Stiebel Eltron WPE-I 15 HK 230 Premium Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Stiebel Eltron WPE-I 15 HK 230 Premium (48 pagina’s), behorend tot de categorie Waterpomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 21 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Stiebel Eltron WPE-I 15 HK 230 Premium of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Stiebel Eltron |
| Categorie: | Waterpomp |
| Model: | WPE-I 15 HK 230 Premium |
Handleiding Stiebel Eltron WPE-I 15 HK 230 Premium – volledige tekst
2 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. comINHOUD BIJZONDERE INSTRUCTIESBEDIENING1. Algemene aanwijzingen �������������������������������������41. 1 Geldende documenten ������������������������������������������ 41. 2 Veiligheidsaanwijzingen ��������������������������������������� 41. 3 Andere aandachtspunten in deze documentatie ���������� 41. 4 Info op het toestel ����������������������������������������������� 41. 5 Meeteenheden ��������������������������������������������������� 41. 6 Prestatiegegevens conform norm ���������������������������� 42. Veiligheid �����������������������������������������������������52. 1 Reglementair gebruik ������������������������������������������� 52. 2 Veiligheidsaanwijzingen ��������������������������������������� 52. 3 Keurmerk ���������������������������������������������������������� 53.
Bzondere instructies www. stiebel-eltron. com WPE-I H(K) 230 Premium | 3Bzondere instructies - Het toestel kan door kinderen vanaf 8jaar, alsook door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze onderricht zijn hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke geva-ren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren. - Aansluiting op het stroomnet is alleen als vaste aansluiting toegestaan. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3mm van de aansluiting van de netvoeding kunnen worden losgekoppeld.
- Houd de minimale afstanden aan om een sto-ringsvrije werking van het toestel te waarbor-gen en onderhoudswerkzaamheden aan het toestel mogelijk te maken. - Bij bivalente werking kan de warmtepomp worden doorstroomd door het retourwater van de tweede warmteopwekker. Houd er rekening mee dat de temperatuur van het re-tourwater maximaal 65°C mag zijn. - Onderhoudswerkzaamheden, zoals het con-troleren van de elektrische veiligheid, mogen alleen uitgevoerd worden door een installa-teur. - Wij adviseren om periodiek een inspectie (reële toestand vaststellen) en desgewenst een onderhoud (standaard toestand herstel-len) door een installateur te laten uitvoeren. - Nadat het toestel spanningsvrij is geschakeld, kan het nog gedurende 5minuten onder spanning staan, omdat de condensatoren op de inverter nog moeten ontladen.
- Onderbreek de stroomvoorziening van de warmtepomp ook buiten de verwarmingsperi-ode niet. De stroomvoorziening van de warm-tepomp is veiligheidsrelevant. Wanneer u de stroomvoorziening onderbreekt, is de vorst-bescherming van de warmtepomp bovendien niet gewaarborgd. - U hoeft de installatie 's zomers niet uit te schakelen.
De warmtepompmanager beschikt over een automatische zomer-/winteromscha-keling. WPE-IHK230Premium - Het toestel is alleen geschikt voor passieve koeling. - Bij levering staat de parameter KOELEN in de instelling UIT. - Het menu KOELEN wordt alleen zichtbaar, wanneer een FET aangesloten is. De koelwer-king is alleen mogelijk in zomerbedrijf.
BEDIENINg 4 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. comBEDIENINg1. Algemene aanwijzingenDe hoofdstukken "Bijzondere info" en "Bediening" zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en de installateur. Het hoofdstuk "Installatie" is bedoeld voor de installateur. InfoLees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze. Overhandig de handleiding zo nodig aan een volgende gebruiker. 1. 1 Geldende documenten Bedieningshandleiding van de warmtepompmanager WPM Ingebruiknamehandleiding van de warmtepompmanager WPM Bedienings- en installatiehandleiding van alle compo-nenten die bij de installatie behoren1. 2 Veiligheidsaanwijzingen1. 2. 1 Opbouw van veiligheidsinstructies. TREFWOORD Soort gevaarHier worden de mogelijke gevolgen vermeld, wanneer de veiligheidsaanwijzingen genegeerd worden. f Hier staan maatregelen om gevaren te voorkomen. 1. 2.
2 Symbolen, soort gevaar Letsel Elektrische schok 1. 2. 3 Trefwoorden BetekenisGEVAAR Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wan-neer deze niet in acht genomen worden. WAARSCHUWING Aanwijzingen die kunnen leiden tot zwaar letsel of overlij-den, wanneer deze niet in acht genomen worden. VOORZICHTIG Aanwijzingen die kunnen leiden tot middelmatig zwaar of licht letsel, wanneer deze niet in acht genomen worden. 1. 3 Andere aandachtspunten in deze documentatie InfoAlgemene aanwijzingen worden aangeduid met het hier-naast afgebeelde symbool. f Lees de aanwijzingsteksten grondig door. Betekenis Materiële schade(toestel-, gevolg-, milieuschade) Het toestel afdanken f Dit symbool geeft aan dat u iets moet doen. De vereiste han-delingen worden stap voor stap beschreven. 1.
4 Info op het toestel Betekenis Moeilijk ontvlambaar koudemiddel Toevoer/ ingang Uitloop/ uitgang Warmtebron Verwarming Drinkwater Toestel niet afdekken 1. 5 Meeteenheden InfoTenzij anders vermeld, worden alle afmetingen in milli-meter aangegeven. 1. 6 Prestatiegegevens conform normToelichting voor de bepaling en interpretatie van de aangegeven prestatiegegevens conform de norm. 1. 6. 1 EN 14511De met name in tekst, grafieken en het technisch blad vermelde prestatiegegevens zijn berekend conform de meetomstandighe-den van de in de titel van deze paragraaf aangeduide norm. Daar-bij gaat het, afwijkend van deze norm, bij de prestatiegegevens voor inverter warmtepompen om gedeeltelijke belastingwaarden. De betreffende procentuele weging kan aan het gedeeltelijke be-lastinggebied van de EN 14825 en aan vaste activiteiten volgens het EHPA-kwaliteitszegel ontleend worden.
BEDIENING Veiligheidwww. stiebel-eltron. com WPE-I H(K) 230 Premium | 5De bovengenoemde meetomstandigheden komen doorgaans niet volledig overeen met de bestaande omstandigheden bij de ge-bruiker. Afhankelijk van de geselecteerde meetmethode en de mate waarin de geselecteerde methode afwijkt van de in de eerste alinea van deze paragraaf gedefinieerde meetomstandigheden, kunnen de afwijkingen aanzienlijk zijn. Andere factoren die de meetwaarden beïnvloeden, zijn de meet-middelen, de systeemconfiguratie en ouderdom van de installatie en de debieten. Bevestiging van de aangegeven prestatiegegevens is slechts mo-gelijk, wanneer ook de meting die in dit kader werd uitgevoerd, de in de eerste alinea van deze paragraaf aangegeven meetom-standigheden respecteert. 2. Veiligheid2. 1 Reglementair gebruikHet toestel is bedoeld voor: - Verwarmen van ruimtes.
- Opwarmen van tapwater - Koelen van ruimten (alleen WPE-I HK 230 Premium)Houd rekening met de werkingsgebieden die vermeld zijn in het hoofdstuk "Technische gegevens". Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijke omge-ving. Het kan op een veilige manier bediend worden door onge-schoolde personen. Het toestel kan ook buiten het huishouden gebruikt worden, bijv. in een klein bedrijf, voor zover het op de-zelfde wijze gebruikt wordt. Elk ander gebruik geldt niet als gebruik conform de voorschrif-ten. Bij reglementair gebruik hoort ook het in acht nemen van deze handleiding evenals de handleidingen voor het gebruikte toebehoren. 2. 2 Veiligheidsaanwijzingen - De elektrische installatie en de installatie van het verwar-mingscircuit mogen alleen uitgevoerd worden door een er-kende, gekwalificeerde installateur.
- De installateur is tijdens de installatie en de eerste inge-bruikname verantwoordelijk voor het naleven van de gelden-de voorschriften. - Gebruik het toestel enkel als het volledig geïnstalleerd is en als alle veiligheidsvoorzieningen aangebracht zijn.
- Bescherm het toestel tegen stof en vuil tijdens de bouwfase. - Neem voor de werking van het toestel het veiligheidsconcept in acht (zie hoofdstuk "Voorbereidingen/veiligheidsconcept"). WAARSCHUWING letselHet toestel kan door kinderen vanaf 8jaar, alsook door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beper-kingen of met een gebrek aan ervaring en kennis ge-bruikt worden op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze onderricht zijn hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke gevaren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren. WAARSCHUWING letself Gebruik het toestel om veiligheidsredenen alleen met een gesloten behuizing. 2. 3 KeurmerkZie het typeplaatje op het toestel. 3.
ToestelbeschrijvingHet toestel is een brine-water-warmtepomp die voorzien is voor gebruik als verwarmingswarmtepomp. Aan het warmtebronme-dium wordt door de warmtepomp op een laag temperatuurniveau warmte onttrokken, die dan samen met de door de compressor opgenomen energie op een hoger temperatuurniveau wordt afge-geven aan het verwarmingswater. Afhankelijk van de temperatuur van de warmtebron wordt het verwarmingswater opgewarmd tot 75°C aanvoertemperatuur. In het toestel zijn een verwarmingscirculatiepomp, een multifunc-tionele groep (MFG) met veiligheidsmodule en een 3-weg-klep voor omschakeling tussen het verwarmingscircuit en het circuit voor de warmwateropwarming ingebouwd.
De opwarming van het warm water gebeurt door het verwarmingswater dat met de warmtepomp verwarmd is, via een warmtewisselaar naar de warmwaterboiler te pompen, waarbij de warmte wordt afgegeven aan het warm water. Het toestel beschikt over een elektrische nood-/bijverwarming (NHZ).
Om de verwarmingsmodus en beschikbaarheid van hoge warmwatertemperaturen te waarborgen, wordt in de monovalen-te werking de elektrische nood-/bijverwarming als noodverwar-ming geactiveerd, wanneer het bivalentiepunt niet wordt bereikt. In mono-energetische werking wordt in een dergelijk geval de elektrische nood-/bijverwarming lastafhankelijk vanaf het biva-lentiepunt als bijkomende verwarming geactiveerd. Het toestel wordt geregeld door middel van een ingebouwde, buitentemperatuurafhankelijke temperatuurregeling voor het ver-warmingscircuit (warmtepompmanager WPM). De WPM stuurt ook de warmwateropwarming tot de gewenste temperatuur.
Wanneer gedurende de warmwateropwarming de hogedruksensor of de verwarmingsgasbewaking van de warmte-pomp in werking wordt gesteld, wordt de warmwateropwarming automatisch door een ingebouwde, elektrische nood-/bijverwar-ming afgesloten, mits de WW ZELFLEERFUNCTIE gedeactiveerd is. Wanneer de WW ZELFLEERFUNCTIE geactiveerd is, wordt de warmwateropwarming beëindigd en wordt de nominale warm-watertemperatuur met de bereikte warmwatertemperatuur over-schreven.
BEDIENING 6 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. comDe WPM regelt ook de ingebouwde elektrische nood-/bijverwar-ming. Het is ook mogelijk een andere warmteopwekker aan te sturen. Droogverwarmen. Materiële schadeVerkeerde instellingen kunnen tot beschadiging van de warmtepomp of van de dekvloer leiden. Bij brine-wa-ter-warmtepompen kan de warmtebron bovendien be-schadigd raken. f Wanneer u het opwarmprogramma wilt gebruiken, neem dan het betreffende hoofdstuk in acht in de ingebruiknamehandleiding van de warmtepompma-nager WPM. WPE-IHK230Premium Materiële schadeAls de dauwpunttemperatuur niet bereikt wordt, kan in het koelbedrijf condensaat gevormd worden. f Sluit de afstandsbediening FET aan. Materiële schadeCondensatie door het niet bereiken van het dauwpunt kan tot materiële schade leiden.
Het toestel is uitslui-tend toegelaten voor oppervlaktekoeling. Wanneer de afstandsbediening FET aangesloten is, neemt de warm-tepompmanager WPM de dauwpuntbewaking over. In het toestel zijn bovendien een warmtewisselaar en een 3-weg-klep ingebouwd om te schakelen tussen verwarmen en koelen. Bij oppervlaktekoeling is de installatie van een afstandsbediening (FET) voor de meting van de relatieve vochtigheid en de kamer-temperatuur voor de dauwpuntbewaking in een referentieruimte noodzakelijk. De woonruimte wordt afgekoeld door de brine door de bijkomen-de warmtewisselaar te pompen. Daarbij onttrekt de brine warmte aan het verwarmingswater en geeft deze af aan de koelere grond. De compressor is tijdens het koelen niet in werking. 4.
Onderhoud en verzorging Materiële schadeOnderhoudswerkzaamheden, zoals het controleren van de elektrische veiligheid, mogen alleen uitgevoerd wor-den door een installateur. Een vochtige doek volstaat om de kunststoffen en metalen on-derdelen te verzorgen en te reinigen. Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigingsmiddelen met oplosmiddelen.
Wij adviseren om periodiek een inspectie (reële toestand vaststel-len) en desgewenst een onderhoud (standaard toestand herstel-len) door een installateur te laten uitvoeren. 5. Problemen verhelpen OplossingGeen warm water be-schikbaar of de verwar-ming blijft koud. De zekering is defect. Controleer de zekeringen van de huisinstallatie. Waarschuw de installateur, wanneer u de oorzaak niet zelf kunt verhelpen. Om u nog beter en sneller te kunnen helpen, deelt u hem het nummer op het typeplaatje mee. Het typeplaatje zit vanaf de voorkant gezien aan de rechter- of linkerzijde van de toestelbehuizing. Voorbeeld van het typeplaatjeMontageanweisung beachten. Dichtheit geprüft. Made in Germany*xxxxxxxxxxxxxxxxxx*126�03�01�15701 Nummer op het typeplaatje.
Veiligheidwww. stiebel-eltron. com WPE-I H(K) 230 Premium | 76. VeiligheidInstallatie, ingebruikname, onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen door een gekwalificeerde installateur uitgevoerd worden. 6. 1 Algemene veiligheidsaanwijzingenWij waarborgen de goede werking en de bedrijfszekerheid uitslui-tend bij gebruik van originele onderdelen en reserveonderdelen voor het toestel. 6. 2 Voorschriften, normen en bepalingen InfoNeem alle nationale en regionale voorschriften en be-palingen in acht. 7. Toestelbeschrijving7. 1 WerkwijzeDe warmtewisselaar aan de kant van de warmtebron (verdamper) onttrekt omgevingswarmte aan de warmtebron. De daarbij op-genomen energie wordt samen met de energie van de compres-soraandrijving naar het verwarmingswater in de warmtewisselaar aan de verwarmingszijde (condensor) gevoerd.
Afhankelijk van de verwarmingsbelasting wordt het verwarmingswater tot +75°C opgewarmd. Wanneer tijdens de warmwateropwarming de hogedruksensor of de verwarmingsgasbewaking in werking wordt gesteld, treedt de elektrische nood-/bijverwarming in werking. Wanneer de warm-tebehoefte van het verwarmingssysteem groter wordt dan het verwarmingsvermogen van de warmtepomp, neemt de nood-/ bij-verwarming de dekking van de resterende warmtebehoefte over. WPE-IHK230PremiumOm te koelen wordt de brine door een 3-weg omschakelventiel en een bijkomende warmtewisselaar gepompt. Daarbij onttrekt de brine warmte aan het cv-water. 7. 2 Leveringsomvang - 1x Buitentemperatuursensor AF PT - 2x Dompel-/aanlegvoeler TAF PT - 6x Koppeling 28mm7.
D0000099765121 Uitblaasopening2 AanzuigopeningIn het toestel is een ventilator ingebouwd, die in het toestel een onderdruk genereert. Wanneer de onderdruk niet meer opge-bouwd worden kan (beschadigde afdichtingsband), schakelt de veiligheidsdrukdoos het toestel uit. In de warmtepompmanager verschijnt een melding. Eenheid Waardeminimale onderdruk Pa 30f Vervang de afdichtingsband, indien nodig. Bij een lekkage mengt de ventilator het koudemiddel voldoende in de ruimte. f Houd de minimale opsteloppervlakte van de opstelruimte aan. [m²]WPE-I 04 H(K) Premium WPE-I 12 H(K) PremiumWPE-I 06 H(K) Premium WPE-I 15 H(K) PremiumWPE-I 08 H(K) Premium6,0 8,0Minimale opsteloppervlakte vergrotenWanneer de minimale opsteloppervlakte in de opstelruimte niet bereikt wordt, kunt u de opstelruimte via ventilatieopeningen met een aangrenzende ruimte verbinden.
De ventilatieopeningen moe-ten zich in de buurt van het plafond en de vloer bevinden. Wanneer het plafond verlaagd is en er geen wand met de volgende ruimte aanwezig is, is de bovenste ventilatieopening niet nodig.
instAllAtie Voorbereidingen8 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. com≥20≥20100200300≥150050%Anv50%AnvD0000101711 - De ventilatieopeningen mogen niet afgesloten worden. - De bovenzijde van de onderste ventilatieopening mag niet hoger dan 300mm boven de vloer liggen. - 50% van de benodigde oppervlakte van de ventilatieopening moet minder dan 200mm boven de vloer liggen. - De onderzijde van de onderste ventilatieopening mag niet hoger dan 100mm boven de vloer liggen. - De ventilatieopening tussen de ruimten mag niet smaller zijn dan 20mm. - Er is een tweede ventilatieopening nodig. De ventilatieope-ning mag niet kleiner zijn dan50% van de benodigde opper-vlakte van de ventilatieopening. De onderzijde van de ven-tilatieopening moet ten minste op een hoogte van 1500mm boven de vloer liggen. f Bereken de oppervlakte van de ventilatieopeningen.
Anv = mc - (0,4335 * A)50,3D0000095347A Kameroppervlakte [m²]Anv Vereiste openingsoppervlakte [m²]mc Inhoud koudemiddel [kg]f Installeer ventilatieopeningen die overeenkomen met de be-rekende oppervlakte. 8. 2 Montageplaats. Materiële schadef Installeer het toestel alleen in ruimten zonder con-stante ontstekingsbron (bijv. open vuur, een inge-schakeld gastoestel of een elektrische verwarming) of zonder verwarmingstoestellen die afhankelijk zijn van ruimtelucht. InfoHet toestel is bedoeld voor opstelling in ruimten, behalve in vochtige ruimten. f Plaats het toestel niet direct onder of naast slaapkamers. f Voer de buisdoorvoeren door muren en plafonds geluiddem-pend uit. De ruimte waarin het toestel moet geïnstalleerd worden, moet voldoen aan de volgende voorwaarden: - Vorstvrij - De ruimte mag geen gevaar voor explosies door stof, gassen of dampen inhouden.
- Bij opstelling van het toestel in een stookruimte samen met andere verwarmingstoestellen moet verzekerd zijn dat de werking van de andere verwarmingstoestellen niet beïnvloed wordt.
- De minimale inhoud van de opstelruimte moet worden nage-leefd (zie hoofdstuk "Voorbereidingen/veiligheidsconcept"). - Belastbare vloer (gewicht van het toestel, zie hoofdstuk "Technische gegevens/ Gegevenstabel"). f Controleer of in de opstelruimte het veiligheidsventiel voor het brinecircuit geïnstalleerd is. Optioneel is de installatie in de openlucht mogelijk. f Verifieer of de ondergrond horizontaal, vlak, stevig en be-stendig is. f Zorg bij een zwevende dekvloer voor een stille werking van de warmtepomp. f Ontkoppel het opstelvak rondom de warmtepomp door een uitsparing. Sluit de uitsparing vervolgens af met een niet-waterdoorlatend en geluidsontkoppeld materiaal, bijv. silicone. 1 2 3 5426�03�01�14661 Betonvloer2 Geluidsisolatie3 Zwevende vloer4 Vloerbekleding5 Uitsparing.
Voorbereidingenwww. stiebel-eltron. com WPE-I H(K) 230 Premium | 98. 3 Minimumafstanden≥500≥50≥500≥500≥1000D0000034469f Houd de minimale afstanden aan om een storingsvrije werking van het toestel te waarborgen en onderhoudswerk-zaamheden aan het toestel mogelijk te maken. 8. 4 Elektrische installatie WAARSCHUWING elektrische schokVoer alle aansluitingen en montagewerken betreffen-de het stroomnet uit conform de nationale en regionale voorschriften. WAARSCHUWING elektrische schokAansluiting op het stroomnet is alleen als vaste aan-sluiting toegestaan. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3mm van de aansluiting van de netvoeding kunnen worden losgekoppeld. Aan deze vereiste wordt voldaan met schakelautomaten, vermo-gensschakelaars, zekeringen, enz.
Materiële schadeBeveilig de stroomcircuits voor de compressor en de elektrische nood-/bijverwarming afzonderlijk. InfoDe aangegeven spanning moet overeenkomen met de netspanning. Houd rekening met de specificaties op het typeplaatje. InfoHet toestel omvat een frequentieomvormer voor de toe-rentalgeregelde compressor. Wanneer er zich een storing voordoet, kunnen frequentieomvormers gelijkstroomfou-ten veroorzaken. Als er aardlekschakelaars zijn, moeten deze aardlekschakelaars (RCD) van het type B zijn. Een foutgelijkstroom kan aardlekschakelaars van het type A blokkeren. f Zorg ervoor dat de stroomvoorziening voor het toe-stel gescheiden is van de huisinstallatie. De elektrische gegevens vindt u in het hoofdstuk “Technische ge-gevens/ Gegevenstabel”. f Leg de leidingen met de overeenkomstige kabeldiameters. Neem de nationale en regionale voorschriften in acht.
WPE-I04H(K)230Premium | WPE-I06H(K)230Premium | WPE-I08H(K)230Premium KabeldiameterB 16 A Compressor 2,5 mm² bij plaatsing in een wand1,5mm² bij vrije plaatsingB 16 A elektrische nood-/bijverwarming (BVW) 2. 5 mm²1,5 mm² bij slechts twee belaste gelei-ders en plaatsing op een wand of in een leidingbuis op een wand. B 16 A Sturing 1,5mm²WPE-I12H(K)230Premium | WPE-I15H(K)230Premium KabeldiameterB 25A Compressor 4,0 mm² bij plaatsing in een muur≥2,5 mm² bij vrije plaatsingAlternatief: 1x B 16 A meer informatie onder tabel Compressor 4,0 mm² bij plaatsing in een muur≥2,5 mm² bij vrije plaatsing B 16 A elektrische nood-/bijverwarming (BVW) 2. 5 mm²1,5 mm² bij slechts twee belaste gelei-ders en plaatsing op een wand of in een leidingbuis op een wand.
Montage10 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. com9. Montage9. 1 Transportf Transporteer het toestel in de verpakking, zodat het be-schermd is tegen beschadiging. f Bescherm het toestel tijdens het transport tegen zware sto-ten. - Als u het toestel tijdens het transport kantelt, mag dit slechts kortstondig gebeuren op één van de lange zijden. Hoe langer het toestel gekanteld blijft, hoe meer de koelmid-delolie zich in het systeem verspreidt. - Bewaring en transport bij temperaturen onder -20°C en boven +50°C is niet toegestaan. 9. 2 Opstellingf Verwijder de verpakkingsfolie en de EPS-vormstukken bo-venaan en aan de zijkant. f Kantel het toestel iets naar voren. f Leg houtjes achter onder het toestel. f Kantel het toestel iets naar achteren en hef het van de pallet.
Gebruik voor het eruit heffen de grepen aan de achterwand en de voorste, onderste, rubberen stelvoeten. f Plaats het toestel op de voorbereide ondergrond. f Neem de minimumafstanden in acht (zie hoofdstuk "Voorbe-reidingen/minimumafstanden"). f Lijn het toestel waterpas uit door de toestelvoeten af te stel-len. 9. 3 Installatie van de warmtebroninstallatie. Materiële schadeHet maximale werkingsgebied van de warmtebron mag gedurende max. 30minuten tot 40°C bedragen. Continu-bedrijf met een warmtebrontemperatuur hoger dan het max. werkingsgebied (zie hoofdstuk "Technische gege-vens/ Gegevenstabel") is niet toegelaten. AanwijzingVoer de warmtebroninstallatie voor het toestel uit over-eenkomstig de planningsdocumenten. AanwijzingHet toestel kan ook met grondwater als warmtebron ge-bruikt worden. Voor het gebruik met grondwater is een tussencircuit verplicht.
f Monteer het grondwaterstation GWS of een warm-tewisselaar. f Vul het tussencircuit met een etyleenglycol-wa-termengsel met ten minste 25volumeprocent ety-leenglycol. Let op de dichtheid. f Zet in de warmtepompmanager het bronmedium op "WATER".
De minimale retour-brontemperatuur wordt automatisch ingesteld op +2°C. Toegelaten brine:ArtikelnummerMEG 10 Warmtedragervloeistof als concentraat op basis van ethyleenglycol231109 MEG 30 Warmtedragervloeistof als concentraat op basis van ethyleenglycol161696 9. 3. 1 Circulatiepomp en vereist debietHet debiet wordt automatisch geregeld door de warmtepompma-nager. Handmatig instellen van de circulatiepomp is niet mogelijk. 9. 3. 2 Aansluiting en vulling met brinef Spoel het leidingsysteem grondig door met brine voordat de warmtepomp wordt aangesloten op het warmtebroncircuit. Vreemde voorwerpen, zoals roest, zand, afdichtingsmateri-aal, belemmeren de goede werking van de warmtepomp. Het is aan te bevelen onze brinevuleenheid WPSF te monteren in de warmtebroningang (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/toebehoren").
Om het toestel gemakkelijk te kunnen aansluiten op het brinecir-cuit zijn koppelingen bij het toestel geleverd (zie hoofdstuk "Mon-tage/koppelingen monteren"). Het brinevolume in de warmtepomp bij gebruiksvoorwaarden kunt u in de gegevenstabel vinden (zie hoofdstuk "Technische gegevens"). Het totale volume komt overeen met het vereiste brinevolume dat moet worden gemengd uit onverdund glycol en water. Het chloridegehalte van het water mag 100ppm niet overschrijden. MengverhoudingDe brineconcentratie is verschillend wanneer een bodemcollector of een aardwarmtesonde als warmtebron wordt gebruikt. De mengverhouding vindt u in de volgende tabel. WaterAardwarmtesonde 25 % 75 %Bodemcollector 33 % 67 %Brinecircuit vullen Infof Voer de isolatie van de bronleidingen diffusiedicht uit.
InfoDe vuldruk van de installatie moet hoger zijn dan de voor-druk plus het maximale drukverschil van de brinepomp. InfoBij aardwarmtesondes is het membraan-drukexpansievat geschikt voor een max. vulvolume van 600l. Het in het toestel ingebouwde membraan-expansievat is in de fabriek gevuld en verzegeld.
instAllAtie Montagewww. stiebel-eltron. com WPE-I H(K) 230 Premium | 11De brine-water-warmtepomp is in het brinecircuit uitgerust met een brinedrukschakelaar. De brinedrukschakelaar schakelt het toestel uit bij een lekkage in het brinecircuit en voorkomt dat brine in de grond terechtkomt. Wanneer de druk in het broncircuit onder 0,7 bar daalt, schakelt de brondrukschakelaar de warmtepomp uit. Om de warmtepomp weer te activeren, moet de druk bij stilstand van de warmtepomp worden verhoogd naar minstens 1,5 bar. Om te verhinderen dat de brondrukschakelaar zonder bestaande lekkage de warmtepomp uitschakelt, moet de warmtebronzijde van de warmtepomp tijdens de installatie worden gevuld met een minimumdruk van > 1,5 bar. f Vul de installatie volgens onderstaande curve, om ongewenst activeren van de brondrukschakelaar te vermijden.
00,511,522,530 200 400 600 80012D0000058692X Installatievolume [l]Y Vuloverdruk [bar]1 Vereiste vuldruk afhankelijk van het installatievolume bij 33% brine2 Vereiste vuldruk afhankelijk van het installatievolume bij 25% brine1D00000361491 Aftapping bronzijdef Vul het brinecircuit via de aftapping. f Ontlucht het brinecircuit. Brineconcentratie controleren:f Bepaal de densiteit van het glycol-watermengsel bijv. met behulp van een densiteitmeter. Aan de hand van de gemeten densiteit en temperatuur kunt u de beschikbare concentratie uit het diagram aflezen. InfoDe vermelde vermogensgegevens hebben betrekking op ethyleenglycol (zie "Technische gegevens"). 1,101,091,081,071,061,041,031,021,011,000,990,98-20 0 20 40 60 80 10050 Vol. -%01,05403330252010A26�03�01�1914X Temperatuur [°C]Y Densiteit [g/cm³]A Vorstbescherming [°C]f Isoleer de brineleidingen met diffusiedichte isolatie. 9.
4 Aansluiting van het verwarmingswater InfoHet gebruik van terugslagkleppen in de laadcircuits tus-sen de warmtegenerator en het buffervat of de warm-waterboiler kan de werking van de geïntegreerde mul-tifunctionele groep (MFG) aantasten en tot storingen in de verwarmingsinstallatie leiden. f Gebruik voor de installatie van de toestellen uitslui-tend onze hydraulische standaardoplossingen. De verwarmingsinstallatie waarop de warmtepomp aangesloten wordt, moet door een installateur uitgevoerd worden in over-eenstemming met de waterinstallatieschema's in de plannings-documenten. f Spoel het leidingsysteem grondig door voordat de warmte-pomp wordt aangesloten. Vreemde voorwerpen, zoals roest, zand, afdichtingsmateriaal, belemmeren de goede werking van de warmtepomp. Het is aan te bevelen onze filtermodule in de CV retour te monteren (zie hoofdstuk "Toestelbeschrij-ving/toebehoren").
instAllAtie Montage12 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. comf Sluit de verwarmingsinstallatie op de aansluitingen "Ver-warming aanvoer" en "Verwarming retour" aan. Let op de dichtheid. f Let op de juiste aansluiting van de cv-aanvoer en -retour. f Let bij het dimensioneren van het verwarmingscircuit op het maximaal beschikbare externe drukverschil (zie het hoofd-stuk "Technische gegevens/Gegevenstabel"). f Voer de isolatie uit overeenkomstig de geldende voorschrif-ten. Het membraan-drukexpansievat aan de verwarmingszijde is in de fabriek aan het kapventiel geopend en verzegeld. Veiligheidsventiel26�03�01�1855121 Afvoer2 Afloopf Gebruik een afvoer met voldoende capaciteit om het water bij volledig geopend veiligheidsventiel ongehinderd af te voeren. f Controleer of de afvoer van de veiligheidsklep geopend is in de richting van de atmosfeer.
f Installeer de afvoer van het veiligheidsventiel met een traploos verval naar de afloop. De afvoer mag bij het instal-leren niet geknikt worden. 9. 5 Zuurstofdiffusie. Materiële schadeVermijd open verwarmingsinstallaties. Gebruik bij vloer-verwarmingen met kunststofleidingen zuurstofdiffusie-dichte leidingen. Bij vloerverwarmingen met niet-zuurstofdiffusiedichte kunststof-leidingen of open verwarmingsinstallaties kan door zuurstofdiffu-sie corrosie optreden aan de stalen delen van de verwarmingsin-stallatie (bijv. aan de warmtewisselaar van de warmwaterboiler, aan buffervaten, stalen verwarmingselementen of stalen buizen). f Scheid bij zuurstofdoorlatende verwarmingssystemen het verwarmingssysteem tussen verwarmingscircuit en buffer-vat. Materiële schadeDe corrosieproducten (bijv.
6 Verwarmingsinstallatie vullenGesteldheid van het verwarmingswaterVoordat de installatie gevuld wordt, moet een analyse van het vul-water voorhanden zijn. Deze analyse kan bijvoorbeeld opgevraagd worden bij de bevoegde watermaatschappij. Materiële schadeOm schade door steenvorming te voorkomen, moet het vulwater eventueel voorbehandeld worden (ontharden of ontzouten). De in het hoofdstuk "Technische gegevens/ Gegevenstabel" vermelde grenswaarden voor het vulwa-ter moeten absoluut nageleefd worden. f Controleer deze grenswaarden 8-12 weken na de ingebruikname en tijdens het jaarlijkse onderhoud van de installatie. Info Bij een geleidbaarheid van > 1000µS/cm is waterbe-handeling door ontzouting beter geschikt om corrosie te vermijden. Info Geschikte toestellen voor ontharden en ontzouten en om verwarmingsinstallaties te vullen en te spoelen, kunt u via de vakhandel aankopen.
Info Wanneer u het vulwater behandelt met inhibitoren of additieven, gelden dezelfde grenswaarden als bij ont-zouting. Verwarmingsinstallatie vullen Materiële schadef Schakel de installatie niet elektrisch in voordat deze is gevuld. Materiële schadeDoor hoge debieten of drukslagen kan het toestel be-schadigd raken. f Vul het toestel met een gering debiet. Bij levering staat de omschakelklep van de MFG in de midden-positie, zodat het verwarmings- en warmwatercircuit gelijkmatig gevuld worden. Als de elektrische voeding wordt ingeschakeld, gaat de omschakelklep automatisch naar de verwarmingswerking. Wanneer u achteraf wilt vullen of aftappen, dan moet u de om-schakelklep eerst weer in de middenpositie zetten. f Activeer de parameter.
instAllAtie Montagewww. stiebel-eltron. com WPE-I H(K) 230 Premium | 13ParametersAFTAPPEN HYD MFG (DIAGNOSE/RELAISTEST INSTALLATIE)1D00000361491 Aftapping aan verwarmingszijdef Vul de verwarmingsinstallatie via de aftapplug. Neem de pa-ragraaf "Vuldruk bepalen" in acht. Vuldruk bepalenHet in het toestel ingebouwde membraan-drukexpansievat heeft een volume van 24 liter. De voordruk P0 bedraagt 1,5 bar. Wanneer het hoogteverschil ∆h tussen het hoogste punt van de verwarmingsinstallatie en het membraan-drukexpansievat maxi-maal 13m bedraagt, kan het membraan-drukexpansievat onge-wijzigd blijven. f Vul de verwarmingsinstallatie met een druk van ten minste 1,8bar (P0 + 0,3bar). Let op de aanspreekdruk van het vei-ligheidsventiel van 3bar.
Wanneer het hoogteverschil tussen het hoogste punt van de ver-warmingsinstallatie en het membraan-drukexpansievat meer dan 13m bedraagt, moet de voordruk worden aangepast. f Bereken de voordruk:P0 = ∆h10+ 0,2 barD0000081230f Merk op dat de vuldruk van de verwarmingsinstallatie over-eenkomstig stijgt. f Controleer of een bijkomend extern membraan-drukexpan-sievat moet worden geïnstalleerd. f Vul de verwarmingsinstallatie met de overeenkomstige druk (P0+0,3bar). Let op de aanspreekdruk van het veiligheids-ventiel van 3bar. 9. 7 Verwarmingsinstallatie ontluchtenD000003634611 Automatische ontluchterf Ontlucht het buizenstelsel door de rode kap op het ontluch-tingsventiel omhoog te trekken. f Sluit het ontluchtingsventiel na het ontluchten. 9. 8 WarmwaterbereidingVoor de opwarming van warm water wordt een warmwaterboiler met een interne warmtewisselaar gebruikt.
f Kies het warmtewisselaaroppervlak op basis van het warm-watervermogen van de warmtepomp. Voor een warmwater-vermogen van 6-8 kW adviseren we een warmtewisselaarop-pervlak van ten minste 2m2.
In het toestel is een 3-weg klep voor de omschakeling tussen het opwarmcircuit van het warm water en het verwarmingscircuit gemonteerd. f Spoel het leidingsysteem grondig door voordat de warmte-pomp wordt aangesloten. Vreemde voorwerpen, zoals roest, zand, afdichtingsmateriaal, belemmeren de goede werking van de warmtepomp. Het is aan te bevelen onze filtermodule in het opwarmcircuit van het warm water te monteren (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/toebehoren"). f Verbind de warmwateraanvoer van het toestel met de boven-ste warmtewisselaaraansluiting van de warmwaterboiler (zie "Technische gegevens/afmetingen en aansluitingen"). f Verbind de warmwaterretour van het toestel met de onderste warmtewisselaaraansluiting van de warmwaterboiler (zie "Technische gegevens/afmetingen en aansluitingen").
instAllAtie Montage14 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. comWPE-IHK230PremiumVoor het koelen in combinatie met een buffervat is een bijkomende dompel-/aanlegsensor TAFPT nodig. f Installeer de voeler in de aanvoer van het buffervat. f Sluit de voeler aan op de warmtepompmanager. 9. 10 Koppelingen monteren InfoDe kunststofkoppelingen zijn niet geschikt voor installatie in de drinkwaterleiding. f Installeer de koppelingen uitsluitend in het verwar-mingscircuit of het brinecircuit. Materiële schadef Haal de wartel van de koppeling handmatig aan. Ge-bruik geen gereedschap. Materiële schadeOm de degelijke bevestiging van de koppeling te ver-zekeren, moeten buizen met een oppervlaktehard-heid>225HV (bijv. roestvrij staal) worden voorzien van een groef. f Snijd met een pijpsnijder een groef van circa0,1mm diepte op een gedefinieerde afstand van het uiteinde van de buis.
- Buisdiameter 22mm: 17 ± 0,5mm - Buisdiameter 28mm: 21 ± 0,5mm. Materiële schadeBij het gebruik van kunststof buizen moeten steunhulzen gebruikt worden. D0000061240f Verwijder de grijze beschermdoppen van de koppelingen. Werkingsprincipe van koppelingenDe koppelingen zijn uitgerust met een klemelement met roest-vrijstalen tanden en een O-ring voor de afdichting. Daarnaast be-schikken de koppelingen over de functie "Draaien en borgen". Door de schroefdop simpelweg handmatig te draaien, wordt de buis in de koppeling gefixeerd en wordt de O-ring voor het afdichten op de buis geperst. De koppeling tot stand brengenVoordat deze erin gestoken wordt, moet de koppeling in de ont-grendelde stand staan. In deze stand is er een smalle sleuf aan-wezig tussen de wartel en de basisbehuizing.
f Kort de buizen alleen in met een pijpsnijder. f Steek de buis voorbij de O-ring in de koppeling tot de inge-stelde insteekdiepte is bereikt. f Draai de wartel tot aan de aanslag handvast op de basisbe-huizing. Hierdoor wordt de koppeling beveiligd. De koppeling losmaken Als de koppeling later losgemaakt moet worden, gaat u als volgt te werk:f Draai de wartel tegen de wijzers van de klok in los totdat er een kleine spleet met een breedte van ca. 2mm ontstaat. Duw het klemelement met de vingers terug en houd het vast. f Trek de ingestoken leiding uit de koppeling. D0000088521.
Elektrische aansluitingwww. stiebel-eltron. com WPE-I H(K) 230 Premium | 1510. Elektrische aansluiting10. 1 Algemeen WAARSCHUWING elektrische schokf Schakel het toestel voor aanvang van de werk-zaamheden spanningsvrij in de schakelkast. InfoDe lekstroom van dit toestel kan >3,5mA zijn. InfoGebruik in combinatie met de warmtepompmanager WPM de mengklep-servomotor HSM. Aansluitwerken mogen enkel uitgevoerd worden door een erken-de installateur overeenkomstig deze handleiding. De goedkeuring van de bevoegde energiemaatschappij (EVU) moet beschikbaar zijn om het toestel te kunnen aansluiten. f Houd rekening met het hoofdstuk "Voorbereidingen/ Elektri-sche installatie". 10. 2 Elektrische aansluiting Infof Voordat u de elektrische aansluiting tot stand brengt, moet u de verwarmingsinstallatie vullen (zie hoofdstuk "Montage/aansluiting van het verwar-mingswater").
De aansluitklemmen bevinden zich in de schakelkast van het toe-stel onder de bovenste afdekking. Voor de aansluitingen dient u elektriciteitskabels te gebruiken conform de voorschriften. f Demonteer de afdekking (zie hoofdstuk “Storingen verhel-pen/ Ommantelingsdelen demonteren”). f Verwijder het achterste isolatiekap. f Plaats de stroomkabels door de doorvoer van de voorste iso-latiekap. f Steek de elektrische kabels daarna door de trekontlastingen. f Controleer de goede werking van de trekontlastingen. f Steek alle aansluit- en sensorkabels door de daarvoor voor-ziene doorvoer in de achterwand. 10. 2. 1 Compressor en elektrische nood-/bijverwarming-stelfunctie Mono-energe-tisch bedrijf De elektrische nood-/bijverwarming waarborgt de verwar-mingsmodus en genereert hogere warmwatertemperaturen, wanneer het bivalentiepunt te laag is.
Noodwerking Wanneer de warmtepomp bij een storing uitvalt, wordt het verwarmingsvermogen overgenomen door de elektrische nood-/bijverwarming. U kunt kiezen tussen twee aansluitmogelijkheden. De compres-soraansluiting blijft eenfasig. A gescheiden aansluiting voor compressor en nood-/bijverwarmingB aansluiting voor compressor en nood-/bijver-warming met 5-aderige kabelAansluitmogelijkheid A (230V)f Sluit de elektriciteitskabels aan, zoals op de volgende afbeel-ding wordt getoond. D0000100606XD1 L, N, PEXD1 L', L", N', N", PEXD3 L, N, PEf Leid alle elektriciteitskabels door de trekontlastingen. Con-troleer de goede werking van de trekontlastingen. Als geen spanning wordt aangesloten op het vrijgavesignaal van de energiemaatschappij, start de warmtepomp niet op.
f Installeer een brug tussen EVU1 en EVU2, wanneer er geen rondstuurontvanger aangesloten wordt. Aansluitmogelijkheid B (400V)f Sluit de elektriciteitskabels aan, zoals op de volgende afbeel-ding wordt getoond. D0000076876XD1 L1, L2, L3, N, PEXD3 L, N, PEf Verbind aansluitingen N, N’ en N” met een brug.
instAllAtie Elektrische aansluiting16 | WPE-I H(K) 230 Premium www. stiebel-eltron. comf Leid alle elektriciteitskabels door de trekontlastingen. Con-troleer de goede werking van de trekontlastingen. Als geen spanning wordt aangesloten op het vrijgavesignaal van de energiemaatschappij, start de warmtepomp niet op. f Installeer een brug tussen EVU1 en EVU2, wanneer er geen rondstuurontvanger aangesloten wordt. 10. 2. 2 Aansluitbezetting warmtepompmanagerD0000071841VeiligheidslaagspanningX1. 1 CAN A + - L H+ - L HCAN (aansluiting voor warmtepomp en warm-tepompuitbreiding WPE) X1. 2 CAN B + - L H+ - L HCAN (intern bedieningspaneel) X1. 3 Signaal Massa1 2Buitenvoeler X1. 4 Signaal Massa1 2Buffersensor (verwarmingscircuitsensor 1) X1. 5 Signaal Massa1 2Aanvoervoeler X1. 6 Signaal Massa1 2Voeler verwarmingscircuit 2 X1. 7 Signaal Massa1 2Voeler verwarmingscircuit 3 X1.
9 L N PEL N PEBronpomp/ontdooien X2. 10 L N PEL N PEStoringsuitgang X2. 11 L N PEL N PECirculatiepomp/2. WE warm water X2. 12 L N PEL N PE2. WE verwarming X2. 13 L N PEL N PEKoelen X2. 14 Mengklep OPEN N PE Mengklep DICHT5 N PE 6Mengklep verwarmingscircuit 2 ( X2. 14. 1 Mengklep OPEN X2. 14. 2 Mengklep DICHT ) X2. 15 Mengklep OPEN N PE Mengklep DICHT5 N PE 6Mengklep verwarmingscircuit 3 ( X2. 15. 1 Mengklep OPEN X2. 15. 2 Mengklep DICHT ) InfoBij iedere fout aan het toestel schakelt uitgang X2. 10 een 230V-signaal. Bij tijdelijke fouten schakelt de uitgang gedurende een bepaalde periode het signaal door. Bij fouten die tot een permanente uitschakeling van het toestel leiden, schakelt de uitgang voortdurend door. f U kunt het gedrag van de uitgang bepalen met de parameter "INGEBRUIKNAME/ I/O CONFIGURATIE/ UITGANG X 2. 10".
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Stiebel Eltron WPE-I 15 HK 230 Premium stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Waterpomp Stiebel Eltron
Handleiding Waterpomp
Nieuwste handleidingen voor Waterpomp