Vaillant ecoTEC plus 466 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Vaillant ecoTEC plus 466 (64 pagina’s), behorend tot de categorie Verwarmingsketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Vaillant ecoTEC plus 466 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Vaillant |
| Categorie: | Verwarmingsketel |
| Model: | ecoTEC plus 466 |
Handleiding Vaillant ecoTEC plus 466 – volledige tekst
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_032ToesteleigenschappenDe Vaillant ecoTEC-toestellen zijn compacte HR-gas-wandketels. De VCW-toestellen zijn bovendien uitgerust met een geïntegreerde warmwaterbereiding. Aanbevolen toebehorenVaillant biedt voor het regelen van de ecoTEC verschil-lende systeemcomponenten die kunnen worden aange-sloten op de schakellijst of ingestoken op het bedie-ningspaneel. - auroMATIC 560- auroMATIC 620/2- calorMATIC 230 - calorMATIC 240- calorMATIC 240f- calorMATIC 330 - calorMATIC 340f- calorMATIC 360- calorMATIC 360f - calorMATIC 392 - calorMATIC 392f- calorMATIC 400 - calorMATIC 430 - calorMATIC 430f - calorMATIC 630/2- VR 61 mengmodule- VR 68 zonnemodule- VR 81 afstandsbediening- VR 90/2 afstandsbediening - vrnetDIALOG 830- vrnetDIALOG 840/2- VRT 15- VRT 30- VRT 40- VRT 50Uw installateur adviseert u bij de keuze van de geschik-te systeemcomponenten.
2 Boilerfunctie uitschakelen (alleen VC-toestellen met externe warmwaterboiler). 154. 6. 3 Warm water tappen. 154. 7 Instellingen voor de CV-functie. 154. 7. 1 Aanvoertemperatuur instellen (geen thermostaat aangesloten). 154. 7. 2 Aanvoertemperatuur instellen (bij gebruik van een thermostaat). 164. 7. 3 CV-functie uitschakelen (zomermodus). 164. 7. 4 Kamerthermostaat of weersafhankelijke thermostaat instellen. 164. 8 Statusaanduidingen (voor onderhouds- en servicewerkzaamheden door de installateur). 164. 9 Verhelpen van storingen. 174. 9. 1 Storingen wegens watergebrek. 174. 9. 2 Storingen bij het ontsteken. 174. 9. 3 Storingen in het verbrandingslucht-/rookgastraject. 184. 9. 4 Toestel/CV-installatie vullen. 184. 10 Buitenbedrijfstelling. 194. 11 Vorstbeveiliging. 194. 11. 1 Vorstbeveiligingsfunctie. 194. 11. 2 Vorstbeveiliging door leegmaken. 194. 12 Onderhoud en Serviceteam. 20.
3Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_031 Aanwijzingen bij de documentatieDe volgende aanwijzingen zijn een wegwijzer door de volledige documentatie. In combinatie met deze gebruiksaanwijzing zijn nog an-dere documenten van toepassing. Voor schade die ontstaat door het niet naleven van deze gebruiksaanwijzingen, kan Vaillant niet aanspra-kelijk gesteld worden. Aanvullend geldende documentenVoor de gebruiker:Korte gebruiksaanwijzing nr. 0020040000Garantiekaart nr. 804558Voor de installateur:Installatie- en onderhoudshandleiding nr. 0020010964 of nr. 0020029156 of nr. 0020029157Eventueel zijn ook de andere gebruiksaanwijzingen van alle gebruikte toebehoren en regeltoestellen van toe-passing. 1. 1 Documenten bewarenU dient deze gebruiksaanwijzing en alle andere van toe-passing zijnde documenten zodanig te bewaren dat ze direct ter beschikking staan.
Overhandig de documenten bij verhuizing of verkoop aan de volgende eigenaar. 1. 2 Gebruikte symbolenNeem bij de bediening van het toestel de veiligheidsaan-wijzingen in deze gebruiksaanwijzing in acht. d Gevaar. Onmiddellijk gevaar voor lijf en leven. e Gevaar. Levensgevaar door elektrische schok. H Gevaar. Gevaar voor verbranding of brandwonden. a Attentie. Mogelijk gevaarlijke situatie voor product en/of milieu. h Aanwijzing. Nuttige informatie en aanwijzingen. • Symbool voor een vereiste handeling1. 3 Geldigheid van de gebruiksaanwijzingDeze gebruiksaanwijzing geldt uitsluitend voor toestel-len met de volgende artikelnummers:– 0010002509– 0010002510– 0010002511– 0010002512– 0010002513– 0010002514– 0010003811– 0010003812– 0010004348- 0010004146- 0010004147Het artikelnummer van uw toestel kunt u vinden op het typeplaatje. 1.
4 CE-markeringMet de CE-markering wordt aangegeven dat de toestel-len volgens het typeplaatje voldoen aan de fundamente-le vereisten van de geldende richtlijnen. 1. 5 TypeplaatjeHet typeplaatje van de Vaillant ecoTEC is in de fabriek aan de onderkant van het toestel aangebracht.
2 VeiligheidWat te doen in geval van noodd Gevaar. Gaslucht. Vergiftigings- en explosiegevaar door defecten. Gedrag bij gaslucht in gebouwen• Zet ramen en deuren helemaal open, zorg voor venti-latie, mijd vertrekken met gaslucht. • Vermijd open vuur, rook niet, gebruik geen aansteker. • Gebruik geen elektrische schakelaars, geen stekkers, geen deurbellen, geen telefoons en andere communi-catiesystemen in huis. • Sluit gasteller-afsluitvoorziening of hoofdkraan. • Sluit de gaskraan (1, afb. 2. 1, 2. 2) op het toestel. • Waarschuw andere huisbewoners, gebruik hierbij niet de deurbel. • Verlaat het gebouw. • Licht de storingsdienst van het energiebedrijf in vanaf een telefoonaansluiting buiten het huis. • Verlaat bij hoorbaar uitstromen onmiddellijk het ge-bouw, versper derden de toegang tot het gebouw, waarschuw politie en brandweer van buiten het ge-bouw.
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_0341Afb. 2. 1 Gaskraan sluiten (behalve VC 466 en VC 656)1Afb. 2. 2 Gaskraan sluiten (bij VC 466 en VC 656)VeiligheidsaanwijzingenNeem altijd goed nota van de volgende veiligheidsaan-wijzingen en voorschriften. d Gevaar. Ontploffingsgevaar door ontvlambare gas-lucht-mengsels. Zorg ervoor dat explosieve of licht ontvlambare stoffen (b. v. benzine, verf, enz. ) niet in de plaatsingsruimte van het toestel worden ge-bruikt of opgeslagen. Gevaar. Vergiftigings- en explosiegevaar door defecten. Stel geen beveiligingen buiten werking. Er mogen ook geen handelingen op deze inrichtin-gen uitgevoerd worden waardoor de goede wer-king ervan in gevaar kan komen.
U dient daarom geen veranderingen uit te voeren:– aan het toestel– in de omgeving van het toestel– aan de toevoerleidingen voor gas, verbrandingslucht, water en stroom– en aan de afvoerleidingen voor rookgasHet verbod op veranderingen geldt ook voor bouwcon-structies in de omgeving van het toestel, voor zover deze van invloed kunnen zijn op de gebruiksveiligheid van het toestel. Voorbeelden hiervoor zijn:– Een kastachtige mantel van het toestel moet voldoen aan de betreffende uitvoeringsvoorschriften. Vraag uw installateur om informatie, als u een dergelijke mantel wenst. Voor veranderingen aan het toestel of in de omgeving ervan moet u in ieder geval contact opnemen met een erkend installateur, aangezien deze hiertoe bevoegd is. a Attentie. Gevaar voor beschadiging door ondeskundige veranderingen.
Gebruik geen sprays, oplosmiddelen, chloorhou-dende reinigingsmiddelen, verf, lijm enz. in de omgeving van het toestel. Deze stoffen kunnen onder ongunstige omstandigheden tot corrosie – ook in het rookgasafvoersysteem – leiden. Plaatsing en instellingHet toestel mag alleen door een erkend installateur wor-den geïnstalleerd. Deze is ook verantwoordelijk voor een correcte installatie en inbedrijfstelling alsmede voor het naleven van de bestaande voorschriften, regels en richt-lijnen. Ook is hij bevoegd om inspectie-/onderhoudswerkzaam-heden en reparaties aan het toestel uit te voeren en het ingestelde gasvolume te wijzigen. 2 Veiligheid.
5Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_03a Attentie. Het toestel mag uitsluitend met een naar beho-ren gesloten toestelmantel permanent worden gebruikt. Anders kan - onder ongunstige ge-bruiksomstandigheden - materiële schade of zelfs gevaar voor lijf en leven ontstaan. Waterdruk van de CV-installatieControleer regelmatig de waterdruk van de CV-installa-tie (zie hoofdstuk 4. 3. 2). NoodstroomaggregaatUw installateur heeft de gaswandketel bij installatie aan-gesloten op het elektriciteitsnet. Als u het toestel bij elektriciteitsuitval met een nood-stroomaggregaat in gebruik wilt houden, moet deze voor wat betreft de technische waarden (frequentie, spanning, aarding) met die van het elektriciteitsnet overeenkomen en ten minste geschikt zijn voor het op-genomen vermogen van uw toestel. Laat u hierover ad-viseren door een erkend installateur. Lekkages (behalve VC 466 en 656)1Afb. 2.
3 Koudwaterstopkraan van de inlaatcombinatie sluiten (behalve VC 466 en 656)Sluit bij lekkages in de warmwaterleidingen tussen toe-stel en tappunten meteen de koudwaterstopkraan van de inlaatcombinatie ( ). Laat de lekkage door een erkend 1installateur verhelpen. h Aanwijzing. Bij ecoTEC-toestellen is de koudwaterstopkraan niet bij de levering van het toestel inbegrepen. Vraag uw installateur, waar hij deze stopkraan heeft gemonteerd. VorstbeveiligingVerzeker u ervan dat, als u tijdens een vorstperiode af-wezig bent, de CV-installatie in werking blijft en de ka-mers voldoende op temperatuur worden gehouden. a Attentie. Gevaar voor beschadiging. Bij uitval van de stroomvoorziening of bij een te lage instelling van de kamertemperatuur in af-zonderlijke vertrekken kan niet worden uitge-sloten dat gedeelten van de CV-installatie door vorst beschadigd worden.
1 Fabrieksgarantie De producten van de NV Vaillant zijn gewaarborgd tegen alle materiaal- en constructiefouten voor een pe-riode van twee jaar vanaf de datum vermeld op de aan-koopfactuur die heel nauwkeurig dient bij te houden. De waarborg geldt alleen onder de volgende voorwaar-den : 1. Het toestel moet door een erkend gekwalificeerd vak-man geplaatst worden, onder zijn volledige verant-woordelijkheid, en deze dient er op te letten dat de normen en installatievoorschriften nageleefd worden. 2. Het is enkel aan de technici van de Vaillant-fabriek toegelaten om herstellingen of wijzigingen aan het toestel onder garantie uit te voeren, opdat de waar-borg van toepassing zou blijven. De originele onderde-len moeten in het Vaillant-toestel gemonteerd zijn, zo niet wordt de waarborg geannuleerd. 3.
Teneinde de waarborg te laten gelden, moet u ons de garantiekaart volledig ingevuld, ondertekend en ge-frankeerd terugzenden binnen de veertien dagen na de installatie. De waarborg wordt niet toegekend indien de slechte werking van het toestel het gevolg is van een slechte re-geling, door het gebruik van een niet overeenkomstige energie, een verkeerde of gebrekkige installatie, de niet-naleving van de gebruiksaanwijzing die bij het toestel gevoegd is, door het niet opvolgen van de normen be-treffende de installatievoorschriften, het type van lokaal of verluchting, verwaarlozing, overbelasting, bevriezing, elke normale slijtage of elke handeling van overmacht. In dit geval zullen onze prestaties en de geleverde on-derdelen aangerekend worden.
Bij facturatie, opgesteld volgens de algemene voorwaarden van de na-verkoop-dienst, wordt deze steeds opgemaakt op de naam van de persoon die de oproep heeft verricht en/of de naam van de persoon bij wie het werk is uitgevoerd, behou-dens voorafgaand schriftelijk akkoord van een derde persoon (bv. huurder, eigenaar, syndic, enz. ) die deze factuur uitdrukkelijk ten zijne laste neemt.
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_036briekstechnicus die het werk heeft uitgevoerd. Het her-stellen of vervangen van onderdelen tijdens de garantie-periode heeft geen verlenging van de waarborg tot ge-volg. De toekenning van garantie sluit elke betaling van schadevergoeding uit en dit tot voor om het even welke reden ze ook gevraagd wordt. Voor elk verschil, zijn enkel de Tribunalen van het district waar de hoofdzetel van de vennootschap gevestigd is, bevoegd. Om alle functies van het Vaillant toestel op termijn vast te stellen en om de toegelaten toestand niet te verande-ren, mogen bij onderhoud en herstellingen enkel nog originele Vaillant onderdelen gebruikt worden. 3. 2 Gebruik volgens de voorschriftenDe Vaillant gaswandketel ecoTEC is gebouwd volgens de huidige stand van de techniek en de erkende veiligheids-technische regels.
Toch kan er bij ondeskundig of onei-genlijk gebruik gevaar ontstaan voor lijf en leven van de gebruiker of derden resp. schade aan het toestel en an-dere voorwerpen. Dit toestel is er niet voor bestemd te worden gebruikt door personen (waaronder kinderen) met beperkte fy-sieke, sensorische of geestelijke vermogens of zonder ervaring en/of zonder kennis, tenzij deze onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of van deze instructies kregen hoe het toestel moet worden gebruikt. Kinderen moeten onder toezicht staan, om ervoor te zorgen dat zij niet met het toestel spelen. De toestellen zijn ontworpen als warmteopwekker voor gesloten warmwater-CV-installaties en voor de centrale warmwaterbereiding. Een ander of daarvan afwijkend gebruik geldt als niet volgens de voorschriften.
Tot het gebruik volgens de voorschriften horen ook het in acht nemen van de gebruiksaanwijzing, de installatie-handleiding en alle andere geldende documenten, als-mede het naleven van de inspectie- en onderhoudsvoor-schriften. a Attentie. Elk oneigenlijk gebruik is verboden. 3. 3 Eisen aan de standplaatsDe Vaillant gaswandketel ecoTEC moet zodanig aan de wand hangend worden geïnstalleerd, dat de afvoer van het condenswater en de verbrandingsluchttoevoer/rook-gasafvoer mogelijk zijn. Ze kunnen b. v. worden geïnstalleerd in kelderruimtes, bergruimtes of ruimtes bestemd voor meerdere doelein-den. Vraag uw installateur welke geldende nationale voorschriften in acht genomen moeten worden. h Aanwijzing. Een afstand van het toestel tot componenten uit brandbaar materiaal resp.
tot brandbare be-standdelen is niet vereist, omdat bij het nomi-nale warmtevermogen van het toestel aan het behuizingsoppervlak een lagere temperatuur voorhanden is dan de max. toegestane tempera-tuur van 85 °C. 3. 4 OnderhoudReinig de mantel van uw toestel met een vochtige doek en een beetje zeep. h Aanwijzing. Gevaar voor beschadiging. Gebruik geen schuur- of reinigingsmiddelen die de mantel of de koppelstukken van kunststof zouden kunnen beschadigen. Gebruik geen sprays, oplosmiddelen of chloorhoudende reini-gingsmiddelen. 3. 5 Recycling en afvoerDe Vaillant gaswandketel ecoTEC en de bijbehorende transportverpakking bestaan voor het grootste deel uit recyclebaar materiaal. 3. 5. 1 ToestelDe Vaillant gaswandketel ecoTEC en de toebehoren be-horen niet tot het huishoudelijk afval. Zorg ervoor dat het oude toestel en eventuele toebehoren op een ver-antwoorde manier afgevoerd worden. 3. 5.
2 VerpakkingHet afvoeren van de transportverpakking kunt u het best overlaten aan de installateur die het toestel geïn-stalleerd heeft. h Aanwijzing. U dient de van toepassing zijnde nationale wet-telijke voorschriften in acht te nemen. 3.
6 Tips voor energiebesparingInbouw van een weersafhankelijke CV-regelingWeersafhankelijke CV-regelingen regelen de CV-aan-voertemperatuur afhankelijk van de buitentemperatuur. Er wordt niet meer warmte opgewekt dan nodig. Hier-voor moet op de weersafhankelijke thermostaat de CV-aanvoertemperatuur worden ingesteld die bij een be-paalde buitentemperatuur gewenst is. Deze instelling mag niet hoger zijn dan noodzakelijk is voor de configu-ratie van de CV-installatie. Normaal voert uw installateur de juiste instellingen uit. Door geïntegreerde tijdprogramma's worden de gewens-te verwarmings- en afkoelingsfases (bijv. 's nachts) au-tomatisch in- en uitgeschakeld. Weersafhankelijke CV-regelingen vormen in combinatie met (thermostatische) radiatorkranen de meest comfor-tabele vorm van CV-regeling. 3 Aanwijzingen voor het gebruik.
7Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_03Afkoeling van de CV-installatieVerlaag de kamertemperatuur tijdens de nachtrust en als u niet thuis bent. Dit kunt u gemakkelijk en betrouw-baar realiseren met behulp van kamerthermostaten met instelbare tijdprogramma's. Stel de kamertemperatuur tijdens de minimale-tempera-tuurtijden ca. 5 °C lager in dan tijdens de maximale tem-peratuurtijden. Met een afkoeling van meer dan 5 °C be-spaart u niet meer energie, aangezien dan voor de vol-gende maximale temperatuurperiode een hogere ver-warmingscapaciteit nodig is. Alleen bij langere afwezig-heid, zoals b. v. vakantie, loont het zich de temperaturen verder te verlagen. Let er echter wel op, dat er in de winter voldoende vorstbeveiliging is gegarandeerd. KamertemperatuurStel de kamertemperatuur niet hoger in dan net vol-doende is om u comfortabel te voelen.
Iedere graad daarboven betekent een hoger energieverbruik van on-geveer 6 %. Houd bij het instellen van de kamertemperatuur ook re-kening met het gebruik van de kamer. Zo is het bijvoor-beeld in het normale geval niet nodig slaapkamers of weinig gebruikte kamers op 20 °C te verwarmen. Instellen van de bedrijfsfunctieIn het warme jaargetijde, als de woning niet hoeft te worden verwarmd, adviseren wij de verwarming op zo-mermodus te zetten. De CV-functie is dan uitgeschakeld, maar het toestel of de installatie blijft voor de warmwa-terfunctie in bedrijf. Gelijkmatig verwarmenVaak wordt in een woning met centrale verwarming slechts één kamer verwarmd. Via de oppervlaktes die deze kamer omgeven, zoals wanden, deuren, ramen, pla-fond en vloer worden onverwarmde aangrenzende ka-mers ongecontroleerd meeverwarmd en gaat er onbe-doeld warmte-energie verloren.
Het gevolg is dat de kamer niet meer voldoende wordt verwarmd en deze onbehaaglijk koud aanvoelt (overigens ontstaat hetzelfde effect, als er deuren openstaan tussen de verwarmde kamer en niet of beperkt verwarmde kamers). Dit is verkeerde zuinigheid: de verwarming staat aan en toch is het in de kamer niet behaaglijk warm. Een groter verwarmingscomfort en een meer efficiënt gebruik wordt bereikt als alle kamers in een woning gelijkmatig en in overeenstemming met het gebruik worden ver-warmd. Overigens kan ook het bouwmateriaal nadelig worden beïnvloed als delen van het pand niet of onvoldoende worden verwarmd. Thermostaatkranen en kamerthermostatenHet zou vandaag de dag vanzelfsprekend moeten zijn om op alle radiatoren (thermostatische) radiatorkranen te plaatsen. Ze zorgen ervoor dat de eenmaal ingestelde kamertemperatuur exact wordt aangehouden.
Met be-hulp van (thermostatische) radiatorkranen in combinatie met een kamerthermostaat (of weersafhankelijke ther-mostaat) kunt u de kamertemperatuur aanpassen aan uw individuele behoeftes en bent u zeker van een effi-ciënt gebruik van uw CV-installatie. Laat in de kamer waarin zich de kamerthermostaat be-vindt, steeds alle radiatorkranen volledig geopend, aan-gezien de beide regelingen elkaar anders over en weer beïnvloeden en de regelkwaliteit kan worden beperkt. Vaak kan het volgende gebruikersgedrag worden gecon-stateerd: als het in de kamer te warm wordt, worden de (thermostatische) radiatorkranen dichtgedraaid (of de kamerthermostaat op een lagere temperatuur gezet). Als het na een poosje dan weer te koud wordt, dan wordt de (thermostatische) radiatorkraan weer openge-draaid.
Dit is niet nodig, aangezien de temperatuurrege-ling door de (thermostatische) radiatorkraan zelf wordt uitgevoerd: Als de kamertemperatuur boven de op de sensorkop ingestelde waarde stijgt, sluit de (thermosta-tische) radiatorkraan automatisch en bij het dalen onder de ingestelde waarde opent deze weer.
Regelapparatuur niet afdekkenZorg ervoor dat uw regelapparatuur niet wordt afgedekt door meubels, gordijnen of andere voorwerpen. De cir-culerende kamerlucht moet ongehinderd kunnen worden gedetecteerd. Afgedekte (thermostatische) radiatorkra-nen kunnen met afstandssensoren worden uitgerust en blijven daardoor werken. Gepaste warmwatertemperatuurHet warme water dient slechts zover opgewarmd te worden als het voor het gebruik nodig is. Elke verdere opwarming leidt tot onnodig energieverbruik; warmwa-tertemperaturen van meer dan 60 °C veroorzaken bo-vendien in versterkte mate kalkaanslag. Instelling van de warmstartfunctie (enkel VCW)De warmstartfunctie levert direct warm water met de gewenste temperatuur zonder opwarmtijden te hoeven afwachten. Hiervoor wordt de secundaire-warmtewisse-laar op een vooraf ingesteld temperatuurpeil gehouden.
Zet de temperatuurkeuzeknop niet hoger dan de beno-digde temperatuur om energieverlies te voorkomen. Als u langere tijd geen warm water nodig hebt, adviseren wij voor verdere energiebesparing de warmstartfunctie uit te schakelen. Bewust omgaan met waterDoor bewust om te gaan met water kunnen de ver-bruikskosten duidelijk dalen. Bijvoorbeeld douchen in de plaats van een bad te nemen: terwijl voor een bad ca. 150 liter water nodig is, heeft een met moderne, waterbesparende mengkraan Aanwijzingen voor het gebruik 3BENL.
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_038uitgeruste douche slechts ca. een derde van deze hoe-veelheid nodig. Overigens: een druppelende waterkraan verspilt tot 2000 liter water, een lekkende toiletspoeling tot 4000 liter water per jaar. Daarentegen kost een nieuwe pakking slechts een paar eurocent. Circulatiepompen alleen indien nodig laten draaien(alleen VC 466 en 656)Circulatiepompen zorgen voor een voortdurende circu-latie van warmwater in het leidingsysteem, zodat ook bij veraf gelegen tappunten meteen warm water ter be-schikking staat. Deze verhogen ongetwijfeld het comfort bij de warmwaterbereiding. Maar ze verbruiken ook stroom. En circulerend warmwater dat niet wordt ge-bruikt, koelt op zijn weg door de pijpleidingen af en moet dan weer bijverwarmd worden.
Circulatiepompen moeten daarom alleen dan gebruikt worden, wanneer daadwerkelijk warmwater algemeen in het huishouden nodig is. Met behulp van schakelklokken waarmee de meeste circulatiepompen uitgerust resp. uitgebreid kun-nen worden, kunnen individuele tijdprogramma's inge-steld worden. Vaak bieden ook weersafhankelijke ther-mostaten via extra functies de mogelijkheid circulatie-pompen tijdafhankelijk te regelen. Vraag uw installateur. Een andere mogelijkheid is om via een toets of schake-laar in de buurt van een vaak gebruikt tappunt de circu-latie alleen bij concrete behoefte gedurende een bepaal-de tijd in te schakelen. Op de Vaillant ecoTEC kan een dergelijke toets worden aangesloten op de toestelelek-tronica. Ventileren van de woningOpen tijdens het verwarmen de ramen alleen om te ven-tileren en niet om de temperatuur te regelen.
Het raam gedurende korte tijd helemaal openzetten is effectiever en bespaart meer energie dan een langdurig op een kier openstaand raam. Daarom adviseren wij de ramen gedu-rende korte tijd volledig te openen.
Sluit tijdens het ven-tileren alle (thermostatische) radiatorkranen die zich in de kamer bevinden en/of zet, als deze aanwezig is, de kamerthermostaat op de minimale temperatuur. Door deze maatregelen is voldoende ventilatie gegarandeerd, zonder onnodige afkoeling en energieverlies (b. v. door onbedoeld inschakelen van de verwarming tijdens het ventileren). 4 Bediening4. 1 Overzicht van de bedieningselementen bij ecoTEC plusbar11098762345Afb. 4. 1 Bedieningselementen ecoTEC plusTrek de frontklep aan de greep naar beneden om deze te openen. De nu zichtbare bedieningselementen heb-ben de volgende functies (zie afb. 4.
9Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_039Draaiknop voor instellen van de CV-aanvoertem-peratuur10 Draaiknop voor instellen van de uitstroomtempe-ratuur van warm water (VCW-toestellen) of de boilertemperatuur (VC-toestellen met aangeslo-ten warmwaterboiler VIH)Digitaal informatie- en analysesysteembar1Afb. 4. 2 Display ecoTEC plusDe ecoTEC plus toestellen zijn uitgerust met een digitaal informatie- en analysesysteem. Dit systeem geeft infor-matie over de bedrijfstoestand van het toestel en helpt u bij het verhelpen van storingen. Bij normaal bedrijf van het toestel wordt in het display (1) van het DIA-systeem de actuele CV-aanvoertempera-tuur aangeduid (in het voorbeeld 45 °C). In het geval van een storing wordt de weergave van de temperatuur vervangen door de betreffende storingscode.
Bovendien geven de weergegeven symbolen de volgen-de informatie:1Weergave van de waterdruk van de CV-installatie, van de actuele CV-aanvoertemperatuur of weer-gave van een status- of storingscodeStoring in het verbrandingslucht-/rookgastrajectStoring in het verbrandingslucht-/rookgastrajectAlleen in combinatie met vrnetDIALOG: Zolang het symbool op het display verschijnt, wordt door het toebehoren vrnetDIALOG de CV-aanvoertemperatuur en warmwater-uit-stroomtemperatuur ingesteld, dat betekent dat het toestel werkt met andere temperaturen dan die met de draaiknoppen (9) en (10) zijn ingesteldDeze bedrijfsfunctie kan alleen beëindigd worden:– door vrnetDIALOG of– door veranderen van de temperatuurinstelling met de draaiknoppen ( ) of ( ) met meer dan 9 105 K.
CV-functie actiefpermanent aan bedrijfsmodus CV-functieknippert: branderwachttijd actiefWarmwaterbereiding actief(alleen bij VCW)permanent aan: warm water wordt getapt(alleen bij VC)permanent aan: bedrijfsfunctie boilerlading (VC-toestel) is operationeelknippert: warmwaterboiler wordt ver-warmd, brander aanWarmstartfunctie actief(alleen bij VCW)permanent aan: warmstartfunctie is operationeelknippert: warmstartfunctie is in bedrijf, brander aanInterne CV-pomp is in werkingIntern gasventiel wordt aangestuurdVlam met kruis:Storing tijdens de branderfunctie;toestel is uitgeschakeldVlam zonder kruis:Correcte branderfunctieBediening 4BENL.
tem-peratuur van de warmwater-warmtewisselaar (VCW)8 -Toets " " voor terugbladeren in het display (voor de installateur bij instelwerkzaamheden en opspo-ren van storingen) en voor weergave van de wa-terdruk van de CV-installatie op het display9 ResetToets " " voor terugzetten van bepaalde sto-ringen10 Draaiknop voor instellen van de CV-aanvoertem-peratuur11 Draaiknop voor instellen van de uitstroomtempe-ratuur van warm water (VCW) resp. boilertempe-ratuur (VC met boilervoeler)Multifunctionele weergaveDe ecoTEC pro toestellen zijn uitgerust met een multi-functionele weergave. Wanneer de aan/uit-schakelaar ingeschakeld is en het toestel normaal functioneert, geeft de weergave de actuele CV-aanvoertemperatuur aan (in het voorbeeld 45 °C). bar1423Afb. 4.
4 Signaallampen ecoTEC pro1Weergave van de waterdruk van de CV-installatie, van de actuele CV-aanvoertemperatuur of weer-gave van een status- of storingscode2Groene signaallamp warmstartfunctie/warmwaterpermanent aan: warmstartfunctie is ingeschakelduit: warmstartfunctie is uitgescha-keld en er wordt geen warm water getaptknippert: warm water wordt getapt of de warmstartfunctie verwarmt het water bij3Gele signaallamppermanent aan: brander aan4Rode signaallamppermanent aan: storing in toestel, een storingsco-de wordt weergegeven4 Bediening.
11Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_03Alleen in combinatie met vrnetDIALOG:Zolang het symbool op het display verschijnt, wordt door het toebehoren vrnetDIALOG de CV-aanvoertemperatuur en warmwater-uitstroom-temperatuur ingesteld, dat betekent dat het toe-stel werkt met andere temperaturen dan die met de draaiknoppen (10) en (11) zijn ingesteldDeze bedrijfsfunctie kan alleen beëindigd worden:– door vrnetDIALOG of– door veranderen van de temperatuurinstelling met de draaiknoppen (10) of ( ) met meer dan 115 K. Deze bedrijfsfunctie kan beëindigd worden:niet – door op de toets ( ) "Reset" te drukken9of– door uit- of inschakelen van het toestel. 4. 3 Maatregelen voor inbedrijfstelling4. 3. 1 Afsluitvoorzieningen openenh Aanwijzing. De afsluitvoorzieningen worden niet meegele-verd met uw toestel. Ze worden apart door de installateur geïnstalleerd.
Vraag hem om infor-matie over positie en bediening van deze onder-delen. 312Onderhoudskranen 3 en 4 geslotenOnderhoudskranen 3 en 4 geopend4Afb. 4. 5 Afsluitvoorzieningen openen bij de VC 376, VCW 296, VCW 346, VCW 37613 4Afb. 4. 6 Afsluitvoorzieningen openen bij de VC 466 en VC 656 (onderhoudskranen bij wijze van voorbeeld)• Open de gaskraan (1) tot de vaste aanslag. • Controleer of de onderhoudskranen in de aanvoer (3) en retour ( ) van de CV-installatie zijn geopend. 4• Open de koudwaterstopkraan van de inlaatcombinatie (2). Ter controle kunt u bij een warmwaterkraan bij een tappunt proberen of daar water uitkomt. 4. 3. 2 Systeemdruk controlerenh Aanwijzing. Om het gebruik van de installatie met een te kleine hoeveelheid water te vermijden en om te voorkomen dat daardoor schade ontstaat, be-schikt uw toestel over een druksensor.
Deze signaleert bij onderschrijding van 0,6 bar het druktekort als op de display de drukwaarde knipperend wordt weergegeven. Bij onderschrijding van een druk van 0,3 bar wordt uw toestel uitgeschakeld. Op het display verschijnt de storingsmelding F. 22.
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_0312bar bar plus pro 1 2 Afb. 4. 7 Waterdruk van de CV-installatie controleren • Controleer bij de inbedrijfstelling de waterdruk van de installatie op de manometer (1). Voor een correct be-drijf van de CV-installatie moet bij koude installatie de wijzer op de manometer in het donkergrijze gebied staan. Dit komt overeen met een waterdruk tussen 1,0 en 2,0 bar. Staat de wijzer in het lichtgrijze bereik (< 0,8 bar), dan moet vóór de inbedrijfstelling water bijgevuld worden (zie hoofdstuk 4. 9. 4). h Aanwijzing. Het ecoTEC toestel beschikt over een manome-ter en over een digitale drukaanduiding. De manometer stelt u in staat om ook bij uitge-schakeld toestel snel te zien of de waterdruk zich in het gewenste bereik bevindt of niet. Wanneer het toestel in bedrijf is, kunt u de nauwkeurige drukwaarde op het display laten zien.
Activeer de drukaanduiding door het in-drukken van de toets "-" (2). Na 5 sec. wordt op het display weer de CV-aanvoertemperatuur weergegeven. Aanwijzing. U kunt ook permanent omschakelen tussen temperatuur- of drukaanduiding in het display door de "-" -toets ca. 5 seconden ingedrukt te houden. Als de CV-installatie zich over meerdere etages uit-strekt, kan een hogere waterdruk van de installatie nodig zijn. Vraag hiervoor uw installateur. 4. 4 Inbedrijfstellingbar12Afb. 4. 8 Toestel inschakelen (voorbeeld: ecoTEC plus)• Met de aan/uit-schakelaar (1) kunt u het toestel in- en uitschakelen. I: "AAN"0: "UIT"Als u het toestel inschakelt, verschijnt op het display (2) de actuele CV-aanvoertemperatuur. Voor het instellen van het toestel volgens uw wensen leest u hoofdstuk 4. 5 en 4. 7, waarin de instelmogelijkhe-den voor de warmwaterbereiding en de CV-functie zijn beschreven. a Attentie.
Gevaar voor beschadiging. Vorstbeveiligings- en controlevoorzieningen zijn alleen actief als de aan/uit-schakelaar van het toestel op stand "I" staat en het toestel niet van het elektriciteitsnet is gescheiden.
13Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_034. 5 Warmwaterbereiding met VCW-toestellen4. 5. 1 Instelling van de warmwatertemperatuurbar plus pro 2 3 Afb. 4. 9 Instelling van de warmwatertemperatuur• Schakel het toestel in volgens de beschrijving in hoofdstuk 4. 4. • Stel de draaiknop (3) voor het instellen van de warm-water-uitstroomtemperatuur in op de gewenste tem-peratuur. Daarbij betekent:- linker aanslag ca. 35 °C- rechter aanslag max. 65 °CBij het instellen van de gewenste temperatuur wordt de daarbij behorende gewenste waarde weergegeven op het display (2). Na ca. drie seconden verdwijnt deze weergave en ver-schijnt op het display weer de standaardweergave (actu-ele CV-aanvoertemperatuur). a Attentie. Verkalkingsgevaar. Bij een waterhardheid van meer dan3,57 mol/m3 (20 °dH) moet u de draaiknop (3) maximaal op de middenstand instellen. d Gevaar.
Gezondheidsrisico door legionellavorming. Als het toestel wordt gebruikt voor naverwar-ming in een solair ondersteunde drinkwaterver-warmingsinstallatie, moet de warmwateruit-stroomtemperatuur bij draaiknop (3) op min-stens 60 °C worden ingesteld. 4. 5. 2 Warmstartfunctie in- en uitschakelenDe warmstartfunctie levert direct warm water met de gewenste temperatuur zonder een opwarmtijd te hoe-ven afwachten. Hiervoor wordt de warmwater-warmte-wisselaar van de ecoTEC op een vooraf ingesteld tempe-ratuurpeil gehouden. ecoTEC plus:babc1 1 Afb. 4. 10 Warmstartfunctie in- en uitschakelen bij ecoTEC plus• De warmstartfunctie wordt geactiveerd als u de draai-knop ( ) kort tot aan de aanslag (instelling ) naar 1 arechts draait. Vervolgens kiest u de gewenste warmwateruitstroom-temperatuur, b. v. instelling (zie hoofdstuk 4. 5. 1).
bHet toestel past de warmstarttemperatuur automatisch aan de ingestelde warmwatertemperatuur aan. Het ge-tempereerde water is bij aftapping direct beschikbaar; op het display knippert het symbool.
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_0314ecoTEC pro:babc11 22Afb. 4. 11 Warmstartfunctie in- en uitschakelen bij ecoTEC pro• De warmstartfunctie wordt geactiveerd als u de draai-knop (1) kort tot aan de aanslag (instelling ) naar arechts draait. De groene signaallamp ( ) gaat bran-2den. Vervolgens kiest u de gewenste warmwateruitstroom-temperatuur, b. v. instelling (zie hoofdstuk 4. 5. 1). bHet water wordt nu constant op 55 °C gehouden en staat bij tappen direct ter beschikking. • De warmstartfunctie wordt uitgeschakeld als u draai-knop ( ) kortstondig tot aan de aanslag naar links draait 1(instelling c). De signaallamp (2) dooft. Vervolgens kiest u weer de gewenste warmwateruitstroomtempera-tuur, b. v. instelling b. 4. 5. 3 Warm water aftappen1 Afb. 4. 12 Warm water aftappenBij het openen van een warmwaterkraan ( ) bij een tap-1punt (wasbak, douche, badkuip, etc.
) gaat het toestel zelfstandig in bedrijf en levert het u warm water. Het toestel schakelt de warmwaterbereiding bij het slui-ten van de waterkraan automatisch uit. De pomp loopt nog een korte tijd na. 4. 6 Warmwaterbereiding met VC-toestellenVoor de warmwaterbereiding met de toesteluitvoering VC moet een warmwaterboiler van het type VIH op het CV-toestel zijn aangesloten. 4. 6. 1 Instelling van de warmwatertemperatuurbarplus pro23Afb. 4. 13 Instelling van de warmwatertemperatuur• Schakel het toestel in volgens de beschrijving in hoofdstuk 4. 4. • Stel de draaiknop (3) voor het instellen van de boiler-temperatuur in op de gewenste temperatuur. Daarbij betekent:- linker aanslag vorstbeveiliging ca. 15 °C- rechter aanslag max. 70 °CBij het instellen van de gewenste temperatuur wordt de daarbij behorende gewenste waarde weergegeven op het display (2). Na ca.
15Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_03d Gevaar. Gezondheidsrisico door legionellavorming. Als het toestel wordt gebruikt voor naverwar-ming in een solair ondersteunde drinkwaterver-warmingsinstallatie, moet de warmwateruit-stroomtemperatuur met de draaiknop (3) op minstens 60 °C worden ingesteld. h Aanwijzing. Als uw thermostaat via een twee-aderige eBus-leiding is aangesloten, zet u de draaiknop voor instellen van de warmwatertemperatuur op maximaal mogelijke temperatuur. De gewenste temperatuur voor uw boiler stelt u op uw ther-mostaat in. 4. 6. 2 Boilerfunctie uitschakelen (alleen VC-toestel-len met externe warmwaterboiler)Bij VC-toestellen met aangesloten warmwaterboiler kunt u de warmwaterbereiding of boilerlading uitschakelen, maar de CV-functie verder laten functioneren. • Draai hiervoor de draaiknop voor het instellen van de warmwatertemperatuur tot aan de linker aanslag.
Al-leen een vorstbeveiligingsfunctie voor de boiler blijft actief. 4. 6. 3 Warm water tappenBij het openen van een warmwaterkraan ( ) bij een tap-1punt (wasbak, douche, bad, enz. ) wordt warm water uit de aangesloten boiler getapt. Komt de boilertemperatuur beneden de ingestelde waarde, dan treedt het VC toestel automatisch in bedrijf en warmt de boiler bij. Bij bereiken van de gewenste boi-lertemperatuur schakelt het VC toestel automatisch uit. De pomp loopt nog een korte tijd na. 1Afb. 4. 14 Warm water tappen4. 7 Instellingen voor de CV-functie4. 7. 1 Aanvoertemperatuur instellen (geen thermos-taat aangesloten)barplus pro21Afb. 4. 15 Aanvoertemperatuur instellen zonder thermostaatAls geen externe thermostaat aanwezig is, dan stelt u de aanvoertemperatuur met de draaiknop (1) in over-eenkomstig de buitentemperatuur.
0 tot –15 °CBij het instellen van de temperatuur wordt de ingestelde temperatuur weergegeven op het display ( ). Na ca. 2drie seconden verdwijnt deze weergave en verschijnt op het display weer de standaardweergave (actuele CV-aanvoertemperatuur). Normaal kan de draaiknop ( ) traploos worden ingesteld 1tot een aanvoertemperatuur van 75 °C. Als u echter ho-gere waarden kunt instellen op uw toestel, dan heeft uw installateur een zodanige afstelling uitgevoerd, dat uw CV-installatie ook met hogere aanvoertemperaturen kan werken. Bediening 4BENL.
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_03164.7.2 Aanvoertemperatuur instellen (bij gebruik van een thermostaat)barplus pro1Afb. 4.16 Aanvoertemperatuur instellen bij gebruik van een thermostaatAls uw CV-toestel met een weersafhankelijke regeling of een kamerthermostaat is uitgerust, moet u het volgende instellen:• Zet de draaiknop (1) voor het instellen van de CV-aan-voertemperatuur op de rechter aanslag.De aanvoertemperatuur wordt automatisch ingesteld door de thermostaat (informatie daarover vindt u in de betreffende gebruiksaanwijzing).4.7.3 CV-functie uitschakelen (zomermodus)barplus pro1Afb.
4.17 CV-functie uitschakelen (zomermodus)In de zomer kunt u de CV-functie uitschakelen, maar de warmwaterbereiding verder in bedrijf laten.• Draai hiervoor de draaiknop ( ) voor het instellen van 1de CV-aanvoertemperatuur helemaal naar links.4.7.4 Kamerthermostaat of weersafhankelijke ther-mostaat instellen21Afb. 4.18 Kamerthermostaat/weersafhankelijke thermostaat instellen• Stel de kamerthermostaat ( ), de weersafhankelijke 1thermostaat en de (thermostatische) radiatorkranen (2) volgens de betreffende gebruiksaanwijzingen van deze toebehoren in.4.8 Statusaanduidingen (voor onderhouds- en servicewerkzaamheden door de installateur)barplus pro12Afb.
4.19 StatusweergavenDe statusweergaven geven informatie over de operatio-nele toestand van het toestel.• Activeer de statusweergaven door toets " " ( ) in te i 1drukken.Op de display ( ) verschijnt nu een weergave van de be-2treffende statuscodes, b.v. " " voor branderfunctie. S. 4De betekenis van de belangrijkste statuscodes vindt u in de onderstaande tabel.Tijdens omschakelfases, b.v. bij herstart door het uitblij-ven van de vlam, verschijnt kort de statusmelding "S.".4 Bediening
9 Verhelpen van storingenAls tijdens de werking van de gaswandketel problemen optre-den kunt u de volgende punten zelf controleren. Geen warm water, verwarming blijft koud; Toestel treedt niet in werking:– Zijn de gaskraan van het gebouw in de aanvoerleiding en de gaskraan op het toestel geopend (zie deel 4. 3. 1). – Is de koudwatertoevoer gewaarborgd (alleen bij VCW toestellen, zie hoofdstuk 4. 3. 1). – Is de voedingsspanning van het gebouw ingeschakeld. – Is de aan/uit-schakelaar op de gaswandketel ingescha-keld (zie hoofdstuk 4. 4). – Is de draaiknop voor de aanvoertemperatuurinstelling op de gaswandketel niet helemaal naar links gedraaid, dus op vorstbeveiliging gezet (zie hoofdstuk 4. 7). – Is de waterdruk van de CV-installatie voldoende (zie hoofdstuk 4. 3. 2). – Zit er lucht in de CV-installatie. – Is er sprake van een storing bij het ontsteken (zie hoofdstuk 4. 9. 2).
Gevaar voor beschadiging door ondeskundige veranderingen. Als uw gaswandketel na de con-trole van bovengenoemde punten niet foutloos functioneert, moet u een erkend installateur voor de controle om advies vragen. 4. 9. 1 Storingen wegens watergebrekHet toestel schakelt op ", wanneer de water-"Storingdruk in de CV-installatie te laag is. Deze storing wordt aangegeven door de foutcodes " " (droogkoken) F. 22resp. " " of " " (watergebrek). F. 23 F. 24Het toestel kan pas weer in bedrijf worden genomen, als de CV-installatie voldoende met water is gevuld. Als de druk vaker daalt, moet de oorzaak voor het verlies van CV-water worden vastgesteld en verholpen. Contacteer hiervoor een erkende installateur. 4. 9. 2 Storingen bij het ontstekenbar plus pro 2 1 3Afb. 4. 20 ResetAls na vijf ontstekingspogingen geen ontsteking van de brander volgt, schakelt het toestel niet in en schakelt naar " ".
Dit wordt aangegeven door weergave Storingvan de storingscodes " " of " " op het display. F. 28 F. 29Bovendien verschijnt bij ecoTEC plus-toestellen in het display het vlamsymbool met kruis ( ), bij ecoTEC pro-1toestellen gaat de rode signaallamp branden (2). Een nieuwe automatische ontsteking vindt pas na een handmatige reset plaats. • Druk voor de reset op de resetknop ( ) en houd deze 3ca. een seconde ingedrukt. Bediening 4BENL.
Gebruiksaanwijzing ecoTEC 0020010963_0318a Attentie. Gevaar voor beschadiging door ondeskundige veranderingen. Als uw gaswandketel na de derde resetpoging nog altijd niet in bedrijf gaat, moet u een erkend installateur voor de controle om advies vragen. 4. 9. 3 Storingen in het verbrandingslucht-/rookgas-trajectDe toestellen zijn uitgerust met een ventilator. Als de ventilator niet goed werkt schakelt het toestel de venti-lator uit. Op de display verschijnen dan de symbolen en alsmede de foutmelding "F. 32". a Attentie. Gevaar voor beschadiging door ondeskundige veranderingen. Bij deze foutmelding moet u een erkend instal-lateur voor de controle om advies vragen. 4. 9. 4 Toestel/CV-installatie vullenVoor een goede werking van de CV-installatie moet de waterdruk bij een koude installatie tussen 1,0 en 2,0 bar liggen (zie hoofdstuk 4. 3. 2).
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Vaillant ecoTEC plus 466 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Verwarmingsketel Vaillant
Handleiding Verwarmingsketel
Nieuwste handleidingen voor Verwarmingsketel