Skoda Superb (2010) Handleiding

Skoda Auto Superb (2010)

Bekijk gratis de handleiding van Skoda Superb (2010) (295 pagina’s), behorend tot de categorie Auto. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 49 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Skoda Superb (2010) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/295
ŠkodaSuperb
SIMPLY CLEVER
INSTRUCTIEBOEKJE

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Skoda
Categorie: Auto
Model: Superb (2010)

Handleiding Skoda Superb (2010) – volledige tekst

InleidingU hebt gekozen voor een Škoda - wij danken u hartelijk voor uw vertrouwen.Met uw nieuwe Škoda krijgt u een auto met ultramoderne techniek en talrijke opties, waarvan u vast en zeker bij dagelijks gebruik maximaal plezier zult beleven. Met het oog hierop adviseren wij u dan ook, dit instructieboekje aandachtig door te lezen, zodat u uw auto snel en grondig leert kennen.Mocht u verdere vragen met betrekking tot uw auto of eventuele problemen hebben, verzoeken wij u contact op te nemen met een Škoda-dealer/vakgarage of de importeur. Daar zijn vragen, opmerkingen en kritiek altijd welkom.Afwijkende nationale wettelijke regelingen hebben voorrang op de informatie gegeven in deze handleiding.Wij wensen u veel plezier met uw Škoda en altijd een goede reis.Uw Škoda Autos3fg.3.book Page 1 Friday, April 30, 2010 12:36 PM

Inleiding2WagendocumentatieIn de meegeleverde documentatie van uw auto vindt u naast dit ’instructie-boekje’ ook een ’serviceplan’ en ’aanwijzingen voor hulp onderweg’. Bovendien kunnen al naargelang het model en de uitvoering verschillende gebruiksaanwijzingen en extra aanwijzingen aanwezig zijn (bijv. radio-instructieboekje). Als u één van bovengenoemde documenten mist, verzoeken wij u direct contact op te nemen met een Škoda-dealer, waar men u graag zal helpen. Er moet rekening mee worden gehouden dat de gegevens op het kenteken steeds voorrang hebben op de gegevens in dit instructie-boekje. GebruiksaanwijzingDit instructieboekje beschrijft de huidige omvang van de uitrusting. Enkele van de hier genoemde uitrustingen worden later geïntroduceerd of zijn alleen bedoeld voor bepaalde exportlanden.

De afbeeldingen kunnen in enkele onbelangrijke details afwijken van uw auto; de afbeeldingen moeten echter alleen maar worden gezien als algemene informatie. Naast de informatie met betrekking tot de bediening staan in het instructie-boekje ook belangrijke gebruiks- en onderhoudstips ten behoeve van uw veiligheid alsmede voor het behouden van de inruilwaarde van uw auto. Hier staan belangrijke tips en helpinformatie in. Bovendien staat hierin hoe u met uw auto veilig, economisch en milieuvriendelijk kunt rijden. Let, met het oog op de veiligheid, ook beslist op de informatie met betrekking tot accessoires, wijzigingen en vervanging van onderdelen bladzijde 240.

Maar ook de andere hoofdstukken van dit instructieboekje zijn belangrijk, want een vakkundige behandeling van de auto draagt - naast regelmatig onderhoud - bij aan het behouden van een goede inruilwaarde en is boven-dien in de meeste gevallen één van de voorwaarden voor het recht op een garantieaanspraak.

Het serviceplanbevat:gegevens van de auto,onderhoudsintervallen,overzicht van de onderhoudswerkzaamheden,bewijs van uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden,Bevestiging van de mobiliteitsgarantie (geldt alleen in bepaalde landen)belangrijke aanwijzingen met betrekking tot de garantie. De bevestigingen van de uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden zijn een van de voorwaarden voor een eventuele garantieaanspraak. Geef het serviceplan dan ook altijd af als u uw auto bij een erkende Škoda-dealer afgeeft. Als het serviceplan is zoekgeraakt of op is, neem dan contact op met de erkende Škoda-dealer waar u de auto regelmatig voor onderhoud aanbiedt. Hier ontvangt u dan een duplicaat waarin de tot nu toe uitgevoerde onder-houdsbeurten worden bevestigd. Hulp onderwegHierin staan de belangrijkste telefoonnummers in bepaalde landen en de adressen en telefoonnummers van de Škoda-importeurs. s3fg. 3.

Inhoudsopgave4Airbagsysteem. Beschrijving van het airbagsysteem. Voorairbags. Bestuurde Knie-airbag*. Zijairbags*. Hoofdairbags*. Airbag uitschakelen. Veilig vervoer van kinderen. Wat u moet weten als u kinderen vervoert. Kinderzitje. Bevestiging kinderzitje met ’ISOFIX’-systeem. Bevestiging kinderzitje met het ’Top Tether’-systeemAanwijzingen voor het rijden. Intelligente techniek. Elektronisch stabiliteitsprogramma (ESP)*. Remmen. Rembekrachtiger. Antiblokkeersysteem (ABS). Remassistent*. Assistenten voor rijden op hellende wegen*. Elektromechanische stuurbekrachtiging. Controle bandenspanning*. Roetfilter* (dieselmotor). Rijden en milieu. De eerste 1 500 kilometer en daarna. Katalysator. Economisch en milieubewust rijden. Milieu-aspecten. Rijden in het buitenland. Voorkomen van schade aan de auto. Rijden door water op straten. Rijden met aanhangwagen. Gebruik aanhangwagen.

Structuur van dit instructieboekje (toelichtingen)6Structuur van dit instructieboekje (toelichtingen)Dit instructieboekje is systematisch opgebouwd om het vinden en opnemen van de benodigde informatie te vergemakkelijken. Hoofdstuk, inhoudsopgave en trefwoordenregisterDe tekst van dit instructieboekje is in relatief korte paragrafen ingedeeld, die in over-zichtelijke hoofdstukken zijn samengevoegd. Het actuele hoofdstuk staat rechts-onder op de pagina geaccentueerd. De aan de hand van de hoofdstukken ingedeelde inhoudsopgave en het uitgebreide trefwoordenregister achter in het instructieboekje helpen u de gewenste informatie snel te vinden. HoofdstukkenDe meeste alinea's gelden voor alle auto's.

Omdat de uitvoeringsvarianten echter zeer veelvuldig kunnen zijn, is het niet te voor-komen, dat ondanks de indeling in alinea's soms ook uitvoeringen worden genoemd waar uw auto niet mee is uitgerust. Samenvatting en uitlegElke alinea is voorzien van een kop. Er volgt beknopte informatie (in groot cursief schrift) waarover het in deze alinea gaat. De afbeelding wordt meestal gevolgd door een uitleg (in relatief groot schrift) die in klare taal uitlegt hoe u te werk moet gaan. Uit te voeren handelingen worden aange-geven met een koppelteken. RichtingaanwijzingenAlle richtingaanwijzingen zoals ’links’, ’rechts’, ’voor’, ’achter’ zijn gebaseerd op de rijrichting van de auto. Symboolverklaring De zo gekenmerkte onderdelen behoren seriematig alleen bij bepaalde modellen of zijn alleen bij bepaalde modellen als extra leverbaar.  Eind van een hoofdstuk.

 Het hoofdstuk gaat op de volgende bladzijde verder. AanwijzingenAlle vier de typen aanwijzingen die in de tekst worden gebruikt staan altijd aan het einde van het betreffende hoofdstuk vermeld. ATTENTIE. De belangrijkste aanwijzingen worden aangeduid met de kop ATTENTIE. Deze ATTENTIE-aanwijzingen attenderen op een ernstige kans op ongevallen of letsel.

In de tekst vindt u vaak een dubbele pijl die wordt gevolgd door een klein attentiesymbool. Dit symbool attendeert op een ATTENTIE-aanwijzing aan het einde van de alinea die beslist moet worden opgevolgd. Voorzichtig. Een voorzichtig-aanwijzing attendeert op mogelijke defecten aan uw auto (bijv. defecte versnellingsbak), of attendeert op de kans op een ongeval. MilieuEen milieu-aanwijzing attendeert op de milieubescherming. Hier vindt u bijv. adviezen voor een lager brandstofverbruik. AanwijzingEen normale aanwijzing attendeert op algemene en belangrijke informatie. s3fg. 3. book Page 6 Friday, April 30, 2010 12:36 PM.

AanwijzingBij auto's die af fabriek met een radio, of navigatiesysteem zijn uitgerust, is een aparte handleiding voor de bediening van deze apparaten bijgevoegd.

De beknopte informatie10De beknopte informatieBasisfuncties en belangrijke aanwijzingenInleidingHet hoofdstuk 'De beknopte informatie' dient alleen voor een snelle kennismaking met de belangrijkste bedieningselementen van de auto. Alle aanwijzingen in de volgende hoofdstukken van de handleiding moeten beslist in acht genomen worden.Auto ont- en vergrendelen Auto ontgrendelen Kofferklep ontgrendelen Auto vergrendelen Sleutel uitklappen/inklappenZie voor verdere aanwijzingen bladzijde 52, ’Auto ont- en vergrendelen’.Stuurwielstand instellenAfb. 3 Verstelbaar stuurwiel: Hendel aan de stuurkolom / de juiste afstand van de bestuurder tegenover het stuurwielDe stand van het stuurwiel is in hoogte en lengterichting instelbaar.– Klap de hendel onder de stuurkolom naar beneden afb.

3 - links.– Plaats het stuurwiel in de gewenste stand (hoogte en hoek).– Druk de hendel naar boven tot aan het etiket.Zie voor verdere aanwijzingen bladzijde 124, ’Stuurwielstanden instellen’.ATTENTIE!Stel het stuurwiel zo af dat de afstand tussen het stuurwiel en het borstbeen minstens 25 cm bedraagt afb. 3 - rechts. Als deze minimale afstand niet wordt aangehouden, kan het airbagsysteem u niet beschermen - levensgevaar!Het stuurwiel mag nooit tijdens de rit worden versteld!Om veiligheidsredenen moet de hendel altijd vast naar boven zijn gedrukt zodat de stand van het stuurwiel onder het rijden niet onbedoeld kan wijzigen - kans op ongevallen!Afb. 2 Radiografische afstandsbedie-ningA1A2A3A4s3fg.3.book Page 10 Friday, April 30, 2010 12:36 PM

De beknopte informatie 13Bediening Veiligheid Aanwijzingen voor het rijden Gebruikvoorschriften Raad en daad Technische gegevens Langzaam wissen Snel wissen Eénmaal wissen Wis-/wasautomaatAchterruitwisser Interval wissen - iedere 6 seconden Wis-/wasautomaatZie voor verdere aanwijzingen bladzijde 77, ’Ruitenwisser- en ruitensproeier’.Elektrische ruitbediening schakelaar voor de elektrisch bediende ruit in het bestuurdersportier schakelaar voor de elektrisch bediende ruit in het rechter voorportier Schakelaar voor de elektrisch bediende ruit in het rechter achterportier Schakelaar voor de elektrisch bediende ruit in het linker achterportier VeiligheidsschakelaarZie voor verdere aanwijzingen bladzijde 55, ’Elektrische ruitbediening’.TankenAfb.

11 Rechterachterzijde: Tankklep openen / tankklep met losgeschroefde tankdop– Om de tankdopklep te openen, deze aan de linkerzijde in het midden drukken afb. 11 - links.– Schroef de tankdop linksom los en plaats de tankdop van bovenaf op de tankklep afb. 11 - rechts.Zie voor verdere aanwijzingen bladzijde 219, ’Tanken’.Ontgrendeling van de motorkap– Trek aan de ontgrendelingshendel onder het dashboard aan de bestuurderszijde afb. 12.Zie voor verdere aanwijzingen bladzijde 219.A2A3A4A5A6A7Afb. 10 Schakelaars in bestuurderspor-tierAAABACADASAfb. 12 Ontgrendelingshendel voor motorkaps3fg.3.book Page 13 Friday, April 30, 2010 12:36 PM

De beknopte informatie14Motorkap openen– Trek de vergrendelingshendel afb. 13, de motorkap wordt ontgrendeld.– Zet de motorklep vast aan het onderste gedeelte van de radiatorgril en hef deze zo ver naar boven, tot die door de gasdrukondersteuning gehouden wordt.Zie voor verdere aanwijzingen bladzijde 221, ’Motorkap openen en sluiten’.Motoroliepeil: controleren Motorolie mag niet bijgevuld worden. Motorolie mag bijgevuld worden. Motorolie moet bijgevuld worden.Zie voor verdere aanwijzingen bladzijde 223, ’Motoroliepeil controleren’.Afb. 13 Radiateurgrille: Vergrende-lingshendelAfb. 14 OliepeilstokAAABACs3fg.3.book Page 14 Friday, April 30, 2010 12:36 PM

15 kenmerkt het bereik, in welke de motoraandrijving begint met het begrenzen van het motortoerental. De motoraandrijving begrenst het motortoerental op een zekere grenswaarde.Afb. 15 Instrumentenpaneel1) Geldt voor landen, waarin de waarde in britse maateenheden wordt aangeduid.A1A2A3A4A5A6A7A1s3fg.3.book Page 15 Friday, April 30, 2010 12:36 PM

Instrumenten en controlelampjes16Schakel, voor het bereiken van het rode bereik van de snelheidsmeterschaal naar de volgend hogere gang respectievelijk kiest u de keuzehandel instelling D van de auto-matische versnellingsbak. Vermijd hoge motortoerentallen gedurende de ingansperiode en voor de motor op werkingstemperatuur is verwarmt bladzijde 201. MilieuDoor vroegtijdig opschakelen bespaart u brandstof en produceert de auto minder geluid. SnelheidsmeterWaarschuwing bij snelheidsovertreding*Bij het overschrijden van de rijsnelheid van 120 km/uur klinkt een akoestisch waar-schuwingssignaal. Als de snelheid weer terugloopt tot onder deze snelheidsgrens, wordt het akoestische waarschuwingssignaal uitgeschakeld. AanwijzingDeze functie geldt alleen voor enkele landen. KoelvloeistoftemperatuurmeterDe koelvloeistoftemperatuurmeter bladzijde 15, afb.

15 werkt alleen maar bij ingeschakeld contact. Neem, om schade aan de motor te voorkomen, de volgende aanwijzingen in acht met betrekking tot temperatuurbereiken op de meter:Bereik voor koude motorAls de wijzer in het linkergedeelte van de meterschaal staat heeft de motor zijn bedrijf-stemperatuur nog niet bereikt. Vermijd hoge motortoerentallen, vol gas en zware motorbelastingen. Bereik bedrijfswarme motorDe motor heeft zijn bedrijfstemperatuur bereikt als de wijzer in het middelste gedeelte van de meterschaal staat. Bij sterke motorbelasting en hoge buitentemperaturen kan de wijzer ook verder naar rechts lopen. Dit kan geen kwaad zolang het waarschuwings-symbool  in het instrumentenpaneel niet knippert. Als het symbool  op het instrumentenpaneel knippert, is of de koelvloeistof tempe-ratuur te hoog of het koelvloeistof peil te laag.

Verstralers en andere aanbouwdelen voor de verseluchtinlaat verslechteren de koel-werking van de koelvloeistof. Bij hoge buitentemperaturen en zware motorbelasting is de kans aanwezig dat de motor oververhit raakt. BrandstofmeterDe brandstofmeter bladzijde 15, afb. 15 werkt alleen maar bij ingeschakeld contact. De tankinhoud bedraagt ca. 60 liter. Als de wijzer de reservestand heeft bereikt, gaat op het instrumentenpaneel het waarschuwingssymbool  branden. Er zit nog ca. 10,5 liter brandstof in de tank. Dit symbool herinnert eraan, dat u moet tanken. Op het informatiedisplay* verschijnt:Please refuel. (Tanken s. v. p. )Als extra waarschuwingssignaal klinkt een akoestisch signaal. A4A6s3fg. 3. book Page 16 Friday, April 30, 2010 12:36 PM.

Instrumenten en controlelampjes 17Bediening Veiligheid Aanwijzingen voor het rijden Gebruikvoorschriften Raad en daad Technische gegevensVoorzichtig. Rijd de tank nooit helemaal leeg. Door de onregelmatige benzinetoevoer kan de motor overslaan. Er kan dan onverbrande brandstof in het uitlaatsysteem terecht-komen en de katalysator beschadigen. AanwijzingNa het voltanken kan bij een dynamische rit (b. v. veel bochten, remmen, hellingen) de brandstofmeter ca. een deel minder aangeven. Bij het stoppen of bij een minder dyna-mische rit wordt de juiste hoeveelheid aangegeven. Dit effect is geen storing. KilometertotaaltellerDe indicatie van de afgelegde afstand vindt plaats in kilometers (km). In enkele landen wordt de maateenheid ’mijlen’ gebruikt. TerugstelknopHoud de terugstelknop bladzijde 15 ca. 1 seconde ingedrukt, de kilometerdag-teller wordt teruggezet op nul.

Kilometerdagteller (trip)De kilometerdagteller geeft de afstand weer die is afgelegd nadat de kilometerteller voor de laatste keer op nul is teruggezet - en wel in stappen van 100 m, resp. 1/10 mijl. KilometertotaaltellerDe kilometertotaalteller geeft het aantal kilometers, resp. mijlen weer die de auto in totaal heeft afgelegd. StoringindicatorAls er sprake is van een storing in het instrumentenpaneel, verschijnt op de display continu Error. Laat de storing zo snel mogelijk door een Škoda-dealer opheffen. ATTENTIE. Verstel om veiligheidsredenen de kilometerdagteller nooit tijdens het rijden. AanwijzingIndien bij auto's die met informatiedisplay* zijn uitgerust, en de aanduiding van tweede snelheid in mph resp. in km/u geactiveerd is, wordt de rijsnelheid in plaats van de teller, weergegeven voor de gehele afgelegde rit.

Service-interval-indicatieVolgens de uitrusting van de auto kan de indicatie op de display afwijken. Service-interval-indicatieVoor het bereiken van het service-interval wordt na het aanschakelen van het contact een sleutelsymbool  en de nog resterende kilometers aangetoond afb.

16 Gelijktijdig verschijnt een aanduiding over de nog resterende dagen tot het volgende service-interval. Op het informatiedisplay* verschijnt:Service in. km or. days (service na. km of. dagen)De kilometerindicatie of de dagindicatie loopt voor de servicebeurt in stappen van 100 km of hele dagen terug. Als het service-interval is bereikt, verschijnt op de display gedurende 20 seconden een knipperend sleutelsymbool  en de tekst Service. Op het informatiedisplay* verschijnt:Service now. (Onderhoud nu. )A7Afb. 16 Service-interval-indicatie: Aanwijzings3fg. 3. book Page 17 Friday, April 30, 2010 12:36 PM.

Instrumenten en controlelampjes18Indicatie over de nog af te leggen afstand en dagen tot aan de eerstvolgende onderhoudsbeurtU kunt de nog resterende rijafstand en dagen tot de volgende servicebeurt op eender welke tijd met behulp va de toets laten aantonen bladzijde 15. Op de display verschijnt gedurende 10 seconden een sleutelsymbool  en een aanduiding over de nog resterende kilometers. Gelijktijdig verschijnt een aanduiding over de nog resterende dagen tot het volgende service-interval. Bij auto's die met informatiedisplay* zijn uitgerust roept u deze aanduiding in het volgende menu op bladzijde 23:Setup (instellingen)Service interval (Service)InfoOp het informatiedisplay* verschijnt gedurende 10 seconden:Service in. km or. days (service na. km of.

dagen)Service-intervalindicatie terugzettenHet terugstellen van de service-intervalindicatie kan pas worden uitgevoerd als op de display van het instrumentenpaneel een servicemelding of ten minste een vooraf-gaande waarschuwing wordt weergegeven. Wij adviseren het resetten door een Škoda-dealer te laten uitvoeren. De dealer:zet na de betreffende Grote Onderhoud Service het geheugen van de indicatie terug,noteert de onderhoudsbeurt in het serviceplan,plakt de sticker, met de aantekening voor de volgende onderhoudsbeurt aan de zijkant van het instrumentenpaneel aan de bestuurderszijde.

De service-interval-indicaties kunnen ook met behulp van de terugstelknop bladzijde 15 als volgt worden gereset (teruggesteld):Bij auto's die met informatiedisplay* zijn uitgerust roept u deze aanduiding in het volgende menu op bladzijde 23:Setup (instellingen)Service interval (Service)ResetVoorzichtig. Wij adviseren de service-interval-indicatie niet zelf te resetten omdat dit kan leiden tot een verkeerde instelling van de service-interval-indicatie, waardoor er storingen in de auto kunnen optreden.

AanwijzingReset de indicatie nooit tussen de onderhoudsintervallen in omdat er anders verkeerde gegevens worden weergegeven. Bij losgekoppelde autoaccu blijven de waarden van de service-interval-indicatie bewaard. Indien na een herstelling het instrumentenpaneel wordt verwisseld, moet in de teller voor de dienstbeurtaanduiding de correcte waarde worden ingevoerd. Deze werkzaamheden worden door een Škoda-dealer uitgevoerd. Na het resetten van de indicatie met verlengde flexibele onderhoudsintervallen (QG1) worden de gegevens net zoals bij auto's met verlengde vaste onderhoudsinter-vallen (QG2) weergegeven. Om deze reden adviseren we de service-interval-indicatie alleen door een erkende Škoda-dealer te laten resetten, die het resetten uitvoert met behulp van een elektronicatester. Uitgebreide informatie met betrekking tot de onderhoudsintervallen - zie brochure Serviceplan.

Instrumenten en controlelampjes 19Bediening Veiligheid Aanwijzingen voor het rijden Gebruikvoorschriften Raad en daad Technische gegevensATTENTIE. De tijd mag om veiligheidsredenen niet tijdens het rijden, maar alleen bij stil-staande motor worden ingesteld. Schakeladvies voor verandering van versnelling*Op de display van het instrumentenpaneel wordt een informatie over de geschakelde versnelling afb. 17 weergegeven. Om zo min mogelijk brandstof te verbruiken wordt op het display een advies tot het schakelen in een andere versnelling getoond. Als het regelapparaat herkent dat het gunstig is om van versnelling te veranderen, wordt op de display een pijl weergegeven. De pijl wijst naar boven of naar beneden, naargelang wordt aanbevolen om naar boven of naar beneden te schakelen. Gelijktijdig word tin de plaats van de actueel ingeschakeld versnelling de aanbe-volen versnelling aangeduid.

Multi-functie-indicatie (boordcomputer)*InleidingDe multifunctionele -indicatie wordt, afhankelijk van de uitrusting van de auto, op de display bladzijde 20, afb. 18 of op het informatiedisplay weergegeven bladzijde 23. De multifunctionele -indicatie biedt een reeks nuttige informatie:Bij auto's die met informatiedisplay* zijn uitgerust, is het mogelijk om de aanduiding van sommige informatie uit te schakelen. Voorzichtig. Om eventuele beschadigingen te voorkomen, neemt u bij contact met display (b. v. reinigen) de contactsleutel uit. AanwijzingIn bepaalde exportuitvoeringen worden de waarden in het Engelse stelsel weerge-geven. Wordt de aanduiding van de snelheid in mph geactiveerd, dan wordt de actuele snelheid* in km/u niet aangetoond op de display. Afb.

Instrumenten en controlelampjes20GeheugenDe multifunctionele -indicatie is uitgevoerd met twee automatisch werkende geheu-gens. In het midden van de displayveld wordt het gekozen geheugen weergegeven afb. 18. De gegevens van het ritgeheugen (geheugen 1) worden weergegeven als op de display een 1 verschijnt. Als er een 2 verschijnt worden de gegevens van het reisgeheugen (geheugen 2) weergegeven. Het omschakelen van de geheugens gebeurd met de hulp van de toets afb. 19 op de ruitenwisserhendel of met behulp van de toets op het multifunctioneel-stuurwiel* afb. 19. Ritgeheugen (geheugen 1)Het ritgeheugen verzamelt de rij-informatie vanaf het inschakelen tot aan het uitscha-kelen van het contact. Als de rit binnen 2 uur na het uitschakelen van het contact wordt voortgezet worden de er dan nog bijkomende waarden meegenomen in de berekening van de actuele rij-informatie.

Bij een onderbreking van de rit met meer dan 2 uur wordt het geheugen automatisch gewist. Reisgeheugen (geheugen 2)Een reisgheugen verzamelt de rijgegvens van en willekeurig aantal individuele ritten tot in totaal 19 uur en 59 minuten of 1 reistraject van 1. 999 km resp. , bij wagens die uitgerust zijn met een informatiedisplay* 99 uur en 59 minuten of en reistraject van 9. 999 km. Als een van de genoemde waarden wordt overschreden, wordt het geheugen gewist en start de berekening opnieuw. Het reisgeheugen wordt, in tegenstelling tot het ritgeheugen, niet na een onderbreking van meer dan 2 uur gewist. AanwijzingAls de autoaccu wordt losgekoppeld, worden alle waarden in het geheugen gewist 1 en 2. Bediening met de toetsen aan het multifunctionele wiel*Afb.

19 multifunctionele -indicatie: Bedieningselementen aan de ruitenwisserhendel / bedieningselementen aan het multifunctioneel stuurwielDe tuimelschakelaar en de toets bevinden zich in de ruitenwisserschakelaar afb. 19. Het omschakelen en het terug zetten gebeurd met het kanterwiel afb. 19.

Geheugen kiezen– Door de toets aan de ruitenwisserhandel kort aan te tikken, of door het kort aantikken van de toets aan het multifunctionele stuurwiel kiest u het gewenste geheugen uit. Functies met behulp van de ruitenwisserhendel selecteren– Druk de ruitenwissertoets boven of beneden voor langer dan 0,5 seconden in. Daarna roept u na elkaar de individuele functie's van de multifunctionele -aandui-ding op. Afb. 18 Multifunctie-indicatorABADAAABADABADAAs3fg. 3. book Page 20 Friday, April 30, 2010 12:36 PM.

Instrumenten en controlelampjes 21Bediening Veiligheid Aanwijzingen voor het rijden Gebruikvoorschriften Raad en daad Technische gegevensFuncties met behulp van het multifunctioneel stuurwiel selecteren– Door het indrukken van de toets roept u het menu voor de multifunctionele aanduiding op. – Draai het kantelwiel naar boven of beneden. Daarna roept u na elkaar de indi-viduele functie's van de multifunctionele aanduiding op. – Door het herhaaldelijk even aantippen van de toets kiest u de gewenste functie. Functie op nul zetten– Kies het gewenste geheugen. – Druk de knop resp. langer dan 1 seconde in. Met de toets aan de ruitenwisserhendel of met de toets aan het multifunctio-nele stuurwiel worden de volgende waarden van het gekozen geheugen op nul gereset:gemiddeld brandstofverbruik,afgelegde afstand,gemiddelde snelheid,rijtijd.

De multifunctionelde aanduiding indicatie kan alleen bij ingeschakeld contact worden bediend. Na het inschakelen van het contact wordt de functie weergegeven die voor het uitschakelen als laatste werd gekozen. BuitentemperatuurDe buitentemperatuur wordt bij ingeschakeld contact op de display weergegeven. Als de buitentemperatuur terugloopt tot onder +4°C, verschijnt voor de temperatuur-indicatie een ijskristalsymbool (waarschuwing tegen gladheid) en klinkt er een waar-schuwingssignaal. Na het drukken van de tuimelschakelaar bladzijde 20, afb. 19 op de ruitenwisserhendel resp. de toets bladzijde 20, afb. 19 op het multifucn-tionele stuurwiel* wordt de functie aangeduid die als laatste aangeduid was. ATTENTIE. Ga er niet alleen op basis van de buitentemperatuurindicatie vanuit dat er geen sprake is van ijzel.

Wanneer u de rijtijd vanaf een bepaald tijdstip meten wil, moet u dit tijd-stip in het geheugen op nul zetten, door het drukken op de toets bladzijde 20, afb. 19 op de ruitenwisserhendel of het kantelwiel bladzijde 20, afb. 19 op het multifunctionele stuurwiel* voor langer dan 1 seconde. De maximal weergavewaarde voor beide geheugens is 19 uur en 59 minuten resp. 99 uur en 59 minuten bij wagens met informatiedisplay*. Als deze waarde wordt over-schreden, start de weergave weer vanaf nul. Huidig verbruikOp de display wordt het huidige brandstofverbruik in l/100 km weergegeven. Met behulp van deze weergegeven gegevens kunt u uw rijgedrag aanpassen aan het gewenste verbruik. Bij een stilstaande of langzaam rijdende auto wordt het brandstofverbruik in l/u weer-gegeven. Tijdens de rit wordt de weergegeven waarde elke 0,5 seconden geactualiseerd.

Gemiddeld brandstofverbruikOp de display verschijnt het gemiddelde brandstofverbruik in l/100 km sinds het geheugen voor de laatste keer is gewist bladzijde 20. Met behulp van deze weerge-geven gegevens kunt u uw rijgedrag aanpassen aan het gewenste verbruik. Wanneer u het gemiddelde brandstofverbruik voor een bepaalde periode wilt meten, moet u beginnen met de meting van het geheugen op nul te zetten met de toets op de ruitenwisserhendel bladzijde 20, afb. 19 of met het kantelwiel op het multi-ACADADABADABADAAACABADABADs3fg. 3. book Page 21 Friday, April 30, 2010 12:36 PM.

Instrumenten en controlelampjes22functionele stuurwiel* bladzijde 20, afb. 19. Na het wissen verschijnen op de display gedurende de eerste 100 m streepjes. Tijdens de rit wordt de weergegeven waarde elke 5 seconden geactualiseerd. AanwijzingDe verbruikte hoeveelheid benzine wordt niet weergegeven. ActieradiusOp de display wordt de geschatte actieradius in kilometers weergegeven. Deze waarde geeft aan welke afstand uw auto met de huidige brandstofvoorraad en met dezelfde rijstijl nog kan afleggen. De weergave vindt plaats in sprongen van 10 km. Na het oplichten van het controle-lampje voor de branddstofreserve vervolgt de aanduiding in sprongen van 5 km. Bij de berekening van de actieradius wordt het brandstofverbruik van de laatste 50 km als basis genomen. Als u zuiniger rijdt, wordt de actieradius groter.

Wanneer het geheugen op nul wordt gezet (na het ontklemmen van de batterij), wordt de radius met het brandstofverbruik berekend van 10 l/100 km en daarna wordt de waarde met stilstand toepasselijk aangepast. Afgelegde afstandOp de display verschijnt de afgelegde rijafstand sinds het geheugen voor de laatste keer bladzijde 20 is gewist. Wanneer u de afgelegde afstand vanaf een bepaald tijd-stip meten wil, moet u dit tijdstip in het geheugen op nul zetten, door het drukken op de toets bladzijde 20, afb. 19 op de ruitenwisserhendel of het kantelwiel op het multifunctionele stuurwiel* bladzijde 20, afb. 19. De maximale weergavewaarde voor beide geheugens is 1 999 km resp. 9 999 km bij wagens met informatiedisplay*. Als deze waarde wordt overschreden, start de weer-gave weer vanaf nul.

Gemiddelde snelheidOp de display verschijnt de gemiddelde snelheid in km/u sinds het geheugen voor de laatste keer is gewist bladzijde 20. Wanneer u het gemiddelde brandstofverbruik voor een bepaalde periode wilt meten, moet u beginnen met de meting van het geheugen op nul te zetten met de toets bladzijde 20, afb.

19 op de ruitenwisser-hendel of met het kantelwiel op het multifunctionele stuurwiel* bladzijde 20, afb. 19. Na het wissen verschijnen op de display gedurende de eerste 100 m streepjes. Tijdens de rit wordt de weergegeven waarde elke 5 seconden geactualiseerd. Actuele snelheid*Op het display wordt de actuele snelheid aangetoond, die met de aanduiding van de snelheidsmeter bladzijde 15, afb. 15 identiek is. Olietemperatuur*De buitentemperatuur wordt bij ingeschakeld contact op de display weergegeven. Als de olietemperatuur lager is dan 50°C of als in het systeem voor de controle van de olie-temperatuur een fout aanwezig is, worden in plaats van de olietemperatuur drie streepjes weergegeven. Waarschuwing bij snelheidsovertredingWaarschuwing bij snelheidsovertredingDoor deze functie is het mogelijk een snelheidslimiet in te stellen, bijv. bij het rijden in de stad.

Als u de ingestelde snelheidslimiet overschrijdt, wordt uw aandacht hierop gevestigd door een melding op de display. De gewenste snelheidslimiet kan als volgt worden ingesteld:Kies het menupunt Speed warning --- km/u (waarschuwing bij --- km/u). Rij b. v. met een snelheid van 50 km/u. Druk de toets bladzijde 20, afb. 19 op de ruitenwisserhendel of het kantel-wiel op het multifunctionele stuurwiel* bladzijde 20, afb. 19. In de informatie-ABADABADA2ABADs3fg. 3. book Page 22 Friday, April 30, 2010 12:36 PM.

Instrumenten en controlelampjes 23Bediening Veiligheid Aanwijzingen voor het rijden Gebruikvoorschriften Raad en daad Technische gegevensdisplay* wordt aangeduid Speed warning 50 km/h (Waarschuwing bij 50 km/u). Deze waarde kunt u m. b. v. de toets op de ruitenwisserhendel of door het draaien van het kartelwiel op het multifunctionele stuurwiel* verhogen of verlagen. Door herhaald de knop op de ruitenwisserhendel of het kartelwiel op het multifunctionele stuurwiel* in te drukken wordt de waarde opgeslagen. Als u nu de ingestelde snelheidslimiet overschrijdt, verschijnt op het display Speed 50 km/h exceeded (Snelheid 50 km/h overschreden). Deze melding wordt zo lang aangetoond, tot u de snelheid lager dan de ingestelde limiet hebt verminderd of als u de melding uitschakeld door het drukken van de toets op de ruitenwisserhendel bladzijde 20, afb.

19 of het kantelwiel op het multifunctionele stuurwiel* bladzijde 20, afb. 19. Als extra waarschuwingssignaal klinkt een akoestisch signaal. De ingestelde snelheidslimiet blijft ook na het uitschakelen van het contact opgeslagen. Informatiedisplay*InleidingHet informatiedisplay informeert op comfortabele wijze over de actuele bedrijfstoe-stand van de auto. Bovendien levert het informatiedisplay (afhankelijk van de uitrus-ting van de auto) gegevens met betrekking tot de radio-, multi-functie-indicatie-, navi-gatie en automatische versnellingsbak. Bij ingeschakeld contact en tijdens het rijden worden in de auto altijd bepaalde func-ties en statussen gecontroleerd. Functiestoringen of noodzakelijke reparaties of andere informatie wordt door middel van rode symbolen bladzijde 25 en gele symbolen bladzijde 25 weergegeven.

Het oplichten van de symbolen is gecombineerd met een akoestisch waarschuwings-signaal. Bovendien verschijnen op het display informatie- en waarschuwingsmeldingen bladzijde 28.

De tekstmelding is in een van de volgende talen mogelijk:Tsjechisch, Engels, Duits, Frans, Italiaans, Spaans, Portugees, Russisch en Chinees. U kunt de gewenste taal in het instelmenu kiezen. Op het display kunnen (al naargelang de uitrusting) de volgende gegevens worden weergegeven:Voorzichtig. Om eventuele beschadigingen te voorkomen, neemt u bij contact met display (b. v. reinigen) de contactsleutel uit. HoofdmenuAfb. 20 multifunctionele -indicatie: Bedieningselementen aan de ruitenwisserhendel / bedieningselementen aan het multifunctioneel stuurwielBediening met de toetsen aan de ruitenwisserhendel–Het MAIN MENU (HOOFDMENU) wordt geactiveerd door de tuimelschakelaar afb. 20 langer dan 1 seconde in te drukken.

Instrumenten en controlelampjes24– Via de tuimelschakelaar kunt u uit de menu's kiezen. Na het even aantippen van de schakelaar wordt de gekozen informatie weergegeven. Bediening met de toetsen aan het multi-functionele stuurwiel–Het MAIN MENU (HOOFDMENU) wordt geactiveerd door de tuimelschakelaar bladzijde 23, afb. 20 langer dan 1 seconde in te drukken. – Door het draaien van het kantelwiel kunt u de verschillende menu's kiezen. Na het kort aantikken van het kantelwiel wordt het gekozen menu vertoond. – Door het kort aantikken van de toets komt u op een hoger niveau, door het aantikken van de toets voor langer dan een seconde roept u het MAIN MENU (HOOFDMENU) op. U kunt (al naargelang de uitrusting van de auto) de volgende menu's kiezen:Multi-functie-indicatie (boordcomputer) bladzijde 19Audio (Audio)*Navigation (navigatie)*Phone (Telefoon)* bladzijde 156Aux.

Heating (interieurvoorverwarming)* bladzijde 120Assistant (assisstent)*Vehicle status (Voertuigstatus) bladzijde 24Setup (Instellingen) bladzijde 25Het menupunt Audio (Audio) verschijnt alleen als de radio* is ingeschakeld. Het menupunt Navigation (navigatie) verschijnt alleen als het navigatiesysteem* is ingeschakeld. Het menupunt Aux. Heating (interieurvoorverwarming) verschijnt alleen als de auto is voorzien van een interieurvoorverwarming*. Het menupunt Assistant (assistent) verschijnt alleen als de auto is voorzien van bochtverlichting*. AanwijzingIndien op het informatiedisplay waarschuwingen getoond worden bladzijde 24 bladzijde 24, deze meldingen met de bladzijde 23, afb. 20 op de ruitenwis-serhendel resp. met de bladzijde 23, afb. 20 toets op het multifunctioneel stuur-wiel bevestigen om naar het hoofdmenu te gaan.

Als het informatiedisplay niet wordt bediend, schakelt het menu steeds na 10 seconden een niveau hoger in. De bediening van de/het af fabriek ingebouwde radio* resp.

navigatiesysteem* staat in een aparte gebruiksaanwijzing beschreven die deel uitmaakt van de documentatie. Portier-, kofferklep-, achterklep- en motorkapwaarschuwingHet portierwaarschuwings-, kofferklep-/achterklep- en motorkapwaarschuwingssym-bool gaat branden als minstens één portier, de kofferklep/achterklep of de motorkap niet is gesloten. Het symbool geeft aan welk portier, resp. of de kofferklep/achterklep of motorkap niet gesloten is. Het symbool dooft zodra de portieren, de kofferklep/achterklep en de motorkap geheel zijn gesloten. Bij een geopend portier of kofferklep/achterklep en een snelheid boven de 6 km/h klinkt een waarschuwingssignaal. Auto-Check-Control*Toestand autoDe Auto-Check-Control controleert de staat van bepaalde functies en autocompo-nenten. De controle vindt bij ingeschakeld contact continu plaats, zowel bij stilstaande auto alsook tijdens het rijden.

Functiestoringen, dringend noodzakelijke reparaties, onderhoudswerkzaamheden of andere meldingen worden op het display van het instrumentenpaneel weergegeven. Deze indicaties zijn al naargelang de prioriteit ingedeeld in rode en gele lichtsymbolen. AAABACADADACACABADs3fg. 3. book Page 24 Friday, April 30, 2010 12:36 PM.

Instrumenten en controlelampjes 25Bediening Veiligheid Aanwijzingen voor het rijden Gebruikvoorschriften Raad en daad Technische gegevensDe rode symbolen geven een gevaar aan (prioriteit 1) terwijl de gele een waarschu-wing aangeven (prioriteit 2). Daarnaast verschijnen als aanvulling op de symbolen aanwijzingen voor de bestuurder bladzijde 28. Als in het hoofdmenu het punt Vehicle status (Voertuigstatus) aangeduid wordt, is er sprake van minimaal één storingmelding. Na het selecteren van dit menu wordt de eerste van de storingmeldingen weergegeven. Als er meerdere storingmeldingen zijn, wordt op het display onder de melding bijv. 1/3 weergegeven. Dat betekent dat de eerste van in totaal drie meldingen wordt weergegeven. De betreffende meldingen worden na elkaar met tussenpozen van 5 seconden aangewezen. Controleer zo vlug mogelijk de aangewezen storingsmeldingen.

Zolang de functiestoringen niet zijn opgeheven, verschijnen de symbolen steeds weer. Na de eerste melding worden de symbolen zonder aanwijzingen voor de bestuurder weergegeven. Als er een storing optreedt, klinkt naast de weergave van het symbool en de tekst ook een waarschuwingssignaal:Prioriteit 1 - drie waarschuwingstonenPrioriteit 2 - één waarschuwingstoonRode symbolenEen rood symbool geeft een gevaar aan. Als op het display een rood symbool verschijnt, moet u als volgt handelen:–Stoppen. –Zet de motor af. – Controleer de aangegeven functie. – Doe, in geval van nood een beroep op de vakkundige hulp van uw Škoda-dealer. Betekenis van de rode symbolen:Als er een rood symbool verschijnt, weerklinken drie opeenvolgende waarschuwingstonen. Gele symbolenEen geel symbool geeft een waarschuwing aan. Controleer de betreffende functie zo snel mogelijk.

Als er sprake is van meerdere functiestoringen met prioriteit 5, verschijnen deze symbolen na elkaar en zijn ze steeds gedurende circa 2 seconden zichtbaar. InstellingenU kunt met behulp van het informatiedisplay bepaalde instellingen zelf wijzigen. De actuele instelling is op het informatiedisplay in het betreffende menu boven onder de streep weergegeven. U kunt (al naargelang de uitrusting van de auto) de volgende menu's kiezen:Language (Taal)Autom. blind (Autom. rolgordijn) MFD Data (MFA DATA)Convenience (Comfort)Lights & Vision (Licht & Zicht)Time (Tijd)Winter tires (Winterbanden)Units (Eenheden)Assistant (assisstent)Motoroliedruk te laag bladzijde 32Oververhitte koppelingen van de automati-sche versnellingsbak DSG* bladzijde 38Motoroliepeil controleren,motoroliesensor defect bladzijde 32remvoering versleten bladzijde 36s3fg. 3.

Instrumenten en controlelampjes26Alt. speed dis. (alternatieve afstands snelheid)Service interval (Service)Factory setting (Fabrieksinstell. )Back (Terug)Na het selecteren van het menupunt Back (terug) komt u één niveau hoger in het menu. TaalHiermee kunt u instellen in welke taal de waarschuwings- en informatieteksten moeten worden weergegeven. Automatisch rolgordijn* (Combi)U kunt hier de functie van het automatische oprollen van de rolafdekking voor de bagageruimte, bij het openen van de kofferklep, activeren/ uitschakelen. Aanduidingen van de MFAHier kunt u enkele aanwijzingen van de multi-functionele aanduidingen uit-, resp. inschakelen. Comfort*U kunt (al naargelang de uitrusting van de auto) de volgende functies instellen:Verlichting en zichtHier kunt u instellen hoe lang de verlichting bij de functie Coming/Leaving-Home aan moet blijven.

Verder kunt u hier de functies dagrijlicht, automatische achterruitwisser, comfortknipperen en reismodus in- resp. uitschakelen. Na het selecteren van het menu Factory setting (Instelling af fabriek) wordt de fabrieksinstelling opnieuw ingesteld. Na het selecteren van het menupunt Reismodus kan u de modus ’Toeristisch licht ’ activeren/uitschakelen. Deze modus maakt het mogelijk, in landen met tegenoverge-steld verkeerssysteem, links/rechts, te rijden zonder het tegemoetkomende verkeer te verblinden. Zie voor meer informatie bladzijde 67, ’Touristisch licht’. TijdHier kunt u de tijd, het tijdsformaat (12- of 24-uursweergave) en de omschakeling zomer-/wintertijd instellen. WinterbandenHiermee kunt u instellen bij welke snelheid een waarschuwingstoon moet klinken. Deze functie gebruikt u bijv.

km/uur)Rain-closing (Sluiten bij regen)Hier kunt u bij auto's met regensensor de functie voor de automatische sluiting van de ruiten venster en het schuif-/kanteldak bij regen in- of uitschakelen. Als het niet regent en de functie is ingesteld, zullen de ruiten, inclusief het schuif-/kanteldak na ca. 12 uur worden gesloten. Door open(Portier openen)Hier kunt u de functies voor de individuele opening van de portieren en de automatiche sluiting in- resp. uitschake-len. Dit geldt ook voor het KESSY-systeem*. ATA confirm(DWA-Quitt. )Hier kunt u instellen of bij de activering of deactivering van het alarmsysteem als extra een signaaltoon moet klinken. Window op. (bediening van de ruiten)Hiermee kunt u de comfortbediening van alleen de ruit voor het bestuurdersportier of van alle portierruiten instellen.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Skoda Superb (2010) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden