AEG 6270 VI Favorit Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG 6270 VI Favorit (44 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 98 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over AEG 6270 VI Favorit of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Vaatwasser |
| Model: | 6270 VI Favorit |
Handleiding AEG 6270 VI Favorit – volledige tekst
2Geachte klant, Lees deze informatie zorgvuldig door. Lees vooral de aanwijzingen m.b.t. de veiligheid op de eerste pagina’svan dit boekje! Bewaar het boekje goed, zodat u nog eens iets kunt nalezen en geef het door aan een eventuele volgende eige-naar van het toestel. 1 Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waar-schuwing!, Voorzichtig!, Attentie!) geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het functioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen. 0 Dit symbool of genummerde aanwijzingen voeren u stap voor stap door de bediening van het toestel. 3 Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en praktisch gebruik van het toestel. 2 Het klaverblad staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en milieuvriendelijk gebruik van het toestel.
Mocht er een storing optreden, dan vindt u onder "Wat is er aan de hand, als..." aanwijzingen om kleine storingen zelf op te heffen. Mochten deze aanwijzingen niet voldoende zijn, neem dan contact op met de AEG fabrieksservice. Bij technische problemen kunt u altijd contact opnemen met de AEG fabrieksservice, zie hoofdstuk "Adres Klantenservice". Zie ook hoofdstuk "Klantenservice" op de achterzijde van ditboekje. 3 Uw afwasautomaat heeft het nieuwe spoelsysteem "IMPULSSPOELEN". Om een beter reinigingsresultaat te bereiken, worden bij dit spoel-systeem tijdens een programma het motortoerental en de sproeidruk gevarieerd. Daarom varieert ook het geluidsniveau van het lopende programma. Gedrukt op milieuvriendelijk geproduceerd papier.Wie milieubewust denkt, handelt ook zo ...
Inhoud3INHOUDGebruiksaanwijzing. 5Aanwijzingen m. b. t. de veiligheid. 5Afvalverwerking. 7Economisch en milieubewust afwassen. 7Frontanzicht apparaat, bedienings- en indicatieveld. 8Bedienings- en indicatieveld. 9Vóór het in gebruik nemen. 9Waterontharder instellen. 10Speciaal zout voor de waterontharder doseren. 11Glansmiddel doseren. 12Glansmiddeldosering instellen. 13In het dagelijks gebruik. 14Bestek en servies in de machine zetten. 14Bestek rangschikken. 15Pannen, schalen en grote borden in de machine zetten. 16Kopjes, schoteltjes en glaswerk in de machine zetten. 17Bovenste korf in hoogte verstellen. 18Reinigingsmiddel doseren. 19BIO-programma’s en compacte reinigingsmiddelen. 20Programma kiezen (programmatabel). 21Afwasprogramma starten. 22Programma wissen. 22Programma onderbreken (alleen in noodgevallen). 23Starttijd instellen of wijzigen. 23Beladingsherkenning – sensorlogic.
24Afwasautomaat uitschakelen. 24Machine leeghalen. 24Onderhoud en reiniging. 25Schoonmaken van de zeven. 25Wat is er aan de hand, als. 26. waarschuwingssignalen aangeven dat er een storing is. 27. er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat. 28. het afwasresultaat niet bevredigend is. 28.
Gebruiksaanwijzing5GEBRUIKSAANWIJZING 1 Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid De veiligheid van elektrische toestellen van AEG voldoet aan de Euro-pese en Nederlandse normen. Toch zien wij ons als fabrikant genood-zaakt, u en uw eventuele medegebruikers op het volgende te wijzen: Opstelling, aansluiting, in gebruik nemen •De afwasautomaat mag alleen rechtop vervoerd worden. •Controleer de afwasautomaat op transportschade. Een beschadigd toestel in geen geval aansluiten. Wend u in geval van schade tot de leverancier. •Controleer vóór het in gebruik nemen of de op het typeplaatje aan-gegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspan-ning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering. •Hoe de afwasautomaat moet worden opgesteld en aangesloten, leest u in het hoofdstuk "Installatie".
Meerwegstekkers, koppelingen en verlengsnoeren mogen niet gebruikt worden. Brandgevaar door over-verhitting.Veiligheid van kinderen •Kinderen zien de gevaren niet die ontstaan door ondeskundige omgang met elektrische toestellen. Zorg daarom voor het nodige toe-zicht en laat kinderen niet met de machine spelen – ze zouden zich-zelf of andere kinderen in de machine kunnen opsluiten (verstikkingsgevaar!). •Houd de verpakking uit de buurt van kinderen; vooral folie en styro-por kunnen gevaren opleveren. Verstikkingsgevaar! •Reinigingsmiddelen kunnen verwondingen aan ogen, mond en keel-holte veroorzaken en zelfs tot verstikking leiden! Let op de aanwijzin-gen op de verpakking van reinigingsmiddelen. •Het water in de afwasautomaat is geen drinkwater. Als zich nog res-ten van reinigingsmiddel in de machine bevinden, bestaat verwon-dingsgevaar!
Gebruiksaanwijzing6Algemene veiligheid •Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico’s voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot de afdeling AEG fabrieksservice. Alleen originele AEG-onderdelen voldoen aan alle eisen. •De afwasautomaat nooit in gebruik nemen, als aansluitsnoer of toe- of afvoerslang beschadigd zijn of als bedieningspaneel, bovenblad of sokkel zo beschadigd zijn, dat de binnenkant van het toestel toegan-kelijk is. •Bij beschadiging van het aansluitsnoer van de machine moet dit door de AEG fabrieksservice vervangen worden. •Stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker. •Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het toestel zijn uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.
•Let erop dat de machinedeur, behalve bij vullen en leeghalen, altijd dicht is. Zo voorkomt u dat iemand over de open deur struikelt en zich bezeert. •Scherpe messen en ander scherp bestek in de bovenste korf leggen of met de scherpe kant naar beneden in de bestekkorf zetten. Gebruik volgens de voorschriften •Gebruik de afwasautomaat alleen om huishoudservies af te wassen. Als de machine voor verkeerde doeleinden wordt gebruikt of foutief wordt bediend, wordt eventuele schade niet door de garantiebepalin-gen gedekt. •Controleer vóór het gebruik van speciaal zout, reinigingsmiddel en glansmiddel, of volgens de fabrikant van deze producten gebruik ervan in huishoud-afwasautomaten toegestaan is. •Geen oplosmiddelen in de afwasautomaat doen. Explosiegevaar. •De beveiliging tegen wateroverlast is een betrouwbaar systeem.
Aan de volgende voorwaarden moet echter voldaan worden: –Ook als het toestel uitgeschakeld is moet het aan het net aangeslo-ten zijn. –De afwasautomaat moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn. –Waterkraan altijd dichtdraaien als de afwasautomaat langere tijd niet gebruikt wordt, bijv.
Gebruiksaanwijzing7•In geval van storing eerst de waterkraan dichtdraaien, dan de machine uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. Bij vaste aansluiting: zekering in de huisinstallatie uitschakelen. 2 Afvalverwerking VerpakkingsmateriaalAlle gebruikte verpakkingsmaterialen van de afwasautomaat zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen hergebruikt worden. •De kunststof delen zijn voorzien van een internationaal gebruikte codering: –>PEPSPOM
Gebruiksaanwijzing9Bedienings- en indicatieveld Het bedieningsveld bestaat uit de aan/uit-schakelaar 9 en de pro-grammatoetsen met LED-indicaties. Onthardertoets: met deze toets kan behalve het betreffende pro-gramma ook, in combinatie met de aan/uit-schakelaar 9, de water-ontharder van de machine worden ingesteld. Controle-indicaties Vóór het in gebruik nemen Voordat u de afwasautomaat in gebruik neemt, moeten alle klemmen waarmee de korven voor het transport zijn vastgezet verwijderd wor-den.Daarna gaat u als volgt te werk: 1. Waterontharder instellen 2. Speciaal zout voor de waterontharder doseren 3.
Gebruiksaanwijzing10Waterontharder instellen Om kalkafzetting op het servies en in de afwasautomaat te vermijden, moet het servies met zacht, d.w.z. kalkarm water worden afgewassen. Daarom heeft de afwasautomaat een waterontharder, waarin leiding-water vanaf een hardheid van 4°d met behulp van speciaal zout ont-hard wordt. 3 Informatie over de waterhardheid in uw woonplaats kunt u opvragen bij het waterleidingbedrijf. 0 Waterontharder volgens de tabel instellen op de stand, die overeen-komt met de waterhardheid in uw woonplaats. De waterontharder kan op 10 standen worden ingesteld. 0 1. Onthardertoets ingedrukt houden en aan/uit-schakelaar 9 indrukken. –Signaalindicatie van de onthardertoets begint te knipperen. –Het aantal lichtsignalen komt overeen met de ingestelde hardheids-stand.
Gebruiksaanwijzing113. Als de hardheidsstand correct is ingesteld, aan/uit-schakelaar 9 indrukken. De hardheidsstand is dan opgeslagen. Speciaal zout voor de waterontharder doseren 1 Gebruik alleen speciaal zout voor afwasautomaten. Doseer nooit andere zoutsoorten (bijv. kookzout) of reinigingsmiddel in het zoutreservoir. Dat zou de waterontharder onbruikbaar maken. Controleer voordat u zout gaat doseren of u ook werkelijk het pak spe-ciaal zout in de hand hebt. Doseer speciaal zout: –Voordat u de machine in gebruik neemt. –Als op het bedieningspaneel de controle-indicatie zout J brandt. 3 Als de waterhardheid in uw woonplaats onder 4°d ligt, hoeft u geen speciaal zout te doseren. 0 1. Deur openen, onderste korf uit de machine nemen. 2. Dop van het zoutreservoir linksom losdraaien. 3. Alleen de eerste keer dat u de machine in gebruik neemt:zoutreservoir met water vullen. 4.
Meegeleverde trechter op de opening van het zoutreservoir zetten.Speciaal zout via de trechter in het zoutreservoir gieten. Inhoud afhan-kelijk van de korrelgrootte 1,0-1,5 kg. Doe niet te veel speciaal zout in het reservoir. 3 Het bij het vullen verplaatste water loopt uit het zoutreservoir naar de bodem van de kuip. Dit kan geen kwaad, omdat het water bij de start van het volgende programma weggepompt wordt. 5. Zoutresten van de opening van het zoutreservoir wegvegen. 6. Dop rechtsom zo ver mogelijk vastdraaien, omdat er anders zout in het spoelwater terechtkomt. Glaswerk kan daardoor dof worden. 7. Als u niet direct na het doseren van zout gaat afwassen, moet u het programma voorspoelen A uitvoeren. Daardoor worden overgelopen zout water en zoutkorreltjes weggespoeld.SALESALTSALZSEL
Gebruiksaanwijzing123 Afhankelijk van de korrelgrootte van het zout kan het enkele uren duren, voordat het zout in het water is opgelost en de controle-indica-tie zout J weer uitgaat. De instelling van de waterontharder en daar-mee het zoutverbruik zijn afhankelijk van de plaatselijke waterhardheid. Glansmiddel doseren Dankzij het glansmiddel krijgt u glanzend servies zonder vlekken en heldere glazen. 1 Gebruik alleen speciaal glansmiddel voor huishoud-afwasmachines. Nooit andere middelen (bijv. azijnessence) of reinigingsmiddel in het glansmiddelreservoir doseren. Dat kan de machine beschadigen. Glansmiddel doseren: –Voordat u de machine in gebruik neemt. –Als op het bedieningspaneel de controle-indicatie glansmiddel K gaat branden. Het reservoir voor glansmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de machinedeur. 0 1. Deur openen. 2.
Gebruiksaanwijzing133. Glansmiddel doseren; niet verder dan de stippellijn, dat komt overeen met ca. 150 ml. 4. Dop weer opzetten en rechtsom vast-draaien. 5. Eventueel gemorst glansmiddel met een doekje wegvegen. Anders wordt tijdens het afwassen te veel schuim gevormd. Glansmiddeldosering instellen 3 Bij het afwassen wordt uit het voorraadreservoir glansmiddel gedo-seerd. De dosering kunt u van 1 tot 6 instellen, dat komt overeen met1-6 cm3 glansmiddel. In de fabriek is de dosering op "4" ingesteld. Dosering alleen veranderen als op glazen en servies vegen, melkachtige vlekken of opgedroogde waterdruppels te zien zijn. (zie onder "Wat is er aan de hand, als..."). 0 1. Dop van het voorraadreservoir een kwart slag linksom draaien en losne-men. 2. Dosering m.b.v. de steel van een lepeltje instellen. 3. Dop weer opzetten en rechtsom vast-draaien. 4.
Gebruiksaanwijzing14In het dagelijks gebruik •Moet speciaal zout of glansmiddel worden bijgevuld? •Bestek en servies in de machine zetten •Reinigingsmiddel doseren •Geschikt programma kiezen •Afwasprogramma starten Bestek en servies in de machine zetten 1 Sponzen, vaatdoekjes en alle voorwerpen die zich met water kunnen volzuigen, mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden. •Voordat u het servies in de machine zet, moet u: –grove etensresten verwijderen. –pannen met ingebrande etensresten weken. •Let bij het in de machine zetten van servies en bestek op het vol-gende: –servies en bestek mogen de sproeiarmen niet blokkeren. –hol serviesgoed zoals kopjes, glazen, pannen enz.
met de opening naar beneden neerzetten, zodat zich in de openingen geen water kan verzamelen –servies en bestek mogen niet in elkaar liggen of elkaar afdekken Voor machinaal afwassen is het volgende bestek/servies niet geschikt: beperkt geschikt: •bestek met heften van hout, hoorn,porselein of parelmoer •niet hittebestendige kunststof •ouder bestek met temperatuurge-voelige lijm •gelijmd servies of bestek •tin en koper •kristal •metaal dat kan roesten •houten planken •kunstnijverheidsartikelen •Aardewerk alleen in de machine afwassen, als het van de aanduiding "geschikt voor de afwasautomaat" voorzien is. •Versieringen die op het glazuur zijn aange-bracht kunnen door zeer vaak machinaal afwassen verbleken. •Zilver en aluminium kunnen bij machinaal afwassen verkleuren. Etensresten als eiwit, eigeel en mosterd veroorzaken vaak ver-kleuringen of vlekken op zilver.
Zilver daarom altijd goed schoon spoelen, als het niet direct na gebruik wordt afgewassen. •Sommige glassoorten kunnen na vele malen machinaal afwassen dof worden.
Gebruiksaanwijzing15–om beschadiging te voorkomen mogen glazen elkaar niet raken –kleine voorwerpen (bijv. deksels) in de bestekkorf leggen Bestek rangschikken 1 Lange, scherpe bestekdelen die in de bestekkorf staan, kunnen vooral voor kinderen gevaarlijk zijn (zie Aanwij-zingen m.b.t. de veiligheid). Om ervoor te zorgen dat het water alle bestekdelen bereikt, moet u 1. het roostertje op de bestekkorf zetten 2. korte messen, vorken en lepels met het heft naar beneden in het rooster-tje van de bestekkorf zetten. Om de bestekkorf makkelijk te kunnen leeghalen, kunt u bij sommige modellen de bestekkorf openklappen. Als u het roostertje gebruikt, kan de bestekkorf niet opengeklapt worden. 1 Om ervoor te zorgen dat de bestek-korf bij het uit de machine nemen niet kan openklappen, moet u hem bij de tweedelige greep pakken. 0 1. Bestekkorf op tafel of aanrechtblad zetten. 2.
Gebruiksaanwijzing17Kopjes, schoteltjes en glas-werk in de machine zetten Klein, teer serviesgoed en lange, scherpe bestekdelen in de bovenste korf plaatsen. •Servies op en onder de uitklapbare kopjesrekken versprongen neerzet-ten, zodat het water overal goed kan komen. •U kunt de kopjesrekken omhoog-klappen om hoog servies neer te zetten. •Wijn-, champagne- en cognacgla-zen kunt u in de uitsparingen van de kopjesrekken zetten resp. han-gen. •Glazen, bekers enz. kunnen ook op de twee rijen spijltjes links in de bovenste korf worden gezet.
Gebruiksaanwijzing18Bovenste korf in hoogte verstellen3 De hoogte kan ook versteld worden als de korven gevuld zijn. Lager plaatsen van de bovenste korf: 0 1. Bovenste korf zo ver mogelijk naar buiten trekken. 2. Bovenste korf aan de greep van het kopjesrek rechts achter optillen en laten zakken. Hoger plaatsen van de bovenste korf: 0 1. Bovenste korf zo ver mogelijk naar buiten trekken. 2. Bovenste korf aan de greep pakken, iets naar voren trekken en op de hoogste stand plaatsen. Maximale hoogte van het servies in debovenste korf onderste korf als de bovenste korf op de hoogste stand staat 22 cm 31 cmals de bovenste korf op de laagste stand staat 24 cm 29 cm
Gebruiksaanwijzing19Reinigingsmiddel doseren 1 Gebruik alleen reinigingsmiddelen voor huishoud-afwasmachines. Doseer reinigingsmiddel: –vóór het begin van een programma (niet bij programma voorspoelen). Reinigingsmiddel wordt tijdens het programma automatisch inge-spoeld. 2 Let op de aanwijzingen m.b.t. doseren en bewaren op de verpakking van het reinigingsmiddel. Het reservoir voor reinigingsmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de deur. 0 1. Als het deksel gesloten is: vergrende-lingspal (1) naar voren drukken. Het deksel springt open. 2. Reinigingsmiddel in het reservoir voor reinigingsmiddel doen. Als doseerhulpje dienen de markeringslij-nen:"MIN" komt overeen met ca. 30 ml reinigingsmiddel,"MAX" komt overeen met ca. 40 ml reinigingsmiddel. 3. Deksel dichtdrukken, tot de sluiting inklikt.
3 Bij zeer sterk verontreinigd servies bovendien reinigingsmiddel in het vakje in het deksel (2) doseren. Dit reinigingsmiddel werkt al tijdens het voorspoelen. 12MAX:MIN:
Gebruiksaanwijzing20BIO-programma’s en compacte reinigingsmiddelen Reinigingsmiddelen voor afwasmachines kunnen aan de hand van hun chemische samenstelling in twee types verdeeld worden: –traditionele, alkalische reinigingsmiddelen met bijtende bestanddelen –laag-alkalische compacte reinigingsmiddelen met natuurlijke enzy-men. 2BIO-programma’s in combinatie met compacte reinigingsmiddelen ont-zien het milieu en uw servies, want BIO-programma’s zijn speciaal afgestemd op de vuil oplossende eigenschappen van de enzymen in compacte reinigingsmiddelen. Daarom bereiken BIO-programma’s in combinatie met compacte reinigingsmiddelen al bij 50°C dezelfde reini-gingsresultaten die anders alleen met 65°C-programma’s bereikt wor-den.Bij BIO-programma’s wordt het water korte tijd tot 60°C verhit, opdat de actieve zuurstof kan werken.
Gebruiksaanwijzing21Programma kiezen (programmatabel) Kies aan de hand van deze tabel het geschikte programma: 1) 1) Naast de in de tabel genoemde programma’s is er het speciale programma voorspoelen A. Dit pro-gramma is bedoeld voor gebruikt servies, dat in de machine wordt verzameld en pas later afgewas-sen. Het programma voorspoelen A duurt 10 minuten en verbruikt 4 liter water en minder dan 0,1 kWh energie. 2) Bij BIO-programma’s wordt het water korte tijd tot 60°C verhit, opdat de actieve zuurstof kan wer-ken. 3) De verschillende programma-onderdelen klinken niet allemaal hetzelfde, omdat bij sommige onder-delen voor een beter reinigingsresultaat korte tijd krachtiger wordt afgewassen. 4) De verbruikswaarden zijn onder normomstandigheden bepaald. Ze zijn afhankelijk van de belading van de servieskorven. Afwijkingen zijn daarom in de praktijk mogelijk.
Gebruiksaanwijzing22Afwasprogramma starten 0 1. Machinedeur openen. 2. Controleer of servies en bestek zodanig zijn opgesteld, dat de sproeiar-men vrij kunnen draaien. 3. Waterkraan geheel opendraaien. 4. Aan/uit-schakelaar 9 indrukken. De indicatie in de schakelaar 9 gaat branden. 5. Programmatoets van het gewenste programma indrukken (zie "Pro-grammatabel"). De programma-indicatie gaat branden. Per ongeluk het verkeerde programma gekozen? •Als u binnen 6 seconden na kiezen van het programma het pro-gramma wilt wijzigen, drukt u even de toets van het gewenste pro-gramma in. •Als u op een later tijdstip het programma wilt wijzigen, gaat u als volgt te werk: –Toets van het nieuwe programma indrukken en ingedrukt houden. Nu knipperen de indicaties van beide programma’s. –Na enkele seconden knippert alleen nog de indicatie van het nieuwe programma.
Programmatoets loslaten, het nieuwe pro-gramma is opgeslagen. 6. Deur sluiten. Na ongeveer 6 seconden wordt het deurslot automatisch vergrendeld en het gekozen programma begint. 3 Als na de programmastart akoestische foutmeldingen klinken, moet u hoofdstuk "Wat is er aan de hand, als..." lezen. Programma wissen Een gekozen programma kan alleen worden gewist als de machinedeur open is, maar niet binnen 6 seconden na kiezen van het programma. Na 6 seconden kan het programma als volgt gewist worden: 0 1. Toets van het lopende programma indrukken en ingedrukt houden. De programma-indicatie van het lopende programma knippert enkele seconden en gaat dan uit. 2. Programmatoets loslaten, het programma is gewist. 3 Door uitschakelen van de machine wordt een gekozen programma niet gewist.
Gebruiksaanwijzing23Programma onderbreken (alleen in noodgevallen) 3 Onderbreek een lopend programma alleen, als dat beslist noodzake-lijk is. Het deurslot van de afwasautomaat wordt uit veiligheidsoverwe-gingen pas aan het einde van een programma weer ontgrendeld. Daarom moet bij een lopend programma de deur met nogal wat kracht geopend worden. Als de deur vaak tijdens een lopend programma wordt geopend, is het deurslot aan sterkere slijtage onderhevig.Bovendien wordt na het weer sluiten van de machinedeur de binnenge-stroomde lucht sterk verhit en verspreid. Daardoor kan water in de kuip terechtkomen en kan eventueel de beveiliging tegen wateroverlast in werking treden.1 Bij het openen van de deur kan hete stoom naar buiten komen. Ver-brandingsgevaar! Deur voorzichtig openen. 0 1. Machinedeur openen.
Omdat bij een lopend programma het deurslot vergrendeld is, moet de deur met wat extra kracht geopend worden. 2. Oorzaak waarom u de deur moest openen opheffen. 3. Deur met extra kracht weer sluiten. Het gekozen programma loopt dan verder. Starttijd instellen of wijzigen Met de starttijdkeuze kunt u instellen, of het programma na 3, 6 of 12 uur moet beginnen. 0 1. Aan/uit-schakelaar 9 indrukken. 2. Toets voor het gewenste programma indrukken. 3. Starttijd instellen: Toets starttijd b zo vaak indrukken, tot de indicatie naast het gewenste aantal uren gaat branden. Starttijd wijzigen: Zoalng het programma nog niet begonnen is, kunt u door indrukken van toets starttijd b de ingestelde starttijd nog wijzigen. 3 Als u een starttijd kiest, gaan de indicaties van het programmaverloop niet branden. 4. Deur sluiten.
Gebruiksaanwijzing24Beladingsherkenning – sensorlogic Als u een programma start, terwijl er in de bovenste en/of onderste korf maar weinig servies staat, past een intelligente elektronica de hoeveel-heid water en de duur van het programma aan de hoeveelheid servies aan. Daardoor kunt u ook weinig servies snel en economisch afwassen. Bij halve belading (6 standaardcouverts) bespaart u zo’n 2 liter water en 0,2 kWh stroom. Afwasautomaat uitschakelen Na beëindiging van het programma wordt de machinedeur ontgrendeld en klinkt 5 seconden lang een akoestisch signaal. 1 Bij het openen van de deur, direct na beëindiging van het programma, kan hete stoom naar buiten komen. Deur voorzichtig openen. 0 1. Deur openen 2. Aan/uit-schakelaar 9 indrukken. De indicatie in de schakelaar gaat uit. Als u de machine niet uitschakelt, klinkt na 10 minuten het akoesti-sche signaal opnieuw.
Machine leeghalen 3 •Heet servies is zeer gevoelig. Daarom vóór het leeghalen laten afkoe-len. •Servies droogt sneller, als u na beëindiging van het programma de deur even helemaal opent en dan op een kiertje laat staan. •Laat na beëindiging van het programma het servies nog ca. 15 minuten in de machine staan. Het droogt dan beter. •Eerst de onderste korf leeghalen, dan de bovenste korf. Zo voorkomt u dat restwater van de bovenste korf op het servies in de onderste korf druppelt en watervlekken achterlaat.
Gebruiksaanwijzing25Onderhoud en reiniging 1 In geen geval onderhoudsmiddelen voor meubels of agressieve reini-gingsmiddelen gebruiken. •Bedieningselementen van de afwasautomaat alleen met een zachte doek en schoon warm water schoonmaken. •De sproeiarmen hoeven niet gereinigd te worden. •Kuip, deurafdichting en watertoevoer regelmatig controleren en eventueel schoonmaken. Schoonmaken van de zeven 3 De zeven in de kuipbodem zijn in hoge mate zelfreinigend. Toch moet u de zeven af en toe con-troleren en eventueel schoonmaken. Verontreinigde zeven hebben een nadelige invloed op het afwasresul-taat. 0 1. Deur openen, onderste korf uit de machine nemen. 2. Het zeefsysteem van de afwasauto-maat bestaat uit een grove/fijne zeef, microfilter en vlakke zeef. M.b.v. de greep van het microfilter het zeefsys-teem ontgrendelen en uit de machine nemen. 3.
Greep ongeveer een kwart slag linksom draaien en uitnemen. 4. Grove/fijne zeef (1) aan het oogje pakken en uit het microfilter (2) trek-ken. 5. Alle zeven onder stromend water grondig schoonmaken. 6. Vlakke zeef (3) uit de kuipbodem nemen en aan beide kanten grondig schoonmaken.
Gebruiksaanwijzing267. Vlakke zeef weer in de kuipbodem zetten. 8. Grove/fijne zeef in het microfilter zetten en in elkaar drukken. 9. Zeefcombinatie weer inzetten en door rechtsom draaien van de greep vergrendelen. Let erop dat de vlakke zeef niet boven de kuipbodem uit-steekt. 1 Zonder zeven mag de machine in geen geval gebruikt worden. Wat is er aan de hand, als... Aan de hand van onderstaande aanwijzingen kunt u kleine storingen aan het toestel zelf opheffen. Als u toch voor één van de hier vermelde storingen of vanwege foutieve bediening onze service-afdeling inscha-kelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
Gebruiksaanwijzing27...waarschuwingssignalen aangeven dat er een storing is. •Klinken na de programmastart 1 of 2 waarschuwingssignalen, die steeds herhaald worden, dan is er sprake van een storing aan de machine die u eventueel zelf kunt opheffen. De machinedeur wordt daarbij automatisch ontgrendeld.Na opheffen van de storing de toets van het begonnen programma indrukken en de machinedeur sluiten. Het programma loopt verder.Klinken dezelfde waarschuwingssignalen opnieuw, neem dan contact op met onze service-afdeling.
•Als na de programmastart meer dan 2 waarschuwingssignalen klin-ken, die steeds herhaald worden, neem dan contact op met onze ser-vice-afdeling en geef op hoeveel signalen er klinken en welke controle-indicaties er in het bedienings- en indicatieveld knipperen.Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Er klinkt 1 waarschuwings-signaal, dat steeds wordt herhaald en in het bedie-nings- en indicatieveld knipperen de controle-indi-catie L en de pro-gramma-indicatie.De controle-indicatie ^ brandt constant. Waterkraan is dicht. Waterkraan opendraaien. Zeef in de slangkoppe-ling aan de waterkraan is verstopt. Zeef in de slangkoppeling schoonmaken. Watertoevoerslang ligt niet goed. Slang controleren en evt. goed leggen. Er klinken 2 waarschu-wingssignalen, die steeds worden herhaald en in het bedienings- en indicatie-veld knippert de controle-indicatie I . De sifon is verstopt. Sifon schoonmaken.
Waterafvoerslang ligt niet goed. Slang controleren en evt. goed leggen. Er klinken 3 waarschu-wingssignalen, die steeds worden herhaald en in het bedienings- en indicatie-veld knipperen de controle-indicaties I en L . De beveiliging tegen wateroverlast is in wer-king getreden. Waterkraan dichtdraaien en contact opnemen met onze service-afdeling.
Gebruiksaanwijzing28...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat. ...het afwasresultaat niet bevredigend is. Het servies wordt niet schoon. –U hebt niet het juiste programma gekozen. –Het servies is zodanig neergezet, dat het water niet overal kon komen. De servieskorven mogen niet overbeladen zijn. –De zeven in de kuipbodem zijn niet schoon of verkeerd in de machine geplaatst. –U hebt geen goed reinigingsmiddel gebruikt of te weinig gedoseerd. –Bij kalkaanslag op het servies: het zoutreservoir is leeg of de water-onthardingsinstallatie is verkeerd ingesteld. –De afvoerslang ligt niet goed. Het servies is niet droog en glanst niet. –U hebt geen goed glansmiddel gebruikt. –Het glansmiddelreservoir is leeg. Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Het programma begint niet. De machinedeur is niet goed gesloten. Deur sluiten. De stekker zit niet in het stopcontact.
Stekker in het stopcontact steken. Zekering in de huisinstallatie is niet in orde. Zekering vervangen. Bij modellen met starttijd-keuze: U hebt een starttijd gekozen. Als het servies direct moet worden afgewassen, de start-tijd op 0 uur instellen. In de kuip zijn roest-vlekken zichtbaar. De kuip is van roestvrij staal. Roestvlekken zijn een gevolg van vreemd roest (roestdeel-tjes uit de waterleiding, van pannen, bestek enz.). Verwij-der zulke vlekken met een speciaal reinigingsmiddel. Alleen geschikt bestek en servies afwassen. Deksel van het zoutreservoir stevig vastdraaien. Fluitend geluid bij het afwassen. Het fluiten kan geen kwaad. Ander merk reinigingsmiddel gebruiken.
Gebruiksaanwijzing30Aanwijzingen voor testinstituten Voordat de test begint, moeten het voorraadreservoir voor speciaal zout en het voorraadreservoir voor glansmiddel geheel worden gevuld. Beladingsvoorbeeld: bovenste korf (laagste en hoogste stand) onderste korf met bestekkorf bestekkorf Testnorm: EN 50 242Vergelijkingsprogramma: normaal BIO 50°C voor volle en halfvolle beladingVolle belading: 12 couverts met dienbestekDosering reinigingsmiddel: 30 g (type B) in het reservoir voor reinigingsmiddelHalfvolle belading: 6 couverts met dienbestekBij halfvolle belading wordt elke tweede plek vrijgelatenDosering reinigingsmiddel: 20 g (type B) in het reservoir voor reinigingsmiddelGlansmiddelinstelling: 4 (type III) voor volle en halfvolle belading
Opstel- en aansluitaanwijzing31OPSTEL- EN AANSLUITAANWIJZING Opstellen van de afwasautomaat •De afwasautomaat moet stevig en waterpas op een vlakke vloer wor-den opgesteld. •Schroefvoeten met de meegeleverde schroefsleutel uitdraaien om oneffenheden in de vloer te compenseren en de toestelhoogte aan andere meubelen aan te passen. •Afvoerslang, toevoerslang en aansluitsnoer moeten binnen de sokke-luitsparing achter vrij beweeglijk liggen, opdat ze niet geknikt of platgedrukt worden. •De afwasautomaat moet bovendien vast aan het doorlopende werk-blad of aan de meubelen ernaast geschroefd worden. Deze maatregel is absoluut noodzakelijk, opdat de volgens de voorschriften vereiste kiepveiligheid gewaarborgd is.
Opstel- en aansluitaanwijzing32Aansluiten van de afwasautomaat Wateraansluiting De machine is uitgerust met veiligheidsvoorzieningen die verhinderen dat spoelwater in het drinkwaternet kan terugstromen en die voldoen aan de betreffende watertechnische veiligheidsvoorschriften. •De afwasautomaat kan aan koud water en aan warm water tot max. 60°C worden aangesloten. •De afwasautomaat mag niet aan open heetwatertoestellen en door-stroomtoestellen worden aangesloten. Toelaatbare waterdruk Toevoerslang aansluiten 1 De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn. 0 Toevoerslang met de slangkoppeling (DIN 259) aan een waterkraan met buitenschroefdraad (3/4") aansluiten. De moer van de slangkoppeling alleen met de hand aandraaien.
3 •Om de mogelijkheden om in de keuken water te tappen niet te beper-ken, adviseren wij u een extra waterkraan te installeren of aan de aanwezige kraan een aftakking te bouwen. •Als u een langere toevoerslang nodig hebt, moet u een originele com-plete slangset gebruiken (verkrijgbaar bij de vakhandel of onze ser-vice-afdeling): –slangset "WRflex 100" (E-nr. 911 239 034) –slangset "WRflex 200" (E-nr. 911 239 035) Minimaal toelaatbare waterdruk:1 bar overdruk (=10N/cm2=100 kPa) Als de overdruk lager dan 1 bar is, dient u onze service-afdeling te raadplegen. Maximaal toelaatbare waterdruk:10 bar overdruk (=100 N/cm2 =1 MPa)Bij meer dan 10 bar overdruk moet een reduceerventiel worden geïnstalleerd (verkrijgbaar bij de vakhandel).
Opstel- en aansluitaanwijzing33Waterafvoer Afvoerslang 1 De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn. •Aansluiting van de afvoerslang: –maximaal toelaatbare hoogte: 1 meter. –minimaal vereiste hoogte 30 cm boven de onderkant van de machine. Verlengslangen •Verlengslangen zijn verkrijgbaar bij de vakhandel of onze service-afde-ling. De binnendiameter van de verlengslangen moet 19 mm bedra-gen, opdat het functioneren van de machine niet gestoord wordt. •Verlengslangen mogen maximaal 3 meter horizontaal liggen en de maximaal toelaatbare hoogte voor de aansluiting van de afvoerslang bedraagt dan 85 cm. Sifonaansluiting •De tuit van de afvoerslang (Ø 19 mm) past op alle gangbare types sifons. De buitendiameter van de sifonaansluiting moet minimaal 15 mm zijn. •De afvoerslang moet met de meegeleverde slangklem aan de sifon-aansluiting worden bevestigd.
Waterafvoer in een gootsteen (alleen mogelijk bij vrijstaande toe-stellen) Als u de afvoerslang in een gootsteen wilt hangen, moet u een slang-houder gebruiken. Deze is te bestellen bij onze service-afdeling onder ET-nr. 646 069 190. 0 1. Slanghouder op de afvoerslang steken. 2. Zorg ervoor dat de afvoerslang niet van de gootsteenrand kan wegglij-den.Als u een koord door het gat trekt, kunt u de houder aan de muur of aan de waterkraan bevestigen.
Opstel- en aansluitaanwijzing34Beveiliging tegen wateroverlast De afwasautomaat is uitgerust met het AQUA CONTROL SYSTEM, een beveiliging tegen wateroverlast. In geval van storing onderbreekt het veiligheidsventiel in de machine direct de watertoevoer en de afvoerpomp wordt ingeschakeld. Daar-door kan er geen water uit- of overlopen. Restwater dat zich nog in het toestel bevindt wordt automatisch weggepompt. 1 Het AQUA CONTROL SYSTEM functioneert ook, als het toestel uitge-schakeld is – het mag echter niet van het stroomnet gescheiden zijn. Elektrische aansluiting 1 Volgens de voorwaarden van de elektriciteitsbedrijven mag een vaste aansluiting aan het elektriciteitsnet alleen door een erkend elektro-installateur worden uitgevoerd.
Bij de aansluiting moet aan de algemeen en plaatselijk geldende voor-schriften van het elektriciteitsbedrijf strikt de hand worden gehouden.Na de inbouw mogen volgens EN 60335/DIN VDE 0700 spanning voe-rende onderdelen en geïsoleerde leidingen niet aanraakbaar zijn. Gegevens voor de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje op de rechter binnenrand van de deur. Als het toestel omschakelbaar is uitgevoerd, dient u zich bovendien aan de aanwijzingen op het omschakelschema te houden dat zich in de snoeraansluitdoos bevindt. Controleer vóór het aansluiten, of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering. Om de afwasautomaat van het net te scheiden, stekker uit het stopcon-tact trekken. Is het toestel d.m.v.
een vaste aansluiting met het net ver-bonden, dan moet het door maatregelen in de installatie van het net gescheiden worden (zekeringen uitschakelen, automatische zekering, aardlekschakelaar e.d. die een contactopening van > 3 mm bezitten).
Opstel- en aansluitaanwijzing35Aansluittechniek Toevoer- en afvoerslang en aansluitsnoer moeten aan de zijkant van de machine worden aangesloten, omdat daarvoor achter het toestel geen plaats is. Het hier gegeven voorbeeld van water- en elektrische installatie is slechts een richtlijn, omdat de situatie ter plaatse van opstelling (aan-wezige aansluitingen, plaatselijke en algemeen geldende aansluitvoor-schriften) maatgevend is. 2 aansluitstukken 45° of recht,uitwendig Ø 19 mm, lengte 30 mm dubbele waterkraan waterafvoer watertoevoer water-afvoer water-toevoer aansluit-snoer aansluit-snoer elektrische aansluiting
Garantiebepalingen37GARANTIEBEPALINGENNederlandGarantiebepalingen1. Indien AEG Huishoudelijke Apparaten binnen 12 (twaalf) maanden na aflevering, onder overlegging van de aankoopfacturen, in kennis wordt gesteld van gebreken aan de geleverde toestellen die hun oorzaak vinden in materiaal- of constructiefouten, ver-bindt AEG zich genoemde gebreken te herstellen en wel onder de volgende voorwaar-den:–Arbeids-, voorrij- en materiaalkosten zullen de cliënt niet in rekening worden gebracht; de kosten van een volgens AEG noodzakelijke verzending komen voor reke-ning van AEG, mits deze verzending geschiedt in overleg met en met instemming van AEG. –De garantietijd is beperkt tot 6 maanden, indien het toestel industrieel of in gemeen-schappelijke ruimten wordt gebruikt. 2.
Voor hermetisch gesloten koelsystemen (motorcompressor, koellichaam, koelleiding en condensor) gelden de volgende garantiebepalingen:–Gedurende de eerste 12 maanden na aankoop, volledige garantie, conform artikel 1. –Gedurende het tweede tot en met het vijfde jaar, na aankoop, wordt naast het ar-beidsloon en voorrijkosten resp. 20%, 40%, 60% en 80% van de materiaalkosten berekend. –Na het vijfde jaar volgt volledige berekening. 3. Indien een binnen de garantietermijn opgetreden defect niet binnen 2 maanden kan worden hersteld, volgt kosteloze omruiling van het toestel. 4. Alle garantieverplichtingen vervallen:–Indien het toestel niet volgens de gebruiksaanwijzing en voor andere dan gewone huishoudelijke doeleinden is gebruikt. –Indien aan het toestel door anderen dan AEG reparaties zijn verricht of veranderin-gen zijn aangebracht.
–Indien de nummers van het toestel zijn verminkt of verwijderd. –Indien geen fabrieksoriginele onderdelen zijn gemonteerd. –Indien beschadigingen of defecten zijn opgetreden ten gevolge van niet volgens de voorschriften uitgevoerde aansluiting, niet deskundig gebruik, alsmede het niet opvolgen van de inbouwvoorschriften en gebruiksaanwijzingen. 5.
Indien binnen de garantietermijn door AEG reparaties worden verricht, wordt de oor-spronkelijke garantietermijn niet verlengd. –Op reparaties buiten de garantietermijn, door AEG verricht, en op de hierbij gele-verde, betaalde en gemonteerde onderdelen verleent AEG Huishoudelijke Apparaten 1 jaar garantie. –Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfde reparatie, hetzelfde defect opnieuw optreedt en geen afdoend resultaat van een opnieuw uitvoeren van een reparatie verwacht mag worden, zal een nieuw exemplaar of soortgelijk toestel worden aange-boden. De aanbieding geschiedt tegen bijbetaling op basis van een te bepalen jaar-lijks afschrijvingspercentage.
Garantiebepalingen386. Voor reparaties, zowel binnen als buiten de garantietermijn, kunt u zich recht-streeks wenden tot: AEG fabrieksservice tel. 01 72-468 300. Voor reparaties uitgevoerd door anderen, kan AEG geen produktaansprakelijkheid aan-vaarden. AEG fabrieksserviceVennootsweg 12404 CG Alphen aan den RijnReparatievoorwaardenOnze reparatievoorwaarden zijn conform de afspraak tussen de Consumentenbond en Vlehan*. Art. 1 Aan de consument zal na een melding van een storing zo mogelijk direct, doch uiterlijk binnen één werkdag worden medegedeeld op welke dag het bezoek van de technicus zal plaatsvinden. De reparatie zal als regel binnen zeven werkdagen na de melding zijn uitgevoerd. Art. 2a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal de technicus een onderzoek uitvoeren naar de vermoedelijke oorzaak van de gemelde storing.
Aan de hand hiervan zal hij een zo nauwkeurig mogelijke, gespecificeerde begroting maken van de totale reparatiekosten inclusief voorrijkosten en diagnose-kosten. Desgevraad zal deze begroting door de technicus schriftelijk worden vastgelegd. b) Indien de consument met het begrote bedrag niet akkoord gaat, zal op verzoek het te repareren toestel worden teruggebracht in de staat waarin het aan de technicus werd aangeboden. Nadat dit is geschied, zullen alleen de kosten van voorrijden en arbeidsloon in rekening worden gebracht op basis van de werkelijke bestede tijd, dan-wel van een vooraf vastgesteld tarief. Art.
3 Indien tijdens het uitvoeren van de reparatie duidelijk wordt dat:a) de oorspronkelijke reparatie door redelijkerwijs niet te voorziene omstandigheden niet tegen het begrote bedrag kan worden uitgevoerd, ofb) ook andere dan in de begroting voorziene reparaties noodzakelijk zijn, zal overleg met de consument plaatsvinden en een herziene kostenbegroting worden gemaakt. In geval de consument daarmee alsnog niet akkoord gaat, geldt eveneens het in artikel 2b bepaalde. Art.
4 De reparatie zal zoveel mogelijk tijdens het eerste bezoek worden uitgevoerd. Indien om het toestel in werkende staat te brengen een tweede bezoek noodzakelijk is, zal:a) direct, doch uiterlijk binnen één werkdag door de betreffende service-organisatie of door de technicus met de consument de datum voor een twede bezoek worden afge-sproken. b) een herhalingsbezoek zal als regel binnen tien werkdagen na de melding plaatsvin-den. c) voor een tweede of daaropvolgend bezoek zal geen voorrijtarief in rekening worden gebracht, tenzij de noodzaak voor een herhalingsbezoek aan de consument is toe te schrijven. Art. 5 De consument ontvangt een gespecificeerde rekening met vermelding van type en serienummer van het apparaat, omschrijving van de diagnose, toegepaste tarieven, gebruikte onderdelen en materialen en een korte omschrijving van de verrichte werk-zaamheden.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG 6270 VI Favorit stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwasser AEG
Handleiding Vaatwasser
Nieuwste handleidingen voor Vaatwasser