Stamos S-LS-28 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Stamos S-LS-28 (184 pagina’s), behorend tot de categorie Meetapparatuur. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 21 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Stamos S-LS-28 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Stamos |
| Categorie: | Meetapparatuur |
| Model: | S-LS-28 |
Handleiding Stamos S-LS-28 – volledige tekst
NL Deze gebruikershandleiding is vertaald met behulp van machinevertaling. Wij hebben er alles aan gedaan om ervoor te zorgen dat de vertaling nauwkeurig is, maar houd er rekening mee dat automatische vertalingen niet perfect zijn en niet bedoeld zijn om menselijke vertalers te vervangen. De officiële versie van de gebruikershandleiding is in het Engels. Eventuele verschillen tussen de vertaalde versie en de originele Engelse versie zijn niet juridisch bindend. Als u vragen hebt over de juistheid van de vertaling, raadpleeg dan de Engelse versie; dit is de officiële referentie. Versies in andere talen zijn op aanvraag verkrijgbaar via [email protected].
NL Legenda Het product voldoet aan de relevante veiligheidsnormen. Lees de instructies voor gebruik. Het product moet worden gerecycled. ATTENTIE. Elektrische schok waarschuwing. Alleen binnenshuis gebruiken. LET OP. De tekeningen in deze handleiding dienen uitsluitend ter illustratie en kunnen in sommige details afwijken van het werkelijke product. 2. Gebruiksveiligheid ATTENTIE. Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies nauwkeurig. Het niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig of zelfs dodelijk letsel. Niet gebruiken in zeer vochtige omgevingen of in de directe omgeving van watertanks. Voorkom dat het apparaat nat wordt. Gevaar voor elektrische schokken. Dek de luchtinlaten/-uitlaten niet af.
De termen "apparaat" of "product" worden in de waarschuwingen en instructies gebruikt om te verwijzen naar: Laboratoriumvoeding 2. 1. Elektrische veiligheid De stekker moet in het stopcontact passen. Verander op geen enkele manier iets aan de stekker. Het gebruik van originele stekkers en passende stopcontacten vermindert het risico van elektrische schokken. Raak geaarde elementen zoals leidingen, verwarmingstoestellen, boilers en koelkasten niet aan. Er is een verhoogd risico op een elektrische schok als het geaarde apparaat wordt blootgesteld aan regen, in direct contact komt met een nat oppervlak of in een vochtige omgeving wordt gebruikt. Als er water in het apparaat binnendringt, bestaat er een groter risico op schade aan het apparaat en op een elektrische schok. Raak het apparaat niet aan met natte of vochtige handen. Gebruik de kabel uitsluitend overeenkomstig het beoogde gebruik.
Gebruik het nooit om het apparaat te dragen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende delen. Beschadigde of kabels die door elkaar geraakt zijn verhogen het risico op elektrische schokken. 2. 2.
Veiligheid op de werkplek Zorg ervoor dat de werkplek ordelijk en goed verlicht is. Een rommelige of slecht verlichte werkplek kan leiden tot ongelukken. Probeer te anticiperen op wat er kan gebeuren, observeer wat er gebeurt en gebruik uw gezonde verstand bij het werken met het apparaat. Gebruik het apparaat niet in een explosiegevaarlijke zone, bijvoorbeeld in de aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Het apparaat genereert vonken die stof of dampen kunnen ontsteken. Wanneer u schade of onregelmatigheden constateert, dient u het apparaat onmiddellijk uit te schakelen en dit onmiddellijk aan een toezichthouder te melden. Alleen het servicepunt van de fabrikant mag het apparaat repareren. Probeer nooit zelf reparaties uit te voeren.
NL Herinner. Bescherm kinderen en andere omstanders bij het gebruik van het apparaat. 2. 3. Persoonlijke veiligheid Gebruik het apparaat niet als u moe of ziek bent of onder invloed bent van alcohol, verdovende middelen of medicijnen die de bediening van het apparaat aanzienlijk kunnen beïnvloeden. Het apparaat is niet bedoeld om te worden bediend door personen (inclusief kinderen) met beperkte geestelijke en sensorische functies of personen die niet over de benodigde ervaring en/of kennis beschikken, tenzij zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of tenzij zij instructies hebben ontvangen over de bediening van het apparaat. Om te voorkomen dat het apparaat per ongeluk wordt ingeschakeld, moet u ervoor zorgen dat de schakelaar in de UIT-stand staat voordat u het apparaat op een stroombron aansluit. 2. 4.
Veilig gebruik van het apparaat Gebruik het apparaat niet als de AAN/UIT-schakelaar niet goed functioneert (het apparaat niet aan- en uitzet). Apparaten die niet met de AAN/UIT-schakelaar kunnen worden in- en uitgeschakeld, zijn gevaarlijk en mogen niet worden gebruikt. Ze moeten worden gerepareerd. Wanneer u het apparaat niet gebruikt, berg het dan op een veilige plaats op, buiten bereik van kinderen en personen die het apparaat niet kennen en de gebruiksaanwijzing niet hebben gelezen. Gebruik het apparaat op een hoogte van maximaal 2. 000 m boven zeeniveau. Gebruik de voeding niet gedurende langere tijd onder maximale belasting. Verlies geen leads die live zijn. Gebruik kabels met een grotere doorsnede voor seriële en parallelle verbindingen, om de bereikte stroomsterkte en spanning te kunnen verwerken.
Ondanks het veilige ontwerp van het apparaat en de beschermende functies ervan, en ondanks het gebruik van extra elementen ter bescherming van de bediener, bestaat er toch een klein risico op een ongeval of letsel bij het gebruik van het apparaat. Blijf alert en gebruik uw gezond verstand wanneer u het apparaat gebruikt. 3. Gebruik richtlijnen Het product wordt gebruikt om externe apparaten van gelijkstroom met een bepaalde spanning te voorzien. De gebruiker is aansprakelijk voor alle schade die voortvloeit uit onbedoeld gebruik van het apparaat.
NL 4. Knop om de spanningswaarde voor het kanaal aan te passen 5. Knop om de huidige intensiteitswaarde voor het kanaal aan te passen 6. Knop om de spanningswaarde voor het kanaal te kiezen 7. Aan/uit-schakelaar van de uitgangen van de kanalen I en 8. a. (+) en (-) polen van kanaal B. Aarding van het kanaal 9. a. (+) en (-) polen van kanaal B. Aarding van het kanaal 10. a. (+) en (-) polen van kanaal 11. LED's - spanningswaarde voor kanaal 12. Aan/uit-schakelaar voor de voeding 13. Aan/uit-schakelaar voor serieschakeling van kanalen 14. Aan/uit-schakelaar voor parallelschakeling van kanalen 15. LED – serieschakelingsmodus AAN 16. LED – parallelle verbindingsmodus AAN 17. LED – constante waarde van de uitgangsspanning 18. LED – constante waarde van de intensiteit van de uitgangsstroom 19. LED – actieve overbelastingsbeveiliging 20. LED – actieve paneelvergrendeling 21.
Fijne/grove stroomsterkte-regelknop / Aan/uit-schakelaar voor overbelastingsbeveiliging 22. Fijne/grove spanningsregelknop / Aan/Uit-schakelaar voor instellingsvergrendeling 23. LED – actieve overspanningsbeveiliging 24. LED – actieve uitgangen 25. LED – geheugenindicator 26. Knop om spanning en stroomsterkte te regelen 27. Knoppen om posities op het display in te stellen 28. Spanning/stroomsterkte schakelaar 29. Aan/uit schakelaar voor het instellen van de vergrendeling 30. Aan/uit-schakelaar voor overspanningsbeveiliging / Aan/uit-schakelaar voor geluidssignaal 31. Aan/uit-schakelaar voor overbelastingsbeveiliging 32. Aan/uit-schakelaar voor uitgangen 33. Knoppen voor het opslaan/oproepen van gegevens uit het geheugen
NL 3. 2. Klaarmaken voor gebruik Locatie van het apparaat Het werkoppervlak waar het apparaat komt te staan, moet geschikt zijn voor de afmetingen van het apparaat. Raadpleeg hiervoor de afmetingen. Het werkoppervlak moet waterpas, droog, hittebestendig en op de juiste hoogte vanaf de grond zijn, zodat het apparaat correct kan worden gebruikt. Het netsnoer dat op het apparaat wordt aangesloten, moet goed geaard zijn en voldoen aan de technische gegevens. 3. 3. Gebruik van het apparaat De uitvoerparameters instellen Kanaal : druk op de knop (2-5) om de gekozen waarde aan te passen en houd deze ingedrukt totdat het cijfer op het display begint te knipperen. Draai aan de knop om de parameter in te stellen. Om waarden voor de volgende cijfers in te stellen, herhaalt u de hierboven beschreven activiteit.
Kanaal : Houd de knop (6) ingedrukt; de uitgangsspanningswaarde verandert in overeenstemming met de volgende cyclus: 2,5/3,3/5 [V] en de werkelijke waarde wordt aangegeven door een van de LED's (11). Parallelle/serie-bedrijfsmodus Om een willekeurige modus in te schakelen, drukt u op de knop (13) of (14) voor de gekozen modus en houdt u deze 1 seconde ingedrukt. Zodra de modus is geactiveerd, gaat de bijbehorende LED (15) of (16) branden. Het kanaal is in beide verbindingen het hoofdkanaal. De verbindingen in de individuele modi zijn als volgt: In serie: Parallel: Met de knop (7) kunt u de uitgangsspanning in- en uitschakelen. De uitvoerparameters instellen Er zijn 3 modi: modus 1 en 2 worden gebruikt om gegevens handmatig te laden, terwijl modus 3 wordt gebruikt voor computerprogrammeerbare instellingen.
NL Modus 3: druk op de knop (22) en houd deze 3 seconden ingedrukt om de handmatige parameterinstellingsmodi te vergrendelen; de voedinguitgangen worden uitgeschakeld en de knop (21) fungeert als aan/uit-schakelaar voor de uitgangen (wijzigingen door op de knop te drukken). Sluit de voeding aan op de computer en stel de gekozen parameters in met behulp van de speciale software. Om de modus 3 te verlaten, drukt u op de knop (22) en houdt u deze 3 seconden ingedrukt. Overstroombeveiliging Om de beveiliging in te schakelen, drukt u op de knop (21) en houdt u deze 3 seconden ingedrukt. Als de uitgangen worden uitgeschakeld vanwege een beveiligingsactie, draai dan aan de knop (21) om de uitgangen opnieuw te activeren. De OCP-functie moet opnieuw worden ingeschakeld. Paneel slot Druk op de knop (22) en houd deze ongeveer 2 seconden ingedrukt.
Herhaal de bovenstaande handeling om het paneel te ontgrendelen. De uitvoerparameters instellen Gebruik de knop (28) om de in te voeren parameter te kiezen. Stel de parameter in door aan de knop (26) te draaien. Standaard staat de grove parameterregeling ingesteld; om de fijne regeling te activeren, drukt u op de knop (26). Geheugeninstellingen De volgende instellingen worden opgeslagen: Grof/fijn parameteraanpassingsmodus Geluidssignaal in-/uitschakelen Uitgangsspanning/stroomsterkte In-/uitschakelen van de uitgangen Paneel slot Met de knoppen (33) worden de instellingen van de uitgangsparameters opgeslagen en weer opgeroepen. Tijdens het oproepen van de instellingen worden de uitgangen automatisch uitgeschakeld. Opslaan: druk op een van de knoppen en houd deze ingedrukt totdat de betreffende LED (25) gaat branden; de instellingen worden opgeslagen.
Om de waarde “” te herstellen, drukt u tegelijkertijd op de “”-knop en de “”-knop. Overspanningsbeveiliging / Overbelastingsbeveiliging Om de beveiligingen in en uit te schakelen, gebruikt u de desbetreffende knoppen (30) of (31). Wanneer de beveiliging actief is, geeft de LED dit aan. Wanneer de beveiliging echter geactiveerd wordt, d. w. z. wanneer de drempelwaarden worden overschreden en de voeding van de uitgangen wordt onderbroken, knippert de LED. De volgende keer dat u op de aan/uit-knop drukt, wordt de beveiliging gereset en wordt de stroomtoevoer naar de uitgangen hersteld. Algemeen Software (dit geldt voor modellen: ): Installeer de software die op de cd staat. Stel de COM-poort in op de computer: “Baudrate: 9600 / Pariteitsbit: Geen / Databit: 8 / Stopbit: 1 / Datastroomcontrole: Geen”.
NL Sluit de voeding aan op de computer via USB of RS232. Het apparaat moet automatisch met de computer communiceren en het bedieningspaneel van het apparaat wordt vergrendeld. Het bewerken van parameters is alleen mogelijk via de instellingen op de computer. Alle modellen zijn voorzien van thermische beveiliging tegen oververhitting. Als de thermische beveiliging in werking treedt, moet de oorzaak van de oververhitting van het apparaat worden weggenomen. Wacht tot het apparaat is afgekoeld voordat u het opnieuw opstart. Vervangen van de zekering: koppel het apparaat los van de stroomvoorziening voordat u de zekering vervangt. Verhelp de oorzaak van het doorbranden van de zekering en vervang de zekering door een nieuwe zekering met dezelfde specificaties als aangegeven in de tabel met technische gegevens. 3. 4.
Reiniging en onderhoud Voor elke reiniging, afstelling, vervanging van accessoires en als het apparaat niet wordt gebruikt, moet de stekker uit het stopcontact worden gehaald. Gebruik voor het reinigen van elk oppervlak reinigingsmiddelen zonder bijtende stoffen. Bewaar het toestel op een droge, koele plaats, vrij van vocht en directe blootstelling aan zonlicht. Spuit het apparaat nooit met waterstralen af. Maak de ventilatieopeningen schoon met een kwast en perslucht. Om brandveiligheid te garanderen, mag u de zekering alleen vervangen door een zekering van het aangegeven type en de juiste waarde. Om elektrische schokken te voorkomen, moet de aardingsgeleider van het netsnoer met de grond worden verbonden. Verwijder de afdekkingen niet. Onderhoudswerkzaamheden mogen uitsluitend door gekwalificeerd personeel worden uitgevoerd.
AFVOEREN VAN GEBRUIKTE APPARATEN Gooi dit apparaat niet in gemeentelijke afvalsystemen. Lever het in bij een recycling- en verzamelpunt voor elektrische apparaten. Controleer het symbool op het product, de gebruiksaanwijzing en de verpakking.
De kunststoffen die voor de bouw van het apparaat zijn gebruikt, kunnen overeenkomstig hun markering worden gerecycleerd. Door te kiezen voor recycling levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van het milieu. Neem contact op met plaatselijke autoriteiten voor informatie over plaatselijke recycling.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Stamos S-LS-28 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Meetapparatuur Stamos
Handleiding Meetapparatuur
Nieuwste handleidingen voor Meetapparatuur