AEG TE7PB63ZAB Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG TE7PB63ZAB (76 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 30 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over AEG TE7PB63ZAB of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Oven |
| Model: | TE7PB63ZAB |
Handleiding AEG TE7PB63ZAB – volledige tekst
Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 32. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 84. BEDIENINGSPANEEL. 95. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 106. DAGELIJKS GEBRUIK. 117. EXTRA FUNCTIES. 148. KLOKFUNCTIES. 159. DE ACCESSOIRES GEBRUIKEN. 1610. AANWIJZINGEN EN TIPS. 1711. ONDERHOUD EN REINIGING. 2012. PROBLEEMOPLOSSING. 2213. ENERGIEZUINIGHEID. 2414. MILIEUBESCHERMING. 251. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik.
Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 De veiligheid van kinderen en kwetsbarepersonen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanNEDERLANDS 3.
• Dit apparaat wordt geleverd met eenstekker en een netsnoer. 2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden,elektrische schokken of een explosie. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Schakel het apparaat na elk gebruik uit. • Wees voorzichtig met het openen van dedeur van het apparaat wanneer hetapparaat in werking is. Er kan hete luchtvrijkomen. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Oefen geen druk uit op de open deur. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak. • Open de deur van het apparaatvoorzichtig. Het gebruik van ingrediëntenmet alcohol kan een mengsel van alcoholen lucht veroorzaken.
• Laat geen vonken of open vlammen incontact met het apparaat komen wanneeru de deur opent. • Gebruik altijd glas en potten die zijngoedgekeurd voorconserveringsdoeleinden. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die vochtig zijn met ontvlambareproducten in, bij of op het apparaat. • Deel uw wifi-wachtwoord niet. 6 NEDERLANDS.
WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat. • Om schade of verkleuring van het email tevoorkomen:– plaats ovenschalen of anderevoorwerpen niet rechtstreeks op debodem van het apparaat. – leg geen aluminiumfolie op de bodemvan de ruimte in het apparaat. – plaats geen water direct in het heteapparaat. – bewaar geen vochtige gerechten envoedsel in het apparaat nadat u klaarbent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen ofbevestigen van accessoires. • Verkleuring van het email of roestvrij staalis niet van invloed op de werking van hetapparaat. • Gebruik een diepe pan voor vochtigetaarten. Vruchtensappen veroorzakenvlekken die permanent kunnen zijn. • Kook altijd met de deur van het apparaatgesloten. • Als het apparaat achter een meubelpaneelgemonteerd is (bijv. een deur), zorg er danvoor dat de deur nooit gesloten is als hetapparaat in werking is.
Warmte en vochtkunnen achter een gesloten meubelpaneelophopen en schade aan het apparaat, debehuizing of de vloer veroorzaken. Sluithet meubelpaneel niet tot het apparaatcompleet is afgekoeld na gebruik. 2. 4 Onderhoud en reinigenWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, vuur of schade aanhet apparaat. • Schakel het apparaat uit en trek destekker uit het stopcontact voordat jeonderhoudshandelingen verricht. • Zorg ervoor dat het apparaat koud is. Hetrisico bestaat dat de glasplaten breken. • Vervang de glasplaten van de deuronmiddellijk als ze beschadigd zijn. Neemcontact op met de erkende servicedienst. • Wees voorzichtig wanneer u de deur vanhet apparaat verwijdert. De deur is zwaar. • Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Reinig het apparaat met een vochtigezachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen.
Risico op letsel / Brand / Chemischeuitstoot (dampen) in pyrolitische modus. • Voor het uitvoeren van de pyrolytischereiniging en de eerste voorverwarmingdient u het volgende uit de ovenruimte teverwijderen:– overtollig voedselresten, olie- ofvetresten/afzettingen. – alle verwijderbare voorwerpen(inclusief planken, zijrails, enz. , die bijhet apparaat zijn geleverd), met namealle antiaanbakpotten, pannen,dienbladen, keukengerei, enz. • Lees zorgvuldig alle instructies voorpyrolytische reiniging. • Houd kinderen uit de buurt van hetapparaat als de pyrolytische reiniging inwerking is. Het apparaat wordt zeer heeten er komt hete lucht vrij uit de voorstekoelopeningen. • Pyrolytische reiniging gebeurt op hogetemperaturen waarbij dampen kunnenvrijkomen van kookresten enconstructiematerialen.
Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. • Dit product bevat een lichtbron vanenergie-efficiëntieklasse G. • Gebruik alleen lampjes met dezelfdespecificaties. 2. 7 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. • Gebruik alleen originelereserveonderdelen. 2. 8 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg. 3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT3. 1 Algemeen overzicht27184356543211Bedieningspaneel2Display3Opening voor de voedselsensor4Verwarmingselement5Lamp6Ventilator7Inschuifrails, verwijderbaar8Inzetniveaus3.
Om te bakken en braden of als pan om vetin op te vangen.• VoedselsensorOm het koken te regelen op basis van detemperatuur in het voedsel.• Telescopische geleidersOm platen en roosters gemakkelijker in tevoeren en te verwijderen.Je kunt optionele accessoires afzonderlijkbestellen. Neem voor meer informatie contactop met je plaatselijke leverancier.4. BEDIENINGSPANEEL4.1 Overzicht bedieningspaneel1 2 3 45 61Aan / UitHoud ingedrukt om het apparaatin en uit te schakelen.2MenuToont de opties en instelfunctiesvan het apparaat.3Favorie‐tenGeeft een overzicht van de favor‐iete instellingen.4DisplayGeeft de huidige instellingen vanhet apparaat weer.5Lamp‐schake‐laarOm de verlichting in en uit teschakelen.6SnelOpwar‐menOm de functie in en uit te schake‐len: Snel Opwarmen.4.2 DisplayDisplay met ingestelde toetsfuncties.150°C12:3015minSTART85°CG F DECA BA. Wi-FiB. DagtijdC. BEGIN / STOPD.
5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 5. 1 Eerste verbindingHet display toont een welkomstbericht na deeerste verbinding. Je moet het volgende instellen: Taal,Helderheid Display , Toetstonen ,Geluidsvolume , Dagtijd. 5. 2 Draadloze verbindingOm het apparaat te verbinden hebt u hetvolgende nodig:• Draadloos netwerk met internetverbinding. • Mobiel apparaat dat is verbonden methetzelfde draadloze netwerk. 1. Scan de QR-code op de achterkant vande gebruikershandleiding om de app tedownloaden. Je kunt de app ookrechtstreeks downloaden vanuit de appstore. 2. Volg de onboarding-instructies van deapp. 3. Het apparaat inschakelen. 4. Druk op. Selecteer: Instellingen /Aansluitingen. 5. - schuif of druk om in of uit teschakelen: Wi-Fi.
4 Eerste keer voorverwarmen enreinigenWarm het lege apparaat voor voordat u hetvoor de eerste keer gebruikt en voordat hetmet etenswaren in contact komt. Hetapparaat kan een onaangename geur enrook afgeven. Ventileer de kamer tijdens hetvoorverwarmen. 1. Haal alle accessoires en verwijderbareinschuifrails uit het apparaat. 2.
Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 1 u werken. 3. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 4. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 5. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 6. Reinig het apparaat en de accessoiresuitsluitend met een microvezeldoek,warm water en een mild reinigingsmiddel. 7. Plaats de accessoires en deverwijderbare inschuifrails terug in hunoorspronkelijke positie. 10 NEDERLANDS.
6. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6. 1 VerwarmingsfunctiesSTANDAARDGrillenOm dunne stukken voedsel te grillen enbrood te roosteren. CirculatiegrillVoor het braden van grote stukken vleesof gevogelte met bot op één niveau. Voorgratineren en bruinen. HeteluchtVoor het braden van vlees en het bakkenvan cakes. Stel een lagere temperatuur indan bij koken met boven + onderwarmte,omdat de ventilator de warmte gelijkmatigverdeelt in de oven. Bevroren gerechtenPerfect voor kant-en-klare maaltijden (bijv. patat, aardappelkroketjes of loempia’s). Boven + onderwarmteVoor het bakken en roosteren op éénovenniveau. Pizza-functieHet beste voor het bakken van pizza's enandere gerechten die meer warmte vanonderaf nodig hebben. OnderwarmteKies deze functie na een kookproces omhet voedsel zo nodig meer aan de onder‐kant te bruinen. Gebruik het laagste rekni‐veau.
Brood bakkenVoor het bakken van brood. Deeg Laten RijzenOm het rijsproces van gistdeeg te versnel‐len. Dek het oppervlak van het deeg af omte voorkomen dat het droogt. De lamp kan tijdens sommigeverwarmingsfuncties automatischuitschakelen als de temperatuur onder de80 °C komt. SPECIAALInmakenOm groenten en fruit in te maken, plaatst ude potten in een bakplaat gevuld met wa‐ter, met behulp van hittebestendige pottenmet bajonet- of schroefdeksels van dezelf‐de grootte. Gebruik de eerste rekstand. DrogenOm in plakjes gesneden fruit, groenten enchampignons te drogen. Om de met vochtverzadigde lucht te laten ontsnappen enhet fruit beter te laten drogen, is het raad‐zaam om de ovendeur tijdens het droog‐proces af en toe te openen. Borden WarmenOm borden voor het serveren op te war‐men. OntdooienOm voedsel te ontdooien (groenten enfruit).
Hetis ideaal om delicate gerechten te berei‐den (bijv. rundvlees, kalfsvlees of lams‐vlees). Warm houdenOm voedsel warm te houden. Houd er re‐kening mee dat sommige gerechten kun‐nen blijven koken en drogen terwijl zewarm worden gehouden. Bedek de scha‐len indien nodig. Warmelucht (vochtig)Deze functie is ontworpen om tijdens debereiding energie te besparen. Bij het ge‐bruik van deze functie kan de temperatuurin het apparaat verschillen van de ingestel‐de temperatuur. De restwarmte wordt ge‐bruikt. Het verwarmingsvermogen kanworden verminderd. Raadpleeg voor meerinformatie het hoofdstuk "Dagelijks ge‐bruik", opmerkingen op: Warmelucht(vochtig). NEDERLANDS 11.
6. 2 Notities over: Warmelucht(vochtig)Deze functie wordt gebruikt om te voldoenaan de energie-efficiëntieklasse enecodesign-vereisten (volgens EU 65/2014 enEU 66/2014). Testen in overeenstemmingmet: IEC/EN 60350-1. De ovendeur dient tijdens de bereidinggesloten te zijn zodat de functie niet wordtonderbroken en de oven werkt op de hoogstmogelijke energie-efficiëntie. Bij gebruik van deze functie gaat deverlichting na 30 seconden automatisch uit. Zie voor bereidingsinstructies het hoofdstuk'Aanwijzingen en tips', Warmelucht (vochtig). Kijk voor algemene aanbevelingen voorenergiebesparing in het hoofdstuk 'Energie-efficiëntie', Energiebesparingstips. 6. 3 Instellen: Verwarmingsfuncties1. Het apparaat inschakelen. Op het displayverschijnt de standaardverwarmingsfunctie en de temperatuur. 2. Druk op het symbool van deverwarmingsfunctie om het submenute openen. 3.
Selecteer de verwarmingsfunctie en drukop. 4. Stel de temperatuur in. Druk op. 5. Druk op. Voedselsensor - u kunt de sensor op elkgewenst moment voor of tijdens het kokenaansluiten. Raadpleeg het hoofdstuk "Deaccessoires gebruiken, voedselsensor". 6. - druk hierop om deverwarmingsfunctie uit te schakelen. 7. Schakel het apparaat uit. 6. 4 MenuDruk op om het menu te openen. Menu-item ToepassingKook- En Bakassistent Toont overzicht van deautomatische program‐ma's. Menu-item ToepassingReinigen Toont overzicht van deschoonmaakprogram‐ma's. Favorieten Geeft een overzicht vande favoriete instellingen. Opties Om de apparaatconfigu‐ratie in te stellen. Instellingen Aansluitin‐genOm de netwerkconfigu‐ratie in te stellen. Instelling Om de apparaatconfigu‐ratie in te stellen. Service Toont de softwareversieen -configuratie. Submenu voor: ReinigenSubmenu ToepassingPyrolytischereiniging,kortDuur: 1 h.
Kinderslot Voorkomt dat het apparaat per onge‐luk wordt geactiveerd. Snel Opwar‐menVerkort de opwarmtijd. Het is alleenbeschikbaar voor een aantal verwar‐mingsfuncties. Reinigings‐herinneringSchakelt de herinnering in en uit. Tijdisindica‐tieSchakelt de klok in en uit. Digitale klok‐stijlWijzigt de indeling van de weergege‐ven tijdsaanduiding. 12 NEDERLANDS.
Submenu voor: AansluitingenSubmenu BeschrijvingWi-Fi Om in en uit te schakelen: Wi-Fi.Bediening opafstandOm de bediening op afstand in en uitte schakelen.Optie alleen zichtbaar nadat u het vol‐gende inschakelt: Wi-Fi.Automati‐sche bedie‐ning op af‐standOm de bediening op afstand automa‐tisch te starten nadat BEGIN werd in‐gedrukt.Optie alleen zichtbaar nadat u het vol‐gende inschakelt: Wi-Fi.Netwerk Om de netwerkstatus en het signaal‐vermogen van het volgende te contro‐leren: Wi-Fi.Vergeet Net‐werkOm uit te schakelen dat het huidigenetwerk automatische verbindingmaakt met het apparaat.Submenu voor: InstellingSubmenu BeschrijvingTaal Stelt de taal van het apparaat in.HelderheidDisplayStelt de helderheid van de display in.Toetstonen Schakelt het geluid van de aanraak‐velden in en uit.
Het is niet mogelijkom de toon te dempen voor .Geluidsvolu‐meStelt het volume van de belangrijkstegeluiden en signalen in.Dagtijd Stelt de huidige tijd en datum in.Submenu voor: ServiceSubmenu BeschrijvingDemofunctie Activerings-/deactiveringscode: 2468Softwarever‐sieInformatie over softwareversie.Terug naarfabrieksin‐stellingenHerstelt fabrieksinstellingen.6.5 Instelling: Kook- EnBakassistentHet submenu Kook- En Bakassistent bestaatuit een reeks extra functies en programma'sdie zijn ontworpen voor speciale gerechten.Elk gerecht in dit submenu is voorzien vaneen geschikte instelling. Je kunt de tijd en detemperatuur tijdens het koken aanpassen.Voor sommige gerechten kunt u ook kokenmet Voedselsensor. Tot hoeverre eengerecht wordt gekookt:• Rauw• Medium• GaarVoor sommige gerechten kunt u ook kokenmet Per gewicht .1. Het apparaat inschakelen.2. Druk op .3. Druk op . Kook- En Bakassistent.4.
Kies een gerecht of een voedseltype.5. Plaats het voedsel in het apparaat endruk op .Als de functie is afgelopen, controleert u ofhet voedsel klaar is. Verleng de bereidingstijdindien nodig.NEDERLANDS 13
7. EXTRA FUNCTIES7. 1 Favorieten U kunt tot 3 van uw favoriete instellingenopslaan, zoals de verwarmingsfunctie en debereidingstijd. 1. Het apparaat inschakelen. 2. Selecteer de gewenste instelling. 3. Druk op. 4. Selecteer: Favorieten / Huidigeinstellingen opslaan. 5. Druk op + om de instelling toe te voegenaan de lijst met: Favorieten. 6. Druk op. - druk hierop om de instelling te resetten. - druk hierop om de instelling teannuleren. 7. 2 ToetsenblokkeringDeze functie voorkomt dat de functie van hetapparaat per ongeluk wordt gewijzigd. 1. Het apparaat inschakelen. 2. Stel een verwarmingsfunctie in. 3. , - druk hier tegelijkertijd op om defunctie in te schakelen. , - druk hier tegelijkertijd op om defunctie in te schakelen. 7. 3 KinderslotDeze functie voorkomt dat het apparaat perongeluk wordt geactiveerd. 1. Het apparaat inschakelen. 2. Druk op. 3. Selecteer Opties / Kinderslot. 4.
Druk op de codeletters in alfabetischevolgorde. Kinderslot is geactiveerd. Wanneer deze functie is geactiveerd, krijgt utoegang tot: Timer , Wi-Fi en lamp isbeschikbaar. Druk op de codeletters in alfabetischevolgorde om het apparaat in te kunnenschakelen. De deur wordt vergrendeld als deze functiewordt geactiveerd en het apparaat wordtuitgeschakeld. 7. 4 Automatische uitschakelingAls de verwarmingsfunctie actief is en ergeen instellingen worden gewijzigd, wordt hetapparaat om veiligheidsredenen na eenbepaalde periode automatisch uitgeschakeld. (°C) (u)30 - 115 12. 5120 - 195 8. 5200 - 245 5. 5250 - maximaal 3Als je van plan bent een verwarmingsfunctiete gebruiken voor een duur die langer is dande automatische uitschakeltijd, stel dan dekooktijd in. Zie het hoofdstuk 'Klokfuncties'. De automatische uitschakeling werkt niet metde functies: Binnenverlichting,Voedselsensor, Eindtijd. 7.
8. KLOKFUNCTIES8. 1 Omschrijving klokfunctiesFunctie OmschrijvingTimer De duur van het koken instellen. Maxi‐mum is 23 u 59 min. U kunt instellen wat er gebeurt als detijd om is door de voorkeur in te stellen:Actie beëindigen. Actie beëin‐digenGeluidsalarm - wanneer de tijd om is,klinkt er een signaal. U kunt deze func‐tie op elk gewenst moment instellen,ook als de oven uitstaat. Geluidsalarm en stop met koken - alsde tijd is verstreken, klinkt er een ge‐luidssignaal en wordt de verwarmings‐functie uitgeschakeld. Alleen pop-up bericht - wanneer de tijdis verstreken, verschijnt het bericht ophet display. U kunt deze functie op elkgewenst moment instellen, ook als deoven uitstaat. UitgesteldestartOm het begin en/of het einde van hetkoken uit te stellen. Tijd verlen‐gingOm de bereidingstijd te verlengen. Uptimer Om aan te geven hoe lang het apparaatin werking is. Maximum is 23 u 59 min.
U kunt de functie in- en uitschakelen:Deze functie heeft geen invloed op dewerking van het apparaat. 8. 2 Instelling: Dagtijd1. Het apparaat inschakelen. 2. Druk op: Dagtijd. 3. Stel de tijd in. 4. Druk op. 8. 3 Instelling: Timer1. Kies de verwarmingsfunctie en stel detemperatuur in. 2. Druk op. 3. Stel de tijd in. U kunt de gewenste actie Einde selecterendoor op te drukken. 4. Druk op. Herhaal de actie totdat hethoofdscherm op het display verschijnt. Wanneer 10% van de bereidingstijd overblijften het voedsel niet klaar lijkt te zijn, kun je debereidingstijd verlengen. Je kunt ook deverwarmingsfunctie wijzigen. Druk op +1minom de bereidingstijd te verlengen. 8. 4 Instelling: Uitgestelde start1. Stel de verwarmingsfunctie en detemperatuur in. 2. Druk op. 3. Stel de bereidingstijd in. 4. Druk op. 5. Druk op: Uitgestelde start. 6. Kies de gewenste starttijd. 7. Druk op.
9. DE ACCESSOIRES GEBRUIKENWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.9.1 Accessoires plaatsenEen kleine inkeping bovenaan verhoogt deveiligheid. De inkepingen zijn ook anti-kantelmechanismen. De hoge rand rond hetrooster voorkomt dat het kookgerei van hetrooster afglijdt.BakroosterPlaats het rooster tussen de geleidestangenvan de roostersteun. Zorg ervoor dat hetrooster de achterkant van de binnenkant vande oven raakt. Plaats het rooster met dehandgreep naar u toe.Bakplaat / Diepe schaalSchuif de plaat tussen de geleidestangen vande inschuifrail. Plaats de bakplaat met dehelling naar de achterkant van de binnenkantvan de oven.9.2 VoedselsensorHet meet de temperatuur binnenin hetvoedsel. Je kunt het bij elkeverwarmingsfunctie gebruiken.Er moeten twee temperaturen wordeningesteld:• - de temperatuur in het apparaat.
Hetmoet ten minste 25 °C hoger zijn dan dekerntemperatuur van het voedsel.• - de kerntemperatuur van het voedsel.Voor de beste kookresultaten:• Ingrediënten moeten opkamertemperatuur zijn.• Niet gebruiken voor vloeibare gerechten.• Tijdens het koken moet de naald van devoedselsensor volledig in het gerechtworden gestoken.Het apparaat berekent een geschattebereidingseindtijd. Dit hangt af van devoedselkwaliteit, de verwarmingsfunctie ende temperatuur.Koken met: VoedselsensorWAARSCHUWING!Er bestaat een risico op brandwonden alsde voedselsensor en de inschuifrails heetworden. Raak de handgreep van devoedselsensor niet met blote handenaan. Gebruik altijd ovenhandschoenen.1. Het apparaat inschakelen.2. Selecteer de verwarmfunctie en, indiennodig, de oventemperatuur.3.
StoofschotelPlaats de punt van de voedselsensorprecies in het midden van deovenschotel. De voedselsensor moettijdens het bakken op één plaats wordengestabiliseerd. Gebruik een solideingrediënt om dit voor elkaar te krijgen. Gebruik de rand van de bakplaat om hetsiliconen handvat van de voedselsensorte ondersteunen. De punt van devoedselsensor mag de bodem van debakplaat niet raken. 4. Steek de voedselsensor in hetstopcontact in het apparaat. Zie hethoofdstuk 'Beschrijving van het product'. Het display toont de huidige temperatuur vande voedselsensor. 5. - druk om de kerntemperatuur van desensor in te stellen. 6. - druk om de voorkeursoptie in testellen:• Geluidsalarm - wanneer het voedselde kerntemperatuur bereikt, klinkt hetsignaal. • Geluidsalarm en stop met koken -wanneer het voedsel dekerntemperatuur bereikt, klinkt hetsignaal en stopt de oven. 7.
Selecteer de optie en druk herhaaldelijkop om naar het hoofdscherm te gaan. 8. Druk op. 9. Als het voedsel de ingesteldetemperatuur bereikt, klinkt er eengeluidssignaal. Controleer of het voedselklaar is. Verleng de bereidingstijd indiennodig. 10. Haal de stekker van de voedselsensor uithet stopcontact en haal het gerecht uithet apparaat. 10. AANWIJZINGEN EN TIPS10. 1 KookadviezenDe temperatuur en kooktijden in de tabellenzijn slechts als richtlijn bedoeld. Ze zijnafhankelijk van het recept, de kwaliteit en dekwantiteit van de gebruikte ingrediënten. Je apparaat kan anders bakken of roosterendan het apparaat dat je tot nu toe gebruikthebt. De onderstaande hints tonenaanbevolen instellingen voor temperatuur,kooktijd en rekstand voor specifieke soortenvoedsel. Tel de rekniveaus vanaf de bodem van deoven.
Als u voor een speciaal recept de instellingniet kunt vinden, zoek dan naar eensoortgelijk recept. Zie het hoofdstuk "Energie-efficiëntie" voorenergiebesparingstips. Voor meer kookaanbevelingen kunt u dekooktabellen beschikbaar op onze websiteraadplegen.
Kleine cakes, 20 stuks perbakplaat 1)HeteluchtBakplaat 2)2150 22 - 32Universele pan 4Zachte cake zonder vet 1)Boven + onderwarmte Bakrooster 1 180 25 - 35Zachte cake zonder vet 3)Hetelucht Bakrooster 2 180 28 - 38Zachte cake zonder vet 1)HeteluchtBakplaat 4)1170 28 - 38Bakrooster 3Appeltaart 5)Boven + onderwarmte Bakrooster 3 170 70 - 90Appeltaart 5)Hetelucht Bakrooster 3 160 70 - 90Toast 1) 6)Grillen Bakrooster 4 300 2 - 41) Verwarm het apparaat voor totdat de ingestelde temperatuur wordt bereikt. Gebruik geen functies: Snel Opwar‐men.2) Plaats de bakplaat met de helling naar de deur.3) Verwarm het apparaat voor totdat de ingestelde temperatuur wordt bereikt. Gebruik de functie: Snel Opwarmen.4) Plaats de bakplaat met de helling naar de deur. Cakes worden in lijn boven elkaar geplaatst.5) 2 blikken diagonaal geplaatst.
Hamlap, 1 kg CirculatiegrillBakrooster 7)2 170 110 - 1301) Verwarm het apparaat voor totdat de ingestelde temperatuur wordt bereikt. Gebruik geen functies: Snel Opwar‐men. 2) Gebruik bakpapier. 3) Plaats de bakplaat met de helling naar de deur. 4) Verwarm het lege apparaat 10 min voor. Gebruik geen functies: Snel Opwarmen. 5) Draai het vlees halverwege de bereidingstijd om. 6) Gebruik de bakplaat om druppelende vloeistoffen op te vangen en plaats deze op de eerste rekpositie met dehelling naar de ventilatorafdekking. 7) Plaats het voedsel in de glazen schaal en voeg 200 ml water toe. 11. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 11. 1 Opmerkingen over de reinigingReinigingsmiddelen• Reinig de voorkant van het apparaatuitsluitend met een microvezeldoek metwarm water en een mild reinigingsmiddel.
• Gebruik een reinigingsoplossing ommetalen oppervlakken te reinigen. • Reinig vlekken met een mildreinigingsmiddel. Dagelijks gebruik• Reinig na elk gebruik de binnenkant vanhet apparaat. Vetophoping of andereresten kunnen brand veroorzaken. • Bewaar voedsel niet langer dan 20minuten in het apparaat. Droog debinnenkant van het apparaat na elkgebruik alleen met een microvezeldoek. Accessoires• Reinig alle accessoires na elk gebruik enlaat ze drogen. Gebruik alleen een zachtedoek met warm water en een mildreinigingsmiddel. De accessoires niet inde afwasmachine reinigen. • Reinig de antiaanbakaccessoires niet metagressieve reinigingsmiddelen of scherpevoorwerpen. 11. 2 Verwijderbare inschuifrailsVerwijder de inschuifrails om het apparaat tereinigen. 1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 2. Trek de inschuifrail bij de voorkant uit dezijwand. 3.
LET OP. Als er andere apparaten in dezelfde kastzijn geïnstalleerd, gebruik deze dan niettijdens deze functie. Dit kan de ovenbeschadigen. Start de functie niet als je de ovendeur nietvolledig hebt gesloten. 1. Zorg ervoor dat het apparaat koud is. 2. Verwijder alle accessoires enverwijderbare inschuifrails. 3. Reinig de binnenzijde van de oven en deglazen deur aan de binnenkant met warmwater, een zachte doek en een mildreinigingsmiddel. 4. Het apparaat inschakelen. 5. Druk op / Reinigen. 6. Selecteer de reinigingsmodus. Optie DuurPyrolytische reiniging, kort 1 hPyrolytische reiniging, nor‐maal1 h 30 minPyrolytische reiniging, in‐tensief3 hAls het reinigen begint, wordt de deur van deoven vergrendeld en is de lamp uit. Dekoelventilator werkt op een hogere snelheid. - druk hierop om het reinigen testoppen voordat het is voltooid.
Gebruik het apparaat niet totdat hetdeurvergrendelingssymbool van het displayverdwijnt. 7. Wanner de reiniging is voltooid, zet u hetapparaat uit en wacht tot het koud is omhet schoon te maken. 8. Maak de binnenkant van de oven schoonmet een zachte doek. Verwijder hetresidu van de bodem van de oven. 11. 4 ReinigingsherinneringWanneer de herinnering verschijnt, isreiniging aanbevolen. Gebruik de functie: Pyrolytische reiniging. Re11. 5 Verwijderen en installeren vande deurU kunt de deur en de binnenste glasplatenverwijderen om ze te reinigen. U Het aantalglasplaten verschilt per model. WAARSCHUWING. De deur is zwaar. LET OP. Behandel het glas voorzichtig, vooralrond de randen van het voorpaneel. Hetglas kan breken. 1. Zorg ervoor dat het apparaat koud is2. Open de deur volledig. 3. Druk op de klemhendels op de tweedeurscharnieren. AA4.
Sluit de ovendeur in de eersteopeningsstand (in een hoek vanongeveer: 70°). 5. Pak de deur aan de zijkanten met beidehanden vast en trek deze onder eenopwaartse hoek weg van de oven. 6. Plaats de ovendeur met de buitenkantomlaag op een zachte doek op eenstabiele ondergrond. 7.
9. Houd de glasplaten aan hun bovenkantvast en trek deze een voor een omhooguit de geleider.10. Reinig de glasplaat met een sopje. Droogde glasplaat voorzichtig af. Reinig deglasplaten niet in de vaatwasser.Voer na het reinigen de bovenstaandestappen in de omgekeerde volgorde uit.Plaats de kleinste glasplaat eerst, daarna degrotere glasplaat en de deur.11.6 Het lampje vervangenWAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schokken.Het lampje kan heet zijn.1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld.2. Haal de stekker uit het stopcontact.3. Leg de doek op de vloer van de oven.Bovenlamp1. Draai het glazen deksel om die teverwijderen.2. Reinig de glasafdekking.3. Vervang de lamp door een geschikte 300°C hittebestendige lamp.4. Installeer het glazen deksel.Zijlamp1. Verwijder de linker drager van het rek omtoegang te krijgen tot de lamp.2.
Gebruik een smal, stomp voorwerp (bijv.een theelepel) om het glazen deksel teverwijderen. 3. Reinig de glasafdekking.4. Vervang de lamp door een geschikte 300°C hittebestendige lamp.5. Installeer het glazen deksel6. Installeer de linker drager van het rek.12. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.22 NEDERLANDS
12. 1 Wat te doen als. Probleembeschrijving Pauzeren en hervattenJe kunt het apparaat niet inscha‐kelen of gebruiken. Het apparaat is niet aangesloten op een stopcontact of niet goed geïnstal‐leerd. Het apparaat warmt niet op. De klok is niet ingesteld. Raadpleeg het hoofdstuk "Klokfuncties" om de klok in te stellen. De deur is niet goed gesloten. De zekering is doorgeslagen. Ga na of de zekering de oorzaak van het probleem is. Als het probleem zichopnieuw voordoet, neem dan contact op met een gekwalificeerde elektricien. Kinderslot is ingeschakeld. De lamp is uit. De lamp is opgebrand. Vervang de lamp. Zie voor details het hoofdstuk ‘Onderhoud en reiniging’. Een stroomonderbreking zal de reiniging altijd stoppen. Herhaal de reiniging als deze wordt onderbrokendoor stroomuitval. Problemen met draadloos net‐werksignaal.
Controleer of je mobiele apparaat is verbonden met het draadloze netwerk. Controleer uw draadloze netwerk en router. Herstart de router. Er is een nieuwe router geïnstal‐leerd of de routerconfiguratie isgewijzigd. Raadpleeg het hoofdstuk 'Voor het eerste gebruik', Draadloze verbinding,om de oven en het mobiele apparaat opnieuw te configureren. Het draadloze netwerksignaal iszwak. Verplaats de router zo dicht mogelijk bij het apparaat. Het draadloze signaal wordt ver‐stoord door een andere magnetrondie in de buurt van het apparaat isgeplaatst. Schakel de magnetron uit. Vermijd het gelijktijdige gebruik van de magnetron en de bediening op af‐stand van het apparaat. Magnetrons storen WiFi-signaal. 12. 2 FoutcodesWanneer de softwarefout optreedt, geeft het display een foutmelding weer. U vindt de lijst metproblemen in de onderstaande tabel.
F111 - Voedselsensor is niet correct in het stopcontactgeplaatst. Steek de Voedselsensor in het stopcontact. F240, F439 - de aanraakvelden op het display werkenniet goed. Reinig het oppervlak van het display. Zorg ervoor dat ergeen vuil op de aanraakvelden zit. F601 - er is een probleem met het Wi-Fi-signaal. Controleer uw netwerkverbinding. Raadpleeg het hoofd‐stuk 'Voor het eerste gebruik', Draadloze verbinding. NEDERLANDS 23.
Code en omschrijving OplossingF604 - de eerste verbinding met Wi-Fi is mislukt. Schakel het apparaat uit en weer in en probeer het op‐nieuw. Raadpleeg het hoofdstuk 'Voor het eerste ge‐bruik', Draadloze verbinding.F908 - het apparaatsysteem kan geen verbinding ma‐ken met het bedieningspaneel.Schakel het apparaat uit en weer in.F602, F603 - Wi-Fi is niet beschikbaar. 1)Schakel het apparaat uit en weer in.1) Wanneer een van deze foutmeldingen op het display blijft verschijnen, betekent dit dat een defect subsysteemmogelijk is uitgeschakeld. Neem in dat geval contact op met uw dealer of een erkend servicecentrum.
Als een vandeze fouten optreedt zullen de overige functies van het apparaat normaal blijven werken.12.3 Service-informatieAls je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling.De contactgegevens van de servicedienststaan op het typeplaatje. Het typeplaatjebevindt zich op het voorframe van hetapparaat. Het is zichtbaar wanneer u de deuropent. Verwijder het typeplaatje niet uit hetapparaat.Wij raden je aan om de gegevens hier tenoteren:Model (MOD.) : Productnummer (PNC): Serienummer (S.N.): 13.
IEC/EN 60350-1 - Huishoudelijke elektrische kooktoestellen - Deel 1: Fornuizen, ovens, stoomovens en grills -Methoden voor het meten van prestaties. 13. 2 Energiebesparende tipsDe onderstaande tips helpen u energie tebesparen bij het gebruik van uw apparaat. Zorg ervoor dat de deur van het apparaatgesloten is als het apparaat in werking is. Open de deur van het apparaat niet te vaaktijdens het koken. Houd het deurrubberschoon en zorg ervoor dat het goed op zijnplaats vastzit. Gebruik metalen kookgerei en donkere, niet-reflecterende blikken en containers omenergie te besparenVerwarm het apparaat niet voor voordat ugaat koken, tenzij specifiek aanbevolen. Houd onderbrekingen tussen het bakken zokort mogelijk als je een aantal gerechtentegelijkertijd bereidt. Koken met hete luchtGebruik indien mogelijk de bereidingsfunctiesmet hete lucht om energie te besparen.
RestwarmteWanneer de kookduur langer is dan 30minuten, verlaag dan de oventemperatuur totminimaal 3-10 minuten voor het einde van hetkoken. De restwarmte binnen in het apparaatzal blijven koken. Gebruik de restwarmte om het voedsel warmte houden of andere gerechten op te warmen. Wanneer je de oven uitschakelt, geeft hetdisplay de restwarmte aan. Als een programma met Duur wordtgeactiveerd en de bereidingstijd langer is dan30 minuten, worden deverwarmingselementen bij sommige functiesvan het apparaat automatisch eerderuitgeschakeld. Eten warm houdenKies de laagst mogelijketemperatuurinstelling om de restwarmte tegebruiken en het voedsel warm te houden. Het indicatielampje van de restwarmte oftemperatuur verschijnt op het display. Koken met de verlichting uitgeschakeldSchakel de verlichting tijdens het koken uit. Doe het aan als je het nodig hebt.
Stand-bymodusNa 2 min. schakelt het display over naar destand-bymodus. 14. MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool. Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente. NEDERLANDS 25.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG TE7PB63ZAB stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven AEG
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven
