AEG Electrolux 1610 lavamat lavalogic Handleiding


Pagina's 44 Nederlands Wasmachine

Bekijk de handleiding van AEG Electrolux 1610 lavamat lavalogic gratis online of download de PDF. 56 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag


Beoordeel deze handleiding


Alle foutcodes AEG Electrolux Wasmachine 27 foutcodes uit 15 handleidingen, met hun betekenis.

Product specificaties

Merk: AEG Electrolux
Categorie: Wasmachine
Model: 1610 lavamat lavalogic

Handleiding AEG Electrolux 1610 lavamat lavalogic – volledige tekst

2Geachte klant,Lees deze gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en bewaar het boekje zodat u nog eens iets kunt nalezen.Geeft u deze gebruikersinformatie a.u.b. aan de eventuele volgende ei-genaar van het apparaat door.De volgende symbolen worden in de tekst gebruikt:1VeiligheidsaanwijzingenWaarschuwing! Aanwijzingen die voor uw eigen veiligheid dienen.Let op! Aanwijzingen die ter voorkoming van schade aan het apparaat dienen.3Aanwijzingen en praktische tips2Milieu-informatie

3InhoudGebruiksaanwijzing. 5Veiligheid. 5Afvalverwerking. 6De eerste keer inschakelen - taalkeuze instellen. 7Beschrijving van het apparaat. 8Bedieningspaneel met display. 8Indicaties in het display. 8Bediening van het apparaat. 9Programmaoverzicht. 10Vóór het in gebruik nemen. 14Dagtijd instellen. 14Reinigen vóór het in gebruik nemen. 14Wasgoed voorbereiden en sorteren. 14Wasprogramma uitvoeren. 15Apparaat inschakelen. 15Programma instellen. 15Temperatuur veranderen. 15Centrifugetoerental veranderen. 15Opties kiezen. 16STARTUITSTEL. 17BEHOEDZAAM/VLEKKEN/VOORWAS. 17Vuldeur openen/was in de machine doen. 17Was-/nabehandelingsmiddel doseren. 18Programma starten. 19Verloop van het programma. 20Programma onderbreken/wasgoed toevoegen. 20Wasgang beëindigd/wasgoed uit de machine nemen. 20Extra's instellen. 22GEHEUGEN. 22Programma-instelling opslaan. 22Opgeslagen programma-instelling wissen.

4Kinderbeveiliging. 25Reiniging en onderhoud. 26Wat te doen als. 27Kleine storingen zelf oplossen. 27Als het wasresultaat niet bevredigend is. 29Water aftappen. 30Afvoerpomp. 31Technische gegevens. 32Verbruikswaarden. 32Opstel- en aansluitaanwijzing. 33Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie. 33Opstelling van het apparaat. 34Het apparaat transporteren. 34Transportbeveiliging verwijderen. 34Plaats van opstelling. 35Het apparaat juist afstellen. 36Elektrische aansluiting. 37Wateraansluiting. 37Watertoevoer. 38Waterafvoer. 39Garantievoorwaarden. 40Adres service-afdeling. 42Service. 43.

5Gebruiksaanwijzing1VeiligheidVoor de eerste ingebruikname•Volg de “Opstel- en aansluitinstructies” op.•Als het apparaat in de wintermaanden wordt geleverd bij temperatu-ren onder het vriespunt: de wasautomaat voor de ingebruikname ge-durende 24 uur op kamertemperatuur laten acclimatiseren.Gebruik volgens de voorschriften•De wasautomaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik, voor het wassen van wasgoed. •Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan.•Alleen was- en nabehandelingsmiddelen gebruiken die voor huishou-delijke wasautomaten geschikt zijn.•Het wasgoed mag geen ontvlambare oplosmiddelen bevatten. Explosiegevaar!•De wasautomaat niet voor chemische reiniging gebruiken.•Kleur- en ontkleurmiddelen mogen alleen in de wasautomaat worden gebruikt als de fabrikant van dit product dit uitdrukkelijk vermeldt.

Voor eventuele schade zijn wij niet aansprakelijk.Veiligheid van kinderen•Verpakkingsonderdelen buiten bereik van kinderen houden. Verstik-kingsgevaar!•Kinderen kunnen de gevaren die aan het omgaan met elektrische ap-paraten verbonden zijn, vaak niet inschatten. Laat kinderen niet zon-der toezicht bij de wasautomaat.•Controleer of kinderen of huisdieren niet in de trommel kunnen klau-teren. Levensgevaar!Algemene veiligheid•Reparaties aan wasautomaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. •Neem de wasautomaat nooit in gebruik als het aansluitsnoer bescha-digd is of als het bedieningspaneel, het bovenblad of de sokkel van het apparaat dermate beschadigd zijn dat de binnenzijde van het ap-paraat open toegankelijk is.

6•Voor reiniging, onderhoud en reparatiewerkzaamheden dient de was-automaat uitgeschakeld te worden. Bovendien de stekker uit het stopcontact trekken of bij een vaste aansluiting de beveiligingsscha-kelaar in de zekeringkast uitschakelen of de schroefzekering geheel uitdraaien.•Als het apparaat gedurende een langere periode niet gebruikt zal gaan worden, dient het apparaat van de stroomvoorziening geschei-den te worden en dient de waterkraan gesloten te worden.•De netstekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.•Meerwegstekkers, koppelingen en verlengingsnoeren mogen niet worden gebruikt. Brandgevaar door oververhitting! •De wasautomaat niet met een waterstraal afspuiten. Risico op elektri-sche schokken!•Bij wasprogrammaís op hoge temperaturen wordt het glas van de vuldeur heet.

Niet aanraken!•Voor het aftappen van water, het reinigen van de afvoerpomp of noodontgrendeling van de vuldeur dient het sop eerst af te koelen.•Huisdieren kunnen snoeren en waterslangen doorbijten. Risico op elektrische schokken en gevaar voor wateroverlast! Huisdieren uit de buurt van de wasautomaat houden.Afvalverwerking2VerpakkingsmateriaalDe verpakkingsmaterialen zijn niet schadelijk voor het milieu en her-bruikbaar. De kunststoffen hebben de volgende aanduidingen, bijv. >PEPS

7De eerste keer inschakelen - taalkeuze instellenNa de eerste keer inschakelen van het apparaat moet u direct instellen in welke taal de indicaties in het display moeten worden aangegeven. 1. Druk de draaiknop in.Het apparaat is ingeschakeld. In het display verschijnen de talen die u kunt kiezen. Van-af de fabriek is Duits als taal ingesteld.Let op: wanneer er geen talen worden aangegeven in het display, is het apparaat al eerder ingeschakeld. Ga in dit geval naar hoofdstuk „Extra's instellen: Taalkeuze“, wanneer u de taalinstelling wilt veranderen. 2. Markeer met de draaiknop de gewenste taal. 3. Druk op de toets SELECTIE.Vanaf nu worden de indica-ties in het display in de ge-kozen taal aangegeven. 4. Druk de draaiknop in om het apparaat uit te schakelen.

9Bediening van het apparaatDraaiknopIn-/uitschakelen Door de draaiknop in te drukken schakelt u het apparaat in resp. uit.Markeren Door de draaiknop te draaien markeert u items rechts in het display.Instellingen wissenWanneer u per ongeluk doorgevoerde instellingen wilt wissen, schakelt u het apparaat met de draaiknop uit en vervolgens weer in. U kunt het programma nu opnieuw instellen.Toetsen Met de toetsen kunt u:–een item links in het dis-play activeren, bijvoor-beeld START;–temperatuur en centrifu-getoerental veranderen;–OPTIES en EXTRA'S kiezen.3U kunt voor elk programma een of meer opties instellen. In principe gaat u als volgt te werk: Eerst het programma instellen, dan de optie.3 De programma's en functies zijn verdeeld over verschillende niveaus en pagina's.

10ProgrammaoverzichtProgrammaMax. vulgewicht 1) (droog wasgoed)1) Een 10-liter emmer kan ongeveer 2,5 kg droog wasgoed bevatten (katoen).Opties CentrifugetoerentalKORT/EXTRA KORTSTARTUITSTELBEHOEDZAAMVLEKKENVOORWAS1600140012001000/800/600/400SPOELSTOPKORTEXTRA KORTKATOEN/SYNTH.60, 50, 40, 30, KOUD 6kg • • • • •2)2) VLEKKEN kan alleen worden ingesteld bij wastemperaturen vanaf 40°C, aangezien vlekkenmiddelen pas bij hogere temperaturen werkzaam zijn.• • • • • •E-STAND 3)3) Programma-instellingen voor tests volgens EN 60 456 en IEC 60 456 zijn beschreven in het hoofdstuk 'Ver-bruikswaarden'.6kg • • • • • • • • •KOOK-WAS 95 6kg • • • • • • • • • • •FIJNE WAS 40, 30, KOUD 3kg • • •2) • • • •WOL H (handwas) 40, 30, KOUD 2kg • • • •ZIJDE H (handwas) 30 1kg • • • •LINGERIE 40 1kg • • • •40-60 MIX 6kg • • • • • • • • •STRIJKVRIJ60, 50, 40, 30, KOUD 1kg • • • •2) • • • •OPFRISSEN 30 3kg • • • •

11Toepassing/eigenschappen Behandelingsetiket 1)1) Het getal in het behandelingsetiket geeft de maximale temperatuur aan.Universeel programma voor wit/bont wasgoed van katoen/linnen en voor kreuk-herstellend textiel (mengweefsels) en synthetische weefsels. Het programma past zich automatisch aan de verschillende weefselsoorten en vulgewichten aan. Wanneer de wasmachine alleen met kreukherstellend textiel wordt gevuld, maxi-maal 3 kg wasgoed in de machine doen.I K N J MEnergie- en waterbesparend programma bij 60 °C voor licht tot normaal vervuild wit/bont wasgoed van katoen/linnen. M OProgramma voor normaal tot sterk vervuild wit/bont wasgoed van katoen/linnen. OKort programma voor fijne weefsels zoals mengvezels, microvezels, synthetische stoffen, vitrage (max. 20 tot 25 m2 vitrage in de machine doen).

Met SPOELSTOP ook geschikt voor textiel met speciaal ademend membraan, bijvoorbeeld out-doorkleding. I KBijzonder behoedzaam programma voor in de machine en met de hand wasbare wol of wolmengsels. Q L HBijzonder behoedzaam programma voor in de machine en met de hand wasbare zijde. Zeer tere kledingstukken afzonderlijk wassen. Q L HBehoedzaam programma voor fijn en kwetsbaar textiel. LET OP! Doe lingerie met beugels in een wasnet of een zakje! K LProgramma voor wit/bont wasgoed waarvoor verschillende wastemperaturen zijn aangegeven. Wasgoed dat volgens het behandelingsetiket bij 40 °C of 60 °C af-zonderlijk moet worden gewassen, kan met dit programma samen worden ge-wassen. Zo benut u de capaciteit van de trommel beter en bespaart u energie. Het wasresultaat van een normaal programma op 60 °C wordt bereikt.

13Toepassing/eigenschappen Behandelingsetiket 1)1) Het getal in het behandelingsetiket geeft de maximale temperatuur aan.Behoedzaam speciaal programma voor textielsoorten zoals viscose, modal, cupro en lyocell met een voorzichtigere behandeling dan het programma voor fijne was en een intensievere reinigingswerking dan de handwasprogramma's.K L Wegpompen en kort centrifugeren na een spoelstop resp. afzonderlijk kort cen-trifugeren van met de hand gewassen fijne was, wol, zijde.I K NQ L HWegpompen en centrifugeren, bijvoorbeeld na een spoelstop, resp. afzonderlijk centrifugeren van met de hand gewassen wit/bont wasgoed en kreukherstellend wasgoed. J M OAfzonderlijk stijven, wasverzachten, verzorgen, impregneren van vochtig was-goed. J M OWegpompen van het water na een spoelstop.

14Vóór het in gebruik nemenDagtijd instellenOm ervoor te zorgen dat de actuele dagtijd en het programma-einde correct worden aangegeven, controleert u de indicatie in het display en stelt u indien nodig de juiste tijd in (zie „Extra's instellen: Timer“). Reinigen vóór het in gebruik nemen Voor het in gebruik nemen dient u een wasgang zonder wasgoed uit te voeren (programma KATOEN/SYNTH. 60°, optie EXTRA KORT, ca.1/4 maatbeker waspoeder). Daardoor worden bij de fabricage ontstane resten in de trommel en de kuip verwijderd.Wasgoed voorbereiden en sorterenWasgoed voorbereiden•Zakken leegmaken. Vreemde voorwerpen (bijv. muntstukken, paper-clips, spijkers, enz.) verwijderen.•Ritssluitingen sluiten, overtrekken dichtknopen, dit om schade aan wasgoed te voorkomen.•Gordijnrolletjes verwijderen of in een net/waszak binden.•Kwetsbare delen en klein wasgoed in een net/kussensloop wassen, bijv.

vitrage, nylonkousen, sokjes, zakdoeken, beha’s.Let op! Behaís en ander wasgoed met beugels uitsluitend in een net wassen. Beugels kunnen losraken en het apparaat beschadigen.Wasgoed sorteren•Op kleur: Wit en gekleurd wasgoed apart wassen. Wasgoed kan kleur-stof afgeven. •Op temperatuur, soort wasgoed en behandelingsetiket.Let op! Wasgoed met het behandelingsetiket G (= niet wassen!) niet in de wasautomaat wassen.

15Wasprogramma uitvoerenApparaat inschakelen Druk de draaiknop in.Het apparaat is ingeschakeld.3Controleer voor het inscha-kelen of de wastrommel leeg is. Alleen op deze manier wordt het wasgoed volledig door de beladingssensor ge-registreerd.Programma instellen 1. Het gewenste programma markeren, bijvoorbeeld FIJNE WAS.Temperatuur veranderen 2. De toets voor de tempera-tuur zo vaak indrukken, tot de gewenste temperatuur verschijnt, bijvoorbeeld 30°C.Centrifugetoerental veranderen3. De toets voor het centrifu-getoerental zo vaak indruk-ken, tot het gewenste centrifugetoerental ver-schijnt, bijvoorbeeld 1000 of SPOELST.

163SPOELSTOP betekent: het wasgoed blijft in het laatste spoelwater lig-gen en wordt niet gecentrifugeerd.Indien gewenst, opties instellen.Opties kiezenAls aanvulling op het eerder gekozen programma kunt u verschillende opties kiezen. Er worden alleen opties aangeboden die met het gekozen programma kunnen worden gecombineerd.KORT/EXTRA KORT 1. Druk op de toets OPTIES.2. Markeer met de draaiknop KORT/EXTRA KORT. 3. Druk op de toets SELECTIE. 4. Markeer met de draaiknop EXTRA KORT.5. Druk op de toets SELECTIE. In het display verschijnt het symbool Q.KORT/EXTRA KORT QVerkort programma voor licht vervuild wasgoed. STARTUITSTEL De start van een programma kan in stappen van 30 minuten max. 20 uur worden uitgesteld. BEHOEDZAAM tVerbeterde spoelwerking door extra spoelgang ter-wijl gelijktijdig het wasgoed wordt ontzien (gerin-gere trommelbeweging).

Ideaal wanneer er vaak moet worden gewassen, bijvoorbeeld bij overge-voeligheid van de huid. Een extra spoelgang kan ook permanent worden ingesteld (zie „Extra's in-stellen: Spoelen+“).VLEKKEN FVoor sterk vervuild wasgoed of wasgoed met vlek-ken. Het vlekkenmiddel wordt op het optimale tijd-stip tijdens het verloop van het programma ingespoeld.VOORWAS vWarm voorwassen voor de automatisch volgende hoofdwasgang. FIJNE WAS 30°C1000 TPM 11:25-12:36 èKORT/EXTRA KORT¶¶¶¶SELECTIENORMAAL!¶TERUG EXTRA KORT¶¶)

17STARTUITSTEL1. Druk op de toets OPTIES.2. Markeer met de draaiknop STARTUITSTEL. 3. Druk op de toets SELECTIE. 4. Stel met de draaiknop het tijdstip in waarop het pro-gramma moet zijn beëindigd.5. Druk op de toets SELECTIE.In het informatieveld veran-dert het tijdstip van het pro-gramma-einde.6. Druk op de toets START.STARTUITSTEL afbreken:Druk op de toets START opnieuw.Het wasprogramma start onmiddellijk.BEHOEDZAAM/VLEKKEN/VOORWAS1. Druk op de toets OPTIES. 2. Markeer met de draaiknop VOORWAS. 3. Druk op de toets SELECTIE.In het display verschijnt het symbool v.Vuldeur openen/was in de machine doen1. Vuldeur openen: trek aan de greep van de vuldeur.2. Wasgoed uiteenvouwen en losjes in de machine vullen. Grote en kleine stukken wasgoed door elkaar in de machine vullen.Let op! Zorg ervoor dat er geen wasgoed klem komt te zitten tussen de deur en de rubberen dichting. 3.

18 3Ongeveer 5 seconden na het inschakelen van het apparaat verschijnen de volgende in-dicaties in het display:–de maximaal toegestane belading voor het gemar-keerde programma;–de daadwerkelijke belading, deze wordt ook aangegeven door de balk (beladingen onder 0,5kg worden niet weergegeven);–en de dosering van het wasmiddel, met betrekking tot de hoeveel-heid, die door de wasmiddelenfabrikant wordt aanbevolen.Als er te veel wasgoed in de machine is gevuld, verschijnt in het display de indicatie OVERBELADING. In dit geval dient u voldoende wasgoed uit de machine te nemen.Druk op een willekeurige toets of draai de draaiknop, om programma-instellingen door te voeren.Was-/nabehandelingsmiddel doserenLet op!

Gebruik alleen was-/nabehandelingsmiddel dat geschikt is voor huishoud wasautomaten.Was-/nabehandelingsmiddel doseren volgens de voorschriften van de fabrikant van het was-/nabehandelingsmiddel. Neem de aanwijzingen op de verpakking in acht.De dosering is afhankelijk van:–de mate van vervuiling van het wasgoed;–de hoeveelheid wasgoed;–de hardheid van het leidingwater. Vanaf waterhardheid 2 (=middel) moet waterontharder worden ge-bruikt. Wasmiddel kan dan altijd voor waterhardheid 1 (=zacht) worden gedoseerd. Uw waterleidingbedrijf kan u informatie geven omtrent de waterhardheid in uw omgeving. FIJNE WAS 30°C1000 TPM 11:25-12:36 §##################======]MAX. BELADING ¶¶¶¶¶¶3 KGBELADING¶¶¶¶ ¶¶ ¶ ¶¶¶2 KGWASMIDDEL ¶¶¶¶¶¶¶¶¶¶75 %

191. De lade voor wasmiddel zo ver mogelijk naar buiten trekken.2. Was-/nabehandelingsmiddel in de lade doen.3. Wasmiddelschuiflade helemaal naar binnen schuiven.Waspoeder/tabs voor de hoofdwas (Als u waterontharder gebruikt en het rechtervak nodig hebt voor het voorwasmiddel, voeg de waterontharder dan toe aan het hoofdwas-middel in het linkervak.)Wasverzachter, verzorgingsmiddel, stijfsel Vak niet verder dan tot de markering MAX vullen. Dikvloeibare concen-traten voor het toevoegen verdunnen volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Stijfsel in poedervorm oplossen.Wanneer u vloeibaar wasmiddel gebruikt: Vloeibaar wasmiddel in de door de wasmiddelfabrikant aangeboden doseerhouders doen.Programma starten 1. Controleer of de waterkraan geopend is.2. Druk op de toets START.

20Verloop van het programma Tijdens het verloop van het programma wordt in het dis-play onder andere het vol-gende aangegeven:–de betreffende actuele programmafase, bijvoor-beeld HOOFDWAS;–een balk voor het verloop van het programma;–de te verwachten restvochtigheid van het wasgoed aan het einde van het programma.Programma onderbreken/wasgoed toevoegenProgramma onderbreken•Met de toets PAUZE kan het programma op elk moment worden on-derbroken. Wanneer u de toets nog een keer indrukt, gaat het pro-gramma weer verder.•Om een programma voortijdig af te breken schakelt u het apparaat uit (draaiknop indrukken).Wasgoed toevoegenHet slotsymbool op de display geeft aan of na het starten van het pro-gramma nog wasgoed toegevoegd kan worden:1. Toets PAUZE indrukken. In het display verschijnt het symbool O.2. Deur openen.3. Wasgoed toevoegen, deur weer sluiten.4.

Toets START indrukken.Wasgang beëindigd/wasgoed uit de machine nemenAan het einde van het programma verschijnt WAS VERWIJDEREN in het display. Zodra het symbool O§verschijnt, kan de deur worden geopend.1. Vuldeur openen door aan de greep te trekken.2. Wasgoed uit de machine nemen.3. Wasautomaat uitschakelen.vWasgoed toevoegen is niet mogelijk (vuldeur is als gevolg van een hoge waterstand of hoge temperatuur vergrendeld). NWasgoed toevoegen is mogelijk. FIJNE WAS 30°C1000 TPM 11:25-12:36 v§PAUZEHOOFDWAS###############=========]1000 RESTVOCHT 50 %

21Als u spoelstop hebt gekozen: 1. Toets START indrukken. Het display gaat automatisch naar de eerste programma-pagina. Afhankelijk van het uitgevoerde programma is CENTRIFUGEREN of KORT CENTR. gemarkeerd.Indien u wilt centrifugeren of pompen: Met draaiknop–CENTRIFUGEREN of–POMPEN markeren.2. Eventueel het centrifuge-toerental verlagen.3. Toets START indrukken.Het wasgoed wordt gecentrifugeerd resp. het water wordt wegge-pompt.3Wanneer na afloop van een wasgang OVERDOSERING in het display wordt aangegeven, hebt u te veel wasmiddel gebruikt in het laatste wasprogramma. Let bij de volgende wasgang op de doseeraanwijzingen van de wasmiddelfabrikant en op het vulgewicht!

22Extra's instellenOnafhankelijk van het betreffende wasprogramma kunt u verschillende basisinstellingen kiezen. Deze blijven continu ingesteld, tot ze weer worden gewijzigd.GEHEUGENProgramma-instelling opslaanEerst het programma instellen (bijvoorbeeld KATOEN/SYNTH., 40°C, 1200 TPM, met optie BEHOEDZAAM), dan opslaan. 1. Markeer met de draaiknop KATOEN/SYNTH.2. Stel temperatuur en centri-fugetoerental in.3. Druk op de toets OPTIES. GEHEUGEN1, 2, 3, 4 Veel gebruikte programma-instellingen kunnen worden opgeslagen. De opgeslagen programma-instelling kan dan als een normaal programma worden gekozen.

In totaal kunt u vier geheugen-plaatsen gebruiken.SPOELEN+ PExtra spoelgang, alleen effectief bij de program-ma's KOOK-WAS, KATOEN/SYNTH., E-STAND, FIJNE WAS, 40-60MIX, STRIJKVRIJ en FASHION.LOS SCHUDDEN Het wasgoed hecht minder aan de wand van de trommel en kan makkelijker uit de wasautomaat worden gehaald. Alleen effectief bij de program-ma's KOOK-WAS, KATOEN/SYNTH., E-STAND,40-60MIX, STIJVEN en CENTRIFUGEREN.TAALKEUZE Met deze functie kunt u instellen in welke taal de indicaties in het display moeten worden aangege-ven.TIMER Met deze functie kunt u de actuele tijd instellen.SIGNAALVOLUME Wanneer u op de toetsen drukt, klinkt er een ge-luidssignaal. Het geluidsvolume van dit signaal kan worden ingesteld resp. de signaaltoon kan worden uitgeschakeld. U kunt het geluidsvolume van het signaal bij foutmeldingen niet veranderen. KATOEN/SYNTH.

23 4. Markeer de optie BEHOED-ZAAM.5. Druk op de toets SELECTIE.In het display verschijnt het symbool t.6. Druk op de toets EXTRA'S. GEHEUGEN is gemarkeerd:7. Druk op de toets SELECTIE. GEHEUGEN 1 is gemarkeerd:8. Druk op de toets OPSLAAN. De programma-instelling is opgeslagen als M1: KATOEN/SYNTH.9. Druk vervolgens de toets TERUG 3x in.Opgeslagen programma-instelling wissen1. Druk op de toets OPTIES.2. Druk op de toets EXTRA'S. GEHEUGEN is gemarkeerd:3. Druk op de toets SELECTIE. 4. Markeer met de draaiknop GEHEUGEN 1.5. Druk op de toets CANCEL.De opgeslagen programma-instelling wordt gewist.6. Druk vervolgens 3x op de toets TERUG. KATOEN/SYNTH. 40°C1200 TPM 10:17-12:16 çSTARTKORT/EXTRA KORTSELECTIE STARTUITSTELBEHOEDZAAM)TERUG VLEKKENEXTRA´S VOORWAS EXTRA´S ìSELECTIE GEHEUGEN(SPOELEN+TERUG LOS SCHUDDENTAALKEUZE GEHEUGENKATOEN/SYNTH.

24SPOELEN+, LOS SCHUDDEN1. Druk op de toets OPTIES.2. Druk op de toets EXTRA'S. 3. Markeer met de draaiknop de gewenste extra optie, bij-voorbeeld SPOELEN+. 4. Druk op de toets SELECTIE.In het display verschijnt het symbool P.5. Druk 2x op de toets TERUG.TAALKEUZE1. Druk op de toets OPTIES.2. Druk op de toets EXTRA'S.3. Markeer met de draaiknop TAALKEUZE.4. Druk op de toets SELECTIE. 5. Met de draaiknop de ge-wenste taal markeren, bij-voorbeeld ENGLISH. 6. Sla de gekozen taal op met de toets SELECT.7. Druk 3x op de toets BACK.TIMER1. Druk op de toets OPTIES.2. Druk op de toets EXTRA'S.3. Markeer met de draaiknop de TIMER.4. Druk op de toets SELECTIE. 5. Gebruik de draaiknop om de gewenste tijd in te stellen.6. Druk op de toets SELECTIE.7. Druk 3x op de toets TERUG.

25SIGNAALVOLUME1. Druk op de toets OPTIES.2. Druk op de toets EXTRA'S.3. Markeer met de draaiknop SIGNAALVOLUME.4. Druk op de toets SELECTIE. 5. Markeer met de draaiknop UIT, NORMAAL of HOOG.6. Druk op de toets SELECTIE.7. Druk 3x op de toets TERUG.KinderbeveiligingBij een geactiveerde kinderbeveiliging kan de vuldeur niet meer geslo-ten worden.Kinderbeveiliging instellen: De draaiknop (aan de binnenkant van de vuldeur) met een muntstuk zover mogelijk rechtsom draaien. 1Waarschuwing! De draaiknop mag zich na het instellen niet in inge-drukte positie bevinden omdat an-ders de kinderbeveiliging niet functioneert! De draaiknop moet volgens de afbeelding uitgetrokken zijn. Kinderbeveiliging opheffen: De draaiknop met een muntstuk zo-ver mogelijk linksom draaien. EXTRA’SSIGNAALVOLUMEéSELECTIETERUG UIT§§§NORMAAL!)HOOG§§§

26Reiniging en onderhoudLet op! Gebruik voor het reinigen van het apparaat geen reinigings-middelen voor meubels of agressieve reinigingsmiddelen. Neem het bedieningspaneel en de behuizing met een vochtige doek af.WasmiddelladeDe wasmiddellade dient regelmatig gereinigd te worden.1. Trek de wasmiddellade met een krachtige ruk uit het apparaat.2. Neem het inzetstuk voor de wasver-zachter uit het middelste vak. 3. Reinig alle delen met water.4. Het inzetstuk voor de wasverzachter zo ver mogelijk insteken, zodat het vast zit.5. Maak ook het gehele inspoelgedeelte van de wasautomaat en vooral ook de sproeiers aan de bovenkant van de inspoelvakjes met een borstel schoon.6. De wasmiddellade in de geleidings-rails plaatsen en naar binnen schuiven.WastrommelAls gevolg van roestende voorwerpen in het wasgoed of ijzerhoudend leidingwater kan roestvorming op de trommel ontstaan.Let op!

De trommel niet met zuurhoudende ontkalkingsmiddelen, chloor of ijzer bevattende schuurmiddelen of staalwol reinigen.1. Eventuele roestafzettingen op de trommel met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal verwijderen.2. Wasgang zonder wasgoed doorvoeren, om restanten van schoonmaak-middelen weg te spoelen. Programma: KATOEN/SYNTH. 60, met optie KORT/EXTRA KORT, ca. 1/4 maatbeker waspoeder toevoegen.Vuldeur en rubberen ringRegelmatig controleren, of afzettingen of vreemde voorwerpen zich in de naden van de rubberen ring of aan de binnenkant van het deurven-ster hebben afgezet. Deurvenster en rubberen ring regelmatig reinigen.

27Wat te doen als...Kleine storingen zelf oplossenWanneer tijdens het gebruik een van de volgende foutmeldingen in het display wordt aangegeven:–ATTENTIE (E41)/DEUR SLUITEN A.U.B.–ATTENTIE ERROR CODE (E11)/WATERKRAAN OPENEN A.U.B–ATTENTIE ERROR CODE (E21)/WATERAFVOER CONTROLEREN A.U.Braadpleeg dan de volgende tabel. Nadat de fout is opgelost, drukt u op de toets START. Wanneer in het display ATTENTIE/SERVICEDIENST WAARSCHUWEN A.U.B en een foutcode (bijvoorbeeld E..) worden aangegeven: het appa-raat uit- en weer inschakelen. Programma opnieuw instellen.

Toets START indrukken.Wanneer de foutmelding opnieuw wordt aangegeven, neemt u contact op met de service-afdeling onder vermelding van de foutcode en het aangegeven PNC-nr.Storing Mogelijke oorzaak OplossingWasautomaat werkt niet.De stekker zit niet in het stopcontact of de zekering in de huisinstallatie is niet in orde.De stekker in het stopcontact steken.Zekering controleren.Vuldeur is niet goed gesloten.Deur goed sluiten. De sluiting moet hierbij hoorbaar vast-klikken.Toets START niet ingedrukt. Toets START indrukken.Deur gaat niet dicht. Kinderbeveiliging is ingesteld. Kinderbeveiliging opheffen.Na het drukken op de toets START begint het wasprogramma niet. In het display verschijnt ATTENTIE(E41)/DEUR SLUITEN A.U.B.Deur is niet goed gesloten.Vuldeur sluiten. De sluiting moet hierbij hoorbaar vast-klikken.

Toets START indruk-ken.Afvoerpomp blijft voortdurend lopen, ook wanneer het apparaat is uitgeschakeld. In het display ver-schijnt ATTENTIE (EF3)/SERVICEDIENST WAAR-SCHUWEN A.U.BDe beveiliging tegen watero-verlast, aqua-control, is in werking getreden.Waterkraan dichtdraaien, vervolgens de stekker uit het stopcontract trekken en con-tact opnemen met de service-afdeling.

28Wasautomaat trilt tij-dens het wassen of staat niet stil.Transportbeveiliging is niet verwijderd. Transportbeveiliging verwij-deren.Schroefvoeten zijn niet goed afgesteld.De voeten volgens de op-stel- en aansluitaanwijzing afstellen.Er zit te weinig wasgoed in de trommel (bijv. alleen een badjas).Dit heeft geen nadelige in-vloed op de werking van het apparaat.Er loopt water onderuit de wasautomaat.Schroefverbinding van de toevoerslang zit niet vast. Toevoerslang vastschroeven.Afvoerslang is lek. Afvoerslang vervangen.Deksel van de afvoerpomp is niet goed gesloten. Deksel goed sluiten.Er zat wasgoed tussen de deur geklemd. De wasautomaat de volgen-de keer zorgvuldig vullen.Aftapslang is lek. Aftapslang goed aansluiten.Wasverzachter wordt niet ingespoeld.

Vak w voor nabehandelings-middel is met water gevuld.Het inzetbakje in het vakje voor nabehandelingsmiddel is niet goed bevestigd of is verstopt.Wasmiddellade reinigen, in-zetstuk voor wasverzachter goed bevestigen.Wasgoed is erg ge-kreukt. Eventueel te veel wasgoed in de machine gedaan. Let op de maximale belading.Deur kan bij ingescha-keld apparaat niet wor-den geopend. In het display verschijnt het symbool v.Deur is om veiligheidsrede-nen vergrendeld. Wachten tot het symbool O verschijnt.Het display gaat uit tij-dens het verloop van een wasprogramma.Stroomuitval.De vuldeur blijft om veilig-heidsredenen ca.

4 minuten vergrendeld.Het programma gaat verder wanneer de stroomuitval voorbij is.Wasgoed uit de wasauto-maat halen: als er water in het apparaat zichtbaar is, voor het openen van de deur eerst het water aftappen.De achtergrondverlich-ting van het display gaat uit terwijl het ap-paraat is ingeschakeld.De wasautomaat bevindt zich in de modus stand-by. Druk op een willekeurige toets.Storing Mogelijke oorzaak Oplossing

29Als het wasresultaat niet bevredigend isHet wasgoed is grauw en kalk heeft zich in de trommel vastgezet. •Er is onvoldoende wasmiddel gebruikt. •Niet het juiste wasmiddel is gebruikt. •Speciale vervuilingen zijn niet voorbehandeld. •Programma of temperatuur zijn niet correct ingesteld. Op het wasgoed zijn grijze vlekken aanwezig •Met zalf, vet of olie vervuild wasgoed is met te weinig wasmiddel ge-wassen. •Er is op te lage temperatuur gewassen. •De meest voorkomende oorzaak is dat wasverzachter, en met name in geconcentreerde vorm, op het wasgoed terecht is gekomen. Dergelij-ke vlekken dienen zo snel mogelijk uitgewassen te worden en de be-treffende wasverzachter dient voorzichtig gebruikt te worden. Na de laatste spoelgang is nog schuim zichtbaar •Moderne wasmiddelen kunnen ook in de laatste spoelgang nog schuim veroorzaken. Het wasgoed is echter voldoende gespoeld.

Witte restanten op het wasgoed •Het betreft niet opgeloste bestanddelen van moderne wasmiddelen. Dit is niet het gevolg van onvoldoende spoelen. Wasgoed uitschudden of afborstelen. Eventueel het wasgoed in de toekomst voor het wassen binnenste buiten keren. Gekozen wasmid-del controleren en eventueel vloeibaar wasmiddel gebruiken. Er wordt geen water toegevoerd. In het dis-play verschijnt ATTEN-TIE ERROR CODE (E11)/ WATERKRAAN OPE-NEN A. U. B. Waterkraan is gesloten. Waterkraan opendraaien. Zeef in schroefkoppeling van de toevoerslang is verstopt. De waterkraan dichtdraaien. Slang losschroeven, zeef ver-wijderen en schoonmaken. Waterkraan zit vol met kalk-aanslag of is defect. Waterkraan controleren, evt. laten repareren. Wasgoed is niet goed gecentrifugeerd, in de trommel is nog restwa-ter zichtbaar. In het display ver-schijnt ATTENTIE ER-ROR CODE (E21)/ WATERAFVOER CON-TROLEREN A. U. B.

30Water aftappen1Waarschuwing! Voor het aftappen de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken!Waarschuwing! Het sop dat uit de aftapslang komt kan heet zijn. Ver-brandingsgevaar! Vòòr het aftappen het sop laten afkoelen!1. Het klepje van de sokkel open klap-pen en lostrekken.2. De aftapslang uitnemen.3. Een vlakke opvangbak onder de slang plaatsen. Aansluitend de af-sluitstoppen linksom draaien en lostrekken.4. Het sop loopt weg. Indien noodza-kelijk de opvangbak meerdere keren legen en de aftapslang tussentijds met de afsluitstoppen sluiten.Als het sop afgetapt is:5. De afsluitstoppen goed in de aftapslang plaatsen en rechtsom vast-draaien.6. De aftapslang weer in de houder terug plaatsen.7. Het klepje van de sokkel inzetten en sluiten.

31AfvoerpompDe afvoerpomp is onderhoudsvrij. Het openen van de pompdeksel is al-leen in geval van een storing vereist, als er geen water weg wordt ge-pompt, bijv. bij een geblokkeerd pompwiel. Controleer altijd voor het vullen met wasgoed of er geen vreemde voorwerpen in de zakken zitten of tussen het wasgoed aanwezig zijn. Paperclips, spijkers, enz. die eventueel met het wasgoed in de wasauto-maat terechtkomen blijven in het pomphuis liggen (filter voor vreemde voorwerpen dat het pompwiel beschermt). 1Waarschuwing! Voor het openen van de pompdeksel de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken!1. Tap eerst het water uit de wasautomaat af.2. Leg een doek op de vloer voor het deksel van de afvoerpomp. Er kan restwater uitlopen.3. Het pompdeksel linksom losschroe-ven en uitnemen.4.

Eventuele vreemde voorwerpen en textielpluizen uit het pomphuis en van het pompwiel verwijderen.5. Controleer of het pompwiel hele-maal achter in het pomphuis rond kan worden gedraaid. (Het is nor-maal als het pompwiel stootsgewijs draait.) Als het pompwiel niet kan worden gedraaid dient u contact op te nemen met de service-afdeling.6. Pompdeksel weer terugplaatsen. Lipjes van de deksel zijdelings in de geleidingssleuven inschuiven en de deksel rechtsom vastdraaien. 7. De aftapslang sluiten en in de hou-der plaatsen.8. Klepje van de sokkel sluiten.

32Technische gegevens5Dit apparaat is in overeenstemming met de volgende EG-richtlijnen:–73/23/EEG van 19.02.1973 Laagspanningsrichtlijn–89/336/EEG van 03.05.1989 EMC-richtlijn inclusief aangepaste richt-lijn 92/31/EEG–93/68/EEG van 22.07.93 CE-markeringsrichtlijnVerbruikswaardenDe verbruikswaarden voor gekozen programma's in de volgende tabel zijn onder normomstandigheden bepaald. Deze waarden kunnen in het dagelijks gebruik afwijken. hoogte x breedte x diepte 850 x 598 x 640 mmDiepte bij geopende vuldeur. 1017 mmIn hoogte verstelbaar: ca. +10/-5mmVulhoeveelheid (programma-afhankelijk) max.

6 kgToepassingsgebied HuishoudenTrommeltoerental centrifugeren zie kenplaatjeWaterdruk 1-10bar (=10–100N/cm2=0,1–1,0MPa)Wasprogramma/temperatuur Type textiel Vulgewichtin kg1)1) De bepaling van het vulgewicht geschiedt volgens EN 60.456 Standard load.Waterin litersEnergie in kWhE-STAND2)2) Aanwijzing: programma-instelling voor tests volgens EN 60 456 en IEC 60 456.De verbruikswaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken, afhankelijk van de druk, de hardheid en de toevoertemperatuur van het water, de omgevingstempe-ratuur, het soort en de hoeveelheid wasgoed, het gebruikte wasmiddel, schommelin-gen in de netspanning en de gekozen extra functies.Katoen 637 1,02KOOK-WAS 95 Katoen 650 2,05KATOEN/SYNTH. 40 Katoen 658 0,66KATOEN/SYNTH. 40KORT/EXTRA KORT (KORT)2) Synthetische stoffen 352 0,55FIJNE WAS 30 Synthetische stoffen 356 0,36WOL H 30 Wol 242 0,18

33Opstel- en aansluitaanwijzing1Veiligheidsaanwijzingen voor de installa-tie•Deze wasautomaat is niet geschikt voor onderbouw.•Voor de ingebruikname dient het apparaat op transportschade ge-controleerd te worden. Een beschadigd apparaat in geen geval aan-sluiten. Neem in geval van schade contact op met uw leverancier.•Voor de ingebruikname dienen alle delen van de transportbeveiliging verwijderd te zijn.

Anders kan er bij het centrifugeren schade aan het apparaat of aan naburige meubels ontstaan.•Voor de inbedrijfname dient de spatwaterbeveiliging op het apparaat tot stand gebracht te zijn (zie “Transportbeveiliging verwijderen”).•De stekker altijd in een volgens de voorschriften geÔnstalleerd geaard stopcontact steken.•Bij een vaste aansluiting: Een vaste aansluiting mag uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd.•Controleer voor de ingebruikname of de op het typeplaatje van het apparaat vermelde nominale spanning en stroomsoort met netspan-ning en stroomsoort op de plaats van de opstelling overeenkomen.

Ook de elektrische zekering die nodig is kunt u van het typeplaatje aflezen.•Zijn voor de juiste wateraansluiting van de wasautomaat werkzaam-heden aan de waterinstallatie noodzakelijk, dan moeten deze door een erkend installateur worden uitgevoerd.•Zijn voor de juiste elektrische aansluiting van de wasautomaat werk-zaamheden aan het stroomnet noodzakelijk, dan moeten deze door een erkend installateur worden uitgevoerd.•Het aansluitsnoer van de wasautomaat mag uitsluitend door de servi-ce-afdeling of een erkend vakman worden vervangen.

34Opstelling van het apparaatHet apparaat transporteren1Waarschuwing! De wasautomaat heeft een hoog gewicht. Kans op ver-wonding! Voorzichtig bij het optillen.•Het apparaat niet op de voorzijde en niet op de rechter zijkant (vanaf de voorzijde gezien) neerleggen. De elektrische componenten kunnen nat worden.•Het apparaat nooit zonder transportbeveiliging transporteren. De transportbeveiliging dient pas op de plaats van de opstelling verwij-derd te worden! Het transporteren zonder transportbeveiliging kan tot beschadigingen aan het apparaat leiden.•Het apparaat niet aan de geopende vuldeur en ook niet aan de sokkel optillen.Bij het transporteren met een steekwagen:•De steekwagen alleen vanaf de zijkant onder het apparaat plaatsen.

Het blad van de steekwagen mag niet langer dan 24 cm zijn omdat anders delen van het waterbeveiligingssysteem kunnen worden be-schadigd.Transportbeveiliging verwijderenLet op! Voor de ingebruikname die-nen alle delen van de transport-beveiliging verwijderd te worden! Transportbeveiliging voor een moge-lijk later transport (verhuizing) bewaren.1. Op de achterzijde van het apparaat de beide slanghouders openen en de slangen en het aansluitsnoer uitnemen.

352. De beide slanghouders met een krachtige ruk van het apparaat aftrekken.3De speciale sleutel A en de afsluit-doppen B (2 stuks) en C (1 stuk) zijn bij het apparaat gevoegd.3. Schroef D incl. drukveer met de spe-ciale sleutel A verwijderen.4. Opening met de afsluitdop C afsluiten.5. De twee schroeven E met de speciale sleutel A losschroeven.6. De vier schroeven F met de speciale sleutel A losschroeven.7. Transportrail G afnemen.8. De vier schroeven F weer indraaien.9. De twee grote openingen met de af-sluitdoppen B afsluiten.Let op! Alle afsluitdoppen B (2 stuks) en C (1 stuk) zo krachtig in-drukken dat deze in de achterwand vastklikken (spatwaterbescher-ming!).Plaats van opstellingLet op! Het apparaat mag niet in ruimte waar het kan vriezen worden gebruikt. Vorstschade of negatieve invloed op de functies! Vorstschade valt niet onder de garantie!•De vloer dient stevig en egaal te zijn.

Het apparaat niet op tapijt of zachte vloerbedekking opstellen.•De vloer dient schoon en droog te zijn en vrij te zijn van vettige aan-slag zodat het apparaat niet weg kan glijden.•Bij opstellingsplaatsen op een vloer voorzien van een klein formaat tegels dient een in de handel verkrijgbare en daarvoor geschikte rub-bermat onder het apparaat geplaatst te worden.

36Als het apparaat op een sokkel moet staan: opdat het apparaat veilig op de sok-kel staat, moeten borgplaten*) wor-den gemonteerd waarin het apparaat wordt geplaatst. Als het apparaat op een zwevende vloer moet staan, bijv. een vloer van houten balken en houten vloerdelen: het apparaat indien mogelijk in een hoek van de ruimte plaatsen.1. Een waterbestendige houten plaat (minimale dikte: 15 mm) op ten minste twee vloerbalken vastschroeven.2. Borgplaten*) op de houten plaat monteren, waarin het apparaat wordt geplaatst.*) De borgplaten zijn bij de service-afdeling verkrijgbaar.Het apparaat juist afstellen3Automatische stelvoet: De voet links achter is een soort veer.

Daar-door staat het apparaat stabiel, ook bij hoge centrifugetoerentallen.De vier voeten van het apparaat zijn vooraf ingesteld.Grove oneffenheden kunnen door het individueel instellen van de vier apparaatvoeten worden gecompen-seerd.Hiervoor dient de bijgeleverde spe-ciale sleutel gebruikt te worden. Let op! Kleine oneffenheden van het grondoppervlak niet met behulp van stukjes hout, karton of soortge-lijke materialen compenseren, maar door het afstellen van de verstelbare schroefvoeten.

37Elektrische aansluitingGegevens over de netspanning, stroomsoort en de vereiste zekering zijn op het typeplaatje aangegeven. Het typeplaatje is bij de vulopening aangebracht.WateraansluitingLet op! •Dit apparaat mag niet aan de warmwatervoorziening worden aange-sloten!•Bij het aansluiten dient uitsluitend een nieuwe slangenset gebruikt te worden.•Het apparaat uitsluitend aan de drinkwaterleiding aansluiten. Regen-water alleen dan gebruiken als het aan de eisen volgens DIN1986 en DIN1988 voldoet.•Toevoer- en afvoerslang niet in een knik leggen of platdrukken!Toegestane waterdrukDe waterdruk dient ten minste 1 bar (=10 N/cm2 = 0,1 MPa) te zijn en mag ten hoogste 10 bar (= 100 N/cm2 =1 MPa) bedragen. –Bij een druk hoger dan 10bar: een drukverlagingsventiel plaatsen.

–Bij een druk lager dan 1bar: de toevoerslang aan de kant van het ap-paraat bij de magneetinlaatklep losschroeven en de doorstroomrege-laar uitnemen (daarvoor de zeef met een spitse tang verwijderen en de daarachter gelegen rubberen ring uitnemen). De zeef weer terug-plaatsen.

38WatertoevoerEen drukslang met een lengte van 1,5meter is meegeleverd. Indien een langere toevoerslang vereist is, dient uitsluitend een origine-le slang gebruikt te worden. De klantendienst heeft slangensets in di-verse lengtes beschikbaar.3Afdichtringen zijn of in de kunststof moeren van de slangverbindingen geïntegreerd of in een separate verpakking bijgevoegd. Geen andere af-dichtingen gebruiken! Let op! Alle slangverbindingen mo-gen uitsluitend met de hand vastge-draaid worden. 1. De slang met de afgewikkelde aan-sluiting aan de machine aansluiten.Let op! De toevoerslang niet loodrecht naar beneden, maar vol-gens de afbeelding naar rechts of naar links leggen. 2. De slang met de rechte aansluiting aan de waterkraan met schroefdraad R 3/4 (duim) aansluiten. 3. De kraan geleidelijk openen en con-troleren of alle aansluitingen dicht zijn.

39WaterafvoerHet hoogteverschil tussen de onderkant van de wasautomaat en de wa-terafvoer mag ten hoogste 1 meter zijn.Voor een verlenging mogen uitsluitend originele slangen worden ge-bruikt. (max. 3 meter, op de vloer gelegd en tot een hoogte van 80 cm). De service-afdeling heeft afvoerslangen in diverse lengtes beschikbaar.Waterafvoer in een sifonHet verbindingspunt tuit/sifon met een slangklem (in de vakhandel ver-krijgbaar) vastzetten. Waterafvoer in een wastafel/badkuip1Let op! –Kleine wastafels zijn hier niet voor geschikt. Het water kan overlopen! –Het uiteinde van de afvoerslang mag niet in het uitgepompte wa-ter ondergedompeld zijn. Anders kan het water in het apparaat te-ruggezogen worden!–Bij afvoer in een wastafel of een badkuip dient de afvoerslang met het meegeleverde bochtstuk tegen wegglijden geblokkeerd te worden.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG Electrolux 1610 lavamat lavalogic stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden