tussen het apparaat en de verticale wanden van de aangrenzende keukenkastjes.● De hoogte van de gemonteerde kookplaat bedraagt 50 mm.● Wanneer de kookplaat van de rest van het kastje gescheiden is door een horizontale beschermplaat, dan moet de vrije ruimte tussen de bodem van de behuizing van de ko-okplaat en de beschermplaat minimaal 25 mm hoog zijn. Hierdoor is vrije luchtcirculatie gewaarborgd. De afstand tussen inductiekookplaten moet minimaal 75 mm bedragen.● De bekleding van de inbouwmeubelen en de lijm waarmee deze is vastgelijmd moeten bestand zijn tegen temperaturen van 100°C.

Als niet aan deze voorwaarde wordt voldaan kan het oppervlak vervormen of de bekleding loslaten.● Bescherm de randen van de opening met materiaal dat bestand is tegen vocht.● In het achterste gedeelte van de beschermplaat moet een opening worden gemaakt die minimaal 80 mm breed is (Afb. C).● Kies voor een kabel met een doorsnede die past bij het vermogen van het apparaat (deze handeling moet worden verricht door een erkend installateur).● Sluit de kookplaat aan met een elektrische kabel volgens het meegeleverde aansluitsche-ma.● Maak het werkblad stofvrij, leg de kookplaat in de opening en druk hem stevig tegen het werkblad (Afb. B).8506005050051887050

45Inbouw in het blad van het ondersteu-nende kastjeInbouw in het werkblad boven een oven met ventilatieHet is verboden om de plaat boven een oven zonder ventilatie te installeren.INSTALLATIEFig. CFig. B3211 – blad2 – dichting van de kookplaat3 – keramische kookplaat500x10mm25mm30mm500x20mm5 10mm÷5 10mm÷

46INSTALLATIE Installatie van het apparaat zonder pak-king is niet toegestaan. Plaats de kookplaat symmetrisch in de meubelopening, zodanig dat de spleten tussen de kookplaat en de rand van het werkblad aan alle kanten gelijk zijn (g. 5).Aanbrengen van de pakkingAfhankelijk van het model is de pakking door de fabrikant aangebracht (g. 1)Als de pakking niet door de fabrikant is aangebracht, ga dan als volgt te werk:Voordat u het apparaat in de aanrechtopening installeert, dient u de meegeleverde pakking op de onderzijde van de plaat aan te brengen (g. 2). Verwijder daartoe eerst de beschermfolie van de pakking en plak deze vervolgens zo dicht mogelijk tegen de rand van de plaat (g. 3, 4).51 32USZCZELKAKLEJ4

47INSTALLATIEVoordat u de plaat op de elektrische installatie aansluit moet u de informatie op het typeplaatje en het aansluitschema lezen.OPGELET! De installateur is verplicht om aan de gebruiker een “certicaat van aansluiting van de kookplaat op de elektrische installatie” uit te geven (die bevindt zich op de garantie-kaart).Als de plaat geïnstalleerd wordt op een andere manier dan aangegeven op het schema kan dit beschadigingen veroorzaken.Aansluiting van de plaat op de elektrische installatieOpgelet!De plaat mag enkel op de elektrische installatie aangesloten worden door een erkend installateur met de benodigde kwalicaties.

Het is verboden om zelfstandig wijzigingen of aanpassingen aan te brengen aan de elektrische installatie.Instructies voor de installateurDe plaat is uitgerust met een aansluitdoos die toelaat om de gepaste aansluiting te kiezen voor het concrete soort elektrische voeding.De aansluitdoos laat volgende aansluitingen toe:- tweefasige 400V 2N ~ - driefasige 400 V 3N~De plaat kan aangesloten worden op de gepaste voeding door de gepaste klemmen op de contactstrip te verbinden volgens het aansluitschema.Het aansluitschema bevindt zich ook op de onderkant van de onderafscherming. De contact-strip is bereikbaar door het deksel van de aansluitdoos te openen. Vergeet niet een gepaste leiding te kiezen volgens het soort aansluiting en het nominale vermogen van de plaat.Opgelet!Vergeet niet het veiligheidscircuit aan te sluiten op de contactstrip, die aangegeven is met het teken .

De elektrische installatie, die de plaat van stroom voorziet, moet beveiligd zijn met een gepaste zekering. Daarnaast kan de voedingsleiding aanvullend beveiligd worden met een stroombegrenzer die de stroomtoevoer kan afsnijden in noodgevallen.

48INSTALLATIESCHEMA VAN MOGELIJKE VERBINDINGENAttentie! De verwarmingselementen werken bij een spanning van 230V Aanbevo-len type aansluit-kabel1 Voor het 400/230 V lichtnet een tweefasige aansluiting met nul-leiding, de geleidingsbruggen verbinden de klemmen 2-3 en 4-5, de nulleiding aan 4, de aardleiding aan 2N~ OWY4X2,5mm22 Voor het 400/230 V lichtnet een driefasige aansluiting met nulle-iding, de geleidingsbrug verbindt de klemmen 4-5, de faseleidingen aan 1, 2 en 3, nulleiding aan 4, de aardleiding aan 3N~ OWY5X1,5mm2L1=R, L2=S, N =klem van de nulleiding =klem van de beschermleidingAttentie! Bij iedere verbinding moet de aardleiding worden aan-gesloten op klem 3254PEL2N1L13254PEL2N1L1L3

49BEDIENINGWerkingsprincipes van een inductieveldDe elektrische generator drijft een spoel aan die zich binnenin het toestel bevindt. Deze spoel genereert een magnetisch veld en op het moment dat er een pot op de plaat gezet wordt zullen er inductiestromen naar de pot doorstromen. Deze stromen zorgen ervoor dat de pot de echte warmtebron wordt, terwijl het glazen oppervlak van de plaat koel blijft. Dit systeem is ontworpen voor het gebruik van potten, waarvan de bodem geschikt is voor samenwerking met een magnetisch veld. In het algemeen wordt de inductietechnologie gekenmerkt door twee voordelen. • omdat de warmte enkel uitgezonden wordt met behulp van de pot, is een maximale be-nutting van de warmte mogelijk,• er komt geen warmte-inertie voor, omdat het koken automatisch begint op het moment dat de pot op de plaat gezet wordt en eindigt op het moment dat hij van de plaat genomen wordt.

Veiligheidsuitrusting: Als de plaat correct geïnstalleerd en gebruikt wordt, wordt de veilig-heidsuitrusting zelden gebruikt. Ventilator: Dient om de besturings- en aandrijfelementen te beschermen en te koelen. Hij kan werken aan twee snelheden en wordt automatisch aangeschakeld. De ventilator gaat werken zodra u de kookzones uitschakelt en werkt bij een uitgeschakelde kookplaat totdat het elektrische systeem voldoende is afgekoeld. Thermische beveiliging: De temperatuur van de elektronische onderdelen wordt voortdu-rend gemeten met behulp van een sonde. Als de temperatuur gevaarlijk stijgt, vermindert dit systeem automatisch het vermogen van het kookveld of schakelt de kookvelden die zich het dichtst bij de verwarmde elektronische onderdelen bevinden, uit. Detectie: De potdetector ofwel detector voor de aanwezigheid van een pot, regelt de wer-king, en dus het verwarmen van de plaat.

Kleine voorwerpen op het verwarmingsvlak (bv. een lepeltje, een mes, een ring,. ) worden niet herkend als potten en de plaat wordt dan ook niet aangeschakeld.

Voordat u de plaat voor de eerste maal aanschakelt• eerst dient u de keramische plaat grondig te reinigen. De keramische plaat moet behandeld worden als een glazen oppervlak. • bij het eerste gebruik kunnen er tijdelijk geuren ontstaan. Daarom schakelt u best de ventilatie aan in de ruimte of doet u een raam open. • voer alle bedieningshandelingen uit in overeenstemming met de veiligheidsinstructies.

50Detector voor de aanwezigheid van een pot in het inductieveldDe potdetector is geïnstalleerd in de platen met inductievelden. Tijdens de werking van de plaat start en stopt de potdetector automatisch de warmtegeneratie in het kookveld op het moment dat er een pot op de plaat gezet wordt of eraf gehaald wordt. Dit zorgt dus voor energiebesparing.• Als het kookveld gebruikt wordt samen met een gepaste pot dan wordt het warmteniveau aangegeven op de display.• De inductietechnologie vereist het gebruik van aangepaste potten met een bodem uit mag-netisch materiaal (Tabel p. 47).Als er geen pot op het kookveld geplaatst is of als er een slechte pot gebruikt wordt, dan zal het symbool .

Het veld zal niet aangeschakeld worden.Als er binnen 10 minuten geen pot gedetecteerd wordt, dan wordt de aanschakelope-ratie van de plaat gereset.Het kookveld dient uitgeschakeld te worden met gebruik maken van de sensorbesturing en niet alleen door de pot weg te nemen.De potdetector werkt niet als aan/uitknop van de plaat.Let erop dat u bij het aan- en uitschakelen of bij het instellen van het verwarmingsniveau slechts op één sensor tegelijk drukt.

Als u op meerdere sensoren tegelijk drukt, zal het systeem de besturingssignalen niet herkennen en bij langdurig indrukken van meerdere knoppen verschijnt er een foutsignaal.Schakel na het gebruik de kookvelden uit met de regelaar en laat u niet leiden door de aanduidingen van de potdetector.De keramische kookplaat is uitgerust met sensoren die bediend worden door met de vinger op de aangeduide vlakken te drukken.Elke bijsturing van de sensor wordt bevestigd met een geluidssignaal.BEDIENING

54BEDIENINGBoosterfunctie „P”De boosterfunctie is gebaseerd op het verho-De boosterfunctie is gebaseerd op het verho-gen van het vermogen van zone Ø 210 van gen van het vermogen van zone Ø 210 van 2100W tot 3700W, zone Ø 260 van 2600W 2100W tot 3700W, zone Ø 260 van 2600W tot 3700W. tot 3700W. U schakelt de boosterfunctie op de volgende manier in:• Druk op de tiptoets boosterfunctie (9), de diode naast de tiptoets (9) gaat branden. • Vervolgens drukt u op tiptoets (+) (2) of tiptoets (-) (3) van de gewenste kookzone, de letter „P” verschijnt op de display en de diode naast de tiptoets (9) dooft. Zolang de letter „P” brandt is de boosterfunctie actief. U schakelt de boosterfunctie uit door op sensor (-) (3) te drukken en het vermogensniveau te verlagen, of door de tiptoetsen (+) (2) en (-) (3) tegelijkertijd in te drukken, of door de pan van de kookzone te halen.

Instellen van het vermogensniveau voor verwarming van de inductiekookzoneZolang op de indicator van de kookzone (4) de „0” en de decimale punt getoond worden, kunt u het gewenste vermogensniveau instellen met behulp van de tiptoets (+) (2) of tiptoets (-) (3). Als u binnen 10 seconden geen van de tiptoetsen bedient, dan schakelt de ko-okzone weer uit. Als u de pan verwijdert van de kookzone als de boosterfunctie is ingeschakeld, dan blijft deze functie actief en wordt het aftellen van de tijd voortgezet. Indien tijdens de werking van de bo-osterfunctie de temperatuur (van het elektronische systeem of de spoel) wordt overschreden, dan wordt de boosterfunctie automatisch uitgeschakeld. De kookzone keert terug naar het normale vermogen. De kookzone is actief als op de display van de kookzone een cijfer, letter of decimale punt oplicht.

55BEDIENINGHet kinderslot dat wordt ingeschakeld met tiptoets (10) beschermt de ingeschakelde kook-zones tegen het onbedoeld wijzigen van de instellingen of het uitschakelen door kinderen, huisdieren etc. Als u de kookplaat blokkeert wanneer alle kookzones zijn uitgeschakeld (op alle indicatoren van de kookzones brandt het cijfer (0), dan is de kookplaat beschermd tegen het onbedoeld inschakelen. Inschakelen is alleen mogelijk nadat het kinderslot is opgeheven.KinderslotAls bij inschakeling van de bo-osterfunctie het totale vermogen te groot is, wordt het vermogen van de tweede zone uit het paar automatisch gereduceerd. De hoogte van het gereduceerde vermogensniveau hangt af van de grootte van de gebruikte pannen.Regeling van de boosterfunctieAfhankelijk van het model zijn de kookzones verticaal of kruisgewijs aan elkaar gepaard.

Het totale vermogen is over deze paren verdeeld (zie afb.) Pogingen om de boosterfuncties van beide kookzones tegelijkertijd in te schakelen zullen het maximaal beschikbare vermogen overschrijden. In dat geval zal het verwarmingsvermogen van de als eerste geactiveerde kookzone worden verlaagd naar het maximaal mogelijke niveau.Na een stroomstoring wordt het kinderslot automatisch uitgeschakeld.Inschakelen van het kinderslotOm de kookplaat te blokkeren raakt u de tiptoets met de sleutel (10) net zolang aan tot-dat de diode (10) gaat branden. Als de diode brandt, klinkt een kort geluidssignaal.Uitschakelen van het kinderslotOm de kookplaat te deblokkeren raakt u de tiptoets met de sleutel (10) net zolang aan totdat de diode (10) dooft.

56BEDIENINGRestwarmteindicatorOp het moment dat een hete kookzone wordt uitgeschakeld, verschijnt de letter „H” als signaal dat de kookzone nog heet is.Raak de kookzone niet aan in ver-band met het risico voor verbran-dingen en zet er geen voorwerpen op die gevoelig zijn voor warmte!Als deze indicator is gedoofd, kunt u de kookzone aanraken. Wees u ervan bewust dat hij nog niet is afgekoeld tot de omgeving-stemperatuur.Bij het ontbreken van spanning brandt de restwarmteindicator niet.Beperking van de werkingsduurOm de feilloze werking van de kookplaat te vergroten, is hij uitgerust met een beperking van de werkingsduur voor elk van de kook-zones.

De maximale werkingsduur wordt vastgesteld op grond van het laatste gekozen vermogensniveau.Als u het vermogensniveau gedurende langere tijd (zie tabel) niet verandert, wordt de bijbehorende kookzone automatisch uitgeschakeld en de restwarmteindicator ingeschakeld. U kunt echter op ieder moment de respectievelijke kookzones inschakelen en bedienen, volgens de gebruiksaanwijzing.Vermogensnive-au verwarming Maximale we-rkingsduur in uren1 62 63 54 55 46 1,57 1,58 1,59 1,5P 0,16

57BEDIENINGAutomatisch bijwarmen● De gekozen kookzone moet zijn ingesteld op vermogensniveau (0).● Het indrukken van tiptoets (-) (3) zorgt voor een overgang naar vermogensnive-au (9).● Raak vervolgens de tiptoets (+) (2) van de gekozen kookzone aan. Op de indicator verschijnt de letter „ ”.● Kies nu met tiptoets (-) (3) het gewenste uiteindelijke vermogensniveau.

Op de indicator vermogensniveau van de betreffende kookzone worden afwisselend de letter „ ” en het door u ingeprogrammeerde uiteindelijke vermogensniveau getoond.Na verloop van de tijd dat extra vermogen wordt geleverd, schakelt de kookzone automatisch over op het door u gekozen vermogensniveau, dat zichtbaar is op de indicator.Wanneer na het inschakelen van het automatisch bijwarmen de tiptoets keuze vermogensniveau langer dan 3 seconden op de positie „9” blijft, dat wil zeggen dat er geen vermogen-sniveau wordt gekozen, dan wordt de functie automatisch bijwarmen uitgeschakeld.Wanneer u de pan van de kookzone haalt en opnieuw op de kookzone plaatst voordat de tijd van het au-tomatisch bijwarmen is verstreken, dan wordt het bijwarmingsproces met extra vermogen afgemaakt.Vermogensniveau verwarmingTijdsduur automa-tisch bijwarmen met extra vermo-gen (in minuten)1 0,82 2,43 3,84 5,25 6,86 2,07 2,88 3,69 0,2AA4410111232341011123

58BEDIENINGTimerDe timer maakt het kookproces eenvoudiger, dankzij de mogelijkheid om de werkingstijd van de kookzones te programmeren. Hij kan ook dienen als kookwekker.Aanzetten van de timerDe timer maakt het kookproces eenvoudi-ger, dankzij de mogelijkheid om de werking-stijd van de kookzones te programmeren. U kunt deze functie uitsluitend inschakelen bij het koken (als het vermogensniveau hoger is dan „0”). U kunt de timer tegelijkertijd voor alle vijf de kookzones inschakelen. U kunt de timer instellen binnen een bereik van 1 tot 99 minuten in stappen van 1 minuut.Om de timer in te stellen handelt u als volgt:● Stel met tiptoets (+) (2) of tiptoets (-) (3) het vermogensniveau binnen een bereik van 1-9. Op de display brandt het gekozen vermogensniveau binnen een bereik van 1-9 met een decimale punt (bijv.

59BEDIENINGUitzetten van de timerNa afloop van de ingeprogrammeerde ko-oktijd klinkt een geluidssignaal. U kunt het uitschakelen door op een willekeurige tiptoets te drukken. Na 2 minuten schakelt het alarm automatisch uit.Wanneer het noodzakelijk is om de timer eerder uit te schakelen:● druk net zo vaak tegelijkertijd op de tip-toetsen (+) (5) en (-) (6) van de timer als nodig is om de diode (8) te kiezen die de werking van de kookzone met behulp van de timer aanduidt, verminder vervolgens de tijd tot (00).Controle van de verstreken kooktijdU kunt de overgebleven kooktijd op ieder moment controleren door tegelijkertijd de tiptoetsen (+) (5) en (-) (6) net zo vaak aan te raken tot u de gewenste diode (8) heeft gekozen.

De actuele tijd wordt getoond door de knipperende diode (8).Wijziging van de ingestelde kooktijdOp ieder moment van het kookproces kunt u de ingevoerde kooktijd wijzigen.Voer hiervoor dezelfde procedure uit als in het punt „Aanzetten van de timer”, met dat verschil dat u niet het vermogensniveau instelt met behulp van de tiptoetsen (+) (2) of (-) (3), maar direct overgaat op het activeren van de timer door tegelijkertijd op de tiptoetsen (+) (5) en (-) (6) van de timer te drukken.87865

60BEDIENINGUitschakelen kookwekkerNa afloop van de ingeprogrammeerde tijd klinkt een doorlopend geluidssignaal. U kunt het uitschakelen door op een willekeurige tiptoets te drukken. Na 2 minuten schakelt het alarm automatisch uit.Wilt u de kookwekker eerder uitschakelen, verminder dan de tijd met tiptoets (-) (6) tot (00).Timer als kookwekkerDe timer kan ook worden gebruikt als kookwekker, wanneer de kookzones niet door de timer worden aangestuurd.Aanzetten kookwekkerOm de kookwekker in te stellen handelt u als volgt:● druk tegelijkertijd op de tiptoetsen (+) (5) en (-) (6) van de timer. Op de display van de timer (7) verschijnen de cijfers (00) en de middelste diode (8) onder de display (7) begint te knipperen.● stel vervolgens met de tiptoetsen (+) (5) of (-) (6) van de timer de gewenste werkingstijd van de kookwekker in.7865

61BEDIENINGFunctie Stop’n go „II”De functie Stop’n go werkt als een standaard pauze. Dankzij deze functie kunt u op een wil-lekeurig moment de werking van de kookplaat onderbreken en terugkeren naar de eerdere instellingen. Om de functie Stop’n go in te kunnen scha-kelen moet minimaal één kookzone zijn ingeschakeld. Druk vervolgens op tiptoets (11). Op alle indicatoren van de kookzones (4) verschijnt het symbool „II” en boven tip-toets (11) gaat de ledsignaal branden. Druk opnieuw op tiptoets (11) om de functie Stop’n go uit te schakelen. Het ledsignaal gaat knipperen. Druk vervolgens op een wil-lekeurige tiptoets (2). Op de indicatoren van de kookzones (4) gaan de instellingen bran-den die waren ingeprogrammeerd voordat de functie Stop’n go werd ingeschakeld. WarmhoudfunctieDe warmhoudfunctie houdt reeds bereide gerechten warm op de kookzone.

De geselecteerde kookzone is ingeschakeld op een laag vermogensniveau. Dankzij deze functie krijgt u een warm gerecht dat meteen gegeten kan worden, niet van smaak verandert en niet vastkoekt aan de pan. U kunt deze functie gebruiken voor het smelten van boter, chocolade etc. Voorwaarde voor juiste toepassing van deze functie is het gebruik van een geschikte pan met een vlakke bodem, zodat de temperatuur van de pan exact gemeten kan worden door de voeler die zich in de kookzone bevindt. U kunt de warmhoudfunctie op iedere kookzone gebruiken. Uit microbiologische overwegingen bevelen wij aan om de gerechten niet te lang warm te houden. Het bedieningspaneel schakelt deze functie dan ook na 2 uur uit. U kunt de kookzone instellen op 3 temperatuurniveaus, nl. 42°C, 70°C en 94°C.

U schakelt de warmhoudfunctie op de volgende wijze in:● druk op de tiptoets warmhoudfunctie (12), de eerste diode gaat branden - de verwarming-stemperatuur bedraagt 42°C,● druk een tweede keer op de tiptoets warmhoudfunctie (12), de tweede diode gaat branden (de eerste dooft) - de verwarmingstemperatuur bedraagt 70°C,● druk een derde keer op de tiptoets warmhoudfunctie (12), twee diodes gaat branden - de verwarmingstemperatuur bedraagt 94°C,● nadat u een van bovengenoemde verwarmingsniveaus hebt gekozen drukt u op tiptoets (+) (2) van de gewenste kookzone. Op de display (4) verschijnt het teken [ ] dat corre-spondeert met het gekozen niveau ( ) ( ) ( ). U kunt de warmhoudfunctie op ieder moment uitschakelen door tegelijkertijd op de tip-toetsen (+) (2) en (-) (3) te drukken of door het vermogen met tiptoets (-) (3) te verlagen naar niveau (0). 4101112341011123.

62BEDIENINGDe functie Stop’n go mag maximaal 10 minuten duren. Indien de functie Sto-p’n go niet binnen deze tijd wordt beëindigd, dan schakelt het bedieningspa-neel uit.Als de besturing per ongeluk wordt uitgescha-keld met de tiptoets in-/uitschakelen (1) ma-akt de functie Stop’n go snel herstel van de instellingen mogelijk. Druk binnen 6 secon-den nadat het bedieningspaneel is uitgezet met de tiptoets in-/uitschakelen (1), opnieuw op tiptoets (1). Op de indicatoren van de ko-okzones (4) verschijnt het cijfer „0” en boven tiptoets (11) begint het ledsignaal te knippe-ren. Druk vervolgens binnen de volgende 6 seconden op tiptoets (11). Op de indicatoren van de kookzones (4) worden de instellingen getoond die waren ingeprogrammeerd voor-dat de besturing per ongeluk werd uitgescha-keld.BridgefunctieDankzij de bridgefunctie kunt u twee kookzones gebruiken als één kookzone.

De bridgefunc-tie is erg handig, zeker wanneer u pannen van het type braadpan gebruikt om te koken.Met de bridgefunctie kunt u de twee kook-zones aan de linkerkant en de twee kook-zones aan de rechtkant aan elkaar koppe-len. Om de bridgefunctie in te schakelen, is het voldoende om twee tiptoetsen tege-lijkertijd aan te raken. Voor de twee zones aan de linkerkant drukt u tegelijkertijd op de (+) (2) tiptoets van de kookzone linksvoor en de tiptoets (-) (3) van de kookzone link-sachter. Voor de twee zones aan de rech-terkant drukt u tegelijkertijd op de (+) (2) tiptoets van de kookzone rechtsachter en de tiptoets (-) (3) van de kookzone linksvo-or. Na het indrukken van beide tiptoetsen verschijnt het symbool op de bovenste display en het cijfer (0) op de onderste di-splay.

63BEDIENINGUitschakelen van de hele kookplaat● De kookplaat is in werking zolang mini-maal één kookzone is ingeschakeld.● U schakelt de hele kookplaat uit door de tiptoets in-/uitschakelen (1) aan te raken.Uitschakelen van de kookzones● U kunt de kookzones uitschakelen door tegelijkertijd op de tiptoetsen (+) (2) en (-) (3) te drukken of door het vermogen met tiptoets (-) (3) te verlagen naar niveau (0).Na ongeveer 10 seconden is de kookzone niet meer actief.De kookzone is heet, op de indi-cator van de kookzone (4) wordt gedurende ongeveer 10 seconden de letter „H” afwisselend met het cijfer „0” getoond, daarna alleen de letter „H”.Als de kookzone heet is verschijnt op de kookzoneindicator (4) de letter „H” - het symbool voor re-stwarmteU schakelt de bridgefunctie uit door opnieuw op dezelfde twee tiptoetsen waarmee u de bridgefunctie heeft ingeschakeld te drukken.

65REINIGING EN ONDERHOUDBreng nooit reinigingsmiddel aan op een hete kookplaat. Laat het reinigingsmiddel best wat opdrogen en verwijder het daarna pas met een natte doek. Eventuele achtergebleven restjes van het reinigingsmiddel kunt u ver-wijderen met een vochtige doek voordat u de plaat opnieuw aanschakelt. Als u het middel niet verwijdert, kan het bijtend werken.Als het keramische oppervlak van de kookplaat niet correct behandeld wordt, neemt de producent geen verantwoorde-lijkheid op zich op basis van de garantie.Opgelet!Als de besturing om één of an-dere reden niet werkt als de plaat aangeschakeld is, dan moet u de hoofdschakelaar of de zekering uit-schakelen en de onderhoudsdienst contacteren.Opgelet!Als er barsten of breuken in de ke-ramische plaat ontstaan, moet de kookplaat onmiddellijk uitgeschakeld worden en van het stroomnet ont-koppeld worden.

66HANDELSWIJZE BIJ PROBLEEMSITUATIESBij probleemsituaties moet u:• de actieve onderdelen van de plaat uitschakelen• de elektrische voeding ontkoppelen• een herstelling aanvragen• sommige kleine problemen kan de gebruiker zelf oplossen met behulp van de aanwijzin-gen in de tabel hieronder. Controleer opeenvolgend alle punten in de tabel voordat u de onderhouds- of klantendienst contacteert.PROBLEEM OORZAAK HANDELSWIJZE1. Het toestel werkt niet - stroompanne - controleer de zekering in de huisinstallatie, vervang de doorgebrande zekering2. Het toestel reageert niet op de ingevoerde waarden- het bedieningspaneel is niet aangeschakeld- schakel het paneel aan- de knop werd niet lang genoeg ingedrukt (minder dan een seconde)- druk de knoppen iets langer in- er werden meerdere knop-pen tegelijk ingedrukt- druk slechts één knop tegelijk in (geldt niet bij het uitschakelen van een kookveld)3.

Het toestel reageert niet en geeft een lang geluids-signaal- verkeerde bediening (ver-keerde sensors ingedrukt of te snel ingedrukt)- schakel de plaat opnieuw aan- de sensor(s) is (zijn) be-dekt of vuil- maak de sensors vrij of reinig ze4. Het toestel schakelt zichzelf uit- na het aanschakelen werd er gedurende meer dan 10 s. geen enkele waarde ingevoerd- schakel het bedieningspa-neel opnieuw aan en voer onmiddellijk de gegevens in- de sensor(s) is (zijn) be-dekt of vuil- maak de sensors vrij of reinig ze5. Eén van de kookvelden schakelt zichzelf uit- beperking van de werk-duur- schakel het kookveld opnieuw aan- de sensor(s) is (zijn) be-dekt of vuil- maak de sensors vrij of reinig ze6.

De restwarmte-indicator brandt niet, hoewel het kookveld nog warm is- stroompanne, het toestel werd van het elektriciteit-snet ontkoppeld- de restwarmte-indicator gaat pas opnieuw werken bij de volgende aanscha-keling en uitschakeling van het bedieningspaneel

67HANDELSWIJZE BIJ PROBLEEMSITUATIESPROBLEEM OORZAAK HANDELSWIJZE7. Barst in de keramische kookplaat Gevaar! Ontkoppel de keramische kookplaat onmiddellijk van het elektriciteitsnet (zekering). Contacteer de dichtstbijzijnde onderhoudsdienst.8. Als het defect nog steeds niet verholpen isOntkoppel de keramische kookplaat van het elektriciteit-snet (zekering!). Contacteer de dichtstbijzijnde onderho-udsdienst.Belangrijk!U bent verantwoordelijk voor de goede staat van het toestel en voor het gepaste gebruik van het toestel in uw huishouden. Indien u de onderhoudsdienst oproept als gevolg van een bedieningsfout, dan zal u ook binnen de garantieperiode met de kosten belast worden.De producent is niet verantwoordelijk voor schade die ontstaat door het niet naleven van deze gebruikershandle-iding. 9.

De inductieplaat geeft snorrende geluiden af.Dit is een normaal verschijnsel, dat veroorzaakt wordt door de werking van de ventilator die het elektrische systeem koelt.10. De inductieplaat geeft uitende geluiden af.Dit is een normaal verschijnsel. Volgens de frequentie van de werking van de spoelen bij het gebruik van meerdere kookzones geeft de plaat bij haar maximum vermogen een licht geuit af.11. Symbool E2 Oververhitting van de induc-tiespoelen- onvoldoende koeling,- controleer of de plaat in overe-enstemming met de gebruiker-shandleiding ingebouwd is.- Controleer de pan in overe-enstemming met de opmerking op pag 48.12. Symbool Er03 De sensorknoppen zijn langer dan 10 seconden bedekt, het sensorsysteem schakelt zichzelf uit.Reinig het oppervlak van de plaat of verwijder de voorwer-pen die op de sensors staan.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Amica KMI 13297 F stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden