Smeg B91GMXNL Handleiding

Smeg Fornuis B91GMXNL

Bekijk gratis de handleiding van Smeg B91GMXNL (32 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 23 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Smeg B91GMXNL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/32
Inhoudsopgave
3
NL
1 Waarschuwingen4
1.1 Algemene veiligheidswaarschuwingen4
1.2 Identificatieplaatje5
1.3 Aansprakelijkheid van de constructeur5
1.4 Beoogd gebruik5
1.5 Verwerking5
1.6 Deze gebruiksaanwijzing6
1.7 Wegwijs in de gebruiksaanwijzing6
2 Beschrijving7
2.1 Algemene beschrijving7
2.2 Kookplaat7
2.3 Bedieningspaneel8
2.4 Andere onderdelen8
2.5 Beschikbare accessoires9
3 Gebruik10
3.1 Waarschuwingen10
3.2 Eerste gebruik11
3.3 Gebruik van de accessoires11
3.4 Het gebruik van de kookplaat12
3.5 Gebruik van de bergruimte13
3.6 Het gebruik van de oven13
3.7 Advies voor bereidingen15
3.8 Klok programmeereenheid17
4 Reiniging en onderhoud21
4.1 Waarschuwingen21
4.2 Reiniging van het toestel21
4.3 Demontage van de deur22
4.4 Reiniging van de ruiten van de deur23
4.5 De reiniging van de binnenkant van de oven23
4.6 Buitengewoon onderhoud24
5 Installatie25
5.1 Gasaansluiting25
5.2 Aanpassing aan de verschillende gastypes29
5.3 Elektrische aansluiting31
5.4 Plaatsing32
We raden aan deze handleiding aandachtig door te lezen, omdat ze alle aanwijzingen
bevat om de esthetische en functionele kwaliteiten van het toestel te behouden.
Raadpleeg de website voor verdere informatie over dit product: www.smeg.com

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Smeg
Categorie: Fornuis
Model: B91GMXNL
Soort bediening: Buttons, Rotary
Vermogen grill: 2900 W
Kleur van het product: Roestvrijstaal
Ingebouwd display: Ja
Timer: Ja
Breedte: 898 mm
Diepte: 600 mm
Hoogte: 910 mm
Grill: Ja
Energie-efficiëntieklasse: B
Convectie koken: Ja
Ontdooifunctie: Ja
Vermogen brander/kookzone 2: 1800 W
Vermogen brander/kookzone 3: 3000 W
Vermogen brander/kookzone 1: 1000 W
Aantal branders/kookzones: 5 zone(s)
Type kookplaat: Gaskookplaat
Electronische ontsteking: Ja
Type brander/kookzone 1: Klein
Type brander/kookzone 2: Medium
Type brander/kookzone 3: Groot
Totale binnen capaciteit (ovens): 103 l
Voedingsbron oven: Electrisch
Aantal ovens: 1
Aantal gaspitten: 5 zone(s)
Controle positie: Voorkant
Aangesloten lading (elektrisch): 3000 W
Verwijderbare oven deur: Ja
Hoeveelheid glazendeur panelen: 1
Koken: Ja
Totaal vermogen van de oven: - W
Netto capaciteit oven: 103 l
Thermostaatbereik oven: 50 - 260 °C
Type timer: Digitaal
Verstelbare voeten: Ja
Brutocapaciteit oven: 103 l
Auto-off timer koks voedsel veilig: Ja
Type brander/kookzone 4: Extra groot
Vermogen brander/kookzone 4: 4000 W
Oven vermogen: - W
Type product: Vrijstaand fornuis

Handleiding Smeg B91GMXNL – volledige tekst

Inhoudsopgave3NL1 Waarschuwingen 41.1 Algemene veiligheidswaarschuwingen 41.2 Identificatieplaatje 51.3 Aansprakelijkheid van de constructeur 51.4 Beoogd gebruik 51.5 Verwerking 51.6 Deze gebruiksaanwijzing 61.7 Wegwijs in de gebruiksaanwijzing 62 Beschrijving 72.1 Algemene beschrijving 72.2 Kookplaat 72.3 Bedieningspaneel 82.4 Andere onderdelen 82.5 Beschikbare accessoires 93 Gebruik 103.1 Waarschuwingen 103.2 Eerste gebruik 113.3 Gebruik van de accessoires 113.4 Het gebruik van de kookplaat 123.5 Gebruik van de bergruimte 133.6 Het gebruik van de oven 133.7 Advies voor bereidingen 153.8 Klok programmeereenheid 174 Reiniging en onderhoud 214.1 Waarschuwingen 214.2 Reiniging van het toestel 214.3 Demontage van de deur 224.4 Reiniging van de ruiten van de deur 234.5 De reiniging van de binnenkant van de oven 234.6 Buitengewoon onderhoud 245 Installatie 255.1 Gasaansluiting 255.2 Aanpassing aan de verschillende gastypes 295.3 Elektrische aansluiting 315.4 Plaatsing 32We raden aan deze handleiding aandachtig door te lezen, omdat ze alle aanwijzingen bevat om de esthetische en functionele kwaliteiten van het toestel te behouden.Raadpleeg de website voor verdere informatie over dit product: www.smeg.com

Waarschuwingen41 Waarschuwingen1. 1 Algemene veiligheidswaarschuwingenPersoonlijk letsel• Het toestel en de bereikbare delen ervan worden heel warm tijdens het gebruik. • Raak geen verwarmde delen aan tijdens gebruik van het toestel. • Houd kinderen jonger dan 8 jaar die niet onder toezicht staan verwijderd van het toestel. • Laat kinderen niet spelen met het toestel. • Gebruik van dit toestel door kinderen vanaf 8 jaar, personen met beperkte fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of met een gebrek aan ervaring of kennis is alleen toegestaan onder toezicht en begeleiding van volwassenen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid. • Plaats geen metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels of deksels op het toestel tijdens gebruik ervan. • Schakel het toestel uit na gebruik ervan.

• Probeer geen vlammen/brand te doven met water: schakel het toestel uit en bedek de vlam met een deksel of een brandwerende deken. • Werkzaamheden voor schoonmaak en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen die niet onder toezicht staan. • Laat de installatie en technische interventies uitvoeren door gekwalificeerd personeel overeenkomstig de geldende normen. • Voer geen wijzigingen uit op het toestel. • Plaats geen metalen en puntige voorwerpen (bestek of gereedschappen) in de spleten van het toestel. • Probeer nooit om zelf het toestel te repareren, zonder tussenkomst van een gekwalificeerde technicus. • Als de stroomkabel beschadigd is, moet men onmiddellijk contact opnemen met de technische dienst die voor de vervanging van de kabel zal zorgen. • Open de bergruimte niet wanneer de oven ingeschakeld of warm is.

• De voorwerpen in de bergruimte kunnen erg heet zijn tijdens het gebruik van de oven. Beschadiging van het toestel• Gebruik geen schurende of bijtende middelen op de glazen onderdelen (bijv. poeders, ontvlekkers of metaalsponsjes).

Waarschuwingen5NL• Gebruik eventueel houten of plastic gereedschappen. • Ga niet op het toestel zitten. • Reinig het toestel niet met een stoomreiniger. • Zorg er voor dat de openingen en de spleten voor de ventilatie en de warmte-afvoer niet verstopt raken. • Laat het toestel niet onbewaakt achter tijdens bereidingen waarbij vetten en oliën kunnen vrijkomen. • Laat geen voorwerpen achter op de kookoppervlakken. • Gebruik het toestel nooit om de ruimte te verwarmen. • Verwijder voedselresten of gemorste sporen van vroegere bereidingen binnenin de oven. Voor dit toestel• Vóór u de lamp vervangt, moet u de stroomtoevoer van het toestel uitschakelen. • Ga niet steunen of zitten op de geopende deur van het toestel. • Controleer of er geen voorwerpen in de deur vastzitten. 1. 2 Identificatieplaatje• Het identificatieplaatje bevat de technische gegevens, het serienummer en de markering.

Het plaatje mag in geen geval worden verwijderd. 1. 3 Aansprakelijkheid van de constructeurDe constructeur kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade aan personen en voorwerpen tengevolge:• ander gebruik van het toestel dan wordt voorzien;• het niet in acht nemen van de voorschriften van de gebruiksaanwijzing;• het forceren van ook slechts één deel van het toestel;• gebruik van niet-originele reserveonderdelen. 1. 4 Beoogd gebruik• Dit toestel is bestemd voor het bereiden van voedsel in een huisgezin. Elk ander gebruik is oneigenlijk. • Het toestel is niet ontworpen om te functioneren met externe kookwekkers of systemen voor afstandsbediening. 1. 5 VerwerkingHet toestel moet gescheiden ingezameld worden (richtlijnen 2002/95/EG, 2002/96/EG, 2003/108/EG).

Het product bevat geen delen die als gevaarlijk voor de gezondheid en het milieu worden beschouwd, conform de actuele Europese Richtlijnen. Verwerking van het toestel:• Verwijder de elektrische kabel en de stekker.

Waarschuwingen6• De gebruiker moet het toestel dus aan het einde van het gebruik toekennen aan geschikte centra voor de gescheiden inzameling van elektrisch en elektronisch afval, of het overhandigen aan de verkoper wanneer een nieuw gelijkaardig toestel wordt gekocht.Het toestel zit verpakt in milieuvriendelijke en recyclebaar materialen.• Breng het verpakkingsmateriaal naar de betreffende centra voor afvalverwerking.1.6 Deze gebruiksaanwijzingDeze gebruiksaanwijzing is een integrerend deel van het toestel en moet gedurende de volledige levensduur intact en op een gemakkelijk bereikbare plaats worden bewaard.Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig vóór installatie.1.7 Wegwijs in de gebruiksaanwijzingIn deze gebruiksaanwijzing komen de volgende begrippen voor:1.

Volgorde van de gebruiksaanwijzingen.• Enkele gebruiksaanwijzing.Plastic verpakkingGevaar voor verstikking• Laat de verpakking, of delen ervan, niet onbewaakt achter.• Laat kinderen niet spelen met de plastic zakken van de verpakking.WaarschuwingenAlgemene waarschuwingen in verband met de gebruiksaanwijzing, veiligheid en verwerking van afgedankte producten.BeschrijvingBeschrijving van het toestel en de accessoires.GebruikInformatie over het gebruik van het toestel en de accessoires, kooktips.Reiniging en onderhoudInformatie over correcte schoonmaak en onderhoud van het toestel.InstallatieInformatie voor gekwalificeerde technici: installatie, inbedrijfstelling en keuring.VeiligheidswaarschuwingenInformatieSuggestie

Beschrijving82.3 BedieningspaneelKlok (1)Handig om het huidige uur te zien, bereidingen te programmeren en de timer in te stellen.Temperatuurknop (2)Met deze knop kan de temperatuur van de bereiding geselecteerd worden.Draai de knop in wijzerzin op de gewenste waarde tussen het minimum en het maximum.Controlelamp (3)Licht op om te melden dat de oven zich in de verwarmingsfase bevindt. Wordt uitgeschakeld als de temperatuur is bereikt. Een regelmatige intermittentie geeft aan dat de ingestelde temperatuur in de oven constant wordt gehouden.Functieknop (4)De verschillende functies van de oven zijn geschikt voor verschillende bereidingswijzen.

Nadat u de gewenste functie heeft geselecteerd, moet u de kooktemperatuur instellen met de temperatuurknop.Knoppen branders van de plaat (5)Nuttig voor de inschakeling en de regeling van de branders van de plaat.Druk op de knoppen, en draai deze linksom op de waarde om de overeenkomstige branders te ontsteken. Om de vlam te regelen, moet de knop in de zone tussen het maximum en het minimum gedraaid worden.Om de branders uit te schakelen, moeten de knoppen op positie geplaatst worden.2.4 Andere onderdelenPlaatsbare vlakkenHet toestel beschikt over vlakken om roosters en ovenschalen op verschillende hoogtes te plaatsen. De plaatsbare hoogtes worden begrepen van laag naar hoog (zie 2.1 Algemene beschrijving).

Beschrijving9NLKoelventilatorDe ventilator zorgt voor de afkoeling van het toestel, en wordt tijdens de bereiding in werking gesteld.De werking van de ventilator veroorzaakt een normale luchtstroom die vooraan het toestel uitkomt, en die ook na de uitschakeling van de oven een korte periode ingeschakeld kan blijven.Interne verlichtingDe interne verlichting van de ovens wordt ingeschakeld zodra u een functie selecteert of als de deur van de oven wordt geopend.2.5 Beschikbare accessoiresRoosterNuttig voor het plaatsen van recipiënten met voedsel in bereiding.OvenschaalNuttig om vet op te vangen afkomstig van voedsel op het bovenstaande rooster, of om taarten, pizza's en gebak te bakken.Reductierooster WokNuttig voor het gebruik van een Wok.Op sommige modellen zijn niet alle accessoires aanwezig.De accessoires die in contact kunnen komen met het voedsel zijn gemaakt van materialen conform de van kracht zijnde wetsbepalingen.De bijgeleverde of optionele accessoires zijn verkrijgbaar bij erkende verkopers.

Gebruik103 Gebruik3.1 WaarschuwingenHet toestel wordt heel warm tijdens gebruik.Gevaar op verbranding• Houd de deur dicht tijdens gebruik.• Bescherm de handen met ovenwanten bij het hanteren van voedsel in de oven.• Raak de verwarmingselementen in het toestel niet aan.• Giet geen water rechtstreeks op hete ovenschalen.• Houd kinderen van jonger dan 8 jaar uit de buurt wanneer het toestel in werking is.• Als er bewerkingen nodig zijn aan de etenswaren of aan het einde van de bereiding, opent u een aantal seconden lang de deur 5 centimeter, zodat de stoom ontsnapt.

Vervolgens kunt u de deur volledig openen.De temperatuur in de bergruimte kan hoog oplopen.Gevaar op verbranding• Open de bergruimte niet wanneer de oven ingeschakeld of warm is.• De voorwerpen in de bergruimte kunnen erg heet zijn tijdens het gebruik van de oven.Incorrect gebruikGevaar op verbranding• Controleer of de vlamverdelers met de respectievelijke deksels correct gepositioneerd zijn in de zittingen.• Hete vetten en oliën kunnen vlam vatten.

Let erg goed op.Hoge temperatuur in de bergruimte tijdens het gebruikBrand- en ontploffingsgevaar• Sproei geen spuitbussen in de nabijheid van de oven.• Gebruik of laat geen ontvlambaar materiaal achter nabij de oven of in de bergruimte.• Gebruik geen vaatwerk of plastic houders om voedsel te bereiden.• Plaats geen dichte schotels of houders in de oven.• Laat het toestel niet onbewaakt achter tijdens bereidingen waar vetten en oliën kunnen vrijkomen.• Verwijder alle ongebruikte ovenschalen en roosters uit de ovenruimte tijdens gebruik.

Gebruik11NL3.2 Eerste gebruik1. Verwijder eventueel aanwezige beschermende folie aan de binnen- en buitenzijde van het toestel en de accessoires.2. Verwijder eventuele etiketten (behalve het plaatje met de technische gegevens) van de accessoires en uit de ovenruimten.3. Verwijder en was alle accessoires van het toestel (zie 4 Reiniging en onderhoud).4.

Verwarm de oven op de maximale temperatuur om eventuele productieresten te verwijderen.3.3 Gebruik van de accessoiresRoosters en ovenschalenRoosters en ovenschalen moeten in de zijgeleiders worden geplaatst tot aan het eindpunt.• De mechanische veiligheidsblokkeringen om ongewenste verwijdering van de roosters te voorkomen moeten naar beneden en naar de binnenzijde van de oven gericht zijn.Incorrect gebruikBeschadiging van de oppervlakken• Bedek de bodem van de ovenruimte niet met aluminiumfolie.• Bij gebruik van bakpapier moet u er voor zorgen dat de circulatie van de warme lucht in de oven er niet door wordt verhinderd.• Plaats geen potten of ovenschalen rechtstreeks op de bodem van de ovenruimte.• Gebruik de open deur niet als steun voor potten of schalen te plaatsen op het binnenglas.• De recipiënten en de vleesroosters moeten binnen de omtrek van de kookplaat geplaatst worden.

• Alle recipiënten moeten een effen en regelmatige bodem hebben.• In geval van overstroming moet de vloeistof onmiddellijk van de kookplaat verwijderd worden.Plaats de roosters en de schalen helemaal in de oven, tot ze vast komen te zitten.Maak de ovenschalen schoon voor het eerste gebruik, om eventuele productieresten te verwijderen.

Gebruik12Rooster voor ovenschaalDe ovenschaal wordt op het rooster geplaatst. Zo wordt het vet apart van het voedsel opgevangen tijdens de bereiding.ReductieroostersDe reductieroosters moeten op de roosters van de kookplaat gelegd worden. Controleer dat deze correct gepositioneerd zijn.3.4 Het gebruik van de kookplaatAlle bedieningen en schakelaars bevinden zich op het frontpaneel. Naast elke knop wordt de bijhorende brander aangeduid. Het toestel is voorzien van een elektronisch ontstekingsmechanisme. Het is voldoende om op de knop te drukken en hem linksom te draaien op het symbool van de maximale vlam, tot de brander wordt ingeschakeld. Als de brander niet wordt ontstoken binnen 15 seconden, moet de knop op geplaatst worden en moet 60 seconden gewacht worden tot de volgende poging.

Na de ontsteking moet de knop enkele seconden ingedrukt gehouden worden, zodat het thermokoppel kan opwarmen. Het kan voorvallen dat de brander uitgaat wanneer de knop wordt losgelaten: dit betekent dat het thermokoppel onvoldoende is opgewarmd. Wacht enkele ogenblikken, en herhaal de handeling. Houd de knop langer ingedrukt.In geval van een toevallige uitschakeling zorgt een veiligheidssysteem voor de blokkering van de gaslevering, ook wanneer de kraan open staat. Plaats de knop op en wacht minstens 60 seconden om nogmaals te ontsteken.

Gebruik13NLCorrecte positie van de vlamverdelers en van de dekselsVoordat de branders van de kookplaat ingeschakeld worden, moet gecontroleerd worden of de vlamverdelers correct gepositioneerd zijn met de respectievelijke deksels. Let op dat de openingen 1 van de vlamverdelers overeenstemmen met de vonkontstekers en de thermokoppels .3 2Praktisch advies voor het gebruik van de kookplaatVoor een optimaal rendement van de branders en een minimaal gasverbruik moeten recipiënten gebruikt worden met een deksel en die geschikt zijn voor de brander, om te voorkomen dat de vlam langs de zijkanten lekt.Wanneer de vloeistof begint te koken, moet de vlam zodanig verminderd worden om te vermijden dat de vloeistof overkookt.3.5 Gebruik van de bergruimteOnderaan het fornuis is er een bergruimte die toegankelijk is door de handgreep naar u toe te trekken.

Deze bergruimte is geschikt om potten en pannen of metalen voorwerpen voor gebruik met het toestel te bewaren.3.6 Het gebruik van de ovenInschakelen van de ovenOm de oven in te schakelen:1. Selecteer de gewenste bereidingsfunctie met de functieknop.2. Selecteer de gewenste temperatuur met de temperatuurknop.Diameter van de recipiënten:• Hulpbrander: 12 - 14 cm.• Halfsnelle brander: 16 - 24 cm.• Snelle brander: 18 - 26 cm.• Zeer snelle brander: 20 - 26 cm.Regelmatige knipperingen van de controlelamp van de thermostaat tijdens de bereiding zijn normaal, en duidt aan dat de temperatuur in de oven constant wordt gehouden.

Gebruik14Lijst van de functiesStatischDe warmte wordt gelijktijdig bovenaan en onderaan afgegeven, en maakt dit systeem geschikt voor het bereiden van speciale types van voedsel. De traditionele bereiding, die ook statisch wordt genoemd, is geschikt voor het klaarmaken van één gerecht per keer. Het is ideaal voor alle types van gebraden, brood en gevulde taarten, en het is vooral geschikt voor vet vlees zoals gans en eend.OnderwarmteDe warmte, die enkel van onderaan komt, eindigt de bereiding van voedsel dat een hogere basistemperatuur nodig heeft, zonder gevolgen voor het bruin braden.

Ideaal voor gebak of hartige taarten, vlaaien en pizza.Grill + draaispitHet draaispit werkt in combinatie met het grill element, zodat het voedsel een perfect goudbruine kleur krijgt.GrillMet de warmte die van het grill element komt, kunnen uitstekende resultaten bereikt worden zoals het roosteren van dun en iets dikker vlees, en in combinatie met het draaispit (waar voorzien) wordt op het einde van de bereiding een uniforme goudbruine kleur verkregen. Ideaal voor worsten, ribbetjes en bacon. Met deze functie kan een grote hoeveelheid voedsel, en vooral vlees, uniform gegrild worden.Geventileerde grillDe lucht afkomstig van de ventilator verzacht de warmtegolven die worden verkregen door de grill, zodat ook dik voedsel uitstekend wordt gegrild. Ideaal voor grote stukken vlees (bijv.

varkensscheenbeen).Statisch+ventilator (enkel op sommige modellen)De werking van de ventilator, gecombineerd met de traditionele bereiding, verzekert ook voor ingewikkelde recepten homogene bereidingen. Ideaal voor koekjes en taarten, die ook gelijktijdig op meerdere niveaus kunnen bereid worden. (Voor bereidingen op meerdere niveaus wordt aanbevolen om het 2de en het 4de vlak te gebruiken).

Gebruik15NL3.7 Advies voor bereidingenAlgemeen advies• Gebruik de geventileerde functie om een gelijkmatige bereiding te bekomen op verschillende niveaus.• Algemeen gezien is het niet mogelijk om de kooktijden te verkorten door de temperatuur te verhogen (het voedsel zou aan de buitenkant goed gebakken kunnen zijn, maar binnenin minder).Advies voor het bereiden van vleesgerechten• De kooktijden hangen af van de dikte en van de kwaliteit van het voedsel, en van de smaak van de consument.• Gebruik een vleesthermometer voor gebraad, of druk met een lepel op het gebraad.

Als het gebraad stevig aanvoelt is het klaar, anders moet de bereiding nog een aantal minuten doorgaan.Advies voor bereidingen met de grill en de geventileerde grill• Het grillen van vlees kan zowel uitgevoerd worden bij koude als bij voorverwarmde oven, als het resultaat van de bereiding moet gewijzigd worden.• Bij de functie van de geventileerde grill wordt daarentegen aanbevolen om de oven eerst voor te verwarmen.• Er wordt aanbevolen om het voedsel in het midden van het rooster te plaatsen.• In de grillfunctie is het aanbevolen om de temperatuurknop op de hoogste waarde in te stellen (symbool ), voor een optimale bereiding.CirculatieMet de combinatie van de ventilator en de circulatieweerstand (ingebouwd in de achterkant van de oven) kan verschillend voedsel op meerdere vlakken bereid worden waarvoor dezelfde temperatuur en hetzelfde type van bereiding nodig is.

De warmeluchtcirculatie verzekert een onmiddellijke en uniforme verdeling van de warmte. Het zal bijvoorbeeld mogelijk zijn om gelijktijdig (op meerdere vlakken) vis, groenten en koekjes klaar te maken, zonder dat de geur en de smaak zal vermengd worden.OntdooienHet ontdooien wordt bevorderd door de activering van de daarvoor bestemde schroef en de weerstand bovenaan, die een uniforme verdeling van de lucht aan een lage temperatuur in de oven garanderen.

Gebruik16• Het voedsel moet gekruid worden voordat het wordt bereid. Ook olie of vloeibare boter moet vóór de bereiding toegevoegd worden. • Gebruik de ovenschaal op het eerste vlak onderaan om de vloeistoffen afkomstig van het grillen op te vangen. • De duur van de bereiding met de grill in de multifunctionele ovens en eventuele hulpovens mag respectievelijk nooit meer dan 60 minuten en 30 minuten bedragen. Advies voor het bereiden van gebak en koekjes• Gebruik bij voorkeur metalen en donkerkleurige bakvormen; deze helpen de warmte beter te absorberen. • De temperatuur en de tijdsduur van de bereiding hangen af van de kwaliteit en de dikte van het deeg. • U kunt nagaan of het gebak voldoende gebakken is binnenin door een tandenstoker in het hoogste deel te prikken. Wanneer het deeg niet aan de tandenstoker blijft plakken, is het gebak klaar.

• Wanneer het gebak verslapt wanneer het uit de oven wordt gehaald, moet bij de volgende bereiding de temperatuur ongeveer 10ºC lager worden ingesteld, en moet eventueel een langere kooktijd geselecteerd worden. • Tijdens het bereiden van gebak of groenten kan excessief condens op de ruit gevormd worden. Om dit te vermijden, opent u de deur enkele keren zeer voorzichtig tijdens de bereiding. Advies voor het ontdooien en het rijzen• Er wordt aangeraden om het ingevroren voedsel zonder de verpakking in een recipiënt zonder deksel te plaatsen, op het eerste niveau van de oven. • Vermijd opeenstapeling van voedingsmiddelen. • Om vlees te ontdooien kunt u een rooster gebruiken op het tweede niveau, en een ovenschaal op het eerste niveau. Op deze manier blijft het voedsel niet in contact met de vloeistof van de ontdooiing. • De meest delicate delen kunnen bedekt worden met aluminiumfolie.

• Voor het rijzen wordt aanbevolen om onderin de oven een bakje met water te zetten. Om energie te besparen• Stop de bereiding enkele minuten voordat de normale kooktijd verstrijkt.

Gebruik17NL3.8 Klok programmeereenheid1 Toets timer kookwekker2 Toets duur bereiding3 Toets einde bereiding4 Toets afname waarde5 Toets toename waardeInstelling van het uurBij het eerste gebruik of na een stroomonderbreking zullen de cijfers op het display van het toestel knipperen.1. Druk tegelijkertijd op de toetsen en . De stip tussen de uren en de minuten knippert.2. Met de toetsen of kan het uur ingesteld worden. Hou de toets ingedrukt om snel vooruit te gaan.3. Druk op de toets of wacht 5 seconden. De stip tussen de uren en de minuten stopt met knipperen.4. Het symbool op het display duidt aan dat het toestel klaar is om de bereiding te starten.Bereiding met tijdsinstelling1. Selecteer bereidingsfunctie en -temperatuur, en druk op de toets . Het display zal de cijfers en het symbool weergeven tussen de uren en de minuten.2.

Druk op de toetsen of om de gewenste minuten in te stellen.3. Wacht ongeveer 5 seconden zonder op een toets te drukken om de functie te activeren. Op het display verschijnt het actuele uur samen met de symbolen en .4. Na de bereiding worden de verwarmingselementen gedesactiveerd. Op het display wordt het symbool uitgeschakeld, knippert het symbool en wordt een geluidssignaal geactiveerd.5. Om het geluidssignaal uit te schakelen, moet op eender welke toets van de klok van de programmeereenheid gedrukt worden.6. Druk gelijktijdig op de toetsen en om de klok van de programmeereenheid te resetten.Met bereiding met tijdsinstelling wordt de functie bedoeld waarmee u met de bereiding kunt beginnen, en deze na een ingestelde tijd kan doen eindigen.Het is niet mogelijk om een bereidingsduur van langer dan 10 uren in te stellen.

Gebruik18Geprogrammeerde bereiding1. Stel de bereidingsduur in zoals beschreven werd in de vorige paragraaf “Bereiding met tijdsinstelling” .2. Druk op de toets . Op het display verschijnt de som van het actuele uur en de eerder ingestelde bereidingsduur.3. Druk op de toetsen of om de gewenste minuten in te stellen.4. Wacht ongeveer 5 seconden zonder op een toets te drukken om de functie te activeren. Op het display verschijnt het actuele uur samen met de symbolen en .5. Na de bereiding worden de verwarmingselementen gedesactiveerd. Op het display wordt het symbool uitgeschakeld, knippert het symbool en wordt een geluidssignaal geactiveerd.6. Om het geluidssignaal uit te schakelen, moet op eender welke toets van de klok van de programmeereenheid gedrukt worden.7.

Druk gelijktijdig op de toetsen en om de klok van de programmeereenheid te resetten.Wanneer u na de instelling de resterende tijd wilt weergeven, moet u op de toets drukken.Om de ingestelde programmering op nul te stellen, moet gelijktijdig op de toetsen en gedrukt worden, en moet de oven manueel uitgeschakeld worden.Met geprogrammeerde bereiding wordt de functie bedoeld waarmee u op een vooraf bepaalde tijd met de bereiding kan beginnen, om ze na een vooraf ingestelde periode te doen eindigen.Wanneer u na de instelling de resterende tijd wilt weergeven, moet u op de toets drukken. Druk op de toets om het uur van het einde van de bereiding weer te geven.

Gebruik19NLTimer kookwekkerDe kookwekker kan op eender welk ogenblik geactiveerd worden.1. Druk op de toets . Het display toont de cijfers en de knipperende controlelamp tussen de uren en de minuten.2. Druk op de toetsen of om de gewenste minuten in te stellen.3. Wacht ongeveer 5 seconden zonder een toets in te drukken om de instelling van de kookwekker te beëindigen. Op het display verschijnen het actuele uur en de symbolen en .Regeling van het volume van het geluidssignaalHet geluidssignaal heeft drie verschillende toonhoogten.

Druk wanneer het geluidssignaal wordt geproduceerd op de toets om de instelling te wijzigen.Het annuleren van de ingestelde gegevensDruk gelijktijdig op de toetsen en om de ingestelde programmeringen op nul te stellen.Schakel de oven daarna manueel uit als geen bereiding bezig is.De timer kookwekker onderbreekt de bereiding niet, maar waarschuwt de gebruiker wanneer de ingestelde minuten verstreken zijn.Het is niet mogelijk om een bereidingsduur van langer dan 24 uren in te stellen.Nadat de kookwekker werd geprogrammeerd, toont de display het huidige uur. Om de resterende tijd weer te geven, moet op de toets gedrukt worden.

Reiniging en onderhoud21NL4 Reiniging en onderhoud4.1 Waarschuwingen4.2 Reiniging van het toestelOm de oppervlakken in goede staat te houden, moeten ze na elk gebruik gereinigd worden nadat de oven afgekoeld is.Dagelijkse gewone reinigingGebruik steeds en uitsluitend specifieke producten, die geen schurende of zure stoffen op chloorbasis bevatten.Giet het product op een vochtige doek en wrijf het over het oppervlak, spoel zorgvuldig af, en droog met een zachte doek of met een microfiber doek.Voedselvlekken of -restenGebruik absoluut geen metalen sponzen of scherpe krabbers zodat de oppervlakken niet worden beschadigd.Gebruik normale en niet-schurende producten, en eventueel houten of plastic gerei. Spoel zorgvuldig, en droog met een zachte doek of met een doek van microfiber.Vermijd om etensresten op basis van suiker (bijv.

marmelade) te laten drogen, dit kan het email binnenin aantasten.Roosters van de kookplaatVerwijder de roosters, en reinig deze met behulp van lauw water en een niet-schurend reinigingsmiddel. Verwijder zorgvuldig alle afzettingen. Droog de roosters, en plaats ze weer op de kookplaat.Incorrect gebruikBeschadiging van de oppervlakken• Reinig het toestel niet met een stoomreiniger.• Gebruik op de stalen delen of de delen waarvan het oppervlak met metalen afwerkingen werd behandeld (bijv. elektrolytische oxidatie, vernikkeling, verchroming) geen producten die chloor, ammoniak of bleekmiddel bevatten.• Gebruik geen schurende of bijtende middelen op de glazen onderdelen (bijv.

poeders, ontvlekkers of metaalsponsjes).• Gebruik geen ruw, schurend of scherp materiaal.• Stop de verwijderbare onderdelen, zoals de roosters van de kookplaat, de vlamverdelers en de deksels niet in de vaatwasser.De roosters staan steeds in contact met de vlam zodat de glans van de delen van het staal, die het meest de warmte moeten verdragen, mettertijd kan verdwijnen. Dit is een normaal verschijnsel dat de functionaliteit van dit onderdeel absoluut niet schaadt.

Reiniging en onderhoud22Vlamverdelers en dekselsDe deksels en de vlamverdelers kunnen verwijderd worden om de reiniging te vergemakkelijken. Reinig deze delen met behulp van heet water en een niet-schurend reinigingsmiddel. Verwijder zorgvuldig alle afzettingen en wacht tot alles perfect droog is. Monteer de vlamverdelers weer, en controleer of ze correct gepositioneerd zijn in de zittingen met de respectievelijke deksels.Vonkontstekers en thermokoppelsVoor een goede werking moeten de vonkontstekers en de thermokoppels steeds rein gehouden worden. Controleer ze regelmatig, en reinig ze indien nodig met een vochtige doek. Eventuele droge resten moeten verwijderd worden met een houten tandenstoker of met een naald.4.3 Demontage van de deurOm de reiniging van de oven te vergemakkelijken, kunt u de ovendeur verwijderen.Voor een correcte demontage moet als volgt gehandeld worden:1.

Reiniging en onderhoud23NL4.4 Reiniging van de ruiten van de deurEr wordt aangeraden om deze steeds schoon te houden. Gebruik absorberend keukenpapier. Bij hardnekkig vuil moet u schoonmaken met een vochtige spons en een gewoon reinigingsmiddel.4.5 De reiniging van de binnenkant van de ovenOm de oven in goede staat te houden, moet hij na afkoeling regelmatig gereinigd worden. • Verwijder de verwijderbare onderdelen. Reinig de ovenroosters met warm water en niet-schurende reinigingsmiddelen; spoel en droog ze daarna.Verwijdering van de geleiderframes voor de roosters/ovenschalenAls de geleiderframes voor de roosters/ovenschalen worden verwijderd, kan de reiniging van de zijdelen makkelijker uitgevoerd worden.Om de geleiderframes voor de roosters/ovenschalen te verwijderen:1. Schroef de twee bevestigingspinnen van de geleider los.2. Schuif de geleiderframes naar binnen.

Als zelfreinigende panelen aanwezig zijn, moeten deze samen met de frames worden verwijderd.3. Herhaal na de reiniging de net beschreven handelingen om de geleiderframes weer te plaatsen.Er wordt aanbevolen om reinigingsproducten van de constructeur te gebruiken.Er wordt aangeraden om de oven ongeveer 15/20 minuten maximaal te verwarmen nadat specifieke producten gebruikt werden, om eventuele resten in de oven te elimineren.Voor een gemakkelijke schoonmaak is het aanbevolen om de deur te verwijderen.

Reiniging en onderhoud244.6 Buitengewoon onderhoudVervanging van de lamp voor de binnenverlichting1. Draai de beschermkap linksom los.A2. Vervang de lamp met een soortgelijke B(25W). Gebruik uitsluitend lampen voor ovens (T 300°C).3. Hermonteer de beschermkap .ADemontage van de pakking van de oven Voor een grondige reiniging van de oven kunt u de pakking van de deur verwijderen. In de 4 hoeken en in het midden zitten haken die de pakking bevestigen aan de rand. Trek de pakking op de aangegeven punten naar buiten om deze uit het toestel te verwijderen.Gebruik een niet-schurende spons en lauw water om de deurpakkingen schoon te houden. De pakkingen moeten zacht en elastisch zijn.Delen onder elektrische stroomGevaar voor elektrische schok• Schakel de stroomtoevoer naar het toestel uit.

Installatie25NL5 Installatie5.1 GasaansluitingAlgemene informatieDe aansluiting op het gasnet kan uitgevoerd worden met een flexibele stalen buis op een rechte wand, en volgens de voorschriften die aangeduid worden door de van kracht zijnde norm. De toevoerverbinding van het gas heeft een schroefdraad ½” gas extern (ISO 228-1).Aansluiting met rubberleidingControleer of alle volgende voorwaarden gerespecteerd worden:• of de leiding op het rubber bevestigd is met veiligheidsklemmen; • of de leiding op geen enkele plaats in aanraking komt met hete wanden (max.

50 °C);• of de leiding niet wordt onderworpen aan trekkrachten of spanningen, en geen strakke bochten maakt of vernauwingen heeft; • of de leiding niet in aanraking komt met snijdende voorwerpen of scherpe hoeken; • wanneer de buis niet perfect dicht is, en er dus gas kan ontsnappen, mag de buis niet hersteld worden; vervang met een nieuwe buis.• controleer of de vervaldatum van de leiding, die wordt aangeduid op de leiding zelf, niet overschreden werd.GaslekExplosiegevaar• Controleer na elke ingreep of het aandraaimoment van de gasaansluitingen zich tussen 10 Nm en 15 Nm bevindt.• Gebruik, waar dit wordt gevraagd, een drukregelaar in overeenstemming met de van kracht zijnde norm.• Na de installatie moet u eventuele lekken opsporen met een zeepoplossing, maar nooit met een vlam.• Het aansluiten met een flexibele buis moet zodanig uitgevoerd worden dat de lengte van de bebuizing niet langer is dan 2 meter van de maximale uitrekking voor flexibele stalen buizen en 1,5 meter voor rubberen buizen.• De buizen mogen niet in aanraking komen met beweegbare delen, en mogen niet verpletterd worden.

Installatie26Voer de aansluiting op het gasnetwerk uit met een rubberleiding conform de kenmerken van de van kracht zijnde norm (controleer of de afkorting van deze norm op de leiding gedrukt is).Draai de rubberhouder zorgvuldig vast 3op de gasverbinding (schroefdraad ½” 1ISO 228-1) van het toestel, en plaats de pakking 2. Afhankelijk van de diameter van de gebruikte gasleiding kan ook de rubberhouder vastgedraaid worden op 4de rubberhouder .

Plaats, nadat de 3rubberhouder(s) werd(en) vastgedraaid, de gasleiding op de rubberhouder en 6bevestig ze met de klem conform de van 5kracht zijnde norm.Aansluiting op vloeibaar gasGebruik een drukregelaar, en realiseer de aansluiting op de gasfles volgens de voorschriften die bepaald worden door de van kracht zijnde normen.De toevoerdruk moet de waarden respecteren die worden aangeduid in de tabel “Type van gas en toebehorende landen”Aansluiting met een flexibele stalen buisVoer de aansluiting op het gasnet uit met een flexibele stalen slang met continue wand, conform de kenmerken van de geldende norm.Draai de verbinding zorgvuldig vast op 3de gasverbinding van het toestel, en 1voorzie steeds de bijgeleverde pakking .2De aansluiting met rubberleiding conform de van kracht zijnde normen mag enkel uitgevoerd worden wanneer de leiding over de volledige lengte geïnspecteerd kan worden.De binnendiameter van de buis moet 8 mm zijn voor vloeibaar gas, en 13 mm voor methaan en stadsgas.

Installatie27NLAansluiting met een flexibele stalen buis met bajonetsluitingVoer de aansluiting op het gasnet uit met behulp van een flexibele stalen buis met bajonetsluiting, in overeenstemming met B.S. 669. Breng isolerend materiaal aan op de schroefdraad van de gasleiding , en 4draai de adapter 3 vast. Draai het blok vast op de mobiele verbinding 1 van het toestel, en voorzie steeds de bijgeleverde pakking 2.Aansluiting met een flexibele stalen buis met conische verbindingVoer de aansluiting op het gasnet uit met een flexibele stalen slang met continue wand, conform de kenmerken van de geldende norm.Draai de verbinding zorgvuldig vast op 3de gasverbinding 1 (schroefdraad ½” ISO 228-1) van het toestel, en breng altijd de bijgeleverde pakking aan. Breng 2isolatiemateriaal aan op de schroefdraad van de verbinding , en draai de flexibele 3stalen leiding vast op de verbinding .4 3

Installatie28Ventilatie van de vertrekkenHet toestel mag enkel in permanent geventileerde ruimten worden geïnstalleerd, zoals voorzien wordt door de van kracht zijnde normen. In de ruimte waar het toestel geïnstalleerd is, moet een voldoende luchttoevoer aanwezig zijn die nodig is voor de regelmatige gasverbranding en de luchtverversing van de ruimte zelf.

De luchtinlaatopeningen, die beschermd worden door roosters, moeten afmetingen conform de van kracht zijnde normen hebben, en moeten zodanig geplaatst zijn dat ze niet, ook niet gedeeltelijk, verstopt worden.De ruimte moet goed geventileerd worden zodat de hitte en de vochtigheid geëlimineerd worden die geproduceerd worden door de bereidingen: vooral nadat het toestel lang niet gebruikt werd, wordt aanbevolen om een venster te openen of om de snelheid van eventuele ventilatoren te verhogen.Afvoer van de verbrandingsproductenDe afvoer van de verbrandingsproducten moet verzekerd worden door middel van afzuigkappen, die aangesloten zijn op een rookkanaal met een efficiënte trek of met een geforceerde afzuiging.

Een efficiënt afzuigsysteem moet zorgvuldig ontworpen worden door een bevoegde specialist, en moet uitgevoerd worden door de posities en de afstanden te respecteren die voorzien worden door de normen. Na de handeling moet de installateur een conformiteitscertificaat afgeven.1 Evacuatie door middel van een afzuigkap2 Evacuatie zonder afzuigkapA Evacuatie in enkel rookkanaal met natuurlijke trekB Evacuatie in enkel rookkanaal met elektrische ventilatorC Evacuatie rechtstreeks in de atmosfeer met elektrische ventilator op de wand of in de ruitD Evacuatie rechtstreeks in de atmosfeer via de wand Lucht Verbrandingsproducten Elektrische ventilator

Installatie29NL5.2 Aanpassing aan de verschillende gastypesWanneer andere gastypes worden gebruikt, moeten de straalpijpen op de branders vervangen worden en moet de minimum vlam op de gaskranen geregeld worden.Vervanging van de straalpijpen1. Verwijder de roosters, de deksels en de vlamverdelers om de branderdoppen te bereiken.2. Vervang de straalpijpen met behulp van een sleutel van 7 mm naargelang het gebruikte gas (zie Tabellen met kenmerken van de branders en de straalpijpen).3. Plaats de branders weer correct in de gepaste zittingen.Regeling van het minimum voor methaan of stadsgasSchakel de brander in, en stel in op de minimum positie.

Verwijder de knop van de gaskraan, en handel op de regelschroef die zich naast het staafje van de kraan bevindt (afhankelijk van het model) tot een regelmatige minimum vlam wordt verkregen.Monteer de knoppen opnieuw, en controleer de stabiliteit van de vlam van de brander. Draai de knop snel vanaf de maximum positie naar de minimum positie: de vlam zou niet mogen uitgaan. Herhaal deze handeling voor alle gaskranen.1. Interne straalpijp2. Externe straalpijp

Installatie30Regeling van het minimum voor vloeibaar gasDraai de schroef naast het staafje van de kraan helemaal rechtsom.Smering van de gaskranenHet kan zijn dat de gaskranen mettertijd moeilijk draaien en geblokkeerd raken. Reinig ze intern, en vervang het smeervet.Type van gas en toebehorende landenNa de regeling met een ander gas dan dat van de fabrieksafstelling moet het etiket voor de regeling van het gas, dat werd aangebracht op het toestel, vervangen worden door het etiket voor het nieuwe gas.

Installatie31NLTabellen met kenmerken van de branders en de straalpijpenDe straalpijpen die niet worden bijgeleverd, kunnen gevonden worden bij de Erkende Assistentiecentra.5.3 Elektrische aansluiting Algemene informatieControleer of de kenmerken van het stroomnet overeenstemmen met de gegevens op het identificatieplaatje.Het identificatieplaatje met de technische gegevens, het serienummer en de markering is zichtbaar op het toestel aangebracht.Dit plaatje mag nooit verwijderd worden.Voorzie de aarding met een kabel van minimaal 20 mm langer dan de andere.3 Methaan G25 AUX SR R UR2Nominaal warmteverbruik (kW) 1.0 1.8 3.0 4.1Diameter van de straalpijp (1/100 mm) 77 100 134 80 + 145Voorkamer (gedrukt op straalpijp) (F1) (Y) (F3) (Y)+(H3)Gereduceerd verbruik (W) 400 500 800 19004 Vloeibaar gas G30/31 AUX SR R UR2Nominaal warmteverbruik (kW) 1.0 1.8 3.0 4.2Diameter van de straalpijp (1/100 mm) 50 65 85 46 + 91Gereduceerd verbruik (W) 400 500 800 1900Nominaal verbruik G30 (g/h) 76 131 218 305Nominaal verbruik G30 (g/h) 75 129 214 300Elektrische spanningGevaar voor elektrische schok• Laat het toestel aansluiten door gekwalificeerd technisch personeel.• Gebruik een persoonlijk beschermingsmiddel.• De aarding moet verplicht aangebracht worden volgens de voorziene veiligheidsnormen van de elektrische installatie.• Schakel de stroomtoevoer uit.• Trek nooit aan de kabel om de stekker uit het stopcontact te halen.• Gebruik kabels die bestand zijn tegen temperaturen van minstens 90 °C.• Het aanhaalmoment van de schroeven van de stroomgeleiders van het klemmenbord moet 1,5 - 2 Nm bedragen.De waarden verwijzen naar de diameter van de interne geleider.De stroomkabels hebben afmetingen die rekening houden met de gelijktijdigheidsfactor (conform de norm EN 60335-2-6).

Installatie32Vaste aansluitingVoorzie een meerpolige onderbreking voor de voeding, overeenkomstig de installatienormen.De onderbreking moet gemakkelijk bereikbaar zijn, in de nabijheid van het toestel.Aansluiting met stekker en stopcontactControleer of de stekker en het stopcontact van hetzelfde type zijn.Gebruik geen verloopstekkers, adapters of aftakkingen, omdat ze oververhitting of brand zouden kunnen veroorzaken.5.4 PlaatsingAlgemene informatieHet toestel kan geïnstalleerd worden tegen wanden die hoger zijn dan het werkblad, op een minimum afstand van 150 mm van de zijkant van het toestel, zoals wordt aangeduid in de afbeeldingen A en C betreffende de installatieklassen.Zwaar toestelPletgevaar• Plaats het toestel op het meubel samen met een tweede persoon.Druk op de open deurGevaar voor beschadiging van het toestel• Gebruik de deur niet als hefboom om het toestel in het meubel te plaatsen.• Oefen niet te veel kracht uit op de geopende deur.Warmteontwikkeling tijdens werking van het toestelBrandgevaar• Fineerbewerkingen, kleefstoffen of plastic bekledingen van aangrenzende meubels moeten warmtebestendig zijn (minstens 90°C).

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Smeg B91GMXNL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden