AEG Electrolux 70398 DT Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG Electrolux 70398 DT (23 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over AEG Electrolux 70398 DT of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | AEG Electrolux |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | 70398 DT |
Handleiding AEG Electrolux 70398 DT – volledige tekst
2Geachte klant,Lees eerst aandachtig de gebruiksaanwijzing door voordat u uw nieuwekoelapparaat in gebruik neemt. Hierin staat belangrijke informatie over eenveilig gebruik, over het opstellen en over het onderhoud van het apparaat.De gebruiksaanwijzing s.v.p. bewaren voor latere naslag. Aan eventuele vol-gende bezitters van het apparaat doorgeven.Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waar-schuwing!, Voorzichtig!, Let op!) wordt de aandacht gevestigd op aanwij-zingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het juist functionerenvan het apparaat.
Hier absoluut op letten.Na dit symbool wordt uitleg gegeven over de bediening en het prak-tischgebruik van het apparaat.Met het klaverblad worden tips en aanwijzingen voor een econo-mischenmilieuvriendelijk gebruik van het apparaat aangegeven.Voor eventueel optredende storingen staan in de handleiding aanwijzingenom deze zelf op te lossen, zie Hoofdstuk "Wat te doen als...". Als deze aanwij-zingen niet voldoende informatie bieden staat onze klantendienst u te allentijde ter beschikking.
3InhoudVeiligheid. 4Weggooien. 5Informatie over de verpakking van het apparaat. 5Weggooien van oude apparaten. 5Transportbescherming verwijderen. 6Opstellen. 6Opstelplaats. 6Uw koeltoestel heeft lucht nodig. 7Muur-afstandshouders. 7Deurdraairichting. 8Elektrische aansluiting. 9Voor ingebruikname. 9In gebruik nemen en temperatuurregeling. 10Interieur. 10Legvlakken. 10Variable binnendeur. 10Flessenrek. 11Vochtigheidsregeling. 11De lade. 12Koelen van levensmiddelen. 13Invriezen en diepgevroren opslaan. 13Het maken van ijsblokjes. 14Diepvrieskalender. 14Ontdooiing van het toestel. 15Apparaat uitzetten. 15Reiniging en onderhoud. 16Tips om energie te besparen. 17Wat te doen als. 17Hulp bij storingen. 17Lamp verwisselen. 19Doel, normen, richtlijnen. 19.
4VeiligheidDe veiligheid van onze apparaten voldoet aan de Europese en Nederlandsenormen. Desondanks zien wij ons genoodzaakt u met de volgende veilig-heidsaanwijzingen vertrouwd te maken:Reglementaire toepassing• Het apparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd. Het is geschikt voorhet koelen, invriezen en diepgevroren bewaren van levensmiddelen envoor het maken van ijs. Als het apparaat voor andere doeleinden gebruiktwordt kan de fabrikant geen verantwoording nemen voor eventueleschaden. • Het ombouwen van of veranderingen aan het koelapparaat aanbrengenis uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan. • Als het apparaat commercieel of voor andere doeleinden dan voor hetkoelen, diepgevroren bewaren en invriezen van levens-middelen gebruiktwordt, s. v. p. letten op de hiervoor van kracht zijnde wettelijke bepalingen.
Voordat het apparaat voor de eerste keer in gebruik genomenwordt• Controleer het apparaat op transportschaden. Een beschadigd apparaat ingeen geval aansluiten. Wend u in geval van schade tot de leverancier. KoelmiddelenHet apparaat bevat in het koelvloeistofcircuit de koelvloeistof Isobutan(R600a), een natuurlijk, zeer milieuvriendelijk gas, dat echter wel brandbaar is. • Bij het transport en het opstellen van het apparaat erop letten dat geenonderdelen van het koelvloeistofcircuit beschadigd worden. • Bij beschadiging van het koelvloeistofcircuit:– open vuur en brandhaarden absoluut vermijden;– het vertrek waar het apparaat staat goed ventileren. Veiligheid van kinderen• Verpakkingsdelen (bijv. foliën, piepschuim) kunnen voor kinderen gevaar-lijk zijn. Stikgevaar. Verpakkingsmateriaal van kinderen weghouden. • Oude apparaten voor het weggooien onbruikbaar maken.
) of in andere levensgevaarlijke situaties terecht komen. • Kinderen kunnen gevaren die in het omgaan met huishoudelijke appara-ten schuilen vaak niet herkennen. Zorg daarom voor de nodige toezichten laat kinderen niet met het apparaat spelen. Bij dagelijks gebruik• Containers met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lek raken doorde inwerking van koude. Explosiegevaar. Leg geen containers met brand-bare stoffen zoals bijv. spraybussen, aanstekers, navullin-gen van aan-57Disposizioni, Norme, Direttive. L’apparecchiatura é stata concepita per l’impiego domestico ed é stata pro-dotta sotto l’osservanza delle norme vigenti per questi tipi di apparecchia-ture.
5stekers etc. in het koelapparaat. • Flessen en blikken mogen niet in het vriesvak. Ze kunnen springen als deinhoud bevriest – bij koolzuurhoudende inhoud zelfs exploderen. Leg noitlimonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in het vriesvak. Uitzonde-ring: sterke drank met een zeer hoog alcohol percentage kan in het vrie-svak gelegd worden. • Consumptie-ijs en ijsblokjes niet direct vanuit de vriesruimte in de mondsteken. Zeer koud ijs kan aan de lippen of de tong vastvriezen en verwon-dingen veroorzaken. • Niet met natte handen aan diepvriesartikelen komen. De handen kunnendaaraan vastvriezen. • Geen elektrische apparaten (bijv. elektrische ijsmachines, mixers etc. ) in hetkoelapparaat gebruiken. • Voor het schoonmaken het apparaat altijd uitzetten en de stekker uit hetstopcontact trekken of de zekering in de woning uitschakelen c. q. er uitdraaien.
• De stekker altijd aan de stekker zelf uit het stopcontact trekken, nooit aanhet snoer. Bij storing• Als er een storing aan het apparaat optreedt eerst in de gebruiks-aanwij-zing kijken onder “Wat te doen als. ”. Als de daar gegeven aanwijzingenniet verder helpen zelf niet verder aan het apparaat werken. • Koelapparaten mogen alleen dooor geschoold personeel gerepareerd wor-den. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ont-staan. Wend u zich bij reparaties tot uw vakhandel of tot onze klantendienst. WeggooienInformatie over de verpakking van het apparaatAlle gebruikte grondstoffen zijn milieuvriendelijk. Ze kunnen zonder gevaarweggegooid of in de vuilverbrandingsoven verbrand worden. De grondstoffen: de kunststoffen kunnen ook opnieuw gebruikt worden enworden als volgt gekarakteriseerd:>PE< voor polyethyleen, bijv. bij de buitenste verpakking en de zakken bin-nen in.
6Waarschuwing. Apparaten die hun tijd gehad hebben onbruikbaar makenvoordat ze weggegooid worden. Stekker er afhalen, netsnoer doorknippen,eventuele snap- of grendelsloten verwijderen of kapot-maken. Hierdoorwordt voorkomen dat spelende kinderen in het apparaat opgesloten wor-den (verstikkingsgevaar. ) of in andere levensgevaarlijke situaties terechtko-men. Aanwijzingen voor het weggooien:• Het apparaat mag niet bij het huis- of grofvuil gezet worden. • Het koelvloeistofcircuit, in het bijzonder de warmtewisselaar aan de ach-terkant, mag niet beschadigd worden. • Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat ditproduct niet als huishoudafval mag worden behandeld, maar moet wor-den afgegeven bij een verzamelpunt waar elektrische en elektronischeapparatuur wordt gerecycled.
Als u ervoor zorgt dat dit product op de jui-ste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijk negatieve gevolgenvoor mens en milieu die zich zouden kunnen voordoen in geval vanverkeerde afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over hetrecyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de gemeente, degemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt gekocht. Transportbescherming verwijderenHet apparaat alsmede de onderdelen van het interieur zijn voor het tran-sport beschermd. • Alle plakband alsmede bekledingsdelen uit het interieur verwijderen. OpstellenOpstelplaatsHet apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte neerzetten. De omgevingstemperatuur heeft invloed op het stroomverbruik.
Het apparaat daarom– niet aan directe straling van de zon blootstellen;– niet bij radiatoren, naast een kachel of andere warmtebronnen plaatsen;– alleen op een plaats neerzetten waarvan de omgevingstemperatuur ove-reenkomt met de klimaatcategorie waarvoor het apparaat is ont-worpen. 55Che cosa fare, se. Interventi in caso di anomalieProbabilmente si tratta di un guasto di lieve entità che potrete eliminare dasoli seguendo le seguenti istruzioni.
7Klimaatcategorie voor een omgevingstemperatuur vanSN +10 tot +32 °CN+16 tot +32 °CST +18 tot +38 °CT+18 tot +43 °CAls het onvermijdelijk is het apparaat naast een warmtebron te plaat-sen,aan weerszijden minimaal de volgende afstanden aanhouden:– tot elektrische kachels 3 cm;– tot olie- en kolenkachels 30 cm. Als men zich niet aan deze afstanden kan houden, is een warmte-isolatie-plaat tussen kachel en koelapparaat aan te bevelen. Als het koelapparaat naast een anderkoel- of diepvriesapparaat staat, iseen afstand van 5 cm aan weerszij-den aan te bevelen, zodat zich geencondens vormt aan de buitenkantvan de apparaten. Uw apparaat heeft lucht nodigOm veiligheidsredenen moet de ven-tilatie zodanig zijn als aangegeven inFig. Attentie: zorg ervoor dat de ventila-tie openingen tijdens gebruik nietwoden afgedekt.
Muur-afstandshoudersIn het documentenzakje bevin-den zich twee afstandshoudersdie in de bovenste hoeken aan deachterzijde geplaatst dienen teworden. Draai de schroeven los,steek de afstandshouders onderde schroefkop en draai de schroe-ven weer vast. ABNP005100 mm10 mm10 mmPR153De klimaatcategorieën staan op het merk- en type-aanduidingsplaatje datzich links aan de binnenkant van het apparaat bevindt. De volgende tabel geeft aan welke omgevingstemperatuur bij welke kli-maatcategorie behoort:54• L’apparecchio deve essere asciutto, ancor prima della nuova messa in ser-vizio. Attenzione. • Oli essenziali e sostanze solventi organiche possono intaccare gli elemen-ti in materiale sintetico, p. es. – succhi di limone oppure bucce di arancia;;– burro acido;– sostanze detergenti contenenti acido di aceto. Evitare il contatto degli elementi dell’apparecchio con simili sostanze.
8HDeurdraairichtingHet deurscharnier kan van rechts(stand waarin hij wordt afgeleverd)naar links gewisseld worden als datvoor de opstelplaats nodig is. Waarschuwing. Bij het wisselen vande deurscharnieren mag het appa-raat niet op het lichtnet aangeslotenzijn. Van te voren de stekker uit hetstopcontact halen. Ga nu verder als volgt te werk:1. Verwijder het bovenscharnier (zorgervoor dat de deur niet valt) enbewaar het. Maak de bovenste steun los en zethet vast aan de andere kant2. Verwijder de bovendeur3. Schroef het middelste scharnier los. Schroef de plastic dopjes los die aande andere kant van het scharnier zit-ten en plaats ze in de gaten waareerst het scharnier zat. 4. Verwijder de onderdeur5. Haal het ventilatierooster weg datmet twee schroeven vast zit6. Verwijder het onderste scharnierdoor de schroeven los te schroeven7. Maak de scharnierpen los metbehulp van een 12 mm.
steeksleutelen plaats het aan de andere kant vanhet scharnier8. Zet het apparaat waterpas door destelvoet(en) aan de onderkant testellen met hand of gereedschap. 9. Plaats het onderste scharnier aan deandere kant, met de schroeven dieeerder verwijderd zijn. Schuif hetafdekplaatje van het ventilatieroost-er in de richting van de pijl en plaatshet aan de andere kant. 10. Breng het ventilatierooster met deschroeven op zijn plaats. 11. Plaats de onderdeur. 12. Plaats het middelste scharnier aan deandere kant. 532. Spegnere l’apparecchiatura e staccare la spina dalla presa di corrente oppu-re disinserire o svitare le valvole di sicurezza. 3. Lasciare aperta la porta dello scomparto congelatore. 4. Riportare la manopola del termostato nella posizione desiderata e reinseri-re la spina nella presa. Avvertenza:Non impiegare mai utensili metallici per asportare la brina.
913. Plaats de bovendeur 14. in het pak met documentatievindt u het bovenste scharnier, dienodig zijn om de openingsrichtingte veranderen. U wordt verzochtdeze op de hiervoor bestemdeplaats aan te brengen. 15. Schroef de schroeven waarmee hethandvat bevestigd zit los, beginnendbij (B) (beide deuren). Verwijder de plastic afdekdopjes enbreng ze aan de andere kant aan. Zet het handvat aan de andere kantvast en breng de schroeven aan,beginnend bij (A). BelangrijkNa het omkeren van de deurdraairichting moet u controleren of het deur-rubber rondom goed op de sponning sluit. In een koud vertrek (in de win-ter) kan het gebeuren dat dat niet het geval is. Na enkele dagen zal het rub-ber zich echter aangepast hebben. Wilt u dat bespoedigen, dan kunt u hetrubber warm maken met een föhn.
Elektrische aansluitingVoor de elektrische aansluiting is een volgens de voorschriften geïnstalleer-de beschermcontactdoos vereist. De contactdoos moet zodanig worden geïnstalleerd, dat de steker altijd uitde contactdoos kan worden getrokken. De elektrische zekering dient minstens 10 Ampère te zijn. Indien het stopcontact bij een ingebouwd apparaat niet meer toegan-kelijkis, dient een maatregel in de elektrische installatie er voor te zorgen dat hetapparaat van de stroom kan worden afgesloten (bijv. zekering, beveiligings-schakelaar, aardlekschakelaar of dergelijke met een contactopeningsbreed-te van minimaal 3 mm). • Voor ingebruikneming op het merk– en type–aanduidingsplaatje van hetapparaat controleren of de netspanning en stroomsoort over-eenkomenmet de waarden van het lichtnet op de plaats waar het apparaat komt testaan. Bijv. : AC 220. 240 V 50 Hz of220. 240 V~ 50 Hz(d. w. z.
220 tot 240 Volt wisselstroom, 50 Hertz)Het typeplaatje bevindt zich links aan de binnenkant van het apparaat. Voor ingebruikname• Het interieur van het apparaat en alle accessoires schoonmaken voor heteerste gebruik (zie Hoofdstuk “Reiniging en Onderhoud”).
10D338In gebruik nemen en temperatuurregeling• U steekt de steker van de koelkast in een contactdoos met randaarde. Alsu de koelkastdeur opent, wordt de binnenverlichting ingeschakeld. Dedraaiknop voor de temperatuukeuze bevindt zich rechts in de koelruimte. Stand „0“ betekent: uit. Stand „1“ betekent: hoogste binnentemperatuur, warmste instelling. Stand „6“ betekent: laagste binnentemperatuur, koudste instelling. Bij het instellen van de juiste stand dient u er rekening mee te houden datde temperatuur in het apparaat afhankelijk is van:- de kamertemperatuur;- de frequentie waarmee de deuren geopend worden;- de hoeveelheid levensmiddelen in de kast;- de plaats van het apparaat. De temperaturen in koelruimte en vriesvak kunnen niet gescheiden geregeldworden. Als verse levensmiddelen snel moeten worden ingevroren, kunt ustand „6“ kiezen.
Let u erop, dat de temperatuur in de koelruimte niet bene-den 0°C komt en zet de temperatuurregelaar tijdig op stand „3“ of „4“ terug. Belangrijk. Hoge omgevingstemperatuur (bijv. op hete zomerdagen) en koude instellingvan de temperatuurregelaar (stand “5” tot “6”) kunnen er voor zorgen datde compressor continu werkt. Zet in dat geval de temperatuurregelaar op een warmere stand (stand “3”tot “4”). Bij deze instelling wordt de compressor geregeld en begint het ont-dooien weer automatisch. InterieurLegvlakkenNaargelang het model is het appa-raat voorzien van glas legvlakken. Het legvlak van glas boven de groen-te- en fruitbakken moet altijd op dieplaats blijven liggen, opdat groenteen fruit langer vers blijven. De overige legvlakken zijn in hoogteverstelbaar:Daartoe de legvlak zover naar voren trekken tot hij naar boven of onderenbewogen kan worden en eruit gehaald kan worden.
11FlessenrekPlaats flessen met de hals naarvoren in het rek. Belangrijk: leg alleenongeopende flessen horizontaalneer. Het flessenrek kan schuin gezetworden om geopende flessen tebewaren. Trek dan het rek naarvoren tot het schuin naar bovengezet kan worden. Zet dan devoorste steun hoger vast. VochtigheidsregelingIn de lade bevindt zich een ventila-tiesysteem met sleuven(verstelbaarmet schuifje), welke het mogelijkmaakt de vochtigheid te regelen inde groentelade. Het openen van de ventilatiesleuvenkan m. b. v. een schuifje geregeld wor-den. Schuifje rechts: ventilatiesleuvengeopendAls de ventilatiesleuven geopend zijn,zorgt meer luchtcirculatie voor eenlager vochtigheidsgehalte in degroente- en fruitlade. Schuifje links: ventilatiesleuvengeslotenAls de ventilatiesleuven gesloten zijn,zorgt het natuurlijke vochtigheid-sgehalte ervoor dat de levensmidde-len langer behouden worden.
13Koelen van levensmiddelenVoor een optimaal gebruik van de koelruimte adviseren wij u de volgendeeenvoudige regels in acht te nemen:• Plaats geen warme of dampende spijzen of dranken in de koelruimte;• dek vooral sterk geurend voedsel af of verpak het;• plaats de levensmiddelen zo, dat de lucht vrij eromheen kan circuleren. Enkele belangrijke tips:Vlees (alle soorten): wordt in plastic zakjes op de glazen plaat boven degroentelade geplaatst. Bewaar vlees niet langer dan één of twee dagen. Gekookt voedsel, koude schotels enz. : kunnen, goed afgedekt, op elk roo-ster geplaatst worden. Fruit en groente: worden schoongemaakt in de groentelade(n) gelegd. Boter en kaas: worden, om blootstelling aan de lucht te voorkomen, in spe-ciale koeldozen bewaard of in plastic- of aluminiumfolie verpakt. Flessen melk: worden, goed gesloten, in het flessenrek geplaatst.
Bewaar niet-luchtdicht verpakte bananen, aardappelen, uien of knoflookniet in de koelkast. Invriezenen en diepgevroren opslaanIn uw koelapparaat kunt u diepvriesproducten bewaren en verse leven-smiddelen zelf invriezen. Attentie. • Voor het invriezen van levensmiddelen dient de temperatuur in de vrie-sruimte –18 °C of lager te zijn. • Let op het op het typeplaatje aangegeven vriesvermogen. Het vries-ver-mogen is de maximale hoeveelheid verse waren die binnen 24 uur inge-vroren kunnen worden. Als er gedurende meerdere dagen achter elkaaringevroren wordt, neem dan slechts 2/3 tot 3/4 van de hoeveelheid aan-gegeven op het typeplaatje. De kwaliteit is beter, als de levensmiddelensnel tot in de kern bevriezen. • Warme levensmiddelen voor het invriezen laten afkoelen. De warmte leidttot verhoogde ijsvorming en verhoogt het energieverbruik.
14bare stoffen zoals bijv. spraybussen, aanstekers, navullingen van aan-stekers etc. in het vriesapparaat. • Flessen en blikken mogen niet in de vriesruimte. Ze kunnen springen alsde inhoud bevriest – bij koolzuurhoudende inhoud zelfs exploderen. Legnoit limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in de vriesruimte. Uit-zondering: sterke drank met een zeer hoog alcoholpercentage kan in devriesruimte gelegd worden. • Alle levensmiddelen voor het invriezen luchtdicht verpakken, zodat zeniet uitdrogen, de smaak niet verloren gaat en de smaak niet op anderediepvriesproducten overgebracht wordt. • Daardoor heeft u een beter overzicht, wordt het lang openen van de deurvoorkomen en wordt stroom bespaard. • Niet-bevroren artikelen mogen niet in aanraking komen met reeds bevro-ren waren omdat anders de bevroren artikelen kunnen ontdooien. Voorzichtig.
Diepvriesartikelen niet met natte handen aanraken. De handenkunnen daaraan vast vriezen. 1. Plaats de in te vriezen levensmiddelen op het rek in dedipevriesvakHet maken van ijsblokjes1. IJsbakje voor 3/4 met koud water vullen, in de vriesruimte plaatsen en latenbevriezen. 2. Om de ijsblokjes los te maken het ijsbakje omdraaien of kort onder stro-mend water houden. Attentie. Een eventueel vastgevroren ijsbakje in geen geval metspitse of scherpe voorwerpen losmaken. Diepvrieskalender• De symbolen geven de diverse soorten diep-vriesproducten aan. • De getallen geven voor iedere soort diepvriesproduct de opslagtijd inmaanden aan. Of de hoogste of de laagste waarde van de aangegevenopslagtijd geldt, hangt af van de kwaliteit van de levensmiddelen en debehandeling voorafgaand aan het invriezen. Voor levensmiddelen met eenhoog vetgehalte geldt altijd de laagste waarde.
15Ontdooiing van het toestelHet ontdooien van de koelruimteHet ontdooien van de koelkast heeftautomatisch plaats. Het dooiwaterwordt via een afvoerkanaaltje opge-vangen in een bakje dat zich aan deachterkant bevindt. Hier verdampthet water. Wij raden u aan het gaatje in hetafvoerkanaal regelmatig schoon temaken. Gebruik voor het door-prikken het staafje dat zich in hetgaatje bevindt. Het ontdooien van de vriesruimteIn het vriesvak dient u echter de rijp te verwijderen, wanneer deze een laagvan circa 4 mm vormt. Gebruik hiervoor het plastic spatel. Wanneer zich eendikke laag ijs gevormd heeft, dient u het gehele apparaat te ontdooien. Ga als volgt te werk:1. draai de thermostaaaknop op “0” of trek de steker uit het stopcontact;2. omwikkel de levensmiddelen met meerdere kranten;3. laat de deur openstaan 4. droog na het ontdooien het vriesvak zorgvuldig;5.
draai de thermostaatknop in de gewenste stand of steek de steker weer inhet stopcontact. Na twee of drie uur kunt u de diepvriesprodukten weerterugplaatsen. BelangrijkGebruik voor het verwijderen van de rijp nooit metalen voorwerpen; u zouuw koelkast kunnen beschadigen. Geen voorwerpen of methodes gebruiken om het ontdooiproces te versnel-len die niet door de fabrikant zijn aangegeven. Temperatuurstijging van diepvriesproducten kan hun houdbaarheids-duurverkorten. Apparaat uitzettenAls het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt wordt:1. Levensmiddelen uit koelruimte en vriesvak nemen. 2. Apparaat uitzetten, daartoe de temperatuurregelaar op stand “0” draaien. 3. Stekker uit het stopcontact halen of zekering uitschakelen, er resp. uithalen. 4. Diepvriesruimte ontdooien en grondig reinigen (zie hoofdstuk “Reini-gingen onderhoud”). 5.
16Reiniging en onderhoudOm hygiënische redenen dient het apparaat aan de binnenkant met toe-behoren geregeld gereinigd te worden. Waarschuwing. • Het apparaat mag tijden het schoonmaken niet op het electrikiteits-netaangesloten zijn. Gevaar voor schokken. Zet voor het schoonmaken hetapparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact of schakel c. q. draai dezekering er uit. • Het apparaat nooit met stoomreinigingsapparaten schoonmaken. Er kanvocht in de elektrische onderdelen komen. Gevaar voor schokken. Hetedamp kan kunstoffen onderdelen beschadigen. • Het apparaat dient droog te zijn voordat het weer in gebruik genomenwordt. Let op. • Etherische oliën en organische oplosmiddelen kunnen kunststof onderde-len aantasten, bijv. – Sap van citroen– of sinaasappelschillen;–boterzuur;– schoonmaakmiddelen die azijnzuren bevatten.
Dergelijke substanties niet in contact brengen met apparaatonderdelen. • Geen schurende schoonmaakmiddelen gebruiken. 1. Koel– en diepvriesartikelen er uit halen. Diepvriesartikelen in meerderelagen kranten verpakken. Alles afgedekt op een koele plaats leggen. 2. Vriesvak voor het schoonmaken ontdooien (zie hoofdstuk “Ontdooien”). 3. Apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact halen of de zeke-ringuitschakelen c. q. er uitdraaien. 4. Apparaat en interieur met een doek en lauwwarm water schoonmaken. Eventueel een beetje normaal afwasmiddel gebruiken. 5. Daarna met schoon water afnemen en droogmaken. Stof op de condensor verhoogt het energieverbruik. Daarom eenmaal perjaar de condensor aan de achterkant van het apparaat met een zachte bor-stel of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken. 6. Het dooiwater-afvoergat aan de achterwand van de koelruimte controle-ren.
Een verstopt dooiwater-afvoergat met behulp van het groene stopjedat met het toestel is meegeleverd schoonmaken. 7. Als alles droog is, de levens-middelen er weer in doen en het apparaat weerin bedrijf nemen. 45HABProcedere come segue1.
17Tips om energie te besparen• Het apparaat niet in de buurt van kachels, verwarmingselementen ofandere warmtebronnen plaatsen. Bij een hoge omgevingstemperatuurwerkt de compressor vaker en langer. • Zorgen voor voldoende be- en ontluchting aan de onderkant van hetapparaat. Ventilatieopeningen nooit afdekken. • Geen warme spijzen in het apparaat zetten. Warme spijzen eerst latenafkoelen. • Deur slechts zo lang open laten als nodig is. • De temperatuur niet lager dan nodig instellen. • Diepvriesartikelen voor het ontdooien in de koelruimte leggen. De koudein de diepvriesartikelen wordt zo voor koeling van de koelruimte gebruikt. • Houd de warmte afgevende verdamper, het metalen rooster aan de ach-terzijde van het toestel, schoon. Wat te doen als. Hulp bij storingenHet kan bij een storing om kleine defecten gaan die zelf u aan de hand vande volgende aanwijzingen kunt oplossen.
Voer zelf geen verdere werk-zaamheden uit als de volgende informatie in concrete gevallen niet verderhelpt. Waarschuwing. Reparaties aan het koelapparaat mogen alleen doorgeschoold personeel uitgevoerd worden. Door ondeskundige reparaties kun-nen grote gevaren ontstaan voor de gebruiker. Wend u bij reparatie tot onzeklantendienst. Storing Mogelijke oorzaken VerhelpenApparaat werkt niet. Apparaat is niet aangezet. Apparaat aanzetten. Stekker zit niet in het stopcon-tact of zit los. Stekker in stopcontact steken. Zekering is los of kapot. Zekering controleren,eventueelvernieuwenStopcontact is kapot. Storingen in het lichtnet doorUw elektrovakman latenverhelpen. 44Reversibilità della portaLa reversibilità della porta puòessere cambiata da destra (con-dizioni di consegna) verso sini-stra, nel caso il luogo di installa-zione ne richiedesse la necessità. Avvertimento.
18Sterke rijpvorming in hetapparaat, eventueel ook aande deurafdichting. Deurafdichting is lek (even-tueel na het verwisselen vande deuraanslag). Op de ondichte plaatsen dedeurafdichting voorzichtig meteen föhn® verwarmen (nietheter dan ca. 50 °C). Tegelijker-tijd de verwarmde deurafdich-ting met de hand zo in vormtrekken dat hij weer helemaalsluit. Ongewone geluiden. Apparaat komt tegen de muurof tegen andere voorwerpenaan. Apparaat staat niet recht. Een onderdeel, bijv. een leiding,aan de achterkant van hetapparaat komt tegen eenander onderdeel van het appa-raat aan of tegen de muur. De compressor start na enigetijd automatisch. Zie hoofdstuk “Reiniging enonderhoud”. Dit is normaal, het betreftgeen storing. Na het wijzigen van de tempe-ratuurinstelling start de com-pressor niet direct. Water op de bodem van dekoelruimte of op de leg-vlakken. Ontdooiwaterafvoer is ver-stopt.
Dit onderdeel voorzichtig weg-buigen. Apparaat iets wegtrekken. Stelvoetjes bijstellen. De levensmiddelen zijn tewarm. Binnenverlichting werkt niet. Het apparaat staat naast eenwarmtebron. Temperatuur is niet juist inge-steld. Zie hoofdstuk “Ingebruikname”. Lamp is kapot. Zie hoofdstuk “Lamp verwisse-len”. Temperatuurregelaar op eenkoudere stand zetten. Deur heeft te lang openge-staan. Zie hoofdstuk “Opstelplaats”. In de laatste 24 uur zijn grote-re hoeveelheden warme leven-smiddelen opgeslagen. Deur slechts zo lang openlaten als nodig is. Apparaat koelt te sterk. Temperatuur is te laag inge-steld. Temperatuurregelaar tij-delijkop een hogere stand zetten. Storing Mogelijke oorzaken Verhelpen43InstallazioneLuogo d’installazioneL’apparecchio deve essere collocato in un luogo ben aerato ed asciutto. La temperatura ambientale ha un notevole effetto sul consumo di corren-te.
19Lamp verwisselenWaarschuwing. Gevaar voor elektrische schok. Voor het verwisselen van delamp het apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact trekken of dezekering uitschakelen c. q. eruit draaien. Lampgegevens: 220-240 V, max. 15 W1. Om het apparaat uit te zetten detemperatuurregelaar op stand „0"draaien. 2. Stekker uit het stopcontact trekken. 3. Voor het verwisselen van de lamp deschroef die de afdekking van hetlampje bevestigt, eruit draaien. 4. Op de afdekking van het lampjedrukken en deze achteruit latenglijden. 5. Defecte lamp verwisselen. 6. De afdekking weer monteren en debevestigingsschroef aandraaien. 7. De koelkast aanzetten. D411Doel, normen, richtlijnenHet koelapparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd en is met in-acht-neming van de voor deze apparaten geldende normen gemaakt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux 70398 DT stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast AEG Electrolux
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast