Smeg PM6721WLDXNLK Handleiding

Smeg Fornuis PM6721WLDXNLK

Bekijk gratis de handleiding van Smeg PM6721WLDXNLK (48 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 28 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Smeg PM6721WLDXNLK of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/48
Inhoudsopgave
3
NL
1 Waarschuwingen4
1.1Algemene veiligheidswaarschuwingen4
1.2Beoogd gebruik8
1.3Aansprakelijkheid van de fabrikant8
1.4Deze gebruiksaanwijzing8
1.5 Identificatieplaatje8
1.6 Verwerking9
1.7Wegwijs in de gebruiksaanwijzing10
2 Beschrijving11
2.1Algemene beschrijving11
2.2 Symbolen13
2.3Beschikbare accessoires14
3 Gebruik15
3.1 Waarschuwingen15
3.2 Voorzorgsmaatregelen16
3.3Eerste gebruik16
3.4Het gebruik van de gasbranders17
3.5Gebruik van de inductieplaten19
3.6Handige tips31
4Reiniging en onderhoud32
4.1 Waarschuwingen32
4.2Reiniging van het apparaat32
4.3Oplossingen voor problemen…34
5 Installatie35
5.1 Veiligheidswaarschuwingen35
5.2Insnijding van het werkblad35
5.3 Inbouw37
5.4 Gasaansluiting39
5.5Aanpassing aan de verschillende gastypes42
5.6Elektrische aansluiting47
5.7Voor de installateur49
We raden aan deze handleiding aandachtig door te lezen, omdat ze alle aanwijzingen
bevat om de esthetische en functionele kwaliteiten van het apparaat te behouden.
Raadpleeg de website voor verdere informatie over dit product: www.smeg.com
Deze aanwijzingen zijn uitsluitend geldig in de landen die op het plaatje van het apparaat
zijn aangeduid.
Deze inbouw kookplaat behoort tot klasse 3.
VERTALING VAN DE OORSPRONKELIJKE GEBRUIKSAANWIJZING

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Smeg
Categorie: Fornuis
Model: PM6721WLDXNLK

Handleiding Smeg PM6721WLDXNLK – volledige tekst

Inhoudsopgave3NL1 Waarschuwingen 41.1 Algemene veiligheidswaarschuwingen 41.2 Beoogd gebruik 81.3 Aansprakelijkheid van de fabrikant 81.4 Deze gebruiksaanwijzing 81.5 Identificatieplaatje 81.6 Verwerking 91.7 Wegwijs in de gebruiksaanwijzing 102 Beschrijving 112.1 Algemene beschrijving 112.2 Symbolen 132.3 Beschikbare accessoires 143 Gebruik 153.1 Waarschuwingen 153.2 Voorzorgsmaatregelen 163.3 Eerste gebruik 163.4 Het gebruik van de gasbranders 173.5 Gebruik van de inductieplaten 193.6 Handige tips 314 Reiniging en onderhoud 324.1 Waarschuwingen 324.2 Reiniging van het apparaat 324.3 Oplossingen voor problemen… 345 Installatie 355.1 Veiligheidswaarschuwingen 355.2 Insnijding van het werkblad 355.3 Inbouw 375.4 Gasaansluiting 395.5 Aanpassing aan de verschillende gastypes 425.6 Elektrische aansluiting 475.7 Voor de installateur 49We raden aan deze handleiding aandachtig door te lezen, omdat ze alle aanwijzingen bevat om de esthetische en functionele kwaliteiten van het apparaat te behouden.Raadpleeg de website voor verdere informatie over dit product: www.smeg.comDeze aanwijzingen zijn uitsluitend geldig in de landen die op het plaatje van het apparaat zijn aangeduid.Deze inbouw kookplaat behoort tot klasse 3.VERTALING VAN DE OORSPRONKELIJKE GEBRUIKSAANWIJZING

Waarschuwingen41 Waarschuwingen1.1 Algemene veiligheidswaarschuwingenPersoonlijk letsel• Het apparaat en de bereikbare delen ervan worden heel warm tijdens het gebruik.

Raak geen verwarmingselementen aan tijdens gebruik van het apparaat.• Bescherm de handen met ovenwanten bij het hanteren van voedsel in de ovenruimte.• Probeer geen vlammen/brand te doven met water: schakel het apparaat uit en bedek het vuur met een deksel of een brandwerende deken.• Gebruik van dit apparaat door kinderen vanaf 8 jaar, personen met beperkte fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of met een gebrek aan ervaring of kennis is alleen toegestaan onder toezicht en begeleiding van volwassenen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid.• Laat kinderen niet spelen met het apparaat.• Houd kinderen jonger dan 8 jaar die niet onder toezicht staan verwijderd van het apparaat.• Kinderen jonger dan 8 jaar mogen het apparaat tijdens zijn werking niet benaderen.• Werkzaamheden voor schoonmaak en onderhoud van het apparaat mogen niet worden uitgevoerd door kinderen die niet onder toezicht staan.• Controleer of de vlamverdelers met de respectievelijke deksels correct in de zittingen gepositioneerd zijn.• Let op voor de snelle verwarming van de kookzones.

Plaats geen lege potten of pannen op de ingeschakelde plaat. Gevaar op oververhitting.• Vetten en oliën kunnen vlam vatten als ze oververhit raken. Het is aanbevolen bij het apparaat te blijven tijdens de voorbereiding van voedsel dat olie of vet bevat. Als de oliën of vetten vlam zouden vatten, mag geen water gebruikt worden om te blussen. Plaats het deksel op de pan en schakel de kookzone uit.

Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.• Tijdens het gebruik geen metalen voorwerpen zoals vaatwerk of bestek op het oppervlak van de kookplaat plaatsen omdat deze oververhit zouden kunnen raken.• Plaats geen metalen en puntige voorwerpen (bestek of gereedschappen) in de spleten van het apparaat.• Giet geen water rechtstreeks op hete ovenschalen.• Gebruik geen spuitbussen in de buurt van het apparaat terwijl het werkt.• Na gebruik het apparaat uitschakelen.• Voer geen wijzigingen uit op het apparaat.• Probeer nooit om zelf het apparaat te repareren, zonder tussenkomst van een gekwalificeerde technicus.• Trek nooit aan de kabel om de stekker uit het stopcontact te halen.• Als de stroomkabel beschadigd is, moet men onmiddellijk contact opnemen met de technische dienst die voor de vervanging van de kabel zal zorgen.Beschadiging van het apparaat• Gebruik geen schurende of bijtende middelen op de glazen onderdelen (bijv.

poeders, ontvlekkers of metaalsponsjes).• Gebruik eventueel houten of plastic gereedschappen.• Ga niet op het apparaat zitten.• Reinig het apparaat niet met een stoomreiniger.• Zorg er voor dat de openingen en de spleten voor de ventilatie en de warmte-afvoer niet verstopt raken.• Laat het apparaat niet onbeheerd tijdens bereidingen waarbij vetten en oliën vrijkomen die heet worden en vlam kunnen vatten. Besteed de grootst mogelijke aandacht.• Laat geen voorwerpen achter op de kookoppervlakken.• Gebruik het apparaat nooit om de ruimte te verwarmen.• Sproei geen spuitbussen in de nabijheid van de oven.• Gebruik geen plastic vaatwerk of recipiënten om voedsel te bereiden.• De recipiënten of de vleesroosters moeten binnen de omtrek van de kookplaat geplaatst worden.

Waarschuwingen6• Alle recipiënten moeten een vlakke en regelmatige bodem hebben.• In geval van overstroming of overkoken moet de vloeistof onmiddellijk van de kookplaat verwijderd worden.• Geen zure stoffen zoals citroensap of azijn op de kookplaat morsen.• Plaats geen lege potten of pannen op ingeschakelde kookzones.• Reinig het apparaat niet met een stoomreiniger.• Gebruik geen ruw, schurend of scherp materiaal.• Gebruik op de stalen delen of de delen waarvan het oppervlak met metalen afwerkingen werd behandeld (bijv. elektrolytische oxidatie, vernikkeling, verchroming) geen producten die chloor, ammoniak of bleekmiddel bevatten.• Gebruik geen schurende of bijtende middelen op de glazen onderdelen (bijv.

poeders, ontvlekkers of metaalsponsjes).• Stop de verwijderbare onderdelen, zoals de roosters van de kookplaat, de vlamverdelers en de deksels niet in de vaatwasser.Installatie• Dit apparaat mag niet geïnstalleerd worden in boten of caravans.• Het apparaat mag niet geïnstalleerd worden op een voetstuk.• Plaats het apparaat met behulp van een tweede persoon in het meubel.• Om de mogelijke oververhitting van het apparaat te vermijden moet het niet achter een decoratieve deur of een paneel geïnstalleerd worden.• Voorafgaand op iedere ingreep op het apparaat (installatie, onderhoud, plaatsing of verplaatsing) moet u altijd zorgen voor persoonlijke beschermingsmiddelen.• Voorafgaand op iedere ingreep op het apparaat moet de algemene elektrische voeding gedeactiveerd worden.• Laat de installatie en technische interventies uitvoeren door gekwalificeerd personeel overeenkomstig de geldende normen.• Laat de gasaansluiting uitvoeren door bevoegd technische personeel.

Waarschuwingen7NL• Het aansluiten met een flexibele buis moet zodanig uitgevoerd worden dat de lengte van de buis niet langer is dan 2 meter bij maximale uitschuiving voor flexibele stalen buizen en 1,5 meter voor rubberen buizen.• De buizen mogen niet in aanraking komen met beweegbare delen, en mogen niet geplet worden.• Gebruik, daar waar nodig, een drukregelaar in overeenstemming met de van kracht zijnde norm.• Controleer na elke ingreep of het aandraaimoment van de gasaansluitingen zich tussen 10 Nm en 15 Nm bevindt.• Na de installatie moet u eventuele lekken opsporen met een zeepoplossing, maar nooit met een vlam.• Laat het apparaat aansluiten door gekwalificeerd technisch personeel.• De aardverbinding van het elektrische systeem is verplicht en moet in overeenstemming met de geldende veiligheidsnormen worden uitgevoerd.• Gebruik kabels die bestand zijn tegen temperaturen van minstens 90 °C.• Het aandraaimoment van de schroeven van de stroomgeleiders van het klemmenbord moet 1,5-2 Nm bedragen.• Laat de voedingskabel uitsluitend door ervaren technisch personeel vervangen.Voor dit apparaat• Schakel de platen na het gebruik uit.

Vertrouw nooit alleen op de panherkenningsindicatie.• Waak over kinderen, ze kunnen de brandende controlelamp voor de restwarmte moeilijk zien. De bereidingszones blijven ook na gebruik voor een bepaalde periode nog zeer warm, ook al zijn ze uitgeschakeld. Houd kinderen uit de buurt zodat ze niet kunnen aanraken.• Het glaskeramische oppervlak is schokbestendig, maar u dient te voorkomen dat er zware en harde voorwerpen vallen op de kookplaat: die zou kunnen breken als het om puntige voorwerpen gaat.• Het glaskeramische kookoppervlak mag niet als steunvlak gebruikt worden.

Waarschuwingen8• Als barsten of scheuren opgemerkt worden, of als het oppervlak van de glaskeramische plaat zou breken, moet het apparaat onmiddellijk uitgeschakeld worden. Schakel de stroom uit en neem contact op met de Technische Dienst.• Personen met een pacemaker of een gelijkaardig apparaat moeten zich ervan vergewissen dat de werking van deze apparaten niet wordt beïnvloed door het inductieveld, waarvan het frequentiebereik tussen 20 en 50 kHz ligt.• Overeenkomstig de bepalingen van de elektromagnetische compatibiliteit behoort de elektromagnetische inductieplaat tot Groep 2 en Klasse B (EN 55011).1.2 Beoogd gebruik• Dit apparaat is bedoeld om thuis voedsel te bereiden.

Elk ander gebruik is oneigenlijk.• Het apparaat is niet ontworpen om te functioneren met externe kookwekkers of afstandsbedieningssystemen.1.3 Aansprakelijkheid van de fabrikantDe fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade aan personen en voorwerpen ten gevolge van:• een ander gebruik van het apparaat dan wordt voorzien;• het niet in acht nemen van de voorschriften van de gebruiksaanwijzing;• het forceren van ook slechts één deel van het apparaat;• het gebruik van niet-originele reserveonderdelen.1.4 Deze gebruiksaanwijzingDeze gebruiksaanwijzing is een belangrijk onderdeel van het apparaat en moet gedurende de volledige levensduur intact en op een eenvoudig te bereiken plaats worden bewaard.Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig vóór installatie.1.5 IdentificatieplaatjeHet identificatieplaatje bevat de technische gegevens, het serienummer en de markering.

Het product bevat geen delen die als gevaarlijk voor de gezondheid en het milieu worden beschouwd, conform de actuele Europese Richtlijnen.Verwijdering van het apparaat:• Snijd de voedingskabel af en verwijder de elektrische kabel en de stekker.• Oude of gebruikte apparaten aan het einde van hun levensduur moeten door de gebruiker worden ingeleverd bij geschikte centra voor de gescheiden inzameling van elektrisch en elektronisch afval, of overhandigd worden aan de verkoper wanneer een nieuw gelijkaardig apparaat wordt gekocht.Het apparaat is verpakt in milieuvriendelijke en recyclebare materialen.• Breng het verpakkingsmateriaal naar de betreffende centra voor afvalverwerking.Elektrische spanningGevaar voor elektrische schok• Schakel de algemene stroomtoevoer uit.• Haal de stekker uit het stopcontact.Plastic verpakkingGevaar voor verstikking• Laat de verpakking, of delen ervan, niet onbewaakt achter.• Laat kinderen niet spelen met de plastic zakken van de verpakking.

Waarschuwingen101.7 Wegwijs in de gebruiksaanwijzingIn deze gebruiksaanwijzing komen de volgende begrippen voor:1. Volgorde van de gebruiksaanwijzingen.• Enkele gebruiksaanwijzing.WaarschuwingenAlgemene waarschuwingen in verband met de gebruiksaanwijzing, veiligheid en verwerking van afgedankte producten.BeschrijvingBeschrijving van het apparaat en de accessoires.GebruikInformatie over het gebruik van het apparaat en de accessoires, kooktips.Reiniging en onderhoudInformatie over correcte schoonmaak en onderhoud van het apparaat.InstallatieInformatie voor gekwalificeerde technici: installatie, inbedrijfstelling en keuring.VeiligheidswaarschuwingenInformatieSuggestie

Beschrijving13NL2.2 SymbolenBereidingszones op gas Zone achteraan Zone vooraanKnoppen brandersNuttig voor de inschakeling en de regeling van de branders van de kookplaat. Druk op de knoppen, en draai deze linksom op de waarde om de overeenkomstige branders te ontsteken. Om de vlam te regelen, moet de knop in de zone tussen het maximum en het minimum gedraaid worden. Om de branders uit te schakelen, moeten de knoppen op geplaatst worden.Bereidingszones met inductie On/Off-toets: voor de in- of uitschakeling van de kookplaat. Pauzetoets: onderbreekt de bereiding. Toets toetsblokkering: voorkomt dat de bedieningen ongewenst kunnen worden aangeraakt. Toets hoger: verhoogt de bereidingstijd of de timer. Toets lager: verlaagt de bereidingstijd of de timer. Schuifbalk: verhoogt of verlaagt het vermogen.

Beschrijving14Voordelen van inductiekoken• Energiebesparing, dankzij de rechtstreekse overdracht van energie naar de pan (u moet daarvoor bestemde pannen van magnetiseerbaar materiaal gebruiken) in vergelijking met het traditioneel elektrisch koken.• Grotere veiligheid dankzij de overdracht van energie naar alleen het recipiënt dat op de kookplaat geplaatst is.• Hoog rendement bij de overdracht van energie van de bereidingszone met inductie naar de basis van de pan.• Snelle verwarming.• Kleinere kans op brandwonden, omdat het kookoppervlak enkel wordt verwarmd door de onderkant van de pan; overgekookt voedsel bakt niet aan.2.3 Beschikbare accessoiresReductierooster WokNuttig voor het gebruik van een Wok.Het apparaat is voorzien van een inductiegenerator voor elke bereidingszone.

Elke generator onder het glaskeramische oppervlak heeft een elektromagnetisch veld dat een thermische stroom op de onderkant van de pan veroorzaakt. De warmte wordt niet aan de bereidingszone overgedragen, maar wordt direct door de inductieve stromen in het recipiënt gecreëerd.De accessoires die in contact kunnen komen met het voedsel zijn gemaakt van materialen conform de van kracht zijnde wetsbepalingen.De originele bijgeleverde of optionele accessoires kunnen worden aangevraagd bij erkende servicecentra. Gebruik enkel de originele accessoires van de fabrikant.

Gebruik15NL3 Gebruik3.1 WaarschuwingenIncorrect gebruikGevaar op verbranding• Controleer of de vlamverdelers met de respectievelijke deksels correct in de zittingen gepositioneerd zijn.• Laat het apparaat niet onbewaakt achter tijdens bereidingen waarbij vetten en oliën kunnen vrijkomen.• Vetten en oliën kunnen vlam vatten bij oververhitting. Wees heel voorzichtig.• Draag hittebestendige handschoenen tijdens het gebruik.• Raak het oppervlak van de kookplaat niet aan, of reinig het niet, tijdens de functionering of wanneer de controlelampen van de restwarmte oplichten.• Plaats geen lege potten of pannen op de bereidingszones wanneer ze zijn ingeschakeld.• Raak de warmte-elementen niet aan als het apparaat werkt.

Laat ze afkoelen vóór u het apparaat eventueel reinigt.• Activeer de toetsblokkering indien u kinderen of huisdieren heeft die de kookplaat kunnen bereiken.• De bereidingszones blijven ook na gebruik gedurende een bepaalde periode nog zeer warm, ook al zijn deze uitgeschakeld. Raak de oppervlakken van de kookplaat niet aan.Incorrect gebruikGevaar voor beschadiging van de oppervlakken• Dek de branders of de kookplaat niet af met zilverfolie.• De recipiënten of de vleesroosters moeten binnen de omtrek van de kookplaat geplaatst worden.

• Alle recipiënten moeten een vlakke en regelmatige bodem hebben.• In geval van overstroming of overkoken moet de vloeistof onmiddellijk van de kookplaat verwijderd worden.• Er wordt afgeraden om potten in aardewerk of speksteen te gebruiken om voedsel te bereiden of te verwarmen• Gebruik de kookplaat niet als in de oven het proces van de pyrolyse bezig is.• Vermijd dat harde en zware voorwerpen op de kookplaat kunnen vallen zodat deze niet kan beschadigd worden.• Gebruik de kookplaat niet als werk- en/of snijvlak.

Gebruik163.2 VoorzorgsmaatregelenLekkend gas kan een explosie veroorzaken.Wanneer u gas ruikt of als de gasinstallatie lekt:• De gastoevoer onmiddellijk sluiten of het ventiel van de gasfles onmiddellijk dichtdraaien.• Open vuur en sigaretten onmiddellijk uitdoven.• Geen schakelaars of apparaten inschakelen en geen enkele stekker uit het stopcontact verwijderen.

Binnen het gebouw geen (mobiele) telefoons gebruiken.• Ramen openen en het vertrek luchten.• Contact opnemen met het servicecentrum of uw gasbedrijf.Onregelmatige werkingElke van de volgende omstandigheden moet als een onregelmatige werking worden beschouwd en vereist een ingreep:• Beschadiging van het keukengerei.• Verkeerde ontsteking van de branders.• Branders blijven met moeite branden.• Uitschakeling van de branders tijdens de werking.• De gaskranen kunnen moeilijk open of dicht worden gedraaid.Neem contact op met het erkende servicecentrum bij u in de buurt als het apparaat niet correct werkt.3.3 Eerste gebruik1. Verwijder eventuele beschermfolie aan de binnen- en buitenzijde van het apparaat en de accessoires.2. Verwijder eventuele etiketten (behalve het plaatje met de technische gegevens) van de accessoires.3.

Verwijder en was alle accessoires van het apparaat (zie 4 Reiniging en onderhoud).Hoge temperatuurBrand- en ontploffingsgevaar• Ontvlambare materialen niet in de buurt van het apparaat of direct onder de kookplaat gebruiken of bewaren.• Gebruik geen dozen, gesloten bakjes, keukengerei en plastic potjes voor de bereiding.• In geval van barsten of scheuren, en indien het apparaat niet kan uitgeschakeld worden, moet de stroomtoevoer uitgeschakeld worden en moet contact met de assistentie worden opgenomen.

Gebruik17NL3.4 Het gebruik van de gasbrandersAlle bedieningen en schakelaars bevinden zich op het frontpaneel. Naast elke knop wordt de bijhorende brander aangeduid. Het apparaat is voorzien van een elektronisch ontstekingsmechanisme. Het is voldoende om op de knop te drukken en hem linksom te draaien op het symbool van de maximale vlam, tot de brander wordt ingeschakeld. Draai de knop op als de brander niet binnen 15 seconden wordt ontstoken. Wacht vervolgens 60 seconden, alvorens de volgende poging te verrichten. Na de ontsteking moet de knop enkele seconden ingedrukt gehouden worden, zodat het thermokoppel kan opwarmen.Het kan voorvallen dat de brander uitgaat wanneer de knop wordt losgelaten: dit betekent dat het thermokoppel onvoldoende is opgewarmd. Wacht enkele ogenblikken en herhaal de handeling.

Houd de knop langer ingedrukt.Correcte positie van de vlamverdelers en van de dekselsVoordat de branders van de kookplaat ingeschakeld worden, moet gecontroleerd worden of de vlamverdelers correct met de respectievelijke deksels gepositioneerd zijn. Let op dat de openingen van de brander overeenstemmen met de vonkontstekers en de thermokoppels. Controleer bovendien of de pinnen van de vlamverdelers perfect in de openingen van de brander zijn aangebracht.In geval van een toevallige uitschakeling zorgt een veiligheidssysteem voor de blokkering van de gastoevoer, ook wanneer de kraan open staat. Draai de knop op . Wacht minstens 60 seconden, alvorens de brander opnieuw te ontsteken.

Gebruik18De roosters correct plaatsenOnder de roosters zijn holle, siliconen rubbertjes aanwezig die op de desbetreffende bevestigingspen op de kookplaat moeten worden aangebracht.Controleer of de roosters gecentreerd zijn op de respectievelijke branders zonder dat de roosters opgeheven zijn of scheef staan; in dat geval moet de positionering herhaald worden.Als een pan onstabiel is, moet gecontroleerd worden of de roosters correct zijn aangebracht.Diameter van de recipiëntenReductieroostersHet reductierooster moeten op de roosters van het vlak gelegd worden.

Controleer dat deze correct gepositioneerd zijn.Een vleesrooster gebruikenWanneer u een vleesrooster wilt gebruiken, moet het volgende advies opgevolgd worden:• het vleesrooster mag maximaal 10 minuten lang op het maximale vermogen van de brander worden opgewarmd.• het wordt aanbevolen om voor de bereiding van de levensmiddelen een lager vermogen in te stellen;• let erop dat de vlammen van de brander niet onder de rand van het vleesrooster uit komen;• houd de zijwand op minimaal 150 mm van de rand van het vleesrooster;• plaats het vleesrooster niet op meerdere branders tegelijkertijd.• AUX: 8 tot 18 cm.• R: 20 tot 26 cm.• UR: 20 tot 30 cm.

Gebruik19NL3.5 Gebruik van de inductieplatenAlle bedieningen en schakelaars bevinden zich op het frontpaneel. Het gebruik van de kookplaat gebeurt door middel van sensortoetsen Touch-Control. Raak het symbool op het oppervlak van glaskeramiek lichtjes aan.

Elke aanraking wordt bevestigd door een geluidssignaal.Recipiënten die geschikt zijn voor inductiekokenDe voor het inductiekoken gebruikte recipiënten moeten van metaal zijn en beschikken over magnetische eigenschappen en een bodem van geschikte afmetingen.Geschikte recipiënten:• Recipiënten van geëmailleerd staal met dikke bodem.• Recipiënten van gietijzer met geëmailleerde bodem.• Recipiënten van meerlagig roestvrij staal, roestvrij ferritisch staal en aluminium met speciale bodem.Niet geschikte recipiënten:• Recipiënten van koper, roestvrij staal, aluminium, vuurvast glas, hout, keramiek en terracotta.Om te controleren of de pan geschikt is, volstaat het om een magneet tegen de onderkant te houden: als de magneet wordt aangetrokken is de pan geschikt voor een inductiekookplaat.Als u niet over een magneet beschikt, kunt u in het recipiënt een kleine hoeveelheid water gieten, het op een bereidingszone plaatsen en de plaat inschakelen.

Indien op het display het symbool verschijnt, is de pan niet geschikt.Minimum diameter van de panGedurende de eerste aansluiting op het stroomnet wordt een automatische controle uitgevoerd die alle controlelampen enkele seconden doet oplichten.Gebruik uitsluitend pannen met een perfect vlakke onderkant, die geschikt zijn voor inductiekookplaten. Het gebruik van pannen met een onregelmatige bodem kan er voor zorgen dat het systeem niet goed werkt of dat het systeem de pan niet herkent.GroteminimumØ (cm)aanbevolenØ (cm)F - R 9 11,5Multizone 2 x 111 x 222 x 13,51 x 24,5

Gebruik20Beperking van de bereidingsduurDe kookplaat is voorzien van een automatisch systeem dat de werkingsduur beperkt. Indien de instellingen van de bereidingszone niet gewijzigd worden, is de maximale werkingsduur van elke afzonderlijke zone afhankelijk van het geselecteerde vermogensniveau.Wanneer het mechanisme voor de beperking van de werkingsduur wordt geactiveerd, wordt de bereidingszone uitgeschakeld, hoort u een kort geluidssignaal en wordt, indien de zone heet is, het symbool weergegeven op het display.Bescherming tegen oververhittingWanneer de kookplaat voor een lange periode op het maximale vermogen wordt gebruikt, kan de elektronica moeite hebben om af te koelen als de omgevingstemperatuur hoog is.

Het vermogen van de bereidingszone wordt automatisch verlaagd om te vermijden dat in de elektronica een te hoge temperatuur ontstaat.VermogensniveausHet vermogen van de bereidingszone kan op verschillende niveaus geregeld worden.

In de tabel vindt u de aanduidingen met betrekking tot de verschillende types van bereidingen.* zie powerfunctieInschakeling/uitschakeling van de plaatOm de plaat te activeren, moet de On/Off-toets minstens 1 seconde ingedrukt gehouden worden; om ze te deactiveren, moet de On/Off-toets minstens 2 seconden ingedrukt gehouden worden.Vermogensniveau Maximum bereidingsduur1 8 ½ uur2 6 ½ uur3 5 ½ uur4 4 ½ uur5 3 ½ uur6 2 ½ uur7 2 ½ uur8 2 uur9 1 ½ uurVermogensniveau Geschikt voor:0 Positie OFF1 - 2Bereiding van beperkte hoeveelheden voedsel (minimaal vermogen)3 - 4 Bereiding5 - 6Bereidingen van grote hoeveelheden voedsel, het braden van grotere stukken7 - 8 Braden, fruiten met meel9 BradenP * Braden / Aanbraden, koken (maximaal vermogen)De kookplaat wordt automatisch binnen enkele seconde uitgeschakeld als geen enkel vermogen is gekozen.

Gebruik21NLAutomatische inschakeling van de bereidingszoneNadat u de kookplaat hebt ingeschakeld:• Plaats een recipiënt (geschikt voor inductiekoken, niet leeg) op de bereidingszone die u wilt gebruiken.Het display van de gebruikte bereidingszone wordt ingeschakeld: het aangegeven vermogen is .Regeling van de bereidingszoneNadat u de kookplaat hebt ingeschakeld:1. Breng links van de schuifbalk van de te gebruiken bereidingszone een vinger aan.Het display van de gebruikte bereidingszone wordt ingeschakeld: het aangegeven vermogen is .2. Verplaats de vinger naar links of naar rechts over de schuifbalk tot het bereidingsvermogen is geselecteerd van naar of schakel de Power-functie in (zie „ Powerfunctie”).Het display van de gebruikte bereidingszone geeft het ingestelde bereidingsvermogen aan.Uitschakeling van de bereidingszone1.

Gebruik22SnelkeuzeNadat u de kookplaat hebt ingeschakeld:1. Breng ongeveer op het gewenste vermogen van de schuifbalk van de te gebruiken bereidingszone een vinger aan.2. Selecteer het gewenste bereidingsvermogen door de vinger naar links of naar rechts te verplaatsen.PowerfunctieNadat u de kookplaat hebt ingeschakeld:1. Breng links van de schuifbalk van de te gebruiken bereidingszone een vinger aan.Het display van de gebruikte bereidingszone wordt ingeschakeld: het aangegeven vermogen is .2. Verplaats de vinger naar rechts over de schuifbalk tot de Power-functie is geselecteerd.Het display van de gebruikte bereidingszone geeft de waarde aan.De Power-functie kan snel worden geactiveerd.• Schakel de kookplaat in, breng helemaal rechts op de schuifbalk van de te gebruiken bereidingszone een vinger aan.Met behulp van deze functie kunt u snel het gewenste vermogen van de platen instellen.

Met deze functie kan het maximum leverbare vermogen van de bereidingszone gebruikt worden. De functie Power blijft maximum 10 minuten actief; na deze tijdsduur wordt het vermogen automatisch op niveau 9 gesteld.

Gebruik23NLMultizone-functieNadat u de kookplaat hebt ingeschakeld:1. Breng tegelijkertijd een vinger aan op de schuifbalk links en een vinger op de schuifbalk rechts van de te gebruiken bereidingszone.De displays van de bereidingszones worden ingeschakeld: het display toont het „master”-symbool , terwijl rechts op het display rechts gevolgd door „slave” worden weergegeven.2.

Stel het gewenste bereidingsvermogen in met behulp van de schuifbalk links.Voor de beide zones worden dezelfde parameters ingesteld.Met deze functie kunnentegelijkertijd tweebereidingszones (voor enachter) worden bediend voor het gebruik van pannen, zoals vispannen of rechthoekige recipiënten.U kunt de Multizone-functie uitsluitend activeren op verticaal verbonden bereidingszones ( en FR).Deze functie zorgt automatisch voor een evenwichtige verdeling van het vermogen over de beide platen.Wanneer de Multizone-functie actief is, kan de Power-functie niet in deze zones worden geactiveerd.

Gebruik24Plaats een grote ovale of langwerpige pan altijd midden op de bereidingszone.Voorbeeld van correct geplaatste pannenVoorbeeld van NIET correct geplaatste pannenDe Multizone-functie deactiveren:breng tegelijkertijd een vinger aan op de schuifbalk links en een vinger op de schuifbalk rechts van de te deactiveren bereidingszone.Tabel voor de bereidingenIn de onderstaande tabel worden vermogenswaarden weergegeven die ingesteld kunnen worden, en bij iedere waarde wordt het type van het te bereiden voedsel vermeld.

Gebruik25NLRestwarmteAls de bereidingszone na uitschakeling nog warm is, wordt het symbool op het display weergegeven. Als de temperatuur 40°C of minder bedraagt, verdwijnt het symbool.Melting-functieDe Melting-functie activeren nadat de kookplaat is geactiveerd:1. Druk een keer op de toets speciale functies van de gewenste bereidingszone. Op het display worden en het symbool weergegeven.De Melting-functie deactiveren:• Druk drie keer op de toets speciale functies .Warmte behouden-functieDe Warmte behouden-functie activeren nadat de kookplaat is geactiveerd:1. Druk twee keer op de toets speciale functies van de gewenste bereidingszone. Op het display worden en het symbool weergegeven.De Warmte behouden-functie deactiveren:• Druk twee keer op de toets speciale functies .Simmering-functieDe Simmering-functie activeren nadat de kookplaat is geactiveerd:1.

Druk drie keer op de toets speciale functies van de gewenste bereidingszone. Op het display worden en het symbool weergegeven.De Simmering-functie deactiveren:• Druk een keer op de toets speciale functies .Incorrect gebruikGevaar op verbranding• Let goed op voor kinderen omdat ze de aanduiding van de restwarmte waarschijnlijk niet kunnen zien. De bereidingszones blijven na gebruik voor een bepaalde periode zeer warm, ook al zijn ze uitgeschakeld. Houd kinderen dus uit de buurt, zodat ze hun handen niet verbranden.Met deze functie kunt u gerechten ontdooien. Met deze functie kunt u al bereide gerechten warmhouden. Met deze functie kunt u de vloeistof in de pan aan de kook houden.

Gebruik26PauzefunctieDe Pauzefunctie activeren nadat minstens één bereidingszone is geactiveerd:• Houd de pauzetoets ingedrukt. Op het display gaat een led branden boven de pauzetoets en wordt op de displays van alle bereidingszones weergegeven.De Pauzefunctie deactiveren:1. Druk op de toets .Het display van de bereidingszone helemaal rechts toont een enkele seconde lang een bewegend beeld.2. Breng links van de schuifbalk een vinger aan en beweeg de vinger naar rechts.ToetsblokkeringDe toetsblokkering activeren nadat de kookplaat is geactiveerd:• Houd de toets toetsblokkering 3 seconden ingedrukt. Op het display wordt een led weergegeven boven de toets toetsblokkering De toetsblokkering deactiveren:• Houd de toets toetsblokkering 3 seconden ingedrukt. De led boven de toets toetsblokkering gaat uit.Met deze functie kunt u de functionering van alle bereidingszones onderbreken.

De toetsen van de kookplaat worden uitgeschakeld, uitgezonderd de toets toetsblokkering.Alle bereidingszones worden uitgeschakeld.De kookplaat schakelt automatisch uit als binnen 5 seconden op geen enkele toets wordt gedrukt.Met deze toets kunnen ter bescherming van kinderen of om ongewenste selecties te voorkomen alle toetsen van het display worden uitgeschakeld. Door een tijdelijke stroomuitval wordt de toetsblokkering niet gedeactiveerd.

Gebruik27NLTimerDe timer activeren nadat de kookplaat is geactiveerd:1. Druk tegelijkertijd op de timertoetsen en .Op het display wordt de tijdindicator weergegeven. Het timersymbool onder de tijdindicator geeft aan dat de functie is geactiveerd.2. Druk op de timertoetsen en om de timer te programmeren (houd de toets ingedrukt om sneller vooruit te gaan).Het display wordt ingesteld in „minuten.seconden”. De eerste keer dat u op de timertoets wordt 1 minuut ingesteld. U kunt ook een tijd van minder dan een minuut instellen:• druk 1 tot 5 keer op de timertoets om een timer met een duur van minder dan een minuut (van tot seconden) in te stellen.Elke keer dat u op de timertoets drukt, neemt de tijd met 10 seconden af.Als de ingesteld tijd langer dan 9 minuten duurt, wordt onder de tijdindicator weergegeven.

Het display wordt nu ingesteld op „uren.minuten” (een tijd van maximaal 1 uur en 59 minuten kan worden ingesteld)3. De timer start een enkele seconde nadat de laatste selectie is verricht.Aan het einde van de geprogrammeerde tijd hoort de gebruiker een geluidssignaal.4. Deactiveer het geluidssignaal door op de timertoets of te drukken.Deactivering van de timerDe timer tijdens het aftellen deactiveren:1. Druk op de On/Off-toets .De led boven de On/Off-toets gaat aan.2. Druk tegelijkertijd op de timertoetsen en .Het aftellen wordt onderbroken.3.

Houd de timertoets ingedrukt om het aftellen te resetten.Met deze functie kan een timer geprogrammeerd worden, die na de ingestelde tijdsduur een geluidssignaal zal produceren.Het gebruik van de kookwekker onderbreekt de werking van de kookzones niet, maar waarschuwt de gebruiker dat de ingestelde tijdsduur verstreken is.De kookwekker kan gebruikt worden wanneer de bereidingszones in- en uitgeschakeld zijn.

Gebruik28Bereiding met tijdinstellingDe functie bereiding met tijdinstelling activeren nadat minstens één bereidingszone is geactiveerd:1. Druk tegelijkertijd op de timertoetsen en .Op het display wordt de tijdindicator weergegeven. Het timersymbool naast de waarde van het vermogen van de plaat geeft aan dat de plaat is geactiveerd.2. Druk op de timertoets en om de bereiding met tijdinstelling te programmeren (houd de toets ingedrukt om sneller vooruit te gaan).Het display wordt ingesteld in „minuten.seconden”. Als de ingesteld tijd langer dan 9 minuten duurt, wordt onder de tijdindicator weergegeven. Het display wordt nu ingesteld op „uren.minuten” (een tijd van maximaal 1 uur en 59 minuten kan worden ingesteld)3.

De bereiding met tijdinstelling start een enkele seconde nadat de laatste selectie is verricht.Aan het einde van de geprogrammeerde tijd hoort de gebruiker een geluidssignaal.4. Deactiveer het geluidssignaal door op de timertoets of te drukken.De bereiding met tijdinstelling wijzigen of deactiverenDe bereiding met tijdinstelling tijdens het aftellen wijzigen:1. Druk op de On/Off-toets .De led boven de On/Off-toets gaat aan.2. Druk tegelijkertijd op de timertoetsen en .Het aftellen wordt onderbroken.3. Druk op de timertoetsen en om de programmering van de bereiding met tijdinstelling te wijzigen.De bereiding met tijdinstelling tijdens het aftellen deactiveren:1. Druk op de On/Off-toets .De led boven de On/Off-toets gaat aan.2. Druk tegelijkertijd op de timertoetsen en .Het aftellen wordt onderbroken.3.

Houd de timertoets ingedrukt om het aftellen te resetten.Met deze functie kan de automatische uitschakeling van elke bereidingszone na een bepaalde tijdsduur geprogrammeerd worden.De functie kan op meerdere bereidingszones tegelijkertijd worden ingesteld. De tijdindicator en de knipperende led geven aan welke bereidingszone bijna zal worden uitgeschakeld

Gebruik29NLDemo stand (uitsluitend voor exposanten)Activering van de demo-stand:1. Verzeker u ervan dat het apparaat minstens 10-15 seconden van het elektriciteitsnet is afgekoppeld.2. Sluit het apparaat op het elektriciteitsnet aan.3. Druk binnen 2 minuten tegelijkertijd een aantal seconden lang op de toets toetsblokkering en de pauzetoets tot u een geluidssignaal hoort.4. Breng tegelijkertijd een vinger aan op de schuifbalk links en een vinger op de schuifbalk rechts van de bereidingszones die zich het meest in de buurt van de zone met de bedieningen bevinden.U hoort een geluidssignaal en op het display boven de zone met de bedieningen wordt weergegeven.5. Druk op de pauzetoets tot boven de zone met de bedieningen wordt weergegeven. Op de schuifbalk links wordt weergegeven.6. Breng een vinger aan op het bovenste deel van de schuifbalk links tot wordt weergegeven.7.

Druk tegelijkertijd een aantal seconden lang tegelijkertijd op de toets toetsblokkering en de pauzetoets .8. Houd de toets On/Off minstens 1 seconde lang ingedrukt om het apparaat in de demo stand in te schakelen.Deze stand laat toe om de verwarmingselementen te deactiveren, terwijl men toch gebruik kan maken van het bedieningspaneel.Als de demo stand ingeschakeld is zal bij de inschakeling van het apparaat boven de zone met de bedieningen een enkele seconde lang worden weergegeven en wordt op de schuifbalken weergegeven.

Gebruik30Deactivering van de demo stand:1. Verzeker u ervan dat het apparaat minstens 10-15 seconden van het elektriciteitsnet is afgekoppeld.2. Sluit het apparaat op het elektriciteitsnet aan.3. Druk binnen 2 minuten tegelijkertijd een aantal seconden lang op de toets toetsblokkering en de pauzetoets tot u een geluidssignaal hoort.4. Breng tegelijkertijd een vinger aan op de schuifbalk links en een vinger op de schuifbalk rechts van de bereidingszones die zich het meest in de buurt van de zone met de bedieningen bevinden.U hoort een geluidssignaal en op het display boven de zone met de bedieningen wordt weergegeven.5. Druk op de pauzetoets tot boven de zone met de bedieningen wordt weergegeven. Op de schuifbalk links wordt weergegeven.6. Breng een vinger aan op het onderste deel van de schuifbalk links tot wordt weergegeven.7.

Gebruik31NL3.6 Handige tips• Voor een optimaal rendement van de branders en een minimaal gasverbruik moeten recipiënten met een deksel gebruikt worden die geschikt zijn voor de brander, om te voorkomen dat de vlam langs de zijkanten lekt.

Wanneer de vloeistof begint te koken, moet de vlam laag gedraaid worden om te vermijden dat de vloeistof overkookt.• Om brandwonden te vermijden en schade aan de kookplaat of het werkblad te voorkomen, moeten tijdens de bereiding alle recipiënten en vleesroosters (niet bijgeleverd) binnen de omtrek van de kookplaat blijven.• De diameter van de basis van de pan mag niet groter zijn dan de breedte van de aangegeven bereidingszone.• De pannen mogen niet worden geplaatst buiten de omtrek van de kookplaat en boven de bedieningen aan de voorkant.• Tijdens de aankoop van een pan moet u controleren of de aangeduide diameter de bodem of de bovenkant van het recipiënt betreft, omdat deze laatste bijna altijd groter is dan de bodem.• Wanneer u gerechten maakt waarvoor lange bereidingstijden noodzakelijk zijn, kunt u tijd en energie besparen door gebruik te maken van een snelkookpan waardoor bovendien de vitamines die het voedsel bevat bewaard blijven.• Controleer of de snelkookpan voldoende vloeistof bevat, omdat een oververhitting, die veroorzaakt wordt door gebrek aan vloeistof, de pan en de bereidingszone zou kunnen beschadigen.• Bedek indien mogelijk de pannen steeds met een gepast deksel.• Kies een pan die geschikt is voor de hoeveelheid voedsel die klaargemaakt moet worden.

Wanneer u een grote pan gebruikt die half leeg is, wordt energie verspild.Indien de kookplaat en de oven gelijktijdig gebruikt worden, kan in bepaalde omstandigheden het maximale nuttige vermogen van uw elektrische installatie worden overschreden.

Reiniging en onderhoud324 Reiniging en onderhoud4. 1 Waarschuwingen4. 2 Reiniging van het apparaatOm de oppervlakken in goede staat te houden, moeten ze na elk gebruik gereinigd worden nadat ze afgekoeld zijn. Dagelijkse gewone reinigingGebruik steeds en uitsluitend specifieke producten, die geen schurende of zure stoffen op chloorbasis bevatten. Giet het product op een vochtige doek en wrijf het over het oppervlak, spoel zorgvuldig af, en droog met een zachte doek of met een microvezeldoek. Reinig en verzorg de kookplaat wekelijks met behulp van een gewoon product voor de reiniging van het glas. Neem de aanwijzingen van de producent altijd in acht. Het silicone dat aanwezig is in deze producten produceert een beschermend waterafstotend en vuilbestendig laagje. Alle vlekken blijven achter op dat laagje en kunnen dus makkelijk verwijderd worden.

Droog daarna het oppervlak met een schone doek. Let op dat er geen resten reinigingsmiddel achterblijven op de kookplaat, omdat ze een bijtende reactie zouden kunnen hebben wanneer de plaat verwarmd wordt en de structuur ervan zouden kunnen wijzigen. Incorrect gebruikGevaar voor beschadiging van de oppervlakken• Reinig het apparaat niet met een stoomreiniger. • Gebruik op de stalen delen of de delen waarvan het oppervlak met metalen afwerkingen werd behandeld (bijv. elektrolytische oxidatie, vernikkeling, verchroming) geen producten die chloor, ammoniak of bleekmiddel bevatten. • Gebruik geen schurende of bijtende middelen op de glazen onderdelen (bijv. poeders, ontvlekkers of metaalsponsjes). • Gebruik geen ruw, schurend of scherp materiaal. • Stop de verwijderbare onderdelen, zoals de roosters van de kookplaat, de vlamverdelers en de deksels niet in de vaatwasser.

• Reinig het apparaat niet met een stoomreiniger. • Mors tijdens de bereiding geen suiker of zoete mengsels op de kookplaat. • Plaats geen materialen of stoffen die zouden kunnen smelten (plastic of aluminium).

Reiniging en onderhoud33NLVoedselresten of -vlekkenGebruik absoluut geen metalen sponzen of scherpe krabbers zodat de oppervlakken niet worden beschadigd. Gebruik normale en niet-schurende producten, en eventueel houten of plastic gerei. Spoel zorgvuldig, en droog met een zachte doek of met een microvezeldoek. Laat etensresten op basis van suiker (bijv. marmelade) in het apparaat niet opdrogen, dit kan het email binnenin aantasten. Eventuele lichtgekleurde sporen, veroorzaakt door pannen met een aluminium bodem, kunnen worden verwijderd met een met azijn bevochtigde doek. Als er na het gebruik van de kookplaat verbrande resten achterblijven, moeten deze worden verwijderd. Spoel met water en droog goed met een schone doek. Zandkorrels die eventueel op de kookplaat gevallen zijn tijdens het wassen van sla of aardappelen zouden de plaat kunnen krassen wanneer de pannen verschoven worden.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Smeg PM6721WLDXNLK stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden