Yamaha RX-V367 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Yamaha RX-V367 (57 pagina’s), behorend tot de categorie Receiver. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 33 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Yamaha RX-V367 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Yamaha |
| Categorie: | Receiver |
| Model: | RX-V367 |
| Kleur van het product: | Titanium |
| Gewicht: | 7500 g |
| Bluetooth: | Nee |
| Aantal HDMI-poorten: | 5 |
| Stroomverbruik (in standby): | 0.5 W |
| HDMI: | Ja |
| Uitgangsvermogen: | 5 x 120 W/ch |
| Audio-uitgangskanalen: | 5.1 kanalen |
| Signaal/ruis-verhouding: | 98 dB |
| Afmetingen (B x D x H): | 435 x 315 x 151 mm |
| Inclusief RDS tuner: | Ja |
| Totale harmonische vervorming (THD): | 0.06 procent |
| Digitale audio optische in: | 2 |
| Digitale audio-ingang (coax): | 2 |
| Stroomverbruik (typisch): | 250 W |
Handleiding Yamaha RX-V367 – volledige tekst
25■Externe toestelverbinding en weergave–Kabels en ingang/uitgangaansluitingen voor dit toestel. 12–TV-aansluiting. 13–TV-audioweergave via deze ontvanger. 14–Aansluitingen voor BD/DVD-spelers (recorders) en andere toestellen. 15–Audiosignaalweergave naar de TV aangesloten via de HDMI-aansluiting. 41–Correctie van de ruimte tussen audio- en videosignalen. 40–Externe audio- en videorecorderaansluitingen. 19–HDMI/AV-video-ingang combineert andere audiosignalen. 35–Externe apparaataansluitingen op het voorpaneel (voor videocamera’s, draagbare muziekspelers, etc. ). 19–Beschermkap voor aansluitingen op het voorpaneel. 4–De signaalbronnamen wijzigen. 42–De instellingen configureren die specifiek zijn voor elke signaalbron. 34–Weergave vanaf externe toestellen. 25■FM/AM Tuner–FM/AM uitzending beluisteren. 30–Eenvoudig automatisch afstemmen. 31–Radio Data Systeem afstembewerking.
44–Compressed music weergave. 26■Informatieweergave op het voorpaneel–Wisselen van informatieweergave op het voorpaneel. 7–Helderheidsafstellingweergave op het voorpaneel. 43–Informatieweergave van digitaal video/audiosignaal. 35■Afstelfuncties voor volume/geluidskwaliteit–Makkelijk luisteren op lage volumes. 40–Maximum volumeinstellingen. 41–Opstart volumeinstellingen. 41–Het volume afstellen tussen signaalbronnen. 34■Werking van de afstandsbediening–Namen en functies van de afstandsbediening. 8–Inzetten van batterijen in de afstandsbediening. 4–Meervoudige Yamaha-ontvangerwerking zonder signaalinterferentie. 46■Overige kenmerken–Stand-bystand na langdurige buiten-werking. 43–Stand-bystand na bepaalde hoeveelheid tijd. 8–Diverse instellingen voor dit toestel initialiseren. 46–Instellingswijzigingen verbieden. 43Functies en mogelijkheden.
Nl 4INLEIDINGFuncties en mogelijkhedenOver deze handleidingMeegeleverde accessoiresControleer of u alle volgende onderdelen inderdaad ontvangen hebt. •Afstandsbediening•Batterijen (AAA, R03, UM-4) x 2•YPAO microfoon•AM ringantenne• FM binnenantenne•VIDEO AUX ingangklepje•Deze handleiding is gedrukt voor uw toestel geproduceerd werd. Ontwerp en specificaties zijn onderhevig aan wijzigingen gedeeltelijk als resultaat van verbeteringen etc. In het geval van verschillen tussen de handleiding en het product, heeft het product prioriteit. •“cHDMI1” (voorbeeld) geeft de naam van de onderdelen van de afstandsbediening aan. Raadpleeg “Onderdeelnamen en functies” (☞b. 5) voor informatie over de locatie van de verschillende onderdelen. •J1 geeft aan dat de referentie in de voetnoot staat. Raadpleeg de bijbehorende nummers onderaan de pagina.
•☞ geeft de pagina aan waar de betreffende informatie staat beschreven. •Klik op de “ ” onderaan deze pagina om de bijbehorende pagina weer te geven in “Onderdeelnamen en functies”. Voorpaneel Achterpaneel Display voorpaneel Afstandsbediening■Het VIDEO AUX ingangklepje bevestigen (meegeleverd)Plaats het meegeleverde VIDEO AUX ingangsklepje over de VIDEO AUX-aansluitingen als u de aansluitingen niet gebruikt. Voor verwijderen van het klepje duwt u het linkergedeelte ervan. Het klepje bevestigenPUSHHet klepje verwijderen■Inzetten van batterijen in de afstandsbedieningBij het plaatsen van batterijen in de afstandsbediening, dient u het klepje van het batterijcompartiment te verwijderen van de andere kant van de afstandsbediening en twee AAA-batterijen in het batterijcompartiment te plaatsen zodat de polariteitsmarkeringen (+ en -) kloppen.
Vervang de batterijen voor nieuwe als de volgende symptomen opvallen: •De afstandsbediening kan alleen worden bediend binnen een klein bereik. •bTRANSMIT gaat niet aan of slechts gedimd.
OPMERKINGAls er afstandsbedieningcodes voor externe componenten zijn geregistreerd bij de afstandsbediening, kunnen deze mogelijk worden gewist als de batterijen langer dan 2 minuten worden verwijderd, of indien lege batterijen in de afstandsbediening worden gelaten. Als dit gebeurt dient u de batterijen voor nieuwe te vervangen en de afstandsbedieningscodes opnieuw in te stellen. acbKlepje van het batterijcompartimentBatterijcompartiment.
Nl 5INLEIDINGVoorpaneelaA (Vermogen)Schakelt dit toestel tussen aan en stand-bystand. bYPAO MIC-aansluitingSluit de meegeleverde YPAO microfoon aan en past automoatisch de luidsprekerbalans aan (☞b. 21). cINFOWijzigt de weergegeven informatie op het voorpaneel van de display (☞b. 7). dMEMORYRegistreert FM/AM zenders als voorkeuzezenders (☞b. 31). J1ePRESET j / iSelecteert een FM/AM voorkeuzezender (☞b. 32). J1fFMStelt de FM/AM tuner band in op FM (☞b. 30). J1gAMStelt de FM/AM tuner band in op AM (☞b. 30). J1hTUNING jj / iiWijzigt FM/AM zenderfrequenties (☞b. 30). J1iDisplay voorpaneelGeeft informatie weer op dit toestel (☞b. 7). jPHONES-aansluitingVoor het aansluiten van een hoofdtelefoon. Geluidseffecten die tijdens weergave worden toegepast kunnen ook door de hoofdtelefoon worden afgespeeld. kINPUT l / hSelecteert een signaalbron van waaruit u kunt weergeven.
Druk herhaaldelijk op de linker- of rechtertoets om in volgorde door de signaalbronnen te rouleren. lSCENESchakelt de signaalbron en het geluidsveldprogramma met één enkele knop (☞b. 26). Druk op deze toets als het toestel in stand-bystand staat, om het toestel aan te zetten. mTONE CONTROLPast de lage tonen/hoge tonen weergave van de luidsprekers/hoofdtelefoon aan (☞b. 25). nPROGRAM l / hSchakelt tussen het geluidsveldeffect (geluidsveldprogramma) dat u gebruikt en de surround sound decoder (☞b. 26). Druk herhaaldelijk op de linker- of rechtertoets om in volgorde door de signaalbronnen te rouleren. oSTRAIGHTWijzigt een geluidsveldprogramma naar een rechte decoderstand (☞b. 27). pVIDEO AUX-aansluitingenVoor het tijdelijk aansluiten van videocamera’s, gameconsoles en draagbare muziekspelers op dit toestel.
Nl 6INLEIDINGOnderdeelnamen en functiesAchterpaneelaHDMI OUT-aansluitingVoor het aansluiten van een HDMI-compatibele TV voor de weergave van een audio / videosignalen naar (☞b. 13). bHDMI1-4 aansluitingenVoor het aansluiten van externe componenten die zijn uitgerust met HDMI-compatibele uitgangen voor het ontvangen van audio / videosignalen van (☞b. 15). cANTENNA-aansluitingenVoor het aansluiten van AM en FM antennes (☞b. 20). dCOMPONENT VIDEO-aansluitingenVoor het aansluiten van TV’s die compatibel zijn met component videosignalen met gebruik van drie kabels voor de weergave van videosignalen (☞b. 13). eAV1-5-aansluitingenVoor het aansluiten van externe toestellen die zijn uitgerust met audio/videouitgangen zodat dit toestel audio/videosignaal kan ontvangen (☞b. 16, b. 17).
fAV OUT-aansluitingenVoor het weergeven van audio / videosignalen die worden ontvangen als analoge signalen (AV3-5 of AUDIO1-2) worden geselecteerd (☞b. 19). gAUDIO1-2-aansluitingenVoor het aansluiten op externe componenten die zijn uitgerust met analoge audio uitgangen voor het ontvangen van geluid in dit toestel (☞b. 18). hMONITOR OUT-aansluitingVoor het aansluiten van een TV die videosignalen kan ontvangen en een videosignalen kan weergeven op (☞b. 14). iAUDIO OUT-aansluitingenVoor het weergeven van audiosignalen die worden ontvangen als analoge signalen zoals AV5 of AUDIO1-2 aansluitingen worden geselecteerd (☞b. 19). jSUBWOOFER-aansluitingVoor het aansluiten van een subwoofer op een ingebouwde versterker (☞b. 11). kSPEAKER-aansluitingenVoor het aansluiten van de voor, midden en surround luidsprekers (☞b. 11). lStroomsnoerVoor het aansluiten van dit toestel op een stopcontact.
ANTENNAFMGNDAMCOMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL( TV )AV 1AV 2AV 3AV 4AV 5AUDIO 1 AUDIO 2COAXIAL(CD)COAXIAL OPTICALVIDEOCENTERSURROUNDHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2 HDMI 3HDMI 4FRONTCOMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAVOUTSUBWOOFERAUDIOOUTSPEAKERSCOMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAVOUTSUBWOOFERANTENNAFMGNDCOMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL(TV)AV 1AV 2AV 3AV 4AV 5AUDIO 1AUDIO 2COAXIAL(CD)COAXIALOPTICALVIDEOSURROUHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4bef jgi kcd halHet onderscheiden van de ingang- en uitgangaansluitingenHet gebied rond de audio / videouitgangaansluitigen is in het wit gemarkeerd om verbindingsfouten te voorkomen. Gebruik deze aansluitingen voor de weergave van audio / videosignaal naar een TV of ander externe component. Uitgangaansluitingen.
Nl 7INLEIDINGOnderdeelnamen en functiesDisplay voorpaneelaHDMI IndicatorLicht op tijdens normale HDMI communicatie als een van de HDMI 1-4 ingangen is geselecteerd.bCINEMA DSP indicatorLicht op als een geluidsveldeffect dat CINEMA DSP technologie gebruikt, is geselecteerd.cTuner IndicatorLicht op bij het ontvangen van een FM/AM uitzending.dSLEEP indicatorLicht op wanneer de slaaptimer is ingeschakeld (☞b.
8).eMUTE indicatorKnippert als de audio is gedempt.fVOLUME indicatorGeeft het huidige volumeniveau aan.gCursor indicatorsLicht op als de bijbehorende cursors op de afstandsbediening beschikbaar zijn voor handelingen.hMulti-informatie displayGeeft een reeks informatie weer over menu-items en instellingen.iLuidsprekerindicatorsGeeft de luidsprekeraansluitingen aan waarvandaan de signalen worden weergegeven.SWCLRSL SRVoor-luidspreker LSurround-luidspreker LSubwooferVoor-luidspreker RSurround-luidspreker RMidden-luidspreker■Het wijzigen van het display van het voorpaneelHet display van het voorpaneel kan een geluidsveldprogramma’s en surround decodernamen weergeven evenals de actieve signaalbron. Druk herhaaldelijk op eINFO om te circuleren langs signaalbron → geluidsveldprogramma → surround decoder in volgorde.
Nl 8INLEIDINGOnderdeelnamen en functiesAfstandsbediening aAfstandsbediening signaalzenderZendt infraroodsignalen. bTRANSMITLicht op als een signaal wordt verzonden vanaf de afstandsbediening. cIngangselectorSelecteert een signaalbron op dit toestel van waaruit u kunt weergeven. dTunertoetsenBedient de FM/AM tuner. Deze toetsen worden gebruikt bij het gebruik van de tuneringang. eINFORouleert de informatie die wordt weergegeven op het display van het voorpaneel (de naam van de huidig geselecteerde signaalbron, het geluidveldprogramma, de surround decoder, de FM/AM tuner frequentie etc. ) (☞b. 7). fGeluidkeuzetoetsenSchakel tussen het geluidsveldeffect (geluidsveldprogramma) dat u gebruikt en de surround decoder (☞b. 26). gSCENESchakelt de signaalbron en het geluidsveldprogramma met één enkele knop (☞b. 26).
Druk op deze toets als het toestel in stand-bystand staat, om het toestel aan te zetten. hSETUPGeeft een gedetailleerd Setup menu weer voor dit toestel (☞b. 36). iCursor B / C / D / E, ENTER, RETURNjRECEIVER A (RECEIVER Vermogen)Schakelt dit toestel tussen aan en stand-bystand. kSLEEPStelt dit toestel zo in dat het automatisch in stand-bystand gaat nadat een aangegeven tijdsperiode is verstreken (slaaptimer). Druk herhaaldelijk op deze toets om de tijd voor de slaaptimerfunctie in te stellen. De displayindicator van het voorpaneel licht op als de slaaptimer is geactiveerd. lOPTIONGeeft het Option menu weer voor elke signaalbron (☞b. 34). mVOLUME +/-Past het volumeniveau aan (☞b. 25). nMUTEZet de dempingsfunctie van het geluidssignaal aan en uit (☞b. 25). RECEIVERSCENEOPTIONSETUPRETURNVOLUMEENHANCER SUR.
AM Stelt de FM/AM tuner band in op AM. MEMORY Stelt radiozenders vooraf in. PRESET F / GSelecteert een voorkeuzezender. TUNING H / IWijzigt afstemfrequenties. Cursor B / C / D / ESelecteer menu-itemsen wijzig instellingen als instellingsmenu’s etc. worden weergegeven. ENTER Bevestigt een geselecteerd item. RETURN Keert terug naar het vorige scherm als instellingmenu’s worden weergegeven, of eindigt het menuscherm. Sleep 120min. Sleep 90min. Sleep 60min. Sleep 30min. Sleep Off.
Nl 9VERBINDINGENDit toestel gebruikt akoestische veldeffecten en geluiddecoders om u het gevoel van een echt filmtheater of concerthal te geven. Deze effecten worden bereikt met de ideale luidsprekerplaatsing en aansluitingen in uw luisteromgeving.Luidsprekerkanalen en functies■Linker en rechter voor-luidsprekersDe voor-luidsprekers worden gebruikt voor weergave van het voorkanaalgeluid (stereogeluid) plus effectgeluid.Voor-luidspreker opstelling:Plaats deze luidsprekers op gelijke afstand van de ideale luisterplek voorin de kamer. Bij het gebruik van een projectorscherm zijn de juiste bovenposities van de luidsprekers ongeveer 1/4 vanaf de onderkant van het scherm.■Midden-luidsprekerDe midden-luidspreker is voor weergave van het middenkanaal (dialoog, vocalen etc.).Midden-luidspreker opstelling:Plaats deze halverwege de linker en rechterluidsprekers.
Bij gebruik van een TV, plaatst u de luidspreker juist boven of onder het midden van de TV met de voorkant van de TV en de luidspreker op één lijn.Bij gebruik van een scherm plaatst het onder het midden van het scherm.■Linker en rechter surround-luidsprekersDe surround luidsprekers zijn voor effecten en vocale geluiden met de 5.1-kanaals luidsprekers die zorgen voor geluiden op de achtergrond.Surround-luidspreker opstelling:Plaats de luidsprekers in de achterkant van de kamer aan de linker- en rechterkant tegenover de luisterpositie. Ze moeten worden geplaatst tusen 60 graden en 80 graden met de luisterpositie en met de bovenkant van de luidsprekers op een hoogte van 1,5 – 1,8 m vanaf de vloer.■SubwooferDe subwoofer luidspreker wordt gebruikt voor lage tonen en lage frequentie effect (LFE) geluid opgenomen in Dolby Digital en DTS.
Gebruik een subwoofer die is uitgerust met een interne versterker.Subwoofer-luidspreker opstelling:Plaats het aan de buitenkant van de linker en rechter voor-luidsprekers iets naar binnen gericht om echovorming van de wand te verminderen. Aansluiten van luidsprekersVb.Vb.Vb.Vb.
Nl 10VERBINDINGENAansluiten van luidsprekersLuidsprekerinstelling5.1-kanaal luidsprekeropstelling (5 luidsprekers + subwoofer)Aansluiten van luidsprekersSluit uw luidsprekers aan op hun betreffende aansluitingen op het achterpaneel.•Sluit ten minste twee luidsprekers aan (voor L en R).•Als je niet alle vijf luidsprekers kunt aansluiten geeft prioriteit aan de surround luidsprekers.•De surround luidsprekers dienen te worden geplaatst tussen de 60 graden en 80 graden vanaf de luisterpositie.■CRT monitorsWe raden u aan om magnetisch afgeschermde luidsprekers te gebruikt om videovervorming te gebruiken, vooral voor de voor- en midden-luidsprekers in de buurt van het scherm.Als uw scherm nog steeds storing krijgt van magnetisch afgeschermde luidsprekers, schuif de luidsprekers dan iets verder weg van uw televisie.60q60q80q80qVoor-luidspreker RVoor-luidspreker LMidden-luidsprekerSurround-luidspreker LSurround-luidspreker RSubwooferLET OP•Haal het netstroomsnoer van dit toestel uit het stopcontact voordat u de luidsprekers aansluit.•Gewoonlijk bestaan luidsprekerkabels uit twee parallel geïsoleerde kabels.
Een van deze kabels verschilt van kleur of heeft een lijn erlangs om de verschillende polariteit aan te geven. Plaats de anders gekleurde (of gelijnde) kabel in de “+” (positief, rood) aansluiting op dit toestel en de luidsprekers en de andere kabel in de “-” (min, zwart) aansluiting.•Wees voorzichtig dat de kern van de luidsprekerkabel niet anders aanraakt of in contact komt met de metalen punten van dit toestel. Hierdoor kunnen het toestel of de luidsprekers beschadigd raken. Als er kortsluiting optreedt door de luidsprekerkabels, verschijnt “CHECK SP WIRES!” op het voorpaneel van de display als dit toestel wordt aangezet.ANTENNAFMGNDAMAUDIO 2CENTERSURROUNDHDMI 4FRONTOR OUTSUBWOOFERAUDI OOUTSPEAKERSSurround-luidsprekerVoor-luidsprekerSubwoofer Midden-luidsprekerRLRL
Nl 11VERBINDINGENAansluiten van luidsprekers■Aansluiten van voor-luidsprekers1Verwijder ongeveer 10 mm van de isolatie van het uiteinde van elk van de luidsprekerkabels en draai vervolgens de blootliggende draadjes netjes in elkaar zodat deze geen kortsluiting veroorzaken.2Maak de luidsprekeraansluitingen los.3Plaats het blootliggende draad van de luidsprekerkabel in het gat aan de kant van de aansluiting.4Maak de aansluiting vast.■Midden luidsprekers / surround luidsprekers aansluiten1Druk het lipje op de luidsprekeraansluiting omlaag.2Plaats het luidsprekerkabeleinde in de aansluiting.3Til het lipje op om de luidsprekerkabel op zijn plek vast te zetten.■Aansluiten van de subwoofer1Sluit de ingangaansluiting van de subwoofer aan op de SUBWOOFER-aansluiting op het toestel met een audiopenkabel.2Stel het volume van de subwoofer in als volgt.
Volume: Stel in op ongeveer half volume (of iets minder dan de helft).Kruislingse freqentie (indien beschikbaar): instellen op maximum.Aansluiten met bananenstekker (Uitgezonderd modellen voor het V.K., Europa, Azië en Korea)Draai het knopje aan en voer vervolgens de bananenstekker in in het uiteinde van de klem.FRONTKERS223144FRONTKERSBananenstekkerCENTERSURROUNDSPEAKE223311VOLUMEMIN MAXCROSSOVER/HIGH CUTMIN MAXSubwoofer voorbeelden
Nl 12VERBINDINGENKabelstekkers en aansluitingenHet hoofdtoestel is uitgerust met de volgende ingang/uitgangaansluitingen. Gebruik aansluitingen en kabels die geschikt zijn voor de componenten die u aansluit.■Audio/video-aansluitingenHDMI aansluitingenDigitale video en digitaal geluid worden overgezonden door een enkele aansluiting.Gebruik alleen een HDMI kabel.■Analoge video-aansluitingen■Audio-aansluitingenExterne apparaten aansluiten•Gebruik een 19-pen HDMI-kabel met het HDMI-logo.•We raden aan om een kabel te gebruiken van minder dan 5,0 meter lang om verslechtering van de signaalkwaliteit te voorkomen.COMPONENT VIDEO-aansluitingenHet signaal is gescheiden in drie delen:luminantie (Y), chrominantie blauw (PB), en chrominantie rood (PR).Gebruik component videopenkabels met drie stekkers.VIDEO-aansluitingDeze aansluiting zendt conventionele analoge videosignalen door.
Gebruik video-penkabels.HDMI-kabelComponent videopenkabel VideopenkabelOPTICAL-aansluitingenDeze aansluitingen zenden optische digitale audiosignalen door.Gebruik vezel-optische kabels voor optische digitale audiosignalen.COAXIAL-aansluitingenDeze aansluitingen zenden coaxiale digitale audiosignalen door.Gebruik penkabels voor digitale audiosignalen.AUDIO-aansluitingenDeze aansluitingen zenden conventionele analoge audiosignalen door. Gebruik stereopenkabels waarmee u de rode stekker verbindt met de rode R-aansluiting, en de witte stekker met de witte L-aansluiting.PORTABLE-aansluitingDeze aansluiting zendt conventionele analoge audiosignalen door. Gebruik een stereo ministekkerkabel bij het aansluiten.Digitale audio vezeloptische kabel Digitale audiopenkabelStereo audiopenkabel Stereo ministekkerkabel?
Nl 13VERBINDINGENExterne apparaten aansluitenEen televisiescherm aansluitenDit toestel is uitgerust met de volgende drie typen uitgangaansluitingen voor aansluiting op een TV. HDMI OUT, COMPONENT VIDEO of VIDEO. Selecteer de juiste aansluiting volgens het ingangsignaalformaat dat door uw televisie wordt ondersteund.Dit toestel ontvangt HDMI, component, of videosignalen in hetzelfde formaat als wordt doorgezonden door de uitgangtoestellen.
Deze drie uitgangtoestellen moeten bijvoorbeeld zijn aangesloten op het scherm met overeenkomende ingang/uitgangaansluitingen en kabels en dan moet u de ingangstand van de televisie op de juiste instelling zetten.■Het aansluiten van een HDMI-videomonitorSluit de HDMI-kabel naar de HDMI OUT-aansluiting aan.■Een componentvideomonitor aansluitenSluit de componentvideokabel aan op de COMPONENT VIDEO (MONITOR OUT)-aansluitingen.COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTCOMPONENTVIDEOPRPBYVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4HDMI OUT-aansluitingCOMPONENT VIDEO-aansluitingen(MONITOR OUT)VIDEO-aansluiting (MONITOR OUT)COMPONENTVIDEOHDMIVIDEOCOMPONENTVIDEOHDMIVIDEOIngang Uitgang TVHDMI ingangComponent video-ingangVideo-ingang•Gebruik een 19-pen HDMI-kabel met het HDMI-logo.•We raden aan om een kabel te gebruiken van minder dan 5,0 meter lang om verslechtering van de signaalkwaliteit te voorkomen.HDMIOUTCOMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL(TV )AV 1AV 2AV 3AV 4AV 5AUDI O 1AUDI O 2COAXIAL(CD)COAXIALOPTICALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYMONITOR OUTAVOUTAUDIOOUTHDMIHDMIHDMIHDMI ingangTVCOMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYCOMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL( TV)AV 1AV 2AV 3AV 4AV 5AUDI O 1AUDI O 2COAXIAL(CD)COAXIALOPTICALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4HDMIOUTMONITOR OUTAVOUTAUDIOOUTCOMPONENTVIDEOYPRPBYPRPBComponent video-ingangTV
Nl 14VERBINDINGENExterne apparaten aansluiten■Een videomonitor aansluitenSluit de videopenkabel aan op de VIDEO (MONITOR OUT)-aansluiting.■Naar TV audio luisterenOm geluid van de televisie over te zetten naar dit toestel, dient u de AV1-5 of AUDIO1-2-aansluitingen van het toestel aan te sluiten op de AUDIO OUT-aansluitingen van de televisie.Als de televisie optische digitale audio-uitgang ondersteunt, raden we aan om de TV audio-uitgang aan te sluiten op de AV4-aansluiting van de ontvanger. Door op AV4 aan te sluiten kunt u de signaalbron met een druk op de knop op AV4 zetten met de SCENE functie (☞b.
Nl 15VERBINDINGENExterne apparaten aansluitenBD/DVD-spelers en andere toestellen aansluitenDit toestel heeft de volgende ingangsaansluitingen. Sluit deze aan op de juiste uitgangsaansluitingen op de externe componenten. ■BD/DVD-spelers en andere toestellen aansluiten met HDMISluit het toestel aan met een HDMI-kabel naar een van de HDMI1-4-aansluitingen. Selecteer de HDMI ingang (HDMI1-4) waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave. OPTIONHDMI1234ENTERRECEIVERSCENESETUPRETURNVOLUMEENHANCERSUR.
Als een extern toestel geen audiosignalen kan weergeven vanaf een HDMI-aansluiting, gebruik dan de volgende methode om de audio-ingang te wijzigen. 1Gebruik de cIngangselector om de gewenste HDMI signaalbron te selecteren. 2Druk op lOPTION om het Option menu weer te geven. J13Druk op iCursor C tot “Audio In” wordt weergegeven en daarna op iENTER. 4Druk op iCursor D / E om de audio signaalbron te selecteren. 5Als u klaar bent met instellen, druk dan op lOPTION om het Option menu af te sluiten.
Nl 16VERBINDINGENExterne apparaten aansluiten■BD/DVD-spelers en andere toestellen aansluiten met componentkabelsSluit het toestel aan met een componentvideokabel op een van de AV1-2 ingangaansluitingen.Optische digitale audio uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de AV1 ingang waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.Coaxiale digitale audio uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de AV2 ingang waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.COMPONENTVIDEOPRPBYOPTICALAV 1(TV )AV 2AV 3AV 4AV 5AUDI O 1AUDI O 2COAXIAL(CD)COAXIALOPTICALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAVOUTAUDI OOUTCOMPONENTVIDEOYPRPBYPRPBOOPTICALOComponent Video /Audio (Optisch) uitgangBD/DVD-spelerAV 2COAXIALCOMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL( TV)AV 1AV 3AV 4AV 5AUDI O 1AUDI O 2(CD)COAXIALOPTICALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAVOUTAUDI OOUTCOMPONENTVIDEOCOAXIALYPRCPBYPRPBCComponent Video /Audio (Coaxiaal) uitgangBD/DVD-speler■Componentaansluitingen naar analoge audio uitgangstoestellenU kunt de video-ingang van de AV1-2-aansluitingen gebruiken in combinatie met de audio-ingang van de andere AV ingangen of AUDIO1-2.
Selecteer, bij het aansluiten van deze toestellen, de AV3-5 of deAUDIO1-2-aansluitingen als de audio-ingang voor AV1 of AV2. Zie “Audio ontvangen van andere signaalbronnen” (☞b. 15) voor gedetailleerde informatie over het instellen.Selecteer de AV signaalbron (AV1-2) die is verbonden met de componentvideokabel naar het externe toestel voor weergave.COMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL( TV )AV 1AV 2AV 3AV 4AUDIO 1AUDIO 2COAXIAL(CD)COAXIALOPTICALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAVOUTAUDIOOUTAUDIOCOMPONENTVIDEORLRLYPRPBYPRPBComponent Video /Audio uitgangGame consoleSWCLSL SRRAudio;;;AUDIO1AV1 VOL.
Nl 17VERBINDINGENExterne apparaten aansluiten■BD/DVD-spelers en andere toestellen aansluiten met videokabelsSluit het externe toestel aan met een videopenkabel op een van de AV3-5 ingangaansluitingen.Optische digitale audio uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de AV4 ingang waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.Coaxiale digitale audio uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de AV3 ingang waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.Analoge stereo audio uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de AV5 ingang waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.
Nl 18VERBINDINGENExterne apparaten aansluiten■CD-spelers en andere audiotoestellen aansluitenAnaloge stereo uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de audio-ingang (AUDIO1-2) waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.Optische digitale uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de AV ingang (AV1 of AV4) waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.Coaxiale digitale uitgangsbronnen gebruikenSelecteer de AV ingang (AV2 of AV3) waar het externe toestel op is aangesloten voor weergave.AUDI O 1 AUDI O 2COMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL( TV)AV 1AV 2AV 3AV 4AV 5COAXIAL(CD)COAXIALOPTICALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAVOUTAUDI OOUTAUDIORLRLAudio uitgangCD-spelerOPTICAL TV OPTICALCOMPONENTVIDEOPRPBYAV 2AV 3AV 5AUDI O 1AUDI O 2COAXIAL(CD)COAXIALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAVOUTAUDI OOUTOOOPTICALCD-spelerAudio (Optisch) uitgangWe raden aan om audiotoestellen met een coaxiale digitale uitgang aan te sluiten op de AV3 coaxiale digitale aansluiting van dit toestel.
Nl 19VERBINDINGENExterne apparaten aansluitenVideocamera’s en draagbare audiospelers aansluitenGebruik de VIDEO AUX-aansluitingen op het voorpaneel als u tijdeljk een videocamera’s, videoconsoles of draagbare audiotoestellen wilt aansluiten op de ontvanger. Selecteer de V-AUX ingang om deze aangesloten toestellen te gebruiken.Uitzenden van ingang A/V naar externe toestellenDeze ontvanger kan geselecteerde binnenkomende analoge audio/videosignalen overzenden naar externe toestellen via de AV OUT en AUDIO OUT-aansluitingen.
U kunt deze ingangaudio- en videosignalen opnemen op videorecorders of vergelijkbare toestellen, of stuur deze samen naar andere TV’s of externe toestellen.De AV OUT-aansluitingen gebruikenSluit deze aansluitingen aan op de videoingangsaansluiting en de analoge audio ingangsaansluitingen van het externe apparaat.De AUDIO OUT-aansluitingen gebruikenSluit deze aansluiting aan op de analoge audio ingangsaansluitingen van het externe apparaat.•Zorg dat u het volume zachter zet als u dit apparaat aansluit op andere toestellen.•Als externe componenten zijn aangesloten op zowel de PORTABLE-aansluiting als de AUDIO-aansluitingen, wordt het geluid dat wordt ontvangen van de PORTABLE-aansluiting uitgezonden.VIDEOAU XSTRA I G H TRADIOVIDEOAUDIOPORTABLELRVRLLRVAUDIOVIDEOAUDIO OUTAudio uitgangDraagbare audiospeler Videocamera’sAudio uitgangVideo uitgangHDMI audio/videosignalen, component videosignalen, en digitale audiosignalen kunnen vanaf deze aansluitingen niet worden weergegeven.AVOUTAUDI OOUTCOMPONENTVIDEOPRPBYOPTICAL(TV)AV 1AV 2AV 3AV 4AV 5AUDI O 1AUDI O 2COAXIAL(CD)COAXIALOPTICALVIDEOHDMI 1(BD/DVD)HDMI 2HDMI 3HDMI 4COMPONENTVIDEOMONITOR OUTPRPBYHDMIOUTMONITOR OUTAUDIOVIDEORLVAUDIORLRLVRLAudiorecorderAudio ingangVCRVideo / Audio-ingang
Nl 20VERBINDINGENEen binnen FM antenne en een AM ringantenne worden bij deze ontvanger geleverd. Sluit deze antennes op de juiste wijze aan op hun betreffende aansluitingen.De FM/AM antennes aansluiten■De FM-ontvangst verbeterenWe raden u aan om een buitenantenne te gebruiken. Neem contact op met de dichtsbijzijnde dealer voor meer informatie.■De AM-ontvangst verbeterenSluit het toestel aan op een buitenantenne met een 5-10 vinyl bedekte bedrading. Zorg ervoor dat de AM ringantenne nog steeds is aangesloten. De GND-aansluiting verbinden kan ruis verminderen. Sluit de aansluiting aan op een in de winkel gekochte geaarde balk of koperen plaat met een vinyl bedekte bedrading en begraaf deze nieuwe bevestiging in vochtige grond.
De GND-aansluiting mag niet worden aangesloten op de geaarde contactdoos van een elektrisch stopcontact.FMGNDAMCENTERSURROUNDHDMI 3HDMI 4FRONTMONITOR OUTSPEAKERS FM binnenantenne AM ringantennePlaats de AM ringantenne weg van deze ontvanger. De draden van de AM ringantenne hebben geen polariteit. U kunt beide draden aansluiten op de AM-aansluiting of de GND -aansluiting.Aansluiten van de AM ringantenneLoslatenInbrengenDrukken en vasthouden
Nl 21VERBINDINGENDit toestel is uitgerust met een YPAO (Yamaha Parametric Room Acoustic Optimizer) die de status, grootte, en het volumebalans van de luidsprekers afstelt om te zorgen voor een optimaal geluidsveld. Met de YPAO kunt u automatisch de instellingen configureren waar gewoonlijk specialistische kennis voor nodig is, zoals het aanpassen van de luidsprekerweergave en de akoestische parameters aan de luisterruimte (de ruimte waarin het toestel is geplaatst). J11Controleer het volgende voordat u YPAO gebruikt. Dit toestel•De hoofdtelefoon is verwijderd. Subwoofer•De stroom staat aan. •Het volume is ingesteld op ongeveer de helft, en de cross-over frequentie (indien aanwezig) staat op het maximum. 2Plaats de meegeleverde YPAO-microfoon op oorhoogte in uw luisterpositie. Richt de bovenkant van de YPAO microfoon omhoog. 3Zet dit toestel aan.
4Sluit de YPAO microfoon aan op de YPAO MIC-aansluiting op het voorpaneel. “MIC ON. YPAO START” verschijnt op het display van het voorpaneel en wijzigt de weergav dan als volgt. J2Pas automatisch de luidsprekerparameters aan (YPAO)Als u de YPAO gebruikt, wordt een testtoon uitgezonden vanaf de luidsprekers voor ongeveer drie minuten en wordt er een akoestische meting uitgevoerd. Wees voorzichtig voor het volgende bij het gebruik van YPAO. •De testtoon wordt uitgezonden op hoog volume. Gebruik deze functie ’s nachts niet als het een storend kan zijn voor anderen in de buurt. •Zorg ervoor dat de testtoon kleine kinderen niet bang maakt. VOLUMEMIN MAXCROSSOVER/HIGH CUTMIN MAXSubwoofer voorbeeldenBij het plaatsen van de microfoon raden we aan dat u apparatuur gebruikt waarmee u de hoogte van een microfoonstandaard (zoals een statief) kunt afstellen.
Nl 22VERBINDINGENPas automatisch de luidsprekerparameters aan (YPAO)5Druk op hSETUP om de meting te starten.De volgende weergave verschijnt als het meten afsluit zonder problemen.6Druk op iENTER om het resultaat van de meting toe te passen.7Verwijder de YPAO microfoon.YPAO eindigt automatisch als de YPAO microfoon is verwijderd.SETUPENTERRECEIVERSCENEOPTIONRETURNVOLUMEENHANCERSUR. DECODESTRAIGHTHDMIAVAUDIOTRANSMITSLEEP12341234125V-AUXTUNERFMINFOMEMORYAMPRESETTUNINGMOVIEMUSICSTEREOBDDVDTVCDRADIOMUTEihhSETUPiCursor C / D / EiENTERDit voltooit de voorbereidingen. Om nauwkeurigere resultaten te bereiken, dient te letten op het volgende bij het meten.•Meten duurt ongeveer drie minuten.
Houd de ruimte zo stil mogelijk tijdens het meten.•Wacht in de hoek van de luisterruimte tijdens het meten of verlaat dee geheel om te voorkomen dat u een obstructie wordt tussen de luidsprekers en de YPAO-microfoon.OPMERKINGAls er zich een probleem voordoet verschijnt een foutbericht of rapport tijdens of na de meting. Gebruik de volgende pagina als referentie om het probleem op te lossen en voer de YPAO opnieuw uit.VOL.SWCLSL SRRProgress00%YPAOWeergave tijdens metingVOL.SWCLSL SRRYPAOCompleteYPAOU kunt de volgende methode gebruiken om de meetresultaten te annuleren als u de meting opnieuw wilt uitvoeren. Druk op iCursor C om over te schakelen naar de volgend weergave, druk dan op iCursor D / E om “Cancel” en vervolgens op iENTER. Gebruik na deze uitvoering dezelfde procedure om de YPAO opnieuw uit te voeren.De YPAO microfoon is gevoelig voor hitte.
Nl 23VERBINDINGENPas automatisch de luidsprekerparameters aan (YPAO)■Wanneer een foutmelding verschijnt tijdens metingControleer de inhoud van het bericht uit de lijst met berichten (☞b. 24) om het probleem op te lossen en voer het metingsproces opnieuw uit. Controleer de foutcode die in het display verschijnt en voer de YPAO opnieuw uit door de volgende stappen uit te voeren. Als “E-1” of “E-2” wordt weergegeven:1Druk één keer op iENTER en vervolgens op iCursor E om “Exit” te selecteren. 2Druk op iENTER om YPAO af te sluiten, en zet het toestel in stand-bystand. 3Controleer of de luidsprekers correct zijn aangesloten. 4Zet het toestel aan en speel de YPAO weer af. Als “E-5” of “E-9” wordt weergegeven:1Controleer of de omgeving geschikt is voor nauwkeurige meting. 2Druk op iENTER om het display te wijzigen.
3Controleer of “Retry” is geselecteerd en druk vervolgens op iENTER om YPAO opnieuw uit te voeren. Als “E-10” wordt weergegeven:1Druk één keer op iENTER en vervolgens op iCursor E om “Exit” te selecteren. 2Druk op iENTER om YPAO af te sluiten. 3Schakel dit toestel in de stand-bystand. 4Zet het toestel weer aan en voer de YPAO weer uit. ■Wanneer een waarschuwingsmelding verschijnt na metingControleer de inhoud van het bericht uit de lijst met berichten (☞b. 24) om het probleem op te lossen. U kunt de luidspreker met het probleem bevestigen als de indicator van de luidspreker brandt. Als er meerdere waarschuwingsberichten verschijnen:Gebruik iCursor D / E om andere waarschuwingsberichten weer te geven. De meetresultaten toepassen:Druk op iENTER om de weergave te wisselen, vervolgens op iCursor D / E om “Set” te selecteren en druk dan op iENTER.
DECODESTRAIGHTHDMIAVAUDIOTRANSMITSLEEP12341234125V-AUXTUNERFMINFOMEMORYAMPRESETTUNINGMOVIEMUSICSTEREOBDDVDTVCDRADIOMUTEiiCursor D / EiENTERE-9:CANCELYPAOVOL. Foutmelding (voorbeeld)OPMERKINGHoewel u de resultaten van de meting kunt toepassen als een waarschuwingsbericht verschijnt, levert dit niet het optimale geluid. We raden u aan om het probleem op te lossen en YPAO opnieuw uit te voeren. SL SRW-3:LEVELYPAOVOL. Waarschuwingsmelding(voorbeeld)De luidspreker met een probleem.
Nl 24VERBINDINGENPas automatisch de luidsprekerparameters aan (YPAO)■Berichtenlijst■Wanneer een waarschuwingsmelding verschijnt voor de meting■Foutmelding■WaarschuwingsberichtOPMERKINGAls de volgende berichten verschijnen, los dan de problemen op die zijn opgetreden en voer het metingsproces opnieuw uit. Connect MIC. De YPAO-microfoon is niet aangesloten. Sluit de YPAO microfoon aan op de YPAO MIC-aansluiting op het voorpaneel. Unplug HP. De hoofdtelefoon is aangesloten. Maak de hoofdtelefoon los. Memory Guard. De instellingen van dit toestel zijn beschermd. Zet “Memory Guard” in het Setup menu op “Off”. E-1:FRONT SP Het toestel kon het voorkanaal niet vinden. Controleer of de linker en rechter voor luidsprekers goed zijn aangesloten. E-2:SUR. SP Het toestel was alleen in staat om een van de kant van de surround kanalen te vinden.
Controleer of de linker en rechter voor surround luidsprekers goed zijn aangesloten. E-5:NOISY Het lawaai is te luid wat een nauwkeurige meting weerhoudt. Meet opnieuw in stille omstandigheden. Zet alle geluidsproducerende apparaten in de ruimte uit of plaats ze verder weg van de YPAO microfoon. As dit bericht wordt weergegeven, zorgt “Proceed” ervoor dat u verder kunt gaan met meten. We raden u echter aan het probleem op te lossen en opnieuw te meten, omdat een doorgaande meting zonder dit te doen geen nauwkeurige resultaten geeft. E-7:NO MIC De YPAO-microfoon is verwijderd. Zorg dat u tijdens het meten de YPAO microfoon niet aanraakt. E-8:NO SIGNAL De YPAO microfoon kon geen testgeluid onderscheiden. Controleer of de YPAO-microfoon op de juiste wijze is geïnstalleerd. Controleer of elke luidspreker op de juiste wijze is aangesloten en geïnstalleerd.
De YPAO microfoon of de YPAO MIC-aansluiting kan gebroken zijn. Vraag bij de winkelier waar u dit toestel heeft gekocht of het dichtstbijzijnde Yamaha service-centrum. E-9:CANCEL U heeft een handeling verricht die het meetproces heeft geannuleerd.
Voer het metingsproces opnieuw uit. Bedien dit toestel niet door bijvoorbeeld het volume aan te passen. E-10:INTERNAL Er is een interne fout opgetreden. Voer het metingsproces opnieuw uit. Neem contact op met een Yamaha service-centrum als “E-10” opnieuw verschijnt. W-1:PHASE De weergegeven luidsprekers zijn verbonden met de tegenovergestelde polariteit. Afhankelijk van het type luidsprekers dat u gebruikt en de omgeving waarin u ze heeft geïnstalleerd, kan dit bericht verschijnen zelfs als u de luidsprekers juist heeft aangesloten. Afhankelijk van het type luidsprekers, kan “W-1” worden weergegeven zelfs als de luidsprekers juist zijn aangesloten. Controleer of de luidsprekerpolariteit + (plus), en - (minus) juist zijn. Als deze juist zijn aangesloten kunt u de luidsprekers normaal gebruiken zelfs als dit bericht verschijnt.
W-2:OVER 24m (80ft)De weergegeven luidsprekers zijn meer dan 24 meter gescheiden van de luisterpositie en kunnen niet juist worden afgesteld. Installeer de luidsprekers binnen 24 meter van het luisterpunt. W-3:LEVEL Het verschil tussen elk kanaal is te luid of te laag en kan niet goed worden afgesteld. Controleer of alle luidsprekers in dezelfde omgeving zijn geïnstalleerd. Controleer of de luidsprekerpolariteit + (plus), en - (minus) juist zijn. We raden dezelfde of andere luidsprekers aan met zoveel mogelijk dezelfde specificaties. Stel het volume van de subwoofer in. Als “W-2” of “W-3” verschijnt, kunt u meetresultaten toepassen maar deze geven geen optimale resultaten. We raden u aan om het probleem op te lossen en het meetproces opnieuw uit te voeren.
Nl 25WEERGAVE1Zet de externe componenten (TV, DVD-speler, etc. ) die zijn aangesloten op dit toestel, aan. 2Zet het toestel aan en selecteer de signaalbron met cIngangselector. De naam van de geselecteerde ingangsbron verschijnt een paar seconden. J13Geef het externe component dat u hebt geselecteerd als signaalbron, of selecteer een radiozender op de tuner. Raadpleeg de handleidingen van het betreffende component voor gegevens over weergave. Voor meer informatie over het afstemmen in de FM/AM zenders, raadpleegt u “FM/AM afstemmen” (☞b. 30). 4Druk op mVOLUME +/- om het volume te wijzigen. Om de weergave te dempen. Druk op nMUTE om de audioweergave te dempen. Druk opnieuw op nMUTE om het dempen ongedaan te maken.
Het afstemmen van hoge/lage tonenweergave (toonregeling)U kunt niet de balans van het hoge tonen bereik (Treble) en het lage tonenbereik (Bass) afstemmen van geluidsweergaven die worden weergegeven vanaf de linker en rechter voor-luidsprekers om de gewenste toon te krijgen. 1Druk herhaaldelijk op TONE CONTROL op het voorpaneel voor een selectie van “Treble” of “Bass”. De huidige instelling wordt ook weergegeven ook op het display op het voorpaneel. 2Druk op PROGRAM l / h om het uitgangsniveau van die frequentiebereiken aan te passen. De display geeft snel het vorige display weer vlak nadat u de toets loslaat. Basis weergaveprocedureVOLUMEHDMIAVAUDIO12341234125V-AUXTUNERMUTERECEIVERSCENEOPTIONSETUPRETURNENHANCERSUR.
Nl 26WEERGAVEDit toestel heeft een SCENE functie waarmee u het toestel aan kunt zetten en de signaalbronnen en de geluidsveldprogramma’s kan veranderen met één toets. Er zijn vier scènes beschikbaar voor verschillende gebruiken, zoals het afspelen van films of muziek. De volgende signaalbronnen en geluidveldprogramma’s worden als oorspronkelijke fabrieksinstellingen geleverd. Signaalbronnen/geluidveldprogramma’s registreren1Gebruik cIngangselector om de signaalbron te selecteren die u wilt registreren. 2Gebruik fGeluidkeuzetoetsen om het geluidsveldprogramma te selecteren dat u wilt registreren. 3Druk op de toets gSCENE tot “SET Complete” op het display van het voorpaneel verschijnt. Dit toestel is uitgerust met een Yamaha digitale geluidsveldverwerking (DSP) chip.
U kunt genieten van multi-kanaalsgeluiden voor bijna elke geluidsbron met gebruik van diverse geluidveldprogramma’s die zijn opgeslagen op een chip en een diversiteit aan geluidsecoders. Geluidsveldprogramma’s en geluidsdecoders selecterenDit toestel biedt geluidveldinstellingen (geluidveldprogramma’s) in veel verschillende categorieën die geschikt zijn voor films, muziek en ander gebruik. Kies een geluidsveldprogramma dat het beste klinkt bij de bron die u weergeeft, in plaats van te vertrouwen op de naam of uitleg van het programma. Selecteren van geluidsveldprogramma: MOVIE categorie: Druk herhaaldelijk op fMOVIEMUSIC categorie: Druk herhaaldelijk op fMUSICSelecteert stereoreproductie: Druk herhaaldelijk op fSTEREOSelecteert compressed music enhancer: Druk herhaaldelijk op fSTEREOSelecteert surround decoder: Druk herhaaldelijk op fSUR. DECODEWisselt rechte decodeerstand (☞b.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Yamaha RX-V367 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Receiver Yamaha
Handleiding Receiver
Nieuwste handleidingen voor Receiver