Zanker CF 2175 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Zanker CF 2175 (19 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 13 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Zanker CF 2175 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/19
Waschvollautomat ZANKER CF2070
Wasvolautomaat CF2175
Machine à laver automatiqueCF2970
Gebrauchsanweisung
Gebruiksaanwijzing
Mode d’emploi

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Zanker
Categorie: Wasmachine
Model: CF 2175

Handleiding Zanker CF 2175 – volledige tekst

18UW NIEUWE WASAUTOMAATDeze machine gebruikt heel weinig energie, gaatvoorzichtig met uw wasgoed om, is gemakkelijk tebedienen en eenvoudig te onderhouden. Een draaiknop voor temperatuurkeuze staat u toede geschikte temperatuur voor elk programma te kie-zen.Een automatische verlenging van het wasprocesvan circa 10 minuten met bewegende trommel, bij deprogramma’s voor katoen op 40°C en op 60°C zorgtvoor een optimaal wasresultaat bij lage en gemiddel-de temperaturen. Het delicate wasritme van het wolwasprogrammazorgt ervoor dat uw fijnste wasgoed veilig gewassenkan worden. Een schuimcontrole resp. de verwijdering van hetschuim tijdens het spoelen zorgt voor uitstekendespoelresultaten.Tips voor zuinig wassen■De programma’s zonder voorwas zijn bedoeld voornormaal vuil wasgoed.

Ze besparen wasmiddel enwater in vergelijking met een programma met voor-was.■U wast het zuinigst met een volle trommel.■Door een geschikte voorbehandeling kunnen vlek-ken en lichte verontreinigingen verwijderd worden.■Doseer het wasmiddel altijd volgens de aanwijzin-gen van de wasmiddelenfabrikant.AFDANKEN■Maak het oude apparaat dat u, in afwachting vanhet weghalen of wegbrengen zolang terzijde zetonbruikbaar. Knip het netsnoer eraf en verwijderde deursluiting.

Informeer bij de gemeente wie hetoude apparaat ophaalt of waar u het moet bezor-gen, teneinde er zeker van te zijn dat het apparaatzorgvuldig verschrot of gerecycled wordt.■Alle gebruikte materialen zijn “milieu-vriendelijk”.Ze kunnen zonder bezwaar bij het afval wordengezet.De kunststoffen kunnen hergebruikt worden enhebben de volgende aanduidingen:>PE< voor polyethyleen>PS< voor polystyreen>PP< voor polypropyleenWij adviseren u, het karton in een container vooroud papier te deponeren.

WAARSCHUWINGEN20Het is uiterst belangrijk dat het bij het apparaatbehorende instructieboekje bewaard blijft. Zou hetapparaat door u aan iemand anders gegeven ofverkocht worden, of zou het apparaat in het huisvan waaruit u verhuist achterblijven, dan dient denieuwe gebruik(st)er over het instructieboekje ende daarin opgenomen waarschuwingen te kunnenbeschikken. Deze waarschuwingen zijn bedoeld voor uw enandermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezente hebben, alvorens u het apparaat installeerten/of in gebruik neemt. ■Indien u tijdens de aflevering een schade aan hetapparaat vastgesteld hebt, meldt u dit dan, vóór uhet apparaat installeert en/of in gebruik neemt,direct aan uw leverancier. ALGEMENE VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN■Dit apparaat is bedoeld en gemaakt voor hetgebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk omkinderen het apparaat te laten bedienen of alsspeelgoed te laten gebruiken.

■De glasdeur (voorlader) kan tijdens het gebruikzeer heet worden. Houd kinderen uit de buurt vanhet apparaat zolang het in werking is. INSTALLATIE■Alle delen die tot de transportbeveiliging behorenmoeten beslist verwijderd zijn, alvorens het appa-raat in gebruik te nemen. Ernstige schade aan hetapparaat of andere zaken kan het gevolg zijn vanhet niet of niet geheel verwijderen van de trans-portbeveiliging. ■Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de elek-trische huisinstallatie ten behoeve van de installa-tie van dit apparaat, mag uitsluitend door een daar-toe bevoegd persoon uitgevoerd worden. ■Een eventueel noodzakelijke wijziging van de wa-tertoe- en/of afvoervoorzieningen ten behoeve vande installatie van dit apparaat mag uitsluitend dooreen daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden.

■Overtuig u ervan dat het apparaat na de installatieof het verplaatsen niet op het aansluitsnoer staat. GEBRUIK■Was geen artikelen in de wasautomaat die hier nietvoor geschikt zijn. Raadpleeg het textielonder-houdsetiket. ■Overlaad het apparaat niet.

Raadpleeg de betref-fende adviezen in de gebruiksaanwijzing. ■Met vluchtige stoffen, zoals spiritus, benzine, terpenti-ne en dergelijke, gereinigde artikelen mogen niet in dewasautomaat. Indien zulke reinigingsmiddelengebruikt werden om voortijds vlekken te verwijderen,dan moet met het wassen in de wasautomaatgewacht worden tot het artikel volledig uitgedampt is. ■Was kleine artikelen, zoals babysokjes, ceintuursen dergelijke in een sloop. Zulke kleine artikelenkunnen tussen de trommel en de kuip slippen. ■Overtuig u ervan dat, vóór u een kledingstuk in dewasautomaat doet, de borst- en broekzakken leegzijn, ritssluitingen gesloten zijn en eventueel loshan-gende knopen verwijderd of eerst aangenaaid zijn. Was geen rafelig of gescheurd goed; herstel hetvoortijds. Verwijder voortijds verf-, inkt-, roest- engrasvlekken. Was bh’s met beugels niet in de was-automaat.

■Objecten zoals munten, veiligheidsspelden, naal-den, spijkers, schroeven en andere harde of scher-pe materialen behoren niet in de wasautomaat; zijkunnen aanzienlijke schade veroorzaken. ■Wees voorzichtig met wasverzachter. Een te grotedosering kan schade aan het wasgoed toebren-gen. Raadpleeg de instructies van de fabrikant vande wasverzachter. ■Kijk, vóór u de vuldeur (voorlader) opent, altijd eerstof het water weggepompt is. Indien dat niet het gevalis, laat de machine dan eerst het water afpompen. Raadpleeg in twijfelgeval de gebruiksaanwijzing. ■Kleine huisdieren hebben de gewoonte in de trom-mel van de wasautomaat (voorlader) te kruipen. Hebt u zo’n huisdier, controleer dan eerst en sluitdaarna pas de vuldeur. ■Laat de vuldeur (voorlader) op een kier staanindien het apparaat niet gebruikt wordt. Dat is betervoor de rubbermanchet en u voorkomt het ont-staan van een muffe lucht.

■Schakel na het gebruik altijd de stroomtoevoer afdoor, afhankelijk van de wijze van installatie, de ste-ker uit het stopcontact te nemen of de badkamer-trekschakelaar op de UlT-stand te schakelen.

INSTALLATIE21NEDERLANDSTransportbeveiligingHet is beslist noodzakelijk dat u de transportbeveili-gingen verwijdert voor u de machine in gebruik neemt. Wij adviseren u de verwijderde delen te bewaren; ingeval van verhuizing moeten ze wederom aange-bracht worden. U gaat als volgt te werk: Schroef met de meege-leverde sleutel de rech-ter schroef aan de ach-terkant van de machinelos. Leg de machine voor-zichtig op z’n achterkant;zodanig dat de slangenniet kunnen beschadi-gen. Verwijder het polystyrene vulblok uit de onderkant vande machine en het plakband waarmee de 2 plasticzakken aan de voorkant van het apparaat bevestigdzijn. Trek voorzichtig de rechter plastic zak (1) uit demachine, terwijl hij naar het midden van de machinegetrokken wordt. Trek nu ook de linker plastic zak (2) uit de machine. Zet de machine rechtop en verwijder de 2 overigeschroeven uit de achterwand.

Verwijder de drie plastic afstandshulzen uit de gatenwaar de schroeven in zaten. Dicht de vrijgekomen gaten af met de meegeleverdestopsels. U vindt deze stopsels op de achterkant vande machine. P0020P0256P023321P0234PlaatsenPlaats de machine op een vlakke, harde vloer. Laateen houten vloer met een 5 cm dikke hardhoutenplaatversterken, over tenminste twee draagbalken. De ver-stevigingsplaat moet aan alle kanten enkele centime-ters buiten de machine steken. Indien de machine op een bovenverdieping geplaatstwordt, neem dan zodanige maatregelen dat bij eeneventuele lekkage het water niet naar de verdieping eron-der kan lekken. Raadpleeg uw leverancier/installateur. Zorg ervoor dat de machine niet tegen de muur ofandere keukenmeubels kan leunen.

Dat doet u door middelvan het in- of uitdraaien van een of twee van de ver-stelbare voetjes. Als de machine op tapijt staat, stelde voeten dan zodanig in dat de lucht vrij kan circule-ren. Zorg ervoor dat de machine op alle vier de voet-jes stevig op de vloer staat: ook dat is zeer belangrijk. Draai, na het waterpas stellen, de contramoeren vanalle vier de voetjes stevig tegen de machinebodem. Gebruik hiervoor een schroevendraaier. WatertoevoerDraai, nadat u eerst het filter in de wartel hebt gelegd,de wartel van de toevoerslang stevig op de 3/4"schroefdraad van de kraan. De toevoerslang mag niet verlengd worden. Mocht deslang te kort zijn en wilt u de kraan niet laten verplaat-sen, koop dan een langere, complete hogedrukslangwelke speciaal voor dit doel gemaakt is. Het andere eind van de toevoerslang, aan de machi-nekant, kan naar alle richtingen verdraaid worden.

22WaterafvoerDe bocht, aan het eind van de afvoerslang, kunt u opdrie manieren plaatsen: Over de rand van eenwasbak. U moet er danvoor zorgen dat de bochtniet, door het snel uit-stromende water, van derand kan schieten. Bij-voorbeeld door de bochtmet een touwtje aan dekraan of aan een haak inde muur op te hangen.In een aftakking van de wasbakafvoer. Die aftak-king moet boven de siphon (stankafsluiter) zitten enzodanig dat de bocht van de slang zich op tenminste60 cm van de vloer bevindt.In een afvoerpijp.

Wij adviseren een standpijp van65 cm hoogte; in ieder geval niet lager dan 60 cm enniet hoger dan 90 cm.Het eind van de afvoerslang moet altijd belucht zijn,dat wil zeggen dat de binnendiameter van de pijp gro-ter moet zijn dan de buitendiameter van het slang-eind.De afvoerslang legt u vanaf de machinekant over devloer en laat u pas bij de afvoermogelijkheid omhooglopen.P0023P0022Elektrische aansluitingDe machine is voor 220-230V / 50Hz gemaakt.De machine is voorzien van een drie-aderig aansluit-snoer en steker met aardcontacten.De steker mag u uitsluitend plaatsen in een stopcon-tact met (aangesloten en functionerende) aardcontac-ten; de machine dient deugdelijk geaard te zijn.Het aansluitsnoer mag u niet verlengen.

Indien hetsnoer te kort blijkt te zijn, laat uw installateur dan ofeen langer snoer aan de machine monteren of hetstopcontact verplaatsen.Het gebruik van een verlengsnoer of kabelhaspel isniet toegestaan.In bad- of doucheruimten moet doorgaans een zoge-heten «vaste aansluiting» gemaakt worden; raadpleeguw installateur.De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade ofletsel, ontstaan door het niet voldoen aan boven-staande veiligheidsvoorschriften.Vóór het in gebruik nemenVoer een wasgang zonder wasgoed uit, opdat vetres-ten (die bij de fabricage zijn ontstaan) in de wastrom-mel en de kuip verwijderd worden. Programma: bontewas 60°C, met een halve maatbeker wasmiddel.

23NEDERLANDSTECHNISCHE GEGEVENSAfmetingen hoogte 85 cmbreedte 60 cmdiepte 57 cmNettogewicht 71 kg (CF2070-CF2175)73 kg (CF2970)Netspanning/-Frequentie 220-230 V / 50 HzAansluitwaarde (*) 3250 WZekeren met minimaal 16 AWaterleidingdrukgrenzen minimum 05 N/cm2maximum 80 N/cm2Maximum vulgewicht Katoen 5 kgSynthetica 2 kgFijne was 2 kgWol 1 kgCentrifugeertoerental maximum 900/min. (CF2970)1000/min. (CF2070)1100/min.(CF2175)Dit toestel voldoet aan de EG-richtlijn 89/336/EEG, 73/23/EEG(*) De modellen CF2070 en CF2970 kunnen omgeschakeld worden naar 10A/2200W. Wanneer u het werkblad vande machine afhaalt, vindt u het schema voor de omschakeling boven de wasmiddelhouder aan de binnenkant vande machine. Het omschakelen mag alleen gedaan worden door een vakman.

25NEDERLANDSBeschrijving van de bedieningselementen1 Wasmiddelhouder SymbolenVoorwasmiddelHoofdwasmiddelWasverzachter2 Controlelampje “lichtnet”Het controlelampje gaat branden wanneer de machinein bedrijf is. 3 AAN/UIT-toets (EIN/AUS)Door het indrukken van deze toets schakelt u de machi-ne AAN; het controlelampje (2) brandt. Met dezelfdetoets schakelt u de machine ook UIT. 4 Toets “verlagen centrifugeertoerental”850 of 650Door het voortijds indrukken van deze toets verlaagt uhet centrifugeertoerental van 1000/1100 tot 850/minresp. 900 tot 650/min in de programma’s voor katoen enlinnen en van 650 tot 550/min in het programma "kortcentrifugeren" (Schonschleudern). 5 Toets verkorte wastijd K Voor weinig vuil wasgoed kunt u, bij het programma Bvoor bontwas voor een verkorte wastijd kiezen. Udrukt dan voortijds deze toets in. Kiest u een temperatuur van 30° tot 60°C.

6 Extra spoelen toets (Extra Spülen)U kunt een automatische extra spoelgang toevoegenin de programma's voor kook- of bontwas. U drukt dan voortijds deze toets in. Een extra spoelgang kan gewenst zijn in gebiedenmet zeer zacht water of bij allergie voor bepaalde che-mische bestanddelen, zoals deze in wasmiddelenvoorkomen. P03017 Economy toets E In plaats van het programma kookwas 70°-95° en syn-thetica 40°-60° kan bij normaal verontreinigd wasgoedhet programma "Energie besparen" (E) gekozen worden. Door het indrukken van de E-toets wordt de temperatuurop 60° resp. 40° begrensd en daardoor energie be-spaard. 8 Draaiknop voor temperatuurkeuzeKnop links- of rechtsom instellen. U kunt ook met detemperatuur van het ingekomen leidingwater wassen,door de knop op «KALT» (koud) in te stellen. 9 Draaiknop voor programmakeuzeMet de programmaknop kiest u rechtsom draaiend, hetgewenste programma.

Hoeveel wasgoed in de trommel. Wilt u optimale resultaten bereiken, dan adviseren wiju, naast het kiezen van het juiste programma, ook demaximaal toegestane belading van de trommel niet teoverschrijden. Wasgoed droog wegen voor u het in de trommel doet,is erg omslachtig, dus helpen wij u op een anderemanier op weg:■Volle belading (maar niet proppen) voor katoen enlinnen. ■Halfvolle of iets meer dan half-volle belading voorsterke synthetika en mengsels. Ook zogeheten“kreukherstellende stoffen vallen onder synthetika. ■Eenderde van de trommel voor fijnwas en machi-ne-wasbare wol. In onderstaande tabel geven wij u een indruk watwasgoed, bestaande uit katoen en linnen, ongeveerweegt. Voor synthetika, mengsels en fijnwas is het onmoge-lijk om gewichten op te geven, daar deze stoffen zeerverschillend van aard zijn.

Voor machine-wasbare wol geven wij doorgaans eenmaximum van 1 kilogram op, maar feitelijk bedoelenwe dat u wol in “ruim sop” moet wassen. Tweepersoons laken 700 - 1000 gKussensloop 125 - 0200 gTafellaken 350 - 0500 gServet 70 - 0120 gTheedoek 75 - 0100 gBadhanddoek 150 - 0200 gBadlaken 700 - 1000 gOverhemd 200 - 0300 gSchort 150 - 0200 gVóór u het wasgoed in de trommel doetHerstel scheuren, gaten en halen voortijds. Naai loshangende knopen eerst aan of knip ze af. Sluit drukknopen en ritssluitingen. Was geen rafelig goed; herstel eerst de zomen. Haal de haken uit vitrage en doe de vitrage in eensloop of linnen zak. Verwijder voortijds achtergebleven kleine voorwerpenuit borst- en broekzakken. LET OPObjecten zoals flippo’s, munten, veiligheidsspel den, schroeven en andere harde materialen beho ren niet in de wasautomaat; zij kunnen aanzien lijke schade veroorzaken.

Was bh’s met beugels niet in de wasautomaat. Behandel voortijds vlekken die er in de wasautomaamoeilijk of in het geheel niet uit zullen gaan:Was- en kaarsvet. Zoveel mogelijk met een bot mesvoorzichtig afschrapen.

Tussen twee papieren zak-doekjes de overgebleven was met de warme strijkbouter uit strijken. Niet te heet bij synthetische stoffen. Inkt en ballpoint: Deppen met spiritus. De kleur vande stof kan aangetast worden door zowel de inkt alsde spiritus. Weer- en schroeivlekken. Bleken met een verdundeoplossing van bleekwater of chloorbleekmiddel. 26Adviezen en tips voor het wassen. Was niet te lang opsparenIn de eerste plaats adviseren wij u wasgoed niet al te langop te sparen, in ieder geval niet als het vochtig is want hetgaat dan schimmelen en veroorzaakt een muffe geur. Men zegt ook wel dat «het weer er in gekomen is»;weervlekken krijgt u er niet meer uit. SorterenNeemt u vooral even de tijd om de in dit boekje afge-drukte kaart voor de behandelingssymbolen aandach-tig te lezen. Een streep onder de tobbe betekent dat u het artikelniet in de krachtige katoen-programma’s mag was-sen.

Was gekleurd goed, met name donker gekleurd, eersteen keer apart. De kans is groot dat het afgeeft. Sterke kreukherstellende stoffen, zoals polyester/katoen, vallen onder «synthetika». Tere stoffen, zoals acryl en meestal ook vitrages, val-len onder «fijnwas». Het wolwasprogramma is een speciaal programmavoor «zuivere scheerwol». Bij alle andere wolsoortenen mengsels kan niet worden uitgesloten dat dezekrimpen en/of vervilten in de wasmachine. TemperaturenIn principe kiest u voor een bepaalde wasbeurt desoptemperatuur niet hoger dan het gevoeligste stukwasgoed nog kan verdragen. 95°C: voor witte- of kookecht-gekleurd katoen en lin-nen, zoals beddegoed, tafellakens, theedoeken, hand-doeken, zakdoeken en ondergoed. Gemakshalve wordt deze groep vaak “kookwas”genoemd. 60°C: voor normaal vuile kookwas, voor lichtgekleurdebontwas en voor witte- en lichtgekleurde synthetika.

Daarnaast kiest u 40°C als het wasgoed zo weinig vuilis dat het met een lage temperatuur ook nog schoonwordt. 30°C: alhoewel machine-wasbare wol als regel zon-dermeer op 40°C gewassen mag worden, zult u ophet etiket, voorzichtigheidshalve, toch vaak 30°Ctegenkomen. Ook bij teer wasgoed, de fijnwas, is datvaak het geval. Wij adviseren u zich altijd aan de etiket-temperatuur tehouden.

27NEDERLANDSRoest. Verwijderen met citroenzuur of een speciaalbehandelingsmiddel. Eerst koud spoelen en daarnawassen. Geen wasmiddel met bleekmiddel gebruiken. Kauwgom. Wegwrijven met ijsblokjes. Restant verwij-deren met nagellak-remover. Pas op met remover bijsynthetische stoffen. Verf. Geef de vlek geen kans om op te drogen. Metwitte schone katoenen doek en een oplosmiddel (ter-pentine, wasbenzine of thinner) behandelen. Lippenstift. Deppen met spiritus. Met fijnwasmiddelnawassen. Nagellak. Verwijderen met nagellak-remover. Dit isniet mogelijk bij stoffen als acetaat, triacetaat enchloorvezel. Olie en teer. Met boter insmeren en laten intrekken. Daarna met terpentine deppen. Gras. Met spiritus vochtig maken en met een zeepop-lossing deppen. Als de kleur of de stof er tegen kan,nableken met bleekwater. Chocolade, thee, wijn, koffie en vruchtensap.

Voorweken in warm water met een biologisch voor-weekmiddel. Als het nodig is en de kleur of de stof ertegen kan, nableken met bleekwater. Vuile kragen of manchetten. Aanstrijken met zeep ofeen speciaal daarvoor bedoelde spray of pasta. Dangewoon wassen. Bloed. Verse vlekken met lauw water uitspoelen. Oude vlekken voorweken met met een biologischvoorweekmiddel. Transpiratie- en deodorantvlekken. Verse vlekkenmet sodawater deppen. Oude vlekken met azijn ofspiritus deppen. Hars. Met een speciale vlekkenoplosser behandelen. Sterke stoffen, zoals katoen en linnen, met terpentine,wasbenzine of spiritus behandelen. Het gebruik van verdampende middelen, zoals terpen-tine, wasbenzine, spiritus, thinner, aceton en dergelij-ke is gevaarlijk; niet roken en geen open vuur gebrui-ken. Doe het karweitje buiten en laat het kledingstuk eerstuitdampen voor u het in de wasautomaat of de droog-automaat doet.

Een gouden regel is: gebruik altijd machine-wasmidde-len, dus nooit handwasmiddel of zeep in de machine. Een nauwelijks minder belangrijke regel is: probeergewoon uit welk wasmiddel u het beste bevalt. Houdt u aanvankelijk aan de doseringen die de fabrikantvan het wasmiddel op z'n verpakking aangeeft en letdaarbij op de waterhardheid (kunt u opvragen bij hetwaterleidingbedrijf). Het is de moeite waard om daarnauit te proberen of bij minder doseren uw wasgoed ooknog voldoende schoon wordt. In ieder geval kunt u bijeen klein wasje aanzienlijk minder doseren. Er zijn totaal-wasmiddelen voor kook- of bontwas,bleekvrije wasmiddelen voor bontwas, speciale fijnwas-middelen, machine-wolwasmiddelen en biologischevoorwas- of voorweekmiddelen. Traditionele poeder-wasmiddelenDeze wasmiddelen doet u in de vakjes voor devoorwas en voor de hoofdwas.

Vloeibare wasmiddelenGebruikt u een vloeibaar wasmiddel, dan mag u dat, mits ugeen voorwas doet, direct in het vakje voor het hoofd-wasmiddel gieten. Wel meteen daarna de machine starten. Vloeibare wasmiddelen zijn zeer geschikt voor lagewastemperaturen, dus 30°C en 40°C. Voor hogeretemperaturen, 60°C tot 95°C, adviseren wij u een poe-dervormig wasmiddel te gebruiken. Gebruik, omdat uw nieuwe machine ook (heet) kandrogen nooit een doseerbol of andere doseermid-delen welke door de hitte kunnen smelten. Geconcentreerde poeder-wasmiddelen (ULTRA’s,MICRO’s en dergelijke). Geconcentreerde wasmiddelen kunt u op dezelfdemanier als vloeibare wasmiddelen doseren. Uiteraardpast u de hoeveelheid aan, omdat u van deze was-middelen minder nodig hebt. Uw nieuwe machine is van een sopcirculatiesysteemvoorzien, waardoor het wasmiddel uitstekend en zon-der verspilling verdeeld wordt.

Bijvoorbeeld als u katoen binnenshuis droogt: hetwasgoed voelt dan minder stug aan. Of als u synthe-tisch wasgoed in de machine droogt: het wordt danniet statisch (knetteren, kleven). Houdt u aan de aanwijzingen van de fabrikant van dewasverzachter, maar de hoeveelheid wasverzachtermag nooit hoger dan het filternet in het doseervakje ofde maximum aanduiding komen. Erg dikke vloeistof voortijds met wat water verdunnen.

28WaterontharderWater is «harder» naarmate er meer calcium en mag-nesium in voorkomt. In Nederland wordt de hardheidaangegeven in «DH» (Duitse graden). Op de verpak-king van het wasmiddel vindt u, in drie globale zonesverdeeld, hoeveel wasmiddel u moet doseren. U zietdat dat meer is naarmate de hardheid hoger is.Kalk slaat uit het water neer op zowel het wasgoed alsop machinedelen. Bekend is onder andere het stugworden van wasgoed en het verkalken van het ver-warmingselement.Om dat te voorkomen doet de wasmiddelfabrikant een«kalkbindende» stof in het wasmiddel. Voorheen wasdat fosfaat.

Tegenwoordig, om redenen van milieutech-nische aard, een fosfaatvervanger.Het wasmiddel bestaat echter uit vele ingrediënten.Gaat u meer doseren, dan doet u dat feitelijk slechtsom meer kalkbindende stoffen aan het water toe tevoegen.Automatisch doseert u dan eigenlijk teveel van al dieandere actieve stoffen. U kunt dat verhelpen doorminder wasmiddel te doseren en het verschil op tevangen door een onthardingsmiddel, zoals Calgon,mee te doseren. Houdt u zich aan de aanwijzingenvan de fabrikant van het onthardingsmiddel.Bereik1234zachtmiddelmatighardzeer hard00-0708-1415-21meer dan 2100-1516-2526-37meer dan 37Eigenschap Duitseschaal FranseschaalWaterhardheid

29NEDERLANDSTextielbehandelingssymbolenTEXTIELBEHANDELINGSSYMBOLEN«Plak op uwwasmachine» «Plak op uwwasmachine»40404060609595Gewoonprogramma Anti-kreuk-programmaDe getallen in de tobben geven de hoogst toelaatbare temperaturen aan: deze niet overschrijden.Tot de gewone wasprogramma's behoren ook E-, spaar- en halve wasprogramma's.Anti-kreukprogramma's: voor artikelen die synthetische vezels bevatten en/of kreukherstellend zijn gemaakt; machinebeladen met de helft van het maximale gewicht. Handwas lauw of koud.Wolwas in de machine: uitsluitend Superwash en alleen met door het internationaal Wol Secretariaat (IWS) goedgekeurdeprogramma's. Belading: 1/3tot 1/4van het maximale gewicht.Artikelen met P of F in de cirkel kunnen meestal niet worden ontvlekt met tetra of tri.De letters zijn vooral bestemd voor de chemisch reiniger. Zij geven het te gebruiken oplosmiddel aan.

Reiniging met F is nauwelijks mogelijk.De streep onder de cirkel betekent: lichte belading, hoge vlotverhouding, weinig mechanische beweging, korte reinigings, -spoel- encentrifugeertijden; en vooral: geen water toevoegen.Koud bleken met bleekwater of geconcentreerd chloorbleekmiddel in verdunde oplossing mogelijk Niet mogelijkNiet strijkenLauw strijkenWarm strijkenHittegevoelige textielHeet strijkenGewone reinigingNormale textielSpeciale reiniging Niet chemisch reinigenNiet drogen in droogtrommelDe punten verwijzen naar de punten op de regelknop van het strijkijzer.Gewoonprogramma Anti-kreuk-programma Gewoonprogramma Anti-kreuk-programma Wolwas-programma Alleen snellehandwas Niet wassen,ook niet wekenWASSENBLEKENSTRIJKENCHEMISCHREINIGEN=STOMEN=DRY CLEANINGTROMMEL-DROGENAPFPFMeer informatie in het boekje «Textiel ABC», te verkrijgen door overmaking van f 15,36 op gironummer 666402 van VTWS, Delft.

30Adviesprogramma’s voor katoen en linnenMax. belading 5 kgVoor elk programma wordt de meest geschikte temperatuur aangegeven. De temperatuurkeuze is afhankelijk vanhet soort wasgoed en de vuilgraad hiervan. De verbruikswaarden (energie en tijd) hebben betrekking op de hoogste soptemperatuur welke voor het betreffen-de programma voorzien is en zijn bij een leidingwatertemperatuur van 15°C gemeten.Progr. Temp.

31NEDERLANDSAdviesprogramma’s voor synthetica, fijnwas en wolMax. belading 2 kg, wol 1 kgHet laatste spoelwater wordt niet automatisch afgepompt, teneinde kreukvorming te voorkomen indien het was-goed niet na het beëindigen van het programma uit de machine zou worden genomen. Om het water af te pompenkiest u het programma "Abpumpen" (Afpompen) of "Schonschleudern" (kort centrifugeren).Voor elk programma wordt de meest geschikte temperatuur aangegeven. De temperatuurkeuze is afhankelijk vanhet soort wasgoed en de vuilgraad hiervan.

Doede stukken wasgoed éénvoor één in de trommel.Haal opgevouwen was-goed eerst uit elkaar.Sluit de vuldeur; drukhem goed in het slot.2 Doe wasmiddel in het vakjeTrek de wasmiddelhou-der uit het bedieningspa-neel tot hij stuit.Meet de gewenste hoe-veelheid wasmiddel ineen maatbekertje af engiet het in het vakje voorhet hoofdwasmiddel .Gaat u ook voorwassen,doe dan een biologischvoorwasmiddel in hetvakje .3 Doe, eventueel, wasverzachter in hetvakje Giet, indien gewenst,was-verzachter in hetdaarvoor bestemdevakje .Overschrijd het nivoMAX niet.4 Kies, indien gewenst, extra functies.P0005P0006P00045 Stel de temperatuur inDraai de draaiknop voorde temperatuurregelingop de gewenste tempe-ratuur.6 Kies het gewenste programma en startde machineDraai de programmaknop op het gewenste program-ma.Druk op de AAN/UIT-toets: het lichtnet- en deurcon-trolelampje branden en de machine werkt het gekozenprogramma automatisch af.7 De machine is klaarDe machine stopt automatisch.Heeft u de machine een programma voor synthetica,fijnwas of wol laten doen, dan moet het laatste spoel-water afgepompt worden.Nadat het lampje voor de deurvergrendeling uitge-gaan is, kunt u de vuldeur openen.Schakel de machine UIT door de AAN/UIT-toets in tedrukken.

Het lichtnet-controlelampje gaat uit.Draai de kraan dicht en neem de steker uit het stop-contact of trek de badkamertrekschakelaar op UIT.Open de vuldeur en neem het wasgoed uit de trom-mel.Controleert u of de trommel helemaal leeg is, anderszou wasgoed bij de volgende wasbeurt kunnenbeschadigen (bijv. doorlopen) of op ander wasgoedkunnen afgeven.Laat de vuldeur enige tijd op een kier staan, zodat demachine uit kan dampen.T0005EINAUSKOCHWÄSCHEBUNTWÄSCHEEXTRA-VORWÄSCHEABPUMPENSCHON-SCHLEUDERNADCBSPÜLENSTÄRKENWEICHSPÜLENNORMAL-SCHLEUDERNPFLEGELEICHTM0007M0008KALT304050°C95Volgorde van handelingen

33NEDERLANDSONDERHOUDDe buitenkantDe buitenkant van de machine kunt u, naar behoefte,reinigen met een vochtige doek en een neutraal huis-houdschoonmaakmiddel. Moderne schoonmaakmid-delen drogen doorgaans streeploos op. Nalappen met schoon water en daarna droogzemen. Belangrijk: Gebruik nooit spiritus, terpentine en der-gelijke oplosmiddelen. De wasmiddelhouderWasmiddelen en wasverzachter koeken na verloopvan tijd aan. Maak de wasmiddelhouder af en toe schoon onder destromende kraan. U kunt daartoe de houder geheel uitde machine nemen door op de pal, links achterin, in tedrukken. De bovenkant van het vakje voor de wasverzachterkunt u, ten behoeve van het schoonmaken, verwijde-ren. Ook in de behuizing vande wasmiddelhouder kanzich op den duur wasmid-del verzamelen. Maak debinnenkant met een oudetandenborstel schoon.

Plaats de houder terug inz'n behuizing en laat demachine, zonder was-goed, een spoelgang doen. Voorzorgsmaatregelen bij vorstIndien de wasautomaat wordt blootgesteld aan tempe-raturen onder 0°C moeten enkele voorzorgsmaatrege-len worden getroffen. - Draai de waterkraan dicht en schroef de toevoer-slang los. - Stel een willekeurig wasprogramma in en zet demachine enkele seconden lang aan. - Leg het uiteinde van de afvoerslang in een kom enlaat de machine enkele seconden lang afpompen. - Controleer, wanneer u de wasautomaat opnieuwwil gebruiken, of de omgevingstemperatuur hogerdan 0°C is. P0038P0009P0010Het toevoerfilter Wanneer u merkt dat demachine langer over hetwateropnemen gaatdoen, verdient het aan-beveling om het toevoer-filter te controleren opverstopping. Daartoe draait u eerst dekraan dicht en vervol-gens draait u de slang-wartel van de kraan af.

Trekt u met een platbektang het filter uit z'n behuizing. Met een borsteltje reinigen en weer terugplaatsen. Draai de wartel weer stevig op de kraan. P0041Het afvoerfilterHet afvoerfilter is bedoeld voor het opvangen vangrove pluis en rafels.

Raakt het filter verstopt, dan zalonherroepelijk programmastoring optreden. Controleer regelmatig of het filter schoon is. Open het klepje. Plaats een schaaltje onder het filter en schroef hetfilter linksom los. Trek het filter uit het filterhuis. Reinig het filter onder destromende kraan. P0040P0861P0860P0861.

34EENVOUDIGE STORINGENHet wasresultaat is niet als gewoonlijk■Misschien hebt u te weinig of te veel wasmiddelgedoseerd. Onderdosering leidt tot vergrauwing van het was-goed en tot kalkaanslag in het toestel. Nauwkeuriger doseren. ■Hebt u bijzondere vlekken voorbehandeld. ■Hebt u het juiste programma en de juiste tempera-tuur gekozen. ■Is de machine overladen. De deur kan niet geopend worden■Is de machine in bedrijf. ■Is de deur nog vergrendeld. Kunt u de storing niet zelf opsporen of verhelpen,raadpleegt u dan de servicedienst. Noteer, voor u gaat telefoneren, even merk, model-nummer en aankoopdatum van uw machine; de servi-cedienst zal u er om vragen. De machine start niet■Kijk of u de vuldeur goed gesloten hebt. ■Kijk of de betreffende groepzekering heel is. ■Kijk of u de programmaknop juist ingesteld en deAAN/UIT-toets ingedrukt hebt.

De machine neemt geen water op:■Staat de waterkraan open. ■Geeft de kraan water. Probeert u dat even uit. ■Toevoerslang bekneld of geknikt geraakt. ■Toevoerfiltertje verstopt. ■Vuldeur goed gesloten. De machine neemt wel water op, maar datstroomt er door de afvoer weer uit:■Het uitstroomeind van de afvoerslang bevindt zichop een te laag punt, ten opzichte van de vloerwaarop de machine staat. Raadpleeg het betref-fende hoofdstuk. De machine pompt niet af en/of centrifu-geert niet:■Afvoerslang bekneld of geknikt geraakt. ■Programma met spoelstop gekozen. ■Wasgoed niet goed verdeeld in de trommel. Het centrifugeren begint vertraagd ■Het stabilisatie-controlesysteem is in werkinggetreden. Het wasgoed wordt, doordat de draairichting van detrommel gewijzigd wordt, losgemaakt, beter verdeelden er wordt opnieuw met centrifugeren begonnen.

Ditkan herhaaldelijk het geval zijn, totdat de onbalansopgeheven is en het centrifugeren definitief afgewerktkan worden. Het losmaken duurt ongeveer 10 minuten. Als nadeze tijd het wasgoed niet losgemaakt is, centrifu-geert de machine niet.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Zanker CF 2175 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden