Zanker cf 2261 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Zanker cf 2261 (21 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 75 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Zanker cf 2261 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/21
INHOUD
25
NEDERLANDS
Waarschuwingen26-27
Afdanken27
Tips voor zuinig wassen27
Technische gegevens28
Installatie29
Transportbeveiliging29
Plaatsen29
Watertoevoer30
Waterafvoer30
Elektrische aansluiting31
Uw nieuwe wasautomaat32
Beschrijving van de machine32
Wasmiddellade32
Gebruik33
Bedieningspaneel 33
Beschrijving van de bedieningselementen33
Adviezen en tips voor het wassen34
Was niet te lang opsparen34
Sorteren34
Temperaturen34
Hoeveel wasgoed in de trommel?34
Vóór u het wasgoed in de trommel doet35
Welke wasmiddelen gebruiken?35
Traditionele poeder-wasmiddelen35
Vloeibare wasmiddelen35
Geconcentreerde poeder-wasmiddelen36
Wasverzachter36
Waterontharder36
Volgorde van handelen37-38
Textielbehandelingssymbolen39
Programmatabel40-41
Onderhoud
De buitenkant42
De wasmiddelhouder42
Het toevoerfilter 42
Het afvoerfilter43
Waterafvoer in noodgevallen43
Voorzorgsmaatregelen bij vorst43
Eenvoudige storingen44-45

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Zanker
Categorie: Wasmachine
Model: cf 2261

Handleiding Zanker cf 2261 – volledige tekst

INHOUD25NEDERLANDS Waarschuwingen 26-27 Afdanken 27 Tips voor zuinig wassen 27 Technische gegevens 28 Installatie 29■ Transportbeveiliging 29■ Plaatsen 29■ Watertoevoer 30■ Waterafvoer 30■ Elektrische aansluiting 31 Uw nieuwe wasautomaat 32 Beschrijving van de machine 32■ Wasmiddellade 32 Gebruik 33■Bedieningspaneel 33■ Beschrijving van de bedieningselementen 33■ Adviezen en tips voor het wassen 34 Was niet te lang opsparen 34 Sorteren 34 Temperaturen 34 Hoeveel wasgoed in de trommel? 34 Vóór u het wasgoed in de trommel doet 35 Welke wasmiddelen gebruiken?

WAARSCHUWINGEN26Algemene veiligheidsaanwijzingen■Tracht, in geval van een storing of defect, ditapparaat niet zelf te repareren. Reparatieswelke door niet-deskundige personenuitgevoerd worden, kunnen tot schade ofletsel leiden. Raadpleeg ELGROEPFABRIEKSSERVICE. ■Netsnoer nooit aan het snoer uit hetstopcontact trekken, maar aan de steker. Installatie■Alle delen die tot de transportbeveiligingbehoren moeten beslist zijn verwijderd,alvorens het apparaat in gebruik te nemen. Ernstige schade aan het apparaat of anderezaken kan het gevolg zijn van het niet of nietgeheel verwijderen van de transport-beveiliging. ■Een eventueel noodzakelijke wijziging aan deelektrische huisinstallatie ten behoeve van deinstallatie van dit apparaat, mag uitsluitenddoor een daartoe bevoegd persoonuitgevoerd worden.

■Een eventueel noodzakelijke wijziging van dewatertoe- en/of afvoervoorzieningen tenbehoeve van de installatie van dit apparaatmag uitsluitend door een daartoe bevoegdpersoon uitgevoerd worden. ■Overtuig u ervan dat het apparaat na deinstallatie of het verplaatsen niet op hetaansluitsnoer staat. Gebruik■Was geen artikelen in de wasautomaat diehier niet voor geschikt zijn. Raadpleeg hettextielonderhoudsetiket. ■Overlaad het apparaat niet. Raadpleeg debetreffende adviezen in de gebruiks-aanwijzing. ■Met vluchtige stoffen, zoals spiritus, benzine,terpentine en dergelijke, gereinigde artikelenmogen niet in de wasautomaat. Indien zulkereinigingsmiddelen gebruikt werden omvoortijds vlekken te verwijderen, dan moetmet het wassen in de wasautomaat gewachtworden tot het artikel volledig uitgedampt is. ■Was kleine artikelen, zoals babysokjes,ceintuurs en dergelijke in een sloop.

Wasgeen rafelig of gescheurd goed; herstel hetvoortijds. Verwijder voortijds verf-, inkt-, roest-en grasvlekken. Was bh’s met beugels niet inde wasautomaat. ■Objecten zoals flippo’s, munten, veiligheids-spelden, naalden, spijkers, schroeven enandere harde of scherpe materialen behorenniet in de wasautomaat; zij kunnenaanzienlijke schade veroorzaken. ■Wees voorzichtig met wasverzachter. Een tegrote dosering kan schade aan het wasgoedtoebrengen. Raadpleeg de instructies van defabrikant van de wasverzachter. ■Kijk, vóór u de vuldeur (voorlader) opent,altijd eerst of het water weggepompt is. Indien dat niet het geval is, laat de machinedan eerst het water afpompen. Raadpleeg intwijfelgeval de gebruiksaanwijzing. ■Laat de vuldeur (voorlader) op een kier staanindien het apparaat niet gebruikt wordt. Dat isbeter voor de rubbermanchet en u voorkomthet ontstaan van een muffe lucht.

■Schakel na het gebruik altijd destroomtoevoer af door, afhankelijk van de wijzevan installatie, de steker uit het stopcontact tenemen of de badkamertrekschakelaar op deUlT-stand te schakelen. Draai na het gebruikaltijd de watertoevoerkraan dicht. Deze waarschuwingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen tehebben, alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.

27NEDERLANDSTIPS VOOR ZUINIG WASSENBescherming voor kinderen ■ Kinderen zien de gevaren in verband metelektrische apparaten vaak niet. Zorg daaromvoor toezicht als het apparaat draait en laatkinderen niet met de wasautomaat spelen. ■ Verpakkingsonderdelen (bijv. folie,piepschuim) kunnen voor kinderen gevaarlijkzijn. Verstikkingsgevaar!Verpakkingsonderdelen weghouden vankinderen.■De glasdeur kan tijdens het gebruik zeer heetworden. Houd kinderen uit de buurt van hetapparaat zolang het in werking is. ■ Let erop dat er geen kinderen of kleine dierenin de trommel van het apparaat klimmen.Houd daarom de deur van de wasautomaatgesloten als hij niet gebruikt wordt. ■ Maak het oude apparaat dat u, in afwachtingvan het weghalen of wegbrengen zolangterzijde zet, onbruikbaar. Knip het netsnoereraf en verwijder de deursluiting.

■ Afdanken van de verpakkingAlle met dit symbool gemerkte materialenzijn “milieu-vriendelijk”. Ze kunnen zonderbezwaar bij het afval worden gezet.De kunststoffen kunnen hergebruikt wordenen hebben de volgende aanduidingen:>PE< voor polyethyleen>PS< voor polystyreen>PP< voor polypropyleenWij adviseren u, het karton in een containervoor oud papier te deponeren. ■ Afdanken van het apparaatInformeer bij de gemeente wie het oudeapparaat ophaalt of waar u het moet bezorgen,teneinde er zeker van te zijn dat het apparaatzorgvuldig verschrot of gerecycled wordt. ■ De programma’s zonder voorwas zijn bedoeldvoor normaal vuil wasgoed. Ze besparenwasmiddel en water in vergelijking met eenprogramma met voorwas. ■ U wast het zuinigst met een volle trommel. ■ Door een geschikte voorbehandeling kunnenvlekken en lichte verontreinigingen verwijderdworden.

29NEDERLANDSINSTALLATIETransportbeveiligingWij adviseren u de verwijderde delen te bewaren;in geval van verhuizing moeten ze wederomaangebracht worden.U gaat als volgt te werk:1. Schroef met een sleutel de rechter schroefaan de achterkant van de machine los. 2. Leg de machine voorzichtig op z’nachterkant; zodanig dat de slangen nietkunnen beschadigen. 3. Verwijder het polystyrene vulblok uit deonderkant van de machine en het plakbandwaarmee de 2 plastic zakken aan de voorkantvan het apparaat bevestigd zijn. 4. Trek voorzichtig de rechter plastic zak (1) uitde machine, terwijl hij naar het midden vande machine getrokken wordt.Trek nu ook de linker plastic zak (2) uit demachine. 5. Zet de machine rechtop en verwijder de 2overige schroeven uit de achterwand. 6. Verwijder de drie plastic afstandshulzen uitde gaten waar de schroeven in zaten. 7.

Dicht de vrijgekomen gaten af met demeegeleverde stopsels. U vindt dezestopsels op de achterkant van de machine.PlaatsenPlaats de machine op een vlakke, harde vloer.Laat een houten vloer met een 5 cm dikkehardhoutenplaat versterken, over tenminstetwee draagbalken. De verstevigingsplaat moetaan alle kanten enkele centimeters buiten demachine steken.Indien de machine op een bovenverdiepinggeplaatst wordt, neem dan zodanigemaatregelen dat bij een eventuele lekkage hetwater niet naar de verdieping eronder kanlekken. Raadpleeg uw leverancier/installateur.Zorg ervoor dat de machine niet tegen de muurof andere keukenmeubels kan leunen.P0255P0234 P023321P0256P0020Het is beslist noodzakelijk dat u detransportbeveiligingen verwijdert vooru de machine in gebruik neemt.

30Wij gaan er van uit dat de waterkraan, deafvoermogelijkheid en de elektriciteits-voorziening zich binnen het bereik van demachineslangen en het aansluitsnoer bevinden.Als dat niet zo is, dan adviseren wij u uwinstallateur de kraan en/of de afvoer en/of hetstopcontact te laten verplaatsen.Stel de machine waterpas op. Dat doet u doormiddel van het in- of uitdraaien van een of tweevan de verstelbare voetjes. Als de machine optapijt staat, stel de voeten dan zodanig in dat delucht vrij kan circuleren. Zorg ervoor dat demachine op alle vier de voetjes stevig op devloer staat: ook dat is zeer belangrijk. Draai, nahet waterpas stellen, de contramoeren (A) vanalle vier de voetjes stevig tegen demachinebodem.

Gebruik hiervoor eenschroevendraaier.WatertoevoerDraai, nadat u eerst het filter (A) in de wartelhebt gelegd, de wartel van de toevoerslangstevig op de 3/4" schroefdraad van de kraan.Het andere eind van de toevoerslang, aan demachinekant, kan naar alle richtingen wordenverdraaid. Wartel iets losdraaien, haakse bochtverdraaien en wartel weer stevig vastdraaien.De toevoerslang mag niet verlengd worden.Mocht de slang te kort zijn en wilt u de kraanniet laten verplaatsen, koop dan een langere,complete, hogedrukslang welke speciaal voor ditdoel gemaakt is.WaterafvoerDe bocht, aan het eind van de afvoerslang, kuntu op drie manieren plaatsen:Over de rand van een wasbak.

U moet er danvoor zorgen dat de bocht niet, door het snel uit-stromende water, van de rand kan schieten.Bijvoorbeeld door de bocht met een touwtje aande kraan of aan een haak in de muur op tehangen.In een aftakking van de wasbakafvoer. Dieaftakking moet boven de siphon (stankafsluiter)zitten en zodanig dat de bocht van de slang zichop tenminste 60 cm van de vloer bevindt.In een afvoerpijp. Wij adviseren een standpijpvan 65 cm hoogte; in ieder geval niet lager dan60 cm en niet hoger dan 90 cm.AP0003P0021P0254 P0509SAP0022P0023

31NEDERLANDSHet eind van de afvoerslang moet altijd beluchtzijn, dat wil zeggen dat de binnendiameter vande pijp groter moet zijn dan de buitendiametervan het slangeind.De afvoerslang legt u vanaf de machinekantover de vloer en laat u pas bij deafvoermogelijkheid omhoog lopen.Elektrische aansluitingDe machine is voor 220-230V / 50Hz gemaakt.De machine is voorzien van een drie-aderigaansluitsnoer en steker met randaarde.De steker mag u uitsluitend plaatsen in eenstopcontact met randaarde; de machine dientdeugdelijk geaard te zijn.Het aansluitsnoer mag u niet verlengen.

Indienhet snoer te kort blijkt te zijn, laat uw installateurdan of een langer snoer aan de machinemonteren of het stopcontact verplaatsen.Het gebruik van een verlengsnoer ofkabelhaspel is niet toegestaan.In bad- of doucheruimten moet doorgaans eenzogeheten «vaste aansluiting» gemaakt worden;raadpleeg uw installateur.De fabrikant is niet aansprakelijk voorschade of letsel, ontstaan door het nietvoldoen aan bovenstaandeveiligheidsvoorschriften.Indien het aansluitsnoer vervangenmoet worden, dient u zich te wenden totons dichtsbijzijnde servicecentrum.

32UW NIEUWE WASAUTOMAATDeze nieuwe wasmachine voldoet aan alle eisenvoor een moderne behandeling van uwwasgoed, met besparing van water, stroom enwasmiddel.Doordat de wasmachines de laatste jarensteeds zuiniger zijn geworden met energie, is dewastijd langer geworden. U zult echter merkendat het wasresultaat optimaal is. ■ De temperatuurregelaar staat eennauwkeurige temperatuurkeuze toe,afhankelijk van het type en de vuilgraad vanhet wasgoed. ■ De automatische sopafkoeling op 60°C inhet witte was-programma voor hetafpompen voorkomt dat kunststofafvoerbuizen vervormen. ■ Het speciale wolprogramma wast uwwolwas, dankzij de heel voorzichtigetrommelbeweging, veilig en zonder krimpen. ■ De onbalans beveiliging zorgt voor eengoede stabiliteit van de machine tijdens hetcentrifugeren.

2 Toets “AAN/UIT” Door het indrukken van deze toets schakelt u demachine AAN en UIT. 3 Toets “verlaagd centrifugeertoerental” 650Door deze toets in te drukken verlaagt u hetcentrifugeertoerental als volgt:■voor katoen en linnen:- van 1200/min tot 650/min■voor synthetica en fijne was:- van 900/min tot 650/min. ■voor wol:- van 1000/min tot 650/min. 4 Toets “Kort”Voor weinig vuil wasgoed kunt u, bij hetprogramma voor kook- of bontwas en voorsynthetica voor een verkorte wastijd kiezen. Udrukt dan voortijds deze toets in. Kiest u een temperatuur van 30° tot 60°C. 5 Toets “Extra spoelen”U kunt met meer water spoelen in deprogramma's voor kook- of bontwas. U drukt dan voortijds deze toets in. Dit kan gewenst zijn in gebieden met zeer zachtwater of bij allergie voor bepaalde chemischebestanddelen, zoals deze in wasmiddelenvoorkomen.

Aan het einde van het programma hebt u tweemogelijkheden: uitsluitend afpompen, ditprogramma dus, of kort centrifugeren door detoets terug te laten komen. 7 Draaiknop voor temperatuurkeuzeMet de knop voor de temperatuurregelingkiest u de gewenste wastemperatuur. Knop links- of rechtsom instellen. U kunt ook metde temperatuur van het ingekomen leidingwaterwassen, door de knop op KOUD in te stellen. 8 ProgrammakeuzeknopDe machine heeft 3 wassectoren:■Kookwas/Bontwas■Synthetische stoffen■Fijnwas/WolDe programmakeuzeknop kan alleen naarrechts gedraaid worden. KOOKWAS/BONTWASBLANC/COULEURSKORT CENTRIFUGERENESSORAGE COURTFIJNWAS/WOLDELICATS/LAINESYNTHETISCHE STOFFENSYNTHETIQUES30 - 60º ºSPOELENRINCAGEVOORWASPRELAVAGEWASVERZACHTERASSOUPLISSANTLANG CENTRIFUGERENESSORAGE LONGSTOPSPOELENRINCAGESTOPWOL /LAINE 40ºFIJNW.

30°C: alhoewel machine-wasbare wol als regelzondermeer op 40°C gewassen mag worden,zult u op het etiket, voorzichtigheidshalve, tochvaak 30°C tegenkomen. Ook bij teer wasgoed,de fijne was, is dat vaak het geval. Wij adviseren u zich altijd aan de etiket-temperatuur te houden. Hoeveel wasgoed in de trommel. Wilt u optimale resultaten bereiken, danadviseren wij u, naast het kiezen van het juisteprogramma, ook de maximaal toegestanebelading van de trommel niet te overschrijden. Wasgoed droog wegen voor u het in de trommeldoet, is erg omslachtig, dus helpen wij u op eenandere manier op weg:■Volle belading (maar niet proppen) voorkatoen en linnen. ■Halfvolle of iets meer dan halfvolle beladingvoor sterke synthetica en mengsels. Ookzogeheten “kreukherstellende stoffen” vallenonder synthetica. ■Eenderde van de trommel voor fijne was enmachine-wasbare wol.

In onderstaande tabel geven wij u een indrukwat wasgoed, bestaande uit katoen en linnen,ongeveer weegt. Voor synthetica, mengsels en fijne was is hetonmogelijk om gewichten op te geven, daardeze stoffen zeer verschillend van aard zijn. Voor machine-wasbare wol geven wij doorgaanseen maximum van 1 kilogram op, maar feitelijkbedoelen we dat u wol in “ruim sop” moetwassen. Tweepersoons laken 700 - 1000 g Kussensloop 125 - 200 g0 Tafellaken 350 - 500 g0 Servet 70 - 120 g0 Theedoek 75 - 100 g0 Badhanddoek 150 - 200 g0 Badlaken 700 - 1000 g Overhemd 200 - 300 g0 Schort 150 - 200 g0Adviezen en tips voor hetwassen. Was niet te lang opsparenIn de eerste plaats adviseren wij u wasgoed nietal te lang op te sparen, in ieder geval niet als hetvochtig is want het gaat dan schimmelen enveroorzaakt een muffe geur. Men zegt ook wel dat «het weer er in gekomenis»; weervlekken krijgt u er niet meer uit.

Een streep onder de tobbe betekent dat u hetartikel met de krachtige katoenprogramma’sniet mag wassen. Was gekleurd goed, met name donker gekleurd,eerst een keer apart. De kans is groot dat hetafgeeft. Sterke kreukherstellende stoffen, zoalspolyester/katoen, vallen onder «synthetica». Tere stoffen, zoals acryl en meestal ookvitrages, vallen onder «fijne was». Het wolwasprogramma is een speciaalprogramma voor «zuivere scheerwol». Bij alleandere wolsoorten en mengsels kan nietworden uitgesloten dat deze krimpen en/ofvervilten in de wasmachine. TemperaturenIn principe kiest u voor een bepaalde wasbeurtde soptemperatuur niet hoger dan hetgevoeligste stuk wasgoed nog kan verdragen. 95°C: voor witte- of kookecht-gekleurd katoenen linnen, zoals beddegoed, tafellakens,theedoeken, handdoeken, zakdoeken enondergoed. Gemakshalve wordt deze groep vaak “witte was”genoemd.

60°C: voor normaal vuile witte was, voorlichtgekleurde bontwas en voor witte- enlichtgekleurde synthetica. 40°C: vrijwel alle textielsoorten kunnen op 40°Cgewassen worden. U kiest deze temperatuur ten eerste als dit doorhet wasetiket aangegeven wordt, bijvoorbeeldvoor donkergekleurde textiel en fijne was. Daarnaast kiest u 40°C als het wasgoed zoweinig vuil is dat het met een lage temperatuurook nog schoon wordt. i34.

35NEDERLANDSVóór u het wasgoed in de trommeldoetHerstel scheuren, gaten en halen voortijds. Naai loshangende knopen eerst aan of knip zeaf. Sluit drukknopen en ritssluitingen. Was geen rafelig goed; herstel eerst de zomen. Haal de haken uit vitrage en doe de vitrage ineen sloop of linnen zak. Verwijder voortijds achtergebleven kleinevoorwerpen uit borst- en broekzakken. Behandel voortijds vlekken die er in dewasautomaat moeilijk of in het geheel niet uitzullen gaan:Was- en kaarsvet. Zoveel mogelijk met een botmes voorzichtig afschrapen. Tussen tweepapieren zakdoekjes de overgebleven was metde warme strijkbout er uit strijken. Niet te heetbij synthetische stoffen. Inkt en ballpoint: Deppen met spiritus. De kleurvan de stof kan aangetast worden door zowel deinkt als de spiritus. Weer- en schroeivlekken. Bleken met eenverdunde oplossing van bleekwater ofchloorbleekmiddel. Roest.

Verse vlekken met lauw wateruitspoelen. Oude vlekken voorweken met eenbiologisch voorweekmiddel. Transpiratie- en deodorantvlekken. Versevlekken met sodawater deppen. Oude vlekkenmet azijn of spiritus deppen. Hars. Met een speciale vlekkenoplosserbehandelen. Sterke stoffen, zoals katoen enlinnen, met terpentine, wasbenzine of spiritusbehandelen. Het gebruik van verdampende middelen, zoalsterpentine, wasbenzine, spiritus, thinner, acetonen dergelijke is gevaarlijk; niet roken en geenopen vuur gebruiken. Doe het karweitje buiten en laat het kledingstukeerst uitdampen voor u het in de wasautomaatof de droogautomaat doet. De fabrikant van uw was- of droogautomaat isniet aansprakelijk voor schade of letsel ontstaandoor het gebruik van gevaarlijke stoffen. Welke wasmiddelen gebruiken. Een gouden regel is: gebruik altijd machine-wasmiddelen, dus nooit handwasmiddel ofzeep in de machine.

Een nauwelijks minder belangrijke regel is:probeer gewoon uit welk wasmiddel u het bestebevalt. Houdt u aanvankelijk aan de doseringen die defabrikant van het wasmiddel op z'n verpakkingaangeeft en let daarbij op de waterhardheid(kunt u opvragen bij het waterleidingbedrijf). Hetis de moeite waard om daarna uit te proberen ofbij minder doseren uw wasgoed ook nogvoldoende schoon wordt. In ieder geval kunt ubij een klein wasje aanzienlijk minder doseren. Er zijn totaal-wasmiddelen voor kook- ofbontwas, bleekvrije wasmiddelen voor bontwas,speciale fijnwasmiddelen, machine-wolwasmiddelen en biologische voorwas- ofvoorweekmiddelen. LET OPObjecten zoals flippo’s, munten,veiligheidsspelden, schroeven en andereharde materialen behoren niet in dewasautomaat; zij kunnen aanzienlijkeschade veroorzaken. Was bh’s met beugels niet in dewasautomaat.

36Kalk slaat uit het water neer op zowel hetwasgoed als op machinedelen. Bekend is onderandere het stug worden van wasgoed en hetverkalken van het verwarmingselement. Om dat te voorkomen doet de wasmiddel-fabrikant een «kalkbindende» stof in hetwasmiddel. Voorheen was dat fosfaat. Tegenwoordig, om redenen vanmilieutechnische aard, een fosfaatvervanger. Het wasmiddel bestaat echter uit veleingrediënten. Gaat u meer doseren, dan doet udat feitelijk slechts om meer kalkbindendestoffen aan het water toe te voegen. Automatisch doseert u dan eigenlijk teveel vanal die andere actieve stoffen. U kunt datverhelpen door minder wasmiddel te doseren enhet verschil op te vangen door eenonthardingsmiddel, zoals Calgon, mee tedoseren. Houdt u zich aan de aanwijzingen vande fabrikant van het onthardingsmiddel.

Bereik1234zachtgemiddeldhardzeer hard0 00- 708-1415-21meer dan 2100-1516-2526-37meer dan 37Eigenschap DuitseschaalFranseschaalWaterhardheidTraditionele poeder-wasmiddelen Deze wasmiddelen doet u in de vakjes voor de voorwas en voor de hoofdwas. Vloeibare wasmiddelenGebruikt u een vloeibaar wasmiddel, dan mag udat, mits u geen voorwas doet, direct in het vakje voor het hoofdwasmiddel gieten. Welmeteen daarna de machine starten. Vloeibare wasmiddelen zijn zeer geschikt voorlage wastemperaturen, dus 30°C en 40°C. Voorhogere temperaturen, 60°C tot 95°C, adviserenwij u een poedervormig wasmiddel te gebruiken. Geconcentreerde poeder-wasmiddelen(ULTRA’s, MICRO’s en dergelijke). Geconcentreerde wasmiddelen kunt u opdezelfde manier als vloeibare wasmiddelendoseren. Uiteraard past u de hoeveelheid aan,omdat u van deze wasmiddelen minder nodighebt.

Uw nieuwe machine is van een sopcirculatie-systeem voorzien, waardoor het wasmiddeluitstekend en zonder verspilling verdeeld wordt. WasverzachterTijdens de laatste spoelgang doseert demachine automatisch een hoeveelheid vloeibarewasverzachter. U hoeft geen wasverzachter tegebruiken maar dit kan soms toch wenselijk zijn.

Bijvoorbeeld als u katoen binnenshuis droogt:het wasgoed voelt dan minder stug aan. Of als usynthetisch wasgoed in de machine droogt: hetwordt dan niet statisch (knetteren, kleven). Houdt u aan de aanwijzingen van de fabrikantvan de wasverzachter, maar de hoeveelheidwasverzachter mag nooit hoger dan het filternetin het doseervakje of de maximum aanduidingkomen. Erg dikke vloeistof voortijds met wat waterverdunnen. WaterontharderWater is «harder» naarmate er meer calcium enmagnesium in voorkomt. In Nederland wordt dehardheid aangegeven in «DH» (Duitse graden). Op de verpakking van het wasmiddel vindt u, indrie globale zones verdeeld, hoeveel wasmiddelu moet doseren. U ziet dat dat meer is naarmatede hardheid hoger is.

37NEDERLANDSVolgorde van handelenVoer een wasgang zonder wasgoed uit, opdatvetresten (die bij de fabricage zijn ontstaan) uitde wastrommel en de kuip worden verwijderd.Programma: bonte was 60°C, met een halvemaatbeker wasmiddel.1. Doe het wasgoed in de trommelOpen de vuldeur . Doe de stukken wasgoed éénvoor één in de trommel. Haal opgevouwenwasgoed eerst uit elkaar. Sluit de vuldeur; drukhem goed in het slot.2. Doe wasmiddel in het vakjeTrek de wasmiddelhouder uit hetbedieningspaneel tot hij stuit.Meet de gewenste hoeveelheid wasmiddel ineen maatbekertje af en giet het in het vakje voor het hoofdwasmiddel .Gaat u ook voorwassen, doe dan een biologisch voorwasmiddel in het vakje .3. Doe, eventueel, wasverzachter inhet vakjeGiet, indien gewenst, wasverzachter in het daarvoor bestemde vakje .Overschrijd het niveau MAX niet.4.

385. Stel de temperatuur inDraai de knop voor de temperatuurregeling opde gewenste temperatuur.6. Kies het gewenste programmaen start de machineDraai de programmaknop rechtsom op hetgewenste programma.Druk op de AAN/UIT-toets: het lichtnet-controlelampje licht op en de machine start naongeveer 10-15 seconden.7. De machine is klaarDe machine stopt automatisch. Heeft u de machine een programma metspoelstop laten doen, dan moet het laatstespoelwater afgepompt worden.Wacht één tot twee minuten alvorens de vuldeurte openen; die tijd heeft de elektrischedeurvergrendeling nodig om te ontgrendelen.Schakel de machine UIT door de AAN/UIT-toetsin te drukken.

39NEDERLANDSTEXTIELBEHANDELINGSSYMBOLENi40404060609595GewoonprogrammaAnti-kreuk-programma De getallen in de tobben geven de hoogst toelaatbare temperaturen aan: deze niet overschrijden.Tot de gewone wasprogramma's behoren ook E-, spaar- en halve wasprogramma's. Anti-kreukprogramma's: voor artikelen die synthetische vezels bevatten en/of kreukherstellend zijn gemaakt; machine beladen met de helft van het maximale gewicht. Handwas lauw of koud. Wolwas in de machine: uitsluitend Superwash en alleen met door het internationaal Wol Secretariaat (IWS) goedgekeurde programma's. Belading:1/3tot 1/4van het maximale gewicht.Artikelen met P of F in de cirkel kunnen meestal niet worden met tetra of tri.ontvlekt De zijn vooral bestemd voor de chemisch reiniger. Zij geven het te gebruiken oplosmiddel aan.

Reiniging met F is letters nauwelijks mogelijk.De streep onder de cirkel betekent: lichte belading, hoge vlotverhouding, weinig mechanische beweging, korte reinigings, -spoel- en centrifugeertijden; en vooral: geen water toevoegen.Koud bleken met bleekwater of geconcentreerd chloorbleekmiddel in verdunde oplossing mogelijk Niet mogelijkNiet strijkenLauw strijkenWarm strijkenHittegevoelige textielHeet strijkenGewone reinigingNormale textiel Speciale reiniging Niet chemisch reinigenNiet drogen in droogtrommelDe punten verwijzen naar de punten op de regelknop van het strijkijzer.GewoonprogrammaAnti-kreuk-programmaGewoonprogrammaAnti-kreuk-programmaWolwas-programmaAlleen snellehandwasNiet wassen,ook niet wekenWASSENBLEKENSTRIJKENCHEMISCHREINIGEN=STOMEN=DRY CLEANINGTROMMEL-DROGENA P FP FMeer informatie in het boekje «Textiel ABC», te verkrijgen door overmaking van f 16,25 op gironummer 666402 van VTWS, Delft.

40PROGRAMMATABEL (*) Referentie programma voor de gegevens op het verbruiksetiket, volgens EEGnorm 92/75.Temperatuurregelaar op 60°C. Verbruikswaarden: Energie 1,1 kWhWater 62 lTijd 125 min.(**) De verbruikswaarden zijn indicatieve waarden en hangen af van het type en de hoeveelheidwasgoed, van de temperatuur van het waterleidingwater en van de omgevingstemperatuur.

41NEDERLANDSPROGRAMMATABEL(**) De verbruikswaarden zijn indicatieve waarden en hangen af van het type en de hoeveelheidwasgoed, van de temperatuur van het waterleidingwater en van de omgevingstemperatuur.Wasprogramma’s voor synthetica, fijne was en wolMaximum belading: 2 kg, wol 1 kgSYNTHETISCHESTOFFEN30°-60°Synthetica zonder voorwas(normaal vuil)Wassen 30°-60°C3 maal spoelenKort centrifugerenVERLAAGDTOERENTALKORTSPOELSTOPVERLAAGDTOERENTALSPOELSTOPVERLAAGDTOERENTALSPOELSTOPVERLAAGDTOERENTALSPOELSTOPVERLAAGDTOERENTALVERLAAGDTOERENTALSPOELSTOPSPOELENCompleetspoelprogramma,eventueel metwasverzachter voorsynthetica, fijne was en wol3 maal spoelenKort centrifugerenWOL40°40°Wol met het wolmerk en deaanduiding“wasmachine veilig”Wassen 40°C3 maal spoelenKort centrifugerenVoor alle fijne textiel,bijvoorbeeld gordijnen,zijdeAparte centrifugegangvoor synthetica, fijnewas en wolFIJNWASWassen 40°C3 maal spoelenKort centrifugerenAfpompen en kortcentrifugerenKORTCENTRIFUGERENWaterafvoer van delaatste spoelgang voorde wasprogramma’s die eindigen met waterin de trommelWater afvoerenAFPOMPENVOORWAS30°-60°Synthetica met voorwas(erg vuile was)Voorwassen 30°-40°CWassen 30°-60°C3 maal spoelenKort centrifugerenProgramma-knop opTemp.(°C)ProgrammavoorKortebeschrijvingEventueleaanvullendefunctiesEnergiekWhWaterliterTijdmin.Verbruikswaarden (**) 1,0 53 90 0,04 38 23 0,45 49 55 0,5 49 55- - 5 1,2 63 110 - - 1,5

ONDERHOUD421. De buitenkantDe buitenkant van de machine kunt u, naarbehoefte, reinigen met een vochtige doek eneen neutraal huishoudschoonmaakmiddel.Moderne schoonmaakmiddelen drogendoorgaans streeploos op.Nalappen met schoon water en daarnadroogzemen.Belangrijk: Gebruik nooit spiritus, terpentine endergelijke oplosmiddelen.2. De wasmiddelhouderWasmiddelen en wasverzachter koeken naverloop van tijd aan.Maak de wasmiddelhouder af en toe schoononder de stromende kraan. U kunt daartoe dehouder geheel uit de machine nemen door opde pal, links achterin, in te drukken.De bovenkant van het vakje voor dewasverzachter kunt u, ten behoeve van hetschoonmaken, verwijderen.Ook in de behuizing van de wasmiddelhouderkan zich op den duur wasmiddel verzamelen.Maak de binnenkant met een oudetandenborstel schoon.Plaats de houder terug in z'n behuizing en laatde machine, zonder wasgoed, een spoelgangdoen.3.

Het toevoerfilter Wanneer u merkt dat de machine langer overhet wateropnemen gaat doen, verdient hetaanbeveling om het toevoerfilter te controlerenop verstopping.Daartoe draait u eerst de kraan dicht envervolgens draait u de slangwartel van de kraanaf.Trek nu het filter uit z’n behuizing.Reinig het met een borsteltje en plaats het weerterug.Draai de wartel weer stevig op de kraan.P0010P0038P0009P0041

43NEDERLANDS4. Het afvoerfilterHet afvoerfilter is bedoeld voor het opvangenvan grove pluis en rafels. Raakt het filterverstopt, dan zal onherroepelijkprogrammastoring optreden.Controleer regelmatig of het filter schoon is.Open het klepje.Plaats een schaaltje onder het filter en schroefhet filter linksom los.Trek het filter uit het filterhuis.Reinig het filter onder de stromende kraan.5. Waterafvoer in noodgevallenAls de machine niet leegpompt (afvoerpompgeblokkeerd of afvoerleiding verstopt) moet u alsvolgt te werk gaan om het water uit de machinete lozen:■haal de steker uit het stopcontact■draai de waterkraan dicht■wacht (indien nodig) totdat het zeepsopafgekoeld is■plaats een bakje onder het filter om het waterop te vangen■draai het filter voorzichtig los zodat het waterrustig uit de machine kan stromen.6.

Voorzorgsmaatregelen bijvorstIndien de wasautomaat wordt blootgesteld aantemperaturen onder 0°C moeten enkelevoorzorgsmaatregelen worden getroffen. ■ Draai de waterkraan dicht en schroef detoevoerslang los. ■ Leg het uiteinde van de toe- en afvoerslangin een bak. ■ Stel het programma “afpompen” in en laat demachine tot aan het einde draaien. ■ Schakel de machine uit. ■ Draai de wartel van de toevoerslang weerstevig op de kraan en breng ook deafvoerslang weer op zijn plaats aan.Het water dat in de leidingen is achtergebleven,wordt op deze manier afgevoerd en hiermeewordt voorkomen dat er ijsvorming optreedt diede machine kan beschadigen.Controleer, wanneer u de wasautomaat opnieuwwilt gebruiken, of de omgevingstemperatuurhoger dan 0°C is.P0861P0860P0859 P0040

44EENVOUDIGE STORINGEN ■Storingen Mogelijke oorzaaken ■ De machine start niet ■Is de vuldeur goed gesloten? ■Is de betreffende groepzekering heel?■Is de AAN/UIT-toets ingedrukt?■Is de programmaknop juist ingesteld? ■ De machine neemt geen waterop:■Staat de waterkraan open? ■Geeft de kraan water? Probeert u dat evenuit. ■Toevoerslang bekneld of geknikt geraakt? ■Toevoerfilter verstopt? ■Vuldeur goed gesloten? ■ De machine neemt wel water op,maar dat stroomt er door deafvoer weer uit:■Het uitstroomeind van de afvoerslang bevindtzich op een te laag punt, ten opzichte van devloer waarop de machine staat. Raadpleeghet betreffende hoofdstuk. ■ De machine pompt niet af en/ofcentrifugeert niet:■Afvoerslang bekneld of geknikt geraakt? ■Programma met spoelstop-functie gekozen?■Afvoerfilter verstopt?■Wasgoed niet goed verdeeld in de trommel?

■ Er ligt water op de vloer: ■Teveel wasmiddel gebruikt?■Wasmiddel is ongeschikt omdat het teveelschuimt? Teveel schuim veroorzaakt lekkage.■Een van de toevoerslangwartels lekt? U zietnauwelijks dat er water langs de slang loopt;voelt u dus even of de slang nat is.■Is de wasmiddellade schoon?Ga, alvorens de Servicedienst in te schakelen, eerst even na of u de storing zelf kunt verhelpen. ■ De machine dreunt of is ergluidruchtig:■Zijn alle transportbeveiligingen verwijderd?■Leunt de machine ergens tegenaan?■Staan alle stelvoeten stevig op de vloer enzijn de contramoeren goed tegen demachinebodem gedraaid?■Wasgoed niet goed verdeeld in de trommel?■De machine heeft een modernaandrijfsysteem, dat in vergelijking metoudere wasautomaten een afwijkend geluidmaakt.

45NEDERLANDS■Het elektronische stabilisatie-controlesysteem is in werking getreden. Hetwasgoed wordt, doordat de draairichting vande trommel gewijzigd wordt, losgemaakt,beter verdeeld en er wordt opnieuw metcentrifugeren begonnen. Dit kan herhaaldelijkhet geval zijn, totdat de onbalans opgehevenis en het centrifugeren definitief afgewerktkan worden. Indien het wasgoed na 10 minuten nietlosgemaakt is, wordt het niet gecentrifugeerd.In dit geval moet u zelf het wasgoed beter inde trommel verdelen en opnieuw hetcentrifugeerprogramma kiezen.■Het centrifugeren begint traag ofhelemaal niet ■ De deur kan niet geopendworden■Is de machine in bedrijf?■Is de deur nog vergrendeld?■Programma met spoelstop-functie gekozen?

■ Het wasresultaat is niet alsgewoonlijk■Misschien hebt u te weinig of te veelwasmiddel gedoseerd.Onderdosering leidt tot vergrauwing van hetwasgoed en tot kalkaanslag in het toestel.Nauwkeuriger doseren!■Hebt u bijzondere vlekken voorbehandeld?■Hebt u het juiste programma en de juistetemperatuur gekozen?■Is de machine overbeladen? ■ Na beëindiging van hetprogramma zijn op het wasgoedwitte wasmiddelresten te zien ■ Na de laatste spoelgang is nogschuim zichtbaar ■Hierbij gaat het meestal om onoplosbarebestanddelen van moderne wasmiddelen. Zezijn niet het gevolg van een onvoldoendespoeleffect.Mogelijke oplossingen: uitborstelen ofuitschudden, evt.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Zanker cf 2261 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden