Unox BakerTop Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Unox BakerTop (32 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 14 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Unox BakerTop of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Unox |
| Categorie: | Oven |
| Model: | BakerTop |
Handleiding Unox BakerTop – volledige tekst
2NEDERLANDS RINHOUDInleiding 2INSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKER 3 Digitaal ChefTouch en BakerTouch-bedieningspaneel 4 Bediening van het bedieningspaneel 4 De parameters instellen 5-7 De bereidingsstappen selecteren 7De bereidingsprogramma’s instellen Bereiding met een ingestelde bereidingsduur en oventemperatuur 8 Bereiding met de kerntemperatuursonde bij een ingestelde oventemperatuur 8Bereiding waarbij de kerntemperatuursonde op een bepaalde Delta T is ingesteld 9 Gebruikersinstellingen programmeren 9Standaardfuncties LASTP functie 10 Programma’s voor automatische reiniging 10 “COOL”-programma voor het koelen van de ovenruimte 10 ADAPTIVE. Clima functie 11 Vooraf ingestelde bereidingsprogramma’s 12 MAXI.
Link technologie 13 Bereidingsprincipes 14Communicatie tussen de oven en de gebruiker Waarschuwingsmeldingen 14-16 Alarmmeldingen 16-17 Onderhoud in geval van storing 17INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATEUR Installatie van de oven 18 Positionering 19-23 Elektrische aansluitingen 24-25 Watervoorziening 26 Rookafvoer van de ovenruimte 27 Aansluiting van accessoires 28 Oven stapelen 28 Certificering 29INLEIDINGBeste Klant, wij willen u danken en feliciteren met de aan-koop van uw UNOX ChefTop™/BakerTop™ oven en wij vertrouwen erop dat dit het begin zal zijn van een lange en duurzame samenwerking. Zoals u al weet, is de lijn ChefTop™/BakerTop™ en de bijbehorende accessoires zoals een blast-chiller, warmhoud-kast en speciale bakplaten en roosters, uitvoerig bestudeerd om elk kookproces voor u mogelijk te maken. Van de eenvoudigste tot de meer gecompliceerde processen.
Het innovatieve digitale controle paneel ChefTouch™ biedt u tevens de mogelijkheid om alle aangesloten ChefTop™-/Ba-kerTop™ apparatuur te kunnen bedienen met één controle paneel. Met het innovatieve digitale Chef Touch-bedieningspaneel kunt u alle UNOX-apparaten die op de oven zijn aangeslo-ten, vanaf één enkel punt bedienen.
De ChefTop™/BakerTop™-ovens zijn voorzien van de exclusieve ADAPTIVE. Clima-technologie. Deze technologie levert uitzonderlijk betrouwbare en stabiele resultaten, on-geacht het aantal bakplaten dat zich in de oven bevindt. De ChefTop™/BakerTop™-ovens monitoren in feite continu alle bereidingsparameters: niet alleen de temperatuur, maar ook de luchtvochtigheid in de ovenruimte. Dit zorgt ervoor dat altijd het geschiktste bereidingsprogramma wordt gebruikt en u elke keer weer het beste resultaat krijgt. De ADAPTIVE. Clima-technologie betekent ook dat u een bereidingswijze die al in het geheugen is opgeslagen, eindeloos kunt her-halen. Hierdoor hebt u de zekerheid dat de resultaten altijd hetzelfde zijn, of nu alle bakplaten in de oven zijn geplaatst of maar één. De AIR.
Maxi-technologie, die het mogelijk maakt om drie verschillende motortoerentallen en drie semistatische be-drijfsmodi in te stellen, kan gebruikt worden om de lucht-stroom in de ovenruimte aan uw eigen behoeften aan te passen: een hoge snelheid voor snelle en intensieve berei-dingsprogramma’s, een lage snelheid voor delicaat voedsel met veel bereidingstijd en semistatische bediening voor de meest uitdagende gebak- en broodrecepten. Met de MULTI. Time-technologie kunnen tot wel negen timers ingesteld worden, waardoor u volledige controle hebt, zelfs als u bij dezelfde temperatuur en luchtvochtigheid meerdere gerechten tegelijk bereidt die allemaal een andere berei-dingstijd hebben.
Met de ChefTop™/BakerTop™ ovens kunt u één of twee supplementaire externe kerntemperatuurmeters toevoegen, die met extra dunne naalden zijn uitgerust, om zo het perfecte vacuüm en stoom koken van bijzonder delicaat voedsel mogelijk te maken. Op basis van UW persoonlijke behoeften, kunnen enkele instellingen van elk automatisch kookproces worden aange-past, om zo de resultaten te krijgen die u wenst.
3NEDERLANDSRINSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKERATTENTIE:Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig, het bevat be-langrijke informatie over de installatie, de werking en het onderhoud van uw ChefTop™/BakerTop™ oven. Bewaar de gebruiksaanwijzing op een veilige plaats. Het apparaat dient slechts te worden gebruikt waarvoor het is bestemd. Elk ander gebruik kan defecten veroorzaken. Het apparaat kan worden gebruikt om:allerlei brood en deegwaren te bakken, zowel vers als be-vroren; allerlei gastronomische gerechten, vers of bevroren; gekoeld of bevroren voedsel op te warmen; vlees, vis en verschillende soorten groenten te stomen. Alvorens het toestel te gebruiken verzeker uzelf ervan of er geen gebruiksaanwijzingen, plastic zakken of andere voor-werpen in de oven bevinden. Het controle paneel dient slechts met de hand te worden bediend.
Ieder ander voorwerp kan schade aan het paneel veroorzaken en kan van invloed zijn op de garantie van uw apparaat. Het toestel is alleen voor professioneel gebruik en dient dan ook te worden bediend door gekwalificeerd en vakkundig personeel. De externe delen van het apparaat mogen de temperatuur van 60°C niet overschrijden. Plaats het apparaat niet te dicht bij andere hittebronnen b. v. : braadpannen, open branders, enz. In het geval van het koken van voedsel met een zeer hoog vetgehalte, plaats dan bijvoorbeeld een lekbak in de oven om zo de vetten op te vangen. WAARSCHUWINGBlijf zorgvuldig, probeer ongevallen te vermijden, let op wanneer er hete vloeistoffen uit de oven worden ge-haald. Zodra er zich hete vloeistoffen in de oven bevinden, plaats deze dan op een hoogte dat een ieder kan zien wat er zich in de oven bevind.
Besteed bijzondere aandacht bij het gebruik van de kern-temperatuurmeter binnen de oven: gebruik beschermende handschoenen om brandwonden te vermijden. De kern-temperatuurmeter dient alleen binnen de oven te worden gebruikt. Haal de kerntemperatuurmeter uit het product alvorens het product uit de oven te verwijderen. Tijdens de „COOL“ functie (oven koelt geforceerd af), werken de ventilatoren van de oven óók met de deur van de oven open. De installatie, het onderhoud en de reparatie dienen door gekwalificeerd en vakkundig getraind personeel te worden uitgevoerd. Verzeker uzelf ervan dat het apparaat van het electriciteitsnet is afgesloten alvorens de service of onder-houd te plegen. In het geval van plaatsing op een mobiel onderstel, zorg er dan voor dat er genoeg ruimte is voor de elektriciteitskabels en aan- en afvoerleidingen.
HET SCHOONMAKEN VAN DE OVENEerste gebruik van de ovenAlvorens het apparaat in gebruik te nemen: maak de oven zorgvuldig schoon met warm water en een geschikt schoonmaakmiddel, daarna grondig naspoelen. Gebruik geen ‘bijtende’ vloeistoffen of schuursponsen, dit geldt voor zowel de binnenruimte als het apparaat zelf. Verhit de lege oven ongeveer 30 min. bij een temperatuur van 200°C om mogelijke thermische isolatiegeuren te verwijderen. Het schoonmaken van de binnenruimteHet wordt geadviseerd om de binnenruimte elke dag schoon te maken om een hoog niveau van hygiëne te garanderen en om schade aan de roestvrijstalen binnen-ruimte te voorkomen. UNOX adviseert u om het automatische wassysteem Rotor. KLEAN™ te gebruiken. (optioneel).
4NEDERLANDS RBediening van het bedieningspaneelHandmatige bedieningBereidingsparameters selecterenDe volgende parameters kunnen bij elke stap worden ingesteld:Bereidingstijd of kerntemperatuur (deze twee parameters sluiten elkaar uit): als de bereidingstijd is ingesteld, is de kerntemperatuur automatisch niet meer instelbaar (en vice versa); de oventemperatuur of in plaats daarvan Delta T (Delta T is alleen mogelijk als de kerntemperatuur is ingesteld);CLIMA LUX (indien nodig) om het vochtverwijderings-percentage (DRY. Maxi™) of het stoomvrijgavepercentage (STEAM. Maxi™) in te stellen;Gebruik de knop om van de ene parameter naar de andere te gaan; de actieve parameter wordt weergegeven door een van de vijf oplichtende symbolen. Daarnaast is het mogelijk de snelheid van de luchtstroom in de ovenruimte (drie continue snelheden en drie semistati-sche bedrijfsmodi) te selecteren.
Druk op de knop om de snelheid van de luchtstroom in te stellen; de actieve snelheid wordt weergegeven op display 4. N. B. Een volledige bereidingscyclus betekent niet automatisch dat alle vier de stappen uitgevoerd moeten worden. Alleen de gewenste stappen moeten worden ingesteld. Dit beïnvloedt de prestaties van de oven niet. De bereidingstijd of kerntemperatuur instellenDe parameters ‘bereidingstijd’ en ‘kerntemperatuur’ bepa-len de duur van elke bereidingsstap. In het algemeen geldt dat hoe meer voedsel er in de oven wordt geplaatst, des te langer het bereidingsproces moet duren en vice versa. In plaats van de bereidingstijd kan ook een waarde voor de kerntemperatuursonde worden ingesteld. Zodra deze waarde is bereikt, begint de volgende bereidingsstap of ein-digt, indien ingesteld, het bereidingsprogramma.
In dit ge-val wordt de bereidingstijd automatisch aangepast aan de hoeveelheid voedsel die in de ovenruimte wordt geplaatst. Als de bereidingstijd korter is dan vereist - of de kerntempe-ratuur te laag is -, wordt het voedsel niet goed gaar.
Als de bereidingstijd langer is dan vereist - of de kerntem-peratuur te hoog is -, droogt het voedsel uit en brandt de buitenzijde aan. Digitaal ChefTouch en BakerTouch-bedieningspaneelBediening van het bedieningspaneelHet “ChefTouch” “BakerTouch”-bedieningspaneel wordt bediend door het toetsenblok op het scherm met uw vinger aan te raken (gebruik geen voorwerpen zoals vorken en messen). Op deze manier kunnen de functies geactiveerd en de waarden naar wens worden ingesteld. Dankzij deze technologie kan het bedieningspaneel bovendien snel en gemakkelijk gereinigd worden, is een optimale betrouwbaarheid en duurzaamheid gewaarborgd. Overzicht van het bedieningspaneel: display display display display display display 1 2 3 4 5 6Het apparaat in/uitschakelenAls de oven op het elektriciteitsnet is aangesloten, wordt het bedieningspaneel automatisch ingeschakeld.
Na vijftien minuten gaat het apparaat in de stand-bymodus als er in deze tijdsperiode niet op een van de knoppen is gedrukt en als geen van de apparaten die op het elektronische bedieningspaneel is aangesloten (ovens, snelkoeler, warm-houdkast) in gebruik zijn; alleen het LED-lampje blijft branden. Druk eenvoudigweg op de knop om het elektronische bedieningspaneel opnieuw te activeren. Als het elektronische bedieningspaneel is ingeschakeld, moet de knop gedurende zes seconden ingedrukt worden gehouden om de stand-bymodus te activeren; druk nogmaals op de knop om het paneel opnieuw te activeren.
5NEDERLANDSRDe parameters ‘bereidingstijd’ en ‘kerntemperatuur’ sluiten elkaar uit: als er een bereidingstijd wordt ingesteld, kan de parameter ‘kerntemperatuur’ niet ingesteld worden; en als de kerntemperatuur wordt ingesteld, kan de parameter ‘bereidingstijd’ niet ingesteld worden. Het is daarom noodzakelijk de parameter ‘bereidingstijd’ of de parameter ‘kerntemperatuur’ in te stellen: als geen van beide parameters wordt geselecteerd, kunnen er geen an-dere parameters (oventemperatuur, Delta T, Climate) worden ingesteld. De parameters instellen De bereidingstijd instellenDe bereidingstijd wordt in uren en minuten weergegeven op display 2 en kan met de knoppen worden ingesteld. Als bereidingsstap 1 wordt geselecteerd en de tekst “INF” (INFINITE) op display 2 verschijnt, werkt de oven continu totdat hij door de gebruiker handmatig wordt uitgeschakeld.
Als tijdens de volgende bereidingsstappen de functie HOLD (“HLD”) wordt geselecteerd, draaien de ventilatoren alleen als de verwarmingselementen aan zijn. De kerntemperatuur instellenDe kerntemperatuursonde meet gedurende het gehele bereidingsproces de toename van de temperatuur in het te bereiden voedsel. Hij moet in het dikste deel van het voed-sel gestoken worden, waarbij het uiteinde in het midden zit. Het is absoluut noodzakelijk dat de sonde correct is ge-plaatst voordat er met de bereiding wordt begonnen; als de sonde niet correct wordt geplaatst, kan dit het eindresultaat nadelig beïnvloeden. De kerntemperatuur wordt weergegeven op display 2 en kan met de knoppen worden ingesteld. Als de ingestelde kerntemperatuur is bereikt, wordt deze be-reidingsstap als voltooid beschouwd en begint de volgende stap (indien van toepassing).
De externe XC249-sondeset kan gebruikt worden om een extra, kleinere kerntemperatuursonde aan te sluiten die ge-schikt is voor het bereiden van vacuümverpakte producten en voedsel van geringere omvang. Let op. Bescherm uw armen en handen.
Er is gevaar voor letsel. Plaats de kerntemperatuursonde altijd overeenkomstig de instructies. Gevaar voor beschadiging. Laat de sonde niet uit de oven hangen. Gevaar voor beschadiging. Haal de sonde uit het voedsel voordat de pan of het gerecht uit de oven wordt gepakt. Gevaar voor beschadiging. De oventemperatuur of Delta T instellenHet nauwkeurig instellen van de temperatuur in de oven-ruimte waarborgt dat het voedsel op de juiste manier wordt bereid, zowel van binnen als van buiten. Als de temperatuur lager is dan de aangegeven waarde, droogt het voedsel uit in plaats van dat het gaar wordt. Als de temperatuur hoger is dan de aangegeven waarde, brandt de buitenzijde aan en blijft het binnenste rauw (soms is dit de bedoeling, met name bij vlees).
Bereiding met de parameter ‘DELTA-T’ is alleen mogelijk tijdens bereidingsstappen die gebruikmaken van de kern-temperatuursonde om de bereidingstijd te regelen. Met DELTA-T bedoelen we het verschil tussen de temperatuur in de ovenruimte en de waarde die gemeten wordt door de kerntemperatuursonde in het voedsel. De parameters ‘oventemperatuur’ en ‘Delta T’ sluiten elkaar uit: Als de oventemperatuur is ingesteld, kan de parameter ‘Delta T’ niet worden ingesteld, als Delta T is ingesteld, kan de parameter ‘oventemperatuur’ niet worden ingesteld.
6NEDERLANDS RDe parameters instellen De oventemperatuur instellenDe temperatuur in de ovenruimte wordt weergegeven op display 3 en kan met de knoppen worden ingesteld. Als de tekst “PAU” op display 3 verschijnt, gaat de oven in de pauzemodus: de ventilatoren en verwarmingselementen blijven inactief. Stel op display 2 de pauzetijd in en op display 3 het symbool “PAU” om activering van de oven uit te stellen of een pauze in te lassen (handig als bepaalde producten moeten rijzen). Delta T instellenDelta T wordt weergegeven op display 3 en kan met de knoppen worden ingesteld. Het klimaat instellenHet binnenklimaat van de ovenruimte (STEAM. Maxi/DRY. Maxi) wordt weergegeven door de CLIMA LUX-ellips en kan met de knoppen worden ingesteld.
De tien blauwe leds geven de luchtvochtigheid of het stoompercentage in de ovenruimte weer (STEAM Maxi);de tien rode leds geven het drogingspercentage weer ( DRY Maxi). N. B. De beide systemen kunnen niet gelijktijdig worden gebruikt. Het instellen van de parameter ‘CLIMA LUX’ is optioneel. Als deze parameter niet wordt ingesteld, werkt de oven in de modus “CONVECTION”. Vrijgave van stoom/vocht in de ovenruimte: STEAM. Maxi™De oven is uitgerust met de STEAM. Maxi-technologie voor het produceren van stoom in de ovenruimte. Met deze innovatieve technologie kunt u vanaf 48°C voed-sel op alle mogelijke manieren stomen, terwijl een uiterst nauwkeurige temperatuurregeling van de geproduceerde stoom is gewaarborgd. Met STEAM.
Maxi™ kunnen instelbare hoeveelheden stoom gecombineerd worden met uiteenlopende temperaturen, waardoor verschillende bereidingswijzen mogelijk zijn: •stomen(alleenstoom); •gecombineerdebereidingmetconvectieenstoom (lucht en stoom). Met behulp van de ADAPTIVE. Clima-technologie monitoren de BakerTop™- en ChefTop™-ovens continu alle berei-dingsparameters: niet alleen de temperatuur, maar ook de luchtvochtigheid in de ovenruimte.
Dit zorgt ervoor dat altijd het geschiktste bereidingsprogramma wordt gebruikt en elke gebruiker elke keer weer het beste resultaat krijgt, ongeacht het aantal bakplaten in de oven. De ADAPTIVE. Clima-functie geeft de hoeveelheid stoom vrij die vereist is voor de door de gebruiker ingestelde lucht-vochtigheid. Let opTijdens de bereiding geeft het product in de oven een be-paalde hoeveelheid stoom af: het kan daarom voorkomen dat het apparaat geen stoom produceert als het door het voedsel afgegeven vocht toereikend is om de waarde te realiseren die door de gebruiker is ingesteld. In dit geval is het niet zo dat er geen stoom wordt geproduceerd omdat het apparaat een storing vertoont, maar omdat de oven de parameters op een correcte manier heeft gemonitord en geregeld.
Ga als volgt te werk om de gewenste luchtvochtigheid in de ovenruimte in stellen: •Druk herhaaldelijk op de knop totdat het CLIMA LUX-display knippert; •Stelmetde knop het gewenste stoomvrijgavepercen-tage in (STEAM. Maxi™). De tien blauwe leds geven de door de gebruiker gewenste luchtvochtigheid in de ovenruimte weer; deze kan voor elke stap in het bereidingsproces variëren van 10% tot 100%.
7NEDERLANDSRDe parameters instellen Vocht/stoom uit de ovenruimte verwijderen: DRY. Maxi™Met de gepatenteerde DRY. Maxi™-technologie kan snel al het vocht uit de ovenruimte worden verwijderd, of het nu afkomstig is van de producten in de oven of tijdens een vorige bereidingsstap geproduceerd is door het STEAM. Maxi™-systeem. De DRY. Maxi™-technologie zorgt ervoor dat ChefTop™- en BakerTop™-ovens een grote verscheidenheid aan moge-lijkheden waarborgen. Hierbij maakt het niet uit of het om restaurantgerechten of om gebak en brood gaat. Ga als volgt te werk om het gewenste vochtverwijderings-percentage in de ovenruimte in stellen: • DrukherhaaldelijkopdeknoptotdathetCLIMALUX-display knippert; • Stelmetdeknophetgewenstevochtverwijderingspercen-tage in (STEAM. Maxi™).
De tien rode leds geven weer welk (variabel) percentage (tussen de 10% en 100%) van het vocht uit de ovenruimte moet worden verwijderd. De snelheid van de luchtstroom instellenDe mogelijkheid om drie luchtstroomsnelheden in de oven-ruimte in te stellen, in combinatie met de drie semistatische bedrijfsmodi, betekent dat elk product bereid kan worden: van delicaat en licht tot voedsel dat veel warmte vereist. Met de knop kan het motortoerental en de bedrijfsmodus worden ingesteld. Er zijn drie continue toerentallen en drie semistatische bedrijfsmodi. De semistatische modus activeert de motoren uitsluitend als de verwarmingselementen aan zijn. Dit levert precies het-zelfde resultaat op als bij een traditionele ‘statische’ oven.
Het geselecteerde toerental wordt weergegeven op display 4 en kan in de onderstaande volg-orde met de knop worden ingesteld: •1: geeftaandathettoerentalopdeminimale waarde is ingesteld •2: geeftaandathettoerentalopdegemiddelde waarde is ingesteld •3: geeftaandathettoerentalopdemaximale waarde is ingesteld•1P:geeftsemistatischewerkingaan,waarbijhettoerentalop de minimale waarde is ingesteld•2P:geeftsemistatischewerkingaan,waarbijhettoerentalop de gemiddelde waarde is ingesteld•3P:geeftsemistatischewerkingaan,waarbijhettoerentalop de maximale waarde is ingesteld De bereiding starten/stoppen – Zodra u alle bereidingsparameters hebt ingesteld, drukt u op de knop om de bereiding te starten. – Druk nogmaals op de knop om de bereiding te beëindigen.
– Als de bereiding is voltooid, klinkt er, zowel bij de handmatige als bij de programmeermodus, gedurende 15 seconden een pieptoon en knippert het display 45 seconden. – Tijdens deze 45 seconden blijft de led “START/STOP” branden. – Als u in deze tijdsperiode op de knop drukt, wordt de bereidingstijd verlengd en start de oven automatisch op-nieuw (op basis van de recentste bereidingsparameters). – Als u op de knop drukt, gaat de led “START/STOP” uit en worden alle bereidingsparameters gereset. – Als er binnen 45 seconden op geen van de knoppen wordt gedrukt, gaat de led “START/STOP” uit en worden alle bereidingsparameters gereset. De bereidingsstappen selecterenDe bereiding starten/stoppenElk bereidingsproces bestaat uit negen stappen. Druk op de knop om van de ene stap naar de andere te gaan; de actieve stap wordt weergegeven op display 1.
Let op: welke parameter na een druk op de knop wordt weergegeven, is afhankelijk van de keuzes die gemaakt worden als met het bedieningspaneel de bereidingstijd wordt ingesteld (zie onderstaand diagram). Het is daarom niet mogelijk voedsel met de DELTA-T-functie te bereiden als de duur van de bereidingsstap is ingesteld met de functie ‘BEREIDINGSTIJD’.
8NEDERLANDS RDe bereidingsprogramma’s instellenBereiding met een ingestelde bereidingsduur en oventemperatuurEerste stap:Druk op de knop totdat het timerdisplay begint te knippe- ren ;Stel met de knop de gewenste bereidingstijd in. N. B. Tijdens bereidingsstap 1 kan een onbepaalde tijdsduur “INF” worden ingesteld; in dit geval worden de temperatuur en luchtvochtigheid in de ovenruimte voor onbepaalde tijd aangehouden moet de oven door de gebruiker handmatig worden uitgeschakeld. Tijdens de bereidingsstappen 2, 3 en 4 kan de functie “HLD” worden geselecteerd voor een constante oventemperatuur van 70°C. De ovenruimte houdt deze temperatuur totdat de oven handmatig wordt uitge-schakeld; hierdoor blijft het voedsel in de oven warm en klaar om opgediend te worden. Tweede stap:Druk nogmaals op de knop totdat het temperatuurdisplay begint te knipperen ;Stel met de de gewenste oventemperatuur in.
N. B. De pauzefunctie (“PAU”) kan op elk gewenst moment geselecteerd worden. Na selectie van deze functie blijft de oven in de stand-bymodus, waarbij de ventilatoren, verwarmingselementen en brander uitgeschakeld zijn. Dit is voor veel bereidingswijzen een handige functie, met name als u de ‘thermische druk’ op het product wilt beperken. Derde stap:CLIMA LUX (indien nodig) om het vochtverwijderings-percentage (DRY. Maxi™) of het stoomvrijgavepercentage (STEAM. Maxi™) in te stellen: • Druknogmaalsopde knop totdat het CLIMA LUX-display begint te knipperen; • Stelmetde knop het gewenste stoomvrijgave -percentage (STEAM. Maxi™) in; • Stelmetde knop het gewenste vochtverwijderings-percentage (DRY. Maxi™) in; • Steldezeparameternietin(waardenul)alsdebereidingalleen met convectie wordt uitgevoerd; hierbij wordt er geen stoom vrijgegeven of verwijderd.
Bereiding met de kerntemperatuursonde bij een ingestelde oventemperatuurEerste stap:Druk op de knop totdat het kerntemperatuursymbool begint te knipperen;Stel met de knop de gewenste kerntemperatuur in. N. B. Als de kerntemperatuur wordt ingesteld, wordt automatisch ook de bereidingstemperatuur ingesteld. Zodra de ingestelde kerntemperatuur is bereikt, gaat de oven door met de volgende stap (indien geselecteerd) of wordt de bereiding beëindigd. Tweede stap:Druk nogmaals op de knop totdat het temperatuurdisplay begint te knipperen ;Stel met de knop de gewenste kerntemperatuur in. N. B. De pauzefunctie (“PAU”) kan op elk gewenst moment gese-lecteerd worden. Na selectie van deze functie blijft de oven in de stand-bymodus, waarbij de ventilatoren, verwarmings-elementen en brander uitgeschakeld zijn.
Dit is voor veel bereidingswijzen een handige functie, met name als u de ‘thermische druk’ op het product wilt beperken. Derde stap:CLIMA LUX (indien nodig) om het vochtverwijderingspercen-tage (DRY. Maxi™) of het stoomvrijgavepercentage (STEAM. Maxi™) in te stellen: • Druknogmaalsopde knop totdat het CLIMA LUX-display begint te knipperen; • Stelmetde knop het gewenste stoomvrijgavepercentage (STEAM. Maxi™) in; • Stelmetde knop het gewenste vochtverwijderingspercentage (DRY. Maxi™) in; • Steldezeparameternietin(waardenul)alsdebereidingalleen met convectie wordt uitgevoerd; hierbij wordt er geen stoom vrijgegeven of verwijderd. Vierde stap:Druk op de knop om de snelheid van de luchtstroom te wijzigen;de huidige snelheid wordt weergegeven op display 4.
9NEDERLANDSRDe bereidingsprogramma’s instellenBereiding waarbij de kerntemperatuursonde op een bepaalde Delta T is ingesteldEerste stap:Druk op de knop totdat het kerntemperatuursymbool begint te knipperen;Stel met de knop de gewenste kerntemperatuur in. N. B. Als de kerntemperatuur wordt ingesteld, wordt automatisch ook de bereidingstemperatuur ingesteld. Zodra de ingestelde kerntemperatuur is bereikt, gaat de oven door met de volgende stap (indien geselecteerd) of wordt de bereiding beëindigd. Tweede stap:Druk nogmaals op de knop totdat het Delta T-display begint te knipperen ;Stel met de knop de gewenste Delta T in. N. B. De oven werkt nooit en in geen enkel geval bij temperaturen boven de 260°C. Derde stap:CLIMA LUX (indien nodig) om het vochtverwijderingspercen-tage (DRY. Maxi™) of het stoomvrijgavepercentage (STEAM.
Maxi™) in te stellen: • Druknogmaalsopde knop totdat het CLIMA LUX-display begint te knipperen; • Stelmetde knop het gewenste stoomvrijgavepercentage (STEAM. Maxi™) in; • Stelmetde knop het gewenste vochtverwijderingspercentage (DRY. Maxi™) in; • Steldezeparameternietin(waardenul)alsdebereidingalleen met convectie wordt uitgevoerd; hierbij wordt er geen stoom vrijgegeven of verwijderd. Vierde stap:Druk op de knop om de snelheid van de luchtstroom te wijzigen;de huidige snelheid wordt weergegeven op display 4. Gebruikersinstellingen programmerenBereiding met behulp van programma’sMet het elektronische ChefTouch- en BakerTouch-bedienings-paneel kan de gebruiker tot wel 99 bereidingsprogramma’s opslaan. Hierbij krijgt elk programma een naam die uit maximaal 25 letters bestaat.
De tekst “PRE” verschijnt;Selecteer met de knop een absolute voorverwarmings-temperatuur of een temperatuurverschil tussen de voorverwarmingswaarde en de waarde voor de eerste bereidingsstap van het programma;Stel met de knop de gewenste waarde in graden in;Druk op de knop om naar de volgende stap te gaan en stel voor deze stap de gewenste bereidingsparameters (Bereidingstijd, Kerntemperatuur, Oventemperatuur, Delta T, Klimaat) in;Druk op de knop en stel de parameter in voor het regelen van de snelheid van de luchtstroom in de ovenruimte;Houd de knop vijf seconden ingedrukt om het programma in het geheugen op te slaan (na vijf seconden klinkt er ter bevestiging een pieptoon).
Opgeslagen programma’s gebruiken:Druk op de knop om het programmamenu te openen;Druk op de knop totdat op display 5 het nummer ver-schijnt dat overeenkomt met het gewenste programma;Druk op de knop om het geselecteerde programma te starten;Druk nogmaals op de knop om het programma te beëin-digen. N. B. Als een opgeslagen bereidingsprogramma wordt gestart, wordt de oven automatisch voorverwarmd tot de ingestelde voorverwarmingstemperatuur. Als een bereidingsprogramma wordt gestart, begint de oven met de ingestelde voorverwarmingsstap. Tijdens deze stap blijven alle leds en displays uit, behalve de led “START/STOP”, display 2 (dat de tekst “PRE” weergeeft) en display 4 (dat het toegepaste programma aangeeft).
Als de gewenste temperatuur is bereikt en constant wordt aange-houden, klinkt er een pieptoon en worden de gegevens die bij de eerste bereidingsstap horen, op het display weerge-geven. Nadat de deur is geopend, het voedsel in de oven is geplaatst en de deur weer is gesloten, start automatisch het bereidingsprogramma.
10NEDERLANDS RStandaardfunctiesLASTP-functieMet deze functie kan snel de laatst gebruikte bereidings-wijze worden geselecteerd, of deze nu handmatig of via de programmeermodus was geactiveerd. Druk op de knop als de bereiding is voltooid. Op display 5 wordt de tekst “LASTP” weergegeven;Druk op de knop om de laatst gebruikte bereidingswijze opnieuw te starten. Programma’s voor automatische reinigingMet het Rotor. KLEAN™-reinigingssysteem (code XC405) kan de ovenruimte automatisch gereinigd worden. Programma’s voor automatische reiniging kunnen alleen gebruikt wor-den als het apparaat over deze optie beschikt. Het Rotor. KLEAN™-reinigingssysteem kan ook geïnstalleerd worden nadat het apparaat in gebruik is genomen.
Er zijn drie reinigingsprogramma’s (‘SHORT WASHING’, ‘MED WASHING’ en ‘LONG WASHING’) opgeslagen op de besturingsprintplaat en een voorbeladingsprogramma voor de reinigings- en spoelleidingen (‘PUMP LOADING’). Er zijn nog twee semiautomatische programma’s: “LH2O”, waarmee de ovenruimte bij een temperatuur van 120°C gespoeld en gedroogd kan worden zonder het gebruik van chemicaliën, en “SEMI-AUTOMATIC WASHING”, waarmee de ovenruimte handmatig gereinigd kan worden met chemi-caliën bij een vooraf ingestelde temperatuur. Druk op de knop om het programmamenu te openen;Druk herhaaldelijk op de knop totdat het reinigings-programma LH2O, SHORT WASHING, MED WASHING, LONG WASHING of PUMP LOADING op display 5 wordt weergegeven; Druk op de knop om het geselecteerde programma te starten;N. B.
De eerste keer dat het reinigingssysteem wordt gebruikt, wordt geadviseerd het programma PUMP LOADING uit te voeren om eventueel in de reinigings- en spoelmiddelslan-gen aanwezige lucht te verwijderen, zodat de kwaliteit van de reiniging optimaal is. Deze programma’s kunnen alleen gebruikt worden als het Rotor. KLEAN™-reinigingssysteem (XC405) is geïnstalleerd. Let op.
Wij adviseren dat de ovenruimte dagelijks wordt gereinigd, zodat de toepasselijke hygiënenormen worden nageleefd en het roestvrij staal in de ovenruimte niet wordt aangetast. Hiertoe bevelen wij het gebruik van het Rotor. KLEAN™-reinigingssysteem (code XC405) aan, waarmee de ovenruimte automatisch kan worden gereinigd. Let op. Als het apparaat niet of niet grondig genoeg wordt gereinigd, kunnen vet en voedselresten die zich hebben opgehoopt in de ovenruimte, gaan branden - Brandgevaar. Ter voorkoming van corrosie in de ovenruimte moet het apparaat dagelijks worden gereinigd, zelfs als het alleen gebruikt wordt voor het stomen van producten. Gebruik alleen reinigingsmiddelen die door de fabrikant van het apparaat worden aanbevolen. Reinigingsmiddelen van andere fabrikanten kunnen het apparaat beschadigen en bijgevolg de garantie ongeldig maken. Let op.
Open de ovendeur nooit als de oven gereinigd wordt. Hierdoor kunnen er chemische reinigingsmiddelen en warme lucht vrijkomen. Gevaar voor corrosie en brandwonden. Als het door het Rotor. KLEAN™-systeem uitgevoerde reinigingsprogramma is voltooid, moet gecontroleerd worden of er geen reinigingsmiddel in de ovenruimte (inclusief de ruimte achter het luchtrooster) is achtergebleven. Verwijder alle resten en spoel de gehele ovenruimte (inclusief de ruimte achter het luchtrooster) grondig na met een in de hand gehouden douchekop. Gevaar voor corrosie. “COOL”-programma voor het koelen van de ovenruimteHet “COOL”-programma wordt gebruikt voor het koelen van de oven; Hiermee kunnen de ventilatoren in de ovenruimte draaien, terwijl de verwarmingselementen uit blijven. Het programma kan ook gestart worden met de deur open om het koelen van de ovenruimte te versnellen.
11NEDERLANDSRStandaardfunctiesADAPTIVE. Clima-functie*Met behulp van de ADAPTIVE. Clima-technologie monitoren de ChefTop™- en BakerTop™-ovens continu alle bereidings-parameters: niet alleen de temperatuur, maar ook de luchtvochtigheid in de ovenruimte. Dit zorgt ervoor dat altijd het geschiktste bereidingsprogramma wordt gebruikt en elke gebruiker elke keer weer het beste resultaat krijgt, ongeacht het aantal bakplaten in de oven. De hoeveelheid stoom die in de ovenruimte wordt vrijge-geven, is in overeenstemming met de hoeveelheid voedsel die in het apparaat is geplaatst, zelfs als hetzelfde program-ma wordt gebruikt. In het algemeen geldt dat hoe groter de in de oven geplaatste hoeveelheid voedsel is, des te minder stoom er door de oven wordt geproduceerd. De ADAPTIVE.
Clima-technologie kan ook gebruikt worden om de laatst gebruikte bereidingswijze in het geheugen van het apparaat op te slaan. Hiertoe bevelen wij het gebruik van de MULTI. Point-kerntemperatuursonde aan om te voor-komen dat een sonde verkeerd wordt geplaatst. Omdat alle bereidingsparameters continu worden ge-monitord, kunnen de ChefTop™- en BakerTop™-ovens informatie verzamelen over wijzigingen in de temperatuur en luchtvochtigheid tijdens het gehele bereidingsproces en over de effecten van ingrepen door de gebruiker (bijvoor-beeld het openen van de deur). Zodra het gewenste resultaat is bereikt, kan de gebruiker dankzij de ADAPTIVE. Clima-technologie het geïmplemen-teerde proces in het geheugen van het apparaat opslaan.
De oven reproduceert automatisch de effecten van de ingrepen die de gebruiker tijdens het ‘pilotproces’ heeft gedaan (het proces dat u wilt herhalen): als bijvoorbeeld in de derde minuut de deur was geopend en de temperatuur daardoor met 20°C daalde en het vocht in de ovenruimte zich kon verspreiden, simuleert de oven deze effecten tijdens de volgende bereidingsprocessen. Let op: voor een correcte opslag van het ADAPTIVE. Clima-programma in het geheugen moet de kerntemperatuursonde tijdens het pilotproces op een juiste wijze zijn geplaatst, zelfs als het op het bedieningspaneel ingestelde programma het gebruik hiervan niet vereiste. Om het zojuist voltooide bereidingsproces in het geheugen van het apparaat op te slaan met behulp van de ADAPTIVE.
Clima-technologie, moet u als volgt te werk gaan: • Drukaanheteindevanhetbereidingsprocesop de knop; • Selecteermetde knop het geheugenslot waar u het pilotproces wilt opslaan, bijvoorbeeld A. C01 of A. C02; • Drukopde en de knop om de eerste letter te selecteren van de naam die u het programma wilt geven; • Drukopnieuwopde en de knop om de tweede letter te selecteren; • Herhaalditvoorallevolgendeletters; • Houdde knop vijf seconden ingedrukt om het programma in het geheugen op te slaan (na vijf seconden klinkt er ter bevestiging een pieptoon). Let op: de parameters van een opgeslagen ADAPTIVE. Clima-programma kunnen niet worden gewijzigd.
12NEDERLANDS RVooraf ingestelde bereidingsprogramma’sAutomatische ChefUnox- en BakerUnox-bereidingsprogramma’sHet digitale ChefTouch- en BakerTouch-bedieningspaneel heeft in zijn geheugen een set met aanbevolen automatische berei-dingsinstellingen die samengesteld is door ChefUnox en BakerUnox. Selecteer eenvoudigweg de gewenste bereidingswijze om automatisch een oneindig aantal producten en gerechten te bereiden. Elk automatisch bereidingsprogramma beschikt over de optie om bepaalde parameters te wijzigen, zodat het voedsel bruin en gaar kan worden zoals u dat wenst. • Drukopde knop; • Selecteermetde knop het gewenste programma; • Drukopde knop om het programma te starten; • Druknogmaalsopde knop om het programma te beëindigen. N. B. Voordat u het programma start, wilt u misschien de waarde van een parameter wijzigen om zo de bereiding aan uw wen-sen aan te passen.
De oven past de bereiding dienovereenkomstig aan, waardoor een perfect resultaat is gewaarborgd. • Drukopde knop totdat de te wijzigen parameter knippert; • Gebruikde knop om de gewenste nieuwe waarde in te stellen. Ga als volgt te werk als u deze wijziging permanent wilt opslaan: • Houdde knop vijf seconden ingedrukt (u hoort een pieptoon als het programma is opgeslagen).
OMSCHRIJVING INSTELBARE PARAMETER VERHOGEN VERLAGENROASTING Vlees roosteren Kerntemperatuursonde 54°C Het bereidingsniveau verhogen Het bereidingsniveau verlagenCRISPY ROAST Vlees met een korst roosteren Kerntemperatuursonde 54°C Het bereidingsniveau verhogen Het bereidingsniveau verlagenNIGHT ROAST Vlees ‘s nachts roosteren Kerntemperatuursonde 54°C Het bereidingsniveau verhogen Het bereidingsniveau verlagenBRAISE Vlees smoren en stoven Bereidingstijd 1 uur Het bereidingsniveau verhogen Het bereidingsniveau verlagenGRILL Groenten en vlees grillenEr kunnen 9 timers worden ingesteld; gebruik een Grill - -MULTI TIMEGelijktijdige bereiding van diverse producten met een verschillende bereidingstijdStel temperatuur en in, druk op Start en stel met de stappenknop de 9 timers in - -CHICKEN Kip, gevogelte en wild bereiden Bereidingstijd 5 min.
Bruinen buitenzijde verhogen Bruinen binnenzijde verlagenROAST POTATO Aardappelen poffen Bereidingstijd 5 min. Bruinen buitenzijde verhogen Bruinen binnenzijde verlagenBAKING Ingevroren reeds bereide producten klaarmaken Bereidingstijd 5 min. Het bereidingsniveau verhogen Het bereidingsniveau verlagen+3 REGEN Opwarmen vanaf 3°C Kerntemperatuursonde 65°C De temperatuur van het op te dienen gerecht verhogenDe temperatuur van het op te dienen gerecht verlagen.
13NEDERLANDSRDe MAXI.Link-technologieDe MAXI.Link-technologie:meerdere apparaten bedienen met een en hetzelfde bedieningspaneelMet het digitale ChefTouch- en BakerTouch-bedieningspaneel kan de gebruiker een grote verscheidenheid aan UNOX ChefTop™- en BakerTop™-apparaten bedienen die op de oven zijn aangesloten. Met de MAXI.Link-technologie kan de gebruiker verscheidene ovens bedienen met één enkel bedieningspaneel. De oven die gebruikt wordt om alle andere apparaten te bedienen, wordt de PRIMAIRE oven. De ovens die via de PRIMAIRE oven worden bediend, worden SECUNDAIRE ovens en hun digitale bedieningspanelen blijven inactief.
De PRIMAIRE en SECUNDAIRE digitale bedieningspanelen zijn onderling uitwisselbaar in geval van nood.Het te bedienen apparaat wordt met de knop geselecteerd; deze keuze wordt weergegeven op display 6.Tabel: nummer met bijbehorend apparaatChefTop™ Apparaatnummer Apparaatcode Apparaat1Primaire ChefTop™-oven2Secundaire ChefTop™-oven 13Secundaire ChefTop™-oven 24Secundaire ChefTop™-oven 35 XK305 Snelkoeler6 XVL575 - XVL375 Warmhoudkast/sudderoven7 XC235 Systeem voor omgekeerde osmose9 XC236 OVEX.Net 2.0-setBakerTop™ Apparaatnummer Apparaatcode Apparaat1Primaire BakerTop™-oven2Secundaire BakerTop™-oven 13Secundaire BakerTop™-oven 24Secundaire BakerTop™-oven 36 XL405 Rijsapparaat7 XC235 Systeem voor omgekeerde osmose9 XC236 OVEX.Net 2.0-set
14NEDERLANDS RBereidingsprincipesAanbevelingen van de Chef voor een gelijkma-tige bereidingVoorverwarmenHet is altijd beter de over voor te verwarmen bij een berei-dingstemperatuur die ten minste 30 tot 50°C hoger is dan is vereist. Zo kan het effect van warmteverlies verminderd worden dat optreedt als de deur wordt geopend. De oven kan voorverwarmd worden tot 300°C. Verwarm de oven boven 260°C niet langer dan tien minu-ten. BakplaattypenVoor een perfecte bereidingskwaliteit en gelijkmatig bruinen kunnen er beter geen producten worden gebruikt die te groot zijn en een correcte luchtcirculatie verhinderen. Ruimte tussen de bakplatenVoor een gelijkmatige bereiding is het belangrijk dat er zich ten minste drie cm ruimte tussen het gerezen product en de bovenliggende bakplaat bevindt.
Hoeveelheid voedselVoor het beste bereidingsresultaat is het belangrijk dat de oven niet te vol zit; bovendien moet u er bij het bereiden van brood en gebak goed op letten dat deze producten ten opzichte van de luchtstroom in de juiste richting op de bakplaat liggen. Plaatsen van de kerntemperatuursondeVoor een correcte werking is het van essentieel belang dat de kerntemperatuursonde van boven naar beneden in het dikste deel van het voedsel wordt gestoken totdat het uiteinde het midden bereikt. Bij het bereiden van dunne(r) voedsel moet de sonde er parallel aan het ondersteunende oppervlak in worden gestoken. Weer voorzichtig bij het openen van de deur. Warmte en stoom kunnen brandwonden veroorzaken. Communicatie tussen de oven en de gebruikerHet digitale bedieningspaneel dat bij ChefTop™- en BakerTop™ ovens wordt gebruikt, is een directe interface tussen de oven en de buitenwereld.
kalibratievandesonde)•diagnosticerenvandesonde•temperatuurwijzigingenvoordeovenruimteofsnelkoelerin het geheugen van het apparaat opslaan (gegevens die vereist zijn voor het HACCP-systeem)Nadere informatie vindt u in de set. Waarschuwingsmeldingen:Als er een storing wordt gedetecteerd waarmee het apparaat, hoewel niet optimaal, kan blijven werken, wordt er een WAARSCHUWINGSMELDING weergegeven. Het apparaat blijft werken en de WAARSCHUWINGSMELDING wordt op het display weergegeven totdat de knop wordt ingedrukt.
15NEDERLANDSRCommunicatie tussen de oven en de gebruikerWaarschuwingsmeldingen voor de oven:Melding op display Omschrijving Gevolg OplossingWF01 Er is een fout vastgesteld in de gegevens die geregistreerd zijn door ovenvoeler 1De oven blijft werken en gebruikt alleen de gegevens van ovenvoeler 2Neem contact op met de afdeling KlantenondersteuningWF02 Er is een fout vastgesteld in de gegevens die geregistreerd zijn door ovenvoeler 2De oven blijft werken en gebruikt alleen de gegevens van ovenvoeler 1Neem contact op met de afdeling KlantenondersteuningWF03 Er is een fout vastgesteld in de gegevens die geregistreerd zijn door de kerntemperatuursondeEr kunnen geen stappen ingesteld of programma’s geactiveerd worden die gebruikmaken van de kerntemperatuur sonde; Als er een stap wordt uitgevoerd die gebruikmaakt van de kerntemperatuursonde, start de volgende stapNeem contact op met de afdeling KlantenondersteuningWF04 Incorrecte rotatiesnelheid van de ventilator Schakel het motoronderbrekingssysteem uit Neem contact op met de afdeling KlantenondersteuningWF05 Er is een fout vastgesteld in het koelsysteem voor de elektronische componentenDe koelventilator voor de elektronische componenten werkt mogelijk nietNeem contact op met de afdeling KlantenondersteuningWF06 De temperatuur van de voedingsprintplaat van de oven is te hoogEr bestaat gevaar voor permanente beschadiging van de voedingsprintplaat.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Unox BakerTop stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven Unox
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven