Taylor 7370 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Taylor 7370 (149 pagina’s), behorend tot de categorie Weegschaal. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Taylor 7370 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/149
Gebruikershandleiding voor de7370
9243212
Uitgave 1

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Taylor
Categorie: Weegschaal
Model: 7370

Handleiding Taylor 7370 – volledige tekst

CONFORMITEITSVERKLARINGNOKIA CORPORATION verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat het product RM-70 conform is aan de bepalingen van de volgende Richtlijn van de Raad: 1999/5/EG.Een kopie van de conformiteitsverklaring kunt u vinden op de volgende website:http://www.nokia.com/phones/declaration_of_conformity/.De doorgestreepte container wil zeggen dat het product binnen de Europese gemeenschap voor gescheiden afvalverzameling moet worden aangeboden aan het einde van de levensduur van het product. Dit geldt voor het apparaat, maar ook voor alle toebehoren die van dit symbool zijn voorzien. Bied deze producten niet aan bij het gewone huisvuil.Copyright © 2005 Nokia.

Dit product is gelicentieerd onder de MPEG-4 Visual Patent Portfolio License (i) voor privé- en niet-commercieel gebruik in verband met informatie die is geëncodeerd volgens de visuele norm MPEG-4 door een consument in het kader van een privé- en niet-commerciële activiteit en (ii) voor gebruik in verband met MPEG-4-videomateriaal dat door een gelicentieerde videoaanbieder is verstrekt. Voor ieder ander gebruik is of wordt expliciet noch impliciet een licentie verstrekt. Aanvullende informatie, waaronder informatie over het gebruik voor promotionele doeleinden, intern gebruik en commercieel gebruik, is verkrijgbaar bij MPEG LA, LLC. Zie. Nokia voert een beleid dat gericht is op continue ontwikkeling. Nokia behoudt zich het recht voor zonder voorafgaande kennisgeving wijzigingen en verbeteringen aan te brengen in de producten die in dit document worden beschreven.

Tenzij vereist krachtens het toepasselijke recht, wordt geen enkele garantie gegeven betreffende de nauwkeurigheid, betrouwbaarheid of inhoud van dit document, hetzij uitdrukkelijk hetzij impliciet, daaronder mede begrepen maar niet beperkt tot impliciete garanties betreffende de verkoopbaarheid en de geschiktheid voor een bepaald doel. Nokia behoudt zich te allen tijde het recht voor zonder voorafgaande kennisgeving dit document te wijzigen of te herroepen. De beschikbaarheid van bepaalde producten kan per regio verschillen. Neem hiervoor contact op met de dichtstbijzijnde Nokia leverancier. Dit apparaat bevat mogelijk onderdelen, technologie of software die onderhevig zijn aan wet- en regelgeving betreffende export van de V. S. en andere landen. Ontwijking in strijd met de wetgeving is verboden. 9243212/uitgave 1.

8Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved. Screensaver. 81Energiebesparing. 82Lettergrootte. 82Tijd en datum. 82Mijn snelkoppelingen. 82linkerselectietoets. 83Rechterselectietoets. 83Navigatietoets. 83Actieve standby inschakelen. 84Spraakopdrachten. 84Connectiviteit. 85Draadloze Bluetooth-technologie. 85Een Bluetooth-verbinding instellen. 86Draadloze Bluetooth-verbinding. 86Bluetooth-instellingen. 87GPRS. 87Modeminstellingen. 88Gegevensoverdracht. 89Gegevensoverdracht met een compatibel apparaat. 90Synchroniseren vanaf een compatibele pc. 90Synchroniseren vanaf een server. 91USB-gegevenskabel. 91Bellen. 92Telefoon. 93Toebehoren. 95Configuratie. 95Beveiliging. 97Fabrieksinstellingen herstellen. 9810. Operatormenu. 99.

10Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved. Een spelletje starten. 115Een toepassing starten. 115Enkele toepassingsopties. 115Een toepassing downloaden. 11615. Web. 117Browsen instellen. 117Verbinding maken met een dienst. 117Bladeren door pagina's. 118Browsen met telefoontoetsen. 119Opties tijdens het browsen. 119Direct bellen. 120Bookmarks. 120Een bookmark ontvangen. 121Weergave-instellingen. 121Beveiligingsinstellingen. 122Cookies. 122Scripts via een veilige verbinding. 122Download-instellingen. 123Dienst-inbox. 123Instellingen dienst-inbox. 124Cachegeheugen. 124Browserbeveiliging. 125Beveiligingsmodule. 125Certificaten. 126Digitale handtekening. 12716. SIM-diensten. 12817. Pc-verbinding. 129.

12Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Voor uw veiligheidLees deze eenvoudige richtlijnen. Het niet opvolgen van de richtlijnen kan gevaarlijk of onwettig zijn. Lees de volledige gebruikershandleiding voor meer informatie.SCHAKEL HET APPARAAT ALLEEN IN ALS HET VEILIG ISSchakel de telefoon niet in als het gebruik van mobiele telefoons verboden is of als dit storing of gevaar zou kunnen opleveren.VERKEERSVEILIGHEID HEEFT VOORRANGHoud u aan de lokale wetgeving. Houd terwijl u rijdt uw handen vrij om uw voertuig te besturen. De verkeersveiligheid dient uw eerste prioriteit te hebben terwijl u rijdt.STORINGAlle draadloze telefoons kunnen gevoelig zijn voor storing. Dit kan de werking van de telefoon negatief beïnvloeden.SCHAKEL HET APPARAAT UIT IN ZIEKENHUIZENHoud u aan alle mogelijke beperkende maatregelen.

Schakel de telefoon uit in de nabijheid van medische apparatuur.SCHAKEL HET APPARAAT UIT IN VLIEGTUIGENHoud u aan alle mogelijke beperkende maatregelen. Draadloze apparatuur kan storingen veroorzaken in vliegtuigen.SCHAKEL HET APPARAAT UIT TIJDENS HET TANKENGebruik de telefoon niet in een benzinestation. Gebruik het apparaat niet in de nabijheid van brandstof of chemicaliën.

13Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.SCHAKEL HET APPARAAT UIT IN DE BUURT VAN EXPLOSIEVENHoud u aan alle mogelijke beperkende maatregelen. Gebruik de telefoon niet waar explosieven worden gebruikt.GEBRUIK HET APPARAAT VERSTANDIGGebruik het apparaat alleen in de normale positie zoals in de productdocumentatie wordt uitgelegd. Raak de antenne niet onnodig aan.DESKUNDIG ONDERHOUDDit product mag alleen door deskundigen worden geïnstalleerd of gerepareerd.TOEBEHOREN EN BATTERIJENGebruik alleen goedgekeurde toebehoren en batterijen. Sluit geen incompatibele producten aan.WATERBESTENDIGHEIDDe telefoon is niet waterbestendig.

Houd het apparaat droog.MAAK BACK-UPSMaak een back-up of een gedrukte kopie van alle belangrijke gegevens die in de telefoon zijn opgeslagen.AANSLUITEN OP ANDERE APPARATENWanneer u het apparaat op een ander apparaat aansluit, dient u eerst de handleiding van het desbetreffende apparaat te raadplegen voor uitgebreide veiligheidsinstructies. Sluit geen incompatibele producten aan.ALARMNUMMER KIEZENControleer of de telefoon ingeschakeld en operationeel is. Druk zo vaak als nodig is op de toets Einde om het scherm leeg te maken en terug te keren naar het startscherm. Toets het alarmnummer in en druk op de beltoets. Geef op waar u zich bevindt. Beëindig het gesprek pas wanneer u daarvoor toestemming hebt gekregen.

14Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.■ Informatie over uw apparaatHet draadloze apparaat zoals beschreven in deze handleiding is goedgekeurd voor gebruik op het EGSM 900- en GSM 1800- en 1900-netwerk. Neem contact op met uw serviceprovider voor meer informatie over netwerken.Houdt u bij het gebruik van de functies van dit apparaat aan de geldende wetgeving en de regelgeving ten aanzien van de privacy en wettelijke rechten van anderen.Houd u, wanneer u beelden of video-opnamen maakt of gebruikt, aan alle regelgeving en eerbiedig de lokale gewoonten, privacy en legitieme rechten van anderen.Waarschuwing: Als u andere functies van dit apparaat wilt gebruiken dan de alarmklok, moet het apparaat zijn ingeschakeld.

Schakel het apparaat niet in wanneer het gebruik van draadloze apparatuur storingen of gevaar kan veroorzaken.■ NetwerkdienstenOm de telefoon te kunnen gebruiken, moet u zijn aangemeld bij een aanbieder van draadloze diensten. Veel van de functies van dit apparaat zijn afhankelijk van de functies die beschikbaar zijn in het draadloze netwerk. Deze netwerkdiensten zijn mogelijk niet in alle netwerken beschikbaar. Het kan ook zijn dat u specifieke regelingen moet treffen met uw serviceprovider voordat u de netwerkdiensten kunt gebruiken. Mogelijk krijgt u van uw serviceprovider extra instructies voor het gebruik van de diensten en informatie over de bijbehorende kosten. Bij sommige netwerken gelden beperkingen die het gebruik van netwerkdiensten negatief kunnen beïnvloeden.

Zo bieden sommige netwerken geen ondersteuning voor bepaalde taalafhankelijke tekens en diensten.Het kan zijn dat uw serviceprovider verzocht heeft om bepaalde functies uit te schakelen of niet te activeren in uw apparaat. In dat geval worden deze functies niet in het menu van uw apparaat weergegeven. Uw apparaat kan ook speciaal geconfigureerd zijn voor uw

15Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.netwerkprovider. Deze configuratie kan menunamen, de menuvolgorde en symbolen betreffen. Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider.Dit apparaat ondersteunt WAP 2.0-protocollen (HTTP en SSL) die werken met TCP/IP-protocollen. Voor de technologie van sommige functies van deze telefoon, zoals MMS (Multimedia Messaging), browsen, e-mailen, chatten, snel beschikbare contacten, synchroniseren op afstand en het downloaden van content via een browser of MMS, is netwerkondersteuning nodig.■ Gedeeld geheugenDe volgende functies in dit apparaat maken mogelijk gebruik van gedeeld geheugen: de galerij, contacten, tekst-, chat- en multimediaberichten, e-mailberichten, agenda, takenlijstnotities, JavaTM-spelletjes en -toepassingen, en de notitietoepassing.

Door het gebruik van een of meer van deze functies is er mogelijk minder geheugen beschikbaar voor de overige functies die geheugen delen. Als u bijvoorbeeld veel Java-toepassingen opslaat, kan al het beschikbare geheugen worden gebruikt. Het is mogelijk dat op uw apparaat een bericht wordt weergeven dat het geheugen vol is, wanneer u een functie probeert te gebruiken die gedeeld geheugen gebruikt. Verwijder in dit geval voordat u doorgaat een gedeelte van de informatie of registraties die in het gedeelde geheugen zijn opgeslagen. Aan sommige functies, zoals tekstberichten, is mogelijk afzonderlijk een bepaalde hoeveelheid geheugen toegewezen naast het geheugen dat met andere functies wordt gedeeld.

■ ToebehorenEen aantal praktische regels voor accessoires en toebehoren• Houd alle accessoires en toebehoren buiten het bereik van kleine kinderen.• Als u de elektriciteitskabel van een accessoire of toebehoren losmaakt, neem deze dan bij de stekker en trek aan de stekker, niet aan het snoer.

17Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Algemene informatie■ Overzicht van functiesDe telefoon biedt een groot aantal functies die handig zijn in het dagelijks gebruik, zoals tekst- en multimediaberichten, een agenda, een klok, wekker, radio en ingebouwde camera. De telefoon ondersteunt bovendien de volgende functies:• On line plug-en-play-dienst voor het ophalen van de configuratie-instellingen. Zie Plug-en-play-dienst op pagina 24 en Configuratie op pagina 95.• Actieve standby. Zie Actieve standby op pagina 28.• Audioberichten Zie Nokia Xpress-audioberichten op pagina 50.• Chatberichten. Zie Chatberichten op pagina 51.• E-mailtoepassing. Zie E-mailtoepassing op pagina 58.• Uitgebreide spraakgestuurde nummerkeuze Zie Uitgebreide spraakgestuurde nummerkeuze op pagina 33 en Spraakopdrachten op pagina 84.• Snel beschikbare contacten.

18Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.■ ToegangscodesBeveiligingscodeDe beveiligingscode (5 tot 10 cijfers) beveiligt de telefoon tegen onbevoegd gebruik. De code is standaard ingesteld op 12345. U kunt de code wijzigen en de telefoon instellen op het vragen naar de code. Zie Beveiliging op pagina 97.PIN-codesDe PIN-code (Persoonlijk IdentificatieNummer) en de UPIN-code (Universeel Persoonlijk IdentificatieNummer) van 4 tot 8 cijfers beveiligen de SIM-kaart tegen onbevoegd gebruik. Zie Beveiliging op pagina 97.Voor bepaalde functies hebt u de PIN2-code van 4 tot 8 cijfers nodig die bij sommige SIM-kaarten wordt geleverd.De module-PIN is vereist voor toegang tot informatie in de beveiligingsmodule. Zie Beveiligingsmodule op pagina 125.De ondertekenings-PIN is nodig voor de digitale handtekening.

19Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.een geblokkeerde PIN2-code te wijzigen. Als de codes niet bij de SIM-kaart zijn geleverd, neemt u contact op met uw serviceprovider om de codes op te vragen.BlokkeerwachtwoordHet blokkeerwachtwoord (4 cijfers) is nodig wanneer u de Oproepen blokkeren gebruikt. Zie Beveiliging op pagina 97.■ Dienst voor configuratie-instellingenVoor sommige netwerkdiensten, zoals mobiele internetdiensten, MMS, Nokia Xpress-audioberichten en synchronisatie met een externe internetserver, moeten de juiste configuratie-instellingen op de telefoon worden ingesteld. Het is mogelijk dat u de instellingen direct als een configuratiebericht ontvangt. Nadat u de instellingen hebt ontvangen, moet u deze op de telefoon opslaan. Mogelijk verstrekt de serviceprovider u een PIN-code die u nodig hebt om de instellingen op te kunnen slaan.

Neem contact op met uw netwerkoperator, serviceprovider, dichtstbijzijnde bevoegde Nokia-leverancier of bezoek het supportgedeelte op de website van Nokia op www.nokia.com/support voor meer informatie over de beschikbaarheid hiervan.Als u de verbindingsinstellingen in een configuratiebericht hebt ontvangen en de instellingen niet automatisch worden opgeslagen en geactiveerd, wordt Configuratie-instellingen ontvangen weergegeven.Als u de instellingen wilt opslaan, selecteert u Tonen > Opslaan. Als de melding PIN voor instellingen invoeren: wordt weergegeven, voert u de PIN-code voor de instellingen in en selecteert u OK. Vraag de PIN-code op bij de serviceprovider die de instellingen levert. Als er nog geen instellingen zijn opgeslagen, worden deze

20Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.instellingen opgeslagen en ingesteld als standaard configuratie-instellingen. Als er wel instellingen zijn opgeslagen, wordt de melding Opgeslagen configuratie-instellingen activeren? weergegeven.Als u de ontvangen instellingen wilt verwijderen, selecteert u Uit of Tonen > Wegdoen.■ Content en toepassingen downloadenU kunt mogelijk nieuwe content (bijvoorbeeld thema's) naar de telefoon downloaden (netwerkdienst). Selecteer de downloadfunctie (bijvoorbeeld in het menu Galerij). Zie de beschrijving van het betreffende menu voor informatie over het gebruik van de downloadfunctie.

Informeer bij de serviceprovider naar de beschikbaarheid en tarieven van de verschillende diensten.Belangrijk: Maak alleen gebruik van diensten die u vertrouwt en die een adequate beveiliging en bescherming tegen schadelijke software bieden.■ Nokia-ondersteuning en -contactgegevens Kijk op www.nokia.com/support of uw lokale website van Nokia voor de nieuwste versie van deze handleiding, aanvullende informatie, downloads en diensten voor uw Nokia-product.Op de website vindt u informatie over het gebruik van Nokia-producten en -diensten. Als u contact wilt opnemen met de klantenservice, kunt u de lijst met plaatselijke Nokia Care-contactcentra raadplegen op www.nokia.com/customerservice.Als de telefoon onderhoud behoeft, kunt u op www.nokia.com/repair opzoeken waar zich de dichtstbijzijnde Nokia Care-servicevestiging bevindt.

21Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.1. Aan de slag■ SIM-kaart en batterij installerenSchakel het apparaat altijd uit en koppel de lader los voordat u de batterij verwijdert.Houd alle SIM-kaarten buiten bereik van kleine kinderen. Raadpleeg de leverancier van uw SIM-kaart voor informatie over het gebruik van SIM-diensten. Dit kan de serviceprovider, netwerkoperator of een andere leverancier zijn.Dit apparaat is bedoeld voor gebruik met een BL-4B-batterij.De SIM-kaart en de contactpunten van de kaart kunnen gemakkelijk door krassen of buigen worden beschadigd. Wees daarom voorzichtig wanneer u de kaart vastpakt, plaatst of verwijdert.Druk op de cover en schuif de cover naar voren (1) om de achtercover van de telefoon te verwijderen.Verwijder de batterij zoals op de afbeelding wordt geïllustreerd (2). Schuif de SIM-kaarthouder naar voren (3) en open deze (4).

22Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Plaats de SIM-kaart op de juiste wijze in de houder (5). Sluit de SIM-kaarthouder (6) en schuif de houder naar voren om deze te vergrendelen (7).Plaats de batterij terug (8). Controleer de contactpunten van de batterij. Gebruik altijd originele Nokia-batterijen. Zie Richtlijnen voor het controleren van de echtheid van Nokia-batterijen op pagina 132. Schuif de achtercover weer op de juiste plaats (9, 10).■ De batterij opladenControleer voor gebruik altijd het modelnummer van een lader. Dit apparaat is bedoeld voor gebruik met de voedingsbron AC-3.Waarschuwing: Gebruik alleen batterijen, laders en toebehoren die door Nokia zijn goedgekeurd voor gebruik met dit model. Het gebruik van alle andere types kan de goedkeuring of garantie doen vervallen en kan gevaarlijk zijn.Vraag uw leverancier naar de beschikbaarheid van goedgekeurde toebehoren.

23Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.1. Sluit de lader aan op een gewone wandcontactdoos.2. Steek de stekker van de lader in de aansluiting op de onderkant van de telefoon. Als de batterij volledig ontladen is, kan het enkele minuten duren voordat de batterij-indicator op het scherm wordt weergegeven en u weer met het apparaat kunt bellen.De oplaadtijd is afhankelijk van de gebruikte lader. Het opladen van een batterij van het type BL-4B met de lader AC-3 duurt ongeveer 2 uur en 20 minuten wanneer de telefoon zich in de standby-modus bevindt.■ De telefoon openen en sluitenOm de telefoon te openen, draait u het bovenste gedeelte naar rechts of naar links (1) totdat u een klik hoort.

Om de telefoon te sluiten, draait u het bovenste gedeelte terug in de tegenovergestelde richting (2).Belangrijk: Wanneer u de telefoon opent, draait u het bovenste gedeelte 180 graden naar links of naar rechts. Draai het bovenste gedeelte niet verder dan 180 graden. Als u het bovenste gedeelte meer dan 180 graden draait, raakt de telefoon beschadigd.

24Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Zie Tonen op pagina 80 als u de toon wilt uitschakelen die klinkt wanneer u de telefoon opent en sluit.■ De telefoon in- en uitschakelenWaarschuwing: Schakel de telefoon niet in als het gebruik van mobiele telefoons verboden is of als dit storing of gevaar zou kunnen opleveren.Houd de aan/uit-toets ingedrukt. Zie Toetsen en onderdelen op pagina 26.Als een PIN- of UPIN-code wordt gevraagd, toetst u de code in (weergegeven als ****) en selecteert u OK.Plug-en-play-dienstWanneer u de telefoon voor de eerste keer inschakelt en de telefoon in de standby-modus staat, wordt u mogelijk gevraagd de configuratie-instellingen op te halen bij uw serviceprovider (netwerkdienst). De aanvraag bevestigen of afwijzen. Zie "Verb. met serviceonderst." op pagina 96 en Dienst voor configuratie-instellingen op pagina 19.

25Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.■ AntenneUw apparaat heeft een interne antenne.Opmerking: Zoals voor alle andere radiozendapparatuur geldt, dient onnodig contact met de antenne te worden vermeden als het apparaat is ingeschakeld. Het aanraken van de antenne kan een nadelige invloed hebben op de gesprekskwaliteit en kan ervoor zorgen dat het apparaat meer stroom verbruikt dan noodzakelijk is. U kunt de prestaties van de antenne en de levensduur van de batterij optimaliseren door het antennegebied niet aan te raken wanneer u het apparaat gebruikt.■ Telefoonkoord Rijg het koord door het oog van de telefoon zoals op de afbeelding wordt geïllustreerd, en trek het aan.

27Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.15 Cameralens16 Aan/uit-toets17 Cameratoets■ Standby-modusWanneer de telefoon gereed is voor gebruik en geen tekens zijn ingevoerd, bevindt de telefoon zich in de standby-modus.Weergave1 Signaalsterkte van het mobiele netwerk2 Laadstatus van de batterij3 Indicatoren4 De naam van het netwerk of het operatorlogo5 Klok6 Hoofdscherm7 De linkerselectietoets is Favoriet of een snelkoppeling naar een andere functie. Zie linkerselectietoets op pagina 83.8 De middelste selectietoets is Menu

28Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.9 De rechterselectietoets is Namen of een snelkoppeling naar een andere functie. Zie Rechterselectietoets op pagina 83. Operators hebben mogelijk een voor de operator specifieke naam om een operatorspecifieke website te openen.Actieve standbyIn de actieve standby-modus wordt in het scherm een lijst met geselecteerde telefoonfuncties en informatie getoond waartoe u direct toegang hebt. Selecteer Menu > Instellingen > Weergave > Instell. standby-modus > Actief standby > Mijn actief standby om de actieve standby-modus uit te schakelen. Blader in de standby-modus omhoog of omlaag om de navigatie in de lijst te activeren. Selecteer Select. om de functie in te schakelen of selecteer Bekijk om informatie weer te geven. De pijltjes naar links en naar rechts aan het begin of einde van een regel geven aan dat er aanvullende informatie beschikbaar is.

29Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Selecteer Opties > Actief standby > Uit of Menu > Instellingen > Weergave > Instell. standby-modus > Actief standby > Uit om de actieve standby-modus in te schakelen.Snelkoppelingen in de standby-modus• Als u de lijst met gekozen nummers wilt openen, drukt u eenmaal op de beltoets. Blader naar het gewenste nummer of de gewenste naam en druk op de beltoets om het nummer te kiezen.• Houd 0 ingedrukt om de webbrowser te openen.• Houd 1 ingedrukt om uw voicemailbox te bellen.• Gebruik de navigatietoets als een snelkoppeling. Zie Mijn snelkoppelingen op pagina 82.IndicatorenEr staan ongelezen berichten in de map Inbox.Er staan berichten in de map Outbox die nog niet zijn verzonden, zijn geannuleerd of waarvan de verzending is mislukt.De telefoon heeft een gemiste oproep geregistreerd.

30Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.U hebt een of meer chatberichten ontvangen en u bent verbonden met de dienst voor chatberichten.De toetsen zijn geblokkeerd.De telefoon gaat niet over wanneer een oproep of tekstbericht wordt ontvangen. De alarmklok is ingesteld op Aan.De timerfunctie is actief.De stopwatch wordt uitgevoerd in de achtergrond. / De telefoon is aangemeld bij het GPRS- of EGPRS-netwerk. / Er is een GPRS- of EGPRS-verbinding tot stand gebracht.

/ De GPRS- of EGPRS-verbinding is tijdelijk onderbroken (in de wachtstand geplaatst), bijvoorbeeld bij een inkomende of uitgaande oproep tijdens een EGPRS-inbelverbinding.Er is een Bluetooth-verbinding actief.Als u over twee telefoonlijnen beschikt, wordt de tweede telefoonlijn geselecteerd.Alle inkomende oproepen worden doorgeschakeld naar een ander nummer.De luidsprekers zijn geactiveerd of de muziekstandaard is op de telefoon aangesloten.

31Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Gesprekken zijn beperkt tot een besloten gebruikersgroep.Het tijdelijke profiel is geselecteerd., , of Er is een hoofdtelefoon, handsfreeeenheid, oortje of muziekstandaard op de telefoon aangesloten.■ Toetsen blokkerenOm te voorkomen dat toetsen per ongeluk worden ingedrukt, selecteert u Menu en drukt u binnen 3,5 seconden op * om de toetsen te blokkeren.U kunt de toetsblokkering weer opheffen door Vrijgeven te selecteren en binnen 1,5 seconden op * te drukken. Als de Toetsenblokkering is ingesteld op Aan, voert u de beveiligingscode in indien u hierom wordt gevraagd.Als u een oproep wilt beantwoorden terwijl de toetsen zijn geblokkeerd, drukt u op de beltoets. Wanneer u de oproep beëindigt of niet aanneemt, worden de toetsen weer automatisch geblokkeerd.Meer informatie over Aut.

32Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.3. Algemene functies■ Oproep plaatsen1. Voer het netnummer en telefoonnummer in.Voor internationale gesprekken drukt u tweemaal op * voor het internationale voorvoegsel (het +-teken vervangt de internationale toegangscode) en voert u de landcode, het netnummer (laat zo nodig de eerste 0 weg) en het telefoonnummer in.2. Druk op de beltoets om het nummer te kiezen.3. Druk op de toets Einde of sluit de telefoon om de oproep te beëindigen of om het kiezen te onderbreken.Zie Een contact opzoeken op pagina 68 als u wilt zoeken naar een naam die of een telefoonnummer dat u hebt opgeslagen in Contacten. Druk op de beltoets om het nummer te kiezen.Als u de lijst met gekozen nummers wilt openen, drukt u eenmaal op de beltoets in de standby-modus.

Selecteer het gewenste nummer of de gewenste naam en druk op de beltoets om het nummer te kiezen.SnelkiezenU kunt een telefoonnummer toewijzen aan één van de snelkeuzetoetsen, van 2 t/m 9. Zie Snelkiezen op pagina 76. U kunt het nummer op een van de volgende manieren kiezen:

33Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.• Druk op een snelkeuzetoets en vervolgens op de beltoets.•Als Snelkeuze op Aan is ingesteld, houdt u de gewenste snelkeuzetoets ingedrukt totdat het nummer is gekozen. Zie Snelkeuze in Bellen op pagina 92.Uitgebreide spraakgestuurde nummerkeuzeU kunt een oproep plaatsen door de naam uit te spreken van de persoon die in de lijst met contacten van de telefoon is opgeslagen. Er wordt automatisch een spraakopdracht toegevoegd aan alle vermeldingen in de lijst met contacten van de telefoon.Als er een toepassing actief is die gegevens verzendt of ontvangt via een GPRS-verbinding, moet u de toepassing beëindigen voordat u gebruikmaakt van spraakgestuurde nummerkeuze.Spraakopdrachten zijn taalgevoelig.

Zie Taal spraakweergave in Telefoon op pagina 93 voor informatie over het instellen van de taal.Opmerking: Het gebruik van spraaklabels kan moeilijkheden opleveren in een drukke omgeving of tijdens een noodgeval. Voorkom dus onder alle omstandigheden dat u uitsluitend van spraaklabels afhankelijk bent.1. Houd de rechterselectietoets ingedrukt, in de standby-modus. U hoort een korte toon en de tekst Nu spreken wordt weergegeven.Als u een compatible hoofdtelefoon met hoofdtelefoontoets gebruikt, houdt u de hoofdtelefoontoets ingedrukt om spraakgestuurde nummerkeuze te starten.2. Spreek de spraakopdracht duidelijk uit. Als de ingesproken tekst wordt herkend, wordt een lijst met gevonden items weergegeven. De telefoon speelt

34Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.de spraakopdracht van het bovenste item in de lijst af. Na ongeveer 1,5 seconden wordt het betreffende nummer gekozen. Als dit niet het gewenste nummer is, bladert u naar een andere vermelding en kiest u het nummer door deze vermelding te selecteren.Het gebruik van spraakopdrachten voor het uitvoeren van een geselecteerde telefoonfunctie is vergelijkbaar met de spraakgestuurde nummerkeuze. Zie Spraakopdrachten in Mijn snelkoppelingen op pagina 82.■ Een oproep beantwoorden of weigerenOm een inkomende oproep te beantwoorden, drukt u op de beltoets of opent u de telefoon. U beëindigt het gesprek door op de toets Einde te drukken of de telefoon te sluiten.Druk op de toets Einde of sluit de telefoon als u een inkomende oproep wilt weigeren terwijl de telefoon open is.

Als u een inkomende oproep wilt weigeren terwijl de telefoon is gesloten, drukt u op de aan-/uittoets.Druk op de volumetoets of selecteer Stil om de beltoon uit te schakelen.Tip: als de functie Doorschak. bij in gesprek is ingeschakeld om gesprekken door te schakelen, bijvoorbeeld naar uw voicemail, worden ook geweigerde gesprekken doorgeschakeld. Zie Bellen op pagina 92.Als op de telefoon een compatibele hoofdtelefoon met hoofdtelefoontoets is aangesloten, kunt u een oproep beantwoorden en beëindigen door op de hoofdtelefoontoets te drukken.

35Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.WisselgesprekDruk tijdens een gesprek op de beltoets om het wisselgesprek te beantwoorden. Het eerste gesprek wordt in de wachtstand geplaatst. U beëindigt het actieve gesprek door op de toets Einde te drukken.Zie Bellen op pagina 92 voor meer informatie over het inschakelen van de functie Wachtfunctieopties.■ Opties tijdens een gesprekVeel van de opties die u tijdens gesprekken kunt gebruiken, zijn netwerkdiensten.

Neem contact op met uw netwerkoperator of serviceprovider voor meer informatie.Selecteer tijdens een gesprek Opties en kies vervolgens een van de volgende opties:De gesprekopties zijn Dempen of Dempen uit, Contacten, Menu, Toetsen blokkeren, Opnemen Luidspreker of Telefoon.De opties voor de netwerkdienst zijn Opnemen en Weigeren, Standby of Uit standby, Nieuwe oproep, Toevgn aan conferentie, Beëindigen, Alles afsluiten plus de volgende opties:DTMF verzenden — om toonreeksen te verzenden.Wisselen — om te schakelen tussen het actieve gesprek en het gesprek in de wachtstand.Doorverbinden — om een gesprek in de wachtstand door te verbinden met het actieve gesprek en zelf de verbinding te verbreken.

36Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Conferentie — om een conferentiegesprek te voeren waaraan maximaal vijf personen kunnen deelnemen.Privé-oproep — om tijdens een conferentiegesprek ruggespraak te houden met een van de deelnemers.Waarschuwing: Houd het apparaat niet dicht bij uw oor wanneer de luidspreker wordt gebruikt, aangezien het volume erg luid kan zijn.

37Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.4. Tekst invoerenU kunt op twee verschillende manieren tekst invoeren, bijvoorbeeld wanneer u berichten wilt verzenden: via de methode voor normale tekstinvoer of via de methode voor tekstinvoer met woordenboek. Tijdens het invoeren van tekst worden boven in het scherm aanduidingen van de modus voor tekstinvoer weergegeven. geeft gewone tekstinvoer aan. geeft tekstinvoer met woordenboek aan. Met behulp van tekstinvoer met woordenboek kunt u tekst snel invoeren met de toetsen en een ingebouwd woordenboek. U kunt een letter invoeren met één druk op een toets. geeft tekstinvoer met woordenboek aan met Woordsuggesties. De telefoon probeert het woord te voorspellen op basis van de tekens die u hebt ingevoerd., of wordt weergegeven naast de aanduiding van de modus voor tekstinvoer en geeft het gebruik van hoofdletters of kleine letters aan.

U kunt schakelen tussen hoofdletters en kleine letters door op # te drukken. geeft de nummermodus aan. U kunt overschakelen naar de nummermodus door # ingedrukt te houden en Nummermodus te selecteren.Als u de taal voor het invoeren van tekst wilt instellen, selecteert u Opties > Schrijftaal.■ Tekstinvoer met woordenboekSelecteer Opties > Voorspellingsinstellingen > Voorspelling > Aan om tekstinvoer met woordenboek in te stellen.

38Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Tip: u kunt tekstinvoer met woordenboek snel in- en uitschakelen door tijdens het invoeren van tekst tweemaal op # te drukken of door Opties te selecteren en ingedrukt te houden.Als u het type voorspelling bij gebruik van tekstinvoer met woordenboek wilt instellen, selecteert u Opties > Voorspellingsinstellingen > Voorspellingtype > Normaal of Woordsuggesties.1. U begint met het invoeren van een woord door de toetsen 2 t/m 9 te gebruiken. Druk eenmaal op een toets voor één letter. Op het scherm wordt * weergegeven, of de letter als de afzonderlijke letter een woordbetekenis heeft. De ingevoerde letters worden onderstreept weergegeven.Als u Woordsuggesties als voorspellingstype hebt geselecteerd, begint de telefoon met het voorspellen van het woord dat u invoert.

Nadat u enkele letters hebt ingevoerd, en als deze letters samen geen woord vormen, probeert de telefoon langere woorden te voorspellen. Alleen de ingevoerde letters worden onderstreept weergegeven.U kunt een speciaal teken toevoegen door * ingedrukt te houden of Opties > Symbool invoegen te selecteren. Ga naar een teken en selecteer Gebruik.Als u een samengesteld woord wilt invoeren, voert u het eerste gedeelte van het woord in en bevestigt u dit door op de rechternavigatietoets te drukken. Voer het tweede gedeelte van het woord in en bevestig het woord.Druk op 1 om een punt in te voeren.2. Als u het gewenste woord hebt ingevoerd, bevestigt u de invoer door op 0 te drukken om een spatie in te voegen.

39Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.Als niet het juiste woord wordt weergegeven, drukt u herhaaldelijk op * of selecteert u Opties > Suggesties. Wanneer het gewenste woord wordt weergegeven, selecteert u Gebruik.Als er een vraagteken (?) achter het woord wordt weergegeven, bevindt het woord dat u wilt invoeren zich niet in het woordenboek. Als u het woord aan het woordenboek wilt toevoegen, selecteert u Spellen. Maak het woord af via de methode voor normale tekstinvoer en selecteer Opslaan.■ Normale tekstinvoerSelecteer Opties > Voorspellingsinstellingen >Voorspelling > Uit om normale tekstinvoer in te stellen.Druk herhaaldelijk op een cijfertoets (1 t/m 9) totdat het gewenste teken verschijnt. Op de toetsen staan niet alle tekens afgebeeld die onder een toets beschikbaar zijn.

40Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.5. Navigeren door de menu'sDe telefoon biedt een uitgebreid scala aan functies, die gegroepeerd zijn in menu's.1. Druk op Menu om het menu te openen.U kunt de menuweergave wijzigen door Opties > Hoofdmenuweergave > Lijst, Roosterweergave, Rooster met labels of Tab te selecteren.Als u de menu's anders wilt indelen, bladert u naar het menu dat u wilt verplaatsen en selecteert u Opties > Indelen > Verplaats. Ga naar de plaats waar u het menu naartoe wilt verplaatsen en selecteer OK. Selecteer OK > Ja om de wijziging op te slaan.2. Blader door het menu en selecteer een optie (bijvoorbeeld Instellingen).3. Als het geselecteerde menu is onderverdeeld in submenu's, selecteert u het gewenste submenu, bijvoorbeeld Oproepen).4. Als het geselecteerde submenu ook weer submenu's bevat, herhaalt u stap 3.5. Selecteer de gewenste instelling.6.

41Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.6. Berichten U kunt tekstberichten, multimediaberichten en emailberichten lezen, invoeren, verzenden en opslaan. Alle berichten worden ingedeeld in mappen.■ Tekstberichten (SMS)Met SMS (Short Message Service) kunt u tekstberichten verzenden en ontvangen en tevens berichten met afbeeldingen ontvangen (netwerkdienst).Voordat u een tekstbericht, of een SMS-emailbericht kunt verzenden, moet u het nummer van de berichtencentrale opslaan. Zie Berichtinstellingen op pagina 62.Informeer bij uw serviceprovider naar de beschikbaarheid en abonnementsmogelijkheden van de dienst voor email via SMS. Zie Details opslaan op pagina 69 voor meer informatie over het opslaan van e-mailadressen in Contacten.Met uw apparaat kunnen tekstberichten worden verzonden die langer zijn dan de tekenlimiet voor één bericht.

Langere berichten worden verzonden als twee of meer berichten. Uw serviceprovider kan hiervoor de desbetreffende kosten in rekening brengen. Tekens met accenten of andere symbolen en tekens in sommige taalopties zoals het Chinees, nemen meer ruimte in beslag waardoor het aantal tekens dat in één bericht kan worden verzonden, wordt beperkt. De berichtlengte-indicator boven in het scherm geeft het totale aantal resterende tekens aan en het aantal berichten dat nodig is voor de verzending ervan. 673/2

42Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.betekent bijvoorbeeld dat er 673 tekens resteren en dat het bericht in twee gedeelten wordt verzonden.SMS-berichten invoeren en verzenden1. Selecteer Menu > Berichten > Bericht maken > SMS-bericht.2. Voer in het veld Aan: het telefoonnummer van de ontvanger in. Als u een telefoonnummer wilt ophalen uit Contacten, selecteert u Toevgn > Contact. Als u het bericht naar meerdere ontvangers tegelijk wilt versturen, voegt u de betreffende contacten één voor één toe. Als u een bericht naar een groep mensen wilt versturen, selecteert u Contactgroep en kiest u de gewenste groep. U kunt de contacten ophalen aan wie u recent een bericht hebt gestuurd door Toevgn > Onlangs gebruikt te selecteren.3. Blader omlaag en voer in het veld Bericht: het bericht in.

Zie Tekst invoeren op pagina 37.Selecteer Opties > Sjabloon invgn als u een sjabloon wilt invoegen in het bericht.Selecteer Opties > Bekijken om te zien hoe het bericht wordt weergegeven aan de ontvanger.4. Selecteer Verzenden om het bericht te verzenden. Zie Berichten verzenden op pagina 46.

43Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.SMS-berichten lezen en beantwoordenWanneer u een bericht hebt ontvangen, wordt 1 bericht ontvangen of het aantal nieuwe berichten weergegeven met berichten ontvangen.1. Als u het nieuwe bericht wilt bekijken, selecteert u Tonen. Selecteer Uit om het bericht later te bekijken.Als u het bericht later wilt lezen, selecteert u Menu > Berichten > Inbox. Als u meerdere berichten hebt ontvangen, selecteert u het bericht dat u wilt lezen. wordt weergegeven als er ongelezen berichten in uw Inbox staan.2. Selecteer Opties tijdens het lezen van het bericht om de beschikbare opties weer te geven. U kunt bijvoorbeeld de telefoon selecteren om de begintekst van een bericht als herinnering naar de agenda van de telefoon te kopiëren.3. Selecteer Beantw.

> SMS-bericht, Multimedia, Flitsbericht of Audiobericht om het bericht te beantwoorden.Als u het bericht wilt verzenden naar een e-mailadres, voert u in het veld Aan: het e-mailadres in.Blader omlaag en voer in het veld Bericht: het bericht in. Zie Tekst invoeren op pagina 37.Als u het berichttype voor uw antwoordbericht wilt wijzigen, selecteert u Opties > Berichttype wijzigen.4. Selecteer Verzenden om het bericht te verzenden.

44Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.■ SIS-berichtenSIM-berichten zijn tekstberichten die op uw SIM-kaart worden opgeslagen. U kunt deze berichten kopiëren of verplaatsen naar het geheugen van de telefoon, maar niet andersom. Ontvangen berichten worden opgeslagen in het geheugen van de telefoon.Als u SIM-berichten wilt lezen, selecteert u Menu > Berichten > Opties > SIM-berichten.■ Multimediaberichten (MMS)Opmerking: Alleen compatibele apparaten die deze functie ondersteunen, kunnen multimediaberichten ontvangen en weergeven. De manier waarop een bericht wordt weergegeven, kan verschillen, afhankelijk van het ontvangende apparaat.Informeer bij uw serviceprovider naar de beschikbaarheid en abonnementsmogelijkheden van de netwerkdienst voor multimediaberichten.

Zie Multimediaberichten op pagina 64.Een multimediabericht kan tekst, geluid, afbeeldingen, videoclips, een visitekaartje of een agendanotitie bevatten. Als het bericht te groot is, kunt u het bericht waarschijnlijk niet ontvangen. Sommige netwerken laten het gebruik toe van tekstberichten die een internetadres bevatten waar u het multimediabericht kunt bekijken.Het is niet mogelijk multimediaberichten te ontvangen via GSM-gegevens tijdens een gesprek of een actieve browsersessie. De levering van multimediaberichten kan om diverse redenen mislukken. Het is daarom raadzaam voor belangrijke communicatie niet uitsluitend op deze berichten te vertrouwen.

45Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.MMS-berichten invoeren en verzendenHet draadloze netwerk kan de omvang van MMS-berichten limiteren Als de omvang van de ingevoegde afbeelding de limiet overschrijdt, kan de afbeelding door het apparaat worden verkleind zodat deze via MMS kan worden verzonden.1. Selecteer Menu > Berichten > Bericht maken > Multimedia.2. Voer het bericht in.De telefoon ondersteunt multimediaberichten die meerdere pagina's (dia's) bevatten. Een bericht kan als bijlage een agendanotitie en/of een visitekaartje bevatten. Een dia kan tekst, één afbeelding, één videoclip of tekst en één geluidsclip bevatten. Selecteer Nieuw of Opties > Invoegen > Dia als u een dia aan het bericht wilt toevoegen.Selecteer Invoegen of Opties > Invoegen als u een bestand aan het bericht wilt toevoegen.3.

U kunt het bericht bekijken voordat u het verzendt door de optie Opties > Bekijken te selecteren.4. Selecteer Verzenden om het bericht te verzenden. Zie Berichten verzenden op pagina 46.5. Voer in het veld Aan: het telefoonnummer van de ontvanger in. Als u een telefoonnummer wilt ophalen uit Contacten, selecteert u Toevgn > Contact. Als u het bericht naar meerdere ontvangers tegelijk wilt versturen, voegt u de betreffende contacten één voor één toe. Als u een bericht naar een groep mensen wilt versturen, selecteert u Contactgroep en kiest u de gewenste

46Copyright © 2005 Nokia. All rights reserved.groep. U kunt de contacten ophalen aan wie u recent een bericht hebt gestuurd door Toevgn > Onlangs gebruikt te selecteren.Berichten verzendenAuteursrechtbescherming kan meebrengen dat bepaalde afbeeldingen, muziek (inclusief beltonen) en andere inhoud niet mogen worden gekopieerd, gewijzigd, overgedragen of doorgestuurd.Selecteer Verzenden wanneer u klaar bent met het schrijven van het bericht. De foto wordt opgeslagen in de map Outbox en de verzending wordt gestart. Als u Verz. berichten opslaan > Ja selecteert, wordt het verzonden bericht opgeslagen in de map Verzonden items. Zie Algemene instellingen op pagina 62.Opmerking: Wanneer u een bericht verzendt, wordt de voortgangsindicator weergegeven. Hiermee wordt aangegeven dat het bericht is verzonden naar het nummer van de berichtencentrale dat in het apparaat is geprogrammeerd.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Taylor 7370 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden