AEG Electrolux Favorit 64080 IM Handleiding

AEG Electrolux Vaatwasser Favorit 64080 IM

Bekijk gratis de handleiding van AEG Electrolux Favorit 64080 IM (48 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over AEG Electrolux Favorit 64080 IM of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/48
FAVORIT 64080 i
Gebruiksaanwijzing Afwasautomaat

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: AEG Electrolux
Categorie: Vaatwasser
Model: Favorit 64080 IM

Handleiding AEG Electrolux Favorit 64080 IM – volledige tekst

2Geachte mevrouw, heerHartelijk dank voor het kiezen van een van onze kwaliteitsproducten. U heeft een goede keuze gemaakt. Zo kunt u dankzij de combinatie van functioneel design en hoogwaardige technologie rekenen op optimale prestaties en bedieningsgemak. En onze zorg voor het milieu, komt o.a. tot uitdrukking in het energiebesparend functioneren van dit apparaat. Om er zeker van te zijn dat uw apparaat optimaal en onberispelijk presteert, dient u deze gebruiksaanwijzing aandachtig door te lezen. Dan zult u alle processen perfect en zeer efficiënt kunnen besturen.Wij raden u aan deze gebruiksaanwijzing goed te bewaren, zodat u nog eens iets kunt nalezen.

En wilt u dit boekje doorgeven aan een eventuele volgende eigenaar van het apparaat.Wij wensen u veel succes met uw nieuwe apparaat.In deze gebruiksaanwijzing worden de volgende symbolen gebruikt: 1Belangrijke informatie over uw persoonlijke veiligheid en informatie over het voorkomen van schade aan het apparaat.3Algemene informatie en tips2Milieuinformatie

3InhoudInhoudGebruiksaanwijzing 4Veiligheid 4Apparaataanzicht 5Bedieningspaneel 5De eerste keer gebruiken 7Waterontharder instellen 7Speciaal zout doseren 9Glansmiddel doseren 10Het dagelijks gebruik 13Bestek en servies in de machine plaatsen 13Bovenste korf in hoogte verstellen 18Afwasmiddel doseren 19Gebruik van 3in1afwasmiddelen 21Afwasprogramma kiezen (programmatabel) 23Afwasprogramma starten 25Starttijdkeuze instellen 26Afwasautomaat uitschakelen 27Onderhoud en reiniging 28Wat te doen als… 29Kleine storingen zelf verhelpen 29Als het vaatwasresultaat niet bevredigend is 32Afvalverwerking 33Technische gegevens 33Aanwijzingen voor testinstituten 34Opstel en aansluitaanwijzing 36Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie 36Opstellen van de afwasautomaat 37Aansluiten van de afwasautomaat 38Garantievoorwaarden 41Adres serviceafdeling 44Service 47

Gebruiksaanwijzing4Gebruiksaanwijzing1VeiligheidVoor de eerste keer gebruiken•Volg de ”Opstel en aansluitaanwijzing” op.Gebruik volgens de voorschriften•De afwasautomaat is alleen bestemd voor het afwassen van huishoudservies.•Constructieve wijzigingen of veranderingen aan de afwasautomaat zijn niet toegestaan.•Alleen speciaal zout, afwasmiddel en glansmiddel gebruiken dat voor afwasautomaten voor huishoudelijk gebruik bestemd is.•Geen oplosmiddelen in de afwasautomaat doseren. Explosiegevaar!Veiligheid voor kinderen•Verpakkingsonderdelen buiten het bereik van kinderen houden. Verstikkingsgevaar! •Kinderen kunnen het gevaar dat aan het omgaan met elektrische apparaten verbonden is, vaak niet inschatten. Laat kinderen niet zonder toezicht bij de afwasautomaat.•Controleer of kinderen of huisdieren niet in de afwasautomaat kunnen klauteren.

Levensgevaar!•Afwasmiddelen kunnen levensgevaarlijk zijn voor ogen, mond en keel. De veiligheidsaanwijzingen van de afwasmiddelenfabrikant moeten worden opgevolgd.•Het water in de afwasautomaat is geen drinkwater. Gevaarlijk voor de gezondheid!Algemene veiligheid•Reparaties aan de afwasautomaat mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. •Als de afwasautomaat niet gebruikt wordt, het apparaat uitschakelen en de waterkraan dichtdraaien.•De stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar altijd aan de stekker.•Let erop dat de machinedeur, behalve bij vullen en leeghalen, altijd dicht is. Zo voorkomt u dat iemand over de open deur struikelt en zich bezeert.•Ga nooit op de geopende deur staan of zitten.•Staat de afwasautomaat in een ruimte waar het kan gaan vriezen, dan dient na ieder gebruik de aansluitslang van de waterkraan gescheiden te worden.

Bedieningspaneel6Met de programmatoetsen wordt het gewenste afwasprogramma gekozen.Functietoetsen: Naast het aangegeven afwasprogramma kunnen met behulp van deze toetsen de volgende functies worden ingesteld: De glansmiddeltoevoer wordt alleen beïnvloed als de 3in1functie is geselecteerd.De multidisplay kan aangeven:–op welk hardheidsniveau de waterontharder is ingesteld.–of de glansmiddeltoevoer in of uitgeschakeld is.–welke starttijd is ingesteld.–hoe lang een lopend afwasprogramma naar verwachting nog duurt.–van welke storing aan de afwasautomaat sprake is. Functietoets 1 Waterontharder instellenFunctietoets 2 Glansmiddeltoevoer in en uitschakelen bij 3in1 ingeschakeldFunctietoets 3  niet in gebruik MultidisplayProgrammatoetsenFunctietoetsen1 2 3 StarttijdkeuzeinstellenControlelampjes3in1functie kiezen

7De eerste keer gebruikenControlelampjes hebben de volgende betekenis: De eerste keer gebruiken3Als u een 3in1afwasmiddel wilt gebruiken:– Lees a.u.b. eerst hoofdstuk ”Gebruik van 3in1 afwasmiddelen”.– Niet vullen met zout, noch met glansmiddel.Als u geen 3in1vaatwasmiddel gebruikt, dient u alvorens de vaatwasser in gebruikte nemen:1. Waterontharder instellen2. Zout voor de waterontharder doseren3. Glansmiddel doserenWaterontharder instellenDe wateronderharder moet mechanisch en elektronisch worden ingesteld.3Om kalkafzettingen op servies en in de afwasautomaat te voorkomen, moet het servies met zacht d.w.z. kalkarm water worden afgewassen. De waterontharder moet volgens de tabel op de waterhardheid binnen uw woongebied worden ingesteld. Informatie over de plaatselijke waterhardheid kunt u bij het betreffende waterleidingbedrijf verkrijgen.De afwasautomaat moet uitgeschakeld zijn.

Mechanische instelling:1. De deur van de afwasautomaat openen.2. De onderste korf uit de afwasautomaat nemen.3. De schakelaar voor het hardheidsbereik aan de linkerzijde van de kuip op 1 of 2 draaien (zie tabel). 1)1) Deze controlelampjes branden niet tijdens het lopende afwasprogramma.Zout bijvullen 1) Glansmiddel bijvullen

De eerste keer gebruiken8Elektronische instelling:1. De toets AAN/UIT indrukken.3Als alleen de LEDindicatie van een programmatoets brandt, is dit afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden geannuleerd:De functietoetsen 2 3en gedurende ca. 2 seconden gelijktijdig indrukken. De LEDindicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.2. 2 3De functietoetsen en gelijktijdig indrukken en ingedrukt houden.De LEDindicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.3. 1Functietoets indrukken.De LEDindicatie van de functietoets 1 knippert.De multidisplay geeft het ingestelde hardheidsniveau aan.4. 1 Het drukken op de functietoets verhoogt het hardheidsniveau met 1.(Uitzondering: na hardheidsniveau 10 volgt hardheidsniveau 1).5. Als het hardheidsniveau correct is ingesteld, op de AAN/UITtoets drukken.Het hardheidsniveau is dan opgeslagen.

Als de waterontharder elektronisch op “1“ wordt ingesteld, dan wordt daarmee het controlelampje voor zout uitgeschakeld.Waterhardheid Instelling van het hardheidsniveau Indicatie op de multidisplayin °d1)1) (°d) Duitse graden, maat voor de waterhardheidin mmol/l2)2) (mmol/l) millimol per liter, internationale eenheid voor waterhardheidBereik mechanisch elektronisch51  7043  5037  4229  3623  289,0  12,57,6  8,96,5  7,55,1  6,44,0  5,0IV2*103)98763) Bij deze instelling kan de looptijd van het programma iets langer worden.*) instelling door de fabriek10L .9L8L7L6L19  2215  183,3  3,92,6  3,2 III 5*45L4L111  14 1,9  2,5 II 3 3L4  10 0,7  1,8 I/II 2 2Londer 4 onder 0,7 I1geen zout nodig1L

9De eerste keer gebruikenSpeciaal zout doserenOm de waterontharder te ontkalken dient speciaal zout gedoseerd te worden. Alleen zout dat voor afwasautomaten voor huishoudelijk gebruik bestemd is gebruiken.Als u geen 3in1afwasmiddel gebruikt, doseer dan zout:–Als u de afwasautomaat voor de eerste keer gebruikt.–Als op het bedieningspaneel het controlelampje voor zout brandt.1. Deur openen, onderste korf uitnemen2. Afsluitdop van het voorraadvat van het zout linksom opendraaien.3. Alleen de eerste keer:Het zoutvoorraadvat geheel met water vullen.4. De meegeleverde trechter in de opening van het voorraadvat steken.Zout in het voorraadvat doseren, inhoud afhankelijk van de korrelgrootte ca. 1,01,5 kg. Het voorraadvat niet overmatig vullen.3Het kan geen kwaad als bij het doseren van het zout water overloopt.5. De opening van het voorraadvat van zoutresten ontdoen.6.

De afsluitdop rechtsom dichtdraaien.7. Na het doseren van het zout een afwasprogramma starten. Daardoor worden overgelopen zout water en zoutkorrels weggespoeld.3Afhankelijk van de korrelgrootte kan het enige uren duren voordat het zout in het water is opgelost en het controlelampje voor zout weer uitgaat.

De eerste keer gebruiken10Glansmiddel doserenOmdat het glansmiddel het spoelwater beter laat aflopen krijgt u vlekvrij, glanzend servies en heldere glazen.Als u geen 3in1afwasmiddel gebruikt, doseer dan glansmiddel:–Als u voor de eerste keer de afwasautomaat gebruikt.–Als op het bedieningspaneel het controlelampje voor glansmiddel brandt.Gebruik alleen speciaal glansmiddel voor afwasautomaten en geen andere vloeibare reinigingsmiddelen. 1. De deur openen. Het vakje voor het glansmiddel bevindt zich op de binnenzijde van de deur van de afwasautomaat.2. Ontgrendelingsknop van het glansmiddelvak indrukken.3. Deksel openklappen.4. Glansmiddel langzaam en precies tot de streepmarkering “max“ doseren; dat komt ongeveer overeen met een hoeveelheid van 140 ml 5. Deksel dichtdrukken tot deze vastklikt.6. Als er glansmiddel naast is gelopen, moet dit met een doek worden weggeveegd.

11De eerste keer gebruikenGlansmiddeldosering instellen3De dosering alleen dan veranderen als op glazen en servies vegen, melkachtige vlekken (dosering lager instellen) of opgedroogde waterdruppels (dosering hoger instellen) te zien zijn (zie hoofdstuk “Als het afwasresultaat niet bevredigend is“). De dosering kan van 16 worden ingesteld. Door de fabriek is de dosering op “4“ ingesteld. 1. De deur van de afwasautomaat openen.2. Ontgrendelingsknop van het glansmiddelvak indrukken.3. Deksel openklappen.4. De dosering instellen.5. Deksel dichtdrukken tot deze vastklikt.6. Als er glansmiddel is uitgelopen, moet dit met een doek worden weggeveegd.

De eerste keer gebruiken12Glansmiddeltoevoer bij geselecteerd 3in1functie inschakelen3Als de 3in1functie niet is geselecteerd, is de glansmiddeltoevoer altijd ingeschakeld.Als de 3in1functie door het gebruik van 3in1afwasmiddelen is geselecteerd, wordt de glansmiddeltoevoer uitgeschakeld. Als het servies dan onvoldoende wordt gedroogd, dient de glansmiddeltoevoer weer ingeschakeld te worden (zie ook hoofdstuk “Gebruik van 3in1afwasmiddelen“).1. De toets AAN/UIT indrukken.3Als alleen de LEDindicatie van een programmatoets brandt, is dit afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden geannuleerd:De functietoetsen 2 3en gedurende ca. 2 seconden gelijktijdig indrukken. De LEDindicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.2. 2 3De functietoetsen en gelijktijdig indrukken en ingedrukt houden.De LEDindicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.3.

13Het dagelijks gebruikHet dagelijks gebruikBestek en servies in de machine plaatsen 1Sponzen, huishouddoeken en alle voorwerpen die water opnemen mogen niet in de afwasautomaat worden gereinigd. Servies voorzien van een kunststof en/of teflonlaag houdt waterdruppels sterk vast. Daarom droogt dit type servies iets minder goed dan porselein en edelstaal. •Voordat u het servies in de machine plaatst, moet u:–grove etensresten verwijderen. –pannen met ingebrande etensresten inweken. •Bij het plaatsen van het servies en het bestek op het volgende letten:–Het servies en het bestek mogen de sproeiarmen niet in hun draaibeweging hinderen. –Schoteltjes, kopjes, glazen, pannen, enz. met de opening naar onderen plaatsen, opdat er geen water in kan achterblijven. –Servies en bestekdelen mogen niet in elkaar worden geplaatst of elkaar afdekken.

–Om glasbeschadigingen te voorkomen mogen glazen elkaar niet aanraken. –Kleine voorwerpen (bijv. deksels) niet in de servieskorven maar in de bestekkorf plaatsen zodat ze niet door de korf naar beneden kunnen vallen. Voor het afwassen in de afwasautomaat is het volgende bestek/serviesniet geschikt: wel geschikt:•Bestek voorzien van een houten, hoornen, porseleinen of paarlemoergreep•Niet hittebestendige kunststofdelen•Ouder bestek waarvan de lijmtemperatuurgevoelig is•Gelijmd servies of bestekdelen•Voorwerpen van tin en koper•Kristal•Roestgevoelige staaldelen•Houten plankjes•Kunstvoorwerpen•Aardewerkservies alleen in de afwasautomaat reinigen als dit door de fabrikant expliciet als daarvoor geschikt is benoemd. •Op het glazuur aangebrachte versieringen kunnen na zeer vaak machinaal afwassen verbleken. •Zilveren en aluminiumonderdelen kunnen als gevolg van het afwassen verkleuren.

Het dagelijks gebruik14Bestek in de machine plaatsen1Waarschuwing: Messen met een scherpe punt en scherpkantig bestek dienen door de kans op verwondingen in de bovenste korf geplaatst te worden.Opdat alle bestekdelen in de bestekkorf door water worden omspoeld, moet u:Voor grotere bestekdelen zoals bijv. een garde, kan een helft van het bestekrooster weggelaten worden.Onderste korf en bovenste korf laden / uitladenVoor het laden en uitladen de onderste en bovenste korf in het midden van de voorgreep uittrekken of terugschuiven. 1.Roosterinzet op de bestekkorf insteken2.Vorken en lepels met de greep naar onderen in de roosterinzet van de bestekkorf plaatsen.

Het dagelijks gebruik16Kopjes, glazenKlein, teer servies of lange, puntige bestekdelen in de bovenste korf plaatsen. •Serviesdelen op en onder het opklapbare kopjesrek om en om plaatsen zodat het water de diverse delen kan bereiken.•Voor hoge serviesdelen kunnen de kopjesrekken omhoog worden geklapt.•Wijn of cognacglazen in de kopjesrekken hangen of hiertegen laten steunen.•Voor glazen met een lange voet klapt u het glasrek naar rechts, anders laat u het rek naar links ingeklapt.

Het dagelijks gebruik18Bovenste korf in hoogte verstellen3In hoogte verstellen is ook bij beladen korven mogelijk. Hoger / Lager plaatsen van bovenste korf 1. Bovenkorf geheel uittrekken.2. Bovenkorf aan de greep tot de aanslag omhoog heffen en recht naar beneden laten zakken.De bovenkorf klikt in de bovenste of onderste positie in.maximale hoogte van het servies inbovenste korf onderste korfbij hoger geplaatste bovenste korf 22 cm 30 cmbij lager geplaatste bovenste korf 24 cm 29 cm

19Het dagelijks gebruikAfwasmiddel doserenAfwasmiddelen lossen de vervuilingen van servies en bestek op. Het afwasmiddel moet vóór de start van het programma worden gedoseerd.1Gebruik alleen afwasmiddel voor huishoudafwasautomaten.Het vakje voor het afwasmiddel bevindt zich op de binnenzijde van de deur.1. Als het deksel gesloten is:Ontgrendelingsknop indrukken.Deksel springt open.2. Afwasmiddel in het vakje voor afwasmiddel doseren. Als doseerhulp voor afwasmiddel in poedervorm dienen de markeringen: “20/30“ is gelijk aan ca. 20/30 ml afwasmiddel. Doseer en bewaaradviezen van de fabrikant opvolgen.3. Deksel dichtklappen en aandrukken tot deze vastklikt.3Bij zeer sterk vervuild servies moet extra afwasmiddel in het zijvakje worden gedoseerd (1). Dit afwasmiddel is reeds bij het voorspoelen werkzaam.

Het dagelijks gebruik20Compacte afwasmiddelenAfwasmiddelen voor afwasautomaten zijn vandaag de dag bijna uitsluitend compacte afwasmiddelen, in tablet of poedervorm, met een laag alkalisch gehalte en natuurlijke enzymen.250 °Cafwasprogramma’s in combinatie met deze compacte afwasmiddelen ontlasten het milieu en sparen uw servies, omdat deze afwasprogramma’s speciaal op de vuiloplossende eigenschappen van de enzymen in compacte afwasmiddelen zijn afgestemd. Daarom bereiken 50 °Cafwasprogramma’s in combinatie met compacte afwasmiddelen dezelfde afwasresultaten die anders alleen met 65 °Cprogramma’s bereikt kunnen worden.Afwastabletten3Afwastabletten van verschillende fabrikanten hebben een andere oplostijd. Daarom kunnen sommige afwastabletten bij korte programma’s niet tot hun volledige werking komen. Gebruik daarom afwastabletten voor afwasprogramma’s met voorspoelen.

21Het dagelijks gebruikGebruik van 3in1afwasmiddelenBij deze producten betreft het een afwasmiddel met een gecombineerde afwasmiddel, glansmiddel en zoutfunctie.Met het inschakelen van de 3in1functie–wordt het toevoegen van zout en glansmiddel vanuit het desbetreffende reservoir onderbroken.–wordt ontbreken van zout of glansmiddel niet meer aangegeven.–kunnen de vaatwasprogramma’s maximaal 30 minuten langer duren.3Als u 3in1vaatwasmiddel wilt gebruiken, dient u te controleren of deze middelen voor uw waterhardheid geschikt zijn (informatie fabrikant in acht nemen).Is de waterhardheid bij u hoger dan de door de fabrikant geadviseerde hardheid en u wilt desondanks 3in1reiniger gebruiken, ga dan als volgt te werk:•Stel bij geselecteerde 3in1functie de waterontharder een hardheidsniveau lager in dan bij vaatwassen zonder 3in1reiniger.•Vul het zout in het reservoir bij (als dit leeg is).De vaatwasser onthoudt de twee verschillende instellingen van de hardheid voor vaatwassen met 3in1functie en zonder 3in1functie.

Indicatie van toets brandt: 3in1functie is geselecteerd.Voor de start van het vaatwasprogramma het 3in1vaatwasmiddel in het vakje voor het vaatwasmiddel doseren.3Omdat bij het inschakelen van de 3in1functie de glansmiddeltoevoer automatisch wordt uitgeschakeld, kan het vanwege de uiteenlopende kwaliteit van 3in1vaatwasmiddelen voorkomen dat de vaat niet voldoende droog wordt.Ga in dat geval als volgt te werk (zie hoofdstuk ”Glansmiddel vullen“):•Glansmiddel in het reservoir vullen (als dit leeg is).•Dosering glansmiddel mechanisch op “2” instellen.•Glansmiddeltoevoer inschakelen.Als u geen 3in1producten meer gebruiktAls u geen 3in1producten meer wilt gebruiken, ga dan als volgt te werk: •Schakel de 3in1functie uit.•Vul het zoutvat en het vakje voor het glansmiddel.•Stel de waterontharder op de hoogste stand in en voer max.

drie normale cycli zonder belading uit.•Stel vervolgens de waterontharder op de plaatselijke waterhardheid in.Als u 4in1producten gebruiktBij gebruik van "4 in 1" vaatwasmiddelen die ook een een antiglascorrosiemiddel naar een "3 in 1" formule bevatten, dezelfde aanwijzing opvolgen als gegeven voor "3 in 1" vaatwasmiddelen.

23Het dagelijks gebruikAfwasprogramma kiezen (programmatabel)AfwasprogrammaGeschikt voor:SoortvervuilingProgrammaverloopVerbruikswaarden1)1) De verbruikswaarden zijn onder normomstandigheden bepaald. Deze zijn van de belading van de korven afhankelijk. In de praktijk zijn afwijkingen daarom mogelijk.VoorspoelenReinigenSpoelenNaspoelenDrogenDuur (minuten)Energie (kWh)Water (liter)AUTOMATIC(50°  65°)2)2) Bij dit programma wordt aan de hand van de vertroebeling van het spoelwater vastgesteld hoe sterk het servies vervuild is. Programmaduur, water en energieverbruik kunnen sterk variëren  afhankelijk van de belading en de mate van vervuiling.

Afhankelijk van de vervuiling wordt automatisch de temperatuur van het spoelwater tussen 50°C en 65°C aangepast.Servies en pannen normaal vervuild, opgedroogde etensresten • • 1 tot 2x • • 90  110 1,00  1,50 12  24 30 MIN(60°) 3)3) Bij dit programma de afwasautomaat slechts voor de helft beladen.Servies zonder pannenzojuist gebruikt, licht tot normaal vervuild    • • 30 0,8 9 INTENSIVCARE 70°4)4) Bij het glansspoelen de temperatuurverhoging gedurende 10 minuten op 68° instellen voor het hygiënisch of steriel reinigen van bijv. babyflessen, kunstsstof snijplanken of jampotten.Servies en pannensterk vervuild,opgedroogde etensresten, met name eiwit en zetmeel• • 2x • • 120  130 1,80  2,00 22  24 ECO 50°5)5) Testprogramma voor proefinstitutenServies en pannen, temperatuurgevoelig serviesnormaal vervuild ••••• 130  160 0,95  1,05 13  15

25Het dagelijks gebruikAfwasprogramma starten1. Controleer of de sproeiarmen vrij kunnen draaien.2. De kraan helemaal opendraaien.3. Sluit de deur.4. De toets AAN/UIT indrukken.5. Kies het gewenste programma. De programmaindicatie brandt. In het multidisplay wordt de te verwachten resterende looptijd van het programma aangegeven. 3De resterende looptijd in het multidisplay wordt tijdens het afwassen eventueel aangepast aan de belading, de mate van vervuiling, enzovoort.6. Sluit de deur. Het afwasprogramma begint.Afwasprogramma onderbreken of afbrekenOnderbreek een lopend afwasprogramma alleen als het absoluut noodzakelijk is. Afwasprogramma onderbreken door het openen van de deur van de afwasautomaat1Bij het openen van de deur kan hete damp naar buiten komen. Verbrandingsgevaar!1. De deur voorzichtig openen. Het afwasprogramma stopt.2. De deur sluiten. Het afwasprogramma loopt verder.

Afwasprogramma afbreken1. 2 3De functietoetsen en indrukken en ingedrukt houden. De LEDindicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.2. De functietoetsen loslaten. Het afwasprogramma is afgebroken.3. Als u een nieuw afwasprogramma wilt starten, controleer dan eerst of er afwasmiddel in het vakje aanwezig is.3Door het uitschakelen van de afwasautomaat wordt het gekozen afwasprogramma alleen onderbroken en niet afgebroken. Na het opnieuw inschakelen wordt het afwasprogramma voortgezet.

Het dagelijks gebruik26Starttijdkeuze instellen3Met de starttijdkeuze kunt u het begin van een afwasprogramma 1 tot 19 uur uitstellen.1. De toets starttijdkeuze zo vaak indrukken tot het gewenste startuitstel in de multidisplay verschijnt, bijv. 12h, als het afwasprogramma over 12 uur moet starten. De indicatie starttijdkeuze brandt.2. Afwasprogramma kiezen. 3. De resterende tijd tot de start van het afwasprogramma wordt doorlopend aangegeven (vb.12h 11h, , 10h, ... 1h enz.).Starttijdkeuze wijzigen:Als het afwasprogramma nog niet is gestart kunt u door het indrukken van de toets starttijdkeuze de instelling alsnog wijzigen:Starttijdkeuze annuleren:Druk zo vaak op de toets starttijdkeuze tot in de multidisplay de looptijd van het gekozen programma verschijnt.

Het gekozen programma start direct.Afwasprogramma wijzigenAls het afwasprogramma nog niet is gestart kunt u het alsnog wijzigen: eerst het afwasprogramma onderbreken, vervolgens een nieuwe starttijdkeuze instellen en als laatste een nieuw afwasprogramma kiezen.

27Het dagelijks gebruikAfwasautomaat uitschakelenDe afwasautomaat pas uitschakelen als de multidisplay “0“ als de resterende looptijd van het afwasprogramma aangeeft.1. De toets AAN/UIT indrukken. Alle indicaties gaan uit.2. De kraan dichtdraaien!1De deur voorzichtig openen, er kan hete damp naar buiten komen.•Heet servies is gevoelig voor stoten. Daarom het servies voor het uitruimen eerst ca. 15 minuten laten afkoelen. Daardoor ontstaat er tevens een beter droogresultaat.•Uw vaat droogt sneller als u de deur na afloop van het programma even helemaal open zet en vervolgens laat aanstaan.Machine leeghalen3Het is normaal dat de binnendeur en het vakje voor afwasmiddel vochtig zijn.•Eerst de onderste korf, dan de bovenste korf uitruimen. Daardoor voorkomt u dat restwater van de bovenste korf op servies in de onderste korf druppelt.

Onderhoud en reiniging28Onderhoud en reiniging1Geen meubelreinigingsmiddel of agressieve reinigingsmiddelen gebruiken.•De bedieningselementen van de afwasautomaat met een zachte doek en warm, schoon water reinigen.•De vakjes voor reinigingsmiddel, deurafdichting en watertoevoerslang (indien aanwezig) af en toe op vervuiling controleren en eventueel reinigen.Reiniging van de zeven3De zeven moeten regelmatig worden gecontroleerd en gereinigd. Vervuilde zeven beïnvloeden het afwasresultaat.1. Deur openen, onderste korf uitnemen.2. Greep ongeveer een kwart slag linksom (A) draaien en het zeefsysteem uitnemen (B).3. Fijne zeef (1) aan het greepoog vastpakken en uit de microfilter (2) trekken.4. Alle zeven onder stromend water grondig reinigen.

29Wat te doen als…5. Platte zeef (3) uit de bodem van de afwasautomaat nemen en aan beide zijden grondig reinigen.6. Platte zeef weer plaatsen.7. Fijne zeef in de microfilter plaatsen en in elkaar drukken.8. Zeefsysteem inzetten en vergrendelen door de greep zover mogelijk rechtsom te draaien. Opletten dat de platte zeef niet buiten de kuipbodem uitsteekt.1Zonder zeven mag de afwasautomaat onder geen enkele voorwaarde worden gebruikt.Wat te doen als…Kleine storingen zelf verhelpenVoordat u de klantservice belt, dient u eerst te controleren of u de storing–zelf aan de hand van de volgende fouttabel kunt verhelpen of–dat het probleem niet wordt veroorzaakt door verkeerde elektrische aansluitingen of wateraansluitingen.Als u dit nalaat en een van de hierboven genoemde gevallen doet zich voor, moet de monteur ondanks de garantieperiode toch kosten in rekening brengen.

Als tijdens het gebruik een van de volgende foutcodes in de multidisplay wordt aangegeven:–Foutcode Å 10 (problemen met de watertoevoer),–Foutcode Å 20 (problemen met de waterafvoer),kijk dan in de onderstaande tabel.Druk nadat de storing is opgelost op de toets van het begonnen afwasprogramma. Het afwasprogramma loopt verder.Bij andere foutcodes (“Å“ gevolgd door een getal): –Afwasprogramma onderbreken. –Apparaat uit en weer inschakelen. –Het afwasprogramma opnieuw instellen. Als de storing nogmaals wordt aangegeven neem dan contact op met de serviceafdeling en noem de foutcode.

Wat te doen als…30Storing Mogelijke oorzaak OplossingProgrammaindicatie van het gekozen afwasprogramma knippert:de multidisplay geeft de foutcode Å 10 aan:(Problemen met de watertoevoer)De kraan is verkalkt of is defect.Controleer de kraan, indien nodig laten repareren.De kraan is gesloten. Open de kraan.Zeef (indien aanwezig) in de slangkoppeling aan de kraan is verstopt.Zeef in de slangkoppeling reinigen.De zeven in de kuipbodem zijn verstopt.Breek het programma af (zie hoofdstuk: Vaatwasprogramma starten),reinig de zeven (zie hoofdstuk: Reiniging van de zeven).Start vervolgens het vaatwasprogramma opnieuw.Watertoevoerslang ligt niet goed.De ligging van de slang controleren.De programmaindicatie van het gekozen afwasprogramma knippert,de multidisplay geeft de foutcode Å 20 aan: (Problemen met de waterafvoer)De sifon is verstopt.

De sifon reinigen.Waterafvoerslang ligt niet goed.De ligging van de afvoerslang controleren.De multidisplay geeft de foutcode Å 30 aan:Het beveiligingssysteem tegen wateroverlast is in werking getreden.Draai eerst de kraan dicht, schakel vervolgens het apparaat uit en neem contact op met de serviceafdeling.Het programma start niet.De stekker zit niet in hetstopcontact.De stekker in het stopcontact steken.De zekering in de huisinstallatie is niet in orde. De zekering vervangen.Bij modellen met starttijdkeuze:er is een starttijdkeuze ingesteld.Als het servies direct afgewassen moet worden, de starttijdkeuze uitschakelen.

31Wat te doen als…In de kuip zijn roestvlekken zichtbaar.De kuip is van roestvrij staal. Roestvlekken in de kuip zijn op vreemd roest terug te voeren (roestdelen afkomstig uit de waterleiding, van pannen, bestek, enz.). Verwijder dergelijke vlekken met gangbare reinigingsmiddelen voor edelstaal.Alleen daarvoor geschikt bestek en servies in de afwasautomaat reinigen.Fluitend geluid tijdens het afwassen.Het fluiten geeft geen reden tot zorgen.Het apparaat met een in de handel verkrijgbaar ontkalkingmiddel, geschikt voor het reinigen van afwasautomaten, ontkalken.Als na het ontkalken de geluiden nog steeds waarneembaar zijn, gebruik dan een afwasmiddel van een ander merk voor het reinigen van bestek en servies.Storing Mogelijke oorzaak Oplossing

Wat te doen als…32Als het vaatwasresultaat niet bevredigend isDe vaat wordt niet schoon.•U hebt niet het juiste vaatwasprogramma gekozen.•De vaat was zo in de machine geplaatst dat het water niet alle delen heeft kunnen bereiken. De vaatkorven mogen niet te vol worden geladen.

•De zeven op de bodem van de vaatwasser zijn niet schoon of verkeerd geplaatst.•Er is geen merkvaatwasmiddel gebruikt of te weinig vaatwasmiddel gedoseerd.•Bij kalkafzetting op de vaat: Het zoutreservoir is leeg of de wateronthardingsvoorziening is verkeerd ingesteld.•De afvoerslang is niet correct gelegd.•Als in het vak voor het vaatwasmiddel na afloop van het programma nog vaatwasmiddelresten aanwezig zijn, was ofwel de sproeiarm geblokkeerd of zijn de sproeiarmopeningen door verontreinigingen in het spoelwater verstopt geraakt.U hebt de mogelijkheid de sproeiarmen voor reiniging uit hun bevestiging los te maken (zie hoofdstuk ”Reiniging en onderhoud“).De vaat wordt niet droog en krijgt geen glans.•Er is geen merkglansmiddel gebruikt.•Het glansmiddelreservoir is leeg.Op glazen en overige vaat zijn vegen, strepen, melkachtige vlekken of een blauwachtige aanslag zichtbaar.•Glansmiddeldosering lager instellen.Op glazen en overige vaat blijven opgedroogde waterdruppels achter.•Glansmiddeldosering hoger instellen.•Het vaatwasmiddel kan de oorzaak zijn.

Aanwijzingen voor testinstituten34Aanwijzingen voor testinstitutenDe test volgens EN 60704 moet bij een volle belading met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.De testen volgens EN 50242 moeten met een volledig gevuld zoutvakje van de waterontharder, met een volledig gevuld vakje voor glansmiddel en met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd. Voorbeelden voor het beladen van de afwasautomaat: Volle belading:12 standaardcouverts incl. dienbestekDosering van het afwasmiddel: 5 g + 25 g (type B)Instelling van het glansmiddel: 4 (type III)Bovenste korf *)*) Eventueel de aan de linkerkant beschikbare kopjesrekken evenals de eventueel beschikbare bestekhouder verwijderen.

Opstel en aansluitaanwijzing36Opstel en aansluitaanwijzing1Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie•De afwasautomaat alleen staand transporteren omdat anders zout water uit de machine kan lopen.•Voor de ingebruikname de afwasautomaat op transportschade controleren. Een beschadigd apparaat in geen geval aansluiten. Neem in geval van schade contact op met uw leverancier.•Neem de afwasautomaat nooit in gebruik als het aansluitsnoer, de toe of afvoerslang beschadigd zijn of als het bedieningspaneel, het bovenblad of de sokkel dermate beschadigd zijn dat het apparaat open toegankelijk is.•De stekker altijd in een volgens de voorschriften geïnstalleerd randgeaard stopcontact steken.•Controleer vóór de ingebruikname of de op het typeplaatje van het apparaat aangegeven netspanning en stroomsoort met de netspanning en stroomsoort op de opstellingsplaats overeenkomen.

De vereiste elektrische zekering is eveneens op het typeplaatje aangegeven.•Meerwegstekkers en/of verbindingen en verlengsnoeren mogen niet worden gebruikt. Brandgevaar als gevolg van oververhitting!•Het aansluitsnoer van de afwasautomaat mag alleen door de serviceafdeling of een erkend vakman worden vervangen.•Een toevoerslang met veiligheidsventiel mag alleen door de serviceafdeling worden vervangen.

37Opstellen van de afwasautomaatOpstellen van de afwasautomaat•De afwasautomaat dient op een vaste vloer opgesteld te worden, stabiel en horizontaal te staan en in alle richtingen uitgelijnd te worden.•Om oneffenheden in de vloer te compenseren en de apparaathoogte t.o.v. andere meubels aan te passen, kunnen de schroefvoeten met een schroevendraaier worden uitgedraaid.•De achterst apparaatvoet kan met een schroevendraaier aan de voorzijde van het apparaat worden ingesteld (zie montageaanwijzing).•Afvoerslang, toevoerslang en aansluitsnoer moeten binnen de sokkeluitsparing achter vrij beweeglijk liggen opdat ze niet afgeklemd of platgedrukt worden.•De afwasautomaat moet bovendien aan het doorlopende keukenwerkblad of de aangrenzende meubels vastgeschroefd worden. Deze maatregel is absoluut noodzakelijk opdat de kiepveiligheid volgens VDEvoorschrift gegarandeerd is.

Geïntegreerde afwasautomaat(zie bijgevoegd montagesjabloon)De meegeleverde montageplaat is bedoeld voor het eenvoudig monteren en stabiel bevestigen van een samengestelde deur bestaande uit een ladeblende en onderdeur.

Aansluiten van de afwasautomaat38Aansluiten van de afwasautomaatWateraansluiting •De afwasautomaat kan zowel aan koud water als aan warm water tot max. 60 °C aangesloten worden.•De afwasautomaat mag niet aan open warmwaterapparatuur of een geiser worden aangesloten.Toegestane waterdrukToevoerslang aansluiten1De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.De toevoerslang met de slangkoppeling (ISO 2281:2000) aan een kraan met buitenschroefdraad (¾ inch) aansluiten.

De toevoerslang is of van een kunststof of van een metalen aansluitmoer voorzien:–De aansluitmoer van de slangkoppeling alleen met de hand aandraaien.Vervolgens visueel op lekken controleren (controleren of de kraan niet druppelt).3Opdat de beschikbaarheid van water in de keuken niet wordt beperkt adviseren wij om een extra kraan te installeren.1Waarschuwing: gevaar voor elektrische schok (geldt alleen voor vaatwassers met veiligheidsklep).De elektrische kabel voor de veiligheidsklep loopt door de dubbelwandige toevoerslang en staat onder spanning.De toevoerslang en de veiligheidsklep nooit in water onderdompelen.Laagste toegestane waterdruk:0,1 MPa ( = 1 bar = 10 N/cm2 )Bij een waterdruk van minder dan0,1 MPa verzoeken wij u contact met uw installateur op te nemen.Hoogste toegestane waterdruk:1 MPa ( = 10 bar = 100 N/cm2 )Bij een waterdruk die hoger is dan 1 MPa dient een drukverlagingsklep voorgeschakeld te worden (verkrijgbaar bij uw vakhandel).

39Aansluiten van de afwasautomaatWaterafvoerAfvoerslang1De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.•Aansluiting van de afvoerslang:maximale toegestane hoogte boven de onderkant van het apparaat: 60 cm.Verlengslangen•Verlengslangen zijn via de vakhandel of onze serviceafdeling te verkrijgen. De binnendiameter van de verlengslang moet 19 mm zijn, opdat de functie van het apparaat niet wordt verstoord.•De totale lengte incl. verlengingsslang mag max. 4 meter bedragen.Sifonaansluiting•De tuit van de afvoerslang (ø 19 mm) past op alle gangbare sifontypes.

De buitendiameter van de sifonaansluiting moet ten minste 15 mm zijn.•De afvoerslang moet met de bijgeleverde slangklem aan de sifonaansluiting worden bevestigd.Beveiliging tegen wateroverlastTer voorkoming van waterschade is de afwasautomaat met een systeem ter beveiliging tegen wateroverlast uitgerust.In geval van een storing sluit de veiligheidsklep in de toevoerslang onmiddellijk de watertoevoer af.toegestaan bereik

Aansluiten van de afwasautomaat40Elektrische aansluitingGegevens over netspanning, stroomsoort en vereiste zekering zijn op het typeplaatje aangegeven. Het typeplaatje is aan de rechterbinnenkant van de deur van de afwasautomaat aangebracht.Om de afwasautomaat van het net te scheiden dient de stekker uit het stopcontact getrokken te worden.Let op: –Veiligheidsnormen vereisen dat het apparaat wordt geaard. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor het nalaten van de hierboven genoemde veiligheidsmaatregelen.–De stekker moet na het installeren van het apparaat toegankelijk blijven.

41GarantievoorwaardenGarantievoorwaardenNederlandOnze producten worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het voorkomen dat er een defect optreedt. Onze servicedienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de garantietermijn. De levensduur van het product wordt daardoor niet negatief beïnvloed. Onderstaande garantievoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet. Ook de garantieverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast. Voor dit product verlenen wij garantie volgens onderstaande voorwaarden:1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het product die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker.

In geval van professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik is de garantie beperkt tot 12 maanden. Voor tweedehands producten geldt eveneens een termijn van 12 maanden. 2. De garantieprestatie houdt in dat het product kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen worden ons eigendom. 3. Het gebrek moet terstond gemeld worden om mogelijke verdere schade te voorkomen. De garantieaanspraak vervalt indien het gebrek niet binnen twee maanden na vaststelling is gemeld. 4. Voor een beroep op garantie dient het aankoopbewijs met aankoop en/of leveringsdatum te worden overlegd. Bij ontbreken daarvan dient ander overtuigend bewijs te worden overlegd. 5.

De garantie geldt evenmin voor schade veroorzaakt door:a. chemische en elektrochemische inwerking van water,b. abnormale milieuomstandigheden in het algemeen,c. voor het product oneigenlijke bedrijfsomstandigheden,d. contact met agressieve stoffen. 8. De garantie heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid is ontstaan, nietvakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in acht nemen van de gebruiks of montageaanwijzingen. 9. Het recht op garantie vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het product voorzien werd van toebehoren of onderdelen die niet origineel zijn en daardoor een defect veroorzaken. 10.

Producten die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd aan of gezonden naar onze servicedienst. Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of ingebouwde producten. 11. Indien het product zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd voor het in en uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, worden de hierdoor ontstane extra kosten aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale in of uitbouw komt ten laste van de gebruiker. 12. Indien binnen de garantieperiode de herstelling van hetzelfde defect herhaaldelijk mislukt of de herstellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging geleverd. In geval van vervanging behouden we ons het recht voor om een vergoeding te rekenen naar rato van de verstreken gebruiksperiode. 13.

Verdere of andere aanspraken, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het product, zijn uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd. 16. In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het product niet overtreffen, tenzij wettelijk anders is bepaald. Deze garantievoorwaarden gelden voor in Nederland gekochte en/of in gebruik zijnde producten. Indien een product naar het buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het product voldoet aan de technische voorwaarden ( o. a. spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden) in het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte producten dient de gebruiker zich te vergewissen.

Garantievoorwaarden42van de bepalingen in Nederland. Noodzakelijke of gewenste aanpassingen vallen niet onder de garantie, en kunnen niet altijd worden aangebracht. Ook na afloop van de garantietermijn staat onze servicedienst u ter beschikking. Adres Servicedienst:Electrolux ServiceVennootsweg 12404 CG ALPHEN AAN DEN RIJNReparatievoorwaardenOnze reparatievoorwaarden zijn conform de afspraak tussen de Consumentenbond en Vlehan*. Art. 1 Aan de consument zal na een melding van een storing zo mogelijk direct, doch uiterlijk binnen één werkdag worden medegedeeld op welke dag het bezoek van de technicus zal plaatsvinden. De reparatie zal als regel binnen zeven werkdagen na de melding zijn uitgevoerd. Art. 2a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal de technicus een onderzoek uitvoeren naar de vermoedelijke oorzaak van de gemelde storing.

Aan de hand hiervan zal hij een zo nauwkeurig mogelijke, gespecificeerde begroting maken van de totale reparatiekosten inclusief voorrijkosten en diagnosekosten. Desgevraagd zal deze begroting door de technicus schriftelijk worden vastgelegd. b) Indien de consument met het begrote bedrag niet akkoord gaat, zal op verzoek het te repareren toestel worden teruggebracht in de staat waarin het aan de technicus werd aangeboden. Nadat dit is geschied, zullen alleen de kosten van voorrijden en arbeidsloon in rekening worden gebracht op basis van de werkelijke bestede tijd, danwel van een vooraf vastgesteld tarief. Art.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux Favorit 64080 IM stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden