Smeg SI3321B Handleiding

Smeg Fornuis SI3321B

Bekijk gratis de handleiding van Smeg SI3321B (24 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 41 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Smeg SI3321B of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/24
Inhoudsopgave
1. WAARSCHUWINGEN BIJ GEBRUIK ..................................................................................100
2. WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEID ..................................................................102
3. ZORG VOOR HET MILIEU ..................................................................................................104
3.1 Onze zorg voor het milieu ........................................................................................................................... 104
3.2 Uw zorg voor het milieu .............................................................................................................................. 104
4. KEN UW TOESTEL .............................................................................................................105
4.1 Positie van de bereidingszones .................................................................................................................. 105
4.2 Herkenning van de pan ............................................................................................................................... 106
4.3 Pannen die voor de inductieplaat kunnen worden gebruikt ........................................................................ 106
4.4 Beperking van de bereidingsduur ............................................................................................................... 106
4.5 Bescherming tegen oververhitting van de plaat .......................................................................................... 107
4.6 Andere functies ........................................................................................................................................... 107
4.7 Advies om energie te besparen .................................................................................................................. 107
4.8 Vermogensniveaus ..................................................................................................................................... 107
5. GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT .........................................................108...............................
5.1 Algemene waarschuwingen en advies ........................................................................................................ 108
5.2 Bedieningspaneel ....................................................................................................................................... 108
5.3 Inschakeling/uitschakeling van de plaat ...................................................................................................... 108
5.4 Inschakeling van de bereidingszone ........................................................................................................... 109
5.5 Uitschakeling van de bereidingszone ......................................................................................................... 109
5.6 Restwarmte ................................................................................................................................................. 109
5.7 Automatische controle van de temperatuur ................................................................................................ 109
5.8 Timer automatische uitschakeling bereidingszone ..................................................................................... 109
5.9 Blokkering van de bedieningen ................................................................................................................... 110
5.10 Vermogenbeheer ...................................................................................................................................... 111
5.11 Secundair menu (Automatische blokkering van de bedieningen - Showroom - ECO-logic) ..................... 112
5.12 Tabel voor de bereidingen ........................................................................................................................ 113
6. REINIGING EN ONDERHOUD ............................................................................................114
6.1 Reiniging van de glaskeramische plaat ...................................................................................................... 114
6.2 Wekelijkse reiniging .................................................................................................................................... 114
7. WAT ALS IETS NIET WERKT? ..........................................................................................115
8. INSTALLATIE .....................................................................................................................116
8.1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid voor de montage in keukenmeubels .............................................116
8.2 Insnijding van het werkblad ......................................................................................................................... 116
8.3 Inbouw ........................................................................................................................................................ 118
8.4 Ventilatie ..................................................................................................................................................... 119
8.5 Pakking van de kookplaat ........................................................................................................................... 120
8.6 Bevestiging met beugels ............................................................................................................................. 120
8.7 Elektrische aansluiting ............................................................................................................................... 121
AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER: hier vindt u advies betreffende het gebruik, de beschrijving
van de bedieningen en de correcte handelingen voor de reiniging en het onderhoud van het toestel.
AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR: deze zijn bedoeld voor de gekwalificeerde technicus die
de installatie, de inbedrijfstelling en de keuring van het toestel moet uitvoeren.
Surf voor meer informatie over de producten naar www.smeg.com
@
99

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (5 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Smeg
Categorie: Fornuis
Model: SI3321B
Apparaatplaatsing: Ingebouwd
Soort bediening: Touch
Kleur van het product: Zwart
Aantal vermogenniveau's: 9
Ingebouwd display: Nee
Breedte: 300 mm
Diepte: 515 mm
Hoogte: 64 mm
Warmhoud functie: Ja
Soort materiaal (bovenkant): Glas
Vermogen brander/kookzone 2: 2000 W
Vermogen brander/kookzone 1: 3100 W
Aantal branders/kookzones: 2 zone(s)
Type kookplaat: Inductiekookplaat zones
Type brander/kookzone 1: Groot
Type brander/kookzone 2: Sudderen
Aantal gaspitten: 0 zone(s)
Aantal elektronische kook zones: 2 zone(s)
Reguliere brander/kookzone diameter: 160 mm
Normale brander/kookzone: 2000 W
Controle positie: Boven voorzijde
Vermogen: 3100 W
Grote brander/kookzone diameter: 230 mm
Grote brander/kookzone: 3100 W
Stroom: 30 A
Boost functie: Ja
Waarschuwingssignaal: Ja
Schoonmaakslot: Ja
Voedingsbron brander/kookzone 1: Electrisch
Voedingsbron brander/kookzone 2: Electrisch
Positie brander/kookzone 1: Midden achter
Diameter brander/kookzone 1: 230 mm
Positie brander/kookzone 2: Midden voor
Diameter brander/kookzone 2: 160 mm
Kookzone 1 vorm: Rond
Kookzone 2 vorm: Rond

Handleiding Smeg SI3321B – volledige tekst

Inhoudsopgave1. WAARSCHUWINGEN BIJ GEBRUIK. 1002. WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEID. 1023. ZORG VOOR HET MILIEU. 1043. 1 Onze zorg voor het milieu. 1043. 2 Uw zorg voor het milieu. 1044. KEN UW TOESTEL. 1054. 1 Positie van de bereidingszones. 1054. 2 Herkenning van de pan. 1064. 3 Pannen die voor de inductieplaat kunnen worden gebruikt. 1064. 4 Beperking van de bereidingsduur. 1064. 5 Bescherming tegen oververhitting van de plaat. 1074. 6 Andere functies. 1074. 7 Advies om energie te besparen. 1074. 8 Vermogensniveaus. 1075. GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT. 108. 5. 1 Algemene waarschuwingen en advies. 1085. 2 Bedieningspaneel. 1085. 3 Inschakeling/uitschakeling van de plaat. 1085. 4 Inschakeling van de bereidingszone. 1095. 5 Uitschakeling van de bereidingszone. 1095. 6 Restwarmte. 1095. 7 Automatische controle van de temperatuur. 1095. 8 Timer automatische uitschakeling bereidingszone. 1095.

9 Blokkering van de bedieningen. 1105. 10 Vermogenbeheer. 1115. 11 Secundair menu (Automatische blokkering van de bedieningen - Showroom - ECO-logic). 1125. 12 Tabel voor de bereidingen. 1136. REINIGING EN ONDERHOUD. 1146. 1 Reiniging van de glaskeramische plaat. 1146. 2 Wekelijkse reiniging. 1147. WAT ALS IETS NIET WERKT. 1158. INSTALLATIE. 1168. 1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid voor de montage in keukenmeubels. 1168. 2 Insnijding van het werkblad. 1168. 3 Inbouw. 1188. 4 Ventilatie. 1198. 5 Pakking van de kookplaat. 1208. 6 Bevestiging met beugels. 1208. 7 Elektrische aansluiting. 121AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER: hier vindt u advies betreffende het gebruik, de beschrijvingvan de bedieningen en de correcte handelingen voor de reiniging en het onderhoud van het toestel.

AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR: deze zijn bedoeld voor de gekwalificeerde technicus diede installatie, de inbedrijfstelling en de keuring van het toestel moet uitvoeren. Surf voor meer informatie over de producten naar www. smeg. com@99.

Algemene waarschuwingen1001. WAARSCHUWINGEN BIJ GEBRUIKDEZE HANDLEIDING IS EEN INTEGREREND DEEL VAN HET TOESTEL. ZE MOET VOLLEDIG ENBINNEN HANDBEREIK WORDEN BEWAARD VOOR DE VOLLEDIGE GEBRUIKSDUUR VAN DEKOOKPLAAT. ER WORDT AANBEVOLEN OM DEZE HANDLEIDING EN ALLE AANDUIDINGENAANDACHTIG DOOR TE LEZEN VOORDAT DE KOOKPLAAT WORDT GEBRUIKT. DE INSTALLATIEMOET UITGEVOERD WORDEN DOOR GEKWALIFICEERD PERSONEEL EN DOOR DE VANKRACHT ZIJNDE NORMEN TE RESPECTEREN. DIT TOESTEL IS BEDOELD VOORHUISHOUDELIJK GEBRUIK, EN IS CONFORM DE ACTUEEL VAN KRACHT ZIJNDE EEG-RICHTLIJNEN. HET TOESTEL WERD GEBOUWD VOOR DE VOLGENDE FUNCTIE: BEREIDING ENVERWARMING VAN VOEDSEL; ELK ANDER GEBRUIK MOET ALS ONGESCHIKT BESCHOUWDWORDEN. DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR ANDERE DAN DEVERMELDE GEBRUIKSTOEPASSINGEN.

ZORG ER VOOR DAT DE OPENINGEN EN DE SPLETEN VOOR DE VENTILATIE EN DE WARMTE-AFVOER NIET VERSTOPT RAKEN. GEBRUIK DIT TOESTEL NOOIT VOOR VERWARMING VAN DE WONING. HET IDENTIFICATIEPLAATJE MET TECHNISCHE GEGEVENS, HET SERIENUMMER EN DEMARKERING IS ZICHTBAAR ONDER DE CARTER VAN HET TOESTEL GEPLAATST. IN HETBOEKJE IS EEN KOPIE VAN DIT PLAATJE VOORZIEN: ER WORDT AANBEVOLEN OM HET OP DEBINNENPAGINA VAN DE COVER OP DE DAARVOOR BESTEMDE PLEK TE PLAKKEN. DITPLAATJE MAG NOOIT WORDEN VERWIJDERD. VOORDAT HET TOESTEL IN WERKING WORDT GESTELD, MOETEN ALLE OP HET TOESTELAANGEBRACHTE ETIKETTEN EN BESCHERMENDE FOLIES WORDEN VERWIJDERD.

LET OP DAT U TIJDENS DE BEREIDING GEEN SUIKER OF ZOETE MENGSELSOP DE KOOKPLAAT MORST, OF ER MATERIALEN OP PLAATST DIE ZOUDENKUNNEN SMELTEN (PLASTIC OF ALUMINIUMFOLIE); INDIEN DIT MOCHTGEBEUREN, DAN MOET U, OM DE STAAT VAN HET OPPERVLAK NIET TEBESCHADIGEN, DE VERWARMING UITSCHAKELEN EN DE PLAAT MET DEBIJGEVOEGDE SCHRAPER REINIGEN TERWIJL DE PLAAT NOG LAUW IS. WANNEER DE GLASKERAMISCHE KOOKPLAAT NIET ONMIDDELLIJK WORDTGEREINIGD, BESTAAT HET RISICO DAT ER KORSTEN ONTSTAAN DIE NIETMEER KUNNEN WORDEN VERWIJDERD ALS DE PLAAT IS AFGEKOELD.

GEBRUIK ABSOLUUT GEEN METALEN SPONZEN OMDAT DEZE DEOPPERVLAKKEN KUNNEN BESCHADIGEN. GEBRUIK NORMALE EN NIET-SCHURENDE PRODUCTEN, EN EVENTUEEL HOUTEN OF PLASTIC GEREI. ZORG ER VOOR DAT GEEN ZURE STOFFEN, ZOALS CITROENSAP OF AZIJN, WORDENGEMORST OP DE KOOKPLAAT. PLAATS NOOIT PANNEN OP DE KOOKPLAAT DIE GEEN VOLKOMEN EFFEN EN REGELMATIGEBODEM HEBBEN. HET TOESTEL WORDT ZEER HEET TIJDENS HET GEBRUIK. ER WORDT AANBEVOLEN OMVOOR ELKE HANDELING SPECIALE THERMISCHE HANDSCHOENEN TE DRAGEN. CONTROLEER ALTIJD OF DE SENSORTOETSEN SCHOON ZIJN, OMDAT HET TOESTEL DE VUILEVLEKKEN ALS HET CONTACT VAN UW VINGERS KAN BESCHOUWEN. PLAATS GEENVOORWERPEN (PANNEN, HANDDOEKEN, ENZ. ) OP DE SENSOREN. ALS OVERGEKOOKTVOEDSEL OP DE SENSORTOETSEN KOMT, WORDT AANBEVOLEN OM HET TOESTEL UIT TESCHAKELEN.

Algemene waarschuwingen101SCHAKEL DE BEREIDINGSZONE NA GEBRUIK ONMIDDELLIJK UIT DOOR OP DERESPECTIEVELIJKE TOETS TE DRUKKEN EN NIET ALLEEN DOOR MIDDEL VAN DEHERKENNING VAN DE PANNEN. DE PANNEN EN POTTEN MOGEN DE SENSORTOETSEN NIET AFDEKKEN OMDAT HET TOESTELDAN AUTOMATISCH WORDT GEDESACTIVEERD.ACTIVEER DE KINDERBEVEILIGING WANNEER U KINDEREN OF HUISDIEREN HEEFT DIE BIJ DEKOOKPLAAT KUNNEN KOMEN.PLAATS GEEN LEGE POTTEN OF PANNEN OP DE BEREIDINGSZONES WANNEER ZE ZIJNINGESCHAKELD.GEBRUIK DE KOOKPLAAT NIET ALS HET PYROLYTISCHE PROCES IN DE OVEN WORDTUITGEVOERD.De constructeur kan niet aansprakelijk gesteld worden voor letsels aan personen of materiële schadeals gevolg van het niet in acht nemen van deze voorschriften, of door het onklaar maken van zelfs maareen enkel onderdeel van het toestel en door het gebruik van niet-originele reserveonderdelen.

Algemene waarschuwingen1022. WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEIDRAADPLEEG DE AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATIE VOOR DE VEILIGHEIDSNORMEN VOORELEKTRISCHE TOESTELLEN EN VOOR DE VENTILATIEFUNCTIES. IN HET BELANG VAN UW VEILIGHEID WERD BIJ WET BEPAALD DAT DE INSTALLATIE EN DEASSISTENTIE VAN ALLE ELEKTRISCHE TOESTELLEN MOET UITGEVOERD WORDEN DOORBEVOEGD PERSONEEL, MET INACHTNEMING VAN DE GELDENDE NORMEN. ONZE ERKENDE INSTALLATEURS GARANDEREN HET BESTE RESULTAAT. ELEKTRISCHE TOESTELLEN MOETEN ALTIJD DOOR DESKUNDIGE PERSONEN WORDENWEGGENOMEN. CONTROLEER VOORDAT HET TOESTEL AANGESLOTEN WORDT OP HET STROOMNET OF DEGEGEVENS DIE AANGEDUID WORDEN OP DE PLAAT OVEREENKOMEN MET DIEGENE VAN HETSTROOMNET ZELF. VOORDAT DE HANDELINGEN VAN DE INSTALLATIE / ONDERHOUD UITGEVOERD WORDEN,MOET GECONTROLEERD WORDEN OF DE STROOM NAAR HET TOESTEL IS UITGESCHAKELD.

ONMIDDELLIJK NA DE INSTALLATIE MOET HET TOESTEL KORT GETEST WORDEN DOOR DEAANWIJZINGEN TE VOLGEN DIE VERDEROP WORDEN AANGEDUID. ALS HET TOESTEL NIETGOED WERKT, MOET HET WORDEN LOSGEKOPPELD VAN HET ELEKTRICITEITSNET EN MOETU CONTACT OPNEMEN MET HET DICHTSTBIJZIJNDE TECHNISCHE ASSISTENTIECENTRUM. DE STEKKER DIE AANGESLOTEN MOET WORDEN OP DE STROOMKABEL EN HET RELATIEVESTOPCONTACT MOETEN VAN HETZELFDE TYPE EN CONFORM DE VAN KRACHT ZIJNDENORMEN ZIJN. HET STOPCONTACT MOET BEREIKBAAR BLIJVEN NA INBOUW VAN HET TOESTEL. TREK NOOIT AAN DE KABEL OM DE STEKKER UIT HET STOPCONTACT TE VERWIJDEREN. ALS DE STROOMKABEL BESCHADIGD IS, MOET ONMIDDELLIJK DE TECHNISCHEASSISTENTIEDIENST GECONTACTEERD WORDEN DIE VOOR DE VERVANGING VAN DE KABELZAL ZORGEN. HET IS VERPLICHT OM EEN AARDING OP HET TOESTEL TE VOORZIEN VOLGENS DEVOORZIENE VEILIGHEIDSNORMEN VAN DE ELEKTRISCHE INSTALLATIE.

TIJDENS HET GEBRUIK VAN HET TOESTEL WORDT DE ZONE WAAROP DE PANNEN RUSTENZEER HEET. LET OP DAT U HET OPPERVLAK VAN DE KOOKPLAAT NIET AANRAAKT. HET TOESTEL MAG ENKEL GEBRUIKT WORDEN DOOR VOLWASSENEN. STA NIET TOE DATKINDEREN IN DE BUURT KOMEN OF ERMEE SPELEN.

BELANGRIJK: LET GOED OP KINDEREN, OMDAT ZE HET BRANDENDE CONTROLELAMPJEVOOR DE RESTWARMTE NIET GOED KUNNEN ZIEN. DE BEREIDINGSZONES BLIJVEN NA GEBRUIK GEDURENDE EEN BEPAALDE PERIODE ZEERWARM, OOK AL ZIJN ZE UITGESCHAKELD. HOUD KINDEREN UIT DE BUURT ZODAT ZE ZE NIET KUNNEN AANRAKEN. ALS U ZIET DAT BARSTEN OF SCHEUREN WORDEN GEVORMD OF ALS HET OPPERVLAK VANDE GLASKERAMISCHE PLAAT BREEKT, DAN MOET HET TOESTEL ONMIDDELLIJK WORDENUITGESCHAKELD. SCHAKEL DE STROOMTOEVOER UIT EN CONTACTEER DE TECHNISCHEASSISTENTIEDIENST. PERSONEN MET EEN PACEMAKER OF EEN SOORTGELIJK TOESTEL MOETEN CONTROLERENOF DE WERKING VAN DEZE SYSTEMEN NIET WORDT GESCHAAD DOOR HET INDUCTIEVELD,WAARVAN HET BEREIK TUSSEN 20 EN 50 KHZ LIGT.

DIT TOESTEL MAG NIET WORDEN GEBRUIKT DOOR PERSONEN (KINDEREN INBEGREPEN)MET VERMINDERDE FYSISCHE OF PSYCHISCHE VERMOGENS, OF DOOR PERSONEN DIEGEEN ERVARING HEBBEN MET HET GEBRUIK VAN ELEKTRISCHE APPARATUUR, TENZIJ DITGEBEURT ONDER TOEZICHT OF INSTRUCTIE VAN VOLWASSENEN DIE VOOR HUN VEILIGHEIDINSTAAN.

Algemene waarschuwingen103VOORDAT HET TOESTEL IN WERKING WORDT GESTELD, MOETEN ALLE OP HET TOESTELAANGEBRACHTE ETIKETTEN EN BESCHERMENDE FOLIES WORDEN VERWIJDERD. PROBEER NOOIT OM HET TOESTEL ZELF TE HERSTELLEN. ALLE HERSTELLINGEN MOETENDOOR EEN BEVOEGDE TECHNICUS OF BIJ EEN GEAUTORISEERD ASSISTENTIECENTRUMWORDEN UITGEVOERD. DE ELEKTROMAGNETISCHE INDUCTIEPLAAT BEHOORT VOLGENS DE BEPALINGEN INZAKE DEELEKTROMAGNETISCHE COMPATIBILITEIT TOT GROEP 2 EN KLASSE B (EN 55011). LAAT DE INGESCHAKELDE KOOKPLAAT NOOIT ONBEWAAKT ACHTER. PAS OP VOOR DE SNELLE VERWARMING VAN DE BEREIDINGSZONES. PLAATS GEEN LEGEPOTTEN OF PANNEN OP DE INGESCHAKELDE PLAAT. GEVAAR OP OVERVERHITTING. DE VETTEN EN DE OLIE KUNNEN VLAM VATTEN ALS ZE OVERVERHIT RAKEN. WE RADEN UDUS AAN OM NIET WEG TE GAAN TIJDENS DE BEREIDING VAN VOEDSEL DAT OLIE OF VETTENBEVAT.

ALS DE OLIE OF DE VETTEN VLAM VATTEN, MAG GEEN WATER WORDEN GEBRUIKT OMTE BLUSSEN. PLAATS HET DEKSEL OP DE PAN EN SCHAKEL DE BEREIDINGSZONE UIT. HET OPPERVLAK VAN GLASKERAMIEK IS ERG STOOTBESTENDIG. LAAT NOOIT ZWARE ENHARDE VOORWERPEN OP DE KOOKPLAAT VALLEN, OMDAT PUNTIGE VOORWERPEN DEKOOKPLAAT ZOUDEN KUNNEN BREKEN. HET OPPERVLAK IN GLASKERAMIEK MAG NIET ALS STEUNVLAK GEBRUIKT WORDEN. WANNEER DE KOOKPLAAT NIET MEER KAN WORDEN UITGESCHAKELD ALS GEVOLG VAN EENDEFECT IN DE BEDIENING VAN DE SENSOREN, DAN MOET DE STROOMTOEVOERONMIDDELLIJK WORDEN UITGESCHAKELD EN MOET U CONTACT OPNEMEN MET HETTECHNISCHE ASSISTENTIECENTRUM. LET OP WANNEER BIJKOMENDE ELEKTRISCHE TOESTELLEN WORDEN AANGESLOTEN. DEAANSLUITKABELS MOGEN NIET IN CONTACT KOMEN MET DE WARME BEREIDINGSZONES. LEG GEEN METALEN VOORWERPEN OP HET OPPERVLAK VAN DE INDUCTIEPLAAT, ZOALSKEUKENGEREI OF BESTEK, OMDAT ZE VERHIT KUNNEN RAKEN.

ZE KUNNEN OPWARMEN IN DE BUURT VAN DE KOOKPLAAT; GEVAAR OP BRANDWONDEN. DIT RISICO BESTAAT NIET MET NIET-MAGNETISCHE VOORWERPEN, ZOALS GOUDEN OFZILVEREN RINGEN. GEBRUIK GEEN GESLOTEN DOZEN OF BAKJES IN HET TOESTEL. TIJDENS DE BEREIDING KANDOOR DE OVERDRUK IN DE BAKJES GEVAAR OP ONTPLOFFINGEN ONTSTAAN. De constructeur kan niet aansprakelijk gesteld worden voor letsels aan personen of materiële schadeals gevolg van het niet in acht nemen van deze voorschriften, of door het onklaar maken van zelfs maareen enkel onderdeel van het toestel en door het gebruik van niet-originele reserveonderdelen.

Waarschuwingen voor de afvalverwerking1043. ZORG VOOR HET MILIEU3. 1 Onze zorg voor het milieuAldus de Richtlijnen 2002/95/EG, 2002/96/EG, 2003/108/EG in verband met de beperking van hetgebruik van gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische toestellen, en ook de verwerking van afval:Het symbool van de doorkruiste vuilbak, aangebracht op de apparatuur, duidt aan dat het product op heteinde van zijn gebruiksduur gescheiden ingezameld moet worden. De gebruiker moet de apparatuur dusop het einde van de gebruiksduur toekennen aan geschikte centra voor de gescheiden inzameling vanelektrisch en elektronisch afval, of overhandigen aan de verkoper wanneer een nieuw overeenkomstigtoestel wordt gekocht.

Een gepaste gescheiden afvalinzameling voor de volgende recyclage van deapparatuur en voor de behandeling en de ecologisch compatibele verwerking draagt bij tot het vermijdenvan mogelijke negatieve gevolgen voor het milieu en voor de gezondheid, en bevordert het recyclerenvan het materiaal waarvan de apparatuur gemaakt is. Wanneer de gebruiker het product illegaalverwerkt, zullen administratieve sancties getroffen worden. Het product bevat geen dusdanige hoeveelheden van stoffen die als gevaarlijk voor de gezondheid enhet milieu worden beschouwd, conform de actuele Europese Richtlijnen. 3. 2 Uw zorg voor het milieuVoor het verpakken van onze producten worden niet-vervuilende materialen gebruikt die het milieu nietschaden, en die recycleerbaar zijn. We verzoeken u om hieraan mee te werken en de verpakking correctte verwerken.

Vraag bij uw verkoper of bij de bevoegde diensten naar de adressen van inzamel-,afvalverwerkings- en recyclagecentra. Laat de verpakking, of delen ervan, niet onbewaakt achter. Deze kunnen voor kinderen gevaar opverstikking vormen; vooral plastic zakken zijn gevaarlijk. Ook uw oude toestel moet correct verwerkt worden.

Belangrijk: lever het toestel in bij de plaatselijke dienst of zaak die verantwoordelijk is voor deinzameling van afgedankte huishoudtoestellen. Met een correcte verwerking kunnen kostbarematerialen gerecupereerd worden. Voordat u het toestel weggooit, is het belangrijk dat u de deuren verwijdert en de werkvlakken nietverwijdert; dit om te vermijden dat kinderen zich al spelend in de oven zouden kunnen opsluiten. Bovendien moet de stroomkabel samen met de stekker verwijderd worden. doorgesneden worden en.

105Aanwijzingen voor de gebruiker4. KEN UW TOESTELDe kookplaat is voorzien van een inductiegenerator voor elke bereidingszone. Elke generator onder hetglaskeramische oppervlak heeft een elektromagnetisch veld dat een thermische stroom veroorzaakt opde onderkant van de pan.

De warmte wordt niet overgedragen in de bereidingszone, maar ze wordtdirect in het recipiënt gecreëerd door de inductieve stromen.Voordelen van de inductieplaat- Energiebesparing, dankzij de rechtstreekse overdracht van energie naar de pan (u moet daarvoorbestemde pannen in magnetiseerbaar materiaal gebruiken) in vergelijking met het traditioneelelektrisch koken.- grotere veiligheid, dankzij de overdracht van energie naar enkel het recipiënt op de kookplaat.- hoog rendement bij de overdracht van energie van de bereidingszone naar de onderkant van de pan.- snelle verwarming.- kleinere kans op brandwonden, omdat het kookoppervlak enkel wordt verwarmd door de onderkantvan de pan; overgekookt voedsel plakt niet.4.1 Positie van de bereidingszonesZone Externe diameter (mm) Max.

106Aanwijzingen voor de gebruiker4. 2 Herkenning van de panWanneer geen pan op een bereidingszone staat of als de pan te klein is, wordt geen energie verzonden. Als een geschikte pan op de bereidingszone staat, detecteert het herkenningssysteem de aanwezigheidvan de pan en schakelt het systeem de plaat op het ingestelde vermogen in. De energie-overdrachtwordt ook onderbroken indien de pan van de bereidingszone wordt verwijderd (het gekozen vermogenbegint te knipperen). Wanneer de functie van de herkenning van de pan geactiveerd wordt, ondanks debeperkte afmetingen van de pannen of de potten die zich op de bereidingszone bevinden, wordt enkelde noodzakelijke energie verzonden. Beperkingen bij de herkenning van de pan: De minimale diameter van de onderkant van de panwordt aangeduid door een interne omtrek op de bereidingszone.

Pannen met een kleinere diameterworden misschien niet herkend, waardoor de inductiestroom niet wordt ingeschakeld. 4. 3 Pannen die voor de inductieplaat kunnen worden gebruikt De pannen en potten die op de inductieplaat worden gebruikt, moeten van metaal zijn en overmagnetische kenmerken en een voldoende grote bodem beschikken. Gebruik alleen pannen die een geschikte bodem voor inductieplaten hebben. Geschikte recipiënten Ongeschikte recipiënten• Recipiënten in geëmailleerd staal met dikkebodem. • Recipiënten in gietijzer met geëmailleerdebodem. • Recipiënten in meerlagig roestvrij staal, roestvrijferritisch staal en aluminium met specialebodem. • Recipiënten in koper, roestvrij staal, aluminium,vuurvast glas, hout, keramiek en terracotta.

Plaats een magneet op de bodem om te controleren of de pan geschikt is: wanneer zedoor de pan wordt aangetrokken, is de pan geschikt voor de inductieplaat. Als u nietover een magneet beschikt, kunt u in het recipiënt een kleine hoeveelheid watergieten, het op een bereidingszone plaatsen en de plaat inschakelen. Als het vermogenop het display begint te knipperen, is de pan niet geschikt.

Gebruik alleen recipiënten met een perfect vlakke bodem. Het gebruik van pannen met eenonregelmatige bodem kan er voor zorgen dat het systeem niet goed werkt of dat het systeem de pan nietherkent. 4. 4 Beperking van de bereidingsduurDe kookplaat is voorzien van een automatisch systeem dat de werkingsduur beperkt. Als de instellingen van de bereidingszone niet worden gewijzigd; de maximale werkingsduur van elkezone hangt af van het geselecteerde vermogensniveau. Wanneer het mechanisme voor de beperking van de werkingsduur wordt geactiveerd, wordt debereidingszone uitgeschakeld, hoort u een kort geluidssignaal en wordt het symbool weergegevenop het display. Het automatisch uitschakelen heeft voorrang op het beperkingsmechanisme; de bereidingszone wordtalleen uitgeschakeld als de ingestelde tijd voor de automatische uitschakeling is verstreken.

107Aanwijzingen voor de gebruiker4. 5 Bescherming tegen oververhitting van de plaatWanneer de kookplaat voor een lange periode op het maximale vermogen wordt gebruikt, kan deelektronica moeite hebben om af te koelen als de omgevingstemperatuur hoog is. Het vermogen van de bereidingszone wordt automatisch verlaagd om te vermijden dat in de elektronicaeen te hoge temperatuur ontstaat. Als de afkorting E1 vaak tijdens het normale gebruik van de kookplaat en bij een normaleomgevingstemperatuur wordt weergegeven, is de koeling waarschijnlijk onvoldoende. Dit kan wordenveroorzaakt door onvoldoende koelopeningen of door gebrek aan een geschikte afscherming. Controleer waar noodzakelijk de installatie. 4.

6 Andere functiesAls twee of meer sensoren tegelijkertijd of lang worden geactiveerd – bijvoorbeeld wanneer er een panop wordt geplaatst of wanneer water wordt gemorst – wordt geen enkele inschakelfunctie geactiveerd. Uhoort een geluidssignaal en de foutcode E2 verschijnt. De toetsen worden na enkele secondengedesactiveerd. Verwijder het voorwerp van de toetsen. 4. 7 Advies om energie te besparenVervolgens geven we advies voor een efficiënt en voordelig gebruik van de kookplaat. • De diameter van de basis van de pan moet overeenkomen met de diameter van de bereidingszone. • Tijdens de aankoop van een pan moet u controleren of de aangeduide diameter de bodem of debovenkant van het recipiënt betreft, omdat deze laatste bijna altijd groter is dan de bodem.

• Wanneer u gerechten maakt waarvoor lange bereidingstijden noodzakelijk zijn, kunt u tijd en energiebesparen door gebruik te maken van een snelkookpan waardoor bovendien de vitamines bewaardblijven die het voedsel bevat. • Controleer of de snelkookpan voldoende vloeistof bevat, omdat een oververhitting, die veroorzaaktwordt door gebrek aan vloeistof, de pan en de bereidingszone zou kunnen beschadigen. • Bedek indien mogelijk de pannen steeds met een gepast deksel.

108Aanwijzingen voor de gebruiker5. GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT5.1 Algemene waarschuwingen en adviesBij de eerste aansluiting op het elektriciteitsnet zal automatisch een werkingstest worden uitgevoerd, enzullen alle controlelampjes enkele seconden oplichten.Schakel na gebruik de gebruikte kookplaten uit met de bedieningen die worden beschreven in deparagraaf “5.5 Uitschakeling van de bereidingszone”. Vertrouw nooit alleen op depanherkenningsindicatie.Plaats geen metalen voorwerpen zoals keukengerei of bestek op het oppervlak van de inductieplaat,omdat ze zouden kunnen verhitten.5.2 BedieningspaneelAlle bedieningen en schakelaars bevinden zich op het frontpaneel. Het gebruik van de kookplaatgebeurt door middel van sensortoetsen Touch-Control. Raak het symbool op het oppervlak vanglaskeramiek lichtjes aan.

Elke aanraking wordt bevestigd door een geluidssignaal.Toets ON/OFF: met deze toets kan de bereidingszone in- of uitgeschakeld worden.Toets toename vermogen: vergroot het vermogensniveau en verlengt de bereidingsduur.Toets voor blokkering aanraaksensoren: als deze toets 3 seconden wordt ingedrukt, wordt deblokkering van de bedieningen geactiveerd of gedeactiveerd.Toets timer: activeert de timer voor de automatische uitschakeling.Toets afname vermogen: verlaagt het vermogensniveau of verkort de bereidingsduur.5.3 Inschakeling/uitschakeling van de plaatOm de plaat te activeren, moet de toets On/Off minstens 1 seconde ingedrukt gehouden worden;om ze te desactiveren, moet de toets minstens 2 seconden ingedrukt gehouden worden.Indien u na het inschakelen van de kookplaat geen vermogenswaarde kiest, wordt deplaat na enkeleseconden automatisch uitgeschakeld.

109Aanwijzingen voor de gebruiker5. 4 Inschakeling van de bereidingszoneNadat de plaat werd ingeschakeld, verschijnt de waarde nul (0) op het display. Met de toetsen en kan het vermogen van elke plaat ingesteld worden van 1 tot 9 of P. Wanneer de plaat is ingeschakeld, kan met de toets het maximum vermogen P onmiddellijkingesteld worden. 5. 5 Uitschakeling van de bereidingszoneOm de bereidingszone te desactiveren, moet de waarde van het vermogen met behulp van de toetsen en op nul (0) gesteld worden. Als u alle zones tegelijkertijd wilt uitschakelen, houd dan de toets On/Off minstens 2 secondeningedrukt. 5. 6 RestwarmteAls de bereidingszone na de uitschakeling nog warm is, wordt het symbool op het displayweergegeven. Als de temperatuur 60°C of lager wordt, wordt het symbool niet meer weergegeven. Let goed op voor kinderen omdat ze de aanduiding van de restwarmte niet goed kunnen zien.

Debereidingszones blijven na gebruik voor een bepaalde periode zeer warm, ook al zijn ze uitgeschakeld. Houd kinderen dus uit de buurt, zodat ze hun handen niet verbranden. 5. 7 Automatische controle van de temperatuurMet deze functie kunt u de kooktemperatuur voor het eten constant houden. Als de gewenstetemperatuur wordt bereikt, drukt u de toetsen en van de betreffende zone tegelijkertijd in. Deelektronische kaart zorgt er voor dat het bereidingsniveau constant blijft. Het display van de zone waardeze functie is ingesteld, geeft het symbool weer. Om de automatische controle van de temperatuur uit te schakelen, moeten de toetsen en minstens 3 seconden en gelijktijdig ingedrukt worden. De automatische controle van de temperatuur kan niet gelijktijdig ingesteld worden in zones die totdezelfde groep behoren - raadpleeg “5. 10 Vermogenbeheer”.

Bovendien wordt voor een groep platen, indien de automatische controle van de temperatuur wordtgeactiveerd, de prioriteit gegeven aan de zone waar deze functie werd geselecteerd.

De poging om eenhoger niveau in te stellen op de tweede bereidingszone (van dezelfde groep) zal weergegeven wordenop het display met het knipperende symbool. In het model met 5 bereidingszones kan de automatische controle niet geactiveerd worden op tweeverschillende zones. Indien wordt geprobeerd om de automatische controle op de derde zone teactiveren, zal de fout E2 worden weergegeven. 5. 8 Timer automatische uitschakeling bereidingszoneAls de bereidingszone is geactiveerd en het gewenste vermogen is geselecteerd, kunt u deautomatische uitschakeling na een bepaalde tijd programmeren (van 1 tot 99 minuten).

110Aanwijzingen voor de gebruiker5. 8. 1 Instelling van de bereidingsduurHoud de toets 2 seconden ingedrukt; op het display van de eerste plaat worden de tekst eneen knipperend puntje weergegeven om aan te geven dat de timer is gewijzigd. Stel de gewenste bereidingsduur in met de toetsen en (houd de toetsen ingedrukt om snellervooruit te gaan). Op het display wordt 5 seconden lang de ingestelde tijd weergegeven, en daarna wordthet ingestelde vermogensniveau weer aangegeven. Voor elke plaat kan een andere timer ingesteld worden, door op de toets te drukken. 5. 8. 2 Wijziging van de ingestelde tijdsduurHoud de toets 2 seconden ingedrukt; op het display worden de resterende tijd en het knipperendepuntje aangegeven. Wijzig de bereidingstijd met de toetsen en (houd de toetsen ingedrukt om sneller te gaan).

Ophet display wordt 5 seconden lang de ingestelde tijd weergegeven, en daarna wordt het ingesteldevermogensniveau weer aangegeven. Tijdens de laatste minuut kunt u de resterende seconden weergeven door op de toets te drukken. De timer voor de automatische uitschakeling kan als een eenvoudige kookwekker worden gebruikt. Handel zoals eerder werd beschreven, zonder het vermogensniveau van de bereidingszone teselecteren. De timer voor de automatische uitschakeling wordt beperkt door de bereidingsduur, zie “4. 4 Beperkingvan de bereidingsduur”. 5. 9 Blokkering van de bedieningenDe blokkering van de bedieningen is een mechanisme waarmee het toestel kan worden beschermdtegen toevallig of onjuist gebruik. De blokkering kan worden geactiveerd wanneer de kookplaat is in- ofuitgeschakeld, en kan handig zijn om het toevallig wijzigen van de instellingen te voorkomen. 5. 9.

1 Activering van de blokkering van de bedieningenDruk de toets minstens 3 seconden in; er wordt een bevestigingssignaal gegeven en op het displaywordt de tekst 2 seconden lang weergegeven. De bedieningen zijn nu geblokkeerd; als er op een willekeurige toets wordt gedrukt, wordt de tekst weergegeven.

Uit veiligheidsoverwegingen blijft de toets actief. De bereidingszone of de volledige kookplaat kanop elk moment worden uitgeschakeld, ook al is de blokkering ingeschakeld. De modellen met twee bereidingszones zijn niet voorzien van de functie van de blokkering van debedieningen. 5. 9. 2 Desactivering van de blokkering van de bedieningenDruk de toets minstens 3 seconden in; er wordt een bevestigingssignaal geproduceerd. Nu zijn de bedieningen gedeblokkeerd, en kan dus op elke toets worden gedrukt.

111Aanwijzingen voor de gebruiker5.10 VermogenbeheerOm het verbruik te optimaliseren, kunnen de groepen van twee platen (zie de bovenstaande figuur) nietmeer dan één bepaald maximum vermogen leveren. Wanneer het vermogen dat voor de twee platen isingesteld het toegestane vermogen overschrijdt, zorgt de elektronische kaart er automatisch voor dathet mogelijke maximum niveau wordt behouden door het vermogen aan te passen dat door de platenwordt geleverd. Op het display wordt altijd het vermogensniveau aangegeven dat door de elektronischekaart is geselecteerd.De laatst ingestelde zone heeft prioriteit.

112Aanwijzingen voor de gebruiker5. 11 Secundair menu (Automatische blokkering van de bedieningen - Showroom- ECO-logic)De plaat beschikt over een secundair menu waarmee bepaalde parameters kunnen worden geactiveerdof gedesactiveerd:1Automatische blokkering van de bedieningen (niet aanwezig op het model met 2 zones): alsdeze functie wordt geactiveerd binnen één minuut na de laatste handeling van de gebruiker, danwordt de blokkering van de bedieningen (zie 5. 9 Blokkering van de bedieningen) automatischgeactiveerd. 2Showroom: als deze functie wordt geactiveerd, schakelt het toestel alle verwarmingselementen uit,maar blijft het bedieningspaneel actief (handig voor demonstraties in de winkel). Om de plaatnormaal te gebruiken, moet deze modaliteit ingesteld worden op “n”. Op het display wordt iedere 5 minuten knipperend het bericht “ ” weergegeven als de stand ShowSHroom geactiveerd is.

3ECO-logic (enkel op sommige modellen): als deze functie wordt geactiveerd, regelt de elektronicavan de plaat automatisch de vermogens om het ingestelde maximum verbruik te respecteren: 2, 3 of4 kW. Om de plaat aan het maximum vermogen te gebruiken, moet deze modaliteit ingesteld wordenop “n”. Voor de modellen met twee bereidingszones kan het stroomverbruik enkel beperkt worden tot 2 kW. 5. 11. 1Wijziging van de instellingen van het secundaire menuHoud de toetsen en minstens 5 seconden ingedrukt terwijl alle bereidingszones zijnuitgeschakeld. Op het display van de eerste bereidingszone wordt het cijfer van de instelling weergegeven die actueelwordt gewijzigd (1: automatische blokkering bedieningen, 2: showroom, 3: ECO-logic) met daarnaast dewaarde ervan ( : geactiveerd; : gedesactiveerd) weergeven. Bijvoorbeeld duidt aan dat deautomatische blokkering van de bedieningen gedesactiveerd is).

Met de toetsen en kan de instelling gewijzigd worden door de waarde in te stellen op “ ” ofop “ ”; als de parameter ECO-logic wordt gewijzigd, kan gekozen worden tussen de waarden (2kW), (3 kW), (4 kW) en (maximum verbruik). Om verder te gaan en de volgendeinstellingen te wijzigen, moet op de toets gedrukt worden. Voor de versie met twee platen wordt het secundaire ijdig op de toetsen en menu bereikt door gelijkt te drukken. Om verder te gaan en de volge igen, moet op de toets nde instellingen te wijzgedrukt worden.

113Aanwijzingen voor de gebruiker5.12 Tabel voor de bereidingenIn de onderstaande tabel worden vermogenswaarden weergegeven die ingesteld kunnen worden, en bijiedere waarde wordt het type van het te bereiden voedsel vermeld.

De waarden kunnen variërenafhankelijk van de hoeveelheid voedsel en de smaak van de consument.INGESTELD NIVEAU TYPE VAN VOEDSEL1 - 2 Om voedsel te verwarmen, kleine hoeveelheden water aan de kook te houden, omsauzen met eidooiers of boter te kloppen.3 - 4Voor het bereiden van vaste en vloeibare voedingsmiddelen, het aan de kookhouden van water, het ontdooien van diepvriesproducten, omeletten van 2-3eieren, het bereiden van fruit- en groentegere illende bereidingen.chten, en versch5 - 7 Het stoven van vlees, vis, groenten, gerechten met meer of minder water,bereiding van jam enz.8 - 9 Gebraden vlees of vis, biefstuk, lever, gestoofd vlees en vis, eieren, enz.P Bakken van aardappelen in olie enz., het snel aan de kook brengen van water.Voor een goed rendement en een juist energieverbruik mogen alleen pannenworden gebruikt die geschikt zijn voor gebruik op elektrische bereidingszones:- De bodem van de pannen moet erg dik en perfect vlak zijn, en moetbovendien rein en droog zijn (zoals ook de kookplaat zelf).- Gebruik geen gietijzeren pannen of pannen met een ruwe bodem, omdatdeze het oppervlak van de kookplaat zouden kunnen krassen.De diameter van de bodem van de pannen moet gelijk zijn aan de diameter vande getekende cirkel op de bereidingszones; als deze niet overeenkomen, wordtenergie verspild.

114Aanwijzingen voor de gebruiker6. REINIGING EN ONDERHOUDVóór elke handeling moet de stroomtoevoer van het toestel uitgeschakeld worden. Gebruik geen stoomstraal om het toestel te reinigen. 6. 1 Reiniging van de glaskeramische plaatDe glaskeramische kookplaat moet regelmatig worden schoongemaakt, het liefst na elk gebruik, als hetsymbool van alle displays is verdwenen. Eventuele lichtgekleurde strepen, veroorzaakt door pannen met een aluminiumbodem, kunnen worden verwijderd met een in azijn vochtig gemaakte doek. Als na gebruik van de kookplaat verbrande resten achterblijven, moeten dezeverwijderd worden met het bijgeleverde schrapertje. Spoel met water en droog goedmet een reine doek. Als het schrapertje constant gebruikt wordt, wordt het gebruik vanchemische producten voor de dagelijkse reiniging van de plaat aanzienlijk beperkt.

Gebruik in geen geval schurende of bijtende middelen (bijv. producten in poedervorm, ovensprays,vlekkenmiddelen en metalen sponsjes). Zandkorrels die eventueel op de kookplaat gevallen zijn tijdens het wassen van sla of aardappelenzouden de plaat kunnen krassen wanneer de pannen verschoven worden. Verwijder deze zandkorrels dus onmiddellijk van het oppervlak van de kookplaat. Kleurwijzigingen hebben geen invloed op de werking en de stabiliteit van het glaskeramiek. Het betreftgeen wijzigingen van het materiaal van de kookplaat, maar eenvoudige resten die niet verwijderdwerden en die dus verbrandden. Er kan een glanzend oppervlak gevormd worden door het schuiven van de bodems van de pannen,vooral indien ze van aluminium zijn, en indien niet geschikte reinigingsmiddelen gebruikt worden. Deglans kan moeilijk verwijderd worden wanneer gewone reinigingsmiddelen gebruikt worden.

Het kan zijndat de reiniging meerdere keren moet herhaald worden. Het gebruik van bijtende reinigingsmiddelen, ofde wrijving met de bodem van de pannen, kan de decoratie van de kookplaat mettertijd polijsten zodatdus donkere vlekken gevormd kunnen worden. 6.

2 Wekelijkse reinigingReinig en verzorg de kookplaat wekelijks met een gewoon product voor de reiniging van glaskeramiek. Respecteer steeds de aanwijzingen van de producent. Het silicon dat aanwezig is in deze productenproduceert een beschermend waterafstotend en vuilbestendig laagje. Alle vlekken blijven achter op datlaagje, en kunnen dus makkelijk verwijderd worden. Droog daarna het oppervlak met een reine doek. Let op dat geen resten van reinigingsmiddel achterblijven op de kookplaat, omdat ze een bijtende reactiezouden kunnen hebben wanneer de plaat verwarmd wordt, en dus de structuur zouden kunnen wijzigen.

115Aanwijzingen voor de gebruiker7. WAT ALS IETS NIET WERKT. PROBLEEM MOGELIJKE OORZAKEN HANDELINGDe kookplaat werkt niet. - De kookplaat is niet aangeslotenof de hoofdschakelaar isuitgeschakeld. - Er is een onderbreking van destroomtoevoer. - Ingreep van de zekering of demagnetothermische schakelaarvan de huiselijke installatie. - Sensortoetsen geblokkeerd(kinderbeveiliging). - De toetsen zijn gedeeltelijk bedektdoor een vochtig doek, eenvloeistof of een metalen voorwerp. - Er werden ongeschikte pannengebruikt. - Schakel de hoofdschakelaar in. - Controleer de stroomtoevoer. - Vervang de zekering of activeer demagnetothermische schakelaarvan de huiselijke installatie weer. - Deblokkeer de sensortoetsen(kinderbeveiliging). - Verwijder het obstakel. - Raadpleeg het hoofdstuk«Pannen die voor de inductieplaatkunnen worden gebruikt». De resultaten van de bereiding zijnniet bevredigend.

- De temperatuur is te hoog of telaag. - Raadpleeg een kookboek. De plaat produceert rook. - De plaat is vuil. - Er is voedsel gemorst. - Reinig de plaat na de bereiding. Laat de plaat eerst afkoelen. - Gebruik een grotere pan. De foutcode E2 wordt aangegeven,met een tijdelijk geluidssignaal. - Een van de Touch-Control toetsenis geactiveerd door voedsel dat opde kookplaat werd gemorst, doorpannen of door anderevoorwerpen. - Er wordt geprobeerd om decontrole van de temperatuur op dederde bereidingszone te activeren(enkel mod. 5 zones). - Reinig het oppervlak of verwijderhet voorwerp. - Raadpleeg “5. 7 Automatischecontrole van de temperatuur”. Eén van de foutcodes E1 - E3 - E4 -E5 - E6 - E7 wordt aangegeven- Er is een technisch defect. - Contacteer de assistentiedienst. De zekeringen of demagnetothermische schakelaar vande huiselijke installatie springenregelmatig.

De koelventilator blijft ook na deuitschakeling van de kookplaat inwerking. - Dit is normaal, want de elektronicamoet afkoelen. U hoort geknars of geklik. - Lawaai als gevolg van technischeredenen, dit kan niet vermedenworden. Scheuren of barsten in de plaat- Als barsten of scheurenopgemerkt worden, of als hetoppervlak van de glaskeramischeplaat zou breken, moet het toestelonmiddellijk uitgeschakeldworden. Schakel de stroom uit, encontacteer de assistentiedienst.

116Aanwijzingen voor de installateur8. INSTALLATIE8.1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid voor de montage in keukenmeubelsVOORDAT HET TOESTEL WORDT GEÏNSTALLEERD, MOETEN GEPASTE PERSOONLIJKE BESCHERMINGSMIDDELEN GEDRAGEN WORDEN.Fineerbewerkingen, kleefstoffen of plastic bekledingen van aangrenzende meubels moetenwarmtebestendig zijn (>90°C). Zoniet zouden ze mettertijd kunnen vervormen. De minimum afstand die gerespecteerd moet worden tussen afzuigkappen en de kookvlakken moetminstens overeenkomen met diegene die aangeduid wordt in de aanwijzingen voor de montage van deafzuigkap.Ook de minimum afstanden van de vrije delen van het vlak op de achterzijde moeten gerespecteerdworden, zoals wordt aangeduid op de afbeelding van de montage.

8.2 Insnijding van het werkblad De volgende ingreep vergt metsel- en/of timmerwerk, en moet dus uitgevoerd worden door een bevoegdtechnicus.De installatie kan uitgevoerd worden op structuren van verschillende materialen, zoals metselwerk,metaal, massief hout en met plastic gelamineerd hout, als het maar hittebestendig is (T 90°C).Maak een opening in het bovenblad van het meubel met de afmetingen die op de afbeelding wordenvermeld, en houd daarbij een minimum afstand tot de achterrand A aan.Dit toestel kan worden geplaatst tegen wanden die hoger zijn dan het werkblad, op voorwaarde dat deminimum afstand B, die op de afbeelding wordt aangeduid, wordt aangehouden om beschadigingendoor oververhitting te vermijden.Controleer of de afstand van de kookplaat tot een eventuele verticale plank erboven minstens C is.

118Aanwijzingen voor de installateurL (mm) X (mm) Y (mm) A (mm) B (mm)G (mm) H (mm) C (mm)900 882 332 354904 50 min. 50 min. 750 min.Als het kleefsponsje (A) op de glasplaat isgeplaatst (zie 8.5 Pakking van de kookplaat) en deplaat van beugels is voorzien en geplaatst, moetende randen met isolerende silicon (B) wordengevuld; verwijder het teveel aan product van deranden. Als de glasplaat moet worden verwijderd,moet het silicon met behulp van een mesje wordenweggesneden voordat u probeert om de plaat teverwijderen (C).Gebruik voldoende silicon zodat de plaat en het werkblad voldoende zijn afgedicht, maar zonder dat hettoestel aan de bovenkant wordt bevestigd.

Zie “8.6 Bevestiging met beugels” voor het bevestigen van hettoestel.8.3 Inbouw8.3.1 Op neutrale ruimte of ladenWanneer er zich andere meubelen (zijwanden,laden, enz.) onder de kookplaat bevinden, moet ereen dubbele houtbodem worden geïnstalleerd opeen minimumafstand van 30 mm vanaf deonderkant van de kookplaat, zodat toevallig contactwordt vermeden. De dubbele bodem mag alleenmet geschikt gereedschap worden verwijderd.met opening onderaan met opening achteraan

119Aanwijzingen voor de installateur8.3.2 Op inbouwruimte voor ovenWanneer de kookplaat boven een oven wordt geïnstalleerd, moet deze voorzien worden van eenventilator voor de koeling.De afstand tussen de inductiekookplaat en de keukenmeubelen of inbouwapparaten moet zodanig zijndat een voldoende ventilatie en een voldoende luchtafvoer wordt gegarandeerd.Verwijder de dwarslat vooraan (indien nodig) van het meubel zodat een opening voor de luchtstroom vanminstens 4 mm onder het werkblad en over de volledige breedte van het toestel ontstaat.Wanneer de kookplaat boven een oven, een afwasmachine of een koelkast wordt geïnstalleerd, moet inelk geval een ruimte van minstens 5 cm tussen de kookplaat en de bovenkant van het daarondergeïnstalleerde product worden gelaten.met opening enkel onderaan met opening onderaan en achteraan8.4 VentilatieHieronder worden twee juiste installaties met voldoende ventilatie getoond, en een verkeerde installatiedie niet mag worden gebruikt.Het ventilatierooster, dat zich vooraan het product bevindt, mag nooit worden afgesloten.

120Aanwijzingen voor de installateur8.5 Pakking van de kookplaat Vóór de montage moet de bijgeleverde pakkinglangs de omtrek van de kookplaat wordenaangebracht om te voorkomen dat vloeistoffentussen de omlijsting van de kookplaat en hetwerkblad kunnen komen.Bevestig de kookplaat niet met behulp van silicon, omdat de plaat dan indien noodzakelijk niet meer kangedemonteerd worden zonder dat ze beschadigd wordt.8.6 Bevestiging met beugelsBevestig de kookplaat op de structuur met behulp van dedaarvoor bestemde bijgeleverde beugeltjes.Om de plaat correct op het werkblad te bevestigen, moeten debeugeltjes A in de daarvoor bestemde openingen in de zijkantvan de carter geplaatst worden.Let op: tijdens de bevestiging met de beugeltjes kan een te harde klemming het glas doen spannenzodat het dus zou kunnen breken.

121Aanwijzingen voor de installateur8. 7 Elektrische aansluitingControleer of het voltage en de afmetingen van de stroomtoevoerlijn overeenstemmen met dekenmerken die aangeduid worden op de plaat die zich onder de carter van het toestel bevindt. Ditplaatje mag nooit verwijderd worden. DE ELEKTRISCHE AANSLUITING VAN DE KOOKPLAAT MOET WORDEN UITGEVOERD DOOR EENGEKWALIFICEERD MONTEUR. VOORDAT DE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD, MOET DE STROOMTOEVOER VAN DEKOOKPLAAT WORDEN UITGESCHAKELD. HET IS VERPLICHT OM EEN AARDING OP HET TOESTEL TE VOORZIEN VOLGENS DEVOORZIENE VEILIGHEIDSNORMEN VAN DE ELEKTRISCHE INSTALLATIE. ALS HET TOESTEL DOOR MIDDEL VAN STOPCONTACT EN STEKKER OP HETELEKTRICITEITSNET WORDT AANGESLOTEN, MOETEN BEIDE VAN HETZELFDE TYPE ZIJN ENMOETEN ZE CONFORM DE VAN KRACHT ZIJNDE NORMEN OP DE STROOMKABEL WORDENAANGESLOTEN.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Smeg SI3321B stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden