AEG Electrolux 72720 lavamat Handleiding


Pagina's 60 Nederlands Wasmachine

Bekijk de handleiding van AEG Electrolux 72720 lavamat gratis online of download de PDF. 23 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

ÖKO-LAVAMAT 72720 update
De wasautomaat die het milieu ontziet
Informatie voor de gebruiker

Beoordeel deze handleiding


Alle foutcodes AEG Electrolux Wasmachine 27 foutcodes uit 15 handleidingen, met hun betekenis.

Product specificaties

Merk: AEG Electrolux
Categorie: Wasmachine
Model: 72720 lavamat

Handleiding AEG Electrolux 72720 lavamat – volledige tekst

2Geachte klant,Gelieve deze gebruiksaanwijzing aandachtig door te nemen.Let vooral op het hoofdstuk ”Veiligheid” op de eerste bladzijden. Berg deze gebruiksaanwijzing goed op voor latere raadplegingen en geef ze aan eventuele volgende eigenaars van het toestel door.1 Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Opgelet!, Voorzichtig!) wordt de aandacht gevestigd op aanwijzingen die belangrijk zijn voor Uw veiligheid of voor het juist functioneren van het apparaat. Hier absoluut op letten.0 1. Dit symbool leidt U stap voor stap door de bediening van het apparaat.2.

...3 Na dit symbool wordt uitleg gegeven over de bediening en het prakti-sche gebruik van het apparaat.2 Met het klaverblad worden tips en aanwijzingen voor een zuinig en milieuvriendelijk gebruik van het toestel gegeven.Deze gebruiksaanwijzing bevat aanwijzingen om eventuele storingen zelf te verhelpen, zie het hoofdstuk ”Problemen?”Indien deze aanwijzingen niet voldoen, kan u altijd terecht bij onze naverkoopdienst:ELGROEP & AEG SERVICEBergensesteenweg 7191502 LembeekTel.: 02/3630444Hier krijgt u antwoord op elke vraag over de uitvoering en het gebruik van uw machine. Natuurlijk luisteren wij ook graag naar uw wensen, suggesties en kritiek.

Wij streven er naar om ten bate van onze klanten onze producten en service verder te verbeteren.In geval van technische problemen staat onze KLANTENDIENST op elk moment tot uw beschikking (Adressen en telefoonnummers vindt u in het hoofdstuk ”Adressen klantendienst”). Raadpleeg daartoe het hoofd-stuk ”Service”.Gedrukt op milieuvriendelijk vervaardigd papier.Wie ecologisch denkt, handelt ook zo ...

Inhoud3INHOUDGebruiksaanwijzing. 6Veiligheidsvoorschriften. 6Afvalverwijdering. 8Milieutips. 9Beschrijving van het toestel. 10Vooraanzicht. 10Schuiflade voor was- en verzorgingsmiddelen. 10Bedieningspaneel. 11Programmakiezer. 11Toetsen aanvullend programma. 12Verbruik en wasduur. 13Wat betekent ”update”. 13Vóór het eerste wassen. 14De wasgang voorbereiden. 14Het wasgoed sorteren en voorbereiden. 14Soorten wasgoed en wasetiketten. 15Was- en verzorgingsmiddelen. 16Welk was- en verzorgingsmiddel. 16Hoeveel was- en verzorgingsmiddel. 16Een waterontharder gebruiken. 16Wassen. 17Korte handleiding. 17Wasprogramma instellen. 17Het toerental van centrifugeren wijzigen/spoelstop kiezen. 18De starttijdkeuze instellen. 19De laaddeur openen en sluiten. 19Wasgoed in de machine stoppen. 19Was-/verzorgingsmiddel invoeren. 20Start het wasprogramma. 21Verloop van het wasprogramma.

Inhoud4Programmatabellen. 24Wassen. 24Afzonderlijk wasverzachter inbrengen/stijven/impregneren. 25Afzonderlijk spoelen. 25Afzonderlijk centrifugeren. 25Reinigen en verzorgen. 26Bedieningspaneel. 26Wasmiddellade. 26Wastrommel. 27Laaddeur. 27Problemen. Oplossingen. …. 27Oplossen van storingen. 27Het wasresultaat is niet bevredigend. 31Leegmaken in noodgeval. 31De loogpomp reinigen. 33Noodontgrendeling van de laaddeur. 34Aanvullende spoelgang en/of loogafkoeling. 35Instructies voor plaatsing en aansluiting. 37Veiligheidsvoorschriften voor de installatie. 37Afmetingen van de machine. 38Vooraanzicht en zijaanzicht. 38Achteraanzicht. 38Opstelling van de machine. 39Het toestel transporteren. 39De transportbeveiliging verwijderen. 40De plaats van opstelling voorbereiden. 41Opstelling op een betonnen sokkel. 41Opstelling op een verende ondergrond. 41Oneffenheden van de bodem wegwerken. 42.

Gebruiksaanwijzing6GEBRUIKSAANWIJZING1 VeiligheidsvoorschriftenDe veiligheid van de elektrische toestellen van AEG beantwoordt aan de erkende regels van de techniek en de Duitse wet inzake machineveilig-heid. Toch vinden wij als fabrikant dat wij u moeten vertrouwd maken met de volgende veiligheidsvoorschriften.Vóór de eerste inwerkingstelling•Hou u ook aan de ”plaatsings- en aansluitinstructies” verder ach-teraan deze gebruiksaanwijzing.•Wanneer het toestel tijdens de wintermaanden wordt geleverd bij temperaturen onder nul: de wasautomaat vóór de ingebruikneming gedurende 24 uur in een ruimte met kamertemperatuur laten staan.Gebruik volgens de voorschriften•De wasautomaat is uitsluitend bestemd voor het wassen van wasgoed zoals dat in het huishouden gebruikelijk is.

Wanneer de machine voor een ander doel gebruikt of verkeerd bediend wordt, kan er door de fabrikant geen aansprakelijkheid voor eventuele schade aanvaard worden.•De ombouw of veranderingen aan de wasautomaat zijn om veilig-heidsredenen niet toegestaan.•Gebruik alleen wasmiddelen die voor wasautomaten geschikt zijn. Neem de voorschriften bij de wasmiddelen in acht.•De was mag geen ontvlambare oplosmiddelen bevatten. Neem dit ook in acht bij het wassen van vooraf gereinigd wasgoed.•Gebruik uw wasmachine niet voor chemisch reinigen.•Verf- en bleekmiddelen mogen alleen gebruikt worden wanneer de fabrikant van deze producten dit uitdrukkelijk toelaat. Voor eventuele schade zijn wij niet aansprakelijk.•Gebruik alleen water uit de waterleiding. Regenwater of reeds gebruikt water mag enkel als het aan de eisen volgens DIN1986 en DIN1988 voldoet.•Vorstschade valt niet onder de garantie!

Wanneer de wasmachine in een niet-vorstvrije ruimte opgesteld staat, moet de machine bij vorst volledigd worden leeggemaakt (zie ”leegmaken in noodgevallen”). Daarenboven de toevoerslang van de watertoevoer afkoppelen en op de grond leggen.

Gebruiksaanwijzing7De veiligheid van kinderen•Verpakkingsonderdelen (zoals plastic en piepschuim) kunnen gevaar-lijk zijn voor kinderen. Verstikkingsgevaar! De verpakkingsonderdelen buiten bereik van kinderen houden.•Kinderen zien vaak de gevaren niet die aan de omgang met elektri-sche toestellen verbonden zijn. Zorg daarom voor het noodzakelijke toezicht tijdens de werking van de machine en laat kinderen niet met de wasautomaat spelen – het gevaar bestaat dat kinderen zich opsluiten.•Zorg ervoor dat kinderen of kleine dieren niet in de trommel van de wasautomaat kunnen klimmen.•Bij definitief buiten werking stellen van de wasautomaat: Trek de stekker uit het stopcontact, maak het deurslot onbruikbaar, knip de elektrische kabel door en gooi de stekker met de rest van de kabel weg.

Zo kunnen spelende kinderen zich niet opsluiten en niet in levensgevaar komen.Algemene veiligheid•De wasautomaat mag uitsluitend door een vakman hersteld worden. Ondeskundige herstellingen kunnen ernstige gevaren opleveren. Neem ingeval van defect contact op met onze klantendienst of uw vakhandel.•Stel de wasautomaat nooit in werking als de elektriciteitskabel beschadigd is of het bedieningspaneel, het werkblad of de sokkel der-mate beschadigd zijn dat de toegang vrij is tot de binnenzijde van de machine.•Schakel de wasautomaat uit vóór alle reinigings-, verzorgings- en onderhoudswerkzaamheden.

De stekker daarenboven uit het stop-contact halen of – ingeval van een vaste aansluiting – de aardlek-schakelaar in de zekeringkast uitschakelen of de zekering volledig uitdraaien.•Een stekker nooit aan de kabel uit het stopcontact trekken maar aan de stekker zelf.•Meerwegstekkers, koppelingen en verlengsnoeren mogen niet gebruikt worden. Oververhittingsgevaar! •Spuit de wasautomaat niet met een waterstraal af. Gevaar voor elek-trische schok!•Bij wasprogramma’s met hoge temperaturen wordt het glas in de deur heet. Niet aanraken!

Gebruiksaanwijzing8•Laat het waswater afkoelen vóór het leegmaken van de machine, het reinigen van de pomp of het openen van de deur in een noodgeval.•Kleine dieren kunnen aan elektriciteitskabels en waterslangen kna-gen. Gevaar voor elektrische schok en gevaar voor waterschade! Kleine dieren buiten de ruimte met de wasautomaat houden.2 AfvalverwijderingVerpakkingsmateriaal verwijderen!Verwijder het verpakkingsmateriaal van uw wasautomaat op de juiste wijze. Alle verpakkingsmaterialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen zonder gevaar worden opgeslagen of in een vuilverbran-dingsinstallatie worden verbrand.De kunststoffen kunnen ook opnieuw worden gebruikt:•Het omhulsel en de binnenzakken bestaan uit polyethyleen (aanduiding >PEPS

Gebruiksaanwijzing92 Milieutips•Bij gemiddeld vuile was hoeft u niet voor te wassen. Zo spaart u was-middelen, water en tijd (en ontziet u het milieu!).•De wasautomaat werkt bijzonder zuinig wanneer u de vermelde capaciteit volledig benut.•Gebruik voor kleine hoeveelheden slechts de helft tot twee derde van de aangeraden hoeveelheid wasmiddel.•Door een geschikte voorbehandeling kunnen vlekken en matig vuil worden verwijderd. U kunt dan bij lagere temperaturen wassen.•Was licht tot normaal vuile witte was met het energiespaarpro-gramma.•Vaak is er geen wasverzachter nodig. Probeert u het maar eens! Als u een droger gebruikt, wordt uw was ook zonder wasverzachter zacht en wollig.•Bij een gemiddelde tot grote waterhardheid (vanaf hardheidsbereik II, zie "Was- en verzorgingsmiddelen") dient u wateronthardingsmid-delen te gebruiken.

Gebruiksaanwijzing11Bedieningspaneel Programmakiezer Met de programmakiezer wordt de soort wasgang (b.v. waterstand, trommelbeweging, aantal spoel-gangen, toerental van centrifuge-ren) overeenkomstig het te wassen wasgoed ingesteld evenals de loogtemperatuur.UIT De wasautomaat wordt uitgescha-keld; op alle andere standen is de wasautomaat ingeschakeld. WITTE/BONTE WAS Hoofdwasgang voor witte/bonte was op 30 °C tot 95 °C.2 Stand E-STAND: energiebesparend programma op ca. 67 °C voor licht tot normaal vervuilde witte was, langere wasduur (kan niet met KORT en VLEKKEN gecombineerd worden).KREUKHERSTELLEND Hoofdwasgang voor kreukherstellend wassen op 30 °C tot 60 °C. Programmakiezer Toets toerental van centrifugeren/GEEN CENTR.MultidisplayToetsen aanvullend programmaAanduidingOVERDOS.Indicator programmaverloopIndicator DEURToetsSTART/PAUZEToetsSTARTTIJDKEUZE

Gebruiksaanwijzing12FIJNE WAS Hoofdwasgang voor fijne was op 30 °C of 40 °C. WOL / P (handwas)Hoofdwasgang (koud tot 40 °C) voor met de machine wasbare wol als-ook voor met de hand wasbaar wolgoed en zijde met het kenteken ï(handwas).FIJN SPOELEN Afzonderlijk kort spoelen, bv. voor het spoelen van handwas (2 spoel-gangen en kort centrifugeren). STIJVEN Afzonderlijk stijven, afzonderlijk met wasverzachter behandelen, afzon-derlijk impregneren van vochtig wasgoed (1 spoelgang, het vloeibare wasmiddel uit spoelvak w wordt ingebracht en centrifugeren).POMPEN Wegpompen van het water na een spoelstop (zonder centrifugeren).CENTRIFUG. Het water wordt na een spoelstop en na het uitzwieren, respectievelijk na het afzonderlijk uitzwieren van met de hand gewassen witte was/bonte was weggepompt. KORT CENTRIFUG.

Wegpompen van het water na een spoelstop en kort centrifugeren, res-pectievelijk na afzonderlijk kort centrifugeren van gevoelig wasgoed (kreukherstellende was, fijne was, wol). Toetsen aanvullend programma De toetsen voor de aanvullende programma’ s die-nen om het wasprogramma aan de vervuilingsgraad van het wasgoed aan te passen. Voor normaal ver-vuild wasgoed zijn er geen aanvullende pro-gramma’s nodig. Afhankelijk van het programma kunnen bepaalde functies onderling worden gecombineerd. VOORWAS Koud voorwassen vóór de automatisch volgende hoofdwasgang. INWEKEN Ca. 1 uur op 40 °C. Met de toets STARTTIJDKEUZE verlengbaar totmax. 19 uur. Daarna volgt automatisch de hoofdwasgang.

Gebruiksaanwijzing13KORT Verkorte hoofdwasgang voor licht vervuild wasgoed. VLEKKEN Voor het wassen van sterk vervuild wasgoed of wasgoed met vlekken. (het vlekkenzout uit spoelvakje m wordt op het optimale tijdstip tijdens het programmaverloop ingebracht).3 Bij de instelling WOL/P (handwas) kunnen de aanvullende pro-gramma’s niet ingeschakeld worden (eventueel ingedrukte toetsen blij-ven zonder uitwerking).Verbruik en wasduur De waarden van de geselecteerde programma’s in de onderstaande tabel gelden voor standaard omstandigheden. Zij vormen een nuttige aanwijzing voor gebruik in het huishouden .Wat betekent ”update”?Nieuwe textielsoorten of nieuwe wasmiddelen kunnen in de toekomst een nieuwe wastechniek vereisen (bijv. een extra spoeling, meer water voor het inspoelen van het wasmiddel, ...).Uw wasautomaat is daarop voorbereid. De besturing is volledig elektro-nisch.

Gebruiksaanwijzing14Wanneer de wastechniek een nieuwe ontwikkeling doormaakt, kan u ook uw wasautomaat op de nieuwste stand brengen door hem te laten updaten.Wend u voor meer informatie omtrent het updaten tot de klanten-dienst. Ook de kosten voor een update kan u bij de klantendienst opvragen.Vóór het eerste wassen0 1. Trek de wasmiddellade een beetje uit het bedieningspaneel.2. Giet ongeveer 1 liter water door de wasmiddellade in de wasautomaat. Pas daardoor wordt de kuip gesloten en kan de Eco-sluis juist functio-neren.3.

Laat de machine één keer wassen zonder wasgoed op de stand WITTE WAS 95 en met de helft van een normale hoeveelheid wasmiddel.Daardoor worden de gedurende de fabricage veroorzaakte resten uit de trommel en de kuip verwijderd.De wasgang voorbereidenHet wasgoed sorteren en voorbereiden•Het wasgoed volgens de wasetiketten en de soort sorteren (zie "Soor-ten wasgoed en wasetiketten").•De zakken leegmaken.•Metalen deeltjes (paperclips, veiligheidsspelden, enz.) verwijderen.•Om een beschadiging en het in elkaar draaien van het wasgoed te voorkomen: ritssluitingen sluiten, dekbedovertrekken en slopen dichtknopen, losse linten – van een schort bv.

– samenbinden.•Kleding met een dubbele laag omkeren (slaapzak, anorak, enz.).•Bij kleurrijk textiel met versieringen evenals wol en textiel met aan-gehechte versieringen: de binnenzijde naar buiten keren.•Kleine en kwetsbare kledingstukken (babysokjes, maillots, enz.) in een wasnet, een kussen met ritssluiting of een grote sok wassen.•Gordijnen zeer voorzichtig behandelen. Metalen wieltjes of scherpe kunststof wieltjes verwijderen of deze in een net of een zak binden.Voor schade zijn wij niet aansprakelijk.•Bonte en witte was mag nooit samen gewassen worden. Anders wordt de witte was grauw.

Gebruiksaanwijzing15•Nieuw gekleurd wasgoed geeft vaak af. U kunt dergelijke stukken de eerste keer het best apart wassen.•Kleine en grote stukken wasgoed mengen! Daardoor wordt het waseffect verbeterd en wordt het wasgoed bij het centrifugeren gun-stiger verdeeld.•Het wasgoed los uitschudden voordat u het in de wasautomaat steekt.•Het wasgoed uiteengevouwen in de trommel steken.•Neem de verzorgingsvoorschriften "apart wassen" en "meermaals apart wassen" in acht!Soorten wasgoed en wasetikettenDe wasetiketten helpen u bij het kiezen van het juiste wasprogramma. Het wasgoed moet volgens soort en wasetiket worden gesorteerd.De temperatuuraanduidingen op de wasetiketten zijn altijd maximumwaarden.Witte was çTextiel van katoen en linnen met deze wasetiketten is bestand tegen mechanische belasting en hoge temperaturen.

Voor dit soort was is het programma WITTE/BONTE WAS geschikt.Bonte was èëTextiel van katoen en linnen met deze wasetiketten is bestand tegen mechanische belasting. Voor dit soort was is het programma WITTE/BONTE WAS geschikt.Kreukherstellend wasgoed êíîTextiel zoals gefinisht katoen, katoenmixtuur en synthetische stoffen met deze wasetiketten moeten mechanisch zachter behandeld worden. Voor dit soort was is het programma KREUKHERSTELLEND geschikt.Fijne was ìTextiel als gelaagde vezels, microvezels, synthetische weefsels, gordijnen met dit wasetiket vragen om een bijzonder zorgvuldige behandeling. Voor dit soort was is het programma FIJNE WAS geschikt.Wol en bijzonder gevoelig wasgoed 9ìïTextiel uit wol, wolmixtuur en zijde met dit wasetiket is bijzonder gevoelig voor mechanische belasting. Voor dit soort was is het pro-gramma WOL/P (handwas) geschikt.Opgelet!

Gebruiksaanwijzing16Was- en verzorgingsmiddelenWelk was- en verzorgingsmiddel?Enkel was- en verzorgingsmiddelen gebruiken die voor wasautomaten geschikt zijn. In principe de informatie van de producent naleven.Hoeveel was- en verzorgingsmiddel?De hoeveelheid wasmiddel hangt af van:•de hoeveelheid wasgoed2 Wanneer de producent geen dosis vermeldt voor kleinere ladingen, gebruikt u voor een halve trommel één derde en voor nog kleinere ladingen slechts de helft van de dosis die voor een volledig gevulde trommel aanbevolen wordt.•van de vervuilingsgraad van het wasgoed•van de hardheid van het leidingwaterLet op de informatie vanwege de producent omtrent het gebruik en de dosis van de was- en verzorgingsmiddelen.Een waterontharder gebruiken Vanaf een gemiddelde tot een hoge waterhardheid (vanaf hardheid II) moet er een ontharder gebruikt worden. De instructies van de fabrikant opvolgen!

Het wasmiddel vervolgens altijd overeenkomstig hardheid I (= zacht) doseren. Voor informatie over de plaatselijke waterhardheid kan u terecht bij de bevoegde watermaatschappij.2 Omdat de waterontharder vóór het hoofdwasmiddel wordt ingebracht (voorafgaande waterontharding), volstaat tachtig procent van de op de verpakking aangegeven hoeveelheid ontharder.Inlichtingen over de waterhardheid Hardheidsbereik Waterhardheid in °dH(Duitse hardheidsgraad) Waterhardheid in mmol/l (millimol per liter) I – zacht 0 – 7 tot 1,3 II – middelhard 7 – 14 1,3 – 2,5III – hard 14 – 21 2,5 – 3,8IV – zeer hard meer dan 21 meer dan 3,8

Gebruiksaanwijzing17Wassen Korte handleiding Wassen gebeurt in volgende stappen: 0 1. Het juiste wasprogramma instellen: –Het programma en de temperatuur met de programmakeuzeschakelaar instellen –(een) eventueel aanvullend(e) programma(’s) instellen 2. Eventueel het toerental van centrifugeren wijzigen/GEEN CENTR. kiezen.3. Eventueel de STARTTIJDKEUZE instellen. 4. De laaddeur openen en met wasgoed vullen. 5. De laaddeur sluiten. 6. Was-/verzorgingsmiddel toevoegen. 7. Het wasprogramma starten. Als het wasprogramma ten einde is: Opgelet! Indien de wasgang met spoelstop eindigde, eerst POMPEN, CENTRIFUG. of KORT CENTRIFUG. uitvoeren vooraleer de laaddeur te openen. 8. De laaddeur openen, het wasgoed verwijderen. 9. De wasautomaat uitschakelen: de programmakeuzeschakelaar op UIT zetten.

Wasprogramma instellen 3 Zie ”programmatabellen” voor het geschikte programma, de juiste tem-peratuur en een eventueel aanvullend programma voor het soort was-goed. 0 De programmakiezer op het gewenste wasprogramma met de gewenste temperatuur instellen.Op het multidisplay wordt de ver-moedelijke duur van het ingestelde programma aangeduid in minuten.

Gebruiksaanwijzing180 Eventueel aanvullend(e) programma(’s) kiezen:De indicatoren van de geselecteerde aanvullende programma’s lichten op. –Druk op de overeenstemmende toetsen, om de instellingen te wijzigen. –De toets ter bevestiging nogmaals indrukken.Het toerental van centrifugeren wijzigen/spoelstop kiezen0 Eventueel het toerental van het eindcentrifugeren wijzigen/spoelstop kiezen:toets voor het toerental van centrifugeren/GEEN CENTR. zo vaak indrukken tot de aanduiding van het gewenste toerental van centrifugeren (en/of van GEEN CENTR.) brandt.Wanneer u GEEN CENTR. instelt, blijft het wasgoed in het laatste spoelwater liggen en wordt er niet gecentrifugeerd.

3 Wanneer u het toerental van centrifugeren niet wijzigt, wordt het eind-centrifugeren automatisch aan het wasprogramma aangepast: Het toerental voor het tussencentrifugeren is afhankelijk van het geko-zen programma en kan niet worden gewijzigd. –WITTE/BONTE WAS 1200 rotaties per minuut–KREUKHERSTELLEND 1000 rotaties per minuut–FIJNE WAS 1000 rotaties per minuut–WOL/P (handwas) 1000 rotaties per minuut

Gebruiksaanwijzing19De starttijdkeuze instellen 0 Eventueel de starttijdkeuze instellen:zo vaak op de toets STARTTIJDKEUZE drukken tot het gewenste uitstel op het multidisplay aangeduid wordt, bijvoorbeeld in de vorm 12h voor een uitstel van de programmastart van 12 uur.3 Wordt er 19h aangeduid en u drukt nogmaals, dan verschijnt de duur van het ingestelde wasprogramma (aanduiding in minuten,b.v. 119). In deze toestand werd er geen starttijdkeuze ingesteld.Bij INWEKEN bepaalt de starttijdkeuze de duur van inweken. (Zonder starttijdkeuze bedraagt de duur van inweken ca. 1 uur.)De laaddeur openen en sluiten0 Openen: aan de greep van de laaddeur trekken.0 Sluiten: de laaddeur goed dichtdrukkenDe indicatie DEUR geeft bij ingeschakeld toestel aan wanneer de laaddeur geopend mag worden: Wasgoed in de machine stoppen 3 Voor maximale hoeveelheden wasgoed, zie ”programmatabellen”.

Voor tips inzake de juiste voorbereiding van het wasgoed, zie ”Soorten wasgoed en wasetiketten”. 0 1. Wasgoed sorteren en voorbereiden. 2. Vuldeur openen: met de handgreep aan de deur trekken. 3. Wasgoed insteken. Opgelet! Bij het sluiten geen wasgoed tussen de deur klemmen! Het textiel en het toestel kunnen beschadigd raken! 4. Vuldeur goed sluiten. –groen = De deur kan geopend worden–uit = De deur kan momenteel niet geopend worden–rood = De deur is open

Gebruiksaanwijzing20Was-/verzorgingsmiddel invoeren3 Voor tips inzake was- en verzorgingsmiddelenzie hoofdstuk ”Was- en verzorgingsmiddelen”.0 1. De schuiflade openen: de klep onderaan de schuiflade vastgrijpen (1) en de schuiflade tot aan de aanslag uittrekken (2).2. Waspoeder/verzorgingsmiddel ingieten.kvoorwasmiddel/weekmiddel(voor aanvullende programma’s VOORWAS/INWEKEN) of ontharderlPoedervormig hoofdwasmiddel(Wanneer u ontharder en vak k voor het voorwas-/weekmiddel gebruikt, de onthar-der voor het hoofdwasmiddel in vak l gieten.).mVlekkenzout(enkel bij aanvullend programma VLEKKEN)wVloeibare verzorgingsmiddelen (wasverzachter, spoelmiddelen, stijf-sel).Opgelet! Het vak niet voorbij het merkteken MAX vullen. Dik vloeibaar product eventueel verdunnen tot aan het merkteken MAX, poedervor-mig stijfsel oplossen.3.

Gebruiksaanwijzing21Start het wasprogramma 0 1. Controleren of de waterkraan geopend is. 2. Het wasprogramma starten: op de toets START/PAUZE drukken.Het wasprogramma wordt gestart of start na verloop van de ingestelde starttijdkeuze. 3 Wanneer de indicatie DEUR bij het drukken op de toets START/PAUZE rood knippert, is de laaddeur niet correct gesloten. De laaddeur goed vastdrukken en nogmaals op de toets START/PAUZE drukken.ingeval van ingestelde starttijdkeuze: De ingestelde starttijdkeuze loopt af; op het multidisplay wordt de res-terende tijd tot aan de start van het programma (telkens in volle uren) aangegeven. Tijdens deze periode kan u nog wasgoed toevoegen of de starttijdkeuze wijzigen en/of afbreken.•Wasgoed toevoegen: op de toets START/PAUZE drukken; de laaddeur kan geopend worden. Daarna de laaddeur sluiten en opnieuw op de toets START/PAUZE drukken.

Gebruiksaanwijzing22Verloop van het wasprogramma Indicator programmaverloopVóór de start worden de geselecteerde pro-grammastappen door de indicator program-maverloop aangeduid. Tijdens het wasprogramma wordt de programmastap van dat moment aangeduid.MultidisplayDe vermoedelijke resttijd (in minuten) tot aan het programma-einde wordt op het multidisplay aangegeven. 3 In geval van automatische aanpassing van het programma door de stu-ring van de wasautomaat (hoeveelheid en soort wasgoed, detectie van onbalans, bijzondere spoelgang, enz.) kan de telling van de resttijd gestopt of gecorrigeerd worden. Het toerental van het centrifugeren wijzigen Tijdens het wasprogramma kan het toerental van het centrifugeren nog gewijzigd worden of kan er op GEEN CENTR. ingesteld worden. Andere instellingen kunnen niet worden gewijzigd.

Programma afbreken 0 De programmakeuzeschakelaar op UIT draaien om het wasprogramma voortijdig af te breken. 3 Met behulp van de toets START/PAUZE kan het wasprogramma op elk moment onderbroken en door een nieuwe druk op de toets weer voort-gezet worden. Een wijziging van het wasprogramma is ook tijdens de pauze niet mogelijk.

Gebruiksaanwijzing23Wasprocedure beëindigd/Wasgoed uitnemen Nadat een wasprogramma afgelopen is, brandt de indicatie EINDE van het programmaverloop.Wanneer er op GEEN CENTR. gedrukt werd, knippert de aanduiding naast de toets START/PAUZE. 0 1. Na een GEEN CENTR. moet eerst het water weggepompt worden.–Ofwel op de toets START/PAUZE drukken (het wasgoed wordt over-eenkomstig het afgelopen programma gecentrifugeerd; met de toets toerental van het centrifugeren/GEEN CENTR. kan het toerental van het centrifugeren ook tijdens het centrifugeren nog gewijzigd wor-den),of–De programmakiezer op POMPEN draaien en op de toets START/PAUZE drukken (het water wordt zonder centrifugeren weggepompt),of–draai de programmakeuzeschakelaar in de stand CENTRIFUG. of KORT CENTRIFUG., en druk toets START/PAUZE in (het wasgoed wordt uit-gezwierd of omzichtig uitgezwierd ).

Aan het einde van deze programmafase licht de indicator EINDE op. 2. Laaddeur openen.Van zodra de indicatie DEUR groen oplicht, mag de laaddeur geopend worden.3. Draai de programmakeuzeschakelaar in de stand UIT. 4. Wasgoed uitnemen. 5. De wasmiddellade na het wassen iets uittrekken opdat deze zou kunnen drogen. De laaddeur slechts op een kier zetten opdat de wasautomaat zou kunnen luchten. 3 Wanneer de indicator OVERDOS. brandt, werd er teveel wasmiddel gebruikt tijdens het afgelopen wasprogramma en werd er daarom een extra spoelgang uitgevoerd. Let bij de volgende wasbeurt op de dosis die de wasmiddelproducent aanraadt evenals op de hoeveelheid was-goed! Opgelet! Wanneer de wasautomaat gedurende een lange tijd niet gebruikt zal worden: de waterkraan sluiten en de stekker van de wasau-tomaat uit het stopcontact halen.

Gebruiksaanwijzing24Programmatabellen Wassen Hierna worden niet alle mogelijke maar wel de gebruikelijke en zinvolle instellingen opgesomd.Soort wasgoed,kentekenmax. hoeveelheid wasgoed(droog gewicht)1)1) Een emmer van 10 liter bevat ongeveer 2,5kg droog wasgoed (katoen). Programmakeuzeschakelaartemperatuur mogelijkeaanvullende programma’sWitte wasç5kg WITTE/BONTE WAS95 VOORWAS INWEKENKORT VLEKKEN Energiebesparend programma:witte was ç5kg WITTE/BONTE WASE-STANDVOORWAS INWEKEN Bonte wasèë 5kg WITTE/BONTE WAS30 tot 60VOORWAS INWEKEN KORT VLEKKEN Kreukherstellendêíî 2,5kg KREUKHERSTELLEND30 tot 60VOORWAS INWEKEN KORT VLEKKEN Fijne wasì2,5kg(en/of15-20m2gordijnen)FIJNE WAS30, 40VOORWASINWEKEN KORT VLEKKEN Wol/handwas 9ìï 2kg PWOLKOUD tot 40

Gebruiksaanwijzing26Reinigen en verzorgenBedieningspaneelOpgelet! Gebruik geen schoonmaakmiddelen voor meubelen of agres-sieve schoonmaakproducten om de onderdelen van het paneel en van de bediening te reinigen.0 Veeg het bedieningspaneel met een vochtige doek schoon. Gebruik hiervoor warm water.WasmiddelladeDe wasmiddellade moet nu en dan worden schoongemaakt.0 1. Trek de wasmiddellade uit tot aan de aanslag.2. Trek dan even kort aan de lade zodat ze uit de machine loskomt.3. Trek het sifonkapje los.4. Maak het sifonkapje onder stromend water schoon.5. Reinig de spoelbakjes door er via de achterzijde warm water in te laten lopen. Maak bij voorkeur gebruik van een borstel voor het reinigen van flessen.6. Breng het sifonkapje weer aan en duw het tegen de aanslag zodat het goed stevig vastzit.7. Reinig de zone waar de wasmiddelen in de machine worden gebracht.

Gebruiksaanwijzing27WastrommelDe wastrommel is uit roestvrij staal vervaardigd. Door verroeste vreemde voorwerpen in de trommel te brengen, kan er zich roest tegen de trommelwand afzetten.Opgelet! Gebruik geen zuurhoudende ontkalkingsmiddelen, chloor- of ijzerhoudende schuurmiddelen of staalwol om de trommel in roestvrij staal te reinigen. U kunt bij onze klantenservice terecht voor speciale onderhoudsproducten.0 Verwijder roestafzettingen op de trommel met schoonmaakmiddelen voor de behandeling van roestvrij staal.Laaddeur0 Controleer regelmatig of er geen resten of vreemde voorwerpen zijn achtergebleven in de rubberen ring achter de laaddeur. In voorkomend geval moeten deze voorwerpen worden verwijderd.Problemen?

Oplossingen!…3 Het fluitende geruis tijdens het centrifugeren wordt door het moderne aandrijfsysteem veroorzaakt en ver-schilt enigszins van het lawaai dat wasmachines vroeger maakten.Het ratelende startgeruis – in het bijzonder bij de eerste inwerkingstelling – wordt door de loogpomp veroor-zaakt en hangt van de constructie af.Oplossen van storingenTracht in geval van storingen het probleem zelf op te lossen aan de hand van de hier vermelde instructies. Doet er zich één van de hierna vermelde storingen voor of wenst u voor het oplossen van een bedie-ningsfout een beroep te doen op de klantendienst, dan komt een tech-nicus van de klantendienst ter plaatse. Let wel, ook tijdens de garantieperiode worden hier kosten voor aangerekend.

Gebruiksaanwijzing28•Wanneer de indicator de foutcode (1, (2 of (d meldt, dan kunt u de storing eventueel zelf opheffen (zie onderstaande storingstabel). Druk nadat de storing werd verholpen de toets START/PAUZE in. Verschijnt dezelfde foutcode, neem dan contact op met de klanten-dienst.•Gelieve voor alle andere gemelde storingen de klantendienst op de hoogte te brengen en de foutcode te melden. Storing Mogelijke oorzaken Oplossing De wasmachine werkt niet. De wasmachine is niet aan-gesloten op het stroomnet. Steek de stekker in het stop-contact. De zekering van de elektri-sche installatie is niet in orde. Vervang de zekeringen. De laaddeur is niet goed gesloten. Sluit de laaddeur; u moet kunnen horen dat de gren-del in het slot springt. De toets START/PAUZE werd niet lang genoeg ingedrukt gehouden. Houd de toets START/PAUZE ingedrukt, tot het pro-gramma begint.

Er loopt geen water in de machine.Foutcode (1 ver-schijnt. De waterkraan is niet geo-pend. Draai de waterkraan open. De filter in de schroef van de toevoerslang is verstopt. Koppel de slang los van de waterkraan, verwijder de fil-ter en reinig onder stromend water. Foutcode (d verschijnt.Misschien is de deur niet goed gesloten.Deur nogmaals sluiten. In de buurt van het slot stevig dichtdrukken.

Gebruiksaanwijzing29De wasautomaat trilt of beweegt tijdens de werking. De in de hoogte verstelbare schroefvoetjes staan niet correct ingesteld. Pas de voetjes overeenkom-stig de opstellings- en aan-sluitinstructies aan. De trommel bevat niet vol-doende wasgoed (b.v. slechts een badjas). Dit heeft geen invloed op de werking. Het water kon vóór het cen-trifugeren niet volledig weg-gepompt worden omdater een knik in de afvoerslang zit of omdat de loogpomp ver-stopt is.Controleer de ligging van de afvoerslang en verwijder de eventuele knik uit de slang of reinig de loogpomp en verwijder eventuele vreemde voorwerpen uit het pomp-huis. Er wordt te veel schuim tijdens de hoofdwas ontwikkeld. Waarschijnlijk werd er te veel wasmiddel in de machine ingebracht. Doseer het wasmiddel vol-gens de instructies van de fabrikant. Het water loopt langs de onderzijde van de wasmachine weg.

De schroefverbinding van de toevoerslang werd niet vol-doende aangedraaid. Draai de toevoerslang vast. De afvoerslang is niet goed aangesloten. Controleer de afvoerslang en vervang indien nodig. Het deksel van de loogpomp is niet goed gesloten. Sluit het deksel correct. Het wasgoed is tussen de laaddeur klem geraakt. Het programma afbreken, het wasgoed uit de laaddeur verwijderen, een nieuw pro-gramma starten.De wasverzachter werd niet ingebracht, het vakje À voor het was-middel is met water gevuld.Het sifonkapje in het vak voor verzorgingsmiddelen werd niet correct aange-bracht of is verstopt. Wasmiddellade reinigen, sifonkapje stevig aanbren-gen. Storing Mogelijke oorzaken Oplossing

Gebruiksaanwijzing30Was is gekreukeld. Er is teveel was in de machine gedaan.Minder was in de machine doen.Het wasgoed is niet voldoende uitge-zwierd, er is duidelijk nog water in de trom-mel achtergebleven. Foutcode (2 ver-schijnt. Er is een knik in de afvoer-slang. Verwijder de knik. De maximale pomphoogte (afvoerhoogte 1m vanaf het vlak waarop het toestel rust) wordt overschreden. Richt u tot de klantenservice. Hier kunt u terecht voor een adapter voor pomphoogtes hoger dan 1m. De loogpomp is verstopt. Schakel het toestel uit, trek de stekker uit het stopcon-tact en reinig de loogpomp. Bij sifonaansluiting: sifon is verstopt. Reinig de sifon.

De laaddeur kan bij ingeschakeld toestel niet geopend worden.De laaddeur is vergrendeld omwille van veiligheidsrede-nen (de indicatie DEUR brandt niet).Wachten tot de indicatie DEUR groen oplicht.Er blijven resten was-middel in de wasmid-dellade achter. De waterkraan is niet volle-dig opengedraaid. Draai de waterkraan volledig open. De filter in de schroefverbin-ding van de toevoerleiding aan de waterkraan is ver-stopt.Reinig de filter. De filter van de schroefbe-vestiging van de toevoer-slang is ter hoogte van het toestel verstopt. Reinig de filter. Het spoelwater is niet helder. De oorzaak is vermoedelijk toe te schrijven aan een te hoog silicaatgehalte van het wasmiddel. Dit heeft geen negatieve invloed op het spoelresultaat, gebruik evtl. een vloeibaar wasmiddel. De overeenstemmende indicator gaat niet branden wanneer een toets van een aanvul-lend programma wordt ingedrukt.

Het geselecteerde aanvul-lende programma is niet combineerbaar met het inge-stelde programma. Maak een andere keuze. Storing Mogelijke oorzaken Oplossing

Gebruiksaanwijzing31Het wasresultaat is niet bevredigendHet wasgoed ziet grauw en er heeft zich kalk in de trommel afgezet.•Er werd te weinig wasmiddel gebruikt.•Er werd een verkeerd wasmiddel gebruikt.•Sterk vervuilde was werd vooraf niet behandeld.•Er werd een verkeerd programma of een verkeerde temperatuur gekozen.•Bij gebruik van componenten-wasmiddelen werden de afzonderlijke componenten niet in de juiste verhouding gebruikt.Het wasgoed vertoont nog grauwe vlekken•Er werd niet voldoende wasmiddel gebruikt voor het wassen van lin-nen waarop vlekken van zalf, vet of olie zaten.•Er werd een te lage temperatuur geselecteerd.•Dit probleem wordt vaak veroorzaakt doordat er wasverzachter – en met name geconcentreerde wasverzachter – rechtstreeks op het was-goed is terechtgekomen.

Was dergelijke vlekken zo snel mogelijk uit en ga omzichtig tewerk met de betreffende wasverzachter.Er blijft nog schuim achter na de laatste spoelbeurt•Moderne wasmiddelen kunnen ook tijdens de laatste spoelbeurt nog schuim ontwikkelen. Het wasgoed is echter wel voldoende gespoeld.Er blijven witte resten op het wasgoed achter•Deze vlekken zijn onoplosbare bestanddelen van moderne wasmidde-len. Ze zijn niet het gevolg van het onvoldoende spoelen. Klop het wasgoed uit of borstel het af. Misschien moet u het wasgoed de vol-gende maal binnenstebuiten wassen.

Controleer het gebruikte was-middel en gebruik eventueel vloeibare wasmiddelen.Leegmaken in noodgeval•Wanneer het waswater niet meer wordt weggepompt, moet de machine overeenkomstig de voorschriften voor noodgevallen worden leeggemaakt.•Wanneer de wasautomaat in een niet-vorstvrije ruimte staat, moet deze bij vriesweer leeggemaakt worden.Daarenboven de toevoerslang van de waterkraan losschroeven en op de grond leggen.

Gebruiksaanwijzing321 Opgelet! De wasautomaat vóór het leegmaken uitschakelen en de stek-ker uit het stopcontact halen!Voorzichtig! Het waswater dat via de noodslang wegloopt, kan heet zijn. Verbrandingsgevaar! Laat het waswater eerst afkoelen, voor u de machine overeenkomstig de voorschriften voor noodgevallen leeg-maakt!0 1. Zet een vlakke kuip klaar waarin u het waswater kunt opvangen.2. Het klepje links onderaan de sokkel naar beneden klappen (1) en van het toestel lostrekken (2).3. Neem de noodafvoerslanguit de houder.4. Trek de noodafvoerslang ietsnaar voor.5. Plaats de opvangbak onder de opening.6. Draai de sluitdop van de noodafvoerslang naar links (1) en trek deze los (2).Het waswater loopt weg. Afhankelijk van de hoeveelheid waswater zal u de opvangbak eventueel een aantal maal moeten leeggieten.

Sluit de noodafvoer-slang intussen weer af met de sluitdop.Wanneer het waswater volledig is weggelopen:7. Duw de sluitdop stevig in de noodafvoerslang.8. Schuif de noodafvoerslang weer iets in de machine zodat ze in de hou-der vastgrijpt.9. Plaats het klepje weer terug op het sokkelpaneel en sluit deze.3 De werking van de Öko-sluis is bij een volledig leeggemaakte wasma-chine niet meer gewaarborgd. Vul bijgevolg voor de volgende wasbeurt ong. 1liter water bij (via de lade voor de wasmiddelen).

Gebruiksaanwijzing33De loogpomp reinigen1 Opgelet! De wasautomaat vóór het reinigen van de loogpompuitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen!0 1. Eerst leegmaken in noodgeval (zie het vorige hoofdstuk ”Leegmaken in noodgeval”).2. Leg voor het deksel van de loogpomp een doek op de grond. Het is immers niet uitgesloten dat er nog restwater uit de machine loopt.3. Schroef het deksel van de loogpomp tegen wijzerzin los (1) en verwijder het deksel (2).4. Vreemde voorwerpen uit het pomp-huis verwijderen.5. Controleer of het vleugelrad van de pomp nog kan draaien. (een onregel-matige loop van de pomp is niet abnormaal). Draait het vleugelrad in het geheel niet meer, neem dan con-tact op met de klantenservice.6. Plaats het deksel terug (1) (Druk de tussenstukken van het deksel in de geleidingsrails) en draai het deksel in wijzerzin terug vast (2).7.

Gebruiksaanwijzing34Noodontgrendeling van de laaddeurWanneer de laaddeur niet meer opengaat (bv. als gevolg van een defecte deurvergrendeling of in geval van een stroomonderbeking tij-dens een wasprogramma), kan deze met behulp van de noodontgrende-ling geopend worden.0 1. Wanneer er water zichtbaar is door het kijkglas van de laaddeur moet het toestel eerst leeggemaakt worden in noodgeval (zie het hoofdstuk ”Leegmaken in noodgeval”).2. De draaiknop met behulp van een muntstuk of met een schroevendraaier tegen wijzerzin draaien.3. Deur openen door aan de greep te trekken.Draaiknop

Gebruiksaanwijzing35Aanvullende spoelgang en/of loogafkoelingDe wasautomaat is op een uiterst zuinig waterverbruik ingesteld. •Voor mensen die aan een allergie lijden, kan het echter nuttig zijn om met meer water te spoelen (extra spoelgang). •Het kan noodzakelijk zijn om het loogwater vóór het wegpompen af te koelen om een thermische beschadiging van de plastic afvoerlei-dingen te vermijden (loogafkoeling). 3 Door een extra spoelgang en/of loogafkoeling nemen het waterverbruik en de programmaduur toe. Aanvullende spoelgang (SPOELEN+)3 Wanneer deze functie ingeschakeld is, volgt er een aanvullende spoel-gang tijdens de programma’ s WITTE/BONTE WAS, FIJNE WAS enKREUKHERSTELLEND. Bij de levering van het toestel is er geen extra spoelgang ingesteld. Een extra spoelgang instellen: 0 1. De programmakeuzeschakelaar op KORT CENTRIFUG. draaien. 2.

De toets INWEKEN gedurende minstens 5 seconden ingedrukt houden. Nadat de toets 5 seconden ingedrukt werd, knippert SPOELEN+ op de indicatie van het programmaverloop gedurende 5 seconden. 3. Wanneer SPOELEN+ knippert, de toets INWEKEN loslaten. Wanneer het knipperen ophoudt, is de extra spoelgang ingesteld. Deze blijft ingesteld tot hij weer opgeheven wordt. Wanneer de aanvullende spoelgang ingesteld is, brandt de indicatie SPOELEN+ vóór de programmastart en tijdens de aanvullende spoel-gang op de indicatie van het programmaverloop. 4. Wanneer u wil controleren of de extra spoelgang ingesteld is: –De programmakeuzeschakelaar op KORT CENTRIFUG. draaien. –De toets INWEKEN kort indrukken. Wanneer SPOELEN+ op de indicatie van het programmaverloop knip-pert, is de aanvullende spoelgang ingesteld. Een extra spoelgang opheffen: 0 1. De programmakeuzeschakelaar op KORT CENTRIFUG. draaien. 2.

Gebruiksaanwijzing363. Wanneer SPOELEN+ constant brandt, de toets INWEKEN loslaten.Nadat SPOELEN+ niet meer brandt, is de aanvullende spoelgang opge-heven.Loogafkoeling 3 Het loogwater wordt vóór het wegpompen aan het einde van de hoofd-wasgang (door de toevoer van koud water) afgekoeld. (Deze instelling functioneert enkel bij WITTE/BONTE WAS in geval van een temperatuur hoger dan 40 °C.) Bij de levering van het toestel is loogafkoeling niet ingesteld. De loogafkoeling instellen: 0 1. De programmakeuzeschakelaar op KORT CENTRIFUG. draaien. 2. De toets VOORWAS gedurende minstens 5 seconden ingedrukt houden. Nadat de toets gedurende 5 seconden werd ingedrukt, knippert HOOFDWAS gedurende 5 seconden op de aanduiding van het program-maverloop. 3. Wanneer HOOFDWAS knippert, de toets VOORWAS loslaten. Wanneer het knipperen stopt, is de loogafkoeling ingesteld.

Dat blijft zo tot deze weer opgeheven wordt.4. Wanneer u wil nagaan of de loogafkoeling ingesteld is:–De programmakeuzeschakelaar op KORT CENTRIFUG. draaien. –De toets VOORWAS kort indrukken. Wanneer HOOFDWAS knippert op de aanduiding van het programma-verloop, is de loogafkoeling ingesteld. De loogafkoeling opheffen: 0 1. De programmakeuzeschakelaar op KORT CENTRIFUG. draaien. 2. De toets VOORWAS gedurende minstens 5 seconden ingedrukt houden. Onmiddellijk na het indrukken van de toets knippert HOOFDWAS op de aanduiding van het programmaverloop. Na 5 seconden houdt HOOFD-WAS op met knipperen en blijft gedurende 5 seconden constant bran-den. 3. Wanneer HOOFDWAS constant brandt, de toets VOORWAS loslaten. Nadat HOOFDWAS ophoudt met branden, is de loogafkoeling opgehe-ven. Extra spoelgang en loogafkoeling Een extra spoelgang en loogafkoeling kunnen gecombineerd worden.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux 72720 lavamat stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden