Smeg P755SNBN Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Smeg P755SNBN (23 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 59 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Smeg P755SNBN of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Smeg |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | P755SNBN |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Draaiknop |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Breedte: | 510 mm |
| Diepte: | 750 mm |
| Hoogte: | 42 mm |
| Vermogen brander/kookzone 2: | 1050 W |
| Vermogen brander/kookzone 3: | 3500 W |
| Vermogen brander/kookzone 1: | 1700 W |
| Aantal branders/kookzones: | 5 zone(s) |
| Type kookplaat: | Gaskookplaat |
| Type brander/kookzone 1: | Regulier |
| Type brander/kookzone 2: | Sudderen |
| Type brander/kookzone 3: | Extra groot |
| Aantal gaspitten: | 5 zone(s) |
| Aantal elektronische kook zones: | 0 zone(s) |
| Beeldscherm: | Nee |
| Type brander/kookzone 4: | Groot |
| Vermogen brander/kookzone 4: | 2600 W |
| Voedingsbron brander/kookzone 1: | Gas |
| Voedingsbron brander/kookzone 2: | Gas |
| Voedingsbron brander/kookzone 3: | Gas |
| Voedingsbron brander/kookzone 4: | Gas |
| Positie brander/kookzone 1: | Links achter |
| Positie brander/kookzone 2: | Links voor |
| Positie brander/kookzone 3: | Centraal |
| Positie brander/kookzone 4: | Rechts achter |
| Kookzone 1 vorm: | Rond |
| Kookzone 2 vorm: | Rond |
| Kookzone 3 vorm: | Rond |
| Kookzone 4 vorm: | Rond |
| Voedingsbron brander/kookzone 5: | Gas |
| Type brander/kookzone 5: | Sudderen |
| Positie brander/kookzone 5: | Rechts voor |
| Vermogen brander/kookzone 5: | 1050 W |
| Kookzone 5 vorm: | Rond |
Handleiding Smeg P755SNBN – volledige tekst
Algemene waarschuwingen711. WAARSCHUWINGEN VOOR HET GEBRUIKDEZE HANDLEIDING IS EEN INTEGREREND DEEL VAN HET TOESTEL. DEZE MOETINTEGER EN BINNEN HANDBEREIK BEWAARD WORDEN VOOR DE VOLLEDIGEGEBRUIKSDUUR VAN DE KOOKPLAAT. ER WORDT AANGERADEN DEZEHANDLEIDING EN ALLE AANDUIDINGEN AANDACHTIG DOOR TE LEZEN VOORDATDE KOOKPLAAT GEBRUIKT WORDT. BEWAAR EVENEENS DE REEKSBIJGELEVERDE STRAALPIJPEN. DE INSTALLATIE MOET UITGEVOERD WORDENDOOR GEKWALIFICEERD PERSONEEL EN DOOR DE VAN KRACHT ZIJNDENORMEN TE RESPECTEREN. DIT TOESTEL IS BESTEMD VOOR HUISHOUDELIJKGEBRUIK, EN IS CONFORM DE EEG-RICHTLIJNEN DIE ACTUEEL VAN KRACHTZIJN.
HET TOESTEL WERD GEBOUWD VOOR DE VOLGENDE FUNCTIE: HETBEREIDEN EN VERWARMEN VAN VOEDSEL; ELK ANDER GEBRUIK DIENT ALSONEIGENLIJK TE WORDEN BESCHOUWD.DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR ANDEREDAN DE VERMELDE GEBRUIKSTOEPASSINGEN.WANNEER HET TOESTEL IN BOTEN OF CARAVANS GEÏNSTALLEERD WORDT, MAGHET NIET GEBRUIKT WORDEN OM DE OMGEVINGEN TE VERWARMEN.GEBRUIK DIT TOESTEL NOOIT VOOR DE VERWARMING VAN DE WONING.DIT TOESTEL IS VOORZIEN VAN HET MERKTEKEN VOLGENS DE EUROPESERICHTLIJN 2002/96/EG IN VERBAND MET ELEKTRISCHE EN ELEKTRONISCHETOESTELLEN (WASTE ELECTRICAL AND ELECTRONIC EQUIPMENT - WEEE).DEZE RICHTLIJN BEPAALT DE NORMEN VOOR HET INZAMELEN EN RECYCLERENVAN AFGEDANKTE TOESTELLEN, EN GELDT VOOR HET VOLLEDIGEGRONDGEBIED VAN DE EUROPESE UNIE.VOORDAT U HET TOESTEL IN WERKING STELT, MOET U VERPLICHT ALLEBESCHERMENDE FOLIES VERWIJDEREN.ER WORDT AANBEVOLEN OM VOOR ELKE HANDELING SPECIALE THERMISCHEHANDSCHOENEN TE DRAGEN.GEBRUIK ABSOLUUT GEEN STALEN SPONZEN OF SCHERPEKRABBERS ZODAT DE VLAKKEN NIET WORDEN BESCHADIGD.GEBRUIK NORMALE EN NIET-SCHURENDE PRODUCTEN, ENEVENTUEEL HOUTEN OF PLASTIC KEUKENGEREI.
SPOELZORGVULDIG, EN DROOG MET EEN ZACHTE DOEK OF MET EEN DOEKIN MICROFIBER.LAAT HET TOESTEL NIET ONBEWAAKT ACHTER TIJDENS BEREIDINGEN WAARVETTEN EN OLIES KUNNEN VRIJKOMEN.DE VETTEN EN DE OLIES KUNNEN VLAM VATTEN.
Algemene waarschuwingen72NA HET GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT MOET STEEDS GECONTROLEERDWORDEN OF DE BEDIENINGSKNOPPEN ZICH IN DE POSITIE (UIT) BEVINDEN.PLAATS NOOIT PANNEN DIE GEEN PERFECT EFFEN EN REGELMATIGE BODEMHEBBEN OP DE ROOSTERS VAN DE KOOKPLAAT.GEBRUIK GEEN RECIPIËNTEN DIE GROTER ZIJN DAN DE BUITENOMTREK VANHET VLAK.
Algemene waarschuwingen732. WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEIDRAADPLEEG DE AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATIE VOOR DEVEILIGHEIDSNORMEN VOOR ELEKTRISCHE TOESTELLEN OF TOESTELLEN OPGAS, EN VOOR DE VENTILATIEFUNCTIES. IN HET BELANG VAN UW VEILIGHEID WERD BIJ WET BEPAALD DAT DEINSTALLATIE EN DE ASSISTENTIE VAN ALLE ELEKTRISCHE TOESTELLEN MOETUITGEVOERD WORDEN DOOR GEKWALIFICEERD PERSONEEL, EN DOOR DE VANKRACHT ZIJNDE NORMEN TE RESPECTEREN. ONZE ERKENDE INSTALLATEURS GARANDEREN HET BESTE RESULTAAT. ELEKTRISCHE OF GASAPPARATEN MOETEN STEEDS DOOR EXPERTS WORDENLOSGEKOPPELD. CONTROLEER VOORDAT HET TOESTEL AANGESLOTEN WORDT OP HETSTROOMNET OF DE GEGEVENS DIE AANGEDUID WORDEN OP HET PLAATJEOVEREENKOMEN MET DIEGENE VAN HET STROOMNET ZELF. HET IDENTIFICATIEPLAATJE, DAT DE TECHNISCHE GEGEVENS, HETSERIENUMMER EN DE MARKERING BEVAT, WERD AANGEBRACHT ONDER DECARTER.
HET PLAATJE OP DE CARTER MAG NIET VERWIJDERD WORDEN. VOORDAT HET TOESTEL WORDT AANGESLOTEN, MOET GECONTROLEERDWORDEN OF HET GEREGELD IS VOOR HET TYPE VAN GAS DAT ZAL GEBRUIKTWORDEN; RAADPLEEG HET ETIKET DAT ONDER DE CARTER IS AANGEBRACHT. VOORDAT DE HANDELINGEN VAN DE INSTALLATIE / ONDERHOUD UITGEVOERDWORDEN, MOET GECONTROLEERD WORDEN OF HET TOESTEL NIET VANSTROOM WORDT VOORZIEN. DE STEKKER DIE AANGESLOTEN MOET WORDEN OP DE STROOMKABEL EN HETRELATIEVE STOPCONTACT MOETEN VAN HETZELFDE TYPE EN CONFORM DEVAN KRACHT ZIJNDE NORMEN ZIJN. HET STOPCONTACT MOET BEREIKBAAR BLIJVEN NA INBOUW VAN HET TOESTEL. TREK NOOIT AAN DE KABEL OM DE STEKKER UIT HET STOPCONTACT TEVERWIJDEREN. ALS DE STROOMKABEL BESCHADIGD IS, MOET ONMIDDELLIJK DE TECHNISCHEASSISTENTIEDIENST GECONTACTEERD WORDEN DIE VOOR DE VERVANGINGVAN DE KABEL ZAL ZORGEN.
DE AARDING MOET VERPLICHT AANGEBRACHT WORDEN VOLGENS DEVOORZIENE VEILIGHEIDSNORMEN VAN DE ELEKTRISCHE INSTALLATIE. VOER ONMIDDELLIJK NA DE INSTALLATIE EEN KORTE KEURING VAN HETTOESTEL UIT, VOLGENS DE AANWIJZINGEN DIE VERDER WORDEN AANGEDUID.
BIJ EEN SLECHTE WERKING MOET HET TOESTEL LOSGEKOPPELD WORDEN VANHET ELEKTRICITEITSNET, EN MOET U HET DICHTSTBIJZIJNDE TECHNISCHEASSISTENTICENTRUM CONTACTEREN. PROBEER NOOIT OM HET TOESTEL ZELF TE HERSTELLEN. HET TOESTEL WORDT TIJDENS HET GEBRUIK ZEER HEET. LET ERVOOR OP DAT UDE WARMTE-ELEMENTEN NIET AANRAAKT.
Algemene waarschuwingen74DIT TOESTEL MAG NIET GEBRUIKT WORDEN DOOR PERSONEN (KINDERENINBEGREPEN) MET VERMINDERDE FYSISCHE OF PSYCHISCHE VERMOGENS, OFDOOR PERSONEN DIE GEEN ERVARING HEBBEN MET HET GEBRUIK VANELEKTRISCHE APPARATUUR, TENZIJ DIT GEBEURT ONDER TOEZICHT OFINSTRUCTIE VAN VOLWASSENEN DIE VOOR HUN VEILIGHEID INSTAAN.HOU KINDEREN UIT DE BUURT VAN HET TOESTEL WANNEER HETAANGESCHAKELD IS, EN LAAT ZE ER NIET MEE SPELEN.PLAATS GEEN METALEN EN PUNTIGE VOORWERPEN (BESTEK OFGEREEDSCHAPPEN) IN DE SPLETEN VAN HET TOESTEL.GEBRUIK GEEN STOOMSTRAAL OM HET TOESTEL TE REINIGEN.
DE STOOM ZOU DE ELEKTRISCHE DELEN KUNNEN BEREIKEN, ZODAT DEZEBESCHADIGD KUNNEN WORDEN EN KORTSLUITING KUNNEN VEROORZAKEN.VOER GEEN WIJZIGINGEN AAN DIT TOESTEL UIT.GEBRUIK GEEN SPUITBUSSEN NABIJ HET TOESTEL WANNEER HET IN WERKING IS.GEBRUIK GEEN SPUITBUSSEN WANNEER HET TOESTEL NOG WARM IS.De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor letsels aan personen ofmateriële schade als gevolg van het niet in acht nemen van deze voorschriften, ofdoor het onklaar maken van zelfs maar een enkel onderdeel van het toestel of doorhet gebruik van niet-originele reserveonderdelen.
Avvertenze per lo smaltimento753. ZORG VOOR HET MILIEU3. 1 Onze zorg voor het milieuAldus de Richtlijnen 2002/95/EG, 2002/96/EG, 2003/108/EG in verband met debeperking van het gebruik van gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronischetoestellen, en ook de verwerking van afval. Het symbool van de doorkruistevuilbak, aangebracht op de apparatuur, duidt aan dat het product op het eindevan zijn gebruiksduur gescheiden ingezameld moet worden. De gebruiker moetde apparatuur dus op het einde van de gebruiksduur toekennen aan geschiktecentra voor de gescheiden inzameling van elektrisch en elektronisch afval, ofoverhandigen aan de verkoper wanneer een nieuw overeenkomstig toestelwordt gekocht.
Een gepaste gescheiden afvalinzameling voor de volgenderecyclage van de apparatuur en voor de behandeling en de ecologischcompatibele verwerking draagt bij tot het vermijden van mogelijke negatievegevolgen voor het milieu en voor de gezondheid, en bevordert het recyclerenvan het materiaal waarvan de apparatuur gemaakt is. Wanneer de gebruiker hetproduct illegaal verwerkt, zullen administratieve sancties getroffen worden. Het product bevat geen delen die als gevaarlijk voor de gezondheid en hetmilieu worden beschouwd, conform de actuele Europese Richtlijnen. 3. 2 Uw zorg voor het milieuVoor het verpakken van onze producten worden niet-vervuilende materialengebruikt die het milieu niet schaden, en die recycleerbaar zijn. We verzoekenom hieraan mee te werken, en om te zorgen voor een correcte verwerking vande verpakking.
Vraag bij uw verkoper of bij de bevoegde diensten naar deadressen van inzamel-, afvalverwerkings- en recyclagecentra. Gooi de verpakking, of delen ervan, niet zomaar weg. Deze kunnen voorkinderen gevaar op verstikking vormen; vooral plastic zakken zijngevaarlijk. Ook uw oude toestel moet correct verwerkt worden. Belangrijk: lever het toestel in bij de plaatselijke dienst of zaak dieverantwoordelijk is voor de inzameling van afgedankte huishoudtoestellen.
Meteen correcte verwerking kunnen kostbare materialen gerecupereerd worden. Voordat u het toestel weggooit, is het belangrijk dat u de deuren verwijdert en dewerkvlakken niet verwijdert; dit om te vermijden dat kinderen zich al spelend inde oven zouden kunnen opsluiten. Bovendien moet de stroomkabeldoorgesneden worden en samen met de stekker verwijderd worden.
Aanwijzingen voor de gebruiker764. BESCHRIJVING VAN DE BEDIENINGEN4.1 Zone van de bedieningenAlle bedieningen en controlesystemen van de kookplaat bevinden zich op de centrale zone vooraan.ZONE VAN DE BEDIENINGENBESCHRIJVING VAN DE DRAAIKNOPDe inschakeling van de vlam gebeurt wanneer de draaiknopwordt ingedrukt en tegelijkertijd in tegenwijzerszin op hetsymbool van de maximum vlam wordt gedraaid.Om de vlam te regelen, moet de knop in de zone tussen hetmaximum en het minimum gedraaid worden.Om de brander uit te schakelen, moet u de knop weer oppositie “nul” op het symbool plaatsen.
Aanwijzingen voor de gebruiker775. HET GEBRUIK VAN DE KOOKPLAATControleer of de branders, de vlamverdelers en deroosters correct gemonteerd zijn.De pinnetjes A van de vlamverdeler moeten in de zittenB van de brander geplaatst worden. De 2 openingen vande brander moeten in de vonkontsteker en hetthermokoppel op de kookplaat geplaatst worden.5.1 Plaatsing van de roostersDe roosters worden niet op de plaat gemonteerd geleverd. Om elk roostercorrect op de relatieve brander te plaatsen, moeten de onderstaandeaanwijzingen gevolgd worden:Elk rooster moet op de overeenkomstige brander geplaatst worden zodat decorrecte werking gegarandeerd wordt. Let vooral op voor de associatie van deverschillende centrale diameters van de roosters met de vlamverdelers.
Aanwijzingen voor de gebruiker78Op alle roosters zijn twee referentiestreepjes (A) aanwezig. Om de roosters correct te positioneren, moeten de referentiestreepjes (A)uitgelijnd worden met de groeven (B) op de kookplaat.Na de positionering moet gecontroleerd worden of alle voetjes van de roostersop dezelfde plaat steunen.Controleer of de roosters gecentreerd zijn op de respectievelijke branderszonder dat deze laatsten opgehoffen of geheld zijn; in dat geval moet deplaatsing herhaald worden.FOUT FOUT CORRECT
Aanwijzingen voor de gebruiker795.2 Aanschakeling van de branders met veiligheidsmechanismeHet toestel is voorzien van een elektronisch ontstekingsmechanisme. Het isvoldoende om op de knop te drukken en hem in tegenwijzerszin te draaien ophet symbool van de minimum vlam , tot de brander wordt aangeschakeld.Hou de knop voor ongeveer 2 seconden ingedrukt zodat de vlam aanblijft, enom het veiligheidsmechanisme in te schakelen. Het kan zijn dat de branderuitgaat wanneer de knop losgelaten wordt.
In dit geval moet de handelingherhaald worden, en moet de knop dus langer ingedrukt gehouden worden.Als de branders toevallig uitgaan, grijpt na ongeveer 20 seconden eenveiligheidsmechanisme in dat de levering van het gas blokkeert, ook al staat dekraan open.5.3 Praktisch advies voor het gebruik van de brandersVoor een optimaal rendement van de branders en eenminimaal gasverbruik moeten recipiënten gebruikt wordenmet een platte bodem en met een deksel, die geschikt zijnvoor de brander (raadpleeg de paragraaf “5.4 Diameter vande recipiënten”).Om brandwonden te vermijden en schade aan de kookplaat tevoorkomen, moeten tijdens de bereiding alle recipiënten envleesroosters binnen de omtrek van de kookplaat blijven, enmoet een minimum afstand van 5-7 cm van de knoppengehouden worden.Als de vlam van de brander toevallig zou uitgaan, moet debedieningsknop gesloten worden en mag enkel na 1 minuutweer gepoogd worden om ze te ontsteken.
REINIGING EN ONDERHOUDVóór elke handeling moet de stroomtoevoer van het toestel uitgeschakeldworden.6.1 Reiniging van de kookplaatOm de kookplaat in goede staat te houden, moet ze na elk gebruikgereinigd worden nadat ze afgekoeld is.6.1.1 Dagelijkse gewone reinigingVoor de reiniging en de bewaring van het roestvrij staal moeten steeds en enkelspecifieke producten gebruikt worden die geen schurende of zure middelen opchloorbasis bevatten.Gebruiksaanwijzing: giet het product op een vochtige doek en wrijf het over deoppervlakken, spoel zorgvuldig, en droog met een zachte doek of met eenzeemvel.6.1.2 Voedselvlekken of -restenGebruik absoluut geen metalen sponzen of scherpe krabbers, zodatde oppervlakken niet worden beschadigd.Gebruik normale en niet-schurende producten voor staal, sponsjesdie niet krassen en eventueel houten of plastic gereedschappen.Spoel goed, en droog met een zachte doek of met een zeemvel.
Aanwijzingen voor de gebruiker826.2 Reiniging van de onderdelen6.2.1 De knoppenDe knoppen moeten gereinigd worden met een zachte doek en lauw water, enmoeten daarna goed gedroogd worden. Om de reiniging te vergemakkelijken,kunnen de knoppen verwijderd worden.Gebruik voor de reiniging van de knoppen geen agressieve producten diealcohol bevatten of producten voor de reiniging van staal en van glas, omdat ditpermanente schade kan veroorzaken.6.2.2 De roostersVerwijder de roosters en reinig ze met lauw water en een niet-schurend reinigingsmiddel, en verwijder alle afzettingen.Hermonteer ze op de kookplaat.Deze onderdelen mogen niet in de afwasmachine gestoptworden.6.2.3 De vlamverdelersDe vlamverdelers kunnen verwijderd worden. Reinig ze met lauwwater en een niet-schurend reinigingsmiddel, en verwijder alleafzettingen.
Om hardnekkig en verkoold vuil te verwijderd, moet Polifornosamen met een “scotch bright” sponsje gebruikt worden.Om minder hardnekkig vuil te verwijderen en om te poetsen, moetInoxcrème samen met een doek in microfiber gebruikt worden.Herplaats ze zorgvuldig, en controleer of ze perfect droog zijn encorrect geplaatst werden.6.2.4 De vonkonststekers en de thermokoppelsVoor een goede werking van de vonkontstekers en dethermokoppels moeten deze steeds rein gehouden worden.Controleer ze regelmatig, en reinig ze indien nodig met eenvochtige doek. Eventuele droge resten moeten verwijderd wordenmet een houten tandenstoker of met een naald.
Aanwijzingen voor de installateur837. PLAATSING VAN HET WERKBLADDe volgende ingreep vergt metsel- en/of timmerwerk, en moet dus uitgevoerdworden door een bevoegd technicus.De installatie is mogelijk op structuren van verschillende materialen, zoalsmetselwerk, metaal, massief hout en met plastic gelamineerd hout, als het maarhittebestendig is (T 90°C).7.1 Bevestiging op de steunende structuurMaak een opening in het bovenblad van het meubel met de afmetingen die opde afbeelding worden vermeld, en houd daarbij een minimum afstand tot deachterrand van 50 mm. Dit apparaat kan tegen wanden geplaatst worden diehoger zijn dan het werkblad, op voorwaarde dat de afstand "X" behouden wordtdie op de afbeelding wordt aangeduid, om beschadigingen door oververhittingte vermijden.
Controleer of de vuren van de fornuizen een minimum afstand toteen eventuele verticale plank erboven hebben van 750 mm.Gebruik voor de reiniging van de knoppen geen agressieve producten diealcohol bevatten of producten voor de reiniging van staal en van glas, omdat ditpermanente schade kan veroorzaken.Bij installatie op een open onderkast met deurtjes moet in ieder geval onder dekookplaat een scheidingspaneel worden geplaatst. Bewaar een minimaleafstand van 10 mm tussen de onderkant van het toestel en het oppervlak vanhet scheidingspaneel, dat bovendien makkelijk verwijderbaar moet zijn omvoldoende toegang te laten in geval technische assistentie noodzakelijk is.
Aanwijzingen voor de installateur84Plaats zorgvuldig de bijgeleverde isolerende pakking op de externe omtrek vanhet gat dat gemaakt werd in het bovenblad, zoals wordt aangeduid in deonderstaande afbeeldingen, en zorg ervoor dat het goed hecht door er op tedrukken met uw vingers. Raadpleeg de posities die aangeduid worden in deafbeelding, in functie van het model van blad dat geplaatst moet worden, en houer rekening mee dat voor beide modellen de langste zijde net het gat moetraken. Bevestig de kookplaat op de structuur met behulp van de daarvoorbestemde bijgeleverde beugels A. Snij de rand van de pakking B die te veel iszorgvuldig af. De posities van de volgende tekening verwijzen vanaf het gat totde binnenkant van de pakking.In de afbeelding hiernaast worden deexacte gaten aangeduid die gebruiktmoeten worden om de plaat correctop het werkblad te bevestigen.
Aanwijzingen voor de installateur858. ELEKTRISCHE AANSLUITINGControleer of het voltage en de afmetingen van de stroomtoevoerlijnovereenstemmen met de kenmerken die aangeduid worden op het plaatje diezich onder de carter van het toestel bevindt. Dit plaatje mag in geen gevalworden verwijderd. De stekker van de stroomkabel en het stopcontact moeten van hetzelfde typeen conform de van kracht zijnde normen betreffende de elektrische installatieszijn. Controleer of de stroomtoevoerlijn voorzien is van een geschikte aarding. Doe de stroomkabel achteraan het meubel passeren, en let op dat hij niet incontact komt met de onderste carter van de kookplaat of met een eventueledaaronder ingebouwde oven.
Wanneer een vaste aansluiting gebruikt wordt, moet op de toevoerlijn van hettoestel een omnipolair onderbrekingsmechanisme aanwezig zijn metopeningsafstand van de contacten die gelijk of groter is dan 3 mm, op eenpositie die makkelijk bereikbaar is en die zich nabij het toestel bevindt. Vermijd het gebruik van adapters, reducties of aftakkingen. In geval de stroomkabel wordt vervangen,mag de doorsnede van de draden van denieuwe kabel niet kleiner zijn dan 0,75 mm2(kabel van 3 x 0,75), door er mee rekeningte houden dat het uiteinde dat op hettoestel moet aangesloten worden eenaardedraad moet hebben (geel-groen) dieminstens 20 mm langer is. Gebruik uitsluitend een kabel van het type H05V2V2-F of analoog die bestand istegen een maximum temperatuur van 90°C.
De vervanging moet uitgevoerdworden door een bevoegd technicus, die de aansluiting op het net moetuitvoeren volgens het onderstaande schema. L = bruinN = blauw = geel-groenDe vervanging van de stroomkabel moet uitgevoerd worden door personeel vaneen erkend assistentiecentrum, zodat eender welk risico vermeden wordt.
Aanwijzingen voor de installateur869. GASAANSLUITINGAls het toestel geïnstalleerd wordt op een oven moet vermeden worden dat degasleiding achteraan de oven passeert, zodat oververhittingen wordenvermijden.De aansluiting op het gasnet kan uitgevoerd worden met een vaste koperen buisof met een flexibele stalen buis op een rechte wand, en volgens de voorschriftendie aangeduid worden door de van kracht zijnde norm. Om de aansluiting tevergemakkelijken kan de verbinding A op het achterste deel van het toestelzijdelings gericht worden; los de zeskantmoer B, draai de verbinding A in degewenste positie, en draai de zeskantmoer B weer vast (de dichting wordtverzekerd door een rubberen pakking). Controleer na de handeling of dedichting perfect is, door gebruik te maken van een zeepoplossing maar nooitmet een vlam. De kookplaat werd gekeurd voor methaan G20 (2H) aan eendruk van 20 mbar.
Raadpleeg voor de voeding met andere gastypes hethoofdstuk “10. AANPASSING AAN DE VERSCHILLENDE GASTYPES”. Detoevoerverbinding van het gas heeft een schroefdraad ½” gas extern (ISO 228-1).Aansluiting met een vaste koperen buis: Deaansluiting op het gasnet moet zodanig uitgevoerdworden dat op het toestel geen belastingenveroorzaakt worden.
De aansluiting kan uitgevoerdworden door gebruik te maken van de adaptergroepD met dubbelkegel, maar door steeds debijgeleverde pakking C aan te brengen.Aansluiting met een flexibele stalen buis: Gebruikenkel buizen in roestvrij staal op de rechte wandconform de van kracht zijnde norm, door steeds debijgeleverde pakking C te plaatsen tussen deverbinding A en de flexibele buis E.Het aansluiten met een flexibele buis moet zodanig uitgevoerd worden dat delengte van de bebuizing niet langer is dan 2 meter van de maximale uitrekking;controleer of de buizen niet in aanraking komen met bewegende delen ofverpletterd worden.
Aanwijzingen voor de installateur879.1 Aansluiting op vloeibaar gasGebruik een drukregelaar en realiseer de aansluiting op de gasfles volgens devoorschriften die bepaald worden door de van kracht zijnde normen.Controleer of de druktoevoer de waarden respecteert die worden aangeduid inde tabel in de paragraaf “10.3 Tabel met kenmerken van de branders en destraalpijpen”.9.2 Ventilatie van de ruimteHet toestel mag enkel in permanent geventileerde ruimten wordengeïnstalleerd, zoals voorzien wordt door de van kracht zijnde normen. In deruimte waar het toestel geïnstalleerd is, moet een voldoende luchttoevoeraanwezig zijn die nodig is voor de regelmatige gasverbranding en deluchtverversing van de ruimte zelf.
De luchtinlaatopeningen, die beschermdworden door roosters, moeten afmetingen conform de van kracht zijnde normenhebben, en moeten zodanig geplaatst zijn dat ze niet, ook niet gedeeeltelijk,verstopt worden.De ruimte moet goed geventileerd worden zodat de hitte en de vochtigheidgeëlimineerd worden die geproduceerd worden door de bereidingen: vooralnadat het toestel voor lange tijd niet gebruikt werd, wordt aanbevolen om eenvenster te openen of om de snelheid van eventuele ventilatoren te verhogen.9.3 Afvoer van de verbrandingsproductenDe afvoer van de verbrandingsproducten moet verzekerd worden door middelvan een afzuigkap die verbonden is met een rookkanaal met een efficiënte trekof met een geforceerde af zuigsysteem moet zorgvuldigzuiging.
Een efficiënt afontworpen worden door een bevoegde specialist, en moet uitgevoerd wordendoor de posities en de afstanden te respecteren die voorzien worden door denormen. Na de handeling moet de installateur een conformiteitscertificaatafgeven.
AANPASSING AAN DE VERSCHILLENDE GASTYPESVoordat de volgende handelingen uitgevoerd worden, moet de stroomtoevoer naarhet toestel uitgeschakeld worden.De kookplaat werd gekeurd voor methaan G20 (2H) aan een druk van 20 mbar.Wanneer andere gastypes worden gebruikt, moeten de straalpijpen op de brandersvervangen worden en moet de primaire lucht geregeld worden.Voor de vervanging van de straalpijpen en de regeling van de branders moet het vlakverwijderd worden zoals beschreven wordt in de volgende paragraaf.10.1 Verwijdering van het vlakVerwijder alle onderdelen van de brander door de numerieke sequentie terespecteren die aangeduid wordt in de onderstaande afbeeldingen:• Verwijder alle draaiknoppen (1) door ze omhoog te trekken;• Verwijder de roosters (2) door ze op te tillen;• Verwijder alle onderdelen van de branders van de plaat (3 - 4);• Draai de schroeven (5) los die de branderhouders bevestigen;• Nadat alle onderdelen werden verwijderd die hierboven worden aangeduid, moet hetvlak opgeheven worden zodat de branders en de gaskranen kunnen bereikt worden.10.2 Vervanging van de straalpijpen van de kookplaatLos de regelschroef C en duw de luchtregelaar D helemaalin.
Verwijder met behulp van een sleutel van 7 mm destraalpijp E, en vervang deze met een geschikte straalpijpdoor de aanwijzingen te volgen die aangeduid worden inde referentietabellen voor het te gebruiken gas. Hetaanhaalkoppel van de straalpijp mag niet meer dan 3 Nmbedragen. Regel de lucht door middel van de regelaar D totde afstand “X” wordt verkregen die aangeduid wordt in detabel in de paragraaf “10.4 Regeling van de primaire lucht”.Blokkeer de regelaar D door de schroef C vast te draaien.
Aanwijzingen voor de installateur9110.4 Regeling van de primaire luchtBetreffende de afstand “X” in mm.BRANDER G30/G3130 mbarG2020 mbarG2525 mbarG30/G3128/37 mbarG20/2520/25 mbarHulpbrander 7 1 1 7 1Halfsnelle brander 2 20.5 0.5 0.5Middelgroote snelle brander 2 1 1 2 1Grote snelle brander 10 1.5 1.5 10 1.5Om de branders van uw kookplaat de identificeren, moeten de tekeningen in deparagraaf “10.7 Plaats van de branders op de kookplaat” geraadpleegd worden.Als, na de regeling van de lucht, de vlam als volgt is (raadpleeg de afbeelding):moeten de volgende wijzigingen uitgevoerd worden:A: de vlam is "lawaaierig", onstabiel en "komt los" van de brander: de primairelucht werd teveel geopend.B: De vlam is mat, niet helder of met gele punten, en "omwikkelt" de brander: deprimaire lucht werd teveel gesloten.C: De vlam is azuurblauw, helder en stabiel, "komt niet los" en "omwikkelt" debrander niet: de lucht werd correct geregeld.10.5 Regeling van het minimum voor stadsgas en voor methaanPlaats de onderdelen weer op de brander enplaats de draaiknoppen op de stangetjes vande kranen.Schakel de brander aan en plaats de knop opde minimum positie .Verwijder de draaiknop weer, en handel op deregelschroef in of naast het stangetje van dekraan (afhankelijk van het model) tot eenregelmatige minimum vlam wordt verkregen.Monteer de draaiknop weer, en controleer destabiliteit van de vlam van de brander (als deknop snel van het maximum naar het minimumgedraaid wordt, mag de vlam niet uitgaan).
Aanwijzingen voor de installateur9210.6 Regeling van het minimum voor vloeibaar gasVoor de regeling van het minimum met vloeibaar gas moet de schroef in ofnaast het stangetje van de kraan (afhankelijk van het model) helemaal inwijzerszin gedraaid worden.De diameters van de by-pass voor elke brander worden aangeduid in de tabel“10.3 Tabel met kenmerken van de branders en de straalpijpen”.Na de regeling met een ander gas dan hetgene van de keuring moet het etiketop de carter van het toestel vervangen worden met dat van het nieuwe gas. Hetetiket bevindt zich in het zakje met de bijgeleverde straalpijpen.10.7 Plaats van de branders op de kookplaatType van brander1 Hulpbrander2 Halfsnelle brander3 Snelle brander Medium4 Snelle brander Groot10.8 Smering van de gaskranenHet kan zijn dat de gaskranen mettertijd moeilijk draaien en geblokkeerd raken.Reinig ze intern en vervang het smeervet.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Smeg P755SNBN stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Smeg
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis