Smeg SCB60GX8 Handleiding

Smeg Fornuis SCB60GX8

Bekijk gratis de handleiding van Smeg SCB60GX8 (34 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 14 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Smeg SCB60GX8 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/34
Inhoudsopgave
1. WAARSCHUWINGEN VOOR HET GEBRUIK ....................................................................106
2. WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEID ..................................................................108
3. ZORG VOOR HET MILIEU ..................................................................................................110
3.1 Onze zorg voor het milieu ........................................................................................................................... 110
3.2 Uw zorg voor het milieu .............................................................................................................................. 110
4. KEN UW TOESTEL .............................................................................................................111
4.1 Beschrijving van de bedieningen van het frontpaneel ................................................................................ 112
5. BESCHIKBARE ACCESSOIRES ..............................................113..........................................
5.1 Het gebruik van het rooster of de schaal .................................................................................................... 114
5.2 Het gebruik van het roostervlak .................................................................................................................. 114
5.3 Het gebruik van de reducties ...................................................................................................................... 114
6. GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT .............
............................................ 115...............................
6.1 Algemene waarschuwingen en advies ........................................................................................................ 115
6.2 Inschakeling van de branders van de kookplaat ......................................................................................... 115
6.3 Praktisch advies voor het gebruik van de branders van de kookplaat ........................................................ 115
6.4 Diameter van de recipiënten ....................................................................................................................... 116
7. GEBRUIK VAN DE OVEN .................
.................................................................................. 117
7.1 Voordat het toestel gebruikt wordt .............................................................................................................. 117
7.2 Vlakken ....................................................................................................................................................... 117
7.3 Bergruimte (enkel op sommige modellen) .................................................................................................. 117
7.4 Glazen bedekking (enkel op sommige modellen) ....................................................................................... 118
7.5 Koelventilatie ............................................................................................................................................... 118
7.6 Interne verlichting ........................................................................................................................................ 118
7.7 Algemene waarschuwingen en advies voor het gebruik ............................................................................. 119
7.8 Gebruik van de onderste brander ............................................................................................................... 120
7.9 Het gebruik van de elektrische grill ............................................................................................................. 120
8. BEREIDINGEN MET DE OVEN ..........................................................................................121
8.1 Advies en handigheidjes voor de bereiding ................................................................................................ 121
8.2 Indicatieve tabel van de bereidingen .......................................................................................................... 122
9. REINIGING EN ONDERHOUD ............................................................................................123
9.1 Het reinigen van roestvrij staal .................................................................................................................... 123
9.2 Dagelijkse gewone reiniging ....................................................................................................................... 123
9.3 Voedselvlekken of -resten ........................................................................................................................... 123
9.4 Reiniging van de onderdelen van de kookplaat .......................................................................................... 123
9.5 Reiniging van de oven ................................................................................................................................ 124
10. BUITENGEWOON ONDERHOUD ..................................................................126.................
10.1 Vervanging van de lamp ........................................................................................................................... 126
10.2 Demontage van de deur ........................................................................................................................... 127
10.3 Demontage van de pakking (behalve pyrolytische modellen) ................................................................... 127
10.4 Demontage van de interne ruiten .............................................................................................................. 128
11. INSTALLATIE ...................................................................................................................129
11.1 Montage in meubels .................................................................................................................................. 129
11.2 Verluchting van de lokalen en afvoer van de verbranding ........................................................................ 130
11.3 Gasaansluiting .......................................................................................................................................... 131
11.4 Elektrische aansluiting .............................................................................................................................. 133
11.5 Positionering van de plint (enkel op sommige modellen) .......................................................................... 134
11.6 Plaatsing en nivellering van het toestel ..................................................................................................... 134
12. AANPASSING AAN DE VERSCHILLENDE GASTYPES .................................................135
12.1 Vervanging van de straalpijpen van de kookplaat .................................................................................... 135
12.2 Vervanging van de straalpijp van de onderste brander ............................................................................ 135
12.3 Schikking branders ................................................................................................................................... 136
12.4 Afsluitende handelingen ............................................................................................................................ 136
12.5 Tabel met kenmerken van de branders en de straalpijpen ....................................................................... 138
AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER: hier vindt u advies betreffende het gebruik, de
beschrijving van de bedieningen en de correcte handelingen voor de reiniging en het onderhoud
van het toestel.
AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR: deze zijn bedoeld voor de gekwalificeerde technicus
die de installatie, de indienststelling en de keuring van het toestel moet uitvoeren.
Surf voor meer informatie over de producten naar www.smeg.com
@
105

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Smeg
Categorie: Fornuis
Model: SCB60GX8
Soort bediening: Draaiknop
Vermogen grill: 2000 W
Kleur van het product: Grijs
Ingebouwd display: Nee
Breedte: 600 mm
Diepte: 600 mm
Hoogte: 850 mm
Grill: Ja
Soort materiaal (bovenkant): Roestvrijstaal
Aantal branders/kookzones: 4 zone(s)
Type kookplaat: Gaskookplaat
Electronische ontsteking: Ja
Totale binnen capaciteit (ovens): 60 l
Voedingsbron oven: Gas
Aantal ovens: 1
Makkelijk schoon te maken: Ja
Controle positie: Voorkant
Hoeveelheid glazendeur panelen: 2
Totaal vermogen van de oven: - W
Netto capaciteit oven: 60 l
Thermostaatbereik oven: 120 - 275 °C
Brutocapaciteit oven: 60 l
Oven vermogen: - W
Type product: Vrijstaand fornuis

Handleiding Smeg SCB60GX8 – volledige tekst

Inhoudsopgave 1. WAARSCHUWINGEN VOOR HET GEBRUIK. 106 2. WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEID. 108 3. ZORG VOOR HET MILIEU. 110 3. 1 Onze zorg voor het milieu. 1103. 2 Uw zorg voor het milieu. 110 4. KEN UW TOESTEL. 1114. 1 Beschrijving van de bedieningen van het frontpaneel. 112 5. BESCHIKBARE ACCESSOIRES. 113. 5. 1 Het gebruik van het rooster of de schaal. 114 5. 2 Het gebruik van het roostervlak. 114 5. 3 Het gebruik van de reducties. 114 6. GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT. 115. 6. 1 Algemene waarschuwingen en advies. 1156. 2 Inschakeling van de branders van de kookplaat. 115 6. 3 Praktisch advies voor het gebruik van de branders van de kookplaat. 115 6. 4 Diameter van de recipiënten. 116 7. GEBRUIK VAN DE OVEN. 117 7. 1 Voordat het toestel gebruikt wordt. 117 7. 2 Vlakken. 117 7. 3 Bergruimte (enkel op sommige modellen). 117 7. 4 Glazen bedekking (enkel op sommige modellen). 1187.

5 Koelventilatie. 1187. 6 Interne verlichting. 1187. 7 Algemene waarschuwingen en advies voor het gebruik. 119 7. 8 Gebruik van de onderste brander. 120 7. 9 Het gebruik van de elektrische grill. 120 8. BEREIDINGEN MET DE OVEN. 121 8. 1 Advies en handigheidjes voor de bereiding. 1218. 2 Indicatieve tabel van de bereidingen. 122 9. REINIGING EN ONDERHOUD. 1239. 1 Het reinigen van roestvrij staal. 123 9. 2 Dagelijkse gewone reiniging. 1239. 3 Voedselvlekken of -resten. 123 9. 4 Reiniging van de onderdelen van de kookplaat. 1239. 5 Reiniging van de oven. 124 10. BUITENGEWOON ONDERHOUD. 126. 10. 1 Vervanging van de lamp. 12610. 2 Demontage van de deur. 12710. 3 Demontage van de pakking (behalve pyrolytische modellen). 12710. 4 Demontage van de interne ruiten. 128 11. INSTALLATIE. 12911. 1 Montage in meubels. 129 11. 2 Verluchting van de lokalen en afvoer van de verbranding. 130 11.

13512. 1 Vervanging van de straalpijpen van de kookplaat. 13512. 2 Vervanging van de straalpijp van de onderste brander. 13512. 3 Schikking branders. 13612. 4 Afsluitende handelingen. 136 12. 5 Tabel met kenmerken van de branders en de straalpijpen. 138AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER: hier vindt u advies betreffende het gebruik, debeschrijving van de bedieningen en de correcte handelingen voor de reiniging en het onderhoudvan het toestel. AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR: deze zijn bedoeld voor de gekwalificeerde technicusdie de installatie, de indienststelling en de keuring van het toestel moet uitvoeren. Surf voor meer informatie over de producten naar www. smeg. com@105.

Algemene waarschuwingen106 1. WAARSCHUWINGEN VOOR HET GEBRUIKDeze handleiding is een integrerend deel van het toestel. Ze moet integer en binnen handbereik wordenbewaard voor de volledige gebruiksduur van het toestel. We raden aan om deze handleiding en alleaanwijzingen aandachtig door te lezen alvorens het toestel in gebruik wordt genomen. De installatiemoet uitgevoerd worden door gekwalificeerd personeel, en door de van kracht zijnde normen terespecteren. Dit toestel is bedoeld voor huishoudelijk gebruik, en is conform de EG-richtlijnen dieactueel van kracht zijn. Het toestel werd gebouwd voor de volgende functie: het bereiden enverwarmen van voedsel; elk ander gebruik moet als oneigenlijk beschouwd worden. Deze aanwijzingen zijn enkel geldig voor de landen van bestemming waarvan de identificatiesymbolenaangeduid worden op de cover van deze handleiding.

Zorg er voor dat de openingen en de spleten voor de ventilatie en de warmte-afvoer niet verstopt raken;dit zou storingen kunnen veroorzaken. Gebruik dit toestel nooit voor de verwarming van de woning. Dit toestel is voorzien van het merkteken volgens de europese richtlijn 2002/96/EG in verband metelektrische en elektronische toestellen (Waste Electrical and Electronic Equipment - WEEE). Deze richtlijn bepaalt de normen voor het inzamelen en recycleren van afgedankte toestellen, en geldtvoor het volledige grondgebied van de europese unie. De identificatieplaat die de technische gegevens, het serienummer en de merking bevat, is goedzichtbaar aangebracht in de lade (indien aanwezig) of op de achterzijde van het toestel. In het boekjewerd een kopie van deze plaat voorzien: er wordt aanbevolen om ze op de binnenpagina van de coverop de daarvoor voorziene plek te kleven.

Deze plaat mag nooit verwijderd worden. Voordat het toestel in werking wordt gesteld, moeten alle op het toestel aangebrachte etiketten enbeschermende folies verwijderd worden.

Gebruik absoluut geen metalen sponzen of scherpe krabbers, zodat de oppervlakken niet wordenbeschadigd. Gebruik normale en niet-schurende producten, en eventueel houten of plastic gerei. Spoelzorgvuldig, en droog met een zachte doek. Vermijd om etensresten op suikerbasis te laten opdrogen inde oven (bijv. jam). Als ze te lang aanwezig blijven, zouden ze het email in de oven kunnen aantasten. Gebruik geen keukengerei of dozen die plastic materiaal bevatten. De hoge temperaturen in de ovenkunnen dit materiaal doen smelten, zodat het toestel kan beschadigd worden. Controleer na elk gebruik van het toestel of de bedieningsknoppen in de positie “nul” (uit) staan. Gebruik geen gesloten dozen of bakjes in het toestel. Tijdens de bereiding kan een overdruk in debakjes gevaar op ontploffingen creëren.

Bedek tijdens de bereiding de bodem van de oven niet met aluminiumfolie of dergelijk, en plaats hieropgeen pannen of ovenschalen om beschadiging aan het email te vermijden. Plaats nooit pannen op de kookplaat die geen perfect effen en regelmatige bodem hebben. Deinstabiliteit van de recipiënten kan gevaar op brandwonden veroorzaken. Ga niet steunen of zitten op de geopende deur van het toestel. Een excessieve belasting zou destabiliteit kunnen schaden.

Algemene waarschuwingen107Het toestel wordt zeer heet tijdens het gebruik. Er wordt aanbevolen om voor elke handeling specialethermische handschoenen te dragen.Gebruik de kookplaat niet als in de oven het proces van de pyrolyse (indien aanwezig) in uitvoering is.In geval het toestel voor een bepaalde periode niet zal gebruikt worden, wordt aanbevolen om de vastegaskraan of de kraan op de gasfles te sluiten.Let op dat geen voorwerpen vastraken in de deur van de oven.Open de bergruimte (indien aanwezig) niet wanneer de oven ingeschakeld of warm is. De temperaturenin deze ruimte kunnen zeer hoog zijn.Giet geen water in de ovenschalen tijdens een bereiding en wanneer de oppervlakken nog zeer warmzijn. De waterdamp zou ernstige brandwonden en schade aan het email kunnen veroorzaken.De deur moet tijdens alle be blijven.

De hitte kan gevaarlijk zijn.reidingen gesloten De constructeur kan niet aansprakelijk gesteld worden voor letsels aan personen of materiëleschade als gevolg van het niet in acht nemen van deze voorschriften, of door het onklaar makenvan zelfs maar een enkel onderdeel van het toestel en door het gebruik van niet-originelereserveonderdelen.

Algemene waarschuwingen108 2. WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEIDRaadpleeg de aanwijzingen voor de installatie voor de veiligheidsnormen voor elektrische toestellen oftoestellen op gas, en voor de ventilatiefuncties. In het belang van uw veiligheid werd bij wet bepaald datde installatie en de assistentie van alle elektrische toestellen moet uitgevoerd worden door bevoegdpersoneel, met inachtneming van de van kracht zijnde normen. Onze erkende installateurs garanderenhet beste resultaat. Elektrische toestellen of toestellen op gas moeten steeds door bekwame personen wordenweggenomen. Controleer voordat het toestel aangesloten wordt op het stroomnet of de gegevens die aangeduidworden op de plaat overeenkomen met diegene van het stroomnet zelf. Als het toestel op een verhoog wordt geïnstalleerd, moeten gepaste bevestigingssystemen wordenvoorzien.

Voordat de handelingen van de installatie / onderhoud uitgevoerd worden, moet gecontroleerd worden ofde stroom naar het toestel is uitgeschakeld. De kooktoestellen mogen, indien ze in voertuigen geplaatst zijn (bijvoorbeeld in een kampeerwagen,caravan, enz. ), uitsluitend gebruikt worden wanneer het voertuig stilstaat. Installeer het product zodanig dat wanneer laden of deurkastjes geopend worden, die zich ter hoogtevan de kookplaat bevinden, niet toevallig tegen de potten kunnen stoten die zich op de kookplaatbevinden. Onmiddellijk na de installatie moet het toestel kort getest worden door de aanwijzingen te volgen dievervolgens worden aangeduid. Bij een slechte werking moet het toestel worden losgekoppeld van hetstroomnet, en moet de dichtstbijzijnde technische assistentiedienst gecontacteerd worden.

De stekker die aangesloten moet worden op de stroomkabel en het relatieve stopcontact moeten vanhetzelfde type en conform de van kracht zijnde normen zijn. Het stopcontact moet bereikbaar blijven nainstallatie van het toestel. Trek nooit aan de kabel om de stekker uit het stopcontact te verwijderen.

Als de stroomkabel beschadigd is, moet onmiddellijk de technische assistentiedienst gecontacteerdworden die voor de vervanging van de kabel zal zorgen. De aarding moet verplicht aangebracht worden volgens de voorziene veiligheidsnormen van deelektrische installatie. Het toestel en de bereikbare delen ervan worden warm tijdens het gebruik. Let op dat u deverwarmingselementen niet aanraakt. Houd kinderen van jonger dan 8 jaar uit de buurt, behalve ondercontinu toezicht van volwassenen. Plaats nooit ontvlambare voorwerpen in de oven: als hij onopzettelijk ingeschakeld zou worden, zoubrand kunnen ontstaan. Het toestel mag enkel gebruikt worden door volwassenen. Sta niet toe dat kinderen in de buurt komen ofer mee spelen.

Dit toestel mag gebruikt worden door kinderen die ouder zijn dan 8 jaar en door personen metverminderde fysische en psychische vermogens, of door personen die geen ervaring en kennis hebbenin het gebruik van elektrische apparatuur, wanneer dit gebeurt onder toezicht of instructie vanvolwassenen die voor hun veiligheid instaan, en mits deze personen de betreffende risico’s begrijpen. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht de handelingen van dereiniging en het onderhoud niet uitvoeren.

Algemene waarschuwingen109Probeer nooit om het toestel zelf te herstellen. Alle herstellingen moeten door een bevoegde technicusof bij een bevoegd servicentrum worden uitgevoerd. Oneigenlijk gebruik van gereedschappen kangevaarlijk zijn.Dit toestel moet niet bediend worden door middel van de controle van een externe timer of eenafzonderlijk afstandscontrolesysteem.Let op voor de snelle verwarming van de bereidingszones. Plaats geen lege potten of pannen op deingeschakelde plaat. Gevaar op oververhitting.De vetten en de olies kunnen vlam vatten als ze oververhit raken. Er wordt dus aanbevolen om niet wegte gaan tijdens de bereiding van voedsel dat olies of vetten bevat. In geval de olies of de vetten vlamzouden vatten, mag geen water gebruikt worden om te blussen. Plaats het deksel op de pan en schakelde bereidingszone uit.Let op tijdens het gebruik van andere elektrische toestellen (bijv.

blenders, broodroosters enz.). Dekabels voor de aansluiting mogen niet in contact komen met de warme bereidingszones.Gebruik geen stoomstraal om het toestel te reinigen.De stoom zou de elektrische delen kunnen bereiken, en ze beschadigen of kortsluiting kunnenveroorzaken.Gebruik geen spuitbussen nabij het toestel wanneer het in werking is. Gebruik geen spuitbussenwanneer het toestel nog heet is. De gassen in de spuitbus zouden vlam kunnen vatten.De constructeur kan niet aansprakelijk gesteld worden voor letsels aan personen of materiëleschade als gevolg van het niet in acht nemen van deze voorschriften, of door het onklaar makenvan zelfs maar een enkel onderdeel van het toestel en door het gebruik van niet-originelereserveonderdelen.

Waarschuwingen voor de afvalverwerking110 3. ZORG VOOR HET MILIEU 3. 1 Onze zorg voor het milieuAldus de Richtlijnen 2002/95/EG, 2002/96/EG, 2003/108/EG in verband met de beperking van hetgebruik van gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische toestellen, en ook de verwerking van afval:Het symbool van de doorkruiste vuilbak, aangebracht op de apparatuur, duidt aan dat het product op heteinde van zijn gebruiksduur gescheiden ingezameld moet worden. De gebruiker moet de apparatuur dusop het einde van de gebruiksduur toekennen aan geschikte centra voor de gescheiden inzameling vanelektrisch en elektronisch afval, of overhandigen aan de verkoper wanneer een nieuw overeenkomstigtoestel wordt gekocht.

Een gepaste gescheiden afvalinzameling voor de volgende recyclage van deapparatuur en voor de behandeling en de ecologisch compatibele verwerking draagt bij tot het vermijdenvan mogelijke negatieve gevolgen voor het milieu en voor de gezondheid, en bevordert het recyclerenvan het materiaal waarvan de apparatuur gemaakt is. Wanneer de gebruiker het product illegaalverwerkt, zullen administratieve sancties getroffen worden. Het product bevat geen delen die als gevaarlijk voor de gezondheid en het milieu worden beschouwd,conform de actuele Europese Richtlijnen. 3. 2 Uw zorg voor het milieuVoor het verpakken van onze producten worden niet-vervuilende materialen gebruikt die het milieu nietbelasten, en die recycleerbaar zijn. We verzoeken om hieraan mee te werken, en om te zorgen voor eencorrecte verwerking van de verpakking.

Vraag bij uw verkoper of bij de bevoegde diensten naar deadressen van inzamel-, afvalverwerkings- en recyclagecentra. Gooi de verpakking, of delen ervan, niet zomaar weg. Deze kunnen voor kinderen gevaar opverstikking vormen; vooral plastic zakken zijn gevaarlijk. Ook uw oude toestel moet correct verwerkt worden.

Belangrijk: lever het toestel in bij de plaatselijke dienst of zaak die verantwoordelijk is voor deinzameling van afgedankte huishoudtoestellen. Met een correcte verwerking kunnen kostbarematerialen gerecupereerd worden. Voordat u het toestel weggooit, is het belangrijk dat u de deuren verwijdert en de werkvlakken nietverwijdert; dit om te vermijden dat kinderen zich al spelend in de oven zouden kunnen opsluiten. Bovendien moet de stroomkabel samen met de stekker verwijderd worden. doorgesneden worden en.

112Aanwijzingen voor de gebruiker 4.1 Beschrijving van de bedieningen van het frontpaneel 4.1.1 Thermostaatknop voor de gasovenAan de hand van deze knop kunt u de onderste brander binnenin de oveninschakelen. De keuze van de temperatuur voor de bereiding wordt uitgevoerd doorde knop in tegenwijzerszin te draaien tot de gewenste waarde wordt bereikt, tussenMIN en MAX.Raadpleeg “7.8 Gebruik van de onderste brander” voor verdere informatie.Om de lamp in te schakelen tijdens het gebruik van de onderste brander moet de timerknop op worden gedraaid. 4.1.2 Selectieknop functiesAan de hand van deze selectieknop kunt u de verschillende ovenfunctiesselecteren.Raadpleeg “8. BEREIDINGEN MET DE OVEN” voor verdere informatie.In de functie grill duidt het oplichten van de controlelamp aan dat de oven aan hetopwarmen is. Wanneer deze controlelamp uitgaat, werd de ingestelde temperatuurbereikt.

4.1.3 Knop timer kookwekkerMet deze knop kan de timer van de kookwekker ingesteld worden. De aangeduidecijfers komen overeen met minuten. De regeling gebeurt progressief, dus kunt u ookposities selecteren tussen de aangeduide waarden. Nadat de geselecteerde tijdafgelopen is, wordt een geluidssignaal geproduceerd maar wordt de bereiding nietonderbroken.De kookwekker zal de bereiding niet onderbreken. Hij zal de gebruiker er slechts op wijzen dat deingestelde minuten zijn verstreken. 4.1.4 Bedieningsknop branders kookplaatDe inschakeling van de vlam gebeurt wanneer de draaiknop wordt ingedrukt en tegelijkertijd in tegenwijzerszin op het symbool van de maximum vlam wordtgedraaid. Om de vlam te regelen, moet u de knop in de zone tussen het maximum ( ) en het minimum ( ) plaatsen.

113Aanwijzingen voor de gebruiker 5. BESCHIKBARE ACCESSOIRES OPMERKING: Op sommige modellen zijn niet alle accessoires aanwezig.Rooster: nuttig voor hetplaatsen van recipiëntenmet voedsel in bereiding.Rooster voor deovenschaal: om op eenovenschaal te zetten,voor het bereiden vanvoedsel dat kan lekken.Ovenschaal: nuttig voorhet opvangen van vet datafkomstig is van hetvoedsel op het roostererboven.Diepe ovenschaal:nuttig voor hetklaarmaken van taarten,pizza en ovengebak.Reductie rooster: nuttigvoor het gebruik vankleine recipiënten.Reductie WOK: nuttigvoor het gebruik van een“WOK” (Chinese pan).De ovenaccessoires die in contact kunnen komen met het voedsel zijn gemaakt van materialen conformde van kracht zijnde wetsbepalingen.Verkrijgbare accessoires: • Via de Erkende Assistentiecentra kunnen originele bijgeleverde of optionele accessoires besteldworden.

114Aanwijzingen voor de gebruiker 5.1 Het gebruik van het rooster of de schaalDe roosters en de schalen beschikken overeen mechanische veiligheidsblokkeringzodat ze niet toevallig verwijderd kunnenworden. Voor een correcte plaatsing vanhet rooster of de schaal moetgecontroleerd worden of deze blokkeringnaar onder gericht is (zoals hiernaast wordtgetoond).Om het rooster of de schaal te verwijderen,moeten ze vooraan lichtjes opgehevenworden.De mechanische blokkering (of de plintindien aanwezig) moet steeds naar hetachterste deel van de oven gericht zijn.Plaats de roosters en de schalen helemaal in de oven, tot ze vast komen te zitten.Bij de modellen met geleiders moeten de ovenschalen vóór het eerste gebruik gereinigd worden. Dezereiniging voorkomt dat eventuele fabricageresten de zijwanden van de ovenruimte kunnen aantastenwanneer de ovenschaal zelf in de oven wordt geplaatst.

5.2 Het gebruik van het roostervlakHet roostervlak moet in de schaal geplaatst worden (zoals getoond wordtop de afbeelding). Op deze manier kan het vet afkomstig van het voedselin bereiding opgevangen worden. 5.3 Het gebruik van de reductiesDe reductieroosters moeten op de roostersvan het vlak gelegd worden zoals wordtaangeduid op de afbeelding. Controleer ofze stabiel gepositioneerd zijn.Het gebruik van de reductie voor de WOKmag enkel gebruikt worden met daarvoorbestemde recipiënten.

115Aanwijzingen voor de gebruiker 6. GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT 6. 1 Algemene waarschuwingen en adviesVoordat de branders ingeschakeld worden, moet gecontroleerd worden of de vlamverdelers correctgepositioneerd zijn in de zittingen, en of de deksels aanwezig zijn. Voordat de branders ingeschakeld worden, moet de glazen bedekking (indien aanwezig)opgetild worden; voordat het weer gesloten wordt, moeten alle branders uitgeschakeldworden en moet gewacht worden tot ze afgekoeld zijn. 6. 2 Inschakeling van de branders van de kookplaatAlle bedieningsknoppen en schakelaars bevinden zich op het frontpaneel. Naast elke knop wordt de bijhorende brander aangeduid. Het toestel isvoorzien van een elektronisch ontstekingsmechanisme; het is voldoende omop de knop te drukken en hem in tegenwijzerszin te draaien op het symboolvan de maximum vlam, tot de ontsteking gebeurt.

Als de brander niet wordtontstoken binnen 15 seconden, moet de knop op “0” geplaatst worden enmoet 60 seconden gewacht worden tot de volgende poging. Na deontsteking moet de knop enkele seconden ingedrukt gehouden worden,zodat het thermokoppel kan opwarmen. Het kan zijn dat de brander uitgaatwanneer de knop wordt losgelaten: dit betekent dat het thermokoppel nogniet voldoende was verwarmd. Wacht enkele ogenblikken, en herhaal de handeling door de knop langeringedrukt te houden. Als de branders toevallig uitgaan, grijpt een veiligheidsmechanisme in dat de levering van het gasblokkeert, ook al staat de kraan open. In dit geval moet de knop in de positie OFF geplaatst worden, enmoet minstens 60 seconden gewacht worden voor de volgende poging. 6.

3 Praktisch advies voor het gebruik van de branders van de kookplaatVoor een beter rendement van de branders en voor een minimumgasverbruik moet het volgende uitgevoerd worden: gebruik recipiënten meteen deksel die geschikt zijn voor de brander, om te voorkomen dat de vlamlangs de zijkanten lekt (raadpleeg de paragraaf “6. 4 Diameter van derecipiënten”).

Wanneer de vloeistof begint te koken, moet de vlam zodanigverminderd worden om te vermijden dat de vloeistof overkookt. In geval vanoverstroming moet de vloeistof onmiddellijk van de kookplaat verwijderdworden. Om brandwonden te vermijden en schade aan de kookplaat te voorkomen,moeten tijdens de bereiding alle recipiënten en vleesroosters binnen deomtrek van de kookplaat blijven. Alle recipiënten moeten een effen enregelmatige bodem hebben. Als de vlam toevallig uitgaat, moet de bedieningsknop geslotenworden en moet minstens 1 minuut gewacht worden voordat eennieuwe inschakeling geprobeerd wordt. Wanneer olies of vetten worden gebruikt, moet goed opgelet worden dat ze bij het heet worden geenvlam vatten.

116Aanwijzingen voor de gebruiker 6.4 Diameter van de recipiënten Brander Ø min. (cm) Ø max. (cm) Hulpbrander 12 14 Halfsnelle brander 16 24 Snelle brander 18 26 Zeer snelle brander 18 26Om schade aan de kookplaat of aan eventuele aangrenzende meubels te voorkomen, moeten tijdens debereiding alle recipiënten en vleesroosters binnen de omtrek van de kookplaat blijven.Let op dat het glas van de bedekking niet in contact komt met nog hete potten of schalen, omdat het zoukunnen barsten en dus stuk zou kunnen gaan als gevolg van de hitte.

117Aanwijzingen voor de gebruiker 7. GEBRUIK VAN DE OVEN 7.1 Voordat het toestel gebruikt wordt • Verwijder eventuele etiketten (behalve het plaatje met de technische gegevens) van de schalen,lekbakken of uit de ovenruimte. • Verwijder eventuele beschermende folies van de buiten- en binnenkant van het toestel en van deaccessoires, zoals schalen, lekbakken, de pizzaplaat of de bodembedekking. • Voordat het toestel voor de eerste keer gebruikt wordt, moeten alle accessoires uit de ovenruimtegenomen worden en moeten ze gereinigd worden zoals wordt aangeduid in het hoofdstuk "9.REINIGING EN ONDERHOUD".Schakel het lege toestel in op de maximum temperatuur zodat mogelijke productieresten verbrandworden die aan het voedsel een onaangename geur zouden kunnen verlenen. 7.2 VlakkenDe oven beschikt over 4 vlakken zodatroosters en ovenschalen op verschillendehoogtes kunnen geplaatst worden.

Deplaatsbare hoogtes worden begrepen vanlaag naar hoog (raadpleeg de afbeelding). modellen met frames modellen met geleiders 7.3 Bergruimte (enkel op sommige modellen)Onderaan het fornuis bevindt zich debergruimte. Plaats in deze ruimte geenontvlambare materialen, doeken, papier, enz.maar enkel de metalen accessoires van hettoestel.Open de bergruimte niet wanneer de oven ingeschakeld of warm is. De temperaturen in deze ruimtekunnen zeer hoog zijn.

118Aanwijzingen voor de gebruiker 7.4 Glazen bedekking (enkel op sommige modellen)De bedekking van gehard glas met aluminiumprofiel beschermt de kookplaat wanneer hettoestel niet wordt gebruikt.Let op dat het glas van de bedekking niet in contact komt met nog hete potten of schalen, omdat het zoukunnen barsten en dus stuk zou kunnen gaan als gevolg van de hitte.De bedekking moet open staan (dus opgetild blijven) wanneer de oven of de kookplaat worden gebruikt.Voordat de branders ingeschakeld worden, moet de glazen bedekking opgetild worden; voordat zeweer gesloten wordt, moeten alle branders uitgeschakeld worden en moet gewacht worden tot zeafgekoeld zijn. 7.5 KoelventilatieHet toestel is voorzien van een afkoelingssysteem dat wordt ingeschakeld door het starten van eenbereiding, met uitzondering van de gasbrander, waarvoor de inschakeling uitgesteld wordt.

De werkingvan de ventilator veroorzaakt een normale luchtstroom die achter het toestel uitkomt, en die ook na deuitschakeling van het toestel voor een korte periode ingeschakeld kan blijven. 7.6 Interne verlichtingDe binnenverlichting van de oven wordt ingeschakeld bij de selectie van eender welke functie, behalve bij de onderste gasbrander, waarvoor de timerknop op moet worden gedraaid.

119Aanwijzingen voor de gebruiker 7.7 Algemene waarschuwingen en advies voor het gebruikDe deur moet gesloten blijven tijdens de bereiding. De hitte kan gevaarlijk zijn.Bedek tijdens de bereiding de bodem van de oven niet met aluminiumfolie of dergelijk, en plaats hieropgeen pannen of ovenschalen om beschadiging aan het email te vermijden. Bij gebruik van bakpapiermoet u er voor zorgen dat de circulatie van de warme lucht in de oven er niet door wordt verhinderd.Voor een optimale bereiding wordt aanbevolen om het keukengerei in hetmidden van het rooster te plaatsen.Om te voorkomen dat eventuele damp in de oven ongemakkenveroorzaakt, opent u de ovendeur het best in twee keer: open de deur eersteen beetje (ong. 5 cm) voor 4-5 seconden, en daarna helemaal.

Wanneergerechten moeten gecontroleerd worden tijdens de bereiding, moet deovendeur zo kort mogelijk opengehouden worden om te vermijden dat detemperatuur in de oven zodanig zakt dat het slagen van de bereiding ingedrang komt.Er wordt aangeraden om het voedsel na de bereiding niet te lang in de ovenruimte te laten, omexcessieve condensvorming op de binnenruit van de oven te voorkomen.Tijdens het bereiden van gebak kan excessief condens op de ruit gevormd worden. Om dit tevermijden, opent u de deur enkele keren zeer voorzichtig tijdens de bereiding.Om gevaarlijke oververhittingen te voorkomen tijdens het gebruik van de oven moet de bedekking(indien aanwezig) van het toestel steeds hoog staan.Schakel het lege toestel in op de maximum temperatuur zodat mogelijke productieresten verbrandworden die aan het voedsel een onaangename geur zouden kunnen verlenen.

120Aanwijzingen voor de gebruiker 7. 8 Gebruik van de onderste brander 7. 8. 1 Elektronische ontsteking met vonkOpen de ovendeur helemaal, druk op de thermostaatknop, en draai deze in tegenwijzerszin tussen deMIN en MAX waarden; het elektrisch ontstekingsmechanisme met vonk wordt automatisch geactiveerd. Na de ontsteking moet de knop enkele seconden ingedrukt gehouden worden zodat het thermokoppelkan opwarmen. Als de brander na 15 seconden niet ingeschakeld wordt, moet de poging van deontsteking onderbroken worden: open de ovendeur helemaal en probeer de brander na minstens 1minuut weer te ontsteken. De onderste brander mag niet worden ingeschakeld terwijl de deur dicht is. 7. 8. 2 Manuele ontstekingAls de stroomtoevoer ontbreekt, kan de oven manueel ontstoken worden.

Open de deur van de oven helemaal, druk op de thermostaatknop en draaihem in tegenwijzerszin tussen de waarden MIN en MAX; neem een langelucifer en stop de vlam in de centrale frontale openingen op de bodem vande oven (zoals wordt aangeduid op de afbeelding). Gebruik als alternatiefeen elektrische aansteker met mondstuk. Na de ontsteking moet de knopenkele seconden ingedrukt gehouden worden zodat het thermokoppel kanopwarmen. Als de brander na 15 seconden niet ingeschakeld wordt, moetde poging van de ontsteking onderbroken worden: open de ovendeurhelemaal en probeer de brander na minstens 1 minuut weer te ontsteken. Indien de brander ongewenst zou worden uitgeschakeld, draai dan de knop op de OFF (0) stand enprobeer de oven niet terug in te schakelen tijdens de eerstvolgende 60 seconden. 7.

9 Het gebruik van de elektrische grillAan de hand van de selectieknop kunt u de functie grill selecteren. Raadpleeg “8. BEREIDINGEN METDE OVEN” voor verdere informatie. De inschakeling van de gasbrander zal de weerstand van de elektrische grill uitschakelen. Het isonmogelijk om de onderste gasbrander en de grill gelijktijdig te gebruiken. • Met de grill mag nooit langer dan 60 minuten gewerkt worden.

121Aanwijzingen voor de gebruiker 8. BEREIDINGEN MET DE OVENGRILL:Met de warmte die van de grillweerstand komt, kunnen uitstekende resultaten bereiktworden zoals het roosteren van dun en iets dikker vlees, en in combinatie met hetdraaispit (waar voorzien) wordt op het einde van de bereiding een uniformegoudbruine kleur verkregen. Ideaal voor worsten, ribbetjes en bacon. Met dezefunctie kan een grote hoeveelheid voedsel, en vooral vlees, uniform gegrilld worden. 8. 1 Advies en handigheidjes voor de bereiding 8. 1. 1 Algemeen advies • Er wordt aangeraden om het voedsel in de oven te plaatsen nadat de oven zelf werdopgewarmd. Plaats het voedsel dus enkel in de oven wanneer de controlelamp van de bereidinguitgaat.

• • • Algemeen gezien is het niet mogelijk om de bereidingstijden te verkorten door de temperatuur teverhogen (het voedsel zou aan de buitenkant goed gebakken kunnen zijn, maar binnenin minder). • • • Tijdens het bereiden van gebak kan excessief condens op de ruit gevormd worden. Om dit tevermijden, opent u de deur enkele keren zeer voorzichtig tijdens de bereiding. 8. 1. 2 Advies voor het bereiden van vleesgerechten • De bereidingstijden, in het bijzonder voor vleesgerechten, hangen af van de dikte en van de kwaliteitvan het voedsel, en van de smaak van de consument. • • • Er wordt aangeraden om een thermometer voor vlees te gebruiken tijdens de bereiding van gebraad,of door eenvoudigweg met een lepeltje op het gebraad te duwen; wanneer het stevig is, is het gaar,zoniet moet u nog even wachten. 8. 1.

3 Advies voor het bereiden van gebak en koekjes • Gebruik bij voorkeur metalen en donkerkleurige gebakvormen; deze helpen de warmte beter teabsorberen. • • De temperatuur en de duur van de bereiding hangen af van de kwaliteit en de dikte van het deeg. • • Controleer of het gebak binnenin gaar is: stop na de bereiding een tandenstoker in het hoogste puntvan het gebak.

Wanneer het deeg niet aan de tandenstoker blijft plakken, is het gebak klaar. • • Wanneer het gebak verslapt wanneer het uit de oven wordt gehaald, moet bij de volgende bereidingde temperatuur ongeveer 10°C lager worden ingesteld, en moet eventueel een langere bereidingstijdgeselecteerd worden. 8. 1. 4 Advies voor het ontdooien en het rijzen • Er wordt aangeraden om het ingevrozen voedsel in een recipiënt zonder deksel te plaatsen, op heteerste vlak van de oven. • • • Het voedsel moet uit de verpakking ontdooid worden. • • • Voorzie het te ontdooien voedsel homogeen, en niet op elkaar geplaatst. • • • Wanneer u vlees ontdooit, wordt aangeraden om een rooster te gebruiken en om het voedsel op het tweede vlak te plaatsen, en om een ovenschaal op het eerste vlak te plaatsen. Op deze manier blijfthet voedsel niet in contact met de vloeistof van de ontdooiing.

• • • De meest delicate delen kunnen bedekt worden met aluminiumfolie. • • • Voor het rijzen wordt aanbevolen om onderin de oven een bakje met water te zetten. 8. 1. 5 Aanbevelingen voor bereidingen met de grill • Met de grillfunctie kan het vlees ook in de koude oven geplaatst worden, maar er wordtaanbevolen om de voorverwarming te gebruiken als het resultaat van de bereiding moet gewijzigdworden.

123Aanwijzingen voor de gebruiker 9. REINIGING EN ONDERHOUDGebruik geen stoomstraal om het toestel te reinigen. De stoom zou de elektrische delen kunnenbereiken, en ze beschadigen of kortsluiting kunnen veroorzaken. AANDACHT: Voor uw veiligheid wordt aanbevolen om beschermende handschoenen te dragenwanneer de reiniging of een buitengewone onderhoudshandeling moet uitgevoerd worden. Gebruik op de metalen delen of de delen waarvan het oppervlak met metalen afwerkingen werdbehandeld (bijv. elektrolytische oxidaties, vernikkeling, verchroming) geen producten die chloor,ammoniak of bleekmiddel bevatten. Er wordt aanbevolen om reinigingsproducten van de constructeur te gebruiken. 9. 1 Het reinigen van roestvrij staalOm het roestvrij staal in goede staat te houden, moet het na elk gebruik gereinigd worden nadat hetafgekoeld is. 9.

2 Dagelijkse gewone reinigingVoor de reiniging en de bewaring van het roestvrij staal moeten steeds en enkel specifieke productengebruikt worden die geen schurende of zure middelen op chloorbasis bevatten. Gebruikswijze: giet het product op een vochtige doek en wrijf het over het oppervlak, spoel zorgvuldig,en droog met een zachte doek of met een doek in microfiber. 9. 3 Voedselvlekken of -restenGebruik absoluut geen metalen sponzen of scherpe krabbers zodat de oppervlakken niet wordenbeschadigd. Gebruik normale en niet-schurende producten, en eventueel houten of plastic keukengerei. Spoelzorgvuldig, en droog met een zachte doek of met een doek in microfiber. Vermijd om etensresten op suikerbasis (bv. jam) te laten opdrogen in de oven. Wanneer ze te langopdrogen, kan het email in de oven beschadigd worden. 9. 4 Reiniging van de onderdelen van de kookplaat 9. 4.

124Aanwijzingen voor de gebruiker 9.4.2 De deksels en de vlamverdelersDe deksels en de vlamverdelers kunnen verwijderd worden zodat dereiniging makkelijker kan uitgevoerd worden. Reinig alle onderdelen metwarm water en een niet-schurend reinigingsmiddel, verwijder alleafzettingen en wacht tot ze perfect droog zijn.Hermonteer de vlamverdelers, en controleer of ze in hun zittingen met debijbehorende deksels geplaatst zijn en of de gaten A van de vlamverdelersovereenkomen met de vonkontstekers en de thermokoppels.Stop deze onderdelen niet in een vaatwasser. 9.4.3 De vonkonststekers en de thermokoppelsOm een goede werking te garanderen, moeten de vonkontstekers en dethermokoppels steeds rein gehouden worden. Controleer ze regelmatig,en reinig ze indien nodig met een vochtige doek.

Eventuele droge restenmoeten verwijderd worden met een houten tandenstoker of met een naald.Gebruik op de metalen delen of de delen waarvan het oppervlak met metalen afwerkingen werdbehandeld (bijv. elektrolytische oxidaties, vernikkeling, verchroming) geen producten die chloor,ammoniak of bleekmiddel bevatten. 9.5 Reiniging van de ovenOm de oven in goede staat te houden, moet hij naafkoeling regelmatig gereinigd worden. • Verwijder alle verwijderbare delen. • Reinig de ovenroosters met warm water en niet-schurende reinigingsmiddelen; spoel en droog zedaarna.

• Om de reiniging van de oven te vergemakkelijken, kuntu de ovendeur verwijderen (raadpleeg de paragraaf " ").Er wordt aangeraden om de oven ongeveer 15/20 minuten maximaal te verwarmen nadat specifiekeproducten gebruikt werden, om de afgezette resten in de oven te elimineren.Na deze handeling wordt aangeraden om de vochtige delen goed te drogen.

125Aanwijzingen voor de gebruiker 9.5.1 Verwijdering geleiderframes (indien aanwezig)Wanneer de geleiderframes worden verwijderd, kunnen dezijdelen makkelijker gereinigd worden. Voer dit uit elke keerde automatische reinigingscyclus wordt gebruikt (enkel opsommige modellen).Verwijder de geleiderframes: 1 trek het frame naar de binnenkant van de oven om hetuit de klemverbinding A te halen. 2 Haal het frame uit de zittingen achteraan B.Herhaal na de reiniging de net beschreven handelingen omde geleiderframes weer te plaatsen. 9.5.2 Reiniging van de ruiten van de deurEr wordt aangeraden om deze steeds goed rein te houden. Gebruik absorberend keukenpapier; bijhardnekkig vuil moet u ze reinigen met een vochtige spons en een gewoon reinigingsmiddel.Gebruik voor het reinigen van de ruiten van de ovendeur geen schurende of bijtende reinigingsmiddelen(bijv.

poeders, ontvlekkingsmiddelen en metalen sponsjes). Gebruik voor het reinigen van de ruiten vande ovendeur geen ruwe of schurende materialen of scherpe metalen krabbers die het glas zoudenkunnen krassen en versplinteren. 9.5.3 Reiniging van de pakkingGebruik een niet-schurende spons en lauw water om de pakking schoon te houden. De pakking moetsteeds zacht en elastisch zijn (behalve voor de pyrolytische modellen).Bij de pyrolytische modellen kan de pakking verpletterd worden en mettertijd zijn aanvankelijke vormverliezen. Knijp langs de volledige omtrek op de pakking om ze weer vorm te geven, zodat ook het vuilvan de pakking zelf wordt verwijderd.

126Aanwijzingen voor de gebruiker10. BUITENGEWOON ONDERHOUDDe oven heeft regelmatig kleine onderhoudshandelingen of de vervanging van delen die onderhevig zijnaan slijtage nodig, zoals de pakkingen, de lampjes, enz. Vervolgens worden de specifieke aanwijzingenaangeduid voor elk type van deze handelingen.Vóór elke handeling waarvoor de delen onder spanning bereikt moeten worden, moet destroomtoevoer naar het toestel uitgeschakeld worden.AANDACHT: Voor uw veiligheid wordt aanbevolen om beschermende handschoenen te dragenwanneer de reiniging of een buitengewone onderhoudshandeling moet uitgevoerd worden. 10.1 Vervanging van de lampAls een lamp moet vervangen worden, als gevolg vanslijtage of verbranding, moeten de framegeleidersverwijderd worden.

Raadpleeg “9.5.1 Verwijderinggeleiderframes (indien aanwezig)”.Verwijder daarna de lampbedekking met behulp vanbijvoorbeeld een schroevendraaier.Verwijder de lamp door ze los te draaien (gloeilamp) ofdoor ze uit de zitting te halen (halogeenlampen)volgens de aangeduide zin. Vervang de lamp met eensoortgelijke (25W voor gloeilampen of 40W voorhalogeenlampen).De halogeenlampen mogen niet rechtstreeks met de vingers aangeraakt worden, gebruik dus eenisolerende bedekking.

127Aanwijzingen voor de gebruiker 10.2 Demontage van de deurOpen de deur volledig.Plaats een pin in de opening vanhet scharnier. Herhaal dehandeling voor beidescharnieren.Neem de deur aan beide kantenen met beide handen vast, hef zeop aan een hoek van ongeveer30°, en verwijder ze.Om de deur weer te monteren,moeten de scharnieren in dedaarvoor bestemde openingen inde oven geplaatst worden, zodatde gleuven C helemaal op deopeningen steunen. Laat dedeur zakken zodat ze geplaatstwordt, en verwijder de pinnetjesuit de openingen in descharnieren. 10.3 Demontage van de pakking (behalve pyrolytische modellen)Voor een grondige reiniging van de oven kunt u de pakking vande deur verwijderen.Op de vier zijden zijn haken aanwezig die de pakking op derand van de oven bevestigen. Trek de randen van de pakkingnaar buiten zodat de haken loskomen.

128Aanwijzingen voor de gebruiker 10.4 Demontage van de interne ruitenEr wordt aangeraden om deze steeds goed rein te houden. Om de reiniging te vergemakkelijken, kunt ude deur verwijderen (raadpleeg ) en ze op een vaatdoek laten rusten; ofwel opent u de deur enblokkeert u de scharnieren zodat de ruiten kunnen verwijderd worden.

De ruiten van de deur kunnenvolledig gedemonteerd worden, door de volgende aanwijzingen te volgen.Aandacht: voordat de ruiten worden verwijderd, moet gecontroleerd worden of minstens één van descharnieren van de deur in de open positie geblokkeerd werd zoals wordt beschreven in de paragraaf " ".Deze handeling zou ook nodig kunnen blijken tijdens het verwijderen van de ruiten, wanneer de deurtoevallig los zou komen.Verwijdering van de interne ruit: • Verwijder de interne ruit door ze achteraan naar boven tetrekken, en volg de beweging die wordt aangeduid door depijlen (1). • Trek daarna de ruit vooraan naar boven toe (2).

• Op deze manier komen de 4 pinnen, die op de ruit bevestigdzijn, los uit hun zitten op de ovendeur.Verwijdering van de middelste ruiten:• Op de pyrolytische modellen zijn twee tussenruitenaanwezig die gekoppeld zijn door middel van 4 blokjes.Verwijder de tussenruiten door ze op te heffen. • Op de andere modellen kan een tussenruit aanwezig zijn;verwijder ze door ze op te heffen.Reiniging: • Nu kunnen de externe ruit en de eerder verwijderde ruitengereinigd worden. Gebruik absorberend keukenpapier. Bijhardnekkig vuil moet een vochtige spons en een neutraalreinigingsmiddel gebruikt worden.Het herplaatsen van de ruiten: • Plaats de ruiten weer door de omgekeerde volgorde van deverwijdering te volgen. • Plaats de binnenruit door de 4 pinnen die bevestigd zijn opde ruit te centreren en te klemmen in hun zittingen op deovendeur, door er lichtjes op te drukken.

129Aanwijzingen voor de installateur11. INSTALLATIE 11.1 Montage in meubelsFineerbewerkingen, kleefstoffen of plastic bekledingen van aangrenzende meubels moetenwarmtebestendig zijn (minstens 90°C). In het omgekeerde geval zouden ze mettertijd kunnenvervormen. Het toestel moet geïnstalleerd worden door een bevoegde technicus, en volgens de van kracht zijndenormen.Dit toestel hoort afhankelijk van het installatietype tot klasse 2 - subklasse 1 (Afb. A - Afb. B) of tot klasse1 (Afb. C).Het toestel kan geïnstalleerd worden tegen wanden die hoger zijn dan het werkblad, op een minimumafstand van 50 mm van de zijkant van het toestel, zoals wordt aangeduid in de afbeeldingen A en Cbetreffende de installatieklassen.Keukenkasten of afzuigkappen die zich boven het werkblad bevinden, moeten zich op een afstand vanminstens 750 mm bevinden.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Smeg SCB60GX8 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden