Amica BM132.3i Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Amica BM132.3i (216 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 8 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Amica BM132.3i of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Amica |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | BM132.3i |
Handleiding Amica BM132.3i – volledige tekst
- 6 -NL - InhoudsopgaveAANWIJZINGEN BETREFFENDE VEILIGHEID VAN GEBRUIK 99INSTALLATIE EN WERKOMSTANDIGHEDEN VAN HET APPARAAT 104INSTALLATIE VOOR DE EERSTE INGEBRUIKNAME 104MINIMALE AFSTANDEN VAN WARMTEBRONNEN 104AANSLUITEN OP HET ELECTRICITEITSNET 105UITSCHAKELEN 105KLIMAATKLASSE 105UITPAKKEN 106VERWIJDERING VAN GEBRUIKTE APPARATUUR 106BEDIENING 107BEDIENING VAN HET APPARAAT 107REGELEN VAN DE TEMPERATUUR IN HET APPARAAT 107AANVULLENDE INFORMATIE BETREFFENDE DE TEMPERATUUR 107BEDIENING EN FUNCTIES 108HET BEWAREN VAN PRODUCTEN IN DE KOELKAST 108HET INVRIEZEN VAN PRODUCTEN** 108HOE KAN DE KOELKAST ECONOMISCH GEBRUIKT WORDEN? 110PRAKTISCHE TIPS 110WAT BETEKENEN DE STERRETJES?
110ZONES IN DE KOELKAST 111LEVENSMIDDELEN DIE NIET IN DE KOELKAST BEWAARD MOGEN WORDEN 111ONTDOOIEN, WASSEN EN ONDERHOUD 112ONTDOOIEN VAN DE KOELKAST*** 112ONTDOOIEN VAN DE DIEPVRIEZER** 112OM DE VRIESRUIMTE TE ONTDOOIEN HANDELT U ALS VOLGT:** 113AUTOMATISCH ONTDOOIEN VAN DE KOELKAST**** 113AUTOMATISCH ONTDOOIEN VAN DE DIEPVRIEZER**** 113HANDWASSEN VAN DE KOELKAST EN DIEPVRIEZER**** 113UITHALEN EN INZETTEN VAN DE LEGPLATEAUS***** 113PLAATSEN EN VERPLAATSEN VAN DE OPBERGVAK***** 113STORINGEN VINDEN EN VERHELPEN 114WIJZIGEN VAN DE OPENINGSRICHTING VAN DE DEUR 116INSTALLATIE 116WIJZIGEN VAN DE OPENINGSRICHTING VAN DE DEUR VAN HET LAGETEMPERATUURVAK 117GARANTIE, SERVICE 118GARANTIE 118
- 98 -Beste klantVanaf vandaag zijn de dagelijkse klusjes eenvoudiger dan ooit tevoren. Het apparaat is een combi-nae van uitzonderlijk bedieningsgemak en perfecte eecviteit. Na het lezen van de gebruiksaanwijzing kent de bediening voor u geen geheimen meer. Ieder apparaat dat de fabriek verlaat is vóór het in-pakken op controleplekken grondig gecontroleerd op veiligheid en funconaliteit.Wij vragen u deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen voordat u het apparaat inschakelt. Naleving van de aanwijzingen die erin zijn opgenomen be-schermt u tegen onjuist gebruik. Bewaar de gebruiks-aanwijzing en zorg dat u hem aljd binnen handbereik hee.Volg de gebruiksaanwijzing nauwkeurig op om onge-vallen te voorkomen.Hoogachtend
- 99 -AANWIJZINGEN BETREF-FENDE VEILIGHEID VAN GE-BRUIK• Het apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk ge-bruik.• De producent behoudt zich het recht voor om wijzigingen aan te brengen die het gebruik van het apparaat niet beïn-vloeden. • Sommige opmerkingen in deze gebruiksaanwijzing zijn hetzelfde voor de verschillende typen koelapparatuur, (voor koelkasten, koel-vrieskasten of diepvriezers).
U vindt infor-matie over het type van uw apparaat op de productkaart die is meegeleverd met het product.• Producent steelt zich niet verantwoordelijk voor de schade die uit het niet nagaan van de aanwijzingen van deze ge-bruiksaanwijzing voortvloeit.• Wij adviseren deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig te bewa-ren om te kunnen raadplegen in de toekomst of doorgeven aan de volgende gebruiker.• Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik door personen met een beperkte fysieke, somatische of psychische vaardighe-den (waaronder kinderen) en personen die geen ervaring ermee of kennis ervan hebben, tenzij dit onder toezicht of volgens gebruiksaanwijzing gebeurt, die door personen die voor de veiligheid verantwoordelijk zijn doorgegeven wordt.• Wees u bijzonder attent op het zelfstandig gebruik van het apparaat door kinderen. Het apparaat is geen speelgoed.
Het is verboden om op de uitschuifbare elementen te zitten en aan de deur hangen.• De koelvries combinatie werkt correct in de omgevingstem-peratuur welke aangegeven staat op de tabel met techni-sche gegevens. Plaats het apparaat niet in een kelder, een gang of een niet verwarmde chalet in de herfst en in de win-ter.• Tijdens het opstellen, schuiven en optillen is het verboden om aan de deurhandgrepen te grijpen, aan de gleuf aan de achterkant van de koelkast te trekken of compressor aan te rakken.• Tijdens het transport, het optillen of opstellen dient de
- 100 -koel-vriescombinatie zich niet meer dan 40° van de vertica-le positie bevinden. Indien dit wel plaatshad, kan het appa-raat pas na 2 uur na de opstelling aangezet worden (tek. 2). • Voordat u aan onderhoudswerkzaamheden begint haal al-tijd de stekker uit het stopcontact. Trek nooit aan het net-snoer, maar aan de stekker. • De ongewone of sterkere geluiden ontstaan door het uit-breiden en verkleinen van de onderdelen door de tempera-tuurwijzigingen. • Vanwege de veiligheid is het niet aangeraden om het appa-raat zelf te herstellen. De herstellingswerkzaamheden, die door niet bevoegde personen zijn uitgevoerd, kunnen ge-vaarlijk voor de gebruikers van het apparaat zijn.
• Ingeval van storing van het koelsysteem is het aangeraden om de ruimte, waarin het apparaat geplaatst werd door en-kele minuten te ventileren (deze ruimte dient ten minste 4 m3 hebben; voor het product met isobutaan/R600a)• Gedeeltelijk ontdooide producten dient u niet nog een keer in te vriezen. • Bewaar dranken in blikken en essen, in het bijzonder kool-zuurhoudende dranken, niet in de diepvriezer. Blikken en essen kunnen barsten. • Plaats geen pas van de diepvriezer genomen producten di-rect in de mond (ijs, ijsblokken, ezv. ), hun lage temperatuur kan ernstige letsels veroorzaken. • Let op om het koelsysteem niet te beschadigen, bv. door het prikken in de kanalen van de koelvloeistof in de verdam-per, het breken van pijpen. Het ingespoten koelvloeistof is brandbaar. Ingeval van contact met het oog, dient u het met schoon water afspoelen en onmiddellijk met arts contacte-ren.
• Als de voedingskabel beschadigd raakt, dan moet deze vervangen worden bij een specialistische service. • Het apparaat is bestemd voor het bewaren van voedings-middelen. Gebruik het niet voor andere doeleinden. • Koppel het apparaat volledig los van het lichtnet (door de stekker uit het stopcontact te trekken) tijdens werkzaamhe-den als schoonmaken, onderhoud of verplaatsen.
- 101 -kennis van het apparaat wanneer op hen gelet wordt of ze geïnstrueerd zijn over het veilig gebruik van het apparaat en ze de gevaren kennen in verband met het gebruik van het apparaat. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet door kinderen gedaan worden tenzij ze 8 jaar zijn of ouder en er toezicht wordt ge-houden door een juiste persoon.• Om meer ruimte te creëren in de diepvriezer, kunt u de la-den verwijderen en de producten direct op de legplanken plaatsen. Dit heeft geen invloed op de thermische en me-chanische eigenschappen van het apparaat.
De opgege-ven inhoud van de diepvriezer is berekend bij afwezigheid van de laden.WAARSCHUWING: Brandgevaar / brand-bare materialen• Kinderen van 3 tot 8 jaar mogen producten in het koelappa-raat zetten en eruit halen.Om verontreiniging van de voedingsmiddelen te voorkomen, moet u zich houden aan de volgende regels:• Als u de deur lange tijd opent, kan de temperatuur in de ver-schillende ruimten van het apparaat aanzienlijk stijgen.• Maak de oppervlakken die in contact komen met voedings-middelen regelmatig schoon evenals, indien aanwezig, de waterafvoersystemen.• Bewaar rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast, zodat ze niet in contact kunnen komen met ande-re voedingsmiddelen en niet op andere voedingsmiddelen kunnen lekken.• Vriesruimten met twee sterren zijn bestemd voor het bewa-ren van eerder ingevroren voedingsmiddelen, het bewaren of bevriezen van ijs of het bevriezen van ijsblokjes.• Ruimtes met één ster, twee sterren en drie sterren zijn niet bestemd voor het invriezen van verse voedingsmiddelen.
- 102 -Soorten ruim-tenUitein-delijke bewaar-tempera-tuur [OC]Geschikte voedingsmiddelen1 Koelkast +2 ≤ +8Eieren, gekookte voedingsmiddelen, verpakte voe-dingsmiddelen, vruchten en groenten, zuivel, gebak, dranken en overige producten die niet geschikt zijn om in te vriezen. 2Diepvriezer. ≤-18Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwaterpro-ducten en vleesproducten (aanbevolen 3 maanden, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), geschikt voor inge-vroren verse producten. 3Diepvriezer @≤-18Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwaterpro-ducten en vleesproducten (aanbevolen 3 maanden, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), niet geschikt voor bevroren verse producten.
4Diepvriezer #≤-12Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwaterpro-ducten en vleesproducten (aanbevolen 2 maanden, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), niet geschikt voor bevroren verse producten. 5Diepvriezer $≤-6Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwater-producten en vleesproducten (aanbevolen 1 maand, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), niet geschikt voor bevroren verse producten. 6Ruimte zonder sterren-6≤0Vers varkensvlees, rundvlees, vis, kip, sommige ver-pakte, verwerkte producten etc. (aanbevolen wordt deze dezelfde dag nog te eten, maar uiterlijk binnen 3 dagen). Gedeeltelijk verpakte, verwerkte producten (producten die niet geschikt zijn om in te vriezen)7 Koelruimte 2≤+3Vers/bevroren varkensvlees, rundvlees, kip, zoet-waterproducten etc.
(7 dagen onder 0°C, boven 0°C wordt aanbevolen deze nog dezelfde dag te eten, maar uiterlijk binnen 2 dagen). Zeevruchten (onder 0°C gedurende 15 dagen, bij voorkeur niet bewaren bij temperaturen hoger dan 0°C)8Ruimte voor het bewaren van verse voedings-middelen0≤+4Vers varkensvlees, rundvlees, vis, kip, gekookte pro-ducten etc.
- 103 -• Opgelet: bewaar de producten in overeenstemming met de aanbevelingen voor de verschillende ruimten en de aanbe-volen bewaartemperatuur van het product.• Als u het koelapparaat niet gebruikt en het langere tijd leeg zal staan, moet u het uitschakelen, ontdooien, schoonma-ken, drogen en de deur open laten staan om te voorkomen dat er in het apparaat schimmel ontstaat.• Reinigen van de waterdispenser (voor producten met wa-terdispenser): Reinig de watertanks als ze 48 uur niet zijn gebruikt; als het water gedurende 5 dagen niet is afgetapt, spoel dan het watersysteem dat op de waterleiding is aan-gesloten door.• De minimumperiode waarin reserveonderdelen die nodig zijn om het apparaat te repareren beschikbaar blijven, be-draagt 7 of 10 jaar, afhankelijk van het type en het doel van het reserveonderdeel, en is in overeenstemming met Veror-dening (EU) 2019/2019 van de Commissie.
• De lijst met reserveonderdelen en de bestelprocedure zijn beschikbaar op de websites van de fabrikant, importeur of de ociële vertegenwoordiger.• Meer informatie over het product vindt u in de Europese pro-ductdatabase voor energie-etikettering EPREL op de web-site https://eprel.ec.europa.eu. U kunt de informatie verkrij-gen door de QR-code op het energie-etiket te scannen of door het productmodel in te voeren in de zoekmachine van EPREL https://eprel.ec.europa.eu/
- 104 -INSTALLATIE EN WERKOM-STANDIGHEDEN VAN HET APPARAATDit koelapparaat is bedoeld voor gebruik als inbouwapparaat. Installatie voor de eerste ingebruikname• Pak het product uit en verwijder de veiligheidsbanden van de deur en uitrusting (Tek. 4). De restanten van het lijm kunt u met een zacht reinigingsmiddel verwijderen. • Gooi de piepschuim elementen van de verpakking niet weg. Ingeval van een toekomstig transport, dient de koel-vriescombinatie nog een keer met behulp van piepschuim elementen, folie en plakband bevei-ligt te worden. • Was de binnenkant van de koelkast en de diepvriezer met een zacht warm water met een afwasmiddel en daarna droog het met een doek en wacht tot het droog wordt.
• Plaats de koel-vriescombinatie op een ondergrond, die vlak, water-pas en stabiel is, in een droge en regelmatig ventileerde ruimte, niet in direct zonlicht of naast andere warmtebronnen, zoals een gasfor-nuis, CV-radiator, CV-buis of warme water installatie ezv. • Op de buiten oppervlakken van het product kan zich beschermende folie bevinden welke verwijderd dient te worden. • Het apparaat moet waterpas geplaatst zijn, wat kunt u bereiken door op een juiste manier 2 voorvoetjes op te schuiven (tek. 3). • Om de deur vrijuit te kunnen openen, dient de afstand tussen de zijwand van het product (aan de kant van de deurscharnieren) en de muur in overeenstemming te zijn met afbeelding 5*. • De ruimte dient regelmatig geventileerd te worden en het lucht dient onbelemmerd van alle zijden van het apparaat circuleren (tek. 6*).
Minimale afstanden van warmtebronnen• van elektrische fornuizen, gasfornuizen en andere fornuizen - 30 mm,• van olie- of steenkoolkachels - 300 mm,• van ingebouwde fornuizen - 50 mmIndien het behouden van deze afstanden niet mogelijk is, dient u een juiste isolatieplaat te gebruiken.
- 105 -Aansluiten op het electriciteitsnet• Zet de temperatuurregelaar in de positie „OFF” of een andere positie die het apparaat uitschakelt (zie de pagina met de beschrijving van de besturing) voordat u het aansluit. • Suit het apparaat op het electriciteitsnet met wisselstroom 220-240V, 50Hz aan, met gebruik van een correct geïnstalleerd stopcontact-doos, die geaard is en over een zekering van 10A beschikt. • De aansluiting op het electriciteitsnet met een aarding moet volgens de wettelijke voorschriften uitgevoerd zijn. De producent stelt zich niet verantwoordelijk voor de schade, die door de personen of voor-werpen geleden kan worden als gevolg van het niet nagaan van de verplichting van dit voorschrift. • Het is verboden om verloopstekkers, verdeelstekkers en verleng-snoeren te gebruiken.
Indien u wel een verlengsnoer moet gebrui-ken, het dient over een beschermring te beschikken, alleen één con-tactdoos hebben en over een veiligheidsatest VDE/GS te beschikken. • Ingeval van het gebruik van een verlengsnoer (met een bescherm-ring en veiligheidsmarkering), moet zijn nest zich in een veilige af-stand van waterbakken bevinden en kan niet het gevaar oplopen om met het water en ander afvalwater in aanraking te komen. • De gegevens staan op de typeplaatje, dat zich beneden aan de bin-nenwand van de koelkast bevindt**. UitschakelenHet apparaat dient in elk moment van het electriciteitsnet te kunnen worden uitgeschakeld door de stekker eruit te halen of de dubbelpolige schakelaar uit te zetten (tek. 9). KlimaatklasseInformatie over de klimaatklasse staat op de typeplaatje. Deze geeft aan in welke omgevingstemperatuur (dwz.
- 106 -UITPAKKENHet apparaat is beveiligd tegen transportschade. Na het uitpakken moet het verpakkingsmateriaal zo verwerkt worden dat er geen risi-co voor het milieu ontstaat. Al het materiaal dat voor de verpakking is gebruikt is milieuvriendelijk, het kan voor 100% hergebruikt wordenen het is gelabeld met het bijbehorende symbool.Attentie! Het verpakkingsmateriaal (polyethyleenzak-jes, stukken polystyreen etc.) bij het uitpakken buiten het bereik van kinderen houden.VERWIJDERING VAN GEBRUIKTE APPARATUURDit product is overeenkomstig met de Europese richtlijn 2012/19/EG. Dit merkteken informeert dat dit appa-raat na aoop van zijn levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval verwijderd mag worden.
De gebruiker is verplicht om het aan te bieden bij een inzamelpunt voor gebruikte elektrische en elektronische apparatuur.De inzamelende instanties, waaronder lokale inzam-elpunten, winkels en gemeentelijke instanties vormen een geschikt systeem voor de inzameling van deze apparatuur. De juiste behandeling van gebruikte ele-ktrische en elektronische apparatuur leidt tot het ver-mijden van consequenties die schadelijk zijn voor de menselijke gezondheid en de natuurlijke omgeving en voortkomen uit de aanwezigheid van gevaarlijke be-standdelen en verkeerde opslag en verwerking van dergelijke apparatuur.
- 107 -BEDIENINGBediening van het apparaatHet bedieningspaneel staat weergegeven op afbeelding 10. Om het u makkelijk te maken staat hij ook hieronder:Power Adjust12345Regelen van de temperatuur in het apparaat1. Om de temperatuur in de ruimte te regelen drukt u op de knop Adjust en kiest u een niveau van 1 tot 5. 1 – hoogste temperatuur; 5 – laagste temperatuur.2. Druk 3 seconden op de knop Power om het apparaat uit te scha-kelen. De knop wordt verlicht en de voeding wordt uitgeschakeld. De verlichting in de ruimte en de compressor schakelen uit. Druk 3 seconden op de knop om het apparaat in te schakelen. Het icoon gaat branden en de voeding is ingeschakeld.Aanvullende informatie betreende de temperatuur• Er zijn veel factoren die invloed hebben op de temperatuur in het apparaat.
De instelling van de draaiknop is onder andere afhankelijk van de omgevingstemperatuur, de hoeveelheid zonlicht, de frequen-tie waarmee het apparaat wordt geopend, de hoeveelheid levensmid-delen. De middelste positie van de draaiknop is in de meeste gevallen het meest optimaal.• De cellen dienen met levensmiddelen pas na het afkoelen opgevuld worden min. na 4 uur werking van het apparaat.• Het is niet aangeraden om de temperatuur vanwege de verandering van seizoenen in te stellen. De stijging van de omgevingstemperatuur wordt door de sensor ontdekt en gaat de compressor automatisch langer werken om de gewenste binnentemperatuur te behouden.• Geringe veranderingen van de temperatur zijn normaal en kunnen ontstaan door bv. een groot aantal verse producten in de koelkast te bewaren of wanneer de deur door een langere periode open stond.
- 108 -BEDIENING EN FUNCTIESHet bewaren van producten in de koelkast• Bewaar de producten op borden, in dozen of in voedselfolie verpakt. Plaats ze gelijkmatig op de oppervlakte van de platen. • Levensmiddelen mogen niet met de achterwand in aanraking komen, indien het wel gebeurt kunnen ze verrijpen of vochtig worden. • Het is verboden om warme voedsel in de koelkast te plaatsen. • Producten, die makkelijk geuren opnemen, bv. boter, melk, kwark en producten die een sterk geur hebben, bv. vlees, vissen en kazen dienen verpakt met folie of in goed gesloten dozen geplaatst worden. • Groenten die rijk aan water zijn, veroorzaken verdamping over de groentelade; dit verstoort de correcte werking van de koelkast niet. • Droog de groenten voor het plaatsen ervan in de koelkast.
• Te grote hoeveelheid vocht verkort de tijd van het bewaren, in het bijzonder met betrekking tot groenten met bladeren. • Bewaar de groenten zonder wassen. Het wassen verwijderd hun be-schermingslaag, daarom is het aangeraden om ze net voor het eten te wassen. • De producten in korven (laden) 1, 2, 3* plaats (zie tek. 11). **1. verpakte producten2. Verdamper plank / kast3. Normaal laadniveau4. • Het is toegestaan om producten op de draadroosters van de verdam-per van de diepvriezer te plaatsen*• Het is toegestaan dat producten 20-30 mm voorbij de natuurlijke laadgrens worden geschoven. **• U kunt de onderste mand verwijderen om meer laadruimte te creë-ren. U stapelt de producten op de bodem van de diepvriezer tot de maximale hoogte. *Het invriezen van producten**• Bijna alle levensmiddelen kunnen worden ingevroren, met uitzonde-ring van groenten die rauw worden gegeten, bv. sla.
• Alleen producten van uitstekende kwaliteit kunnen worden ingevro-ren, verpakt in afgemeten porties die op een keer kunnen worden gebruikt. • Gebruik materialen zonder geur om producten te verpakken, die geen lucht nog vocht toelaten en vet niet doorlaten.
- 109 -• Om de goede kwaliteit van de ingevroren producten te garanderen, is het aangeraden om de reeds ingevroren producten te verplaatsen opdat ze niet in contact met verse producten komen.• De ingevroren producten dienen op de ene kant van de diepvriezer geplaatst worden en de verse producten aan de andere kant, zo dicht mogelijk bij de achter- en zijwand.• Gebruik voor het invriezen van producten de ruimte die is aangeduid met !.• De temperatuur in de koelkast wordt onder andere bepaald door: omgevingstemperatuur, het aantal geplaatste levensmiddelen, fre-quentie van deuropening, de hoeveelheid rijp, de stand van de ther-mostaat• Indien na het sluiten van de koelkast de deur niet direct opnieuw opengaat, wacht 1 tot 2 minuten, zodat de ontstane onder druk ge-compreseerd wordt.De bewaartijd van ingevroren producten is afhankelijk van hun kwaliteit voor het invriezen en de bewaringstemperatuur.
Bij een bewaringstem-peratuur van -18°C zijn de volgende bewaartijden aanbevolen:Producten MandenRundvlees 6-8Kalfsvlees 3-6Inwendige organen 1-2Varkensvlees 3-6Kippenvlees 6-8Eieren 3-6Vissen 3-6Groenten 10-12Fruit 10-12De ruimte voor snelkoeling is niet geschikt voor het bewaren van bevro-ren voedsel. In deze ruimte kunt u ijsblokjes maken en bewaren.Opgelet: Als het apparaat geen ruimte met ! heeft, betekent dit dat dit koelapparaat niet geschikt is voor het invriezen van voedingsmid-delen.* Betreft apparaten met een vriesruimte in het onderste gedeelte van het apparaat** Betreft apparaten met een vriesruimte !*** Geldt niet voor apparaten met een vriesruimte met de aanduiding !
- 110 -HOE KAN DE KOELKAST ECO-NOMISCH GEBRUIKT WOR-DEN. Praktische tips• Plaats de koelkast of de vrieskast niet in de nabijheid van radiatoren, ovens en stel ze niet rechtstreeks bloot aan zonnestralen. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet bedekt zijn. Ze moeten een- tot tweemaal per jaar gereinigd en ontstoft worden. • De gepaste temperatuur kiezen: een temperatuur van 6 tot 8 °C in de koelkast en -18 °C in de vrieskast is voldoende. • Als u op vakantie vertrekt, dient u de temperatuur in de koelkast te verhogen. • Open de deur van de koelkast of de vrieskast enkel als dit noodzake-lijk is. Het is goed om te weten welke levensmiddelen er in de koel-kast bewaard worden en waar ze zich precies bevinden. Ongebruikte levensmiddelen dienen zo snel mogelijk terug in de koelkast of de vrieskast geplaatst worden, voordat ze opwarmen.
• Reinig de binnenkant van de koelkast regelmatig met een doekje met zacht detergent. Toestellen zonder automatische ontdooifunctie die-nen regelmatig ontdooid te worden. Vermijd dat er een rijmlaag van meer dan 10 mm dik gevormd wordt. • De afdichting rond de deur moet rein gehouden worden. Anders zal de deur niet meer volledig sluiten. Een beschadigde afdichting moet altijd vervangen worden. Wat betekenen de sterretjes. $Een temperatuur van niet meer dan -6 °C volstaat om in-gevroren levensmiddelen gedurende ongeveer een week te bewaren. Lades of vakken die aangeduid zijn met één ster-retje vindt men (meestal) in goedkopere koelkasten. #Bij een temperatuur van minder dan -12 °C kan men gedu-rende één tot twee weken levensmiddelen bewaren zonder dat ze hun smaak verliezen. Dit is niet voldoende om le-vensmiddelen in te vriezen.
- 111 -Zones in de koelkastDoor de natuurlijke luchtcirculatie ontstaan er in het koelvak verschil-lende temperatuurzones.• De koudste zone bevindt zich rechtstreeks boven de groentelades. In deze zone dienen delicate en snel bederfbare levensmiddelen be-waard te worden zoals:- vis, vlees, gevogelte,- vleeswaren, kant-en-klare maaltijden,- gerechten of gebak met eieren of room,- vers deeg, cakemengsels,- verpakte groenten en andere verse levensmiddelen waarvan het etiket een bewaartemperatuur van ongeveer 4 °C aangeeft.• De warmste zone bevindt zich bovenaan in de deur. Hier dient boter en kaas bewaard te worden.Levensmiddelen die niet in de koelkast bewaard mogen worden• Niet alle levensmiddelen mogen in de koelkast bewaard worden.
Dit zijn onder andere:- groenten en fruit die gevoelig zijn voor lage temperaturen, bijvoorbeeld bananen, avocado, papaja, passievrucht, aubergine, paprika, tomaat en komkommer.- Onrijpe vruchten,- AardappelenAttentie:Voorbeeld van producten plaatsing in het apparaat (Tek. 12). Om voedingsmiddelen zo lang mogelijk te kunnen bewaren en verspil-ling te voorkomen, plaatst u de producten zoals weergegeven op Afb. 12. Bovendien toont deze afbeelding de verdeling van laden, manden en planken die zorgt voor het meest eciënte energiegebruik van het koelapparaat.Het bewaren van voedingsmiddelen onder de juiste omstandigheden en bij de juiste temperatuur verlengt de houdbaarheid en optimaliseert het elektriciteitsverbruik. Het juiste temperatuurbereik moet op de verpak-king of etiketten van voedselproducten zijn vermeld.
- 112 -ONTDOOIEN, WASSEN EN ONDERHOUDGebruik nooit oplosmiddelen of agressieve, schurende schoonmaakmid-delen (bv. schuurpoeders of reinigingsmelk) voor het schoonmaken van de behuizing en de plastic onderdelen van het product. Gebruik alleen milde vloeibare schoonmaakmiddelen en een zacht doekje. Gebruik geen sponsjes. Ontdooien van de koelkast***• Aan de achterwand van de koelkast ontstaat rijp, die automatisch ontdooit. Tijdens het ontdooien van de rijp, tezamen met de drup-peltjes kunnen ook ontreinigingen door de opening voortvloeien. Dit kan het verstoppen van de opening veroorzaken. In zo’n geval moet de opening met plunjer gereinigd worden (tek. 13). • Het apparaat werkt in cyclusfazen: eerst koelen (aan de achterwand ontstaat rijp) en daarna ontdooien van de rijp (druppeltjes aan de achterwand).
• Voor het beginnen met reinigen dient het apparaat van het elec-triciteitsnet uitgeschakeld worden, door de stekker eruit te halen, uitschakeling of losdraaien van de zekering. Het water mag niet in contact met het bedieningspaneel of verlichting komen. • Gebruik bij het ontdooien geen ontdooisprays. Ze kunnen explosieve mengsels vormen en oplossers bevatten die de kunststof onderdelen van het apparaat beschadigen en zelfs voor de gezondheid schadelijk zijn. • Het water die bij het wassen gebruikt wordt mag niet door de ope-ning naar de verdamper vloeien. • Was het apparaat met een zachte detergent, behoudens de dichting in de deur. De dichting in de deur was met schoon water en droog met een doek. • Reinig nauwkeurig alle elementen van de uitrusting (groentevakken, rekken, glazen platen ezv. ).
Ontdooien van de diepvriezer**• Het is aangeraden om het ontdooien van de diepvriezer tezamen met het wassen van het product uit te voeren. • Grote hoeveelheid ijs op de vriesoppervlakten verstoort de werking van het apparaat en vergroot het energieverbruik. • Het is aangeraden om het apparaat ten minste een of twee keer per jaar te ontdooien.
- 113 -Om de vriesruimte te ontdooien handelt u als volgt:**• Schakel het apparaat uit met behulp van het bedieningspaneel en trek vervolgens de stekker uit het stopcontact. • Open de deur en haal de producten eruit. • Afhankelijk van het model trekt u het afvoerkanaaltje naar buiten dat zich in het onderste gedeelte van de diepvries in de basis van het apparaat bevindt. • Laat de deur openstaan, hierdoor versnelt u het ontdooiproces. U kunt ook een schaal met heet (geen kokend) water in de vriesruimte plaatsen. • Maak de binnenkant van de diepvriezer schoon en droog hem af. • Schakel het apparaat in volgens de gebruiksaanwijzing. Automatisch ontdooien van de koelkast****De koelkast werd in de functie van automatischontdooien voorzien. Toch kan het aan de achterwand van de koelkast rijp verzamelen. Deze ontstaat als veel verse producten in de koelkast bewaard worden.
Automatisch ontdooien van de diepvriezer****De diepvriezer werd in de functie van automatischontdooien voorzien (no-frost). Voedsel wordt met gebruik van koud, cir-celend lucht ingevroren en de vocht van de diepvriezer wordt naar buiten afgevoerd. Daardoor in de diepvriezer ontstaan er geen grote hoeveel-heden ijs en rijp en de producten vriezen niet samen. Handwassen van de koelkast en diepvriezer****Het wordt aangeraden om de koelkast en diepvriezer ten minste een keer per jaar te wassen. Het voorkomt het ontstaan van bacteriën en onprettige geuren. Schakel het apparaat met de knop (1) uit, maak het leeg van producten en was met water met zachte detergent. Daarna droog met een doek. Uithalen en inzetten van de legplateaus*****Til het legplateau op en schuif het uit, schuif het daarna in totdat u niet meer verder kunt en de sluiting van het legplateau zich in de geleider bevindt (Afb.
- 114 -STORINGEN VINDEN EN VERHELPENVerschijnselen Mogelijke redenen Herstellings wijzeHet apparaat werkt nietOnderbreking in de electri-sche installatie- controleer of de stekker goed in het stopcontact zit- controleer of de span-ningskabel niet beschadigt is - controleer of er spanning op het stopcontact staat door bv. een ander toe-stel aan te sluiten bv.
een nachtlamp- controleer of het apparaat aan staat door de ther-mostaat op meer dan 0 te zettenBinnenverlichting werkt nietDe gloeilamp is los of door-gebrand ( In apparaten met gloeilampen verlichting).- Controleer het vorige punt „Het apparaat werkt niet”- draai de gloeilamp aan of vervang de doorgebrande (In apparaten met gloei-lampen verlichting).Het apparaat werkt conti-nueSlechte instelling van de temperatuurregelaar- temperatuur met de draaiknop naar beneden draaienAndere redenen in het punt „Vries-/koeltemperatuur is niet laag genoeg”- controleren volgens punt „Vries-/koeltemperatuur is niet laag genoeg”Er ontstaat water in de on-derste deel van de koelkastDe waterafvoeropening is verstopt- maak de verstopte ope-ning schoon (zie hoofd-stuk - „Ontdooien van de koelkast”)De ventilatie binnen de cel is belemmerd- controleer of de levens-middelen en dozen de achterwand van de koelkast niet aanrakenOngewone of sterkere geluidenHet apparaat staat niet waterpas en stabiel- het apparaat waterpas opstellenHet apparaat raakt aan wanden, meubels of andere elementen- het apparaat zo opstellen, dat er geen andere elemen-ten aanraakt en zelfstandig staat
- 115 -Verschijnselen Mogelijke redenen Herstellings wijzeVries-/koeltemperatuur is niet laag genoegSlechte instelling van de temperatuurregelaar- draai de draaiknop op een hogere positieDe omgevingstemperatuur is hoger of lager dan de temperatuur welke aan-gegeven staat op de tabel met technische gegevens van het apparaat. Het apparaat is bestemd voor werking in een tempe-ratuur welke aangegeven is op de tabel met technische gegevens van het apparaat.
Het apparaat staat in de zon of te dicht bij een warmtebron- verander de opstelling van het apparaat volgens de gebruiksaanwijzing In het apparaat werd te grote hoeveelheid warme levensmiddelen per een keer gelegd- 72 uur wachten tot de producten gekoeld (in-gevroren) worden en de temperatuur terug naar het gewenste niveau gaatDe ventilatie binnen de cel is belemmerd- controleer of de levens-middelen en dozen de achterwand van de koelkast niet aanrakenDe ventilatie aan de ach-terkant van het apparaat is belemmerd- van de wand schuiven voor de afstand van min.
30 mmDe deur van de koelkast/vriezer wordt te vaak geo-pend of blijft te lang open staan - de deur minder vaak ope-nen en/of de tijd van open staan verkortenDe deur is niet goed ge-sloten- levensmiddelen en vak-ken zo leggen, dat ze het sluiten van de deur niet belemmerenDe compressor werkt niet vaak genoeg- controleer of de omge-vingstemperatuur niet lager is dan het bereik van de klimaatklasse. De dichting van de deur zit los- dichting vastmakenBij het normale gebruik van het koeltoestel kunnen er verschillende soorten geluiden ontstaan, die geen enkele invloed hebben op de correc-te werking van de koelkast. Geluiden die gemakkelijk verholpen kunnen worden:• Lawaai doordat de koelkast niet waterpas staat – regel de opstelling met behulp van de regelvoetjes vooraan. Leg eventueel zacht mate-riaal onder de wieltjes achteraan, in het bijzonder bij een tegelvloer.
- 116 -WIJZIGEN VAN DE OPE-NINGSRICHTING VAN DE DEUR Wijzigen van de openingsrichting van de deur (Afb. 20). De koelkastdeur kan naar behoefte zowel naar links als naar rechts opengaan. Hieronder volgen de noodzakelijke stappen om de deur naar rechts open te laten gaan (Afb. 20). 1. Schroef het bovenste rooster (scherm) van de inbouwkast los. 2. Draai de scharnierpen van het rooster van de inbouwkast los en schroef deze aan de andere kant van het rooster vast. 3. Til de deur uit het onderste scharnier. 4. Draai het onderscharnier aan de rechterkant los en verwijder de afdekdopjes van de schroefopeningen aan de linkerkant. 5. Schroef de pen uit het scharnier. Draai het scharnier 180 o en schroef de pen in de andere kant. 6. Schroef de scharnier aan de linkerkant van het apparaat vast. Plaats de afdekdopjes van de openingen aan de rechterkant. 7. Zet de deur in het linkerscharnier. 8.
Plaats het bovenste rooster (scherm) van de inbouwkast en schroef met samen met de scharnierpen vast. De scharnierpen moet zich in de bovenste opening van de scharnier in de deur be-vinden. 9. Schroef de handgreep van de deur op de juiste kant van de deur. 10. Open en sluit de deur na de installatie om te controleren of de deur goed werkt. INSTALLATIEVENTILATIEZet het keukenkastje waterpas met behulp van een waterpas en een winkelhaak. Zet het keukenkastje waterpas, plaats er indien noodzake-lijk steuntjes onder. 2. Zorg aan de achterkant van het apparaat voor een ruimte van 38 mm om voldoende ventilatie te waarborgen. 3. Luch-tinlaat A moet minimaal 200 vierkante cm bedragen en de lucht moet door het paneel in de kastplint stromen. 4. Controleer of het stopcon-tact (1) op de juiste plaats zit.
De parameters van de netvoeding op de installatieplaats moeten overeenkomen met de waarden op het type-plaatje dat op de linkerbinnenwand van het apparaat is geplaatst, naast de groentecontainers. Het stopcontact moet juist geaard zijn.
- 117 -te sluiten op het lichtnet nadat het apparaat is geïnstalleerd. Verwijder de afdekplaat (6) slechts wanneer er onvoldoende ruimte is. Plaats de koelkast in het keukenkastje. Bevestig de montagegrepen (1) met be-hulp van de schroeven (2) aan het bovenste frame nadat u tweederde van de koelkast in het kastje hebt geschoven. Schuif de koelkast ver-volgens tot het einde naar binnen en zorg ervoor dat de klemgeleider aan het horizontale frame van het keukenkastje is bevestigd. Stel de plaatsing van de koelkast af en zorg voor een afstand van 6 mm tussen de binnenwand van het keukenkastje en de buitenwanden van de koel-kast. Bevestig de houder aan het horizontale frame van het keuken-kastjes met behulp van schroeven. Plaats de dichting in de spleet (ca. 10 mm) tussen de voorkant van het onderste frame en de onderplaat van het keukenkastje.
Bevestig de onderste houders (3) aan het frame aan de voorkant met behulp van schroeven (2). Bevestig de onderste houders aan de onderplaat van het keukenkastje met behulp van de schroeven (2). Leg de dichtingen op de juiste manier in de spleten aan de linker-, rechter- en bovenkant van de koelkast. WIJZIGEN VAN DE OPE-NINGSRICHTING VAN DE DEUR VAN HET LAGETEMPE-RATUURVAK Wijzigen van de openingsrichting van de deur van het lagetem-peratuurvak (Afb. 21). 1. Schroef het scharnier dat de deur ondersteunt los en verwijder het. Houd bij het verwijderen van het scharnier de deur vast en leg deze opzij (Afb. 21, g. 2). 2. Verwijder de schroef waarmee het deurslot (blokkade) is beves-tigd. Verwijder de afdekdopjes van de schroefopeningen voor het deurscharnier (Afb. 21, g. 3). 3. Verplaats het slot (blokkade) van de deur naar de andere kant van het vak en schroef het vast.
Monteer ook de afdekdopjes van de schroefopeningen voor het deurscharnier (Afb. 21, g. 4). 4. Draai de deur 180 o en monteer hem aan de andere kant. 5. Monteer het onderste scharnier dat de deur ondersteunt aan de andere kant en schroef het vast (Afb.
- 118 -GARANTIE, SERVICEGarantieDe garantieverplichtingen blijken uit het garantiebewijs. De producent is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door oneigenlijk gebruik van het product.Service• De producent van het apparaat raadt aan om alle reparaties en afstelwerkzaamheden uit te laten voeren door de fabrieksservice of de geautoriseerde service van de producent. Om veiligheidsredenen mag u het apparaat niet zelf repareren.
• Reparaties die zijn uitgevoerd door personen die niet over de ver-eiste kwalicaties beschikken, kunnen een ernstig gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.• De minimale garantieperiode voor het apparaat die door de fabri-kant, importeur of gevolmachtigde wordt aangeboden, staat ver-meld op het garantiebewijs.• Het apparaat verliest zijn garantie als gevolg van eigenhandige aanpassingen, wijzigingen, schending van de verzegeling of andere beveiligingen van het apparaat of onderdelen daarvan, en andere eigenhandige interventie in de apparatuur die niet in overeenstem-ming is met de gebruiksaanwijzing.Reparatiemelding en assistentie bij storingenAls het apparaat gerepareerd moet worden, moet u contact opnemen met de klantenservice. De adresgegevens en het telefoonnummer van de klantenservice vindt op het garantiebewijs.
Als u contact opneemt, zorg er dan voor dat u het serienummer van het apparaat bij de hand heeft, dit staat op het typeplaatje. Voor uw gemak kunt u het hieronder noteren:Verklaring van de producentHierbij verklaart de producent, dat het product aan de eisen van de onderstaande Europese richtlijnen voldoet:• Laagspanningsrichtlijn 2014/35/EC • Richtlijn elektromagnetische compatibiliteit 2014/30/EC• Richtlijn 2009/125/EC• Richtlijn RoHS 2011/65/ECen over de certi cering en de conformiteitsverklaring voor orga-nen die toezicht op de markt houden beschikt.
- 203 -BG Източник на светлина, сменяем от професионалистCS Světelný zdroj smí měnit pouze profesionálDE Lichtquelle durch Fachmann austauschbarDK Udskiftelig lyskilde af en professionelEN Replaceable light source by a professionalES Fuente de luz reemplazable por un profesionalET Valgusallikat võib vahetada ainult professionaalFI Vaihdettava valonlähde ammattilaisen toimestaFR Source de lumière à changer par un professionnelHR Izvor svjetlosti zamjenjiv od strane profesionalcaHU A fényforrás kizárólag szakember által cserélhető kiLT Šviesos šaltinis keistinas profesionaloLV Gaismas avotu drīkst nomainīt kvalicēta persona NL Lichtbron te vervangen door een vakmanNO Utskiftbar lyskilde av en autorisert fagmannPL Źródło światła wymienne przez profesjonalistęPT Fonte de luz substituível por um prossionalRO Sursa de lumină înlocuibilă de către un profesionistSE Utbytbar ljuskälla av en fackpersonSK Zdroj svetla vymeniteľný iba profesionálomSL Svetlobni vir naj menja strokovnjakBG Източник на светлина (само LED), сменяем от професионалистCS Světelný zdroj (pouze LED) smí měnit pouze profesionálDE Lichtquelle (Nur LEDs) durch Fachmann austauschbarDK Udskiftelig (kun LED) lyskilde af en professionelEN Replaceable (LED only) light source by a professionalES Fuente de luz (solo LED) reemplazable por un profesionalET Valgusallikat (ainult LED) võib vahetada ainult professionaalFI Vaihdettava (vain LED) valonlähde ammattilaisen toimestaFR Source de lumière (seulement LED) à changer par un professionnelHR Izvor svjetlosti (samo LED) zamjenjiv od strane profesionalcaHU A fényforrás (csak LED) kizárólag szakember által cserélhető kiLT Šviesos šaltinis (tik LED) keistinas profesionaloLV Gaismas avotu (tikai LED) drīkst nomainīt kvalicēta personaNL Lichtbron (alleen led) te vervangen door een vakmanNO Utskiftbar (kun LED) lyskilde av en autorisert fagmannPL Źródło światła (tylko LED) wymienne przez profesjonalistęPT Fonte de luz (apenas LED) substituível por um prossionalRO Sursă de lumină înlocuibilă (doar LED) de către un profesionistSE Utbytbar (endast LED) ljuskälla av en fackpersonSK Zdroj svetla (iba LED) vymeniteľný iba profesionálomSL Svetlobni vir (samo LED) menja strokovnjakBG Управляващо оборудване, сменяемо от професионалистCS Řídící jednotku smí měnit pouze profesionálDE Betriebsgerät durch Fachmann austauschbarDK Udskiftelig transformer af en professionelEN Replaceable control gear by a professionalES Mecanismo de control reemplazable por un profesionalET Juhtseadist võib vahetada ainult professionaalFI Vaihdettava muuntaja ammattilaisen toimestaFR Équipement de commande à changer par un professionnelHR Upravljačka oprema zamjenjiva od strane profesionalcaHU A vezérlőegységet kizárólag szakember cserélheti kiLT Valdymo įranga keistina profesionaloLV Vadības mehānismu drīkst nomainīt kvalicēta personaNL Bedieningsuitrusting te vervangen door een vakmanNO Utskiftbar transformator av en autorisert fagmannPL Osprzęt sterujący wymienny przez profesjonalistęPT Equipamento de controlo substituível por um prossionalRO Scule de control înlocuibile de către un profesionistSE Utbytbar transformator av en fackpersonSK Riadiaci modul vymeniteľná iba profesionálomSL Krmilno napravo menja strokovnjak BG Източник на светлина, сменяем от крайния потребителCS Světelný zdroj smí měnit konečný uživatelDE Lichtquelle durch Endverbraucher austauschbarDK Udskiftelig lyskilde af en slutbrugerEN Replaceable light source by an end-userES Fuente de luz reemplazable por el usuario nalET Valgusallikat võib vahetada lõppkasutajaFI Loppukäyttäjän vaihdettava valonlähdeFR Source de lumière à changer par l’utilisateur nalHR Izvor svjetlosti zamjenjiv od strane korisnikaHU A végfelhasználó által cserélhető fényforrásLT Šviesos šaltinis keistinas galutinio naudotojoLV Gaismas avotu drīkst nomainīt galalietotājsNL Lichtbron te vervangen door de eindgebruikerNO Utskiftbar lyskilde av forbrukerPL Źródło światła wymienne przez użytkownika końcowegoPT Fonte de luz substituível pelo usuário nalRO Sursă de lumină înlocuibilă de către un utilizator nalSE Utbytbar ljuskälla av en slutanvändareSK Zdroj svetla vymeniteľný koncovým používateľomSL Svetlobni vir menja končni uporabnik.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Amica BM132.3i stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Amica
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast