Smeg PLA649X Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Smeg PLA649X (27 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 28 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Smeg PLA649X of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Smeg |
| Categorie: | Vaatwasser |
| Model: | PLA649X |
Handleiding Smeg PLA649X – volledige tekst
Inhoudsopgave91 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik _____________________ 92 2. Installatie en inbedrijfstelling ______________________________ 94 2. 1 Aansluiting op de waterleiding_________________________________________________ 94 2. 2 Elektrische aansluiting_______________________________________________________ 95 3. Beschrijving van het bedieningspaneel______________________ 96 3. 1 Het bedieningspaneel _______________________________________________________ 96 3. 2 Wasprogramma’s___________________________________________________________ 98 4. Gebruiksinstructies ____________________________________ 100 Gebruik van de waterontharder __________________________________________________ 100 4. 2 Gebruik van de doseerbakjes voor het glansspoelmiddel en het afwasmiddel __________ 102 4. 3 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen___________________________________ 104 4.
4 Gebruik van de korven______________________________________________________ 105 5. Schoonmak en onderhoud ______________________________ 108 5. 1 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen___________________________________ 108 6. Alarmen ____________________________________________ 111Wij bedanken u dat u voor één van onze producten heeft gekozen. Wij raden u aan om alle gebruiksinstructies in deze handleiding aandachtig door te lezen om op dehoogte te zijn van de beste omstandigheden voor een correct en veilig gebruik van uw vaatwasser. De volgorde van de afzonderlijke paragrafen zal u helpen om stap na stap alle functies van hetapparaat te leren kennen. de tekst is eenvoudig en verduidelijkt met gedetailleerde afbeeldingen.
U zult hier tevens praktische aanbevelingen vinden voor het gebruik van korven, sproeiarmen,bakjes, filters, wasprogramma's en de juiste instelling van de bedieningsorganen. Met de hier verstrekte aanbevelingen voor het reinigen zullen de prestaties van uw vaatwasserongetwijfeld gegarandeerd blijven.
In deze, eenvoudig te raadplegen handleiding, vindt u een antwoord op alle vragen die u mochthebben betreffende het gebruik van uw nieuwe vaatwasser. INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATEUR: deze instructies zijn bestemd voor de bevoegdeinstallateur die is belast met de installatie, inbedrijfstelling en het uitproberen van het apparaat. INSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKER: deze instructies omvatten de gebruiksinstructies, debeschrijving van de bedieningsorganen en de juiste schoonmaak- en onderhoudshandelingen vanhet apparaat.
Aanwijzingen92 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik DEZE HANDLEIDING IS EEN WEZENLIJK ONDERDEEL VAN HET APPARAAT: HIJ DIENT ALTIJD IN ZIJN GEHEELSAMEN BIJ HET APPARAAT TE WORDEN BEWAARD. VÓÓR DE INGEBRUIKNEMING BEVELEN WIJ AAN OM DE IN DEZE HANDLEIDING OPGENOMEN AANWIJZINGEN AANDACHTIG DOOR TE LEZEN. DE INSTALLATIE MOET DOORBEVOEGD PERSONEEL WORDEN UITGEVOERD MET INACHTNEMING VAN DE GELDENDE NORMEN. DITAPPARAAT IS BESTEMD VOOR EEN HUISHOUDELIJK GEBRUIK EN BEANTWOORDT AAN DE MOMENTEEL VANTOEPASSING ZIJNDE RICHTLIJNEN 72/23 EEG, 897336 (INCLUSIEF 92/31), MET INBEGRIP VAN HET VOORKOMENEN ELIMINEREN VAN RADIOSTORINGEN. HET APPARAAT IS ONTWIKKELD VOOR DE VOLGENDEWERKZAAAMHEDEN: HET WASSEN EN DROGEN VAN DE VAAT; IEDER ANDER GEBRUIK DIENT ALSONEIGENLIJK TE WORDEN BESCHOUWD. DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELDVOOR ENIG GEBRUIK DAT AFWIJKT VAN HETGEEN IS VOORZIEN.
HET TYPEPLAATJE MET DE TECHNISCHE GEGEVENS, HET SERIENUMMER EN DE MERKING IS ZICHTBAAR OPDE RAND AAN DE BINNENKANT VAN DE DEUR. HET PLAATJE OP DE RAND AAN DE BINNENKANT VAN DE DEURMAG NOOIT WORDEN VERWIJDERD. LAAT DE RESTEN VAN DE VERPAKKING NIET ONBEWAAKT IN DE HUISELIJKE OMGEVING LIGGEN. VERDEEL DEVERSCHILLENDE VAN DE VERPAKKING AFKOMSTIGE AFVALMATERIALEN EN BRENG ZE NAAR HETDICHTSBIJZIJNDE CENTRUM VOOR GESCHEIDEN AFVALINZAMELING. DE AARDAANSLUITING IS VERPLICHT OP DE DOOR DE VEILIGHEIDSNORMEN VOOR ELEKTRISCHEINSTALLATIES VOORZIENE WIJZE. DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR ENIG LETSEL AAN PERSONEN OFSCHADE AAN ZAKEN ALS GEVOLG VAN EEN ONTBREKENDE OF GEBREKKIGE AARDAANSLUITING. BIJ AANSLUITING VAN HET APPARAAT OP HET ELEKTRICITEITSNET ZONDER GEBRUIK VAN EEN STEKKER,MOET EEN MEERPOLIGE SCHEIDINGSINRICHTING WORDEN AANGEBRACHT MET EEN MINIMALECONTACTOPENING VAN 3 MM.
CONTROLEER OF DESPANNINGS- EN FREQUENTIEWAARDEN VAN HET NET OVEREENSTEMMEN MET DIE VERMELD OP HETTYPEPLAATJE. VERMIJD HET GEBRUIK VAN ADAPTERS OF AFLEIDINGEN. TREK NOOIT AAN DE KABEL OM DE STEKER UIT HET STOPCONTACT TE VERWIJDEREN. • NA DE INSTALLATIE MOET DE STEKER TOEGANKELIJK BLIJVEN. • EEN BESCHADIGDE VOEDINGSKABEL MOET DOOR EEN BEVOEGD TECHNICUS WORDEN VERVANGEN. BIJ PLAATSING VAN HET APPARAAT OP VLOEREN MET VLOERBEDEKKING MOET U CONTROLEREN OF DEOPENINGEN AAN DE ONDERZIJDE NIET WORDEN AFGESLOTEN. SCHAKEL DE VAATWASSER NA IEDER GEBRUIK UIT OM STROOMVERSPILLING TE VOORKOMEN. HET AFGEDANKTE APPARAAT MOET ONBRUIKBAAR WORDEN GEMAAKT. SNIJD, NA DE STEKER UIT HETSTOPCONTACT TE HEBBEN GETROKKEN, DE VOEDINGSKABEL DOOR. MAAK DE VOOR KINDEREN GEVAARLIJKEDELEN (SLUITINGEN, DEUREN ENZ. ) ONGEVAARLIJK. HET APPARAAT MOET NAAR EEN CENTRUM VOOR EENGESCHEIDEN AFVALVERWERKING WORDEN GEBRACHT.
Aanwijzingen93GEBRUIK GEEN TIJDENS HET TRANSPORT BESCHADIGDE APPARATEN. RAADPLEEG, BIJ TWIJFEL, UWWEDERVERKOPER. HET APPARAAT MOET WORDEN GEÏNSTALLEERD EN AANGESLOTEN OVEREENKOMSTIG DE DOOR DEFABRIKANT VERSTREKTE INSTRUCTIES OF DOOR BEVOEGD PERSONEEL. HET APPARAAT MOET DOOR VOLWASSENEN WORDEN GEBRUIKT. ZORG ERVOOR DAT KINDEREN UIT DEBUURT BLIJVEN EN ER NIET MEE SPELEN. HOUD KINDEREN UIT DE BUURT VAN AFWASMIDDELEN EN DEGEOPENDE VAATWASSERDEUR. DE VERPAKKINGSMATERIALEN (PLASTIC ZAKKEN, POLYSTYROL, METALENDELEN ENZ. ) MOETEN BUITEN HET BEREIK VAN KINDEREN WORDEN GEHOUDEN. HOUD KINDEREN UIT DE BUURT VAN DE GEOPENDE VAATWASSER; IN HET APPARAAT ZOUDEN ZICH NOG RESTEN AFWASMIDDEL KUNNEN BEVINDEN DIE ONHERSTELBARE SCHADE AAN DE OGEN, DE MOND EN KEELKUNNEN VEROORZAKEN, EN ZELFS TOT DE DOOD DOOR VERSTIKKING KAN LEIDEN.
GEBRUIK GEEN OPLOSMIDDELEN ZOALS ALCOHOL EN TERPENTINE IN HET APPARAAT DIE TOTONTPLOFFINGEN KUNNEN LEIDEN. PLAATS GEEN MET AS, WAS OF VERF BEVUILDE VAAT IN HET APPARAAT. DE VAATWASSER KAN KANTELEN ALS GEVOLG VAN HET LEUNEN OF ZITTEN OP DE OPEN DEUR, MET ALLERISICO'S VAN DIEN VOOR DE PERSONEN. VERMIJD HET CONTACT MET HET VERWARMINGSELEMENT VLAK NA DE BEËINDIGING VAN EENWASPROGRAMMA. TIJDENS HET GEBRUIK VAN DE VAATWASSERS KAN HET VERWARMINGSELEMENT, OOK PLAATSELIJK, IETSBRUIN WORDEN. DIT IS EEN NORMAAL, MET DE WERKINGSWIJZE SAMENHANGEND VERSCHIJNSEL, DAT DEGOEDE WERKING VAN HET APPARAAT OP GEEN ENKELE WIJZE ZAL BEÏNVLOEDEN. DRINK, NA BEËINDIGING VAN HET WASPROGRAMMA EN VOOR HET DROGEN, NIET VAN HET EVENTUEEL IN DEVAAT OF DE VAATWASSER ACHTERGEBLEVEN WATER. MET ACQUASTOP UITGEVOERDE MODELLEN ACQUASTOP IS EEN INRICHTING DIE BIJ LEKKAGES OVERSTROMINGEN VOORKOMT.
NA DE INTERVENTIE VANDE ACQUASTOP MOET EEN BEVOEGD TECHNICUS WORDEN GERAADPLEEGD OM DE OORZAAK VAN DESTORING OP TE SPOREN EN TE VERHELPEN. BIJ DE MET ACQUASTOP UITGEVOERDE MODELLEN BEVAT DE TOEVOERSLANG EEN ELEKTROMAGNETISCHEKLEP.
SNIJD DE SLANG NIET DOOR EN LAAT DE ELEKTROMAGNETISCHE KLEP NIET IN HET WATER VALLEN. BIJ BESCHADIGING VAN DE TOEVOERSLANG MOET U HET APPARAAT LOSKOPPELEN VAN DE WATERLEIDINGEN HET ELEKTRICITEITSNET. ONMIDDELLIJK NA DE INSTALLATIE MOET HET APPARAAT KORT WORDEN UITGEPROBEERD OVEREENKOMSTIGDE HIERNA VERSTREKTE INSTRUCTIES. ALS HET APPARAAT NIET MOCHT FUNCTIONEREN MOET U HET VAN DEELEKTRICITEITSNET LOSKOPPELEN EN DE DICHTSTBIJZIJNDE TECHNISCHE DIENST WAARSCHUWEN. PROBEER NIET OM HET APPARAAT TE REPAREREN. DE VAATWASSER BEANTWOORDT AAN ALLE DOOR DE GELDENDE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN OPGELEGDEEISEN MET BETREKKING TOT ELEKTRISCHE APPARATEN. EVENTUELE TECHNISCHE CONTROLES MOGENUITSLUITEND DOOR GESPECIALISEERD EN ERKEND PERSONEEL WORDEN UITGEVOERD: REPARATIESUITGEVOERD DOOR NIET ERKEND PERSONEEL, ZULLEN DE GARANTIE DOEN VERVALLEN EN KUNNEN EENBRON VAN GEVAAR VOOR DE GEBRUIKER WORDEN.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor letsel aan personen of schade aan zaken als gevolgvan het niet opvolgen van de bovenstaande voorschriften of als gevolg van werkzaamheden op ook een enkeldeel van het apparaat of door het gebruik van niet-originele vervangingsonderdelen.
Instructies Voor de Installateur942. Installatie en inbedrijfstellingVerwijder de polystyrol korfblokkeringen. Plaats het apparaat op de daarvoor bestemde. De vaatwasser kan met de zijkanten of deachterkant tegen meubels of wanden worden geplaatst. Als de vaatwasser naast een warmtebron wordt geplaatst moet een warmteïsolerende wandworden geplaatst om oververhitting en een slechte werking te voorkomen. Voor de stabilteit moeten de inbouwapparaten voor onderbouw of integratie uitsluitend onderononderbroken werkbladen worden geplaatst en aan de ernaast geplaatste meubels wordenvastgeschroefd. Om de inbouw te vergemakkelijken kunnen de toevoer- en afvoerslangen in alle richtingen wordengedraaid; zorg ervoor dat ze niet worden geknikt of afgeklemd en dat ze niet te strak gespannenkomen te staan. Zet het apparaat waterpas op de grond met behulp van de regelbare voetjes.
Dit is vereist voor decorrecte werking van de vaatwasser. Sommige modellen hebben een centrale regelbare voet achter die met behulp van een schroefonderaan de voorkant van het apparaat kan worden afgesteld. 2. 1 Aansluiting op de waterleidingVoorkom het risico van verstoppingen of beschadigingen: als de waterleiding nieuw is oflangdurig ongebruikt gebleven, moet u, voordat u de aansluiting op de waterleiding uitvoert,controleren of het water helder is en zonder vervuiling om schade aan het apparaat te voorkomen. Gebruik voor de aansluiting van de vaatwasser op de waterleiding, uitsluitend nieuwe slangen;gebruik nooit oude of reeds gebruikte slangen. AANSLUITING OP DE WATERKRAANSluit de toevoerslang, na plaatsing van het bij de vaatwasser geleverde filter A, aan op eenkoudwaterkraan met een schroefdraad van 3/4" gas.
Draai de slang met de hand stevig vast endraai hem nog circa een kwartslag na met een tang. Bij de met ACQUASTOP uitgerustemodellen is het filter al in de ring met schroefdraad aangebracht. De vaatwasser kan worden gevuld met water van maximaal 60°C.
Instructies Voor de Installateur95AANSLUITING OP DE AFVOERPlaats de afvoerslang in een afvoerpijp met eenminimumdiameter van 4 cm; de slang kan ook in degootsteen worden gehangen met behulp van debijgesloten slanghouder, waarbij er echter voor moetworden opgelet dat hij niet wordt geknikt of afgeklemd.Het is belangrijk dat de slang niet kan losraken envallen. Om deze reden heeft de slanghouder een gatwaarmee hij met behulp van een touwtje aan de pijp ofkraan kan worden bevestigd.Het vrije eind moet op een hoogte tussen de 30 en 100cm worden aangebracht en mag nooit onder waterstaan.Horizontaal geplaatste verlengstukken mogenmaximaal 3 m lang zijn en in dat geval moet deafvoerslang maximaal 85 cm van de grond af wordenaangebracht.2.2 Elektrische aansluitingSteek de steker in een passend stopcontact en in overeenstemming met de instructies van hfst.
Beschrijving van het bedieningspaneel3.1 Het bedieningspaneelAlle bedieningsorganen en controle-instrumenten van de vaatwasser zijn samengebracht op hetbedieningspaneel aan de voorzijde.1DRUKKNOP ON/OFF2DRUKKNOP PROGRAMMAKEUZE (P1...P5)3DRUKKNOP UITSTEL PROGRAMMA (afhankelijk van de modellen)4DRUKKNOP WASSEN MET ½ BELADING (afhankelijk van de modellen)5DRUKKNOP START/PAUZE6CONTROLELAMPJE INSCHAKELEN7CONTROLELAMPJE’S PROGRAMMA’S8CONTROLELAMPJE UITSTEL PROGRAMMA (afhankelijk van de modellen)9CONTROLELAMPJE WASSEN MET ½ BELADING (afhankelijk van de modellen)10 CONTROLELAMPJE FASEN PROGRAMMA11 CONTROLELAMPJE ONTBREKEN ZOUT (afhankelijk van de modellen)12 CONTROLELAMPJE ONTBREKEN GLANSMIDDEL (afhankelijk van de modellen)13 WEGGEWERKTE HANDGREEP OPENING DE DEURINSCHAKELENMet de ON/OFF (1) drukknop schakelt u de vaatwasser in en gaat het controlelampje (6) branden.Ongeveer 2 seconden na deze handeling zullen de controlelampjes FASEN PROGRAMMA (10)gaan branden.PROGRAMMERINGOp dit model vaatwasser zijn alle programmeringshandelingen slechts mogelijk bij een geslotendeur.
Bij een geopende deur blijven de controlelampjes PROGRAMMA’S (7) en decontrolelampjes FASEN PROGRAMMA (10) gedoofd.SELECTIE VAN HET PROGRAMMAHet programma kan worden geselecteerd metbehulp van de bijbehorende drukknoppen (2).Wanneer u de drukknop van het gewenste programma indrukt (zie bijgesloten programmatabel) zalhet bijbehorende controlelampje gaan branden ter bevestiging van de uitgevoerde handeling.
PROGRAMMATABELAFWIKKELING PROGRAMMA PROGRAMMA SELECTIE AARD EN GRAAD VANVERVUILING VAN DE VAAT VOORWASSEN WASSEN KOUDSPOELENWARMSPOELENDROGENWEKEN PANNEN EN COUVERTS IN AFWACHTINGVAN VOLTOOIIN BELADING KOUD _ _ _ _KORT WEINIG VUILE VAATMET “VERSE BEVUILING”ZONDER OPGEDROOGDE RESTEN_38°C 158°C _ECO(*)WEINIG VUILE PANNEN EN COUVERTSMAAR MET OPGEDROOGDE RESTEN_55°C 168°C JADAGELIJKS NORMAAL VUILE VAATMET NORMALE BEVUILINGZONDER OPGEDROOGDE RESTEN_65°C 168°C JAZWAAR BIJZONDER VUILE PANNEN EN COUVERTS _70°C 268°C JADELICAAT+WEINIG VUILE COUVERTS KOUD 45°C 168°C JABIO+VUILE PANNEN EN COUVERTSMET OPGEDROOGDE RESTEN KOUD 55°C 168°C JANORMAAL+VUILE PANNEN EN COUVERTSMET OPGEDROOGDE RESTEN KOUD 65°C 168°C JASUPER+BIJZONDER VUILE PANNEN EN COUVERTSMET OPGEDROOGDE RESTEN 45°C 70°C 268°C JAGebruik het weken uitsluitend bij een gedeeltelijke belading.De HALVE BELADING (4) is optioneel voor alle programma's, uitgezonderd het weken.(*) Referentieprogramma volgens de EN 50242 norm.(-) Niet voorzien.
Instructies Voor de Gebruiker97STARTEN VAN HET PROGRAMMAOp de machine te starten volstaat het om de START/PAUZE (5) druktoets enkele seconden langingedrukt te houden, de controlelampjes FASEN PROGRAMMA (10) gaan uit, tot op het momentdat het controlelampje van de eerste fase van het geselecteerde programma begint te knipperen(bie ter bevestiging. De hier afgebeelde tijdsduur, die tijdens de cyclus wordt aangepast, is''indicatief'', want beïnvloed door de wasomstandigheden, zoals de hoeveelheid en aard van devaat, de aanvoertemperatuur van het water enz. De afwerking van het programma wordt op dit punt weergegeven door de controlelampjes van deFASEN PROGRAMMA (10) van het programma die de staat van het wassen aangeven:Het controlelampje van de actieve fase knippert en bijftononderbroken branden om de verwarming aan te geven.
END VAN HET PROGRAMMAHet eind van het programma wordt aangegeven door een kortgeluidssignaal en het knipperen van alle FASEN PROGRAMMA(10) controlelampjes. Wanneer u één van de toetsenPROGRAMMAKEUZE (2) , indrukt, zullen de controlelampjesophouden te knipperen en is de vaatwasser klaar om een nieuwecyclus uit te voeren, hetzelfde gebeurt wanneer u de deur opent enweer sluit of wanneer u de machine uit- en weer inschakelt. ONDERBREKING VAN HET PROGRAMMAOm een lopend programma te onderbreken, moet u:• het drkknopje START/PAUZE (5), indrukken, het controlelampje van de lopende fase gaat uit;• de druktoets ingedrukt houden tot de controlelampjes FASEN PROGRAMMA (10) gaanbranden (biep ter bevestiging).
WIJZIGEN VAN HET PROGRAMMAOm een lopend programma te wijzigen moet u:• het programma onderbreken (zie “ ONDERBREKING VAN HET PROGRAMMA”);• het nieuwe programma selecteren;• de drukknop START/PAUZE (5) nogmaals indrukken om het nieuwe programma te latenstarten. EEN PROGRAMMA ANNULERENOm een lopend programma te annuleren moet u hem eerst onderbreken (zie “ ONDERBREKING VANHET PROGRAMMA”).
Instructies Voor de Gebruiker98Wanneer tijdens de werking de deur wordt geopend, zal bij het sluiten ervan het programmaopnieuw moeten worden gestart zoals beschreven onder punt “ STARTEN VAN HET PROGRAMMA”. Hetprogramma zal worden hervat vanaf het punt waarop het werd onderbroken. Wanneer de temperatuur in de kuip de 50°C overschrijdt zal het programma na ongeveer30 seconden worden hervat. 3. 2 Wasprogramma’sDe vaatwasser is uitgerust met een bedieningspaneel, zoals beschreven in hoofdstuk "3. Beschrijving van het bedieningspaneel", waarmee alle handelingen noodzakelijk voor hetinschakelen, uitschakelen en de programmering kunnen worden uitgevoerd.
Alvorens een wasprogramma te starten moet u controleren of:• de waterkraan geopend is;• er regeneratiezout in het reservoir aanwezig is;• er voldoende afwasmiddel in het bakje is gedaan;• de korven op de juiste wijze zijn beladen;• de sproeiarmen vrij, onbelemmerd kunnen draaien;• de deur van de vaatwasser goed is gesloten. SELECTIE JE WASSEN MET HALVE BELADING (afhankelijk van de modellen)Met drukknop WASSEN MET ½ BELADING (4) kunt u het wassen met slechts de bovenste korfselecteren. Na het programma te hebben geselecteerd moet u als volgt te werk gaan:• wanneer u drukknoop WASSEN MET ½ BELADING (4) éénmaal indrukt selecteert u debovenste korf (het bijbehorende controlelampje gaat branden);• wanneer u drukknoop voor de WASSEN MET ½ BELADING (4) nogmaals indrukt keert uterug naar de staat van het wassen bij volle belading (controlelampje gaat uit).
De optie ½ BELADING kan in alle programma’s worden geselecteerd,met uitzondering dat van het“weken”. N. B. : bij de selectje ½ BELADING zal de duur van het programma worden gewijzigd. In de door de HALVE BELADING bestemde korf kan een bestekcontainer worden geplaatst, terwijlde niet geselecteerde korf leeg moet blijven.
LET OP: het heeft geen zin om de niet-geselecteerde korf te laden omdat de waterstraaluitsluitend de ingestelde korf zal bereiken. UITSTEL VAN HET PROGRAMMA (afhankelijk van de modellen)Met behulp van de drukknop UITSTEL PROGRAMMA (3) kan een uitstel van 3, 6 en 9 uur voorbegin van het wasprogramma worden geselecteerd. Dit maakt het mogelijk om de vaatwasser ophet voor u meest geschikte tijdstip te laten werken. Wanneer het uitstel eenmaal is gekozen, gaat u verder met het starten van het programma (zie“STARTEN VAN HET PROGRAMMA”). De machine zal een voorwasprogramma uitvoeren op het eindwaarvan het eerder ingestelde “uitstel van het programma” wordt ingeschakeld; de controlelampjesvoor de fasen van de cyclus gaan uit en het controlelampje voor het ingestelde uitstel begint teknipperen.
Wanneer u tijdens het lopende programma de geprogrammeerde start wenst te annuleren of tewijzigen moet u:• de toets START/PAUZE (5) enkele seconden lang ingedrukt houden tot de controlelampjesvoor de FASEN PROGRAMMA (10) gaan branden;• de toets UITSTEL PROGRAMMA (3) meerdere malen indrukken tot de geprogrammeerdestart wordt geannulleerd (alle controlelampjes die het uitstel aangeven gaan uit);• de START/PAUZE (5) drukknop indrukken om het programma te starten.
Instructies Voor de Gebruiker99Wanneer u de geprogrammeerde start wenst in te stellen terwijl het programma reeeds isgestart moet u als volgt te werk gaan:Het programma dat u wenst uit te voeren is hetzefelde als het lopende programma:• houd de toets START/PAUZE (5) enkele seconden lang ingedrukt tot de controlelampjes voorde FASEN PROGRAMMA (10) gaan branden;• annuleer de lopende programma’s (zie “ EEN PROGRAMMA ANNULEREN”)• selecteer nogmaals het programma;• selecteer het uitstel;• druk de START/PAUZE (5) drukknop in om het programma te starten. Het programma dat u wenst uit te voeren verschilt van het lopende programma:• houd de toets START/PAUZE (5) enkele seconden lang ingedrukt tot de controlelampjes voorde FASEN PROGRAMMA (10) gaan branden;• wijzig het programma;• selecteer het uitstel;• druk de START/PAUZE (5) drukknop im om het programma te starten.
De vaatwasser zal hetwater afvoeren en opnieuw starten met het uitstel en het nieuwe programma. OM ENERGIE TE BESPAREN. … EN VOOR HET BEHOUD VAN HET MILIEU• Probeer om de vaatwasser altijd volledig gevuld te gebruiken. • Was de vaat niet onder stromend water. • Gebruik het voor de aard van de vaat meest geschikte programma. • Spoel niet vooraf eerst af. • Sluit, indien mogelijk, de vaatwasser aan op een warmwaterleiding tot 60°C. • Sluit, indien mogelijk het drogen uit en laat de deur op het eind van het wasprogramma openstaan: ook de lucht en de restwarmte zullen de vaat perfect opdrogen. OM HET AFWASMIDDELVERBRUIK TE BEPERKEN. … EN VOOR HET BEHOUD VAN HETMILIEUDe in de afwasmiddelen voor vaatwassers aanwezige fosfaten vormen een probleem voor hetmilieu.
Om een overmatig afwasmiddel- en stroomverbruik te voorkomen, raden wij aan om:• de delicate vaat te scheiden van vaat die beter bestand is tegen agressieve afwasmiddelen enhoge temperaturen;• het afwasmiddel niet rechtstreeks op de vaat te gieten.
VERWIJDEREN VAN DE VAATNa beëindiging van het wasprogramma moet u tenminste 20 minuten wachten alvorens de vaat eruit te halen, om hem te laten afkoelen. Om te voorkomen dat eventuele in de bovenste korfachtergebleven waterdruppels op de nog in de onderste korf achtergebleven vaat vallen, wordt hetaangeraden om eerst de onderste korf en daarna pas de bovenste korf leeg te halen.
Instructies Voor de Gebruiker1004. GebruiksinstructiesNa de vaatwasser op correcte wijze te hebben geïnstalleerd zijn de volgende handelingennoodzakelijk om hem te kunnen gebruiken:• Regeling van de ontharder;• Vullen met het regeneratiezout;• Vullen met glansspoelmiddel en afwasmiddel. 4. 1 Gebruik van de waterontharderDe hoeveelheid kalk in het water (hardheidsgraad van hetwater) is verantwoordelijk voor de witte vlekken op deopgedroogde vaat, die, na verloop van tijd mat zullen worden. De vaatwasser is uitgerust met een automatische ontharderdie met gebruikmaking van hiervoor specifiek bestemdregeneratiezout, de hardheids-elementen uit het wateronttrekt. De vaatwasser is in de fabriek afgesteld op eenhardheidsgraad van 3 (gemiddelde hardheid 41-60°dF –24-31°dH). Bij gebruik van gemiddeld hard water zal het zout na ongeveer 20 wasbeurten moeten wordenbijgevuld.
Het reservoir van de ontharder heeft een capaciteit van ongeveer 1,7 Kg grof zout. Hetreservoir bevindt zich onderin de vaatwasser. Na de onderste korf te hebben verwijderd moet u dedop van het reservoir linksom losdraaien en het zout met behulp van de met de vaatwassergeleverde trechter toevoegen. Alvorens de dop weer vast te draaien moet u eventuele zoutrestenbij de opening verwijderen. • Bij de eerste inwerkingstelling van de vaatwasser dient u, afgezien van het zout, tevens eenliter water in het reservoir te gieten. • Controleer altijd na het vullen van het reservoir of de dop goed is afgesloten. Het mengselvan water en afwasmiddel mag het reservoir niet binnendringen daar dit werking van hetregeneratiesysteem zal beïnvloeden. In dat geval is de garantie niet meer geldig. • Gebruik uitsluitend regeneratiezout voor vaatwassers voor huishoudelijk gebruik.
Vul, bijgebruik van zouttabletten, het reservoir niet volledig af. • Gebruik geen keukenzout , omdat dit niet-oplosbare substanties bevat die na verloop van tijdhet onthardingssysteem kunnen beschadigen.
• Vul, indien noodzakelijk, het zout bij vóór u het wasprogramma start; op deze wijze zal deovertollige zoutoplossing onmiddellijk door het water worden verwijderd; een langdurigeaanwezigheid van zout water in de waskuip kan tot corrosievorming leiden. Let ervoor op dat u het zout niet met het afwasmiddel verwisselt: de aanwezigheid vanafwasmiddel in het zoutreservoir zal de ontharder beschadigen. ZOUT.
Instructies Voor de Gebruiker101REGELING VAN DE ONTHARDERDe vaatwasser is uitgerust met een inrichting die het mogelijk maakt om de regeling van deontharder aan te passen aan de hardheid van het vulwater.Afhankelijk van het model bevindt de keuzeschakelaar voor de regeling zich:• in de kunststof ring op de rechterwand aan de binnenkant van de vaatwasser;• in de ontharder, net onder de dop.Beide kunnen worden ingesteld op 5 standen:TABEL HARDHEID VAN HET WATERHARDHEID VAN HET WATER Duitse graden (°dH) Franse graden (°dF) REGELING 0 - 4 0 - 7 Staand nr. 1 GEEN ZOUT 5 - 9 8 - 15 Staand nr. 1 10 - 22 16 - 37 Staand nr. 2 23 - 29 38 - 50 Staand nr. 3 30 - 35 51 - 60 Staand nr. 4 36 - 41 61 - 70 Staand nr. 5Vraag het waterleidingbedrijf om de informatie betreffende de hardheidsgraad van het water.
Instructies Voor de Gebruiker102 4. 2 Gebruik van de doseerbakjes voor het glansspoelmiddel en hetafwasmiddelDe doseerbakjes voor het afwasmiddel en het glansspoelmiddelbevinden zich aan de binnenkant van de deur: links dat van hetafwasmiddel en rechts dat van het glansspoelmiddel. Uitgezonderd het WEEK programma, moet het afwasmiddelbakje vóór iedere wasbeurt met eengeschikte dosis afwasmiddel worden gevuld. Het glansspoelmiddel hoeft alleen maar wordenbijgevuld indien nodig. TOEVOEGING VAN HET GLANSSPOELMIDDELHet glansspoelmiddel zal het opdrogen van de vaat versnellen en de vorming van vlekken enkalkafzettingen voorkomen; het wordt automatisch tijdens de laatste spoelbeurt aan het watertoegevoegd vanuit het doseerbakje aan de binnenkant van de deur. • Open de deur. • Draai de dop van het reservoir 1/4 slag linksom en verwijder hem.
• Vul het glansspoelmiddel bij tot het bakje vol is (circa 140 c. c. ). Het venstertje naast de dopmoet helemaal donker worden. Vul weer glansspoelmiddel bij als het venster lichter wordt ofhet controlelampje voor het ontbreken van het glansspoelmiddel gaat branden. • Plaats de dop weer terug en draai hem rechtsom. • Veeg het gemorste glansspoelmiddel met een doek af omdat dit tot schuimvorming kan leiden. REGELING VAN DE DOSERING VAN HET GLANSSPOELMIDDELDe vaatwasser wordt in de fabriek op een gemiddelde waarde afgesteld. De dosering kan echterworden geregeld met behulp van de regelknop op de doseerder, de dosis zal proportioneel zijnaan de stand van de regelknop. De dosis moet worden verhoogd als de gewassen vaat mat is of ronde vlekken vertoont. • Voor de regeling van de dosering moet de dop van het reservoir 1/4 slag linksom wordengedraaid en verwijderd.
• Draai vervolgens met een schroevendraaier de regelaar van de dosering in de gewenstestand. • Plaats de dop weer terug en draai hem rechtsom vast. • De hoeveelheid glansspoelmiddel moet worden verhoogd als de gewassen vaat mat is ofronde vlekken vertoont.
Instructies Voor de Gebruiker103VULLEN MET AFWASMIDDELOm het deksel van het bakje te openen moet u drukknop P een weinig indrukken. Voeg hetafwasmiddel toe en sluit het deksel zorgvuldig af. Tijdens het wassen zal het bakje automatisch worden geopend. • Als het SUPER programma wordt geselecteerd, moet naast de gewone dosis afwasmiddel eenextra hoeveelheid in de bakjes G of H worden gedaan. • Gebruik uitsluitend specifieke afwasmiddelen voor vaatwassers. Het gebruik vanafwasmiddelen van goede kwaliteit is van groot belang voor optimale wasresultaten. • Bewaar het afwasmiddel in een gesloten verpakking op een droge plek om de vorming vanklonten die de wasresultaten nadelig zullen beïnvloeden, te voorkomen. Eenmaal geopendzullen de afwasmiddelen niet al te lang bewaard kunnen blijven omdat het afwasmiddel aanefficiëntie zal inboeten.
• Gebruik geen afwasmiddel voor de handafwas omdat de hoge schuimproductie ervan dewerking van de vaatwasser nadelig kan beïnvloeden. • Zorg voor een goede dosering van het afwasmiddel. Te weinig afwasmiddel zal leiden tot eenonvolledige verwijdering van het vuil, terwijl een teveel ervan de efficiëntie niet zal verhogen,maar slechts verspilling is. • Er zijn vloeibare en afwasmiddelen in poedervorm in de handel, die onderling verschillen voorwat betreft hun chemische samenstelling en die fosfaten kunnen bevatten of niet, die in datgeval zijn vervangen door natuurlijke enzymen. - Fosfaathoudende afwasmiddelen zijn voornamelijk actief tegen vetten en amide bijtemperaturen van meer dan 60°C. - De enzymen bevattende afwasmiddelen zijn ook al bij lagere temperaturen actief ( vanaf 40tot 55°C) en zijn biologisch beter afbreekbaar.
Met dit type afwasmiddel kunnen bij lageretemperaturen dezelfde wasresultaten worden bereikt die anders pas bij programma's van65°C mogelijk zouden zijn. Voor het behoud van het milieu bevelen wij het gebruik aan van afwasmiddelen zonderfosfaten of chloor.
• Op de markt vinden we ook afwasmiddelen in de vorm van tabletten, waarvan wordt verklaarddat ze het gebruik van zouten of glansmiddel overbodig maken. In bepaalde gevallen kunnendergelijke afwasmiddelen niet doeltreffend blijken, vooral indien gebruikt met korte cycli en/oflage wastemperaturen. Bij problemen met de prestaties (bijv. een witte patina op de kuip of de vaat, slechte resultatenbij het drogen, resten op de vaat na het wassen) raden wij aan om weer terug te vallen op detraditionele producten (zout in korrels, wasmiddel in poedervorm, vloeibaar glansmiddel). Wij wijzen er echter op dat bij het terugkeren naar het gebruik van het traditionele zout eenpaar cycli nodig zullen zijn voordat de installatie weer volledig efficiënt zal werken; u kunt dusnog sporen van de witte patina op de kuip en de vaat vinden.
Mocht het probleem zichherhalen, waarschuw dan de Technische Dienst van de Klantenservice. De aanwezigheid van, ook vloeibaar afwasmiddel, in het glansspoelmiddelreservoir zal devaatwasser beschadigen.
Instructies Voor de Gebruiker104 4. 3 Waarschuwingen en algemene aanbevelingenVóór de eerste ingebruikneming van de vaatwasser verdient het aanbeveling om eerst deonderstaande aanbevelingen met betrekking tot de aard van de te wassen vaat en de plaatsingervan te lezen. Over het algemeen bestaan er geen beperkingen voor het wassen van de huishoudelijke vaat,maar in sommige gevallen moet met hun eigenschappen rekening worden gehouden. Alvorens de vaat in de korven te plaatsen moet u:• de grootste etensresten, zoals bijvoorbeeld botjes, graten enz. die de filter zouden kunnenverstoppen en de waspomp beschadigen, verwijderen;• de pannen of koekenpannen met op de bodem verbrande etensresten laten weken om het vuilbeter te laten loskomen; om ze vervolgens in de ONDERSTE KORF te zetten.
Als u slechts een kleine hoeveelheid vaat hoeft te wassen, kunt u de “½ belading” mogelijkheidgebruiken om op water en elektriciteit te bezuinigen. Vergeet niet dat u uitsluitend de bovenste korf moet vullen, de onderste korf moet leegblijven. Om niet onnodig water te verspillen moet u de vaat vooraf niet onder stromend water wassenvoordat u hem in de korven laadt. Een correcte plaatsing van de vaat is een garantie voor goede wasresultaten. LET OP. • Controleer of de couverts goed stevig staan en niet kunnen omvallen en de draaiing van desproeiarmen tijdens de werking niet belemmeren;• plaats geen hele kleine voorwerpen in de korven die bij het vallen de sproeiarmen of dewaspomp zouden kunnen blokkeren;• vaat zoals bijv.
kopjes, schotels, glazen, bekers en pannen moeten altijd met de opening naarbeneden en met eventuele holle kanten schuin worden gezet om het weglopen van het waterte bevorderen;• de verschillende delen van de vaat niet in elkaar zetten omdat ze elkaar anders zoudenafdekken;• plaats glazen niet te dicht op elkaar omdat ze met elkaar in aanraking zouden kunnen komenen breken. Ook kunnen zich vlekken vormen.
CONTROLEER of de vaat met de vaatwasser kan worden gewassen. Ongeschikte vaat voor het wassen in een vaatwasser:• Houten pannen en couverts: kunnen beschadigd raken als gevolg van de hogewastemperaturen;• handwerkproducten: zijn slechts zelden geschikt om te worden gewassen in eenvaatwasser. De relatief hoge watertemperaturen en het afwasmiddel kunnen ze beschadigen;• plastic couverts: zijn niet hittebestendig en kunnen zich vervormen. Eventueelhittebestendige plastic couverts moeten in de bovenste korf worden gewassen;• couverts en voorwerpen van koper, tin, zink en messing: hebben de neiging om vlekkente vormen;• aluminium vaat: vaat van geanodiseerd aluminium kan verkleuren; • glas en kristal: over het algemeen kunnen glazen en kristallen voorwerpen in de vaatwasserworden gewassen.
Er bestaan echter glas- en kristalsoorten die na vele wasbeurten matkunnen worden en hun transparantie verliezen; voor dit soort materiaal raden wij altijd aan omhet minst agressieve programma van de programmatabel te kiezen;• vaat met decoraties: de in de handel verkrijgbare gedecoreerde voorwerpen zijn over hetalgemeen goed tegen het wassen in de vaatwasser bestand ook al is het mogelijk dat dekleuren na frequente wasbeurten vervagen, Bij twijfel over de bestendigheid van de kleurenverdient het aanbeveling om ongeveer een maand lang een paar elementen per keer tewassen.
Instructies Voor de Gebruiker105 4.4 Gebruik van de korvenDe vaatwasser heeft een capaciteit van 12 couverts inclusief het opdienservies.DE ONDERSTE KORFDe onderste korf ontvangt de maximale intensiteit van de werking van de onderste sproeiarm en isdaarom bestemd voor de "moeilijkste" en vuilste vaat. Alle mogelijke beladingscombinaties zijntoegestaan, op voorwaarde dat er bij de plaatsing van het servies, de pannen en de koekenpannenvoor wordt gezorgd dat alle vuile oppervlakken worden blootgesteld aan de van onderenafkomstige waterstralen.Met vaste supportsOm bij het laden van vaat van grote afmetingen de ruimte in de korf zo goed mogelijk te benuttenzijn sommige modellen in 2 of 4 sectoren uitgerust met wegklapbare bordensupports.Met wegklapbare supportsBELADING VAN DE ONDERSTE KORFPlaats de platte, diepe, dessert- en dienborden zorgvuldig rechtop.
De pannen, koekenpannen enbijbehorende deksels moet ondersteboven worden geplaatst. Zorg er bij het plaatsen van de diepeen dessertborden altijd voor dat er vrije ruimte tussen blijft.Laadvoorbeelden:
Instructies Voor de Gebruiker106BESTEKCONTAINERDe bestekcontainer kan verschillende vormen hebben afhankelijk van de modellen en uit één ofmeer gescheiden vakken bestaan.Het bestek moet gelijkmatig over de container worden verdeeld, met het handvat naar benedengericht waarbij u goed moet opletten dat u zich niet bezeert aan de lemmetten van de messen.De container is bestemd voor alle soorten bestek, uitgezonderd bestek waarvan de lengte debovenste sproeiarm hindert.Spanen, houten lepels en keukenmessen kunnen in de bovenste korf worden gelegd, waarbij uervoor moet opletten dat de punt van de messen niet buiten de korf uitsteekt. BOVENSTE KORFHet wordt aangeraden om de bovenste korf te vullen met klein of middelgroot serviesgoed, zoalsbijvoorbeeld glazen, kleine borden, koffie- en theekopjes, platte schotels en lichte, hittebestendigeplastic voorwerpen.
Bij gebruik van de bovenste korf in de laagste stand kunnen er ook dienbordenin worden geplaatst, mits slechts licht bevuild.Om de beschikbare ruimte zo goed mogelijk te benutten, is de bovenstekorf uitgerust met twee plastic roosters die naar boven kunnen wordengeklapt om ruimte te creëren voor hoge glazen, zoals bijvoorbeeldroemers.BELADING VAN DE BOVENSTE KORFPlaats de vaat met de bovenkant naar voren gericht; kopjes en holle recipiënten moeten altijd metde opening naar beneden gericht worden geplaatst. Aan de linkerzijde van de korf kunnen op tweeniveaus kopjes en glazen worden geplaatst. in het midden kunnen borden en schoteltjes verticaalin de speciale houders worden gezet.Laadvoorbeelden:
Instructies Voor de Gebruiker108 5. Schoonmak en onderhoudVóór iedere ingreep moet u de elektrische voeding van het apparaat loskoppelen. 5.1 Waarschuwingen en algemene aanbevelingenVermijd het gebruik van schurende of bijtende schoonmaakmiddelen.De buitenoppervlakken en de contradeur van de vaatwasser moeten met regelmatige tussenpozenmet een zachte met een normaal schoonmaakmiddel voor geverfde oppervlakken bevochtigde doekworden schoongemaakt. De pakkingen van de deur moeten met een vochtige spons wordenschoongemaakt.
Periodiek (één of twee keer per jaar) verdient het aanbeveling om al het vuil dat zichop de kuip en de afdichtingen heeft gevormd met een zachte doek en wat water te verwijderen.SCHOONMAKEN VAN HET WATERTOEVOERFILTERHet na de kraan geplaatste toevoerfilter voor het water A moet regelmatig worden schoongemaakt.Sluit de waterkraan, draai het uiteinde van de toevoerslang los, verwijder het filter A en maak hemvoorzichtig onder een straal water schoon. Plaats het filter A weer in diens houder terug en draaide watertoevoerslang zorgvuldig vast.SCHOONMAKEN VAN DE SPROEIARMENDe sproeiarmen kunnen gemakkelijk worden verwijderd om de mondstukken periodiek te reinigenen mogelijke verstoppingen te voorkomen.
Was ze onder een straal water en plaats ze weerzorgvuldig in hun houders terug en controleer of hun draaibeweging op geen enkele wijzewijze wordt belemmerd.• Om de bovenste sproeiarm te verwijderen moet de stelring R worden losgedraaid.• U kunt de onderste sproeiarm gemakkelijk verwijderen door hem in het midden vast te pakkenen naar boven te trekken. SCHOONMAKEN VAN DE ORBITAALSPROEIARMOm de orbitaalsproeiarm te verwijderen moet u de langste armbeetpakken en de ORBITAAL arm naar boven trekken.Was de armen onder een straal water en plaats ze weer zorgvuldigin hun oorspronkelijke behuizing terug.Controleer vervolgens of de sproeiarmen vrj kunnen draaien.Als dit niet het geval mocht zjin moet u controleren of u ze goedheeft gemonteerd.ORBITAAL
Om de filter te verwijderen moet u de lipjes vastpakken, zelinksom draaien en naar boven trekken;• druk van onderen tegen de centrale filter D om hem uit de microfilter te verwijderen;• Haal de twee delen waaruit het plastic filter bestaat, uit elkaar door op de door de pijlaangegeven plek op het filterlichaam te drukken;• verwijder het centrale filter door hem naar boven te trekken.WAARSCHUWINGEN EN AANBEVELINGEN VOOR EEN GOED ONDERHOUD:• De filters moeten met een harde borstel onder een waterstraal worden schoongemaakt.• Het is absoluut noodzakelijk dat de filters zorgvuldig worden schoongemaaktovereenkomstig de bovenstaande aanwijzingen: de vaatwasser kan niet functioneren als defilters verstopt zijn.• Plaats de filters weer zorgvuldig terug in hun houders, om schade aan de waspomp tevoorkomen.ALS DE VAATWASSER LANGDURIG BUITEN GEBRUIK BLIJFT:• Voer twee keer achter elkaar het weekprogramma uit.• Trek de steker uit het stopcontact.• Laat de deur op een kier om te voorkomen dat er zich vieze luchtjes in de waskuip vormen.• Vul de doseerder met glansspoelmiddel .• Sluit de waterkraan.ALVORENS DE VAATWASSER NA EEN LANGDURIGE PERIODE VAN STILSTAND INGEBRUIK TE NEMEN:• controleer of er zich geen bezinksel of roest in de slangen heeft gevormd, laat in dat geval hetwater een paar minuten lang uit de kraan stromen.• Steek de steker weer in het stopcontact.• Breng de aanvoerslang weer aan en open de kraan.
Instructies Voor de Gebruiker110KLEINE STORINGEN OPLOSSENIn sommige gevallen is het mogelijk om zelf eventuele kleine storingen met behulp van deonderstaande instructies te verhelpen. Controleer, als het programma niet start, of:• de vaatwasser op het elekriciteitsnet is aangesloten;• de levering van de elektrische stroom niet is onderbroken;• de waterkraan is geopend;• de deur van de vaatwasser op correcte wijze is gesloten;Controleer, als er water in de vaatwasser achterblijft, of:• er geen knik in de afvoerslang zit;• de sifon van de afvoer niet verstopt is;• de filters van de vaatwasser niet verstopt zijn.
Controleer, als de vaat niet schoon wordt, of:• er (voldoende) afwasmiddel is ingevoerd;• er regeneratiezout in het speciale reservoir zit;• de vaat op de juiste wijze is geplaatst;• het geselecteerde programma geschikt was voor het type en de aard van vervuiling van devaat;• alle filters schoon zijn en op de juiste wijze in hun houders zijn geplaatst;• de wateropeningen van de sproeiarmen niet verstopt zijn;• de draaiing van de sproeiarmen niet ergens door werd belemmerd. Controleer, als de vaat niet droog wordt of mat blijft, of:• er glansspoelmiddel in het daarvoor bestemde reservoir zit;• de dosering ervan goed is ingesteld;• de kwaliteit van het gebruikte afwasmiddel goed is en de eigenschappen er niet van verlorenzijn gegaan (bijv. als gevolg van een onjuiste opslag, met geopende verpakking).
Controleer, als de vaat strepen, vlekken … vertoont, of:• de regeling van het glansspoelmiddel niet overmatig is. Als er roestsporen zichtbaar zijn in de kuip:• de kuip is van roestvrij staal en eventuele roestsporen moeten daarom van buitenaf afkomstigzijn (stukjes roest afkomstig van de waterleiding, pannen, bestek enz. ). In de handel kunt uspeciale producten vinden om deze vlekken te verwijderen;• controleer of u de juiste hoeveelheid afwasmiddel gebruikt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Smeg PLA649X stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwasser Smeg
Handleiding Vaatwasser
Nieuwste handleidingen voor Vaatwasser