Alfa Style 20 Handleiding

Alfa Naaimachine Style 20

Bekijk gratis de handleiding van Alfa Style 20 (76 pagina’s), behorend tot de categorie Naaimachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 20 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Alfa Style 20 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/76
Bedienungsanleitung
Gebruiksaanwijzing
Manuel d'instruction
FR
NL
DE

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Alfa
Categorie: Naaimachine
Model: Style 20
Soort bediening: Draaiknop
Kleur van het product: Pink, White
Vermogen: 70 W
Beeldscherm: Nee
Soort voeding: Electrisch
Ingebouwd licht: Ja
Naaimachine functies: Naaiwerk
Automatisch knoopsgat: Ja
Knoopsgat type: 4 Step
Hechtings lengte: 0 - 4 mm
Meegeleverde draadschaar: Ja

Handleiding Alfa Style 20 – volledige tekst

BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIESBij het gebruik van een elektrisch apparaat moet altijd aandacht besteed worden aan de veiligheid, onder andere aande volgende standaard veiligheidseisen: Lees eerst alle instructies, voordat u deze naaimachine gaat gebruiken.1. Laat een elektrisch apparaat nooit onbeheerd achter met de stekker in het stopcontact.2. Haal na gebruik altijd meteen de stekker uit het stopcontact. Haal ook altijd de stekker uit het stopcontactvoordat u de machine gaat schoonmaken.1. Lees de instructie zorgvuldig voordat u dat machine gaat gebruiken.2. Bewaar de instructies waar u ze gemakkelijk terug kunt vinden, bijvoorbeeld dicht bij de machine. Geeft u demachine door aan iemand anders, geef de gebruiksaanwijzing er dan bij.3. Gebruik de machine alleen op droge plekken.4.

Laat de machine nooit onbeheerd in de buurt van kinderen of ouderen, of andere mensen die zich misschienniet bewust zijn van de risico's.5. Deze machine kan gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder, mensen met verminderderde fysieke,sensorische of geestelijke capaciteiten of gebrek aan kennis en ervaring, mits dat onder toezicht gebeurt ofinstructie gegeven is hoe ze de machine veilig kunnen gebruiken en zij de gevaren begrijpen die ermeesamenhangen.6. Kinderen mogen niet spelen met de machine.7. Schoonmaak- en onderhoudswerkzaamheden mogen niet zonder toezicht door kinderen uitgevoerd worden.GEVAARWAARSCHUWING- Zo vermindert u het risico op een elektrische schok:- Zo kunt u het risico van brandplekken, brand, een elektrische schoken verwonding van personen verminderen:8.

Zet de machine altijd uit bij voorbereidende handelingen (bijvoorbeeld verwisselen van de naald, garen inrijgenof verwisselen van het voetje).9. Haal altijd de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoud gaat doen (smeren, schoonmaken).10. Haal altijd de stekker uit het stopcontact als u de machine onbeheerd achterlaat, om te voorkomen dat iemandNL7

8gewond raakt doordat de machine per ongeluk aangezet wordt. 11. Gebruik de machine niet als deze nat is. Gebruik de machine niet in een vochtige omgeving. 12. Trek nooit aan het snoer, pak de stekker vast om deze uit het stopcontact te halen. 13. Een beschadigde of kapotte ledlamp moet vervangen worden door de fabrikant of zijn servicedienst, of dooriemand met vergelijkbare kwalificaties, om gevaar te voorkomen. 14. Zet nooit iets op het voetpedaal. 15. Gebruik de machine nooit als de ventilatieopeningen geblokkeerd zijn. Houd de ventilatieopeningen van demachine en het voetpedaal vrij van stof, olie en resten materiaal. 16. De machine mag alleen gebruikt worden met voetpedaal type KD-1902, FC-1902 (voor gebieden/landen met110-120V) / KD-2902, FC-2902A, FC-2902D (voor gebieden/landen met 220-240V) / 4C-316B (voorgebieden/landen met 110-125V) / 4C-326G (voor gebieden/landen met 230V). 17.

Het snoer van het voetpedaal kan niet worden vervangen. Als het snoer beschadigd is, kan het voetpedaal nietmeer gebruikt worden. 18. Het geluidsniveau bij normaal gebruik is minder dan 75dB(A). 19. Gooi afgedankte elektrische apparaten niet bij het restafval, breng ze naar een inleverpunt (van uw gemeentebijvoorbeeld). 20. Neem contact op met uw gemeente voor informatie over inleverpunten. 21. Als elektrische apparaten gestort worden op stortplaatsen, kunnen gevaarlijke stoffen in het grondwater lekkenen zo in de voedselketen terechtkomen. Dat is schadelijk voor uw gezondheid en welzijn. 22. Als u een oud apparaat vervangt door een nieuw, is de winkelier wettelijk verplicht om uw oude apparaat in tenemen, zonder dat u hiervoor extra moetDeze naaimachine is uitsluitend bedoeld voor huishoudelijk gebruik. BEWAAR DEZE INSTRUCTIESbetalen. 23.

Het huishoudapparaat mag niet gebruikt worden door personen (met inbegrip van kinderen) met eenlichamelijke, sensoriële of mentale beperking of die niet beschikken over de nodige ervaring of kennis, tenzij zeonder toezicht staan of instructies gekregen hebben. (Geldig buiten Europa)24. Kinderen dienen onder toezicht te staan zodat ze niet met het huishoudapparaat kunnen spelen (Geldig buitenEuropa).

Uw nieuwe naaimachine naait metprecisie- en kwaliteitsstikwerk allerleisoorten stoffen, van delicate zijde totmeerdere lagen denim. Uw naaimachine is bijzonder gemakkelijkte bedienen. Lees de veiligheidsinstructiesen de aanwijzigen voor gebruik enonderhoud zorgvuldig door, dan kunt uoptimaal gebruik maken van denaaimachine.

NLInhoudsopgaveBasisinformatie over de machineOnderdelen van de machine. 14/16De machine aansluiten op de stroomvoorziening. 18Tweestaps persvoetlichter. 20Accessoires. 22Inrijgen van de machineHet plaatsen van de garenrolpen. 24Spoeltje opwinden. 25Spoeltje inzetten. 28Draadspanning. 30Bovendraad inrijgen. 32Automatisch draadinrijgsysteem (optioneel). 34Onderdraad naar boven halen. 36NaaienKiezen van de steek. 38Steekkeuzepaneel. 40Keuze breedte & lengte van de steek. 42Rechte steek. 44Achteruit naaien/ Het werk losmaken/ De draad doorknippen. 46Kiezen van rekbare steken. 48Blinde zoom. 50Maken van een knoopsgat in 1 stap. 52Maken van een knoopsgat in 4 stap. 54Knopen aanzetten. 56Ritsen. 58Algemene informatiePlaatsen en verwijderen van de aanschuiftafel. 60Verwisselen van het persvoetje. 62Overzicht naald/stof/garen. 65Stopplaat.

FRAansluiten van de machine op destroomvoorzieningNLLet op:NaaimachinelampjeVoetbedieningBELANGRIJKE MEDEDELINGHaal de stekker uit het stopcontact als de machine nietgebruikt wordt. Raadpleeg een gekwalificeerd elektricien als u niet goedweet hoe u de machine op de stroomvoorziening moetaansluiten. Sluit de machine op een stroomvoorziening aan, zoals op deafbeelding te zien is. (1)Deze machine is voorzien van eenpepolariseerde stekker die meteen bijpassende gepolariseerde stekker/wandcontactdoosgebruikt dient te worden. (2)Zet de aan/uitknop (A) op "l" om de machine aan te zetten. Hetlampje gaat dan aan. Met het voetpedaal wordt de naaisnelheid geregeld. (3)Voor een apparaat met een gepolariseerde stekker (de enepool is breder dan de andere).

Om het risico van eenelektrische schok te verminderen, is deze stekker zodaniggemaakt dat hij maar op één manier in een gepolariseerdewandcontactdoos past. Als de stekker niet goed past in dewandcontactdoos, draai de stekker dan om en probeer nogeens. Past hij nog altijd niet, neem dan contact op met eengekwalificeerd elektricien om een geschikt stopcontact teinstalleren. Verander nooit de stekker, op wat voor manierdan ook. Attention :Lumière de coutureContrôle au piedREMARQUE IMPORTANTEDébranchez le cordon d'alimentation quand la machine n'estpas utilisée. Consultez un électricien qualifié en cas de doutesur la manière de relier la machine à la source électrique. Connectez la machine à une source électrique comme lemontre l'illustration. (1)Cet appareil est équipé d'une fiche polarisée qui doit êtreutilisée avec la prise polarisée adéquate.

Aiguille double(pour Style 20/30/40)(pour Style UP 20/30/40)Housse de protection soupleAccessoiresNLDe accessoires kunnen worden opgeborgen in debergruimte voor accessoires.Standaard accessoires (1)Optionele accessoires (2)a. Universele naaivoet.b. Ritsvoetc1. Knoopsgatenvoetc2. Knoopsgatenvoetd. Knoop-aannaaivoete. Tornmesje/ borsteltjef. Geleider voor doorstikken/quilteng. Doosje naaldenh. Spoeltjes (3x)i. L-schroevendraaierj. Olieflaconk. Stopplaatl. Vilten onderlegger voor garenklospen (2x)(Optionele accessoires worden niet meegeleverd met demachine; ze zijn echter verkrijgbaar als speciale accessoires bijde dealer bij u in de buurt.)n. Open applicatievoeto. Overlockvoetp. Rolzoomvoetq. Koordvoet. Blindezoomvoet. Stop/borduurvoet. Rimpelvoet. Quiltvoetv. Boventransportvoet. Tweelingnaald(voor Style 20/30/40)(voor Style UP 20/30/40)m.rstuwHoesAccessoires22

Pourcommencer à coudre, pousser le bobineur vers la gauche(position de couture).Remarque :Spoeltje opwindenNL- Plaats het vilt en het garenklosje (a) op de garenklospen. (1)- Duw de draad in in de draadgeleider. (2)- Haal de draad met de klok mee rond de spanningsplaten. (3)- Haal de draad door het spoeltje zoals afgebeeld en zet hetspoeltje op de spoelwinderas. (4)- Duw de spoelwinderas naar rechts. (5)- Houd het einde van de draad vast. (6)- Druk met uw voet op het pedaal. (7)- Laat na een paar toeren van het spoeltje het pedaal weer los.Laat het draadeinde los en knip het zo dicht mogelijk bij despoel af. Druk weer op het pedaal. Als het spoeltje vol is, gaathet langzamer draaien. Laat het pedaal los en knip de draadaf.

(8)- Duw de spoelwinderas naar links (9) en haal de spoel eraf.Als de spoelwinderas in positie "spoeltje opwinden" staat, dannaait de machine niet en kan het handwiel niet gedraaid worden.Om te beginnen met naaien, de spoelwinderas naar linksduwen (positie "naaien").Let op:Bobiner la canette26

(7)Si le boitier de la canette n'est pas remis correctement dansla machine, il tombera immédiatement après avoircommencéb à coudre.FRWaarschuwing:Als u een spoeltje inzet of verwijdert, moet de naald in dehoogste stand staan.Let op:Zet de aan/uit knop op 'uit' ("O"), voordat u een spoeltje inzetof verwijdert.- Verwijder de naaitafel en open het klapdeksel. (1)- Pak de spoel vast bij het klepje en haal hem eruit. (a). (2)- Haal de spoel uit het spoelhuis. (3)- Pak het spoelhuis vast met de linkerhand Leg met derechterhand het spoeltje zo erin, dat de draad met de klokmeeloopt (zie pijl). (4)- Trek de draad door de gleuf en leg uw vinger erop. (5) Laatongeveer 12 cm draad hangen.- Pak het spoelhuis vast bij het klepje.

(6)- Zet het terug in de machine; zorg dat de pin aan debovenkant van het spoeltje (b) in de inkeping (c) bovenin valt.(7)Als de spoel niet goed in de machine geplaatst is, valt dezeeruit, zodra begonnen wordt met naaien.Spoeltje inzettenNLInsérer la canette28

Sila tension est trop forte, il se déroule difficilement voire pas dutout. Pour ajuster, utiliser le tournevis.PTBovendraadspanning (1)Onderdraadspanning (2)Let op:Basisinstelling voor de bovendraadspanning: "4".Om de spanning te verhogen, de knop draaien tot het volgendehogere cijfer. Om de spanning te verlagen, de knop draaien tothet volgende lagere cijfer.A. Normale draadspanningB. Bovendraadspanning te los (te laag)C. Bovendraadspanning te strak (te hoog)De onderdraadspanning (van de spoel) wordt aangepasttijdens de fabricage, deze hoeft u in principe niet te wijzigen.Zo kunt u de spoelspanning testen: plaats het volle spoeltje inhet spoelhuis. Laat het spoeltje hangen aan het uiteinde van dedraad.

Remarque :Remarque :Inrijgen van de bovendraadNLOp zichzelf is dit een eenvoudig klusje, maar het is belangrijk dathet correct gebeurt, anders kunnen- Begin met de naald op het hoogste punt te zetten (1), en draaidan het handwiel tegen de klok in totdat de naald net weer begintte dalen. Zet de persvoet omhoog, de spanningsplaten zijn danlos. (2)Voor de veiligheid wordt met klem aangeraden altijd demachine uit te zetten voordat u gaat inrijgen.

- Plaats de vilten onderlegger en het garenklosje (a) op degarenklospen. (3)- Haal de draad vanaf het garenklosje door de bovendraadgeleider(4). Haal daarbij de draad door de voorspanner, zoals te zien isop de afbeelding. (5)- Nu de spanningsmodule inrijgen: haal de draad naar benedenaan de rechterkant en weer omhoog aan de linkerkant. (6) Het ishandig om hierbij de draad tussen het garenklosje en debovendraadgeleider vast te houden. - Als de draad helemaal boven is, leid hem dan van rechts naarlinks door het sleufoogje van de draadhevel en dan weer naarbeneden. (7)- Steek nu de draad door de geleider op de naaldklem (8) en leidde draad naar de naald. Rijg de draad van voor naar achter in denaald. - Trek de draad door het oog van de naald naar achteren tot er eeneind van ongeveer 15 tot 20 cm uit het oog van de naald hangt. Snij de draad af met de draadsnijder.

De breedte neemttoe, als u de keuzeknop van "0" naar "5" draait. (1)Met de keuzeknop voor de steekbreedte wordt ook de traploosverstelbare naaldpositie bij de rechte steek bepaald. Bij positie"0" staat de naald in het midden en bij "5" helemaal linksij positie "0" staat de naald in het midden en bij"5" helemaal rechts. Zet de stekenkeuzeknop op zigzag. De zigzagsteek wordt steeds dichter, als de lengtekeuzeknopdichter bij de "0" komt. Nette zigzagsteken krijgt u normaal met lengte 2,5 of minder. (2)Voor het maken van rechte steken, de steekkeuzeknop op eenrechte steek zetten. Bij draaien aan de steeklengtekeuzeknopvermindert de lengte van de afzonderlijke steken als de knopdichter bij de "0" komt. Als de knop naar de "4" gaat, neemt delengte van de afzonderlijke steken toe.

(3) Over het algemeenmoet u een grotere steeklengte gebruiken bij het naaien vanzwaardere stoffen of als u een dikkere naald of draad gebruikt. Gebruik een kortere steeklengte als u dunnere, lichtere stoffennaait of als u een dunnere naald of draad gebruikt. (pourStyle UP 40), b(pour Style 40)Molette de largeur de point & molette delongueur de point42.

Pour attacher le début et la fin d'une couture, baisser le levierde marche arrière (A).Coudre quelques points en marche arrière. Lâcher le levier et lamachine reprendra sa couture en marche avant. (1)FROm het begin en eind van een naad vast te zetten, op de knopvoor achteruit naaien (A) drukken.Naai een paar steken achteruit. Laat de knop weer los, en demachine naait weer vooruit. (1)NLHet werk losmaken van de machineDe draad doorsnijdenAchteruit naaienDraai het handwiel naar u toe (tegen de klok in) om dedraadhevel in de hoogste positie te brengen, zet de persvoetomhoog en haal het werk achter langs de naald en de persvoetonder de machine vandaan. (2)Trek de draden onder en achter de persvoet. Leid de dradennaar de zijkant van de machine, naar de draadsnijder (B). Trekde draden naar beneden, en ze worden afgesneden.

1) contre lecôté droit du tissu avec le bord supérieur de l'ourlet s'étendant àenviron 7 mm (1/4'') du côté droit du tissu plié. Commencer à coudre lentement sur le pli, en s'assurant quel'aiguille touche légèrement le haut plié pour attraper un oudeux fils de tissu. (2)Déplier le tissu lorsque l'ourlage est terminé et appuyer. FRVoor zomen van gordijnen, broeken, rokken enzovoort. Blinde zoom voor stretchstoffen. Blinde zoom voor stevige stoffenZet de keuzeknop voor de steeklengte op het bereik datgetoond wordt op de afbeelding rechts. Blinde zomen wordennormaal echter met een wat langere steeklengte gemaakt. Zet de keuzeknop voor de steekbreedte op een waarde diegeschikt is voor het gewicht en het type van de stof die u wiltnaaien, binnen het bereik dat getoond wordt op de afbeeldinguiterst rechts op de bladzijde.

Over het algemeen wordt een smallere steek gebruikt voorlichtere stoffen en een bredere steek voor zwaardere stoffen. Doe altijd eerst een naaiproefje om te kijken of de machine-instellingen geschikt zijn voor het materiaal.

FRHet naaien van knoopsgaten is snel en gemakkelijk en levertgoede resultaten op. Maak voor de zekerheid altijd eerst eenproefknoopsgat op een stukje van de stof waarmee u werkt enhet materiaal dat u gebruikt ter versteviging. Een knoopsgat makenEen knoopsgat maken in stretchstoffen (5)1. Gebruik kleermakerskrijt om de plek voor het knoopsgat aan tegeven op de stof. 2. Plaats de knoopsgatenvoet en zet de steekkeuzeknop op " ". Zetde steeklengte op " ". Zet de steekbreedte op "5". Het kan echterzijn dat u de breedte aan moet passen aan uw werkstuk. Maakeen proefknoopsgat om te kijken of aanpassingen nodig zijn. 3. Laat de persvoet zakken, zorg dat de merktekens op de voetgelijkliggen met de merktekens op de stof (1). (De voorste trenswordt het eerst gestikt. ) (Zorg dat het merkteken op de stof (a)gelijk ligt met het merkteken op de voet (b). )4.

Maak de knoopplaat open en leg de knoop erin. 5. Laat de knoopsgathendel zakken en duw hem zachtjes naarachteren (3). 6. Houd de bovendraad losjes vast en begin te naaien. 7. Bij het maken van een knoopsgat is dit de volgorde (4). 8. Stop als de knoopsgatcyclus voltooid is. Als u knoopsgaten maakt in stretchstof, leg dan een dikkere draad ofeen dun koordje onder de knoopsgatenvoet. Bij het naaien van hetknoopsgat wordt het koord als opvulling gebruikt. 1. Gebruik kleermakerskrijt om de plek voor het knoopsgat aan tegeven op de stof. Bevestig de knoopsgatenvoet en zet desteekkeuzeknop op " ". Zet de lengte van de steek op " ". 2. Haak de inlegdraad aan de achterkant van de naaivoet, leid detwee uiteinden naar de voorkant van de voet, leg ze in de groevenen bind ze tijdelijk vast. 3. Laat de persvoet zakken en begin te naaien.

Wanneer u van stap naar stapgaat bij het maken van het knoopsgat, moet u controleren of denaald omhoog staat voordat u de steekkeuzeknop naar devolgende stap draait. Let erop dat u niet te veel steken naait instap 2 en 4. Snijd het knoopsgat met een tornmesje open vanafbeide uiteinden naar het midden toe. - Het resultaat wordt mooier als u de bovendraadspanning ietsvermindert. - Gebruik een versteviging voor dunne of elastische stoffen. - Het is aanbevolen dikt garen of koord te gebruiken voorelastische of gebreide stoffen. De zigzag moet over het dikkegaren of het koord heen naaien. (5)Naaien van een 4-staps knoopsgaten(voor Style 20, 30, 40)NLCoudre une boutonnière en 4 étape(pour Style UP 20/30/40)PréparationRemarque :Astuces :- Retirer le pied multi-usage et poser le pied pour boutonnière.

Draai het handwiel met de hand enkele malen om tecontroleren of de naald zowel inhet rechter als het linker gatgaat zonder de knoop te raken. Pas de breedte eventueel aan. Naai langzaam ongeveer 10 steken. Kies nu met desteekkeuzeknop " " en naai enkele vastzet steken. (2) (voorStyle 20, Style UP 20)Zet de steekkeuzeknop op zigzagsteek " ". Zet de steekbreedteop "3" - "5", afhankelijk van de afstand tussen de gaatjes van deknoop. Draai aan het handwiel, om te controleren of de naald netjes inhet linker- en rechtergaatje van de knoop gaat. Zet desteekkeuzeknop op rechte steek " ", en naai een paaraanhechtsteken. Zet de steekkeuzeknop op zigzagsteek " " en naai langzaamde knoop aan, met ongeveer tien steken. Zet desteekkeuzeknop op rechte steek " ", en naai een paaraanhechtsteken. (2)Als er een steeltje gemaakt moet worden, een stopnaaldbovenop de knoop leggen en naaien.

Leg de goede kanten van de stof op elkaar.Stik een naad op twee cm van de rechterkant tot aan deonderkant van de rits. Naai een paar steken achteruit om afte hechten. Vergroot de steeklengte tot het maximum, zet despanning lager dan 2, en rijg de rest van de naad.2. Pers de naad open. Leg de rits met de goede kant naarbeneden op de naad, met de tanden tegen het stiksel aan.Rijg de beide ritshelften vast.3. De ritsvoet kan links of rechts bevestigd worden, afhankelijkvan de kant die u wilt naaien.4. Stik de rits rondom, haal dan de rijgdraad weg.Fermeture éclair58

12(80) tot 18(110)BELANGRIJK: Zorg dat de dikte van de naald past bij de dikte van het garen en dikte en gewicht van de stofKEUZE VAN NAALDEN EN STOFFENNatuurlijke geweven stoffen dunne wol, katoen, zijde enzovoort. Nietaangeraden voor zwaardere gebreide stoffen en zwaarder tricot. Natuurlijke en synthetische geweven stoffen, polyestermixen. Polyester tricot en gebreide stoffen. Kan gebruikt worden inplaats van 15x1 voor het naaien van alle stoffen. 14(90)16(100)18(110)Garen voor lichte toepassingen in dekwaliteit katoen, nylon of polyester. De meeste garens (van gemiddelde dikte)zijn geschikt voor deze stoffen ennaalddiktes. Gebruik polyester garen voorsynthetische stoffen en katoenen garenvoor natuurlijke, geweven stoffen. Gebruikaltijd hetzelfde soort garen voor boven- enonderdraad. Garen voor zware toepassingen. (Gebruikzware persvoetdruk en de steken met dehogere nummers.

)HA 115 115 1/705H(SUK)15 1/705H(SUK)130 PCLLet op: 1. Tweelingnaalden kunnen extra aangeschaft worden als handig hulpmiddel bij praktische en decoratieve toepassingen. 2. Als u met een tweelingnaald naait, moet de steekbreedte altijd minder zijn dan "3". 3. Europese maten voor naalden: 65, 70, 80 enz. Amerikaanse en Japanse maten voor naalden: 9, 11, 12 enz. 4. Vervang de naalden regelmatig tot vaak (ongeveer voor ieder kledingstuk een nieuwe naald). Vervang de naald ook onmiddellijk als dedraad breekt of als er steken overgeslagen worden. 5. Gebruik een tegenvoering/versteviging bij fijne of rekbare stoffen. NLOverzicht naald/stof/garenKEUZEGIDS VOOR NAALDEN, STOFFEN EN GAREN65.

Draai deze na het inzettenvan de nieuwe naald weer vast. (1)B. De platte kant van de naald moet altijd naar achteren gerichtzijn.C/D. Duw de naald er zo ver mogelijk in.Naalden moeten in perfecte conditie zijn. (2)Problemen kunnen veroorzaakt worden door:A. Verbogen naaldenB. Beschadigde puntC. Botte naaldenNLInzetten van de naaldInsérer l'aiguille69

Waarschuwing:Verwijder de naaldplaat:Schoonmaken van de transporteur:Schoonmaken en smeren van de grijper:Belangrijk:Koppel de machine los van de stroomvoorziening door destekker uit het stopcontact te halen. Als u de machine gaatschoonmaken, moet u altijd eerst de machine loskoppelenvan de stroomvoorziening door de stekker uit hetstopcontact te trekken. Draai het handwiel totdat de naald in de hoogste stand staat. Open het klapdeksel aan de voorkant en draai met deschroevendraaier de naaldplaatschroeven los. (1)Verwijder het spoelhuis en gebruik de bijgeleverde borstel omhet hele gebied schoon te maken. (2)Verwijder het spoelhuis. Klik de twee klemmen (a) die de grijpervasthouden naar de buitenkant. Verwijder de grijperring (b) ende grijper (c) en maak ze schoon met een zachte doek. Smeerde punten die aangegeven worden door (d) met 1 tot 2druppeltjes naaimachineolie.

Gids voor het verhelpen van problemenOorzaak1. De machine is niet goed ingeregen. 2. De draadspanning is te strak. 3. Het garen is te dik voor de naald. 4. De naald is niet goed ingezet. 5. Het garen heeft zich rond de garenklospen gedraaid. 6. De naald is beschadigd. 1. Het spoelhuis zit niet goed in de machine. 2. Het spoelhuis is niet goed ingeregen. 3. De draadspanning van de onderdraad is te strak. 1. De naald is niet goed ingezet. 2. De naald is beschadigd. 3. Naald van verkeerde dikte in gebruik. 4. De persvoet is niet goed bevestigd. 1. De naald is beschadigd. 2. De naald is niet goed ingezet. 3. Verkeerde naalddikte voor de stof. 4. Verkeerde voet bevestigd. 1. De machine is niet goed ingeregen. 2. Het spoelhuis is niet goed ingeregen. 3. Verkeerde combinatie naald/stof/garen. 4. Draadspanning is niet goed. 1. De naald is te dik voor de stof. 2. De steeklengte is niet juist. 3.

De draadspanning is te strak. 4. De stof trekt zich samen. 1. Garen van slechte kwaliteit. 2. Het spoelhuis is niet goed ingeregen. 3. Er is aan de stof getrokken. 1. De machine moet gesmeerd worden. 2. Pluizen of olie/vet op de grijper of de naaldstang. 3. Olie van slechte kwaliteit gebruikt4. De naald is beschadigd. Garen zit vast in de grijper. Oplossing1. Machine opnieuw inrijgen. 2. Draadspanning verminderen (kies lager nummer). 3. Gebruik een dikkere naald. 4. Verwijder de naald en zet een nieuwe in (platte kant naar achteren). 5. Pak het garenklosje eraf, wind het garen weer op het klosje. 6. Vervang de naald. 1. Verwijder het spoelhuis en zet het weer in de machine. Trek aan dedraad. De draad moet gemakkelijk afrollen. 2. Controleer de spoel en het spoelhuis. 3. Verminder de onderdraadspanning (zoals beschreven in degebruiksaanwijzing). 1.

Verwijder de naald en zet hem opnieuw in (platte kant naar achteren). 2. Zet een nieuwe naald in. 3. Kies een naald die wél bij het garen en de stof past. 4. Controleer, en bevestig correct. 1. Zet een nieuwe naald in. 2.

Zet de naald goed in (platte kant naar achteren). 3. Kies een naald die wél bij het garen en de stof past. 4. Kies de juiste persvoet. 1. Controleer de inrijging. 2. Rijg het spoelhuis in, zoals in de gebruiksaanwijzing staat. 3. De naalddikte moet bij het garen en de stof passen. 4. Corrigeer de draadspanning. 1. Kies een dunnere naald. 2. Pas de steeklengte aan. 3. Kies een lossere draadspanning. 4. Gebruik voering of versteviging bij fijne of rekbare stoffen. 1. Gebruik een betere kwaliteit garen. 2. Verwijder het spoelhuis, rijg het opnieuw in en zet het goed in demachine. 3. Trek niet aan de stof onder het naaien, laat de machine de stoftransporteren. 1. Smeer de machine zoals in de gebruiksaanwijzing staat. 2. Maak de grijper en de transporteur schoon zoals in degebruiksaanwijzing staat. 3. Gebruik alleen naaimachineolie van goede kwaliteit. 4. Vervang de naald.

Gooi afgedankte elektrische apparaten niet bij het restafval, breng ze naar een inleverpunt (van uwgemeente bijvoorbeeld). Neem contact op met uw gemeente voor informatie over inleverpunten.Als elektrische apparaten gestort worden op stortplaatsen, kunnen gevaarlijke stoffen in hetgrondwater lekken en zo in de voedselketen terechtkomen. Dat is schadelijk voor uw gezondheid enwelzijn.Als u een oud apparaat vervangt door een nieuw, is de winkelier wettelijk verplicht om uw oudeapparaat in te nemen, zonder dat u hiervoor extra moet betalen.021K6K0701(DE.FR.NL)Keine elektrischen Geräte als unsortierten Hausmüll entsorgen. Nutzen Sie getrennteEntsorgungseinrichtungen.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Alfa Style 20 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden