Zibro s 1234 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Zibro s 1234 (22 pagina’s), behorend tot de categorie Airconditioner. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 11 mensen. Heb je een vraag over Zibro s 1234 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/22
S1226 - S1234 - S1246 - S1266
>
u
1
:
=
TR
ISTRUZIONI D’USO
BRUKSANVISNING
GEBRUIKSAANWIJZING
INSTRUKCJA OBSŁUGI
BRUKSANVISNING
KULLANIM KILAVUZU
2
22
42
62
82
102

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Zibro
Categorie: Airconditioner
Model: s 1234

Handleiding Zibro s 1234 – volledige tekst

A VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEND e installatie moet volledig in overeenstemming zijn met de ter plaatse geldende voorschriften, bepalin-gen en normen. Het apparaat is uitsluitend geschikt voor gebruik op droge plaatsen, binnenshuis. Controleer de netspanning en de frequentie. Dit apparaat is uitsluitend geschikt voor een geaard stopcon-tact, aansluitspanning 220-240 V. / 50 Hz. Controleer vóór het aansluiten van het apparaat of: • de voedingsspanning overeenkomt met de netspanning op het typeplaatje; • stopcontact en stroomvoorziening geschikt zijn voor de elektrische spanning vermeld op het type-plaatje; • de stekker van het snoer in het stopcontact past; • het apparaat op een stabiele ondergrond staat. Laat de elektrische installatie controleren door een erkend vakman als u er niet zeker van bent dat alles inorde is. • Dit apparaat is volgens de CE veiligheidsnormen gefabriceerd.

Toch dient u, zoals bij ieder elektrisch appa-raat, voorzichtig te zijn. • Het luchtinlaat- en uitblaasrooster nooit afdekken. • Breng het apparaat nooit in contact met chemicaliën. • Het apparaat nooit in contact brengen met water, met water besproeien of in water onderdompelen. • Steek niet uw handen, vingers of voorwerpen in de openingen van het apparaat. • Sluit het apparaat nooit aan met behulp van een verlengsnoer. Als er geen geschikt geaard stopcontactvoorhanden is, laat dit dan installeren door een erkend elektricien. • Wees uit veiligheidsoverwegingen altijd voorzichtig met kinderen in de buurt van dit apparaat, zoals metieder elektrisch apparaat. • Laat eventuele reparaties en/of onderhoud alleen uitvoeren door een erkend servicemonteur of door uwerkende Zibro leverancier. Volg de gebruiks- en onderhoudsinstructies in het gebruikershandboek dat bijdit apparaat hoort.

• Laat een beschadigd elektriciteitssnoer or stekker alleen vervangen door een erkend elektricien of doorde leverancier. • Zet nooit de airconditioner aan of uit door de stekker in het stopcontact te steken of eruit te halen. Gebruik daarvoor alleen de speciale bedieningsknoppen op de airconditioner of op de afstandsbediening. • Open de airconditioner nooit als deze in werking is. Trek altijd eerst de stekker eruit alvorens het appa-raat te openen. • Haal altijd de stekker uit het stopcontact wanneer de airconditioner wordt gereinigd of wanneer eronderhoud wordt gepleegd. GBELANGRIJK • Het apparaat MOET altijd geaard worden aangesloten. Als de stroomvoorziening niet geaardis, mag u het apparaat niet aansluiten. De stekker moet altijd makkelijk toegankelijk zijn alshet apparaat is aangesloten. Lees deze gebruiksinstructie zorgvuldig en volg de aanwijzingen.

• De airconditioner bevat een koudemiddel en kan worden aangemerkt als apparatuur onderdruk. Neem daarom altijd contact op met een erkend installatiespecialist om de airconditionerte laten installeren en te onderhouden. Wij raden u aan de airconditioner eens per jaar telaten keuren en onderhouden door een erkend airconditioning monteur. 144.

145 • Plaats nooit gasbranders, ovens of kooktoestellen in de luchtstroom. • Bedien nooit de knoppen en raak de airconditioner nooit aan met natte handen.• De buitenunit produceert geluid wanneer het apparaat aanstaat. Dit kan in strijd zijn met plaatselijkewettelijke regelingen. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om na te gaan of de apparatuurvolledig voldoet aan de plaatselijke wettelijke regelingen. • Ga nooit in de directe luchtstroom staan. • Drink nooit het afvalwater uit de airconditioner.

Alleen dewerkelijke vorm is belangrijk.43526110912131178ffO/nOpeelSnaFgniwSnoitceriDriAnOremiTffOremiTedoM.rHTNOREMI.rHTffOREMISETTPMEotuAGLET OP! • Gebruik het apparaat nooit met een beschadigd snoer, stekker,behuizing of bedieningspaneel. • Niet volgen van de aanwijzingen kan leiden tot het vervallen van degarantie op dit apparaat.

C BEDRIJFSTEMPERATUURKoelen, verwarmen en ontvochtigen gebeurt op de meest effectieve manier bij de volgende binnen- en bui-tentemperatuur:GWAARSCHUWING • Wanneer de airconditioner niet wordt gebruikt zoals hierboven is aangegeven, kunnenbepaalde beveiligingsvoorzieningen gaan werken, waardoor de unit niet meer normaalfunctioneert.• Relatieve vochtigheid in de ruimte minder dan 80%. Wanneer de airconditioner in bedrijf is bijeen relatieve luchtvochtigheid van meer dan 80% in de ruimte kan er op de oppervlakte vande airconditioner condens ontstaan. In dat geval dient u de verticale luchtstroom lamel in deuiterste stand (verticaal naar de vloer gericht) en de ventilator op Hoog (“HIGH”) te zetten.

147 D HANDBEDIENINGDe airconditioner kan op het apparaat zelf en met de bijgeleverde afstandsbediening met de hand wordenbediend. Voor het werken met de afstandsbediening zie hoofdstuk E “Werken met afstandsbediening”.Wanneer geen gebruik wordt gemaakt van de afstandsbediening, zal de airconditioner alleen in de AUTO-modus werken. Volg dan de volgende aanwijzingen: 1. Open het voorpaneel en til het schuin op tot het met een klik vast blijft zitten. 2. Eenmaal drukken op handmatige bedieningsknop j zet de unit op Automatische “AUTO” bediening. 3. Sluit het paneel weer goed.GWAARSCHUWING • Zodra u de handmatige bedieningsknop indrukt verspringt de bedrijfsmodus van: Automatisch“AUTO”, naar Koelen “COOL” naar Uit “OFF”. • Druk de knop tweemaal in en de unit werkt in de geforceerde Koelen “COOL” modus.

Ditwordt alleen gebruikt om te testen.• Een derde maal drukken op de knop zorgt ervoor dat de bewerking wordt gestopt en deairconditioner wordt uitgeschakeld. • Om weer terug te gaan naar het gebruik van de afstandsbediening dient u deafstandsbediening rechtstreeks te gebruiken.PaneelAutomatisch / Koelen“AUTO / COOL”Handmatigebedieningsknop

E WERKEN MET AFSTANDSBEDIENINGIntroductie van functieknoppen op de afstandsbediening a Aan/uit “ON/OFF” knop: Druk deze knop in om de werking van de unit te starten. Druk deze knopweer in om de werking van de unit te beëindigen. bModus knop: Iedere keer dat u de knop indrukt wordt een modus geselecteerd in de volgorde:Automatisch “AUTO”, Koelen “COOL”, Drogen “DRY””, Verwarmen “HEAT” en Alleen Ventileren““FAN ONLY”. Zie de volgende figuur: AUTO COOL DRY HEAT FAN c▲Knop: Druk de knop in om de binnentemperatuur instelling te verhogen tot 30ºC. d▼Knop: Druk de knop in om de binnentemperatuur instelling te verlagen tot 17ºC. eVentilator “FAN” Knop: Deze knop wordt gebruikt om de ventilatorsnelheid te selecteren. Steedswanneer u de knop indrukt, wordt een ventilatorsnelheid geselecteerd die verspringt van “AUTO” naarLaag “LOW” naar Medium “MED” naar Hoog “HIGH” en dan terug naar “Auto”.

Wanneer u de“AUTO” of “DRY”modus selecteert wordt de ventilatorsnelheid automatisch geregeld en kunt u dezesnelheid niet instellen. fSlaapstand “SLEEP / TURBO” Knop: Druk deze knop in om Slaapstand “SLEEP” of Turbomodus“TURBO” te selecteren. Steeds wanneer u de knop indrukt, verspringt de bedrijfsmodus in de richtingvan de pijl. Wanneer de bedrijfsmodus is ingesteld op “DRY” of “FAN ONLY”, kan deze functie niet wor-den gebruikt. SLEEP SLEEP OFF TURBO TURBO OFF gZwenk “SWING” Knop: Druk op de “SWING” knop om de Zwenkfunctie te activeren. Druk nogmaalsop de knop om te stoppen.GLET OP • Richt de afstandsbediening altijd op de signaalontvanger van de binnenunit en zorg ervoordat zich geen obstakels bevinden tussen de afstandsbediening en de ontvanger. Als dat welhet geval is kan het signaal van de afstandsbediening niet worden opgevangen en werkt deairconditioner niet goed.

149 hLuchtrichting “AIR DIRECTION” Knop: Druk op deze knop om de stand van de lamel te wijzigen. Delamel verandert 6 graden van positie bij iedere druk op de knop. Als de lamel in een bepaalde standstaat, waarbij deze het koelings- of verwarmingseffect van de airconditioner zou beïnvloeden, wordtde positie van de lamel automatisch veranderd. Er verschijnt geen symbool op het schermpje wanneerop deze knop wordt gedrukt. i “TIMER ON” Knop: Druk op deze knop om de Automatische inschakeltijd functie te activeren. Bij iede-re druk op de knop verspringt de automatisch ingestelde tijd met 30 minuten. Als de insteltijd 10 uuraangeeft verspringt de automatisch ingestelde tijd met iedere druk op de knop met 60 minuten. Omhet programma Automatisch Ingestelde Tijd op te heffen dient u op de knop te blijven drukken tot erniets meer op het schermpje wordt weergegeven.

j “TIMER OFF” Knop: Druk op deze knop om de Automatische uitschakeltijd functie te activeren. Bijiedere druk op de knop verspringt de automatisch ingestelde tijd met 30 minuten. Als de insteltijd 10uur aangeeft verspringt de automatisch ingestelde tijd met iedere druk op de knop met 60 minuten. Om het programma Automatisch Ingestelde Tijd op te heffen dient u op de knop te blijven drukken toter niets meer op het schermpje wordt weergegeven. Namen en functies van indicatielampjes op de afstandsbedieningSchermpje a TRANSMISSIE indicatielampje:Dit indicatielampje brandt wanneer de afstandsbediening signalen verzendt naar de binnenunit. b “MODE” indicatielampje: Geeft de huidige bedrijfsmodus weer, o. a. Auto , Koelen , Drogen , Verwarmen of Ventileren. Verwarmen is alleen mogelijk bij een model met een warmtepomp.

Geeft ook (knipperen) aan of de bedrijfsmodus Auto of Drogen is. e “SLEEP / TURBO” indicatielampje:Steeds als de “SLEEP / TURBO” knop wordt ingedrukt wordt het signaal weergegeven in de volgorde:Niets Niets Niets verschijnt wanneer de bedrijfsmodus Drogen of Alleen Ventileren is. f “SWING” indicatielampje:Dit indicatielampje brandt wanneer de Zwenk knop wordt ingedrukt. g TIMER indicatielampje:De tijd die is ingesteld voor de bedrijfsmodus Timer wordt weergegeven. (0,5 ~ 24 uur)fig. 2.

Werken met de afstandsbedieningPlaatsen / vervangen van batterijenGebruik twee droge cel alkaline batterijen (AAA/LR03). Gebruik geen oplaadbare batterijen. 1. Verwijder het batterijklepje aan de achterkant van de afstandsbediening in de richting van de pijl. 2. Plaats nieuwe batterijen en let op dat de positieve (+) en negatieve (-) polen van de batterijen in dejuiste richting geplaatst zijn. 3. Schuif het klepje weer terug. AUTOMATISCHE BEDIENINGAls de airconditioner gebruiksklaar is, schakel de stroom dan in en het Bedrijfsmodus indicatielampje op hetschermpje van de binnenunit gaat knipperen. 1. Gebruik de Modus “ MODE” selecteerknop om AUTO te selecteren. 2. Druk op de ▲ of ▼ knop om de gewenste kamertemperatuur in te stellen. De meest comfortabele tem-peratuur is tussen 21ºC en 28ºC. 3. Druk op de “ On/off” knop om de airconditioner te starten.

Het Bedrijfsmodus indicatielampje op hetschermpje van de binnenunit gaat branden. De bedrijfmodus is AUTO. De Ventilatorsnelheid wordtautomatisch geregeld. 4. Druk weer op de “On/off” knop om de werking van de unit te stoppen. KOELEN, VERWARMEN en ALLEEN VENTILEREN regelen1. Als de AUTO modus u niet bevalt kunt u handmatig de instellingen tijdelijk opheffen. U drukt hiervoorknop b in om de Koelen, Drogen, Verwarmen (alleen bij units met een WARMTEPOMP) of de AlleenVentileren modus te gebruiken. GLET OP• In de AUTO modus kan de airconditioner de bedrijfsmodus Koelen, V entileren, Verwarmen enDrogen selecteren aan de hand van het gemeten verschil tussen de werkelijkeomgevingstemperatuur in de ruimte en de ingestelde temperatuur op de afstandsbediening. • Als de AUTO modus u niet bevalt kan de gewenste modus handmatig worden geselecteerd.

• Als u de afstandsbediening gedurende enkele weken niet gaat gebruiken kunt u beter debatterijen verwijderen. Op deze manier voorkomt u dat lekkende batterijen deafstandsbediening beschadigen. • De gemiddelde levensduur van batterijen is bij normaal gebruik ongeveer een half jaar. • Vervang de batterijen wanneer er geen antwoordtoon komt van de binnenunit of wanneer hetTransmissie indicatielampje niet oplicht. • Gebruik nooit oude en nieuwe batterijen tegelijkertijd. Gebruik nooit verschillende types (bijv. alkaline en manganese dioxide) tegelijkertijd. GLET OPIn Fig. 2 worden voor alle duidelijkheid alle functies getoond. Tijdens de werkelijke werkingworden echter alleen de van toepassing zijnde functies op het schermpje getoond. 150.

151 2. Druk de knop in ( om de gewenste kampertemperatuur in te stellen. Bij Koelen zijn de▲ ▼ of c den ) meest comfortabele instellingen 21ºC of hoger. Bij Verwarmen zijn de meest comfortabele instellingen28ºC of lager. 3. Druk op Ventileren “ FAN” knop eom AUTO, HIGH, MED of LOW in de Ventileren modus te selecte-ren. 4. Druk op “ ON/OFF” knop a. Het bedrijfsmodus indicatielampje brandt en de airconditioner begint tewerken volgens uw instellingen. Druk nogmaals op “ ON/OFF” knop aom deze functie van de unit testoppen. ONTVOCHTIGEN 1. Druk op om Drogen, “DRY” te selecteren. Modus knop b 2. Druk op knop ▲ ▼ of ( en c d) om de gewenste temperatuur in te stellen tussen 21 C en 28 C. 3. Druk op “On/off” knop a. Het bedrijfsmodus indicatielampje brandt en de airconditioner begint te wer-ken in de modus Drogen. Druk nogmaals op “ On/off” knop aom deze functie van de unit te stoppen.

Regeling van de TIMER Druk op de “TIMER ON/OFF” knop ( om de “aan” en “uit” tijd van de unit in te stellen. De effec-i jen )tieve, met de afstandsbediening ingestelde werkingstijd voor de timer functie is beperkt tot een periodevan 0,5 tot minder dan 24 uur. 1. De START tijd instellen. 1. 1 Druk op “ TIMER ON ON TIMER” knop i. Op het schermpje van de afstandsbediening verschijnt , delaatst ingestelde tijd voor het inschakelen van de unit, en het symbool " Hr" wordt getoond in het Timergedeelte van het schermpje. U kunt nu de START tijd van de unit opnieuw instellen. 1. 2 Druk weer op “ TIMER ON” knop iom de gewenste inschakeltijd van de unit in te stellen. 1. 3 Na de instelling van de “ TIMER ON” duurt het een halve seconde voor de afstandsbediening het sig-naal naar de airconditioner verzendt. 2. De STOP tijd instellen. 2.

OFF TIMER ende laatst ingestelde tijd voor het uitschakelen van de unit in uren wordt getoond in het Timer gedeel-te van het schermpje. U kunt nu de STOP tijd van de unit opnieuw instellen. 2. 2 Druk weer op “ TIMER OFF” knop jom de tijd in te stellen waarop u de unit wilt laten uitschakelen. 2. 3 Na de instelling van de “ TIMER OFF” duurt het een halve seconde voor de afstandsbediening het sig-naal naar de airconditioner verzendt. GLET OP. Vanwege het verschil tussen de ingestelde temperatuur van de unit en de werkelijkebinnentemperatuur zal de airconditioner in de modus Drogen regelmatig automatischinschakelen, zonder de modus Koelen en Ventileren te laten werken. GLET OP. De modus Alleen Ventileren kan niet worden gebruikt om de temperatuur te regelen. In dezemodus zijn alleen stap 1, 3 en 4 mogelijk.

3. Instellen van start & stop tijd 3. 1 Druk op “ Op het schermpje van de afstandsbediening verschijnt TIMER ON” knop i. ON TIMER, delaatst ingestelde tijd voor “TIMER ON” wordt in uren getoond in het Timer gedeelte van het scherm-pje. U kunt nu de “ TIMER ON” opnieuw instellen om de unit in te schakelen. 3. 2 Druk weer op “ TIMER ON” knop iom de tijd in te stellen waarop de unit moet starten. 3. 3 Druk op “ TIMER OFF OFF TIMER” knop j. Op het schermpje van de afstandsbediening verschijnt , delaatst ingestelde tijd voor het uitschakelen van de unit en het symbool "Hr" wordt getoond in het Timergedeelte van het schermpje. U kunt nu de STOP tijd van de unit instellen. 3. 4 Druk weer op “ TIMER OFF” knop jom de tijd in te stellen waarop u de unit wilt laten uitschakelen. 3.

5 Na de instelling van de TIMER, duurt het een halve seconde voor de afstandsbediening het signaal naarde airconditioner verzendt. F OPTIMALE WERKINGOm uw apparaat optimaal te laten functioneren dient u op het volgende te letten: • Stel de richting van de luchtstroom zo in dat deze niet rechtstreeks op personen is gericht. • Stel de temperatuur in die voor u het meest comfortabel is. Stel de unit niet in op overdreven hoge oflage temperaturen. • Sluit deuren en ramen omdat anders het gewenste effect misschien niet wordt bereikt. • Gebruik de “TIMER ON” knop op de afstandsbediening om de tijd waarop u de airconditioner wilt latenstarten, te selecteren. • Zet niets vlakbij de luchtinlaat of -uitlaat omdat anders de werking van de airconditioner kan wordenverstoord of de airconditioner misschien helemaal niet meer functioneert.

Zorg ervoor dat er geenobstakels zijn die de luchtstroom blokkeren. De luchtstroom moet ongehinderd de hele kamer kunnenbereiken. De luchtstroom moet bovendien ongehinderd de airconditioner kunnen bereiken. • Het luchtfilter dient regelmatig schoongemaakt te worden omdat anders het apparaat niet voldoendekoelt of verwarmt.

U wordt geadviseerd om de filters eens in de twee weken schoon te maken. • Laat de unit niet werken met de horizontale lamellen in gesloten positie. GWAARSCHUWING • Bescherm de afstandsbediening tegen hoge temperaturen en blootstelling aan straling. • Bescherm de binnenontvanger tegen direct zonlicht om te voorkomen dat de airconditionerniet goed functioneert. • Gebruik nooit oude en nieuwe batterijen tegelijkertijd. Gebruik nooit verschillende types (bijv. alkaline en manganese dioxide) tegelijkertijd. GLET OP. • Als de ingestelde tijd voor STARTEN en STOPPEN hetzelfde is wordt de stoptijd automatischeen half uur (de ingestelde tijd geeft minder dan 10 uur aan) of een uur (de ingestelde tijdgeeft 10 uur of meer aan) later. • Om de “TIMER ON/OFF” tijd in te stellen drukt u op de desbetreffende TIMER knop en stelt detijd opnieuw in. • De insteltijd is relatieve tijd, d. w. z.

Instellen richting verticale luchtstroom (links - rechts)Beweeg de hendel links of rechts van de verticale lamel arm (afhankelijk van hetmodel) om handmatig de verticale lamel in te stellen. Terwijl de airconditioner inwerking is en de verticale lamel in een bepaalde stand staat, kunt u de hendel links(of rechts, afhankelijk van het model) van het uitblaasrooster in de gewenste standzetten. De luchtstroom automatisch laten zwenken (op - neer)Verricht deze handeling terwijl de airconditioner in werking is. • Druk op Zwenkrichting “SWING” knop g op de afstandsbediening. • Druk weer op “SWING”, knop g om de functie te beëindigen. Druk op Luchtrichting “AIR DIRECTION”,knop h om de lamel in de gewenste stand vast te zetten. GLET OP.

H HOE DE AIRCONDITIONER WERKTAUTOMATISCHE WERKING • Wanneer u de airconditioner in de Automatische stand “AUTO” zet, (knop bop de afstandsbediening), worden of AlleenKOELEN VERWARMEN, VENTILEREN automatisch geselecteerd, afhankelijk van de temperatuur die u heeft ingesteld en de kamertemperatuur. • De airconditioner regelt de kamertemperatuur automatisch volgens de door u ingestelde temperatuur. • Wanneer de “AUTO” stand u niet bevalt, kunt u de instellingen ook hand-matig aanpassen. ZUINIGE WERKING • Wanneer u tijdens KOELEN, VERWARMEN of AUTO de Slaapstand “SLEEP”knop f indrukt zal de airconditioner er automatisch voor zorgen dat detemperatuur 1ºC per uur stijgt (koelen) of daalt (verwarmen). Na 2 uurwordt de ingestelde temperatuur weer hersteld. De ventilatorsnelheidwordt automatisch geregeld.

ONTVOCHTIGEN• De stand Ontvochtigen selecteert automatisch de bedrijfsmodusOntvochtigen op basis van het verschil tussen de ingestelde temperatuur ende werkelijke temperatuur in de ruimte. • Tijdens het ontvochtigen wordt de functie Koelen of Alleen Ventileren regel-matig in- en uitgeschakeld om de temperatuur te regelen. De ventilatiesnel-heid is Laag. • In de normale stand Koelen wordt de lucht ook door de airconditioner ont-vochtigd. 1111GWAARSCHUWING • De knoppen “AIR DIRECTION” en “SWING” werken niet wanneer de airconditioner af staat (ookwanneer de “TIMER ON” is ingesteld). • Laat de airconditioner nooit lange tijd in de koel- of droogstand werken met de luchtstroom naaromlaag gericht. Als u dit toch doet kan er condensvorming ontstaan op de horizontale lamel,waardoor er water kan lekken. • Beweeg de horizontale lamel niet met de hand.

Gebruik altijd de “AIR DIRECTION” knop 8 of de“SWING” knop g. Als u dit blaasrooster met de hand beweegt kan de werking worden verstoord. Wanneer het rooster niet naar behoren functioneert, zet dan de airconditioner af en weer aan.

• Wanneer de airconditioner meteen na het afzetten weer wordt aangezet, kan de horizontalelamel gedurende ongeveer 10 seconden mogelijk niet bewegen. • De openingshoek van de horizontale lamel mag niet te nauw worden afgesteld omdat, vanwegeeen te geringe luchtstroom, de functie Koelen of Verwarmen kan worden verstoord. • Laat de unit niet werken met de horizontale lamel in gesloten positie. • Wanneer de airconditioner wordt aangesloten op stroom (initiële stroom), kan de horizontalelamel gedurende 10 seconden een geluid maken. Dit is normaal. 154Druk op de Slaapstand “SLEEP” knopDruk op de Slaapstand “SLEEP” knopKOELENVERWARMENONTVOCHTIGENStel detempe-ratuur in1 uur 1 uur1 uur 1 uurStel detempera-tuur inTemperatuur instellenTijdKamer-tempe-ratuurKoelenKoelenKoelenAlleen Ventileren“FAN ONLY”Alleen Ventileren“FAN ONLY”.

155 I ONDERHOUDBinnenunit en afstandsbediening schoonmakenLuchtfilter schoonmakenVerstopte luchtfilters verminderen het effect van koeling van dit apparaat. Maakhet filter eens in de twee weken schoon. 1. Til het voorpaneel van de binnenunit omhoog tot het vastklikt. 2. Pak de hendel van het luchtfilter vast en druk het filter voorzichtig omhooguit de houder en trek het daarna omlaag. 3. Haal HET LUCHTFILTER uit de binnenunit. • Maak HET LUCHTFILTER eens in de twee weken schoon. • Maak HET LUCHTFILTER schoon met een stofzuiger of met water. • Zorg ervoor dat het filter helemaal droog is en niet beschadigd voor u het weer terugplaatst. 4. Verwijder het elektrostatische plasmafilter alleen uit het frame wanneer hetnodig is. Zie de afbeelding links. GWAARSCHUWING. Raak het elektrostatische plasmafilter niet aan binnen 10 minutennadat u het inlaatrooster heeft geopend.

U kunt een elektrische schokkrijgen. GWAARSCHUWING • Gebruik een droge doek om de binnenunit en de afstandsbedieningschoon te maken. • U kunt een doek en wat koud water gebruiken als de binnenunit ergvuil is. • Het voorpaneel van de unit kan worden verwijderd en met waterworden schoongemaakt. Droog het paneel met een droge doek. • Gebruik geen chemisch behandeld doekje of stofdoek om de unitschoon te maken. • Gebruik nooit benzine, verdunningsmiddel (thinner), schuurmiddelof een oplosmiddel om het apparaat schoon te maken. Het plastickan er van gaan breken of vervormen. GWAARSCHUWINGSchakel eerst de airconditioner uit en trek de stekker uit het stopcontactvóór u het apparaat gaat schoonmaken. GLET OPWanneer de airconditioner bezig is met ontvochtigen zal de kamertemperatuur waarschijnlijkdalen.

Het is daarom normaal dat een vochtigheidsgraadmeter een verhoogde relatieveluchtvochtigheid aangeeft. De absolute luchtvochtigheid in de ruimte daalt echter, afhankelijkvan de hoeveelheid het vocht die in de ruimte wordt geproduceerd (koken, mensen enz. ).

5. Maak het elektrostatische plasmafilter schoon met water en, indien nodig,met een neutraal afwasmiddel. Zorg ervoor dat het filter helemaal droog enniet beschadigd is voor u het weer terugplaatst. 6. Installeer het luchtverversingsfilter weer in de unit. 7. Zet het bovenste gedeelte van het luchtfilter terug in de unit. Let er daarbijop dat de linker en rechter zijkant recht in de unit komen en plaats het fil-ter in de oorspronkelijke positie terug.OnderhoudWanneer de unit gedurende langere tijd niet gebruikt wordt dient u de volgendehandelingen te verrichten: 1. Laat de Ventilator ongeveer 6 uur aan staan om de binnenkant van de unitte drogen. 2. Schakel de unit uit en haal de stekker uit het stopcontact. Haal de batterijenuit de afstandsbediening. 3. De buitenunit moet regelmatig worden onderhouden en worden schoonge-maakt.

Dit mag alleen worden uitgevoerd door een erkend airconditioningmonteur.Controle vóór ingebruikname • Controleer of de bedrading niet beschadigd of los is. • Controleer of het luchtfilter is geplaatst. • Controleer of de luchtuitlaat of –inlaat niet geblokkeerd is wanneer de air-conditioner gedurende langere tijd niet is gebruikt.GWAARSCHUWING• Raak de metalen delen van het apparaat niet aan wanneer u het filter verwijdert. Scherpemetalen randen kunnen verwondingen voorzaken.• Gebruik geen water om de binnenzijde van de unit te reinigen. Water kan de isolatiebeschadigen, hetgeen kan leiden tot elektrische schokken.•Controleer altijd voordat u de unit gaat schoonmaken of de stroom en destroomonderbreker zijn uitgeschakeld.156

157 J BEDIENINGSTIPSD e volgende problemen kunnen voorkomen tijdens normale werking. 1. Beveiliging van de airconditioner. Beveiliging van de compressor• De compressor kan niet starten binnen 3 minuten nadat hij is uitgeschakeld. Anti-tocht • De unit is zo ontworpen dat hij in de stand Verwarmen “HEAT” geen koude lucht uitblaast wanneer debinnen warmtewisselaar zich in een van de volgende drie situaties bevindt en de ingestelde tempera-tuur nog niet is bereikt. A. Wanneer de unit net begint te verwarmen. B. Tijdens ontdooien. C. Bij verwarmen lage temperatuur. Ontdooien • De binnen- of buitenventilator stopt tijdens het ontdooien. • Tijdens de verwarmingscyclus kan zich ijs op de buitenunit vormen wanneer de buitentemperatuur laagis en de luchtvochtigheid hoog. Hierdoor heeft de airconditioner minder verwarmingscapaciteit.

• In dit geval zal de airconditioner regelmatig stoppen met verwarmen en wordt de ontdooicyclus auto-matisch gestart. • De ontdooitijd kan variëren van 4 tot 10 minuten, afhankelijk van de buitentemperatuur en de hoe-veelheid gevormd ijs op de buitenunit. 2. Er komt een witte nevel uit de binnenunit. • In een ruimte met een hoge relatieve luchtvochtigheid kan een witte nevel ontstaan door een grootverschil tussen luchtinlaat- en luchtuitlaattemperatuur tijdens het Koelen. • Wanneer de airconditioner weer start in de bedrijfsmodus Verwarmen kan er een witte nevel ontstaandoor vocht dat tijdens het ontdooien is vrijgekomen. 3. De airconditioner maakt vreemde geluiden. • U kunt een zacht sissend geluid horen wanneer de compressor loopt of direct na het stoppen van decompressor. Dit geluid wordt veroorzaakt doordat het koelmiddel gaat circuleren of de circulatie vanhet koelmiddel stopt.

• U kunt ook een piepgeluid horen wanneer de compressor loopt of direct na het stoppen van de com-pressor. Dit wordt veroorzaakt door het effect van temperatuurwisseling, uitzetten en inkrimpen, opde kunststof delen.

• U kunt ook een geluid horen wanneer de stroom wordt ingeschakeld en het luchtuitblaasrooster naarzijn oorspronkelijke stand gaat. 4. Er komt stof uit de binnenunit. • Dit is normaal en doet zich voor wanneer de airconditioner lange tijd niet is gebruikt of wanneer dezevoor het eerst wordt gebruikt.

5. Er komt een vreemde geur uit de binnenunit. • Dit wordt veroorzaakt doordat de geuren van bouwmaterialen, meubilair of rook door de binnenunitworden aangezogen en worden verspreid. 6. De airconditioner gaat vanuit Koelen of Verwarmen in Alleen Ventileren werken. • Wanneer de temperatuur in de ruimte de op de airconditioner ingestelde temperatuur heeft bereikt,stopt de compressor automatisch en gaat de airconditioner over op Alleen Ventileren. De compressorstart weer wanneer de temperatuur in de ruimte stijgt (bij Koelen) of daalt (bij Verwarmen) tot de voor-af ingestelde waarde. 7. Tijdens Koelen kan zich bij een hoge relatieve luchtvochtigheid (hoger dan 80%) condens vormen ophet oppervlak van de binnenunit. Stel de horizontale lamel in op de maximum geopende stand enselecteer de hoge “HIGH“ ventilatorsnelheid. 8. Verwarmen.

• De airconditioner neemt warmte op van de buitenunit en leidt deze tijdens de bedrijfsmodusVerwarmen verder via de binnenunit. Wanneer de buitentemperatuur daalt zal ook de warmte diedoor de airconditioner wordt opgenomen, verminderen. Tegelijkertijd neemt de opwarming via de air-conditioner toe ten gevolge van een groter verschil tussen de binnen- en buitentemperatuur. Wanneerde ruimte onvoldoende verwarmd kan worden door de airconditioner, wordt geadviseerd een extraverwarmingselement te plaatsen. 9. Automatische herstart. • Bij een spanningsonderbreking tijdens de werking van de unit wordt deze volledig uitgeschakeld. De airconditioner is voorzien van een Automatische herstartfunctie. Hierdoor blijven bij een span-ningsonderbreking alle ingestelde waarden bewaard in het geheugen en start de unit automatischwanneer de stroomvoorziening weer is hersteld.

• De volgende code verschijnt in het LED venster: E0,E1,E2,E3,E4,E5,E6,E7,E8 of P0,P1,P2,P3,P4. • Zekering slaat steeds door of de hoofdschakelaar springt regelmatig op “uit”. • Er is water of een andere vloeistof in de airconditioner gelopen. • De afstandsbediening werkt niet of niet goed. • Andere abnormale situaties. • Het bedrijfsmodus indicatielampje knippert 5 maal. Dit wordt zelfs niet verholpen wanneer destroom uit- en weer ingeschakeld wordt. 158.

159Wanneer het probleem blijft bestaan, neem dan contact op met uw leverancier. Geef een goede omschrij-ving van het probleem en vermeld het typenummer van de unit.GLET OP!Laat eventuele reparaties aan het apparaat alleen uitvoeren door een erkend airconditioningmonteur. Probleem Oorzaak OplossingStroomonderbrekingWacht tot stroomonderbreking verholpenis.Stekker van unit zit misschien niet meeri n stopcontact.Controleer of de stekker goed in hetstopcontact zit.Zekering is misschien doorgeslagen.Vervang de zekering / reset relais / resetstroomonderbrekerBatterij in afstandsbediening is misschienleeg.Vervang de batterijAfstand afstandsbediening tot ontvangerop de binnenunit is meer dan 6 tot 7meter of er bevinden zich obstakelstussen de afstandsbediening en deontvanger.Maak afstand korter. Verwijder eventueleobstakels.

Richt de afstandsbediening opde ontvanger van de binnenunit.De tijd die u met de timer heeft ingesteldis niet juist.W acht of annuleer de timer instelling.Temperatuur is niet juist ingesteld.Stel temperatuur goed in. Zie Hoofdstuk E"Werken met afstandsbediening" voordetails. Luchtfilter is geblokkeerd. Maak het luchtfilter schoon.Deuren of ramen in de ruimte zijn nietgesloten.Sluit de deuren of de ramen.Luchtinlaat of -uitlaat van binnenunit isgeblokkeerd.Zorg er eerst voor dat obstakels wordenverwijderd. Herstart daarna de unit.De 3-minuten tijdvertraging van decompressor is in werking.De buitenunit wordt ontdooid.Airconditioner staat in de "Auto" standAirconditioner staat in de stand "Drogen"TEMP.

indicatie wordtniet getoondAirconditioner staat in de stand"Ventileren"Temperatuur kan niet in de stand"Ventileren" worden ingesteldUnit start nietUnit koelt ofverwarmt de ruimteniet goed, terwijl erwel lucht uit deairconditioner stroomtWacht.Ventilatorsnelheid kanniet worden gewijzigdVentilatorsnelheid kan alleen wordengewijzigd in de stand "Verwarmen","Koelen" en "Ventileren"

L GARANTIEBEPALINGENU krijgt op de airconditioner 24 maanden garantie vanaf de aankoopdatum. Binnen deze periode wordenalle materiaal- en fabricagefouten kosteloos verholpen. Hierbij gelden de volgende regels: 1. Alle verdere aanspraken op schadevergoeding, inclusief gevolgschade wijzen wij uitdrukkelijk af. 2. Reparatie of vervanging van onderdelen binnen de garantietermijn leidt niet tot verlenging van degarantie. 3. De garantie geldt niet wanneer veranderingen zijn aangebracht, niet-originele onderdelen zijn gemon-teerd of reparaties zijn verricht door derden. 4. Onderdelen die aan normale slijtage onderhevig zijn, zoals het filter, vallen buiten de garantie. 5. De garantie geldt uitsluitend als u de originele, gedateerde aankoopbon overlegt en als daarop geenveranderingen zijn aangebracht. 6.

De garantie geldt niet bij schade ontstaan door handelingen die afwijken van die in de gebruiksaan-wijzing of door verwaarlozing. 7. De verzendkosten en het risico van het opsturen van de airconditioner of onderdelen daarvan, komenaltijd voor rekening van de koper. 8. Schade, veroorzaakt door het niet gebruiken van de geschikte Zibro filters, valt buiten de garantie. 9. Het verlies van koelmiddel en/of lekkage ten gevolge van ondeskundig aansluiten / losmaken van deunits valt niet onder de garantiebepalingen die op dit product van toepassing zijn. Om onnodige kosten te voorkomen, raden wij u aan eerst altijd zorgvuldig de gebruiksaanwijzing te raad-plegen. Wanneer deze geen uitkomst biedt, kunt u de airconditioner ter reparatie aanbieden bij uw dealer.160

161 M TECHNISCHE GEGEVENS * EN 14511 ** Indicatief gebruiken *** Vocht verwijderen bij 32°C, 80% RL Defecte elektrische apparaten horen niet bij het huisafval. Zorg voor een goede recycling waarmogelijk. Vraag eventueel uw gemeente of uw handelaar voor een deskundig recycling advies. Milieu-informatie: Deze apparatuur bevat gefluoreerde broeikasgassen zoals opgenomen in het Protocolvan Kyoto. De apparatuur mag alleen worden gerepareerd of gedemonteerd door professioneel, geschooldpersoneel. Deze apparatuur bevat koelmiddel R410a in de hoeveelheid als aangegeven in bovenstaande tabel. LaatR410a niet ontsnappen in de atmosfeer: R410a is een gefluoreerd broeikasgas met een broeikasgasef fect(GWP) = 1975.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Zibro s 1234 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden