AEG Electrolux Favorit 60870 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG Electrolux Favorit 60870 (48 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 65 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over AEG Electrolux Favorit 60870 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | AEG Electrolux |
| Categorie: | Vaatwasser |
| Model: | Favorit 60870 |
Handleiding AEG Electrolux Favorit 60870 – volledige tekst
2Geachte mevrouw, heerHartelijk dank voor het kiezen van een van onze kwaliteitsproducten. U heeft een goede keuze gemaakt. Zo kunt u dankzij de combinatie van functioneel design en hoogwaardige technologie rekenen op optimale prestaties en bedieningsgemak. En onze zorg voor het milieu, komt o.a. tot uitdrukking in het energiebesparend functioneren van dit apparaat. Om er zeker van te zijn dat uw apparaat optimaal en onberispelijk presteert, dient u deze gebruiksaanwijzing aandachtig door te lezen. Dan zult u alle processen perfect en zeer efficiënt kunnen besturen.Wij raden u aan deze gebruiksaanwijzing goed te bewaren, zodat u nog eens iets kunt nalezen.
En wilt u dit boekje doorgeven aan een eventuele volgende eigenaar van het apparaat.Wij wensen u veel succes met uw nieuwe apparaat.In deze gebruiksaanwijzing worden de volgende symbolen gebruikt: 1Belangrijke informatie over uw persoonlijke veiligheid en informatie over het voorkomen van schade aan het apparaat.3Algemene informatie en tips2Milieuinformatie
3InhoudInhoudGebruiksaanwijzing 4Veiligheid 4Apparaataanzicht 5Bedieningspaneel 6De eerste keer gebruiken 9Waterontharder instellen 9Speciaal zout doseren 11Glansmiddel doseren 12Het dagelijks gebruik 15Bestek en servies in de machine plaatsen 15Bovenste korf in hoogte verstellen 21Afwasmiddel doseren 22Gebruik van 3in1afwasmiddelen 24Afwasprogramma kiezen (programmatabel) 26Afwasprogramma starten 28Starttijdkeuze instellen 29Afwasautomaat uitschakelen 30Onderhoud en reiniging 31Wat te doen als… 33Kleine storingen zelf verhelpen 33Als het vaatwasresultaat niet bevredigend is 36Afvalverwerking 37Technische gegevens 37Aanwijzingen voor testinstituten 38Opstel en aansluitaanwijzing 39Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie 39Opstellen van de afwasautomaat 39Aansluiten van de afwasautomaat 40Garantie/Adres serviceafdeling 43Adres serviceafdeling 45Service 47
Gebruiksaanwijzing4Gebruiksaanwijzing1VeiligheidVoor de eerste keer gebruiken•Volg de ”Opstel en aansluitaanwijzing” op.Gebruik volgens de voorschriften•De afwasautomaat is alleen bestemd voor het afwassen van huishoudservies.•Constructieve wijzigingen of veranderingen aan de afwasautomaat zijn niet toegestaan.•Alleen speciaal zout, afwasmiddel en glansmiddel gebruiken dat voor afwasautomaten voor huishoudelijk gebruik bestemd is.•Geen oplosmiddelen in de afwasautomaat doseren. Explosiegevaar!Veiligheid voor kinderen•Verpakkingsonderdelen buiten het bereik van kinderen houden. Verstikkingsgevaar! •Kinderen kunnen het gevaar dat aan het omgaan met elektrische apparaten verbonden is, vaak niet inschatten. Laat kinderen niet zonder toezicht bij de afwasautomaat.•Controleer of kinderen of huisdieren niet in de afwasautomaat kunnen klauteren.
Levensgevaar!•Afwasmiddelen kunnen levensgevaarlijk zijn voor ogen, mond en keel. De veiligheidsaanwijzingen van de afwasmiddelenfabrikant moeten worden opgevolgd.•Het water in de afwasautomaat is geen drinkwater. Gevaarlijk voor de gezondheid!Algemene veiligheid•Reparaties aan de afwasautomaat mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. •Als de afwasautomaat niet gebruikt wordt, het apparaat uitschakelen en de waterkraan dichtdraaien.•De stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar altijd aan de stekker.•Let erop dat de machinedeur, behalve bij vullen en leeghalen, altijd dicht is. Zo voorkomt u dat iemand over de open deur struikelt en zich bezeert.
5Apparaataanzicht•Ga nooit op de geopende deur staan of zitten.•Staat de afwasautomaat in een ruimte waar het kan gaan vriezen, dan dient na ieder gebruik de aansluitslang van de waterkraan gescheiden te worden.Apparaataanzicht1Deze vaatwasser is in de spoelruimte voorzien van een lamp die aan en uitgaat met het openen en sluiten van de deur van de vaatwasser.Binnenlamp voorzien van KLASSE 1 ledlamp, overeenkomstig EN 608251: 1994 + A1:2002 + A2:2001Raadpleeg ELECTROLUX Service als de lamp moet worden vervangen.PlafondsproeiarmBovenkorfsproeiarm enbodemsproeiarmSchakelaar hardheidsbereikVoorraadvat voor zoutVakje voorafwasmiddelVoorraadvakje voor glansmiddelTypeplaatjeZevenBinnenverlichting
7BedieningspaneelFunctietoetsen: Naast het aangegeven afwasprogramma kunnen met behulp van deze toetsen de volgende functies worden ingesteld: De glansmiddeltoevoer wordt alleen beïnvloed als de 3in1functie is geselecteerd.De multidisplay kan aangeven:–op welk hardheidsniveau de waterontharder is ingesteld.–of de glansmiddeltoevoer in of uitgeschakeld is.–welke starttijd is ingesteld.–hoe lang een lopend afwasprogramma naar verwachting nog duurt.–van welke storing aan de afwasautomaat sprake is. Functietoets 1 Waterontharder instellenFunctietoets 2 Glansmiddeltoevoer in en uitschakelen bij 3in1 ingeschakeldFunctietoets 3 niet in gebruik StarttijdkeuzeinstellenMultidisplay Indicatie van het programmaverloopControlelampjes3in1functie kiezen
Bedieningspaneel8Indicatie van het programmaverloop: in de indicatie van het programmaverloop wordt altijd de actuele programmafase aangegeven. Controlelampjes hebben de volgende betekenis: ZOUT 1)1) Deze controleindicaties branden niet tijdens het lopende afwasprogramma.Zout bijvullenGLANSMIDDEL 1) Glansmiddel bijvullen WATER Waterkraan opendraaienZEEF Zeefsysteem van de afwasautomaat reinigenDEUR De deur van de afwasautomaat is open
9De eerste keer gebruikenDe eerste keer gebruiken3Als u een 3in1afwasmiddel wilt gebruiken:– Lees a.u.b. eerst hoofdstuk ”Gebruik van 3in1 afwasmiddelen”.– Niet vullen met zout, noch met glansmiddel.Als u geen 3in1vaatwasmiddel gebruikt, dient u alvorens de vaatwasser in gebruikte nemen:1. Waterontharder instellen2. Zout voor de waterontharder doseren3. Glansmiddel doserenWaterontharder instellenDe wateronderharder moet mechanisch en elektronisch worden ingesteld.3Om kalkafzettingen op servies en in de afwasautomaat te voorkomen, moet het servies met zacht d.w.z. kalkarm water worden afgewassen. De waterontharder moet volgens de tabel op de waterhardheid binnen uw woongebied worden ingesteld. Informatie over de plaatselijke waterhardheid kunt u bij het betreffende waterleidingbedrijf verkrijgen.De afwasautomaat moet uitgeschakeld zijn. Mechanische instelling:1.
De eerste keer gebruiken10Elektronische instelling:1. De toets AAN/UIT indrukken.3Als alleen de LEDindicatie van een programmatoets brandt, is dit afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden geannuleerd:De functietoetsen 1en 2 gedurende ca. 2 seconden gelijktijdig indrukken. De LEDindicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.2. De functietoetsen 1en 2 gelijktijdig indrukken en ingedrukt houden.De LEDindicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.3. Functietoets 1 indrukken.De LEDindicatie van de functietoets 1 knippert.De multidisplay geeft het ingestelde hardheidsniveau aan.4. Het drukken op de functietoets 1 verhoogt het hardheidsniveau met 1.(Uitzondering: na hardheidsniveau 10 volgt hardheidsniveau 1).5. Als het hardheidsniveau correct is ingesteld, op de AAN/UITtoets drukken.Het hardheidsniveau is dan opgeslagen.
Als de waterontharder elektronisch op “1“ wordt ingesteld, dan wordt daarmee het controlelampje voor zout uitgeschakeld.Waterhardheid Instelling van het hardheidsniveau Indicatie op de multidisplayin °d1)1) (°d) Duitse graden, maat voor de waterhardheidin mmol/l2)2) (mmol/l) millimol per liter, internationale eenheid voor waterhardheidBereik mechanisch elektronisch51 7043 5037 4229 3623 289,0 12,57,6 8,96,5 7,55,1 6,44,0 5,0IV2*103)98763) Bij deze instelling kan de looptijd van het programma iets langer worden.*) instelling door de fabriek10L .9L8L7L6L19 2215 183,3 3,92,6 3,2 III 5*45L4L111 1 4 1,9 2,5 II 33L4 10 0,7 1,8 I/II 22Londer 4 onder 0,7 I1geen zout nodig1L
11De eerste keer gebruikenSpeciaal zout doserenOm de waterontharder te ontkalken dient speciaal zout gedoseerd te worden. Alleen zout dat voor afwasautomaten voor huishoudelijk gebruik bestemd is gebruiken.Als u geen 3in1afwasmiddel gebruikt, doseer dan zout:–Als u de afwasautomaat voor de eerste keer gebruikt.–Als op het bedieningspaneel het controlelampje voor zout brandt.1. Deur openen, onderste korf uitnemen2. Afsluitdop van het voorraadvat van het zout linksom opendraaien.3. Alleen de eerste keer:Het zoutvoorraadvat geheel met water vullen.4. De meegeleverde trechter in de opening van het voorraadvat steken.Zout in het voorraadvat doseren, inhoud afhankelijk van de korrelgrootte ca. 1,01,5 kg. Het voorraadvat niet overmatig vullen.3Het kan geen kwaad als bij het doseren van het zout water overloopt.5. De opening van het voorraadvat van zoutresten ontdoen.6.
De afsluitdop rechtsom dichtdraaien.7. Na het doseren van het zout een afwasprogramma starten. Daardoor worden overgelopen zout water en zoutkorrels weggespoeld.3Afhankelijk van de korrelgrootte kan het enige uren duren voordat het zout in het water is opgelost en het controlelampje voor zout weer uitgaat.
De eerste keer gebruiken12Glansmiddel doserenOmdat het glansmiddel het spoelwater beter laat aflopen krijgt u vlekvrij, glanzend servies en heldere glazen.Als u geen 3in1afwasmiddel gebruikt, doseer dan glansmiddel:–Als u voor de eerste keer de afwasautomaat gebruikt.–Als op het bedieningspaneel het controlelampje voor glansmiddel brandt.Gebruik alleen speciaal glansmiddel voor afwasautomaten en geen andere vloeibare reinigingsmiddelen. 1. De deur openen. Het vakje voor het glansmiddel bevindt zich op de binnenzijde van de deur van de afwasautomaat.2. Ontgrendelingsknop van het glansmiddelvak indrukken.3. Deksel openklappen.4. Glansmiddel langzaam en precies tot de streepmarkering “max“ doseren; dat komt ongeveer overeen met een hoeveelheid van 140 ml 5. Deksel dichtdrukken tot deze vastklikt.6. Als er glansmiddel naast is gelopen, moet dit met een doek worden weggeveegd.
13De eerste keer gebruikenGlansmiddeldosering instellen3De dosering alleen dan veranderen als op glazen en servies vegen, melkachtige vlekken (dosering lager instellen) of opgedroogde waterdruppels (dosering hoger instellen) te zien zijn (zie hoofdstuk “Als het afwasresultaat niet bevredigend is“). De dosering kan van 16 worden ingesteld. Door de fabriek is de dosering op “4“ ingesteld. 1. De deur van de afwasautomaat openen.2. Ontgrendelingsknop van het glansmiddelvak indrukken.3. Deksel openklappen.4. De dosering instellen.5. Deksel dichtdrukken tot deze vastklikt.6. Als er glansmiddel is uitgelopen, moet dit met een doek worden weggeveegd.
De eerste keer gebruiken14Glansmiddeltoevoer bij geselecteerd 3in1functie inschakelen3Als de 3in1functie niet is geselecteerd, is de glansmiddeltoevoer altijd ingeschakeld.Als de 3in1functie door het gebruik van 3in1afwasmiddelen is geselecteerd, wordt de glansmiddeltoevoer uitgeschakeld. Als het servies dan onvoldoende wordt gedroogd, dient de glansmiddeltoevoer weer ingeschakeld te worden (zie ook hoofdstuk “Gebruik van 3in1afwasmiddelen“).1. De toets AAN/UIT indrukken.3Als alleen de LEDindicatie van een programmatoets brandt, is dit afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden geannuleerd:De functietoetsen 1en 2 gedurende ca. 2 seconden gelijktijdig indrukken. De LEDindicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.2. De functietoetsen 1en 2 gelijktijdig indrukken en ingedrukt houden.De LEDindicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.3.
15Het dagelijks gebruikHet dagelijks gebruikBestek en servies in de machine plaatsen 1Sponzen, huishouddoeken en alle voorwerpen die water opnemen mogen niet in de afwasautomaat worden gereinigd. Servies voorzien van een kunststof en/of teflonlaag houdt waterdruppels sterk vast. Daarom droogt dit type servies iets minder goed dan porselein en edelstaal. •Voordat u het servies in de machine plaatst, moet u:–grove etensresten verwijderen. –pannen met ingebrande etensresten inweken. •Bij het plaatsen van het servies en het bestek op het volgende letten:–Het servies en het bestek mogen de sproeiarmen niet in hun draaibeweging hinderen. –Schoteltjes, kopjes, glazen, pannen, enz. met de opening naar onderen plaatsen, opdat er geen water in kan achterblijven. –Servies en bestekdelen mogen niet in elkaar worden geplaatst of elkaar afdekken.
–Om glasbeschadigingen te voorkomen mogen glazen elkaar niet aanraken. –Kleine voorwerpen (bijv. deksels) niet in de servieskorven maar in de bestekkorf plaatsen zodat ze niet door de korf naar beneden kunnen vallen. Voor het afwassen in de afwasautomaat is het volgende bestek/serviesniet geschikt: wel geschikt:•Bestek voorzien van een houten, hoornen, porseleinen of paarlemoergreep•Niet hittebestendige kunststofdelen•Ouder bestek waarvan de lijmtemperatuurgevoelig is•Gelijmd servies of bestekdelen•Voorwerpen van tin en koper•Kristal•Roestgevoelige staaldelen•Houten plankjes•Kunstvoorwerpen•Aardewerkservies alleen in de afwasautomaat reinigen als dit door de fabrikant expliciet als daarvoor geschikt is benoemd. •Op het glazuur aangebrachte versieringen kunnen na zeer vaak machinaal afwassen verbleken. •Zilveren en aluminiumonderdelen kunnen als gevolg van het afwassen verkleuren.
Het dagelijks gebruik16Bestek inruimen1Waarschuwing: Messen met een scherpe punt en scherpkantig bestek dienen vanwege het risico op verwondingen in het bestekvak of in de bovenste korf te worden geplaatst.Messen, kleine lepels en kleine vorken in het bestekvak inruimen, dat zich op de bovenste korf bevindt. Vorken en lepels die niet in het bestekvak passen, plaatst u in de bestekkorf. Opdat alle bestekdelen in de bestekkorf door water worden omspoeld, moet u:Voor grotere bestekdelen zoals bijv. een garde, kan een helft van het bestekrooster weggelaten worden.De bestekkorf is openklapbaar. De tweedelige greep moet bij het eruit nemen altijd volledig met de hand worden omsloten.1. Plaats de bestekkorf op een tafel of op het bovenblad.2. Klap de beide delen van de greep uit elkaar.3.
17Het dagelijks gebruikOnderste korf en bovenste korf laden / uitladenVoor het laden en uitladen de onderste en bovenste korf in het midden van de voorgreep uittrekken of terugschuiven. Schalen, pannen, grote bordenGroter en sterk vervuild servies in de onderste korf plaatsen(Borden met een max. doorsnede van 29 cm). Om grotere serviesdelen gemakkelijk te kunnen neerzetten, zijn de achterste bordenrekken van de onderste korf inklapbaar.
Het dagelijks gebruik18Bierglazen en flûtesIn de bierglashouder, links in de onderkorf, kunnen tot vier Duitse bierglazen, fluitjes, enz. worden gehangen.Indien nodig kan de bierglashouder omhoog worden geklapt.De bierglashouder kan worden geruild tegen twee extra te leveren kopjesrekken, die tevens voor Proseccoglazen of flûtes kunnen worden gebruikt.1. De bierglashouder kunt u verwijderend door deze omhoog te trekken en een geringe druk aan de onderkant van de inhanghaken uit te oefenen. 2. Kopjesrekken met inhanghaken op de dwarslatjes Aof B inhaken. Door een geringe druk op de inhanghaakjes vastklikken.3. Het verwijderen van het kopjesrek is identiek aan het verwijderen van de bierglashouder.4. Voor witbierglazen van normale grootte bierglashouder op dwarslat A plaatsen, voor zeer zware kortere glazen op dwarslat B.
19Het dagelijks gebruikHet rooster voor de bevestiging van de bierglashouder of het kopjesrek kan, indien gewenst worden verwijderd. 1. Het rooster met de duimen naar achteren schuiven (zie grafiek).1Let op: Verwondingsgevaar:Niet met de hand in het rooster grijpen; de hand ter ondersteuning onder het rooster van de bestekkorf plaatsen.2. Het rooster kan weer worden bevestigd, door het naar voren te schuiven.Kopjes, glazenKlein, teer servies of lange, puntige bestekdelen in de bovenste korf plaatsen. •Serviesdelen op en onder het opklapbare kopjesrek om en om plaatsen zodat het water de diverse delen kan bereiken.
Het dagelijks gebruik20•Voor hoge serviesdelen kunnen de kopjesrekken omhoog worden geklapt.•Wijn of cognacglazen in de kopjesrekken hangen of hiertegen laten steunen.•Voor glazen met een lange voet klapt u het glasrek naar rechts, anders laat u het rek naar links ingeklapt.•De reeks pennen links in de bovenste korf kan eveneens in twee delen worden omgeklapt.Pennenreeks niet omgeklapt: glazen, bekers, enzovoort in de bovenste korf plaatsen.Pennenreeks omgeklapt: meer ruimte voor schalen.
Het dagelijks gebruik22Afwasmiddel doserenAfwasmiddelen lossen de vervuilingen van servies en bestek op. Het afwasmiddel moet vóór de start van het programma worden gedoseerd.1Gebruik alleen afwasmiddel voor huishoudafwasautomaten.Het vakje voor het afwasmiddel bevindt zich op de binnenzijde van de deur.1. Als het deksel gesloten is:Ontgrendelingsknop indrukken.Deksel springt open.2. Afwasmiddel in het vakje voor afwasmiddel doseren. Als doseerhulp voor afwasmiddel in poedervorm dienen de markeringen: “20/30“ is gelijk aan ca. 20/30 ml afwasmiddel. Doseer en bewaaradviezen van de fabrikant opvolgen.3. Deksel dichtklappen en aandrukken tot deze vastklikt.3Bij zeer sterk vervuild servies moet extra afwasmiddel in het zijvakje worden gedoseerd (1). Dit afwasmiddel is reeds bij het voorspoelen werkzaam.
23Het dagelijks gebruikCompacte afwasmiddelenAfwasmiddelen voor afwasautomaten zijn vandaag de dag bijna uitsluitend compacte afwasmiddelen, in tablet of poedervorm, met een laag alkalisch gehalte en natuurlijke enzymen.250 °Cafwasprogramma’s in combinatie met deze compacte afwasmiddelen ontlasten het milieu en sparen uw servies, omdat deze afwasprogramma’s speciaal op de vuiloplossende eigenschappen van de enzymen in compacte afwasmiddelen zijn afgestemd. Daarom bereiken 50 °Cafwasprogramma’s in combinatie met compacte afwasmiddelen dezelfde afwasresultaten die anders alleen met 65 °Cprogramma’s bereikt kunnen worden.Afwastabletten3Afwastabletten van verschillende fabrikanten hebben een andere oplostijd. Daarom kunnen sommige afwastabletten bij korte programma’s niet tot hun volledige werking komen. Gebruik daarom afwastabletten voor afwasprogramma’s met voorspoelen.
Het dagelijks gebruik24Gebruik van 3in1afwasmiddelenBij deze producten betreft het een afwasmiddel met een gecombineerde afwasmiddel, glansmiddel en zoutfunctie.Met het inschakelen van de 3in1functie–wordt het toevoegen van zout en glansmiddel vanuit het desbetreffende reservoir onderbroken.–wordt ontbreken van zout of glansmiddel niet meer aangegeven.–kunnen de vaatwasprogramma’s maximaal 30 minuten langer duren.3Als u 3in1vaatwasmiddel wilt gebruiken, dient u te controleren of deze middelen voor uw waterhardheid geschikt zijn (informatie fabrikant in acht nemen).Is de waterhardheid bij u hoger dan de door de fabrikant geadviseerde hardheid en u wilt desondanks 3in1reiniger gebruiken, ga dan als volgt te werk:•Stel bij geselecteerde 3in1functie de waterontharder een hardheidsniveau lager in dan bij vaatwassen zonder 3in1reiniger.•Vul het zout in het reservoir bij (als dit leeg is).De vaatwasser onthoudt de twee verschillende instellingen van de hardheid voor vaatwassen met 3in1functie en zonder 3in1functie.Als u 3in1producten gebruikt1.
Toets AAN/UIT indrukken.2. MULTITAB indrukken. Indicatie van toets brandt: 3in1functie is geselecteerd.Voor de start van het vaatwasprogramma het 3in1vaatwasmiddel in het vakje voor het vaatwasmiddel doseren.3Omdat bij het inschakelen van de 3in1functie de glansmiddeltoevoer automatisch wordt uitgeschakeld, kan het vanwege de uiteenlopende kwaliteit van 3in1vaatwasmiddelen voorkomen dat de vaat niet voldoende droog wordt.Ga in dat geval als volgt te werk (zie hoofdstuk ”Glansmiddel vullen“):•Glansmiddel in het reservoir vullen (als dit leeg is).•Dosering glansmiddel mechanisch op “2” instellen.•Glansmiddeltoevoer inschakelen.
25Het dagelijks gebruikAls u geen 3in1producten meer gebruiktAls u geen 3in1producten meer wilt gebruiken, ga dan als volgt te werk: •Schakel de 3in1functie uit.•Vul het zoutvat en het vakje voor het glansmiddel.•Stel de waterontharder op de hoogste stand in en voer max. drie normale cycli zonder belading uit.•Stel vervolgens de waterontharder op de plaatselijke waterhardheid in.Als u 4in1producten gebruiktBij gebruik van "4 in 1" vaatwasmiddelen die ook een een antiglascorrosiemiddel naar een "3 in 1" formule bevatten, dezelfde aanwijzing opvolgen als gegeven voor "3 in 1" vaatwasmiddelen.
Het dagelijks gebruik26Afwasprogramma kiezen (programmatabel)AfwasprogrammaGeschikt voor:SoortvervuilingProgrammaverloopVerbruikswaarden1)1) De verbruikswaarden zijn onder normomstandigheden bepaald. Deze zijn van de belading van de korven afhankelijk. In de praktijk zijn afwijkingen daarom mogelijk.VoorspoelenReinigenSpoelenNaspoelenDrogenDuur (minuten)Energie (kWh)Water (liter)AUTOMATIC(45° 70°)2)2) Bij dit programma wordt aan de hand van de vertroebeling van het spoelwater vastgesteld hoe sterk het servies vervuild is. Programmaduur, water en energieverbruik kunnen sterk variëren afhankelijk van de belading en de mate van vervuiling.
Afhankelijk van de vervuiling wordt automatisch de temperatuur van het spoelwater tussen 45°C en 70°C aangepast.Servies en pannen normaal vervuild, opgedroogde etensresten • • 1 tot 2x • • 90 125 1,1 1,6 12 23 30 MIN(60°)3)3) Bij dit programma de afwasautomaat slechts voor de helft beladen.Servies zonder pannenzojuist gebruikt, licht tot normaal vervuild • • 30 0,8 9 INTENSIVCARE 70°4)4) Bij het glansspoelen de temperatuurverhoging gedurende 10 minuten op 68° instellen voor het hygiënisch of steriel reinigen van bijv.
babyflessen, kunstsstof snijplanken of jampotten.Servies en pannensterk vervuild,opgedroogde etensresten, met name eiwit en zetmeel• • 2x • • 120 130 1,8 2,0 23 25 ECO50°5)5) Testprogramma voor proefinstitutenServies en pannen, temperatuurgevoelig serviesnormaal vervuild • • • • • 130 160 0,95 1,05 12 14 GLAS45°Dessert en koffieservies, kwetsbare glazenlicht vervuild • 2x • • 73 0,9 15 VOORSPOELEN(koud)6)6) Voor dit afwasprogramma is geen afwasmiddel nodig.Alle soorten serviesGebruikt servies dat in de afwasautomaat wordt opgespaard en pas later moet worden afgewassen.• 12 < 0,1 4
Het dagelijks gebruik28Afwasprogramma starten1. Controleer of de sproeiarmen vrij kunnen draaien.2. De kraan helemaal opendraaien.3. Sluit de deur.4. De toets AAN/UIT indrukken.5. Het gewenste programma kiezen. De programmaindicatie en de bijbehorende stappen van het afwasprogramma in de indicatie van het programmaverloop lichten op. In het multidisplay wordt de te verwachten resterende looptijd van het programma aangegeven. Na ongeveer 3 seconden begint het gekozen programma. In de indicatie van het programmaverloop wordt nu altijd de actuele programmafase aangegeven.3De resterende looptijd in het multidisplay wordt tijdens het afwassen eventueel aangepast aan de belading, de mate van vervuiling, enzovoort.Afwasprogramma onderbreken of afbrekenOnderbreek een lopend afwasprogramma alleen als het absoluut noodzakelijk is.
Afwasprogramma onderbreken door het openen van de deur van de afwasautomaat1Bij het openen van de deur kan hete damp naar buiten komen. Verbrandingsgevaar!1. De deur voorzichtig openen. Het afwasprogramma stopt.2. De deur sluiten. Het afwasprogramma loopt verder. Afwasprogramma afbreken1. De functietoetsen 1 en 2 indrukken en ingedrukt houden. De LEDindicaties van alle programmatoetsen die u nu kunt kiezen branden.2. De functietoetsen loslaten. Het afwasprogramma is afgebroken.3. Als u een nieuw afwasprogramma wilt starten, controleer dan eerst of er afwasmiddel in het vakje aanwezig is.4. Uitschakelen met de toets AAN/UIT.3Door het uitschakelen van de afwasautomaat wordt het gekozen afwasprogramma alleen onderbroken en niet afgebroken. Na het opnieuw inschakelen wordt het afwasprogramma voortgezet.
29Het dagelijks gebruikStarttijdkeuze instellen3Met de starttijdkeuze kunt u het begin van een afwasprogramma 1 tot 19 uur uitstellen.1. De toets starttijdkeuze zo vaak indrukken tot het gewenste startuitstel in de multidisplay verschijnt, bijv. 12h, als het afwasprogramma over 12 uur moet starten. De indicatie starttijdkeuze brandt.2. Afwasprogramma kiezen. 3. De resterende tijd tot de start van het afwasprogramma wordt doorlopend aangegeven (vb.12h, 11h, 10h, ... 1h enz.).Starttijdkeuze wijzigen:Als het afwasprogramma nog niet is gestart kunt u door het indrukken van de toets starttijdkeuze de instelling alsnog wijzigen:Starttijdkeuze annuleren:Druk zo vaak op de toets starttijdkeuze tot in de multidisplay de looptijd van het gekozen programma verschijnt.
Het gekozen programma start direct.Afwasprogramma wijzigenAls het afwasprogramma nog niet is gestart kunt u het alsnog wijzigen: eerst het afwasprogramma onderbreken, vervolgens een nieuwe starttijdkeuze instellen en als laatste een nieuw afwasprogramma kiezen.
Het dagelijks gebruik30Afwasautomaat uitschakelenSchakel de afwasautomaat pas uit wanneer in het multidisplay ”0“ wordt aangegeven als resterende looptijd van het afwasprogramma en de indicatie voor het einde van het afwasprogramma brandt.Bij veel afwasprogramma's loopt de droogventilator ook na het einde van het programma door.1. De toets AAN/UIT indrukken. Alle indicaties gaan uit.2. De kraan dichtdraaien!1De deur voorzichtig openen, er kan hete damp naar buiten komen.•Heet servies is gevoelig voor stoten. Daarom het servies voor het uitruimen eerst ca. 15 minuten laten afkoelen.
Daardoor ontstaat er tevens een beter droogresultaat.•Uw vaat droogt sneller als u de deur na afloop van het programma even helemaal open zet en vervolgens laat aanstaan.Machine leeghalen3Het is normaal dat de binnendeur en het vakje voor afwasmiddel vochtig zijn.•Eerst de onderste korf, dan de bovenste korf uitruimen. Daardoor voorkomt u dat restwater van de bovenste korf op servies in de onderste korf druppelt.•De binnenverlichting van de afwasautomaat is altijd ingeschakeld, als de deur van de afwasautomaat geopend is. Om energie te besparen kunt u na het inruimen/uitruimen van de afwasautomaat, de deur altijd sluiten.
31Onderhoud en reinigingOnderhoud en reiniging1Geen meubelreinigingsmiddel of agressieve reinigingsmiddelen gebruiken.•De bedieningselementen van de afwasautomaat met een zachte doek en warm, schoon water reinigen.•De vakjes voor reinigingsmiddel, deurafdichting en watertoevoerslang (indien aanwezig) af en toe op vervuiling controleren en eventueel reinigen.Reiniging van de zeven3De zeven moeten regelmatig worden gecontroleerd en gereinigd. Vervuilde zeven beïnvloeden het afwasresultaat.1. Deur openen, onderste korf uitnemen.2. Greep ongeveer een kwart slag linksom (A) draaien en het zeefsysteem uitnemen (B).3. Fijne zeef (1) aan het greepoog vastpakken en uit de microfilter (2) trekken.4. Alle zeven onder stromend water grondig reinigen.
33Wat te doen als…Wat te doen als…Kleine storingen zelf verhelpenVoordat u de klantservice belt, dient u eerst te controleren of u de storing–zelf aan de hand van de volgende fouttabel kunt verhelpen of–dat het probleem niet wordt veroorzaakt door verkeerde elektrische aansluitingen of wateraansluitingen.Als u dit nalaat en een van de hierboven genoemde gevallen doet zich voor, moet de monteur ondanks de garantieperiode toch kosten in rekening brengen. Als tijdens het gebruik een van de volgende foutcodes in de multidisplay wordt aangegeven:–Foutcode Å10 (problemen met de watertoevoer),–Foutcode Å20 (problemen met de waterafvoer),kijk dan in de onderstaande tabel.Druk nadat de storing is opgelost op de toets van het begonnen afwasprogramma. Het afwasprogramma loopt verder.Bij andere foutcodes (“Å“ gevolgd door een getal): –Afwasprogramma onderbreken. –Apparaat uit en weer inschakelen.
Open de kraan.Zeef (indien aanwezig) in de slangkoppeling aan de kraan is verstopt.Zeef in de slangkoppeling reinigen.De zeven in de kuipbodem zijn verstopt.Breek het programma af (zie hoofdstuk: Vaatwasprogramma starten),reinig de zeven (zie hoofdstuk: Reiniging van de zeven).Start vervolgens het vaatwasprogramma opnieuw.Watertoevoerslang ligt niet goed.De ligging van de toevoerslang controleren.De programmaindicatie van het gekozen afwasprogramma knippert,de multidisplay geeft de foutcode Å20 aan(afwaswater staat in de kuip van de afwasautomaat).De sifon is verstopt.
De sifon reinigen.Waterafvoerslang ligt niet goed.De ligging van de afvoerslang controleren.De multidisplay geeft de foutcode Å30 aan.Het beveiligingssysteem tegen wateroverlast is in werking getreden.Draai eerst de kraan dicht, schakel vervolgens het apparaat uit en neem contact op met de serviceafdeling.De controleindicatie DEUR brandt.De deur van de afwasautomaat is open.Sluit de deur van de afwasautomaat.De controleindicatie ZEEF brandt.De indicatie ZEEF is alleen bedoeld, om u eraan te herinneren dat de zeven van de afwasautomaat af en toe moeten worden gecontroleerd en indien nodig moeten worden gereinigd. De indicatie licht met regelmatige tussenpozen op, onafhankelijk van de mate van verontreiniging van de zeven.De indicatie dooft automatisch bij de start van het volgende afwasprogramma.
35Wat te doen als…Het programma start niet.De stekker zit niet in hetstopcontact.De stekker in het stopcontact steken.De zekering in de huisinstallatie is niet in orde. De zekering vervangen.Bij modellen met starttijdkeuze:er is een starttijdkeuze ingesteld.Als het servies direct afgewassen moet worden, de starttijdkeuze uitschakelen.In de kuip zijn roestvlekken zichtbaar.De kuip is van roestvrij staal. Roestvlekken in de kuip zijn op vreemd roest terug te voeren (roestdelen afkomstig uit de waterleiding, van pannen, bestek, enz.).
Verwijder vlekken met gangbare reinigingsmiddelen voor edelstaal.Alleen daarvoor geschikt bestek en servies in de afwasautomaat reinigen.Fluitend geluid tijdens het afwassen.Het fluiten geeft geen reden tot zorgen.Het apparaat met een in de handel verkrijgbaar ontkalkingmiddel, geschikt voor het reinigen van afwasautomaten, ontkalken.Als na het ontkalken de geluiden nog steeds waarneembaar zijn, gebruik dan een afwasmiddel van een ander merk voor het reinigen van bestek en servies.Binnenverlichting van de afwasautomaat brandt niet.De stekker zit niet in hetstopcontact.De stekker in het stopcontact steken.Lamp van de binnenverlichting is defect.Contact opnemen met de serviceafdeling.Storing Mogelijke oorzaak Oplossing
Wat te doen als…36Als het vaatwasresultaat niet bevredigend isDe vaat wordt niet schoon.•U hebt niet het juiste vaatwasprogramma gekozen.•De vaat was zo in de machine geplaatst dat het water niet alle delen heeft kunnen bereiken. De vaatkorven mogen niet te vol worden geladen.
•De zeven op de bodem van de vaatwasser zijn niet schoon of verkeerd geplaatst.•Er is geen merkvaatwasmiddel gebruikt of te weinig vaatwasmiddel gedoseerd.•Bij kalkafzetting op de vaat: Het zoutreservoir is leeg of de wateronthardingsvoorziening is verkeerd ingesteld.•De afvoerslang is niet correct gelegd.•Als in het vak voor het vaatwasmiddel na afloop van het programma nog vaatwasmiddelresten aanwezig zijn, was ofwel de sproeiarm geblokkeerd of zijn de sproeiarmopeningen door verontreinigingen in het spoelwater verstopt geraakt.U hebt de mogelijkheid de sproeiarmen voor reiniging uit hun bevestiging los te maken (zie hoofdstuk ”Reiniging en onderhoud“).De vaat wordt niet droog en krijgt geen glans.•Er is geen merkglansmiddel gebruikt.•Het glansmiddelreservoir is leeg.Op glazen en overige vaat zijn vegen, strepen, melkachtige vlekken of een blauwachtige aanslag zichtbaar.•Glansmiddeldosering lager instellen.Op glazen en overige vaat blijven opgedroogde waterdruppels achter.•Glansmiddeldosering hoger instellen.•Het vaatwasmiddel kan de oorzaak zijn.
Aanwijzingen voor testinstituten38Aanwijzingen voor testinstitutenDe test volgens EN 60704 moet bij een volle belading met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.De testen volgens EN 50242 moeten met een volledig gevuld zoutvakje van de waterontharder, met een volledig gevuld vakje voor glansmiddel en met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd. Voorbeelden voor het beladen van de afwasautomaat: Volle belading:12 standaardcouverts incl. dienbestekDosering van het afwasmiddel: 5 g + 25 g (type B)Instelling van het glansmiddel: 4 (type III)Bovenste korf *)*) Eventueel de aan de linkerkant beschikbare kopjesrekken evenals de eventueel beschikbare bestekhouder verwijderen.Onderste korf met bestekkorf *) Bestekkorf *) Eventueel aan de linkerkant aanwezige kopjesrekken en eventueel aanwezige bierglashouders inclusief frame verwijderen.
39Opstel en aansluitaanwijzingOpstel en aansluitaanwijzing1Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie•De afwasautomaat alleen staand transporteren omdat anders zout water uit de machine kan lopen.•Voor de ingebruikname de afwasautomaat op transportschade controleren. Een beschadigd apparaat in geen geval aansluiten. Neem in geval van schade contact op met uw leverancier.•Neem de afwasautomaat nooit in gebruik als het aansluitsnoer, de toe of afvoerslang beschadigd zijn of als het bedieningspaneel, het bovenblad of de sokkel dermate beschadigd zijn dat het apparaat open toegankelijk is.•De stekker altijd in een volgens de voorschriften geïnstalleerd randgeaard stopcontact steken.•Controleer vóór de ingebruikname of de op het typeplaatje van het apparaat aangegeven netspanning en stroomsoort met de netspanning en stroomsoort op de opstellingsplaats overeenkomen.
De vereiste elektrische zekering is eveneens op het typeplaatje aangegeven.•Meerwegstekkers en/of verbindingen en verlengsnoeren mogen niet worden gebruikt. Brandgevaar als gevolg van oververhitting!•Het aansluitsnoer van de afwasautomaat mag alleen door de serviceafdeling of een erkend vakman worden vervangen.•Een toevoerslang met veiligheidsventiel mag alleen door de serviceafdeling worden vervangen.Opstellen van de afwasautomaat•De afwasautomaat dient op een vaste vloer opgesteld te worden, stabiel en horizontaal te staan en in alle richtingen uitgelijnd te worden.•Om oneffenheden in de vloer te compenseren en de apparaathoogte t.o.v.
andere meubels aan te passen, kunnen de schroefvoeten met een schroevendraaier worden uitgedraaid.•Afvoerslang, toevoerslang en aansluitsnoer moeten binnen de sokkeluitsparing achter vrij beweeglijk liggen opdat ze niet afgeklemd of platgedrukt worden.
Aansluiten van de afwasautomaat40Vrijstaande apparaten1Wanneer de afwasautomaat direct naast een fornuis wordt geplaatst, moet tussen het fornuis en de afwasautomaat een warmteisolerende, onbrandbare plaat (aan de zijde van het fornuis bekleed met aluminiumfolie) vlak tegen de bovenzijde van het werkblad (diepte 57,5 cm) worden aangebracht. Bij inbouw van het apparaat onder een keukenwerkblad kan het originele bovenblad van de afwasautomaat op de volgende manier worden verwijderd: 1. Draai de schroeven uit de hoekstukken aan de achterzijde (1). 2. Schuif het bovenblad van het apparaat ca. 1 cm naar achteren (2). 3. Bovenblad aan de voorzijde omhoog tillen (3) en verwijderen. 1Wanneer de afwasautomaat later weer als vrijstaand apparaat wordt gebruikt, moet het originele bovenblad weer worden gemonteerd.
Aansluiten van de afwasautomaatWateraansluiting •De afwasautomaat kan zowel aan koud water als aan warm water tot max. 60 °C aangesloten worden.•De afwasautomaat mag niet aan open warmwaterapparatuur of een geiser worden aangesloten.
41Aansluiten van de afwasautomaatToegestane waterdrukToevoerslang aansluiten1De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.De toevoerslang met de slangkoppeling (ISO 2281:2000) aan een kraan met buitenschroefdraad (¾ inch) aansluiten.
De toevoerslang is of van een kunststof of van een metalen aansluitmoer voorzien:–De aansluitmoer van de slangkoppeling alleen met de hand aandraaien.Vervolgens visueel op lekken controleren (controleren of de kraan niet druppelt).3Opdat de beschikbaarheid van water in de keuken niet wordt beperkt adviseren wij om een extra kraan te installeren.1Waarschuwing: gevaar voor elektrische schok (geldt alleen voor vaatwassers met veiligheidsklep).De elektrische kabel voor de veiligheidsklep loopt door de dubbelwandige toevoerslang en staat onder spanning.De toevoerslang en de veiligheidsklep nooit in water onderdompelen.WaterafvoerAfvoerslang1De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.Aansluiting van de afvoerslang:–maximaal toegestane hoogte: 1 meter.–minimaal vereiste hoogte: 40 cm boven de onderzijde van het apparaat.Laagste toegestane waterdruk:0,1 MPa ( = 1 bar = 10 N/cm2 )Bij een waterdruk van minder dan0,1 MPa verzoeken wij u contact met uw installateur op te nemen.Hoogste toegestane waterdruk:1 MPa ( = 10 bar = 100 N/cm2 )Bij een waterdruk die hoger is dan 1 MPa dient een drukverlagingsklep voorgeschakeld te worden (verkrijgbaar bij uw vakhandel).
Aansluiten van de afwasautomaat42Verlengslangen•Verlengslangen zijn via de vakhandel of onze klantenservice te verkrijgen. De binnendiameter van de verlengslang moet 19 mm zijn, opdat de functie van het apparaat niet wordt verstoord. •Verlengslangen mogen maximaal over een lengte van 4 meter horizontaal worden gelegd en de maximaal toegestane hoogte voor de aansluiting van de afvoerslang bedraagt dan 85 cm.Sifonaansluiting•De tuit van de afvoerslang (ø 19 mm) past op alle gangbare sifontypes.
De buitendiameter van de sifonaansluiting moet ten minste 15 mm zijn.•De afvoerslang moet met de bijgeleverde slangklem aan de sifonaansluiting worden bevestigd.Beveiliging tegen wateroverlastTer voorkoming van waterschade is de afwasautomaat met een systeem ter beveiliging tegen wateroverlast uitgerust.In geval van een storing sluit de veiligheidsklep in de toevoerslang onmiddellijk de watertoevoer af.Elektrische aansluitingGegevens over netspanning, stroomsoort en vereiste zekering zijn op het typeplaatje aangegeven. Het typeplaatje is aan de rechterbinnenkant van de deur van de afwasautomaat aangebracht.Om de afwasautomaat van het net te scheiden dient de stekker uit het stopcontact getrokken te worden.Let op: –Veiligheidsnormen vereisen dat het apparaat wordt geaard.
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor het nalaten van de hierboven genoemde veiligheidsmaatregelen.–De stekker moet na het installeren van het apparaat toegankelijk blijven.
43Garantie/Adres serviceafdelingGarantie/Adres serviceafdelingNederlandOnze producten worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het voorkomen dat er een defect optreedt. Onze servicedienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de garantietermijn. De levensduur van het product wordt daardoor niet negatief beïnvloed. Onderstaande garantievoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet. Ook de garantieverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast. Voor dit product verlenen wij garantie volgens onderstaande voorwaarden:1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het product die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker.
In geval van professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik is de garantie beperkt tot 12 maanden. Voor tweedehands producten geldt eveneens een termijn van 12 maanden. 2. De garantieprestatie houdt in dat het product kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen worden ons eigendom. 3. Het gebrek moet terstond gemeld worden om mogelijke verdere schade te voorkomen. De garantieaanspraak vervalt indien het gebrek niet binnen twee maanden na vaststelling is gemeld. 4. Voor een beroep op garantie dient het aankoopbewijs met aankoop en/of leveringsdatum te worden overlegd. Bij ontbreken daarvan dient ander overtuigend bewijs te worden overlegd. 5.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux Favorit 60870 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwasser AEG Electrolux
Handleiding Vaatwasser
Nieuwste handleidingen voor Vaatwasser