Vaillant atmoVIT VK BE 324/1-5 Handleiding

Vaillant CV Ketel atmoVIT VK BE 324/1-5

Bekijk gratis de handleiding van Vaillant atmoVIT VK BE 324/1-5 (24 pagina’s), behorend tot de categorie CV Ketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 85 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Vaillant atmoVIT VK BE 324/1-5 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/24
VK BE 164/1-5
VK BE 254/1-5
VK BE 324/1-5
VK BE 414/1-5
VK BE 484/1-5
VK BE 564/1-5
BE/LU/FR
atmoVIT

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Vaillant
Categorie: CV Ketel
Model: atmoVIT VK BE 324/1-5

Handleiding Vaillant atmoVIT VK BE 324/1-5 – volledige tekst

2Inhoud Eigenschappen van het apparaat 1atmoVIT6 Verzorging en onderhoud. 136. 1 Verzorging. 136. 2 Inspectie/Onderhoud. 136. 3 Indicatie onderhoudsbehoefte. 136. 4 Vuldruk van de installatie controleren. 136. 5 Apparaat/Verwarmingsinstallatie vullen. 136. 6 Meet- en controlewerkzaamheden door deschoorsteenveger. 147 Fabrieksgarantie. 151 Eigenschappen van het apparaatU hebt een kwaliteitsproduct van Vaillant aangekocht. Uwgasverwarmingsketel atmoVIT zal u bij zorgvuldigeverzorging en onderhoud lange tijd naar tevredenheidvan dienst zijn. 1. 1 GebruikUw gasketel atmoVIT dient om woon- of kantoorruimtenvia een centrale verwarmingsinstallatie op warm water teverwarmen. Voor de bereiding van warm water wordt aan uw keteleen reservoir aangesloten.

Voor de comfortabele instelling van de verwarmings- enwarmwaterfunctie van uw ketel staan er verschillenderegelapparaten uit het Vaillant toebehoren tot uwbeschikking. 1. 2 Beschrijving van het apparaat– Voor onderhouds- en servicewerkzaamheden door hetvakbedrijf is uw ketel uitgerust met een DigitaalInformatie- en Analysesysteem (DIA-systeem). De statusindicatie verschaft u informatie over deoperationele toestand van uw ketel. De indicatie vandiagnose- en foutcodes helpt uw vakman bij hetopsporen van fouten en versnelt het zoekproces in hetgeval van een storing. pagina1 Eigenschappen van het apparaat. 21. 1 Gebruik. 21. 2 Beschrijving van het apparaat. 22 Aanwijzingen bij de documentatie van het apparaat 32. 1 Gebruikte symbolen. 32. 2 Mede geldende documenten. 32. 3 Garantiekaart. 32. 4 Typeplaatje. 32. 5 CE-kenmerking. 33 Veiligheidsinstructies3. 1 Plichten van de exploitant. 43.

54 Bediening. 64. 1 Controles voor ingebruikname. 64. 1. 1 Afsluitinrichtingen openen. 64. 1. 2 Vuldruk van de installatie controleren. 64. 2 Overzicht van het bedieningsveld. 64. 2. 1 Bedieningselementen. 64. 2. 2 Digitaal Informatie- en Analyse systeem (DIA-systeem). 74. 3 Ketel in- en uitschakelen. 74. 4 Instellingen voor de warmwaterbereiding. 84. 5 Instellingen voor het verwarmingsbedrijf. 84. 5. 1 Instelling van de toevoertemperatuur via het regelapparaat. 84. 5. 2 Instelling van de toevoertemperatuur aan de ketel. 94. 5. 3 Verwarmingsbedrijf uitschakelen (zomerbedrijf). 94. 6 Ruimtetemperatuurregelaar of weersafhankelijke regelaar instellen. 94. 7 Statusindicaties (voor onderhouds- enservicewerkzaamheden door het vakbedrijf). 105 Storingen opheffen. 115. 1 Ketel gaat niet in bedrijf. 115. 2 Storingen tijdens het verwarmingsbedrijf. 115. 2. 1 Foutmelding F. 28 of F. 29. 115. 2.

3Aanwijzingen bij de documentatie van het apparaat 232 Aanwijzingen bij de documentatie vanhet apparaat2. 1 Gebruikte symbolenNeem voor het gebruiken van uw ketel deveiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing in acht. Hierna worden de in de tekst gebruikte symbolenverklaard:Gevaar. Onmiddellijk gevaar voor lijf en leven. Opgelet. Mogelijke gevaarlijke situatie voor product enmilieu. Aanwijzing. Nuttige informatie en aanwijzingen. •Dit symbool staat voor een noodzakelijke handeling. Voor schade die ontstaat door het niet in acht nemenvan deze handleiding, aanvaarden wij geenaansprakelijkheid. 2. 2 Mede geldende documentenVoor de exploitant van de installatie:1 gebruiksaanwijzing nr. 8348421 korte gebruikshandleidingin de afdekking van het schakelgedeelte geplakt1 garantiekaart specifiek per landVoor de vakman:1 installatie- en onderhoudshandleiding nr. 8349552.

3 GarantiekaartGelieve de telkens geldende garantievoorwaarden af teleiden uit de meegeleverde garantiekaart. atmoVIT2. 4 TypeplaatjeHet typeplaatje is aangebracht aan de achterkant van deschakelkast. Afb. 2. 1 Typeplaatje (voorbeeld)De volgende informatie kunt u aflezen van hettypeplaatje:1 Fabricagenummer2 Kencijfer voor de klantendienst3 Typebenaming4 Benaming van de typetoelating5 Technische gegevens2. 5 CE-kenmerkingMet de CE-kenmerking wordt gedocumenteerd dat deapparaten conform het typeoverzicht voldoen aan defundamentele eisen van de volgende richtlijnen:– gasapparatenrichtlijn (richtlijn 90/396/EEG van deraad),– richtlijn over de elektromagnetische verdraagbaarheid(richtlijn 89/336/EEG van de raad),– laagspanningsrichtlijn (Richtlijn 73/23/EEG van deraad).

43 VeiligheidsinstructiesatmoVIT43 Veiligheidsinstructies3. 1 Plichten van de exploitantGelieve deze gebruiksaanwijzing voor gebruik zorgvuldigdoor te lezen om alle voordelen van uw ketel optimaal tekunnen benutten. Gelieve er voor uw eigen veiligheid rekening mee tehouden dat de opstelling en instelling van uw apparaatalleen mag gebeuren door een erkend vakbedrijf. Dit is eveneens verantwoordelijk voor de inspectie/onderhoud en reparatie van het apparaat. Neem vooreen duurzame, veilige werking met name de volgendepunten in acht:• Laat eenmaal per jaar een inspectie/onderhoud dooreen erkend vakbedrijf uitvoeren. • Houd de luchttoevoeropeningen in muren of deurenvrij. • Controleer regelmatig de vuldruk in uwverwarmingsinstallatie (zie 4. 1. 2). 3.

2 Doelmatig gebruikUw Vaillant gasketel atmoVIT is bedoeld alswarmteopwekker voor gesloten en open centraleverwarmingsinstallaties die werken met warm water. Ukunt uw Vaillant gasketel ook gebruiken om aanvullendof uitsluitend warmwaterbereiders te verwarmen. Gebruik uw Vaillant gasketel in geen geval voor anderedoeleinden. Uw Vaillant gasketel is een lagetemperatuur-verwarmingsketel in de betekenis van deverwarmingsinstallatieverordening. Een ketel met gebreken (b. v. door transportschade) magniet in gebruik worden genomen. Eigenmachtig ombouwen of veranderen van de ketel isniet toegelaten en leidt tot het verlies van het recht opgarantie. Aanwijzing. Gelieve deze gebruiksaanwijzing te bewaren voortoekomstig gebruik. 3. 3 Eisen aan de plaats van opstelling3. 3.

1 Veranderingen in de omgeving van het verwarmingsapparaatAan de volgende dingen mogen geen veranderingenworden aangebracht:- aan het verwarmingsapparaat,- aan de leidingen voor gas, toevoerlucht, water enstroom,- aan de gasafvoerleiding,- aan de veiligheidsklep en aan de afvoerleiding voorhet verwarmingswater,- aan constructieve omstandigheden die invloed op debedrijfsveiligheid van het apparaat kunnen hebben. 3. 3.

2 Explosieven en licht ontvlambare stoffenGebruik of bewaar geen explosieven of lichtontvlambare stoffen (b. v. benzine, papier, verf) in deruimte waar het apparaat staat opgesteld. 3. 3. 3 CorrosiebeschermingGebruik geen sprays, chloorhoudendereinigingsmiddelen, oplosmiddelen, verf, kleefmiddelenenz. in de omgeving van het apparaat. Deze stoffenkunnen onder ongunstige omstandigheden tot corrosie -ook in de gasafvoerinstallatie - leiden. 3. 4 Speciale aanwijzingen3. 4. 1 NoodstroomaggregaatUw vakman heeft uw verwarmingsapparaat bij deinstallatie aangesloten aan het stroomnet. Indien u het apparaat bij stroomuitval met eennoodstroomaggregaat operationeel wilt houden, danmoet dit in zijn technische specificaties (frequentie,spanning, aarding) overeenkomen met die van hetstroomnet en minstens beantwoorden aan dekrachtontneming van uw apparaat.

Rook niet.• Sluit de gasafsluitkraan ( ) aan de aansluitconsole en1de hoofdafsluitkraan van de gasleiding.• Open ramen en deuren.• Waarschuw uw medebewoners en verlaat het huis.• Breng uw gasbedrijf of een erkend installatiebedrijf opde hoogte.3.6 VorstbeschermingZorg ervoor dat de verwarmingsinstallatie in uwafwezigheid tijdens een vorstperiode in bedrijf blijft endat de ruimtes voldoende op temperatuur wordengehouden.Opgelet!Vorstbescherming en bewakingsinrichtingen zijnalleen actief als de hoofdschakelaar van de ketelop stand „I“ staat en er geen scheiding van hetstroomnet is.Een verrijking van het verwarmingswater metantivriesmiddelen is niet toegestaan. Daarbijkan schade aan dichtingen en membranen enkunnen er geluiden in het verwarmingsbedrijfoptreden.

Hiervoor en voor eventuele indirecteschade kunnen wij geen aansprakelijkheidaanvaarden.Uw apparaat is uitgerust met eenvorstbeschermingsfunctie: Als de verwarmings-toevoertemperatuur bbbbbiiiiijjjjj iiiiinnnnngggggeeeeesssssccccchhhhhaaaaakkkkkeeeeellllldddddeeeee hhhhhoooooooooofffffdddddsssssccccchhhhhaaaaakkkkkeeeeelllllaaaaaaaaaarrrrrdaalt onder 5 °C, dan gaat het apparaat in bedrijf enverwarmt het ketelverwarmingscircuit op tot ca. 35 °C.Een andere mogelijkheid van vorstbescherming bestaaterin de verwarmingsinstallatie en het apparaat leeg temaken. Daarbij moet men ervoor zorgen dat zowel deinstallatie als het apparaat volledig wordenleeggemaakt. Win hiervoor advies in bij uw vakbedrijf.BE

Over de montageplaats van de manometerin uw verwarmingsinstallatie heeft uw vakman ugeïnformeerd.• Controleer voor elke hernieuwde ingebruikname of devuldruk van de verwarmingsinstallatie tussen 0,75 en2,0 bar ligt.• Vul water bij als de druk te laag is (zie hoofdstuk 6.5).4.2 Overzicht van het bedieningsveld4.2.1 BedieningselementenAfb. 4.1 Afdekking van het schakelveld openenKlap het bovenste gedeelte (1) van de afdekking van hetschakelveld naar boven en het voorste gedeelte (2) naarbeneden.12Afb.

4.2 BedieningselementenDe nu toegankelijke bedieningselementen hebben devolgende functies:1draaiknop voor de instelling van de verwarmings-toevoertemperatuur2 + -toetsen " " en " " om vooruit en terug te bladerendoor de displayindicaties (voor de vakman bijinstelwerkzaamheden en het opsporen van fouten)3hoofdschakelaar voor het in- en uitschakelen van hetapparaat4inbouwregelaar (toebehoren)5 itoets " ": om informatie op te vragen6toets "Ontstoring": voor het opheffen van bepaaldestoringen7draaiknop om de temperatuur van hetwarmwaterreservoir te regelen (bij aangeslotenwarmwaterreservoir VIH).HeizungBrenner an79atmoVIT exclusiv atmoVIT classic1 2 436 58 8

7atmoVIT 7Bediening 44. 3 Ketel in- en uitschakelenAfb. 4. 3 Ketel in- en uitschakelenOpgelet. De hoofdschakelaar mag alleen wordeningeschakeld als de verwarmingsinstallatie metde voorgeschreven hoeveelheid water is gevuld. Als hier geen rekening mee wordt gehoudenkunnen pomp en warmtewisselaar beschadigdworden. Met de hoofdschakelaar (1) schakelt U de ketel in en uit. I: „AAN”O: „UIT”Bij ingeschakelde ketel verschijnt in het display destandaardindicatie van het Digitale Informatie- enAnalysesysteem (DIA-systeem). Gelieve om de ketel naar uw behoefte in te stellenhoofdstuk 4. 4 en 4. 5 te lezen, waarin deinstelmogelijkheden voor het verwarmings- enwarmwaterbedrijf beschreven staan. Om uw ketel helemaal buiten werking te stellen schakeltu de hoofdschakelaar in stand "O". Opgelet.

Vorstbescherming en anderebewakingsinrichtingen zijn alleen actief als dehoofdschakelaar van het apparaat in stand "I"staat en er geen sprake is van een isolatie vanhet stroomnet. Om deze veiligheidsinrichtingen niet uit te schakelenmoet u uw verwarmingsapparaat via het regelapparaatin- en uitschakelen (informatie hierover vindt u in debetreffende gebruiksaanwijzing). Aanwijzing. Indien U het apparaat langere tijd niet gebruikt,dan moet u eveneens de gasafsluitkraan en deafsluitkleppen sluiten. Neem in dit verband ook deaanwijzingen voor de vorstbescherming in acht. 14. 2. 2 Digitaal Informatie- en Analyse-systeem (DIA-systeem)Op het display van het DIA-systeem verschijnt tijdens denormale werking van het apparaat de huidigeverwarmings-toevoertemperatuur. Als er een foutoptreedt, dan wordt de indicatie van de temperatuurvervangen door de betreffende foutcode.

Daarnaast kunt u uit de getoonde symbolen de volgendeinformatie afleiden:8Indicatie van de huidige verwarmings-toevoertemperatuur of indicatie van een status- offoutcodeStoring in het lucht-/gasafvoerkanaalVerwarmingsbedrijf actiefpermanent aan: verwarmingsbedrijf of aanvraagverwarmingknippert: branderspertijd actiefWarmwaterbereiding actief permanent aan: bedrijfsmodus reservoirlading isoperationeelknippert: reservoirlading is operationeel, brander aanVerwarmingspomp is in bedrijfGasklep wordt aangestuurdVlam zonder kruis:Brander werkt volgens de voorschriftenVlam met kruis:Storing tijdens het branderbedrijf; het apparaat isuitgeschakeld. BE.

8atmoVIT84 Bediening4. 4 Instellingen voor de warmwaterbereidingAfb. 4. 5 Warmwaterbereiding (alleen bij aangesloten warmwaterreservoir)Voor de bereiding van warm water met een atmoVIT-ketel moet een warmwaterreservoir aan hetverwarmingsapparaat zijn aangesloten. • Stel de draaiknop (1) voor de instelling van dereservoirtemperatuur in op de gewenste temperatuur. Daarbij betekent:- linker aanslag (vorstbescherming) 15 °C- rechter aanslag (max. ) 70 °C- laagste warmwatertemperatuur (min. ) 40 °CBij het instellen van de gewenste temperatuur wordttegelijkertijd de bijhorende gewenste waarde van hetwarm water getoond in het display van het DIA-systeem. Na ca. 5 seconden verdwijnt deze indicatie en verschijntweer de standaardindicatie (huidige verwarmings-toevoertemperatuur, b. v. 45 °C). De huidige temperatuur van het reservoir kunt u aflezendoor de "+"-toets in te drukken.

Reservoirbedrijf uitschakelenBij atmoVIT-ketels met aangesloten warmwaterreservoirkunt u de reservoirlading uitschakelen, maar deverwarming verder laten werken. • Draai hiervoor de draaiknop (1) voor de instelling vande warmwatertemperatuur naar de linker aanslag. Er blijft alleen een vorstbeschermingsfunctie voor hetreservoir actief. 15 °CFrostschutz40 °C70 °C14. 5 Instellingen voor het verwarmingsbedrijfOvereenkomstig de verordening over de energie-besparende warmte-isolatie en energiebesparendeinstallatietechniek bij gebouwen moet uw verwarmings-installatie met een weersafhankelijke regeling of meteen ruimtetemperatuurregelaar zijn uitgerust. Indien uw verwarmingsinstallatie van een weersaf-hankelijke regeling of van een analoge regelaar voor deruimtetemperatuur voorzien is, dan stelt u detoevoertemperatuur in volgens hoofdstuk 4. 5. 1.

Informatie over de in uw verwarmingsinstallatiegebruikte regeling krijgt u van uw vakman. 4. 5. 1 Instelling van de toevoertemperatuur via het regelapparaatAfb. 4. 6 Instelling van de toevoertemperatuur door eenregelapparaatDe toevoertemperatuur wordt automatisch door hetregelapparaat vastgelegd (informatie hierover vindt u inde gebruiksaanwijzing van het regelapparaat). • Zet de draaiknop (1) voor het instellen van deverwarmings-toevoertemperatuur in de rechteraanslag. 1Vorstbeveiliging.

9atmoVIT 9Bediening 44.5.2 Instelling van de toevoertemperatuur aan deketelAfb. 4.7 Instelling van de toevoertemperatuur aan de ketelWij bevelen de volgende instellingen aan:- (Stand links maar niet tot aan de aanslag) in deovergangstijd: buitentemperatuur ca. 10-20 °C-Stand midden bij matig koude: buitentemperatuur ca.0-10 °C-Stand rechts bij sterke koude: buitentemperatuur < 0°CBij het instellen van de temperatuur wordt de waardegetoond in het display van het DIA-systeem. Na ca. 5seconden verdwijnt deze indicatie en op het displayverschijnt weer de standaardindicatie (huidigeverwarmings-toevoertemperatuur).14.5.3 Verwarmingsbedrijf uitschakelen (zomerbedrijf)Afb.

10 atmoVIT104 Bediening4.7 Statusindicaties (voor onderhouds- enservicewerkzaamheden door het vakbedrijf)Afb. 4.10 StatusindicatiesDe statusindicatie levert u informatie over debedrijfstoestand van uw ketel.• De statusindicatie wordt opgeroepen als de toets"i"wordt ingedrukt (1).In het display (2) wordt de huidige statuscode van deketel (bijvoorbeeld S. 4 = Verwarming brander aan)getoond.

De betekenis van de statuscodes kunt uafleiden uit tabel 4.1.Als de toets "i" nog een keer wordt ingedrukt, dan volgtde terugkeer naar de standaardindicatie van het display.In de omschakelfase, bijvoorbeeld na een vernieuwdestart bij het uitblijven van een vlam in de brander, wordtkort de statuscode "S" getoond op het display.Als er een fout optreedt, dan wordt de statusindicatievervangen door de betreffende foutcode.12Indicatie BetekenisIndicaties bij verwarmingsbedrijfS.00 Geen warmtevraagS.02 Verwarming pompvoorloopS.03 Verwarming ontstekingS.04 Verwarming brander aanS.07 Verwarming pompnaloopS.08 Branderblokkering na verwarmingsbedrijfIndicaties bij reservoirbedrijfS.20 Reservoircyclusbedrijf actiefS.23 Reservoirlading ontstekingS.24 Reservoirlading brander aanS.27 Reservoirlading pompnaloopS.28 Branderblokkeertijd na reservoirladingSpeciale gevallen van de statusmeldingS.30 Geen warmtevraag van de 2-punts regelaarS.31 Zomerbedrijf actiefS.34 Vorstbescherming verwarming actiefS.36 Geen warmtevraag regelaar door de continueregelaarS.39 Schakelaar aan de klem aanlegthermostaat heeftonderbrokenS.42 Contact gasafvoerklep aan het toebehoren openS.51 Apparaat heeft terugslag van rookgassen herkenden bevindt zich binnen de 30 s durendetolerantietijdS.52 Apparaat bevindt zich binnen de wachttijd van 20-minuten van de bedrijfsblokkeringsfunctie vanwegeterugslag van rookgassenTab 4.1 Statusindicaties

11atmoVIT 11Storingen opheffen 55.2.1 Foutmelding F.28 of F.29Afb. 5.1 OntstoringAls er na 3 ontstekingspogingen geen ontsteking van debrander volgt, dan treedt het apparaat niet in werkingen schakelt op "Storing". Dit wordt in het displaygetoond met de weergave van de foutcodes "F. 28 " of" ".F. 2 9 • Controleer eerst of de afsluitinrichting in de gasleidinggeopend is.Een nieuwe automatische ontsteking kan slechts na eenuitgevoerde "Ontstoring" gebeuren.• Druk daarvoor de ontstoorknop (2) in en houd hem ca.één seconde ingedrukt.Gevaar!Als de ketel na de derde ontstoorpoging nogaltijd buiten werking blijft, dan moet voor decontrole advies worden ingewonnen bij eenerkend vakbedrijf.STOPmax. 3 x25 Storingen opheffen5.1 Ketel gaat niet in bedrijfAfb.

5.1 StatusindicatiesAls uw verwarmingsapparaat niet in bedrijf gaat, dankunt u de volgende punten zelf controleren:– Gasafsluitkraan geopend?– Afsluitkranen geopend?– Waterstand/vuldruk voldoende?– Stroomvoeding ingeschakeld?– Hoofdschakelaar ingeschakeld?Als het apparaat niet in bedrijf gaat nadat u deze puntenheeft gecontroleerd, wendt u dan tot uw vakman.Warmwaterbedrijf storingsvrij; verwarming gaat nietin bedrijf– Warmtevraag door de externe regelaar?Controleer of de statuscodes S.0, S.31 of S.36 wordengetoond. Als dit het geval is, controleer dan deinstellingen aan het regelapparaat, omdat hierdoorgeen warmtevraag aan het verwarmingsapparaatwordt doorgegeven.5.2 Storingen tijdens het verwarmingsbedrijfBij storingen aan uw ketel verschijnt er een foutcode ophet display.

Bij de in wat volgt genoemde foutmeldingenkunt u in eerste instantie proberen het apparaat zelf teontstoren.Opgelet!Bij andere fouten of andere storingen in uwverwarmingsinstallatie moet voor de controleadvies worden ingewonnen bij een erkendvakbedrijf.12BE

5.2.2 Foutmelding F.20Afb. 5.2 Ontgrendeling na STB uitschakelingUw ketel is uitgerust met eenveiligheidstemperatuurbegrenzer (STB), die de ketelautomatisch uitschakelt als de temperatuur te hoogoploopt.F. 2 0 = Temperatuur te hoog/STB heeft uitgeschakeld• manuele ontgrendeling aan de STB• ontstoring aan de elektronicaVoor de ontgrendeling moet de frontbekleding erafworden genomen en de STB door de pin (1) in te drukkenmanueel ontgrendeld worden.Vervolgens moet de elektronica met de toets (2)teruggezet worden.Opgelet!Als de foutmelding F.20 herhaaldelijk wordtweergegeven, dan moet voor de controle adviesworden ingewonnen bij een erkend vakbedrijf.STOPmax. 3 x2125 Storingen opheffenatmoVIT125.2.3 Foutmelding F.36De Vaillant atmoVIT -apparaten zijn uitgerust met eensensor voor afvoergas.

Bij niet-reglementaire afvoer vande verbrandingsgassen schakelt het apparaat zich uitom het ontsnappen van afvoergas in deopstellingsruimte van de ketel te verhinderen.Op het display verschijnt dan de foutmelding "F.3 6 ".Een hernieuwde start van het apparaat volgtautomatisch ca. 15 - 20 minuten na deze uitschakeling.Bij herhaaldelijke uitschakeling (max. 3ontstekingspogingen) treedt het apparaat niet meer inwerking. Op het display blijft de foutmelding "F. 3 6 "verschijnen.Gevaar!Als het apparaat na de derde ontstoorpogingniet opnieuw in werking treedt, dan moet voorde controle advies worden ingewonnen bij eenerkend vakbedrijf.1

13Verzorging en onderhoud 6atmoVIT 136 Verzorging en onderhoud6. 1 VerzorgingReinig de bekleding van uw apparaat met een vochtigedoek en wat zeep. Gebruik geen schurende ofoplossende reinigingsmiddelen, die de bekleding of debedieningselementen uit kunststof kunnen beschadigen. 6. 2 Inspectie/OnderhoudElke machine heeft na een bepaalde gebruikstijdverzorging en onderhoud nodig om veilig enbetrouwbaar te blijven werken. Regelmatig onderhoudcreëert de voorwaarde voor een langdurigoperationaliteit, betrouwbaarheid en een langelevensduur van uw Vaillant atmoVIT. Een goed onderhouden verwarmingsapparaat werkt meteen beter rendement en is daardoor economischer. Noodzakelijk voor de langdurige operationaliteit enbedrijfsveiligheid, betrouwbaarheid en een langelevensduur is een jaarlijkse inspectie/onderhoud vanhet apparaat. Gevaar.

Probeer nooit zelf onderhoudswerkzaamhedenof reparaties aan uw verwarmingsapparaat uitte voeren. Belast daarmee een erkendvakbedrijf. Wij raden aan om eenonderhoudscontract af te sluiten. Nalatig onderhoud kan de bedrijfsveiligheid vanhet apparaat beïnvloeden en materiële enpersoonlijke schade veroorzaken. 6. 3 Indicatie onderhoudsbehoefteDe vakman kan in uw ketel een onderhoudsbehoefte-indicatie instellen. Indien deze functie geactiveerd is, verschijnt de indicatie"SER" op het display van uw ketel zodra eenonderhoudsbeurt vereist is. Breng bij het verschijnen van deze indicatie uw vakmanop de hoogte en laat het onderhoud uitvoeren. Als deze functie niet geactiveerd is en er geenonderhoudsaanwijzing wordt gegeven, dan moet uwketel minstens eenmaal per jaar worden onderhouden(zie ook hoofdstuk 6. 2). 6.

Als de verwarmingsinstallatie zich uitstrekt overmeerdere verdiepingen, dan kunnen hogere waardenvoor de waterstand van de installatie aan de manometervereist zijn. Raadpleeg hiervoor uw vakbedrijf. 6. 5 Apparaat/Verwarmingsinstallatie vullenOpgelet. Gebruik voor het vullen van deverwarmingsinstallatie alleen schoonleidingwater. Het toevoegen van chemische middelen zoalsb. v. antivries- en corrosiebeschermendemiddelen (inhibitoren) is niet toegestaan. Voor het vullen en bijvullen van uwverwarmingsinstallatie kunt u normaal gezienleidingwater gebruiken. In uitzonderingsgevallen zijn erechter waterkwaliteiten, die onder bepaaldeomstandigheden niet geschikt zijn voor het vullen vande verwarmingsinstallatie (sterk corrosief of sterkkalkhoudend water). Raadpleeg in dat geval uw erkendvakbedrijf.

Gelieve om de verwarmingsinstallatie te vullen als volgtte werk te gaan:• Open alle thermostaatkranen van de installatie. • Verbind de vul- en ledigingskraan van de installatiemet een vulslang met een aftapkraan voor koud water. (Uw vakman moet u de vularmaturen aangewezen enhet vullen resp. ledigen van de installatie uitgelegdhebben). • Draai de vulkraan en de aftapkraan langzaam open envul zolang water bij tot de vereiste installatiedruk aande manometer wordt aangegeven. • Sluit de aftapkraan. • Ontlucht alle radiators. • Controleer vervolgens nogmaals de vuldruk van deinstallatie (evt. het vullen herhalen). • Sluit de vulinrichting en verwijder de vulslang. BE.

146 Verzorging en onderhoudatmoVIT146.6 Meet- en controlewerkzaamheden door de schoorsteenvegerAfb. 6.1 Schoorsteenvegerbedrijf activerenOm de atmoVIT voor meetwerkzaamheden op demaximale verwarmingscapaciteit te schakelen gaat u alsvolgt te werk:• Activeer het schoorsteenvegerbedrijf doortegelijkertijd de toetsen "+" en "-" van het DIA-systeem in te drukken.• Voer de metingen ten vroegste na 2 minutenbedrijfsduur van het apparaat uit.• Door tegelijkertijd de toetsen "+" en "-" in te drukkenkunt u het meetbedrijf weer verlaten.Het meetbedrijf wordt ook beëindigd als er 15 minutenlang geen toets wordt ingedrukt.

15Fabrieksgarantie 7atmoVIT 157 FabrieksgarantieGelieve de telkens geldende garantievoorwaarden af teleiden uit de meegeleverde garantiekaart. Gelieve de garantiekaart, meegeleverd met de ketel, teraadplegen voor de garantiecondities. De producten van de NV Vaillant zijn gewaarborgdtegen alle materiaal- en constructiefouten voor eenperiode van een jaar vanaf de datum vermeld op hetaankoopfactuur dat u heel nauwkeurig dient bij tehouden. De waarborg geldt alleen onder de volgendevoorwaarden:1. Het toestel moet door een erkend gekwalificeerdvakman geplaatst worden, onder zijn volledigeverantwoordelijkheid, en zal erop letten dat denormen en installatievoorschriften nageleefd worden. 2. Het toestel moet voorzien worden van een geldigbewijs van goedkeuring door de officiële Belgischeinstanties. 3.

Het is enkel aan de technici van de Vaillant fabriektoegelaten om herstellingen of wijzigingen aan hettoestel onder garantie uit te voeren, opdat dewaarborg van toepassing zou blijven. De origineleonderdelen moeten in het Vaillant-toestel gemonteerdzijn, zoniet wordt de waarborg geannuleerd. 4. Teneinde de waarborg te laten gelden, moet u ons degarantiekaart volledig ingevuld, ondertekend engefrankeerd terugzenden binnen de veertien dagenna de installatie.

De waarborg wordt niet toegekend indien de slechtewerking van het toestel het gevolg is van een slechteregeling, door het gebruik van een nietovereenkomstige energie, een verkeerde of gebrekkigeinstallatie, de niet-naleving van de gebruiksaanwijzingdie bij het toestel gevoegd is, door het niet opvolgenvan de normen betreffende de installatievoorschriften,het type van lokaal of verluchting, verwaarlozing,overbelasting, bevriezing, elke normale slijtage of elkehandeling van overmacht. In dit geval zullen onze prestaties en de geleverdeonderdelen aangerekend worden.

Bij facturatie,opgesteld volgens de algemene voorwaarden van de na-verkoop-dienst, wordt deze steeds opgemaakt op denaam van de persoon die de oproep heeft verricht en/ofde naam van de persoon bij wie het werk is uitgevoerd,behoudens voorafgaand schriftelijk akkoord van eenderde persoon (bv. huurder, eigenaar, syndic, enz. ) diedeze factuur uitdrukkelijk ten zijne laste neemt. Hetfactuurbedrag zal contant betaald moeten worden aande fabriekstechnicus die het werk heeft uitgevoerd. Het herstellen of vervangen van onderdelen tijdens degarantieperiode heeft geen verlenging van de waarborgtot gevolg. De toekenning van garantie sluit elke betalingvan schadevergoeding uit en dit tot voor om het evenwelke reden ze ook gevraagd wordt. Voor elk verschil,zijn enkel de Tribunalen van het district waar dehoofdzetel van de vennootschap gevestigd is, bevoegd. BE.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Vaillant atmoVIT VK BE 324/1-5 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden