Amica ACM7037RN Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Amica ACM7037RN (92 pagina’s), behorend tot de categorie Overige keukenapparatuur. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 11 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Amica ACM7037RN of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Amica |
| Categorie: | Overige keukenapparatuur |
| Model: | ACM7037RN |
Handleiding Amica ACM7037RN – volledige tekst
46GEACHTE KLANT,De fornuizen van Amica combineren uitzonderlijk gebruiksgemak en optimale doeltreendheid. Na het lezen van deze gebruikershandleiding zult u zonder problemen dit fornuis kunnen bedienen.Voor het ingepakt werd en de fabriek verliet, werd dit fornuis bij de controleposten grondig gecontroleerd op het gebied van veiligheid en functionaliteit. Voordat u het toestel aanschakelt, dient u deze gebruikershandleiding grondig door te lezen. De instructies uit deze handleiding helpen u om verkeerd gebruik van het toestel te voorkomen.Bewaar deze gebruikershandleiding goed en zorg dat ze altijd binnen bereik is.Om ongelukken te vermijden moeten de instructies uit deze handleiding precies nageleefd worden.Opgelet!Het fornuis mag pas gebruikt worden nadat u deze gebruikershandleiding grondig doorgelezen heeft.Het toestel is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijke kookdoeleinden.
48VEILIGHEIDSINSTRUCTIESAttentie. Dit apparaat en de bereikbare onderdelen ervan worden tijdens het gebruik heet. Wees bijzonder voorzich-tig bij het aanraken van de verwarmingselementen. Zorg dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat kunnen komen, tenzij ze onder permanent toezicht staan.Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met lichamelijke of geestelijke beperkingen of personen zonder ervaring met of kennis van het apparaat, als dit gebruik plaatsvindt onder toezicht of in overeenstemming met de gebruiksaanwijzing van het apparaat, door personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid. Zorg ervoor dat kinderen niet met het apparaat kunnen spelen. Kinderen mogen de kookplaat niet zonder toezicht schoonmaken of onderhoudswerkzaamheden ver-richten.Attentie.
Het koken van vetten of olie op de kookplaat zonder toezicht kan erg gevaarlijk zijn en leiden tot brand.Probeer het vuur NOOIT met water te blussen, maar schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met een deksel of een niet-brandbare deken.Attentie. Brandgevaar: geen voorwerpen verzamelen op de kookoppervlakte.Tijdens het gebruik wordt het toestel heet. Wees voorzichtig en raak de hete onderdelen in de oven niet aan.Als dit apparaat gebruikt wordt, kunnen de bereikbare onder-delen heet worden. Laat geen kinderen bij de oven komen.
49VEILIGHEIDSINSTRUCTIESAttentie. Gebruik geen schurende schoonmaakmiddelen of scherpe metalen voorwerpen voor het schoonmaken van het glas van de deur, omdat deze krassen kunnen veroorzaken op het oppervlak. Dit kan leiden tot barsten van het glas.Attentie. Om elektrocutie te vermijden dient u het toestel uit te schakelen vooraleer u het lampje vervangt.Het is aan te raden het deksel te reinigen vooraleer u het opent. U laat het oppervlak van de kookplaat best eerst af-koelen voordat u het deksel sluit.Gebruik geen stoomreinigers voor het schoonmaken van het fornuis.Gevaar voor verbranding! Bij het openen van de ovendeur kan hete stoom ontsnappen. Wees voorzichtig met het ope-nen van de deur tijdens of na aoop van het koken. Buig u bij het openen niet over de deur. Vergeet niet dat stoom bij bepaalde temperaturen onzichtbaar kan zijn.WAARSCHUWING.
Gebruik uitsluitend schermen voor de kookplaat die zijn ontworpen door de producent van het apparaat of die door de producent in de gebruiksaanwijzing worden aanbevolen. Het toepassen van ongeschikte scher-men kan ongevallen veroorzaken.
50VEILIGHEIDSINSTRUCTIESHet is aan te raden het deksel te reinigen vooraleer u het opent. U laat het oppervlak van de kookplaat best eerst af-koelen voordat u het deksel sluit.Het glazen deksel kan barsten als het opgewarmd wordt. Doof eerst alle branders voordat u het deksel sluit. Opgelet. Het kookproces moet onder toezicht plaatsvinden. Kortdurend koken moet onder continu toezicht plaatsvin-den.Het toestel is uitsluitend ontworpen voor kookdoeleinden.Elke andere toepassing (bv. voor het verwarmen van ruimtes) stemt niet overeen met de bestemming van het toestel en kan gevaar veroorzaken.WAARSCHUWING: Om te voorkomen dat het toestel omvalt, dient u de bijgevoegde blokkade te installeren.
51VEILIGHEIDSINSTRUCTIES Wees bijzonder voorzichtig als er kinderen in de buurt van het fornuis zijn, want ze kennen de bedieningsprincipes van het fornuis niet. De hete branders van de gaskookplaat, de ovenkamer, het rooster, de ruit van de deur, en potten en pannen met hete vloeisto?en kunnen brandwonden veroorzaken. Zorg ervoor, dat de elektrische kabels van gemechaniseerde keukentoestellen, bv. mixers, de hete onderdelen van het fornuis niet raken. Plaats geen lichtontvlambare materialen in de schuif, want deze kunnen ontvlammen terwijl de oven werkt. Laat het fornuis niet achter zonder toezicht terwijl u kookt. Oliën en vetten kunnen ont-vlammen als gevolg van oververhitting. Let op het kookpunt, zodat de branders niet onderlopen. Als het fornuis beschadigd is, mag u het pas opnieuw gebruiken na herstelling door een vakman.
Open de kraan op de gasaansluiting of het ventiel op de gases niet voordat u gecontro-leerd hebt of alle kranen gesloten zijn. Zorg ervoor dat de branders niet onderlopen of vuil worden. Reinig en droog vuile branders onmiddellijk nadat ze afgekoeld zijn. Plaats geen potten of pannen rechtstreeks op de branders. Plaats geen potten of pannen van meer dan 10 kg op het rooster boven een brander, en geen potten en pannen met een gezamenlijk gewicht van meer dan 40 kg op het volledige rooster. Sla niet op de draaiknoppen of branders. Plaats geen potten of pannen met een gewicht van meer dan 15 kg op de open deur van de oven Het is verboden om aanpassingen of herstellingen aan het fornuis te laten uitvoeren door ongeschoolde personen. Het is verboden om de kranen van het fornuis open te draaien zonder dat u een aange-stoken lucifer of een aansteker bij de hand hebt.
52VEILIGHEIDSINSTRUCTIES Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of scherpe metalen voorwerpen om de glazen deur te reinigen. Hierdoor kan het oppervlak gekrast raken, wat kan leiden tot barsten in het glas. Laat geen kinderen of personen die de gebruikershandleiding niet kennen, toe tot het fornuis. NDIEN U VERMOEDT DAT ER GAS VRIJKOMT, IS HET VERBODEN OM: ucifers aan te steken, sigaretten te roken, elektrische ontvangers aan- en uit te schakelen (bel of lichtknop) en andere elektrische en mechanische toestellen te gebruiken die elek-trische of contactvonken kunnen doen ontstaan. In zulke gevallen moet u onmiddellijk het ventiel van de gases of de kraan van de gasinstallatie afsluiten en de ruimte verluchten, en daarna een gekwaliceerde persoon roepen om de oorzaak van de gaslek te verhelpen.
In geval van technische defecten moet u onmiddellijk de elektrische voeding van het fornuis uitschakelen (en daarbij bovenstaande regel toepassen) en een herstelling aanvragen. Er mogen geen antennekabels bv. voor radio-ontvangers, aangesloten worden op de gasinstallatie. In geval van ontbranding van gas dat ontsnapt uit een lekkende gasinstallatie, moet u onmiddellijk de gastoevoer afsluiten met het afsluitventiel. In geval van ontbranding van gas dat ontsnapt uit een lekkend ventiel van de gases, moet u een natte deken op de es gooien en het ventiel van de es afsluiten om de es te laten afkoelen. Draag de es naar een open ruimte als ze afgekoeld is. Het is verboden om een beschadigde gases opnieuw te gebruiken. Als u het fornuis gedurende enkele dagen niet gebruikt, sluit dan de hoofdkraan van de gasinstallatie af.
Als u gebruik maakt van een gases, sluit dan het ventiel af na elk gebruik. Tijdens het gebruik scheidt het kook- en baktoestel warmte en vochtigheid af in de ruimte waar het geïnstalleerd is.
Zorg ervoor dat de keukenruimte goed wordt verlucht; hou de natuurlijke ventilatie-openingen open of installeer een mechanische ventilatie-installatie (afzuigkap met mechanische afzuiging). Bij langdurig intensief gebruik van het toestel kan extra verluchting noodzakelijk zijn, bijvoorbeeld door het raam te openen of doeltre?ender te ventileren, bijvoorbeeld door het vermogen van de mechanische ventilatie te verhogen, indien deze wordt gebruikt.
53ENERGIEBESPARINGDoor op verantwoorde wijze energie te gebruiken be-spaart u niet alleen op de kosten van het huishouden, maar werkt u ook bewust mee aan de bescherming van het milieu. Laten we daarom ons steentje bijdragen aan energie-besparing! Dat kan op de volgende manier:Gebruik goede potten en pannen om te koken.Kookpotten en pannen mogen niet kleiner zijn dan de kroon van de vlam van de brander.
Dek de potten en pannen steeds af met een deksel.Zorg ervoor dat de branders, het rooster en de gaskookplaat rein zijn.Vuil verstoort de warmteoverdracht – sterk aangebrand vuil kan soms enkel verwijderd worden met gebruik van reinigingsmiddelen die niet milieuvriendelijk zijn.Let er bijzonder op dat de vlamopeningen in de ring onder de branderdop en de openingen van de branderkoppen rein zijn.Vermijd onnodig ophe?en van deksels om het kookproces te controleren.Open ook niet onnodig vaak de deur van de oven. Gebruik de oven enkel voor grotere hoeveelheden.Porties vlees tot 1 kg kunnen spaarzamer bereid worden in een pot op een brander van het fornuis.Gebruik de restwarmte in de oven.Schakel bij baktijden van meer dan 40 minu-ten de oven 10 minuten voor het einde van de bakbeurt uit.Sluit de deur van de oven zorgvuldig.Otherwise energy consumption increases unnecessarily. Bouw het fornuis niet in in de onmid-dellijke nabijheid van koelkasten of diep-vriezers.Het energiegebruik van deze toestellen stijgt hierdoor onnodig.
54Het toestel wordt door zijn verpakking beveiligd tegen beschadigingen tijdens het transport. Na het uitpakken van het toestel dient u de verpakkingselementen te recycleren op milieuvriende-lijke wijze.Alle materialen die gebruikt worden voor de verpakking zijn onschadelijk voor het milieu. Ze zijn 100% geschikt voor recyclage en zijn aangeduid met het gepaste symbool. Opgelet! De verpakkingsmaterialen (zakjes uit polyethyleen, stukken piepschuim, enz.) moeten tijdens het uitpakken buiten het be-reik van kinderen gehouden worden.UITPAKKENOp het einde van de gebruik-speriode mag dit product niet bij het gewone huisvuil geplaatst worden, maar moet afgegeven worden bij een verzamelpunt voor recyclage van elektrische en elektronische toestellen.
Dit wordt aangegeven door het gepaste symbool op het product, in de gebruikershandleiding of op de verpakking.De materialen die gebruikt zijn bij de produc-tie van het toestel, zijn geschikt voor herge-bruik volgens hun aanduiding. Dankzij dit hergebruik, de verwerking van materialen of andere vormen van hergebruik van afgedank-te toestellen draagt u bij tot de bescherming van het milieu.Informatie over het verzamelpunt voor gebruikte toestellen kunt u krijgen bij de gemeentediensten.RECYCLAGE VAN GEBRUIKTE TO ESTELLEN
57INSTALLATIE Onderstaande instructies zijn bestemd voor gekwaliceerde installateurs die het toestel installeren. Met behulp van deze instructies kan het toestel op een zo professioneel mo-gelijke manier geïnstalleerd en onderhouden worden. Opstelling van het fornuis De keukenruimte moet droog en goed verlucht zijn en een goed werkende ventilatie bezitten in overeenstemming met de geldende technische voorschriften. De geschiktheid van de ruimte voor het opstellen van een gasfornuis wordt geëvalueerd op basis van volgende rechtsvoorschriften. De ruimte moet voorzien zijn van een ventilatiesysteem dat verbrandingsgassen die tijdens het verbrandingsproces ontstaan, naar buiten afvoert. Deze installatie moet bestaan uit een ventilatierooster of een afzuigkap. Afzuigkappen moeten gemonteerd worden volgens de bijgevoegde gebruikershandleidingen.
De opstelling van het fornuis moet een vrije toegang tot alle bedieningselementen garanderen. De ruimte moet ook de toevoer van lucht toelaten, die onontbeerlijk is voor een Als het fornuis intensief en lang gebruikt wordt, kan het noodzakelijk zijn om een venster te openen om de ventilatie te verbeteren. Vloeibaar gas is zwaarder dan lucht en heeft daarom de neiging om zich in de onderste niveaus te verzamelen. Ruimtes waarin essen met vloeibaar gas geïn-stalleerd zijn moeten uitgerust zijn met ventilatiekanalen die vanuit de ruimte naar buiten leiden en zo het gas kunnen afvoeren in geval van lekken. Om dezelf-de reden mogen gasessen, zowel lege als gedeeltelijk gevulde, niet geïnstalleerd of bewaard worden in ruimtes die zich onder de grond bevinden (bv. in kelders). De essen mogen zich niet dicht bij een warmtebron bevinden (kachel, schouw, oven, enz.
Verzeker u ervan dat de plaatselijke distributievoorwaarden (het soort gas en de gasdruk) en de instelling van het apparaat geschikt zijn, voordat u begint met de installatie. De instellingsgegevens staan vermeld op de verpakking en op het typeplaatje. Dit apparaat is niet aangesloten op ka-nalen voor de afvoer van verbrandings-gassen. Het moet worden geïnstalleerd en aangesloten volgens de geldende installatievoorschriften. U dient in het bijzonder rekening te houden met de vereisten voor ventilatie. correcte verbranding van het gas. De luchttoevoer mag niet minder zijn dan 2m3/h voor 1 kW vermogen van de branders. De lucht moet direct van buiten aangevoerd worden door een kanaal met een doorsnede van min. 100 cm2, of direct uit aanpalende ruimtes die uitgerust zijn met ventilatiekanalen die uitgeven naar buiten.
58 De bekleding en de lijmen van de inbouw-meubelen moeten bestand zijn tegen een temperatuur van 100ºC. Als deze voorwaarde niet vervuld is, kan het opper-vlak vervormd raken of kan de bekleding losraken. Als u niet zeker bent of de meubelen tegen zulke temperaturen bestand zijn, moet u bij het inbouwen een tussenruimte van ong. 2 cm vrijlaten tussen de meubelen en het fornuis. De muur die zich achter het fornuis bevindt, moet bestand zijn tegen hoge temperaturen. Tijdens het gebruik van het fornuis kan de achterwand opwarmen tot ongeveer 50ºC boven de omgevingstemperatuur. Het fornuis moet opgesteld worden op een harde, e?en ondergrond (niet op een onderstel zetten). Voordat u het fornuis in gebruik neemt, moet u het waterpas zetten. Dit is vooral belangrijk voor het gelijkmatige versprei-den van vet in de pan.
59INSTALLATIE ABMontage van de beveiliging tegen het omvallen van het fornuis.Om te voorkomen dat het fornuis omvalt, moet u de blokkade installeren die is meegeleverd met het appa-raat, volgens de onderstaan-de aanwijzingen.Boor op een hoogte van 6 cm vanaf de grond een gat in de muur waartegen het fornuis zal worden geïnstalleerd (A). Boor vervolgens een tweede gat op een hoogte van 10,3 cm vanaf de vloer (B). Beves-tig de blokkade op de wand met de hulp van de meegele-verde schroeven en pluggen door de gaten in de blokkade te passen op de gaten die u in de muur heeft geboord.
60Opgelet!Het fornuis moet op een gasinstal-latie aangesloten met het soort gas waaraan het fornuis in de fabriek werd aangepast. Informatie over het soort gas waaraan het fornuis aangepast is, vindt u op het typeplaatje. Het for-nuis mag enkel aangesloten worden door een erkend installateur met de gepaste kwalicaties en enkel een in-stallateur mag het fornuis aanpassen aan een ander soort gas.De verbinding die het gas naar het fornuis aanvoert, heeft een G1/2” schroefdraad.
Cylindrische draadvolgens ISO-228-1G1/2” schroefdraadFlexible met tip(afdichting geinstalleerd)Cylindrische draadvolgens ISO-228-1G1/2” schroefdraadFlexible met tipZegelAansluiting van het fornuis op de gasinstallatieInstructies voor de installateurDe installateur moet: gekwaliceerd zijn voor het aansluiten van gasinstallaties, de informatie op het typeplaatje van het fornuis inzake het soort gas waaraan het fornuis aangepast is doorlezen en de informatie vergelijken met de gasleve-ringsvoorwaarden op de installatieplaats, controleren of: - de ventilatie, d.w.z.
de luchtcirculatie in de ruimtes, goed werkt, - de gasaansluitingen lekvrij zijn, - alle werkende onderdelen van het fornuis goed functioneren, - de elektrische installatie kan samenwer-ken met een aardingsleiding (nulleiding). de instellingen van de draaiknoppen voor de gasbranders met behulp van de bijgevoegde regelplaatjes regelen om een goede werking van de vonkontsteking en de gaslekbeveiliging te garanderen.INSTALLATIE
61INSTALLATIEAansluiting op een elastische stalen leiding.Als het fornuis in overeenstemming met de principes voor klasse 2, subklasse I, geïn-stalleerd wordt, dan raden we aan om bij de aansluiting van het fornuis op de gasinstalla-tie uitsluitend een elastische metalen leiding te gebruiken, die aan de geldende nationale voorschriften voldoet. De verbinding die het gas naar het fornuis aanvoert, heeft een G1/2” schroefdraad. Voor de aansluiting mogen enkel buizen en pakkingen gebruikt worden, die aan de gel-dende normen voldoen. De maximale lengte van de elastische leiding mag niet meer dan 2000 mm bedragen.Zorg ervoor, dat de aansluiting niet in contact komt met andere beweeglijke delen, die de aansluiting zouden kunnen beschadigen.Aansluiting op een onbuigbare installa-tiebuis.Het fornuis heeft een verbindingsstuk met een G1/2” schroefdraad.
Het toestel moet zo op de gasinstallatie aan-gesloten worden, dat er op geen enkel punt van de installatie en op geen enkel element van het toestel spanning ontstaat.Als er een overdreven draaimoment toege-past wordt bij het aandraaien (meer dan 20 Nm), dan kan dit de aansluiting beschadigen of lekken doen ontstaan.Opgelet!Het fornuis mag enkel door een erkend in-stallateur op een gases met vloeibaar gas of een vaste gasinstallatie aangesloten worden.
Hierbij moeten de geldende veiligheidsvoor-schriften in acht genomen worden.De gasleiding mag de metalen elementen van de ombouw aan de achterkant van het fornuis niet raken.Attentie!Steeds nadat u de drukregelaar heeft ver-vangen, moet u het apparaat een technische keuring laten ondergaan die de gaskranen en de uitstroombeveiliging omvat.Opgelet!Na de installatie van het fornuis moet de af-dichting van alle aansluitingen gecontroleerd worden met bv. water met zeep.Er mag geen vuur gebruikt worden om de afdichting te controleren.
62INSTALLATIEElektrische aansluitingWaarschuwing. Alle elektrische werkzaam-heden moeten worden uitgevoerd door een voldoende gekwalificeerde en bevoegde elektricien. Er mogen geen aanpassingen of opzettelijke wijzigingen in de elektriciteits-voorziening worden uitgevoerd. MontagerichtlijnenHet apparaat is in de fabriek gecongureerd voor enkelfasige wisselstroom (230V 1N ~ 50Hz) en voorzien van een H05VV-F 3G 4 mm² aansluitkabel die op het klemmenblok is aangesloten. De draden van de aansluitkabel zijn als volgt gemarkeerd: fasedraad L - BN - bruin, nuldraad N - BU - blauw, aardedraad PE - GNYE - geel-groen.
GNYENBUBNLU kunt het toestel configureren voor tweefasige of driefasige voeding (400 / 230V) door de klemmen op het klemmenblok te overbruggen volgens onderstaande tabel en aansluitschema’s, item 2 en item 3 en vervol-gens dient u een aansluitkabel te gebruiken zoals gespeciceerd in de tabel in plaats van de kabel die met het apparaat is meege-leverd. Gebruik de verbindingsbruggen die met het apparaat zijn meegeleverd. Om toe-gang te krijgen tot het klemmenblok, verwijder het deksel door het open te wrikken met een platkopschroevendraaier. 21Denk eraan dat de aansluitdraad moet pas-sen bij het type aansluiting en het vermogen van het fornuis. Soldeer de kabeluiteinden niet. De kabelm-antel moet worden gemonteerd in de trekont-lasting die is aangepast aan kabels met een diameter tussen 7 en 15 mm. Waarschuwing.
Vergeet niet om het veilig-heidscircuit aan te sluiten op de aansluitklem gemarkeerd met. De stroomvoorziening van het apparaat moet van een veiligheidss-chakelaar voorzien zijn om in geval van nood de stroom uit te schakelen. De afstand tussen de werkcontacten van de veiligheidsschake-laar moet minimaal 3 mm zijn. Voordat u het apparaat op de voeding aanslu-it, is het belangrijk om de informatie op het typeplaatje en het aansluitschema te lezen. Waarschuwing.
63INSTALLATIEVerbindingsdiagramWaarschuwing: Spanning van verwarmingsele-menten 230V.In geval van een aansluiting moet de aardedraad worden aangesloten op de PE-aansluitklem.Aanbevolen type aansluitkabel1Voor 230 V eenfasige aansluiting met een nuldraad zijn de aansluitklemmen 1-2-3 en 4-5 overbrugd en wordt de aardedraad op de aardingsklem aangesloten.1N~12354PEL1NH05VV-F3G43x 4 mm22Voor 400/230 V tweefasige aanslu-iting met een nuldraad zijn de aansluitklemmen 2-3 en 4-5 over-brugd en wordt de aardedraad op de aardingsklem aangesloten.2N~12354L1L2PENH05VV-F4G44x 4 mm23Voor 400/230 V driefasige aanslu-iting met een nuldraad, zijn de aansluitklemmen 4-5 overbrugd, worden de individuele fasedraden op respectievelijk de aansluitklem-men 1, 2, 3 aangesloten, wordt de nuldraad op de overbruggingsklem-men 4-5 aangesloten en wordt de aardedraad op de aardingsklem aangesloten.3N~12354L1L2PENL3H05VV-F5G1,55x 1,5 mm2L1, L2, L3 - Fasedraden; N - Nuldraad; PE - AardedraadDe pijlen in de bovenstaande schema’s geven aan waar u de individuele kabeldraden dient aan te sluiten.Waarschuwing: Als het netsnoer van het apparaat beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, zijn klantenservice of door een gekwaliceerde vakman.
64Om de instellingen te regelen moeten de draaiknoppen van de kranen weggenomen worden. Vervanging van een branderkop – draai de kop los met behulp van een speciale dopsleutel 7 en vervang de kop door een nieuwe die aangepast is aan het soort gas (zie tabel hierboven)Brander van het type DEFENDI ((volgens de aanduiding “Defendi” op de onderdelen van de brander)INSTALLATIEAanpassing van het fornuis aan een ander soort gasDeze handeling mag enkel uitgevoerd wor-den door een erkend installateur met de gepaste kwalicaties.Als het gas waarmee het fornuis gevoed moet worden, verschilt van het gas dat voor het fornuis voorzien is in de fabrieksversie, d.w.z.
G20/25 20/25 mbar dan moeten de branderkoppen vervangen worden en moet de vlam opnieuw ingesteld worden.Om het fornuis aan te passen aan de verbranding van een ander soort gas, moet u: de branderkoppen vervangen (zie tabel hieronder), de “spaarvlam” instellen.Opgelet!De fornuizen worden door de producent uitgerust met branders die in de fabriek aan-gepast zijn aan het verbranden van het gas dat opgegeven is op het typeplaatje en op de garantiekaart.Soort gasBranderSudderbranderdoorsnede van de sproeier [mm]Normaalbranderdoorsnede van de sproeier [mm]Sterkbranderdoorsnede van de sproeier [mm]nominaal warmtevermogen 1,00 kWnominaal warmtevermogen 1,75 kWnominaal warmtevermogen 3,00 kWG20/G25 20/25 mbar 0,77 0,97 1,29G30 28-30 mbar 0,50 0,65 0,87G31 37 mbar 0,50 0,62 0,83
65INSTALLATIEHandelswijze bij omschakeling naar een ander soort gasVlamOmschakeling van vloeibaar gasnaar aardgasOmschakeling van aardgasnaar vloeibaar gasvolledig1.Gaskop van de brander vervangen door een gepaste kop volgens de tabel met gaskoppen.1.Gaskop van de brander vervangen door een gepaste kop volgens de tabel met gaskoppen.2.Regelschroef licht indra-aien en grootte van de vlam controleren2.Regelschroef licht indra-aien en grootte van de vlam controlerenBranderspaarzaambovenbranderRegelgevingkraanOpgelet!Kleef na de instelling een etiketje met een beschrijving van het soort gas waaraan het fornuis aangepast is, op het fornuis.De toegepaste branders van de gaskook-plaat vereisen geen instelling van de basis-luchtstroom.
Een correcte vlam heeft binnenin duidelijk blauwgroene kegeltjes.Een korte, ruisende vlam of een lange, gele, rokende vlam zonder duidelijk afgetekende kegeltjes wijst op een slechte kwaliteit van het gas in de huisinstallatie of een beschadigde of vervuilde brander. Om de vlam te controleren moet u de brander ongeveer 10 minuten laten branden met volle vlam en daarna de draai-knop van het ventiel op spaarvlam plaatsen. De vlam mag niet uitgaan of overspringen naar de branderkoppen.Bij fornuizen met beveiliging is een kraan met een gaslekbeveiliging toegepast volgens g. De kranen moeten ingesteld worden terwijl de brander aangeschakeld is op spaarvlam, dit met behulp van een regelschroevendraaier van 2,5 mm.
66 verwijder alle verpakkingsonderdelen, verwijder de onderhoudsmiddelen die in de fabriek aangebracht zijn, uit de kamer van de oven en van de kookplaat,neem de uitrusting uit de oven en reinig die in warm water met afwasmiddel,schakel de ventilatie in de ruimte aan of open een raam,warm de oven op (op een temp. van 250ºC, ong. 30 min.), verwijder vuil en reinig hem grondig. Warm de kookvelden van de plaat ong. 4 minuten op zonder potten of pannen.Voordat u het fornuis voor de eerste maal aanschakeltBEDIENINGBelangrijk!Was de binnenkant van de oven enkel met warm water met een kleine hoeveelheid afwasmiddel.Attentie!In ovens die zijn uitgerust met de elektro-nische programmeerfunctie, verschijnt na aansluiting op het lichtnet op het display de pulserende tijdsaanduiding „0:00”. Stel de actuele tijd van de programmeer-functie in.
67Functiedraaiknop ovenDe oven kan worden verwarmd met behulp van het verwarmingselement onder, het verwarmingselement boven, het hetelucht-verwarmingselement of het verwarmings-element van de grill. U kiest de gewenste functie met behulp van de functiedraaiknop.Onderstaande afbeelding toont de functies (in de betre?ende volgorde) die op de draai-knop staan:Draaiknop instellingen +/-De draaiknop instellingen draait u niet, maar kantelt u naar beide kanten. Hij dient voor het instellen van de werkparameters zoals temperatuur en tijd. Een slag van de draaiknop naar rechts verhoogt de waarde van de parameter. Een slag naar de andere kant verlaagt de waarde van de parameter. De parameters die u met deze knop kunt wijzigen zijn temperatuur, tijd en instelling van de actuele tijd op de display.
Als u de draaiknop in gekantelde positie vasthoudt, gaat de snelheid waarmee de waarde wijzigt omhoog.BEDIENINGElektronische programmatorDe programmafunctie is uitgerust met een led-display en 3 knoppen.Knop BeschrijvingInstelling temperatuurInstelling klokKookwekkerOpgelet: Elk gebruik van een knop (tiptoets) gaat gepaard met een geluidssignaal. Het is niet mogelijk om de geluidsignalen uit te schakelen.Betekenis van de symbolen op de display.Symbool BeschrijvingThermostaatKookwekker WerkingsduurEindtijd werkingPyrolyseKinderslotIII
68BEDIENINGDe voeding inschakelenNa aansluiting op de stroomvoorziening (of terugkeer van de stroomvoorziening na een eerdere stroomonderbreking) komt de oven in de modus ‘instellen actuele tijd’ en knippert 0:00 op de display. Druk op de knop. Met de draaiknop instellingen +/- verandert u de tijd. U kunt het apparaat niet gebruiken zon-der instelling van de actuele tijd. Om de instelling van de tijd te bevestigen moet de functiedraaiknop op de positie 0 staan. Als de functiedraaiknop op een andere positie staat knippert het symbool en wacht de programmafunctie totdat de functiedraai-knop op de positie 0 wordt gezet. Een druk op de knop bevestigt de tijd en de programmafunctie schakelt over naar de stand-bymodus. Opgelet: Bij een stroomonderbreking worden alle ingevoerde parameters als werkingsduur, temperatuur en functie gewist. Om door te gaan moet u de instellingen opnieuw in-voeren.
Indien het onderbroken programma pyrolytische reiniging was (of wanneer de deur om een andere reden is vergrendeld - het symbool brandt), dan wordt voor het instellen van de klok eerst de oven afgekoeld en de deur geopend. Als in de oven een temperatuur wordt gedetecteerd van meer dan 80°C schakelt de koeling van de oven in. Dit heeft geen invloed op het verloop van de instelling van de klok. De koeling schakelt uit zodra de temperatuur daalt onder 75°C. Stand-bystandBij overgaan naar de stand-bymodus wor-den alle instellingen van tijden, tempera-turen en kookwekker gewist. De verwar-mingselementen worden uitgeschakeld. De display toont de actuele tijd en is minder helder. Actief zijn de knoppen , waarmee u overgaat op het instellen van de tijd, ge-luidssignaal en helderheid, en de knop waarmee u de kookwekker in kunt stellen.
Zodra de tem-peratuur daalt beneden 75°C schakelt de ventilator uit en de temperatuuraanduiding van de ovenruimte verandert in de actuele tijd. Overgang naar de stand-bymodus:- op ieder moment door de functieknop op positie 0 te zetten; als u op deze manier overgaat naar de standby-modus hoort u een geluidssignaal;- na onderbreking van de stroomvoorziening en instelling van de actuele tijd;- na aoop van tijdgestuurde programma’s (automatisch en halfautomatisch, kookwek-ker);- na activering van de bescherming tegen doorlopende verwarming;- bij een lopende pyrolysecyclus gaat de oven na het plaatsen van de knop op de positie 0 pas over naar de stand-bymodus als de oven is afgekoeld en de deur is ont-grendeld. Verlaten van de stand-bymodus:Als u de functiedraaiknop van de positie 0 op een andere positie zet, schakelt de oven van de stand-bymodus naar de actieve mo-dus.
Opmerking - als de programmafunctie au-tomatisch naar de stand-bymodus is ge-gaan, moet u eerst de draaiknop op de po-sitie 0 zetten. Pas daarna kan de oven de stand-bymodus verlaten. Als de functiedraaiknop in de stand-bymo-dus op een andere positie dan 0 staat, knip-pert het symbool.
69BEDIENINGDiepe stand-by:Als de oven 10 minuten in de stand-by-modus heeft gestaan, schakelt hij naar de diepe stand-bymodus - de tiptoetsen en de +/- instelknop werken niet. U kunt de oven alleen activeren door de functieknop uit de positie “0” in een andere positie te zetten. Instelling van de actuele tijdInstelling van de actuele tijd is alleen moge-lijk in de stand-bymodus. Het indrukken van de knop in deze modus toont de actuele tijd bij normale helderheid. Met de draaiknop instellingen +/- kunt u de actuele tijd corri-geren. Als u langer dan 10 seconden niets doet wordt de actuele instelling opgeslagen en keert de oven terug naar de stand-bymo-dus. Met de knop kunt u de frequentie van het geluidssignaal instellen. De klok werkt alleen in 24-uursmodus.
NachtmodusAls het apparaat zich in de stand-bymodus bevindt, dan wordt de lichtintensiteit van de display tussen 22:00 – 6:00 uur verlaagd tot de waarde die geschikt is voor de nachtmo-dus – 2 niveaus lager dan het ingestelde niveau. Wijziging van de frequentie van het ge-luidssignaalDe functie is altijd beschikbaar in de stand-bymodus, zonder tijdslimiet. Door het opnieuw indrukken van de knop tijdens het instellen van de uren verschijnt ton1, waarvan 1 de aanduiding is van het huidige geluidssignaal in de opties van 1 tot 3. Door aan de draaiknop instellingen +/- te draai-en, verandert het huidige geluidssignaal. 5 seconden inactiviteit bevestigt het actueel geselecteerde geluid en zorgt voor over-schakeling naar de stand-bymodus. Wijzigen van de helderheid van de dis-playDe functie is altijd beschikbaar in de stand-bymodus, zonder tijdslimiet.
Door het opnieuw indrukken van de knop tijdens het instellen van de frequentie van het sig-naal verschijnt bri4, waarvan 4 de aandui-ding is van het huidige helderheid op een schaal van 1 tot 9. Door aan de draaiknop instellingen +/- te draaien, verandert de hel-derheid.
Het licht is uitgeschakeld: - in de posities: 0, Pyrolyse, ECO;- als de temperatuur in de ovenruimte hoger is dan 300°C;- tijdens de pyrolyse en het afkoelen;- voordat de opwarming in het automatische programma start en nadat de automatische en halfautomatische programma’s zijn be-.
70BEDIENINGeindigd;- in de stand-bymodus als de draaiknop op een andere positie dan 0 staat. KoelventilatorInschakeling en uitschakeling van de koel-ventilator werkt onafhankelijk van de in-gestelde functies en status van de pro-grammafunctie. De koelventilator schakelt in als de temperatuur in de ovenruimte hoger is dan 80°C en schakelt uit zodra de temperatuur lager is dan 75°C. ThermostaatsymboolHet thermostaatsymbool geeft de wer-king van de verwarmingselementen aan. Zodra een van de verwarmingselementen aanstaat, brandt het symbool. Het symbool dooft als geen van de verwarmingselemen-ten aanstaat (bv. wanneer de oven de inge-stelde temperatuur heeft bereikt en de ver-warmingselementen worden uitgeschakeld totdat de temperatuur is gedaald). KookwekkerDe kookwekker is beschikbaar na een druk op de knop in de stand-bymodus of in de actieve modus.
Door het indrukken van gaat het symbool knipperen en de actuele stand van de afgetelde tijd wordt getoond of 0. 00 als de kookwekker niet actief is. Stel vervolgens met de draaiknop instellen +/- de waarde van de af te tellen tijd in. Be-vestig de ingestelde tijd met de knop of door 5 seconden niets te doen. Als de kookwekker actief is (aftellen van de ingestelde tijd) toont de display het symbool. Na het aftellen naar nul klinkt het alarm van de kookwekker dat u met een willekeurige knop (tiptoets) kunt uitzetten. Zolang de kookwekker de tijd aftelt is de automatische overgang van actieve mo-dus naar stand-bymodus geblokkeerd - het paneel gaat alleen automatisch naar de stand-bymodus nadat het kookwekkeralarm is uitgezet. OvendeurTijdens de werking moet de ovendeur geslo-ten zijn. Als u de deur opent tijdens de werking van de oven schakelen de verwarmingselemen-ten van de oven uit.
Als deze toestand langer dan 60 seconden duurt, hoort u een signaal [alarm geopende deur]. U kunt het alarm uit-schakelen door een willekeurige knop in te drukken of de deur te sluiten.
Het openen van de deur heeft geen invloed op de inge-stelde temperatuur en tijd, maar als de deur langer dan 10 minuten open blijft staan, dan wist de programmafunctie alle instellingen en keert terug naar de stand-bymodus. Beperking van de werkingsduurUit veiligheidsoverwegingen beschikt de oven over een beperking van de werkingsduur. Als de ingestelde temperatuur tot 100°C bedraagt, schakelt de oven na 10 uur over in de stand-bymodus. Als de ingestelde temperatuur 200°C of meer bedraagt, is de maximale werkingsduur beperkt tot 3 uur. Binnen het bereik van 101°C-199°C veran-dert de werkingsduur lineair, nl. hoe hoger de temperatuur, hoe korter de werkingsduur (tussen 3h en 10h). Inschakelen verwarmingsfunctieU schakelt de verwarmingsfunctie in door de functiedraaiknop vanaf de positie 0 op de gewenste positie te zetten.
71BEDIENINGtuele tijd de standaardtemperatuur die apart is gedenieerd voor elke positie in de vorm 170C. De temperatuurwaarde knippert (de hel-derheid neemt af) en het symbool C brandt continu. De waarde verandert als u aan de functiedraaiknop draait. Na het aanraken van de tiptoets schakelt de oven automatisch over naar de actieve modus. Als er gedurende 10 minuten geen handeling wordt uitgevoerd, schakelt de oven over op de stand-bymodus. Door het indrukken van de knop stelt u de automatische modus in. Instelling temperatuurTijdens het kiezen van de verwarmingsfunc-tie dient de draaiknop instellingen +/- voor het wijzigen van de ingestelde temperatuur. De temperatuur verandert in stappen van 5°C binnen het vastgestelde bereik van ie-der programma. Als u de draaiknopinstellin-gen +/- langer dan 1s ingedrukt houdt, ver-andert de temperatuur in stappen van 10°C.
De temperatuur wordt opgeslagen na in-drukken van de knop of na 5 seconden niets doen. De klok toont hierna de actuele tijd. Als u aan de draaiknop instellingen +/- draait, worden gedurende 2 seconden ge-toond:- naar links [-] – ingestelde temperatuur;- naar rechts [+] – temperatuur in de oven-ruimte. De temperatuur wordt zonder knipperen weergegeven, de instellingen wijzigen niet. Wijzigen temperatuurinstellingenMet een druk op de knop tijdens de wer-king van de oven gaat u naar de modus instellingen wijzigen. Op de display knip-pert de temperatuurwaarde (de helderheid neemt af) en het symbool C brandt continu. Met de draaiknop instellingen +/- wijzigt u de instelling. De temperatuur wordt opgeslagen na een druk op de knop. Vervolgens toont de klok de actuele tijd – als u niets doet keert de programmafunctie na 5 seconden terug naar de actieve modus.
Als de ge-bruiker aan de functieknop draait tijdens het wijzigen van de temperatuur wordt de standaardtemperatuur voor het nieuwe pro-gramma getoond en het aftellen van de 5 seconden inactiviteit opnieuw gestart. Wan-neer de gebruiker aan de functieknop draait als de temperatuur is ingesteld, gaat het programma verder met de ingestelde tem-peratuur, behalve wanneer de nieuwe func-tie een kleiner temperatuurbereik heeft - in dat geval wordt de dichtstbijzijnde mogelijke temperatuur ingesteld.
73BEDIENINGHalfautomatische werkingHalfautomatische werking berust op het instellen van de tijd waarop het apparaat zichzelf uitschakelt. Het is mogelijk een tijd in te stellen van 1 minuut tot 23 uur en 59 minuten. Om de werkingstijd in te stellen, drukt u op de knop (tiptoets) in de actieve modus of nadat u de functiedraaiknop op de gewens-te positie heeft gezet. Op de display van de tijdschakelaar knippert het symbool en verschijnt gedurende 1s het opschrift dur en vervolgens de aanduiding 0. 00 (of de aanduiding van de tijd tot het uitschakelen van de oven als deze functie al eerder actief was). Met de draaiknop instellingen +/- wij-zigt u de waarde van de instelling, met 5 se-conden nietsdoen verlaat u het programma zonder de actuele instellingen te wijzigen, en met de knop (tiptoets) bevestigt u de actuele instelling van de tijd tot het au-tomatisch uitschakelen van de oven.
Als u na het indrukken van de toets (tiptoets) gedurende 5 seconden niets doet, schakelt de klok naar het tonen van de actuele tijd. Tijdens de halfautomatische werking brandt het symbool continu. Tijdens de halfautomatische werking kunt u de verwarmings- en temperatuurfunctie naar wens wijzigen. U kunt de halfautomatische werking deac-tiveren door de werkingstijd in te stellen op 0. 00 – na het indrukken van de knop (tip-toets) of 5s nietsdoen, schakelt de oven dan over op werking voor onbepaalde tijd. Nadat de ingestelde tijd is afgeteld, hoort u een geluid [alarm beëindiging werking]. Alle verwarmingselementen worden uitge-schakeld.
U kunt het alarm op 3 manieren uitschakelen:a) Door één van de volgende handelingen uit te voeren:- indrukken van een willekeurige knop (tip-toets), uitgezonderd ;- veranderen van de positie van de functie-draaiknop;- aanraken van de draaiknop instellingen +/-;- openen van de deur. Hierdoor worden alle functie- en tempe-ratuurinstellingen gewist. Ondanks de in-stelling van de draaiknop op de verwar-mingsfunctie schakelt de oven naar de stand-bymodus.
b) Door de functiedraaiknop op 0 te zetten – de oven schakelt naar de stand-bymodus. c) Door op de knop (tiptoets) te drukken. Hierdoor komt u bij de instelling van de wer-kingstijd en kunt u het kookproces voortzet-ten volgens de ingevoerde parameters voor de verwarmingsfunctie en temperatuur door de tijd opnieuw in te stellen. Opmerking – in dit geval (verlenging van de eerder ingestel-de tijd tijdens het alarm aan het einde van de halfautomatisch werking) veroorzaakt de ingestelde tijd 0. 00 het uitschakelen van de oven en niet werking voor onbepaalde tijd. Automatische werkingAutomatische werking berust op een zodani-ge programmering van de programmafunc-tie dat de oven later inschakelt en het kook-proces op een ingesteld tijdstip beëindigt. Om automatische werking in te stellen, moet u eerst de gewenste werkingstijd in-stellen (zoals bij halfautomatische werking).
74veranderen. Met de knop (tiptoets) be-vestigt u de eindtijd. Na bevestiging van de eindtijd branden de symbolen en con-tinu en op de klok wordt opnieuw de actuele tijd getoond. Tijdens het aftellen tot de start van het kook-proces zijn de symbolen en verlicht. Op het moment dat het kookproces begint, werkt het symbool in overeenstemming met de staat van de verwarmingselemen-ten (volledig helder of uitgeschakeld), en de oven gedraagt zich verder als bij halfauto-matische werking. Met kunt u de ingestelde tijden bekijken en veranderen. Als u de knop (tiptoets) één-maal indrukt gaat u naar de instelling van de werkingstijd, tweemaal – naar de instelling van de eindtijd, driemaal – naar het tonen van de actuele tijd. Wijziging van de wer-kingstijd naar 0:00 veroorzaakt het wissen van de werkingstijd en de eindtijd – over-gang naar onbepaalde werkingstijd.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Amica ACM7037RN stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Overige keukenapparatuur Amica
Handleiding Overige keukenapparatuur
Nieuwste handleidingen voor Overige keukenapparatuur