Siemens LE66MAC00 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Siemens LE66MAC00 (52 pagina’s), behorend tot de categorie Afzuigkap. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 46 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Siemens LE66MAC00 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Siemens |
| Categorie: | Afzuigkap |
| Model: | LE66MAC00 |
| Kleur van het product: | Roestvrijstaal |
| Gewicht: | 11000 g |
| Breedte: | 599 mm |
| Diepte: | 271 mm |
| Netbelasting: | 256 W |
| Snoerlengte: | 1.5 m |
| Geluidsniveau: | 70 dB |
| Energie-efficiëntieklasse: | B |
| Jaarlijks energieverbruik: | 68 kWu |
| Soort: | Inbouw |
| Motor vermogen: | 250 W |
| Uitlaat aansluiting diameter: | 150 mm |
| Illuminance: | 188 Lux |
| Maximale afzuigcapaciteit: | 620 m³/uur |
| Fluid dynamic efficiency class: | B |
| Verlichtingefficiëntieklasse: | A |
| Vetfilterefficiëntieklasse: | C |
| Geluidsniveau (lage snelheid): | 49 dB |
| Aantal lampen: | 2 gloeilamp(en) |
| Type lamp: | LED |
| Soort vetfilter: | Aluminium |
| Hoogte (min): | 402 mm |
| Vermogen lamp: | 6 W |
| Geluidsniveau (hoge snelheid: | 70 dB |
| Aantal snelheden: | 3 |
| Intensieve stand: | Nee |
| Vaatwasserbestendig filter: | Ja |
| Certificering: | CE |
| Luchtstroom: | 620 m³/uur |
| AC-ingangsspanning: | 220-240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50 - 60 Hz |
Handleiding Siemens LE66MAC00 – volledige tekst
nl InhoudsopgaveInhoudsopgaveInhoudsopgaveGEBRUIKERSHANDLEIDING1 Veiligheid . 342 Materiële schade voorkomen . 363 Milieubescherming en besparing . 364 Functies . 375 Uw apparaat leren kennen . 376 Accessoires . 377 De Bediening in essentie . 388 Reiniging en onderhoud . 389 Storingen verhelpen . 4010 Afvoeren . 4111 Servicedienst . 4112 MONTAGEHANDLEIDING . 4112. 4 Veilige montage . 42Veiligheid 1 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voor vol-gende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij eendeskundige montage volgens de montage-handleiding. De installateur is verantwoordelijkvoor een goede werking op de plaats van op-stelling. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om kookdamp af te zuigen. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in geslotenruimtes binnen de huiselijke omgeving. ¡ tot een hoogte van 2000m boven zeeni-veau. 1. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysieke,sensorische of geestelijke beperkingen of metgebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij on-der toezicht staan of zijn geïnstrueerd in hetveilige gebruik van het apparaat en de daaruitresulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen nietworden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veilig gebruikWAARSCHUWING‒Brandgevaar. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ont-branden. Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken. De vetfilters regelmatig reinigen. Nooit in de omgeving van het apparaat metopen vuur werken (bijv. flamberen). Het apparaat alleen in de buurt van eenvuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. houtof kolen) installeren wanneer de vuurbroneen afgesloten, niet verwijderbare afscher-ming heeft. Er mogen geen vonken weg-springen. Hete olie en heet vet ontvlammen erg snel. Hete olie en vet permanent in het oog hou-den. Nooit brandende olie of vet met water blus-sen. Kookplaat uitschakelen. Vlammen voor-zichtig met deksel, blusdeken of iets derge-lijks doven en laten afkoelen.
Gaskookplaten waar geen pan op staat, ont-wikkelen tijdens het gebruik grote hitte. Eenventilatieapparaat dat daarop is aangebrachtkan beschadigd of in brand raken. Gaskookplaten alleen met erop geplaatstepan gebruiken. Bij gelijktijdig gebruik van meerdere gaskook-zones ontwikkelt zich grote hitte. Een ventilatie-34.
Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. WAARSCHUWING‒Kans op vergiftiging. Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen lei-den tot vergiftiging. Vuurbronnen die de luchtin de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die opgas, olie, hout of kolen worden gestookt, gei-sers, warmwatertoestellen) betrekken de ver-brandingslucht uit de opstellingsruimte en voe-ren de gassen via een afvoer (bijv. schoor-steen) af naar buiten. In combinatie met eeningeschakelde afzuigkap wordt aan de keukenen aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrok-ken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaater een onderdruk. Giftige gassen uit deschoorsteen of het afvoerkanaal worden terug-gezogen in de woonruimte. Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen,wanneer het apparaat in luchtafvoermoduswerkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die ge-bruik maakt van de aanwezige lucht.
U kunt het apparaat alleen dan zonder risicogebruiken wanneer de onderdruk in de ruim-te waarin de vuurbron zich bevindt niet gro-ter is dan 4 Pa (0,04 mbar).
Dit kan wordenbereikt wanneer de voor de verbranding be-nodigde lucht door niet afsluitbare openin-gen, bijv. in deuren, ramen, in combinatiemet een ventilatiekast in de muur of door an-dere technische voorzieningen, kan wordentoegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheidin de muur alleen is niet voldoende om aande minimale eisen te voldoen. Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat inuw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesys-teem van uw huis te beoordelen en kan eenvoorstel doen voor passende maatregelenop het gebied van de luchttoevoer. Indien het apparaat alleen met recirculatiewordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mo-gelijk. Door het gebruik van een gaskooktoestel ont-staan er warmte, vocht en verbrandingspro-ducten in de opstellingsruimte. Bij gebruik van een gaskooktoestel de af-zuigkap inschakelen.
WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-den. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. Het apparaat voor het schoonmaken latenafkoelen. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnenscherpe randen hebben. Binnenkant van het apparaat voorzichtig rei-nigen. Wijzigingen aan de elektrische of mechanischeopbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden totfunctiestoringen. Geen wijzigingen aan de elektrische of me-chanische opbouw aanbrengen. De filterafdekking kan trillen. De filterafdekking langzaam openen. De filterafdekking na het openen vasthoudentot deze niet meer natrilt. De filterafdekking langzaam sluiten. 35.
nl Materiële schade voorkomenHet licht van LED-lampen is zeer fel en kan deogen beschadigen (risicogroep 1). Niet langer dan 100 seconden direct in deingeschakelde LED-lampen kijken. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Alleen geschoold vakpersoneel mag repara-ties aan het apparaat uitvoeren. Bel de servicedienst als het apparaat defectis. "Servicedienst", Pagina41WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Binnendringend vocht kan een schok veroor-zaken. Vóór het reinigen de netstekker uit het stop-contact halen of de zekering in de meterkastuitschakelen. Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge-bruiken om het apparaat te reinigen. Binnendringend vocht kan een schok veroor-zaken. Geen natte vaatdoekjes gebruiken. WAARSCHUWING‒Explosiegevaar.
Roestvrijstalen oppervlakken uitsluitend reinigen in deslijprichting. Nooit bedieningselementen met reinigingsmiddelenvoor roestvrij staal reinigen. Teruglopend condenswater kan het apparaat beschadi-gen. Monteer om het teruglopen van condens te vermij-den, de afvoerbuis vanuit het apparaat met 1° verval. Als u designelementen verkeerd belast, kunnen deze af-breken.
Niet aan designelementen trekken. Geen voorwerpen op designelementen plaatsen of er-aan ophangen. Beschadiging van het oppervlak doordat de bescherm-folie niet verwijderd is. De beschermfolie voor het eerste gebruik verwijderenvan alle apparaatonderdelen. Wanneer een lamp defect is, kunnen de overige lampenoverbelast raken. Defecte lampen vervangen. Gelakte oppervlakken zijn gevoelig. Reinigingsinstructies in acht nemen. "Apparaat schoonmaken", Pagina38Gelakte oppervlakken tegen krassen beschermen. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaatminder stroom. Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kook-damp aan.
Een lagere ventilatiestand betekent minder energie-verbruik. Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ven-tilatiestand. De geuren verdelen zich minder in de ruimte. Schakel de verlichting uit wanneer deze niet langer no-dig is. Als de verlichting is uitgeschakeld, verbruikt dezegeen energie. De filter met de opgegeven intervallen reinigen of ver-vangen. De effectiviteit van het filter blijft behouden. 36.
Functies nlHet kookdeksel erop plaatsen. De kookdampen en de condens verminderen. Gebruik de extra functies alleen indien nodig. Het uitschakelen van de extra functies reduceert hetstroomverbruik. Functies4 FunctiesU kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodusof in de luchtcirculatiemodus. 4. 1 Gebruik met afvoerluchtDe aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigden via een buizensysteem naar de buitenlucht afge-voerd. De lucht mag niet worden afgevoerd ineen schoorsteen die wordt gebruikt voorafvoergassen van apparaten bestemdvoor het verbranden van gas of anderebrandstoffen (dit geldt niet voor ventilatie-apparatuur). Komt de afvoerlucht terecht in eenrook- of afvoergasschoorsteen die nietin gebruik is, dan dient hiervoor toe-stemming van een vakbekwameschoorsteenveger te worden verkre-gen.
Wordt de afvoerlucht door de buiten-muur geleid, dan raden wij u aan eentelescoop-muurkast te gebruiken. 4. 2 Gebruik met circulatieluchtDe aangezogen lucht wordt door de vetfilters en eengeurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte. Monteer een geurfilter om geurtjes tevoorkomen bij het gebruik van de circula-tiefunctie. De verschillende manieren omhet apparaat met circulatielucht te gebrui-ken, vindt u in onze catalogus of kunt unavragen bij uw speciaalzaak. Het daar-toe benodigde toebehoren is verkrijgbaarbij de speciaalzaak, de klantenservice ofin de online-shop. "Accessoires", Pagina37Uw apparaat leren kennen5 Uw apparaat leren kennen5. 1 BedieningselementenVia het bedieningsveld kunt u alle functies van uw appa-raat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoe-stand. Verlichting inschakelen of uitschakelenVentilatie uitschakelenVentilatorstand1 inschakelen.
Ventilatorstand2 inschakelen. Ventilatorstand3 inschakelen. Accessoires6 AccessoiresAccessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in devakhandel of op internet. Gebruik alleen originele acces-soires, omdat deze precies op uw apparaat zijn afge-stemd.
nl De Bediening in essentieAccessoires BestelnummerKoolfilter LZ10IMA00De Bediening in essentie7 De Bediening in essentie7. 1 Apparaat inschakelenDruk op. Het apparaat start in ventilatorstand1. 7. 2 Ventilatorstand instellenDruk op of om de betreffende ventilatorstand in testellen. 7. 3 Apparaat uitschakelenOp drukken. 7. 4 Verlichting inschakelenDe verlichting kunt u onafhankelijk van de ventilatie in-schakelen en uitschakelen. indrukken. 7. 5 Verlichting uitschakelen indrukken. Reiniging en onderhoud8 Reiniging en onderhoudReinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om ervoor te zorgen dat het lang goed blijft werken. 8. 1 ReinigingsmiddelenGeschikte reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij deklantenservice of in de online-shop. LET OPOngeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlak-ken van het apparaat beschadigen. Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen ge-bruiken.
Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen ge-bruiken. Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken. Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor dewarmtereiniging. Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voorroestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in degebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeelworden aanbevolen. Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen. 8. 2 Apparaat schoonmakenMaak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodatde verschillende onderdelen en oppervlakken niet dooreen verkeerde reiniging of ongeschikte schoonmaak-middelen beschadigd raken. WAARSCHUWING‒Explosiegevaar. Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reini-gingsmiddelen in combinatie met aluminiumdelen in despoelruimte van vaatwasmachine kunnen tot explosiesleiden. Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudendereinigingsmiddelen gebruiken.
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontacthalen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruikenom het apparaat te reinigen. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. Laat het voor de reiniging afkoelen. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnen scherperanden hebben. Binnenkant van het apparaat voorzichtig reinigen. 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. 2. Afhankelijk van het oppervlak als volgt schoonmaken:Roestvrijstalen oppervlakken met een vaatdoekjeen warm zeepsop in slijprichting reinigen. Gelakte oppervlakken met een vaatdoekje en warmzeepsop reinigen. Aluminium met een zachte doek en glasreiniger rei-nigen. Kunststof met een zachte doek en glasreiniger rei-nigen.
Glas met een zachte doek en glasreiniger reinigen. 3. Met een zachte doek nadrogen. 4. Bij roestvrijstalen oppervlakken een schoonmaakmid-del voor roestvrij staal heel dun opbrengen met eenzachte doek. Het schoonmaakmiddel voor roestvrij staal is verkrijg-baar bij de klantenservice of in de onlineshop. 8. 3 Bedieningselementen reinigenWAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen natte vaatdoekjes gebruiken. 38.
Reiniging en onderhoud nl1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. 2. Met een vochtig vaatdoekje en warm zeepsop reini-gen. 3. Met een zachte doek nadrogen. 8. 4 Vetfilter verwijderen1. LET OP‒Eraf vallende vetfilters kunnen de eronderliggende kookplaat beschadigen. Met een hand onder de vetfilter grijpen. 2. De vergrendelingen op de vetfilters openen. 3. De vetfilters uit de houders nemen. Om naar beneden druppelend vet te vermijden, devetfilters horizontaal houden. 8. 5 Vetfilter met de hand reinigenDe vetfilters reinigen het vet uit de kookdampen. Regel-matig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetaf-scheidingsgraad. WAARSCHUWING‒Brandgevaar. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden. De vetfilters ca. één keer per maand reinigen. Vereiste: De vetfilters zijn gedemonteerd. "Vetfilter verwijderen", Pagina391.
De informatie over de reinigingsmiddelen in acht ne-men. 2. De vetfilters in een warm zeepsop weken. Bij hardnekkig vuil een vetoplosmiddel gebruiken. Vetoplosmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice ofin de online-shop. 3. De vetfilters met een borstel reinigen. 4. De vetfilters grondig uitspoelen. 5. De vetfilters laten afdruppelen. 8. 6 Vetfilters in de vaatwasmachine reinigenDe vetfilters reinigen het vet uit de kookdampen. Regel-matig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetaf-scheidingsgraad. WAARSCHUWING‒Brandgevaar. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden. De vetfilters ca. één keer per maand reinigen. LET OPDe vetfilters kunnen door inklemmen worden bescha-digd. De vetfilters niet inklemmen. Opmerking: Bij de reiniging van de vetfilter in de vaat-wasmachine kunnen lichte verkleuringen optreden.
Sterk verontreinigde vetfilters niet samen met servies-goed reinigen. Bij hardnekkig vuil een vetoplosmiddel gebruiken. Vetoplosmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice ofin de online-shop. 3. De vaatwasmachine starten. Bij de temperatuurinstelling maximaal 70 °C kiezen. 4. De vetfilters laten afdruppelen. 8. 7 Vetfilters inbouwenLET OPEraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggendekookplaat beschadigen. Met een hand onder de vetfilter grijpen. 1. De vetfilters inbrengen. 2. De vetfilters naar boven klappen en de vergrendelin-gen vastklikken. 3. Zorg ervoor dat de vergrendelingen vastklikken. 4. De filterafdekking sluiten. 8. 8 Geurfilter voor circulatiefunctieGeurfilters binden de geurstoffen in de circulatiefunctie. Regelmatig gewisselde geurfilters zorgen voor een hogegeurafscheidingsgraad. De geurfilter moet bij normaal gebruik, ca.
een uur da-gelijks, om de 4maanden worden vervangen. De geur-filter kan niet worden gereinigd of geregenereerd. Geurfilters zijn verkrijgbaar bij de klantenservice of in deonline-shop. Gebruik alleen originele geurfilters. Geurfilters demonterenVereiste: De vetfilters zijn gedemonteerd. "Vetfilter verwijderen", Pagina39De oude geurfilters draaien en van de houdertrekken. 112239.
nl Storingen verhelpenGeurfilters inbouwen1.De nieuwe geurfilters op de houder drukken endraaien .12212.De vetfilters inbouwen."Vetfilters inbouwen", Pagina39Storingen verhelpen9 Storingen verhelpenKleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenser-vice de informatie over het verhelpen van storingen.
Zo voorkomt u onnodige kosten.WAARSCHUWING‒Kans op letsel!Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.Bel de servicedienst als het apparaat defect is.WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.9.1 FunctiestoringenStoring Oorzaak en probleemoplossingApparaat werkt niet.
Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken.Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet.Zekering is defect.Controleer de zekering in de meterkast.Stroomvoorziening is uitgevallen.Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functio-neren.LED-verlichting functioneert niet. LED-lampje is defect."LED-lampen vervangen", Pagina409.2 LED-lampen vervangenWAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!Bij vervanging van de lampen staan de contacten vande lampfitting onder stroom.Trek voordat u tot vervanging over gaat de netstekkeruit het stopcontact of schakel de zekering in de me-terkast uit.WAARSCHUWING‒Kans op letsel!Het licht van LED-lampen is zeer fel en kan de ogen be-schadigen (risicogroep 1).Niet langer dan 100 seconden direct in de ingescha-kelde LED-lampen kijken.40
Afvoeren nlOpmerking: Gebruik uitsluitend lampen van hetzelfde ty-pe en met hetzelfde vermogen. 1. Apparaat stroomloos maken. 2. De lampafscherming losmaken en verwijderen. 3. De lamp eruit draaien en door hetzelfde type lampvervangen. 4. De lampafscherming aanbrengen. 5. Stekker in het stopcontact steken en schakel de ze-kering weer in. Afvoeren10 Afvoeren10. 1 Afvoeren van uw oude apparaatDoor een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevollegrondstoffen opnieuw worden gebruikt. Voer het apparaat milieuvriendelijk af. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoorkunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoerme-thoden. Dit apparaat is gekenmerkt in overeen-stemming met de Europese richtlijn2012/19/EU betreffende afgedankteelektrische en elektronische apparatuur(waste electrical and electronic equip-ment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor dein de EU geldige terugneming en ver-werking van oude apparaten. Servicedienst11 ServicedienstGedetailleerde informatie over de garantieduur en degarantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QR-code op het meegeleverde document over de service-contacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenser-vice, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u hetproductnummer (E-Nr. ) en het productienummer (FD)van het apparaat nodig. De contactgegevens van de klantenservice vindt u viade QR-code op het meegeleverde document over deservicecontacten en garantievoorwaarden of op onzewebsite. 11. 1 Productnummer (E-nr. ) enproductienummer (FD)Het productnummer (E-Nr. ) en het productienummer(FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje bevindt zich afhankelijk van het model:aan de binnenkant van het apparaat (daarvoor de vet-filter demonteren). op de bovenkant van het apparaat. Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoon-nummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gege-vens noteren.
nl Montagehandleiding12.1 Inbegrepen in de leveringControleer na het uitpakken alle onderdelen op trans-portschade en de volledigheid van de levering.12.2 Afmetingen van het apparaatHier vindt u de afmetingen van het apparaat.120mm70135566400120120105340270210600599150mm9013556640015034027021060059912.3 VeiligheidsafstandenNeem de veiligheidsafstanden van het apparaat in acht. 12.4 Veilige montageNeem bij het monteren van het apparaat deveiligheidsaanwijzingen in acht.WAARSCHUWING‒Kans op vergiftiging!Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen lei-den tot vergiftiging. Vuurbronnen die de luchtin de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die opgas, olie, hout of kolen worden gestookt, gei-sers, warmwatertoestellen) betrekken de ver-42
Montagehandleiding nlbrandingslucht uit de opstellingsruimte en voe-ren de gassen via een afvoer (bijv. schoor-steen) af naar buiten. In combinatie met eeningeschakelde afzuigkap wordt aan de keukenen aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrok-ken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaater een onderdruk. Giftige gassen uit deschoorsteen of het afvoerkanaal worden terug-gezogen in de woonruimte. Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen,wanneer het apparaat in luchtafvoermoduswerkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die ge-bruik maakt van de aanwezige lucht. U kunt het apparaat alleen dan zonder risicogebruiken wanneer de onderdruk in de ruim-te waarin de vuurbron zich bevindt niet gro-ter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan wordenbereikt wanneer de voor de verbranding be-nodigde lucht door niet afsluitbare openin-gen, bijv.
in deuren, ramen, in combinatiemet een ventilatiekast in de muur of door an-dere technische voorzieningen, kan wordentoegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheidin de muur alleen is niet voldoende om aande minimale eisen te voldoen. Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat inuw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesys-teem van uw huis te beoordelen en kan eenvoorstel doen voor passende maatregelenop het gebied van de luchttoevoer. Indien het apparaat alleen met recirculatiewordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mo-gelijk. Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen lei-den tot vergiftiging. Wanneer een afzuigkap wordt geïnstalleerdmet een haard die afhankelijk is van de ruim-telucht, dan moet de stroomtoevoer van deafzuigkap zijn voorzien van een geschikteveiligheidsschakeling. Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen lei-den tot vergiftiging.
De luchtafvoer niet in een rookkanaal ofrookgasafvoer leiden dat in bedrijf is. Voer de luchtafvoer niet in een schacht diedient voor het ontluchten van opstelruimtesvoor haarden.
Moet de luchtafvoer in een rook- of afvoer-gasschoorsteen worden geleid die niet in ge-bruik is, dan dient hiervoor toestemming vaneen vakbekwame schoorsteenveger te wor-den verkregen. WAARSCHUWING‒Kans op verstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-ren houden. Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaalspelen. WAARSCHUWING‒Brandgevaar. De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ont-branden. Werk in de buurt van het apparaat nooit metopen vuur (bijv. flamberen). Installeer het apparaat alleen in de buurt vaneen vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen), wanneer een gesloten, nietafneembare afdekking aanwezig is. Er mo-gen geen vonken wegspringen. Om warmteophoping te voorkomen dienende voorgeschreven veiligheidsafstanden teworden aangehouden.
Houd de informatie van uw kookapparatenaan. Wanneer er in de installatie-instructiesvan de kookapparaten een afwijkende af-stand staat, altijd de grootste afstand in achtnemen. Wanneer gaskooktoestellen en elek-trische kooktoestellen samen worden ge-bruikt, dan geldt de grootste aangegeven af-stand. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Bepaalde onderdelen in het toestel kunnenscherpe randen hebben. Draag veiligheidshandschoenen. Is het toestel niet naar behoren bevestigd, dankan het naar beneden vallen. Alle bevestigingsschroeven moeten vast wor-den gemonteerd. Wijzigingen aan de elektrische of mechanischeopbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden totfunctiestoringen. Geen wijzigingen aan de elektrische of me-chanische opbouw aanbrengen. De filterafdekking kan trillen. De filterafdekking langzaam openen. 43.
nl MontagehandleidingDe filterafdekking na het openen vasthoudentot deze niet meer natrilt. De filterafdekking langzaam sluiten. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Scherpe componenten binnen het apparaatkunnen de aansluitkabel beschadigen. De aansluitkabel niet knikken of inklemmen. Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk. Het apparaat uitsluitend aansluiten en ge-bruiken volgens de gegevens op het type-plaatje. Het apparaat uitsluitend via een volgens devoorschriften geïnstalleerd stopcontact metrandaarde op een stroomnet met wissel-stroom aansluiten. Het randaardesysteem van de elektrischehuisinstallatie moet conform de elektrotech-nische voorschriften zijn geïnstalleerd. Nooit het apparaat via een externe schakel-inrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdscha-kelaar of besturing op afstand. Als het apparaat is ingebouwd, moet destekker van het netsnoer vrij toegankelijkzijn.
Als de vrije toegang niet mogelijk is,moet in de vast geplaatste elektrische instal-latie een alpolige scheidingsinrichting vol-gens de voorwaarden van de overspan-ningscategorie III en volgens de installatie-voorschriften worden ingebouwd. Bij het opstellen van het apparaat erop lettendat het netsnoer niet wordt afgeklemd of be-schadigd. 12. 5 Algemene aanwijzingenNeem deze algemene aanwijzingen bij de installatie inacht. Bij de installatie moeten de actuele geldige bouw-voorschriften en de voorschriften van de plaatselijkestroom- en gasleverancier in acht worden genomen. Bij het afvoeren van afvoerlucht moeten de officiëleen wettelijke voorschriften, zoals bijv. de plaatselijkebouwverordeningen, in acht worden genomen. Om het apparaat in het geval van service ongehin-derd te bereiken, een gemakkelijk toegankelijke mon-tageplaats kiezen. De oppervlakken van het apparaat zijn gevoelig.
Voor de montage van extra speciale accessoires dedaarbij meegeleverde installatiehandleiding aanhou-den. De breedte van de afzuigkap moet minstens overeen-komen met de breedte van het kooktoestel. Om de kookdamp optimaal op te vangen, het appa-raat in het midden boven de kookplaat monteren. 12. 7 Aanwijzingen voor de elektrischeaansluitingOm het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten,dient u deze aanwijzingen in acht te nemen. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Het apparaat moet op elk gewenst moment van destroom kunnen worden afgesloten. Het mag alleen opeen geaarde contactdoos worden aangesloten die vol-gens de voorschriften is geïnstalleerd. De netstekker van de netaansluitkabel moet na de in-bouw van het apparaat vrij toegankelijk zijn.
Is dit niet mogelijk, dan moet in de vast geplaatsteelektrische installatie een alpolige scheidingsinrich-ting volgens de voorwaarden van de overspannings-categorie III en volgens de opbouwvoorschriften wor-den ingebouwd. De vaste aansluiting mag alleen door een elektricienworden aangelegd. Wij adviseren een aardlekschake-laar (FI-schakelaar) in de stroomkring naar het appa-raat te installeren. Scherpe componenten binnen het apparaat kunnen deaansluitkabel beschadigen. De aansluitkabel niet knikken of inklemmen. De aansluitgegevens zijn te vinden op het typeplaatje. Pagina41De aansluitleiding is ca. 1,30 m lang. Dit apparaat voldoet aan de ontstoringsvoorschriftenvan de EG. Het apparaat is conform de beschermingsklasse 1. Daarom het apparaat alleen met een aarddraadaan-sluiting gebruiken. Het apparaat tijdens de montage niet op de voe-dingsspanning aansluiten.
Ervoor zorgen dat de bescherming tegen aanrakingdoor de inbouw is gegarandeerd. 12. 8 Aanwijzingen m. b. t. deluchtafvoerleidingDe fabrikant van het apparaat geeft geen garantie bijklachten die te wijten zijn aan het buizentraject. Een korte, rechte afvoerbuis met een zo groot moge-lijke buisdiameter gebruiken.
Lange, ruwe afvoerbuizen, vele buisbochten of kleinebuisdiameters verminderen het afzuigvermogen enverhogen het ventilatorgeluid. Een afvoerbuis van niet brandbaar materiaal gebrui-ken. Om het teruglopen van condens te vermijden, de af-voerbuis vanuit het apparaat met 1° verval monteren. Vierkante buizenPlatte buizen waarvan de binnendoorsnede met de dia-meter van de ronde buizen overeenkomt:diameter 150 mm komt overeen met ca. 177cm². diameter 120 mm komt overeen met ca. 113cm². Gebruik bij een afwijkende buisdiameter een afdicht-strip. Geen platte buizen met scherpe bochten gebruiken. 44.
Montagehandleiding nlRonde buizenRonde buizen met een binnendiameter van 150 mm(aanbevolen) of minstens 120mm gebruiken.12.9 Aanwijzing voor de luchtafvoerfunctieVoor de luchtafvoerfunctie moet een terugslagklep wor-den ingebouwd.OpmerkingenWanneer bij het apparaat geen terugslagklep is mee-geleverd, dan kan men een terugslagklep in de vak-handel verkrijgen.Wanneer de afvoerlucht door de buitenwand wordtgeleid, dan moet een telescopische muurcassetteworden gebruikt.12.10 Aanwijzingen bij de circulatiefunctieHet apparaat mag alleen worden gebruikt wanneer hetgoed is geïnstalleerd en de leidingen zijn aangesloten.12.11 InstallatieApparaat voorbereiden1.Het scherm openen.2.De vetfilters verwijderen.De vetfilters niet buigen, om beschadigingen te voor-komen.3.Vergrendeling aan beide kanten losmaken. 4.Het scherm verwijderen.
Luchtafvoer via de achterkant van het apparaatvoorbereidenIndien de luchtafvoer naar achteren uit de kast moetworden geleid, dient de motor te worden gedraaid.Opmerking: De luchtafvoerfunctie door de achterzijdevan het apparaat is uitsluitend mogelijk met een 120-mm luchtafvoerbuis.1.De afscherming aan de achterkant van het apparaatverwijderen.2.De schroeven van de motor losdraaien.3.De motor verwijderen en draaien .45
nl Montagehandleiding4.De motor met de opening naar de wand plaatsen .5.De motor vastschroeven.6.De afscherming op de bovenkant van het apparaatbevestigen.7.De stuwklep op het aansluitstuk bevestigen.8.Het luchtafvoeraansluitstuk op de achterkant van hetapparaat monteren.Circulatiefunctie door de bovenkant van hetapparaat voorbereiden1.De stuwklep op het aansluitstuk bevestigen.2.Het luchtafvoeraansluitstuk op de bovenkant van hetapparaat monteren.Circulatiefunctie voorbereiden1.Het luchtrooster bevestigen.46
gewicht van het apparaat bedraagt 12kg.2.Controleren of het inbouwmeubel tot 90°C hittebe-stendig is.3.Ervoor zorgen dat de afstand tussen 2 meubels over-eenkomt met de apparaatbreedte.4.Ervoor zorgen dat de stabiliteit van het inbouwmeubelook na de uitsnijwerkzaamheden is gegarandeerd.5.Ervoor zorgen dat de aangrenzende meubels tot20kg belastbaar zijn.Opmerking: Het apparaat kan ook in slechts één meu-bel worden ingebouwd.Meubel voorbereidenVereiste: Het meubel is geschikt voor de inbouw.1.De uitsparing voor de luchtafvoerbuis maken.Opmerking: De luchtafvoeropening kan boven het in-bouwmeubel of achter het inbouwmeubel wordenaangebracht.2.Breng de boorsjablonen aan op het meubel.3.De gaten boren.4.Breng de boorsjablonen aan op de achterkant van deschermafdekking aan.5.Gaten boren van maximaal 6 mm diep.6.Het scherm bevestigen.Wand controleren1.Controleren of de muur verticaal is en voldoendedraagvermogen heeft.Het maximale gewicht van het apparaat bedraagt 12kg.De boorgatdiepte overeenkomstig de schroeflengteboren.De pluggen dienen goed vast te zitten.De bijgevoegde schroeven en pluggen zijn geschiktvoor massieve muren.
nl Montagehandleiding2.Om schade te vermijden, de kookplaat afdekken.3.De boorgaten aftekenen.4.De gaten boren.5.De pluggen vlak met de wand inzetten.6.Het bevestigingselement vastschroeven.Apparaat monterenWAARSCHUWING‒Kans op letsel!Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe ran-den hebben.Draag veiligheidshandschoenen.1.Verwijder de beschermfolie aan de achterzijde.Verwijder de beschermfolie na de montage volle-dig.2.De houders in de achterkant van het apparaat schui-ven en vastschroeven .3.Het apparaat erin hangen.4.Het apparaat met de draadbouten horizontaal uitlij-nen.5.Het apparaat op het meubel bevestigen.6.De afscherming aan de onderkant van het apparaatbevestigen.7.Het apparaat aan de wand bevestigen.48
Montagehandleiding nl8.Het scherm bevestigen.De profielen en de geleiderails moeten correct wor-den samengevoegd, omdat het apparaat anders nietwerkt.9.De vetfilters inbrengen.De vetfilters niet buigen, om beschadigingen te voor-komen.Luchtafvoerverbinding makenDe luchtafvoerbuis kunt u op de luchtafvoeraansluitingop de bovenkant van het apparaat monteren.1.De luchtafvoerbuis op het afvoeraansluitstuk bevesti-gen.2.De verbinding met de afvoerluchtopening maken.3.De verbindingspunten afdichten.Stroom aansluiten1.Steek de stekker in het stopcontact.2.Als een vaste aansluiting noodzakelijk is, de aanwij-zingen in het hoofdstuk opvolgen."Aanwijzingen voor de elektrische aansluiting",Pagina44Apparaat demonteren1.Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.2.Maak de afvoerbuis los.3.De vetfilters verwijderen.De vetfilters niet buigen, om beschadigingen te voor-komen.4.Het scherm verwijderen.5.De schroefbevestiging met het inbouwmeubel los ma-ken.6.Het apparaat verwijderen.7.Het bevestigingselement verwijderen.49
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Siemens LE66MAC00 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Afzuigkap Siemens
Handleiding Afzuigkap
Nieuwste handleidingen voor Afzuigkap